← België

Beslissing over het gewijzigde gemeenschappelijk voorstel van de NV ELIA SYSTEM OPERATOR en alle transmissiesysteembeheerders voor een methodologie vo

(B)1627 18 mei 2017 Beslissing over het gewijzigde gemeenschappelijk voorstel van de NV ELIA SYSTEM OPERATOR en alle transmissiesysteembeheerders voor een methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel Genomen met toepassing van artikel 9, zesde lid,

  1. d)van Verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie van 24 juli 2015 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer Niet vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – F + 32 2 289 76 09 – info@creg.be – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 1. WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 4 1.1. VERORDENING (EU) 2015/1222 VAN DE COMMISSIE VAN 24 JULI 2015 TOT VASTSTELLING VAN RICHTSNOEREN BETREFFENDE CAPACITEITSTOEWIJZING EN CONGESTIEBEHEER .................... 4 1.2. Verordening (EG) 714/2009 van het europees parlement en de raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor toegang tot het net voor grensoverschrijdende handel ............. 7 2. ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 8 2.1. ALGEMEEN............................................................................................................................... 8 2.2. PARALELLE FEEDBACK VAN ALLE REGULERENDE INSTANTIES ................................................ 9 2.3. RAADPLEGING ....................................................................................................................... 10 2.3.1. FEBEG............................................................................................................................. 11 2.3.2. FEBELIEC ........................................................................................................................ 11 2.4. 3. WIJZIGINGSVERZOEK VAN ALLE REGULERENDE INSTANTIES ................................................ 11 ANALYSE VAN HET VOORSTEL ....................................................................................................... 13 3.1. DOEL VAN HET VOORSTEL ..................................................................................................... 13 3.2. DE SCENARIO’S ...................................................................................................................... 13 3.3. DE INDIVIDUELE NETWERKMODELLEN ................................................................................. 13 3.4. ONGEOORLOOFDE DISCRIMINATIE TUSSEN INTERNE EN ZONEOVERSCHRIJDENDE UITWISSELINGEN ............................................................................................................................... 14 3.5. 4. CONFORMITEIT MET DE ALGEMENE BEGINSELEN VAN DE CACM VERORDENING............... 14 BESLISSING..................................................................................................................................... 15 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 16 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 17 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 18 Niet vertrouwelijk 2/18 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna: “CREG”) onderzoekt hierna de aanvraag tot goedkeuring van het gewijzigde gemeenschappelijk voorstel van de NV ELIA SYSTEM OPERATOR (hierna: “Elia”) en alle transmissiesysteembeheerders (hierna: “alle TSB’s”) voor een methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel (hierna: het “gewijzigde CGMM Voorstel” voor Common Grid Model Methodology). Dit gebeurt op basis van artikel 9, zesde lid,
  2. d)van de Verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie van 24 juli 2015 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer (hierna: de “CACM Verordening”). De CREG ontving, op 14 juni 2016, een gezamenlijke goedkeuringsaanvraag van Elia en alle TSB’s voor een methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel (hierna: het “oorspronkelijke CGMM Voorstel”). Naast het oorspronkelijke CGMM Voorstel ontving de CREG ook gelijktijdig het gemeenschappelijk voorstel voor een methodologie voor de verstrekking van de basislast- en opwekkingsgegevens (hierna: het “GLDPM Voorstel” voor Generation and Load Data Provision Methodology). Het GLDPM Voorstel is het voorwerp van een aparte beslissing van de CREG1. Met betrekking tot het oorspronkelijke CGMM Voorstel nam het Directiecomité van de CREG, op de vergadering van 22 december 2016, de beslissing om Elia te vragen het CGMM Voorstel te wijzigen op een aantal punten. Naar aanleiding van dit wijzigingsverzoek diende Elia, op 10 maart 2017, het gewijzigde CGMM Voorstel, in het Frans, ter goedkeuring in bij de CREG. Elia heeft ter informatie aan het dossier ook een overzicht toegevoegd van de manier waarop de wijzigingen, gevraagd door de CREG en alle regulerende instanties, toegevoegd. Daarbovenop werden ook de Engelstalige referentieversie en een Engelstalige versie met aanduiding van de wijzigingen ten opzichte van het oorspronkelijke CGMM Voorstel opgenomen. Het is de Franstalige versie van het gewijzigde CGMM Voorstel waarop onderhavige beslissing betrekking heeft en die als BIJLAGE 1 bij deze beslissing gevoegd wordt. Deze beslissing is opgesplitst in vier delen. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijke kader. In het tweede deel worden de antecedenten en openbare raadplegingen van het CGMM Voorstel toegelicht. In het derde deel ontleedt de CREG de voorgestelde methodes en het vierde deel, ten slotte, bevat de eigenlijke beslissing. De onderhavige beslissing werd door het Directiecomité van de CREG goedgekeurd op de vergadering van 18 mei 2017. 1 Beslissing (B)1593 van 12 januari 2017 over het gemeenschappelijk voorstel van de NV ELIA SYSTEM OPERATOR en alle transmissiesysteembeheerders voor een eenvormige methodologie voor het verstrekken van de opwekkings- en basislastgegevens Niet vertrouwelijk 3/18 1. WETTELIJK KADER 1. Dit hoofdstuk bepaalt het wettelijke kader dat toepasselijk is op Elia’s CGMM Voorstel en dat de basis vormt van deze beslissing. Het wettelijk kader bestaat uit Europese wetgeving, met name de CACM Verordening en Verordening (EG) 714/2009. 1.1. 2. VERORDENING (EU) 2015/1222 VAN DE COMMISSIE VAN 24 JULI 2015 TOT VASTSTELLING VAN RICHTSNOEREN BETREFFENDE CAPACITEITSTOEWIJZING EN CONGESTIEBEHEER De doelstellingen van Verordening (EU) 2015/1222 worden in artikel 3 vastgelegd: 3. Met deze verordening worden de volgende doelstellingen nagestreefd:
  3. a)bevorderen van doeltreffende concurrentie bij de opwekking en levering van elektriciteit alsmede de handel in elektriciteit;
  4. b)waarborgen van een optimaal gebruik van de transmissie-infrastructuur;
  5. c)waarborgen van de operationele veiligheid;
  6. d)optimaliseren van de berekening en toewijzing van zoneoverschrijdende capaciteit;
  7. e)waarborgen van de niet-discriminerende behandeling van TSB's, NEMO's, het Agentschap, regulerende instanties en marktdeelnemers;
  8. f)waarborgen en verbeteren van de transparantie en betrouwbaarheid van gegevens;
  9. g)bijdragen tot de efficiënte langetermijnexploitatie en -ontwikkeling van het elektriciteitstransmissiesysteem en de elektriciteitssector in de Unie;
  10. h)rekening houden met de behoefte aan een billijke en ordelijke markt en prijsvorming;
  11. i)creëren van een gelijk speelveld voor NEMO's;
  12. j)zorgen voor niet-discriminerende toegang tot zoneoverschrijdende capaciteit. 3. Artikel 17 verplicht alle TSB’s om een gezamenlijk voorstel in te dienen voor een methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel, in overeenstemming met de specifieke vereisten in artikel 18 en artikel 19 van de CACM Verordening: 1. Binnen een tijdsbestek van tien maanden na de inwerkingtreding van deze verordening ontwikkelen alle TSB’s gezamenlijk een voorstel voor een methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel. Met betrekking tot dit voorstel wordt een raadpleging overeenkomstig artikel 12 gehouden. 2. De methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel maakt de opstelling van een gemeenschappelijk netwerkmodel mogelijk. De methodologie omvat minimaal de volgende elementen:
  13. a)een definitie van de scenario’s, overeenkomstig artikel 18;
  14. b)een definitie van de individuele netwerkmodellen, overeenkomstig artikel 19;
  15. c)een beschrijving van het proces van samensmelting van de individuele netwerkmodellen met het oog op de opstelling van het gemeenschappelijk netwerkmodel. Niet vertrouwelijk 4/18 4. In artikel 18 worden de modaliteiten van de door TSB’s te ontwikkelen scenario’s beschreven, inclusief de gemeenschappelijke regels voor het opstellen van deze scenario’s. 1. Alle TSB's ontwikkelen gezamenlijk gemeenschappelijke scenario's voor elk capaciteitsberekeningstijdsbestek als bedoeld in artikel 14, lid 1, onder
  16. a)en b). De gemeenschappelijke scenario's worden gebruikt om specifieke prognoses op te stellen inzake opwekking, basislast en netwerktopologie voor het transmissiesysteem in het gemeenschappelijk netwerkmodel. 2. Er wordt één scenario uitgewerkt per markttijdseenheid, zowel voor het tijdsbestek van de day-ahead- als voor dat van de intradaycapaciteitsberekening. 3. Voor elk scenario stellen alle TSB's gezamenlijk gemeenschappelijke regels op voor de bepaling van de nettoposities in elke biedzone en de stroom voor elke gelijkstroomlijn. Deze gemeenschappelijke regels worden gebaseerd op de beste prognose van de nettopositie voor elke biedzone en op de beste prognose van de stromen in elke gelijkstroomlijn voor elk scenario en omvatten het algemene evenwicht tussen basislast en elektriciteitsopwekking voor het transmissiesysteem in de Unie. Bij de vaststelling van de scenario's mag er, overeenkomstig punt 1.7 van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 714/2009, geen ongeoorloofde discriminatie tussen interne en zoneoverschrijdende uitwisselingen ontstaan. 5. Artikel 19, ten slotte, beschrijft de individuele netwerkmodellen die, via het in het CGMM Voorstel uiteengezette proces, samengevoegd worden tot het gemeenschappelijk netwerkmodel. 1. Voor elke biedzone en voor elk scenario:
  17. a)verstrekken alle TSB's in de biedzone gezamenlijk een uniek individueel netwerkmodel dat voldoet aan het bepaalde in artikel 18, lid 3, of
  18. b)verstrekt elke TSB in de biedzone een individueel netwerkmodel voor zijn regelzone, inclusief interconnecties, mits de som van de nettoposities in de regelzones, inclusief interconnecties, van de biedzone voldoet aan het bepaalde in artikel 18, lid 3. 2. Elk individueel netwerkmodel vertegenwoordigt de best mogelijke voorspelling van de transmissiesysteemcondities voor elk scenario dat door de TSB('
  19. s)is gespecificeerd op het tijdstip waarop het individueel netwerkmodel gecreëerd is. 3. De individuele netwerkmodellen hebben betrekking op alle netwerkelementen van het transmissiesysteem die worden gebruikt in de regionale operationele veiligheidanalyse voor het desbetreffende tijdsbestek. 4. Alle TSB's harmoniseren maximaal de manier waarop de individuele netwerkmodellen worden opgebouwd. 5. Elke TSB neemt in het individuele netwerkmodel alle gegevens op die nodig zijn om een actieve en reactieve elektriciteitsstroom- en -spanningsanalyse in stationaire toestand mogelijk te maken. 6. Waar passend en op basis van overeenstemming tussen alle TSB's binnen een capaciteitsberekeningsregio wisselen alle TSB's in die capaciteitsberekeningsregio met elkaar gegevens uit om spannings- en dynamische-stabiliteitsanalyses mogelijk te maken. 6. Overeenkomstig artikel 9, zesde lid, punt
  20. d)wordt het CGMM Voorstel ter goedkeuring voorgelegd aan alle regulerende instanties. 6. De voorstellen voor de volgende voorwaarden of methodologieën worden ter goedkeuring voorgelegd aan alle regulerende instanties: (…)
  21. d)de methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel, overeenkomstig artikel 17, lid 1; Niet vertrouwelijk 5/18 7. Volgend op artikel 9, negende lid moeten alle voorstellen voor de voorwaarden en methodologieën, waaronder het CGMM Voorstel, een tijdschema voor de tenuitvoerlegging en een beschrijving van hun verwacht effect op de doelstellingen van de verordening (beschreven in artikel 3) omvatten: 9. Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor hun tenuitvoerlegging en een beschrijving van hun verwacht effect op de doelstellingen van deze verordening. Voorstellen betreffende voorwaarden of methodologieën die ter goedkeuring aan verschillende of aan alle regulerende instanties moeten worden voorgelegd, worden bij het Agentschap ingediend op hetzelfde tijdstip als dat van indiening bij de regulerende instanties. Op verzoek van de bevoegde regulerende instanties brengt het Agentschap binnen een termijn van drie maanden advies uit over de voorstellen voor voorwaarden of methodologieën. 8. Artikel 9, tiende lid, bepaalt dat de betrokken regulerende instanties, in dit geval de CREG en alle regulerende instanties, binnen een termijn van zes maanden na ontvangst van de voorwaarden of methodologieën een besluit nemen. 10. Wanneer de vaststelling van de voorwaarden of methodologieën een besluit van meer dan één regulerende instantie vergt, raadplegen de bevoegde regulerende instanties elkaar en werken zij in nauwe coördinatie samen met het oog op het bereiken van overeenstemming. In voorkomend geval houden de bevoegde regulerende instanties rekening met het advies van het Agentschap. De regulerende instanties nemen besluiten betreffende de ingediende voorwaarden of methodologieën overeenkomstig de leden 6, 7 en 8 binnen een termijn van zes maanden na de ontvangst van de voorwaarden of methodologieën door de regulerende instantie of, waar van toepassing, door de laatste betrokken regulerende instantie. 9. Alle betrokken regulerende instanties kunnen gezamenlijk beslissen om de TSB’s te verzoeken de voorgestelde voorwaarden en methodologieën te wijzigen. Wanneer dit gebeurt, dienen de betrokken TSB’s binnen de twee maanden na ontvangst van dit wijzigingsverzoek een voorstel in voor gewijzigde voorwaarden of methodologieën, volgens de procedure voorzien in artikel 9, twaalfde lid. 12. Wanneer één of meer regulerende instanties een wijzigingsverzoek indienen teneinde de overeenkomstig de leden 6, 7 en 8 ingediende voorwaarden of methodologieën te kunnen goedkeuren, dienen de desbetreffende TSB's of NEMO's ter goedkeuring een voorstel voor gewijzigde voorwaarden of methodologieën in binnen twee maanden na ontvangst van het wijzigingsverzoek van de regulerende instantie(s). Binnen een termijn van twee maanden na de indiening van de gewijzigde voorwaarden of methodologieën, nemen de bevoegde regulerende instanties daarover een besluit. Wanneer de bevoegde regulerende instanties binnen die termijn van twee maanden geen overeenstemming hebben kunnen bereiken over de gewijzigde voorwaarden of methodologieën overeenkomstig de leden 6 en 7, of op hun gezamenlijk verzoek, stelt het Agentschap binnen een termijn van zes maanden een besluit vast betreffende de gewijzigde voorwaarden of methodologieën, overeenkomstig artikel 8, lid 1, van Verordening (EG) nr. 713/2009. Indien de desbetreffende TSB's of NEMO's er niet in slagen om een voorstel voor gewijzigde voorwaarden of methodologieën in te dienen, geldt de procedure van lid 4 van het onderhavige artikel. Niet vertrouwelijk 6/18 1.2. VERORDENING (EG) 714/2009 VAN HET EUROPEES PARLEMENT EN DE RAAD VAN 13 JULI 2009 BETREFFENDE DE VOORWAARDEN VOOR TOEGANG TOT HET NET VOOR GRENSOVERSCHRIJDENDE HANDEL 10. Verordening (EG) 714/2009 en in het bijzonder Bijlage 1 bepaalt een aantal richtsnoeren voor congestiebeheer tussen nationale systemen. Artikel 1.7 van deze richtsnoeren bepalen dat er, in de capaciteitsberekening, geen ongeoorloofde discriminatie tussen interne en zoneoverschrijdende uitwisselingen mag plaatsvinden. 1.7 Bij het definiëren van passende netwerkgebieden waarop en waartussen congestiebeheer van toepassing is, moeten de transmissiesysteembeheerders zich laten leiden door de beginselen van rendabiliteit en minimalisering van de negatieve gevolgen voor de interne markt voor elektriciteit. Met name mogen transmissiesysteembeheerders de interconnectiecapaciteit niet beperken om congestie binnen hun eigen controlegebied op te lossen, behalve om de hierboven vermelde redenen en redenen van operationele veiligheid. Indien een dergelijke situatie zich voordoet, moeten de transmissiesysteembeheerders ze beschrijven en alle systeemgebruikers hiervan op transparante wijze in kennis stellen. Een dergelijke situatie wordt alleen getolereerd zolang geen oplossing op lange termijn is gevonden. De methoden en projecten waarmee zo’n oplossing kan worden bereikt worden door de transmissiesysteembeheerders beschreven en op transparante wijze aan de systeemgebruikers gepresenteerd. Niet vertrouwelijk 7/18 2. ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN 11. Op 24 juli 2015 werd de CACM Verordening gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie, voor inwerkingtreding op 14 augustus 2015. Deze verordening heeft tot doel het vaststellen van gedetailleerde regels inzake zoneoverschrijdende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer, voor de day-ahead en intradaymarkten van de biedzones in de Europese lidstaten. 12. Binnen de tien maanden na inwerkingtreding, op 14 juni 2016, dienden alle Europese TSB’s bij hun regulerende instantie een voorstel in te dienen voor een methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel. 13. Tijdens het ontwikkelen van het voorstel dienden alle TSB’s, conform de bepalingen in artikel 17, eerste lid en artikel 12, gedurende ten minste één maand een publieke raadpleging van alle belanghebbenden te houden. Hiertoe werd door ENTSO-E in opdracht van alle TSB’s een publieke raadpleging georganiseerd die liep van 4 februari tot en met 4 maart 2016. Tijdens de periode voorafgaand aan de officiële indiening van het voorstel door alle TSB’s, hebben de betrokken regulerende instanties nauw samengewerkt voor het ontwikkelen van een gemeenschappelijke positie over verschillende punten van het ontwerpvoorstel. Deze gemeenschappelijke standpunten werden aan ENTSO-E gecommuniceerd via een informele shadow opinion, goedgekeurd door de leden van d CACM Task Force, op 25 maart 2016. De concrete standpunten van de regulerende instanties worden besproken in deel 2.2. 14. Op 14 juni 2016 ontving de CREG van Elia de Engelstalige versies van het oorspronkelijke CGMM Voorstel, het GLDPM Voorstel en een verslag van de openbare raadpleging vermeld in randnummer 13. Op 2 augustus 2016 ontving de CREG van Elia de Franstalige vertaling van beide voorstellen. 15. De verschillende oorspronkelijke CGMM Voorstellen die door alle TSB’s ter goedkeuring werden voorgelegd, werden door de regulerende instanties ontvangen tussen 12 juni en 11 juli 2016. Artikel 9, negende lid van de CACM Verordening bepaalt dat de regulerende instanties binnen de zes maanden na ontvangst van het laatste voorstel een beslissing over de voorstellen voor voorwaarden en methodologieën moeten nemen. De uiterlijke datum voor het goedkeuren of verzoeken om wijzigingen aan de methodologie was aldus 10 januari 2017. 16. Bijkomend aan de openbare raadpleging van ENTSO-E werd door de CREG een raadpleging van de Belgische belanghebbenden georganiseerd. Hiertoe werden het oorspronkelijke CGMM Voorstel en het GLDPM Voorstel integraal ter consultatie voorgelegd, van 20 juli tot en met 30 augustus 2016. 17. Op Europees niveau werd, volgend op de indiening van het voorstel door alle TSB’s, intensief overleg gepleegd met alle regulerende instanties met als doel het ontwikkelen van een gemeenschappelijk standpunt over het oorspronkelijke CGMM Voorstel. Dit gebeurde binnen de CACM Task Force, waarin de implementatie en ontwikkeling van methodologieën volgend uit de CACM Verordening, behandeld worden door de afgevaardigden van de Europese regulerende instanties. In parallel werden periodieke vergaderingen georganiseerd met ENTSO-E, waarin de voorstellen en de onderlinge afhankelijkheden met andere methodologieën besproken werden. 18. Het onderling multilateraal overleg tussen de regulerende instanties leidde tot het goedkeuren door alle regulerende instanties van de gezamenlijke position paper met een wijzigingsverzoek naar alle TSB’s voor het oorspronkelijke CGMM Voorstel. Deze goedkeuring vond plaats via de unanieme beslissing van het Energy Regulator’s Forum (hierna: het “ERF”) op 13 december 2016. De beslissing Niet vertrouwelijk 8/18 van het ERF werd, via brief op 20 december 2016, door de voorzitter van het ERF gecommuniceerd aan ENTSO-E, ACER en de Europese Commissie en wordt aan deze beslissing toegevoegd in BIJLAGE 2. 19. De werkingsregels van het ERF stellen echter duidelijk dat de beslissingen van het ERF (ter goedkeuring of ter verzoek tot wijziging) op zich niet bindend zijn.2 De CREG besliste dan ook, via de brief gericht aan Elia op 9 januari 2017 (goedgekeurd door het Directiecomité op 22 december 2016), Elia te verzoeken het oorspronkelijke CGMM Voorstel te wijzigen. Dit gebeurde, zoals bepaald binnen de werkingsregels van het ERF, binnen de richtlijnen uiteengezet in de position paper van het ERF met het wijzigingsverzoek voor het oorspronkelijke CGMM Voorstel. Deze brief, met de door alle regulerende instanties via het ERF goedgekeurde position paper in bijlage, wordt aan deze beslissing toegevoegd in BIJLAGE 2. 20. In de twee maanden volgend op de ontvangst door alle TSB’s van de invididuele wijzigingsverzoeken van alle regulerende instanties, coördineerden alle TSB’s onderling en met de regulerende instanties via de CACM Coordination Group, over de gevraagde wijzigingen. De inhoud van het in randnummer 19 vermelde wijzigingsverzoek wordt beschreven in sectie 2.4. 21. Op 10 maart 2017 ontving de CREG, binnen de termijn van 2 maanden na ontvangst van het wijzigingsverzoek, een goedkeuringsaanvraag van Elia voor het gewijzigde CGMM Voorstel, in het Engels en in het Frans. Het is de Franstalige versie van dit gewijzigde CGMM Voorstel waarop onderhavige beslissing betrekking heeft en die als BIJLAGE 1 aan deze beslissing wordt toegevoegd. 22. In de twee maanden volgend op de ontvangst door alle regulerende instanties van het gewijzigde CGMM Voorstel van alle TSB’s, werd intensief overleg gepleegd tussen alle regulerende instanties, met als doel het ontwikkelen van een gemeenschappelijk standpunt over het gewijzigde CGMM Voorstel. 23. Het onderling multilateraal overleg tussen de regulerende instanties leidde tot het goedkeuren door alle regulerende instanties van de gezamenlijke position paper tot goedkeuring van het gewijzigde CGMM Voorstel. Deze goedkeuring vond plaats via de unanieme beslissing van het ERF op 2 mei 2016. De beslissing van het ERF werd, via brief op 10 mei 2016, door de voorzitter van het ERF gecommuniceerd aan ENTSO-E, ACER en de Europese Commissie en wordt aan deze beslissing toegevoegd in BIJLAGE 3. 24. Om de redenen beschreven in randnummer 19, beslist de CREG via onderhavige beslissing over het gewijzigde CGMM Voorstel. Dit gebeurt binnen de richtlijnen uiteengezet in de position paper van het ERF met het voorstel tot goedkeuring van het CGMM Voorstel. 2.2. PARALELLE FEEDBACK VAN ALLE REGULERENDE INSTANTIES 25. Zoals eerder aangehaald in randnummer 13, hebben alle regulerende instanties tijdens de ontwerpfase van het oorspronkelijke CGMM Voorstel een informele shadow opinion ontwikkeld. Dit document diende als gemeenschappelijk antwoord van alle regulerende instanties tijdens de openbare raadpleging en gaf de betrokken TSB’s en ENTSO-E een eerste terugkoppeling over de posities van de regulerende instanties ten opzichte van het ontwerpvoorstel. Deze shadow opinion werd ontwikkeld en goedgekeurd binnen de CACM Task Force van ACER en werd op 25 maart 2016 aan ENTSO-E 2 “Any unanimous agreement made between all regulatory authorities through the ERF is not legally binding in itself but is intended to evidence that an agreement has been reached between them such that a decision does not need be adopted by ACER (pursuant to article 9

(11)of CACM).” en “Any such agreement, reached by unanimity pursuant to paragraph 2.7, is intended to constitute the basis on which all regulatory authorities will each subsequently make legally binding national level decisions. Those decisions must be made within the deadline specified for approval by the relevant ENC and be made publicly available.” Niet vertrouwelijk 9/18 toegezonden. Wegens de kortere ontwerp- en goedkeuringstermijn voor een gewijzigd voorstel3 werd met betrekking tot het gewijzigde ontwerpvoorstel geen shadow opinion ontwikkeld. De opmerkingen en vragen voor verduidelijking van alle regulerende instanties werden via de CACM Coordination Group en bilateraal overleg aan ENTSO-E en de TSB’s gecommuniceerd.
  1. In deze shadow opinion gaven alle regulerende instanties de wens aan om, in tegenstelling tot het ter consultatie voorliggende oorspronkelijke ontwerpvoorstel, het definitieve voorstel op te splitsen in een wettelijk bindend deel en een begeleidende sectie met bijkomende informatie. Bovendien werd aan de TSB’s gevraagd om enkele inconsistenties, vaagheden en wettelijke formaliteiten te wijzigen aan het ontwerpvoorstel.
  2. Inhoudelijk kwamen alle regulerende instanties overeen dat het ontwerpvoorstel op verschillende andere punten kon worden verbeterd. Met betrekking tot de remediërende maatregelen, die worden beschreven in artikel 25 van de CACM Verordening, gaven de regulerende instanties de wens aan om meer uitleg te zien in verband met de coördinatie tussen TSOs, het verzekeren van de niet-discriminatie tussen interne en grensoverschrijdende uitwisselingen van elektriciteit en de processen voor het selecteren van deze remediërende maatregelen. Tot slot vroegen de regulerende instanties, via de shadow opinion, om ontbrekende elementen zoals een systeem voor de opvolging van de kwaliteit van de netwerkmodellen en een beschrijving van de berekeningswijze van de thermische limieten van transmissielijnen, toe te voegen aan het finale oorspronkelijke CGMM Voorstel.
  3. Alle TSB’s hebben deze opmerking in grote mate in overweging genomen en het ontwerpvoorstel substantieel gewijzigd naar aanleiding van de ontvangst van de shadow opinion. Een aantal verzoeken, met name die met betrekking tot de remediërende maatregelen, werden slechts ten dele weerhouden door de TSB’s. 2.
  4. RAADPLEGING
  5. Zowel het oorspronkelijke CGMM Voorstel als het GLDPM Voorstel werden door de CREG integraal ter consultatie voorgelegd aan de Belgische belanghebbenden. De CREG oordeelde dat het louter organiseren van een openbare raadpleging op Unieniveau door ENTSO-E, zonder gerichte communicatie naar de Belgische marktpartijen, niet volstond om te voldoen aan de vereisten om een uitzondering toe te laten op de consultatieverplichting zoals bepaald in artikel 40, tweede lid van het Huishoudelijk Reglement van de CREG.
  6. De onderhavige beslissing wordt genomen in overeenstemming met de beslissingen van alle regulerende instanties, overeengekomen op het ERF van 13 december 2016 en het ERF van 2 mei 2017 zoals beschreven in randnummers 18 en
  7. Om deze reden wordt de onderhavige beslissing niet ter openbare raadpleging voorgelegd. De antwoorden ontvangen tijdens de openbare raadpleging van de integrale voorstellen, zoals beschreven in randnummer 29, werden in overweging genomen tijdens de positieve beslissing van de CREG in het ERF en bij het ontwikkelen van deze beslissing.
  8. De openbare raadpleging van het oorspronkelijke CGMM Voorstel en het GLDPM Voorstel liep op de website van de CREG tussen 20 juli 2016 en 30 augustus
  9. De mogelijkheid om te antwoorden op de openbare raadpleging werd aan de Belgische belanghebbenden gecommuniceerd via de nieuwsbrief van de CREG op 20 juli
  10. 3 Tweemaal twee maanden, zoals voorzien in artikel 9, twaalfde lid van de CACM Verordening: twee maanden voor alle TSB’s om een gewijzigd voorstel in te dienen en twee maanden voor alle regulerende instanties om gezamenlijk een beslissing te nemen. Niet vertrouwelijk 10/18
  11. De CREG ontving gedurende de openbare raadpleging twee antwoorden die betrekking hadden op het oorspronkelijke CGMM Voorstel: van FEBEG en FEBELIEC. 2.3.
  12. FEBEG
  13. FEBEG gaf, in haar antwoord op de openbare raadpleging, aan reeds te hebben deelgenomen via Eurelectric aan de raadpleging die op Unieniveau door ENTSO-E werd georganiseerd. FEBEG wenste van de raadpleging van de CREG gebruik te maken om de nadruk te leggen op transparantie, confidentialiteit en de publicatie van de kritieke netwerkelementen in een marktkoppeling gebaseerd op stromen.
  14. Voor het laatste element van haar opmerking (i.e. de publicatie van kritieke netwerkelementen) verwijst FEBEG naar de publicatie van deze gegevens binnen de day-ahead flow-based marktkoppeling in de CWE-regio. De CREG ondersteunt deze positie maar vraagt Elia om, binnen de ontwikkeling van een capaciteitsberekeningsmethodologie voor day-ahead en intraday, zowel in CWE als in de Core capaciteitsberekeningsregio, dit niveau van transparantie aan te houden. De harmonisering van de transparantievereisten op Unieniveau is, hoewel bijzonder waardevol, een doelstelling op langere termijn. 2.3.
  15. FEBELIEC
  16. Als reactie op de openbare raadpleging door de CREG van het oorspronkelijke CGMM Voorstel, gaf FEBELIEC aan dat haar leden niet rechtstreeks betrokken zijn in het samenstellen en het toepassen van het gemeenschappelijk netwerkmodel.
  17. FEBELIEC pleit in haar antwoord voor het belang van de implementatie van het gemeenschappelijk netwerkmodel in de context van de integratie van Europese elektriciteitsmarkten. FEBELIEC geeft aan dat de keuzes gemaakt door de TSB’s gebaseerd op het gemeenschappelijk netwerkmodel, een belangrijke impact hebben op de beschikbaarheid van zoneoverschrijdende transmissiecapaciteiten.
  18. Net zoals FEBEG merkt FEBELIEC op dat de confidentialiteit van de netwerkelementen ruimte laat voor verbeteringen. De CREG verwijst hiervoor naar randnummer
  19. Als laatste vraagt FEBELIEC aan Elia en alle TSB’s om bij de ontwikkeling van de procedures voor het opstellen van het gemeenschappelijk netwerkmodel, een pragmatische aanpak te hanteren om overbodige administratieve en operationele kosten te vermijden. FEBELIEC vraagt dat Elia waar mogelijk gebruikt maakt van bestaande procedures om de overdracht van de gegevens nodig voor de individuele netwerkmodellen te faciliteren. 2.
  20. WIJZIGINGSVERZOEK VAN ALLE REGULERENDE INSTANTIES
  21. Via de unanieme beslissing, genomen tijdens het ERF op 13 december 2016, besloten alle regulerende instanties om de betrokken TSB’s te verzoeken om wijzigingen door te voeren aan het oorspronkelijke CGMM Voorstel. Deze wijzigingen betroffen drie aspecten van het oorspronkelijke CGMM Voorstel en worden hierna beschreven. Het wijzigingsverzoek van de CREG aan Elia, inclusief de beslissing van het ERF, wordt als BIJLAGE 2 aan deze beslissing toegevoegd.
  22. Als belangrijkste punt werd aan de TSB’s gevraagd om de tijdstippen, vermeld in artikel 23 van het oorspronkelijke CGMM Voorstel, te verwijderen. Deze tijdstippen werden opgenomen om een richtlijn te bieden aan alle TSB’s voor de verschillende stappen die dienen te worden genomen voor Niet vertrouwelijk 11/18 het samenvoegen van de individuele netwerkelementen tot het gemeenschappelijk netwerkmodel. Alle regulerende instanties zijn van oordeel dat dergelijke deadlines, eens goedgekeurd door alle regulerende instanties, onvoldoende prikkels geven aan TSB’s om verdere inspanningen te leveren om deze processen te harmoniseren en te versnellen. Bovendien kan het goedkeuren van deze deadlines de mogelijkheden van TSB’s en regulerende instanties met het bepalen van de gate-openingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt4, beperken.
  23. Via het wijzigingsverzoek vroegen de regulerende instanties ook om de processen rond de “overeengekomen maatregelen”5 te verwijderen. De regulerende instanties waren van oordeel dat deze maatregelen dienen te worden beschreven in het voorstel van alle TSB’s binnen een bepaalde capaciteitsberekeningsregio voor een methodologie voor een gemeenschappelijke gecoördineerde capaciteitsberekening, zoals beschreven in artikel 20, tweede lid van de CACM Verordening. Voor wat betreft de overeengekomen maatregelen die betrekking hebben op redispatching en compensatiehandel, merkten de regulerende instanties op dat deze dienen te worden beschreven in de gemeenschappelijke methodologie van de TSB’s binnen een capaciteitsberekeningsregio zoals bepaald in artikel 35, eerste lid van de CACM Verordening.
  24. Als laatste punt verzochten de regulerende instanties om de vermelding naar ENTSO-E, als entiteit verantwoordelijk voor de implementatie en het operationele beheer van het informatieplatform, opgenomen in artikel 21 van het oorspronkelijke CGMM Voorstel, te verwijderen. De TSB’s hebben het recht om, in overeenstemming met artikel 81 van de CACM Verordening, bepaalde taken te delegeren naar derde partijen. De delegerende entiteit (in dit geval de TSB’s) blijven echter verantwoordelijk voor het waarborgen van de inachtnemingen van alle relevante verplichtingen uit de CACM Verordening, inclusief de algemene en specifieke verplichtingen rond het opstellen van het gemeenschappelijke netwerkmodel. Het goedkeuren van de delegatie van deze taken naar ENTSOE, zou impliceren dat de regulerende instanties kunnen en willen oordelen of ENTSO-E deze taken even efficiënt en effectief als de TSB’s kan uitvoeren, wat niet het geval is.
  25. Met uitzondering van het verzoek uiteengezet in randnummer 42, hebben de TSB’s de verzoeken van alle regulerende instanties volledig in overweging genomen en het oorspronkelijke CGMM Voorstel substantieel gewijzigd. Het gewijzigde CGMM Voorstel omvat echter nog steeds een verwijzing naar de overeengekomen maatregelen, zij het met de bijkomende uitleg dat, waar de remediërende maatregelen gebaseerd op het gemeenschappelijk netwerkmodel, de TSB’s via het gewijzigde CGMM Voorstel verplicht dienen te worden om deze overeengekomen maatregelen op te nemen in hun individuele netwerkmodellen. Alle regulerende instanties gaan akkoord dat de verwijzingen naar overeengekomen maatregelen onder voorbehoud zijn van de uiteindelijke goedkeuring van de methodologieën en voorwaarden onder artikel 20, tweede lid en artikel 35, eerste lid van de CACM Verordening. 4 Het bepalen van de gate-openingstijd van de grensoverschrijdende intradaymarkt wordt beschreven in artikel 59 van de CACM Verordening en vormt het voorwerp van een ander voorstel van alle TSB’s, volgend uit artikel 9, zesde lid, k). 5 “Agreed measures” in de Engelstalige referentieversie van het oorspronkelijke CGMM Voorstel. Niet vertrouwelijk 12/18
  26. ANALYSE VAN HET VOORSTEL 3.
  27. DOEL VAN HET VOORSTEL
  28. Om eenvormige day-ahead en intradaykoppeling tot stand te brengen, moet de beschikbare grensoverschrijdende capaciteit op een gecoördineerde wijze door de TSB’s worden berekend. Met dat doel moeten zij een gemeenschappelijk netwerkmodel opstellen, met inbegrip van ramingen inzake elektriciteitsproductie, basislast en netwerkstatus voor elk uur.6
  29. Het doel van het CGMM Voorstel is het bepalen van de regels voor het opstellen van een model dat het Europese geïnterconnecteerde systeem weergeeft en dat wordt gebruikt om de zoneoverschrijdende capaciteit op een gecoördineerde wijze te berekenen. Het gemeenschappelijk netwerkmodel omvat een model van het transmissiesysteem met de locatie van de elektriciteitsopwekkingsinstallaties en de basislasten die relevant zijn voor de berekening van de zoneoverschrijdende capaciteit. Het gemeenschappelijk netwerkmodel is samengesteld uit de individuele netwerkmodellen van elke TSB die worden samengevoegd door de verantwoordelijke TSB, in casu de entiteit belast door alle TSB’s zoals beschreven in Artikel 21 van het gewijzigde CGMM Voorstel. 3.
  30. DE SCENARIO’S
  31. In Artikel 3 van het gewijzigde CGMM Voorstel beschrijven de TSB’s de wijze waarop ze, voor zowel de day-ahead als intraday tijdsbestekken, gemeenschappelijke scenario’s ontwikkelen, in overeenstemming met Artikel 18 van de CACM Verordening. Deze regels omvatten, voor de structurele en operationele data en voor de netwerkstatus, gemeenschappelijke principes voor zowel de dayahead en intraday scenario’s. Voor wat betreft de voorspellingen van de opwekking, basislast en nettoposities per biedzone, zijn verschillende scenario’s van toepassing voor day-ahead en intraday capaciteitsberekening.
  32. De CREG is van oordeel dat de voorspellingen en gegevens gebruikt voor de scenario’s voor dayahead en intraday, het aan alle TSB’s mogelijk maakt om op een gecoördineerde en efficiënte wijze hun individuele netwerkelementen te ontwikkelen. 3.
  33. DE INDIVIDUELE NETWERKMODELLEN
  34. Op basis van de hierboven beschreven scenario’s, dienen alle deelnemende TSB’s een individueel netwerkmodel op te stellen. Op die manier ontstaan voor elke biedzone en voor elk scenario een individueel netwerkmodel. Deze individuele netwerkmodellen worden door een derde entiteit, aangesteld door de TSB’s in navolging van Artikel 81 van de CACM Verordening, samengevoegd. Dit zal gebeuren via het informatieplatform beschreven in Artikel 21 van het gewijzigde CGMM Voorstel en volgens de procedure zoals uiteengezet in Artikel 22 van het gewijzigde CGMM Voorstel.
  35. De CREG gaat akkoord met het proces tot vaststelling van het gemeenschappelijk netwerkmodel door het samenvoegen van de individuele netwerkmodellen via het informatieplatform beschreven in 6 Preambule
(4)van de CACM Verordening Niet vertrouwelijk 13/18 het gewijzigde CGMM Voorstel, met inbegrip van de delegatie van de taken voor het samenvoegen naar een derde partij. 3.
  1. ONGEOORLOOFDE DISCRIMINATIE TUSSEN ZONEOVERSCHRIJDENDE UITWISSELINGEN INTERNE EN
  2. Artikel 18 van de CACM Verordening bepaalt dat er, bij de vaststelling van de scenario’s (beschreven in Artikel 3 van het gewijzigde CGMM Voorstel) geen ongeoorloofde discriminatie mag ontstaan tussen interne en zoneoverschrijdende uitwisselingen. De CREG kan zich, gegeven de voorliggende regels in het gewijzigde CGMM Voorstel voor gemeenschappelijke scenario’s, niet uitspreken over mogelijke discriminatie tussen interne en zoneoverschrijdende uitwisselingen. De CREG vraagt echter aan Elia om, in het kader van het ontwikkelen van de gemeenschappelijke gecoördineerde capaciteitsberekeningsmethodologie7 met de andere TSB’s van de capaciteitsberekeningsregio’s waartoe ze behoort, te verzekeren dat dergelijke discriminatie niet kan worden toegelaten in de voorgestelde voorwaarden of methodologieën, conform de bepalingen in Artikel 21 van de CACM Verordening waarin ook de verwijzing naar Artikel 1.7 van Bijlage I aan Verordening (EG) nr. 714/2009 opgenomen is. 3.
  3. CONFORMITEIT MET DE ALGEMENE BEGINSELEN VAN DE CACM VERORDENING
  4. Artikel 9, negende lid van de CACM Verordening verplicht Elia om, in het oorspronkelijke en het gewijzigde CGMM Voorstel, een overzicht te geven van de verwachte impact van dit voorstel op de doelstellingen, opgelijst in artikel 3 van de CACM Verordening. Daarenboven wordt Elia verplicht om een tijdlijn met de verwachte tenuitvoeringlegging aan het oorspronkelijke en het gewijzigde CGMM Voorstel toe te voegen.
  5. Het gewijzigde CGMM Voorstel omvat, in randnummers
(14)tot en met
(23)van de preambule, een duidelijke en ondubbelzinnige aanwijzing dat de ter goedkeuring voorliggende methodologie bijdraagt tot het bereiken van de algemene doelstellingen van de CACM Verordening.
  1. Het gewijzigde CGMM Voorstel omvat bovendien, in artikel 24, een implementatieplanning van de voorgaande regelingen. Deze loopt van het moment van de goedkeuring door alle regulerende instanties tot, ten laatste, 14 januari
  2. Dit is de uiterste datum waarop alle operationele aspecten van de implementatie van het gewijzigde CGMM Voorstel afgerond dienen te zijn.
  3. De CREG gaat akkoord met zowel randnummers
(14)tot en met
(23)van de preambule als met artikel 24 van het gewijzigde CGMM Voorstel. De CREG is van mening dat door Elia en alle TSB’s op deze manier is voldaan aan de vereisten van artikel 9, negende lid van de CACM Verordening. 7 Artikel 9, zevende lid,
  1. a)van de CACM Verordening Niet vertrouwelijk 14/18 4. BESLISSING Met toepassing van artikel 9, zesde lid,
  2. d)van Verordening (EU) 2015/1222 van de Commissie van 24 juli 2015 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende capaciteitstoewijzing en congestiebeheer beslist de CREG, om de voorgaande redenen, het gewijzigde gemeenschappelijk voorstel van de NV ELIA SYSTEM OPERATOR en alle transmissiesysteembeheerders voor een gemeenschappelijk netwerkmodel goed te keuren. Deze beslissing tot goedkeuring van het voorstel door de CREG volgt uit de unanieme beslissing van alle regulerende instanties tijdens het Energy Regulator’s Forum van 3 mei 2017 ter goedkeuring van het door alle TSB’s ingediende CGMM Voorstel.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Andreas TIREZ Directeur Marie-Pierre FAUCONNIER Voorzitster van het Directiecomité Niet vertrouwelijk 15/18 BIJLAGE 1 Proposition de méthodologie relative au modèle de réseau commun élaborée par tous les GRT conformément à l’article 17 du règlement (UE) 2015/1222 de la Commission du 24 juillet 2015 établissant une ligne directive relative à l’allocation de la capacité Franstalige versie – 27 mei 2016 Niet vertrouwelijk 16/18 BIJLAGE 2 Wijzigingsverzoek naar aanleiding van de goedkeuringsaanvraag door Elia en alle TNB’s van de methodologie voor het gemeenschappelijk netwerkmodel Nederlandstalige versie – 9 januari 2017 Request for amendment by all regulatory authorities agreed at the Energy Regulators’ Forum on the all TSO proposal for Common Grid Model Methodology (CGMM) Engelstalige versie – 13 december 2016 Niet vertrouwelijk 17/18 BIJLAGE 3 Approval by all regulatory authorities agreed at the Energy Regulators’ Forum on the all TSO proposal for Common Grid Model Methodology (CGMM) as amended in March 2017 Engelstalige versie – 3 mei 2017 Niet vertrouwelijk 18/18

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.