Interconnector (UK) tot ontheffing
de toepassing
bepaalde artikelen
Verordening (EU) 2017/460
de Commissie
16 maart 2017 tot vaststelling
een netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas Artikel 37
Verordening (EU) 2017/460
de commissie
16 maart 2017 tot vaststelling
een netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – F + 32 2 289 76 09 – info@creg.be – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 LEXICON ................................................................................................................................................... 3
HET VERZOEK TOT ONTHEFFING.............................................................................. 8 3.1. Inhoud
het verzoek tot ontheffing ................................................................................... 8 3.2. Het in aanmerking komen
Interconnector(UK) ................................................................ 8 3.3. Samenvatting
de artikelen waarvoor een ontheffing wordt verzocht ............................. 9 3.4. Samenvatting
de motiveringsgronden ........................................................................... 10 3.4.
de artikelen en motiveringsgronden .................................. 11
DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna het verzoek
Interconnector (UK) tot ontheffing
de toepassing
bepaalde artikelen
Verordening (EU) 2017/460
de Commissie
16 maart 2017 tot vaststelling
een netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas (hierna: het verzoek tot ontheffing). Naast de inleiding en het lexicon bevat onderhavige beslissing vijf delen. Het wettelijke kader wordt uiteengezet in het eerste deel. Het tweede deel behandelt de antecedenten. Het derde deel bevat de analyse
de vergoedingsmethodologie. Het vierde deel bevat een algemeen voorbehoud. Het vijfde deel bevat het dispositief. De onderhavige beslissing werd goedgekeurd door het directiecomité
de CREG op 28 juni 2018. LEXICON ‘CREG’: de Commissie voor de Regulering
de Elektriciteit en het Gas, met name het federale autonome organisme dat werd opgericht door artikel 23
de wet
29 april 1999 betreffende de organisatie
de elektriciteitsmarkt; ‘Interconnector(UK)’: de vennootschap naar Engels recht Interconnector (UK) Limited die werd gecertificeerd door de CREG op 11 juli 2013; ‘Gaswet': de wet
12 april 1965 betreffende het vervoer
gasachtige produkten en andere door middel
leidingen, laatst gewijzigd door de wet
31 juli 2017; ‘Richtlijn 2009/73’
het Europees Parlement en de Raad
13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas en tot intrekking
Richtlijn 2003/55/EG ‘Verordening 715/2009'
het Europees Parlement en de Raad
13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor de toegang tot de vervoersnetten voor aardgas en tot intrekking
verordening (EG) nr. 1775/2005. ‘Verordening 2017/459’
de Europese Commissie
16 maart 2017 tot vaststelling
een netcode betreffende capaciteitstoewijzingsmechanismen in gastransmissiesystemen en tot intrekking
Verordening (EU) nr. 984/2013. ‘Verordening 2017/460’
de Europese Commissie
16 maart 2017 tot vaststelling
een netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas. Niet vertrouwelijk 3/13 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEESRECHTELIJK 1. Artikel 2, lid 2,
Richtlijn 2009/73 definieert ‘transmissiesysteembeheerder’ als volgt: “natuurlijke persoon of rechtspersoon die de transmissiefunctie verricht en in een bepaald gebied verantwoordelijk is voor de exploitatie, het onderhoud en zo nodig de ontwikkeling
het transmissiesysteem alsook, indien
toepassing, de interconnecties ervan met andere systemen, en die ervoor moet zorgen dat het systeem op lange termijn kan voldoen aan een redelijke vraag naar transmissie
gas.” 2. Artikel 39, lid 1,
Richtlijn 2009/73 stelt: “Iedere lidstaat wijst één enkele nationale regulerende instantie op nationaal niveau aan.” In België is dit de CREG, terwijl dit in Groot-Brittannië Ofgem is. 3. Artikel 10, lid 1,
Richtlijn 2009/73 stelt: “Voordat een bedrijf wordt goedgekeurd en als transmissiesysteembeheerder wordt aangewezen, wordt zij gecertificeerd volgens de procedures
de leden 4 tot en met 6
dit artikel, en artikel 3
Verordening (EG) nr. 715/2009”. In toepassing
dit artikel werd Interconnector(UK) gecertificeerd door de CREG bij beslissing
11 juli 20131 en Ofgem
Richtlijn 2009/73 stelt: “De lidstaten dragen zorg voor de invoering
een systeem voor toegang
derden tot het transmissie- en distributiesysteem en LNG-installaties, gebaseerd op bekendgemaakte tarieven die gelden voor alle in aanmerking komende afnemers, inclusief leveringsbedrijven, en die objectief worden toegepast zonder onderscheid te maken tussen systeemgebruikers. De lidstaten zorgen ervoor dat deze tarieven of de aan de berekening daarvan ten grondslag liggende methoden voorafgaand aan hun toepassing overeenkomstig artikel 41 worden goedgekeurd door een in artikel 39, lid 1, bedoelde regulerende instantie, en dat deze tarieven en, wanneer alleen de methoden zijn goedgekeurd, de methoden worden bekendgemaakt voordat zij in werking treden.” 5. Artikel 41.1, a)
Richtlijn 2009/73 stelt: “De regulerende instantie heeft de volgende taken: a) vaststellen of goedkeuren, volgens transparante criteria,
transmissie- of distributietarieven of de berekeningsmethodes hiervoor”. 6. Artikel 41, lid 6,
Richtlijn 2009/73 preciseert: “De regulerende instanties zijn bevoegd om ten minste de methodes voor het berekenen of tot stand komen
de volgende voorwaarden vast te stellen of voldoende ruim vóór hun inwerkingtreding goed te keuren: a) de aansluiting op en toegang tot nationale netten, inclusief de transmissie- en distributietarieven en voorwaarden en tarieven voor toegang tot LNG-installaties. Deze 1 Eindbeslissing (B)130711-CDC-1236 over de aanvraag tot certificering
Interconnector (UK) Limited. Certification decision of 21 May 2013: https://www.ofgem.gov.uk/ofgem-publications/59214/certification-decisioninterconnector-uk-limited-iuk.pdf 2 Niet vertrouwelijk 4/13 tarieven of methoden maken het mogelijk dat de noodzakelijke investeringen in de netten en LNG-installaties op een zodanige wijze worden uitgevoerd dat deze investeringen de levensvatbaarheid
de netten en de LNG-installaties kunnen waarborgen;”. 7. Conform artikel 41, eerste lid, c) en artikel 42, eerste lid,
Richtlijn 2009/73 dienen de regulerende instanties
de betrokken lidstaten samen te werken in verband met grensoverschrijdende kwesties. 8. Verordening 715/2009 beoogt nadere niet-discriminerende regels vast te stellen betreffende de toegangsvoorwaarden voor aardgastransmissiesystemen. Dit omvat onder meer de vaststelling
geharmoniseerde beginselen inzake de tarieven voor de toegang tot het net, of inzake de methoden voor de berekening daarvan
Richtlijn 2009/73/EG, alsmede de tarieven die worden gepubliceerd overeenkomstig artikel 32, lid 1,
die richtlijn, zijn transparant, houden rekening met de noodzaak
systeemintegriteit en verbetering ervan en zijn een afspiegeling
de werkelijke kosten, voor zover deze overeenkomen met die
een efficiënte, structureel vergelijkbare netbeheerder en transparant zijn, waarbij tevens wordt gelet op de nodige winst op deinvesteringen en in voorkomende gevallen met inachtneming
de benchmarking
tarieven door de regulerende instanties. De tarieven of de voor de berekening daarvan gebruikte methoden zijn niet-discriminerend. De lidstaten kunnen besluiten dat de tarieven ook kunnen worden vastgesteld aan de hand
marktgerichte regelingen, zoals veilingen, mits dergelijke regelingen en de eruit voortvloeiende inkomsten door de regulerende instantie worden goedgekeurd. De tarieven, of de methoden voor de berekening daarvan, zijn bevorderlijk voor de efficiënte handel in gas en voor de concurrentie en zijn tegelijk gericht op het vermijden
kruissubsidiëring tussen de netgebruikers en op het bieden
stimulansen voor investeringen en het handhaven of creëren
interoperabele transmissienetten. Tarieven voor netgebruikers worden op niet-discriminerende wijze en voor elk entry- en exitpunt
het transmissiesysteem apart vastgesteld. Kostenverdelingsmechanismen en methoden voor tariefbepaling voor entry- en exitpunten worden goedgekeurd door de nationale regulerende instanties. De lidstaten zorgen ervoor dat na een overgangsperiode, d.w.z. uiterlijk op 3 september 2011 nettarieven niet berekend worden op basis
contractuele paden. 2. De tarieven voor de toegang tot netten werken niet beperkend op de marktliquiditeit of verstorend voor de grensoverschrijdende handel
de verschillende transmissiesystemen. Indien verschillen in de tariefstructuren of balanceringsmechanismen de handel tussen transmissiesystemen zouden belemmeren, streven transmissiesysteembeheerders onverminderd artikel 41, lid 6,
Richtlijn 2009/73/EG, in nauwe samenwerking met de betrokken nationale instanties, actief naar de convergentie
tariefstructuren en tariefbeginselen, ook met betrekking tot balancering.” 3 Zie het toepassingsgebied in art. 1
Verordening 715/2009 Niet vertrouwelijk 5/13 10. Uit bovenstaande volgt dat zowel Ofgem als de CREG ten minste de methoden voor de berekening
de tarieven
Interconnector(UK) dienen goed te keuren. 11. Bij Verordening 2017/460 wordt een netcode vastgesteld ter bepaling
regels inzake geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas, met inbegrip
regels inzake de toepassing
een referentieprijsmethodologie, de bijbehorende raadplegings- en bekendmakingsvereisten, alsook de berekening
reserveringsprijzen voor standaard capaciteitsproducten4. 12. Verordening 2017/460 is
toepassing op alle entrypunten en alle exitpunten
gastransmissienetten, met uitzondering
de hoofdstukken III, V, VI, artikel 28, artikel 31, leden 2 en 3, en hoofdstuk IX, die alleen
toepassing zijn op interconnectiepunten. De hoofdstukken III, V, VI, artikel 28 en hoofdstuk IX zijn
toepassing op entrypunten
derde landen of exitpunten naar derde landen, of beide, wanneer de nationale regulerende instantie een besluit neemt om Verordening 2017/459 op deze punten toe te passen5. 13. Overeenkomstig artikel 37
Verordening 2017/460 kunnen de nationale regulerende instanties, op verzoek
een entiteit die een interconnector exploiteert die overeenkomstig artikel 36
Richtlijn 2009/73 een ontheffing
artikel 41, leden 6, 8 en 10,
die richtlijn, of een soortgelijke ontheffing, heeft genoten, een dergelijke entiteit gezamenlijk een ontheffing
de toepassing
een of meer artikelen
deze verordening verlenen overeenkomstig de leden 2 tot en met 6
dit artikel wanneer de toepassing
die artikelen voor een dergelijke entiteit een of meer
de volgende negatieve gevolgen zou hebben. De toepassing ervan zou:
de bestaande capaciteitsniveaus bieden;
de interconnector; e) niet uitvoerbaar zijn wanneer rekening wordt gehouden met de specifieke aard
deze interconnectoren. 14. Dit artikel vormt de rechtsgrond voor het verzoek
Interconnector(UK) enerzijds, en voor onderhavige beslissing anderzijds. 1.2. 15. 4 5 BELGISCH RECHT Artikel 1
de gaswet bevat onder andere de volgende definities: - “9° ‘vervoeronderneming’ : elke natuurlijke of rechtspersoon die gasvervoer verricht; - 28° ‘Commissie’ : de Commissie voor de regulering
de elektriciteit en het gas, bedoeld in artikel 15/14; - 60° ‘interconnector’ : een vervoersleiding die de grens tussen twee lidstaten overschrijdt of overspant met uitsluitend als bedoeling de vervoersnetten
deze lidstaten onderling te koppelen; Zie het onderwerp in art. 1
Verordening 2017/460 Zie de werkingssfeer in art. 2
Verordening 2017/460 Niet vertrouwelijk 6/13 - 16. 60° bis: ’beheerder
een interconnector’: een natuurlijke of rechtspersoon die het beheer
een interconnector verzorgt en aangewezen is overeenkomstig artikel 8/1bis.” Artikel 15/14, § 2, 2de lid, 9°bis
de gaswet bepaalt dat de CREG: “de tariefbevoegdheden zal uitoefenen bedoeld in de artikelen 15/5 tot 15/5quinquies en de toepassing
de tarieven door de vervoersbedrijven wat hun respectievelijke netten betreft zal controleren.” 17. Gelet op de definitie
“vervoeronderneming/vervoerbedrijf” heeft dit voor gevolg dat de CREG, op basis
artikel 15/14, § 2, 2de lid, 9°bis
de gaswet, dezelfde tariefbevoegdheden kan uitoefenen ten aanzien
Interconnector(UK) als ten aanzien
de beheerders, zoals bedoeld in artikel 8, § 1
de Gaswet, daar beide entiteiten gekwalificeerd worden als vervoeronderneming/vervoerbedrijf. 18. Artikel 15/14quater, § 1
de gaswet bepaalt dat de CREG voor de grensoverschrijdende zaken samenwerkt met de reguleringsoverheid of -overheden
de betrokken lidstaten
de Europese Unie en met ACER.
zijn vergoedingsmethodologie met betrekking tot de toegangsovereenkomst met Interconnector (UK) en het toegangsreglement
Interconnector (UK). 20. Dienaangaande organiseerde Interconnector(UK) voorafgaandelijk twee openbare raadplegingen op zijn website7, respectievelijk
8 augustus tot 7 september 2017, en
25 oktober tot 22 november 2017, en bovendien een openbare workshop op 31 oktober
21 december 2017 keurde de CREG de vergoedingsmethodologie
Interconnector(UK) goed8. Ofgem verleende ook haar goedkeuring per beslissing
28 februari
hun respectievelijke beslissingen betreffende het verzoek tot ontheffing met elkaar uitgewisseld ten einde een gezamenlijke ontheffing te verlenen. 6 Op 2 januari 2018 bezorgde Interconnector(UK) een vertaling daarvan naar het Nederlands aan de CREG. http://www.interconnector.com/about-us/our-consultations/latest-consultation/ 8 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b14424 9 https://www.ofgem.gov.uk/system/files/docs/2018/02/decision_letter_on_proposed_modifications_to_iuk_charging_me thodology.pdf 7 Niet vertrouwelijk 7/13 2.2. RAADPLEGING 24. Het directiecomité
de CREG beslist, op grond
artikel 23, §1,
zijn huishoudelijk reglement, in het kader
de onderhavige beslissing, om, met toepassing
artikel 40, 2°,
zijn huishoudelijk reglement, geen raadpleging te organiseren, omwille
de volgende redenen: - Interconnector(UK) heeft reeds een effectieve openbare raadpleging georganiseerd over zijn verzoek tot ontheffing (zie supra); - onderhavige beslissing is een goedkeuringsbeslissing. 3. ANALYSE
HET VERZOEK TOT ONTHEFFING 3.1. INHOUD
HET VERZOEK TOT ONTHEFFING 25. Het verzoek tot ontheffing
Interconnector(UK) bestaat uit twee delen en drie bijlagen. Het eerste deel betreft een inleiding, terwijl het tweede deel de artikelen
Verordening 2017/460 opsomt en motiveert waarom Interconnector(UK) een ontheffing
de toepassing ervan verzoekt. 26.
de drie bijlagen is voor de CREG enkel de laatste relevant in het kader
onderhavige beslissing: - bijlage 1: Relevante markt voor IUK en concurrentie met andere flexibiliteitsmiddelen; - bijlage 2: Afname bij IUK en de uitdaging m.b.t. inkomsten na 2018; - bijlage 3: Het in aanmerking komen
IUK voor het verzoeken om ontheffing. 3.2. HET IN AANMERKING KOMEN
INTERCONNECTOR(UK) 27. Uit de beschrijving
het wettelijk kader (zie supra) volgt dat Interconnector(UK) een entiteit is die een interconnector exploiteert in de zin
artikel 37
Verordening 2017/
Interconnector(UK) dateren
vóór de ontheffingsregeling vastgelegd in Richtlijn 2009/73 waarnaar wordt verwezen in artikel 37
Verordening 2017/460. Interconnector(UK) heeft evenwel genoten
een soortgelijke ontheffing in de zin
artikel 37
Verordening 2017/460. De CREG verwijst hiervoor naar de beslissing
Ofgem dd. 14 augustus 200610, en naar hetgeen Ofgem in haar beslissing uiteenzet over het verzoek tot ontheffing
Interconnector(UK)
DE ARTIKELEN ONTHEFFING WORDT VERZOCHT WAARVOOR EEN 29. De grootste beperkingen binnen Verordening 2017/460 die Interconnector(UK) via zijn verzoek tot ontheffing wenst aan te kaarten beslaan drie grote gebieden: 1) de benadering voor de berekening en aanpassing
tarieven, waarbij de beoogde inkomsten worden gedeeld door de voorspelde boekingen; 2) beperkingen voor de aanpassing
tarieven en bovengrenzen
deze tarieven; en 3) bepaalde raadplegings- en bekendmakingsverplichtingen die commercieel gevoelige informatie vrijgeven. 30. Tabel 1 bevat de samenvatting
de door Interconnector(UK) voorgestelde ontheffingen
de artikelen
Verordening 2017/460 omwille
de negatieve gevolgen
de toepassing ervan. Tabel 1: Samenvatting
de verzochte artikelen met motiveringsgronden Artikelen
Verordening 2017/460 waarvoor een ontheffing wordt verzocht Artikel 5: Kostentoewijzingsbeoordeling Lid (a)
: Reproductie en nauwkeurige voorspelling
reserveringsprijzen Lid 3
: De reserveringsprijzen die vóór de jaarlijkse CAMveiling12 worden bekendgemaakt, zijn bindend voor het volgende gasjaar Artikel 13: Niveau
multiplicatoren en seizoensfactoren Lid 1(a)(iii)(vi) en 2
: Periodieke raadpleging Artikel 28: Raadpleging over kortingen, multiplicatoren en seizoensfactoren Lid (a) en lid (b)(i)
lid 1 en lid 2
: Vóór de tariefperiode bekend te maken informatie, meer bepaald over de voorspelde capaciteit, de kosten
kapitaal en de ontwikkeling
tarieven Lid 2(a)
: Vorm
bekendmaking 12 Vernoemde negatieve gevolgen uit artikel 37
Verordening 2017/460 a),
DE MOTIVERINGSGRONDEN 31. Interconnector(UK) stelt dat een ontheffing
bepaalde aspecten
de NC TAR noodzakelijk is voor zijn voortdurende economische levensvatbaarheid. Het hoofdargument
Interconnector(UK) is dat het tariefflexibiliteit nodig heeft om in een uitdagende marktomgeving te kunnen concurreren met andere flexibiliteitsmiddelen, zoals opslag en LNG. In het bijzonder argumenteert Interconnector(UK) dat een ontheffing nodig is voor drie categorieën
artikelen: 1) artikelen die de tariefflexibiliteit en de mogelijkheid
Interconnector(UK) om in de markt te concurreren hinderen (artikelen 12.3, 13, 28, 29(a), 29(b)(i), en 31.2(a)); 2) artikelen die de bekendmaking
informatie vereisen die commercieel gevoelig is voor commerciële interconnectoren (artikelen 7(a), 26.1(a)(iii), 26.2, en 30.1(b)(iii)(2-5)); 3) artikelen die betrekking hebben op transmissiesysteeembeheerders met een gereguleerd vast actief, gebonden afnemers en meerdere netwerkpunten, en daarom niet relevant zijn voor Interconnector(UK) als commerciële interconnector (artikelen 5, 26.1(a)(vi), 30.1(a)(ii)(iii), 30.1(b)(i)(ii), 30.1(b)(iii)
Interconnector(UK) samen betreffende de artikelen uit Tabel 1 ingedeeld volgens bovengenoemde categorieën. 3.4.1. Artikelen die de tariefflexibiliteit hinderen 33. Artikel 12.3
Verordening 2017/460 vereist dat de reserveprijzen voor driemaandelijkse, maandelijkse, dagelijkse en resterende capaciteit binnen de dag bindend zijn voor het daaropvolgende gasjaar.
Verordening 2017/460 vereist dat multiplicatoren en seizoensfactoren, die op de referentieprijs worden toegepast om de reserveringsprijs voor niet-jaarlijkse producten te berekenen, binnen een bepaald bereik worden vastgesteld. 36. Interconnector(UK) is
mening dat de plafonds uit artikel 13 niet geschikt zijn voor commerciële interconnectoren. Interconnector(UK) beweert dat ze niet hoog genoeg zijn om langetermijnboekingen aan te moedigen of voldoende inkomsten te genereren in een markt die verschuift naar kortetermijnboekingen. Interconnector(UK) verstrekte ook gelijkaardige argumenten waarom een raadpleging over de multiplicatoren en seizoensfactoren, en bekendmaking ervan, zoals vereist door artikel 28, artikel 29 (a), artikel 29 (b) (i), en artikel 31.2 (a), niet gepast is. 3.4.2. Artikelen die commercieel gevoelige informatie zouden bekendmaken 37. Artikel 7, a),
Verordening 2017/460 vereist dat de keuze voor een referentieprijsmethodologie netwerkgebruikers in staat dient te stellen de berekening
de referentieprijzen en de nauwkeurige voorspelling ervan te reproduceren.
Verordening 2017/460 dienen een of meer raadplegingen te worden verricht voordat de nationale regulerende instantie een besluit neemt. Dit omvat de indicatieve referentieprijs zoals vereist door 26.1 (
Verordening 2017/460 omvat informatie die verplicht voor de tariefperiode te publiceren is, zoals de kapitaaluitgaven en de operationele uitgaven.
Verordening 2017/460 schrijft voor dat de kostentoewijzing dient te worden beoordeeld, onder meer om de mate
kruissubsidiëring aan te geven tussen systeemintern en systeemoverschrijdend netgebruik op basis
de voorgestelde referentieprijsmethodologie.
Verordening 2017/460 schrijft voor dat wordt geraadpleegd over de vergelijking
de voorgestelde referentieprijsmethodologie met de referentieprijsmethodologie voor capaciteitsgewogen afstand.
Verordening 2017/460 omvat informatie die verplicht voor de tariefperiode te publiceren is, zoals de voorspelde gecontracteerde capaciteit en stromen, waarvan Interconnector(UK) meent dat dit niet werkbaar is gezien de aard
Interconnector(UK). 48. Bovengenoemde onderdelen met betrekking tot artikel 30.1 (b) en 30.2
Verordening 2017/460 verwijzen naar de (jaarlijkse verandering
de) beoogde inkomsten, de gereguleerde activawaarde en opbrengsten uit transmissiediensten, die Interconnector(UK) niet relevant acht, omdat hij ze niet heeft. 3.5. BEOORDELING DOOR DE CREG
DE ARTIKELEN EN MOTIVERINGSGRONDEN 49. De CREG heeft de artikelen en motiveringsgronden uit het verzoek tot ontheffing
Interconnector(UK) getoetst aan de criteria vervat in artikel 37
Verordening 2017/46013, en rekening gehouden met de reacties op de openbare raadpleging. 13 Zie randnummer 13
onderhavige beslissing. Niet vertrouwelijk 11/13 50. Interconnector(UK) exploiteert een interconnector die geen gebonden afnemers heeft. In tegenstelling tot gemaasde transmissiesysteemoperatoren met een gereguleerde activabasis, concurreert Interconnector(UK) met alternatieve aanbieders
flexibele gasvoorziening (en vraag). 51. De toepassing
bepaalde artikelen
Verordening 2017/460 die de tariefbepaling
Interconnector(UK) beperken, kan de concurrentie verstoren met andere infrastructuurbeheerders die vergelijkbare diensten aanbieden14. De CREG meent het in dat geval voor het Interconnector(UK) passend kan zijn om meer tariefbepalingsflexibiliteit te hebben. De CREG is tevens
mening dat wanneer Verordening 2017/460 de bekendmaking vereist
informatie die commercieel gevoelig is voor Interconnector(UK) als een commercieel vervoersbedrijf, de toepassing
deze artikelen niet bevorderlijk is voor een efficiënte concurrentie15. De CREG gaat er evenwel niet mee akkoord dat bepaalde gegevens die sowieso worden bekend gemaakt, bijvoorbeeld in de jaarrekening, zouden worden ontheven
hun publicatieverplichting op grond
Verordening 2017/460. Zoals Interconnector(UK) in zijn verzoek tot ontheffing terecht heeft betoogd, hebben sommige artikelen
Verordening specifiek betrekking op transmissiesysteembeheerders met een gereguleerde activabasis of andere kenmerken die niet relevant zijn voor Interconnector(UK) als exploitant
een interconnector. De toepassing
deze artikelen zou daarom niet uitvoerbaar zijn wanneer rekening wordt gehouden met de specifieke aard
interconnectoren
Interconnector(UK), met uitzondering
de artikelen 30.1.b.iii
toepassing beschouwd op Interconnector(UK). 53. De CREG merkt evenwel op dat zij bevoegd blijft, zowel op basis
het Europees als het Belgisch recht, om de tariefmethodologie
Interconnector(UK) goed te keuren en vast te stellen. 4. ALGEMEEN VOORBEHOUD Conform het artikel 41, lid 2, in fine,
de richtlijn 2009/73, doet deze beslissing geen afbreuk aan het toekomstige gebruik
de tarifaire bevoegdheid. De CREG heeft de bevoegdheid om de tarieven of de methodologie permanent bij te sturen. Die bevoegdheid is gebaseerd op de artikelen 41, lid 6 en 41, lid 10
de richtlijn 2009/73 en de omzetting ervan naar Belgisch recht. De CREG kan een deel
of alle ontheffingen die in deze beslissing zijn toegestaan intrekken als de omstandigheden of onderliggende redenen, of beide, niet langer
toepassing zijn, of na een met redenen omklede aanbeveling
ACER of de Europese Commissie om de ontheffing in te trekken. 14 Artikel 37.1(d)
Verordening 2017/460. Artikel 37.1(a)
Verordening 2017/460. 16 Artikel 37.1(e)
Verordening 2017/
de wettelijke en reglementaire opdracht die haar is toevertrouwd en conform het toepasbare regulatoire kader (
Europees en intern recht wanneer het tweede conform het eerste is), meer bepaald, maar zonder beperkend te zijn tot, het artikel 15/14
de gaswet en artikel 37
Verordening 2017/460, - Interconnector(UK) te ontheffen
de toepassing
artikelen 5, 7(a), 12.3, 13, 26.1(a)(iii)(vi), 26.2, 28, 29(a), 29(b)(i), 31.2(a), 30.1(a)(ii)(iii), 30.1(b)(i)(ii), 30.1(b)(iii)
Verordening 2017/460; - deze ontheffing is
kracht
af 1 augustus 2018 en loopt tot 31 december 2019; - Vóór deze einddatum en aan het einde
elk daaropvolgend kalenderjaar moet Interconnector(UK) de werkingssfeer
haar ontheffing herzien, en de CREG in kennis stellen
eventuele wijzigingen in het verzoek tot ontheffing op grond
artikel 37
Verordening 2017/460. Indien wijzigingen worden verzocht, zal de CREG deze evalueren en een beslissing nemen. Indien geen wijziging wordt verzocht, wordt de ontheffing geacht goedgekeurd te zijn voor een volgend kalenderjaar, tenzij de CREG een andersluidende beslissing neemt. - ACER en de Europese Commissie in kennis te stellen
onderhavige beslissing. Voor de Commissie voor de Regulering
de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet vertrouwelijk Marie-Pierre FAUCONNIER Voorzitster
het Directiecomité 13/13
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.