← België

Beslissing over het voorstel van de NV ELIA TRANSMISSION BELGIUM betreffende de werkingsregels voor de strategische reserve toepasbaar vanaf 1 novembe

(B)2060 15 oktober 2020 Beslissing over het voorstel van de NV ELIA TRANSMISSION BELGIUM betreffende de werkingsregels voor de strategische reserve toepasbaar vanaf 1 november 2020 genomen met toepassing van artikel 7septies, §1 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – F + 32 2 289 76 09 – info@creg.be – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3

  1. CONTEXT EN WETTELIJK KADER ...................................................................................................... 4
  2. ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 6
  3. 2.
  4. Algemeen................................................................................................................................. 6 2.
  5. Openbare raadpleging ............................................................................................................. 7 2.2.
  6. Reactie van Elia ................................................................................................................ 7 2.2.
  7. Reactie van FEBEG ........................................................................................................... 9 2.2.
  8. Reactie van FEBELIEC ..................................................................................................... 10 ANALYSE VAN HET VOORSTEL ....................................................................................................... 11 3.
  9. Voorafgaande opmerkingen .................................................................................................. 11 3.
  10. Analyse van de door Elia voorgestelde aanpassingen........................................................... 11 3.2.
  11. Definities (Sectie 2)........................................................................................................ 11 3.2.
  12. Activatie van het strategisch reservevermogen (Sectie 6) ............................................ 12 3.2.
  13. Bijlage 4 : Numeriek voorbeeld van certificering, offerte, reservatie en activatie van een SDR-eenheid met Noodstroomgroepen ........................................................................................ 12 3.
  14. Conformiteit met de verordening (EU)2019/943 .................................................................. 13 3.3.
  15. Artikel 22

(2)a ................................................................................................................. 13 3.3.2. Artikel 22
(2)b ................................................................................................................. 14 3.3.3. Artikel 22
(2)c ................................................................................................................. 15 3.3.4. Artikel 22
(2)d ................................................................................................................. 15 3.3.5. Artikel 22
(2)e ................................................................................................................. 16 BESLISSING..................................................................................................................................... 17 BIJLAGE 1 : Voorstel van werkingsregels - Elia ...................................................................................... 18 BIJLAGE 2 : Individuele antwoorden op raadpleging ............................................................................ 19 Niet-vertrouwelijk 2/19 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna “CREG”) onderzoekt in deze beslissing, met toepassing van artikel 7septies, §1 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna “de elektriciteitswet”) het voorstel van ELIA TRANSMISSION BELGIUM nv (hierna “Elia”) betreffende de werkingsregels van de strategische reserve van toepassing vanaf 1 november 2020 (hierna “voorstel van werkingsregels”). Deze werkingsregels dienen, overeenkomstig artikel 7septies, §1 van de elektriciteitswet, door de netbeheerder ter goedkeuring te worden voorgelegd aan de CREG. Op 6 december 2019 ontving de CREG een brief van Elia met de vraag tot goedkeuring van het voorstel van werkingsregels voor de strategische reserve van toepassing vanaf 1 november
  1. Bij deze brief waren de Nederlandstalige en Franstalige versie van het voorstel van werkingsregels gevoegd alsook een versie in beide landstalen waarin de wijzigingen ten opzichte van de werkingsregels van de strategische reserve van toepassing vanaf 1 november 2019 in “track changes” werden weergegeven. Hoewel er voor de winterperiode 2020-2021 geen strategische reserve gecontracteerd zal worden, is deze beslissing nuttig met het oog op het aanbrengen van de nodige aanpassingen aan de werkingsregels voor de winterperiode 2021-
  2. Deze beslissing bestaat uit vier delen. Een eerste deel beschrijft kort de context en het wettelijk kader waarin de strategische reserve wordt aangelegd. Het tweede deel geeft de antecedenten samen met de bespreking van de openbare raadpleging van de ontwerpbeslissing weer. In het derde deel analyseert de CREG het voorstel van werkingsregels. Het vierde deel bevat de eigenlijke beslissing. Het voorstel van Elia alsook de antwoorden op de openbare raadpleging over de ontwerpbeslissing worden als bijlage bij deze beslissing gevoegd. Deze beslissing werd op 15 oktober 2020 goedgekeurd door het Directiecomité van de CREG. Niet-vertrouwelijk 3/19
  3. CONTEXT EN WETTELIJK KADER
  4. Als laatste stap in de uitvoering van het “Plan Wathelet” dat op 5 juli 2013 door de regering werd aangenomen, voorziet de wet van 26 maart 2014 tot wijziging van de elektriciteitswet1 de invoering van een mechanisme van strategische reserves. De strategische reserve heeft tot doel een bepaald niveau van bevoorradingszekerheid in elektriciteit te garanderen tijdens de winterperiodes.
  5. Artikel 7septies van de elektriciteitswet bepaalt met betrekking tot de werkingsregels het volgende: “§
  6. De netbeheerder maakt de werkingsregels van de strategische reserve aan de commissie voor goedkeuring over. In deze werkingsregels worden onder meer de indicatoren gepreciseerd die in overweging worden genomen om een tekortsituatie vast te stellen, alsook de beginselen met betrekking tot de activering door de netbeheerder van de strategische reserves. De netbeheerder publiceert de goedgekeurde regels op zijn website, ten laatste op de dag van aanvang van de procedure voorzien in artikel 7quinquies. §
  7. De werkingsregels van de strategische reserve garanderen het passend gedrag van de marktspelers, teneinde tekortsituaties te vermijden. Deze regels garanderen eveneens dat het deel van de gecontracteerde capaciteit in de strategische reserve dat betrekking heeft op de productie, enkel door de netbeheerder kan worden geactiveerd. De werkingsregels strekken ertoe de interferenties van de strategische reserve met de werking van de gekoppelde elektriciteitsmarkten zoveel mogelijk te beperken. Gedifferentieerde werkingsregels kunnen worden toegestaan teneinde de vaststelling van meerdere percelen toe te laten, voor zover omstandig gemotiveerde technische vereisten dit opleggen in het kader van de procedure bedoeld in artikel 7quinquies.”
  8. Op 5 juni 2019 werd, naast een aantal andere verordeningen en richtlijnen, de Verordening (EU) 2019/943 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de interne markt voor elektriciteit goedgekeurd
  9. Deze verordening is in werking getreden op de 20ste dag na publicatie, zijnde 4 juli 2019, en is rechtstreeks van toepassing vanaf 1 januari
  10. Artikel 22
(2)stelt dat strategische reserves moeten voldoen aan volgende vereisten: “
  1. a)wanneer een capaciteitsmechanisme is opgezet als een strategische reserve, kan dispatching van de middelen ervan in de strategische reserve slechts plaatsvinden wanneer de transmissiesysteembeheerders naar verwachting al hun balanceringsmiddelen moeten inzetten om een evenwicht tussen vraag en aanbod tot stand te brengen;
  2. b)tijdens onbalansvereffeningsperiodes waarin dispatching van de middelen in de strategische reserve heeft plaatsgevonden, moeten onbalansen op de markt worden vereffend tegen ten minste de waarde van de verloren belasting of een waarde boven de intraday-technische prijslimieten als bedoeld in artikel 10, lid 1, als deze hoger is; 1 Wet van 26 maart 2014 tot wijziging van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt, B.S. van 1 april 2014 2 Verordening (EU)2019/943 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de interne markt voor elektriciteit, PBEU van 14 juni 2019, L158/54 Niet-vertrouwelijk 4/19
  3. c)de output van de strategische reserve na de dispatching moet door het onbalansvereffeningsmechanisme worden toegewezen aan de balanceringsverantwoordelijken;
  4. d)voor de middelen die deelnemen in de strategische reserve, mag geen vergoeding worden ontvangen van de groothandelsmarkten voor elektriciteit of van de balanceringsmarkten;
  5. e)de middelen in de strategische reserve moeten buiten de markt worden gehouden voor minstens de duur van de contractperiode. Het onder
  6. a)van de eerste alinea bedoelde voorschrift staat er niet aan in de weg dat middelen worden geactiveerd alvorens de werkelijke dispatching plaatsvindt, zulks met het oog op de opvoeringsbeperkingen en exploitatie-vereisten van de middelen. De output van de strategische reserve tijdens activering wordt niet toegeschreven aan balanceringsgroepen via groothandelsmarkten en verandert hun onevenwichtigheden niet.” Niet-vertrouwelijk 5/19 2. ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN 4. De CREG heeft in het verleden diverse eindbeslissingen genomen ter goedkeuring van de werkingsregels voor de winterperiodes 2014-2015, 2015-2016, 2016-2017, 2017-2018, 2018-2019 en 2019-20203. 5. Binnen de Users’ Group van Elia werd in februari 2014 een “Implementation of Strategic Reserves Taskforce” opgericht (hierna “ISR-TF”). Het doel van de ISR-TF is om marktpartijen te informeren en te raadplegen over diverse aspecten van de strategische reserves. Alle informatie met betrekking tot de activiteiten die binnen de ISR-TF worden georganiseerd, wordt gepubliceerd op de website van Elia. 6. In het kader van de aanleg van de strategische reserve voor de winterperiode 2020-2021 heeft Elia vier ISR-TF-vergaderingen georganiseerd, namelijk op 1 april, 8 juli, 19 september en 2 december 2019 en op 20 januari 2020. Tijdens deze ISR-TF-vergaderingen werd, naast aspecten in verband met market design, product design en tender design, eveneens de analyse van Elia met het oog op de bepaling van de nodige volumes aan strategische reserves belicht. In het kader van de volumebepaling heeft Elia twee openbare raadplegingen georganiseerd, een over de berekeningsmethodologie en een over de gebruikte basisgegevens. De CREG beschouwt de uitgebreidere communicatie over de volumebepaling en de ontwikkeling van de methodologie als een gunstige evolutie en vindt dat deze raadplegingen blijvend moeten worden georganiseerd over de aanpassingen van de methodologie en de gegevens waarop de berekening gebaseerd is. 7. Op 15 november 2019 maakte Elia de analyse met betrekking tot de bevoorradingszekerheid voor de winter 2020-2021 over aan de Algemene Directie Energie overeenkomstig artikel 7bis, §1 van de elektriciteitswet4. Deze analyse werd tijdens de ISR-TF van 2 december 2019 gepresenteerd en vervolgens op de website van Elia gepubliceerd. Uit de analyse van Elia blijkt geen nood te bestaan tot het aanleggen van een strategische reserve voor de winterperiode 2020-2021. 8. Op 6 december 2019 heeft de CREG een brief ontvangen van Elia met als bijlage het voorstel van werkingsregels voor de strategische reserve van toepassing vanaf 1 november 2020 en een versie waarin de wijzigingen ten opzichte van de werkingsregels voor de winter 2019-2020 in track changes werden weergegeven. 9. Op 15 december 2019 maakte de Algemene Directie Energie haar advies overeenkomstig artikel 7ter van de elektriciteitswet over aan de minister. 5 3 Eindbeslissing (B)140605-CDC-1330 van 5/06/2014 over de werkingsregels toepasbaar vanaf 1 november 2014 (winterperiode 2014-2015), eindbeslissing (B)150312-CDC-1403 van 12/03/2015 over de werkingsregels toepasbaar vanaf 1 november 2015 (winterperiode 2015-2016), eindbeslissing (B)161020-CDC-1494 van 20/10/2016 over de werkingsregels toepasbaar vanaf 1 november 2016 (winterperiode 2016-2017), beslissing (B)1598 van 9/02/2017 over de werkingsregels toepasbaar vanaf 1 november 2017 (winterperiode 2017-2018) en beslissing (B)1619 van 7/04/2017 over het addendum aan de werkingsregels toepasbaar vanaf 1 november 2017 (winterperiode 2017-2018), beslissing (B)1716 van 9/02/2018 over de werkingsregels toepasbaar vanaf 1 november 2018 (winterperiode 2018-2019) en beslissing (B)1885 van 14/02/2019 over de werkingsregels toepasbaar vanaf 1 november 2019 (winterperiode 2019-2020) 4 Zie https://www.elia.be/nl/nieuws/persberichten/2019/12/20191202_strategic-reserve-for-winter-2020-21 5 Zie https://economie.fgov.be/sites/default/files/Files/Energy/Advies-AD-Energie-behoefte-strategische-reservewinterperiode-2020-2021.pdf Niet-vertrouwelijk 6/19 10. Op 8 januari 2020 gaf de Minister van Energie per ministerieel besluit instructie aan de netbeheerder tot het aanleggen van een strategische reserve voor een volume van 0 (nul) MW . 2.2. OPENBARE RAADPLEGING 11. Het voorstel van werkingsregels voor de winter 2020-2021 is gebaseerd op de werkingsregels die van toepassing waren voor de winterperiode 2019-2020. De door Elia voorgestelde wijzigingen aan de werkingsregels werden op de vergaderingen van de ISR-TF voorgesteld. Gezien de belangrijke impact van de verordening (EU)2019/943 op de werkingsregels, meent de CREG dat een openbare raadpleging over het volledige voorstel van werkingsregels noodzakelijk is. 12. Een openbare raadpleging over deze ontwerpbeslissing en over het voorstel van werkingsregels wordt georganiseerd tussen 20 februari 2020 en 12 maart 2020. 13. De CREG ontving 3 reacties, namelijk van ELIA, FEBEG en FEBELIEC. De individuele reacties worden in bijlage 2 aan deze beslissing toegevoegd. Hierna wordt elke reactie individueel behandeld. 2.2.1. Reactie van Elia 14. In de inleiding wijst Elia erop dat er tijdens de gepresenteerde analyses tijdens de voorafgaande ISR-TF geen bijzondere opmerkingen gemaakt werden. Verder stelt Elia dat de CREG had geoordeeld dat het niet noodzakelijk was om een overleg tussen Elia en de CREG te hebben over de voorgestelde wijzigingen aan de werkingsregels. 15. De CREG heeft tijdens de ISR-TF van 19 september 2019 aan Elia de vraag gesteld, en dus tegelijk ook de aandacht gevestigd op deze bezorgdheid van de CREG, of ten gevolge van het aangenomen Clean Energy Package (met daarin de Elektriciteitsverordening (EU)2019/943) nog andere aanpassingen nodig waren aan de werkingsregels. De CREG had toen nog geen uitvoerige analyse van de elektriciteitsverordening en de impact ervan op de strategische reserve gemaakt. De CREG meent dat Elia, die de voorstelbevoegdheid heeft inzake de werkingsregels van de strategische reserve, deze analyse grondig had moeten uitvoeren. Met betrekking tot het voorgestelde overleg heeft de CREG op 26 november 2019 aan Elia laten weten dat de CREG, wegens tijdsgebrek (dat hoofdzakelijk toe te schrijven is aan taken gelinkt met het toekomstige CRM), de draft-versies van de werkingsregels nog niet had kunnen bekijken (waardoor de CREG op dat moment weinig nuttige inbreng zou kunnen geven met betrekking tot de voorgestelde wijzigingen aan de werkingsregels). Wel heeft de CREG in dezelfde e-mail verwezen naar haar vraag tijdens de ISR-TF van 19/09/2019 en de aandacht gevestigd op het feit dat “… het belangrijk (
  7. is)dat de SR niet strijdig is met de Europese regelgeving en in het bijzonder met wat er in juni gepubliceerd werd in het kader van het CEP”. 2.2.1.1. Randnummer 20 van de ontwerpbeslissing 16. Met betrekking tot het randnummer 20 van de ontwerpbeslissing (B)2060 (randnummer 36 van de voorliggende beslissing), bevestigt Elia de fout in de bijlage van het Nederlandstalige voorstel tot werkingsregels en stelt Elia voor om deze fout te corrigeren en de tekst in lijn te brengen met de Franstalige versie. 17. De CREG gaat akkoord met deze voorgestelde werkwijze. Niet-vertrouwelijk 7/19 2.2.1.2. Randnummers 24 tot 26 van de ontwerpbeslissing 18. Met betrekking tot de opmerkingen onder randnummers 24 tot 26 van de ontwerpbeslissing (B)2060 (randnummers 40-42 van de huidige beslissing), bevestigt Elia de interpretatie en lezing van de CREG van het Elia-voorstel, zoals beschreven in randnummer 41 van de huidige beslissing. Elia wijst op de productspecificaties van de strategische reserve, die een ‘warm-up’ van maximaal 5 uur toelaten en een ‘ramp-up’ of ‘ramp-down’ (voor respectievelijk) SGR/SDR van maximaal 1,5 uur. Dit is beschreven in de secties 6.2 en 6.3 van de werkingsregels. Deze specificaties hebben tot gevolg dat de activatie van strategische reserves steeds geruime tijd voor ‘real-time’ dient te gebeuren en in elk geval geruime tijd voor de eventuele activatie van welke balanceringsmiddelen dan ook, voor zover een niet-verwaarloosbaar risico bestaat dat deze balanceringsmiddelen zullen worden uitgeput. Verder heeft Elia de verplichting vanuit artikel 157 van Verordening 2017/1485 van de Europese Commissie (‘System Operation Guidelines’) om een volume aan Frequency Restoration Reserves aan te leggen gebaseerd op een ‘referentie-incident’ teneinde het evenwicht in het net te kunnen vrijwaren bij voorval van zo’n incident. De specificaties van FRR-producten zijn zodanig dat zij zeer kort bij real-time dienen te kunnen reageren op netonevenwichten (<15 min.). Uit de twee bovenstaande paragrafen volgt dat strategische reserves niet kunnen gebruikt worden om het evenwicht te herstellen bij het zich voordoen van het ‘referentie-incident’. Het uitstellen van de activatie van de strategische reserve tot na de uitputting van de balanceringscapaciteit zou bij gevolg de betrouwbaarheidsnormen zoals die vandaag bestaan in gedrang brengen. Elia verwijst verder nog naar het verschillend woordgebruik in de verschillende taalversies van de Verordening (EU)2019/943, waarbij de Nederlandse vertaling “naar verwachting …moeten inzetten” niet correct “likely to exhaust…” vertaalt. De Engelse versie zou volgens Elia eerder duiden op een nietverwaarloosbaar risico dat zich zou kunnen voordoen en zich eerder in de tijd situeert dan “naar verwachting”. 19. Met betrekking tot het eerste deel van de redenering van Elia, waarbij gewezen wordt op het feit dat het uitstellen van de activatie van de strategische reserve tot na de uitputting van de balanceringscapaciteit, het respecteren van de betrouwbaarheidsnormen in gevaar zou brengen, gaat de CREG akkoord met Elia. De CREG heeft trouwens in haar ontwerpbeslissing dit feit niet ter discussie gesteld en zeker niet gesteld dat strategische reserves pas zouden mogen geactiveerd worden na uitputting van de balanceringscapaciteit. De CREG zal dit punt in deze beslissing verder verduidelijken. De productspecificaties verhinderen volgens de CREG niet dat de balanceringsmiddelen, en zeker zij die naar verwachting moeten ingezet worden, in rekening worden gebracht in het kader van de beslissing tot activering van de strategische reserve. De verplichting om voldoende FRR-capaciteit te voorzien, belet volgens de CREG evenmin, dat er rekening gehouden wordt met de capaciteit, die naar verwachting moet worden ingezet, in rekening wordt gebracht bij de beslissing tot werkelijke activering van de strategische reserve. De CREG meent dat de argumenten van Elia geen afbreuk doen aan de vaststelling van de CREG dat de bepalingen voor de activering van de strategische reserve niet stroken met de bepalingen van artikel 22
(2)a van de Verordening (EU)2019/943. Het door Elia gesignaleerde probleem inzake het verschillend woordgebruik tussen de verschillende taalversies heeft volgens de CREG evenwel geen impact te hebben op de draagwijdte van de verplichting voorzien in artikel 22
(2)a van de Verordening. Niet-vertrouwelijk 8/19 2.2.1.
  1. Randnummers 27 tot 29 van de ontwerpbeslissing
  2. Met betrekking tot de opmerkingen onder randnummers 27 tot 29 van de ontwerpbeslissing (B)2060 (randnummers 43-45 van de huidige beslissing), bevestigt Elia de lezing van de CREG van randnummer
  3. De argumentatie van Elia komt erop neer dat een strikte toepassing van de bepalingen in artikel 22
(2)b tot een onnodige marktverstoring zouden leiden. 21. De CREG begrijpt de argumentatie van Elia en heeft deze in het verleden ook verdedigd en goedgekeurd. De CREG meent dat om de impact van artikel 22
(2)b te beperken het belangrijk is om het onderscheid te maken tussen de voorbereidende fases voor de activering van middelen (notificatie en de “warmup” periode tijdens de verificatie – zie 6-sectie 6.4.2. van het voorstel van werkingsregels) en de werkelijke dispatching van middelen. Artikel 22
(2)b viseert volgens de CREG dus enkel het werkelijk gebruik van middelen van strategische reserve. De CREG blijft evenwel bij haar standpunt dat het voorstel van werkingsregels dient aangepast te worden om te voldoen aan de vereisten van artikel 22
(2)b van de Verordening (EU)2019/
  1. 2.2.1.
  2. Randnummers 30 en 31 van de ontwerpbeslissing
  3. Met betrekking tot de opmerkingen onder randnummers 30 en 31 van de ontwerpbeslissing (B)2060 (randnummers 46 en 47 van de huidige beslissing), bevestigt Elia de lezing van de CREG, namelijk dat volgens de werkingsregels de gemeten output van de strategische reserves, binnen of buiten de activatieprocedures, wordt geneutraliseerd en niet meegerekend wordt in de afrekening van de evenwichtspositie van de BRP tot wiens perimeter de SGR-centrale behoort.
  4. Elia verwijst naar de Verordening (EU)2017/2195 van 23 november 2017 tot vaststelling van richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering om te argumenteren dat de voorgestelde werkingsregels conform aan de Europese regelgeving is.
  5. De CREG meent dat strategische reserves ‘out-of-market’ dienen te opereren en dat de BRP’s geen inkomsten, andere dan de contractueel afgesloten vergoedingen, mogen verwerven door productie afkomstig van strategische reserve. De CREG herziet daarom de interpretatie van artikel 22.2.c dat stelt dat de output van de strategische reserve die plaatsvindt na de dispatching moet worden toegewezen aan de balanceringsverantwoordelijken (door het “onbalansvereffeningsmechanisme”, met de term “onbalansverrekeningsmechanisme” aangeduid in de Verordening (EU)2017/2195). De toewijzing van de output van de strategische reserve aan de balanceringsverantwoordelijken betekent immers niet dat deze energie toekomt aan de leveranciers van de strategische reserve. De CREG zal de voorliggende beslissing dan ook in die zin aanpassen (zie randnummers 46 en 47). 2.2.
  6. Reactie van FEBEG
  7. FEBEG geeft in haar reactie op de openbare raadpleging specifieke opmerkingen op randnummers 24 tot 26 van de ontwerpbeslissing (randnummers 40-42 van de huidige beslissing). FEBEG wijst vooreerst op een taalkundig probleem, waarbij de ontwerpbeslissing verwijst naar “al hun balanceringsmiddelen”, wat op zijn beurt vertaald werd naar “”toutes les ressources d’équilibrage”. Niet-vertrouwelijk 9/19 FEBEG wijst erop dat de bewoordingen van de Verordening (EU)2019/943 hiervan licht maar wel op een belangrijk punt afwijken. FEBEG meent dat niet alle balanceringsmiddelen volledig dienen te worden gebruikt alvorens strategische reserve te activeren. FEBEG meent dat Elia een beoordeling dient te maken van de waarschijnlijkheid dat de balanceringsmiddelen volledig gebruikt (“the likely exhaustion of balancing resources”) worden. In een tweede opmerking stelt FEBEG dat in het kader van de ERAA-methodologie de volledige balanceringscapaciteit dient gevrijwaard te worden.
  8. Wat betreft het eerste deel van de opmerking van FEBEG, meent de CREG dat het uitlichten van bepaalde tekstgedeeltes en daarvan de vertaling te gaan vergelijken niet altijd tot een correcte conclusie leidt. De Nederlandstalige versie van de Verordening vermeldt inderdaad het woord “al”, wat niet terug te vinden is in de Franstalige, Engelstalige of Duitstalige versie. Echter moet ook vermeld worden dat de Nederlandstalige versie in dezelfde zin de bewoordingen “inzetten” (van middelen) gebruikt, terwijl de Franstalige, Engelstalige of Duitstalige versie respectievelijk de termen “exhaust”, “épuiser” en “ausschöpfen” . Deze termen bevatten impliciet de gedachte van “alles in te zetten”. De CREG zal niet ontkennen dat de vertaling voor verbetering vatbaar is, maar meent dat er tussen de verschillende versies geen essentieel verschil bestaat. NL : “… wanneer de transmissiesysteembeheerders naar verwachting al hun balanceringsmiddelen moeten inzetten” ENG : “… if the transmission system operators are likely to exhaust their balancing resources” FR : « … si les gestionnaires de réseau de transport sont susceptibles d'épuiser leurs ressources d'équilibrage » D : « … wenn die Übertragungsnetzbetreiber voraussichtlich ihre Regelreserveressourcen ausschöpfen » Als alternatieve vertaling om het woord “al” te vermijden in de Nederlandstalige tekst zou de volgende kunnen zijn : “wanneer de transmissiesysteembeheerders naar verwachting hun balanceringsmiddelen moeten uitputten”. De CREG gaat evenwel akkoord met het feit dat in de Franstalige beslissing een betere alignering nodig is van de tekst met de Franstalige versie van de Verordening. Een verduidelijking op taalkundig vlak wordt aangebracht in de voorliggende beslissing. Wat betreft het argument dat Elia de beoordeling dient te maken aangaande de waarschijnlijkheid van het “uitputten” van de balanceringscapaciteit, meent de CREG dat dit in lijn ligt met de ontwerpbeslissing en ook met voorliggende beslissing. Verder wenst de CREG met betrekking tot de opmerking aangaande het vrijwaren van de balanceringscapaciteit in het kader van de ERAA-methodologie, te verwijzen naar de recente beslissing van ACER aangaande de EERA methodologie.6 2.2.
  9. Reactie van FEBELIEC
  10. Febeliec herhaalt zijn eerdere opmerkingen aangaande het concept en het gebruik van strategische reserve, die volgens Febeliec enkel in uiterste noodzaak als laatste redmiddel bij extreem 6 https://www.acer.europa.eu/Official_documents/Acts_of_the_Agency/Individual%20decisions/ACER%20Decision%20242020%20on%20ERAA.pdf Niet-vertrouwelijk 10/19 gespannen situaties op het vlak van toereikendheid van het systeem mag worden ingezet, en dit buiten de markt en geactiveerd op basis van duidelijk vooraf gedefinieerde indicatoren. Febeliec gaat verder niet akkoord met het gebruik van een High Impact Low Probability scenario, waardoor het aantal voorziene contractuele activaties sterk toeneemt.
  11. De CREG begrijpt de bezorgdheden van Febeliec, maar meent dat de scenariokeuze en volumebepaling geen deel uitmaakt van de werkingsregels.
  12. ANALYSE VAN HET VOORSTEL 3.
  13. VOORAFGAANDE OPMERKINGEN
  14. In het voorstel van werkingsregels wordt regelmatig verwezen naar de CIPU-contracten
  15. Aangezien het CIPU-contract geen gereguleerd contract is, zal de CREG zich in onderhavige beslissing niet uitspreken over de elementen in het voorstel van werkingsregels die verwijzen naar een CIPUcontract. Deze beslissing kan bijgevolg op geen enkele wijze worden beschouwd als een goedkeuring van de inhoud – geheel of gedeeltelijk – van het CIPU-contract. De CREG merkt op dat een model van een CIPU contract gepubliceerd wordt op de Elia website.
  16. Het voorstel van werkingsregels voor de winter 2020-2021 is grotendeels gebaseerd op de werkingsregels voor de winter 2019-2020 die de CREG heeft goedgekeurd. Aangezien de strategische reserve die in het verleden werd gecontracteerd nooit geactiveerd werd naar aanleiding van een economic of technical trigger, blijft de evolutie van de werkingsregels hoofdzakelijk het resultaat van een theoretische denkoefening.
  17. De inwerkingtreding van de verordening (EU)2019/943, met een aantal specifieke vereisten inzake de strategische reserve, heeft een grote impact op de aanpassingen van de werkingsregels voor de winter 2020-
  18. In de hiernavolgende secties worden eerst de door Elia voorgestelde aanpassingen aan de werkingsregels besproken en wordt vervolgens de conformiteit van de voorgestelde werkingsregels met de bepalingen van de Verordening (EU)2019/943 geanalyseerd. 3.
  19. ANALYSE VAN DE DOOR ELIA VOORGESTELDE AANPASSINGEN De opheffing van de “economic trigger” is de belangrijkste wijziging die door Elia wordt voorgesteld ten gevolg van de bepalingen van de Verordening (EU)2019/
  20. 3.2.
  21. Definities (Sectie 2)
  22. Voor termen die reeds gebruikt worden in een andere context dan de strategische reserve, wordt zoveel als mogelijk verwezen naar de desbetreffende publieke documenten, waaronder het Federaal Technisch Reglement. Dit draagt bij tot het eenduidig gebruik van de verschillende begrippen. 7 CIPU-contract: contract voor de coördinatie van de inschakeling van productie-eenheden Niet-vertrouwelijk 11/19
  23. In de definitie van “Activatie” werd de vermelding van de “economic trigger” geschrapt. Voorts werd ook de verwijzing naar NEMO’s met een SRM (Strategic Reserve Market Segment) geschrapt. 3.2.
  24. Activatie van het strategisch reservevermogen (Sectie 6)
  25. In het voorstel van werkingsregels voor de strategische reserve voor de winterperiode 20202021 werd de vroegere sectie 6.4.
  26. betreffende de “detectie van het risico op een Structureel Tekort via een Economic Trigger” geschrapt. Deze schrapping werd ook reeds in de ISR-TF toegelicht als noodzakelijk ten gevolge van de bepalingen in de Verordening (EU) 2019/
  27. In de sectie 6.4.
  28. (Detectie van het risico op een Structureel Tekort via een Technical Trigger) heeft Elia een alinea toegevoegd waarin het concept van de economische trigger wordt hernomen in de contextuele analyse voor de technische trigger van Elia. Deze economische trigger is echter geen doorslaggevend element meer om tot activatie van de strategische reserve over te gaan. Het risico op een structureel tekort dient door de andere elementen uit de contextuele analyse bevestigd te worden alvorens tot activatie van de strategische reserve over te gaan. 3.2.
  29. Bijlage 4 : Numeriek voorbeeld van certificering, offerte, reservatie en activatie van een SDR-eenheid met Noodstroomgroepen
  30. In het eerste luik van bijlage 4, namelijk de certificering van het maximaal toegestane SDRreferentievermogen en offerte van SDR-volume, wordt herhaald dat de SDR-leverancier met Noodvermogen een lagere UMSDR of SLSDR kan aanbieden dan de SDR-leverancier zonder Noodvermogen. De formules die in de Nederlandstalige versie gebruikt worden verschillen van deze in de Franstalige versie : - in de Nederlandstalige versie : UMSDR <= UMDR -RrefEG of SLSDR <= SLDR – RrefEG - in de Franstalige versie : UMSDR >= UMDR -RrefEG of SLSDR >= SLDR – RrefEG Deze fout werd reeds in de ontwerpbeslissing (B)1885 over de werkingsregels voor de winter 20192020 gemaakt. Elia heeft in reactie op de raadpleging van de CREG over de ontwerpbeslissing (B)1885 het volgende gesteld : “Elia bevestigt dat de formulering zoals in de Franstalige werkingsregels verstuurd naar de CREG de correcte vergelijkingen bevat, namelijk: 𝑈𝑀𝑆𝐷𝑅≥𝑈𝑀𝐷𝑅−𝑅𝑟𝑒𝑓𝐸𝐺 en 𝑆𝐿𝑆𝐷𝑅≥𝑆𝐿𝐷𝑅−𝑅𝑟𝑒𝑓𝐸𝐺 Elia stelt voor de bovenstaande vergelijkingen over te nemen in de relevante secties in de Nederlandstalige versie.” In de Beslissing (B)1885 van 14 februari 2019 werden de werkingsregels voor de strategische reserve voor de winterperiode 2019-2020 goedgekeurd op voorwaarde dat deze aanpassing zou gebeuren in de Nederlandstalige versie van de werkingsregels. De CREG stelt naar aanleiding van het onderzoek van de werkingsregels voor de winterperiode 20202021 vast dat Elia deze aanpassing niet heeft doorgevoerd in de werkingsregels voor de winterperiode Niet-vertrouwelijk 12/19 2019 – 2020 (zie werkingsregels 2019-2020 op website https://www.elia.be/nl/elektriciteitsmarkt-en-systeem/adequacy/strategische-reserve ). Elia :
  31. De CREG stelt vast dat ook in het voorstel van werkingsregels deze aanpassing nog steeds niet is gebeurd. Gezien Elia bij een goedkeuringsbeslissing met enkele minimale voorwaarden tot aanpassing, nalaat om deze gevraagde aanpassingen, die trouwens in het kader van de raadpleging door Elia zelf voorgesteld werden, ook daadwerkelijk aan te brengen, ziet de CREG geen andere mogelijkheid om tot het gewenste resultaat te komen dan het huidige voorstel van werkingsregels af te keuren en Elia te vragen een nieuw aangepast voorstel in te dienden. 3.
  32. CONFORMITEIT MET DE VERORDENING (EU)2019/943
  33. Artikel 22
(2)van de Verordening (EU)2019/943 legt de vereisten op waaraan strategische reserve moeten voldoen. Bovendien stelt artikel 22
(5)van dezelfde verordening dat Lidstaten die op 4 juli 2019 capaciteitsmechanismen toepassen, hun mechanismen aanpassen om ervoor te zorgen dat zij voldoen aan de vereisten van hoofdstuk 4, onverminderd verplichtingen of overeenkomsten die uiterlijk op 31 december 2019 zijn gesloten. De CREG stelt bijgevolg vast dat de Verordening heel duidelijk stelt dat contracten in het kader van bestaande capaciteitsmechanismen (waaronder ook de strategische reserve valt) die na 31 december 2019 worden afgesloten, moeten voldoen aan de vereisten van hoofdstuk 4 en bijgevolg ook aan artikel 22
(2)van de Verordening. 39. De vereisten van artikel 22
(2)werden reeds geciteerd in hoofdstuk
  1. Hierna zal de CREG de conformiteit nagaan van elk van deze vereisten met de voorgestelde werkingsregels. 3.3.
  2. Artikel 22
(2)a [NL]
  1. a)wanneer een capaciteitsmechanisme is opgezet als een strategische reserve, kan dispatching van de middelen ervan in de strategische reserve slechts plaatsvinden wanneer de transmissiesysteembeheerders naar verwachting al hun balanceringsmiddelen moeten inzetten om een evenwicht tussen vraag en aanbod tot stand te brengen [FR]
  2. a)lorsqu'un mécanisme de capacité a été conçu comme une réserve stratégique, les ressources de la réserve stratégique ne sont appelées que si les gestionnaires de réseau de transport sont susceptibles d'épuiser leurs ressources d'équilibrage afin d'instaurer un équilibre entre l'offre et la demande; 40. De CREG stelt vast dat de Nederlandstalige versie van dit artikel bepaalt dat de dispatching (of activering) van strategische reserve enkel mag plaatsvinden wanneer alle balanceringsmiddelen naar verwachting moeten worden ingezet (of rekening houdend met randnummer 26 : wanneer de balanceringsmiddelen waarschijnlijk riskeren uitgeput te worden) om een evenwicht tussen vraag en aanbod tot stand te brengen. Niet-vertrouwelijk 13/19 Er is bijgevolg een inschatting nodig van de balanceringsmiddelen die mogelijks gebruikt zullen moeten worden (om dit evenwicht tot stand te brengen dan wel te bewaren) om een gedwongen afschakeling te vermijden. 41. De CREG meent dat Elia in haar voorstel van werkingsregels deze inschatting niet maakt en het volledige volume aan balanceringsmiddelen wenst te vrijwaren. Dit blijkt onder meer uit volgende elementen in het voorstel van werkingsregels (eigen onderlijning) : i. In sectie 2.1. (Algemene definities en afkortingen) van het voorstel van werkingsregels wordt structureel zonetekort gedefinieerd als een situatie waarin het totale verbruiksniveau in de Belgische regelzone niet gedekt kan worden door de beschikbare productiecapaciteit in deze regelzone, zonder de Balancingreserves, rekening houdend met invoermogelijkheden en de beschikbare energie op de markt. ii. In sectie 3. (Inleiding) wordt gesteld dat de activering van strategische reserve gebeurt als het risico op een structureel zonetekort wordt vastgesteld. strategische reserve wordt geactiveerd wanneer een niet verwaarloosbaar kortetermijnrisico op "Structureel Zonetekort" wordt vastgesteld, om de Balanceringscapaciteit te vrijwaren die werd aangelegd om plotse kwartuuronevenwichten in de Belgische regelzone te compenseren en om de gedwongen afschakeling van netgebruikers te voorkomen. iii. In sectie 6.4. (Operationele procedure vanaf de vaststelling van het risico op Structureel Tekort tot aan de activatie van de strategische reserve) : Ze wordt geactiveerd wanneer er op korte termijn een niet verwaarloosbaar risico op "Structureel Zonetekort" wordt vastgesteld teneinde te voorkomen dat netgebruikers gedwongen moeten afgeschakeld worden door de inwerkingtreding van het afschakelplan en teneinde het volume van de Balanceringscapaciteit beschikbaar te houden voor de belangrijkste functie daarvan. iv. In sectie 6.4.1. (Detectie van het risico op een Structureel Tekort via een Technical Trigger) wordt de vierde curve gedefinieerd als de bovengrens van de productie, gebaseerd op de curve beschreven in punt 3, verhoogd met het vermogen van de beschikbare Balanceringscapaciteit. 42. De CREG meent dat er onderscheid gemaakt moet worden tussen enerzijds de “Warm-up” periode en anderzijds de periodes van “ramp-up” en van “effectieve levering”. De bepalingen van artikel 22
(2)a , die de term “dispatching” gebruikt, viseren volgens de CREG niet de “warm-up” periode. De CREG meent dat de bepalingen voor de werkelijke activering van de strategische reserve niet stroken met de bepalingen van artikel 22
(2)a van de Verordening (EU)2019/
  1. De bepalingen in het voorstel van Elia voorziet immers om alle balanceringscapaciteit volledig te vrijwaren, terwijl de bepalingen in de Verordening (EU)2019/943 een stuk genuanceerder zijn. De CREG wenst evenwel te verduidelijken dat een gedeelte van de balanceringscapaciteit vanzelfsprekend moet gevrijwaard worden om het netevenwicht te kunnen behouden. 3.3.
  2. Artikel 22
(2)b b) tijdens onbalansvereffeningsperiodes waarin dispatching van de middelen in de strategische reserve heeft plaatsgevonden, moeten onbalansen op de markt worden vereffend tegen ten minste de waarde van de verloren belasting of een waarde boven de intraday-technische prijslimieten als bedoeld in artikel 10, lid 1, als deze hoger is;
  1. Het voorstel van werkingsregels voorziet in sectie 6.
  2. (Impact op de onevenwichtsprijzen) dat de activatie van de strategische reserve door ELIA na een Technical Trigger een noodzakelijke maar niet voldoende voorwaarde is om een specifieke stimulans in werking te zetten in het Niet-vertrouwelijk 14/19 onevenwichtstarief. Daarom gebruikt ELIA ook een "real time" indicator om de situatie op het vlak van de bevoorradingszekerheid van het land te beschrijven voor de specifieke behoefte om het onevenwichtstarief te bepalen: de "Structural Shortage Indicator".
  3. De CREG begrijpt de motivering voor deze bijkomende voorwaarde en heeft deze voorwaarde in het verleden ook altijd goedgekeurd in de werkingsregels. De CREG stelt echter vast dat artikel 22
(2)b van de Verordening (EU)2019/943 geen dergelijke bijkomende voorwaarde oplegt maar onvoorwaardelijk spreekt van “onbalansvereffeningsperiodes waarin dispatching van de middelen in de strategische reserve heeft plaatsgevonden”. 45. De CREG meent dan ook dat de bepalingen voor de activering van de strategische reserve niet stroken met de bepalingen van artikel 22
(2)b van de Verordening (EU)2019/
  1. 3.3.
  2. Artikel 22
(2)c c) de output van de strategische reserve na de dispatching moet door het onbalansvereffeningsmechanisme worden toegewezen aan de balanceringsverantwoordelijken;
  1. In sectie 6.2.
  2. (Controle en penaliteit bij SGR) van het voorstel van werkingsregels wordt gesteld dat SGR-centrales per definitie buiten de markt geplaatst zijn, en dat elk volume energie dat geïnjecteerd wordt aan het toegangspunt van een SGR-centrale tijdens of buiten de activatieperiodes bovendien geneutraliseerd zal worden en niet meegerekend zal worden in de afrekening van de evenwichtspositie van de BRP tot wiens perimeter de SGR-centrale behoort. De toewijzing van de output van de strategische reserve “aan de balanceringsverantwoordelijken” volgens artikel 22
(2)c, betekent niet noodzakelijk dat deze output automatisch toegewezen moet worden aan de BRP tot wiens perimeter de SGR-centrale behoort. 47. De CREG meent daarom dat het voorstel van werkingsregels niet strijdig is met de bepalingen in artikel 22
(2)c van de Verordening (EU)2019/
  1. 3.3.
  2. Artikel 22
(2)d d) voor de middelen die deelnemen in de strategische reserve, mag geen vergoeding worden ontvangen van de groothandelsmarkten voor elektriciteit of van de balanceringsmarkten;
  1. Aan deze voorwaarde wordt voldaan uitdrukkelijk voldaan voor productie-installaties (SGR), door de toepassing van het artikel 7quinquies, §2, 2° tot 4°, waardoor productie-installaties in de markt niet kunnen deelnemen aan strategische reserve. Ook in de werkingsregels wordt dit feit op verschillende plaatsen benadrukt (zie Secties 5.2.7., 6.2.
  2. en 6.2.4.). Hierdoor kunnen deze eenheden ook geen vergoedingen ontvangen van de groothandelsmarkten voor elektriciteit of van de balancingmarkten. Niet-vertrouwelijk 15/19
  3. Voor vraagzijdebeheer (SDR) zijn er toelatingsvoorwaarden ingevoerd om leveringspunten die in het verleden hebben aangetoond aan de markt deel te nemen of te willen deelnemen, te verbieden deel te nemen aan strategische reserve (zie randnummer 52). Hierdoor wordt de kans dat SDR gelijktijdig marktinkomsten verwerft en een vergoeding voor deelname aan strategische reserve ontvangt, beperkt.
  4. De CREG meent dat aan de vereiste van artikel 22
(2)d van de Verordening (EU)2019/943 in voldoende mate voldaan wordt. 3.3.5. Artikel 22
(2)e e) de middelen in de strategische reserve moeten buiten de markt worden gehouden voor minstens de duur van de contractperiode.
  1. Aan deze voorwaarde wordt uitdrukkelijk voldaan voor productie-installaties (SGR), door de toepassing van het artikel 7quinquies, §2, 2° tot 4°, waardoor productie-installaties in de markt niet kunnen deelnemen aan strategische reserve. Ook in de werkingsregels wordt dit feit op verschillende plaatsen benadrukt (zie Secties 5.2.7., 6.2.
  2. en 6.2.4.).
  3. Voor vraagzijdebeheer (SDR) dat deelneemt aan strategische reserve zou het buiten de markt houden betekenen dat er een verplichting tot afname wordt opgelegd, ook al zijn de marktprijzen hoog. Dergelijke maatregel zou de bevoorradingszekerheid nadelig beïnvloeden. Wel worden er maatregelen voorzien om leveringspunten die in het verleden hebben aangetoond aan de markt deel te nemen of te willen deelnemen, te verbieden deel te nemen aan strategische reserve. Zo kan een leveringspunt dat deel uitmaakte van een offerte in het kader van een offerte-aanvraag door de transmissienetbeheerder voor de levering van primaire, secundaire of tertiaire reservevermogen, zoals gedefinieerd in de Balancingregels, niet deelnemen aan de levering van SDR. Een andere maatregel betreft het beschikbaarheidscriterium van minimaal 85% tijdens alle uren met een DAM-prijs van een NEMO in België hoger of gelijk aan dan 150€/MWh alsook tijdens alle uren met een tarief voor een positief onevenwicht hoger of gelijk aan 150€/MWh. Deze maatregelen bevinden zich in sectie 5.3.
  4. van het voorstel van werkingsregels en werden in de voorbije jaren ingevoerd.
  5. De CREG meent dat aan de vereiste van artikel 22
(2)e van de Verordening (EU)2019/943 in voldoende mate voldaan wordt. Niet-vertrouwelijk 16/19
  1. BESLISSING Gelet op de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt en in het bijzonder artikel 7septies, §1; Gelet op de Verordening (EU)2019/943 die op 4 juli in werking is getreden en rechtstreeks van toepassing is vanaf 1 januari 2020; Gelet op het voorstel van werkingsregels voor de strategische reserve voor de winterperiode 20202021, ontvangen van Elia op 6 december 2019; Gelet op de analyse van het voorstel van werkingsregels; Gelet op het feit dat er geen strategische reserve gecontracteerd zal worden voor de winterperiode 2020-2021; Beslist de CREG om het voorstel van werkingsregels van toepassing voor de winter 2020-2021 niet goed te keuren; Vraagt de CREG aan Elia om met deze beslissing rekening te houden bij het indienen van haar voorstel van werkingsregels voor de strategische reserve voor de winterperiode 2021-
  2.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Andreas TIREZ Directeur Niet-vertrouwelijk Koen LOCQUET Wnd. Voorzitter van het Directiecomité 17/19 BIJLAGE 1 : VOORSTEL VAN WERKINGSREGELS - ELIA Voorstel van ELIA TRANSMISSION BELGIUM NV betreffende de werkingsregels van de strategische reserve van toepassing vanaf 1 november 2020, alsook een versie met aanduiding van de wijzigingen ten opzichte van de werkingsregels van toepassing vanaf 1 november
  3. Niet-vertrouwelijk 18/19 BIJLAGE 2 : INDIVIDUELE ANTWOORDEN OP RAADPLEGING Deze bijlage bevat de individuele antwoorden op de raadpleging die de CREG organiseerde over de ontwerpbeslissing (B)2060, namelijk van ELIA, FEBEG en FEBELIEC. Niet-vertrouwelijk 19/19

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.