(B)2094 17 juli 2020 Beslissing over de vastlegging van de correctiefactor voor de periode van 1 oktober 2020 tot en met 30 september 2021 ter bepaling van de minimumprijs voor de groenestroomcertificaten uitgereikt voor de elektriciteit geproduceerd door de installaties in de domeinconcessie van Rentel Artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002 betreffende de instelling van mechanismen voor de bevordering van elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen en de vergoeding van de houders van een offshore domeinconcessie in het geval van onbeschikbaarheid van het Modular Offshore Grid Niet-vertrouwelijke versie CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – F + 32 2 289 76 09 – info@creg.be – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 1. WETTELIJKE BASIS ......................................................................................................................... 3 2. ANTECEDENTEN ............................................................................................................................ 5 2.1. Algemeen ................................................................................................................................. 5 2.2. Raadpleging.............................................................................................................................. 6 3. ANALYSE VAN HET INGEDIENDE DOSSIER..................................................................................... 7 3.1. Inleiding.................................................................................................................................... 7 3.2. Analyse van het aanbestedingsproces ..................................................................................... 8 3.2.1. Het aanbestedingsproces ................................................................................................ 8 3.2.2. Beoordeling CREG .......................................................................................................... 10 3.3. 4. Bepalen van de correctiefactor.............................................................................................. 10 BESLISSING .................................................................................................................................. 11 Niet-vertrouwelijke versie 2/11 INLEIDING De Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas (CREG) onderzoekt hierna, op basis van artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002 betreffende de instelling van mechanismen voor de bevordering van elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen en de vergoeding van de houders van een offshore domeinconcessie in het geval van onbeschikbaarheid van het Modular Offshore Grid (hierna: het koninklijk besluit van 16 juli 2002), of er een verschil is tussen de gecontracteerde verkoopprijs voor de elektriciteit geproduceerd door de installaties in de domeinconcessie van Rentel en een gemiddelde nominale prijs gelijk aan 90 % van de elektriciteitsprijs. Op basis van haar onderzoek bepaalt de CREG de correctiefactor van de betrokken domeinconcessie voor de periode van 1 oktober 2020 tot en met 30 september 2021. Deze beslissing werd door het directiecomité van de CREG goedgekeurd tijdens zijn vergadering van 17 juli 2020. 1. 1. WETTELIJKE BASIS Artikel 14, § 1, tweede lid, 1°ter van koninklijk besluit van 16 juli 2002 luidt als volgt: “In het kader van zijn taak van openbare dienstverlening is de netbeheerder is [sic] verplicht, van de groenstroomproducent die daarom verzoekt, de groenestroomcertificaten aan te kopen die zijn afgeleverd krachtens dit besluit en krachtens de elektriciteitsdecreten en ordonnantie, tegen een minimumprijs die bepaald is in functie van de gebruikte productietechnologie, namelijk: […] 1° ter voor offshore windenergie geproduceerd door installaties die het voorwerp uitmaken van een in artikel 6 van de wet bedoelde domeinconcessie, waarvan de financial close plaatsvindt vanaf 1 mei 2016, wordt een minimumprijs vastgelegd aan de hand van de volgende formule: minimumprijs = LCOE - [(elektriciteitsreferentieprijs x (1 - correctiefactor) + de waarde van de garanties van oorsprong) x (1-netverliesfactor)], waarin: - onverminderd § 1quater, de LCOE gelijk is aan:
- a)129,80 euro/MWh voor de installaties die het voorwerp uitmaken van een domeinconcessie toegekend aan de NV Rentel, voor de eerste keer bij ministerieel besluit van 4 juni 2009, zoals bepaald door de commissie bij beslissing (B)160719-CDC-1541 van 19 juli 2016;
- b)124,00 euro/MWh voor de installaties die het voorwerp uitmaken van een domeinconcessie toegekend aan de NV Norther, voor de eerste keer bij ministerieel besluit van 5 oktober 2009, zoals bepaald door de commissie bij beslissing (B)160901-CDC-1550 van 1 september 2016;
- c)een bedrag vast te stellen door gemotiveerd besluit van de minister op voorstel van de commissie voor de installaties die het voorwerp uitmaken van een domeinconcessie, niet bedoeld in
- a)en b), en die hun financial close nog niet hebben gerealiseerd op het tijdstip van de inwerkingtreding van het koninklijk besluit van 9 februari 2017 tot wijziging van het Niet-vertrouwelijke versie 3/11 koninklijk besluit van 16 juli 2002 betreffende de instelling van mechanismen voor de bevordering van elektriciteit opgewekt uit hernieuwbare energiebronnen. Het voorstel van de commissie, geformuleerd na overleg met de houder van de betrokken domeinconcessie, is gemotiveerd en houdt rekening met de noodzaak om iedere oversubsidiëring te vermijden en met het belang van de eindconsument; dit voorstel wordt aan de minister bezorgd binnen een termijn die de aangekondigde datum van de financial close van deze houder respecteert. De minister neemt zijn beslissing binnen twintig dagen na ontvangst van het voorstel van de commissie; - onverminderd de mogelijkheid om overeenkomstig § 1ter/1 per domeinconcessie een aangepaste waarde vast te stellen, de correctiefactor gelijk is aan 0,10; - de waarde van de garanties van oorsprong overeenkomt met de werkelijke verkoopprijs verkregen door de domeinconcessiehouder voor de garanties van oorsprong die worden uitgereikt voor de geproduceerde elektriciteit; - de netverliesfactor wordt elke maand door de commissie, voor elke concessie, berekend op basis van het verschil tussen de hoeveelheid geproduceerde elektriciteit en de hoeveelheid elektriciteit die in het net is geïnjecteerd.” 2. Artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002 legt volgende procedure vast voor de aanpassing van de elementen die in aanmerking worden genomen voor de bepaling van de minimumprijs per domeinconcessie: “Voor elke domeinconcessie bedoeld in § 1, tweede lid, 1° ter, en 1° quater past de commissie, zonder retroactieve werking, de correctiefactor die in aanmerking wordt genomen voor de bepaling van de minimumprijs, aan. Om dit te doen baseert ze zich voornamelijk op de verkoopprijs van de geproduceerde elektriciteit die voortvloeit uit de offerte die de titularis van de domeinconcessie bedoeld in artikel 6 van de wet in aanmerking neemt met toepassing van de geldende wetgeving betreffende de overheidsopdrachten of, op het contract voor de aankoop van de geproduceerde elektriciteit nadat het werd gesloten. Daartoe maakt de houder van de domeinconcessie op volgende tijdstippen: 1° de eerste maal ten laatste vier maanden voor de voorziene datum van financial close; 2° later, ten laatste vier maanden voor het einde van elke periode van één jaar die ingaat op de datum van de financial close, alle informatie over aan de commissie, per drager met ontvangstbevestiging en elektronisch, met betrekking tot de gecontracteerde verkoopprijs van de door de installaties opgewekte elektriciteit. Binnen één maand na de ontvangst van de gegevens, bevestigt de commissie aan de domeinconcessiehouder de volledigheid van de gegevens of bezorgt zij hem een lijst van bijkomende inlichtingen die hij moet verstrekken. De commissie onderzoekt binnen de twee maanden na de bevestiging van de volledigheid van de gegevens of er een verschil is tussen de gecontracteerde verkoopprijs voor elektriciteit en een gemiddelde nominale prijs gelijk aan 90 % van de elektriciteitsreferentieprijs. Indien de commissie een verschil vaststelt, past zij de correctiefactor voor de betrokken domeinconcessie aan. Onverminderd § 1sexies berekent de commissie de overeenstemmende nieuwe minimumprijs voor de aankoop van groenestroomcertificaten, door toepassing van de formule in § 1, tweede lid, 1° ter. […]” Niet-vertrouwelijke versie 4/11 2. 2.1. ANTECEDENTEN ALGEMEEN 3. Op 15 april 2016 heeft Rentel een aanvraagdossier ingediend bij de CREG om de waarden vast te leggen die in aanmerking worden genomen voor de bepaling van de minimumprijs per groenestroomcertificaat, overeenkomstig artikel 14, § 1ter van het koninklijk besluit van 16 juli 2002. Het aanvraagdossier bestond uit enerzijds een dossier met betrekking tot de exploitatiekosten en anderzijds een dossier met betrekking tot het ontwerp van aankoopcontract voor de elektriciteit (Power Purchase Agreement, hierna: PPA) en de bijhorende correctiefactor. 4. Op 12 juli 2016 hebben Rentel en Statkraft de PPA ondertekend. 5. In beslissing (B)1541 van 19 juli 2016 over het vastleggen van de elementen ter bepaling van de minimumprijs voor de groenestroomcertificaten uitgereikt voor de elektriciteit geproduceerd door de installaties in de domeinconcessie van Rentel heeft de CREG onderzocht of de door Rentel voorgestelde correctiefactor marktconform is. De CREG heeft beslist dat de correctiefactor wordt vastgelegd op 17,65 % van de elektriciteitsreferentieprijs voor de periode van één jaar vanaf de datum van financial close. De vastlegging van deze correctiefactor gebeurde op basis van de formule vermeld in de offerte van Statkraft en op basis van historische marktgegevens. 6. De financial close voor het Rentel-project vond plaats op 3 oktober 2016. 7. In beslissing (B)1660 van 21 september 2017 over de vastlegging van de correctiefactor voor de de 2 periode (03.10.2017 - 02.10.2018) ter bepaling van de minimumprijs voor de groenestroomcertificaten uitgereikt voor de elektriciteit geproduceerd door de installaties in de domeinconcessie van Rentel beslist de CREG op basis van voormelde formule van de PPA dat de correctiefactor wordt vastgelegd op 13,674 % voor de tweede periode. 8. In beslissing (B)1768 van 28 juni 2018 over de vastlegging van de correctiefactor voor de de 3 periode (03.10.2018 - 02.10.2019) ter bepaling van de minimumprijs voor de groenestroomcertificaten uitgereikt voor de elektriciteit geproduceerd door de installaties in de domeinconcessie van Rentel beslist de CREG dat de correctiefactor wordt vastgelegd op 9,939 % voor de derde periode. De vastlegging van deze correctiefactor gebeurde, net als voor de eerste en tweede periode, aan de hand van de formule voorzien in de PPA. 9. Met haar schrijven van 3 juni 2019 heeft Rentel een dossier ingediend bij de CREG voor de goedkeuring van de correctiefactor voor de vierde periode (die ingaat op 3 oktober 2019 en eindigt op 2 oktober 2020) conform de procedure zoals vastgelegd door het koninklijk besluit van 16 juli 2002. In dit dossier licht Rentel toe dat Statkraft de hardship clausule voorzien in artikel 5 van bijlage 1 van de PPA activeert. Volgens Statkraft heeft de Belgische onbalansmarkt sinds het ondertekenen van de PPA variaties doorgemaakt van dusdanige proporties, dat een aanpassing van de formule voor de berekening van de correctiefactor noodzakelijk is om de balans van de PPA te herstellen. In het aanvraagdossier verzoekt Rentel de CREG om haar uitdrukkelijk akkoord te geven over de herziening van de formule. 10. In beslissing (B)1998 van 12 november 2019 over de vastlegging van de correctiefactor voor de 4de periode (03.10.2019 - 02.10.2020) ter bepaling van de minimumprijs voor de groenestroomcertificaten uitgereikt voor de elektriciteit geproduceerd door de installaties in de domeinconcessie van Rentel keurt de CREG de contractuele aanpassing niet goed. De CREG meent dat de marktconformiteit en de neutraliteit van de voorgestelde contractwijziging niet is aangetoond, Niet-vertrouwelijke versie 5/11 zodat de voorgestelde herziening ook om die reden niet aanvaardbaar is. De correctiefactor voor de vierde periode werd vastgelegd op 11,16 % aan de hand van de formule voorzien in de PPA. 11. De CREG merkt in voormelde beslissing ook op dat zij geen probleem heeft met de door Rentel gesuggereerde eventuele vroegtijdige beëindiging van de PPA en de bijhorende organisatie van een nieuwe openbare aanbestedingsprocedure op basis waarvan een nieuwe afnemer zou worden geselecteerd, uiteraard na een controle door de CREG van het concurrerend karakter van het inschrijvingsproces en van de marktconformiteit van de aldus bekomen correctiefactor. 12. Vervolgens heeft Rentel, met toepassing van de geldende wetgeving betreffende de overheidsopdrachten, haar contract voor de aankoop van elektriciteit opnieuw aanbesteed. 13. Met haar schrijven van 3 juni 2020 heeft Rentel een dossier ingediend bij de CREG voor de goedkeuring van de correctiefactor voor de vijfde periode conform de procedure zoals vastgelegd door het koninklijk besluit van 16 juli 2002. In het aanvraagdossier “verzoekt Rentel de CREG om: - te bevestigen dat de PPA met Lampiris […] marktconform is; - vanaf de start van het nieuwe contract (1/10/2020) een nieuwe correctiefactor te implementeren; - de correctiefactor van 18,22% te valideren voor de eerste contractuele jaarperiode (1/10/2020-30/09/2021), alsook de berekening hiervan te valideren.” 14. Op 25 juni 2020 heeft de CREG het dossier volledig verklaard, conform de procedure vastgelegd in artikel 14, § 1ter/1, derde lid, van het koninklijk besluit van 16 juli 2002. 15. Ontwerpbeslissing (B)2094 over de vastlegging van de correctiefactor voor de periode van 1 oktober 2020 tot en met 30 september 2021 ter bepaling van de minimumprijs voor de groenestroomcertificaten uitgereikt voor de elektriciteit geproduceerd door de installaties in de domeinconcessie van Rentel werd goedgekeurd door het directiecomité van de CREG tijdens haar vergadering van 2 juli 2020. 2.2. RAADPLEGING 16. Overeenkomstig artikel 33, § 1, van het huishoudelijk reglement van het directiecomité van de CREG1 moet het directiecomité, alvorens het een beslissing neemt, een openbare raadpleging organiseren, onverminderd de uitzonderingen bedoeld in afdeling 3 van hoofdstuk 4 van het huishoudelijk reglement. Een openbare raadpleging gebeurt door het lanceren van de raadpleging op de website van de CREG. Overeenkomstig artikel 40, eerste lid, 1°, van het huishoudelijk reglement kan het directiecomité geen openbare raadpleging organiseren indien het dossier en/of het ontwerp van beslissing in die mate vertrouwelijke informatie bevat dat een openbare raadpleging over de resterende elementen onmogelijk of nutteloos voorkomt. Artikel 40, tweede lid, stelt het volgende: “In de gevallen bedoeld in 1° en 2° [ van het eerste lid van artikel 40] kan het directiecomité nog wel beslissen tot een niet-openbare raadpleging, in het bijzonder van diegene van wie het voorstel ter goedkeuring door het directiecomité uitgaat. Het directiecomité zal daartoe beslissen indien de voorgenomen beslissing een weigering inhoudt van een vraag tot goedkeuring.” 1 Huishoudelijk reglement van het directiecomité van de CREG, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 14 december 2015 en gewijzigd op 12 januari 2017. Niet-vertrouwelijke versie 6/11 17. De CREG meende dat de beslissing tal van vertrouwelijke gegevens bevatte die betrekking hebben op de offertes die Rentel vanwege de inschrijvers heeft ontvangen. 18. Een openbare raadpleging over een niet-vertrouwelijke versie van de ontwerpbeslissing zou de marktspelers niet toegelaten hebben om zich op nuttige wijze uit te spreken over het ontwerp rekening houdend met de grote hoeveelheid informatie die in de niet-vertrouwelijke versie zou moeten verborgen worden. Daarom besliste de CREG een niet-openbare raadpleging te houden over deze ontwerpbeslissing en hierbij enkel Rentel te raadplegen. 19. De CREG heeft op 3 juli 2020 een schrijven van Rentel ontvangen met haar reactie op de ontwerpbeslissing. Rentel stelt vast dat de CREG zich niet uitspreekt over de marktconformiteit van de PPA in zijn geheel, maar enkel over de correctiefactor. Rentel meent dat de prijsvoorwaarden samenhangen met de andere contractuele bepalingen en dat deze twee elementen dus niet los van elkaar bekeken kunnen worden. Rentel merkt echter op dat dit verschil in mening al duidelijk uitgesproken is geweest in kader van beslissing (B)1998 en bijgevolg niet meer hoeft besproken te worden in kader van voorliggende beslissing. De CREG neemt akte van deze opmerking. Voor zover als nodig, verwijst zij dienaangaande naar haar eerdere uiteenzetting in beslissing (B)1998. 3. 3.1. ANALYSE VAN HET INGEDIENDE DOSSIER INLEIDING 20. Zoals reeds hiervoor vermeld, wordt voorzien in de vaststelling van de correctiefactor door de CREG in artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002. 21. De tussenkomst van de CREG bij de vaststelling van de correctiefactor dient in essentie een dubbele doelstelling. Enerzijds ziet de CREG erop toe dat de minimumprijs van de groenestroomcertificaten voor elke concessionaris in overeenstemming is met de formule vermeld in artikel 14, § 1, tweede lid, 1°ter van het koninklijk besluit van 16 juli 2002. Anderzijds beschermt de CREG de belangen van de Belgische elektriciteitsconsumenten door te waarborgen dat de correctiefactor marktconform is. Uit de formule voor de vaststelling van de minimumprijs van groenestroomcertificaten volgt immers dat de concessionaris niet financieel gestimuleerd wordt om een zo gunstig mogelijke verkoopprijs voor de elektriciteit te bedingen en te verkrijgen: als de verkoopprijs hoog is, zal de minimumprijs van groenestroomcertificaten mechanisch verlaagd worden, en als de verkoopprijs laag is, zal de minimumprijs mechanisch verhoogd worden, waarbij de concessionaris er zeker van is dat hij in elk geval het bedrag van de LCOE zal ontvangen. Om de kostprijs van de ondersteuning voor offshore wind (die volledig gedragen wordt door de consumenten) te minimaliseren is het dus belangrijk dat de correctiefactor zo laag mogelijk is. 22. Uit voorgaande toelichtingen, blijkt ook dat artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002 de CREG niet belast met het controleren van alle bepalingen van het aankoopcontract voor elektriciteit. Dit betreft overigens geen gereguleerd contract. De rol van de CREG in het kader van het vaststellen van de correctiefactor bestaat er bijgevolg ook niet in om alle bepalingen van dit contract goed te keuren: de PPA is geen gereguleerd contract. Het onderzoek van de marktconformiteit van het contract is wel degelijk beperkt tot het onderzoeken van de effectiviteit van de concurrerende inschrijvingsprocedure die resulteert in een zo gunstig mogelijke correctiefactor. Niet-vertrouwelijke versie 7/11 23. In haar beslissing (B)1541 heeft de CREG geoordeeld dat, op basis van de elementen waarover zij beschikte, het aanbestedingsproces van de tender voor de PPA correct is verlopen en de verkregen correctiefactor de best mogelijke is. Zodra de CREG zich daarvan had verzekerd, heeft de CREG in overeenstemming met artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002 de correctiefactor voor de periode van één jaar vanaf de datum van financial close dan ook vastgelegd op basis van de formule die in de PPA is vermeld. Nadien heeft de CREG in haar beslissingen (B)1660, (B)1768 en (B)1998 de correctiefactor vastgesteld voor de tweede, de derde en de vierde periode, en dit door toepassing van de formule opgenomen in de PPA die afgesloten werd door Rentel en Statkraft. 24. Ingevolge beslissing (B)1998 van 12 november 2019 heeft Rentel gekozen om de PPA opnieuw aan te besteden. In het kader van die aanbestedingsprocedure heeft Rentel beslist om de PPA te gunnen aan Lampiris als de economisch meest voordelige bieder. 25. De CREG onderzoekt hierna, op basis van de hierboven vermelde bevoegdheden, de marktconformiteit van de correctiefactor. Indien de correctiefactor in de nieuwe PPA marktconform is, stelt ze de correctiefactor vast. 3.2. ANALYSE VAN HET AANBESTEDINGSPROCES 3.2.1. Het aanbestedingsproces 3.2.1.1. Procedure 26. Op 3 februari 2020 werd gestart met de aanbesteding door de publicatie van de aankondiging in het Bulletin der Aanbestedingen2 en op 7 februari 2020 in het Publicatieblad van de Europese Unie3. De toegepaste aanbestedingsprocedure is de onderhandelingsprocedure met voorafgaande oproep tot mededinging en bestaat uit een selectiefase en een gunningsfase. 27. Vijf kandidaten hebben hun interesse voor deelname aan de aanbestedingsprocedure bekendgemaakt: Axpo Solutions AG (hierna: Axpo), Electrabel NV (hierna: Electrabel), Eneco Energy Trade BV (hierna: Eneco), Lampiris SA (hierna: Lampiris) en RWE Supply & Trading GmbH (hierna: RWEST). 28. Op basis van prekwalificatie criteria zoals de economische en technische capaciteit en technische en professionele vaardigheden werden deze kandidaten beoordeeld waarbij alle kandidaten geprekwalificeerd werden. 29. De vijf kandidaten ontvingen de Invitation to Tender (hierna: ITT) waarin de evaluatiemethode werd toegelicht. Op basis van deze methode werden de offertes eerst beoordeeld op hun volledigheid en op hun naleving van formele vereisten zoals timing en vorm van indiening, bindend karakter, ondertekening door geautoriseerde personen, aanwezigheid van vereiste informatie, enz. Nadien werden de offertes geëvalueerd aan de hand van volgende gunningscriteria. 2 3 BDA-nummer 2020-503452 TED 2020/S 027-062948 Niet-vertrouwelijke versie 8/11 Tabel 1 Gunningscriteria Contract award criterion Description Type of criterion A. Legal evaluation (contract compliance) Level of acceptance of the Form of Contract, including conformity to certain non-negotiable principles and/or clauses Minimum scoring threshold (Acts as award criterion in event of an ex aequo on price) B. Price (fixed component of the correction factor) The evaluation of the offer of the tenderer in respect of the proposed fixed component of the correction factor Award criterion 30. Na uitgifte van de ITT heeft Rentel een aantal correcties en aanvullende verduidelijkingen aan de kandidaten verstrekt door middel van tien Tender Bulletins, waarvan er één betrekking had op een verlenging van de deadline voor het indienen van het eerste bod (Tender Bulletin n° 5) en één o.a. instructies bevatte betreffende de indiening van een Best and Final Offer (hierna: BAFO) (Tender Bulletin n° 10). 31. In een eerste stap verzocht Rentel de kandidaten om een eerste offerte in te dienen bestaande uit: de voorgestelde wijzigingen en/of opmerkingen bij het ontwerpcontract en een quotering voor het vaste onderdeel van de correctiefactor. Deze eerste aanbiedingen werden beoordeeld op hun niveau van aanvaarding van het ontwerpcontract, waarvoor inschrijvers minimum een score van 6 dienden te behalen om te worden uitgenodigd voor verdere onderhandelingen. Volgens Rentel hebben alle kandidaten tijdig een eerste offerte ingediend. Vervolgens werden er met de kandidaten onderhandelingen gevoerd met het oog op indiening van een BAFO. Vier van de vijf kandidaten hebben ten slotte een BAFO ingediend. 3.2.1.2. Resultaten BAFO 32. Volgens Rentel werden alle BAFO’s correct en tijdig ingediend, rechtsgeldig ondertekend, met de vereiste verbintenistermijn en bevatten alle offertes de volgens de opdrachtdocumenten vereiste gegevens. Alle BAFO's werden dus als ontvankelijk beschouwd voor verdere evaluatie. 33. De BAFO’s werden als volgt beoordeeld voor wat betreft het eerste criterium, contract compliance. Tabel 2 Beoordeling BAFO op contract compliance [VERTROUWELIJK] 34. Alle BAFO’s werden als "goed" beoordeeld omdat Rentel van oordeel was dat sommige van de resterende wijzigingen in vergelijking met de oorspronkelijke contractvorm nog steeds een negatieve impact op het project hadden. 35. Aangezien alle ingediende BAFO’s een score van 8 of hoger bereikten, werden alle BAFO's vervolgens beoordeeld op basis van het prijscriterium, de vaste component van de correctiefactor. 36. Het belangrijkste commerciële element van de PPA is de correctiefactor die toegepast zal worden op de elektriciteitsreferentieprijs. Rentel zal zijn elektriciteit verkopen volgens de formule Endex * (1-correctiefactor). Hoe lager de correctiefactor, des te hoger de opbrengst van verkoop van de geproduceerde energie zal zijn en des te lager de kostprijs van de ondersteuning via groenestroomcertificaten. De correctiefactor wordt bepaald door volgende formule: Correctiefactor = [VERTROUWELIJK] Niet-vertrouwelijke versie 9/11 De vaste component van de correctiefactor [VERTROUWELIJK]. Aan alle kandidaten werd gevraagd een quotering voor de vaste component van de correctiefactor over te maken. Zoals toegelicht aan alle kandidaten4, werden de offertes gerangschikt op basis van [VERTROUWELIJK]. Tabel 3 Beoordeling BAFO op prijscriterium [VERTROUWELIJK] Op basis van het prijscriterium, de laagste vaste component van de correctiefactor, heeft Rentel Lampiris geselecteerd als PPA offtaker. 3.2.2. Beoordeling CREG 37. De CREG stelt vast dat Rentel een concurrerende en transparante aanbestedingsprocedure heeft gevolgd. Bovendien is het finale gunningscriteria voor de PPA enkel en alleen de prijs. Na vergelijking van de vaste componenten die werden aangeboden in de BAFO’s van de verschillende kandidaten stelt de CREG bovendien vast dat de correctiefactor van Lampiris marktconform is. 38. In tegenstelling tot wat Rentel vraagt, verklaart de CREG dan ook niet de volledige PPA marktconform. Bij onderzoek van het dossier heeft de CREG zich immers beperkt tot een onderzoek van de elementen van de formule die aan de basis van de correctiefactor liggen. 3.3. BEPALEN VAN DE CORRECTIEFACTOR 39. Rentel vraagt in haar brief van 3 juni 2020 om “de correctiefactor van 18,22% voor de eerste contractuele jaarperiode (1/10/2020 tem 30/09/2021) goed te keuren”. 40. De correctiefactor wordt berekend volgens volgende formule: [VERTROUWELIJK] 41. De CREG stelt vast dat de correctiefactor van 18,22 % een correcte weergave is van de toepassing van de formule opgenomen in de te sluiten PPA tussen Rentel en Lampiris. Ze heeft de correctheid van de brongegevens onderzocht en de formule toegepast. 42. De CREG bevestigt dat de correctiefactor uit de PPA van 18,22 % marktconform is en keurt deze correctiefactor goed voor de periode van 1 oktober 2020 tot en met 30 september 2021. De CREG wenst een kopie te ontvangen van de ondertekende PPA. 43. De periode waarop deze beslissing betrekking heeft overlapt met de periode waarop beslissing (B)1998 van 12 november 2019 betrekking heeft (namelijk voor 1 en 2 oktober 2020). De CREG verduidelijkt dat de correctiefactor voor die twee dagen wordt vastgesteld conform huidige beslissing. 4 Tender Bulletin no°7. Niet-vertrouwelijke versie 10/11 4. BESLISSING Gelet op artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002 waarin de procedure wordt bepaald voor de aanpassing van de correctiefactor die in aanmerking wordt genomen voor de bepaling van de minimumprijs per domeinconcessie; Gelet op de rol van de CREG, zoals bepaald in artikel 14, § 1ter/1 van het koninklijk besluit van 16 juli 2002, die onderzoekt of er een verschil is tussen de gecontracteerde verkoopprijs voor elektriciteit en een gemiddelde nominale prijs gelijk aan 90 % van de elektriciteitsreferentieprijs; Gelet op het aanvraagdossier van 3 juni 2020; Op voorwaarde dat de CREG een kopie ontvangt van de ondertekende PPA tussen Rentel en Lampiris; Beslist de CREG dat de correctiefactor wordt vastgelegd op 18,22 % van de elektriciteitsreferentieprijs voor de periode 1 oktober 2020 tot en met 30 september 2021. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet-vertrouwelijke versie Koen LOCQUET Wnd. Voorzitter van het Directiecomité 11/11