(B)2159 17 december 2020 Beslissing over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia Transmission Belgium tot wijziging van de methodologie om, voor elk van de balanceringsdiensten, de balanceringscapaciteit te bepalen die bij de aanbieders van balanceringsdiensten moet worden gereserveerd binnen de onevenwichtszone Genomen met toepassing van artikel 228, § 3 van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe Niet vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - F + 32 2 289 76 09 - www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 1. WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 4 1.1. Europees recht ........................................................................................................................ 4 1.2. Nationaal recht ........................................................................................................................ 5 2. ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 6 3. RAADPLEGING ................................................................................................................................. 7 4. ANALYSE VAN HET VOORSTEL ......................................................................................................... 8 5. 4.1. Opmerkingen tijdens de openbare raadpleging...................................................................... 8 4.2. Conformiteit met de principes van de EBGL ......................................................................... 13 4.3. Analyse van de inhoud het voorstel ...................................................................................... 13 4.3.1. Analyse van de methodologische inhoud ..................................................................... 13 4.3.2. Tijdschema voor de implementatie ............................................................................... 15 BESLISSING..................................................................................................................................... 16 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 17 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 18 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 19 Niet vertrouwelijk 2/19 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna: “CREG”) onderzoekt hierna de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV ELIA TRANSMISSION BELGIUM (hierna: “Elia”) tot wijziging van de methodologie om, voor elk van de balanceringsdiensten, de balanceringscapaciteit te bepalen die bij de aanbieders van balanceringsdiensten moet worden gereserveerd binnen de onevenwichtszone (hierna: “LFC Means”). Dit gebeurt op basis van artikel 228, § 3, van het Koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: “FTR”). Per brief van 2 december 2020 wordt het voorstel van LFC Means, opgesteld in het Frans, het Nederlands en het Engels (Bijlage 1 van huidige beslissing) per mail bij de CREG ingediend voor goedkeuring. Aan deze brief zijn gehecht: - een verklarende nota in het Engels (Bijlage 2 van huidige beslissing); het raadplegingsverslag in het Engels (Bijlage 3 van huidige beslissing). Deze beslissing is opgesplitst in vijf delen. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijke kader. Het tweede deel gaat over de antecedenten van het voorstel tot wijziging van LFC Means. Het derde deel behandelt de openbare raadpleging. De CREG ontleedt in het vierde deel de inhoud van het voorstel tot wijziging van LFC Means. Tot slot, bevat het vijfde deel de eigenlijke beslissing. Deze beslissing werd door het directiecomité van de CREG tijdens de vergadering van 17 december 2020 goedgekeurd. Niet vertrouwelijk 3/19 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEES RECHT 1. Artikel 32.1 van de verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering (hierna: “EBGL”) bepaalt het volgende: “Regelmatig, en minstens één keer per jaar, toetsen en definiëren alle TSB's van het belastingfrequentieregelblok (LFC-blok) de reservecapaciteitseisen voor het LFC-blok of de programmeringszones van het LFC-blok overeenkomstig de dimensioneringsregels van de artikelen 127, 157 en 160 van Verordening (EU) 2017/14851. Elke TSB maakt een analyse van de optimale terbeschikkingstelling van reservecapaciteit, die erop gericht is de kosten die verband houden met de terbeschikkingstelling van reservecapaciteit tot een minimum te beperken. In deze analyse wordt rekening gehouden met de volgende opties voor de terbeschikkingstelling van reservecapaciteit:
- a)de inkoop van balanceringscapaciteit in de regelzone en de uitwisseling van balanceringscapaciteit met naburige TSB's, voor zover van toepassing;
- b)het delen van reserves, voor zover van toepassing;
- c)het volume van niet-gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen die naar verwachting beschikbaar zullen zijn, zowel in hun regelzone als op de Europese platforms, rekening houdende met de beschikbare zoneoverschrijdende capaciteit.” 2. Volgens artikel 3.18 van de verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen (hierna: “SOGL”) is een LFC-blok of “belasting-frequentieregelblok” een: “deel van een synchrone zone of een complete synchrone zone die fysiek is afgebakend door middel van meetpunten bij interconnectoren naar andere LFC-blokken, bestaande uit één of meer LFC-zones, beheerd door één of meer TSB's, die de verplichtingen van belasting-frequentieregeling vervullen;” 1 Verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen. Niet vertrouwelijk 4/19 1.2. NATIONAAL RECHT 3. In overeenstemming met artikel 228, §3, van het FTR legt de transmissienetbeheerder gelijktijdig met het voorstel bedoeld in artikel 6.3,
- e)van de SOGL de volgende zaken voor ter goedkeuring: “1° na openbare raadpleging, de methodologie om voor elk van de balanceringsdiensten de balanceringscapaciteit te bepalen die bij de aanbieders van balanceringsdiensten moet worden gereserveerd binnen de onevenwichtszone volgens een analyse van de optimale levering zoals beschreven in artikel 32.1 van de Europese richtsnoeren EBGL; en 2° indien de periode van aankoop van balanceringscapaciteit gelijk is aan of langer is dan één jaar, het resultaat van de praktische toepassing van de dimensioneringsregels wordt door de transmissienetbeheerder aan de commissie ter goedkeuring voorgelegd. Voor alle andere periodes van aankoop van balanceringscapaciteit, wordt het resultaat van de praktische toepassing van de dimensioneringsregels door de transmissienetbeheerder onmiddellijk door deze laatste aangemeld bij de commissie.” 4. De term “aanbieder van balanceringsdiensten” of “BSP” (Balancing Service Provider) wordt in artikel 2.6 van de EBGL gedefinieerd als: “een marktdeelnemer met reserveleverende eenheden of reserveleverende groepen die balanceringsdiensten kan aanbieden aan TSB's ;”. 5. Verder bepaalt artikel 229, van het FTR dat de transmissienetbeheerder bij de aanbieders van balanceringsdiensten de balanceringscapaciteit via een mededingingsprocedure koopt. De volumes van balanceringscapaciteit die het voorwerp uitmaken van de procedures worden door de transmissienetbeheerder gepubliceerd. De transmissienetbeheerder maakt minstens eenmaal per jaar een analyse van de optimale levering van reservecapaciteit, zoals bedoeld in artikel 32.1 van de Europese richtsnoeren EBGL, deelt deze onverwijld mee aan de commissie en publiceert deze op zijn website. De commissie controleert de bekomen resultaten alsook de toepassing van de methode, bepaald/goedgekeurd bij toepassing van artikel 157 van de Europese richtsnoeren SOGL, waaronder met name de parameters gebruikt om de reservecapaciteit te bepalen. Niet vertrouwelijk 5/19 2. ANTECEDENTEN 6. Op 20 november 2019 heeft de CREG van Elia het voorstel ‘LFC Means’ ter goedkeuring ontvangen. Op 6 december 20192 heeft de CREG beslist het voorstel goed te keuren. Ze formuleert wel enkele vragen aan Elia met de vraag om hieraan gevolg aan te geven. 7. Aan Elia werd gevraagd om de methodologie van de tweede stap3 zo nodig te herzien in het licht van de resultaten van de studie die in het eerste kwartaal van elk jaar zal gebeuren, zoals vermeld in artikel 6.8 van het voorstel en vervolgens bij de CREG elke conclusie ervan te rechtvaardigen. In het eerste kwartaal van 2020 waren er geen nieuwe gegevens die de herziening van deze tweede stap rechtvaardigden. Het voorstel van LFC Means dat bij de CREG op 2 december 2020 ingediend werd voor goedkeuring op is een versnelde toepassing van de evaluatie voorzien in het eerste kwartaal van 2021. 8. Daarnaast heeft de CREG aan Elia gevraagd om de toegevoegde waarde van een frequentere evaluatie van de beschikbare volumes van deze biedingen voor balanceringsenergie te evalueren, zodat er rekening kan worden gehouden met een periode van twee jaar met recentere historische gegevens. Op basis daarvan vraagt de CREG aan Elia om haar een voorstel voor evolutie van de methodologie in die zin te doen bij het volgende voorstel over LFC Means of met cijfers te staven waarom een dergelijk voorstel niet wenselijk is. De evaluatie zal uitgevoerd worden tegelijkertijd met de studie die in het eerste kwartaal van elk jaar wordt uitgevoerd, zoals vermeld in artikel 6.8 van het voorstel. De CREG stelt vast dat de methodologie niet geëvolueerd is ten opzichte van vorig jaar. Niettemin heeft de CREG een stimulans toegewezen aan Elia om gedurende 2021 de evolutie van deze methode te onderzoeken met oog op een frequentere evaluatie van de beschikbare middelen. 9. Met het nieuwe voorstel wil Elia in een vermindering van de dagelijks aan te schaffen opwaartse balanceringscapaciteit voor mFRR volgende op een verhoging van de bijdrage van de het delen van reserves met naburige transmissienetbeheerders voorzien. 10. Elia stelt voor dat de nieuwe methodologie tegelijkertijd met de modaliteiten en voorwaarden voor aanbieders van balanceringsdiensten voor de dienst frequentieherstelreserve met manuele activering (hierna: “T&C BSP mFRR”) in werking treedt. De LFC Means zouden dus niet in werking treden voor 6 januari 2021, de dag waarop de balanceringscapaciteit voor 7 januari 2021 bepaald wordt. 11. Per brief van 2 december 2020 heeft Elia het voorstel van LFC Means, opgesteld in het Frans, het Nederlands en het Engels (Bijlage 1 van huidige beslissing) per mail bij de CREG ingediend voor goedkeuring. Aan deze brief zijn gehecht: - een verklarende nota in het Engels (Bijlage 2 van huidige beslissing); 2 Beslissing(B)2026 van 6 december 2019 over de aanvraag tot goedkeuring van Elia van de methodologie om, voor elk van de balanceringsdiensten, de balanceringscapaciteit te bepalen die bij de aanbieders van balanceringsdiensten moet worden gereserveerd binnen de onevenwichtszone 3 Paragraaf 21 van de beslissing (B)2026: “in een tweede stap houdt ze uit voorzichtigheid rekening met de regels betreffende de beschikbaarheid van de middelen voor het delen van de reserves en de contractuele beperking van de activering van dergelijke reserves in uitzonderlijke omstandigheden, ze houdt eveneens rekening met het gebrek aan historische gegevens van de beschikbaarheid van de dienst voor het delen van de reserves via NGET; dit leidt ertoe dat Elia een maximale vermindering van 50 MW voor de positieve reservecapaciteiten en van 350 MW voor de negatieve reservecapaciteiten voorstelt.” Niet-vertrouwelijk 6/19 - het raadplegingsverslag in het Engels (Bijlage 3 van huidige beslissing). 3. RAADPLEGING 12. In overeenstemming met artikel 228, §3, van het FTR moet Elia een openbare raadpleging organiseren over haar voorstel tot wijziging van LFC Means. 13. De raadpleging gebeurde van 9 oktober 2020 tot 6 november 2020. 14. Tijdens deze openbare raadpleging heeft Elia niet-vertrouwelijke antwoorden en 1 vertrouwelijk antwoord ontvangen. De niet-vertrouwelijke antwoorden zijn afkomstig van: - FEBEG; - FEBELIEC. 15. De CREG zal de opmerkingen en de antwoorden van de marktpartijen en Elia nader onderzoeken in deel 4 van huidige beslissing, voor zover de CREG het niet eens zou zijn. De opmerkingen en antwoorden opgenomen in het raadplegingsrapport waarmee de CREG het eens is, worden in huidige beslissing niet hernomen. 16. Rekening houdende met wat voorafgaat beslist het directiecomité van de CREG, op grond van artikel 23, § 1, van zijn huishoudelijk reglement, in het kader van de onderhavige beslissing, om, met toepassing van artikel 40, 2°, van zijn huishoudelijk reglement geen raadpleging te organiseren over huidige beslissing, omdat Elia twee openbare raadplegingen van 16 september tot en met 16 oktober 2019 heeft georganiseerd. 17. Beide raadplegingen worden door de CREG als effectieve openbare raadplegingen beschouwd aangezien deze raadplegingen op de website van Elia plaatsvonden, gemakkelijk toegankelijk waren vanuit de startpagina van deze website en voldoende gedocumenteerd waren. Bovendien werd door Elia ook een workshop hierover georganiseerd op 25 september 2019 en werd er door Elia een mailing gestuurd naar alle op hun website geregistreerde personen. 18. De duur van beide openbare raadplegingen bedroeg 1 maand. Rekening houdend met de aard van de voorgestelde wijzigingen en de vooropgestelde timing is de CREG van oordeel dat de duur van de consultatie voldoende lang was. Niet-vertrouwelijk 7/19 4. ANALYSE VAN HET VOORSTEL 19. De analyse van het voorstel bevat drie delen. Het eerste deel bespreekt inhoudelijk de opmerkingen gemaakt tijdens de openbare raadpleging. Het tweede deel overloopt de overeenstemming met de principes van de EBGL. Het derde deel analyseert tot slot de inhoud van het voorstel. 4.1. OPMERKINGEN TIJDENS DE OPENBARE RAADPLEGING 20. FEBEG heeft bedenkingen bij de methode op basis van de gekozen historische gegevens omdat (
- i)historische gegevens geen indruk geven van toekomstige evoluties en (
- ii)de gegevens geen rekening houden met het evenement op 15 september 2020, waar de CWE-netten gelijktijdig in gevaar waren. Deze datum zou als stress test kunnen dienen, aangezien deze datum een voorbeeld is van een gespannen situatie ten gevolge van verwaarloosbare windenergieproductie gelijktijdig met declassering van thermische vermogen ten gevolge van hoge temperaturen. Elia antwoordt dat evoluties mee in rekening gebracht worden, zoals de toename aan neerwaartse capaciteit ten gevolge van een toename aan windenergie en de inwerkingtreding van ALEGrO. Elia geeft toe dat er beperkingen zijn en zal in de toekomst onderzoeken hoe deze te verbeteren. Niettemin merkt Elia op dat een stress test relevant is bij de bepaling van de noden en niet bij de bepaling van de aankoop van balanceringscapaciteit. Een preliminaire analyse van die dag toonde aan dat het delen van reserves beschikbaar was met NEGSO, inclusief beschikbare interconnectiecapaciteit, gedurende de periode met de hoogste onbalansen die dag. Elia bevestigt daarnaast dat, indien ervaring zou aantonen dat de beschikbaarheid van de dienst zou dalen, dit meegenomen zou worden bij de volgende evaluatie van de aan te kopen balanceringscapaciteit door Elia. De CREG neemt hier nota van. 21. FEBEG drukt ook haar verwachting uit dat het opnemen van de volumes ten gevolge van het delen van reserves in samenspraak met naburige transmissienetbeheerders uitgevoerd werd. Elia bevestigt dat ze bij het delen van reserves zowel de beschikbaarheid van grensoverschrijdende transportcapaciteit als de hoge beschikbaarheid van de dienst mee in rekening brengt. Elia specifieert dat ze slechts 12 keer gebruik heeft gemaakt van de dienst gedurende de laatste 5 jaar met een beschikbaarheid van 99%. Elia verwacht dat met de indiensttreding van ALEGrO deze beschikbaarheid zal toenemen. De CREG neemt hier nota van en verwacht dat de impact van de indiensttreding van ALEGrO geëvalueerd wordt bij de eerstvolgende wijziging van het LFC Means voorstel. 22. FEBEG merkt ook op dat historische gegevens met betrekking tot de uitvoerpositie van België met het Verenigd Koninkrijk niet representatief kunnen zijn voor de toekomst gegeven recente beslissingen van de Britse regering. Een minder strenge CO2-vereiste in het Verenigd Koninkrijk zou kunnen leiden tot een frequentere invoerpositie, met als resultaat dat het delen van reserves niet mogelijk zouden zijn op die momenten. Daarenboven is de Brexit een factor die de historische gegevens niet representatief kunnen maken. Alhoewel Elia geen toekomstige voorspellingen uitvoert met betrekking tot de uitvoer- of invoerpositie tussen België en het Verenigd Koninkrijk, bevestigt Elia dat de bestaande overeenkomsten blijven gelden alsook de samenwerking tussen transmissienetbeheerders. De indiensttreding van ALEGrO diversifieert de levering van de dienst en als gevolg haar beschikbaarheid. De CREG treedt het standpunt van Elia bij. Niet-vertrouwelijk 8/19 23. FEBEG merkt op dat de meeste projecten uitgaan van tijdens intraday beschikbare grensoverschrijdende transportcapaciteit. Niettemin is FEBEG van mening dat grensoverschrijdende transportcapaciteit vooral toegewezen wordt voor het intraday tijdsbestek. Elia bevestigt dat het zich baseert op de beschikbare transportcapaciteit na de sluiting van de laatste intraday gate. 24. FEBEG merkt ook op dat Elia van BSPs een 100% beschikbaarheid verwacht, terwijl het betrouwbaarheidsniveau voor het delen van reserves 99% is. Ze vraagt zich af welke oorsprong dit verschil heeft. Elia merkt op dat de noden aan FRR-reserves ook gebruik maken van een betrouwbaarheid van 99%, maar geeft ook aan dat dit naar 100% kan evolueren dankzij de indiensttreding van ALEGrO. De CREG wenst dit antwoord van Elia aan te vullen door op te merken dat de 100% beschikbaarheidsvereiste van balanceringscapaciteit zijn oorsprong vindt in de remuneratie die deze balanceringscapaciteit ontvangt van de consument. Door balanceringscapaciteit aan te bieden gaat de BSP immers een contractuele verplichting aan om elk kwartier, waarvoor de balanceringscapaciteit aangekocht werd, overeenkomstige balanceringsenergiebiedingen in te bieden. Deze balanceringsenergiebiedingen vertegenwoordigen een vast engagement van de BSP om het gecontracteerde volume te leveren. Dit engagement vereist een beschikbaarheid van 100%. In tegenstelling tot voorgaande laat artikel 157.2(
- j)en (
- k)van de SOGL toe om de FRR-noden, bepaald aan de hand van een betrouwbaarheidsinterval van 99% per richting, te verminderen door het delen van reserves. Het in rekening brengen van het delen van reserves aan een betrouwbaarheid van 99% komt hiermee overeen. Dit verklaart het verschil in toegepaste percentages tussen beide. 25. FEBEG stelt vast dat het delen van reserves een prijs heeft dat bepaald wordt in bilaterale contracten met transmissienetbeheerders en vraagt zich af of deze prijzen bekend gemaakt kunnen worden aangezien ze de onbalanstarief mee zullen bepalen wanneer er beroep op gedaan wordt. Elia verduidelijkt dat de contracten vertrouwelijk zijn en niet unilateraal bekend gemaakt kunnen worden. Elia verduidelijkt dat de gepubliceerde ingevoerde inter-TSO-prijs op de Elia website gelijk is aan de hoogste incrementele prijs van de verschillende contracten voor het delen van reserves. Elia verduidelijkt ook dat de activatie van de dienst meestal gebeurt in tijden van een activatie van een duurdere balanceringsenergiebieding in het LFC Blok van Elia, en als gevolg het onbalanstarief niet bepaalt. 26. FEBEG benadrukt dat reserves die in het verleden ter beschikking stonden voor Elia niet noodzakelijk in de toekomst ter beschikking zullen staan voor Elia, ten gevolge van andere projecten die de verantwoordelijkheid van BRPs om hun eigen posities te dekken centraal stellen. Elia onderzoekt een manier om dynamisch rekening te houden met een breed gamma aan toekomstige tendensen (naast degene die in rekening gebracht werden zoals ALEGrO en een toename aan geïnstalleerde windenergie) maar benadrukt dat de methode vooral rekening houdt met historische gegevens. De CREG wenst het antwoord van Elia aan te vullen door te stellen dat de opmerking van FEBEG, i.e. dat BRPs eerder hun balanceringscapaciteit voor zichzelf zouden houden dan aan te bieden op de balanceringsmarkten, eerder een vraag tot aanpassing van de onbalansverrekening of het bepalen van de prijs voor balanceringsenergie inhoudt dan een vraag tot aanpassing van de methodologie ter bepaling van de aan te kopen hoeveelheid aan balanceringscapaciteit. De CREG noteert de opmerking. Niet-vertrouwelijk 9/19 27. FEBEG meldt dat REMIT publicaties aantonen dat eenheden die zeer actief zijn voor het leveren van neerwaartse reserves in onderhoud zullen zijn gedurende meerdere maanden in 2021. FEBEG vraagt zich af hoe Elia REMIT publicaties mee in rekening brengt bij de bepaling van de middelen. Elia bevestigt dat onderhoudsaankondigingen geen deel uitmaken van de methodologie ter aankoop van de reserves en dat dit moeilijk te integreren is in een statische methodologie. Elia zal dit idee verder opnemen bij de uitwerking van een dynamische manier voor de bepaling van het delen van reserves. De CREG neemt hier nota van. 28. FEBEG meldt dat het neerwaarts herzien van de aankoop van balanceringscapaciteit een signaal zendt naar de leveranciers van balanceringsdiensten en als gevolg een impact kan hebben op investeringen in huidige en nieuwe eenheden. FEBEG benadrukt dat sommige eenheden financieel enkel overleven dankzij het leveren van mFRR balanceringsenergie. Deze eenheden kunnen de markt verlaten door de nood aan FRR-reserves neerwaarts te herzien. Als gevolg kan de langetermijn liquiditeit dalen. Elia erkent het belang van een stabiel regulatoir kader, maar benadrukt dat tekorten aan balanceringscapaciteit gerelateerd is aan discussies rond adequacy. Elia meldt ook dat een stabiele inkomstenstroom of het in de markt houden van balanceringscapaciteit niet het doel mag zijn van de aankoop van balanceringscapaciteit. De CREG wenst het antwoord van Elia aan te vullen door op te merken dat een reële markt voor balanceringscapaciteit, zoals momenteel onderzocht binnen de discretionaire stimulans scarcity pricing, bijdraagt tot een stabiel regulatoir kader. Immers, indien niet-gecontracteerde balanceringscapaciteiten werkelijk nodig zijn voor de veilige uitbating van het net, zou de reële markt voor balanceringscapaciteit de nodige economische signalen genereren om te vermijden dat die capaciteit de markt zou verlaten ten gevolge van een verminderde aankoop van balanceringscapaciteit. 29. FEBEG stelt vast dat er een ex-post evaluatie komt in het eerste kwartaal van 2021. FEBEG stelt als gevolg voor om (
- i)de maanden september en oktober te integreren in deze ex-post evaluatie en (
- ii)de inwerkingtreding van het gewijzigd LFC Means voorstel na deze evaluatie uit te voeren. Elia antwoordt dat ze niet meteen kan inzien hoe een vermindering in aankoop van balanceringscapaciteit zou leiden tot een verhoging van reservatieprijzen . Ze stelt daarom voor om de analyse rond marktliquiditeit van mFRR apart te behandelen. De CREG treedt het standpunt van Elia bij. 30. Febeliec betreurt dat het delen van reserves slechts 350 MW in neerwaartse richting en 250 MW in opwaartse richting bedraagt, ondanks de beschikbaarheid van 4 interconnecties met aangrenzende LFC Blokken. Ze merkt op dat 250 MW laag is in vergelijking met de 1400 MW aan contracten dat delen van reserves mogelijk maakt. Elia antwoordt dat het delen van reserves als dienst niet gegarandeerd is en afhankelijk is van de beschikbaarheid van transportcapaciteit. Een analyse uitgevoerd door Elia op basis van historische gegevens toonde aan dat 250 MW aan delen van reserves beschikbaar was tijdens 99% van de tijd. Als gevolg kan Elia enkel 250 MW aanvaarden als beschikbaar middel. Elia merkt op dat wettelijk maximaal 312 MW als delen van reserves mogelijk is, in tegenstelling tot de referentie van 1400 MW in het antwoord van Febeliec. De CREG neemt nota van de reactie van Febeliec en is van mening dat de impact van ALEGrO op de beschikbaarheid van het delen van reserves geëvalueerd moet worden wanneer voldoende gegevens beschikbaar zijn. Niet-vertrouwelijk 10/19 31. Febeliec betreurt dat niet-gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen niet mee in rekening gebracht worden bij het bepalen van de aan te kopen balanceringscapaciteit. Febeliec volgt het argument van Elia niet dat al deze niet-gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen zouden verdwijnen indien minder balanceringscapaciteit aangekocht zou worden. Febeliec vraagt als gevolg om de beschikbaarheid van niet-gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen rte onderzoeken, zeker gezien de geplande aansluitingen met het platform MARI. Elia antwoordt dat een door haar uitgevoerde analyse een voldoende beschikbaarheid aantoont van niet-gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen in negatieve richting. De analyse van Elia produceert andere resultaten dan die voorgesteld door Febeliec, namelijk dat er geen beschikbaarheid is gedurende 99% van de tijd van niet-gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen. Elia meldt dat ze momenteel de dynamische inschatting van het beschikbare volume aan niet-gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen bestudeert. De CREG wenst het antwoord van Elia aan te vullen met de vermelding dat een discretionaire stimulans Elia in de loop van het kalenderjaar 2021 aanmoedigt om een dynamische inschatting van het volume aan niet-gecontracteerde energiebiedingen te ontwikkelen. 32. Febeliec gaat ook niet akkoord met de aanname van Elia dat het aankopen van balanceringscapaciteit vermijdt dat eenheden de Belgische markt verlaten. Febeliec is van mening dat BRPs verantwoordelijk zijn voor de onbalansen van hun portefeuille, en dat deze BRPs voldoende eenheden in portefeuille moeten houden om deze onbalansen op te kunnen lossen. Elia antwoordt dat ze akte neemt van de opmerking van Febeliec, maar stelt tegelijkertijd dat Elia het risico van verlies van capaciteit ten gevolge van een verlies van inkomsten ten gevolge van reservering van balanceringscapaciteit, erkent. Zolang een statische aanpak uitgevoerd wordt, is Elia van mening dat ze een robuuste inschatting moet maken van de middelen die ze dient aan te kopen. De CREG wenst het antwoord van Elia aan te vullen met de opmerking dat balanceringscapaciteit die nodig is voor een veilige uitbating van het net op een faire manier geremunereerd moet worden. Een faire remuneratie zal ervoor zorgen dat voldoende balanceringscapaciteit in het systeem aanwezig blijft. De CREG merkt op dat er een discretionaire stimulans loopt, scarcity pricing, dat onder andere als doel heeft om balanceringscapaciteit te remunereren aan de hand van de waarde die hun beschikbaarheid in reële tijd heeft, met de verwachting dat deze een voldoende stimulans biedt om voldoende balanceringscapaciteit te behouden in de markt. De CREG begrijpt het antwoord van Febeliec ook als een verzoek tot transparantie betreffende de kwaliteit van naleving van de verplichting om, in reële tijd, te streven in evenwicht te zijn of het systeem te helpen in evenwicht te zijn door BRPs. 33. Febeliec herhaalt dat ze wenst dat een minimum volume van R3Flex behouden wordt, omwille van haar lagere kost en omwille van de inspanningen die marktactoren geleverd hebben om dit R3Flex product te kunnen leveren. Febeliec vrees dat de liquiditeit zou verminderen indien dit product niet meer beschikbaar zou zijn. Elia antwoordt dat de vermindering van het aankoopvolume van R3Flex een gevolg is van eerder discussies. Elia herhaalt dat een analyse in het eerste kwartaal van 2021 zal evalueren of de uitfasering van het R3Flex product vervolgd kan worden. 34. Febeliec merkt ook op dat NEMO Link een grote impact heeft op de FRR noden afhankelijk van haar positie (uitvoer, invoer, niet gedefinieerd). Febeliec dringt aan op een kostenbatenanalyse rond het bestaan van NEMO Link en wenst een soortgelijke kostenbatenanalyse voor toekomstige interconnecties. Elia antwoordt dat ze de relevantie niet inziet van de door Febeliec voorgestelde analyse aangezien ze geen significante impact heeft op de kosten van de aankoop van balanceringscapaciteit. Niet-vertrouwelijk 11/19 35. [VERTROUWELIJK] 36. [VERTROUWELIJK] 37. [VERTROUWELIJK] 38. [VERTROUWELIJK] 39. [VERTROUWELIJK] 40. [VERTROUWELIJK] 41. [VERTROUWELIJK] 42. [VERTROUWELIJK] 43. [VERTROUWELIJK] 44. [VERTROUWELIJK] 45. [VERTROUWELIJK] 46. [VERTROUWELIJK] 47. [VERTROUWELIJK] Niet-vertrouwelijk 12/19 4.2. CONFORMITEIT MET DE PRINCIPES VAN DE EBGL 48. Artikel 228, §3, 1°, van het FTR verwijst naar artikel 32.1 van de EBGL voor de bepaling van de door Elia te contracteren middelen bij de leveranciers van de FRR-dienst. De CREG stelt vast dat het voorstel een uitvoering van dit artikel 32.1 is en dat ze o.a. de volgende zaken in aanmerking neemt om de te verwerven balanceringscapaciteit in de regelzone te bepalen: - de evaluatie van de behoefte aan reservecapaciteit voor het LFC-blok als gevolg van de toepassing van artikel 127 en 157 van de SOGL; - de evaluatie van de bijdrage van capaciteit als gevolg van het delen van de reserves; - de evaluatie van de bijdrage van de niet in het LFC-blok gecontracteerde balanceringsenergiebiedingen4. De CREG concludeert dat het voorstel dan ook in lijn is met artikel 32.1 EBGL. 4.3. ANALYSE VAN DE INHOUD HET VOORSTEL 4.3.1. Analyse van de methodologische inhoud 49. De CREG heeft hierboven vastgesteld dat Elia artikel 32.1 van de EBGL uitvoert. Daarvoor gebruikt ze de volgende gegevens: 50. Voor de evaluatie van de FRR-, mFRR- en aFRR-behoeften gebruikt Elia de methodologieën uit artikel 8 en 9 van de LFCBOA die een toepassing zijn van de vereisten bedoeld in de artikelen 127 en 157 van de SOGL. 51. Elia verwijdert in artikel 3.1(
- a)van het voorstel LFC Means de referentie naar 1 vaste waarde voor positieve en negatieve aFRR noden en de referentie naar de statische dimensioneringsmethodologie. Deze verandering noodzaakt ook wijzigingen ook in artikel 6 van het voorstel LFC Means. Deze verwijdering wordt geargumenteerd door Elia als het voorbereiden van het LFC Means voor een eventueel toekomstige aanpassing van de LFCBOA, die de statische bepaling van aFRR-noden vervangt in een dynamische bepaling. 52. De CREG stelt vast dat deze aanpassing geen inhoudelijke wijziging betreft voor de bepaling van de positieve en negatieve aFRR-noden. Immers, de methode ter bepaling van de aFRR-noden waarnaar gerefereerd wordt in artikel 3.1 van het voorstel LFC Means, wordt beschreven in artikel 9 van de LFCBOA. Artikel 9.5 van de LFCBOA stelt dat, in afwachting van een nieuwe methodologie voor de bepaling van de aFRR-noden, de uitkomst van de methodologie beschreven in artikelen 9.1 tot en met 9.4 van de LFCBOA beperkt wordt tot een symmetrische waarde van 145 MW. Een vaste symmetrische waarde van 145 MW blijft dus de maximale aFRR-nood als uitkomst van de methode in artikel 9 van de LFCBOA. Als gevolg gaat de CREG akkoord dat de wijziging van artikel 3 van het voorstel LFC Means enkel tot doel heeft de eventuele toepassing van de nieuwe methodologie, waarnaar verwezen wordt in artikel 9.5 van de LFCBOA, voor te bereiden. 4 Zolang de Europese platformen betreffende de activering van aFRR en mFRR niet in dienst zijn of de regelzone van Elia er niet aan deelneemt. Niet-vertrouwelijk 13/19 53. Voor het delen van de reserves ten gevolge van overeenkomsten met de transmissienetbeheerders van aangrenzende LFC Blokken (RTE, Tennet, Amprion, NGESO) werkt Elia in twee stappen: 54. - eerst berekent ze een maximale vermindering op basis van de methodologieën van artikel 10 van de LFCBOA; dit leidt tot een maximale vermindering van 312 MW voor de positieve reservecapaciteiten en 560 MW voor de negatieve reservecapaciteiten (NEMO Link in export of onzekere richting); - in een tweede stap houdt ze uit voorzichtigheid rekening met de regels betreffende de beschikbaarheid van de middelen voor het delen van de reserves en de contractuele beperking van de activering van dergelijke reserves in uitzonderlijke omstandigheden. Deze analyse leidt ertoe dat Elia een maximale vermindering van 250 MW voor de positieve reservecapaciteiten en van 350 MW voor de negatieve reservecapaciteiten voorstelt. De CREG gaat akkoord met deze voorzichtige manier van werken. 55. Ze blijft aan Elia vragen om de methodologie van de tweede stap hierboven zo nodig te herzien in het licht van de resultaten van de studie die in het eerste kwartaal van elk jaar zal gebeuren, zoals vermeld in artikel 6.7 van het voorstel LFC Means, en/of wanneer er voldoende gegevens beschikbaar zijn om de impact van ALEGrO op het delen van reserves in te schatten, en vervolgens bij de CREG elke conclusie ervan te rechtvaardigen. 56. Wat het in aanmerking nemen van de niet-gecontracteerde biedingen voor balanceringsenergie betreft, baseert Elia zich op de volgende principes: - Voor de aFRR en de mFRR mogen de biedingen voor niet-gecontracteerde balanceringsenergie enkel in aanmerking worden genomen als ze een volume hebben dat voldoende hoog is om alle behoeften, na aftrek van het delen van de reserves voor de mFRR; - De beschikbaarheid van de niet-gecontracteerde biedingen voor balanceringsenergie wordt bepaald op basis van de historische beschikbaarheid van dergelijke biedingen over de periode van 2 jaar die loopt van 1 juli 2018 tot 30 juni 2020; - De middelen worden aangevuld door de gedeelde FRR-middelen die beschikbaar zijn via de interconnectiecapaciteit die beschikbaar is na de intraday. De analyse toont aan dat er geen niet-gecontracteerde biedingen voor balanceringsenergie zijn om de behoeften van aFRR te dekken en dat er voor de mFRR geen positieve capaciteit beschikbaar is met een voldoende garantie gedurende het hele jaar. De analyse toont ook dat volumes van 800 tot 900 MW negatieve capaciteit in eerste instantie respectievelijk 94 tot 95 % van de tijd beschikbaar zouden moeten zijn. De CREG aanvaardt deze methode. 57. De CREG merkt op dat Elia de toegevoegde waarde van een frequentere evaluatie van de beschikbare volumes van deze biedingen voor balanceringsenergie in 2021 zal evalueren in het kader van een discretionaire stimulans, zodat de volumes aan niet-gecontracteerde biedingen ingeschat kan werden voor de relevante aankoopperiode. Op basis daarvan vraagt de CREG aan Elia om haar een voorstel voor evolutie van de methodologie in die zin te doen bij het volgende voorstel over LFC Means of met cijfers te staven waarom een dergelijk voorstel niet wenselijk is. De evaluatie zal uitgevoerd worden tegelijkertijd met de studie die in het eerste kwartaal van elk jaar wordt uitgevoerd, zoals vermeld in artikel 6.7 van het voorstel. Niet-vertrouwelijk 14/19 58. Aangezien er geen deling van de aFRR-reserve is en het volume van niet-gecontracteerde aFRRreserves niet voldoende is om de behoeften aan aFRR te dekken, is de te contracteren aFRRbalanceringscapaciteit gelijk aan de aFRR-behoefte. 59. Wat de positieve mFRR-balanceringscapaciteit betreft, zal Elia de te contracteren capaciteit berekenen op basis van de behoeften, na aftrek van de beschikbare volumes als gevolg van het delen van positieve reserves en van de positieve niet-gecontracteerde balanceringsbiedingen, zoals hierboven bepaald. 60. De gecontracteerde positieve mFRR-capaciteit zal gedekt worden door een eerste schijf van 640 MW mFRR standaard (of minder als er minder moet gecontracteerd worden dan dit mFRR-volume), aangevuld door een tweede schijf door een beroep te doen op de biedingen voor de contractering van de mFRR standaard en de mFRR flex. Het vervolg van de evolutie van deze waarde wordt bepaald op basis van de resultaten van een analyse die Elia in het eerste kwartaal van 2021 zal uitvoeren. 61. Wat de negatieve mFRR-balanceringscapaciteit betreft, denkt Elia dat de behoeften voldoende gedekt zullen kunnen worden door het delen van de beschikbare reserves en de niet-gecontracteerde biedingen voor balanceringsenergie. Ze is dus niet van plan negatieve balanceringscapaciteit te verwerven. 62. Om te controleren of deze manier van werken goed blijft, verbindt Elia zich ertoe om in het eerste kwartaal van elk jaar een ex-poststudie te doen waarin ze op basis van de gegevens van het vorige jaar evalueert of de behoeften voldoende gedekt worden door de beschikbare middelen zoals beschreven in artikel 6.7 van het voorstel. De CREG aanvaardt deze voorzichtige manier van werken. De CREG aanvaardt ook de verwijdering van de verouderde artikelen 6.6 en 7. 4.3.2. 63. Tijdschema voor de implementatie Elia stelt voor om de voorgestelde methodologie te implementeren vanaf 7 januari 2021. 64. De CREG is van mening dat het voorgestelde tijdschema aanvaardbaar is en keurt dit bijgevolg goed. Niet-vertrouwelijk 15/19 5. BESLISSING Met toepassing van artikel 228, §3 koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe, beslist de CREG om het voorstel van wijzigingen van de methodologie om, voor elk van de balanceringsdiensten, de balanceringscapaciteit te bepalen die bij de aanbieders van balanceringsdiensten moet worden gereserveerd binnen de onevenwichtszone (voorstel tot wijziging van LFC Means), ingediend bij de CREG op 2 december 2020, goed te keuren. De goedgekeurde wijzigingen van LFC Means treden in werking ten vroegste op 7 januari 2021. De CREG vraagt Elia echter om de in de paragrafen 55 en 57 van deze beslissing gevraagde evaluaties uit te voeren. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Andreas TIREZ Directeur Koen LOCQUET Wnd. voorzitter van het directiecomité Niet-vertrouwelijk 16/19 BIJLAGE 1 Voorstel van Elia LFC Means in het Frans, Nederlands en Engels 2 december 2020 Niet-vertrouwelijk 17/19 BIJLAGE 2 Explanatory Note in het Engels 2 december 2020 Niet-vertrouwelijk 18/19 BIJLAGE 3 Raadplegingsverslag 2 december 2020 Niet-vertrouwelijk 19/19