(B)2191 11 maart 2021 Beslissing over de aanvraag van de NV Fluxys Belgium tot goedkeuring van het standaard aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt genomen met toepassing van artikel 15/14, §2, tweede lid, 6°, van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen. Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – F + 32 2 289 76 09 – info@creg.be – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3
- WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 4
- ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 7
- 2.
- Algemeen................................................................................................................................. 7 2.
- Raadpleging ............................................................................................................................. 8 2.
- Inwerkingtreding van de belangrijkste voorwaarden ............................................................. 9 BEOORDELING ............................................................................................................................... 10 3.
- Algemeen............................................................................................................................... 10 3.
- Standaard aansluitingscontract voor het lokaal gasproductiepunt ...................................... 11 3.
- Bijlagen .................................................................................................................................. 15 BESLISSING..................................................................................................................................... 18 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 19 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 20 Niet-vertrouwelijk 2/20 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op basis van artikel 15/14, §2, tweede lid, 6°, van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen (hierna: “de gaswet”), het voorstel van een standaard aansluitingscontract , ingediend bij de CREG door de N.V. FLUXYS BELGIUM (hierna: “Fluxys Belgium”) op 17 december 2020 per elektronisch schrijven. Fluxys Belgium meldt in haar elektronisch schrijven van 17 december 2020 dat het standaard aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt de gereguleerde basis vormt voor mogelijke nieuwe Lokale Producenten die compatibel gas (in eerste instantie biomethaan) in het aardgasvervoersnet wensen te injecteren. In bijlage van het elektronisch schrijven van 17 december 2020 wordt door Fluxys Belgium, naast het voorstel ingediend in het Nederlands en het Frans, bestaande uit het contract en 11 bijlagen, ook het consultatieverslag 47 gevoegd dat een overzicht geeft van de geconsulteerde documenten, de ontvangen opmerkingen en het antwoord van Fluxys Belgium. Deze beslissing is opgesplitst in vier delen. Het eerste deel bevat het wettelijk kader voor deze beslissing. In het tweede deel worden de antecedenten en de raadpleging besproken. Het derde deel verwoordt de opmerkingen van de CREG bij het door Fluxys Belgium ingediende voorstel. Het vierde deel tot slot, bevat de eigenlijke beslissing. Deze beslissing werd door het Directiecomité van de CREG goedgekeurd op 11 maart
- Niet-vertrouwelijk 3/20
- WETTELIJK KADER Met toepassing van artikel 15/14, §2, tweede lid, 6°, van de gaswet keurt de CREG de belangrijkste voorwaarden voor de toegang tot de vervoernetten goed en controleert de toepassing ervan door de vervoerondernemingen in hun respectieve netten. Sedert de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (B.S., 28 december 2006) wordt de term “belangrijkste voorwaarden” in artikel 1, 51°, van de gaswet gedefinieerd als “het standaardcontract voor de toegang tot het vervoersnet en de daarmee verbonden operationele regels”. In artikel 3 van het koninklijk besluit van 23 december 2010 betreffende de gedragscode inzake de toegang tot het aardgasvervoersnet, de opslaginstallatie voor aardgas en de LNG-installatie en tot wijziging van het koninklijk besluit van 12 juni 2001 betreffende de algemene voorwaarden voor de levering van aardgas en de toekenningvoorwaarden van de leveringsvergunningen voor aardgas (hierna: “de gedragscode”) wordt bepaald dat de in artikel 2, § 1, 2°, van de gedragscode bedoelde belangrijkste voorwaarden vallen voor de toepassing van dit besluit uiteen in : 1° het standaard aansluitingscontract; 2° het standaard DNB-aansluitingscontract; 3° het standaard aardgasvervoerscontract, onverminderd artikel 110; 4° het standaard opslagcontract, onverminderd artikel 169, § 2; 5° het standaard LNG-contract, onverminderd artikel 201, §§ 2 en 3; 6° de toegangsreglementen voor aardgasvervoer, LNG en opslag. Artikel 1.16° van de gedragscode definieert het standaard aansluitingscontract als zijnde het door de eindafnemer en de beheerder van het aardgasvervoersnet ondertekende contract voor de toegang van de eindafnemer tot het aardgasvervoersnet, met inbegrip van de fysische aansluiting. Het aansluitingspunt is het fysieke punt van het aardgasvervoersnet nader bepaald op het inplantingsplan in bijlage bij het standaard (DNB-) aansluitingscontract, waar het aardgasontvangststation aangesloten is op het aardgasvervoersnet. Tenzij anders overeengekomen tussen de beheerder van het aardgasvervoersnet en respectievelijk de eindafnemer of de distributienetbeheerder, is het aansluitingspunt identiek met het afnamepunt (Artikel 1, 49° van de gedragscode). Artikel 96, van de gedragscode bepaalt: “§
- De beheerder van het aardgasvervoersnet stelt een standaard aansluitingscontract op dat, evenals de eventuele wijzigingen ervan, onderworpen is aan de goedkeuring van de Commissie met toepassing van artikel 15/14, § 2, tweede lid, 6°, van de gaswet. §
- Het standaard aansluitingscontract bevat in elk geval op gedetailleerde wijze de volgende elementen : 1° de definities van de in het standaard aansluitingscontract gebruikte terminologie; 2° het voorwerp van het standaard aansluitingscontract; 3° de duur van het aansluitingscontract; 4° de financiële waarborgen te leveren door de eindafnemer; Niet-vertrouwelijk 4/20 5° de rechten en verplichtingen van de partijen ten aanzien van elkaar waaronder onder meer de bepalingen betreffende de toegang van de beheerder tot het aardgasontvangststation; 6° het beheer van de respectieve installaties van de beheerder en de aangesloten eindafnemer; 7° de aansprakelijkheid van de beheerder en de aangesloten eindafnemer, indien zij in gebreke blijven hun verplichtingen na te komen; 8° impact van noodsituaties en situaties van overmacht op de rechten en plichten van de partijen; 9° de modaliteiten en voorwaarden voor opschorting en beëindiging/opzeg van het contract onverminderd § 4; 10° de geschillenregeling; 11° het toepasselijke recht. §
- De bijlagen van het standaard aansluitingscontract bevatten in elk geval de technische voorschriften waaraan het aardgasontvangststation moet voldoen met inbegrip van de principes voor het meten van de geleverde hoeveelheden, de manier van uitwisseling van de meetgegevens en een gedetailleerd inplantingsplan waarop onder meer het aansluitingspunt en de locatie en het tracé van de vervoerinstallaties op de site waar de afname door de eindafnemer plaatsvindt, worden aangeduid. De vervoerinstallaties gelegen in stroomrichting na het aansluitingspunt worden op exhaustieve wijze opgesomd in bijlage bij het standaard aansluitingscontract. §
- Het standaard aansluitingscontract mag geen uitdrukkelijk ontbindende bedingen in hoofde van de beheerder van het aardgasvervoersnet bevatten behalve in de gevallen waarin de beheerder de toegang kan weigeren overeenkomstig de gaswet. §
- Het standaard aansluitingscontract kan voorzien dat dit contract kan gewijzigd worden door de beheerder van het aardgasvervoersnet na de goedkeuring door de Commissie conform artikel 15/14, § 2, tweede lid, 6°, van de gaswet en dit besluit en in de mate dat deze wijzigingen identiek zijn voor het geheel van de in uitvoering zijnde contracten en dat deze allen op dezelfde kalenderdag ingaan. De wijzigingen bedoeld in het vorige lid worden van toepassing binnen een redelijke termijn, rekening houdend met de teneur van de geplande wijzigingen en de imperatieven verbonden aan de betrouwbaarheid, de veiligheid en de efficiëntie van het vervoernet.” Artikel 97, van de gedragscode zegt onder meer in §3 dat: “De beheerder van het aardgasvervoersnet stelt op het aansluitingspunt aardgas ter beschikking dat voldoet aan de in het aansluitingscontract vermelde eisen inzake druk en kwaliteit behoudens indien hij met toepassing van dit besluit en/of het aansluitingscontract gerechtigd is de aardgastoevoer te onderbreken of te reduceren. Artikel 1.2, van de derde gasrichtlijn bepaalt dat “De bij deze richtlijn vastgestelde voorschriften voor aardgas, waartoe ook LNG behoort, zijn tevens op niet-discriminerende wijze van toepassing op biogas en uit biomassa verkregen gas, voor zover het technisch mogelijk en veilig is dergelijke gassen te injecteren in en te transporteren via het aardgassysteem.” In de gaswet wordt vervoer gedefinieerd als zijnde: “vervoer van aardgas alsook van biogas en gas voortkomend uit biomassa en andere types van gas in de zin van de bepalingen van artikel 2, § 4, door een net dat vooral bestaat uit hogedrukpijpleidingen, anders dan een upstreampijpleidingnet en dan het gedeelte van hogedrukpijpleidingen dat in de eerste plaats voor lokale aardgasdistributie wordt gebruikt, met het oog op de belevering van afnemers, de levering zelf niet inbegrepen;” (artikel 1, 7°, van de gaswet). Niet-vertrouwelijk 5/20 Verder kan ook verwezen worden naar de definitie van het aardgasvervoersnet: “een vervoersinstallatie uitsluitend voor het vervoer van aardgas alsook van biogas en gas voortkomend uit biomassa of andere types van gas in de zin van de bepalingen van artikel 2, § 4,2 en die geëxploiteerd wordt door de met het vervoer van aardgas belaste beheerder, met uitsluiting van de upstreaminstallaties;” Artikel 1, 10°bis, van de gaswet). Artikel 2 , §4, van de gaswet tot slot bepaalt dat: “De door deze wet opgestelde regels voor aardgas, met inbegrip van LNG, zijn eveneens van toepassing, op niet-discriminerende wijze, op biogas en gas uit biomassa of andere gassoorten, in de mate dat het technisch mogelijk is om deze veilig te injecteren en te vervoeren over het aardgasvervoersnet en in de mate dat deze gassoorten in overeenstemming zijn met de toepassing van artikel 15/5undecies aangenomen gedragscode, en ook verenigbaar zijn met de kwaliteitsnormen die op het aardgasvervoersnet vereist worden.” Biomethaan is een product van de reiniging van biogas, dat op haar beurt het resultaat is van de vergisting van organisch materiaal zoals huis- en tuinafval, mest, rioolslib en actief slib. Biomethaan valt bijgevolg onder het toepassingsgebied van de gaswet waarop de gedragscode van toepassing is en in de mate dat het biomethaan verenigbaar is met de kwaliteitsnormen die op het aardgasvervoersnet vereist worden. Afdeling 2.2.1, van de gedragscode, meer bepaald de artikelen 96 tot 104, van de gedragscode regelt de goedkeuringsprocedure van het standaard aansluitingscontract en de eventuele latere wijzigingen ervan, alsook de inhoud waaraan het standaard aansluitingscontract moet beantwoorden. Artikel 15/14, §2, tweede lid, 6°, van de gaswet, dat de rechtsgrond vormde voor de eerdere beslissingen van de CREG houdende goed- of afkeuring van het standaard aansluitingscontract, is in overeenstemming met artikel 41
(6)van Richtlijn 2009/73/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas en tot intrekking van Richtlijn 2003/55/EG (hierna: “de derde gasrichtlijn”). Conform artikel 41
(6), van de derde gasrichtlijn is het vaststellen of goedkeuren van de methoden voor het berekenen of het tot stand komen van de voorwaarden inzake de aansluiting op en toegang tot nationale netten, de verstrekking van balanceringsdiensten en de toegang tot grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, een exclusieve bevoegdheid van de regulator. Uit zowel de derde gasrichtlijn (art. 13
(3)en 41
(6)a)), als de Verordening (EG) nr. 715/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor de toegang tot aardgastransmissienetten en tot intrekking van Verordening (EG) nr.1775/2005 (art. 1, 14, 23, 26, en titel 3 van de bijlage) (hierna: “de gasverordening 715/2009), de gedragscode (art. 3), en de plicht tot richtlijnconforme interpretatie, blijkt dat onder de goedkeuring van de toegangsvoorwaarden waarvan sprake in artikel 15/14, §2, tweede lid, 6°, van de gaswet, ook de aansluitingsvoorwaarden moeten worden begrepen. Niet-vertrouwelijk 6/20
- ANTECEDENTEN 2.
- ALGEMEEN In België wordt biogas geproduceerd en frequent gebruikt o.a. als energiebron voor warmtekrachtkoppeling installaties of WKK’s. Biogas kan in een volgende fase van het productieproces opgezuiverd worden tot biomethaan, wat de producenten de mogelijkheid biedt om dit gas in het aardgasvervoersnet te injecteren onder de uitdrukkelijke voorwaarde dat het geproduceerde biomethaan voldoet aan de kwaliteitsvereisten van toepassing op het aardgasvervoersnet. In dit verband verwijst de CREG naar haar Beslissing (B) 2157 van 10 december 20201 over de aanvraag van de NV Fluxys Belgium tot goedkeuring van het gewijzigde Standaard Aardgasvervoerscontract, Toegangsreglement voor aardgasvervoer en Aardgasvervoersprogramma waarin onder andere de afstemming van de definities en diensten met betrekking tot de injectie van nieuwe gassen (o.a. biomethaan) in het aardgasvervoersnet werden aangepast en door de CREG goedgekeurd. Binnen dit kader heeft Fluxys Belgium een voorstel van Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt uitgewerkt. Dit voorstel is gebaseerd op het Standaard Aansluitingscontract voor Eindafnemers zoals een laatste keer goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)1979 van 3 oktober
- De CREG verwijst in dit verband tevens naar punt 2.
- van deze beslissing. Het voorstel van Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt vormt de gereguleerde basis voor lokale producenten die compatibel gas (in eerste instantie biomethaan) in het aardgasvervoersnet wensen te injecteren. Na raadpleging van de markt werd het voorstel van Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt, samen met de bijlagen en het consultatierapport 47 door Fluxys Belgium bij elektronisch schrijven van 17 december 2020, ingediend bij de CREG voor goedkeuring. Fluxys Belgium deelt in voornoemd schrijven ook nog mede dat de investeringskosten uit twee delen bestaat: 1 2 - het eerste deel bevat alle kosten welke aan de aansluiting kunnen gerelateerd zijn (investeringen voor de aansluiting en voor de leiding op openbaar domein). Deze kosten zijn gelijkaardig voor zowel lokale producenten als voor eindafnemers waardoor een zelfde kostenverdelingsmechanisme toegepast wordt. Een 15 jaar capaciteitsvergoeding is in rekening genomen (gedekt door een bankgarantie) om te bepalen hoeveel nog in cash dient te worden betaald op het moment van de aansluiting; - het tweede gedeelte bevat alle kosten gerelateerd aan het gasinjectiestation (leiding op de site van de lokale producent + compressie + telling + gaskwaliteitscontrole). Deze kosten zijn specifiek aan de aansluiting van de lokale producent en worden onderworpen aan een specifiek kostenverdelingsmechanisme, op voorwaarde dat het gaat over de productie van gedecarboniseerd gas (b.v. biomethaan). Om de maatschappelijke waarde van dit soort gas te erkennen, verdeelt Fluxys Belgium de kosten te betalen door de lokale producent in twee delen: https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2157 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1979 Niet-vertrouwelijk 7/20 a. over de levensduur van de installatie (15 jaar) dient de lokale producent 50% te betalen van de totale kosten (gedeelte van de investeringskosten en volledige elektriciteitskosten voor de compressie). De kosten die door de lokale producent dienen betaald te worden kunnen gedeeltelijk door een bankgarantie gedekt worden, dit in geval dat de 15 jaren van de capaciteitsbetaling hoger waren dan de kosten van de aansluiting. Het resterend bedrag dient cash betaald te worden. b. de andere 50% (resterende investeringskosten en onderhouds- en uitbatingskosten) zullen niet rechtstreeks aan de lokale producent gefactureerd worden en komen in de algemene kosten van de gastransportactiviteit. Tot slot deelt Fluxys Belgium mee dat wat betreft het bedrag van de aangevraagde verzekeringsdekking, gesteld kan worden dat dit identiek blijft aan de bedragen van toepassing voor eindafnemers. Fluxys Belgium kan dit dekkingsniveau aanpassen, in overeenstemming met de CREG, na opgedane ervaringen en voortschrijdend inzicht. De kosten voortvloeiend uit de door de CREG goedgekeurde kostenverdeling zullen onderzocht worden tijdens de door Fluxys Belgium bij de CREG ter goedkeuring in te dienen tariefrapporteringen, de zogenaamde bonus/malus bepalingen. Tijdens de consultatie heeft één marktpartij en één sectororganisatie vragen gesteld bij de eventuele kosten die gepaard gaan met de aansluiting van een Lokaal Installatiepunt. De CREG stelt dat de geschatte kost voor de transporttarieven in ieder geval minder zal zijn dan 100.000 Euro voor de gehele tariefperiode 2020 -
- Wanneer deze kost groter wordt dan 100.000 Euro tijdens de tariefperiode 2020 - 2023, zal de CREG hierover een geconsulteerde beslissing nemen. Over het principe van de kostenverdeling en de wijze waarop, zal de CREG in het kader van het tariefvoorstel 2024-2027 een geconsulteerde beslissing nemen. 2.
- RAADPLEGING Het directiecomité van de CREG beslist om over onderhavige beslissing, met toepassing van artikel 40, 2°, van het huishoudelijk reglement van het directiecomité van de CREG, geen openbare raadpleging te organiseren om redenen dat Fluxys Belgium reeds een openbare raadpleging organiseerde over het voorwerp van onderhavige beslissing. Een openbare raadpleging over het voorstel van het standaard aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt werd georganiseerd van 30 oktober 2020 tot 20 november
- Aan de betrokken marktpartijen werd in het Nederlands en het Frans volgende informatie overgemaakt voor opmerkingen: - Standaard aansluitingscontract – Lokale Producent - Bijlage 1 – Operationele Procedures – Lokale Producent - Bijlage 2 – Model Allocatie-overeenkomst (principeschema) – Lokale Producent - Bijlage 4 – Conformiteit installatie stroomopwaarts – Lokale Producent - Bijlage 6 – Contact details – Lokale Producent - Bijlage 7 – Specificaties – Lokale Producent - Bijlage 8 – Model Bankwaarborg – Lokale Producent - Bijlage 9 – Installatie van de Beheerder op de site van de Lokale Producent Niet-vertrouwelijk 8/20 - Bijlage 10 – Injectiestation – Lokale Producent - Bijlage 11 – Electronic Data Platform – Lokale Producent. Bovenvermelde documenten werden eveneens gepubliceerd op de website van Fluxys Belgium. De bijlagen 3 en 5, respectievelijk het Liggingsplan en het Indienstnamerapport, zijn specifiek en bijgevolg verschillend voor elke installatie. Aangezien er tot op heden van de beoogde installaties nog geen enkele in bedrijf werd gesteld, is het op dit moment nog niet echt duidelijk wat er in het Indienstnamerapport dient te worden opgenomen. Reden waarom deze bijlagen niet in de consultatie werden meegenomen. Gedurende de consultatieperiode werden de opmerkingen van de marktpartijen verzameld en werd overleg georganiseerd met de CREG om de geformuleerde commentaren en reacties te bespreken. Naar aanleiding van de consultatie hebben twee sectororganisaties, Febeliec en Febeg, en één producent, Biométhane du Bois d’Arnelle, opmerkingen en suggesties geformuleerd. Hun antwoorden zijn niet vertrouwelijk. Er werden geen bilaterale vergaderingen gehouden. Het consultatierapport nummer 47 werd door Fluxys Belgium opgesteld en geeft een overzicht van de geraadpleegde documenten, de ontvangen opmerkingen en het antwoord van Fluxys Belgium. Het wordt in bijlage 2 aan onderhavige beslissing toegevoegd. Rekening houdende met wat voorafgaat, is de CREG van oordeel dat met toepassing van artikel 40, 2° van het huishoudelijk reglement van de CREG, zij geen raadpleging moet organiseren over huidige beslissing aangezien over het voorwerp van huidige beslissing voldoende voorafgaandelijk werd gecommuniceerd en er een voorafgaande openbare raadpleging werd gehouden en dit gedurende een voldoende lange periode zodat de markt voldoende tijd heeft gehad om op de voorstellen te reageren. Met toepassing van artikel 108, van de gedragscode voldoet de openbare raadpleging nummer 47, zoals georganiseerd door Fluxys Belgium, aan de voorwaarden. 2.
- INWERKINGTREDING VAN DE BELANGRIJKSTE VOORWAARDEN Artikel 107 van de gedragscode bepaalt dat de goedgekeurde belangrijkste voorwaarden alsook de wijzigingen ervan, samen met de datum van inwerkingtreding, onverwijld bekend gemaakt worden op de website van de betrokken beheerder. Fluxys Belgium wordt uitgenodigd om de datum van inwerkingtreding aan de CREG mee te delen op hetzelfde moment dat zij deze datum aan de netgebruikers meedeelt. Niet-vertrouwelijk 9/20
- BEOORDELING 3.
- ALGEMEEN Het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Productiepunt bestaat uit het Contract, met inbegrip van de persoonsgegevens en het voorwerp, en uit de definities en de algemene bepalingen met de 11 bijlagen zoals vermeld in paragraaf 17 van de huidige beslissing. Hierna wordt nagegaan of het voorstel ingediend door Fluxys Belgium in overeenstemming is met de vigerende wetgeving en het algemeen belang. Het Standaard Aansluitingscontract voor Eindafnemers zoals goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)1979 van 3 oktober 20193 wordt in deze gebruikt als referentiedocument. Het ontbreken van opmerkingen over de door Fluxys Belgium voorgestelde wijzigingen, of het aanvaardbaar achten ervan, doet geenszins afbreuk aan een toekomstig (gemotiveerd) gebruik van de goedkeuringsbevoegdheid van de CREG, zelfs indien het punt opnieuw op identieke wijze wordt voorgesteld op een later tijdstip voor dezelfde activiteit. Indien het geval zich voordoet dat verschillende elementen van het voorstel betrekking hebben op een overkoepelend onderwerp, dan behoudt de CREG zich het recht voor deze elementen gezamenlijk te bespreken, in plaats van punt per punt. Waar nodig houdt de CREG rekening met het bijzonder karakter van de voorgestelde wijzigingen en geeft zij puntsgewijze commentaar. Naar aanleiding van de openbare raadpleging hebben markpartijen met betrekking tot de voorgestelde wijzigingen specifiek commentaar geleverd. Deze zal behandeld worden in de puntsgewijze bespreking van de respectievelijke documenten. Hieronder worden de artikelen of de bepalingen besproken, opgenomen in het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Productiepunt en de bijlagen, samen met de opmerkingen van de marktpartijen meegedeeld tijdens de raadpleging en de antwoorden hierop gegeven door Fluxys Belgium. Fluxys Belgium is eindverantwoordelijke voor een eensluidende Nederlandse en Franse versie van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Productiepunt. 3 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1979 Niet-vertrouwelijk 10/20 3.
- STANDAARD AANSLUITINGSCONTRACT VOOR HET LOKAAL GASPRODUCTIEPUNT Definities De definitie Aansluitingspunt werd aangepast. Dit punt bevindt zich tussen het Lokaal Gasproductiestation van de Lokale Producent en het Gasinjectiestation van de Beheerder. Het valt samen met het Lokaal Gasproductiepunt. Al deze nieuwe begrippen werden eveneens opgenomen in de definitielijst. In de definitielijst wordt verwezen naar de Algemene voorschriften van Synergrid voor Odorisatie en Decentrale gasinjectie. Deze voorschriften bevatten de regels van toepassing bij odorisatie en injectie van Compatibel gas in het aardgasvervoersnet. Begrippen overgenomen uit de definitielijst van het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer werden aangepast waar nodig. Zo wordt de term Aardgasontvangstation overal vervangen door Gasinjectiestation en de term Eindafnemer door Lokale Producent. Volgende nieuwe begrippen werden opgenomen in de definitielijst: Compressorstation, Elektriciteit in het Gasinjectiestation, Gas, Compatibel Gas, Gasinjectiestation, Isolatievoeg kathodische bescherming, Isoleerafsluiter, Leveringspunt, Lokaal Gasproductiepunt en Lokaal Gasproductiestation. In de Nederlandse versie van definitie 41 stelt de CREG vast dat de letters ‘nt’ van het woord ‘Producent’ ontbreken. De CREG beschouwd dit als een materiële fout. Verplichtingen van de Partijen Artikel 3.1 bevat de verplichtingen van toepassing op de Beheerder en de Lokale Producent. Artikel 3.1.1 stelt dat de Beheerder de Hoofdafsluiten en of Isoleerafsluiter kan dichtdraaien wanneer het geïnjecteerde gas niet voldoet aan de specifieke kwaliteitsvereisten op het Lokaal Gasproductiepunt conform Bijlage
- Eén marktpartij heeft een bedenking bij de mogelijkheid om nieuwe gassen te injecteren in het aardgasvervoersnet. De representatieve organisatie Febeliec is bezorgd over de injectie van nieuwe gassen in het aardgasvervoersnet met name over de mogelijke impact ervan op de samenstelling en de kwaliteit van het aardgas en de industriële processen van de eindafnemers. Febeliec legt de nadruk op het belang van een voorspelbare en stabiele gastroom voor de industriële afnemers. De CREG verwijst in dit verband naar haar Beslissing (B) 2157 van 10 december 20204 over de aanvraag van de NV Fluxys Belgium tot goedkeuring van het gewijzigde Standaard Aardgasvervoerscontract, Toegangsreglement voor aardgasvervoer en Aardgasvervoersprogramma, met name naar de kwaliteitseisen zoals opgenomen in het Toegangsreglement voor aardgasvervoer bijlage C4 – Operationele Regels en Specifieke eisen op Aansluitingspunten, meer bepaald de eisen zoals vermeld in document 14 - Operating Conditions and quality requirements at Domestic Points for Injection. 4 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2157 Niet-vertrouwelijk 11/20 De CREG verwijst in dit verband verder naar artikel 125 van de Gedragscode: “De beheerder van het aardgasvervoersnet simuleert het aardgasvervoersnet met het oog op een zo groot mogelijk aanbod van beschikbare capaciteit. Hij doet dit onder meer op basis van beschikbare historische informatie, informatie van de gebruikers en van de aangrenzende netbeheerders en op basis van afnamevooruitzichten en scenario's voor gebruik van de ingangspunten rekening houdend met zijn verplichtingen inzake systeemintegriteit.” De Gedragscode definieert in artikel 1 (definitie nr 35) systeemintegriteit als volgt: “elke toestand van een vervoernet of een vervoerinstallatie waarbij de druk, de kwaliteit van het aardgas en de technische specificaties eigen aan de vervoerinstallatie, binnen de door de beheerder gestelde minimum en maximum grenzen blijven zodat het vervoer van aardgas en de werking van de vervoerinstallaties technisch gewaarborgd zijn en de voorziene uitbating ook op langere termijn niet in het gedrang komt”. Fluxys Belgium verwijst naar Bijlage 7 – Specificaties, dat er dient te worden voldaan aan de “Algemene voorschriften Synergrid – Decentrale gasinjectie”. Met name dient de injectie van decentraal geproduceerd Compatibel Gas inclusief de kwaliteitscontrole te gebeuren conform de voorschriften opgenomen in document Synergrid G8 /
- Zie in dit verband ook in de definitielijst de definitie nummer 17 van de begrippen Gas of Compatibel Gas. Fluxys Belgium bevestigt dat ze er alles aan zullen doen om overal op het gasnet een stabiele en voorspelbare gastroom te garanderen binnen de contractuele en wettelijke kwaliteitseisen, en dat ze de netgebruikers zullen blijven informeren over de gaskwaliteit op haar vervoersnet. De CREG vraagt Fluxys Belgium om telkens er een aanvraag tot aansluiting op het vervoersnet wordt ingediend door een Lokale Producent, de betrokken eindafnemers, die mogelijk een impact zouden kunnen ondervinden van de injectie van nieuwe gassen, hierover te infomeren en te consulteren. Artikel 3.1.2 bepaalt wat er dient te gebeuren in geval van Noodsituatie en de communicatie hierover tussen de Beheerder en de Lokale Producent. Artikel 3.1.3 stelt dat in bepaalde gevallen het Compatibel Gas dient te worden geodoriseerd conform de daartoe geldende Synergrid Aanbeveling. De odorisatie-installatie zal door de Beheerder worden gebouwd en uitgebaat. De CREG stelt vast dat de nummering van dit artikel dient te worden aangepast en beschouwd dit als een materiële fout. Verplichtingen van de Lokale Producent Artikel 3.2.1 verplicht de Lokale Producent tot het afsluiten van een Standaard Aardgasvervoerscontract. De Lokale Producent bezorgt de Beheerder een bankgarantie (zie Bijlage 8). In dit verband maakt één marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, de bedenking dat het stellen van een bankgarantie om het investeringsrisico te dekken van de Beheerder, niet kan. Fluxys Belgium verduidelijkt dat deze bankgarantie wordt gevraagd in het kader van de aansluiting van de Lokale Producent waarbij de kosten worden gedragen door de Beheerder. Dezelfde aanpak wordt gevolgd als bij de aansluiting van een Eindafnemer. Niet-vertrouwelijk 12/20 De CREG verwijst naar het Standaard Aansluitingscontract voor Eindafnemers zoals goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)1979 van 3 oktober 20195 en naar paragraaf 15 van onderhavige beslissing. Artikel 3.2.5 verplicht de Lokale Gasproducent om de Beheerder bij verandering en ten minste om de twee jaar, te informeren over de verwachte wijzigingen van zijn capaciteitsbehoeften en een schatting te geven van het jaarlijks geïnjecteerd volume voor de komende 5 jaar naast de ontwikkelingen voor de komende 10 jaar. In dit verband maakt één representatieve organisatie met name Febeg en één marktpartij met name Biométhane du Bois d’Arnelle, de opmerking dat dergelijke verplichting wel heel zwaar is. Fluxys Belgium heeft daarop de tekst aangepast en voegt de woorden “best mogelijke schatting” toe. Artikel 3.2.6 verplicht de Lokale Producent om de Beheerder tijdig te verwittigen indien de wijziging van de samenstelling van de feedstock een significante wijziging van de gaskwaliteit tot gevolg zou kunnen hebben. Eén marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, maakt de opmerking dat dergelijke verplichting enkel mag gelden indien er sprake zou zijn van een belangrijke wijziging om te vermijden dat dergelijke meldingen veelvuldig zouden moeten gebeuren. Fluxys Belgium wijst erop dat er in het artikel sprake is van significante wijziging. Artikel 3.2.9 verplicht de Lokale Producent om Compatibel Gas ter beschikking te stellen op het Lokaal Gasproductiepunt conform de vereisten zoals bepaald in Bijlage
- De Lokale Producent neemt daartoe proactief de nodige maatregelen. Eén marktpartij met name Biométhane du Bois d’Arnelle, maakt de opmerking dat dergelijke verplichting niet van toepassing hoeft te zijn rekening houdend met het feit dat gas, dat niet voldoet aan de specificaties, vastgesteld bij analyse door middel van de chromatograaf van de Beheerder, via de terugvoerleiding voor niet conform gas terugkeert naar het Lokaal Gasproductiestation. Fluxys Belgium wijst erop dat de Lokale Producent steeds verantwoordelijk blijft voor de gaskwaliteit. Verplichtingen van de Beheerder Artikel 3.3 bevat de verplichtingen van de Beheerder. Deze bepalingen zijn dezelfde als diegene die werden opgenomen in het Standaard aansluitingscontract voor de Eindafnemer Er werden tijdens de raadpleging geen opmerkingen genoteerd. Regeling bij in gebreke zijnde Bevrachter Artikel 3.4 bevat de afspraken en regelingen van toepassing in het geval van een in gebreke zijnde Bevrachter. Net zoals in het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer neemt Fluxys Belgium voor een maximale periode van tien dagen de rol van Bevrachter over en garandeert op deze wijze de continuïteit van het productieproces. Dit alles om het de Lokale Producent mogelijk te maken een nieuwe Bevrachter aan te stellen. Eén marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, stelt voor om deze periode te verlengen. Fluxys Belgium wijst in dit verband naar het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer waar eenzelfde periode wordt gehanteerd. 5 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1979 Niet-vertrouwelijk 13/20 Aansprakelijkheid Artikel 4 bevat de bepalingen van toepassing voor wat betreft de aansprakelijkheid van de contracterende partijen. Deze bepalingen zijn dezelfde als diegene die werden opgenomen in het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer. Eén marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, stelt de vraag of de bedragen zoals vermeld onder artikel 4.2 niet te laag zijn. Fluxys Belgium wijst in dit verband naar het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer waar dezelfde bedragen worden gehanteerd. Overmacht Artikel 5 bevat de bepalingen inzake overmacht. Deze bepalingen zijn dezelfde als diegene die werden opgenomen in het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer. Er werden tijdens de raadpleging geen opmerkingen genoteerd. Duur Artikel 6 bevat de bepaling inzake de duur van het contract. Deze bepaling is dezelfde als diegene die werd opgenomen in het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer. Er werden tijdens de raadpleging geen opmerkingen genoteerd. Ontbinding en verhaal Artikel 7 bevat de bepalingen inzake ontbinding en verhaal. Deze bepalingen zijn dezelfde als diegene die werden opgenomen in het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer. Eén marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, stelt voor om in dit geval te streven naar een vriendschappelijke regeling tussen de beide partijen. Fluxys Belgium wijst in dit verband naar het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer en deelt mee dat ze, zoals in haar relaties met haar eindafnemers, steeds streeft naar regelingen op vriendschappelijke basis in onderlinge overeenstemming binnen het legale en regulatoire kader. Diverse bepalingen Artikel 8 bevat de diverse bepalingen. Deze bepalingen zijn gelijklopend met de bepalingen die werden opgenomen in het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer. Er werden tijdens de raadpleging geen opmerkingen genoteerd. Geschillen en Toepasselijk recht Artikel 9 bevat de bepaling geschillen en toepasselijk recht. Eén marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, vraagt dat bij dergelijke geschillen de taal van de Lokale gasproducent zou worden gebruikt als voertaal. Fluxys Belgium bevestigt dit in haar antwoord. Niet-vertrouwelijk 14/20 3.
- BIJLAGEN Bijlage 1 – Operationele Procedures In deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt worden de minimale technische specificaties beschreven voor de aansluiting van een Lokaal Gasproductiestation op het Aardgasvervoersnet en de wijze waarop de geïnjecteerde gashoeveelheden en de kwaliteit daarvan worden bepaald. De Lokale Producent is verantwoordelijk voor de conformiteit van het geïnjecteerde gas en dient rekening te houden met de van toepassing zijnde veiligheids- en milieuvereisten bij het ontwerp, lokalisatie, constructie, exploitatie en onderhoud van het Lokaal Gasproductiestation en de leiding tot het Aansluitingspunt. De beheerder levert, installeert en exploiteert het Gasinjectiestation en de leiding tussen het Leveringspunt en het Aansluitingspunt. Naar aanleiding van de openbare raadpleging heeft één marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, een aantal opmerkingen en bedenkingen geformuleerd. Deze worden hierna besproken. Punt 3.1 bevat de bepalingen inzake de technische studiedocumenten voor advies en opmerkingen. Fluxys Belgium vraagt aan de Lokale Producent een reeks van documenten voor advies en opmerkingen voor te leggen. Biométhane du Bois d’Arnelle stelt vragen naar het nut van deze bepaling, de competentie van de Beheerder, en stelt dat wat upstream het Aansluitingspunt gebeurt de verantwoordelijkheid is van de Lokale Gasproducent. Fluxys Belgium antwoordt hierop dat de kwaliteit van biomethaan niet haar enige bekommernis is. De veiligheid van personen en installaties is in deze prioritair. Het Aansluitingspunt is de contractuele grens die de verantwoordelijkheid tussen Beheerder en Lokale Producent afbakent, maar Fluxys Belgium wijst erop dat de veiligheid en de integriteit van de gehele installatie, zowel het Lokaal Gasproductiestation van de Lokale Producent als het Gasinjectiestation van de Beheerder, het voorwerp uitmaken van een transparante samenwerking tussen de betrokken partijen. De CREG sluit zich hierbij aan en wijst erop dat eventuele mankementen aan de installaties verregaande gevolgen kunnen hebben voor mens en omgeving, met daar bovenop ook mogelijke negatieve gevolgen voor de verdere ontwikkeling van soortgelijke projecten in de toekomst. Punt 3.2 bepaalt de configuratie van het Lokaal Gasproductiestation. Biométhane du Bois d’Arnelle merkt op dat niet alle opgesomde installaties altijd noodzakelijk zijn. Fluxys Belgium schrapt daarom de woorden “ten minste” en vervangt deze door “onder andere”. Punt 3.3 bevat de ontwerpvereisten van het Lokaal Gasproductiestation. Biométhane du Bois d’Arnelle merkt op dat alles wat zich upstream van het Aansluitingspunt bevindt, niet de verantwoordelijkheid is van de Beheerder. De Beheerder mag geen regels opleggen en er is ook geen behoefte om de bouw van de installaties onnodig complex te maken. De regelgeving voor aardgas stopt bij het Aansluitingspunt. Punt 3.3.1 somt de geldende regelgeving en normen op. Biométhane du Bois d’Arnelle stelt voor alle punten met uitzondering van punt 4 te schrappen. Fluxys Belgium antwoordt dat de eisen inzake ontwerp en design conform de ter zake geldende normen moeten zijn en dit om de bouw van “exotische” installaties te voorkomen. Veiligheid is een essentieel element voor de gassector. De CREG sluit zich hierbij aan. Punt 4 bevat de afspraken voor het onder gas stellen van de installaties en dit om de dichtheid van de installaties te waarborgen. Biométhane du Bois d’Arnelle vraagt om de nodige flexibiliteit te voorzien. Fluxys Belgium antwoordt dat het onder gas stellen zal gebeuren in onderling akkoord en zoals bij elke opstart van nieuwe installaties, met de nodige flexibiliteit. Niet-vertrouwelijk 15/20 Punt 5 bevat de operationele procedures voor het Gasinjectiestation. Biométhane du Bois d’Arnelle stelt in verband met punt 5.1.8 – correcties bij onjuiste metingen, voor om in geval de tijdspanne onbekend is of indien de partijen geen overeenstemming zouden bereiken, de correcties toe te passen over een tijdvak dat zich uitstrekt over de periode te beginnen vanaf de laatste controledatum, en niet over een tijdvak dat zich uitstrekt over de helft van de tijd sinds de laatste controledatum. Fluxys Belgium antwoordt dat het dezelfde regels toepast als deze opgenomen in het Standaard Aansluitingscontract voor de Eindafnemer. Wanneer de duur van de periode van mogelijke foutieve meeting onbekend is, wordt vetrokken van het principe dat de fout zich heeft voorgedaan midden tussen de datum van de vaststelling van het probleem en de datum van de laatste controle waarbij werd vastgesteld dat het meetapparaat nog goed functioneerde. Punt 6 bevat de samenstelling en eigenschappen van het geïnjecteerde gas. Biométhane du Bois d’Arnelle stelt in verband met punt 6.1 – biomethaan en compatibele gassen, dat indien het biomethaan is geanalyseerd conform de kwaliteitseisen en geïnjecteerd door de beheerder, de Lokale Producent moet worden ontheven van alle verantwoordelijkheid. Fluxys Belgium antwoordt hiermee akkoord te zijn, maar stelt dat dit principe niet toepasbaar is voor gasparameters die niet continu meetbaar zijn en waarvan de niet-conformiteit met de voorschriften van Synergrid niet direct kan worden gedetecteerd door de Beheerder. De CREG keurt deze bijlage goed. Bijlage 2 – Model Allocatie-overeenkomst (principeschema) De marktpartijen noch de CREG hebben opmerkingen met betrekking tot deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt. De CREG keurt deze bijlage bijgevolg goed. Bijlage 3 – Liggingsplan De CREG verwijst in dit verband naar paragraaf 17 van deze beslissing. Bijlage 4 – Conformiteit installatie stroomopwaarts De marktpartijen noch de CREG hebben opmerkingen met betrekking tot deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt. De CREG keurt deze bijlage bijgevolg goed. Bijlage 5 – Indienstnamerapport De CREG verwijst in dit verband naar paragraaf 17 van deze beslissing. Niet-vertrouwelijk 16/20 Bijlage 6 – Contact details De marktpartijen noch de CREG hebben opmerkingen met betrekking tot deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt. De CREG keurt deze bijlage bijgevolg goed. Bijlage 7 – Specificaties De marktpartijen noch de CREG hebben opmerkingen met betrekking tot deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt. De CREG keurt deze bijlage bijgevolg goed. Bijlage 8 – Model Bankwaarborg De marktpartijen noch de CREG hebben opmerkingen met betrekking tot deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt. De CREG keurt deze bijlage bijgevolg goed. Bijlage 9 – Installatie van de Beheerder op de site van de Lokale Producent De marktpartijen noch de CREG hebben opmerkingen met betrekking tot deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt. De CREG keurt deze bijlage bijgevolg goed. Bijlage 10 – Injectiestation De marktpartijen noch de CREG hebben opmerkingen met betrekking tot deze bijlage van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt. De CREG keurt deze bijlage bijgevolg goed. Bijlage 11 – Electronic Data Platform In het kader van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Gasproductiepunt biedt de Beheerder de Lokale Producent toegang tot het gebruik van het Elektronische Data Platform zoals uiteengezet in deze bijlage. Deze bijlage is dezelfde als de bijlage 11 van het Standaard Aansluitingscontract voor Eindafnemers zoals goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)1979 van 3 oktober
- Eén marktpartij, met name Biométhane du Bois d’Arnelle, stelt de vraag of dit een standaard document is voor gegevensuitwisseling tussen eindafnemers en de TSO en vraagt tevens of de beschreven procedures niet eenvoudiger kunnen worden gemaakt. Fluxys Belgium antwoordt dat deze bijlage dezelfde is voor zowel bevrachters als voor eindafnemers. 6 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1979 Niet-vertrouwelijk 17/20 De CREG keurt deze bijlage goed.
- BESLISSING Met toepassing van artikel 15/14, §2, tweede lid, 6°, van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen en gezien de voorgaande analyse, beslist de CREG de aanvraag van Fluxys Belgium tot goedkeuring van het Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Productiepunt, ingediend bij de CREG op 17 december 2020 in haar geheel goed te keuren, mits rekening gehouden wordt met de opmerkingen geformuleerd door de CREG in de randnummer36 en
- Het door de CREG goedgekeurde Standaard Aansluitingscontract voor het Lokaal Productiepunt treedt in werking op moment van aankondiging door Fluxys Belgium op haar website. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Andreas TIREZ Directeur Koen LOCQUET Wnd. Voorzitter van het Directiecomité Niet-vertrouwelijk 18/20 BIJLAGE 1 Voorstel van standaard aansluitingscontract voor het Lokaal Productiepunt Niet-vertrouwelijk 19/20 BIJLAGE 2 Consultatierapport nr 47 Niet-vertrouwelijk 20/20