← België

Beslissing inzake de toekenning tot afwijking van de termijn voor het gebruik van het Europese platform voor frequentieherstelreserves met automatisch

(B)2412 14 juli 2022 Beslissing inzake de toekenning tot afwijking van de termijn voor het gebruik van het Europese platform voor frequentieherstelreserves met automatische activering (aFRR) genomen met toepassing van de artikel 62.1 van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering Niet-vertrouwelijk CREG - Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 1. WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 4 1.1. 2. 3. Europees recht ........................................................................................................................ 4 ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 6 2.1. Algemeen................................................................................................................................. 6 2.2. Raadpleging ............................................................................................................................. 7 ASPECTEN WAARMEE REKENING GEHOUDEN WORDT VOOR TOEKENNING VAN EEN AFWIJKING9 3.1. De moeilijkheden in verband met de tenuitvoerlegging van artikel 21, lid 6 van de EB GLEBGL ................................................................................................................................................. 9 3.2. De risico’s en gevolgen voor de operationele veiligheid......................................................... 9 3.3. Acties die zijn ondernomen om de tenuitvoerlegging van artikel 21, lid 6 van de EBGL te vergemakkelijken ................................................................................................................................ 9 3.4. Gevolgen van de niet-toepassing van artikel 21, lid 6 van de EBGL voor de non-discriminatie van en concurrentie met andere Europese marktdeelnemers, met name wat vraagrespons en hernieuwbare energiebronnen betreft ............................................................................................... 9 3.5. Effect op de algemene economische efficiëntie en de slimme-netinfrastructuur ............... 10 3.6. Gevolgen voor andere programmeringszones en de algemene gevolgen voor het Europees marktintegratieproces ....................................................................................................................... 11 4. CONCLUSIE .................................................................................................................................... 11 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 12 Niet-vertrouwelijk 2/12 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna: “CREG”) onderzoekt, met toepassing van artikel 62.1, van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering (hierna: “EBGL”), op eigen initiatief het toekennen aan Elia Transmission Belgium (hierna: “Elia”) van een afwijking van de termijn voor het gebruik van het Europees platform voor frequentieherstelreserves met automatische activering (hierna: “de Afwijking”). Onderhavige beslissing bestaat uit vier hoofdstukken. Het eerste hoofdstuk schetst het wettelijk kader. Het tweede hoofdstuk duidt de antecedenten en de raadpleging, en het derde hoofdstuk onderzoekt de afwijking. Het laatste hoofdstuk tenslotte, bevat de beslissing. Deze beslissing werd door het Directiecomité van de CREG genomen op 14 juli 2022. Niet-vertrouwelijk 3/12 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEES RECHT 1. Met toepassing van artikel 62.1, van de EBGL kan een regulerende instantie op eigen initiatief de relevante transmissiesysteembeheerder (hierna: “TSB”) toestaan af te wijken van één of meer bepalingen van deze verordening overeenkomstig leden 2 tot en met 12. 2. Artikel 62.2, van de EBGL bepaalt dat volgende afwijkingen kunnen worden toegestaan : “

  1. a)de termijnen tegen dewelke een TSB gebruik moet maken van de Europese platforms overeenkomstig artikel 19, lid 5, artikel 20, lid 6, artikel 21, lid 6, en artikel 22, lid 5;
  2. b)de definitie van de ISP-GCT in een centraal dispatchingmodel overeenkomstig artikel 24, lid 5, en de mogelijkheid om biedingen van het geïntegreerde programmeringsproces te wijzigen overeenkomstig artikel 24, lid 6;
  3. c)het maximumvolume zoneoverschrijdende capaciteit die is toegewezen op basis van een marktgebaseerd proces overeenkomstig artikel 41, lid 2, of op basis van een analyse van de economische efficiëntie overeenkomstig artikel 42, lid 2;
  4. d)de harmonisering van de onbalansverrekeningsperiode overeenkomstig artikel 53, lid 1;
  5. e)de implementatie van de eisen van de artikelen 45, 46, 47, 48, 49, 50, 51, 54, 55, 56 en 57.” 3. Artikel 62.3 van de EBGL vervolgt dat: “Het afwijkingsproces moet transparant, niet-discriminerend, niet-vooringenomen en goed gedocumenteerd zijn en zijn gebaseerd op een met redenen omkleed verzoek.” 4. Bij de beoordeling van een afwijking op eigen initiatief, houdt de relevante regulerende instantie overeenkomstig artikel 62.8, van de EBGL rekening met de volgende aspecten:
  6. a)de moeilijkheden in verband met de tenuitvoerlegging van de desbetreffende bepaling of bepalingen;
  7. b)de risico's en gevolgen van de desbetreffende bepaling of bepalingen voor de operationele veiligheid;
  8. c)de acties die zijn ondernomen om de tenuitvoerlegging van de desbetreffende bepaling of bepalingen te vergemakkelijken;
  9. d)de gevolgen van de niet-toepassing van de desbetreffende bepaling of bepalingen voor de non-discriminatie van en concurrentie met andere Europese marktdeelnemers, met name wat vraagrespons en hernieuwbare energiebronnen betreft;
  10. e)het effect op de algemene economische efficiëntie en de slimme-netinfrastructuur;
  11. f)de gevolgen voor andere programmeringszones en de algemene gevolgen voor het Europees marktintegratieproces. Niet-vertrouwelijk 4/12 5. Artikel 62.9 van de EBGL stelt het volgende: “De relevante regulerende instantie stelt een met redenen omkleed besluit op met betrekking tot een verzoek om afwijking of een op eigen initiatief toegekende afwijking. Als de relevante regulerende instantie een afwijking toekent, specificeert zij de duur ervan. De afwijking mag slechts één keer en voor een maximumperiode van twee jaar worden toegekend, behalve voor de afwijkingen in lid 2, onder
  12. c)en d), die tot 1 januari 2025 mogen worden toegekend.” 6. Artikel 62.10, van de EBGL vervolgt dat: “De relevante regulerende instantie stelt de TSB, het Agentschap en de Europese Commissie in kennis van haar besluit. Het besluit wordt ook op de website van de relevante regulerende instantie gepubliceerd.” 7. Artikel 62.11, van de EBGL vervolgt dat: “De relevante regulerende instanties houden een register bij van alle afwijkingen die zij hebben verleend of geweigerd en verstrekken het Agentschap minstens om de zes maanden een geactualiseerd en geconsolideerd register, waarvan ook een exemplaar aan het ENTSOE wordt bezorgd.” 8. Tot slot, overeenkomstig artikel 62.12, van de EBGL bevat het register de volgende aspecten: “
  13. a)de bepalingen waarvan afwijking wordt toegestaan of geweigerd;
  14. b)de inhoud van de afwijking;
  15. c)de redenen voor het toestaan of weigeren van de afwijking;
  16. d)de gevolgen van het toestaan van de afwijking.” Niet-vertrouwelijk 5/12 2. ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN 9. Op 24 januari 2020 nam ACER de beslissing No 02/2020 betreffende het tenuitvoerleggingskader voor een Europees platform voor de uitwisseling van balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves met automatische activering1 (hierna: “aFRR IF beslissing”). Artikel 5 van Bijlage 1 van de aFRR IF Beslissing legt aan alle TSBs die het Europese aFRR-platform ontwikkelen, op dat ze het Europees platform geïmplementeerd zullen hebben en operationeel zullen maken binnen dertig maanden na de goedkeuring ervan, met name tegen ten laatste 24 juli 2022. 10. Zes maanden voor de datum van de toepassing van het Europees platform voor de uitwisseling van balanceringsenergie voor frequentieherstelreserves met automatische activering is de uiterste datum waarop Elia een afwijkingsverzoek bij de CREG had kunnen indienen. Elia heeft van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt. 11. Op 24 maart 2022 keurde de CREG de beslissing (B)2366 de T&C BSP aFRR2 goed. De goedgekeurde T&C BSP aFRR beschrijft de marktregels die van toepassing zullen zijn wanneer het LFC Blok van Elia gebruik zal maken van het Europese aFRR-platform. Het implementatieplan van de goedgekeurde T&C BSP aFRR bepaalt dat de inwerkingtreding van een deel van de marktregels conditioneel is aan een positieve evaluatie naar de impact van de toepassing ervan op de efficiënte werking van de balanceringsmarkten. 12. Tijdens de Core Consultative Group vergadering van 29 maart 2022 communiceerden TSBs van de Core regio dat er frequent geen beschikbare grensoverschrijdende transportcapaciteit voor handel tijdens de intraday markt over bleef, op basis van resultaten behaald tijdens de parallel run van de berekeningsmethode. Er kan dus, op basis van deze resultaten van de uitgevoerde simulaties door de betrokken TSBs, voor de grenzen met de Belgische biedzone verwacht worden dat de beschikbare grensoverschrijdende capaciteit na de dagmarkt sterk zal verminderen in vergelijking met wat actueel als beschikbaar geobserveerd wordt. 13. In maart 2022 communiceerde het projectteam binnen ENTSO-E dat de implementatie en de inwerkingtreding van het Europese aFRR-platform uitvoert, een actualisatie van het toetredingsstappenplan van individuele LFC Blokken tot het Europese aFRR-platform. Het daaruit voortgevloeide en geactualiseerde toetredingsstappenplan omvat een later tijdstip van toetreding van het Duitse en Oostenrijkse LFC Blok, namelijk op 22 juni 2022. 14. De latere datum van ingebruikname door het Duitse en Oostenrijkse LFC-Blok tot het Europese aFRR-platform leidt tot een latere afronding van de evaluatieperiode voorzien binnen de goedgekeurde T&C BSP aFRR. Als gevolg hiervan is het onzeker of de ingebruikname van het Europese aFRR-platform in het LFC Blok van Elia tijdig zal kunnen gebeuren, zelfs in geval van een positieve evaluatie. 15. Elia stelde tijdens de door haar georganiseerde Working Group Balancing van 5 mei 2022 aan de Belgische belanghebbenden voor om de evaluatieperiode verder te laten doorlopen van 22 juni 2022 tot en met 26 augustus 2022. Deze planning zou aan Elia toelaten om het Europese aFRR-platform in gebruik te kunnen nemen op 27 september 2022. 1 2 https://extranet.acer.europa.eu/en/Electricity/MARKET-CODES/ELECTRICITY-BALANCING/Pages/05-mFRR-IF.aspx https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2366 Niet-vertrouwelijk 6/12 2.2. RAADPLEGING 16. De CREG organiseerde een openbare raadpleging van 10 juni 2022 tot en met 1 juli 2022 betreffende huidige beslissing, conform artikel 33, § 1, van haar huishoudelijk reglement. De termijn van de openbare raadpleging duurde 3 weken 17. De CREG heeft vier niet-vertrouwelijke reacties ontvangen: - Jacques Marlot - Febeliec - Febeg - Elia 18. Mr. Marlot merkt op dat de acroniemen “T&C BSP aFRR” en “T&C BSP mFRR” niet verduidelijkt werden in de tekst, en stelt voor om deze te definiëren aan het begin of aan het einde van het document. De CREG verwelkomt deze reactie en heeft de aangehaalde acroniemen in de tekst gedefinieerd. 19. Febeliec heeft geen fundamentele bezwaren noch opmerkingen geformuleerd. Febeliec merkt op dat, indien aan alle voorwaarden voldaan is, zo snel mogelijk overgeschakeld wordt naar een koppeling met het Europese platform. Febeliec formuleert ook haar teleurstelling met betrekking tot de raadplegingsperiode, die minder dan een maand bedroeg. De CREG dankt Febeliec voor haar reactie. De CREG merkt op dat het voorgestelde proces met betrekking tot de verlening van de afwijking een evaluatiemoment inhoudt waarin de CREG de toepassing van de afwijking moet bevestigen. De CREG wijzigt de ontwerpbeslissing licht om te verduidelijken dat de afwijkingsperiode afloopt op het moment de in de beslissing opgenomen criteria positief geëvalueerd zijn door de CREG, rekening houdend met het rapport van Elia. De CREG begrijpt ook de reactie met betrekking tot de duur van de raadplegingsperiode, maar merkt op dat de maximaal mogelijke duur van de raadplegingsperiode gegeven werd, rekening houdend met de wettelijke vereiste om voor 24 juli 2022 de afwijking te verlenen. 20. Febeg heeft geen bezwaren geformuleerd. Febeg stelt dat het cruciaal is om voldoende tijd te nemen om op een veilige manier aan te sluiten aan het Europese platform. Febeg benadrukt dat het niet de bedoeling kan zijn om de deelname langer uit te stellen dan strikt noodzakelijk. De CREG dankt Febeg voor haar reactie en verwijst naar het antwoord van de CREG op de reactie van Febeliec in paragraaf 19 van deze beslissing. 21. Elia formuleert bedenkingen bij de planning om deel te nemen aan het Europese aFRR-platform en stelt de verwachte datum van deelname in september in vraag ten gevolge van het ontbreken van een beslissing over de balanceringsregels door de CREG op eind juni 2022. Elia merkt ook op dat de deelname van het LFC Blok van Elia aan het Europese aFRR-platform op 27 september 2022 aanneemt dat de nodige ontwikkelingen en testen succesvol afgerond werden. De CREG dankt Elia voor deze reactie. De CREG merkt weliswaar op dat Elia reeds op 24 maart 2022 tijdens de Working Group Balancing aan de markt communiceerde dat de deelname van het LFC Blok van Elia pas in september 2022 zou plaatsvinden. Als gevolg is de CREG van oordeel dat processen die later startten dan deze datum geen oorzakelijk verband kunnen hebben met noodzaak van de Afwijking. De CREG wijst Elia er trouwens op dat de CREG conform de wetgeving over een langere beslissingstermijn beschikt dan wat Elia vooropstelt in haar reactie, en dat Elia zelf de volledige verantwoordelijkheid draagt voor de inhoud en het tijdstip van indiening van de voorstellen die zij bij Niet-vertrouwelijk 7/12 de CREG indient, inclusief elke invloed hiervan op de beoordelingsprocessen van de CREG. Aldus kunnen acties van de CREG nooit het onderwerp uitmaken van een moeilijkheid in verband met de tenuitvoerlegging van artikel 21, lid 6 van de EBGL. 22. Elia wijst ook op de mogelijke impact van de activatiekosten en de onevenwichtstarieven op de Belgische balanceringsmarkt ten gevolge van de deelname aan het Europese aFRR-platform en acht het nodig deze ook op te nemen als criteria om een deelname aan het Europese aFRR-platform in september uit te stellen. Elia wijst er ook op dat het effect op de welvaart niet opgenomen is in haar analyse. Met betrekking tot het voorgestelde criterium inzake de beschikbare grensoverschijdende capaciteit, stelt Elia dat de eerste resultaten geen vermindering in grensoverschrijdende capaciteit vertonen. Elia zal dit criterium ook opnemen in haar analyse. Voor de CREG is de toename van uitwisselingen van standaard aFRRbalanceringsenergieproductbiedingen ten gevolge van een koppeling met naburige LFC Blokken nog steeds het belangrijkste criterium dat geanalyseerd moet worden. Met betrekking tot de impact op de aFRR-balanceringsenergieprijzen en de onbalansprijs, is de CREG niet afkerig om deze te analyseren. De CREG past als gevolg haar beslissing aan. Niet-vertrouwelijk 8/12 3. ASPECTEN WAARMEE REKENING GEHOUDEN WORDT VOOR TOEKENNING VAN EEN AFWIJKING 23. In wat volgt, rechtvaardigt de CREG de toekenning van een afwijking op de termijn tegen dewelke Elia gebruik moet maken van het Europese platform overeenkomstig artikel 21, lid 6 van de EBGL. Deze aspecten staan opgelijst in artikel 62.8 van de EBGL. 3.1. DE MOEILIJKHEDEN IN VERBAND MET DE TENUITVOERLEGGING VAN ARTIKEL 21, LID 6 VAN DE EB GLEBGL 24. De CREG heeft op 24 maart 2022 via beslissing (B)2366 de door Elia ingediende T&C BSP aFRR goedgekeurd. Deze T&C BSP aFRR bevat krachtens artikel 18 van de EBGL alle modaliteiten en voorwaarden die ten uitvoering gelegd moeten worden om deel te nemen aan het Europese aFRRplatform. De CREG heeft via de openbare raadpleging aanwijzingen ontvangen dat er moeilijkheden zijn met de tenuitvoerlegging van artikel 21, lid 6 EBGL, namelijk dat er nog testen en ontwikkelingen dienen te gebeuren om op een veilige manier aan te sluiten aan het Europese aFRR-platform. 3.2. DE RISICO’S EN GEVOLGEN VOOR DE OPERATIONELE VEILIGHEID 25. De CREG heeft via de openbare raadpleging aanwijzingen ontvangen dat er risico’s zijn of gevolgen voor de operationele veiligheid ten gevolge van de tenuitvoerlegging van de T&C BSP aFRR waarnaar verwezen wordt in paragraaf 24. 3.3. ACTIES DIE ZIJN ONDERNOMEN OM DE TENUITVOERLEGGING VAN ARTIKEL 21, LID 6 VAN DE EBGL TE VERGEMAKKELIJKEN 26. De T&C BSP aFRR waarnaar verwezen wordt in paragraaf 24 voorziet reeds een periode om onder andere de impact van de gewijzigde capaciteitsberekening, waarnaar verwezen wordt in paragraaf 12, op de efficiënte werking van de aFRR-balanceringsmarkt te evalueren. Als gevolg van de latere deelname van het Duitse en Oostenrijkse LFC Blok, waarnaar verwezen wordt in paragraaf 13, zal het einde van deze evaluatieperiode later plaatsvinden dan de uiterste datum wanneer het LFC Blok van Elia het Europese aFRR-platform moet gebruiken zonder toegestane afwijking, namelijk op 24 juli 2022. 3.4. GEVOLGEN VAN DE NIET-TOEPASSING VAN ARTIKEL 21, LID 6 VAN DE EBGL VOOR DE NON-DISCRIMINATIE VAN EN CONCURRENTIE MET ANDERE EUROPESE MARKTDEELNEMERS, MET NAME WAT VRAAGRESPONS EN HERNIEUWBARE ENERGIEBRONNEN BETREFT 27. De CREG stelt vast dat op het moment van de toekenning van de afwijking van de tenuitvoerlegging van artikel 21, lid 6 van de EBGL van alle naburige LFC Blokken, alleen het Duitse LFC Blok het Europese aFRR-platform in gebruik zal nemen voordat het LFC Blok van Elia zou deelnemen. De concurrentie met Europese marktdeelnemers is dus reeds beperkt. De overige naburige LFC Niet-vertrouwelijk 9/12 Blokken zouden pas vanaf midden 2023 (RTE) of in 2024 (Tennet NL) het Europese aFRR-platform in gebruik nemen. 28. De CREG stelt zich zelfs bij deelname van het LFC Blok van Elia de vraag of er voldoende beschikbare grensoverschrijdende capaciteit na de intraday markt zal zijn om de concurrentie te bevorderen met de marktdeelnemers in de LFC Blokken die het Europese aFRR-platform in gebruik hebben. Ze verwijst hierbij naar paragraaf 12 van deze beslissing. 29. Bijgevolg is het voor de CREG zelfs onzeker dat het LFC Blok van Elia, bij een deelname aan het Europese aFRR-platform, blootgesteld zal worden aan een competitieve, grensoverschrijdende prijs die de toestand van het Europese systeem in reële tijd reflecteert. Als gevolg is de CREG van mening dat eerst een evaluatie uitgevoerd moet worden. Deze evaluatie moet enerzijds onderzoeken of er aanwijzingen zijn dat de op het Europese aFRR-platform gevormde grensoverschrijdende prijzen niet vastgesteld werden op een op concurrentie gebaseerde wisselwerking tussen vraag en aanbod. Anderzijds onderzoekt de evaluatie of er aanwijzingen zijn dat het LFC Blok van Elia onvoldoende blootgesteld zou worden aan deze grensoverschrijdende prijzen, bijvoorbeeld ten gevolge van de toepassing van de gewijzigde capaciteitsberekening waarnaar verwezen in paragraaf 12 van deze beslissing. In dit laatste geval wordt geëvalueerd of de efficiëntie van de Europese balanceringsmarkt, in de vorm van uitwisselingen van standaard aFRR-balanceringsenergieproductbiedingen tussen LFC Blokken, voldoende is om aan de doelstellingen van de EBGL te voldoen, onder andere deze in artikel 3.2(
  17. c)en artikel 3.2(
  18. e)van de EBGL. De evaluatie onderzoekt ook de impact van de deelname van het LFC Blok van Elia tot het Europese aFRR-platform op de aFRR-balanceringsenergieprijzen en op de onbalansprijzen in het LFC Blok van Elia. Het doel is om te evalueren wat de impact is van de kosten en/of opportuniteiten voor Belgische belanghebbenden ten gevolge van een deelname aan het Europese aFRR-platform, rekening houdend met de algemene doelstelling om de efficiëntie van balancering te verbeteren door deelname aan het Europese aFRR-platform. 30. Gegeven de door Elia gecommuniceerde implementatieplanning zoals beschreven in paragraaf 15 van huidige beslissing, vraagt de CREG dat Elia ten laatste 11 weken na de goedkeuring door de CREG van de onbalansverrekening krachtens Hoofdstuk 4 van Titel V van de EBGL en op voorwaarde dat het Europese aFRR-platform operationeel zal zijn op 24 juli 2022, een rapport met de resultaten van de evaluatie van de criteria vermeld in paragraaf 29 van huidige beslissing, na overleg met marktdeelnemers, meedeelt aan de CREG. 31. Om te vermijden dat de afwijking voor een langere periode dan strikt nodig toegepast wordt, zal de CREG aan Elia de toepassing van de afwijking op basis van de evaluatie bedoeld in paragraaf 30 schriftelijk bevestigen. Deze bevestiging gebeurt door de CREG ten laatste twee weken na ontvangst van de evaluatie van Elia zoals bedoeld in paragraaf 30 van huidige beslissing. In geval van een positieve bevestiging van de blijvende toepassing van de afwijking zal deze bevestiging de datum voor een nieuw evaluatiemoment specifiëren. In geval van een negatieve bevestiging zal deze bevestiging de datum van het verstrijken van de afwijking specifiëren. 3.5. EFFECT OP DE ALGEMENE ECONOMISCHE EFFICIËNTIE EN DE SLIMME-NETINFRASTRUCTUUR 32. De economische efficiëntie van de Europese aFRR-balanceringsenergiemarkt is het onderwerp van de evaluatieperiode beschreven in paragrafen 27 enerzijds, en 30 en 31 van huidige beslissing anderzijds, van huidige beslissing. Het effect op de algemene economische efficiëntie is als gevolg beperkt. Niet-vertrouwelijk 10/12 33. De CREG verwacht geen effect op de slimme-netinfrastructuur ten gevolge van de toekenning van de afwijking op de termijn tegen dewelke Elia gebruik moet maken van het Europese platform overeenkomstig artikel 21, lid 6 van de EBGL. 3.6. GEVOLGEN VOOR ANDERE PROGRAMMERINGSZONES EN DE ALGEMENE GEVOLGEN VOOR HET EUROPEES MARKTINTEGRATIEPROCES 34. Verwijzend naar paragraaf 27 van huidige beslissing is de CREG van mening dat de toekenning van een afwijking op artikel 21, lid 6 van de EBGL weinig tot geen risico inhoudt voor het Europees marktintegratieproces. 4. CONCLUSIE Met toepassing van de artikel 62.1, van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering kent de CREG aan Elia Transmission Belgium NV een afwijking toe op de termijn tegen dewelke Elia gebruik moet maken van het Europese platform overeenkomstig artikel 21, lid 6 van de EBGL. De CREG vraagt Elia om het rapport met de evaluatie aan de CREG mede te delen overeenkomstig paragraaf 30 van huidige beslissing. De CREG kent een afwijking toe voor een maximale periode van twee jaar; de periode van de afwijking kan verkort worden rekening houdend met de toepassingsmodaliteiten in paragraaf 31 van huidige beslissing.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Andreas TIREZ Directeur Koen LOCQUET Wnd. Voorzitter van het Directiecomité Niet-vertrouwelijk 11/12 BIJLAGE 1 Individuele commentaren, in het Engels, het Frans en het Nederlands – 10 juni 2022 Niet-vertrouwelijk 12/12

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.