(B)2434 14 juli 2022 Beslissing tot intrekking van beslissing (B)2417 van 7 juli 2022 inzake de aanvraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia Artikel 28 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt juncto artikel 6.3.
- e)van de verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen en artikel 4 van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe Niet-vertrouwelijk CREG - Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 1. 2. 3. 4. WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 3 1.1. Europees recht ........................................................................................................................ 3 1.2. Het federaal technisch reglement ........................................................................................... 5 1.3. Elektriciteitswet ....................................................................................................................... 6 1.4. Tariefmethodologie ................................................................................................................. 6 ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 7 2.1. Algemeen................................................................................................................................. 7 2.2. Raadpleging ............................................................................................................................. 7 ANALYSE .......................................................................................................................................... 8 3.1. Uiteenzetting van de argumentatie van Elia ........................................................................... 8 3.2. Onderzoek van de CREG .......................................................................................................... 9 3.2.1. Over de ontvankelijkheid van de klacht .......................................................................... 9 3.2.2. Over de inhoud ................................................................................................................ 9 BESLUIT .......................................................................................................................................... 10 Niet-vertrouwelijk 2/10 INLEIDING Op 7 juli 2022 nam het directiecomité van de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas ("CREG") beslissing (B)2417 inzake de aanvraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia. Dezelfde dag maakte Elia Transmission Belgium ("Elia") de CREG een brief over waarin ze de CREG vroeg haar beslissing zo snel mogelijk te herzien. Deze brief lijkt op een klacht met het oog op een nieuw onderzoek in de zin van artikel 28 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna de “elektriciteitswet”). Omwille van de redenen die in deze beslissing vermeld worden, vindt de CREG het nodig om beslissing (B)2417 in te trekken. Deze ontwerpbeslissing bevat, naast de inleiding, vier hoofdstukken: het eerste hoofdstuk bevat het wettelijk kader, het tweede hoofdstuk beschrijft de antecedenten; het derde hoofdstuk beschrijft de argumenten van Elia voor haar klacht met het oog op een nieuw onderzoek en het onderzoek van de klacht met het oog op een nieuw onderzoek en het vierde hoofdstuk omvat de eigenlijke beslissing. Deze beslissing werd goedgekeurd door het directiecomité van de CREG tijdens haar vergadering van 14 juli 2022. 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEES RECHT 1. Artikel 6.1, van de SOGL-verordening bepaalt dat: “Elke reguleringsinstantie keurt de voorwaarden of methodologieën goed die door TSB's overeenkomstig de leden 2 en 3 worden ontwikkeld. De door de lidstaat aangewezen entiteit keurt de voorwaarden of methodologieën goed die door de TSB's overeenkomstig lid 4 worden ontwikkeld. De aangewezen entiteit is de reguleringsinstantie tenzij anderszins beslist door de lidstaat.” 2. Artikel 6.3, e), van de SOGL-verordening bepaald dat: “De voorstellen van voorwaarden of methodologieën, waarover een lidstaat advies kan uitbrengen worden aan de betrokken reguleringsinstantie, ter goedkeuring voorgelegd aan alle reguleringsinstanties van de betrokken regio:
- e)de methodologieën en voorwaarden vervat in de operationele overeenkomst van een LFCblok overeenkomstig artikel 119 met betrekking tot:
- i)regelbeperkingen voor het gegenereerde werkzame vermogen overeenkomstig artikel 137, leden 3 en 4;
- ii)coördinatiemaatregelen waarmee wordt beoogd de FRCE terug te dringen als bepaald in artikel 152, lid 14; iii) maatregelen waarmee de FRCE wordt teruggedrongen door middel van aanpassingen in de productie of het verbruik van werkzaam vermogen van elektriciteitsproductieeenheden en verbruikersinstallaties overeenkomstig artikel 152, lid 16; Niet-vertrouwelijk 3/10
- iv)de FRR-dimensioneringsregels overeenkomstig artikel 157, lid 1;” 3. De bepalingen inzake de operationele overeenkomsten voor LFC-blokken, afgekondigd in artikel 119 van de SOGL-verordening, luiden als volgt: “1. Binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze verordening ontwikkelen alle TSB's van elk LFC-blok gezamenlijk gemeenschappelijke voorstellen voor:
- a)wanneer het LFC-blok bestaat uit meer dan één LFC-zone, FRCE-doelparameters voor elke LFC-zone zoals omschreven in artikel 128, lid 4;
- b)een monitorverantwoordelijke voor het LFC-blok overeenkomstig artikel 134, lid 1;
- c)regelbeperkingen voor output van werkzaam vermogen overeenkomstig artikel 137, leden 3 en 4;
- d)wanneer het LFC-blok wordt geëxploiteerd door meer dan één TSB, de specifieke toewijzing van verantwoordelijkheden tussen TSB's binnen het LFC-blok overeenkomstig artikel 141, lid 9;
- e)indien van toepassing, de aanwijzing van de TSB die belast wordt met de taken als bedoeld in artikel 145, lid 6;
- f)aanvullende vereisten inzake de beschikbaarheid, betrouwbaarheid en redundantie van de technische infrastructuur overeenkomstig artikel 151, lid 3;
- g)operationele procedures in geval van uitgeputte FRR en RR overeenkomstig artikel 152, lid 8;
- h)de FRR-dimensioneringsregels als omschreven in artikel 157, lid 1;
- i)de RR-dimensioneringsregels als omschreven in artikel 160, lid 2;
- j)wanneer het LFC-blok wordt geëxploiteerd door meer dan één TSB, de specifieke toewijzing van verantwoordelijkheden als omschreven in artikel 157, lid 3, en, indien van toepassing, de specifieke toewijzing van verantwoordelijkheden als omschreven in artikel 160, lid 6;
- k)de escalatieprocedure als omschreven in artikel 157, lid 4, en, indien van toepassing, de escalatieprocedure als omschreven in artikel 160, lid 7;
- l)de eisen voor FRR-beschikbaarheid, de vereisten inzake de regelkwaliteit als omschreven in artikel 158, lid 2, en indien van toepassing, de eisen voor RR-beschikbaarheid en de vereisten inzake de regelkwaliteit als omschreven in artikel 161, lid 2;
- m)indien van toepassing, limieten aan de uitwisseling van FCR tussen de LFC-zones van de verschillende LFC-blokken binnen de synchrone zone CE en de uitwisseling van FRR of RR tussen de LFC-zones van een LFC-blok of een synchrone zone die bestaat uit meer dan één LFC-blok zoals omschreven in artikel 163, lid 2, artikel 167 en artikel 169, lid 2;
- n)de taken en verantwoordelijkheden van de reserveconnecterende TSB's, de reserveontvangende TSB en de beïnvloede TSB in verband met de uitwisseling van FRR en/of RR met TSB's van andere LFC-blokken zoals omschreven in artikel 165, lid 6;
- o)de taken en verantwoordelijkheden van de regelcapaciteitleverende TSB, de regelcapaciteitontvangende TSB en de beïnvloede TSB in verband met het delen van FRR en RR zoals omschreven in artikel 166, lid 7;
- p)de taken en verantwoordelijkheden van de regelcapaciteitleverende TSB, de regelcapaciteitontvangende TSB en de beïnvloede TSB in verband met het delen van FRR en RR tussen synchrone zones zoals omschreven in artikel 175, lid 2;
- q)coördinatiemaatregelen gericht op het verminderen van de FRCE zoals omschreven in artikel 152, lid 14, en Niet-vertrouwelijk 4/10
- r)maatregelen om de FRCE te verminderen door veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik van elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikseenheden te verlangen overeenkomstig artikel 152, lid 16. 2. Alle TSB's van elk LFC-blok dienen de in artikel 6, lid 3, onder e), vermelde methodologieën en voorwaarden in voor goedkeuring door alle reguleringsinstanties van het desbetreffende LFC-blok. Binnen één maand na de goedkeuring van deze methodologieën en voorwaarden sluiten alle TSB's van elk LFC-blok een operationele overeenkomst van het LFC-blok, die binnen drie maanden na de goedkeuring van de methodologieën en voorwaarden in werking treedt.” 4. Artikel 157.1, van de SOGL-verordening bepaalt het volgende: “Alle TSB's van een LFC-blok stellen in de operationele overeenkomst van het LFC-blok FRRdimensioneringsvoorschriften vast.” 5. Overeenkomstig artikel 6.6 van de SOGL-verordening moeten alle voorstellen en methodologieën, waaronder het voorstel voor het LFC-blok, een tijdschema voor de tenuitvoerlegging ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van de SOGLverordening (geformuleerd in artikel 4) omvatten: “6. Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor de tenuitvoerlegging ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van deze verordening. Voorstellen betreffende voorwaarden of methodologieën die ter goedkeuring aan verschillende of aan alle reguleringsinstanties moeten worden voorgelegd, worden bij het Agentschap ingediend op hetzelfde tijdstip als dat van indiening bij de reguleringsinstanties. Op verzoek van de bevoegde regulerende instanties brengt het Agentschap binnen een termijn van drie maanden advies uit over de voorstellen voor voorwaarden of methodologieën.” 6. Met toepassing van artikel 7.4 van de SOGL-verordening kunnen de TSB's die verantwoordelijk zijn voor het opstellen van een voorstel voor voorwaarden of methodologieën, of de reguleringsinstanties of aangewezen entiteiten die verantwoordelijk zijn voor de vaststelling daarvan overeenkomstig artikel 6, leden 2, 3 en 4 verzoeken die voorwaarden of methodologieën te wijzigen. Voorstellen tot wijziging van de voorwaarden of methodologieën worden overeenkomstig de procedure van artikel 11, indien van toepassing, ter raadpleging voorgelegd en worden goedgekeurd overeenkomstig de in de artikelen 5 en 6 uiteengezette procedure. 1.2. HET FEDERAAL TECHNISCH REGLEMENT 7. Bij Koninklijk Besluit van 22 april 2019, houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe1 (hierna: “FTR”), is het FTR in werking getreden op 27 april 2019 (artikel 380, van het FTR). 8. Artikel 232 van het FTR bepaalt: “§ 1. “In het geval dat de transmissienetbeheerder veronderstelt of vaststelt dat de capaciteiten van balanceringsreserves tot zijn beschikking ontoereikend zouden kunnen zijn om het evenwicht van de frequentiebegrenzingszone te herstellen, als gevolg van situaties beschreven in paragraaf 2, zet hij alle middelen waarover hij beschikt in en meer bepaald het opstarten van de specifieke procedures bepaald in artikel 119 van de Europese richtsnoeren SOGL. 1 Gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 29 april 2019. Niet-vertrouwelijk 5/10 § 2. De omstandigheden die aanleiding kunnen geven tot de procedures bedoeld in paragraaf 1 zijn onder meer de volgende situaties: 2° een deel van het bij de aanbieders van balanceringsdiensten gecontracteerde volume van balanceringscapaciteit is niet beschikbaar, onverminderd de verplichtingen van de aanbieder van balanceringsdiensten bepaald in artikel 231, tweede lid;” 9. Wanneer ingevolge de netwerkcodes de lidstaten over een adviesbevoegdheid beschikken in het kader van de goedkeuring van de voorwaarden of methodologieën, verzoekt de CREG aan de Algemene Directie Energie om advies over het voorstel binnen de 15 kalenderdagen volgend op de ontvangst (artikel 22, eerste lid, van het nieuwe FTR). De kennisgeving geschiedt per aangetekende zending met ontvangstbewijs of door persoonlijke afgifte met ontvangstbewijs (artikel 16, § 2, van het FTR). 10. De adviestermijn mag niet minder dan 15 kalenderdagen bedragen (artikel 22, derde lid, van het FTR). Indien de Algemene Directie Energie haar voornemen tot het uitbrengen van een advies niet binnen de 5 werkdagen vanaf de kennisgeving aan de CREG heeft gemeld, wordt zij verondersteld geen advies uit te brengen (artikel 22, vierde lid, van het FTR). 1.3. 11. ELEKTRICITEITSWET Artikel 28 van de elektriciteitswet bepaalt het volgende: "Elke belanghebbende partij die zich geschaad acht naar aanleiding van een door de commissie genomen beslissing mag, binnen een termijn van vijftien dagen na de bekendmaking of de kennisgeving van deze beslissing een klacht indienen bij de commissie teneinde de zaak opnieuw te laten onderzoeken. Deze klacht heeft geen schorsende werking en sluit de indiening van een beroep voor het Marktenhof met toepassing van artikel 29bis niet uit, noch vormt zij een voorafgaande voorwaarde hiertoe. De klacht met het oog op een nieuw onderzoek wordt via aangetekend schrijven of mits neerlegging met ontvangstbewijs tot de zetel van de commissie gericht. Zij bevat een afschrift van de bestreden beslissing evenals de redenen die een herziening verantwoorden. De commissie neemt haar beslissing met betrekking tot de klacht binnen een termijn van twee maanden vanaf de neerlegging van de klacht met het oog op een nieuw onderzoek." 1.4. 12. TARIEFMETHODOLOGIE Artikel 30,
- a)van de tariefmethodologie bepaalt het volgende: "Behoudens voorafgaande goedkeuring door de CREG, worden kostenelementen die het gevolg zijn van het bewust nastreven van hogere dan de geldende technische normen, voor de zekerheid, efficiëntie en betrouwbaarheid van het distributienet in principe als onnodig beschouwd." Niet-vertrouwelijk 6/10 2. ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN 13. Op 7 juli 2022 nam het directiecomité van de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas ("CREG") beslissing (B)2417 inzake de aanvraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia. 14. Dezelfde dag maakte Elia Transmission Belgium ("Elia") de CREG een brief over waarin ze de CREG vroeg haar beslissing zo snel mogelijk te herzien. 15. Op 11 juli 2022 vond er een overleg tussen Elia en de CREG plaats. 2.2. RAADPLEGING 16. In het kader van deze beslissing beslist het directiecomité van de CREG om geen raadpleging te organiseren zoals bedoeld in hoofdstuk 4 van haar huishoudelijk reglement en dit met toepassing van artikel 42, 2° van haar huishoudelijk reglement. Dit artikel luidt als volgt: “Het directiecomité kan tenslotte beslissen om geen raadpleging te organiseren of een nietopenbare raadpleging te organiseren: 1° […] 2° in uitzonderlijke gevallen, indien het directiecomité meent dat specifieke omstandigheden in verband met de voorgenomen beslissing dit rechtvaardigen, bijvoorbeeld indien het meent dringend maatregelen te moeten nemen." 17. Uit beslissing (B)2417 blijkt het volgende: "De goedgekeurde gewijzigde voorwaarden en methodologieën die zijn opgenomen in de operationele overeenkomsten voor LFC-blokken treden in werking volgens de door Elia voorgestelde tijdsplanning voor implementatie”. Concreet vermeldt paragraaf 36 van beslissing (B)2417 het volgende: “Elia stelt voor om de gewijzigde methode één week na goedkeuring door de CREG in werking te laten treden”. Deze beslissing zou dus op 14 juli 2022 in werking moeten treden. 18. Gezien de noodzaak om beslissing (B)2417 in te trekken om de in hoofdstuk 3 vermelde redenen, en dit voor de inwerkingtreding ervan, stelt het directiecomité vast dat er onmogelijk een openbare of niet-openbare raadpleging kan worden georganiseerd binnen de termijnen die door het huishoudelijk reglement zijn voorzien. Niet-vertrouwelijk 7/10 3. ANALYSE 3.1. UITEENZETTING VAN DE ARGUMENTATIE VAN ELIA 19. In haar brief van 8 juli 2022 geeft Elia de volgende argumenten (vrije vertaling): "Enerzijds keurt het dispositief van deze beslissing formeel het door Elia ingediende voorstel goed. Uit het voorstel van Elia kan worden opgemaakt dat het aFRR-reservevolume dat gecontracteerd moet worden om de operationele netveiligheid te verzekeren 117 MW bedraagt. Elia dient dus vanaf de datum die in de beslissing is vastgelegd 117 MW te contracteren. Anderzijds wordt er in de beslissing aan Elia gevraagd om te voldoen aan de opmerkingen uit de verschillende paragrafen van deze beslissing. In deze paragrafen wordt onder andere vermeld dat de CREG, als na afloop van het betreffende jaar blijkt dat de kwaliteit van de regeling van de zone leidt tot een hoger niveau dan de doelparameters voor de regelfout (FRCE-kwaliteitscriteria, zie hierna), de dagelijkse reserveringkosten van meer dan 1 miljoen euro als onnodige kosten zal beschouwen. Elia wordt dus geconfronteerd met de situatie waarbij ze: - hetzij haar dagelijkse aankopen van aFRR-reserve beperkt tot het volume dat overeenstemt met een dagelijkse uitgave van 1 miljoen euro (een handeling waarvoor een algoritme moet worden ontwikkeld dat rekening houdt met deze beperking, wat in elk geval veel tijd zou vergen): dan zal de werkwijze van Elia niet in overeenstemming zijn met de beslissing van de CREG die vereist dat we 117 MW aFRR-reserve contracteren om de operationele netveiligheid te verzekeren; - hetzij de 117 MW aFFR-reserve koopt, zelfs als de dagelijkse prijs meer bedraagt dan 1 miljoen euro: dan kondigt de CREG aan dat ze de uitgaven van meer dan 1 miljoen euro als onnodig zal beschouwen (als de FRCE-criteria zijn overschreden). Bijgevolg kan deze beslissing niet zomaar worden geïmplementeerd zonder in strijd te zijn met minstens een van de geldende verplichtingen. Door een dergelijke beslissing zal de CREG bovendien medeplichtig zijn met de fout waartoe ze Elia aanzet en waarvoor Elia alle rechten moet voorbehouden. Bovendien verergert het feit dat er ex post, na het betreffende jaar, wordt vastgesteld of de FRCE-kwaliteitscriteria al dan niet operationeel zijn overschreden in de loop van het geanalyseerde jaar deze situatie van 'catch 22' door ze nog ingewikkelder te maken aangezien de handelingen die Elia zou kunnen stellen (geen door de CREG goedgekeurd aFRR-volume meer kopen) gebeuren tijdens het betreffende jaar en niet erna. Bovendien bevat het voorstel dat Elia u heeft voorgelegd geen economische beperking van het te contracteren aFRR-reservevolume voor de redenen die zijn voorgesteld tijdens ons overleg vóór de indiening ervan. Als de CREG vindt dat het door Elia voorgestelde aFRRreservatievolume te hoog is (omwille van de redenen die ze zou aanhalen) dan had de CREG het voorstel van Elia dan ook moeten verwerpen. De CREG kan er toch niet van uitgaan dat een volume noodzakelijk is om de operationele veiligheid te verzekeren en, tegelijkertijd, voorwaarden creëren voor een verwerping van de kosten als gevolg van de contractualisering van dat volume. Dit zorgt voor een manifest tegenstrijdige regulering. Bovendien merken we dat deze beslissing verwijst naar de FRCE-kwaliteitscriteria zoals ze momenteel zijn vastgesteld door de TNB's van de synchrone zone van Continentaal Europa om - ex post - de kwaliteit van de netregeling te beoordelen. In het kader hiervan wordt er enerzijds expliciet erkend dat de FRCE-criteria niet kunnen dienen als criteria voor de dimensionering van de reserves. Hun relevantie om de kwaliteit van de dienst te meten werd trouwens in vraag gesteld waardoor de implementatie van de herziening ervan in 2023 wordt verwacht. Dit verzwakt de voorgestelde vergelijkingsbasis om de kwaliteit van de geleverde dienst en de daarmee verband houdende onzekerheden ex post te beoordelen. Anderzijds erkent de CREG dus dat deze criteria een referentie zijn die moet worden Niet-vertrouwelijk 8/10 nageleefd hoewel ze ze niet vooraf heeft goedgekeurd. De beslissing voorziet tegelijkertijd echter dat de mogelijke toekomstige evolutie ervan niet erkend zou worden omdat de CREG ze niet vooraf zou hebben goedgekeurd. Deze paradox plaatst Elia bovendien opnieuw in een onmogelijke situatie door haar niet toe te laten om de door de TNB's van de synchrone zone Continentaal Europa vastgelegde operationele voorwaarden te respecteren in overeenstemming met de richtlijn over het beheer van het transmissienet voor elektriciteit. Het feit dat Elia lid is van Entso-E en de SAFA heeft ondertekend laat haar niet toe om eenzijdig de criteria in de SAFA te wijzigen. Meer algemeen zijn we verbijsterd over de procedure die is gebruikt waardoor aan de hand van een zogenaamde goedkeuring de voorwaarden waarover noch werd geraadpleegd, noch werd overlegd, door de incoherentie van gebruikte wettelijke basissen en door de manifeste tegenstrijdigheden als gevolg van deze beslissing met andere regulatoire beslissingen worden verhuld (zoals de tariefmethodologie, waarin deze zogenaamde beïnvloedbare reserveringskosten een specifiek stelsel kennen dat niet overeenstemt met de verplichtingen van de betwiste beslissing en zelfs de beslissingen die zijn genomen inzake LFC Means of de T&C BSP aFRR, bijvoorbeeld). Ze getuigt eveneens van een zekere minachting voor de marktspelers (publicatie van deze beslissing mogelijk na de inwerkingtreding ervan, gebrek aan mogelijkheid om zich uit te drukken over de bijkomende verplichtingen van de CREG, ...). Ze zorgt - zonder reden - voor een aanzienlijk economisch risico voor Elia, dat des te choquerender is omdat ze geen controle heeft over de afgekeurde kosten. We zijn ook getroffen door het feit dat de elementen die we tijdens onze voorbereidende besprekingen hebben afgestemd en die Elia in het bijzonder in haar brief van 16 mei 2022 had samengevat, niet werden gerespecteerd." 3.2. ONDERZOEK VAN DE CREG 3.2.1. Over de ontvankelijkheid van de klacht 20. Uit artikel 28 van de elektriciteitswet blijkt dat de klacht moet ingediend worden door een “belanghebbende partij” via aangetekend schrijven of mits neerlegging met ontvangstbewijs binnen een termijn van vijftien dagen na de bekendmaking of de kennisgeving van de beslissing en een afschrift moet bevatten van de bestreden beslissing evenals de redenen die een herziening verantwoorden. 21. De CREG vindt dat de aanpak van Elia, ook al is er in casu niet voldaan aan alle ontvankelijkheidsvoorwaarden uit de elektriciteitswet (geen aangetekende brief en geen kopie als bijlage bij de beslissing) en de brief van Elia de aanpak niet als een klacht met het oog op een nieuw onderzoek in de strikte zin van de term kwalificeert, lijkt op een klacht met het oog op een nieuw onderzoek en als ontvankelijk kan worden beschouwd. 3.2.2. Over de inhoud 22. Zonder zich te moeten uitspreken over het geheel van argumenten die Elia heeft uiteengezet in haar brief van 8 juli 2022, stelt de CREG vast dat Elia haar aanvraag tot herziening van beslissing (B)2417 baseert op de onverenigbaarheid die er zou zijn tussen de goedkeuring van een aFRR-reservevolume en de verwerping van kosten voor de verwerving van dit volume met toepassing van het redelijkheidscriterium uit artikel 30, a), van de tariefmethodologie. Niet-vertrouwelijk 9/10 In dit kader merkt de CREG op dat Elia artikel 30 van de tariefmethodologie op zo'n manier leest dat, als deze manier zou worden weerhouden, dit zou kunnen leiden tot de nietigverklaring van beslissing (B)2417. 23. Om elk risico op een beroep tegen beslissing (B)2417 te vermijden, vindt de CREG dat deze beslissing moet worden ingetrokken. 4. BESLUIT Gelet op artikel 6.3.
- e)van de verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen; Gelet op artikel 28 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt; Gelet op beslissing (B)2417 inzake de aanvraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia ; Gelet op de brief van Elia van 8 juli 2022 waarin aan de CREG gevraagd wordt om haar beslissing (B)2417 te herzien; Overwegende dat deze brief kan worden aangemerkt als een klacht met het oog op een nieuw onderzoek; Overwegende dat er, voor de redenen opgenomen in hoofdstuk 3 hierboven, gevolg moet gegeven worden aan deze klacht met het oog op een nieuw onderzoek; Beslist de CREG haar beslissing (B)2417 inzake de aanvraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia in te trekken. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet-vertrouwelijk Andreas TIREZ Directeur Koen LOCQUET Wnd. Voorzitter van het Directiecomité 10/10
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.