(B)2451 2 maart 2023 Beslissing (B)2451 over het voorstel van de NV Elia Transmission Belgium tot het toekennen van een aansluiting met flexibele toegang voor een productie-eenheid op het transmissienet, specifiek een windpark te [VERTROUWELIJK] Artikel 170 van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe Niet-vertrouwelijke versie CREG - Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 1. 2. 3. WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 4 1.1. EUROPEES RECHT .................................................................................................................... 4 1.2. NATIONAAL RECHT .................................................................................................................. 6 ANTECEDENTEN............................................................................................................................. 10 2.1. ALGEMEEN............................................................................................................................. 10 2.2. RAADPLEGING ....................................................................................................................... 12 BEOORDELING ............................................................................................................................... 13 3.1. EVALUATIEMETHODE ............................................................................................................ 13 3.2. EVALUATIE VAN HET CONCRETE DOSSIER............................................................................. 15 3.2.1. WEIGERING DOOR ELIA VAN DE PERMANENTE TOEGANG ........................................... 15 3.2.2. VOORSTEL VAN ELIA TOT FLEXIBELE TOEGANG ............................................................ 20 4. MONITORING ................................................................................................................................ 23 5. CONCLUSIE .................................................................................................................................... 24 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 26 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 26 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 26 BIJLAGE 4 ............................................................................................................................................... 26 BIJLAGE 5 ............................................................................................................................................... 26 BIJLAGE 6 ............................................................................................................................................... 26 BIJLAGE 7 ............................................................................................................................................... 26 Niet-vertrouwelijke versie 2/26 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op grond van artikel 170 van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe (hierna: het federaal technisch reglement), het voorstel van de NV Elia Transmission Belgium (hierna Elia) tot het toekennen van een aansluiting met flexibele toegang voor een windturbinepark te [VERTROUWELIJK] van de [VERTROUWELIJK]. De netgebruiker is [VERTROUWELIJK] (hierna: de aanvrager), met zetel te [VERTROUWELIJK]. Per brief van 7 september 2022 heeft de CREG het voorstel van Elia ontvangen, samen met het technisch verslag, ingediend in het Nederlands op grond van artikel 170 van het federaal technisch reglement. Elia heeft op vraag van de CREG bijkomende informatie bezorgd per brief op 28 november 2022. Onderhavige beslissing bestaat uit vijf delen. - Het eerste deel schetst het wettelijk kader. - Het tweede deel bevat de antecedenten. - Het derde deel bevat de beoordeling van het voorstel van Elia. - Het vierde deel bevat een aantal opmerkingen inzake de monitoring van flexibele toegang. - Het vijfde deel bevat de conclusie over de goedkeuringsaanvraag van Elia. De CREG heeft een niet-openbare raadpleging georganiseerd over haar ontwerpbeslissing (B)2451 van 8 december 2022 over het voorstel van de NV Elia Transmission Belgium tot het toekennen van een aansluiting met flexibele toegang voor een productie-eenheid op het transmissienet, specifiek een windpark te [VERTROUWELIJK], georganiseerd van 8 december 2022 tot 12 januari 2023 (hierna: de ontwerpbeslissing (B)2451). Deze was gericht tot Elia en de aanvrager. De CREG heeft een reactie van Elia ontvangen. Deze beslissing werd door het Directiecomité van de CREG genomen op 2 maart 2023. Niet-vertrouwelijke versie 3/26 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEES RECHT 1. Artikel 3, eerste lid, q), van de verordening (EU) 2019/943 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende de interne markt voor elektriciteit stipuleert het volgende: “[d]e lidstaten, de regulerende instanties, de transmissiesysteembeheerders, de distributiesysteembeheerders, de marktbeheerders en de gedelegeerde beheerders waarborgen dat de elektriciteitsmarkten in overeenstemming met de volgende beginselen worden beheerd: […]
- q)marktdeelnemers hebben een recht om onder objectieve, transparante en nietdiscriminerende voorwaarden toegang te krijgen tot de transmissie- en distributienetten.” 2. De richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit vermeldt in artikel 6, § 2 (bevestigd in artikel 40, § 1,
- g)en h), van dezelfde richtlijn) echter de mogelijkheid voor transmissiesysteembeheerders om toegang tot het net te weigeren als ze niet over de nodige capaciteit beschikken. Deze artikels bepalen immers het volgende: “Artikel 6. […] 2. De beheerder van een transmissie- of distributiesysteem kan de toegang weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. De weigering wordt naar behoren met redenen omkleed, waarbij met name het bepaalde in artikel 9 in acht wordt genomen op basis van objectieve, technisch en economisch onderbouwde criteria. De lidstaten of, indien de lidstaten hierin voorzien, de regulerende instanties van die lidstaten zorgen ervoor dat deze criteria op coherente wijze worden toegepast en dat de systeemgebruiker aan wie toegang is geweigerd, gebruik kan maken van een geschillenbeslechtingsprocedure. De regulerende instantie zorgt er tevens voor dat, waar van toepassing en wanneer de toegang wordt geweigerd, de transmissie- of distributiesysteembeheerder relevante informatie verstrekt over de voor de versterking van het net vereiste maatregelen. Die informatie wordt verstrekt in alle gevallen waarin toegang tot oplaadpunten werd geweigerd. Aan degene die om dergelijke informatie verzoekt, kan een redelijke vergoeding in rekening worden gebracht die de aan de verstrekking van die informatie verbonden kosten weerspiegelt.” “Artikel 40. Taken van transmissiesysteembeheerders. 1. Elke transmissiesysteembeheerder heeft de volgende verantwoordelijkheden: […]
- g)de systeemgebruikers de informatie verstrekken die zij voor een efficiënte toegang tot het systeem nodig hebben;
- h)[…], het verlenen en beheren van toegang van derden en het motiveren van besluiten tot een weigering van dergelijke toegang, onder toezicht van de regulerende instanties, en bij de uitvoering van hun werkzaamheden uit hoofde van dit artikel in de eerste plaats de integratie van de markt vergemakkelijken; […]” 3. Daarnaast bepaalt artikel 42 van de richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit (hierna: de richtlijn 2019/944) het volgende inzake besluitvormingsbevoegdheden inzake de aansluiting van nieuwe productie-installaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem: “Artikel 42. Besluitvormingsbevoegdheden inzake de aansluiting van nieuwe productieinstallaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem Niet-vertrouwelijke versie 4/26 1.De transmissiesysteembeheerder stelt transparante en efficiënte procedures op voor de niet-discriminerende aansluiting van nieuwe productie-installaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem en publiceert deze. Die procedures zijn onder voorbehoud van goedkeuring door de regulerende instanties. 2.De transmissiesysteembeheerder heeft niet het recht de aansluiting van een nieuwe productie-installatie of energieopslagfaciliteit te weigeren op grond van mogelijke toekomstige beperkingen van de beschikbare capaciteit op het net, bijvoorbeeld congestie in afgelegen delen van het transmissiesysteem. De transmissiesysteembeheerder verstrekt de nodige informatie. De eerste alinea doet geen afbreuk aan de mogelijkheid voor transmissiesysteembeheerders om de gegarandeerde aansluitingscapaciteit te beperken of aansluitingen met operationele beperkingen aan te bieden, teneinde de economische efficiëntie van nieuwe productieinstallaties of energieopslagfaciliteiten te waarborgen, mits dergelijke beperkingen zijn goedgekeurd door de regulerende instantie. De regulerende instantie zorgt ervoor dat eventuele beperkingen in de gegarandeerde aansluitingscapaciteit of operationele beperkingen worden ingesteld op basis van transparante en niet- discriminerende procedures en geen onnodige belemmeringen voor de markttoegang met zich meebrengen. Indien de productie-installatie of energieopslagfaciliteit de kosten draagt voor het garanderen van onbeperkte aansluiting gelden er geen beperkingen. 3.Transmissiesysteembeheerders hebben niet het recht een nieuw aansluitpunt te weigeren op de grond dat het tot extra kosten zou leiden als gevolg van de noodzakelijke capaciteitsvergroting van systeemonderdelen in de directe omgeving van het aansluitpunt.” 4. Tot slot bepaalt artikel 58, eerste lid, e), van de voormelde richtlijn het volgende: “Artikel 58. Bij de uitvoering van de in deze richtlijn omschreven reguleringstaken neemt de regulerende instantie, in nauw overleg met de andere betrokken nationale instanties, waaronder de mededingingsautoriteiten, alsook instanties, met inbegrip van regulerende instanties, van naburige lidstaten en, in voorkomend geval, naburige derde landen, en zonder dat wordt geraakt aan hun bevoegdheden, alle redelijke maatregelen om de volgende doelstellingen te bereiken binnen het kader van haar taken en bevoegdheden zoals vastgesteld in artikel 59: […]
- e)de toegang van nieuwe productiecapaciteit en energieopslagfaciliteiten tot het net vergemakkelijken, met name door de belemmeringen voor de toegang van nieuwkomers op de markt en van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen weg te nemen; […]” 5. Betreffende mogelijke financiële vergoedingen, voorziet artikel 13.7 van de Europese verordening 2019/943 dat: “Wanneer niet-marktgebaseerde redispatching wordt gebruikt, wordt dit onderworpen aan financiële vergoeding door de systeembeheerder die om redispatching verzoekt aan de beheerder van de productie-, energieopslag- of vraagresponsinstallatie waarvoor redispatching plaatsvindt, behalve in het geval producenten die een aansluitovereenkomst hebben aanvaard waarin de vaste levering van energie niet is gewaarborgd.” [eigen nadruk] Niet-vertrouwelijke versie 5/26 1.2. NATIONAAL RECHT 6. Het wettelijk kader van toepassing op het onderzoek door de CREG van de door de transmissienetbeheerder ingediende voorstellen voor de toekenning van een flexibele toegang voor de aansluiting van bepaalde productie-eenheden werd tot voor kort bepaald door enerzijds de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna: de elektriciteitswet) en anderzijds het federaal technisch reglement. 7. Artikel 15 van de elektriciteitswet bepaalt het volgende in verband met de weigering van toegang tot het net door de netbeheerder: “Art. 15. § 1. De netbeheerder maakt aan de commissie een voorstel over met transparante en efficiënte procedures en voorwaarden voor de niet-discriminerende toegang tot en aansluiting op het transmissienet, met inbegrip van de te verstrekken gegevens, de aansluitingstermijnen, de criteria en de transmissienettarieven. Die procedures worden door de netbeheerder bekend gemaakt voor zover voornoemde aansluitingsprocedures werden goedgekeurd door de commissie. De in aanmerking komende afnemers hebben een recht van toegang tot het transmissienet tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12. De netbeheerder kan de toegang tot het net alleen weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. De netbeheerder kan eveneens de toegang tot het net weigeren wanneer deze toegang de behoorlijke uitvoering van een openbare dienstverplichting in het algemeen economisch belang ten zijne laste zou verhinderen en voor zover de ontwikkeling van de uitwisselingen niet wordt beïnvloed in een mate die strijdig is met de belangen van de Europese Gemeenschap. De belangen van de Europese Gemeenschap omvatten, onder meer, de mededinging met betrekking tot de in aanmerking komende afnemers overeenkomstig Richtlijn 2009/72/EG en artikel 106 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. De weigering moet naar behoren met redenen worden omkleed en gerechtvaardigd, waarbij in het bijzonder de met toepassing van artikel 21 genomen openbare dienstverplichtingen in acht moeten worden genomen, op basis van objektieve, technisch en economisch onderbouwde criteria. In geval van tegenstrijdigheid met de technische voorschriften die worden voorzien door het technisch reglement kan de netbeheerder de toegang afhankelijk maken van de voorwaarde van naleving van deze voorschriften. De netbeheerder deelt zonder verwijl aan de commissie zijn met redenen omklede beslissing tot weigering mede. § 2. § 1 is eveneens van toepassing : 1° Op producenten gevestigd in België of in andere lidstaten van de Europese Unie, met het oog op de bevoorrading in elektriciteit van hun eigen vestigingen of dochterondernemingen : gevestigd in België of in andere lidstaten van de Europese Unie of met het oog op de levering van elektriciteit aan in aanmerking komende afnemers; […]” 8. Als gevolg van de door de wet van 21 juli 2021 doorgevoerde wijzigingen van de elektriciteitswet geeft het nieuwe artikel 11, §2, van de elektriciteitswet de CREG de exclusieve bevoegdheid om een gedragscode vast te stellen met de voorwaarden voor de aansluiting op en toegang tot het transmissienet1, de voorwaarden voor verstrekking van ondersteunende diensten2, en de 1 2 Artikel 23, §2, tweede lid, 46°, van de elektriciteitswet Artikel 23, §2, tweede lid, 47°, van de elektriciteitswet Niet-vertrouwelijke versie 6/26 voorwaarden voor de toegang tot de grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer3. 9. De CREG heeft de eerste gedragscode betreffende het beheer van het transmissienet voor elektriciteit (hierna: gedragscode elektriciteit) vastgesteld bij beslissing van 20 oktober 20224 ter vervanging van een deel van het federaal technisch reglement. De gedragscode elektriciteit voorziet een overgangsbepaling in artikel 244 die het volgende bepaalt: “Iedere aansluitingsaanvraag, iedere aanvraag tot het bekomen van het statuut van balanceringsverantwoordelijke en iedere toegangsaanvraag ingediend vóór de inwerkingtreding van deze gedragscode overeenkomstig de artikelen 148 tot 153, 217 tot 218 en 189 tot 190 van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe, wordt behandeld overeenkomstig de voornoemde bepalingen van dit koninklijk besluit. Dit onverminderd de andere overgangsbepalingen van deze titel.” 10. Deze overgangsbepaling heeft tot doel de aansluitingsaanvragen ingediend vóór de inwerkingtreding van de gedragscode nog te behandelen volgens de procedures voorzien in het federaal technisch reglement. 11. Aangezien het voorstel van Elia om een flexibele toegang toe te kennen voor de aansluiting van de elektriciteitsproductie-eenheid te [VERTROUWELIJK] van de [VERTROUWELIJK] aan de CREG was overgemaakt op 7 september 2022, namelijk voor de inwerkingtreding van de gedragscode elektriciteit, zijn de bepalingen van artikel 170 van het federaal technisch reglement van toepassing in het kader van deze beslissing. 12. Artikel 141, §4, en Artikel 170 van het federaal technisch reglement5 bepalen het volgende aangaande aansluiting met flexibele toegang: “Art. 141. […] § 4. Heeft de aanvraag voor een oriëntatiestudie betrekking op de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid van het type B, C of D, en indien blijkt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard om redenen van gebrek aan capaciteit overeenkomstig artikel 15, § 1, tweede lid, van de wet van 29 april 1999, dan onderzoekt de transmissienetbeheerder of het relevant is om voor deze elektriciteitsproductie-eenheid aan de aanvrager van een oriëntatiestudie een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen, volgens de modaliteiten voorzien in artikel 170.” “Art. 170. § 1. Wanneer het verzoek om een oriëntatiestudie als bedoeld in artikel 136, § 1, of de aansluitaanvraag als bedoeld in artikel 148, § 1, betrekking heeft op de aansluiting van een elektriciteitsopwekkingseenheid van type B, C of D, moet de transmissienetbeheerder die flexibele toegang voorstelt voor de aansluiting van de betrokken energie-opwekkingseenheid in een oriëntatiestudie bij toepassing van artikel 144, § 1, of in een studie bij toepassing van artikel 160, § 3, de aanvrager en de commissie eerst in een technisch rapport op de hoogte brengen van het voornemen. De transmissienetbeheerder rechtvaardigt zijn keuze aan de hand van objectieve en technisch 3 Artikel 23, §2, tweede lid, 48°, van de elektriciteitswet De gedragscode elektriciteit, zijnde de gedragscode van de CREG van 20 oktober 2022 tot vaststelling van de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en van de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden inzake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, is beschikbaar op https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2409NL.pdf 5 De inhoud van dit artikel is nu opgenomen in artikel 61 van de gedragscode elektriciteit. Naast enkele redactionele en taalkundige aanpassingen heeft artikel 61 het toepassingsgebied van artikel 170 van het federaal technisch reglement uitgebreid naar de aanvragen voor aansluiting van verbruiksinstallaties en energieopslagfaciliteiten. 4 Niet-vertrouwelijke versie 7/26 deugdelijke criteria. Een kopie van het technisch verslag wordt ter informatie aan de Algemene Directie Energie medegedeeld. De commissie keurt de door de netwerkexploitant verstrekte rechtvaardiging zo snel mogelijk goed, maar niet later dan twintig werkdagen na de kennisgeving uit hoofde van het eerste lid. Deze termijn kan eenmalig door de commissie worden verlengd, voor een duur die zij bepaalt, als de complexiteit van de aanvraag van de oriëntatie- of aansluitstudie dit vereist. De termijnen bedoeld in de artikelen 144, § 1 en 160, §§ 1 en 3, worden dienovereenkomstig verlengd. § 2. De mogelijkheid om flexibele toegang te verlenen voor de aansluiting van een stroomopwekkingseenheid ontslaat de transmissienetbeheerder niet van de ontwikkeling van zijn netwerk overeenkomstig het ontwikkelingsplan als bedoeld in artikel 13 van de wet van 29 april 1999. De flexibele toegang is beperkt in de tijd en eindigt op de datum van de ingebruikname van de nodige versterkingen van het netwerk voorzien door het ontwikkelingsplan bedoeld in het eerste lid. Op deze datum wordt het ter beschikking gesteld flexibel vermogen een permanent vermogen en wordt deze toegevoegd aan het reeds ter beschikking gesteld permanent vermogen. Deze flexibele toegang is niet beperkt in de tijd als het voornoemde ontwikkelingsplan niet de nodige versterkingen biedt. § 3. Het technisch rapport bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, specificeert de voorwaarden voor het verlenen van flexibele toegang, waaronder: 1° het geplande moment voor het in dienst stellen van de noodzakelijke netwerkversterkingen voorzien in het voornoemde ontwikkelingsplan; 2° permanent vermogen op permanente wijze beschikbaar gesteld en het beschikbare flexibele vermogen; 3° een schatting van de gemiddelde duur en de totale duur per jaar gedurende dewelke het flexibele vermogen kan worden verminderd. Als de noodzakelijke netwerkversterkingen waarin in het ontwikkelingsplan als bedoeld in artikel 13 van de wet van 29 april 1999 is voorzien, niet plaatsvinden op het geplande tijdstip overeenkomstig § 3, 1°, kan de transmissienetbeheerder de commissie verzoeken om flexibele toegang voor een bepaalde periode uit te breiden, afhankelijk van voorwaarden in dat geval. § 4. De transmissienetbeheerder kan het beschikbare flexibele vermogen alleen verminderen als aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan: 1° in geval van congestie; 2° wanneer de veiligheid en betrouwbaarheid van het netwerk wordt bedreigd.” 13. Voor de operationele activiteiten moet Elia de middelen waarover ze beschikt om de elektriciteitsstromen op het net op een veilige, betrouwbare en efficiënte manier te beheren, toepassen in overeenstemming met de procedures in de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer goedgekeurd door de CREG met toepassing van artikel 23, § 2, tweede lid, 36°, van de elektriciteitswet. De voorwaarden voor de toekenning van de flexibele toegang en in het bijzonder de raming van de gemiddelde en totale duur per jaar waarin de flexibele capaciteit kan worden verminderd, veronderstellen immers de mogelijkheid tot dergelijke remediërende acties door Elia. Artikelen 6 en 7 van de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer bieden Elia de mogelijkheid om aanpassingen te vragen aan de beschikbaarheidsplannen of op voorhand productieprogramma's voor de dayaheadmarkt te beperken om te hoge productieniveaus te vermijden. Bovendien kan Elia volgens artikel 10 van de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer als remediërende maatregel voor een geïdentificeerd congestierisico de afschakeling vragen van een productie-eenheid aangesloten met flexibele toegang na de sluiting van de day-aheadmarkt. Deze artikelen bepalen het volgende: Niet-vertrouwelijke versie 8/26 “Artikel 6. 1. Elia kan wijzigingen vragen voor Technische Eenheden die Grensoverschrijdend Relevante Assets zijn, conform de in Overweging 13 bedoelde NietBeschikbaarheidscoördinatieplanning en de Modaliteiten en Voorwaarden voor de Verantwoordelijke voor de Niet-Beschikbaarheidsplanning. 2. Elia kan wijzigingen vragen voor Technische Eenheden die geen Grensoverschrijdend Relevante Assets zijn, conform de Modaliteiten en Voorwaarden voor de Verantwoordelijke voor de Niet-Beschikbaarheidsplanning. […]” “”Artikel 7. […] 2. Vóór de uiterste termijn voor ontvangst van Daily Schedules bedoeld in Overweging 15 en tot één uur voor de gate-sluitingstijd van de Day-aheadmarkt kan Elia aan de Programma Agent van een welbepaalde Technische Eenheid, zoals vermeld in Artikel 5 (ii), een (Gedeeltelijke) May-Not-Run Actief Vermogensschema op de Technische Eenheid vragen om ervoor te zorgen dat er op de betrokken Technische Eenheid geen actief vermogen meer wordt geproduceerd of dat slechts een maximaal niveau aan actief vermogen wordt geproduceerd, en op die manier onderhoudswerkzaamheden op het EliaNet mogelijk te maken.” “Artikel 10. 1. Elia kan Technische Eenheden coördineren teneinde de beschikbaarheid van Remediërende Maatregelen voor de betrokken dag te garanderen met behulp van de in Artikel 5 beschreven coördinatiemiddelen. 2. Na de sluiting van de Day-aheadmarkt kunnen geïdentificeerde Congestierisico's worden opgelost met behulp van de volgende maatregelen (niet in volgorde van prioriteit opgesomd): ... c. door het afschakelen van een elektriciteitsproducerende Technische Eenheid volgens de modaliteiten betreffende netaansluiting met flexibele toegang en in overeenstemming met artikel 170 van het Federaal Technisch Reglement, artikel III.2.4.5 van het 'Technisch Reglement Plaatselijk Vervoernet van Elektriciteit Vlaams Gewest', artikel III.3.3.25 van het 'Technisch Reglement voor de Distributie van Elektriciteit in het Vlaamse Gewest' van 15 mei 2015.” 14. De mogelijkheid tot financiële vergoeding uit de Europese verordening 2019/943 (zie paragraaf 5 van deze beslissing) wordt in artikel 16.2 van de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer vertaald naar: “Conform artikel 13.7 van de Elektriciteitsverordening wordt neerwaartse flexibiliteit op Technische Eenheden die met flexibele toegang aangesloten zijn op het net en worden geactiveerd conform Artikel 10 paragraaf 2(
- c)niet noodzakelijk financieel vergoed.” Niet-vertrouwelijke versie 9/26 2. ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN 15. Op 11 april 2022 dient de aanvrager bij Elia het verzoek in om een oriëntatiestudie (zie Bijlage 1) als bedoeld in artikel 136, §1 van het federaal technisch reglement, voor de aansluiting van een elektriciteitsopwekkingseenheid type D. Het betreft een oriëntatiestudie voor een onshore windturbinepark van minimaal 80 MVA en maximaal 176 MVA vanaf 2025 te [VERTROUWELIJK]. Op 31 mei 2022 bevestigt de aanvrager de bestelling van de oriëntatiestudie aan Elia. 16. Op 6 september 2022 bespreken Elia en de aanvrager de mogelijke technische oplossingen voor de betreffende aanvraag (zie Bijlage 2). 17. Op 7 september 2022 dient Elia het voorstel voor de toekenning van een aansluiting met flexibele toegang voor het windturbinepark te [VERTROUWELIJK] ter goedkeuring in bij de CREG (zie Bijlage 3) alvorens de oriëntatiestudie af te werken. Het voorstel bevat de aanvraag voor de oriëntatiestudie, de presentatie ter ondersteuning van de vergadering tussen Elia en de aanvrager en het technisch rapport (zie Bijlage 3). Elia meldt dat een kopie van de goedkeuringsaanvraag eveneens is bezorgd aan de aanvrager en aan de AD Energie van de FOD Economie. 18. Per brief van 6 oktober 2022 informeert de CREG aan Elia bijkomende informatie nodig te achten om de goedkeuringsaanvraag te kunnen evalueren (zie Bijlage 4). De CREG verduidelijkt dat de bijkomende informatie dient om een concreet zicht te krijgen op de congestierisico’s die de noodzaak aan een flexibele toegang in N-toestand motiveren alsook een beter begrip van de gegevens en aannames die Elia gebruikt voor de inschattingen van de jaarlijks afgeregelde energie, zoals de locatie van de congestie en de impact van zowel geplande als bestaande productie-eenheden. 19. De CREG bespreekt deze nood aan informatie verder met Elia tijdens vergaderingen op 11 en 18 oktober 2022 en bevestigt per e-mail van 27 oktober 2022 dat Elia de volgende informatie schriftelijk dient te bevestigen ter aanvulling van de goedkeuringsaanvraag: “- Aangepast technisch rapport: o Aanpassingen van de kwalitatieve argumentering (zie feedback in comment in bijlage) o Aanvullen met hypotheses van de modellering: • Referentienetwerk (bv. TYNDP 2025) • Inputs: Scenario market flows (bv. Established Policies? High/medium/low wind scenario? Profielen opslag) • Congestiebeheer: veronderstelde merit order voor selectie redispatching (hypothese LIFO?) ➢ Motivering: Gflex noodzaak duidelijk linken aan het Federaal ontwikkelingsplan o Specifiëren van de PTDF van injectie op [VERTROUWELIJK] op de verbinding Horta-Mercator o Eventueel (indien herziening of verduidelijking nodig is op basis van bovenstaande): Aanpassing van de tabel met geschatte afgeregelde volumes Niet-vertrouwelijke versie 10/26 - Ruwe data van de modellering (Elia dient duidelijk te melden of deze data ook vertrouwelijk te behandelen zijn naar de aanvrager of niet.) o Lijst van alle geïnstalleerde en gereserveerde capaciteiten die impact hebben op de geïdentificeerde congestierisico’s.” 20. De CREG wijst Elia erop dat de bovenstaande correcties aan het technisch rapport en de bijkomende informatie in toekomstige dossiers duidelijk moet worden opgenomen in de versie van het technisch rapport in bijlage bij de goedkeuringsaanvraag. Deze informatie is cruciaal voor een correcte en efficiënte beoordeling van de goedkeuringsaanvraag. 21. Op 28 november 2022 verschaft Elia per brief de bijkomende informatie waarvan de vertrouwelijkheid wordt verduidelijkt per e-mail van 30 november 2022. Het betreft: - een aanpassing en correctie van het technisch rapport, dewelke met de aanvrager mag worden gedeeld maar naar andere partijen toe als vertrouwelijk dient te worden behandeld (zie Bijlage 5); - een versie van het technisch rapport, inclusief antwoorden op vragen van de CREG en bijkomende informatie die volledig als vertrouwelijk dient te worden behandeld en bijgevolg ook niet met de aanvrager kan worden gedeeld (Bijlage 6). De CREG ontvangt in deze brief geen antwoord op de volgende vragen: - Inputs: Scenario market flows (bv. Established Policies? High/medium/low wind scenario? Profielen opslag) - Congestiebeheer: veronderstelde criteria voor selectie redispatching (hypothese LIFO?) - Specifiëren van de PTDF van injectie op [VERTROUWELIJK] op de verbinding HortaMercator Elia maakt geen melding over het al dan niet opsturen van een kopie van de bijkomende informatie aan de aanvrager en aan de AD Energie van de FOD Economie, waardoor de CREG, mede omwille van de opmerking over vertrouwelijkheid, veronderstelt dat Elia deze bijkomende informatie enkel deelde met de CREG. 22. Op 9 januari 2023 vindt een vergadering plaats tussen de diensten van de CREG en Elia om de hypotheses waarnaar de CREG expliciet had gevraagd, maar niet in de brief van Elia van 28 november 2022 werden opgenomen, te bespreken. De vraag van de CREG betreft de verduidelijking van de scenario’s, inclusief de assumpties met betrekking tot de modellering van andere elektriciteitsproductie-eenheden, energieopslagfaciliteiten en verbruiksinstallaties, de verduidelijking van de hypotheses voor de bepaling van de afgeschakelde volumes en de impact van de PTDF hierbij. Al deze vragen ressorteren onder de noemer ‘gehanteerde methodologie’ bij het bepalen van de noodzaak voor de weigering van permanente toegang, het definiëren van het noodzakelijke niveau van flexibel vermogen en het inschatten van de impact van een flexibele toegang voor de netgebruiker. Tijdens deze vergadering vraagt de CREG aan Elia om de verschafte mondelinge toelichtingen op te nemen in haar antwoord op de raadpleging van de ontwerpbeslissing (B)2451. Niet-vertrouwelijke versie 11/26 2.2. RAADPLEGING 23. Het directiecomité van de CREG besliste, op grond van artikel 23, §1, van zijn huishoudelijk reglement6, in het kader van de voorgenomen beslissing, om, met toepassing van artikel 41 van zijn huishoudelijk reglement, als uitzondering op de openbare raadpleging die de regel vormt, een nietopenbare raadpleging te organiseren van de aanvrager en Elia over de ontwerpbeslissing (B)2451, aangezien de voorgenomen beslissing enkel rechtsgevolgen heeft voor hen. De raadplegingsperiode bedroeg 5 weken en liep van 8 december 2022 tot 12 januari 2023. 24. De CREG heeft op 12 januari 2023 een antwoord ontvangen van Elia (zie Bijlage 7). De aanvrager van de aansluiting heeft niet gereageerd. 6 Het huishoudelijk reglement en de wijzigingen eraan werden respectievelijk gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 14 december 2015 en van 12 januari 2017. Niet-vertrouwelijke versie 12/26 3. BEOORDELING 3.1. EVALUATIEMETHODE 25. Zoals vermeld in artikel 170 van het federaal technisch reglement dient de CREG de rechtvaardiging te beoordelen die verstrekt is door Elia voor de beperking van de toegang tot het net tot een flexibele toegang voor het geheel of een deel van het vermogen aangevraagd door de aanvrager. De keuze van Elia voor een aansluiting met flexibele toegang moet gebaseerd zijn op “objectieve en technisch deugdelijke criteria”. 26. De mogelijkheid tot aansluiting met flexibele toegang heeft tot doel om enerzijds investeringen in installaties aangesloten op het transmissienet niet nodeloos te blokkeren maar anderzijds de mogelijke risico’s voor een veilige uitbating van het net te erkennen. 27. De CREG baseert zich bij de beoordeling van dergelijke goedkeuringsaanvragen op de criteria beschreven in paragraaf 29. Deze beoordeling is niet bedoeld om te beslissen of de aansluiting al dan niet moet worden uitgevoerd, maar om vast te stellen of de door Elia voorgestelde beperking van aansluiting met permanente toegang naar een aansluiting met flexibele toegang voor het geheel of een deel van het aangevraagde vermogen correct gerechtvaardigd is. 28. De evaluatiemethode die de CREG hanteert ter beoordeling van dergelijke goedkeuringsaanvragen is voor het eerst beschreven en openbaar geraadpleegd in het kader van beslissing (B)2335 van 31 maart 20227. 29. De door de CREG aangewende criteria ter beoordeling van een goedkeuringsaanvraag voor de aansluiting van een productie-eenheid met flexibele toegang zijn de volgende. Wat betreft de weigering van een permanente toegang:
- a)Elia dient in de oriëntatiestudie of in de detailstudie aan te tonen minstens twee opties te hebben bestudeerd om een aansluiting met permanente toegang voor het gehele aangevraagde vermogen mogelijk te maken.
- b)Per optie dient Elia desgevallend uit te leggen waarom een aansluiting met permanente toegang niet mogelijk is en welke toekomstige investeringen door Elia of veranderingen in de zone zich zouden moeten voordoen om op termijn een permanente toegang toe te laten.
- c)Per optie dient Elia te verduidelijken of de beperking tot flexibele toegang eveneens zou gelden voor andere aansluitingsaanvragen in dezelfde regio of niet.
- d)Per optie dient Elia uit te leggen waarom deze wel of niet aanvaardbaar is, hetzij voor Elia, hetzij voor de aanvrager.
- e)Per aanvaardbare optie dient Elia aan te tonen dat het deel van het aangevraagde vermogen dat kan worden aangesloten met permanente toegang wordt gemaximaliseerd. 7 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2335 Niet-vertrouwelijke versie 13/26 Wat betreft het voorstel tot een flexibele toegang:
- f)Het technisch rapport in bijlage van de goedkeuringsaanvraag van Elia bezorgd aan de CREG in overeenkomst met artikel 170 §3 van het federaal technisch reglement dient de voorwaarden voor het verlenen van de flexibele toegang te specifiëren.
- g)Desgevallend dient het technisch rapport waarvan sprake in paragraaf 29, f). de planning te bevatten voor de netwerkinvesteringen die een aansluiting met permanente toegang zouden toelaten. Bijgevolg dient het rapport te verduidelijken of de flexibele aard van de toegang beperkt is in de tijd of niet.
- h)Het technisch rapport waarvan spraken in paragraaf 29, f). dient te melden welk deel van het aangevraagde vermogen kan worden aangesloten met een permanente toegang en welk deel met een flexibele toegang.
- i)In het technisch rapport waarvan spraken in paragraaf 29, f). dient Elia een schatting mee te delen van de gemiddelde duur en de totale duur per jaar gedurende dewelke Elia beroep zou doen op het flexibele karakter van de aansluiting en bijgevolg aan de aanvrager zou vragen de injectie te beperken tot het permanente vermogen. Elia dient te verduidelijken welke oorzaken aan de basis zouden liggen van een dergelijke vermogensbeperking en welke inspanning Elia bereid is te leveren om te vermijden dat Elia effectief van de toegangsbeperking zou gebruik maken. 30. Overeenkomstig artikel 61, §3, tweede lid, van de gedragscode elektriciteit zal Elia een nieuwe goedkeuringsaanvraag bij de CREG moeten indienen om de flexibele toegang voor een bepaalde periode uit te breiden indien de desgevallend noodzakelijke netwerkinvesteringen voorzien in het ontwikkelingsplan, opgenomen in paragraaf 29 g), niet plaatsvinden op het geplande tijdstip. 31. De CREG zal in de beoordeling van de goedkeuringsaanvraag aandacht schenken aan de door Elia gehanteerde methodologie voor het inschatten van de gemiddelde en totale duur per jaar gedurende dewelke Elia beroep zou doen op het flexibele karakter van de aansluiting. Meer specifiek zal de CREG evalueren in welke mate de voorspellingen rekening houden met representatieve systeemcondities (marktsimulaties, weerscondities, gelijktijdigheidsfactoren) en met de operationele procedures voor coördinatie van eenheden en congestiebeheer. 32. De CREG zal in de beoordeling van de goedkeuringsaanvraag aandacht schenken aan het gebruik door Elia van seizoenslimieten en/of Dynamic Line Rating om zo veel mogelijk capaciteit te laten aansluiten met permanente toegang dan wel in het operationeel beheer van het net zo weinig mogelijk beroep te doen op de flexibele toegang. 33. De CREG dient alle informatie ter beschikking te hebben om de technische onderbouwing van de voorgestelde flexibele aansluiting te kunnen evalueren en goed te keuren. In het kader van dit concrete dossier, evalueert de CREG de volgende documenten: - Technisch rapport - Aanvraag voor een oriëntatiestudie - Presentatie van Elia aan de aanvrager 34. De CREG heeft verduidelijkingen en bijkomende informatie aan Elia gevraagd om een beter zicht te krijgen op de gehanteerde methodologie voor het inschatten van de gemiddelde en totale duur per jaar gedurende dewelke Elia beroep zou doen op het flexibele karakter van de aansluiting ter evaluatie van paragraaf 29, f). Niet-vertrouwelijke versie 14/26 3.2. EVALUATIE VAN HET CONCRETE DOSSIER 35. De aanvraag voor de oriëntatiestudie betreft de aansluiting van een elektriciteitsproductieeenheid, specifiek een onshore windturbinepark, met een geïnstalleerde capaciteit van minimaal 80 MVA tot maximaal 176 MVA in 2025 in de regio van de kust. De aanvrager vraagt expliciet aan Elia om drie scenario’s door te rekenen in termen van gevraagd injectievermogen: een "minimaal” scenario (80 MVA), een “realistisch” scenario (117 MVA) en een “maximaal” scenario (176 MVA). 36. De presentatie van Elia aan de aanvrager van 6 september 2022 toont de mogelijke oplossingen voor aansluiting van de elektriciteitsproductie-eenheid rekening houdende met de drie scenario’s. 37. Een 150kV-aansluiting vormt het uitgangspunt van de aanvraag tot goedkeuring van de aansluiting met flexibele toegang. Specifiek wijst Elia er op dat, wegens de grote afstanden tot naburige onderstations, enkel een aansluiting op het 150kV-onderstation te [VERTROUWELIJK] als technisch en economisch haalbaar wordt geschat. 3.2.1. WEIGERING DOOR ELIA VAN DE PERMANENTE TOEGANG 38. In het technisch rapport bespreekt Elia eerst de congestierisico’s op het 150kV-net. In de zone kustregio spelen congestierisico’s op meerdere verbindingen van het 150kV-net een rol in de behandeling van de aanvraag. 1) Congesties op de 150kV-exportkabels: In de zone kustregio is reeds veel productiecapaciteit aangesloten. Het productieoverschot wordt naar aanliggende zones geëxporteerd via drie 150kV-kabels (vanuit [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] zijn er twee kabels naar [VERTROUWELIJK] en één kabel naar [VERTROUWELIJK]). De lijnen tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] zijn, zelfs bij onbeschikbaarheid van één van de lijnen, niet limiterend. Echter, de injectie op [VERTROUWELIJK] wordt niet automatisch richting [VERTROUWELIJK] gestuurd in geval van congestie van [VERTROUWELIJK] richting [VERTROUWELIJK] en verder. Om dit laatste te verhelpen, plant Elia de installatie van een stroomregelend element (DRT) op [VERTROUWELIJK] (voorzien in 2025 zoals vermeld in het Federaal Ontwikkelingsplan 2020-2030). Vóór de installatie van dit element, zal door de congestierisico’s in de regio, zelfs voor aansluitingen in [VERTROUWELIJK], de toegang reeds in N-situatie flexibel dienen te zijn, met dus als risico dat de toegang tot het net wordt beperkt indien het net zich in gezonde toestand bevindt (zijnde, als alle netelementen in dienst zijn). 2) Congesties op de 150kV-verbindingen tussen de kustregio en de regio Gent: Verder liggend in het net, indien de injectie vanuit [VERTROUWELIJK] wordt getransporteerd richting [VERTROUWELIJK], dient rekening te worden gehouden met de verbinding tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK]. Deze verbinding riskeert overbelasting indien het productieoverschot uit de kustregio naar de regio Gent wordt getransporteerd wegens een hoger netto-verbruik daar. Deze verbinding kent vandaag reeds overbelastingen tot 20% in N-1 situatie. Hogere overbelasting is niet aanvaardbaar en bijgevolg kunnen bijkomende producties in de kustregio enkel worden aangesloten met flexibele toegang in N-situatie. Vóór de installatie van het stroomregelend element op [VERTROUWELIJK], zal echter door de congestierisico’s in de regio, zelfs voor aansluitingen in [VERTROUWELIJK], de toegang reeds in N-situatie flexibel dienen te zijn, met dus als risico dat de toegang tot het net wordt beperkt indien het net zich in gezonde toestand bevindt (zijnde, als alle netelementen in dienst zijn). Niet-vertrouwelijke versie 15/26 3) Congesties bij aansluiting op het 150kV-onderstation [VERTROUWELIJK]: Vermogen dat geïnjecteerd wordt op het 150kV-onderstation [VERTROUWELIJK] zou leiden tot congesties tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] bij onbeschikbaarheid van één van de luchtlijnen tussen deze laatste twee onderstations. Bijgevolg zou a priori zelfs in gezonde nettoestand van het onderstation [VERTROUWELIJK], het gevraagde vermogen enkel kunnen worden aangesloten met een flexibele toegang in N-situatie. Echter, de realisatie van het stroomregelend netelement op de 150kV-kabel tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] zou er wel voor zorgen dat deze beperking door congesties tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] niet langer een probleem vormen voor aansluiting op het 150kV-onderstation van [VERTROUWELIJK]. Het stroomregelend netelement zou er immers voor zorgen dat injectie op het onderstation van [VERTROUWELIJK] door het net kan worden getransporteerd via [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] in plaats van via [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK]. 39. Meerdere 150kV-verbindingen wijzen bijgevolg op congestierisico’s waardoor enkel aansluiting met flexibele toegang volgens Elia mogelijk is op het aangekondigde tijdstip van indienstname van de elektriciteitsproductie-eenheid. Pas na de realisatie van het stroomregelend netelement te [VERTROUWELIJK] (en mits juiste controle ervan) zou het 150kV-net niet langer beperkend zijn voor de toegang van de elektriciteitsproductieeenheid aangezien deze is aangesloten op het onderstation van [VERTROUWELIJK]. Elia stelt in de aangepaste versie van het technisch rapport, ontvangen op 28 november 2022, duidelijk: “[i]ndien de congestierisico’s op het 380kV net zich niet zouden voordoen, zie hieronder voor verdere verduidelijking, zou de productie-eenheid bijgevolg een permanente toegang kunnen krijgen.” Bijkomend verduidelijkt het technisch rapport dat in de gevraagde regio geen aansluiting met onmiddellijke permanente toegang mogelijk is op andere onderstations. Hiervoor zou het project moeten worden herbekeken in naburige zones die zich minstens op 50 km bevinden van de locatie gewenst door de aanvrager. 40. Het technisch rapport bespreekt vervolgens de congestierisico’s op het 380kV-net. Congestierisico’s op het 380kV-net hebben volgens Elia eveneens een impact op de behandeling van de aanvraag. De transportcapaciteit beschikbaar tussen Horta en Mercator is reeds volledig benut en komt verder onder druk te staan door verhoogde elektriciteitsproductie uit de kustregio en door verhoogde import vanuit Frankrijk. Elia wijst er echter in de eerste versie van het technisch rapport op dat deze risico’s in het kader van dit dossier voornamelijk belang hebben in de periode tussen de indienstname van Ventilus en de realisatie van het project Boucle Du Hainaut. In de aangepaste versie van het technisch rapport, ontvangen op 28 november 2022, corrigeert Elia dat deze congestierisico’s reeds belang hebben vóór de indienstname van Ventilus en dus een limiterende factor zijn voor de toegang van de aangevraagde aansluiting in de periode tussen de indienstname van het stroomregelend netelement te [VERTROUWELIJK] en de realisatie van het project Boucle Du Hainaut. Elia geeft aan, in de marge van het technisch dossier op vraag van de CREG, dat de injectie van de elektriciteitsproductie-eenheid mogelijk dient te worden beperkt, zelfs indien getransporteerd richting [VERTROUWELIJK], omwille van onvoldoende belasting op het net tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] om de injectie van de eenheid te benutten en omwille van te hoge injectie vanuit [VERTROUWELIJK] op Horta-Mercator. In dit kader vraagt de CREG aan Elia de PTDF-waarden van de injectie te [VERTROUWELIJK] op de verbinding Horta-Mercator. 41. Het technisch rapport omschrijft de impact van toekomstige projecten voor netversterking op de eventuele omzetting van aansluiting met flexibele toegang naar aansluiting met permanente toegang. Niet-vertrouwelijke versie 16/26
- a)Ten eerste zal de realisatie van het stroomregelend netelement op de 150kV-kabel tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] verwacht in de loop van 2025 ervoor zorgen dat het 150kV-net niet langer beperkend is voor het onthaal van injecties uit [VERTROUWELIJK] (zie paragraaf 39 van deze beslissing).
- b)Ten tweede zou de uitvoering van het project Ventilus in 2028-3 (onder voorbehoud van de vooruitgang van vergunningsprocedures) ervoor zorgen dat het productieoverschot uit de kustregio kan worden geëvacueerd van het 150kV-net naar het 380kV-net waardoor de belasting op de 150kV-exportkabels zou verminderen. In het kader van het Ventilus project zou eveneens de verbinding tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] worden vervangen door een verbinding met hogere capaciteit, waardoor het stroomregelend netelement minder nauw moet afgeregeld worden. Het Ventilus-project zorgt bijgevolg, volgens het technisch rapport van Elia, voor een “structurele marge” in de zone en “meer vrijheid met betrekking tot exploitatie van het 150kV-net.” Echter, in tussentijd zal eveneens de productie in de regio verder worden uitgebreid. Na de uitvoering van het Ventilus project zou onder andere de offshore windcapaciteit worden uitgebreid met 700 MW (die ook in eerste instantie zal moeten worden aangesloten met flexibele toegang), en wordt ook verwacht dat de uitwisseling met Frankrijk tegen 2030 zal toenemen. Deze evoluties zouden volgens Elia wegens de impact op de verbinding Horta-Mercator niet toelaten dat aansluitingen met flexibele toegang kunnen worden omgezet naar permanente toegang.
- c)Ten derde zou de uitvoering van het project Boucle du Hainaut in 2029-2032 (onder voorbehoud van de vooruitgang van vergunningsprocedures) zorgen voor een bijkomende 380kV-verbinding om West-Oost-stromen te transporteren en bijgevolg de productieoverschotten te exporteren uit de kustregio. Dit project zou de congestierisico’s op Horta-Mercator wel sterk verminderen en bijgevolg op termijn toelaten dat aansluitingen met een eerder toegekende, flexibele toegang een permanente toegang krijgen. 42. Elia wijst er in deel 2.1 van het technisch rapport op dat alternatieve netversterkingen om op korte termijn een permanente toegang toe te laten wel technisch mogelijk zijn, maar technischeconomisch niet te verantwoorden zijn gezien de voorziene versterkingen gepland in de projecten Ventilus en Boucle du Hainaut. 43. Gezien de flexibele toegang in N-situatie voor het volledige aangevraagde vermogen, zouden de beperkingen gelden voor elke andere, gevraagde aansluiting. 44. Zoals beschreven in paragrafen 38 tot 43 toont het technisch rapport aan: - dat Elia meerdere aansluitingsopties heeft bestudeerd en toegelicht; - in welke mate de beperking tot flexibele toegang zou gelden voor andere, nieuwe aansluitingen van productie-eenheden in de regio; - waarom andere opties met mogelijk permanente toegang niet aanvaardbaar zijn voor de aanvrager; - waarom andere technische opties met mogelijk permanente toegang niet aanvaardbaar zijn voor Elia, en voldoet het technisch rapport bijgevolg aan de criteria opgelijst in paragraaf 29, a),
- c)en
- d)van de huidige beslissing. 45. Het technisch rapport toont ook aan waarom volgens Elia de aangevraagde capaciteit zelfs niet gedeeltelijk zou kunnen worden aangesloten met permanente toegang vóór de indienstname van het stroomregelend element te [VERTROUWELIJK], namelijk de beperking op het 150kV-net. Het technisch rapport voldoet bijgevolg aan het criterium opgelijst in paragraaf 29,
- e)van de huidige beslissing. Niet-vertrouwelijke versie 17/26 46. De CREG is in de ontwerpbeslissing (B)2451 van mening dat de weigering van een permanente toegang goedgekeurd kan worden tot en met de indienstname van de stroomregelend element te [VERTROUWELIJK], namelijk zolang het lokale 150kV-net beperkend is. 47. In haar rapport motiveert Elia echter ook de noodzaak voor het verlenen van een flexibele toegang voor de beschouwde installatie te [VERTROUWELIJK] op basis van voorspelde congesties ter hoogte van Horta-Mercator op het hogerliggende 380kV-net tot en met de indienstelling van Boucle du Hainaut. De CREG is in de ontwerpbeslissing (B)2451 van mening dat de weigering van een permanente toegang voor de gevraagde aansluiting te [VERTROUWELIJK] omwille van congestierisico’s op het 380kV-net in afwachting van de uitvoering van het project Boucle du Hainaut onvoldoende gerechtvaardigd is. De bijkomende informatie van Elia ontvangen op 28 november 2022 bevatte immers niet de door de CREG gevraagde PTDF8 die de impact van een injectie te [VERTROUWELIJK] op de verbinding Horta-Mercator weergeeft en die de CREG a priori als een relevante en belangrijke parameter in de evaluatie van de weigering van een permanente aansluiting beschouwt. De CREG gaat er in de ontwerpbeslissing (B)2451 op basis van een kwalitatieve inschatting van uit dat de impact van de beschouwde installatie te [VERTROUWELIJK] op het beperkend element MercatorHorta relatief klein is (kleine PTDF) gezien de grote elektrische afstand tussen [VERTROUWELIJK] en Mercator-Horta. De CREG acht het bijgevolg onvoldoende duidelijk dat in geval van congestierisico’s op het 380kV-net het afschakelen van deze installatie doeltreffend zou zijn om de voorziene congesties op Horta-Mercator op te lossen. Bijgevolg gaat de CREG in de ontwerpbeslissing (B)2451 niet akkoord met de weigering van een permanente toegang voor de beschouwde installatie op grond van congesties op het 380kV-net. 48. Elia levert de gevraagde PTDF-waarden in bijlage bij de reactie op de niet-openbare raadpleging. Deze variëren rond 15% in de N-situatie en rond de 30% in de N-1 situatie, afhankelijk van het beschouwde referentienetwerk. Een PTDF-waarde van 15% impliceert dat als de installatie op [VERTROUWELIJK] 100 MW produceert, dit leidt tot een bijkomende belasting van 15 MW op de lijn Horta-Mercator. Omgekeerd betekent dit dat om via deze eenheid de belasting op Horta-Mercator met 15 MW te verminderen, deze eenheid te [VERTROUWELIJK] met 100 MW dient afgeregeld te worden. Elia geeft in haar reactie op de raadpleging aan verrast te zijn door de conclusie van de CREG in haar ontwerpbeslissing (B)2451 dat de hoogte van de PTDF relevant zou zijn voor de beoordeling van het dossier. Elia stelt zich vragen “bij de materialiteitsgrens die de CREG aanhaalt: wat beschouwt de CREG dan wel als voldoende groot, of niet ‘relatief klein’.” Elia merkt ten eerste op dat “het regulatoir kader geen minimumgrens [voorziet] voor het toepassen van aansluitingen met flexibele toegang” en stelt zich de vraag “of het de bedoeling van de CREG is om dit hieraan aan te passen.” Elia stelt ten tweede vast dat “de redenering van de CREG op het oplossen van congestie focust, terwijl de vraag niet zo zeer is wat de congestieproblemen op Horta-Mercator zou kunnen oplossen maar eerder wat de problemen niet verergert.”. Elia benadrukt verder dat “elke bijkomende – zelfs ‘relatief kleine’ – installatie het congestieprobleem verder in de hand [zal] werken.” Elia uit de bezorgdheid dat de “ontwerpbeslissing van de CREG een vrijgeleide voor de aansluiting van ‘relatief kleine’ installaties geeft, terwijl elke MW aan het congestieprobleem bijdraagt en het uiteindelijk totaal aangesloten vermogen wel de – voorlopig onbepaalde – materialiteitsgrens zou overschrijden.” Elia geeft ook mee “dat het niet 8 De Power Transfer Distribution Factor of PTDF geeft de extra belasting op Mercator-Horta weer per MW geïnjecteerd vermogen te [VERTROUWELIJK] (uitgedrukt in %). Als de PTDF van Horta-Mercator ten opzichte van een injectie te [VERTROUWELIJK] bijvoordeeld 10% bedraagt, betekent dit dat er 10 MW op Horta-Mercator stroomt bij een productie van 100 MW op [VERTROUWELIJK]. Hoe groter de PTDF, hoe groter de impact van de beschouwde eenheid op het beperkende element. Niet-vertrouwelijke versie 18/26 toekennen van een flexibele aansluiting omwille van een materialiteitsgrens, zal leiden tot hogere kosten voor congestiebeheer in die regio omdat de redispatching volumes bijhorend zullen stijgen”. In haar antwoord motiveert Elia waarom ze geen materialiteitsgrens wenst in rekening te brengen, en daarentegen elke MW die aan het congestieprobleem bijdraagt als flexibel wil voorstellen. 49. De CREG is van mening dat Elia terecht de vraag stelt in welke mate de grootteorde van de PTDF relevant is in de beoordeling van het dossier. De CREG volgt Elia in haar analyse dat de beschouwde eenheid te [VERTROUWELIJK] zal bijdragen aan het verergeren van het congestieprobleem op Horta-Mercator. De CREG gaat akkoord dat men op basis van dit kwalitatieve criterium kan besluiten dat het netwerk beperkend is (er “onvoldoende capaciteit”
- is)en dat bijgevolg geen permanente toegang verleend kan worden. De CREG merkt echter op dat Elia eveneens een kwantitatief criterium zou kunnen hanteren, bijvoorbeeld om de doeltreffendheid van een afschakeling van de betrokken eenheid bij congestie op het beperkende element in rekening te brengen. Immers, als de PTDF slechts 1% zou bedragen, zou er voor elke MW overbelasting 100 MW afgeschakeld moeten worden, wat weinig doeltreffend is en bijgevolg op basis van de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer9 in de praktijk niet (structureel) zou mogen gebeuren. Als in de aansluitingsstudie echter wel uitgegaan wordt van een afschakeling is dat dus wellicht niet representatief, wat mogelijks belemmerend is voor de toegang tot het net. De aanvrager, die de permanente toegang wordt geweigerd, krijgt mogelijks onnodig de indruk afgeschakeld te zullen worden, waardoor hij zou kunnen beslissen de aansluitingsprocedure stop te zetten. De CREG is derhalve van mening dat kwantitatieve criteria, zoals de PTDF, mogelijks relevant kunnen zijn bij het weigeren van permanente toegang tot het transmissienet, maar wenst daarover pas een standpunt in te nemen na overleg en consultatie met de marktpartijen. De CREG is van mening dat een dergelijke criterium mogelijks te verdedigen is als de impact van de flexibele toegang op de netgebruiker disproportioneel is tot de impact van de aansluiting op de verwachte congestierisico’s. 50. Met betrekking tot het argument dat het toekennen van een aansluiting met permanente toegang de redispatchingvolumes en de kosten voor congestiebeheer zou verhogen, wijst de CREG erop dat de integratie van afschakeling van installaties aangesloten met flexibele toegang in het kader van congestiebeheer nog dienen te worden uitgewerkt in de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer. De CREG keurde reeds Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer goed met toepassing van artikel 8, §1, derde lid, 5°, van de elektriciteitswet maar deze regels vergen aanpassing om rekening te houden met het type toegang (permanent of flexibel). Elia gaat op dat vlak al uit van afschakelings- en vergoedingsmodaliteiten die niet werden afgestemd met de CREG, laat staan door de CREG werden goedgekeurd. 51. Rekening houdend met wat hierboven wordt uitgezet, betwijfelt de CREG of een situatie van “onvoldoende capaciteit” in de zin van artikel 15, §1, derde lid, van de elektriciteitswet als rechtvaardiging voor een weigering van de permanente toegang uitsluitend beoordeeld kan en mag worden op grond van een kwalitatief criterium, zoals in voorliggend geval de bijdrage aan voorspelde congestieproblemen op het 380kV-net ter hoogte van Horta-Mercator. Op dit moment bestaan echter geen alternatieve, laat staan transparante, criteria om tot een situatie van “onvoldoende capaciteit” te besluiten. De CREG is van mening dat dergelijke criteria overeenkomstig artikel 42.1 en 42.2 van richtlijn 2019/944 deel moeten uitmaken van een set van nietdiscriminerende en transparante aansluitingsprocedures, opgesteld door de transmissienetbeheerder en ter beslissing voorgelegd aan de regulerende instantie. Artikel 42.2 van Richtlijn 2019/944 voorziet 9 Zie bijlage van de Beslissing (B)2056 over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia Transmission Belgium voor de regels van de coörindatie en het congestiebeheer, https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2056 Niet-vertrouwelijke versie 19/26 dat de regulerende instantie ervoor zorgt dat eventuele beperkingen in de gegarandeerde aansluitingscapaciteit of operationele beperkingen worden ingesteld op basis van transparante en niet discriminerende procedures en geen onnodige belemmeringen voor de markttoegang met zich meebrengen. Welnu, dergelijke transparante en niet-discriminerende procedures dienen nog te worden uitgewerkt op federaal niveau10. In afwachting daarvan volgt de CREG het standpunt van Elia. Met andere woorden, de CREG acht de beslissing van Elia dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard om redenen van een gebrek aan capaciteit overeenkomstig artikel 15, §1, derde lid, van de elektriciteitswet gerechtvaardigd. Elia heeft bijgevolg ook terecht onderzocht of het relevant is om een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen overeenkomstig artikel 141, §4, van het federaal technisch reglement (zie onder titel 3.2.2). Niettemin is de CREG van mening dat Elia deze weigering van de permanente toegang aan de aanvrager dient te herevalueren en zo nodig dient te herzien (voor de toekomst) nadat de voormelde procedures en criteria om inhoud te geven aan het begrip “onvoldoende capaciteit” om de permanente toegang te weigeren zijn ontwikkeld. 3.2.2. VOORSTEL VAN ELIA TOT FLEXIBELE TOEGANG 52. Het technisch rapport bevat een tabel met de ingeschatte afgeregelde volumes voor de beschouwde eenheid. Elia heeft op basis van productieprofielen, verbruiksprofielen en resultaten van marktwerking een inschatting gemaakt van de kans op afschakeling van de elektriciteitsproductieeenheid in de drie scenario’s (resp. 80 MVA, 117 MVA en 176 MVA). 53. De eventuele vermindering van de productie (zijnde het gebruik van Elia van het flexibele karakter van de aansluiting) zal in de toekomst voornamelijk afhangen van de productie- en consumptieniveaus in de regio en de uitwisselingen met Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk op het betreffende moment. De meeste congestierisico's doen zich immers al voor in gezonde nettoestand (flexibele toegang in situatie N). Op basis van ervaring wijst Elia erop dat de oorzaken die zouden leiden tot afschakeling over het algemeen uren tot zelfs dagen aanhouden. 54. In deze berekeningen houdt Elia rekening met de volgende elementen die kunnen veranderen in toekomstige dossiers: - Elia gebruikt dezelfde gegevens als deze in de “Mid-term Adequacy Forecast” van ENTSO-e uit 2019, de Ten-Year Network Development Plan (TYNDP) van 2020. - Concreet voor Belgische inschattingen gebruikt Elia de Belgische productievector geactualiseerd op basis van de gereserveerde capaciteit op het moment van de studie (in overeenstemming met artikelen 152 en 153 van het federaal technisch reglement). Elia houdt bijgevolg geen rekening met capaciteiten van elektriciteitsproductie-eenheden en energieopslagfaciliteiten die eveneens via een aansluitingsaanvraag gekend zijn bij Elia, maar nog niet gereserveerd. De Belgische productievector bevat echter wel verwachte bijkomende installaties op basis van zonne-, wind- en warmtekrachtkoppelingsenergie. De CREG begrijpt dat deze laatste inschattingen betreffen voor het volledige Belgische grondgebied, daar waar voor gereserveerde capaciteit een concrete locatie gekend is. Bijkomende gereserveerde capaciteiten tussen de betreffende aanvraag en de eventuele indienstname kunnen bijgevolg 10 De CREG acht in elk geval een aanpassing van de gedragscode elektriciteit nodig, meer bepaald de delen aansluiting en toegang op voorstel van Elia. Niet-vertrouwelijke versie 20/26 leiden tot een hoger afgeregeld volume dan ingeschat door Elia op het moment van de aansluitingsstudie. - Het referentienetwerk in de studie is geactualiseerd op basis van de ingebruikname van infrastructuur zoals bepaald in het laatste business plan. 55. De simulaties van Elia tonen aan dat in het eerste scenario (80 MVA of 72,6 MW op 11 windturbines) de jaarlijks afgeregelde energie vanaf 2025 33,3 GWh kan bedragen. Na realisatie van het stroomregelend netelement te [VERTROUWELIJK] schat Elia dat de jaarlijkse afgeregelde energie afneemt tot 24,4 GWh. Na de uitvoering van Ventilus zou dit echter weer oplopen tot 28 GWh. Relatief betreft dit een mogelijke afschakeling tot 18% van de jaarlijks verwachte geproduceerde energie van het windpark. De simulaties voor het tweede scenario (117 MVA of 105,6 MW op 16 windturbines) resulteren in schattingen van jaarlijks afgeregelde energie van respectievelijk 49,1 GWh in 2025, dan 35,5 GWh na realisatie van het stroomregelend netelement en 40,8 GWh na uitvoering van Ventilus. De simulaties voor het derde scenario (176 MVA of 158,4 MW op 24 windturbines) resulteren in schattingen van jaarlijks afgeregelde energie van respectievelijk 81,3 GWh in 2025, dan 53,3 GWh na realisatie van het stroomregelend netelement en 61,2 GWh na uitvoering van Ventilus. Relatief verhoogt de mogelijke afschakeling in dit scenario tot 20,2% van de jaarlijks verwachte geproduceerde energie van het windpark. 56. Tot aan de installatie van het stroomregelend netelement loopt de elektriciteitsproductieeenheid een risico op afschakeling omwille van congestierisico’s op zowel het 150 kV-net als het 380 kV-net. In deze fase zou de hogere gevraagde capaciteit in het tweede en derde scenario op zich ook meer congestierisico’s creëren, wat ook de verhoging verklaart van verwachte jaarlijkse afgeregelde energie in relatieve waarden. Na de installatie van het stroomregelend netelement zou de afregeling te wijten zijn aan congestierisico’s op het 380 kV-net. De grootte van de elektriciteitsproductie-eenheid zou niet relevant zijn voor de congestierisico’s waardoor de verwachte jaarlijkse afgeregelde energie enkel in absolute termen toeneemt met de geïnstalleerde capaciteit. De flexibele toegang en bijgevolg afschakeling zouden niet meer nodig zijn bij uitvoering van het project Boucle du Hainaut. 57. In de ontwerpbeslissing (B)2451 vraagt de CREG aan Elia om in het technisch rapport ter ondersteuning van een goedkeuringsaanvraag voor toekenning van flexibele toegang duidelijk te stellen welke hypotheses Elia hanteert bij het bepalen van de afschakelde volumes op de beschouwde eenheid bij congesties op het 150kV-net en op het 380kV-net. Inderdaad, het was op basis van de beschikbare informatie niet duidelijk of de ingeschatte afgeschakelde volumes gebaseerd zijn op de goedgekeurde principes in de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer, op het principe “Last In First Out” (laatste in eerste uit) of op nog een ander principe. Elia heeft tijdens de vergadering met de diensten van de CREG op 9 januari 2023 (zie paragraaf 22) de hypotheses waarnaar de CREG expliciet had gevraagd, mondeling toegelicht. Elia verduidelijkt in de reactie op de niet-openbare raadpleging dat het “Last In First Out” principe dat de CREG aanhaalt niet wordt toegepast. Bij de simulaties in het kader van een aansluitingsaanvraag, geeft Elia voorrang aan de grensoverschrijdende stromen van de marktkoppeling. Op basis hiervan worden de uren gedetecteerd waarin congestieproblemen op het Belgische interne net zouden optreden en deze eenheid bijgevolg zou kunnen worden afgeschakeld. Concreet begrijpt de CREG dat dit betekent dat de door Elia opgegeven afgeschakelde volumes overeenkomen met de volledige productie van de betrokken eenheid op de uren met congestie op de as Horta-Mercator. Dit is een eenvoudige en duidelijke veronderstelling, maar niet noodzakelijk een Niet-vertrouwelijke versie 21/26 correcte weergave van de beslissingsprocedure die Elia in haar operationele activiteiten zal volgen alvorens over te gaan tot afregeling van injectie in geval van congestierisico’s, met name op basis van het criterium ‘hoogste doeltreffendheid’ opgenomen in de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer. De CREG leidt hieruit af dat de in het technische rapport weergegeven ingeschatte afgeschakelde volumes als een “worst case scenario” kunnen worden opgevat, tenminste op basis van de gegevens, modellen en voorspellingen zoals gekend op het moment van de studie. Daarnaast concludeert de CREG dat congesties op andere elementen van het transmissienet, andere dan Horta-Mercator, geen aanleiding geven tot afschakelingen in het kader van dit specifiek dossier van flexibele toegang. 58. De aanvrager dient zich bijgevolg ervan bewust te zijn dat effectieve afschakeling van de elektriciteitsproductie-eenheid kan afwijken van de jaarlijks afgeregelde volumes ingeschat door Elia in het kader van de oriëntatie- of detailstudie. Deze informatie, i.e. de geschatte afgeregelde volumes en de transparantie over hoe Elia de resultaten heeft berekend en de verwachte impact ervan, liggen immers aan de basis van de beslissing van de aanvrager om al dan niet door te zetten met de aansluitingsaanvraag. Zonder deze informatie vormt het voorstel tot een flexibele toegang een investeringsrisico, en bijgevolg een belemmering voor de markttoegang. Ook in dit kader wijst de CREG op het belang van de spoedige ontwikkeling van transparante en niet discriminerende procedures voor de instelling van eventuele beperkingen in de gegarandeerde aansluitingscapaciteit of operationele beperkingen zodat de CREG erop kan toezien dat zij geen onnodige belemmeringen voor de markttoegang met zich meebrengen, zoals bedoeld in artikel 42.2 van Richtlijn 2019/944 (zie ook paragraaf 49 van deze beslissing). 59. Tenslotte wijst het technisch rapport van Elia op gerealiseerde en geplande investeringen die de operationele flexibiliteit in het net en de transportcapaciteit kunnen verhogen. Het betreft RTTR/DTSsystemen (Real Time Thermal Rating / Distributed Temperature Sensing) die reeds zijn voorzien op de kabels tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK] en tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK], alsook Ampacimon-modules die Elia nog zal plaatsen op de 150kV-lijnen tussen [VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK]. Operationeel kan Elia detecteren dat geleiders beter gekoeld worden (wat zich voordoet bij hogere windsnelheden) en bijgevolg een hogere capaciteit kunnen transporteren. De inschattingen van Elia over jaarlijks afgeregelde energie, beschreven in paragraaf 55, houden geen rekening met deze mogelijke operationele flexibiliteit aangezien er volgens Elia geen garantie is dat deze op de momenten met verhoogde congestierisico’s beschikbaar zullen zijn. De CREG vraagt aan Elia om effectief de nodige inspanningen te doen om in het dagelijkse beheer van het net zo weinig mogelijk gebruik te maken van de mogelijkheid tot het beperken van de technische eenheid, onder andere via het gebruik van Dynamic Line Rating. Dit is zeker relevant wanneer de congestierisico’s gecorreleerd zijn met hoge windsnelheden. 60. Onverminderd paragrafen 47 tot en met 51 van deze beslissing, is de CREG van mening dat het voorstel van flexibele toegang van Elia voldoet aan de criteria vermeld in paragraaf 29,
- e)tot i), van deze beslissing. 61. De goedkeuringsaanvraag van Elia voldoet ook aan de criteria in paragraaf 29
- g)van de huidige beslissing aangezien het technisch rapport van Elia een planning geeft voor de netwerkinvesteringen die een aansluiting met permanente toegang zouden toelaten. 62. Het voorstel van Elia om een aansluiting met flexibele toegang toe te kennen strookt ook met artikel 42.2 van Richtlijn 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit dat vooreerst bepaalt dat de transmissiesysteembeheerder niet het recht heeft om de aansluiting van onder meer een nieuwe Niet-vertrouwelijke versie 22/26 productie-installatie te weigeren op grond van mogelijke toekomstige beperkingen van de beschikbare capaciteit op het net, bijvoorbeeld congestie in afgelegen delen van het transmissiesysteem. Bovendien voorziet artikel 42.2 van Richtlijn 2019/944 eveneens dat dit geen afbreuk doet aan de mogelijkheid voor transmissiesysteembeheerders om de gegarandeerde aansluitingscapaciteit te beperken of aansluitingen met operationele beperkingen aan te bieden, teneinde de economische efficiëntie van nieuwe productie-installaties te waarborgen, mits dergelijke beperkingen zijn goedgekeurd door de regulerende instantie. 63. Uit wat voorafgaat, blijkt dat de voorwaarden voor het verlenen van flexibele toegang aan de aanvrager gepreciseerd in het technisch rapport van Elia zijn gebaseerd op criteria die Elia momenteel eenzijdig bepaalt. Echter, zoals blijkt uit wat voorafgaat, herhaalt de CREG dat de integratie van afschakeling van installaties aangesloten met flexibele toegang in het kader van congestiebeheer nog dienen te worden uitgewerkt in de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer. De CREG keurde reeds Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer goed met toepassing van artikel 8, §1, derde lid, 5°, van de elektriciteitswet maar deze werden ontworpen op het ogenblik dat alle aansluitingen een permanente toegang tot het transmissienet bekwamen. Deze regels vergen aanpassing om rekening te houden met het type toegang (permanent of flexibel). De CREG kan de toekenning van een flexibele toegang bijgevolg aanvaarden (gezien de technische vaststelling dat het transmissienet limiterend is omwille van een structurele congestie op Doel-Mercator, zie onder titel 3.2.1) met dien verstande dat de CREG zich niet uitspreekt over de exacte modaliteiten van deze flexibele toegang. De flexibele toegang eindigt met toepassing van artikel 170, §2, tweede lid, van het federaal technisch reglement op de datum van ingebruikname van de nodige versterkingen van het netwerk voorzien door het ontwikkelingsplan, in casu de datum van indienststelling van het project Boucle du Hainaut. Dit kan echter wijzigen in functie van de herevaluatie van de weigering van de permanente toegang die Elia verzocht wordt uit te voeren (zie paragraaf 51 van deze beslissing). Indien deze herevaluatie tot gevolg heeft dat de weigering van de permanente toegang aan de aanvrager moet worden herzien, zal de flexibele toegang bijgevolg ook eerder moeten worden omgezet in een permanente toegang. 4. MONITORING 64. De CREG vraagt aan Elia om in samenspraak met de CREG een rapportering op te stellen inzake het gebruik door Elia van de mogelijkheid tot vermindering van het geïnjecteerde vermogen verleend door aansluitingen met flexibele toegang, alsook de concrete procedures die Elia gebruikt om van deze flexibele toegang gebruik te maken (bv. procedures in T&C OPA of T&C SA en de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer). De CREG gaat akkoord met de reactie van Elia dat de reeds voorziene rapportering en publicatie voor met kosten-gebaseerde remediërende acties hiertoe kan en dient gebruikt te worden. De CREG is van mening dat complementair hieraan een aparte rapportering wenselijk is met een overzicht van de afschakelingen op eenheden met flexibele toegang. De bespreking van deze procedures en van de modaliteiten van deze rapportering kan worden geïntegreerd in de besprekingen voor de actualisering van de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer in uitvoering van de eerstkomende fase van het iCAROS-project. 65. De CREG vraagt aan Elia om, in het kader van een volgende aanvraag ter goedkeuring van een aansluiting met flexibele toegang op het transmissienet en in samenspraak met de CREG, een modelbijlage op te stellen ter ondersteuning van dergelijke goedkeuringsaanvragen zodat de bijkomende informatie die de CREG in het kader van dit dossier heeft moeten vragen, voor toekomstige dossiers onmiddellijk beschikbaar is in de goedkeuringsaanvraag. Niet-vertrouwelijke versie 23/26 De informatie in deze modelbijlage dient bovendien de CREG een beter inzicht te geven in de elementen uit de analyse van Elia die als vertrouwelijk dienen te worden behandeld naar de aanvrager van de aansluiting en/of die een vergelijking toelaten van aansluitingsaanvragen met relevante, gelijkaardige elementen. 5. CONCLUSIE 66. Overwegende artikel 244 van de gedragscode van de CREG van 20 oktober 2022 tot vaststelling van de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en van de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden inzake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer; 67. Overwegende artikel 170 van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe; Overwegende de aanvraag voor een oriëntatiestudie van de [VERTROUWELIJK] van 11 april 2022 voor een elektriciteitsproductie-eenheid op het federaal transmissienet, met name een onshore windturbinepark van minimaal 80 MVA en maximaal 176 MVA te [VERTROUWELIJK]; Overwegende het technisch rapport van Elia van 7 september 2022 met rechtvaardiging van haar keuze voor het aansluiten van de elektriciteitsproductie-eenheid te [VERTROUWELIJK], volledig met flexibele toegang; Overwegende de bijkomende informatie ingediend door Elia op 28 en 30 november 2022; Overwegende de niet-openbare raadpleging van Elia en de aanvrager die de CREG hield over de ontwerpbeslissing (B)2451 van 8 december 2022 tot 12 januari 2023 en de reactie van Elia die de CREG daarop heeft ontvangen; Beslist de CREG deze aanvraag voor aansluiting met flexibele toegang van een windturbinepark te [VERTROUWELIJK] goed te keuren, en dit tot aan de datum van indienststelling van het project Boucle du Hainaut. Vanaf de datum van indienststelling van het project Boucle du Hainaut dient het windturbinepark in elk geval een permanente toegang tot het transmissienet te krijgen. Elia dient echter de weigering van permanente toegang tot het transmissienet aan de aanvrager voordien te herevalueren wanneer de nodige transparante en niet-discriminerende aansluitingsprocedures bedoeld in artikel 42 van Richtlijn 2019/944 zijn ontwikkeld op federaal niveau. De CREG benadrukt ook dat de precieze modaliteiten inzake flexibele toegang kunnen evolueren in functie van het regulatoir kader inzake de technische en financiële criteria voor de coördinatie bedoeld in artikel 8, §1, derde lid, 5°, van de elektriciteitswet dat nog op transparante en niet-discriminerende wijze moet worden uitgewerkt rekening houdend met aansluitingen met flexibele toegang. Niet-vertrouwelijke versie 24/26 Verder vraagt de CREG aan Elia om gevolg te geven aan wat uiteengezet is in paragrafen 49, 51, 58, 59, 63, 64 en 65 van de huidige beslissing, en dit met het oog op de indiening van toekomstige goedkeuringsaanvragen voor aansluitingen met flexibele toegang. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Andreas TIREZ Directeur Niet-vertrouwelijke versie Laurent JACQUET Directeur Koen LOCQUET Wnd. Voorzitter van het Directiecomité 25/26 BIJLAGE 1 [VERTROUWELIJK] BIJLAGE 2 [VERTROUWELIJK] BIJLAGE 3 [VERTROUWELIJK] BIJLAGE 4 [VERTROUWELIJK] BIJLAGE 5 [VERTROUWELIJK] BIJLAGE 6 [VERTROUWELIJK] BIJLAGE 7 [VERTROUWELIJK] Niet-vertrouwelijke versie 26/26