← België

Beslissing over de herziening van de methodologieën en voorwaarden voor de Balanceringsverantwoordelijke of “de T&Cs BRP” door de CREG in het kade

(B)2497 9 maart 2023 Beslissing over de herziening van de methodologieën en voorwaarden voor de Balanceringsverantwoordelijke of “de T&Cs BRP” door de CREG in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening genomen met toepassing van de artikelen 4.7 en 6.3 van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – F + 32 2 289 76 09 – info@creg.be – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE .............................................................................................................................. 2 EXECUTIVE SUMMARY ....................................................................................................................... 3 INLEIDING ........................................................................................................................................... 4 1. 2. 3. Wettelijk kader ........................................................................................................................... 5 1.1. Europees recht ................................................................................................................... 5 1.2. Beslissing ACER ................................................................................................................... 8 1.3. Gedragscode elektriciteit ................................................................................................... 8 Antecedenten ........................................................................................................................... 10 2.1. Algemeen ......................................................................................................................... 10 2.2. Openbare raadpleging...................................................................................................... 14 2.2.1. Voorafgaand ............................................................................................................. 14 2.2.2. Openbare raadpleging van 5 januari 2023 tot 6 februari 2023 ............................... 16 2.2.3. Wijzigingen ten gevolge van ontvangen reacties tijdens de openbare raadpleging 29 Bespreking van de voorgestelde herzieningen ........................................................................ 32 3.1. 4. Voorstel tot herziening van de T&C’s BRP ....................................................................... 32 3.1.1. Artikel 1 Definities: ................................................................................................... 32 3.1.2. Artikel 29 Regels voor de berekening van de onbalansprijs: ................................... 33 Conclusie .................................................................................................................................. 51 BIJLAGE 1 .......................................................................................................................................... 52 BIJLAGE 2 .......................................................................................................................................... 53 BIJLAGE 3 .......................................................................................................................................... 54 BIJLAGE 4 .......................................................................................................................................... 55 Niet-vertrouwelijk 2/55 EXECUTIVE SUMMARY Op 7 april 2022 heeft de CREG per schrijven Elia verzocht om met toepassing van artikel 6.3, van de EBGL een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening bij de CREG in te dienen voor goedkeuring tegen uiterlijk 24 mei 2022. In haar beslissing (B)2433 van 19 juli 2022, heeft de CREG de datum voor de indiening van het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening, verlengd tot 7 oktober 20221. Aangezien de CREG geen voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening tegen uiterlijk 7 oktober 2022 van Elia heeft ontvangen, herziet de CREG bij huidige beslissing de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening. De ontwerpbeslissing van de CREG voorzag een volledige verwijdering van de cap en floor en de dead band uit de onbalansprijsberekening. Uit alle reacties die de CREG ontvangen heeft tijdens de openbare raadpleging concludeert de CREG niettemin dat de toepassing van de cap en floor momenteel gesteund wordt wegens de complexiteit van het onderwerp en de onzekerheden met betrekking tot de impact van de reacties van BRPs ten gevolge van de onbalansprijs. De antwoorden van Febeg, Febeliec, BOP en Elia stellen allen voor om impact van de reacties van BRPs periodiek te evalueren op basis van werkelijke ervaringen. Het antwoord van Febeg en Febeliec schuift ook duidelijk naar voren dat een onbalansprijsberekening op basis van Europese prijssignalen het einddoel moet zijn. Als gevolg wijzigt de CREG de geraadpleegde onbalansprijsberekeningsmethode door (

  1. i)een cap en floor te herintroduceren en (
  2. ii)een proces toe te voegen die een tijdige en ambitieuze versoepeling van de toepassing van deze cap en floor als doel heeft. Deze aanpak ligt volledig in lijn met de aanbeveling van de tweede studie die Elia bij haar antwoord op de openbare raadpleging heeft gevoegd en de aanbeveling in het antwoord van Febeg en Febeliec. Aangezien dit versoepelingsproces in overleg met marktdeelnemers opgesteld moet worden, verzoekt de CREG Elia om een gedetailleerd stappenplan in fases voor te stellen in een volgende versie van de T&C BRP. Dit stappenplan begint als eerste fase met de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd in beslissing (B)2433 van de CREG van 19 juli 2022. De CREG zelf is van mening, rekening houdend met de lokaal beschikbare reserves, dat een versoepeling met +/- 25 MW reeds in de tweede fase van het stappenplan mogelijk moet zijn. 1 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2433 Niet-vertrouwelijk 3/55 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna de “CREG”) herziet met toepassing van de artikelen 4.7 en 6.3, van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering (hierna: “EBGL”), de methodologieën en voorwaarden voor de balanceringsverantwoordelijke (hierna: ‘T&Cs BRP’) in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening. Op 7 april 2022 heeft de CREG per schrijven Elia verzocht om met toepassing van artikel 6.3, van de EBGL een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening bij de CREG in te dienen voor goedkeuring tegen uiterlijk 24 mei 2022 (Bijlage 2a, van huidige beslissing). In haar beslissing (B)2433 van 19 juli 2022, heeft de CREG de datum voor de indiening van het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening, verlengd tot 7 oktober 20222. Aangezien de CREG geen voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening tegen uiterlijk 7 oktober 2022 van Elia heeft ontvangen, herziet de CREG bij huidige beslissing de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening. Voor de herziening wordt gebruik gemaakt van de laatste door de CREG goedgekeurde T&Cs BRP, zoals meegedeeld door Elia per brief van 8 november 2022 (Bijlage 2d, van huidige beslissing). Onderhavige beslissing bestaat uit vier delen. Het eerste hoofdstuk schetst het wettelijk kader. Het tweede hoofdstuk duidt de antecedenten en de openbare raadpleging. Het derde hoofdstuk bevat het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening. Het laatste hoofdstuk betreft de eigenlijke beslissing. Deze beslissing werd door het Directiecomité van de CREG genomen op 9 maart 2023. 2 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2433 Niet-vertrouwelijk 4/55 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEES RECHT 1. Overeenkomstig artikel 5.4.c), van de EBGL moeten de voorstellen voor de voorwaarden voor balancering, zoals bepaald in artikel 18, van de EBGL ter goedkeuring voorgelegd worden aan de regulerende instantie van de lidstaat, in casu de CREG. De lidstaten kunnen een advies indienen bij de CREG over het voorstel. 2. Artikel 5.5, van de EBGL vermeldt dat: “Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor de implementatie ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van deze verordening. De implementatietermijn mag niet langer zijn dan twaalf maanden na de goedkeuring door de relevante regulerende instanties, behalve als alle regulerende instanties overeenkomen om de implementatietermijn te verlengen of als andere termijnen worden voorgeschreven in deze verordening.” 3. Overeenkomstig artikel 18.1, van de EBGL moet Elia uiterlijk zes maanden na de inwerkingtreding van de EBGL voor alle programmeringszones van België, een voorstel opstellen betreffende
  3. b)de voorwaarden voor de BRP. 4. Artikel 18.2, van de EBGL vervolgt dat de bedoelde voorwaarden ook regels voorziet voor de opschorting en herneming van marktactiviteiten overeenkomstig artikel 36, van de Verordening (EU) 2017/2196 van de Commissie van 24 november 2017 tot vaststelling van een netcode voor de noodtoestand en het herstel van het elektriciteitsnet (hierna: “E&R NC”) en voor verrekening in geval van marktopschorting overeenkomstig artikel 39, van de E&R NC, zodra deze zijn goedgekeurd overeenkomstig artikel 4 van de E&R NC. Op 18 december 2018 heeft Elia hierover bij de CREG een voorstel ingediend voor goedkeuring. Met (B)1941 van 19 september 2019 heeft de CREG dit voorstel van Elia afgekeurd. Elia heeft ten tijde van deze beslissing nog geen nieuw voorstel ingediend. 5. Artikel 18.3, van de EBGL bepaalt dat elke transmissiesysteembeheerder (hierna: “TSB”) bij de opstelling van voorstellen voor voorwaarden voor BRP's als volgt te werk gaat: “
  4. a)hij pleegt overleg met de TSB's en distributiesysteembeheerders (hierna: DSB'
  5. s)die gevolgen kunnen ondervinden van die voorwaarden;
  6. b)hij neemt het kader voor de oprichting van Europese platforms voor de uitwisseling van balanceringsenergie en voor onbalansnetting, overeenkomstig de artikelen 19, 20, 21 en 22, van de EBGL in acht;
  7. c)hij betrekt andere DSB's en andere belanghebbenden bij de opstelling van het voorstel en houdt rekening met hun standpunten, onverminderd de openbare raadpleging overeenkomstig artikel 10, van de EBGL.” 6. Overeenkomstig artikel 18.6, van de EBGL bevatten de voorwaarden voor BRP's het volgende: “
  8. a)de definitie van balanceringsverantwoordelijkheid voor elke connectie, op zodanige wijze dat hiaten of overlappingen in de balanceringsverantwoordelijkheid van de verschillende marktpartijen die diensten verlenen aan die connectie worden vermeden;
  9. b)de eisen waaraan moet worden voldaan om BRP te worden; Niet-vertrouwelijk 5/55
  10. c)de eis dat alle BRP's financieel aansprakelijk zijn voor hun onbalansen, en dat de onbalansen worden verrekend met de connecterende TSB;
  11. d)de eisen inzake de gegevens en informatie die aan de connecterende TSB moeten worden verstrekt voor het berekenen van de onbalansen;
  12. e)de regels die BRP's moeten volgen om hun programma's te wijzigen vóór en na de gatesluitingstijd van de intradaymarkt overeenkomstig leden 3 en 4 van artikel 17, van de EBGL;
  13. f)de regels voor de verrekening van BRP's, overeenkomstig hoofdstuk 4 van titel V, van de EBGL;
  14. g)de afbakening van een onbalanszone overeenkomstig artikel 54, lid 2, en een onbalansprijszone;
  15. h)een maximumperiode voor de voltooiing van de verrekening van onbalansen met BRP's voor elke periode voor onbalansverrekening overeenkomstig artikel 54;
  16. i)de gevolgen van de niet-naleving van de voorwaarden die van toepassing zijn op BRP's;
  17. j)een verplichting voor BRP's om alle wijzigingen van de positie in te dienen bij de connecterende TSB;
  18. k)de verrekeningsregels overeenkomstig de artikelen 52, 53, 54 en 55;
  19. k)de verrekeningsregels overeenkomstig de artikelen 52, 53, 54 en 55;
  20. l)voor zover deze bestaan, de bepalingen voor de uitsluiting van onbalansen van de onbalansverrekening als deze verband houden met de invoering van rampingbeperkingen om deterministische frequentieafwijkingen te beperken overeenkomstig artikel 137, lid 4, van Verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen (hierna: “SO GL”).” 7. Overeenkomstig art 18.7, van de EBGL mag elke connecterende TSB volgende punten opnemen in het voorstel voor de voorwaarden voor BSP's of in de voorwaarden voor BRP's: “
  21. a)de eis dat BSP's informatie verstrekken over ongebruikte opwekkingscapaciteit en andere balanceringshulpbronnen van BSP's, na de gate-sluitingstijd van de dayaheadmarkt en de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt;
  22. b)voor zover gerechtvaardigd, de eis dat BSP's de ongebruikte productiecapaciteit of andere balanceringshulpbronnen aanbieden via balanceringsenergiebiedingen of biedingen voor het geïntegreerde programmeringsproces op de balanceringsmarkten na de gate-sluitingstijd van de day-aheadmarkt, zonder afbreuk te doen aan de mogelijkheid voor BSP's om hun balanceringsenergiebiedingen te wijzigen vóór de BE-GCT of de ISP-GCT wegens handel op de intradaymarkt;
  23. c)voor zover gerechtvaardigd, de eis dat BSP's de ongebruikte productiecapaciteit of andere balanceringshulpbronnen aanbieden via balanceringsenergiebiedingen of biedingen voor het geïntegreerde programmeringsproces op de balanceringsmarkten na de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt;
  24. d)specifieke eisen met betrekking tot de positie van BRP's na het day-aheadtijdsbestek om te garanderen dat de som van hun interne en externe commerciële handelsprogramma's gelijk is aan de som van de fysieke opwekkings- en verbruiksplannen, daarbij rekening houdende met de compensatie van elektriciteitsverlies, voor zover relevant;
  25. e)een vrijstelling van de verplichting om informatie bekend te maken over de prijzen in balanceringsenergiebiedingen of balanceringscapaciteitsbiedingen omdat de TSB vreest dat dit tot marktmisbruik kan leiden, zoals bepaald in artikel 12, lid 4; Niet-vertrouwelijk 6/55
  26. f)een vrijstelling voor specifieke producten, zoals bepaald in artikel 26, lid 3, onder b), om de prijs van balanceringsenergiebiedingen vooraf vast te leggen in een overeenkomst voor balanceringscapaciteit overeenkomstig artikel 16, lid 6;
  27. g)een aanvraag voor het gebruik van dubbele prijsstelling voor alle onbalansen op basis van de voorwaarden die zijn vastgesteld overeenkomstig artikel 52, lid 2, onder d), punt i), gebaseerd op de methodologie voor de toepassing van dubbele prijsstelling overeenkomstig artikel 52, lid 2, onder d), punt ii).” 8. Aangezien Elia geen centraal dispatching model toepast, vindt artikel 18.8, van de EBGL geen toepassing. 9. Artikel 18.9, van de EBGL meldt dat elke TSB erop toe ziet dat alle partijen de in de balanceringsvoorwaarden uiteengezette eisen nakomen binnen zijn programmeringszone(s). 10. Artikel 4.7, van de EBGL bepaalt dat: “Wanneer de TSB’s hebben nagelaten om overeenkomstig de artikelen 5 en 6 binnen de bij deze verordening vastgestelde termijnen een eerste of gewijzigd voorstel voor voorwaarden of methodologieën in te dienen bij de relevante regulerende instanties of het Agentschap, zenden zij de relevante regulerende instanties en het Agentschap de relevante ontwerpen van de voorstellen voor de voorwaarden of methodologieën toe en verduidelijken zij waarom geen overeenstemming is bereikt. Het Agentschap, alle relevante regulerende instanties gezamenlijk of de relevante regulerende instantie nemen de passende maatregelen om de vereiste voorwaarden of methodologieën overeenkomstig artikel 5 vast te stellen, bijvoorbeeld door wijzigingen aan te vragen of de ontwerpen te herzien en aan te vullen overeenkomstig dit lid, ook wanneer geen ontwerpen zijn ingediend, en deze goed te keuren.” 11. Tot slot, bepaalt artikel 6.3, van de EBGL dat: “Het Agentschap of de regulerende instanties, wanneer zij verantwoordelijk zijn voor de vaststelling van de voorwaarden of methodologieën, kunnen respectievelijk overeenkomstig artikel 5, leden 2, 3 en 4, voorstellen tot wijziging van die voorwaarden of methodologieën aanvragen en een termijn vaststellen voor de indiening van die voorstellen. De TSB’s die verantwoordelijk zijn voor de ontwikkeling van een voorstel voor voorwaarden of methodologieën kunnen bij de regulerende instanties of het Agentschap voorstellen tot wijziging van deze voorwaarden of methodologieën doen. De voorstellen voor wijzigingen van de voorwaarden of methodologieën worden overeenkomstig de procedure van artikel 10 ter raadpleging voorgelegd en worden goedgekeurd overeenkomstig de in de artikelen 4 en 5 uiteengezette procedure.” Niet-vertrouwelijk 7/55 1.2. BESLISSING ACER 12. Op 15 juli 2020 nam ACER een besluit 18/20203 (hierna: ‘ACER besluit’) om de belangrijkste eigenschappen van de onbalansverrekening verder te harmoniseren in Europa. Onder andere maakt de bepaling betreffende de onbalansprijs voor positieve en negatieve onbalansen, inclusief additionele componenten, het onderwerp uit van het ACER besluit. 13. Artikelen 9

(6)en 12
(2)van het ACER besluit stellen dat, indien de TSB een additionele component wilt toepassen bij de berekening van de onbalansprijs voor onbalansen in positieve of negatieve richting, deze additionele componenten ten laatste achttien maanden na de goedkeuring ervan beschreven moeten worden in de nationale methodologieën en voorwaarden voor balanceringsverantwoordelijken. De deadline van achttien maanden liep af op 15 januari
  1. 1.
  2. GEDRAGSCODE ELEKTRICITEIT
  3. Bij wet van 21 juli 2021 werd aan artikel 11 van de elektriciteitswet een paragraaf 2 toegevoegd, die de CREG bevoegd heeft verklaard om, bij middel van een beslissing, een gedragscode voor het beheer van het transmissienet voor elektriciteit vast te stellen. De gedragscode elektriciteit stelt de voorwaarden vast voor: - de aansluiting op en toegang tot het transmissienet, op voorstel van de transmissienetbeheerder Elia; - de verstrekking van ondersteunende diensten; - de toegang tot grensoverschrijdende infrastructuren, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer.
  4. Na openbare raadpleging, heeft de CREG bij beslissing van 20 oktober 2022 een gedragscode elektriciteit vastgesteld, die in werking is getreden op 20 oktober
  5. Op 27 oktober 2022 werd bij bericht in het Belgisch Staatsblad de vaststelling van de gedragscode elektriciteit gepubliceerd.
  6. Artikel 119, § 4, van de gedragscode elektriciteit bepaalt dat de type-overeenkomst van balanceringsverantwoordelijke ten minste de volgende elementen bevat: “1° de voorwaarden voor BRP’s met toepassing van de artikelen 5.5, 18.1, en 18.6 van de Europese richtsnoeren EBGL; 2° desgevallend, de toepassing van art. 18.7, d) en g), van de Europese richtsnoeren EBGL; 3° de modaliteiten voor de invordering door of voor de transmissienetbeheerder van eventuele onbetaalde bedragen van de balanceringsverantwoordelijke; 4° de betalingsmodaliteiten, bepalingen en de termijnen betreffende facturen aan de balanceringsverantwoordelijke; 5° de bepalingen betreffende de vertrouwelijkheid, onder meer van de commerciële gevoelige informatie; 3 https://www.acer.europa.eu/Official_documents/Acts_of_the_Agency/Individual%20decisions/ACER%20Decision%201 82020%20on%20the%20harmonisation%20of%20the%20main%20features%20of%20imbalance%20settlement%20(ISHP ).pdf Niet-vertrouwelijk 8/55 6° de regeling van geschillenbeslechting, met inbegrip van, in voorkomend geval, de bepalingen inzake bemiddeling en arbitrage; 7° de identiteit en de gegevens van de partijen, alsook deze van hun respectievelijke vertegenwoordigers; 8° de bepalingen inzake opschorting, opzegging en beëindiging van het contract van balanceringsverantwoordelijke; 9° de verwijzing naar de modaliteiten voor de balanceringsverantwoordelijke in de typetoegangsovereenkomst voor de eenzijdige opzegging van zijn aanwijzing als balanceringsverantwoordelijke bedoeld in artikel 102.” Verder is het afsluiten van een overeenkomst van balanceringsverantwoordelijke afhankelijk van het voorleggen van een financiële garantie (artikel 119, § 2, van de gedragscode elektriciteit) en treedt de overeenkomst van balanceringsverantwoordelijke in werking uiterlijk 10 werkdagen na ontvangst door Elia van de ondertekende overeenkomst door de balanceringsverantwoordelijke, met bewijs van financiële garantie (artikel 119, §3, van de gedragscode elektriciteit). Niet-vertrouwelijk 9/55
  7. ANTECEDENTEN 2.
  8. ALGEMEEN
  9. De door de CREG goedgekeurde methodologieën balanceringsverantwoordelijke of T&Cs BRP bestaan uit: en voorwaarden voor de - Deel 1: de implementatietermijn, het voorwerp en het toepassingsgebied, een beschrijving van het verwachtte effect op de doelstellingen van de EBGL en het gebruik van de taal; - Deel 2: het BRP-contract, thans opgedeeld in 14 secties (algemene en specifieke voorwaarden), met 6 bijlagen.
  10. Op 18 juni 2018 heeft de CREG van Elia een goedkeuringsaanvraag ontvangen van het voorstel voor T&Cs BRP. Op 28 maart 2019 heeft de CREG bij beslissing Elia verzocht haar voorstel te wijzigen. Op 14 mei 2019 heeft de CREG een gewijzigd voorstel ontvangen, dat de CREG op 27 mei 2019 bij beslissing (B)1913/2 heeft goedgekeurd
  11. De CREG formuleert niettemin een aantal vragen aan Elia die in acht moeten worden genomen in een volgende voorstel van T&Cs BRP.
  12. Op 3 december 2019 heeft de CREG een voorstel tot wijziging van T&Cs BRP van Elia ontvangen in het kader van de integratie van de procedure voor het beheer van storm op zee. De CREG heeft dit voorstel goedgekeurd bij beslissing (B)2013 op 20 december
  13. De CREG heeft op 18 december 2020 een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten van Elia ontvangen, samen met een tweede voorstel betreffende het contract van aanbieder van flexibiliteitsdiensten Day Ahead / Intraday (FSP DA/ID). Beide voorstellen behandelen de uitbreiding van de energieoverdracht op de Day-Ahead- en Intradaymarkten. Het contract FSP DA/ID beschrijft de rechten en verplichtingen van Elia en de aanbieder van flexibiliteitsdiensten die hun flexibiliteit op de Day-Ahead- en/of Intradaymarkten wil valoriseren. Dit voorstel werd door de CREG goedgekeurd op 29 april
  14. Het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten, heeft als doel om in de T&Cs BRP de uitbreiding van de ‘Regels van de Energieoverdracht in de voormelde markten’ te integreren. De CREG heeft dit voorstel in een eerste fase goedgekeurd, met uitzondering van artikel 9.1 van het BRP-contract. Op 7 mei 2021 werd door Elia een gewijzigd voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten ingediend. De CREG heeft op 17 februari 2021 bij beslissing (B)2204/1 het gewijzigd voorstel goedgekeurd
  15. Op 7 mei 2021 werd door Elia een gewijzigd voorstel betreffende artikel 9.1 van het BRP-contract ingediend dat door de CREG bij beslissing(B)2204/2 werd goedgekeurd op 20 mei
  16. 4 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1913/2 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2013 6 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2222NL.pdf 7 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2204/1 8 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2204-2NL.pdf 5 Niet-vertrouwelijk 10/55
  17. Op 17 september 2021 heeft Elia een voorstel tot wijziging van de voorwaarden voor de balanceringsverantwoordelijke (T&C BRP) ingediend, in het kader van de progressieve relaxatie van de day-ahead evenwichtsverplichting die momenteel van toepassing is op BRPs. De CREG heeft dit voorstel op 21 oktober 2021 goedgekeurd bij beslissing (B)
  18. Met haar beslissing (B)658E/7710 keurt de CREG het geactualiseerd tariefvoorstel van Elia goed dat de parameter alpha van het tarief ter compensatie van het onevenwicht wijzigt. Deze parameter alpha wil het tarief ter compensatie van het onevenwicht verhogen in geval van aanzienlijke onevenwichten teneinde de balanceringsverantwoordelijken aan te zetten om meer inspanningen te leveren om hun portefeuille te balanceren. In de huidige context van zeer hoge elektriciteitsprijzen zijn die hoge prijzen op zich al een grote stimulans voor de BRP, zonder dat de alpha nodig is. Het voorstel van Elia, ondersteund door het merendeel van de markspelers, komt neer op het verkleinen van de impact van de parameter alpha in geval van hoge onevenwichtsprijzen. In punt 3.7 van besluit (B)658E/77 van 3 februari 2022 vermeldt de CREG dat op termijn elke bijkomende component die aan het tarief ter compensatie van het onevenwicht wordt toegevoegd, op grond van de Europese regelgeving, niet in een tariefvoorstel maar in de methodologieën en voorwaarden van de balanceringsverantwoordelijke (T&Cs BRP) moet worden opgenomen.
  19. Ingevolge deze beslissing (paragraaf 22 van huidige beslissing) heeft de CREG op 7 april 2022 aan Elia een schrijven gericht waarin gevraagd wordt om met toepassing van artikel 6
(3)van de EBGL een voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden van de balanceringsverantwoordelijke (T&Cs BRP) bij de CREG in te dienen voor goedkeuring na openbare raadpleging. Dit voorstel dient rekening te houden met de berekening van de onbalansprijs, inclusief de additionele componenten, zoals opgenomen in artikel 9 van bijlage 1 van de ACER Beslissing No 18/2020 van 15 juli 2020 enerzijds en overeenkomstig artikel 5
(4)(c) en artikel 18
(6)(
  1. k)van de EBGL, anderzijds. De CREG heeft Elia uitgenodigd om dit voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in te dienen bij de CREG tegen ten laatste 24 mei 2022 (Bijlage 2a, van huidige beslissing). 24. Hierop heeft Elia per brief van 16 mei 2022 (Bijlage 2b, van huidige beslissing) geantwoord dat: “Wat betreft uw vraag om een voorstel tot wijziging van de berekening van de onbalansprijs op te maken en te integreren willen wij verwijzen naar de discussies die gaande zijn met betrekking tot de aanpassing van de balanceringsregels in het kader van de aansluiting op het Picasso platform. Wij begrijpen dat de CREG van mening is dat de additionele componenten zouden moeten worden geïntegreerd in de T&C BRP. Elia ziet echter geen urgentie om deze vraag tot administratieve wijziging op korte termijn te behandelen. Rekening houdend met tal van andere door de CREG welgekende acties die in parallel behandeld moeten worden (bv. deze additionele hierboven vermeld) en met de limieten van onze beschikbare experten om deze te realiseren, stelt Elia voor om dit verder te bespreken bij een volgende wijziging van de T&C BRP.” 25. In haar beslissing (B)2433 van 19 juli 202211, herhaalt de CREG in paragraaf 47 haar vraag om aan het wijzigingsverzoek van 7 april 2022 gevolg te geven. Aan Elia wordt een bijkomende termijn gegeven en wordt de datum van 24 mei 2022 verlengd tot 7 oktober 2022. Bijkomend verwijst de CREG ook naar de paragrafen 71 en 74 van de beslissing (B)2433 voor wat betreft de inhoudelijke wijzigingen betreffende de T&C BRP. 9 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2287NL.pdf https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B658E77NL.pdf 11 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2433NL.pdf 10 Niet-vertrouwelijk 11/55 Op 3 augustus 2022 ontving de CREG van Elia een klacht tot herziening van de beslissing (B)2433. Op 22 september 2022 ontving de CREG per brief de vraag van Elia om haar bezwaar bij de CREG te komen toelichten. De toelichting door Elia vond plaats op 29 september 2022. Op 29 september 2022 heeft de CREG een beslissing (B)2450 genomen over de klacht met het oog op een nieuw onderzoek die Elia heeft ingediend tegen beslissing (B)2433 (Bijlage 3 van huidige beslissing). Met deze beslissing verwerpt de CREG de klacht. Tegen de beslissing (B)2450 heeft Elia hoger beroep aangetekend op 2 november 2022 bij het Marktenhof te Brussel. Het hoger beroep heeft als voorwerp: de beslissing (B)2450 van de CREG van 3 oktober 2022 betreffende de klacht tot herziening ingediend door de NV Elia Transmission Belgium tegen beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 met betrekking tot het voorstel van Elia Transmission Belgium tot wijziging van de balanceringsregels voor de compensatie van kwartuuronevenwichtigheden, te vernietigen. 26. Aangezien Elia op 7 oktober 2022 geen voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening bij de CREG heeft ingediend voor goedkeuring, heeft de CREG op 25 oktober 2022 (Bijlage 2c, van huidige beslissing) aan Elia gevraagd om met toepassing van artikel 4.7, van de EBGL alle relevante ontwerpen van voorstel tot wijziging van de T&C BRP aan de CREG mede te delen, zodat de CREG overeenkomstig artikel 5.4, c), van de EBGL, de gevraagde wijzigingen aan de T&C BRP kan goedkeuren. Minstens, heeft de CREG aan Elia gevraagd dat zij de meest recente goedgekeurde versie T&C BRP in Word formaat aan de CREG meedeelt. Verder meldt de CREG in deze brief dat na ontvangst van de gevraagde documenten, maar ook bij gebreke daaraan, zij een ontwerp van voorstel tot wijziging van de T&C BRP zal uitwerken dat erin zal bestaan de bepalingen betreffende de onbalansprijsberekening, zoals goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)2433, te verplaatsen naar een nieuw hoofdstuk getiteld ‘Berekening van de onbalansprijs’ in de T&Cs BRP. In diezelfde brief wordt ook gemeld op welke wijze de CREG inhoudelijk invulling zal geven aan het voorstel tot herziening van de T&Cs BRP, te weten: “De CREG heeft de intentie om naast de verplaatsing van deze artikelen, in deze artikelen ook nog twee correcties in de onbalansprijsberekening aanbrengen. Concreet betekent dit dus dat de artikelen 14, 15, 16 en 17 van de goedgekeurde regels voor de compensatie van kwartieronevenwichten (hierna: “balanceringsregels”), verplaatst worden naar een nieuw hoofdstuk van de T&C BRP. Daarnaast zal de CREG in het ontwerp van voorstel dat zij zal uitwerken de artikelen 16.1, a), 16.1, b),
  2. ii)en 17.1,
  3. a)en 17.1.b),
  4. ii)schrappen. Ingevolge artikel 9
(6)van het ACER besluit 18/2020 met betrekking tot de harmonisering van de belangrijkste eigenschappen van de onbalansverrekening, zal de CREG ook de aanvullende componenten voor de berekening van de onbalansprijs in de T&C BRP definiëren. Ook zullen de relevante definities opgenomen worden. De medewerkers van de CREG zullen vervolgens over het door hun uitgewerkt ontwerp van voorstel in track changes overleg plegen met de medewerkers van Elia. Het is de bedoeling van de CREG om tegen begin 2023 hierover een definitieve beslissing te treffen opdat in de nieuwe tariefmethodologie betreffende de onbalansprijs (artikel 55, van de EBGL) niet langer meer verwezen wordt naar de balanceringsregels maar naar de T&C BRP, zoals de EBGL het vereist. Om inconsistenties te vermijden ingevolge de verplaatsing van de artikelen 14, 15, 16 en 17 van de balanceringsregels naar de T&C BRP, wordt aan Elia gevraagd een ontwerp van voorstel tot wijziging van de balanceringsregels uit te werken dat erin bestaat de inhoud van artikelen 14, 15, 16 en 17 van de balanceringsregels te vervangen door de opname van een tekst die verwijst naar de T&C BRP. De CREG nodigt Elia uit om het ontwerp van voorstel bij de CREG mede te delen binnen de tien werkdagen na ontvangst van huidige brief, voor verdere bespreking met de CREG. Bij gebreke Niet-vertrouwelijk 12/55 hieraan, zal de CREG ook hiervoor een ontwerp van voorstel tot wijziging van de balanceringsregels uitwerken dat gelijktijdig met haar ontwerp van voorstel tot wijziging van de T&C BRP met de medewerkers van Elia besproken zal worden. Om efficiënt te werk te gaan, is de CREG bereid om over beide voorstellen (T&C BRP en balanceringsregels) een openbare raadpleging te organiseren aan de hand van een beslissing, teneinde over beide voorstellen een definitieve beslissing te kunnen treffen tegen begin 2023.” 27. Op 8 november 2022 (Bijlage 2d, van huidige beslissing) heeft Elia op de brief van de CREG van 7 oktober 2022 gereageerd. In bijlage van deze brief zijn door Elia aan de CREG meegedeeld de door de CREG laatst goedgekeurde T&Cs BRP in het Frans, het Nederlands en het Engels, alsook de balanceringsregels in het Nederlands en het Frans. 28. Op 2 december 2022 heeft de CREG op de brief van Elia van 8 november 2022 gereageerd (Bijlage 2e, van huidige beslissing). Enerzijds, wordt aan Elia meegedeeld een voorstel tot herziening van de T&Cs BRP in het kader van de berekening van de onbalansprijs, waarvan de praktische invulling gebaseerd is op:
(1)het wijzigingsverzoek van de CREG van 7 april 2022, gericht aan Elia, met als uiterste datum 24 mei 2022;
(2)de beslissing (B) 2433 van 19 juli 2022, met name paragraaf 47, alsook de paragrafen 71 en 74; en
(3)de brief van de CREG van 25 oktober 2022, in het bijzonder pagina 3, tweede lid. De CREG deelt aan Elia mede dat alvorens over te gaan tot een openbare raadpleging, haar de mogelijkheid wordt geboden om haar opmerkingen over het voorstel tegen uiterlijk 16 december 2022 toe te zenden aan de CREG. Anderzijds, reageert de CREG met haar brief van 2 december 2022 op de inhoudelijke argumenten van Elia, opgesomd in haar brief van 8 november 2022. Op 16 december 2022 (Bijlage 2f, van huidige beslissing) heeft de CREG van Elia per brief haar opmerkingen ontvangen. Deze opmerkingen worden hierna besproken (zie paragraaf 31 en volgende van huidige beslissing). 29. De CREG heeft na de sluiting van de openbare raadpleging informele contacten gehad met belanghebbenden. Op 3 maart 2023 heeft de CREG een vergadering met Elia gehad over de herziening van de T&C BRP. Niet-vertrouwelijk 13/55 2.2. OPENBARE RAADPLEGING 2.2.1. Voorafgaand 30. Alvorens een openbare raadpleging te organiseren heeft de CREG aan Elia de mogelijkheid geboden om opmerkingen te formuleren over het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP (paragraaf 28 van huidige beslissing). 31. De CREG ontving op 16 december 2022 per brief de opmerkingen van Elia (Bijlage 2f, van huidige beslissing). Behoudens voor wat hierna volgt, heeft de CREG alle andere opmerkingen van Elia in overweging genomen. 32. In haar brief van 16 december 2022 meldt Elia ten eerste dat het implementatieplan en de manier waarop de herziene T&Cs BRP in werking zullen treden, onvoldoende duidelijk zouden zijn. Elia stelt dat een inwerkingtreding van de herziene T&Cs BRP alvorens een herziening van de balanceringsregels en/of het tarifair voorstel, tot een manifest juridische inconsistentie zal leiden. Elia stelt dat het essentieel is om consistentie te bewaren tussen de verschillende regulatoire documenten, en om een gecoördineerd implementatieplan te definiëren. Elia meldt ook dat een sequentiële aanpak van de herziening van de regulatoire documenten (i.e. het tariefvoorstel, de balanceringsregels en de T&C BRP) de planning van de marktevoluties, die een wijziging van de T&C BRP noodzaken, in het gedrang brengt. Zo verwijst Elia naar vertragingen voor het uitvoeren van het MARI project en het project “Icaros”. Elia vraagt aldus transparantie over de aanpak door de CREG. 33. Elia heeft tot 7 oktober 2022 de mogelijkheid gehad om een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP bij de CREG in te dienen voor goedkeuring (zie hiervoor de brief van 7 april 2022 met een eerste deadline van 24 mei 2022 om een voorstel in te dienen, deadline die verlengd werd tot 7 oktober 2022 bij beslissing (B)2433 van 19 juli 2022). Elia heeft dus de mogelijkheid gehad om de impact op de planning van marktevoluties te beperken. De CREG wijst op het feit dat een gewijzigd tariefvoorstel of gewijzigde Balanceringsregels enkel door Elia aan de CREG voorgesteld kunnen worden. De CREG kan niet unilateraal deze regulatoire documenten aanpassen. Alleen Elia heeft met andere woorden de mogelijkheid om de risico’s die ze in haar brief beschrijft, te mitigeren. De CREG verduidelijkt de inwerkingtreding van de herziene T&C BRP door dit te beschrijven in het artikel “Implementatieplan” van de herziene T&C BRP. De inwerkingtreding van de berekening van de onbalansprijs in de herziene T&Cs BRP wordt afhankelijk gemaakt van een wijziging van het tarifaire kader. De tarifaire kader zal met andere woorden niet langer meer mogen verwijzen naar de balanceringsregels, maar naar de herziene T&C BRP. Zolang het tarifaire kader in die zin niet gewijzigd wordt, blijft de verwijzing naar de balanceringsregels zoals vandaag van toepassing. Anders gezegd, de inwerkingtreding van de herziene T&Cs BRP wordt afhankelijk gesteld van een door de CREG nog goed te keuren tariefvoorstel waarin de verwijzing naar de balanceringsregels vervangen wordt door een verwijzing naar de herziene T&Cs BRP. Alhoewel de CREG een wijziging van het tariefvoorstel verkiest, laat ze ook toe om in afwachting hiervan de balanceringsregels te wijzigen. De CREG begrijpt niet waaruit de juridische inconsistenties zouden kunnen bestaan ingevolge de herziening van de T&C BRP. De herziening van de T&C BRP integreert de berekening van de onbalansprijs in de T&C BRP zonder de overige regulatoire documenten te veranderen, en dus ook zonder de momenteel van toepassing zijnde berekening van de onbalanstarieven te wijzigen. Tot slot, merkt de CREG op dat de inhoudelijke wijzigingen enkel betrekking hebben op de verwijdering van de interventies ten aanzien van het prijssignaal dat door het Europees aFRR-platform berekend Niet-vertrouwelijk 14/55 wordt. Aangezien de wettelijke deadline om deel te nemen aan het Europese aFRR-platform in juli 2024 valt, is de CREG van mening dat er voldoende tijd is om de overige regulatoire documenten te wijzigen, zodat deze verwijzen naar de herziene T&C BRP, alvorens de berekening van de onbalansprijs in de herziene T&C BRP effectief zijn toepassing vindt. 34. Ten tweede, verwijst Elia in haar brief van 16 december 2022 naar voorgaande uitwisselingen tussen haarzelf en de CREG over het onderwerp van de verwijdering van de cap, floor en dead band. Elia stelt vast dat de herziene T&Cs BRP als doel hebben om de alpha component te schrappen. Elia herinnert de CREG eraan dat de alpha component onderdeel uitmaakt van het tarifair kader zoals voorzien in nationale wetgeving. Elia stelt dat een wijziging van de alpha component een wijziging van het tariefvoorstel vereist, en niet kan gebeuren via een wijziging van de T&Cs BRP. Bijgevolg, is Elia van mening dat de alpha component in het voorstel tot herziening van de T&Cs BRP niet verwijderd kan worden. Hiervoor verwijst Elia in haar brief van 16 december 2022 naar bijlage 2 voor de inhoudelijke argumenten tegen de verwijdering van de alpha component. De CREG wijst Elia op het feit dat de alpha component van toepassing blijft krachtens het door de CREG goedgekeurde tariefvoorstel. De herziene T&C BRP wijzigt het onbalanstarief niet. De verwijdering van de alpha component treedt niet in werking zolang het van kracht zijnde tariefvoorstel niet wijzigt. Daarom kunnen de herziene T&Cs BRP ook geen additionele component bevatten, teneinde geen dubbele additionele component op BRPs toe te passen. 35. Ten derde, formuleert Elia tekstuele opmerkingen met betrekking tot de door de CREG uitgevoerde herziening. De CREG stelt vast dat de opmerkingen vooral betrekking hebben op de duidelijkheid en volledigheid van de tekst en heeft deze opmerkingen geïntegreerd. 36. Tot slot, verwijst Elia naar de Working Group Balancing van 9 december 2022, waarin de marktdeelnemers hun bezorgdheden hebben geuit met betrekking tot de intentie van de CREG om het onbalanstarief aan te passen via een herziening van de T&Cs BRP. De CREG wijst Elia op het feit dat de ontwerpbeslissing van 22 december 2022 ter raadpleging is voorgelegd aan de marktpartijen. Marktpartijen hebben zich kunnen uitspreken over de herziene T&C BRP en het bijhorende implementatieplan. De CREG verwijst naar paragraaf 31 van de ontwerpbeslissing van 22 december 2022 met betrekking tot het implementatieplan en naar paragraaf 32 van de ontwerpbeslissing van 22 december 2022 met betrekking tot de impact van de herziening op het onbalanstarief. Niet-vertrouwelijk 15/55 2.2.2. Openbare raadpleging van 5 januari 2023 tot 6 februari 2023 37. Overeenkomstig artikel 33, § 1, van het huishoudelijk reglement van het Directiecomité van de CREG organiseert de CREG een openbare raadpleging alvorens zij een beslissing neemt. Een openbare raadpleging gebeurt door het lanceren van de raadpleging op de website van de commissie. 38. De raadplegingsperiode wordt vastgelegd op één maand, overeenkomstig artikel 10.1 van de EBGL. 39. De CREG heeft haar ontwerpbeslissing met bijlagen ter openbare raadpleging voorgelegd. Deze heeft plaats gehad van 5 januari 2022 tot 6 februari 2022. 40. De CREG ontving drie niet-vertrouwelijke antwoorden op de openbare raadpleging (zie bijlage 4), te weten van:
  1. a)Elia
  2. b)Een gezamenlijk antwoord van Febeliec en Febeg
  3. c)Belgian Offshore Platform (hierna: “BOP”) 41. Daarnaast ontving de CREG geen vertrouwelijke reacties op de openbare raadpleging. 42. De reacties op de raadpleging, en de antwoorden van de CREG, worden hierna hernomen. 2.2.2.1. Elia 2.2.2.1.1. Algemene opmerkingen 43. Elia merkt in de eerste plaats op dat haar antwoord geen afbreuk doet aan de relevantie of de draagwijdte van het beroep dat zij voor het Marktenhof heeft ingesteld tegen de procedure zoals die momenteel door de CREG wordt gevoerd. Voor zover als nodig, merkt de CREG op dat ELIA in haar antwoord veelvuldig verwijst naar het voorstel van de CREG (of gelijkaardige varianten, zoals suggestie of intentie). Volgens de CREG toont dit duidelijk aan dat er in casu nog geen enkele beslissing voorligt. Het pas met voorliggende beslissing dat de CREG zich dienaangaande definitief uitspreekt. Het beroep van Elia is dan ook duidelijk prematuur. Meer zelfs, uit de reserve zoals die door Elia wordt geformuleerd blijkt reeds impliciet maar zeker dat zij geen beslissing viseert in de zin van artikel 29bis van de Elektriciteitswet, maar integendeel een door de CREG gevolgde ‘procedure’ of ‘aanpak’. 44. Elia vraagt zich in haar antwoord af waarom de CREG het initiatief neemt om een door de markt unaniem gesteunde onbalansprijsberekeningsmethode aan te passen. De CREG merkt op dat zij erover moet waken dat de onbalansprijsberekeningsmethode aan de objectieven van de EBGL en van de Elektriciteitsverordening voldoet. De CREG is bevoegd voor het analyseren en eventueel herzien van de T&C BRP conform de geldende regulatoire objectieven en principes. De CREG verwijst naar beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 voor de redenen waarom ze het nodig acht om de onbalansprijsberekeningsmethode te laten evolueren. Niet-vertrouwelijk 16/55 45. Elia stelt vast dat de aanpak van de CREG bestaat uit een beschrijving van de onbalansprijsberekening na toetreding tot het Europese aFRR platform maar voor de toetreding tot het Europese mFRR platform. Elia reageert dat deze aanpak minder efficiënt is dan die voorgesteld door haarzelf, gegeven de grote onzekerheid met betrekking tot de sequentie van toetreding tot de Europese platformen voor de uitwisseling van mFRR en aFRR balanceringsenergie. Elia stelt voor om artikelen 29.2.2, 29.3.2 en 29.6.2 te verwijderen uit het voorstel van herziene T&C BRP, gegeven de lage waarschijnlijkheid dat deze ooit toegepast zouden worden ten gevolge van een recente wijziging van volgorde van toetreding tot de Europese mFRR en aFRR platformen. De CREG verwijst ten eerste naar paragraaf 22 tot en met 28 van deze beslissing met betrekking tot de tijdlijn en het verloop van de discussies tussen de CREG en Elia over de overheveling van de onbalansprijsberekening van de balanceringsregels naar de T&C BRP. De CREG kan enkel vaststellen dat het wijzigingsverzoek van 7 april 2022 niet tijdig door Elia beantwoord werd, ook niet na verlenging van de deadline tot 7 oktober 2022. Ten tweede, merkt de CREG op dat de onbalansprijsberekening in de huidige balanceringsregels, zoals goedgekeurd door de CREG via beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 dezelfde situatie weerspiegelt als die bedoeld door de CREG in de T&C BRP, namelijk de berekening van de onbalansprijs na toetreding tot het Europese aFRR platform maar voor de toetreding tot het Europese mFRR platform. Het is volgens de CREG niet opportuun om de perimeter van de herziening van de T&C BRP uit te breiden naar de situatie na toetreding tot het Europese mFRR platform. Daarenboven heeft elke verandering met betrekking tot de volgorde van toetreding tot de Europese mFRR en aFRR platformen eenzelfde gevolg op het al dan niet van toepassing zijn van de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd door de CREG via beslissing (B)2433. De CREG gaat niet akkoord met de stelling van Elia dat het efficiënter is om te wachten. De CREG is van mening dat best zo vroeg mogelijk duidelijkheid geschept wordt naar de markt, betreffende de onbalansprijsberekening en haar opname in de T&C BRP, zodat alle partijen voldoende tijd hebben om de nodige acties te kunnen ondernemen. De CREG merkt ten slotte ook op dat het door de CREG gevolgde traject in lijn is met het vooropgestelde traject van Elia12. Ten derde, stelt de CREG vast dat het antwoord van Elia niet helemaal uitsluit dat toch eerst toegetreden zal worden tot het Europese aFRR platform. Als gevolg acht de CREG het gepast ook dit scenario te blijven voorzien in de herziene T&C BRP. 46. Elia is van oordeel dat de enige redelijke aanpak om toe te treden tot de Europese aFRR en mFRR platformen met een veilige13 onbalanstariefberekeningsmethode, is om ervaring op te bouwen en periodisch te evalueren of verdere evoluties nodig zijn. De CREG merkt op dat de berekening van het onbalanstarief geen deel uitmaakt van het voorwerp van deze beslissing. Deze beslissing houdt enkel verband met de onbalansprijsberekening14. De CREG deelt de mening van Elia dat het nuttig is om ervaring op te bouwen en periodisch te evalueren. De CREG merkt echter op dat het onmogelijk is om ervaring op te bouwen over hoe BRPs zullen reageren op een Europees prijssignaal, waneer BRPs afgeschermd worden van dit Europees prijssignaal. De wijzigingen die de CREG aanbrengt aan haar voorstel dat ter raadpleging werd 12 De CREG verwijst naar de notulen van de Working Group Balancing van 24 maart 2022: “Elia reminds that it was previously agreed to tackle separately the impact on imbalance price of PICASSO and MARI. The impact of MARI on the imbalance price calculation will be further discussed with market parties after the changes for PICASSO will have been clarified.” 13 Veilig voor de stabiliteit van het netwerk 14 De CREG stelt vast dat Elia regelmatig verwijst naar de onbalanstariefberekening in haar antwoord op de herziene T&C BRP. In het vervolg van de bespreking van het antwoord van Elia op de openbare raadpleging, gaat de CREG ervan uit dat Elia verkeerdelijk de onbalansprijsberekening benoemd als onbalanstariefberekening. Niet-vertrouwelijk 17/55 voorgelegd beogen net om de nodige ervaring in de praktijk op te bouwen, zodat passende evoluties geëvalueerd kunnen worden. 2.2.2.1.2. Aanpassing in een richting die tegen waarschuwingen van internationale experten in gaat 47. Elia antwoordt dat de herziening van de T&C BRP de veiligheid van het net in gedrang brengt door een verhoging van het risico op congesties in reële tijd en door aan BRPs stimulansen te geven om de systeemonbalans15 van het LFC blok van Elia te verhogen boven de gedimensioneerde FRR reserves, waardoor de FRCE-kwaliteit zal dalen en de FRR-noden in België zullen stijgen. Elia merkt op dat ze in bijlage van haar antwoord studies toegevoegd heeft die deze boodschap staven. Elia gaat niet akkoord met het nemen van mitigerende maatregelen aangezien zij van mening is dat de vermijding van het risico binnen het ontwerp van de onbalansprijsberekening een meer verantwoorde manier van werken is. De CREG neemt akte van het standpunt van Elia. De CREG verwijst naar sectie 3.2.2 en 3.2.5 van beslissing (B)2433 van 19 juli 2022. De CREG vraagt zich af in welke mate het risico op congesties verhoogd wordt door de herziening. De CREG verwijst naar paragraaf 56 van beslissing (B)2450 waarin geargumenteerd wordt dat de onbalansberekening zoals goedgekeurd in beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 reeds aanleiding kan geven tot het door Elia geïdentificeerde risico. De conclusie van de CREG is dat het door Elia geïdentificeerde risico reeds aanwezig was. Sterker, het huidige geïdentificeerde risico van Elia bestaat reeds en dit zonder deelname aan het Europese aFRRplatform aangezien de huidige onbalansprijsberekening (i.e. alvorens deelname aan het Europese aFRR-platform) zich baseert op het gewogen gemiddelde van de aFRR-prijzen. Het voorbeeld hernemend, bij een gewogen gemiddelde prijs van 500 euro/MWh gedurende de eerste 12 minuten van de onbalansverrekeningsperiode om een onbalans van -150 MW in het LFC Blok van Elia te compenseren en een gewogen gemiddelde prijs van 50 euro/MWh in de resterende drie minuten van een LFC Blok onbalans van +100MW te compenseren, is de resulterende onbalansprijs gelijk 12∙150∙500 aan 500 euro/MWh ( ) met een gemiddelde LFC Blok onbalans van -100MW. Deze prijs zou 12∙150 ook BRP reacties kunnen veroorzaken die de injectie in het systeem verhogen, met een impact op congesties in reële tijd als mogelijk gevolg. . 48. Elia verduidelijkt in haar antwoord dat het risico op overbelasting van netelementen niet beperkt is tot grensoverschrijdende transportlijnen. Ook interne lijnen of lijnen in het buitenland kunnen overbelast raken door reacties van Belgische BRPs op de onbalansprijs. Als gevolg concludeert Elia dat het voor haar moeilijk is om het risico te identificeren in reële tijd. Elia antwoordt ook dat het moeilijk is om de link te maken tussen een potentiële overbelasting van een netwerkelement en de onbalansprijzen die om de 4 seconden veranderen. De CREG begrijpt dat het door Elia gevreesde risico van systeemveiligheid ten gevolge van reacties door BRPs niet alleen beperkt zou zijn tot grensoverschrijdende transportlijnen. De CREG stelt vast dat ook de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd in beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 het door Elia geïdentificeerde veiligheidsrisico niet vermijdt zoals uitgelegd in paragraaf 56 van beslissing (B)2450. Daarenboven wenst de CREG toe te voegen dat de activatie van balanceringsmiddelen loop flows creëren (aangezien deze balanceringsmiddelen niet noodzakelijk dezelfde locatie hebben binnen België als de locaties die bijdragen aan de onbalans van het LFC Blok van Elia). De activatie van balanceringsmiddelen kan dus ook congesties veroorzaken in een naburig LFC Blok. Als gevolg concludeert de CREG dat het door Elia geïdentificeerde risico reeds 15 De CREG leidt uit het antwoord van Elia af dat Elia de term systeemonbalans gelijkstelt aan de onbalans van het LFC Blok van Elia Niet-vertrouwelijk 18/55 aanwezig is in zowel op de momenteel van toepassing zijnde (nationale) onbalansprijsberekening als op de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 van 19 juli 2022. De CREG gaat bijgevolg niet akkoord dat prijsinterventies in de bepaling van de onbalansprijs een antwoord zal bieden op het gevreesde veiligheidsrisico, aangezien het veiligheidsrisico nog steeds aanwezig is. 49. Elia antwoordt dat, na toetreding tot het Europese mFRR platform, het gebruik van mFRR om de veiligheid van het systeem te garanderen een te sterke stimulans kan geven aan BRPs om zich in evenwicht te stellen, gezien de mFRR CBMP bepaald wordt op basis van alle activaties in de niet-gesatureerde zone. De selectie van een mFRR bieding met direct activation geeft zowel een signaal voor het kwartier waarin de bieding geselecteerd wordt als voor het daaropvolgend kwartier. Elia veronderstelt ook dat de activatie van mFRR voor het doeleinde om de veiligheid van het systeem te garanderen door marktdeelnemers, aanzien kan worden als een interventie in de onbalansprijs, of door naburige TNBs aanzien kan worden als ongerechtvaardigd gebruik van middelen. Tot slot, antwoordt Elia dat de activatie van mFRR biedingen met direct activation niet noodzakelijk een directe impact zal hebben op de onbalansprijsberekening indien deze onbalansprijsberekening het gewogen gemiddelde zou nemen van de mFRR CBMPs binnen het kwartier. Om een impact te hebben, zou de TNB grote volumes aan mFRR-biedingen moeten selecteren. De CREG merkt op dat de toetreding tot het Europese mFRR platform geen deel uitmaakt van het voorwerp van de herziening van de T&C BRP. De herziening voorziet enkel de situatie van toetreding tot het Europese aFRR platform . Volledigheidshalve laat de CREG hierover nog gelden: De CREG merkt op dat de herziene onbalansprijsberekening geëxtrapoleerd worden naar de mFRR CBMP. In geval van selectie van een dure mFRR-bieding met direct activation zal de onbalansprijs dit dure mFRR CBMP meteen als signaal bevatten totdat de onbalans in het LFC Blok van Elia positief wordt. Vanaf het moment dat de richting van de onbalans in het LFC Blok van Elia verandert, baseert de onbalansprijsberekening zich op het minimum tussen de mFRR CBMP en de aFRR CBMP, in tegenstelling tot het maximum tussen de twee CBMPs bij negatieve onbalans van het LFC Blok van Elia. Met andere woorden, het signaal dat gegeven wordt door de dure mFRR CBMP vervalt wanneer het doel, namelijk een evenwicht in het LFC Blok van Elia, bereikt wordt. Dit effect bestaat reeds in de actuele toepassing van de (nationale) onbalansprijsberekening. De CREG is ook van mening dat een Europese netsituatie met tegelijkertijd negatieve geselecteerde aFRR-balanceringsenergiebiedingen en een significant volume aan positieve geselecteerde mFRRbalanceringsenergiebiedingen, duidt op een inefficiënte activatie en/of coördinatie tussen TNBs. De negatieve geselecteerde aFRR-balanceringsenergiebiedingen duiden immers op de activatie van een mFRR-volume waarvan de activatie vermeden kan worden. De activatie van het mFRR-volume is met andere woorden niet kosten-efficiënt. De CREG is dan eerder van mening dat de coördinatie tussen TNBs verbeterd moet worden dan de inefficiënties van een gebrek aan coördinatie te verdoezelen via de onbalansprijsberekening. Als wijze van praktisch voorbeeld zou een deelname van alle TNBs in Continentaal Europa aan het onbalansnettingplatform de bovengenoemde inefficiënties sterk kunnen reduceren aangezien de aanwezigheid van LFC Blok onbalansen met tegengestelde richting vermijdt, zolang grensoverschrijdende transportcapaciteit beschikbaar is. De CREG begrijpt de reactie van Elia niet met betrekking tot de perceptie van prijsinterventie bij BSPs indien Elia, omwille van systeemveiligheid, balanceringsenergiebiedingen activeert. Noch begrijpt de CREG de perceptie van naburige TNBs van oneigenlijk gebruik van balanceringsmiddelen. Ten eerste zijn de interventies om de onbalansprijs af te laten wijken van de CBMPs van de Europese FRR platformen, zoals opgenomen in de onbalansprijsberekening die goedgekeurd werd via beslissing (B)2433 op 19 juli 2022, ook prijsinterventies. Sterker, deze prijsinterventies zijn structureel. Ten tweede speelt Elia nu reeds een actieve rol om de systeemveiligheid te garanderen, bijvoorbeeld door mFRR-balanceringsenergie te activeren om Niet-vertrouwelijk 19/55 aFRR-balanceringsenergie vrij te maken. Deze actie is vereist conform artikel 143 van de SOGL. Ten derde verzocht onder andere FEBELIEC (cfr. antwoord op de openbare raadpleging over de balanceringsregels zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 op 19 juli 2019) om de activatievolgorde van aFRR en mFRR te herbekijken, vanuit het oogpunt van de minimalisatie van activatiekosten. Met betrekking tot de perceptie van naburige TNBs, verwijst de CREG naar haar opmerkingen rond coördinatie tussen TNBs. 50. Elia formuleert in haar antwoord op de raadpleging drie bezorgdheden bij de publicatie van beschikbare grensoverschrijdende transportcapaciteiten (hierna: “ATCs”) in reële tijd. Ten eerste stelt Elia dat de ATCs na optimalisatie door het Europese aFRR platform per 4 seconden worden bepaald en nog niet worden gepubliceerd. Publicatie in reële tijd is niet mogelijk: minstens een vertraging van enkele minuten wordt redelijkerwijs verwacht. Ten tweede is Elia van mening dat BRPs hun reacties moeten kunnen afleiden uit de onbalansprijs zelf zonder de verplichting extra publicaties te raadplegen. Elia vreest (een deel van) het reactive balancing potentieel te verliezen indien BRPs zich moeten baseren op meer informatiebronnen. Ten derde merkt Elia op dat het niet gegarandeerd is dat marktdeelnemers een voldoende sterk signaal op tijdige wijze ontvangen via de onbalanstarieven om hun reactive balancing te stoppen of te annuleren. De CREG merkt op dat, alvorens aFRR-balanceringsenergiebiedingen geselecteerd worden, onbalansnetting uitgevoerd wordt. BRP-reacties hebben een directe impact op de onbalansnettingvolumes en/of de geactiveerde aFRR-balanceringsenergie. Deze maken beide gebruik van de beschikbare ATC na activatie van mFRR-balanceringsenergie. De CREG is dus van mening dat de ATC voor onbalansnetting en aFRR gepubliceerd kan worden. De CREG begrijpt dat deze informatie slechts close-to-real-time gepubliceerd kan worden. Niettemin is het nog steeds onduidelijk voor de CREG in hoeverre de close-to-real-time publicatie van de beschikbare ATC en de onbalansprijs tot netstabiliteitsproblemen zou leiden. Immers, momenteel wordt de onbalansprijs ook close-to-real time gepubliceerd zonder grote bezorgdheid dat BRPs hun reactie niet tijdig zouden kunnen stoppen, bijvoorbeeld omwille van de daling van de onbalans in het LFC Blok van Elia. Ook merkt de CREG op dat de alpha-component met een groter vertragingseffect dan close-to-real-time wordt toegepast, zonder bezorgdheid van Elia dat BRPs hun reactie niet kunnen afstemmen op de werkelijke situatie. De CREG is daarom niet overtuigd van het argument van Elia dat de reactie van BRPs minder goed zou zijn dan wat Elia vandaag als aanvaardbaar acht. De CREG merkt ook op dat de onbalansprijsberekening in de herziene T&C BRP de BRPs niet verplicht om meerdere informatiebronnen te raadplegen, maar eerder aan BRPs een extra valorisatiekanaal van balanceringsmiddelen aanbiedt. Concreet laten zowel de onbalansprijsberekening van de herziene T&C BRP als de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 aan BRPs toe om, op basis van (voorspellingen van) de evolutie van de onbalansprijs en de evolutie van de onbalans in het LFC Blok van België, te reageren met als doel de onbalans in het LFC Blok van Elia te verminderen zonder de onbalans in het LFC Blok van Elia van richting te doen veranderen16. Indien, naast de evolutie van de onbalans en die van de onbalansprijs, de marktdeelnemer ook de evolutie van de beschikbare grensoverschrijdende capaciteit in reële tijd kan volgen, faciliteert enkel de onbalansprijsberekening van de herziene T&C BRP de effectieve deelname van deze marktdeelnemers. Enkel de onbalansprijsberekening van de herziene T&C BRP blijft zich immers baseren op de FRR CBMPs wanneer de onbalans in het LFC Blok van Elia door BRP-reacties vergroot. 16 Indien de onbalans van het LFC Blok van Elia van richting verandert, baseert de onbalansprijsberekening zich op het minimum (maximum) van de prijs ten gevolge van aFRR-activaties en de prijs ten gevolge van mFRR-activaties, in plaats van het maximum (minimum) ervan. Deze verandering van onbalansprijs leidt tot kosten voor de BRPs die gereageerd hebben. Als gevolg dient een reactieve BRP de evolutie van de onbalans van het LFC Blok van Elia op te volgen, ook reeds bij toepassing van de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 van 19 juli 2022, om blootstelling tot onbalanskosten te vermijden. Niet-vertrouwelijk 20/55 Toch is de CREG ook van mening dat balanceringsmiddelen best direct deelnemen aan de balanceringsenergiemarkten. De CREG nodigt bijgevolg Elia uit om de vereisten om deel te nemen aan de markten, inclusief de beschikbare producten, af te stemmen op de in België beschikbare middelen die kunnen bijdragen tot compensatie van het systeemevenwicht, en dit zeker indien het volume van beschikbare middelen, die momenteel niet kunnen deelnemen aan de balanceringsenergiemarkten, significant is. Verder merkt Elia op dat het onmogelijk is om in reële tijd te identificeren welke eenheden de congestie veroorzaken indien deze congestie zich in het buitenland voordoet. Bijgevolg is Elia van mening dat een return to schedule geen mitigerende maatregel in reële tijd kan zijn, en dat deze maatregel zelfs mogelijks een de-optimalisatie van de efficiënte inzet van middelen in Europa inhoudt. Daarenboven stelt Elia dat het huidige return to schedule mechanisme geen oplossing biedt om grensoverschrijdende congesties te beheren, aangezien het huidige return to schedule mechanisme zich baseert op het CRI-niveauDe CREG neemt akte van deze reactie. De CREG verwijst naar paragraaf 48 van deze beslissing, waarin uiteengezet wordt dat een congestie in het buitenland ook veroorzaakt kan worden door een activatie van balanceringsenergie door Elia voor levering in het LFC Blok van Elia. Elia stelt bijkomend ook dat de kosten voor de aankoop van aFRR-balanceringscapaciteit kunnen verhogen ten gevolge van een snelle en onvoorziene vermindering van het potentieel van onbalansnetting. Elia geeft het voorbeeld waarbij het onbalansnettingpotentieel vermindert ten gevolge van de activatie van directly activated mFRR-biedingen.Vooreerst wenst de CREG te preciseren dat het door Elia aangehaalde voorbeeld mogelijks een gebrek aan coördinatie tussen TNBs aanneemt. Bij een volledige of gedeeltelijke compensatie de onbalans van een LFC Blok door onbalansen van tegengestelde richting in naburige LFC Blokken worden immers activaties van aFRR en mFRR vermeden. Als gevolg worden ook de kosten voor de activatie van deze balanceringsenergie vermeden. Toch, in het voorbeeld van Elia, besluit de TNB om zelf mFRRmiddelen te activeren en daarmee gepaard veroorzaakt deze TNB ook een activatie van middelen in naburige LFC Blokken (wegens minder uitwisseling via onbalansnetting). De CREG stelt vast dat de selectie van 600 MW aan direct activated mFRRbalanceringsenergiebiedingen in het voorbeeld leidt tot een onmiddellijke vermindering van de aFRR vraag met eenzelfde volume. Nochtans duurt het 15 minuten alvorens de volledige 600 MW aan mFRR geactiveerd wordt. Bij lokale activaties vermindert de aFRR-regelaar geleidelijk de aFRRvraag in plaats van onmiddellijk. Ook bij een uitwisseling van mFRR-balanceringsenergiebiedingen dient het Europese aFRR-platform rekening te houden met de werkelijke beschikbare grensoverschrijdende transportcapaciteit op basis van de geactiveerde, niet-onmiddellijke manuele frequentieherstelvermogen die worden uitgewisseld binnen het mFRR-activeringsproces. De CREG verwijst naar artikel 11.5(
  4. a)van bijlage I van ACER beslissing 03/2020 dat stelt dat de uitwisseling van manuele frequentieherstelvermogen – i.e. in lijn met de activatie binnen het kader van het activeringsproces voor grensoverschrijdende FRR conform artikel 147 SOGL – een output is van het Europese mFRR-platform. Artikel 4.2
  5. c)van bijlage I van ACER beslissing 02/2020 stelt dat de beschikbare grensoverschrijdende capaciteit voor de uitwisseling van automatische frequentieherstelvermogens rekening moet houden met de bevestigde uitwisseling van manuele frequentieherstelvermogen. Bijgevolg is de CREG van mening dat het voorbeeld niet representatief is voor het regelgevend kader dat een gelijke reactie voorziet door de lokale aFRR-regelaar ongeacht het frequentieherstelproces (grensoverschrijdend of lokaal). Niet-vertrouwelijk 21/55 De CREG gaat akkoord met het antwoord van Elia dat de gewogen gemiddelde aFRR CBMP zich met een vertraging kan uiten in de onbalansprijzen. De CREG merkt weliswaar op dat een daling van de aFRR CBMP steeds leidt tot een daling van de onbalansprijs. De marginale balanceringsmiddelen die BRPs ingezet hebben om te reageren, zullen hun reactie reeds verminderen. De CREG verwijst verder naar paragraaf 47 van deze beslissing. De CREG begrijpt niet de reactie van Elia dat onbalansnetting zeer volatiel kan zijn. De CREG merkt op dat onbalansnetting vandaag reeds volatiel is en dat vandaag reeds de meeste TNBs in Continentaal Europa aan het onbalansnettingplatform deelnemen. 2.2.2.1.3. Gevaar voor de veiligheid, efficiëntie en betrouwbaarheid van het net 51. Elia stelt dat het voorstel van de CREG niet altijd efficiënte impliciete reacties van BRPs stimuleert, en dit ten gevolge van de verschillende strategieën om mFRR te activeren die toegepast worden door de verschillende TNBs in Continentaal Europa. Elia stelt dat het Europese systeem nooit gedeoptimaliseerd wordt ten gevolge van de toepassing van een cap en floor in de onbalansprijsberekening, zoals goedgekeurd door de CREG via beslissing (B)2433 op 19 juli 2022. Vooreerst stelt de CREG vast dat de alpha component toegepast zou worden bovenop de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 van 19 juli 2022. De CREG verwijst naar paragrafen 25 tot en met 28 van beslissing (B)658E/77, die aantonen dat de toepassing van de alpha component kan leiden tot deoptimalisaties van het Europese systeem. De CREG gaat aldus niet akkoord met de bewerking van Elia dat de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 nooit het Europese systeem deoptimaliseert. De CREG is van mening dat de door Elia geïdentificeerde gevallen van deoptimsalisatie in deel 1.3 van haar antwoord niet het gevolg zijn van de herziening van de onbalansprijsberekening, maar van een (veronderstelling van) ongecoördineerd gebruik van het Europese aFRR- en mFRR-platform. Meer bepaald, merkt de CREG op dat indien elke TNB in Continentaal Europa deelneemt aan onbalansnetting, elke onbalans van een LFC Blok eerst genet wordt via het platform voor onbalansnetting vooraleer balanceringsenergiebiedingen geactiveerd worden. Aangezien onbalansnetting activaties van balanceringsenergie vermijdt, leidt onbalansnetting tot een kostenefficiënte inzet van middelen. Bijgevolg is de CREG van mening dat deelname aan het Europese platform voor onbalansnetting de kosten voor de (Europese) eindconsument wel degelijk vermindert. Daarbij stelt de CREG vast dat minstens alle voor Elia naburige LFC Blokken momenteel deelnemen aan onbalansnetting. Het voorbeeld van Elia hernemend, gegeven dat de nietgesatureerde zone long blijft, zal onbalansnetting juist vermijden dat land A inefficiënte aFRRbalanceringsenergiebiedingen activeert. Geen gebruik maken van onbalansnetting leidt tot inefficiënte activaties en inefficiënte prijsvorming. De deoptimalisatie is dus eerder het gevolg van ongecoördineerd gedrag van TNBs, en van inefficiënte inzet van middelen, dan van een onbalansprijsberekening. Niet-vertrouwelijk 22/55 Daarenboven leidt de toepassing van de onbalansprijsberekening volgens de herziene T&C BRP in het voorbeeld niet tot een onbalansprijs in land B dat de positieve aFRR CBMP weerspiegelt. Verwijzend naar paragraaf 55 van deze beslissing, dat het gebruik van de mFRR CBMPs in de onbalansprijsberekening uiteenzet, leidt de long positie van land B tot een onbalansprijs die het minimum van de aFRR CBMP en de mFRR CBMP weerspiegelt. Aangezien de aFRR CBMP extreem hoog is, zal de onbalansprijs de mFRR CBMP weerspiegelen, waardoor BRPs niet gestimuleerd zullen worden om de long positie van land B te versterken. Land B zal mFRR activeren bij zelfs kleine onbalansen in het LFC Blok gezien het voorbeeld uitgaat dat land B niet steunt op aFRR alvorens mFRR te activeren. 52. Het andere voorbeeld in deel 1.3 van het antwoord van Elia (cfr. figuur 3 in het antwoord) steunt op sterke verschillen van de marginale kosten van de eenheden die aFRR kunnen leveren in de niet-gesatureerde zone. De sterke verschillen in marginale kosten kunnen volgens Elia leiden tot sterke afwijkingen ten opzichte van de spot prijs in een LFC Blok. De CREG is van mening dat het voorbeeld enkele tekortkomingen bevat. Zo wordt verondersteld dat de drie LFC Blokken deel uitmaken van eenzelfde niet-gesatureerde zone in het balanceringstijdsvenster terwijl de aanname van drie verschillende spotprijzen juist op gesatureerde transportlijnen duidt. Concreet zou LFC Blok A geen balanceringsenergie meer moeten kunnen invoeren omwille van de hoogste spotprijs in de zone: elke beschikbare grensoverschrijdende capaciteit zou gebruikt kunnen worden door marktdeelnemers tijdens het intraday tijdsvenster om het prijsverschil tussen LFC Blok A en andere LFC Blokken op te vangen. Bijgevolg is de invoer van een de lage aFRR CBMP van LFC Blok C eerder uitzonderlijk. De CREG verwijst voor overige opmerkingen met betrekking tot verschillen van de marginale kosten van de eenheden die aFRR kunnen leveren, naar paragraaf 53 van deze beslissing. Bovenstaand concept van non-arbitrage tussen verschillende tijdsvensters iso ok aanwezig in de wetenschappelijke literatuur (e.g. W. Hogan, Electricity Market Design: Optimization and Market Equilibrium , 201617) 2.2.2.1.4. De waarde van energie in reële tijd wordt niet weerspiegeld door de grensoverschrijdende marginale prijs voor de uitwisseling van aFRRbalanceringsenergie, noch bij deelname aan beide Europese FRR platformen 53. Elia uit haar bezorgdheid over de efficiëntie en robuustheid van het gebruik van de CBMP van de Europese FRR platformen zonder prijsinterventies. Elia merkt op dat de marginale kosten van de eenheden die aFRR leveren sterk kunnen verschillen van de marginale kosten van alle eenheden (wat weerspiegeld wordt in bijvoorbeeld de spotprijs). Elia verwacht dat de deelname aan het Europese aFRR platform deze afwijking zal vergroten door de afwezigheid van counteractivaties en door aanwezigheid van een prijslimiet van +/- 15.000 euro/MWh. Elia stelt zich de vraag hoe de waarde van energie in reële tijd bepaald wordt in dit geval, zonder gebruik van prijsinterventies en meer bepaald een cap en floor. Elia stelt voor om de aFRR CBMP weg te laten uit de onbalansprijsberekening, maar merkt ook op dat dit momenteel juridisch gezien onmogelijk is. De dead band is een tussentijdse pragmatische oplossing volgens Elia. De CREG stelt vast dat het antwoord van Elia de wettelijke noodzaak om rekening te houden met de aFRR CBMP niet in vraag stelt. De CREG verwijst naar paragrafen 91 en 96 van deze beslissing waarin ze uiteenzet aan welke vereisten de onbalansberekening moet voldoen. De CREG ziet binnen deze vereisten ook geen mogelijke toepassing van een dead band. Door het gewogen gemiddelde van de aFRR CBMP te nemen, wordt de impact van aFRR verminderd zonder zich buiten het vereiste kader van de EBGL te begeven. 17 https://scholar.harvard.edu/whogan/files/hogan_ucla_011316.pdf Niet-vertrouwelijk 23/55 Daarenboven is de CREG niet overtuigd dat het door Elia voorgestelde biedgedrag zal manifesteren als blijvende afwijking met de spotprijs. Immers de spotprijs is een verwachting van de waarde van energie in reële tijd door de marktpartijen (zogenaamd het principe van back-propagation (W. Hogan, Electricity Market Design: Optimization and Market Equilibrium , 2016)). Bij een structurele afwijking tussen beiden zullen marktpartijen hiermee rekening houden in hun biedgedrag op de spotmarkten (bijvoorbeeld door structureel long of short te zijn). In dit geval vervalt de relevantie van het door Elia aangehaalde voorbeeld. 54. Elia antwoordt dat de dead band discontinuïteiten in de onbalansprijzen vermijdt wanneer de onbalans van het LFC Blok van Elia van richting verandert. De onbalansprijs zou zonder dead band veranderen van een neutrale prijs (i.e. de VoAA) naar een mogelijks extreme CBMP wanneer de onbalans van het LFC Blok ongeveer gelijk is aan 0 MW. Elia meldt in haar antwoord dat de dead band barrières vermindert voor de deelname van hernieuwbare energiebronnen, aangezien deze middelen niet onredelijk gestraft worden wanneer de onbalans in het LFC Blok van Elia klein is. De CREG merkt op dat de dead band geen discontinuïteiten vermijdt aangezien de herziene onbalansprijsberekening dezelfde gewogen gemiddelde berekening van de aFRR CBMP toepast voor zowel positieve als negatieve onbalansen in het LFC Blok van Elia. Deze manier van berekenen genereert geen discontinuïteiten tenzij mFRR geactiveerd werd in één of beide richtingen. In geval van mFRR-activaties vermijdt de dead band niet dat discontinuïteiten in de onbalansprijsberekening voorkomen. Deze onbalansprijsberekening, zoals goedgekeurd via beslissing (B) 2433 van 19 juli 2022, verschuift en vermeerdert de discontinuïteit van de onbalansprijsberekening van een onbalans in het LFC Blok van Elia van 0 MW naar arbitrair bepaalde onbalansen in het LFC Blok van Elia van +/- 25 MW. De CREG is van mening dat het antwoord van Elia onvoldoende aantoont waarom de effecten van een discontinuïteit rond +/- 25 MW efficiënter zouden zijn dan de effecten van één discontinuïteit rond 0 MW. Tot slot merkt de CREG op dat een discontinuïteit in de onbalansprijs bij een onbalans in het LFC Blok van Elia reeds aanwezig is bij de actuele (nationale) onbalansprijsberekening. De CREG concludeert dat een accurater gebruik van beschikbare grenscapaciteit, een coördinatie tussen TNBs omtrent onbalansnetting, de uitwisseling van balanceringsenergiebiedingen en een toename aan liquiditeit in de balanceringsenergiemarkten, toekomstgerichter is als beleid dan een steeds verregaandere onbalansprijsinterventie in afwijking van de prijssignalen die gevormd worden op de Europese FRR platformen, zoals voorgesteld door Elia in haar antwoord. 55. Elia uit haar bezorgdheid over de efficiëntie en robuustheid van het gebruik van de CBMP van de Europese FRR platformen zonder prijsinterventies. Elia merkt op dat de richting van geselecteerde balanceringsenergiebiedingen per platform tegengesteld kunnen zijn. Elia stelt zich de vraag hoe de waarde van energie in reële tijd dan zal bepaald worden wanneer geen gebruik gemaakt wordt van prijsinterventies, meer bepaald een cap en floor. Elia besluit dat een onbalansberekening op basis van enkel de mFRR CBMP met meer gesofisticeerde prijsinterventies veiliger en efficiënter is na toetreding tot beide platformen en duidt aan dat ze open staat voor verdere discussies. De CREG stelt vast dat Elia in sectie 1.4 van haar antwoord verschillende opties analyseert met betrekking tot de berekening van de onbalansprijs. De CREG stelt vast dat het gebruik van enkel de aFRR CBMP of enkel de mFRR CBMP geen oplossing is binnen de context van ACER beslissing 18/2020 van 15 juli 2020 betreffende de harmonisatie van de onbalansprijsberekening, omdat Elia van beide gebruik maakt om een onbalans in het LFC Blok van Elia te compenseren. Om de juiste signalen aan BSPs te kunnen geven en zowel aFRR als mFRR te kunnen blijven leveren, moet de onbalansprijsberekening ook met beide CBMPs rekening houden. Zoniet zijn additionele prijssignalen nodig om BSPs te blijven aanmoedigen de nodige aFRR en mFRR te activeren. Hoe Elia deze prijssignalen ziet, is niet geheel duidelijk voor de CREG. Niet-vertrouwelijk 24/55 De CREG stelt ook vast dat Elia nalaat de optie te analyseren die toegelaten wordt in de ACER beslissing 18/2020 betreffende de harmonisatie van de onbalansprijsberekening en die het meest overeenkomt met de onbalansprijsberekening in de herziene T&C BRP. Namelijk, indien de onbalans in het LFC Blok van Elia negatief is, wordt het maximum van de CBMPs gebruikt en indien de onbalans van het LFC Blok van Elia positief is wordt het minimum van de CBMPs gebruikt. De CREG merkt op dat deze aanpak reeds van toepassing is binnen het LFC Blok van Elia, rekening houdende met het feit dat ook zonder deelname aan de Europese FRR platformen aFRR en mFRR in verschillende richtingen geactiveerd kan worden door Elia. Bij toepassing van deze onbalansprijsberekening zal de onbalansprijs, in geval van tegengestelde activaties, een even kwalitatief signaal geven aan Belgische BSPs als de momenteel van toepassing zijnde onbalansprijsberekening. 2.2.2.1.5. Afwijkingen van artikel 55
(4)van de EBGL en artikel 9 van de ISH 56. Elia antwoordt dat de herziening van de T&C BRP minder voldoet aan de objectieven in artikel 3.1 b) van de EBGL en aan de Whereas
(17)van de EBGL. Elia verwijst naar haar redenering opgenomen in sectie 2.2.2.1.4 van deze beslissing. De CREG verwijst voor haar antwoord ook naar sectie 2.2.2.1.4 van deze beslissing. 2.2.2.1.
  1. Verduidelijking van het implementatieplan
  2. Elia antwoordt dat er geen duidelijk implementatieplan aanwezig is. Elia wijst erop dat wanneer de herziene T&C BRP pas in werking treden na de toetreding tot het Europese aFRR platform in datgeval de onbalansprijsberekening, zoals goedgekeurd via CREG beslissing (B)2433, van toepassing blijft tot aan de inwerkingtreding van de herziene T&C BRP. Elia stelt dat de CREG en Elia een akkoord moeten hebben over de specifieke datum van inwerkingtreding van de herziene T&C BRP en dat deze datum opgenomen moet worden in het implementatieplan. De CREG is van oordeel dat de door Elia aangehaalde onzekerheid deels door haarzelf beheerd wordt. Immers, Elia kan, voor de toetreding tot het Europese aFRR platform in 2023, een voorstel tot wijziging van de balanceringsregels ter goedkeuring bij de CREG indienen waarin verwezen wordt naar de T&C BRP. Bijkomend wordt deze onzekerheid weggenomen door in het eerstkomend tariefvoorstel een verwijzing naar de T&C BRP op te nemen bij de bepaling van het onbalanstarief. Bijkomend laat de CREG ook opmerken dat een wijziging van de balanceringsregels vereist is om deel te kunnen nemen aan het Europese mFRR platform. Gegeven dat de huidige beslissing genomen wordt in het eerste kwartaal van 2023, is er nog voldoende tijd voor Elia om ofwel het tariefvoorstel ofwel de balanceringsregels aan te passen, zodat de T&C BRP in werking kunnen treden bij de toetreding tot het Europese aFRR of mFRR platform en dit ongeacht hun volgorde. Aangezien de deelname aan de Europese aFRR en mFRR aan geen reële datum vastgepind kan worden, is de CREG van mening dat het opnemen van een exacte datum van inwerkingtreding niet mogelijk is. Tot slot merkt de CREG op dat de berekeningswijze van onbalansprijs bij de situatie alvorens toetreding tot het Europese mFRR- of aFRR-platform ongewijzigd blijft. Ook blijft de berekeningswijze van de onbalansprijs in een eerste fase na toetreding tot het Europese aFRRplatform ongewijzigd ten gevolge van de wijzigingen die de CREG heeft aangebracht als antwoord op de ontvangen reacties binnen de openbare raadpleging (cfr. deel 2.2.3 van deze beslissing). Bijgevolg is de CREG van oordeel dat de datum van inwerkingtreding behouden kan blijven (i.e. na wijziging van ofwel de balanceringsregels ofwel het tariefvoorstel), en dat de datum van effectieve Niet-vertrouwelijk 25/55 toepassing van de onbalansprijsberekening na deelname aan het Europese aFRR-platform gelijk is aan de datum toetreding tot het Europese aFRR-platform.
  3. Elia antwoordt dat de CREG moet verduidelijken hoe de VREG betrokken wordt bij de validering van de T&C BRP. De CREG bevestigt dat ze de VREG heeft betrokken tijdens de herziening van de T&C BRP. De CREG heeft onder andere op 3 februari 2023 en op 24 februari 2023 overleg gepleegd met de VREG. Tijdens deze overlegmomenten heeft de VREG bevestigd dat het voorwerp van de herziening buiten hun bevoegdheid valt. De herziene T&C BRP na verwerking van de antwoorden die de CREG tijdens de openbare raadpleging mocht ontvangen, werd op 9 maart 2023 aan de VREG overgemaakt. 2.2.2.1.
  4. Opmerkingen met betrekking tot de additionele componenten in de onbalansprijsberekening (artikelen 29.4 en 29.5 van de herziene T&C BRP)
  5. Elia antwoordt dat artikelen 29.4 en 29.5 van de herziene T&C BRP verwarring creëert aangezien de alpha component van toepassing blijft conform het huidige tariefvoorstel. Elia gaat niet akkoord met de redenering van de CREG dat het opnemen van de alpha component in de herziene T&C BRP tot verwarring kan leiden aangezien het tariefvoorstel niet verwijst naar de T&C BRP en dit dus geen juridische waarde heeft. Bijgevolg bestaat het risico niet van toepassing van een “dubbele additionele component”. Elia stelt voor om deze artikelen ofwel te schrappen, ofwel op informatieve wijze toe te voegen dat de alpha component, zoals beschreven in het tariefvoorstel, van toepassing blijft. Deze aanpassing zou volgens Elia verwarring vermijden. De CREG verwijst naar sectie 3.2.6 van beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 met betrekking tot haar redenering omtrent de alpha component. Een wijziging met betrekking tot de toepassing van de alpha component valt buiten het kader van deze herziening van de T&C BRP. Aangezien de alpha component geen deel uitmaakt van de herziening van de T&C BRP, en aangezien de alpha component nog steeds van toepassing is in geval Elia ervoor kiest om enkel de balanceringsregels aan te passen, verkiest de CREG het behoud van artikelen 29.4 en 29.5 van de T&C BRP om redenen van transparantie en duidelijkheid. De huidige formulering laat Elia toe om de balanceringsregels aan te passen zonder voorstel van wijziging van de T&C BRP teneinde een dubbele toepassing van additionele componenten te vermijden. De CREG vindt het eerder verwarrend om de inhoud van het tariefvoorstel te herhalen in de T&C BRP. Daarnaast is de verwijdering van de additionele componenten uit de T&C BRP niet aanvaardbaar voor de CREG aangezien deze krachtens de ACER beslissing 18/2020 beschreven moeten worden in de T&C BRP. 2.2.2.1.
  6. Andere specifieke opmerkingen
  7. Elia antwoordt dat §29.1 de onbalansprijs gelijk stelt als “de som van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting, en de additionele onbalansprijscomponent”. In §1 verwijst de CREG naar de onbalansprijs zoals gedefinieerd in de EBGL. Elia is van mening dat de onbalansprijs zoals gedefinieerd in de EBGL overeenkomt met het onbalanstarief. Elia vraagt aan de CREG om deze inconsistentie te corrigeren. De CREG merkt op dat het onbalanstarief bepaald wordt in het tariefvoorstel terwijl de onbalansprijs bepaald wordt in de T&C BRP. De CREG bevestigt dat, indien relevant, de onbalansprijs additionele componenten moet bevatten gelet de ACER beslissing 18/
  8. Bijgevolg is de onbalansprijs in §29.1 gelijk aan de onbalansprijs zoals bepaald in de EBGL, en moet deze zich in de T&C BRP worden opgenomen krachtens artikel 18 van de EBGL. Niet-vertrouwelijk 26/55 De CREG begrijpt de voorkeur van Elia om de alpha component als additionele component toe te voegen in de herziene T&C BRP. De CREG verwijst naar paragraaf 59 van deze beslissing met betrekking tot de redenering waarom de CREG geen additionele component toevoegt in de herziene T&C BRP. De CREG ziet geen inconsistentie tussen de definitie in §1 en de beschrijving in §29.
  9. De onbalansprijs is gedefinieerd in de EBGL, en kan bestaan uit additionele componenten indien deze gedefinieerd worden in de T&C BRP. Dat er geen additionele componenten gedefinieerd worden in de T&C BRP doet geen afbreuk aan de toepassing van een tarifaire alpha component zolang deze aanwezig is in het tariefvoorstel krachtens artikel 12 van de elektriciteitswet. De CREG stelt weliswaar vast dat deze tarifaire alpha component, indien relevant en om blijvend toe te passen teneinde de objectieven van de EBGL te bereiken, als additionele component beschreven moet worden in de T&C BRP na de vereiste verwijdering ervan uit het tariefvoorstel. De CREG merkt binnen dit kader op dat deze vereiste van kracht is sinds de inwerkingtreding van ACER beslissing 18/2020 op 15 januari 2022, net als de vereiste om de volledige onbalansprijsberekening in de T&C BRP op te nemen. Bijgevolg acht de CREG een (informatieve) verwijzing naar het tariefvoorstel dan ook niet voldoende. Rekening houdende met het feit dat alleen Elia gelijktijdig wijzigingen van het tariefvoorstel en van de T&C BRP aan de CREG kan voorleggen, is het dan ook voor de CREG niet mogelijk om in te gaan op de vraag van Elia.
  10. Elia meldt in haar reactie dat er een aantal verkeerde verwijzingen en een verkeerd gebruik van terminologie in de Engelstalige versie vastgesteld zijn. In de Franstalige versie van de ontwerpbeslissing merkt Elia enkele vertaalfouten op. De CREG brengt de Engelstalige versie in lijn met de Franstalige en Nederlandstalige versies van de herziene T&C BRP, en corrigeert de vertaalfouten. 2.2.2.
  11. Febeliec en Febeg
  12. Febeliec en Febeg antwoorden dat ze geen grote problemen zien met betrekking tot de integratie van de onbalansprijsberekening in de T&C BRP, zolang er geen tegenstrijdigheden of loop holes gecreëerd worden. De CREG neemt akte van dit antwoord van Febeg en Febeliec.
  13. Febeg en Febeliec antwoorden dat ze een gebrek aan overeenstemming met betrekking tot de balanceringsfilosofie spijtig vinden. Febeg en Febeliec antwoorden ook dat zij de integratie van Europese balanceringsmarkten steunen, net zoals de berekening van de onbalansprijs op basis van de CBMPs van de Europese balanceringsplatformen. De voorwaarde is wel dat de balanceringsmarkten goed moeten functioneren, goed geïntegreerd moeten zijn, en correcte signalen gegeven worden aan de BRPs om in evenwicht te blijven. Bijgevolg zijn Febeg en Febeliec voorstander van een stapsgewijze implementatie die toelaat te leren van de ervaringen op basis waarvan het ontwerp dan verder aangepast kan worden. Febeg en Febeliec melden expliciet de financiële impact op de marktpartijen en de operationele veiligheid van het net als risico’s beperkt moeten worden. De onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd door de CREG via beslissing (B)2433 op 19 juli 2022 wordt door Febeg en Febeliec als een implementatiestap met mitigerende maatregelen gezien, alvorens verder te evolueren naar een Europees geïntegreerde balanceringsmarkt. Tot slot, antwoorden Febeg en Febeliec dat er snel en op pragmatische wijze voorzichtige stappen gezet moeten worden richting de Europees geïntegreerde balanceringsmarkt. De CREG neemt akte van dit antwoord van Febeg en Febeliec. Niet-vertrouwelijk 27/55
  14. Febeg en Febeliec antwoorden ook met een voorstel van aanpak. Ze stellen voor om een cap en floor te behouden en een actieplan te implementeren met als doel te evalueren of deze cap en floor gradueel versoepeld kan worden op basis van ervaring van het gedrag van BRPs en hun impact op de veilige uitbating van het net. Daarenboven stellen Febeg en Febeliec ook voor om de nood aan implementatie van een dead band te evalueren, op basis van de financiële impact van het gebrek aan een dead band. De CREG bedankt Febeg en Febeliec voor het geformuleerde voorstel van aanpak. Met betrekking tot de dead band verwijst de CREG naar sectie 2.2.2.1.4 van deze beslissing. De CREG verwijst naar deel 2.2.3 van deze beslissing. 2.2.2.
  15. BOP
  16. BOP antwoordt dat ze niet volledig akkoord gaat met de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd in beslissing (B)2433 van de CREG, evenals niet akkoord gaat met de onbalansprijsberekening zoals opgenomen in de herziene T&C BRP. BOP verwijst naar de complexiteit en veelvuldigheid van de dossiers en het gebrek aan middelen voor een kleine marktpartij om dit allemaal in detail op te volgen. BOP vraagt een betere zichtbaarheid op de regulatoire veranderingen, de veranderingen in de markt en een incrementele aanpak wanneer wijzigen doorgevoerd zullen worden. Deze aanpak moet marktpartijen toelaten om te leren en om zich geleidelijk te kunnen aanpassen aan de nieuwe omgeving. De CREG neemt akte van dit antwoord van BOP en merkt op dat ze aan deze opmerking tegemoet komt door de herziening van de T&C BRP op dit moment uit te voeren.
  17. BOP antwoordt ook dat de onbalansprijs de effectieve kosten voor Elia om de onbalans te compenseren moet weerspiegelen. De CREG merkt op dat de effectieve kosten voor Elia, na deelname tot de Europese FRR platformen, afgeleid zullen worden uit de CBMPs zoals gevormd door de Europese FRR platformen. De CREG merkt ook op dat de dead Band niet noodzakelijk kostendekkend is. Ook merkt de CREG op dat er, ten gevolge van onbalansnetting of netting van aFRR- en mFRR-vraag via de Europese FRR platformen, er inkomsten kunnen zijn voor Elia die, bij toepassing van een cap en floor, niet verrekend worden aan de BRPs die via hun positie deze netting toelaten.
  18. BOP antwoordt ook dat een onbalansprijs beperkt volatiel moet zijn (zonder excessen in beide richtingen) en dat de vorming van de onbalansprijs begrijpbaarder en voorspelbaarder moet zijn. Bijgevolg steunt BOP het uitstel van deelname aan het Europese aFRR platform. De CREG neemt akte van dit antwoord van BOP, maar merkt op dat de deelname aan het Europese aFRR platform buiten het voorwerp van de herziening van de T&C BRP ligt.
  19. Tot slot antwoordt BOP dat er veel onzekerheden zijn met betrekking tot de impact van de onbalansprijs na deelname aan de Europese FRR platformen. BOP vraagt als gevolg om de onbalansprijsberekeningsmethode in de praktijk te testen, bijvoorbeeld via pilootprojecten of berekeningen. Deze testen moeten toelaten om indicatoren te evalueren of om de onbalansprijsberekening aan te passen in geval van ongewenste problematische gevolgen. BOP stelt voor om eerst de onbalansprijsberekening zoals opgenomen in de herziene T&C BRP te testen, en om een dead band of een cap en floor pas te introduceren wanneer netwerkproblemen ontstaan ten gevolge van deze onbalansprijsberekening. De CREG neemt akte van dit antwoord van BOP en verwijst naar deel 2.2.3 van deze beslissing.
  20. BOP steunt Elia in haar positie dat een langetermijnvisie ontwikkeld moet worden, dat rekening houdt met een toetreding tot beide Europese FRR platformen. BOP merkt op dat niet alle Niet-vertrouwelijk 28/55 Europese landen een verdere integratie van intradaymarkten en balanceringsmarkten steunen en onderstreept dat deze mogelijke inefficiënties niet ten laste mogen komen te vallen van de Belgische marktdeelnemers. De CREG neemt akte van dit antwoord van BOP en verwijst naar paragraaf 55 van deze beslissing met betrekking tot de langetermijnvisie van de CREG.
  21. Tot slot wenst BOP dat de impact van de onbalansprijsberekening bij toepassing van een offshore bidding zone (hierna: “OBZ”) uitgelegd en begrepen moet worden, rekening houdend met (i) beperkte positieve flexibiliteit in de OBZ en (ii) beperkte offshore middelen in de portefeuille van de BRP om onbalansen in de OBZ te compenseren (fysiek of financieel). BOP wenst ook dat het scenario waarbij het Verenigd Koninkrijk niet deelneemt aan de Europese platformen voor de uitwisseling van balanceringsenergie, overwogen wordt. De CREG merkt op dat de discussies over de OBZ niet binnen het voorwerp van de herziening van de T&C BRP valt. De CREG bevestigt niettemin dat een afwijking van de berekening van de onbalansprijs op basis van de CBMPs, bijvoorbeeld ten gevolge van prijsinterventies, de frequentie zullen verhogen waarbij verschillende onbalansprijzen van toepassing zijn in de OBZ en de onshore zone waar de balanceringsmiddelen van de BRPs gelegen zijn. Bijgevolg verminderen prijsinterventies de zekerheid en/of de mogelijkheid van BRPs om onbalansen in de OBZ financieel te dekken met balanceringsmiddelen die gelegen zijn in onshore België. 2.2.
  22. Wijzigingen ten gevolge van ontvangen reacties tijdens de openbare raadpleging
  23. De CREG stelt vast dat BOP, Febeliec en Febeg vragen om een aanpak waarbij eerst ervaring opgebouwd wordt met de methode voor de berekening van de onbalansprijs en daarna, op basis van deze ervaring, de methode te laten evolueren. De reacties van Febeliec en Febeg en BOP steunen het einddoel om de onbalansprijs de grensoverschrijdende marginale prijzen van de Europese FRR platfomen te laten weerspiegelen, maar benadrukken dat geen enkele methode van onbalansprijsberekening op dit moment gesteund kan worden gezien de nog aanwezige onzekerheden en de complexiteit van het onderwerp. Al deze reacties adviseren om ervaring op te doen met een methode van onbalansberekening dat een cap en floor bevat, en om op basis daarvan te evalueren of deze cap en floor verder versoepeld kan worden.
  24. De CREG merkt op dat de onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 op 19 juli 2022 niet toelaat om ervaring op te doen met de onbalansprijsberekening. Immers, zonder BRPs toe te laten om zelfs maar beperkt te reageren op de onbalansprijzen, ook indien deze het onevenwicht van het LFC Blok van Elia verhogen, kan de aanwezigheid van een impact van deze BRP-reacties op het systeem niet geobserveerd noch geanalyseerd worden. Daarenboven verwijdert de methode de positieve financiële impact op BRPs wanneer ze het Europees systeem helpen. Tot slot weerspiegelt de onbalansprijsberekening niet de werkelijke kosten die Elia heeft om het LFC Blok van Elia in evenwicht te houden. De onbalansprijsberekening zoals goedgekeurd via beslissing (B)2433 op 19 juli 2022 komt op deze vlakken niet tegemoet aan de opmerkingen die BOP, Febeg en Febeliec geformuleerd hebben tijdens de openbare raadpleging, in tegenstelling tot de voor raadpleging voorgestelde onbalansprijsberekening.
  25. De CREG stelt vast dat BOP, Febeliec, Febeg en Elia vragen om het voorzichtigheidsprincipe toe te passen. De meeste reacties achten de toepassing van een cap en floor noodzakelijk, met een proces om deze cap en floor te versoepelen. Bijgevolg wijzigt de CREG de herziene T&C BRP door het einddoel van de onbalansprijsberekening te bevestigen, namelijk
(1)een onbalansprijsberekening op basis van de CBMPs van de FRR platformen,
(2)door de opbouw van een beperkte ervaring met BRP-reacties toe te laten binnen een cap en floor mechanisme, en
(3)door een proces toe te voegen om dit einddoel gradueel te bereiken. Niet-vertrouwelijk 29/55 74. De CREG komt met deze wijzigingen ook tegemoet aan de bezorgdheden van Elia ondanks het feit dat Elia niet overtuigend aantoont dat de cap en floor een effectieve maatregel zou zijn om deze bezorgdheden te mitigeren. Zo stelt de CREG dat een aantal van de door Elia aangehaalde bezorgdheden ook nu reeds een bezorgdheid zou moeten zijn bij de nationale onbalansprijsberekening met toepassing van de onbalansberekeningsmethode zoals goedgekeurd via de beslissing (B)2433 (cfr. paragrafen 47, 48, 55 van deze beslissing). De CREG stelt zich ook vragen over de juistheid of accuraatheid van enkele door Elia genomen hypotheses (cfr. paragrafen 49, 50, 51, 52, 55 van deze beslissing). Niettemin begrijpt de CREG dat het een complex onderwerp is, met verschillende aannames betreffende de mogelijke reactie van BRPs of het gedrag van TNBs (cfr. paragrafen 51, 53, 54 van deze beslissing) en dus past de CREG opnieuw een cap en floor toe met hieraan gekoppeld een proces om deze cap en floor te versoepelen. 75. Concreet behoudt de CREG de cap en floor zoals goedgekeurd in beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 maar voegt de CREG een extra voorwaarde toe vooraleer die cap en floor in werking treedt. Deze voorwaarde bestaat in het opleggen van een maximale positieve (minimale negatieve) onbalans die in het LFC Blok van Elia aanwezig mag zijn tijdens een onbalansprijs die stimulansen biedt aan BRPs om de onbalans van het LFC Blok te versterken. Op deze manier beperkt de CREG de maximaal toegelaten reacties van BRPs in MW tijdens de onbalansverrekeningsperiode, en dus ook hun impact op het systeem, die mogelijks het gevolg kunnen zijn van de waarde van de onbalansprijs. Tegelijkertijd laat de beperkte reacties van BRPs aan Elia toe om in concreto de relevantie en significantie van haar bezorgdheden aan te tonen. 76. De CREG voegt een proces toe om, op basis van de ervaring, aan Elia toe te laten de impact van BRP-reacties aan te tonen, en in voorkomend geval de onbalansprijsberekening verder te laten evolueren met als doel een volledige blootstelling aan de grensoverschrijdende marginale prijzen die gevormd worden op de Europese FRR-platformen te bereiken. De CREG stelt voor om hetzelfde proces te gebruiken als die bij de versoepeling van de day-ahead evenwichtsverplichting van BRPs, zoals goedgekeurd door de CREG via beslissing (B)2287 van 21 oktober 2021. Het proces dat de versoepeling van de cap en floor beoogt voorziet aldus om periodiek, de impact van deze versoepeling op de veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van het systeem, op basis van werkelijke ervaring te evalueren. Dit proces laat Elia toe binnen het kader van de evaluatie per fase op basis van werkelijke ervaring vast te stellen of er een significante negatieve impact is door de BRP-reacties op de betrouwbaarheid, de veiligheid of de efficiëntie van het systeem, en alzo op elk moment en zonder het einde van de lopende fase af te wachten, terug te gaan naar de vorige fase van het stappenplan, tenzij de CREG het hiermee niet eens is. In het andere geval (positieve of geen significante impact) gaat het proces over naar de volgende fase van het stappenplan. Gelijktijdig met de toetreding van het LFC Blok van Elia tot ofwel het Europese aFRR-platform ofwel het Europese mFRR-platform, afhankelijk van welke toetreding eerst komt, dient Elia, na overleg met de markt, een gedetailleerd stappenplan die de progressieve versoepeling van deze prijsinterventie in fases tot doel heeft, ter goedkeuring in bij de CREG. Dit stappenplan moet een tijdige, volledige verwijdering van de prijsinterventie (i.e. de cap en floor) als doel hebben. Daarnaast moet de versoepeling in elke fase voldoende significant zijn om een werkelijke ervaring te kunnen opdoen. Ook de duur per fase moet voldoende lang zijn, maar niet langer dan nodig, om deze werkelijke ervaring te kunnen analyseren en te evalueren. Tot slot vraagt de CREG dat dit gedetailleerd stappenplan bij haar wordt ingediend als een voorstel tot wijziging van de T&C BRP. De onbalansprijsberekening in de eerste fase van het stappenplan wordt door de CREG vastgelegd als de onbalansprijsberekening, zoals goedgekeurd door de CREG via beslissing (B)2433. Als gevolg is de maximale en minimale onbalans in het LFC Blok van Elia, zoals bedoeld in paragraaf 75 van deze beslissing, in beide gevallen gelijk aan 0 MW. De eerste fase legt het referentiepunt vast waarmee de impact van de onbalansprijsberekening van de daarop volgende fase in het Niet-vertrouwelijk 30/55 stappenplan vergeleken zal worden. De eerste fase mag niet langer dan een periode van 12 maanden duren, te beginnen op de dag waarop het LFC Blok van Elia toetreedt aan ofwel het Europese aFRR-platform ofwel het Europese mFRR-platform, afhankelijk van welke toetreding eerst komt. De CREG is van mening dat de maximale (minimale) onbalans van het LFC Blok van Elia in de tweede fase, die een eerste versoepeling inhoudt, gelijk kan zijn aan +25 MW (minimaal -25 MW). De waarde van +25MW of -25MW is gelijk gekozen als de waarde van de deadband in de onbalansprijsberekening, zoals goedgekeurd door de CREG in haar beslissing (B)2433 van 19 juli 2022. Bijgevolg geeft deze wijziging gelijkaardige signalen aan BRPs als de onbalansprijsberekening, zoals goedgekeurd in de beslissing (B)2433 van 19 juli 2022. Indien de onbalans van het LFC blok van Elia buiten het bereik van [-25 MW; +25 MW] valt, geeft de onbalansprijsberekening het signaal aan de BRPs om te reageren, zodat de onbalans in het LFC Blok van Elia niet buiten dit bereik verhoogd wordt. De waarde van +/- 25 MW is ook veel lager dan de beschikbare aFRR reserves, hetgeen in lijn is met de aanbeveling in de conclusie van de tweede studie die Elia als bijlage bij haar reactie heeft toegevoegd. Verder, stelt de CREG vast dat tijdens alle kwartieren in 2022 wanneer er zowel voor invoer als voor uitvoer geen grensoverschrijdende transportcapaciteit beschikbaar was, 90% van de tijd de onbalans in het LFC Blok van Elia buiten de band [-25MW; +25MW] lag. Sterker nog, voor 5% van de kwartieren was de onbalans in het LFC Blok van Elia tijdens deze kwartieren hoger dan 400 MW of lager dan -490 MW. In vergelijking met deze observaties kan niet zomaar geconcludeerd worden dat deze herziening de veiligheid van het systeem minder respecteert dan wat goedgekeurd werd in beslissing (B)2433. Tot slot, merkt de CREG op dat de beperkte beschikbaarheid van grensoverschrijdende transportcapaciteit elke optimalisatiecyclus toepast. Als gevolg is de bovengenoemde toevoeging van de cap en floor een maximum toegelaten reactie wanneer er meer feitelijke grensoverschrijdende capaciteit beschikbaar is om het Europese systeem te helpen. 77. De CREG merkt op dat de toepassing van de cap en floor in combinatie met een drempelwaarde en een proces van verdere versoepeling op basis van reële ervaringen in lijn ligt met het voorstel van Febeliec en FEBEG, naast de aanbeveling geformuleerd in de conclusie van de tweede studie van Elia en haar reactie tijdens de openbare raadpleging (zie vierde paragraaf van hoofdstuk 1, pagina 15). Ook ligt het in lijn met de reactie van het BOP (zie tweede paragraaf, hoofdstuk 3, pagina 2). Bijgevolg besluit de CREG hieruit dat de herziene T&C BRP breed gedragen wordt door de actoren die gereageerd hebben tijdens de openbare raadpleging. 78. De CREG acht de herziening noodzakelijk om aan de objectieven van Europese regelgeving te voldoen. De herziening laat een efficiëntere inzet van middelen via onbalansnetting toe (cfr. artikel 3.m van Verordening 943/2019), verbetert de efficiëntie van balancering door uitwisselingen via onbalansnetting minder te ontmoedigen (cfr. artikel 3.1(
  1. b)EBGL), waarborgt beter de financiële neutraliteit van de TNB (cfr. artikel 44.1(
  2. i)EBGL), en vergemakkelijkt de deelname van alle balanceringsmiddelen aan balancering (cfr. artikelen 3.1
  3. f)en 3.1
  4. g)EBGL). 79. De CREG stelt vast dat de toepassing van een dead band krachtens artikel 55 van de EBGL niet toegelaten is. Als gevolg behoudt de CREG de verwijdering van de dead band. Niet-vertrouwelijk 31/55 3. BESPREKING VAN HERZIENINGEN DE VOORGESTELDE 3.1. VOORSTEL TOT HERZIENING VAN DE T&C’S BRP 80. De CREG herziet in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening volgende T&Cs BRP: 3.1.1. Artikel 1 Definities: 81. De CREG herneemt de terminologie en definities die opgenomen zijn in het voorstel van balanceringsregels van Elia en die door de CREG werden goedgekeurd bij beslissing (B)2433 van 19 juli 2022. Het betreft volgende termen: “aFRR satisfied demand”, “aFRR Requested”, “Grensoverschrijdende marginale prijs” , “IN-Platform”, “Optimalisatiecyclus”, “Time Step” en “VoAA”. 82. De CREG voegt daar nog de volgende termen aan toe: - “Balanceringsregels”: betekent de regels zoals bedoeld in de CREG gedragscode elektriciteit. Met deze toevoeging worden verwijzingen naar termen die reeds in de balanceringsregels gedefinieerd werden, gefaciliteerd; - “CREG gedragscode elektriciteit”: betekent de gedragscode elektriciteit zoals vastgesteld door de CREG bij beslissing (B)2409 van 20 oktober 2022 tot vaststelling van de gedragscode houdende de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en houdende de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden inzake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, en tot goedkeuring in dat kader van het voorstel van Elia van aansluitingsprocedures op het transmissienet. Met deze wijziging actualiseert de CREG het regulatoir kader waarbinnen de balanceringsregels opgesteld worden. Dit regulatoir kader is op 20 oktober 2022 veranderd van het Federaal Technisch Reglement naar de CREG gedragscode elektriciteit. - “Europese mFRR-platform”: betekent het Europees platform voor de uitwisseling van balanceringsenergie uit mFRR conform het gelijknamige tenuitvoerleggingskader krachtens de EBGL Deze wijziging laat toe de criteria te kaderen vanaf wanneer de berekening van de onbalansprijs wijzigt. 83. De CREG heeft de volgende termen, die reeds in Europese regelgeving gebruikt worden, geharmoniseerd met de Europese terminologie: “aFRR-balanceringsenergiebieding” in plaats van “aFRR-Energiebieding”, “Europese aFRR-platform” in plaats van “aFRR-platform”, “mFRRbalanceringsenergiebieding” in plaats van “mFRR-Energiebieding”, en “Onbalans” in plaats van “Onevenwicht”. Niet-vertrouwelijk 32/55 De CREG opteert om de gekende termen tijdelijk te behouden, maar vindt het noodzakelijk om de reeds gekende terminologie in Europese regelgeving te gebruiken teneinde verwarring te vermijden. 3.1.2. Artikel 29 Regels voor de berekening van de onbalansprijs: 84. De CREG voegt aan de T&Cs BRP een nieuwe sectie XIV, zijnde artikel 29 toe. Dit artikel beschrijft de regels voor de berekening van de onbalansprijs en voldoet daarmee aan de vereiste van artikel 18.6(k), van de EBGL, met name de integratie van regels voor de berekening van de onbalansprijs krachtens artikel 55, van de EBGL. Deze herziening is een onderdeel van het wijzigingsverzoek van 7 april 2022 van de CREG. 3.1.2.1. Artikel 29.1 van de herziene T&C BRP: Algemeen 85. In artikel 29.1 wordt de berekening van de onbalansprijs algemeen beschreven. Het artikel herziene begint met een verwijzing naar de van toepassing zijnde wetgeving en regelgeving: “De regels voor het berekenen van de Onbalansprijs worden vastgesteld zoals bepaald conform artikel 55 van de EBGL en conform Titel III van ACER besluit van 15 juli 2020 over de methodologie ter harmonisering van de belangrijkste kenmerken van de verrekening van Onbalansen overeenkomstig artikel 52, lid 2 van de EBGL.” 86. Het herziene artikel 29.1 specifieert de toepassing van de enkelvoudige prijsstelling voor onbalansen, waarbij voor een gegeven onbalansverrekeningsperiode in de onbalansprijszone de onbalansprijs voor verrekening van negatieve onbalansen en de onbalansprijs voor verrekening van positieve onbalansen exact gelijk zijn: “Een enkelvoudige prijsstelling voor alle Onbalansen, waarbij één prijs wordt vastgesteld voor positieve onbalansen en negatieve onbalansen voor elke onbalansprijszone in het LFC Blok van Elia, conform artikel 13 van dit BRP Contract, binnen een onbalansverrekeningsperiode, wordt toegepast.” 87. Vervolgens specifieert het herziene artikel 29.1 dat de berekening van de onbalansprijs bestaat uit twee componenten. De eerste onbalansprijscomponent wordt bepaald aan de hand van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting. De tweede onbalansprijscomponent is een additionele onbalansprijscomponent. De berekeningswijze van beide onbalansprijscomponenten is afhankelijk van de richting van de systeemonbalans: “De Onbalansprijs wordt per onbalansprijsverrekeningsperiode berekend als de som van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting, en de additionele onbalansprijscomponent. De onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting wordt berekend aan de hand van de modalteiten conform artikel 29.2 in geval de richting van de systeemonbalans negatief is tijdens de onbalansverrekeningsperiode, en aan de hand van de modaliteiten conform artikel 29.3 in geval de richting van de systeemonbalans positief is tijdens de onbalansverrekeningsperiode. De additionele onbalansprijscomponent wordt berekend aan de hand van de modaliteiten conform artikel 29.4 van dit BRP Contract in geval de richting van de systeemonbalans negatief is, en aan de hand van de modaliteiten conform artikel 29.5 van dit BRP Contract in geval de richting van de systeemonbalans positief is. Niet-vertrouwelijk 33/55 De richting van de systeemonbalans wordt bepaald conform artikel 29.6 van dit BRP Contract.”. 3.1.2.2. Artikel 29.2 van de herziene T&C BRP: Onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting in geval de richting van de systeemonbalans negatief is 88. Artikel 29.2 beschrijft de gedetailleerde berekening van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting in geval de richting van de systeemonbalans negatief is. Aangezien er nog geen volledige zekerheid bestaat met betrekking tot de datum van deelname aan het Europese aFRRplatform, beschrijft dit artikel de berekening van de onbalansprijscomponent in de situatie zonder deelname aan het Europese aFRR-platform en die in de situatie van deelname aan het Europese aFRR-platform. 89. In artikel 29.2.1 wordt de berekening van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting vóór deelname aan het Europese aFRR-platform, beschreven. De CREG herneemt in artikel 29.2.1 de berekening van de marginale prijs van activering van positieve balanceringsenergie, conform luidens de door de CREG op 18 juni 2020 goedgekeurde18 balanceringsregels, die op moment van huidige beslissing nog steeds van toepassing zijn. Het herziene artikel 29.2.1 luidt als volgt: “De onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting in geval de systeemonbalans negatief is komt overeen met het maximum tussen de respectieve prijzen van de verschillende balanceringsmiddelen voor regeling, zoals beschreven in volgend lid, gebruikt door Elia, tijdens de onbalansverrekeningsperiode, om het evenwicht van het LFC-blok van Elia te handhaven: Deze balanceringsmiddelen kunnen zijn 1. Energie-import via Onbalansnetting; 2. aFRR a. Niet-gecontracteerde positieve richting aFRR-balanceringsenergiebiedingen in de b. Gecontracteerde aFRR-balanceringsenergiebiedingen in de positieve richting 3. mFRR a. Niet-gecontracteerde positieve richting mFRR-balanceringsenergiebiedingen in de b. Gecontracteerde mFRR-balanceringsenergiebiedingen in de positieve richting uit “mFRR Standard” en “mFRR Flex” c. Overeenkomsten inzake het uitwisselen van mFRR 4. Eenheden met Technische Beperkingen De prijs voor de regeling van elk van deze balanceringsmiddelen wordt als volgt bepaald: 18 Zie CREG beslissing (B)2085: https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2085 Niet-vertrouwelijk 34/55 1. De prijs voor de regeling in de positieve richting voor de Onbalansnetting is gelijk aan de prijs voor de regeling van aFRR, zoals beschreven in volgend punt in deze lijst; 2. De prijs voor aFRR regeling is gelijk aan: a. Een gewogen gemiddelde van de prijzen voor aFRR regeling, berekend als volgt: ∑𝑘=𝑎𝑐𝑡𝑖𝑣𝑎𝑡𝑒𝑑 𝑏𝑖𝑑𝑠 𝐼𝑆𝑃=𝑞ℎ(𝑎𝐹𝑅𝑅 𝑅𝑒𝑞𝑢𝑒𝑠𝑡𝑒𝑑𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 ∗ 𝑇𝑖𝑚𝑒𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 ∗ 𝑎𝐹𝑅𝑅 𝑃𝑟𝑖𝑐𝑒𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 ) ∑𝑘=𝑎𝑐𝑡𝑖𝑣𝑎𝑡𝑒𝑑 𝑏𝑖𝑑𝑠𝐼𝑆𝑃=𝑞ℎ(𝑎𝐹𝑅𝑅 𝑅𝑒𝑞𝑢𝑒𝑠𝑡𝑒𝑑𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 ∗ 𝑇𝑖𝑚𝑒𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 ) Waarbij • 𝑎𝐹𝑅𝑅 𝑅𝑒𝑞𝑢𝑒𝑠𝑡𝑒𝑑𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 de aFRR Requested voor regeling in de positieve richting per aFRR-balanceringsenergiebieding k tijdens onbalansverrekeningsperiode ISP, uitgedrukt in MW; • 𝑇𝑖𝑚𝑒𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 : de tijd dat aFRR-balanceringsenergiebieding k geactiveerd is voor regeling in de positieve richting tijdens onbalansverrekeningsperiode ISP, uitgedrukt in uur; • 𝑎𝐹𝑅𝑅 𝑃𝑟𝑖𝑐𝑒𝑝𝑜𝑠,𝑎𝑐𝑡,𝑘,𝐼𝑆𝑃 : de activeringsprijs van aFRRbalanceringsenergiebieding k voor regeling in de positieve richting tijdens onbalansverrekeningsperiode ISP, uitgedrukt in €/MWh; b. De prijs van de eerste aFRR-balanceringsenergiebieding die beschikbaar is voor regeling in de positieve richting, volgens de rangschikking van biedingen krachtens artikel 9 van de Balanceringsregels, indien geen aFRR-balanceringsenergiebiedingen voor regeling in de positieve richting tijdens deze onbalansverrekeningsperiode worden geactiveerd; 3. De prijs voor mFRR regeling in de positieve richting is gelijk aan de marginale prijs van de mFRR-Energiebiedingen die in de positieve richting worden geactiveerd, zoals gedefinieerd in de T&C BSP mFRR. De prijs van de regeling in de positieve richting van de overeenkomsten inzake het uitwisselen van mFRR tussen TNB’s is de overeengekomen prijs van de uitgewisselde energie zoals gedefinieerd in de bilaterale contracten met de andere TNB’s 4. De prijs van de regeling in positieve richting voor Eenheden met Technische Beperkingen, zoals gedefinieerd in de Balanceringsregels, is gelijk aan de hoogste activeringsprijs, rekening houdend met de opstartkosten zoals beschreven in artikel 13
(1)(
  1. b)van de Balanceringsregels, van de geactiveerde energie in de positieve richting op een Eenheid met Technische Beperkingen voor balanceringsdoeleinden19 Balanceringsenergiebiedingen die in het kader van redispatching worden geactiveerd, worden niet opgenomen in de berekening van de Marginale Incrementele Prijs en hebben dus geen directe impact op de Onbalansprijs. De activering van FCR heeft geen invloed op de Marginale Incrementele Prijs. 19 In de context van de procedure voor stormbeheer worden kosten in verband met de ex ante opstart van een Eenheid met Technische Beperkingen (fallbackprocedure) niet in aanmerking genomen voor de samenstelling van de prijs van regeling in de positieve richting. Niet-vertrouwelijk 35/55 Wanneer Elia op verzoek van een naburige TNB mFRR-Energiebiedingen in de positieve richting activeert, wordt dat niet in rekening genomen voor de berekening van de Marginale Incrementele Prijs voor het LFC Blok van Elia.” 90. In artikel 29.2.2 wordt de berekening van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting ná deelname aan het Europese aFRR-platform, beschreven. De CREG herneemt in artikel 29.2.2 de berekening zoals in de door de CREG op 19 juli 2022 goedgekeurde20 balanceringsregels, met uitzondering van twee wijzigingen. Deze twee wijzigingen zijn (
  2. i)de wijziging van de toepassing van de ondergrens voor de bepaling van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting, en (
  3. ii)de verwijdering van de toepassing van een dead band. 91. Met betrekking tot het punt (
  4. i)in paragraaf 90 van deze beslissing stelt de CREG dat deze wijziging noodzakelijk is om te garanderen dat de onbalansprijs voor negatieve onbalansen niet lager mag zijn dan de gewogen gemiddelde prijs voor positieve geactiveerde balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves, conform artikel 55
(4)van de EBGL. Ook artikel 9 van bijlage 1 van ACER Beslissing No 18/2020 van 15 juli 2020 over de harmonisering van de belangrijkste kenmerken van de verrekening van onbalansen (hierna: “ISH”)21 stelt dat deze randvoorwaarde berekend moet worden op basis van alle beschikbare prijzen en respectievelijke volumes voor positief geactiveerde balanceringsenergie, zoals opgelijst in paragraaf 3 en paragraaf 5 van artikel 9 van de ISH. Aangezien de onbalans per onbalansverrekeningsperiode bepaald wordt als het gemiddelde van de instantane onbalansen, die gemeten worden gedurende de onbalansverrekeningsperiode, reflecteert het gewogen gemiddelde van de grensoverschrijdende marginale prijzen, ten gevolge van de selectie van standaard aFRR balanceringsenergiebiedingen om die instantane onbalansen te compenseren, het meest accuraat de realtimewaarde van energie, conform artikel 44
(1)(b) van de EBGL en artikel 9
(5)van Verordening 2019/943. Deze artikelen stellen dat de onbalansen vereffend moeten worden tegen een prijs die de realtimewaarde van energie weerspiegelt. De weerspiegeling van de realtimewaarde van energie door de onbalansprijs wordt krachtens de Overweging
(17)van de EB GL en de Overweging
(15)van Verordening 2019/943 als noodzakelijk geacht om balanceringsmarkten en het systeem in zijn geheel klaar te maken voor de integratie van steeds meer variabele hernieuwbare energiebronnen. 20 Zie CREG beslissing (B)2433: https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2433 21 https://www.acer.europa.eu/Official_documents/Acts_of_the_Agency/Individual%20decisions/ACER%20Decision%201 82020%20on%20the%20harmonisation%20of%20the%20main%20features%20of%20imbalance%20settlement%20(ISHP ).pdf Niet-vertrouwelijk 36/55 De CREG is bijgevolg van mening dat de berekening ten gevolge van de activering van standaard aFRR balanceringsenergiebiedingen, als het gemiddelde van de marginale grensoverschrijdende prijzen gewogen met de satisfied aFRR balancing energy demand, de meest accurate prijssignalen geeft aan BRPs om het systeem in evenwicht te brengen. Om toe te laten dat de onbalansprijs ook de activatie van goedkopere positieve balanceringsenergie uit het buitenland of onbalansnetting kan weerspiegelen, werd de verwijdering van het maximum van de VoAA in positieve en negatieve richting als ondergrens voor de bepaling van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting, ter raadpleging aan de markt voorgelegd. Op basis van de ontvangen reacties gedurende de raadpleging (zie deel 0 van deze beslissing), besluit de CREG om de ondergrens in gewijzigde vorm opnieuw toe te voegen. De ondergrens voor de onbalansprijs wordt enkel van toepassing wanneer de negatieve onbalans in het LFC Blok van Elia lager is dan een grenswaarde die geleidelijk versoepeld wordt. De CREG verwijst verder naar deel 2.2.3. Tegelijkertijd voegt de CREG een nieuwe sectie 29.7 toe in de herziene T&C BRP met als doel de bovengenoemde prijsinterventie te evalueren en haar impact te beperken. De CREG verzoekt binnen dit kader Elia om een implementatieschema voor te stellen, en dit ten laatste bij de eerstkomende wijziging van de T&C BRP. 92. Met betrekking tot punt (ii) in paragraaf 90 van deze beslissing, stelt de CREG vast dat de toepassing van de dead band een afwijking inhoudt op de vereisten conform artikel 44
(1)(b) van de EBGL, artikel 55
(4)van de EBGL, en artikel 9
(5)van Verordening 2019/943 (zie paragraaf 91 van deze beslissing). In geval een grensoverschrijdende marginale prijs het gevolg is van een lage negatieve onbalans in het LFC Blok van Elia en van een hoge negatieve onbalans in een ander LFC Blok, met voldoende grensoverschrijdende capaciteit om de nodige aFRRbalanceringsenergiebiedingen uit te wisselen, zal de toepassing van de dead band in een lagere onbalansprijs resulteren dan de onbalansprijs gelijk aan de gewogen gemiddelde prijs voor positieve geactiveerde balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves. Daarenboven weerspiegelt de onbalansprijs niet meer de grensoverschrijdende marginale prijsvorming ten gevolge van vraag en aanbod. De verwijdering van de toepassing van de dead band bij de bepaling van de onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van positieve balanceringsenergie van frequentieherstelreserves en onbalansnetting, is hierdoor gerechtvaardigd. Gelet op het bovenstaande luidt het herziene artikel 29.2.2 als volgt: “De onbalansprijscomponent ten gevolge van de activering van balanceringsenergie van frequentieherstelrese

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.