(B)2525 26 mei 2023 Beslissing inzake de modernisering van een verbruiksinstallatie van [VERTROUWELIJK] (vervanging van de hoogspanningstransformator n°1 150/30 kV) Artikel 4.1(a)(iii) van de Verordening (EU) 2016/1388 van de Commissie van 17 augustus 2016 tot vaststelling van een netcode voor aansluiting van verbruikers Niet-vertrouwelijke versie CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - F + 32 2 289 76 09 - www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3 WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 4 1.1. WETTELIJK EUROPEES KADER .................................................................................................. 4 1.2. NATIONAAL WETTELIJK KADER ............................................................................................... 6 ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 9 2.1. ALGEMEEN............................................................................................................................... 9 RAADPLEGING ................................................................................................................................. 9 BEOORDELING ............................................................................................................................... 10 CONCLUSIE .................................................................................................................................... 12 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 14 Niet-vertrouwelijke versie 2/14 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op grond van artikel 4.1(a)(iii) van de Verordening (EU) 2016/1388 van de Commissie van 17 augustus 2016 tot vaststelling van een netcode voor aansluiting van verbruikers, de analyse van de NV Elia Transmission Belgium in verband met de substantiële modernisering van een verbruiksinstallatie van [VERTROUWELIJK, en waarvan de zetel gevestigd is op hetzelfde adres. Deze analyse werd door de NV Elia Transmission Belgium (hierna: Elia) per brief van 1 maart 2023, ontvangen op dezelfde datum, bij de CREG ter beslissing ingediend. De Algemene Directie Energie heeft haar advies dd. 17 maart 2023 aan de CREG bezorgd per e-mail op 20 maart 2023 overeenkomstig artikel 162, §3, van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. Aangezien het verzoek van Elia aan de CREG werd overgemaakt na de inwerkingtreding van de gedragscode is artikel 48 §3 ervan echter van toepassing in de plaats van artikel 162 §3 van het bovenvermelde koninklijk besluit van 22 april 2019. De CREG heeft een niet-openbare raadpleging over de ontwerpbeslissing georganiseerd van 6 april 2023 tot 27 april 2023. Het directiecomité van de CREG heeft deze beslissing over de analyse van de NV Elia Transmission Belgium in verband met de substantiële modernisering van een verbruiksinstallatie van [VERTROUWELIJK], ingediend in het Frans door Elia per brief van 1 maart 2023, genomen tijdens zijn vergadering van 26 mei 2023. Niet-vertrouwelijke versie 3/14 WETTELIJK KADER 1.1. WETTELIJK EUROPEES KADER Artikel 4 van de Europese netcode DCC luidt als volgt: “Toepassing op bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributie-installaties, bestaande distributiesystemen en bestaande verbruikseenheden die worden gebruikt om diensten voor vraagsturing te leveren. 1) De eisen van deze verordening zijn niet van toepassing op bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributie-installaties, bestaande distributiesystemen en bestaande verbruikseenheden die door een verbruiksinstallatie of een gesloten distributiesysteem worden gebruikt of kunnen worden gebruikt om diensten voor vraagsturing aan een relevante systeembeheerder of relevante TSB te leveren, tenzij: een bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie, een bestaande transmissiegekoppelde distributie-installatie, een bestaand distributiesysteem of een bestaande verbruikseenheid binnen een verbruiksinstallatie op een spanningsniveau van meer dan 1 000 V of een gesloten distributiesysteem met een spanningsniveau van meer dan 1 000 V zodanig is aangepast dat de desbetreffende aansluitovereenkomst ingrijpend moet worden herzien overeenkomstig de onderstaande procedure: i. eigenaren van verbruiksinstallaties, DSB's of GDSB's die van plan zijn een installatie te moderniseren of apparatuur te vervangen op een wijze die effect heeft op de technische mogelijkheden van de transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie, de transmissiegekoppelde distributie-installatie, het distributiesysteem of de verbruikseenheid, stellen de relevante systeembeheerder hiervan van tevoren in kennis; ii. wanneer de relevante systeembeheerder oordeelt dat de modernisering of vervanging van apparatuur van zulke omvang is dat een nieuwe aansluitovereenkomst vereist is, stelt de systeembeheerder de desbetreffende regulerende instantie of, indien van toepassing, de lidstaat daarvan in kennis; en iii. de desbetreffende regulerende instantie of, indien van toepassing, de lidstaat besluit of de bestaande aansluitovereenkomst moet worden herzien, dan wel of een nieuwe aansluitovereenkomst vereist is en welke eisen van deze verordening van toepassing zijn; of een regulerende instantie of, indien van toepassing, een lidstaat besluit een bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie, een bestaande transmissiegekoppelde distributie-installatie, een bestaand distributiesysteem of een bestaande verbruikseenheid laten voldoen aan alle of aan bepaalde eisen van deze verordening, op basis van een overeenkomstig de leden 3, 4 en 5 ingediend voorstel van de relevante TSB. 2) Voor de toepassing van deze verordening wordt een transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie, een transmissiegekoppelde distributie-installatie, een distributiesysteem of een verbruikseenheid die door een verbruiksinstallatie of een gesloten distributiesysteem wordt gebruikt of kan worden gebruikt om diensten voor vraagsturing aan een relevante systeembeheerder of een relevante TSB te leveren, als bestaand beschouwd, indien: Niet-vertrouwelijke versie 4/14 deze voorziening op de datum van inwerkingtreding van deze verordening reeds met het net is gekoppeld; of de eigenaar van de verbruiksinstallatie, de DSB of de GDSB een definitief en bindend contract heeft gesloten voor de aankoop van de belangrijkste verbruiksapparaten of de verbruikseenheid binnen een tijdsbestek van twee jaar na de inwerkingtreding van deze verordening. De eigenaar van de verbruiksinstallatie, de DSB of de GDSB stelt de relevante systeembeheerder en de relevante TSB binnen een termijn van 30 maanden na de inwerkingtreding van deze verordening in kennis van de sluiting van dit contract. De door de eigenaar van de verbruiksinstallatie, de DSB of de GDSB aan de relevante systeembeheerder en de relevante TSB toegezonden kennisgeving bevat ten minste de volgende elementen: de benaming van het contract, de datum van ondertekening en de datum van inwerkingtreding, en de specificaties van de te bouwen, te assembleren of aan te kopen belangrijkste verbruiksapparaten of verbruikseenheid. Een lidstaat kan erin voorzien dat de regulerende instantie in gespecificeerde omstandigheden kan bepalen of de transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie, de transmissiegekoppelde distributie-installatie, het distributiesysteem of de verbruikseenheid als bestaand dan wel als nieuw moet worden beschouwd. 3) Na een openbare raadpleging overeenkomstig artikel 9 en teneinde een antwoord te bieden op significante werkelijke wijzigingen van omstandigheden, zoals de ontwikkeling van systeemeisen, inclusief de penetratie van hernieuwbare energiebronnen, slimme netwerken, gedistribueerde productie of vraagsturing, kan de relevante TSB aan de betrokken regulerende instantie of, indien van toepassing, de lidstaat voorstellen de toepassing van deze verordening uit te breiden tot bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributie-installaties, bestaande distributiesystemen of bestaande verbruikseenheden die door een verbruiksinstallatie of een gesloten distributiesysteem worden gebruikt om diensten voor vraagsturing aan een relevante systeembeheerder of een relevante TSB te leveren. Daartoe wordt overeenkomstig de artikelen 48 en 49 een grondige en transparante kwantitatieve kosten-batenanalyse uitgevoerd. De analyse omvat de volgende elementen: de kosten om bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributie-installaties, bestaande distributiesystemen en bestaande verbruikseenheden in overeenstemming te brengen met deze verordening; de sociaaleconomische baten van toepassing van de eisen van deze verordening; en de mogelijkheid om met alternatieve maatregelen de vereiste prestatie te bereiken. 4) Alvorens de in lid 3 bedoelde kwantitatieve kosten-batenanalyse te ondernemen: voert de relevante TSB een voorbereidende kwalitatieve vergelijking uit van de kosten en baten; en verkrijgt de relevante TSB de goedkeuring van de relevante regulerende instantie of, indien van toepassing, de lidstaat. 5) De relevante regulerende instantie of, indien van toepassing, de lidstaat neemt een besluit betreffende de uitbreiding van de toepassing van deze verordening tot bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributieinstallaties, bestaande distributiesystemen of bestaande verbruikseenheden, en wel binnen een termijn van zes maanden na de ontvangst van het verslag en de aanbeveling van de relevante TSB overeenkomstig artikel 48, lid 4. Het besluit van de regulerende instantie of, indien van toepassing, de lidstaat wordt gepubliceerd. Niet-vertrouwelijke versie 5/14 6) De relevante TSB houdt rekening met de legitieme verwachtingen van de eigenaren van verbruiksinstallaties, de DSB's en GDSB's bij de afweging inzake de eventuele toepassing van deze verordening op bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributie-installaties, bestaande distributiesystemen en bestaande verbruikseenheden. 7) De relevante TSB kan de toepassing van sommige of alle bepalingen van deze verordening op bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributie-installaties, bestaande distributiesystemen of bestaande verbruikseenheden om de drie jaar in overweging nemen overeenkomstig de in de leden 3 tot en met 5 bedoelde eisen en procedure.” De artikelen 4.1(
- a)en 4.2 van de Europese netcode DCC zijn relevant in deze context aangezien het de modernisering betreft van een individuele bestaande verbruiksinstallatie. Artikel 4.1(
- b)en artikelen 4.3 tot 4.7 zijn daarentegen slechts relevant in de context van een vraag vanwege Elia naar uitbreiding van de toepassing van de Europese netcode DCC op een categorie van bestaande installaties, wat hier niet het geval is. 1.2. NATIONAAL WETTELIJK KADER De CREG heeft bij beslissing van 20 oktober 2022 de eerste gedragscode voor het beheer van het transmissienet voor elektriciteit opgesteld, die een deel van het federaal technisch reglement vervangt. Dat voorziet in een overgangsbepaling in artikel 244 die bepaalt dat: "Elk verzoek om aansluiting, elk verzoek om het statuut van evenwichtsverantwoordelijke te verkrijgen, en elk verzoek om toegang dat vóór de inwerkingtreding van deze gedragscode wordt ingediend overeenkomstig de artikelen 148 tot 153, 217 tot 218 en 189 tot 190 van het koninklijk besluit van 22 april 2019 tot vaststelling van het technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe, wordt behandeld volgens de voornoemde procedures van dat koninklijk besluit. Dit doet geen afbreuk aan de overige overgangsbepalingen van deze titel." Deze overgangsbepaling strekt ertoe dat aansluitingsaanvragen die vóór de inwerkingtreding van de gedragscode zijn ingediend, verder kunnen worden behandeld volgens de procedures van het federaal technisch reglement. Aangezien de moderniseringsstudie van 16 januari 2023, waarin Elia meent dat de betrokken wijziging een impact heeft op het aansluitingscontract, bij brief van 1 maart 2023, dus na de inwerkingtreding van de gedragscode, aan de CREG werd voorgelegd, zijn de desbetreffende bepalingen van de gedragscode van toepassing. In dat verband bepaalt artikel 45 van de Gedragscode: “§ 1. Zo spoedig mogelijk, maar ten laatste binnen de twintig werkdagen vanaf de ontvangst van de behoorlijk ingevulde aansluitingsaanvraag in de zin van artikel 32 deelt de transmissienetbeheerder aan de aanvrager het resultaat van de evaluatie van de geringe aard van zijn aansluitingsaanvraag mee, wanneer het een wijzigingsverzoek van de aansluiting en/of van een installatie van de transmissienetgebruiker betreft. In dit kader, wanneer de aanvrager een wijziging aan zijn aansluiting en/of aan een installatie van de transmissienetgebruiker beoogt, zoals bedoeld in artikel 29, beoordeelt en motiveert de transmissienetbeheerder de eventueel geringe aard van deze wijziging. Een wijziging van de aansluiting, al dan niet als gevolg van de wijziging van een installatie van de transmissienetgebruiker wordt als gering beschouwd indien de aanvraag geen aanleiding geeft tot investeringen in materiaal die de fysieke of de technische capaciteiten van de aansluitingsinstallaties veranderen. Niet-vertrouwelijke versie 6/14 Wordt er geoordeeld dat het om een geringe wijziging aan de aansluiting en, in voorkomend geval, ook aan de installatie van de transmissienetgebruiker gaat, kan de transmissienetbeheerder: 1° de beoogde wijzigingen goedkeuren zonder dat welke andere formaliteiten ook moeten worden vervuld en zonder een aanpassing aan het aansluitingscontract van de transmissienetgebruiker; 2° een aanpassing voorstellen aan het aansluitingscontract van de betrokken transmissienetgebruiker om de geringe aard van de wijziging aan de aansluiting en, in voorkomend geval, ook aan de installatie van de transmissienetgebruiker te omkaderen, in voorkomend geval door het actualiseren van een bijlage bij dit contract. De aanpassingen aan het aansluitingscontract bedoeld in het vierde lid, 2°, ontslaan de betrokken transmissienetgebruiker niet van het bekomen, vanwege de transmissienetbeheerder, van de bedrijfsvoeringsnotificatie van de conformiteit van zijn aansluiting of van zijn installaties, overeenkomstig de bepalingen in hoofdstuk 2.2.5 en de toepasselijke wetgeving. De transmissienetbeheerder brengt de CREG op de hoogte van de beslissing die in verband met de geringe aard van de wijziging is genomen. § 2. Wanneer wordt geoordeeld dat de beoogde wijziging van de aansluiting en/of van de installatie van de transmissienetgebruiker niet van geringe aard is, meldt de transmissienetbeheerder aan de betrokken transmissienetgebruiker, binnen de termijn bepaald in § 1, eerste lid, dat het vervolg van de procedure verloopt overeenkomstig: - artikel 46 wanneer de beoogde wijziging van de aansluiting niet gering is, maar de wijziging van de installatie van de transmissienetgebruiker gering is, - de artikelen 46 tot 49 wanneer de beoogde wijzigingen van de aansluiting en de installatie van de transmissienetgebruiker niet gering zijn, resp. - de artikelen 47 tot 49 wanneer de beoogde wijziging van de aansluiting gering is en - de beoogde wijziging van de installatie van de transmissienetgebruiker niet gering is. De betrokken transmissienetgebruiker neemt de kosten van de betrokken studie(
- s)bedoeld in de voornoemde artikelen voor zijn rekening. “ Daarnaast bepaalt artikel 47 §1 van de gedragscode elektriciteit het volgende: “§1. Wanneer de aansluitingsaanvraag betrekking heeft op een substantiële modernisering van de installaties van de transmissienetgebruiker bedoeld in artikel 4.1., a), respectievelijk van de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC en de Europese netcode HVDC, onderzoekt de transmissienetbeheerder deze wijziging op gedetailleerde wijze in een moderniseringsstudie binnen het toepassingsgebied van voornoemd artikel 4.1., a), en overeenkomstig de richtsnoeren bedoeld in artikel 48, § 2. De transmissienetbeheerder bezorgt deze moderniseringsstudie, na raadpleging van de betrokken transmissienetgebruiker over het ontwerp van de moderniseringsstudie, aan de CREG die daarover een beslissing neemt overeenkomstig artikel 4.1., a), iii), respectievelijk van de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC of de Europese netcode HVDC binnen een termijn van 60 kalenderdagen vanaf de datum van ontvangst van het dossier. Deze termijn kan éénmalig door de CREG worden verlengd met de duur die zij bepaalt indien ze bijkomende informatie nodig heeft of indien de complexiteit van het dossier dit vereist. De transmissienetbeheerder voegt de ontvangen reactie van de transmissienetgebruiker toe aan de kennisgeving voor de CREG van de moderniseringsstudie. (…)” Niet-vertrouwelijke versie 7/14 Bovendien bepaalt artikel 48 van de gedragscode elektriciteit het volgende: "§ 1. Een substantiële modernisering van een installatie van de transmissienetgebruiker bedoeld in artikel 4.1., a), respectievelijk van de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC en de Europese netcode HVDC of van een energieopslagfaciliteit kan zich voordoen in volgende scenario’s: 1° een belangrijke toename van de nominale productie van de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid bedoeld in artikel 4.1. van de Europese netcode RfG of van het vermogen van transmissie-gekoppelde installaties of systemen bedoeld in artikel 4.1. van de Europese netcode DCC en artikel 4.1. van de Europese netcode HVDC of van een energieopslagfaciliteit; 2° de vernieuwing van één of meerdere essentiële technische elementen van een installatie van de transmissienetgebruiker bedoeld in artikel 4.1., a), respectievelijk van de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC en de Europese netcode HVDC of van een energieopslagfaciliteit. Het plaatsen van identieke reserveonderdelen door de transmissienetgebruiker in zijn installaties wordt niet beschouwd als de vernieuwing van een of meer essentiële technische elementen van een installaties. § 2. De transmissienetbeheerder ontwikkelt richtsnoeren voor de toepassing van artikel 4.1. respectievelijk van de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC en de Europese netcode HVDC en voor de toepassing van artikel 47, § 2. Daarbij houdt hij rekening met de scenario’s in § 1. § 3. Wanneer de transmissienetbeheerder een kennisgeving aan de CREG doet overeenkomstig artikel 4.1. respectievelijk van de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC, de Europese netcode HVDC, artikel 47, § 2, derde lid, en op grond van paragraaf 2, maakt hij terzelfdertijd een kopie voor advies over aan de Algemene Directie Energie. Zij stuurt haar advies binnen een maand naar de CREG en naar de transmissienetbeheerder.” Tot slot bepaalt artikel 50 van de gedragscode elektriciteit het volgende: "§ 1. Uiterlijk binnen de dertig werkdagen volgend op de verzending van de detailstudie aan de aanvrager of na afloop van de procedure bedoeld in artikel 4.1 van respectievelijk de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC en de Europese netcode HVDC en in het artikel 47 maakt de transmissienetbeheerder aan de aanvrager een technisch-financieel voorstel tot realisatie van de aansluiting kenbaar met een beschrijving van de uitvoeringsfasen voor de realisatie van de aansluiting of voor de uitvoering van de werken voorwerp van dit voorstel, evenals de vermelding van de prijs voor deze werken, op basis van het akkoord betreffende de technische oplossing zoals bedoeld in artikel 46. De reële algemene technische gegevens bedoeld in de bijlage 1, worden door de aanvrager ter kennis gebracht van de transmissienetbeheerder in dit voorstel. § 2. De termijn van § 1, eerste lid, voor de verzending van het technisch en financieel voorstel aan de aanvrager kan verlengd worden in gezamenlijk akkoord tussen de transmissienetbeheerder en de aanvrager, als de complexiteit van de realisatie van de aansluiting en/of het aantal te bestuderen varianten dit vereisen.” Niet-vertrouwelijke versie 8/14 ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN Elia heeft haar analyse in verband met de substantiële modernisering van een verbruiksinstallatie van [VERTROUWELIJK] bezorgd per brief van 1 maart 2023, ontvangen op dezelfde datum. De Algemene Directie Energie heeft haar advies aan de CREG bezorgd per e-mail op 20 maart 2023 overeenkomstig artikel 162, §3, van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe. Het directiecomité van de CREG heeft een ontwerpbeslissing (B)2525 over de analyse van Elia genomen tijdens zijn vergadering van 6 april 2023 (zie onder 2.2). RAADPLEGING De CREG merkt op dat artikel 47 §1, 2e lid van de gedragscode elektriciteit een raadpleging van de transmissienetgebruiker voorziet die Elia heeft georganiseerd vóór de indiening van de moderniseringsstudie bij de CREG. Dit is een wijziging t.o.v. de procedure die vroeger voorzien was door het federaal technisch reglement. De CREG heeft echter vastgesteld dat het dossier dat Elia heeft ingediend geen antwoord van de netgebruiker over het voorstel van Elia bevat. Hoewel deze vereiste niet werd nageleefd, heeft de CREG aanvaard, enkel in het kader van dit dossier, om een raadpleging over onderhavige ontwerpbeslissing te organiseren. De CREG vraagt Elia wel om, in de toekomst, de nieuwe procedure voor dossiers inzake substantiële modernisering te volgen. Het directiecomité van de CREG besliste, op grond van artikel 23, §1, van zijn huishoudelijk reglement1, in het kader van de huidige beslissing, om, met toepassing van artikel 41 van zijn huishoudelijk reglement, als uitzondering op de openbare raadpleging die de regel vormt, een nietopenbare raadpleging te organiseren van [VERTROUWELIJK] en Elia over de ontwerpbeslissing (B)2525 van 6 april 2023, aangezien de voorgenomen beslissing enkel rechtsgevolgen heeft voor[VERTROUWELIJK] en Elia. De CREG heeft op 25 april 2023 een antwoord ontvangen van Elia, en heeft geen antwoord ontvangen van [VERTROUWELIJK]. Elia heeft geen inhoudelijke opmerkingen bij de voormelde ontwerpbeslissing. 1 Het huishoudelijk reglement en de wijzigingen eraan werden respectievelijk gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 14 december 2015 en van 12 januari 2017. Niet-vertrouwelijke versie 9/14 BEOORDELING De procedure inzake substantiële modernisering vervat in artikel 4.1(
- a)van de Europese netcode DCC is van toepassing op bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties, bestaande transmissiegekoppelde distributie-installaties, bestaande distributiesystemen en bestaande verbruikseenheden die door een verbruiksinstallatie of een gesloten distributiesysteem worden gebruikt of kunnen worden gebruikt om diensten voor vraagsturing aan een relevante systeembeheerder of relevante TSB te leveren op een spanningsniveau van meer dan 1000 V. In voorkomend geval vormt de betrokken installatie van [VERTROUWELIJK] die gemoderniseerd wordt, een bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie. De installatie betreft de staalproductie-vestiging van [VERTROUWELIJK] die rechtstreeks aangesloten is op het 150 kV-transmissienet en vormt derhalve een “installatie die elektriciteit verbruikt en via één of meer aansluitpunten met het transmissie- of distributiesysteem is verbonden” oftewel een “verbruiksinstallatie” in de zin van artikel 2, tweede lid,
(1), van de Europese netcode DCC. Deze installatie was bovendien reeds aangesloten op het transmissienet op de datum van inwerkingtreding van de Europese netcode DCC (7 september 2016) en maakt derhalve een bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie uit in de zin van de artikelen 2, tweede lid,
(2), en 4.2, van de Europese netcode DCC. Het betreft de vervanging van de hoogspanningstransformator n°1 150/30 kV van 120 MVA door een nieuwe hoogspanningstransformator 150/30 kV van 140 MVA en derhalve van een aanpassing van de verbruiksinstallatie. Het type belasting en de verwachte ontwikkeling van het actieve vermogen blijven ongewijzigd (120 MVA). Deze verbruiksinstallatie bevat overigens mogelijks ook een verbruikseenheid die kan worden gebruikt voor diensten van vraagsturing. [VERTROUWELIJK] heeft haar voornemen om de installatie te wijzigen aan Elia meegedeeld op 25 mei
- [VERTROUWELIJK] heeft Elia eveneens meegedeeld dat de hoogspanningstranformator niet vervangen zal worden door een identiek reserveonderdeel zoals gedefinieerd in de richtsnoeren, getiteld “Substantiële modernisering: richtlijnen voor het definiëren van ‘substantiële modernisering’ in het kader van het nieuw federaal technisch reglement van 22 april 2019” (versie 02.04.2021). Elia is van mening dat deze wijziging een invloed heeft op het aansluitingscontract en heeft haar moderniseringsstudie van 16 januari 2023 aan de CREG bezorgd per schrijven van 1 maart 2023 (bijlage 1). Meer bepaald is Elia van mening dat in voorliggend geval sprake is van een gedeeltelijke substantiële modernisering van de bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallatie van [VERTROUWELIJK] overeenkomstig de richtsnoeren, getiteld “Substantiële modernisering: richtlijnen voor het definiëren van ‘substantiële modernisering’ in het kader van het nieuw federaal technisch reglement van 22 april 2019” (versie 02.04.2021)”, die Elia op 2 april 2021 bekend maakte op haar website. Deze richtlijnen kwamen tot stand onder meer na advies van de Algemene Directie Energie en de CREG
- 2 Advies (A)2148 van 7 januari 2021 over het voorstel van Elia Transmission Belgium NV van 9 september 2020 getiteld “Substantiële modernisering: richtlijnen voor het definiëren van ‘substantiële modernisering’ in het kader van het nieuw Federaal technisch reglement van 22 april 2019”, www.creg.be. Niet-vertrouwelijke versie 10/14 Elia is meer bepaald van mening dat de volgende eisen voor nieuwe installaties uit de Europese netcode DCC en het federaal technisch reglement toepassing moeten vinden op de nieuwe hoogspanningstransformator: - Deel 3, Boek 1, Titel 4, Hoofdstuk 2 van het federaal technisch reglement, d.w.z. alle artikelen gaande van artikel 72 tot 80, - alle bepalingen van de Europese netcode DCC. De CREG merkt op dat dit concreet volgens Elia betekent dat het nieuwe vervangstuk moet voldoen aan alle vereisten in de Europese netcode DCC en de artikelen 72 tot 80 van het federaal technisch reglement die voor hoogspanningstranformators van toepassing zijn en geen beperkend element mag vormen met betrekking tot de toekomstige conformiteit van de gehele installatie (in het geval dat in de toekomst alle bestaande elementen worden vervangen). Elia is van mening dat Bijlage 1 van het aansluitingscontract met [VERTROUWELIJK], moet worden aangepast om deze technische eisen te verankeren na beslissing van de CREG. Bijlage 8 van het aansluitingscontract werd alvast gewijzigd, in afwachting van de beslissing van de CREG, om [VERTROUWELIJK] te wijzen op de lopende procedure die kan leiden tot de toepassing van nieuwe technische eisen. De CREG kan akkoord gaan met de gedeeltelijke substantiële modernisering om de volgende redenen. Ten eerste is de conformiteit van een nieuw vervangstuk met de toepasselijke wetgeving op het ogenblik van de vervanging volgens de CREG een principe dat opgaat voor de vervanging van onderdelen voor elk installatietype en een logische gevolg van de aangepaste regelgeving. Het valt bovendien te verwachten dat nieuwe onderdelen die op de markt worden aangeboden sowieso aan de nieuwe normen zullen voldoen (zie ook CREG Advies (A)2148, paragraaf 24, vermeld in voetnoot 2). Ten tweede ziet de CREG op basis van de informatie waarover ze nu beschikt geen reden om de conformiteit van de volledige verbruiksinstallatie (‘gehele substantiële modernisering’) te vereisen bij de vervanging van een hoogspanningstranformator aangezien Elia de noodzaak of baten hiervan niet heeft aangetoond. De CREG sluit zich daarom aan bij het voorstel van Elia dat het nieuwe vervangstuk geen beperking mag vormen voor een volledige conformiteit van de verbruiksinstallatie indien later andere onderdelen worden vervangen. De CREG stelt vast dat ook de Algemene Directie Energie de analyse van Elia deelt (cf. advies van de Algemene Directie Energie van 17 maart 2023, ontvangen per e-mail op 20 maart 2023, punt III). De CREG is daarom van mening dat: - de nieuwe hoogspanningstranformator moet voldoen aan alle bepalingen van de Europese netcode DCC en de artikelen 72 tot 80 van het federaal technisch reglement, van toepassing op transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties en op verbruikseenheden die door een verbruiksinstallatie worden of kunnen worden gebruikt om diensten voor vraagsturing te leveren, die relevant zijn voor hoogspannintgstransformators die daarvan deel uitmaken, en - de nieuwe hoogspanningstranformator van die aard moet zijn dat deze niet verhindert dat de gehele verbruiksinstallatie en verbruikseenheid conform worden met de toepasselijke vereisten van de Europese netcode DCC en de artikelen 72 tot 80 van het federaal technisch reglement op het ogenblik dat andere onderdelen van de verbruiksinstallatie later vervangen worden. Niet-vertrouwelijke versie 11/14 CONCLUSIE Overwegende de bevoegdheid voor de CREG om een beslissing te nemen over gevallen van substantiële modernisering van o.m. bestaande transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties en bestaande verbruikseenheden die door verbruiksinstallaties worden of kunnen worden gebruikt om diensten van vraagsturing te leveren met toepassing van artikel 4.1(a)(iii) van de Europese netcode DCC, Gelet op de gedragscode van 20 oktober 2022 tot vaststelling van de voorwaarden voor aansluiting op en toegang tot het transmissienet en de methoden voor de berekening of vaststelling van de voorwaarden voor de vrijstelling van ondersteunende diensten en de toegang tot grensoverschrijdende infrastructuur, met inbegrip van de procedures voor de toewijzing van capaciteit en het beheer van congestie, in het bijzonder de artikelen 45, 47 §1 en 48; Overwegende de moderniseringsstudie van Elia van 16 januari 2023 betreffende de vervanging van de hoogspanningstransformator n°1 150/30 kV van 120 MVA door een nieuwe hoogspanningstransformator 150/30 kV gesitueerd in de verbruiksinstallatie van [VERTROUWELIJK] (bijlage 1), Overwegende de door de CREG georganiseerde niet-openbare raadpleging over haar ontwerpbeslissing (B)2525 van 6 april 2023 en de enige ontvangen reactie; Overwegende dat de CREG akkoord gaat met de door Elia geadviseerde gedeeltelijke substantiële modernisering, meer bepaald van de genoemde hoogspanningstransformator, Overwegende de noodzaak tot aanpassing van de bijlage 1 van het aansluitingscontract tussen Elia en [VERTROUWELIJK] als gevolg daarvan, Beslist de CREG dat: - de nieuwe hoogspanningstranformator moet voldoen aan alle bepalingen van de Europese netcode DCC en de artikelen 72 tot 80 van het federaal technisch reglement, van toepassing op transmissiegekoppelde verbruiksinstallaties en op verbruikseenheden die door een verbruiksinstallatie worden of kunnen worden gebruikt om diensten voor vraagsturing te leveren, die relevant zijn voor hoogspannintgstransformators die daarvan deel uitmaken, en - de nieuwe hoogspanningstranformator van die aard moet zijn dat deze niet verhindert dat de gehele verbruiksinstallatie en verbruikseenheid conform worden met de toepasselijke vereisten van de Europese netcode DCC en de artikelen 72 tot 80 van het federaal technisch reglement op het ogenblik dat andere onderdelen van de verbruiksinstallatie later vervangen worden. Niet-vertrouwelijke versie 12/14 Beslist de CREG tenslotte dat het bestaande aansluitingscontract tussen Elia en [VERTROUWELIJK] moet worden herzien teneinde de conformiteit met deze technische eisen te integreren overeenkomstig de beslissing van de CREG. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Andreas TIREZ Directeur Niet-vertrouwelijke versie Laurent JACQUET Directeur Koen LOCQUET Wnd. Voorzitter van het Directiecomité 13/14 BIJLAGE 1 [VERTROUWELIJK] Niet-vertrouwelijke versie 14/14