← België

Beslissing tot vaststelling van een inbreuk door Elia op artikel 4 van REMIT

(B)2651 26 oktober 2023 Beslissing tot vaststelling van een inbreuk door Elia op artikel 4 van REMIT Tekst met geïntegreerd erratum zoals goedgekeurd door het directiecomité van de CREG tijdens zijn vergadering van 18 april 2024 Genomen met toepassing van artikel 23, § 2, 2e lid, 4° van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt en overeenkomstig verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie Niet-vertrouwelijke versie CREG - Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 EXECUTIVE SUMMARY............................................................................................................................. 3

  1. Beschrijving van het verdachte gedrag ........................................................................................... 4
  2. Wettelijk kader ................................................................................................................................ 5
  3. Identificatie en coördinatie met andere regulerende instanties .................................................... 7
  4. Algemene informatie....................................................................................................................... 7
  5. 4.
  6. Werking van de balanceringsmarkten..................................................................................... 7 4.
  7. Activeringsvolgorde van de gereserveerde en niet-gereserveerde MFRR-capaciteit............. 8 Finaal onderzoek ............................................................................................................................. 9 5.
  8. Antecedenten .......................................................................................................................... 9 5.
  9. Conclusies van het finaal onderzoek ..................................................................................... 10 Analyse van de opmerkingen van Elia ........................................................................................... 11 6.
  10. Wat de feitelijke context betreft ........................................................................................... 11 6.
  11. Wat artikel 4 van REMIT betreft ............................................................................................ 11 6.2.
  12. Impact van de informaticaproblemen met PROBID op de markt ................................. 11 6.2.
  13. Informaticaproblemen met PROBID als voorwetenschap ............................................ 12 6.2.
  14. Balanceringsmarkt als “bijzondere” markt.................................................................... 13 6.2.
  15. Disclaimer m.b.t. de publicatie van onevenwichtsprijzen............................................. 13 6.
  16. Wat het verlies van een verkoopmogelijkheid betreft ......................................................... 14 6.
  17. Conclusies van het onderzoek ............................................................................................... 15
  18. Vaststelling van een inbreuk niet vergezeld van een administratieve boete ............................... 15
  19. Beslissing ....................................................................................................................................... 16 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 17 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 18 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 19 BIJLAGE 4 ............................................................................................................................................... 19 BIJLAGE 5 ............................................................................................................................................... 19 Niet-vertrouwelijke versie 2/19 EXECUTIVE SUMMARY Na een klacht van een marktspeler over hogere onevenwichtsprijzen op 2 januari 2019 heeft de CREG, krachtens artikel 13

(1)van verordening nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie (“REMIT”), de gebeurtenissen van 2 januari 2019 betreffende de publicatie van de onevenwichtsprijs door Elia Transmission Belgium nv ("Elia") geanalyseerd om te evalueren of de situatie in overeenstemming was met artikel 4 van REMIT dat de openbaarmaking van voorwetenschap verplicht. Het organiseren van de balanceringsmarkten, de activatie van balanceringsenergie en de publicatie van onbalansgegevens volgens de balanceringsregels vallen onder de operationele aangelegenheden waarvoor Elia als transmissienetbeheerder verantwoordelijk is. Dit document bevat de finale beslissing van de CREG. Deze beslissing is gebaseerd op de vaststellingen uit de nota (Z)2388 (hierna "finaal onderzoeksverslag") die de CREG op 29 april 2022 naar Elia heeft gestuurd. Ze bevat eveneens een gemotiveerd antwoord op de opmerkingen die Elia schriftelijk en mondeling heeft geformuleerd tijdens een formele hoorzitting over het finaal onderzoeksverslag van de CREG. De CREG is van mening dat het vastgestelde gedrag van Elia beschouwd moet worden als een inbreuk op haar verplichting tot openbaarmaking van voorwetenschap krachtens artikel 4 van REMIT. Daarnaast vindt de CREG dat het niet noodzakelijk is een administratieve geldboete op te leggen aan Elia. Niet-vertrouwelijke versie 3/19
  1. BESCHRIJVING VAN HET VERDACHTE GEDRAG
  2. Op 2 januari 2019 was er tussen 10.30 en 16.45 uur een technisch probleem met de PROBIDtool die Elia gebruikt. Deze tool laat toe om rechtstreeks informatie uit te wisselen tussen Elia en de elektriciteitsproducenten in het kader van balanceringsmarkten. Door dit probleem had Elia geen toegang tot de informatie over niet-gereserveerde mFRR-capaciteit, en als gevolg daarvan was de merit order slechts zichtbaar voor de activatie van de gereserveerde mFRR-capaciteit (zie deel 4.2 over het activeringsprincipe van de gereserveerde en niet-gereserveerde capaciteit).
  3. Gedurende meerdere uren die dag publiceerde Elia in reële tijd onevenwichtsprijzen die niet representatief waren voor de kosten van de door Elia geactiveerde balanceringsdiensten (zie figuur 1). Dit komt doordat de geactiveerde mFRR-capaciteit, omwille van informaticaproblemen met PROBID, niet in rekening was genomen om de in reële tijd gepubliceerde onevenwichtsprijs te bepalen.
  4. Elia heeft de problemen met PROBID niet publiekelijk openbaar gemaakt, noch de dag zelf, noch later. Op 2 januari 2019 waren de marktspelers dus niet op de hoogte van de disfunctie van PROBID.
  5. Bovendien konden slechts twee marktspelers ([VERTROUWELIJK] en [VERTROUWELIJK]) redelijkerwijze afleiden dat de onevenwichtsprijzen die Elia op 2 januari 2019 had gepubliceerd niet correct waren en dat de werkelijke onevenwichtsprijzen veel hoger moesten zijn. Op 2 januari 2019 in de voormiddag1 heeft Elia, omwille van een hoog onevenwicht in de Belgische regelzone (onevenwicht van 500 MW rond 10.15-10.30 uur) aan deze twee marktspelers gevraagd om mFRR-capaciteit te activeren. Hun activeringsprijs voor deze mFRR-capaciteit was hoger dan de onevenwichtsprijzen die op dat moment op de website van Elia zichtbaar waren. In overeenstemming met de balanceringsregels had de prijs echter minstens gelijk moeten zijn aan hun activeringsprijs voor de mFRR-capaciteit (zie deel 4.2 over de activeringsvolgorde van de gereserveerde en niet-gereserveerde capaciteit).
  6. Een maand later, eind januari / begin februari 20192 werden de onevenwichtsprijzen voor 2 januari 2019 gevalideerd voor publicatie. De validering van de prijzen vertegenwoordigde een aanzienlijke stijging van de onevenwichtsprijs in vergelijking met de in reële tijd gepubliceerde prijs. Die ging van 0 – 100 €/MWh zoals in reële tijd op de website van Elia werd gepubliceerd, naar de gevalideerde prijs van 480 – 490 €/MWh voor de periode van 10.30 tot 16.45 uur op 2 januari
  7. Figuur 1 toont de gecorrigeerde (en door Elia gevalideerde) onevenwichtsprijzen voor 2 januari 2019 zoals Elia eind januari/begin februari 2019 heeft gepubliceerd en de niet-gevalideerde prijzen die in reële tijd op de website van Elia zichtbaar waren
  8. Deze figuur illustreert de daaruit voortvloeiende aanpassing, naar boven, van de onevenwichtsprijs als gevolg van de validering ex post door Elia, voor de periode van 10.30 tot 16.45 uur op 2 januari
  9. Tijdens deze periode bedroeg de initiële onevenwichtsprijs gemiddeld 70 €/MWh met een maximale prijs van minder dan 100 €/MWh. Vervolgens heeft Elia de onevenwichtsprijs gecorrigeerd die een constant niveau van 480,36 €/MWh had bereikt na een piek van 1019,22 €/MWh voor het 1 Het exacte uur is niet gekend. De exacte datum is niet gekend. 3 De onevenwichtsprijzen worden ook op de website van ENTSO-E gepubliceerd. Deze publicatie gebeurt binnen de 30 minuten na het einde van elk kwartuuronevenwicht. De onevenwichtsprijzen (gevalideerd ex post) voor 2 januari 2019 zijn beschikbaar via: https://transparency.entsoe.eu/balancing/r2/imbalance/show?name=&defaultValue=false&viewType=TABLE&areaType=M BA&atch=false&dateTime.dateTime=02.01.2019+00:00|CET|DAYTIMERANGE&dateTime.endDateTime=02.01.2019+00:00| CET|DAYTIMERANGE&marketArea.values=CTY|10YBE----------2!MBA|10YBE---------2&dateTime.timezone=CET_CEST&dateTime.timezone_input=CET+(UTC+1)+/+CEST+(UTC+2) 2 Niet-vertrouwelijke versie 4/19 kwartier 10.30-10.45 uur. Gemiddeld is de onevenwichtsprijs tijdens de periode tussen 10.30 en 16.45 uur dus gestegen met een factor van ongeveer 5 (met een piek van 10). Onevenwichtsprijs van 02/01/2019 1.100 €/MWh 900 700 500 300 100 -100 validé ex-post temps réel Figuur 1: Onevenwichtsprijzen gevalideerd ex post (groen) en onevenwichtsprijzen zoals oorspronkelijk zichtbaar (blauw) op de website van Elia van 02/01/20194
  10. Elia heeft zich gebaseerd op de in januari / begin februari 2019 herziene onevenwichtsprijzen om de onevenwichtsfactuur te bepalen voor de marktspelers met een onevenwicht op 2 januari
  11. WETTELIJK KADER
  12. De relevante wetgeving voor dit onderzoek is verordening (EU) nr. 1227/2011 van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 betreffende de integriteit en transparantie van de groothandelsmarkt voor energie (hierna "REMIT").
  13. Artikel 13 van REMIT bepaalt dat de nationale regulerende instanties erop toezien dat de in de artikelen 3 en 5 van REMIT vastgestelde verbodsbepalingen en de in artikel 4 van REMIT vastgestelde verplichting worden toegepast.
  14. In België werd artikel 13 van REMIT geïmplementeerd door artikel 23, § 2, tweede lid, 4° van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna: de elektriciteitswet). Als de CREG op de hoogte is van een inbreuk, kan zij dus de procedure van administratieve geldboetes zoals voorzien in artikel 31 van de elektriciteitswet opstarten. Als de omstandigheden het toelaten kan ze ook enkel de inbreuk vaststellen zonder die procedure op te starten.
  15. Artikel 4
(1)van REMIT over de verplichte openbaarmaking van voorwetenschap bepaalt het volgende: 4 Deze grafiek werd gemaakt op basis van een schermafbeelding van de in reële tijd getoonde onevenwichtsprijzen van 2 januari
  1. Deze afbeelding en de afbeelding van de gevalideerde prijzen ex post staan in bijlage
  2. Niet-vertrouwelijke versie 5/19 "Marktdeelnemers maken tijdig en op een doeltreffende manier voorwetenschap publiekelijk openbaar, waarover zij beschikken met betrekking tot bedrijfsactiviteiten of faciliteiten die de betrokken marktdeelnemer, of hun moederonderneming of verbonden onderneming, bezit of controleert, of voor wiens operationele aangelegenheden deze marktdeelnemer of onderneming geheel dan wel gedeeltelijk verantwoordelijk is. Een dergelijke openbaarmaking omvat informatie aangaande de capaciteit en de benutting van de productie-, opslag-, verbruik- en transmissiefaciliteiten voor elektriciteit of aardgas of informatie aangaande de capaciteit en benutting van lng-installaties, met inbegrip van de geplande of ongeplande niet-beschikbaarheid van deze installaties."
  3. De definitie van voorwetenschap wordt vermeld in artikel 2
(1)van REMIT: "voorwetenschap”: niet openbaar gemaakte informatie die concreet is en die rechtstreeks of middellijk verband houdt met één of meerdere voor de groothandel bestemde energieproducten en die, indien zij openbaar zou worden gemaakt, een aanzienlijke invloed zou kunnen hebben op de prijzen van deze voor de groothandel bestemde energieproducten.” 14. Artikel 2
(1)van REMIT verduidelijkt eveneens wat "informatie" is: "Voor de toepassing van deze definitie gaat het daarbij om: [...] d) andere informatie die een redelijk handelende marktdeelnemer waarschijnlijk zal gebruiken om er zijn beslissing om over te gaan tot een transactie inzake of een order te plaatsen voor de handel in een voor de groothandel bestemd energieproduct ten dele op te baseren; [...]" 15. Artikel 4
(2)van REMIT voorziet dat de openbaarmaking van voorwetenschap kan uitgesteld worden in uitzonderlijke gevallen: "In uitzonderlijke gevallen kan een marktdeelnemer op eigen verantwoordelijkheid de openbaarmaking van voorwetenschap uitstellen teneinde zijn rechtmatige belangen te beschermen, mits dit naar alle waarschijnlijkheid geen misleiding van het publiek tot gevolg heeft, en op voorwaarde dat de marktdeelnemer het vertrouwelijke karakter van deze informatie kan waarborgen en op basis van de desbetreffende informatie geen handelsbeslissingen neemt met betrekking tot voor de groothandel bestemde energieproducten. Gelet op artikel 8, lid 5, verstrekt de marktdeelnemer in deze situatie de betrokken informatie, tezamen met een motivering voor het uitstel van de openbaarmaking, onverwijld aan het Agentschap en aan de betrokken nationale regulerende instantie." 16. Artikel 4
(3)van REMIT bepaalt dat de marktspelers moeten toezien op de gelijktijdige, volledige en daadwerkelijke publieke openbaarmaking van voorwetenschap: "Wanneer een marktdeelnemer of een persoon die in dienst is bij of handelt namens een marktdeelnemer, voorwetenschap met betrekking tot een voor de groothandelsmarkt bestemd energieproduct openbaar maakt in het kader van de normale uitoefening van zijn werk, beroep of functie, als bedoeld in artikel 3, lid 1, onder b), ziet die marktdeelnemer of deze persoon toe op de gelijktijdige, volledige en daadwerkelijke publieke openbaarmaking van die informatie. In het geval van niet-opzettelijke openbaarmaking ziet de marktdeelnemer erop toe dat de informatie zo snel mogelijk na de niet-opzettelijke openbaarmaking volledig en daadwerkelijk publiek openbaar wordt gemaakt. Dit lid is niet van toepassing indien de persoon die de informatie ontvangt een geheimhoudingsplicht heeft, ongeacht of die gebaseerd is op wet- of regelgeving, statutaire bepalingen of een overeenkomst." Niet-vertrouwelijke versie 6/19
  1. IDENTIFICATIE EN COÖRDINATIE MET ANDERE REGULERENDE INSTANTIES
  2. Volgens artikel 9 van REMIT over de registratie van marktdeelnemers dienen marktdeelnemers die zich inlaten met transacties betreffende voor de groothandel bestemde energieproducten, met inbegrip van handelsorders, geregistreerd te zijn bij de nationale regulerende instantie van de lidstaat waar zij gevestigd of woonachtig zijn of in een lidstaat waar zij actief zijn indien zij niet binnen de EU gevestigd of woonachtig zijn. Een marktdeelnemer registreert zich bij slechts één nationale regulerende instantie.
  3. De marktdeelnemer Elia is bij de CREG geregistreerd. De betreffende prijzen voor balanceringsenergie vallen ook onder de bevoegdheid van de CREG omdat ze betrekking hebben op contracten voor de levering van elektriciteit met fysieke levering in België.
  4. Bijgevolg werden er door de CREG, naast het Europees Agentschap voor de samenwerking tussen energieregulators (ACER), geen andere instanties geïdentificeerd die bij de behandeling van de zaak rechtstreeks betrokken moeten worden.
  5. ALGEMENE INFORMATIE 4.
  6. WERKING VAN DE BALANCERINGSMARKTEN
  7. Hieronder wordt een kort overzicht gegeven van de werking van de balanceringsmarkten op het Belgische elektriciteitsnet en de rol en eigenschappen van de gereserveerde en niet-gereserveerde capaciteit in het kader van de tertiaire regeling (mFRR). Daarnaast kunnen de volledige balanceringsregels worden geraadpleegd op de website van Elia
  8. Elia dient, als beheerder van het transmissienet, toe te zien op het evenwicht van haar regelzone. Dit houdt in dat het volume elektriciteit dat in het net wordt geïnjecteerd even hoog moet zijn als het volume dat van het net wordt afgenomen. Elke balanceringsverantwoordelijke (Balance Responsible Party, hierna "BRP") moet toezien op dit evenwicht in zijn portefeuille op kwartuurbasis. Wanneer BRP’s daar collectief niet in slagen, neemt Elia de nodige stappen om het resterende onevenwicht tussen de opgewekte en gevraagde elektriciteit te verkleinen.
  9. Daartoe organiseert Elia balanceringsmarkten waarin ze de flexibiliteit gebruikt die door de aanbieders van balanceringsdiensten (Balance Service Providers, hierna "BSP's") wordt aangeboden.
  10. Concreet reserveert en activeert Elia de flexibiliteit aan de hand van drie soorten balanceringsproducten: - 5 Primaire regeling – Frequentiebegrenzing ("FCR" of “R1”) o Een eerste onmiddellijke reactie op frequentieafwijkingen in heel Europa o Reactie binnen een termijn van 0 tot 30 seconden o Nodig volume: 80 MW https://www.elia.be/nl/elektriciteitsmarkt-en-systeem/systeemdiensten/het-evenwicht-behouden/mfrr Niet-vertrouwelijke versie 7/19 - Secundaire regeling - Frequentieherstel via automatische activering ("aFRR" of “R2”) o Dagelijkse systeemonbalans tussen opwekking en verbruik verlichten, ter ondersteuning van de primaire regeling o Reactie binnen een termijn van 30 seconden tot 15 minuten o Nodig volume: 145 MW - Tertiaire regeling - Frequentieherstel via manuele activering ("mFRR" of “R3”): o Het systeem ondersteunen wanneer er een grote systeemonbalans optreedt tussen opwekking en verbruik, tot ontlasting van de verzadigde secundaire regeling o Volledig beschikbaar binnen een termijn van 15 minuten o 2 types: mFRR Standard en mFRR Flex ▪ mFRR Std: activering tot 8 uur per dag met onbeperkt aantal activeringen ▪ mFRR Flex: activering tot 2 uur om de 12 minuten met een maximum van 8 activeringen per maand o Nodig volume: 844 MW waaronder minstens 314 MW mFRR Std
  11. Elia neemt maatregelen om het evenwicht te herstellen door middel van balanceringsdiensten in overeenstemming met de werkingsregels voor de compensatie van de kwartieronevenwichten (soms ook "balancing rules" of "balanceringsregels" genoemd) (zie Bijlage 1) zoals goedgekeurd door de CREG).
  12. Bij het bepalen van een onevenwicht binnen de portefeuille van een BRP past Elia onevenwichtstarieven toe in verhouding tot de middelen die ze gebruikt om het onevenwicht in de regelzone te beheersen. 4.
  13. ACTIVERINGSVOLGORDE VAN DE GERESERVEERDE EN NIETGERESERVEERDE MFRR-CAPACITEIT
  14. De regels voor de activering van de mFRR-capaciteit maken deel uit van de balanceringsregels. Hoofdstuk 8.9 van de balanceringsregels bepaalt in welke volgorde en volgens welke regels een mFRRcapaciteit wordt geactiveerd: “[...] Elia doet een beroep op haar mogelijkheden voor tertiaire regeling, door een activering van: - de energiebiedingen voor niet-gecontracteerd tertiair regelvermogen (met inbegrip van de biedingen voor vermogen die niet werden geselecteerd in het kader van de secundaire regeling) en/of; - de energiebiedingen voor gecontracteerd tertiair regelvermogen (mFRR Standard en mFRR Flex) en/of; - de activering van noodvermogen bij andere TNB’s. Voor deze selectie worden de hiervoor vermelde middelen geactiveerd in de onderstaande volgorde en volgens de volgende regels: 1) Activering van de energiebiedingen voor niet-gecontracteerd tertiair regelvermogen (voor opregeling of afregeling, met inbegrip van de biedingen voor vermogen die niet werden geselecteerd in het kader van de secundaire regeling) en gecontracteerd tertiair regelvermogen mFRRStandard. [...] Deze activeringen worden opeenvolgend uitgevoerd, bieding per bieding, volgens het principe van technisch-economisch merit order, en het minimale activeringsvermogen. Iedere keer dat een prijsaanbieding die strikt lager is dan de maximumprijs van de geactiveerde aanbiedingen niet of gedeeltelijk geactiveerd is, stuurt Elia de CREG binnen 3 weken een rapport met de definitie van de aanbiedingen, met Niet-vertrouwelijke versie 8/19 vermelding van de betreffende aanbiedingen en een analyse van de redenen voor nietactivering of gedeeltelijke activering. [...] 2) Opeenvolgende activeringen van de energiebiedingen voor gecontracteerd tertiair regelvermogen mFRR Flex, bieding per bieding, volgens een principe van technischeconomisch merit order, voornamelijk op basis van de activeringsprijzen. [...]”
  15. Volgens de balanceringsregels dient Elia de activeringen dan ook uit te voeren volgens het principe van de technisch-economische merit order. Dit wil zeggen dat de goedkoopste eenheden geactiveerd moeten worden vóór de duurste eenheden.
  16. FINAAL ONDERZOEK
  17. Naar aanleiding van een klacht van een marktspeler die de CREG op 1 oktober 2019 heeft ontvangen, is ze een onderzoek gestart. De klacht van de marktspeler gaat over een geschil tussen Elia en deze marktspeler over de handelingen van Elia op de balanceringsmarkt op 2 januari 2019 als gevolg van problemen met de PROBID-tool. 5.
  18. ANTECEDENTEN
  19. Op 21 november 2019 stuurde de CREG, in het kader van het vooronderzoek, een brief naar Elia met de vraag voor verduidelijking betreffende het technisch probleem met de PROBID-tool op 2 januari 2019 (zie bijlage 3).
  20. Op 20 december 2019 (zie bijlage 3) antwoordde Elia op de brief van de CREG.
  21. Het voorlopig onderzoeksverslag met de resultaten van het voorlopig onderzoek van de CREG werd op 9 april 2020 naar Elia gestuurd met een antwoordverzoek (zie bijlage 3).
  22. Op 7 mei 2020 (zie bijlage 3) antwoordde Elia op de brief van de CREG.
  23. Op 25 mei 2020 werd er een informele hoorzitting (onder de vorm van een teleconferentie tussen Elia en de CREG) georganiseerd. Tijdens deze vergadering stelde Elia een aantal slides voor (zie bijlage 4). Na de vergadering vroeg de CREG bijkomende informatie aan Elia. Op 3 juni 2020 bezorgde Elia de CREG de extra informatie die was gevraagd (zie bijlage 4, de extra informatie wordt op het einde van de presentatie vermeld).
  24. Het finaal onderzoeksverslag met de analyses en finale conclusies van de CREG, werd op 29 april 2022 aan Elia overgemaakt.
  25. Op 28 juni 2022 stuurde Elia een antwoord op de brief van de CREG met toevoeging van haar argumenten ter verdediging.
  26. Op 17 januari 2023 werd er een formele hoorzitting georganiseerd. In deze vergadering presenteerde Elia een reeks slides (zie bijlage 5 voor het proces-verbaal van de hoorzitting). Niet-vertrouwelijke versie 9/19 5.
  27. CONCLUSIES VAN HET FINAAL ONDERZOEK
  28. Rekening houdend met de informatie die Elia in het kader van het vooronderzoek had overgemaakt en de informele hoorzitting heeft de CREG de resultaten van haar finaal onderzoek voorgesteld in het finaal onderzoeksverslag.
  29. Artikel 4 van REMIT verplicht Elia, als marktdeelnemer, om voorwetenschap publiekelijk openbaar te maken op een doeltreffende manier. De definitie van voorwetenschap staat in artikel 2
(1)van REMIT en artikel 2
(1)(d) bepaalt waarop deze informatie van toepassing is.
  1. De onevenwichtsprijs die Elia op 2 januari 2019 had gepubliceerd bevatte onjuiste informatie als gevolg van informaticaproblemen met PROBID. Elia was duidelijk op de hoogte van de informaticaproblemen met de PROBID-tool en wist dat de op haar website gepubliceerde indicator van de onevenwichtsprijs niet correct was tijdens de onbeschikbaarheid van PROBID (dit heeft ze duidelijk aangegeven in de slides die ze tijdens de informele hoorzitting heeft voorgesteld, zie bijlage 4).
  2. Aangezien Elia wist dat de op haar website gepubliceerde indicator van de onevenwichtsprijs niet correct was tijdens de onbeschikbaarheid van PROBID is de informatie over de informaticaproblemen met PROBID en de impact op de correctheid van de gepubliceerde onevenwichtsprijzen voldoende duidelijk om er een conclusie uit te trekken over het mogelijke effect van de problemen met de PROBID-tool op de prijzen van de voor de groothandel bestemde energieproducten.
  3. Een hoge onevenwichtsprijs zorgt immers voor een directe reactie van marktspelers op de balanceringsmarkt en geeft hen een sterke incentive om het systeemonevenwicht te herstellen op basis van het principe van reactieve balancering. Bovendien heeft een hoge onevenwichtsprijs ook een onrechtstreekse impact op de producten van de intradaymarkt vanwege de opportuniteitskost van de verkoop van capaciteiten op de balanceringsmarkt.
  4. De onevenwichtsprijs heeft dus een impact op de balanceringsmarkt (via reactieve balancering) en op de intradaymarkt, twee groothandelsmarkten voor energie.
  5. Aangezien de balanceringsmarkten en de intradaymarkten groothandelsmarkten voor energie zijn, is de impact van de informaticaproblemen met PROBID op de juistheid van de gepubliceerde onevenwichtsprijzen en het mogelijke effect van deze problemen op de prijzen van de voor de groothandel bestemde energieproducten duidelijk aangetoond.
  6. Informatie over informaticaproblemen met PROBID en de impact van deze informaticaproblemen op de juistheid van de gepubliceerde onevenwichtsprijzen lijkt dus voorwetenschap te zijn in de zin van artikel 2
(1)van REMIT.
  1. Bovendien berust de evaluatie door de CREG van het concrete karakter van de informatie over de informaticaproblemen met PROBID en de impact ervan op de prijs van de voor de groothandel bestemde energieproducten enkel op informatie waarover Elia beschikte toen PROBID onbeschikbaar was.
  2. In de conclusie van het finaal onderzoeksverslag was de CREG dan ook van mening dat de nietopenbaarmaking van de informatie over de problemen met PROBID en de impact ervan op de publicatie van de onevenwichtsprijzen, op 2 januari 2019, een inbreuk leek te zijn op artikel 4 van REMIT die Elia, als marktspeler, verplicht om voorwetenschap publiekelijk openbaar te maken en dit tijdig en op een doeltreffende manier. Niet-vertrouwelijke versie 10/19
  3. ANALYSE VAN DE OPMERKINGEN VAN ELIA
  4. Op 17 januari 2023 werd er een formele hoorzitting georganiseerd. Tijdens deze vergadering stelde Elia een aantal slides voor (zie Bijlage 5). Het proces-verbaal van de hoorzitting werd op 15 juni 2023 naar Elia gestuurd voor akkoord of eventuele opmerkingen. Het proces-verbaal werd van 15 tot 23 juni 2023 ondertekend door de verschillende ondertekenaars.
  5. In haar antwoord op de overmaking van het finaal onderzoeksverslag en tijdens de formele hoorzitting van 17 januari 2023 heeft Elia verschillende bezwaren bij de conclusies van de CREG in het finaal onderzoeksverslag geuit. Hieronder analyseert en beantwoordt de CREG deze bezwaren. 6.
  6. WAT DE FEITELIJKE CONTEXT BETREFT
  7. De slides met het schriftelijke antwoord van Elia en de slides die Elia tijdens de hoorzitting heeft voorgesteld bevatten geen nieuwe elementen over de feitelijke context ten opzichte van de informatie die Elia geleverd heeft en de argumenten die Elia had geuit tijdens de informele hoorzitting in
  8. Elia merkt echter op dat de combinatie van verschillende informaticaproblemen op 2 januari 2019 volgens haar “een uitzonderlijke en onvoorzienbare omstandigheid” was. De CREG wenst te benadrukken dat artikel 4 van REMIT niet voorziet dat de verplichting in dat artikel niet van toepassing is in geval van uitzonderlijke omstandigheden. Bijgevolg vindt de CREG die bewering geen relevant argument. Bovendien moet een redelijke en voorzichtige beheerder rekening houden met de mogelijkheid van een disfunctie op het vlak van informatica en niet enkel voorbereid zijn om die op te vangen, maar ook om deze informatie te verspreiden teneinde de impact ervan zoveel mogelijk te beperken. 6.
  9. WAT ARTIKEL 4 VAN REMIT BETREFT 6.2.
  10. Impact van de informaticaproblemen met PROBID op de markt
  11. In haar antwoord op het finaal onderzoeksverslag en tijdens de formele hoorzitting stelt Elia het volgende: “De CREG toont niet aan dat Elia kon inschatten dat de publicatie van het Probid incident een significante impact zou kunnen hebben op de markt”.
  12. Zoals Elia zelf schrijft (in haar schriftelijk antwoord en in de slides die tijdens de formele hoorzitting werden voorgesteld), zou “Een kennisgeving van een storing van het Probid systeem met impact op de gepubliceerde prijzen [...] aan een marktdeelnemer enkel de informatie kunnen geven dat de werkelijke [onevenwichts]prijs lager, hoger of gelijk aan de gepubliceerde prijs zou zijn, zonder enige indicatie van een grootteorde”. Elia wist ook dat de publicatie van de indicator van de onevenwichtsprijs niet correct was tijdens de onbeschikbaarheid van PROBID omwille van de activering van capaciteiten door Elia om het onevenwicht van het systeem te herstellen. Bovendien had het systeem, zoals Elia benadrukt heeft, toen de PROBID-tool onbeschikbaar was een hoog onevenwicht (tekort van 500 MW).
  13. Bij een hoog onevenwicht zijn de onevenwichtsprijzen over het algemeen hoog, wat de marktspelers in de rol van BRP (Balancing Responsible Party) aanmoedigt om Elia flexibiliteit te bieden om het systeemevenwicht te herstellen op basis van het principe van reactieve balancering. De BRP’s houden de evoluties van het onevenwicht van het systeem en de schommelingen van de onevenwichtsprijs dan ook de hele dag in het oog. Zo zou een rationele marktspeler rekening houden met een kennisgeving waarin hij geïnformeerd wordt dat een disfunctie van PROBID een impact heeft Niet-vertrouwelijke versie 11/19 op de door Elia gepubliceerde onevenwichtsprijs, ook al zou deze kennisgeving geen indicatie geven over de grootte van het verschil tussen de werkelijke en de gepubliceerde prijs.
  14. Gezien de context van een hoog systeemonevenwicht tijdens de onbeschikbaarheid van PROBID op 2 januari 2019 en de informatie die Elia kende op het moment dat de tool onbeschikbaar was (namelijk de activering van capaciteiten om het evenwicht te herstellen en het feit dat de publicatie over de indicator van de onevenwichtsprijs niet correct was) is de CREG van mening dat Elia in staat was om in te schatten dat de publicatie van het PROBID-incident een significante impact op de markt zou kunnen hebben. 6.2.
  15. Informaticaproblemen met PROBID als voorwetenschap
  16. Elia betwist eveneens de conclusies van de CREG dat de informatie over de informaticaproblemen met PROBID voorwetenschap in de zin van REMIT is.
  17. Zoals Elia zelf schrijft (in haar schriftelijk antwoord en in de slides die tijdens de formele hoorzitting werden voorgesteld), zou “Een kennisgeving van een storing van het Probid systeem met impact op de gepubliceerde prijzen [...] aan een marktdeelnemer enkel de informatie kunnen geven dat de werkelijke [onevenwichts]prijs lager, hoger of gelijk aan de gepubliceerde prijs zou zijn, zonder enige indicatie van een grootteorde”.
  18. Deze informatie lijkt effectief voorwetenschap in de zin van artikel 2
(1)van REMIT aangezien dat artikel betrekking heeft op informatie die concreet genoeg is zodat ze, “indien zij openbaar zou worden gemaakt, een aanzienlijke invloed zou kunnen hebben op de prijzen van deze voor de groothandel bestemde energieproducten”.
  1. Met betrekking tot de precieze aard van de informatie stelt artikel 2 in fine van REMIT het volgende: “Informatie wordt als concreet beschouwd indien de informatie een reeks omstandigheden aanduidt, die zich voordoet of redelijkerwijs verwacht kan worden zich te zullen voordoen, of een gebeurtenis die plaatsgevonden heeft of die redelijkerwijs verwacht kan worden plaats te zullen vinden” en “indien de informatie concreet genoeg is om een conclusie te kunnen trekken ten aanzien van het mogelijke effect van die reeks omstandigheden of gebeurtenis op de prijzen van voor de groothandel bestemde energieproducten”.
  2. In casu lijkt het niet betwistbaar dat de informatie waarop de informaticaproblemen met de PROBID-tool betrekking hadden het mogelijk maakt een conclusie te trekken over “het mogelijke effect van die gebeurtenis op de prijzen van voor de groothandel bestemde energieproducten” (zie deel 6.3.1).
  3. Een marktspeler wordt in zijn rol als toegangsverantwoordelijke (Balancing Responsible Party, BRP) immers gestimuleerd om, op basis van de onevenwichtsprijzen en informatie in verband met het onevenwicht van het systeem, het evenwicht in de Belgische regelzone te herstellen. Bij een hoge onevenwichtsprijs krijgt de BRP een incentive om: - zijn capaciteit te gebruiken om het onevenwicht te herstellen in plaats van ze te verkopen in reële tijd via de intradaymarkt (reactieve balancering); - capaciteit aan te kopen in reële tijd via de intradaymarkt en deze vervolgens te gebruiken om het onevenwicht te herstellen en zo te profiteren van risicovrije arbitrage tussen de onevenwichtsprijs en de prijs op de intradaymarkt.
  4. De onevenwichtsprijs heeft een impact op de balanceringsmarkt (via reactieve balancering) en op de intradaymarkt, twee groothandelsmarkten voor energie. Niet-vertrouwelijke versie 12/19
  5. De CREG verwerpt dan ook de beweringen van Elia dat de informatie over de informaticaproblemen met PROBID geen voorwetenschap in de zin van REMIT is. 6.2.
  6. Balanceringsmarkt als “bijzondere” markt
  7. In verband met de volgende opmerking van Elia: “Er wordt eveneens voorbij gegaan aan het gegeven dat de balanceringsmarkt een bijzondere markt is die […] niet zomaar kan worden opgeschort (en in die zin verschilt van financiële markten waarop REMIT is geïnspireerd)” wil de CREG eraan herinneren dat de definitie van groothandelsmarkt uit artikel 2
(6)van REMIT, onder andere de balanceringsmarkten omvat6. Bijgevolg is de verplichting voorzien in artikel 4 van REMIT ten volle van toepassing op deze markten. 6.2.4. Disclaimer m.b.t. de publicatie van onevenwichtsprijzen 64. Elia benadrukt ook dat op haar site duidelijk vermeld wordt dat de getoonde prijzen nietgevalideerd zijn en slechts als indicatie worden gegeven. 65. Toch is het algemeen geweten – en Elia weet het ook – dat deze indicatieve prijzen zeer belangrijk zijn voor de marktspelers en dat het niet kan worden ontkend dat ze een impact op andere energieprijzen hebben. Dit is voldoende om ervan uit te gaan dat deze indicatieve prijzen voorwetenschap in de zin van artikel 2.1 van REMIT zijn. Het is geenszins vereist dat deze informatie gevalideerd wordt om onder de bescherming van REMIT te vallen. Het belangrijkste criterium is het feit of een rationele marktspeler met deze informatie rekening houdt om zich te positioneren op de groothandelsmarkten voor energie. Gezien de aard van de balancerings- en intradaymarkten zijn deze indicatieve prijzen de beste informatie waarover de marktspelers beschikken en dat ze deze niet meer zouden gebruiken is compleet ondenkbaar. 66. Daarenboven kan er, ondanks de disclaimer op de website van Elia, moeilijk geargumenteerd worden dat de oorspronkelijk gepubliceerde onevenwichtsprijs ‘als indicatie voor de onevenwichtsprijs’ kon worden gebruikt. Wanneer de oorspronkelijke onevenwichtsprijzen worden vergeleken met de gecorrigeerde onevenwichtsprijzen (zie figuur 4 in bijlage 2) stelt men een significant prijsverschil vast voor de periode 10.30-16.45 uur van 2 januari 2019. Voor deze periode was de oorspronkelijke evenwichtsprijs minder dan 100 €/MWh, met een gemiddelde van ongeveer 70 €/MWh, terwijl de werkelijke (en later gevalideerde) onevenwichtsprijs altijd hoger is dan 480 €/MWh met een piek van 1019 €/MWh. De oorspronkelijk gepubliceerde onevenwichtsprijzen verschillen dus met een factor 5 of zelfs een factor 10 van de werkelijke onevenwichtsprijzen en zijn bijgevolg geenszins een indicatie van de werkelijke onevenwichtsprijs. 67. Wat ten slotte het gebruik van de terminologie “prijzen gecorrigeerd ex post” uit het finaal onderzoeksverslag betreft, verwijst de CREG hier gewoon naar het proces voor de validering van de onevenwichtsprijs wat kan leiden tot verschillen tussen de niet-gevalideerde in reële tijd gepubliceerde gegevens en de aan de evenwichtsverantwoordelijken gefactureerde gevalideerde gegevens. Er wordt geenszins uitgegaan van het feit dat de onevenwichtsprijs voor 2 januari 2019 vastgesteld zou zijn op een wijze die niet in overeenstemming is met het normale valideringsproces. 6 ACER Guidance on the application of Regulation (EU) No 1227/2011 of the European Parliament and of the Council of 25 October 2011 on wholesale energy market integrity and transparency, 6th edition, 22 July 2021 https://acer.europa.eu/en/remit/Documents/ACER_Guidance_on_REMIT_application_6th_Edition_Final.pdf (enkel beschikbaar in het Engels). Niet-vertrouwelijke versie 13/19 6.3. WAT HET VERLIES VAN EEN VERKOOPMOGELIJKHEID BETREFT 68. In haar antwoord op het finaal onderzoeksverslag en tijdens de formele hoorzitting komt Elia terug op het verlies van een verkoopmogelijkheid en het voorbeeld van [VERTROUWELIJK] dat de CREG in het finaal onderzoeksverslag heeft gebruikt. Elia beweert dat [VERTROUWELIJK], als zij de werkelijke onevenwichtsprijs had gekend, volgens haar eigen bekentenis de centrale van [VERTROUWELIJK] zou hebben ingezet. Hierdoor zou er geen sprake zijn van een transactie in de zin van artikel 2, 1,
  1. d)van REMIT en zou de abstracte vraag van wat een redelijke marktspeler zou hebben gedaan zich niet meer stellen, aangezien [VERTROUWELIJK] concreet aantoonde dat ze een gedrag zou hebben aangenomen dat vanuit het oogpunt van REMIT niet pertinent is. 69. De CREG wenst te benadrukken dat het verlies van een verkoopmogelijkheid geen criterium is om informatie al dan niet als voorwetenschap te beschouwen. Er dient voornamelijk te worden geëvalueerd of een redelijk handelende marktspeler de informatie zou gebruikt hebben om er zijn beslissing om over te gaan tot een transactie of een order te plaatsen m.b.t. een voor de groothandel bestemd energieproduct op te baseren. Aantonen dat een marktspeler met een [VERTROUWELIJK] die informatie daarvoor niet zou hebben gebruikt is niet voldoende. Er moet rekening gehouden worden met de situatie van een redelijke marktspeler, ongeacht of die aankoper of verkoper is en ongeacht welk soort productiepark die heeft. Indicaties van de onevenwichtsprijs, zelfs niet gevalideerd, zijn fundamenteel voor de marktspelers en het argument van Elia neemt niet voldoende afstand van de verschillende situaties die relevant kunnen zijn. 70. De CREG heeft in haar finaal onderzoeksverslag enkel naar de situatie van [VERTROUWELIJK] op 2 januari 2019 verwezen voor de volledigheid, met als doel te reageren op een van de argumenten die Elia tijdens de informele hoorzitting had aangevoerd. Dit strekte er geenszins toe de globale evaluatie die nodig is om het bestaan van voorwetenschap vast te stellen tot dit enkele geval te beperken. 71. Een andere reden die voldoende is om het argument van Elia niet te volgen is het feit dat zelfs het geval van [VERTROUWELIJK] aantoont dat het gaat om voorwetenschap in de zin van artikel 2, 1,
  2. d)van REMIT. Het inzetten van de centrale van [VERTROUWELIJK] zou onvermijdelijk tot gevolg hebben gehad dat bepaalde uitgevoerde beurstransacties geen plaats zouden hebben gevonden of minstens dat het volume ervan zou zijn gewijzigd. Deze laatste transacties zijn ook een gevolg van de nietopenbaarmaking van de problemen met de PROBID-tool door Elia of kunnen daar in elk geval een gevolg van zijn. Wanneer artikel 2, 1,
  3. d)een evaluatie vereist van de beslissing om over te gaan tot een transactie of om een order te plaatsen, gaat het wel degelijk om een beslissing die twee richtingen kan uitgaan, zowel positief als negatief. Het feit dat [VERTROUWELIJK] bepaalde beurstransacties niet zou hebben uitgevoerd, of anders zou hebben uitgevoerd, als ze had beschikt over de informatie waarvan sprake is, is een reden te meer om te besluiten tot het bestaan van een impact in de zin van artikel 2, 1, d). 72. Tot slot heeft deze analyse niet tot doel om te onderzoeken of de situatie van [VERTROUWELIJK] van 2 januari 2019 wel in overeenstemming was met haar verplichtingen van balanceringsverantwoordelijke (Balancing Responsible Party, BRP) om haar evenwichtspositie te garanderen. Dit neemt niet weg dat de CREG, over het algemeen, benadrukt dat er geen resultaatsverplichting is voor de fysieke balancering, maar dat enkel de financiële verantwoordelijkheid voor het onevenwicht vast is. De balanceringsverantwoordelijke is niet verplicht om te allen prijze een fysiek evenwicht te bereiken, of met andere woorden, niet elke mogelijkheid van financiële optimalisatie mag absoluut worden uitgesloten. Bovendien valt het verwijt aan [VERTROUWELIJK] onder het contract van evenwichtssverantwoordelijke en had Elia – als partij bij dit contract – een beroep kunnen doen op de bestaande contractuele remedies, wat ze – bij weten van de CREG – niet heeft gedaan. Niet-vertrouwelijke versie 14/19 6.4. CONCLUSIES VAN HET ONDERZOEK 73. Op 2 januari 2019 was er van 10.30 uur tot 16.45 uur een technisch probleem met PROBID. Deze tool laat toe om rechtstreeks informatie uit te wisselen tussen Elia en de elektriciteitsproducenten. Als gevolg van dit probleem had Elia geen toegang tot de beschikbaarheid van de niet-gereserveerde mFRR-capaciteit en daardoor was de merit order slechts zichtbaar voor de activatie van de gereserveerde mFRR-capaciteit. Gedurende meerdere uren die dag publiceerde Elia bijgevolg in reële tijd onevenwichtsprijzen die niet representatief waren voor de kost van de door Elia geactiveerde balanceringsdiensten. Er werd immers geen rekening gehouden met de geactiveerde mFRR-capaciteit om de onevenwichtsprijs te bepalen tijdens de periode waarin PROBID onbeschikbaar was. 74. Elia heeft de problemen met PROBID en de impact op de onevenwichtsprijzen niet publiekelijk bekendgemaakt op 2 januari 2019. De marktspelers waren dus niet op de hoogte van de disfunctie van PROBID. 75. Op 2 januari 2019 was Elia duidelijk op de hoogte van de informaticaproblemen die een impact hadden op PROBID en daardoor wist ze dat de publicatie van de op haar website gepubliceerde indicator van de onevenwichtsprijs niet correct was. Elia kon ook inschatten dat de publicatie van het PROBID-incident een significante impact op de markt kon hebben. 76. Een hoge onevenwichtsprijs zorgt voor een directe reactie van marktspelers op de balanceringsmarkt en geeft hen een sterke incentive om het systeemonevenwicht te herstellen op basis van het principe van reactieve balancering. Bovendien heeft een hoge onevenwichtsprijs ook een onrechtstreekse impact op de intradaymarkt vanwege de opportuniteitskost van de verkoop van capaciteiten op de balanceringsmarkt. 77. De informatie over de disfunctie van PROBID en de impact van deze disfunctie op de publicatie van de onevenwichtsprijzen is voorwetenschap in de zin van artikel 2
(1)van REMIT aangezien dat artikel betrekking heeft op informatie die concreet genoeg is zodat ze, “indien zij openbaar zou worden gemaakt, een aanzienlijke invloed zou kunnen hebben op de prijzen van deze voor de groothandel bestemde energieproducten”.
  1. De CREG is dan ook van mening dat de niet-openbaarmaking van de informatie over de problemen met PROBID en de impact ervan op de publicatie van de onevenwichtsprijzen, op 2 januari 2019, een inbreuk is op artikel 4 van REMIT die Elia, als marktspeler, verplicht om voorwetenschap publiekelijk openbaar te maken en dit tijdig en op een doeltreffende manier.
  2. VASTSTELLING VAN EEN INBREUK NIET VERGEZELD VAN EEN ADMINISTRATIEVE BOETE
  3. In overeenstemming met artikel 23, § 2, tweede lid, 4° van de Elektriciteitswet kan de CREG, als de omstandigheden het toelaten, enkel een inbreuk op REMIT vaststellen zonder de administratieve boeteprocedure zoals voorzien in artikel 31 van de elektriciteitswet te starten.
  4. De CREG is van mening dat Elia geen enkel voordeel heeft gehaald uit de niet-openbaarmaking van de informatie over de disfunctie van PROBID en de impact van deze disfunctie op de publicatie van de onevenwichtsprijzen. Bovendien heeft Elia, sinds 2 januari 2019, interne maatregelen genomen om te vermijden dat een dergelijke situatie zich in de toekomst opnieuw voordoet. Voor zover de CREG Niet-vertrouwelijke versie 15/19 weet, heeft een dergelijke situatie zich sindsdien niet meer voorgedaan. Tot slot is de CREG tevreden over de medewerking van Elia tijdens het hele onderzoek.
  5. Gezien de bovenvermelde elementen beslist de CREG om de administratieve boeteprocedure zoals voorzien in artikel 31 van de Elektriciteitswet niet te starten.
  6. BESLISSING Gelet op artikel 23, § 2, tweede lid, 4° van de Elektriciteitswet; Gelet op artikelen 2
(1)en 4
(1)van REMIT; Gelet op de hoorzitting van Elia Transmission Belgium nv door het directiecomité van de CREG op 17 januari 2023; Gelet op de argumenten ter verdediging van Elia Transmission Belgium nv die op 28 juni 2022 schriftelijk werden ontvangen en tijdens de hoorzitting van 17 januari 2023 werden voorgesteld; Gelet op het administratief dossier; Stelt het directiecomité van de CREG, op basis van artikel 23, § 2, tweede lid, 4° van de Elektriciteitswet vast dat Elia Transmission Belgium nv, door haar gedrag tijdens de onbeschikbaarheid van PROBID op 2 januari 2019, artikel 4
(1)van REMIT schendt dat de marktspelers verplicht om voorwetenschap publiekelijk openbaar te maken en dit tijdig en op een doeltreffende manier; Beslist het directiecomité van de CREG om Elia Transmission Belgium nv geen administratieve boete op te leggen voor deze inbreuk.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet-vertrouwelijke versie Ilse TANT Directeur Koen LOCQUET Voorzitter van het Directiecomité 16/19 BIJLAGE 1 Marktwerkingsregels voor de compensatie van de kwartuuronevenwichten – inwerkingtreding op 01/12/2018 Niet-vertrouwelijke versie 17/19 BIJLAGE 2 Onevenwichtsprijs van 02/01/2019 Figuur 2 toont de onevenwichtsprijzen die Elia op 02/01/2019 heeft gepubliceerd. Figuur 3 toont de onevenwichtsprijzen voor 02/01/2019 nadat ze ex post werden gecorrigeerd door Elia. Figuur 2: Onevenwichtsprijzen zoals oorspronkelijk zichtbaar op de website van Elia van 02/01/2019 Figuur 3: Onevenwichtsprijzen gevalideerd ex post zoals ze in februari 2019 werden gepubliceerd op de website van Elia. Niet-vertrouwelijke versie 18/19 BIJLAGE 3 Communicatie tussen Elia en de CREG 1) 21/11/2019, CREG – Elia: Verzoek tot informatie en communicatiegegevens naar aanleiding van de gebeurtenissen op de onbalansmarkt op 2 januari 2019 2) 20/12/2019, Elia – CREG: Informatie over de publicatie van de onevenwichtsgegevens van 2 januari 2019 3) 09/04/2020, CREG – Elia: Nota 2067 REMIT 4) 07/05/2020, Elia – CREG: Nota 2067 REMIT 5) 29/04/2022, CREG – Elia: Nota 2388 REMIT 6) 28/06/2022, Elia – CREG: REMIT nota (Z) 2388 – Finaal onderzoekverslag BIJLAGE 4 Presentatie van Elia tijdens de informele hoorzitting van 25/05/2020, bevat eveneens bijkomende informatie die de CREG gevraagd heeft en Elia na de vergadering heeft gestuurd BIJLAGE 5 Proces-verbaal van de hoorzitting van 17/01/2023 + presentatie van Elia tijdens de hoorzitting van 17/01/2023 Niet-vertrouwelijke versie 19/19

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.