← België

Beslissing tot wijziging van de gedragscode van 20 oktober 2022 houdende de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en

Obsah (5)§3§1§2§4§5

(B)2899 10 april 2025 Beslissing tot wijziging van de gedragscode van 20 oktober 2022 houdende de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en houdende de methoden voor h

zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende

frastructuur,

clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer Artikelen 11, § 2, tweede lid, en 23, § 2, tweede lid, 9°bis, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt Niet-vertrouwelijke versie CREG - Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - www.creg.be

HOUDSOPGAVE

HOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2

LEIDING ................................................................................................................................................ 5

  1. WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 6 1.
  2. Wat betreft de gedragscode .................................................................................................. 6 1.
  3. Wat betreft de flexibele aansluiting ...................................................................................... 8 1.2.
  4. 1.2.1.
  5. De verordening (EU) 2019/943 ................................................................................. 8 1.2.1.
  6. De richtlijn (EU) 2019/944 ...................................................................................... 10 1.2.1.
  7. Europese netcode vraagrespons

de maak .......................................................... 13 1.2.

  1. Europees recht ................................................................................................................ 8 Nationaal recht .............................................................................................................. 13 ANTECEDENTEN............................................................................................................................. 14 2.
  2. Algemeen ............................................................................................................................. 14 2.
  3. Raadpleging.......................................................................................................................... 16 CONTEXT VAN DE WIJZIGINGEN VAN DE GEDRAGSCODE ............................................................ 17
  4. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE WIJZIGINGEN VAN DE GEDRAGSCODE EN BEHANDELING VAN DE ONTVANGEN OPMERKINGEN .................................................................................................. 19 4.
  5. Definities .............................................................................................................................. 20 4.1.
  6. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode .............................................................. 20 4.1.
  7. Behandeling van de ontvangen opmerkingen............................................................... 21 4.1.
  8. Finale wijziging van de gedragscode ............................................................................. 21 4.
  9. Wijziging van artikel 22 met betrekking tot de publicatie van het document over de methodologie voor aansluitingsstudies ............................................................................................ 22 4.2.
  10. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode .............................................................. 22 4.2.
  11. Behandeling van de ontvangen opmerkingen............................................................... 23 4.2.
  12. Finale wijziging van de gedragscode ............................................................................. 24 4.
  13. Wijziging van artikel 26 met betrekking tot de technische gegevens

een oriëntatiestudie ............................................................................................................................................. 25 4.3.

  1. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode .............................................................. 25 4.3.
  2. Behandeling van de ontvangen opmerkingen............................................................... 26 4.3.
  3. Finale wijziging van de gedragscode ............................................................................. 26 4.
  4. Wijziging van artikelen 22, 25 en 46 met betrekking tot de weigering van (vaste) aansluiting

het kader van een oriëntatiestudie en detailstudie ...................................................................... 26 4.4.

  1. 4.
  2. Behandeling van de ontvangen opmerkingen............................................................... 26 Redactionele wijziging van artikelen 25 en 57..................................................................... 26 4.
  3. Wijziging van artikel 60 met betrekking tot de bepalingen over flexibele aansluiting

de type-aansluitingsovereenkomst ........................................................................................................ 27 4.6.

  1. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode .............................................................. 27 Niet-vertrouwelijke versie 2/130 4.6.
  2. Behandeling van de ontvangen opmerkingen............................................................... 29 4.6.
  3. Finale wijziging van de gedragscode ............................................................................. 31 4.
  4. Wijziging van artikel 61 over flexibele aansluiting ............................................................... 32 4.7.
  5. Wijziging aan hoofdstuk 2.2.4 en artikel 61 met betrekking tot weigering van (vaste) aansluiting en toekenning van flexibele aansluiting en nieuw artikel 61bis over weigering van aansluiting ..................................................................................................................................... 35 4.7.1.
  6. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode ....................................................... 35 4.7.1.
  7. Behandeling van de ontvangen opmerkingen ........................................................ 38 4.7.1.
  8. Finale wijziging van de gedragscode ....................................................................... 38 4.7.
  9. Nieuw artikel 61ter met betrekking tot de weigering van vaste aansluiting en de toekenning van flexibele aansluiting ............................................................................................. 39 4.7.2.
  10. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode ....................................................... 39 4.7.2.
  11. Behandeling van de ontvangen opmerkingen ........................................................ 46 4.7.2.
  12. Finale wijziging van de gedragscode ....................................................................... 49 4.7.
  13. Nieuwe artikel 61quater met betrekking tot de procedure van kennisgeving van de aanvrager en de CREG over een weigering van (vaste) aansluiting .............................................. 50 4.7.3.
  14. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode ....................................................... 50 4.7.3.
  15. Behandeling van de ontvangen opmerkingen ........................................................ 55 4.7.3.
  16. Finale wijziging van de gedragscode ....................................................................... 57 4.7.
  17. Nieuwe artikel 61quinquies met betrekking tot de parameters die bindend worden

het aansluitingscontract ................................................................................................................ 59 4.7.4.1. De “tijdelijke periode”

geval van flexibele aansluiting en de omzetting van een flexibele naar een vaste aansluiting .......................................................................................... 59 4.7.4.

  1. Het “energieplafond” .............................................................................................. 66 4.7.
  2. Nieuw artikel 61sexies met betrekking tot de modaliteiten van de flexibele aansluiting met real-time afregeling................................................................................................................ 70 4.7.5.
  3. Met betrekking tot de aanpassing van de BRP perimeter ...................................... 79 4.7.5.
  4. Met betrekking tot de betaling van de netgebruiker aan de transmissienetbeheerder .......................................................................................................... 83 4.7.5.
  5. Met betrekking tot de vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen

real-time bovenop het energieplafond of na de tijdelijke periode .. 93 4.7.5.5. Met betrekking tot de vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen

real-time voor andere redenen ........................................................ 97 4.7.5.

  1. Met betrekking tot ex-ante notificatie van verwachte congestierisico’s ............... 99 4.7.5.
  2. Overige bepalingen ............................................................................................... 100 4.7.
  3. Nieuwe artikel 61septies met betrekking tot de mogelijkheid voor een flexibele aansluiting onder afwijkende voorwaarden ............................................................................... 101 4.7.6.
  4. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode ..................................................... 101 4.7.6.
  5. Behandeling van de ontvangen opmerkingen ...................................................... 103 4.7.6.
  6. Finale wijziging van de gedragscode ..................................................................... 105 Niet-vertrouwelijke versie 3/130 4.7.
  7. Nieuwe artikel 61octies met betrekking tot de impact van flexibele aansluiting op de levering van ondersteunende diensten....................................................................................... 106 4.7.7.
  8. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode ..................................................... 106 4.7.7.
  9. Behandeling van de ontvangen opmerkingen ...................................................... 111 4.7.7.
  10. Finale wijziging van de gedragscode ..................................................................... 113 4.7.
  11. Nieuwe artikel 61novies met betrekking tot de rapportering aan de CREG en de publicatie over flexibele aansluitingen........................................................................................ 113 4.7.8.
  12. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode ..................................................... 113 4.7.8.
  13. Behandeling van de ontvangen opmerkingen ...................................................... 115 4.7.8.
  14. Finale wijziging van de gedragscode ..................................................................... 115 4.7.
  15. Met betrekking tot de tarieven

geval van een flexibele aansluiting ....................... 115 4.7.9.

  1. 4.
  2. Behandeling van de ontvangen opmerkingen ...................................................... 116 Overgangsbepalingen en slotbepalingen........................................................................... 116 4.8.
  3. Ontwerp van overgangsbepalingen en slotbepalingen ............................................... 116 4.8.
  4. Behandeling van de ontvangen opmerkingen............................................................. 120 4.8.
  5. Finale overgangsbepalingen en slotbepalingen .......................................................... 122 BESLISSING................................................................................................................................... 124 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................. 126 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................. 127 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................. 128 BIJLAGE 4 ............................................................................................................................................. 129 BIJLAGE 5 ............................................................................................................................................. 130 BIJLAGE 6 ............................................................................................................................................. 130 BIJLAGE 7 ............................................................................................................................................. 130 BIJLAGE 8 ............................................................................................................................................. 130 BIJLAGE 9 ............................................................................................................................................. 130 Niet-vertrouwelijke versie 4/130

LEIDING De Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas (CREG) stelt hierna wijzigingen van de gedragscode vast bedoeld

artikel 11, § 2, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt. De CREG stelde de (eerste) gedragscode vast op 20 oktober 2022 bij beslissing (B)2409 van 20 oktober 2022 tot vaststelling van de gedragscode houdende de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en houdende de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden

zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende

frastructuur,

clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, en tot goedkeuring

dat kader van het voorstel van Elia van aansluitingsprocedures op het transmissienet (hierna: de “gedragscode” of “de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022”). De ontworpen wijzigingen van de gedragscode zijn bedoeld om het kader voor flexibele aansluitingen aan te vullen. De CREG onderzoekt

dat kader het voorstel van wijziging aan de gedragscode dat werd

gediend bij de CREG door Elia Transmission Belgium NV (hierna: “Elia”). De Nederlandstalige versie van het voorstel werd

gediend per brief op 28 oktober 2024; de Franstalige versie van het voorstel, werd op 13 november 2024 per e-mail aan de CREG bezorgd. De beslissing tot wijziging van de gedragscode wordt

bijlage 1 van deze beslissing toegevoegd. Een geconsolideerde versie van de gedragscode wordt samen met de publicatie van deze beslissing op de website van de CREG bekend gemaakt. Het voorstel van Elia wordt

bijlage 2 van deze beslissing toegevoegd. De CREG heeft een openbare raadpleging georganiseerd over haar ontwerpbeslissing (B)28991 van 5 december 2024 tot 29 januari

  1. De CREG heeft twaalf reacties op deze raadpleging ontvangen. Bijlage 3 van deze beslissing bevat de niet-vertrouwelijke reacties die de CREG heeft ontvangen tijdens de openbare raadpleging. Bijlage 4 bevat het consultatierapport met de reactie van de CREG op de niet-vertrouwelijke reacties. Bijlagen 5 tot en met 9 bevatten de vertrouwelijke reacties die de CREG heeft ontvangen tijdens de openbare raadpleging alsook telkens de reactie van de CREG hierop, en worden enkel gedeeld met de betreffende belanghebbende partij. Deze beslissing werd genomen door het directiecomité van de CREG op 10 april
  2. 1 Ontwerpbeslissing (B)2899 van 5 december 2024 tot wijziging van de gedragscode van 20 oktober 2022 houdende de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en houdende de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden

zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende

frastructuur,

clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. Niet-vertrouwelijke versie 5/130

  1. WETTELIJK KADER 1.
  2. WAT BETREFT DE GEDRAGSCODE
  3. Artikel 59.7 van de richtlijn 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de

terne markt voor elektriciteit en tot wijziging van Richtlijn 2012/27/EU (hierna: “de richtlijn 2019/944”) bepaalt als volgt : « Behalve

gevallen waarin ACER bevoegd is om de voorwaarden of methoden voor de tenuitvoerlegging van de netcodes en richtsnoeren uit hoofde van hoofdstuk VII van Verordening (EU) 2019/943 op grond van artikel 5, lid 2, van Verordening (EU) 2019/942 vanwege hun gecoördineerde karakter vast te stellen of goed te keuren, zijn de regulerende

stanties bevoegd voor de vaststelling of de voldoende ruim aan de

werkingtreding voorafgaande goedkeuring van ten minste de nationale methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden

zake: a) de aansluiting op en toegang tot nationale netten,

clusief de transmissie- en distributietarieven of de methoden daarvoor; die tarieven of methoden maken het mogelijk dat de noodzakelijke

vesteringen

de netten op een zodanige wijze worden uitgevoerd dat deze

vesteringen de levensvatbaarheid van de netten kunnen waarborgen; b) de verstrekking van ondersteunende diensten, die zo economisch mogelijk worden uitgevoerd en passende stimuleringsmaatregelen bieden voor netwerkgebruikers om hun

put en output op elkaar af te stemmen; dergelijke ondersteunende diensten worden op billijke en niet-discriminerende wijze verstrekt en zijn gebaseerd op objectieve criteria, en c) toegang tot grensoverschrijdende

frastructuur,

clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. » 2. Bij arrest van het Europese Hof van Justitie van 3 december 2020 werd België o.m. veroordeeld tot een niet-conforme omzetting van de bovengenoemde bepaling (die op identieke wijze voorkomt

de Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de

terne markt voor elektriciteit en tot

trekking van Richtlijn 2003/54/EG),

zoverre de

die bepaling bedoelde materies krachtens artikel 11 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna: “de elektriciteitswet”) geregeld werden

het technisch reglement vastgesteld door de Koning, en niet door de CREG. Na dit arrest, werd de elektriciteitswet aangepast door middel van de wet van 21 juli

  1. Artikel 11 van de elektriciteitswet bepaalt thans wat volgt: “§
  2. De Koning stelt een technisch reglement op voor het beheer van het transmissienet. Na overleg met de netbeheerder en na advies van de commissie, bepaalt de Koning

het technisch reglement, bedoeld

het eerste lid, minstens: 1° de technische veiligheidscriteria en technische voorschriften met de minimumeisen

zake het technische ontwerp, de bedrijfsvoering en de exploitatie van productie-

stallaties, de distributiesystemen, de apparatuur van direct aangesloten afnemers, de

terconnector circuits en de directe lijnen, waaraan moet worden voldaan. Die technische voorschriften zijn objectief en niet-discriminerend. 2 Wet van 21 juli 2021 tot wijziging van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt en tot wijziging van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen Niet-vertrouwelijke versie 6/130 2° de operationele regels waaraan de netbeheerder onderworpen is bij zijn technisch beheer van de elektriciteitsstromen en bij de maatregelen die hij dient te treffen om het hoofd te bieden aan problemen van overbelasting, technische mankementen en defecten van productie-eenheden met uitzondering van de vaststelling van de methode en de voorwaarden bedoeld

de bepalingen 1° en 2° van paragraaf 2, tweede lid; 3°

voorkomend geval, de prioriteit die

de mate van het mogelijke, rekening houdend met de noodzakelijke continuïteit van de voorziening, moet worden gegeven aan de productie-

stallaties die gebruik maken van hernieuwbare energiebronnen, of aan eenheden van warmtekrachtkoppeling; 4° de ondersteunende diensten die de netbeheerder moet

richten; 5° ... 6° de

formatie die door de netbeheerder moet worden verstrekt aan de beheerders van andere elektriciteitsnetten waaraan het transmissienet is gekoppeld, teneinde een veilige en efficiënte exploitatie, een gecoördineerde ontwikkeling en de

teroperabiliteit van het koppelnet te waarborgen met uitzondering van de vaststelling van de methode en de voorwaarden bedoeld

de bepaling onder 2° van paragraaf 2, tweede lid. 7° de bepalingen op het gebied van de verplichtingen tot

formatieverstrekking relevant

het kader van deze paragraaf toepasbaar op de netbeheerder en,

voorkomend geval, op de netgebruiker; 8° de omstandigheden waarin de commissie kan beslissen dat de elektriciteitsproductieeenheid, de verbruikersinstallatie, de

stallatie van een distributienet aangesloten op een transmissienet, het distributienet aangesloten op het transmissienet, het HVDC-systeem of DC-aangesloten power park module op het transmissienet, bedoeld door de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC en de Europese netcode HVDC, te beschouwen is als bestaand of nieuw, voor de toepassing van deze Europese netwerkcodes en het technisch reglement; 9° de bepalingen

zake voorafgaande goedkeuring van het systeembeschermingsplan, het herstelplan en het testplan, alsook de elementen die deze plannen moeten bevatten, onverminderd de elementen daarin op te nemen met toepassing van de Europese netwerkcode E&R; deze plannen bevatten onder meer de methodologie voor de dimensionering van de behoeften aan systeembeschermingsdiensten en hersteldiensten, alsmede deze voor de bepaling van de middelen om aan deze behoeften te voldoen; 10° de elementen die het risicoparaatheidsplan moet bevatten onverminderd de elementen daarin op te nemen met toepassing van Verordening (EU) 2019/941. Op voorstel van de netbeheerder, en na advies van de commissie, keurt de Koning de volgende onderdelen van het technisch reglement bedoeld

het eerste en tweede lid goed: 1° de maximumcapaciteitsdrempelwaarden van toepassing op elektriciteitsproductieeenheden van de types A, B, C en D overeenkomstig artikel 5, lid 3, van de Europese netwerkcode RfG; 2° de eisen voor algemene toepassing.

het technisch reglement bedoeld

het eerste lid wijst de Koning de bevoegde

stantie aan bedoeld

artikel 3 van Verordening (EU) nr. 2019/

  1. §
  2. De commissie legt een gedragscode vast.

die gedragscode bepaalt de commissie: 1° op voorstel van de netbeheerder en na raadpleging van de netgebruikers, de voorwaarden

zake de aansluiting op en toegang tot het transmissienet, met

begrip van de aansluitingsprocedures; 2° na raadpleging van de netgebruikers en van de netbeheerder, de voorwaarden

zake: Niet-vertrouwelijke versie 7/130 a) onverminderd artikel 8, § 1/1, de verstrekking van ondersteunende diensten, die zo economisch mogelijk worden uitgevoerd en passende stimuleringsmaatregelen bieden voor netgebruikers om hun

put en output op elkaar af te stemmen; dergelijke ondersteunende diensten worden op billijke en niet-discriminerende wijze verstrekt en zijn gebaseerd op objectieve criteria; en b) de toegang tot grensoverschrijdende

frastructuur,

clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer.

deze gedragscode bepaalt de commissie tevens, na raadpleging van de netgebruikers en van de netbeheerder, de documenten waaronder

voorkomend geval de typeovereenkomsten die de netbeheerder ter goedkeuring aan haar moet voorleggen betreffende de

deze paragraaf vermelde aangelegenheden. § 3. De commissie en de Algemene Directie Energie

formeren elkaar regelmatig en minstens twee maal per jaar over hun werkzaamheden betreffende de gedragscode en het technisch reglement.” 4. Artikel 23, § 2, tweede lid, van de elektriciteitswet, laatst gewijzigd bij de wet van 21 mei 2023, voorziet

verband met de gedragscode volgende bevoegdheden voor de CREG: “9°bis de gedragscode vastleggen, en,

voorkomend geval, de documenten goedkeuren die daarin worden beoogd, en de toepassing ervan controleren;”

  1. De CREG stelde de (eerste) gedragscode elektriciteit vast op 20 oktober
  2. Deze beslissing tot vaststelling van wijzigingen van de gedragscode wordt genomen op grond van de artikelen 11, § 2, tweede lid, en 23, § 2, tweede lid, 9°bis, van de elektriciteitswet. 1.
  3. WAT BETREFT DE FLEXIBELE AANSLUITING
  4. Aangezien het belangrijkste doel van deze wijziging van de gedragscode elektriciteit is om de voorwaarden voor het toekennen van flexibele aansluitingen te regelen, is het gepast om het wettelijke kader erover

herinnering te brengen. 1.2.

  1. Europees recht 1.2.1.
  2. De verordening (EU) 2019/943
  3. Artikel 3, eerste lid, q), van de verordening (EU) 2019/943 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende de

terne markt voor elektriciteit (hierna: “de verordening 2019/943”) bepaalt wat volgt : “[d]e lidstaten, de regulerende

stanties, de transmissiesysteembeheerders, de distributiesysteembeheerders, de marktbeheerders en de gedelegeerde beheerders waarborgen dat de elektriciteitsmarkten

overeenstemming met de volgende beginselen worden beheerd: […] q) marktdeelnemers hebben een recht om onder objectieve, transparante en nietdiscriminerende voorwaarden toegang te krijgen tot de transmissie- en distributienetten.” Niet-vertrouwelijke versie 8/130 De verordening 2019/943 bevat verder een aantal bepalingen specifiek

zake “aansluitovereenkomsten waarin de vaste levering van energie niet is gewaarborgd” en, met

gang vanaf de wijziging ervan bij de verordening 2024/17473 , “flexibele aansluitovereenkomsten” : Wat betreft transparantieverplichtingen transmissiesysteembeheerder:

hoofde van de “artikel 50 […] 4bis. De transmissiesysteembeheerders publiceren op transparante wijze duidelijke

formatie met een hoge ruimtelijke granulariteit over de capaciteit die beschikbaar is voor nieuwe aansluitingen

hun dekkingsgebieden, met

begrip van de aan aansluitverzoeken bestede capaciteit en de mogelijkheid van flexibele aansluiting

overbelaste gebieden, en nemen daarbij de openbare veiligheid en de vertrouwelijkheid van gegevens

acht. Die gepubliceerde

formatie omvat

formatie over de criteria voor de berekening van de beschikbare capaciteit voor nieuwe aansluitingen. De transmissiesysteembeheerders actualiseren die

formatie regelmatig, en ten minste iedere maand. De transmissiesysteembeheerders verstrekken de systeemgebruikers op transparante wijze duidelijke

formatie over de status en behandeling van hun aansluitverzoeken, met

begrip van,

voorkomend geval,

formatie over flexibele-aansluitovereenkomsten. Zij verstrekken dergelijke

formatie binnen drie maanden na de

diening van het verzoek. Zolang het aansluitverzoek niet is

gewilligd of definitief is afgewezen, actualiseren transmissiesysteembeheerders die

formatie regelmatig en ten minste elk kwartaal. […]” (eigen nadruk) Wat betreft de tarifaire aspecten: - “artikel 18 […]

  1. De tariefmethoden: […] c) ondersteunen het gebruik van flexibiliteitsdiensten en maken het gebruik van flexibele aansluitingen mogelijk; […]
  2. Uiterlijk op 5 oktober 2019, om het risico van marktfragmentatie te beperken, verstrekt ACER een rapport over beste praktijken betreffende methodologieën

zake transmissie- en distributietarieven, en houdt daarbij rekening met de specifieke nationale kenmerken. Dat rapport over beste praktijken heeft ten minste betrekking op: […] i) prikkels voor efficiënte

vesteringen

netten, met

begrip van middelen die flexibiliteit bieden en flexibele aansluitovereenkomsten. […]” (eigen nadruk) - Wat betreft mogelijke financiële vergoedingen: « Art. 13. […] 3 gewijzigd bij de Verordening (EU) 2024/1747 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 tot wijziging van de Verordeningen (EU) 2019/942 en (EU) 2019/943 wat betreft het Verbeteren van de opzet van de elektriciteitsmarkt van de Unie. Deze verordening treedt

werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan

het Publicatieblad van de Europese Unie, zijnde op 16 juli

  1. Niet-vertrouwelijke versie 9/130
  2. Wanneer niet-marktgebaseerde redispatching wordt gebruikt, wordt dit onderworpen aan financiële vergoeding door de systeembeheerder die om redispatching verzoekt aan de beheerder van de productie-, energieopslag- of vraagresponsinstallatie waarvoor redispatching plaatsvindt, behalve

het geval producenten die een aansluitovereenkomst hebben aanvaard waarin de vaste levering van energie niet is gewaarborgd. Dergelijke financiële vergoeding is ten minste gelijk aan het hoogste van de volgende elementen of een combinatie ervan

dien het toepassen van uitsluitend het hoogste zou leiden tot een ongerechtvaardigd lage of een ongerechtvaardigd hoge vergoeding: a) aanvullende exploitatiekosten als gevolg van redispatching, zoals aanvullende brandstofkosten

het geval van opwaartse redispatching, of back-up-warmtevoorziening

het geval van neerwaartse redispatching van elektriciteitsproductie-

stallaties die hoogrenderende warmtekrachtkoppeling gebruiken; b) de netto-

komsten van de verkoop van elektriciteit op de day-aheadmarkt die de elektriciteitsproductie-, energieopslag- of vraagresponsinstallatie zou hebben geproduceerd zonder het verzoek om redispatching; wanneer financiële ondersteuning wordt verleend aan elektriciteitsproductie-, energieopslag- of vraagresponsinstallaties op basis van het geproduceerde of verbruikte elektriciteitsvolume, wordt de financiële ondersteuning die zou zijn ontvangen zonder het verzoek om redispatching beschouwd als onderdeel van de nettoinkomsten. » 1.2.1.2. De richtlijn (EU) 2019/944 9. De richtlijn (EU) 2019/944 bevat

artikel 6 en artikel 40.1, g) en h), het recht van toegang voor afnemers tot o.m. de transmissiesystemen en de mogelijkheid voor transmissiesysteembeheerders om toegang tot het net te weigeren als ze niet over de nodige capaciteit beschikken. Deze artikelen bepalen het volgende : « Art. 6. Toegang van derden 1. De lidstaten dragen zorg voor de

voering van een systeem voor toegang van derden tot de transmissie- en distributiesystemen, gebaseerd op bekendgemaakte tarieven die voor alle afnemers gelden en die objectief worden toegepast zonder onderscheid te maken tussen systeemgebruikers. De lidstaten zorgen ervoor dat deze tarieven of de aan de berekening daarvan ten grondslag liggende methoden voorafgaand aan hun toepassing worden goedgekeurd overeenkomstig artikel 59 en dat deze tarieven en, wanneer alleen de methoden zijn goedgekeurd, de methoden worden bekendgemaakt voordat zij

werking treden. 2. De beheerder van een transmissie- of distributiesysteem kan de toegang weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. De weigering wordt naar behoren met redenen omkleed, waarbij met name het bepaalde

artikel 9

acht wordt genomen op basis van objectieve, technisch en economisch onderbouwde criteria. De lidstaten of,

dien de lidstaten hierin voorzien, de regulerende

stanties van die lidstaten zorgen ervoor dat deze criteria op coherente wijze worden toegepast en dat de systeemgebruiker aan wie toegang is geweigerd, gebruik kan maken van een geschillenbeslechtingsprocedure. De regulerende

stantie zorgt er tevens voor dat, waar van toepassing en wanneer de toegang wordt geweigerd, de transmissie- of distributiesysteembeheerder relevante

formatie verstrekt over de voor de versterking van het net vereiste maatregelen. Die

formatie wordt verstrekt

alle gevallen waarin toegang tot oplaadpunten werd geweigerd. Aan degene die om dergelijke

formatie verzoekt, kan een redelijke vergoeding

rekening worden gebracht die de aan de verstrekking van die

formatie verbonden kosten weerspiegelt.

  1. Dit artikel geldt ook voor energiegemeenschappen van burgers die distributienetten beheren» Niet-vertrouwelijke versie 10/130 “Artikel
  2. Taken van transmissiesysteembeheerders.
  3. Elke transmissiesysteembeheerder heeft de volgende verantwoordelijkheden: […] g) de systeemgebruikers de

formatie verstrekken die zij voor een efficiënte toegang tot het systeem nodig hebben; h) […], het verlenen en beheren van toegang van derden en het motiveren van besluiten tot een weigering van dergelijke toegang, onder toezicht van de regulerende

stanties, en bij de uitvoering van hun werkzaamheden uit hoofde van dit artikel

de eerste plaats de

tegratie van de markt vergemakkelijken; […]”. 10. De richtlijn 2019/944 bevat, met

gang vanaf de wijziging ervan bij de richtlijn (EU) 2024/1711 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 tot wijziging van de Richtlijnen (EU) 2018/2001 en (EU) 2019/944

zake het verbeteren van de opzet van de elektriciteitsmarkt van de Unie (hierna: “de richtlijn 2024/1711”) een aantal specifieke bepalingen over flexibele aansluitingen

artikel 6bis, getiteld “Flexibele aansluitovereenkomsten”. Dit artikel bepaalt wat volgt: “1. De regulerende

stantie, of een andere bevoegde

stantie

dien een lidstaat hierin voorziet, ontwikkelt een kader waarbinnen transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders de mogelijkheid kunnen bieden om flexibele aansluitovereenkomsten te sluiten

gebieden waar de netwerkcapaciteit voor nieuwe aansluitingen beperkt of niet beschikbaar is, zoals gepubliceerd overeenkomstig artikel 31, lid 3, en artikel 50, lid 4 bis, eerste alinea, van Verordening (EU) 2019/943. Dat kader moet waarborgen dat: a) als algemene regel geldt dat flexibele aansluitingen de versterkingen van het netwerk

de aangeduide gebieden niet vertragen; b) flexibele aansluitovereenkomsten op basis van vastgestelde criteria worden omgezet

vaste aansluitovereenkomsten zodra de ontwikkeling van het netwerk is voltooid, en c) voor gebieden waar de regulerende

stantie, of een andere bevoegde

stantie

dien een lidstaat hierin voorziet, van mening is dat netwerkontwikkeling niet de meest efficiënte oplossing is,

voorkomend geval flexibele aansluitovereenkomsten als permanente oplossing mogelijk zijn, ook voor energieopslag. 2. Het

lid 1 bedoelde kader kan ervoor zorgen dat flexibele aansluitovereenkomsten ten minste het volgende vermelden: a) de maximale vaste

jectie

en afname van het net van elektriciteit, alsmede de aanvullende flexibele

jectie- en afnamecapaciteit die gedurende het jaar per tijdblok kan worden aangesloten en gedifferentieerd; b) de nettarieven die van toepassing zijn op zowel de vaste als de flexibele

jectie- en afnamecapaciteit; c) de overeengekomen looptijd van de flexibele aansluitovereenkomst en de verwachte datum voor het toekennen van een aansluiting voor de gehele aangevraagde vaste capaciteit. De systeemgebruiker met een flexibele aansluiting op het net moet een stroombeheersingssysteem

stalleren dat door een erkende certificeringsinstantie is gecertificeerd.” Het begrip “flexibele-aansluitovereenkomst” wordt

artikel 2, 24quater), van de richtlijn 2019/944 gedefinieerd als volgt: “een reeks overeengekomen voorwaarden voor het aansluiten van elektriciteitscapaciteit op het net, waaronder voorwaarden om de

jectie van elektriciteit

en de afname van elektriciteit uit het transmissie- of het distributienet te beperken en te regelen”. Niet-vertrouwelijke versie 11/130 De richtlijn 2024/1711 die de richtlijn 2019/944 wijzigt, is

werking getreden op 16 juli 2024 en moet ter zake door de lidstaten naar nationaal recht worden omgezet uiterlijk op 17 januari 2025 (behoudens de uitzondering bepaald voor artikel 2, punten 2) en 5) van deze richtlijn) 11. Daarnaast bepaalt artikel 42 van de richtlijn 2019/944 (sinds de

itiële versie van de richtlijn) het volgende

zake besluitvormingsbevoegdheden

zake de aansluiting van nieuwe productieinstallaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem : “Artikel 42. Besluitvormingsbevoegdheden

zake de aansluiting van nieuwe productieinstallaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem 1.De transmissiesysteembeheerder stelt transparante en efficiënte procedures op voor de niet-discriminerende aansluiting van nieuwe productie-

stallaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem en publiceert deze. Die procedures zijn onder voorbehoud van goedkeuring door de regulerende

stanties. 2.De transmissiesysteembeheerder heeft niet het recht de aansluiting van een nieuwe productie-

stallatie of energieopslagfaciliteit te weigeren op grond van mogelijke toekomstige beperkingen van de beschikbare capaciteit op het net, bijvoorbeeld congestie

afgelegen delen van het transmissiesysteem. De transmissiesysteembeheerder verstrekt de nodige

formatie. De eerste alinea doet geen afbreuk aan de mogelijkheid voor transmissiesysteembeheerders om de gegarandeerde aansluitingscapaciteit te beperken of aansluitingen met operationele beperkingen aan te bieden, teneinde de economische efficiëntie van nieuwe productieinstallaties of energieopslagfaciliteiten te waarborgen, mits dergelijke beperkingen zijn goedgekeurd door de regulerende

stantie. De regulerende

stantie zorgt ervoor dat eventuele beperkingen

de gegarandeerde aansluitingscapaciteit of operationele beperkingen worden

gesteld op basis van transparante en niet- discriminerende procedures en geen onnodige belemmeringen voor de markttoegang met zich meebrengen.

dien de productie-

stallatie of energieopslagfaciliteit de kosten draagt voor het garanderen van onbeperkte aansluiting gelden er geen beperkingen. 3.Transmissiesysteembeheerders hebben niet het recht een nieuw aansluitpunt te weigeren op de grond dat het tot extra kosten zou leiden als gevolg van de noodzakelijke capaciteitsvergroting van systeemonderdelen

de directe omgeving van het aansluitpunt.”

  1. Tot slot bepaalt artikel 58, eerste lid, e), van de richtlijn 2019/944 het volgende : « Art.
  2. Algemene doelstellingen van de regulerende

stantie 1. Bij de uitvoering van de

deze richtlijn omschreven reguleringstaken neemt de regulerende

stantie,

nauw overleg met de andere betrokken nationale

stanties, waaronder de mededingingsautoriteiten, alsook

stanties, met

begrip van regulerende

stanties, van naburige lidstaten en,

voorkomend geval, naburige derde landen, en zonder dat wordt geraakt aan hun bevoegdheden, alle redelijke maatregelen om de volgende doelstellingen te bereiken binnen het kader van haar taken en bevoegdheden zoals vastgesteld

artikel 59: […] e) de toegang van nieuwe productiecapaciteit en energieopslagfaciliteiten tot het net vergemakkelijken, met name door de belemmeringen voor de toegang van nieuwkomers op de markt en van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen weg te nemen;[…] » Niet-vertrouwelijke versie 12/130 1.2.1.3. Europese netcode vraagrespons

de maak 13. Ook de ACER Kaderrichtsnoeren van 20 december 2022 over vraagrespons4 zijn vermeldenswaard waarin sprake is van niet-vaste aansluitovereenkomsten.

paragraaf

(87)wordt bepaald : « De nieuwe regels zullen bepalen dat de [systeembeheerder], wanneer geconfronteerd met congestie, altijd de economisch meest efficiënte optie of combinatie van opties kiest uit de verschillende

strumenten waarover hij beschikt, zoals congestiebeheer, netinvesteringen, niet-vaste aansluitingsovereenkomsten of herziening van biedzones, waarbij hij de resulterende maatschappelijke welvaart optimaliseert.

de nieuwe regels worden de beginselen gespecificeerd voor het gebruik van producten voor congestiebeheer zoals enerzijds beschreven

paragraaf

(86)en anderzijds niet-vaste aansluitingsovereenkomsten, waarbij ervoor wordt gezorgd dat de markten niet onnodig worden verstoord. »5 (Vrije vertaling.) Een Europese netcode

zake vraagrespons

dat kader is

de maak

  1. 1.2.
  2. Nationaal recht
  3. Artikel 15 van de elektriciteitswet bepaalt het volgende

verband met de weigering van toegang tot het net door de netbeheerder: “Art. 15. § 1. De

aanmerking komende afnemers hebben een recht van toegang tot het transmissienet tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12. De netbeheerder kan de toegang tot het net alleen weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. De netbeheerder kan eveneens de toegang tot het net weigeren wanneer deze toegang de behoorlijke uitvoering van een openbare dienstverplichting

het algemeen economisch belang ten zijne laste zou verhinderen en voor zover de ontwikkeling van de uitwisselingen niet wordt beïnvloed

een mate die strijdig is met de belangen van de Europese Gemeenschap. De belangen van de Europese Gemeenschap omvatten, onder meer, de mededinging met betrekking tot de

aanmerking komende afnemers overeenkomstig Richtlijn 2009/72/EG en artikel 106 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. De weigering moet naar behoren met redenen worden omkleed en gerechtvaardigd, waarbij

het bijzonder de met toepassing van artikel 21 genomen openbare dienstverplichtingen

acht moeten worden genomen, op basis van objectieve, technisch en economisch onderbouwde criteria.

geval van tegenstrijdigheid met de voorschriften die worden voorzien door het technisch reglement of de gedragscode kan de netbeheerder de toegang afhankelijk maken van de voorwaarde van naleving van deze voorschriften. 4 “Framework Guideline on Demand Response”, ACER, 20 December 2022, https://acer.europa.eu/sites/default/files/documents/Official_documents/Acts_of_the_Agency/Framework_Guidelines/Fra mework%20Guidelines/FG_DemandResponse.pdf 5 “The new rules shall provide that when facing congestion, the [system operator] shall always choose the most economically efficient option or combination of options of the different tools at its hands, such as congestion management, grid

vestments, non-firm connection agreements or bidding zone review, optimising the resulting social welfare. The new rules shall specify principles for the use of congestion management products as described

paragraph

(86)on the one hand, and non-firm connection agreements on the other, ensuring that markets are not unduly distorted.” 6 PC_2024_E_07 - Public consultation on the draft network code on demand response | www.acer.europa.eu Niet-vertrouwelijke versie 13/130 De netbeheerder deelt zonder verwijl aan de commissie zijn met redenen omklede beslissing tot weigering mede. § 2. § 1 is eveneens van toepassing : 1° Op producenten gevestigd

België of

andere lidstaten van de Europese Unie, met het oog op de bevoorrading

elektriciteit van hun eigen vestigingen of dochterondernemingen: gevestigd

België of

andere lidstaten van de Europese Unie of met het oog op de levering van elektriciteit aan

aanmerking komende afnemers; […]”

  1. ANTECEDENTEN 2.
  2. ALGEMEEN
  3. De CREG stelde de (eerste) gedragscode vast op 20 oktober 2022 bij beslissing (B)2409 van 20 oktober 2022 tot vaststelling van de gedragscode houdende de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en houdende de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden

zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende

frastructuur,

clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, en tot goedkeuring

dat kader van het voorstel van Elia van aansluitingsprocedures op het transmissienet

  1. Op 29 november 2024 werd het koninklijk besluit tot vaststelling van het technisch reglement voor het beheer van het transmissienet voor elektriciteit afgekondigd. De CREG bracht een advies uit over het ontwerp van koninklijk besluit
  2. Dit koninklijk besluit herroept het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe.. 17.

het kader van artikel 11, § 3, van de elektriciteitswet

formeerden de diensten van de CREG de diensten van de Algemene Directie Energie van hun werkzaamheden betreffende de gedragscode, waaronder de voorbereiding van de huidige wijziging. 18. De huidige wijziging dient voor de ontwikkeling van een alomvattend

houdelijk regulatoir kader van toepassing op flexibele aansluiting, waarop de CREG sedert enige tijd aanstuurt bij Elia.

2023-2024 vonden

formele overlegvergaderingen plaats met medewerkers van Elia teneinde hen aan te sturen om het voorstel voor te bereiden dat Elia aan de CREG moet richten betreffende de voorwaarden voor aansluiting op en toegang tot het transmissienet met toepassing van artikel 11, §2, van de elektriciteitswet.

haar beslissing (B)658E/84 over de doelstellingen die Elia

2024 moet behalen

het kader van de stimulans ter bevordering van het systeemevenwicht, definieert de CREG een stimulans ter ondersteuning van het uitwerken van dit regulatoir kader

samenspraak met de netgebruikers en andere stakeholders9.

dit kader heeft Elia

2024 meerdere workshops georganiseerd met de stakeholder en met deelname van de CREG en heeft Elia een openbare 7 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2409NL.pdf Advies (A)2501 van 18 januari 2023 over het ontwerp van koninklijk besluit houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit (https://www.creg.be/nl/publicaties/advies-a2501). 9 Beslissing (B)658E/84 van 12 oktober 2023 over de doelstellingen die nv Elia Transmission Belgium

2024 moet behalen

het kader van de stimulans ter bevordering van het systeemevenwicht zoals bedoeld

artikel 27 van de tariefmethodologie (https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b658e/84). 8 Niet-vertrouwelijke versie 14/130 raadpleging georganiseerd van 31 mei tot 5 juli 2024 betreffende haar ontwerpnota met betrekking tot de evolutie van het kader voor aansluiting met flexibele toegang op federaal niveau (hierna: “de ontwerpnota van Elia van 31 mei 2024”)10. 19. Binnen de werkgroep “Belgian Grid” van de Users’ Group van Elia werden de marktpartijen geïnformeerd over de besprekingen

de workshops over flexibele aansluitingen alsook betrokken

verdere besprekingen over door Elia voorstelde wijzigingen aan de procedures voor aanvraag van aansluitingsstudies (oriëntatie- en detailstudies) en de bepalingen met betrekking tot de reservering en toewijzing van aansluitingscapaciteit. Ook over dit onderwerp vonden

2024

formele overlegvergaderingen plaats tussen medewerkers van de CREG en van Elia. 20. Op 18 januari 2024 heeft de CREG aan Elia per brief gevraagd om een voorstel van gedragscode met de procedures en criteria voor het toekennen van een aansluiting met flexibele toegang, waaronder deze die hem toelaten te besluiten tot een gebrek aan capaciteit op het transmissienet, bedoeld

artikel 15, §1, van de elektriciteitswet, aan de CREG voor te leggen met toepassing van artikel 11, §2, eerste lid, 1°, en artikel 23, §2, derde lid, van de elektriciteitswet tegen uiterlijk 15 mei 2024, onder andere rekening houdende met de geplande lancering van de tender voor de Prinses Elisabeth Zone

het vierde kwartaal van

  1. Wegens bekommernissen van Elia over de haalbaarheid om

mei 2024 een kwalitatief voorstel voor wijziging van de gedragscode te kunnen

dienen, heeft de CREG, na uitwisselingen tussen de directiecomités van de CREG en Elia, per e-mail van 28 februari 2024

gestemd met de vraag van Elia om uiterlijk 20 september 2024 het voorstel te kunnen

dienen met het oog op een finale beslissing ten laatste

het eerste kwartaal van

  1. De deadline van 20 september is bevestigd geweest per brief van Elia op 11 maart
  2. Op 28 maart 2024 heeft de CREG met Elia haar visienota11 gedeeld over de criteria en procedures voor de weigering door Elia van een aansluiting met vaste toegang en de toekenning van een aansluiting met flexibele toegang tot het transmissienet (hierna: “de visienota van de CREG van 28 maart 2024”). Deze visienota was bedoeld als een

put voor de uitwerking van het voorstel van Elia zodat Elia een idee had van de richting die de CREG uit wil, wat de efficiëntie van de vaststelling van de criteria en procedures moet bevorderen. De CREG benadrukte echter dat deze visienota een evolutief document was aangezien de visie van de CREG kon evolueren

gevolge onder meer besprekingen met de transmissienetbeheerder en de netgebruikers en voortschrijdend

zicht. Deze nota moest bijgevolg worden begrepen en gehanteerd onder dit voorbehoud en deed geen afbreuk, noch aan de voorstelbevoegdheid van Elia, noch aan de beslissingsbevoegdheid van de CREG overeenkomstig de wet. 23. Op 20 september 2024 heeft Elia aan de CREG haar eerste voorstel voor wijziging van de gedragscode12

het Nederlands bezorgd met betrekking tot flexibele aansluitingen en aansluitingsprocedures13. Elia heeft

dit voorstel ook enkele geringe wijzigingen opgenomen om de coherentie te garanderen met de type-aansluitingsovereenkomst en de type-toegangsovereenkomst gezien besprekingen

het kader van de implementatie van “multiple BRP”. Omwille van uitwisselingen tijdens de

formele overlegmomenten tussen medewerkers van de CREG en Elia, gaf Elia

de brief van 20 september 2024 aan bereid te zijn de impact van afregeling van 10 Zie de consultatiewebpagina van Elia: https://www.elia.be/nl/publieke-consultaties/20240531_connection-with-flexibleaccess-design-note-on-the-evolution-of-the-framework 11 Visienota (Z)2779 van 28 maart 2024 over de criteria en procedures voor de weigering door Elia van een aansluiting met vaste toegang en de toekenning van een aansluiting met flexibele toegang tot het transmissienet, beschikbaar op de website van de CREG: https://www.creg.be/nl/publicaties/nota-z2779. 12

tabelvorm,

clusief een kolom met bijkomende

formatie ter verklaring van de wijzigingen. 13 Elia heeft dit voorstel gepubliceerd op de consultatiewebpagina van haar ontwerpnota van 31 mei 2024 (zie voetnoot 10). Niet-vertrouwelijke versie 15/130 flexibele aansluitingen op de BRP verder te bestuderen en met de marktpartijen te bespreken op de workshop van 10 oktober 2024, waarna Elia tegen 25 oktober 2024 een aangepast voorstel voor wijziging van de gedragscode zou kunnen

dienen bij de CREG. Elia meldde eveneens tegen eind september aan de CREG per e-mail de volgende documenten over te maken: het consultatierapport van de design nota over flexibele aansluitingen zoals gepubliceerd op 31 mei 2024 om de voorgestelde wijzigingen aan de Gedragscode verder te verantwoorden; het document over de methodologie die gebruikt wordt voor het realiseren van studies

het kader van aansluitingsaanvragen. 24. Op 28 oktober 2024 heeft Elia bij de CREG haar bijgewerkt voorstel voor wijziging van de gedragscode

het Nederlands

gediend (hierna: het “voorstel van Elia”), samen met een aangepast consultatierapport. Elia heeft de Franstalige versie bezorgd op 13 november 2024. Elia heeft ook deze bijgewerkte versie van het voorstel en consultatierapport gepubliceerd op de consultatiewebpagina van haar ontwerpnota van 31 mei 2024 (zie voetnoot 10). Enkel het bijgewerkte voorstel van Elia is toegevoegd

Bijlage 2 van deze beslissing aangezien enkel deze versie relevant is als bronmateriaal voor het ontwerp van gewijzigde gedragscode door de CREG. 2.

  1. RAADPLEGING
  2. Het directiecomité van de CREG besliste, op grond van artikel 23, § 1, van zijn huishoudelijk reglement,

het kader van het vaststellen van de huidige wijzigingen van de gedragscode, om, met toepassing van artikel 11, § 2, van de elektriciteitswet en artikel 33, § 1, van zijn huishoudelijk reglement, een openbare raadpleging over de ontwerpbeslissing (B)2899 te organiseren op de website van de CREG van 5 december 2024 tot 16 januari 2025. Op 7 januari 2025 heeft de CREG, per nieuwsbrief de belanghebbenden op de hoogte gebracht de raadplegingsperiode te verlengen tot 29 januari 2025 . Het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode waarover de CREG de openbare raadpleging heeft gehouden, wordt hierna

deze beslissing aangeduid als het “ontwerp van wijzigingen van de gedragscode”.

  1. De CREG heeft twaalf reacties op deze raadpleging ontvangen, namelijk van Aukera Energy (met één vertrouwelijke opmerking), BOP, BSTOR, Elia, Engie (deels vertrouwelijk), Febeg, Febeliec, Goodman Belgium, Luminus (vertrouwelijk) en Yuso en twee volledig, vertrouwelijke reacties. Bijlage 3 van deze beslissing bevat de niet-vertrouwelijke reacties die de CREG heeft ontvangen tijdens de openbare raadpleging. Bijlage 4 bevat het consultatierapport met de reactie van de CREG op de nietvertrouwelijke reacties. Bijlagen 5 tot en met 9 bevatten telkens de vertrouwelijke reacties van de betrokken partij alsook de reactie van de CREG hierop en worden enkel gedeeld met de betreffende belanghebbende partij.
  2. De CREG behandelt de ontvangen opmerkingen

deel 4 van deze beslissing. Daarin geeft de CREG voornamelijk een samenvatting van de ontvangen reacties die om een herziening van het ontwerp van wijzigingen van de CREG vragen. Voor de specifieke reactie van de CREG bij de reacties van de belanghebbende partij, verwijst de CREG naar de consultatierapporten

Bijlagen 4 tot 9 van deze beslissing. De CREG verwijst

deel 4 van deze beslissing enkel naar niet-vertrouwelijke consultatiereacties aangezien de vertrouwelijke consultatiereacties niet om een herziening van de wijzigingen van de gedragscode vroegen die niet

een andere, niet-vertrouwelijke consultatiereactie Niet-vertrouwelijke versie 16/130 werd gevraagd. Bijgevolg worden de vertrouwelijke consultatiereacties enkel behandeld

de vertrouwelijke Bijlagen 5 tot 9 en niet

deel 4 van deze beslissing.

  1. CONTEXT VAN GEDRAGSCODE DE WIJZIGINGEN VAN DE
  2. De (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022 had een eerder beperkte draagwijdte,

die zin dat deze

eerste

stantie een opdeling realiseerde ten aanzien van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe, met overname zoveel mogelijk van de bestaande bepalingen. Sindsdien heeft de CREG verschillende aspecten geïdentificeerd

de gedragscode die aanpassing of aanvulling vergen. 29.

eerste

stantie heeft de CREG met Elia een traject opgestart ter wijziging van de bepalingen

de gedragscode over: - de weigering van (vaste) aansluitingen en de toekenning van flexibele aansluitingen; - de aansluitingsprocedures, met

begrip van de capaciteitsreservatieregels. De bepalingen over deze onderwerpen zijn op meerdere punten vatbaar voor verbetering om het transparant en het niet-discriminatoir karakter ervan te waarborgen en om geschikt te kunnen

spelen op de noden van een snel evoluerende elektriciteitsmarkt. De wijzigingen

de gedragscode zullen ook aanpassingen vragen

andere gereguleerde documenten, zoals de type-aansluitingsovereenkomst en de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer op voorstel van de transmissienetbeheerder. 30. Het voorstel van Elia bevat wijzigingen aan de gedragscode met betrekking tot: a) flexibele aansluitingen (voornamelijk wijzigingen

artikel 61 van de gedragscode, maar ook

andere artikelen);

  1. b)de procedures voor aanvraag van aansluitingsstudies (oriëntatie- en detailstudies) en de bepalingen met betrekking tot de reservering en toewijzing van aansluitingscapaciteit;
  2. c)overige, geringe wijzigingen om de coherentie te garanderen met de geplande wijzigingen aan de type-aansluitingsovereenkomst en de type-toegangsovereenkomst. 31. Het voorstel van Elia met betrekking tot flexibele aansluitingen diende uiterlijk op 20 september 2024 aan de CREG te worden bezorgd met het oog op een finale beslissing ten laatste

het eerste kwartaal van 2025. De bekommernissen van de marktpartijen over de standpunten van Elia zoals beschreven

de ontwerpnota van Elia van 31 mei 202414, vroegen om een snelle beslissing ter vaststelling van de bepalingen over flexibele aansluitingen, met name de bekommernissen geuit

het kader van de concurrerende

schrijvingsprocedure voor de eerste kavel van de Prinses Elisabeth Zone die verwacht werd

het vierde kwartaal van 202415 te worden uitgeschreven overeenkomstig artikel 6/3, §2, van de elektriciteitswet. Om zo snel mogelijk tegemoet te komen aan de vraag tot duidelijkheid van de 14 Zie voetnoot 10. De concurrerende

schrijvingsprocedure is opgestart op 25 november 2024 (zie https://offshore-tender-platformpez.my.site.com/s/?language=nl_NL). 15 Niet-vertrouwelijke versie 17/130 marktpartijen geïnteresseerd

de eerste kavel van de Prinses Elisabeth Zone, heeft de CREG beslist om

eerste

stantie de gedragscode enkel te wijzigen met betrekking tot bepalingen over flexibele aansluitingen.

deze beslissing behandelt de CREG daarom enkel het voorstel van Elia met betrekking tot flexibele aansluitingen en dus enkel het punt

  1. a)van de vorige paragraaf. De CREG werkt momenteel ook aan een ontwerpbeslissing voor wijziging van de gedragscode waarin de punten
  2. b)en
  3. c)van de vorige paragraaf

het voorstel van Elia zullen worden behandeld. 32. Bijgevolg dienen de wijzigingen die de CREG thans beoogt, voornamelijk ter

tegratie

artikel 61 van de gedragscode van de procedures en criteria voor het toekennen van een aansluiting met flexibele toegang, waaronder deze die hem toelaten te besluiten tot een gebrek aan capaciteit op het transmissienet, bedoeld

artikel 15, §1, van de elektriciteitswet. Artikel 61 van de gedragscode bepaalt het volgende: “Art. 61. § 1. Wanneer het verzoek om een oriëntatiestudie als bedoeld

artikel 17, § 1, of de aansluitingsaanvraag als bedoeld

artikel 29, § 1, betrekking heeft op de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit moet de transmissienetbeheerder die flexibele toegang voorstelt voor de aansluiting van de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit

een oriëntatiestudie met toepassing van artikel 25, § 1, of

een studie met toepassing van artikel 46 , § 3, de aanvrager en de CREG eerst

een technisch rapport op de hoogte brengen van het voornemen. De transmissienetbeheerder rechtvaardigt zijn keuze aan de hand van objectieve en technisch deugdelijke criteria. Een kopie van het technisch rapport wordt ter

formatie aan de Algemene Directie Energie medegedeeld. De CREG keurt de door de transmissienetbeheerder verstrekte rechtvaardiging zo snel mogelijk goed, maar niet later dan twintig werkdagen na de kennisgeving uit hoofde van het eerste lid. Deze termijn kan eenmalig door de CREG worden verlengd, voor een duur die zij bepaalt, als de complexiteit van de aanvraag van de oriëntatie- of aansluitstudie dit vereist. De termijnen bedoeld

de artikelen 25 en 46, §§ 1 en 3, worden dienovereenkomstig verlengd. § 2. De mogelijkheid om flexibele toegang te verlenen voor de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslag-faciliteit ontslaat de transmissienetbeheerder niet van de ontwikkeling van zijn netwerk overeenkomstig het ontwikkelingsplan als bedoeld

artikel 13 van de wet. De flexibele toegang is beperkt

de tijd en eindigt op de datum van de

gebruikname van de nodige versterkingen van het netwerk voorzien door het ontwikkelingsplan bedoeld

het eerste lid. Op deze datum wordt het ter beschikking gesteld flexibel vermogen een permanent vermogen en wordt deze toegevoegd aan het reeds ter beschikking gesteld permanent vermogen. Deze flexibele toegang is niet beperkt

de tijd als het voornoemde ontwikkelingsplan niet de nodige versterkingen biedt. § 3. Het technisch rapport bedoeld

paragraaf 1, eerste lid, specificeert de voorwaarden voor het verlenen van flexibele toegang, waaronder: 1° het geplande moment voor het

dienst stellen van de noodzakelijke netwerkversterkingen voorzien

het voornoemde ontwikkelingsplan; 2° permanent vermogen op permanente wijze beschikbaar gesteld en het beschikbare flexibele vermogen; 3° een schatting van de gemiddelde duur en de totale duur per jaar gedurende dewelke het flexibele vermogen kan worden verminderd. Niet-vertrouwelijke versie 18/130 Als de noodzakelijke netwerkversterkingen waarin

het ontwikkelingsplan als bedoeld

artikel 13 van de wet is voorzien, niet plaatsvinden op het geplande tijdstip overeenkomstig § 3, 1°, kan de transmissienetbeheerder de CREG verzoeken om flexibele toegang voor een bepaalde periode uit te breiden, afhankelijk van voorwaarden

dat geval. § 4. De transmissienetbeheerder kan het beschikbare flexibele vermogen alleen verminderen als aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan: 1°

geval van congestie; 2° wanneer de veiligheid en betrouwbaarheid van het netwerk wordt bedreigd.”

  1. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE WIJZIGINGEN VAN DE GEDRAGSCODE EN BEHANDELING VAN DE ONTVANGEN OPMERKINGEN De CREG geeft hierna een toelichting bij de verschillende wijzigingen aan de gedragscode. De CREG bespreekt hiervoor het voorstel van Elia, alsook het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode van 5 december 2024, de reacties ontvangen

de openbare raadpleging over het ontwerp van de CREG en de resulterende finale wijziging van de gedragscode. De CREG geeft deze ter verduidelijking weer

tabellen met:

de linkse kolom: het voorstel van Elia met

vetgedrukt de toevoegingen ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022 en geschrapte tekst om de verwijderingen aan te duiden ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022;

de rechtse kolom: het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode met eveneens

vetgedrukt de toevoegingen ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022 en geschrapte tekst om de verwijderingen aan te duiden ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober

  1. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode […] […] wijzigingen van de
  2. De CREG bespreekt nadien de opmerkingen op het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode ontvangen

de openbare raadpleging.

dien de CREG,

gevolge de opmerkingen van marktpartijen, de betreffende bepaling

de gedragscode aanpast, wordt dit uiteengezet en de finale wijzigingen van de gedragscode worden weergegeven

een nieuwe tabel: Wijzigingen van de gedragscode […] 35. De CREG reageert op de ontvangen, algemene commentaren van marktpartijen

de consultatierapporten (zie Bijlage 4 tot 9). De nadruk

de beslissing zelf wordt gelegd op de specifieke Niet-vertrouwelijke versie 19/130 opmerkingen die hebben gevraagd om en/of geleid tot een specifieke herziening van het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode. 4.1. DEFINITIES 4.1.1. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode 36.

artikel 2 van de gedragscode worden een aantal definities toegevoegd onder het onderwerp “4) Aansluiting”. Het betreft definities voor “flexibele aansluiting”, “vaste aansluiting”, “flexibel aansluitingsvermogen” en “vast aansluitingsvermogen”. De definities voorgesteld door Elia worden samengevoegd met de definities opgesteld door de CREG. Waar nodig ondergingen de definities voorgesteld door Elia aanpassingen. Zo heeft de CREG de aparte definitie voor “flexibele aansluitovereenkomst” voorgesteld door Elia niet behouden, maar geïntegreerd

de definitie van “flexibele aansluiting”. De term “flexibele aansluitovereenkomst” kwam immers ook niet voor

het voorstel van Elia. De CREG heeft evenmin de definitie voor “Richtlijn 2019/944” behouden wegens niet noodzakelijk en niet voorkomend

de tekst van de gedragscode. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art.

  1. §
  2. 1) Wetgeving: Xx” Richtlijn 2019/944: Richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de

terne markt voor elektriciteit (herschikking) 4) Aansluiting: xx° flexibele aansluiting: de aansluiting zoals voorzien

een flexibele aansluitovereenkomst,

deze Gedragscode ook aansluiting met flexibele toegang genoemd; Art.

  1. §
  2. / / wijzigingen van de 4) Aansluiting: X1° “flexibele aansluiting” (ook “aansluiting met flexibele toegang” genoemd): de aansluiting onder voorwaarden, overeengekomen

het aansluitingscontract, om de elektriciteitsinjectie

en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet te beperken en te regelen; Xx flexibele aansluitovereenkomst: de / overeengekomen voorwaarden voor het aansluiten van elektriciteitscapaciteit op het net bevattende de voorwaarden om de

jectie

en de afname van elektriciteit uit het transmissienet te beperken en te regelen zoals bedoeld

de Richtlijn 2019/944, zoals die worden opgenomen

het aansluitingscontract. X2° “vaste aansluiting”: de aansluiting waarbij de elektriciteitsinjectie

en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet niet kan worden beperkt onder de

het aansluitingscontract vastgelegde capaciteit, volgens voorwaarden overeengekomen

het aansluitingscontract; Niet-vertrouwelijke versie 20/130 X3° “flexibele aansluitingsvermogen”: het (deel van het) aansluitingsvermogen met een flexibele aansluiting; X4° “vaste aansluitingsvermogen”: het (deel van het) aansluitingsvermogen met een vaste aansluiting; 4.1.

  1. Behandeling van de ontvangen opmerkingen
  2. Enkel Elia heeft opmerkingen ter wijziging van de door de CREG ontworpen definities gedeeld. Elia stelt voor om de definities van “flexibele aansluiting” en “vaste aansluitingsvermogen” te wijzigen als volgt (wijzingen voorgesteld door Elia zijn

vet gedrukt): X1° “flexibele aansluiting” (ook “aansluiting met flexibele toegang” genoemd): de aansluiting het aansluiten van elektriciteitscapaciteit op het transmissienet onder voorwaarden, overeengekomen

het aansluitingscontract, om de elektriciteitsinjectie

en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet te beperken en te regelen; X4° “vaste aansluitingsvermogen”: onverminderd de bepalingen voorzien

artikel 61sexies, § 4, het (deel van het) aansluitingsvermogen met een vaste aansluiting; 38. De CREG gaat niet akkoord met de voorgestelde wijziging van de ontworpen definitie van “flexibele aansluiting”. Elia stelt deze wijziging voor om het verschil te benadrukken tussen, enerzijds, de uitrusting die nodig is om de

stallatie van de netgebruikers te verbinden met het net (overeenkomstig definitie 21°

de gedragscode) en, anderzijds, de actie van het aansluiten van een netgebruiker, hoewel dit verschil evenmin werd gemaakt

het voorstel van Elia van 28 oktober 2024. De CREG is van mening dat de definitie 21°

de gedragscode niet zozeer dient om het onderscheid te maken tussen “de aansluiting” (zijnde uitrusting of het geheel van aansluitingsinstallaties) en de actie van een netgebruiker “aan te sluiten” en dat dit onderscheid doorheen de gedragscode niet dermate strikt wordt toegepast. Bovendien geeft de actie “het aansluiten” ook de

druk dat eenmaal aangesloten de term “flexibele aansluiting” niet meer van toepassing zou zijn, want niet correct is. Het aansluitingscontract blijft immers geldig gedurende de hele levensduur van de aansluiting en dient niet enkel om de aansluiting fysiek te realiseren.

  1. De CREG gaat akkoord met de voorgestelde wijziging van de ontworpen definitie van “vaste aansluitingsvermogen” aangezien, zoals Elia motiveert, de door de CREG ontworpen definitie geen mogelijkheid gaf om ook het vaste aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting af te regelen overeenkomstig het ontwerp van artikel 61sexies, §
  2. Gezien de opmerking

de voorgaande paragraaf acht de CREG het nuttig te benadrukken dat, overeenkomstig de definities, op een gegeven moment een vaste aansluiting enkel een vaste aansluitingsvermogen heeft terwijl een flexibele aansluiting hetzij enkel een flexibele aansluitingsvermogen heeft hetzij zowel een vaste aansluitingsvermogen als een flexibele aansluitingsvermogen. 4.1.3. Finale wijziging van de gedragscode 41. Zoals uiteengezet

het delen 4.1.1 en 4.1.2 van deze beslissing, voegt de CREG de volgende definities voor “flexibele aansluiting”, “vaste aansluiting”, “flexibele aansluitingsvermogen” en “vaste aansluitingsvermogen” toe

artikel 2 van de gedragscode onder het onderwerp “4) Aansluiting”. Deze definities krijgen de nummers 21°bis tot en met 21°quinquies. Niet-vertrouwelijke versie 21/130 42. De CREG voert eveneens enkele redactionele correctie door

de Franstalige versie. Wijzigingen van de gedragscode Art.

  1. §
  2. 4) Aansluiting: 21°bis “flexibele aansluiting” (ook “aansluiting met flexibele toegang” genoemd): de aansluiting onder voorwaarden, overeengekomen

het aansluitingscontract, om de elektriciteitsinjectie

en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet te beperken en te regelen; 21°ter “vaste aansluiting”: de aansluiting waarbij de elektriciteitsinjectie

en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet niet kan worden beperkt onder de

het aansluitingscontract vastgelegde capaciteit, volgens voorwaarden overeengekomen

het aansluitingscontract; 21°quater “flexibele aansluitingsvermogen”: het (deel van het) aansluitingsvermogen met een flexibele aansluiting; 21°quinquies “vaste aansluitingsvermogen”: onverminderd de bepalingen voorzien

artikel 61sexies, § 4, het (deel van het) aansluitingsvermogen met een vaste aansluiting; 4.

  1. WIJZIGING VAN ARTIKEL 22 MET BETREKKING TOT DE PUBLICATIE VAN HET DOCUMENT OVER DE METHODOLOGIE VOOR AANSLUITINGSSTUDIES 4.2.
  2. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode
  3. Het voorstel van Elia bevat een nieuwe paragraaf 1ter

artikel 22 met een toevoeging van een document over de methodologie van toepassing op de netwerkstudie die Elia uitvoert

het kader van een aangevraagde oriëntatie- of detailstudie voor een aansluiting, alsook een bepaling over de publicatie van dit document op de website van Elia. De CREG behoudt, mits herformulering, dit voorstel

artikel 22, §1bis, van het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode. Hoewel de methodologie niet ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de CREG, hecht de CREG veel belang bij de duidelijkheid, volledigheid en transparantie van de beschreven methodologie. Daarom voegt de CREG uitdrukkelijk toe dat de transmissienetbeheerder de aanvrager van een aansluitingsstudie

kennis moet stellen van de toepasselijke methodologie voor de uitvoering van de netwerkstudie. De CREG begrijpt dat de methodologie op basis van ervaring onderhevig is aan verandering en voegt de vereiste tot transparantie van wijzigingen aan de methodologie toe via

kennis stelling van de CREG alsook van de marktoperatoren via de permanente dialoog. Ter verduidelijking, de netwerkstudie vormt een gedeelte van een oriëntatiestudie of detailstudie. Zoals uiteengezet door Elia

de methodologie die tot nu toe werd gedeeld

het kader van goedkeuringsaanvragen voor flexibele aansluitingen16, is het doel van een netwerkstudie om aan “de aanvrager een reeks aansluitingsvarianten op het elektriciteitsnetwerk voor te stellen die de aansluiting van het gevraagde vermogen op de gevraagde geografische locatie mogelijk maken, met

achtneming van de technische criteria die Elia

staat stellen zijn opdracht als netbeheerder te vervullen.” De netwerkstudie bevat bijgevolg “een niet-bindende kostenraming gemaakt van alle

vesteringen die

het transmissienetwerk moeten worden gedaan om het onderwerp van de aanvraag te kunnen 16 Zie bijvoorbeeld Bijlage 4 van beslissing (B)2799 over de flexibele aansluiting van Prinses Elisabeth 1: https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2799 Niet-vertrouwelijke versie 22/130 aansluiten. Dit gaat vergezeld van een geraamd tijdschema voor de voltooiing van alle vereiste netwerkaanpassingen.”

geval van een flexibele aansluiting bevat de netwerkstudie de

formatie uit het technisch rapport bezorgd aan de CREG, zijnde de

schattingen van de afregelrisico’s omwille van congestierisico’s op het net. Desgevallend bevat de netwerkstudie eveneens

formatie over “mogelijks dynamische stabiliteitsproblemen” en “Power Quality problemen”. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art. 22. § 1ter. De objectieve en technisch deugdelijke criteria die de principes van Art. 22§§1 en 1bis toepassen, waaronder deze die toelaten te besluiten tot een gebrek aan capaciteit op het transmissienet, bedoeld

artikel 15, §1 van de wet, alsook de wijzigingen ervan, zijn verder uitgewerkt

een methodologie gepubliceerd op de website van de transmissienetbeheerder. Art. 22. § 1bis. De transmissienetbeheerder publiceert op zijn website de methodologie voor de uitvoering van netwerkstudies

het kader van gevraagde aansluitingen. De transmissienetbeheerder stelt de aanvrager van een aansluitingsstudie

kennis van de methodologie voor de uitvoering van de netwerkstudie. Ten laatste één maand voordat wijzigingen van de methodologie

werking treden, stelt de transmissienetbeheerder, met de nodige motivering, de CREG

kennis van wijzigingen van de methodologie. De CREG bezorgt haar opmerkingen bij de wijzigingen aan de transmissienetbeheerder. De transmissienetbeheerder stelt voorafgaand aan de

werkingtreding van wijzigingen van de methodologie de marktoperatoren

kennis via de permanente dialoog georganiseerd overeenkomstig artikel

  1. 4.2.
  2. wijzigingen van de Behandeling van de ontvangen opmerkingen
  3. Elia heeft zich expliciet gunstig uitgedrukt over de door de CREG ontworpen toevoeging van artikel 22, §1bis. Yuso geeft aan geen opmerkingen te hebben.
  4. BSTOR, Engie, FEBEG en Febeliec hebben verder ook opmerkingen gedeeld over de nood aan striktere regulering van de methodologie. Zo pleit FEBEG voor een degelijk raadplegingsproces waarbij de CREG ook effectief en binnen een redelijke termijn aanpassingen aan de methodologie van Elia kan afdwingen. Ook BSTOR kaart aan dat de bevoegdheden van de CREG verder kunnen reiken dan het bezorgen van opmerkingen over de methodologie aan Elia en is van mening dat de CREG bij machte moet zijn om, hetzij, de methodologie goed te keuren, hetzij, op zijn minst enkele aspecten ervan te kunnen verwerpen, of om Elia te kunnen verplichten om binnen een bepaalde termijn bepaalde wijzigingen

rekening te nemen. Engie stelt eveneens voor om expliciet

de gedragscode op te nemen dat Elia met de opmerkingen rekening moet houden en zelfs aanpassingen aan de methodologie ter goedkeuring aan de CREG moet voorleggen. Ook Febeliec vraagt op zijn minst een evaluatie door de CREG van de methodologie van Elia (al dan niet gekoppeld aan een formele goedkeuringsprocedure). 46. De CREG begrijpt de vraag naar grondigere motivatie door Elia over de methodologie of wijzigingen daaraan en bijgevolg de vraag voor toevoeging van een formele raadpleging, alsook naar striktere controle door de CREG. Niet-vertrouwelijke versie 23/130 We wijzen erop dat als de CREG

haar analyse van de methodologie van Elia oordeelt dat deze niet

lijn is met het wettelijk kader, en bijvoorbeeld niet conform is aan bepalingen

de gedragscode, de CREG Elia hierover hoe dan ook kan en zal aanspreken. Volgend uit de verplichting van Elia om het wettelijk kader na te leven, met name, de gedragscode toe te passen, verwacht de CREG dat Elia de methodologie op basis van deze feedback zal aanpassen. Bijgevolg acht de CREG het niet nodig om een bepaling

de gedragscode toe te voegen die dit bevestigt. De CREG gaat akkoord dat Elia ook terdege zou moeten rekening houden met de opmerkingen ontvangen van de markt. Zelfs

dien Elia de methodologie niet wijzigt, zou Elia op zijn minst aan de markt moeten motiveren waarom bepaalde opmerkingen niet

acht worden genomen

de methodologie. Daarom voegt de CREG

artikel 22, §1bis, toe dat Elia naar behoren moet rekening houden met de opmerkingen die de CREG en de marktoperatoren bezorgen op de voorgestelde wijzigingen aan de methodologie, alvorens deze

werking te laten treden, en dat Elia deze motivatie moet bekendmaken vóór of gelijktijdig met de

werkingtreding van de gewijzigde methodologie. De CREG is echter van mening dat op korte termijn dit proces niet te strak dient te worden gereguleerd: wijzigingen van de methodologie op basis van ervaren problemen kunnen immers een dringende

werkingtreding vereisen waardoor een formeel raadplegingsproces de wijziging onnodig zou kunnen vertragen. De CREG opteert om

eerste

stantie de ervaring af te wachten met de verhoogde transparantie en verduidelijking door Elia over de methodologie.

dien de CREG observeert dat Elia een gebrek aan transparantie, duidelijkheid en volledigheid, of discriminatie vertoont

haar gehanteerde methodologie of de communicatie daaromtrent, zal de CREG het voorstel van Elia van bepalingen over de methodologie

de gedragscode opnieuw evalueren en,

dien daartoe geoordeeld wordt, een nieuwe ontwerp voor wijziging van de gedragscode ter raadpleging voorleggen aan Elia en de marktpartijen. 47. BOP, BSTOR, Engie, FEBEG en Febeliec hebben verder ook opmerkingen gedeeld over de toevoeging van basisprincipes of richtlijnen voor de methodologie

artikel 22, §1 of §1bis, van de gedragscode, alsook

houdelijke opmerkingen over de methodologie zelf. De CREG verwelkomt de opmerkingen van de marktspelers, maar kan deze

de huidige beslissing niet behandelen. De

houdelijke opmerkingen op de methodologie van Elia voor de uitvoering van netstudies betreffen een ander document dan de gedragscode. De CREG spreekt zich

deze beslissing niet uit over de

houd van de methodologie. De opname van basisprincipes voor de methodologie vraagt verdere reflectie alsook een openbare raadpleging van een nieuw ontwerp voor wijziging van de gedragscode. De CREG zal deze vraag dan ook meenemen als

put voor de volgende wijziging van de gedragscode (zoals reeds uiteengezet

deel 3 van deze beslissing). 48. Ook Elia vraagt om een wijziging van artikel 22, §1, van de gedragscode. Dit betreft eveneens een wijziging die verdere reflectie vraagt en een openbare raadpleging van een nieuw ontwerp voor wijziging van de gedragscode. De CREG had de behandeling van deze wijziging reeds voorzien voor volgende wijziging van de gedragscode (zoals reeds uiteengezet

deel 3 van deze beslissing). De CREG acht deze wijziging evenmin dringend aangezien de lijst van punten

artikel 22, §1, van de gedragscode wordt vooraf gegaan door “onder meer” en dus niet exhaustief is. 4.2.

  1. Finale wijziging van de gedragscode
  2. Op basis van de uiteenzetting

deel 4.2.2 van deze beslissing, past de CREG haar ontwerp van wijzigingen van de gedragscode aan en wordt paragraaf §1bis toegevoegd aan artikel 22 van de gedragscode als volgt. 50. De CREG voert eveneens enkele redactionele correctie door

de Franstalige versie. Niet-vertrouwelijke versie 24/130 Wijzigingen van de gedragscode Art. 22. § 1bis. De transmissienetbeheerder publiceert op zijn website de methodologie voor de uitvoering van netwerkstudies

het kader van gevraagde aansluitingen. De transmissienetbeheerder stelt de aanvrager van een aansluitingsstudie

kennis van de methodologie voor de uitvoering van de netwerkstudie. Ten laatste één maand voordat wijzigingen van de methodologie

werking treden, stelt de transmissienetbeheerder, met de nodige motivering, de CREG alsook de marktoperatoren, via de permanente dialoog georganiseerd overeenkomstig artikel 237,

kennis van wijzigingen van de methodologie. Elk ontwerp van wijziging van de methodologie, bedoeld

het eerste lid, is het voorwerp van een transparante en gedocumenteerde dialoog, georganiseerd overeenkomstig artikel 237, waarbij de transmissienetbeheerder de beoogde wijzigingen afdoende motiveert. Het ontwerp van wijziging wordt ook voor commentaar naar de CREG gestuurd. De transmissienetbeheerder houdt terdege rekening met de opmerkingen van de CREG en de marktspelers en motiveert desgevallend waarom hij geen rekening heeft gehouden met deze opmerkingen. Hij brengt de CREG en de marktspelers hiervan op een transparante manier op de hoogte, ten laatste op het moment dat de wijziging van de methodologie

werking treedt. 4.3. WIJZIGING VAN ARTIKEL 26 MET BETREKKING TOT DE TECHNISCHE GEGEVENS

EEN ORIËNTATIESTUDIE 4.3.

  1. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode
  2. Het voorstel van Elia bevat enkele wijzigingen aan punt 6° van artikel
  3. De CREG neemt deze wijzigingen over, mits enkele verbeteringen. Aangezien de flexibele aansluiting van toepassing is op het niveau van het aansluitings- en toegangspunt waarachter zich mogelijks meerdere elektriciteitsproductie-eenheden, energieopslagfaciliteiten en/of verbruiksinstallaties bevinden, dient niet expliciet te worden verwezen naar een flexibele aansluitingsregeling die voor een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit dient. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art.
  4. De technische gegevens

de oriëntatiestudie hebben ten minste betrekking op de volgende elementen: […] 6°

voorkomend geval, een

dicatieve beschrijving van de flexibele aansluitingsregeling die voor een toegangsregeling die aangewezen zou zijn op de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit, volgens dient

overeenstemming dient te zijn met de modaliteiten voorzien

artikel 61; Art. 26. De technische gegevens

de oriëntatiestudie hebben ten minste betrekking op de volgende elementen: […] 6°

voorkomend geval, een

dicatieve beschrijving van de flexibele aansluitingsregeling toegangsregeling die aangewezen zou zijn op de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit, volgens overeenkomstig de modaliteiten voorzien

hoofdstuk 2.2.4; Niet-vertrouwelijke versie wijzigingen van de 25/130 4.3.

  1. Behandeling van de ontvangen opmerkingen
  2. De CREG heeft geen consultatiereacties ontvangen die vragen om een herziening van het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode. 4.3.
  3. Finale wijziging van de gedragscode
  4. Gezien bovenstaande, past de CREG haar ontwerp van wijzigingen van de gedragscode niet aan en wijzigt zij artikel 26 van de gedragscode als volgt: Wijzigingen van de gedragscode Art.
  5. De technische gegevens

de oriëntatiestudie hebben ten minste betrekking op de volgende elementen: […] 6°

voorkomend geval, een

dicatieve beschrijving van de flexibele aansluitingsregeling toegangsregeling die aangewezen zou zijn op de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit, volgens overeenkomstig de modaliteiten voorzien

hoofdstuk 2.2.4; 4.4. WIJZIGING VAN ARTIKELEN 22, 25 EN 46 MET BETREKKING TOT DE WEIGERING VAN (VASTE) AANSLUITING

HET KADER VAN EEN ORIËNTATIESTUDIE EN DETAILSTUDIE 54. Het voorstel van Elia bevat enkele wijzigingen met betrekking tot bepalingen over de weigering van aansluiting

het algemeen of van vaste aansluiting specifiek,

artikelen 22, 25 en 46 van de gedragscode. De CREG verkiest om alle bepalingen omtrent de weigering van (vaste) aansluiting te groeperen

artikel 61 van de gedragscode. Daarom stelt de CREG voor om de bepalingen van de artikelen 22 en 46, die betrekking hebben op de weigering van aansluitingsaanvragen,

te trekken. De CREG verwijst naar wat zij hierover uiteenzet

deel 4.7.1 van deze beslissing. 4.4.

  1. Behandeling van de ontvangen opmerkingen
  2. De CREG heeft geen consultatiereacties ontvangen die vragen om een herziening van het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode 4.
  3. REDACTIONELE WIJZIGING VAN ARTIKELEN 25 EN 57
  4. Het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode bevatte geen wijzigingen aan artikel 25 en
  5. De artikelen verwijzen echter naar artikel
  6. Deze verwijzingen zijn omwille van de wijzigingen van de gedragscode uiteengezet

deze beslissing niet langer relevant. Bijgevolg voert de CREG de onderstaande redactionele correcties uit. Wijzigingen van de gedragscode Art. 25. Zo spoedig mogelijk, maar ten laatste binnen de veertig werkdagen volgend op de

diening van de aanvraag voor een oriëntatiestudie, en onder voorbehoud van de verlenging van deze termijn Niet-vertrouwelijke versie 26/130 als gevolg van de eventuele toepassing van de artikelen 21 en, 23 en 61 bezorgt de transmissienetbeheerder aan de aanvrager het resultaat van zijn oriëntatiestudie. Deze bevat de technische gegevens beschreven

artikel

  1. Art.
  2. Als gevolg van het sluiten van het aansluitingscontract wordt de gereserveerde capaciteit voor de aansluiting toegewezen aan de aansluitingsaanvrager;

voorkomend geval kan deze capaciteit worden beperkt door een regeling van flexibele aansluiting toegang zoals bedoeld

artikel

  1. 4.
  2. WIJZIGING VAN ARTIKEL 60 MET BETREKKING TOT DE BEPALINGEN OVER FLEXIBELE AANSLUITING

DE TYPEAANSLUITINGSOVEREENKOMST 4.6.

  1. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode
  2. Het voorstel van Elia bevat

artikel 60 enkel redactionele wijzigingen ter verduidelijking van de terminologie

punt 11° van §1 en

punt 9° van §

  1. De CREG acht het nuttig om

artikel 60, §1, punt 11°, preciezer op te lijsten welke voorwaarden voor flexibele aansluitingen dienen te worden opgenomen

de type-aansluitingsovereenkomst. De CREG voegt daarom de specifieke parameters toe, met verwijzing naar artikel 61 waar deze verder worden uitgewerkt, zodat de door de transmissienetbeheerder

geschatte afregelrisico’s omwille van structurele congestierisico’s, zoals gecommuniceerd

de opgeleverde aansluitingsstudie horende bij de capaciteitsreservering, bindend worden gemaakt

het aansluitingscontract. Het voorstel van Elia voegt deze elementen toe

artikel 61, §6, van de gedragscode, maar de CREG is van mening dat de verduidelijking beter past

artikel

  1. De CREG voegt ook

artikel 60, §1, punten 11bis°, 11ter° en 11quater° toe. Punt 11bis° geeft aan dat de modaliteiten voor de berekening van de effectief afgeregelde energie

de type-aansluitingsovereenkomst dienen te worden opgenomen. Het voorstel van Elia stelt

artikel 61, §7, punt 6°, dat “de regels voor de berekening van de afregeling

termen van energie, uitgedrukt

MWu, die overeenkomt met een vermindering van het beschikbare vermogen […] door de netbeheerder op zijn website [worden] gepubliceerd”. Het is echter geen reden waarom de regels over de baseline, zoals

andere type-overeenkomsten zoals deze voor balanceringsdiensten, niet zouden worden opgenomen

de type-aansluitingsovereenkomst. Punt 11ter° legt de link met de vereisten

artikel 6bis van de richtlijn 2019/944 en stelt dat het type stroombeheersingssysteem gebruikt door de transmissienetbeheerder dient te worden verduidelijkt

de type-aansluitingsovereenkomst. Het voorstel van Elia stelt

artikel 61, §8, eveneens dat de modaliteiten van het signaal worden beschreven

de type-aansluitingsovereenkomst. Punt 11quater° voegt toe dat de type-aansluitingsovereenkomst bepalingen moet bevatten over de financiële stromen tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker

geval van vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen, met verwijzing naar artikel 61sexies waar de principes hieromtrent verder worden uitgewerkt. Dit is

lijn met het voorstel van Elia

artikel 61, §7, punt 3°, althans voor wat betreft de vergoeding

dien “de vermindering van het beschikbare vermogen niet voldoet aan alle voorwaarden van 2° van deze paragraaf.” 60. De CREG vraagt aan Elia om de bovenstaande elementen op te nemen

het volgende voorstel voor wijziging van de type-aansluitingsovereenkomst. Niet-vertrouwelijke versie 27/130 Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art.

  1. §
  2. De type-aansluitingsovereenkomst, goedgekeurd met toepassing van artikel 3, bevat tenminste de volgende elementen: […] 11°

voorkomend geval, de modaliteiten van een aansluiting met flexibele toegang tot het transmissienet naar gelang de modaliteiten voorzien

artikel 61; Art.

  1. §
  2. De type-aansluitingsovereenkomst, goedgekeurd met toepassing van artikel 3, bevat tenminste de volgende elementen: […] 11°

voorkomend geval, de modaliteiten van een flexibele aansluiting op toegang tot het transmissienet naar gelang de modaliteiten voorzien

overeenkomstig artikel 61, zijnde de opname van tenminste de volgende parameters

het aansluitingscontract tussen de transmissienetgebruiker en de transmissienetbeheerder: - de tijdelijke periode overeenkomstig artikel 61quinquies; - overeenkomstig artikel 61quater, per afgebakende fase het vaste aansluitingsvermogen en het flexibele aansluitingsvermogen, de verwachte afregeling per jaar

termen van tijd en

termen van energie alsook desgevallend het (

  1. de)netversterkingsproject(
  2. en)waardoor de afgebakende fase ten einde zou worden gebracht; 11bis° de modaliteiten voor de berekening van de effectief afgeregelde energie; Art. 61. §6.

het aansluitingscontract worden, op basis van de waarden van het technisch rapport of, wanneer uitgevoerd zoals beschreven

artikel 51, van de herevaluatie, volgende gegevens opgenomen: • de waarden per kalenderjaar van vast vermogen en flexibel vermogen, voor

jectie en/of voor afname; • de waarden per kalenderjaar van de afregeling

termen van energie, voor

jectie en/of voor afname; • de voorziene tijdelijke periode, zoals bepaald

paragraaf 7, 4°. Art.

  1. §
  2. […] 6° De regels voor de berekening van de afregeling

termen van energie, uitgedrukt

MWu, die overeenkomt met een vermindering van het beschikbare vermogen worden door de netbeheerder op zijn website gepubliceerd. Art.

  1. §
  2. […] [De vermindering van het beschikbare vermogen wordt gerealiseerd door middel van een signaal dat

realtime aan de netgebruiker wordt doorgestuurd.] De modaliteiten worden beschreven

het typeaansluitingsovereenkomst. Art.

  1. §
  2. […] 3° [Wanneer (een deel van) de vermindering van het beschikbare vermogen niet voldoet aan alle voorwaarden van 2° van deze paragraaf wordt de overeenkomende afregeling

termen van energie door de transmissienetbeheerder vergoed. De vergoeding dekt de aantoonbare en redelijke kosten die rechtstreeks het gevolg zijn van de vermindering van het beschikbare vermogen, volgens de principes gehanteerd

artikel 131. De activeringsprijs wordt berekend aan de hand van de activeringsprijsformule. ] De modaliteiten om de formule te bepalen worden Niet-vertrouwelijke versie wijzigingen van de 11ter° de modaliteiten van het stroombeheersingssysteem dat de transmissienetbeheerder gebruikt om een vermindering van het beschikbare, flexibele aansluitingsvermogen op te leggen; 11quater° de modaliteiten van de financiële stromen tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker

geval van vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen; 28/130 beschreven

het typeaansluitingsovereenkomst. De formule voor een gegeven (kandidaat-)netgebruiker wordt overgenomen

een bijlage aan het aansluitingscontract. Art.

  1. §
  2. De volgende elementen uit het aansluitingscontract worden vastgelegd voor elk aansluitingspunt, volgens de bijlagen van de type-overeenkomst goedgekeurd met toepassing van artikel 3: […] 9° de mogelijkheid en de modaliteiten van controle, om de productie van actief vermogen op het

jectie- en/of het afnamepunt te wijzigen of te onderbreken evenals de tolerantiemarge die toepasselijk is op de nieuwe referentiewaarde en op de termijn om die te bereiken;

voorkomend geval, de modaliteiten betreffende het verzoek tot verlaging van het maximaal vermogen dat kan worden geproduceerd

het kader van een aansluiting met flexibele toegang op het transmissienet; 4.6.

  1. Art.
  2. §
  3. De volgende elementen uit het aansluitingscontract worden vastgelegd voor elk aansluitingspunt, volgens de bijlagen van de type-overeenkomst goedgekeurd met toepassing van artikel 3: […] 9° de mogelijkheid en de modaliteiten van controle, om de productie van actief vermogen op het

jectie- en/of het afnamepunt te wijzigen of te onderbreken evenals de tolerantiemarge die toepasselijk is op de nieuwe referentiewaarde en op de termijn om die te bereiken;

voorkomend geval, de modaliteiten betreffende het verzoek tot verlaging van het maximaal vermogen dat kan worden geproduceerd

het kader van een flexibele aansluiting toegang op het transmissienet; Behandeling van de ontvangen opmerkingen

  1. Wat betreft artikel 60, §1, punt 11°, heeft de CREG opmerkingen ontvangen van Elia en van BSTOR, die om een herziening van het ontwerp vroegen.
  2. Elia stelt voor om enkel gegevens op te nemen die contractueel bindend zijn en bijgevolg de “verwachte afregeling per jaar

termen van tijd” te schrappen. Verder wijst Elia erop dat de netversterkingsprojecten enkel relevant zijn voor het overgaan van een flexibele naar een vaste aansluiting en voor gevallen waar een fase of het einde van de tijdelijke periode wordt uitgesteld omwille van het niet verkrijgen van de nodige vergunningen overeenkomstig het ontwerp van artikel 61quinquies, §4, van de gedragscode. Elia erkent dat een bijkomende oplijsting

de gedragscode van gegevens die ter

formatie worden vermeld wel mogelijk is, maar stelt voor om deze eerder

de type-aansluitingsovereenkomst te vermelden. Elia stelt een mogelijke herformulering van artikel 60, §1, punt 11°, voor waarin echter ook wijzigingen zijn opgenomen die Elia niet motiveert. De CREG merkt op dat Elia geen verwijzing naar “afgebakende fase” opneemt maar de waarden per kalenderjaar wil opnemen

het aansluitingscontract; verduidelijking toevoegt dat vast aansluitingsvermogen, flexibel aansluitingsvermogen en afregeling

termen van energie voor zowel afname als

jectie kunnen worden opgenomen

het contract. BSTOR vraagt om ook de maximale duurtijd van de tijdelijke periode op te nemen

het aansluitingscontract. BSTOR vraagt waarom het ontwerp van de CREG de waarden per afgebakende fase

het aansluitingscontract laat opnemen en niet per jaar zodat ook binnen eenzelfde fase er variaties per jaar mogelijk zijn. Niet-vertrouwelijke versie 29/130 63. Met betrekking tot de opname van “verwachte afregeling per jaar

termen van tijd” verkiest de CREG om deze te behouden als verplichte parameter op te nemen

het aansluitingscontract. De parameter heeft wel degelijk belang, zoals voor toepassing van drempels om ongeacht verwachte congestierisico’s toch een vaste aansluiting toe te kennen, en bijgevolg is deze parameter

deze zin wel bindend, zelfs als deze momenteel op basis van de ontworpen bepalingen geen verdere impact zou hebben. 64. Met betrekking tot de vermelding van de voorziene netversterkingsprojecten, verkiest de CREG om deze te behouden aangezien deze voor elke fase alsook voor het einde van de tijdelijke periode relevant kunnen zijn

geval van problemen met vergunningen. Bovendien is het mogelijk dat een aansluiting, bijvoorbeeld, flexibel is

een eerste fase, vast

een tweede fase en terug flexibel

een derde fase. De conversie van een flexibele naar vaste aansluiting dient ook

dergelijke gevallen te kunnen worden opgevolgd. 65. De CREG acht het wel nuttig om te verduidelijken dat parameters voor zowel afname als

jectie kunnen worden opgenomen, zoals voorgesteld door Elia. 66. Gezien het voorstel van Elia en de vraag van BSTOR, heeft de CREG geen bezwaar om de verwijzing naar de “afgebakende fase” te schrappen voor het vaste aansluitingsvermogen, het flexibele aansluitingsvermogen en de verwachte afregeling per jaar

termen van tijd en

termen van energie. Hoewel momenteel deze parameters

de technische rapporten van Elia, volgens de door Elia bepaalde methodologie, wel degelijk dezelfde zijn voor elk jaar binnen eenzelfde fase, wil de CREG eventuele, toekomstige evoluties voor verfijning van de parameters binnen een fase niet blokkeren. 67. Gezien de vraag van BSTOR over de verduidelijking van de maximale duurtijd van de tijdelijke periode, stelt de CREG voor om de verlenging te formaliseren door de motivatie van Elia

bijlage toe te voegen bij het aansluitingscontract. De CREG past het ontwerp van artikel 61quinquies, § 4,

die zin aan. 68. Wat betreft artikel 60, §1, punt 11°bis, over de modaliteiten voor de berekening van de effectief afgeregelde energie (zijnde, de baseline methodologie), heeft de CREG een opmerkingen ontvangen van Elia. Elia vraagt om deze modaliteiten tijdelijk nog niet op te nemen

de typeaansluitingsovereenkomst wegens onvoldoende uitgewerkt en gezien de tijd die nodig zal zijn om, gegeven de complexiteit, tot een goed uitgewerkte baselinemethodologie te komen. Een goedkeuringsprocedure via de type-aansluitingsovereenkomst zou op korte termijn blokkerend kunnen worden om

overleg met de marktspelers een baselinemethodologie uit te werken en verbeteringen aan te brengen. 69. De CREG begrijpt dat de modaliteiten voor de berekening van de effectief afgeregelde energie momenteel onvoldoende matuur zijn om reeds op te nemen

de type-aansluitingsovereenkomst, maar wijst Elia erop dat de CREG een overgangsbepaling voorziet die Elia 12 maanden de tijd geeft om een eerstvolgende voorstel voor wijziging van type-aansluitingsovereenkomst

te dienen. De CREG acht het belangrijk te verduidelijken dat deze modaliteiten dienen te worden opgenomen

een goedgekeurde type-aansluitingsovereenkomst. Bovendien benadrukken de nieuwe

zichten over de situaties die wel of niet een aanpassing van de BRP perimeter en de betaling van gegenereerde opbrengsten aan Elia rechtvaardigen, het belang van de volumebepaling voor deze afhandelingen

naleving van het (aansluitings- en/of BRP-)contract. De CREG verwijst hiervoor naar deel 4.7.5. van de beslissing. De methodologie van Elia voor bepaling van de volumes en dus de baselinemethodologie vormen samen met de bepaling ter uitvoering van de BRP perimeter en de betaling van gegenereerde opbrengsten een pakket dat ter goedkeuring dient te worden voorgelegd. De CREG behoudt bijgevolg artikel 60, §1, punt 11°bis. Bovendien acht de CREG het nuttig om, volgend uit het bovenstaande, te verduidelijken

artikel 60, §1, punt 11°bis, dat Elia de berekening van de Niet-vertrouwelijke versie 30/130 beschouwde energie dient te bepalen voor de volgende doeleinden. Het volume dat voor deze doeleinden wordt bepaald kan mogelijks verschillend zijn. “a) de aanpassing van de perimeter van de balanceringsverantwoordelijke, bedoeld

artikel 61sexies; b) de financiële stromen, bedoeld

punt 11°quater; c) het gebruik van het energieplafond, bedoeld

artikel 61quinquies, §8.”

  1. Wat betreft artikel 60, §1, punt 11°quater, heeft de CREG een opmerking van BSTOR ontvangen ter verbetering van de formulering. BSTOR wijst erop dat het ontwerp van wijziging van de gedragscode ook de afregeling van het vaste aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting toelaat en dat hierbij eveneens een financiële stroom tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker hoort.
  2. De CREG gaat akkoord om de formulering van punt 11°quater te verbeteren teneinde de coherentie te bewaren met de bepalingen over de afregeling van het vaste aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting. De modaliteiten van de financiële stromen tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker betreffen

derdaad zowel het (vaste en flexibele) aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting en niet enkel het flexibele aansluitingsvermogen.

  1. De CREG heeft geen opmerkingen ontvangen op het ontwerp van wijziging van artikel 60, §2, van de gedragscode. 4.6.
  2. Finale wijziging van de gedragscode
  3. Op basis van de uiteenzetting

deel 4.6.2 van deze beslissing, past de CREG haar ontwerp van wijzigingen van de gedragscode aan en wordt artikel 60, §§ 1 en 2, van de gedragscode aangepast als volgt.

  1. Daarenboven maakt de CREG een redactionele correctie. De CREG schrapt “overeenkomstig artikel 61” ten aanzien van haar ontwerp van punt 11° artikel 60, §1, van de gedragscode omdat deze verwijzing, gezien de wijzigingen van artikel 61 van de gedragscode, niet correct is en bovendien niet nodig is. Wijzigingen van de gedragscode Art.
  2. §
  3. De type-aansluitingsovereenkomst, goedgekeurd met toepassing van artikel 3, bevat tenminste de volgende elementen: […] 11°

voorkomend geval, de modaliteiten van eende flexibele aansluiting op toegang tot het transmissienet naar gelang de modaliteiten voorzien

, zijnde de opname van tenminste de volgende parameters

het aansluitingscontract tussen de transmissienetgebruiker en de transmissienetbeheerder: - de tijdelijke periode overeenkomstig artikel 61quinquies; - per kalenderjaar het vaste aansluitingsvermogen en het flexibele aansluitingsvermogen, voor

jectie en/of voor afname, overeenkomstig artikel 61quater; - per kalenderjaar, voor

jectie en/of voor afname, de verwachte afregeling per jaar

termen van tijd en

termen van energie, overeenkomstig artikel 61quater ; - per afgebakende fase , desgevallend, het (

  1. de)netversterkingsproject(
  2. en)waardoor de afgebakende fase ten einde zou worden gebracht, overeenkomstig artikel 61quater; 11°bis de modaliteiten voor de berekening van de energie die

rekening wordt genomen voor: a) de aanpassing van de perimeter van de balanceringsverantwoordelijke, bedoeld

artikel 61sexies; Niet-vertrouwelijke versie 31/130 b) de financiële stromen, bedoeld

punt 11°quater; c) het gebruik van het energieplafond, bedoeld

artikel 61quinquies, §8; 11°ter de modaliteiten van het stroombeheersingssysteem dat de transmissienetbeheerder gebruikt om een vermindering van het beschikbare, flexibele aansluitingsvermogen op te leggen; 11°quater de modaliteiten van de financiële stromen tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker

geval van vermindering van het beschikbare aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting; Art.

  1. §
  2. De volgende elementen uit het aansluitingscontract worden vastgelegd voor elk aansluitingspunt, volgens de bijlagen van de type-overeenkomst goedgekeurd met toepassing van artikel 3: […] 9° de mogelijkheid en de modaliteiten van controle, om de productie van actief vermogen op het

jectie- en/of het afnamepunt te wijzigen of te onderbreken evenals de tolerantiemarge die toepasselijk is op de nieuwe referentiewaarde en op de termijn om die te bereiken;

voorkomend geval, de modaliteiten betreffende het verzoek tot verlaging van het maximaal vermogen dat kan worden geproduceerd

het kader van een flexibele aansluiting toegang op het transmissienet; 4.

  1. WIJZIGING VAN ARTIKEL 61 OVER FLEXIBELE AANSLUITING
  2. Zoals uiteengezet

deel 4 bevat het artikel 61 van de gedragscode het kader voor flexibele aansluitingen. Dit is bijgevolg het artikel dat onderhevig is aan de meest

grijpende veranderingen om aan het doel van deze beslissing tegemoet te komen. Het huidige artikel 61 van de gedragscode is opgebouwd als volgt: §1 betreft de procedure voor

diening van een goedkeuringsaanvraag door de transmissienetbeheerder en de afhandeling ervan door de CREG; §2 legt de relatie met de verplichting van de transmissienetbeheerder om het netwerk te ontwikkelen en de mate waarin flexibele aansluitingen al dan niet beperkt zijn

de tijd; §3 betreft de

houd van het technisch rapport als onderdeel van de goedkeuringsaanvraag; §4 verduidelijkt

welke omstandigheden de transmissienetbeheerder gebruik kan maken van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen. 76. Het voorstel van Elia geeft de volgende structuur aan artikel 61 van de gedragscode: §1 betreft de procedure voor

diening van een goedkeuringsaanvraag door de transmissienetbeheerder bij de CREG; §2 bevat de

houd van de niet-vertrouwelijke versie van het technisch rapport als onderdeel van de goedkeuringsaanvraag; §3 betreft de afhandeling door de CREG van de goedkeuringsaanvraag van de transmissienetbeheerder; via §4 wordt de procedure

§3

ook toepasselijk gemaakt

het kader van herevaluaties

artikel 51 van het voorstel van Elia; §5 legt de relatie met de verplichting van de transmissienetbeheerder om het netwerk te ontwikkelen en de mate waarin flexibele aansluitingen al dan niet beperkt zijn

de tijd; - §6 betreft de elementen die

het aansluitingscontract dienen te worden opgenomen; Niet-vertrouwelijke versie 32/130 §7,

punten 1° tot en met 3°, betreft de financiële modaliteiten

termen van vergoeding en impact op de BRP ten gevolge van een vermindering van het beschikbare vermogen; §7,

punt 4° , betreft de bepaling van de tijdelijke periode; - §7,

punten 5° tot en met 8°, betreft de bepaling van de cap en de berekening van de afregeling, beide

termen van energie; §8 verduidelijkt

welke omstandigheden de transmissienetbeheerder gebruik kan maken van het beschikbare vermogen alsook de operationele modaliteiten van een afregeling

termen van het type stroombeheersingssysteem en prioriteitsregels

het gebruik van beschikbare remediërende acties; §9 vermeldt de maandelijkse rapportering aan de transmissienetgebruiker en aan de CREG van elke vermindering van beschikbare vermogen alsook de publicatie hiervan op de website van de transmissienetbeheerder. 77. De CREG zet

haar ontwerp van wijzigingen van de gedragscode de volgende structuur uiteen voor de bepaling van het kader voor flexibele aansluitingen: Artikel 61 betreft het onderzoek van de transmissienetbeheerder, na ontvangst van een verzoek voor een oriëntatiestudie of aansluitingsaanvraag (detailstudie) over de haalbaarheid van de gevraagde aansluiting, onder andere rekening houdende met de beschikbare capaciteit van het net. Een nieuw artikel 61bis betreft de kennisgeving aan de aanvrager en de CREG door de transmissienetbeheerder

geval de gevraagde aansluiting kennelijk onredelijk wordt bevonden

het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet en een flexibele aansluiting niet kan worden voorgesteld. Een nieuw artikel 61ter betreft de regels met betrekking tot de mogelijkheid voor de transmissienetbeheerder voor weigering van een (vaste) aansluiting en de regels voor toekenning van een flexibele aansluiting,

clusief: •

§1

de beperking van de beschikbare netcapaciteit als rechtvaardiging voor de toekenning van een flexibele aansluiting, die echter niet geldt wanneer de aanvrager van de aansluiting zich ertoe verbindt om de kosten te dragen voor de vaste aansluiting. Paragraaf 1 wijst er ook op dat het ontbreken van een reservevoeding niet wordt beschouwd als toekomstige beperking van de beschikbare capaciteit van het net; •

§2

de drempel om

geval een beperking van de beschikbare netcapaciteit op weinig momenten toch een vaste aansluiting toe te kennen; •

§3

de minimumdrempel voor een flexibel aansluitingsvermogen; •

§4

de verwijzing naar de methodologie van Elia voor wat betreft de drempelwaarde(n) om een netelement als beperkend te beschouwen; •

§5

de relatie met de verplichting van de transmissienetbeheerder om het netwerk te ontwikkelen. Een nieuwe artikel 61quater betreft de kennisgeving

geval van toekenning van een flexibele aansluiting,

clusief : Niet-vertrouwelijke versie 33/130 •

§1

de kennisgeving via een technisch rapport aan de CREG en aan de Algemene Directie Energie, alsook via een niet-vertrouwelijke versie van het technisch rapport aan de aanvrager; •

§2

de minimale

houd van het technisch rapport. Een nieuwe artikel 61quinquies betreft: •

§1

de parameters uit de detailstudie die bindend worden

het aansluitingscontract; •

§2

de omzetting van een flexibele aansluiting

een vaste aansluiting; •

§§3

en 4 de bepaling van de “tijdelijke periode”; • en

§5de bepaling van het energieplafond.

Een nieuwe artikel 61sexies betreft de operationele modaliteiten voor de vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen

reële tijd,

clusief: •

§1

de relatie met congestierisico’s op gemonitorde netelementen; •

§2

de principes die gelden bij afregeling

de tijdelijke periode en zolang het energieplafond niet is bereikt (zoals de impact op de BRP, de financiële stromen en de prioriteitsregels

het gebruik van beschikbare remediërende acties); •

§3

de principes die gelden bij afregeling als het energieplafond wel is bereikt of na de tijdelijke periode; •

§4

de mogelijkheid voor de transmissienetbeheerder om

uitzonderlijke omstandigheden ook voor andere netbedreigingen dan congestierisico het beschikbare aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting te kunnen verminderen

reële tijd; •

§5

de ex-ante notificatie aan de transmissienetgebruiker door de transmissienetbeheerder wanneer deze een risico op vermindering van beschikbare aansluitingsvermogen detecteert. Een nieuw artikel 61septies creëert de mogelijkheid voor een voorstel onder proefvoorwaarden met afwijking van de modaliteiten voor flexibele aansluiting. Een nieuwe artikel 61octies betreft de impact van flexibele aansluiting op de levering van ondersteunende diensten, met name balanceringsdiensten. Een nieuwe artikel 61novies heeft met betrekking tot publicatierapporteringsverplichtingen van de transmissienetbeheerder over flexibele aansluiting. en De hierna gehanteerde titels volgen de structuur voor wijziging van artikel 61 zoals uiteengezet door de CREG

deze beslissing. Niet-vertrouwelijke versie 34/130 4.7.

  1. Wijziging aan hoofdstuk 2.2.4 en artikel 61 met betrekking tot weigering van (vaste) aansluiting en toekenning van flexibele aansluiting en nieuw artikel 61bis over weigering van aansluiting 4.7.1.
  2. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode 78.

de oorspronkelijke versie van de gedragscode worden de gevallen van een (regelrechte) weigering van aansluiting en een weigering van een vaste aansluiting met voorstel tot aansluiting met flexibele toegang op een versnipperde en niet noodzakelijk coherente manier behandeld. De weigeringen van aansluiting worden behandeld

de artikelen 22, § 3, en 46, § 3,

het kader van respectievelijk de oriëntatiestudie of de aansluitingsaanvraag; ze maken het voorwerp uit van een beslissing van de netbeheerder, waartegen beroep kan worden aangetekend bij de CREG. De aansluitingen met flexibele toegang worden daarentegen behandeld

artikel 61 van de gedragscode; ze maken het voorwerp uit van een voorstel van de transmissienetbeheerder en moeten worden goedgekeurd door de CREG. 79.

haar voorstel wijzigt Elia deze regeling niet fundamenteel, noch de respectievelijke rollen en verantwoordelijkheden van de CREG en de netbeheerder. Echter : de regelrechte weigering van aansluiting wordt enkel behandeld

het kader van de oriëntatiestudie (art. 22, § 3 en 25, lid 2), aangezien Elia ervan uitgaat dat het onredelijke karakter van de aansluiting moet blijken zodra de oriëntatiestudie wordt uitgevoerd; Elia somt een aantal omstandigheden op waarin een (vaste) aansluiting niet kan worden geweigerd (art. 22, § 3, lid 2); wat het voorstel van flexibele aansluiting betreft, stelt Elia voor (op basis van ontwerpbeslissing (B)2667 van de CREG van 9 november 2023) dat de CREG,

plaats van een systematisch goedkeuringsmechanisme, hetzij op eigen

itiatief aan de transmissienetbeheerder kan vragen om haar voorstel te wijzigen, hetzij op basis van een klacht van de kandidaat-netgebruiker kan beslissen dat de netbeheerder het voorstel moet wijzigen, waarbij het aan de netbeheerder is om deze beslissing te weerleggen of om een aangepast technisch rapport voor te leggen (Art. 61, § 3). 80. Wat betreft de structuur van de gedragscode elektriciteit is de CREG

de eerste plaats van mening dat het de voorkeur verdient om de hypothesen van (regelrechte) weigering van aansluiting en weigering van vaste aansluiting samen te brengen met een voorstel van flexibele aansluiting. Beide scenario's worden voortaan voorzien

hoofdstuk 2.2.4. van de gedragscode. De CREG stelt dus voor om de bepalingen van de artikelen 22 en 46 die betrekking hebben op de weigering van aansluiting te schrappen en een artikel 61bis

te voegen dat uitsluitend deze hypothese behandelt. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art. 22. § 3.

dien de transmissienetbeheerder meent dat de gevraagde aansluiting aanvraag voor een oriëntatiestudie kennelijk onredelijk is

het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet, stelt hij de aanvrager, met de nodige motivering,

kennis van de weigering tot aansluiting en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, na afloop van het onderzoek van Art. 22. § 3.

dien de transmissienetbeheerder meent dat de aanvraag voor een oriëntatiestudie kennelijk onredelijk is

het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet, stelt hij de aanvrager, met de nodige motivering,

kennis van de weigering tot aansluiting en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, na afloop van het onderzoek van de aanvraag voor een Niet-vertrouwelijke versie wijzigingen van de 35/130 de aanvraag voor een oriëntatiestudie uitgevoerd met toepassing van artikel 25 tot en met 28. § 4.

dien blijkt dat de gevraagde aansluiting aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, of dat de aanvraag mogelijks zou leiden tot een techno-economisch niet verantwoordde aansluiting onderzoekt de transmissienetbeheerder of het relevant is om aan de aanvrager van een oriëntatiestudie een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen. De modaliteiten voor flexibele aansluitingen van elektriciteitsproductie-eenheden, verbruiksinstallaties of energieopslagfaciliteiten zijn, volgens de modaliteiten voorzien

artikel

  1. Art.
  2. […]

dien de transmissienetbeheerder echter tijdens het uitvoeren van de oriëntatiestudie oordeelt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet en dat geen flexibele aansluiting kan worden verleend, deelt de transmissienetbeheerder de aanvrager en de CREG zijn beslissing mee om de aansluitingsaanvraag, en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, te weigeren. Hij geeft hierin aan dat deze het voorwerp van beroep bij de CREG kan uitmaken alsmede de modaliteiten teneinde dit uit te oefenen. oriëntatiestudie uitgevoerd met toepassing van artikel 25 tot en met 28. Art. 46. § 2. Heeft de aansluitingsaanvraag betrekking op de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit, en

dien blijkt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard, om redenen van gebrek aan capaciteit overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, kan de transmissienetbeheerder aan de aanvrager voorstellen om hem een flexibele toegang te verlenen voor de aansluiting van de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit volgens de modaliteiten voorzien

artikel 61.

dien blijkt dat de gevraagde aansluiting niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, of dat de aanvraag mogelijks zou leiden tot een technoeconomisch niet verantwoordde aansluiting Art.

  1. §
  2. Heeft de aansluitingsaanvraag betrekking op de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit, en

dien blijkt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard, om redenen van gebrek aan capaciteit overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, kan de transmissienetbeheerder aan de aanvrager voorstellen om hem een flexibele toegang te verlenen voor de aansluiting van de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit volgens de modaliteiten voorzien

artikel 61. Niet-vertrouwelijke versie § 4.

dien blijkt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, onderzoekt de transmissienetbeheerder of het relevant is om aan de aanvrager van een oriëntatiestudie een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen, volgens de modaliteiten voorzien

artikel 61. / 36/130 onderzoekt de transmissienetbeheerder of het relevant is om aan de aanvrager van een detailstudie een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen. De modaliteiten voor flexibele aansluiting van elektriciteitsproductie-eenheden, verbruiksinstallaties of energieopslagfaciliteiten zijn voorzien

artikel

  1. Art.
  2. §
  3. […]

dien de transmissienetbeheerder echter na de voltooiing van de detailstudie oordeelt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet en dat geen flexibele toegang kan worden verleend, deelt de transmissienetbeheerder de aanvrager en de CREG zijn beslissing mee om de aansluitingsaanvraag, en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, te weigeren. Hij geeft hierin aan dat deze het voorwerp van beroep bij de CREG kan uitmaken alsmede de modaliteiten teneinde dit uit te oefenen. Art. 46. § 3. […]

dien de transmissienetbeheerder echter na de voltooiing van de detailstudie oordeelt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet en dat geen flexibele toegang kan worden verleend, deelt de transmissienetbeheerder de aanvrager en de CREG zijn beslissing mee om de aansluitingsaanvraag, en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, te weigeren. Hij geeft hierin aan dat deze het voorwerp van beroep bij de CREG kan uitmaken alsmede de modaliteiten teneinde dit uit te oefenen. Hoofdstuk 2.2.4. Aansluiting met flexibele Hoofdstuk 2.2.4. Weigering van (vaste) toegang aansluiting en toekenning van flexibele aAansluiting met flexibele toegang [cfr. voorgestelde wijzigingen voor artikelen 22, Art. 61. Voor elk verzoek om een 25 en 46 hierboven] oriëntatiestudie als bedoeld

artikel 17, § 1, of de aansluitingsaanvraag als bedoeld

artikel 29, § 1, onderzoekt de transmissienetbeheerder of de gevraagde aansluiting van een elektriciteitsproductieeenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit kan worden verwezenlijkt, desgevallend met een beperking van de

jectie en/of afname van elektriciteit, rekening houdende met de beschikbare capaciteit van het net. [cfr. voorgestelde wijzigingen voor artikelen 22, Art. 61bis. Als de transmissienetbeheerder 25 en 46 hierboven] tijdens de uitvoering van de oriëntatiestudie of van het onderzoek van de aansluitingsaanvraag meent dat, op basis van de methodologie bedoeld

artikel 22, § 1bis, de gevraagde aansluiting kennelijk onredelijk is

het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet en een flexibele aansluiting niet kan worden voorgesteld, stelt hij de aanvrager en de CREG, mits gemotiveerde beslissing,

kennis van de Niet-vertrouwelijke versie 37/130 weigering tot aansluiting en bijgevolg de toegang tot het transmissienet. Deze kennisgeving bevat ook de aanduiding van de beroepsprocedures tegen deze beslissing alsook hun modaliteiten. 4.7.1.2. Behandeling van de ontvangen opmerkingen 81. Elia is van mening dat het ontwerp van de CREG voor wijziging van de titel van hoofdstuk 2.2.4 de

houd van de bepalingen

het hoofdstuk niet correct weergeeft en stelt voor om de titel aan te passen naar “Hoofdstuk 2.2.

  1. Voorstel van aansluiting – Flexibele aansluiting.”
  2. De CREG is echter van mening dat dit voorstel voor aanpassing van de titel evenmin de lading van het hoofdstuk dekt. De CREG begrijpt uit de consultatiereactie van Elia de vraag om de term “toekenning” van flexibele aansluiting te vervangen door “voorstel” van flexibele aansluiting en te erkennen dat Elia eveneens een voorstel van flexibele aansluiting kan overmaken aan de aanvrager van een aanslui

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.