zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende
frastructuur,
clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer Artikelen 11, § 2, tweede lid, en 23, § 2, tweede lid, 9°bis, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt Niet-vertrouwelijke versie CREG - Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - www.creg.be
HOUDSOPGAVE
HOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2
LEIDING ................................................................................................................................................ 5
de maak .......................................................... 13 1.2.
een oriëntatiestudie ............................................................................................................................................. 25 4.3.
het kader van een oriëntatiestudie en detailstudie ...................................................................... 26 4.4.
de type-aansluitingsovereenkomst ........................................................................................................ 27 4.6.
het aansluitingscontract ................................................................................................................ 59 4.7.4.1. De “tijdelijke periode”
geval van flexibele aansluiting en de omzetting van een flexibele naar een vaste aansluiting .......................................................................................... 59 4.7.4.
real-time bovenop het energieplafond of na de tijdelijke periode .. 93 4.7.5.5. Met betrekking tot de vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen
real-time voor andere redenen ........................................................ 97 4.7.5.
geval van een flexibele aansluiting ....................... 115 4.7.9.
LEIDING De Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas (CREG) stelt hierna wijzigingen van de gedragscode vast bedoeld
artikel 11, § 2, van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt. De CREG stelde de (eerste) gedragscode vast op 20 oktober 2022 bij beslissing (B)2409 van 20 oktober 2022 tot vaststelling van de gedragscode houdende de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en houdende de methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden
zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende
frastructuur,
clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, en tot goedkeuring
dat kader van het voorstel van Elia van aansluitingsprocedures op het transmissienet (hierna: de “gedragscode” of “de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022”). De ontworpen wijzigingen van de gedragscode zijn bedoeld om het kader voor flexibele aansluitingen aan te vullen. De CREG onderzoekt
dat kader het voorstel van wijziging aan de gedragscode dat werd
gediend bij de CREG door Elia Transmission Belgium NV (hierna: “Elia”). De Nederlandstalige versie van het voorstel werd
gediend per brief op 28 oktober 2024; de Franstalige versie van het voorstel, werd op 13 november 2024 per e-mail aan de CREG bezorgd. De beslissing tot wijziging van de gedragscode wordt
bijlage 1 van deze beslissing toegevoegd. Een geconsolideerde versie van de gedragscode wordt samen met de publicatie van deze beslissing op de website van de CREG bekend gemaakt. Het voorstel van Elia wordt
bijlage 2 van deze beslissing toegevoegd. De CREG heeft een openbare raadpleging georganiseerd over haar ontwerpbeslissing (B)28991 van 5 december 2024 tot 29 januari
zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende
frastructuur,
clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. Niet-vertrouwelijke versie 5/130
terne markt voor elektriciteit en tot wijziging van Richtlijn 2012/27/EU (hierna: “de richtlijn 2019/944”) bepaalt als volgt : « Behalve
gevallen waarin ACER bevoegd is om de voorwaarden of methoden voor de tenuitvoerlegging van de netcodes en richtsnoeren uit hoofde van hoofdstuk VII van Verordening (EU) 2019/943 op grond van artikel 5, lid 2, van Verordening (EU) 2019/942 vanwege hun gecoördineerde karakter vast te stellen of goed te keuren, zijn de regulerende
stanties bevoegd voor de vaststelling of de voldoende ruim aan de
werkingtreding voorafgaande goedkeuring van ten minste de nationale methoden voor het berekenen of vastleggen van de voorwaarden
zake: a) de aansluiting op en toegang tot nationale netten,
clusief de transmissie- en distributietarieven of de methoden daarvoor; die tarieven of methoden maken het mogelijk dat de noodzakelijke
vesteringen
de netten op een zodanige wijze worden uitgevoerd dat deze
vesteringen de levensvatbaarheid van de netten kunnen waarborgen; b) de verstrekking van ondersteunende diensten, die zo economisch mogelijk worden uitgevoerd en passende stimuleringsmaatregelen bieden voor netwerkgebruikers om hun
put en output op elkaar af te stemmen; dergelijke ondersteunende diensten worden op billijke en niet-discriminerende wijze verstrekt en zijn gebaseerd op objectieve criteria, en c) toegang tot grensoverschrijdende
frastructuur,
clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. » 2. Bij arrest van het Europese Hof van Justitie van 3 december 2020 werd België o.m. veroordeeld tot een niet-conforme omzetting van de bovengenoemde bepaling (die op identieke wijze voorkomt
de Richtlijn 2009/72/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de
terne markt voor elektriciteit en tot
trekking van Richtlijn 2003/54/EG),
zoverre de
die bepaling bedoelde materies krachtens artikel 11 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt (hierna: “de elektriciteitswet”) geregeld werden
het technisch reglement vastgesteld door de Koning, en niet door de CREG. Na dit arrest, werd de elektriciteitswet aangepast door middel van de wet van 21 juli
het technisch reglement, bedoeld
het eerste lid, minstens: 1° de technische veiligheidscriteria en technische voorschriften met de minimumeisen
zake het technische ontwerp, de bedrijfsvoering en de exploitatie van productie-
stallaties, de distributiesystemen, de apparatuur van direct aangesloten afnemers, de
terconnector circuits en de directe lijnen, waaraan moet worden voldaan. Die technische voorschriften zijn objectief en niet-discriminerend. 2 Wet van 21 juli 2021 tot wijziging van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt en tot wijziging van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen Niet-vertrouwelijke versie 6/130 2° de operationele regels waaraan de netbeheerder onderworpen is bij zijn technisch beheer van de elektriciteitsstromen en bij de maatregelen die hij dient te treffen om het hoofd te bieden aan problemen van overbelasting, technische mankementen en defecten van productie-eenheden met uitzondering van de vaststelling van de methode en de voorwaarden bedoeld
de bepalingen 1° en 2° van paragraaf 2, tweede lid; 3°
voorkomend geval, de prioriteit die
de mate van het mogelijke, rekening houdend met de noodzakelijke continuïteit van de voorziening, moet worden gegeven aan de productie-
stallaties die gebruik maken van hernieuwbare energiebronnen, of aan eenheden van warmtekrachtkoppeling; 4° de ondersteunende diensten die de netbeheerder moet
richten; 5° ... 6° de
formatie die door de netbeheerder moet worden verstrekt aan de beheerders van andere elektriciteitsnetten waaraan het transmissienet is gekoppeld, teneinde een veilige en efficiënte exploitatie, een gecoördineerde ontwikkeling en de
teroperabiliteit van het koppelnet te waarborgen met uitzondering van de vaststelling van de methode en de voorwaarden bedoeld
de bepaling onder 2° van paragraaf 2, tweede lid. 7° de bepalingen op het gebied van de verplichtingen tot
formatieverstrekking relevant
het kader van deze paragraaf toepasbaar op de netbeheerder en,
voorkomend geval, op de netgebruiker; 8° de omstandigheden waarin de commissie kan beslissen dat de elektriciteitsproductieeenheid, de verbruikersinstallatie, de
stallatie van een distributienet aangesloten op een transmissienet, het distributienet aangesloten op het transmissienet, het HVDC-systeem of DC-aangesloten power park module op het transmissienet, bedoeld door de Europese netcode RfG, de Europese netcode DCC en de Europese netcode HVDC, te beschouwen is als bestaand of nieuw, voor de toepassing van deze Europese netwerkcodes en het technisch reglement; 9° de bepalingen
zake voorafgaande goedkeuring van het systeembeschermingsplan, het herstelplan en het testplan, alsook de elementen die deze plannen moeten bevatten, onverminderd de elementen daarin op te nemen met toepassing van de Europese netwerkcode E&R; deze plannen bevatten onder meer de methodologie voor de dimensionering van de behoeften aan systeembeschermingsdiensten en hersteldiensten, alsmede deze voor de bepaling van de middelen om aan deze behoeften te voldoen; 10° de elementen die het risicoparaatheidsplan moet bevatten onverminderd de elementen daarin op te nemen met toepassing van Verordening (EU) 2019/941. Op voorstel van de netbeheerder, en na advies van de commissie, keurt de Koning de volgende onderdelen van het technisch reglement bedoeld
het eerste en tweede lid goed: 1° de maximumcapaciteitsdrempelwaarden van toepassing op elektriciteitsproductieeenheden van de types A, B, C en D overeenkomstig artikel 5, lid 3, van de Europese netwerkcode RfG; 2° de eisen voor algemene toepassing.
het technisch reglement bedoeld
het eerste lid wijst de Koning de bevoegde
stantie aan bedoeld
artikel 3 van Verordening (EU) nr. 2019/
die gedragscode bepaalt de commissie: 1° op voorstel van de netbeheerder en na raadpleging van de netgebruikers, de voorwaarden
zake de aansluiting op en toegang tot het transmissienet, met
begrip van de aansluitingsprocedures; 2° na raadpleging van de netgebruikers en van de netbeheerder, de voorwaarden
zake: Niet-vertrouwelijke versie 7/130 a) onverminderd artikel 8, § 1/1, de verstrekking van ondersteunende diensten, die zo economisch mogelijk worden uitgevoerd en passende stimuleringsmaatregelen bieden voor netgebruikers om hun
put en output op elkaar af te stemmen; dergelijke ondersteunende diensten worden op billijke en niet-discriminerende wijze verstrekt en zijn gebaseerd op objectieve criteria; en b) de toegang tot grensoverschrijdende
frastructuur,
clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer.
deze gedragscode bepaalt de commissie tevens, na raadpleging van de netgebruikers en van de netbeheerder, de documenten waaronder
voorkomend geval de typeovereenkomsten die de netbeheerder ter goedkeuring aan haar moet voorleggen betreffende de
deze paragraaf vermelde aangelegenheden. § 3. De commissie en de Algemene Directie Energie
formeren elkaar regelmatig en minstens twee maal per jaar over hun werkzaamheden betreffende de gedragscode en het technisch reglement.” 4. Artikel 23, § 2, tweede lid, van de elektriciteitswet, laatst gewijzigd bij de wet van 21 mei 2023, voorziet
verband met de gedragscode volgende bevoegdheden voor de CREG: “9°bis de gedragscode vastleggen, en,
voorkomend geval, de documenten goedkeuren die daarin worden beoogd, en de toepassing ervan controleren;”
herinnering te brengen. 1.2.
terne markt voor elektriciteit (hierna: “de verordening 2019/943”) bepaalt wat volgt : “[d]e lidstaten, de regulerende
stanties, de transmissiesysteembeheerders, de distributiesysteembeheerders, de marktbeheerders en de gedelegeerde beheerders waarborgen dat de elektriciteitsmarkten
overeenstemming met de volgende beginselen worden beheerd: […] q) marktdeelnemers hebben een recht om onder objectieve, transparante en nietdiscriminerende voorwaarden toegang te krijgen tot de transmissie- en distributienetten.” Niet-vertrouwelijke versie 8/130 De verordening 2019/943 bevat verder een aantal bepalingen specifiek
zake “aansluitovereenkomsten waarin de vaste levering van energie niet is gewaarborgd” en, met
gang vanaf de wijziging ervan bij de verordening 2024/17473 , “flexibele aansluitovereenkomsten” : Wat betreft transparantieverplichtingen transmissiesysteembeheerder:
hoofde van de “artikel 50 […] 4bis. De transmissiesysteembeheerders publiceren op transparante wijze duidelijke
formatie met een hoge ruimtelijke granulariteit over de capaciteit die beschikbaar is voor nieuwe aansluitingen
hun dekkingsgebieden, met
begrip van de aan aansluitverzoeken bestede capaciteit en de mogelijkheid van flexibele aansluiting
overbelaste gebieden, en nemen daarbij de openbare veiligheid en de vertrouwelijkheid van gegevens
acht. Die gepubliceerde
formatie omvat
formatie over de criteria voor de berekening van de beschikbare capaciteit voor nieuwe aansluitingen. De transmissiesysteembeheerders actualiseren die
formatie regelmatig, en ten minste iedere maand. De transmissiesysteembeheerders verstrekken de systeemgebruikers op transparante wijze duidelijke
formatie over de status en behandeling van hun aansluitverzoeken, met
begrip van,
voorkomend geval,
formatie over flexibele-aansluitovereenkomsten. Zij verstrekken dergelijke
formatie binnen drie maanden na de
diening van het verzoek. Zolang het aansluitverzoek niet is
gewilligd of definitief is afgewezen, actualiseren transmissiesysteembeheerders die
formatie regelmatig en ten minste elk kwartaal. […]” (eigen nadruk) Wat betreft de tarifaire aspecten: - “artikel 18 […]
zake transmissie- en distributietarieven, en houdt daarbij rekening met de specifieke nationale kenmerken. Dat rapport over beste praktijken heeft ten minste betrekking op: […] i) prikkels voor efficiënte
vesteringen
netten, met
begrip van middelen die flexibiliteit bieden en flexibele aansluitovereenkomsten. […]” (eigen nadruk) - Wat betreft mogelijke financiële vergoedingen: « Art. 13. […] 3 gewijzigd bij de Verordening (EU) 2024/1747 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 tot wijziging van de Verordeningen (EU) 2019/942 en (EU) 2019/943 wat betreft het Verbeteren van de opzet van de elektriciteitsmarkt van de Unie. Deze verordening treedt
werking op de twintigste dag na die van de bekendmaking ervan
het Publicatieblad van de Europese Unie, zijnde op 16 juli
het geval producenten die een aansluitovereenkomst hebben aanvaard waarin de vaste levering van energie niet is gewaarborgd. Dergelijke financiële vergoeding is ten minste gelijk aan het hoogste van de volgende elementen of een combinatie ervan
dien het toepassen van uitsluitend het hoogste zou leiden tot een ongerechtvaardigd lage of een ongerechtvaardigd hoge vergoeding: a) aanvullende exploitatiekosten als gevolg van redispatching, zoals aanvullende brandstofkosten
het geval van opwaartse redispatching, of back-up-warmtevoorziening
het geval van neerwaartse redispatching van elektriciteitsproductie-
stallaties die hoogrenderende warmtekrachtkoppeling gebruiken; b) de netto-
komsten van de verkoop van elektriciteit op de day-aheadmarkt die de elektriciteitsproductie-, energieopslag- of vraagresponsinstallatie zou hebben geproduceerd zonder het verzoek om redispatching; wanneer financiële ondersteuning wordt verleend aan elektriciteitsproductie-, energieopslag- of vraagresponsinstallaties op basis van het geproduceerde of verbruikte elektriciteitsvolume, wordt de financiële ondersteuning die zou zijn ontvangen zonder het verzoek om redispatching beschouwd als onderdeel van de nettoinkomsten. » 1.2.1.2. De richtlijn (EU) 2019/944 9. De richtlijn (EU) 2019/944 bevat
artikel 6 en artikel 40.1, g) en h), het recht van toegang voor afnemers tot o.m. de transmissiesystemen en de mogelijkheid voor transmissiesysteembeheerders om toegang tot het net te weigeren als ze niet over de nodige capaciteit beschikken. Deze artikelen bepalen het volgende : « Art. 6. Toegang van derden 1. De lidstaten dragen zorg voor de
voering van een systeem voor toegang van derden tot de transmissie- en distributiesystemen, gebaseerd op bekendgemaakte tarieven die voor alle afnemers gelden en die objectief worden toegepast zonder onderscheid te maken tussen systeemgebruikers. De lidstaten zorgen ervoor dat deze tarieven of de aan de berekening daarvan ten grondslag liggende methoden voorafgaand aan hun toepassing worden goedgekeurd overeenkomstig artikel 59 en dat deze tarieven en, wanneer alleen de methoden zijn goedgekeurd, de methoden worden bekendgemaakt voordat zij
werking treden. 2. De beheerder van een transmissie- of distributiesysteem kan de toegang weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. De weigering wordt naar behoren met redenen omkleed, waarbij met name het bepaalde
artikel 9
acht wordt genomen op basis van objectieve, technisch en economisch onderbouwde criteria. De lidstaten of,
dien de lidstaten hierin voorzien, de regulerende
stanties van die lidstaten zorgen ervoor dat deze criteria op coherente wijze worden toegepast en dat de systeemgebruiker aan wie toegang is geweigerd, gebruik kan maken van een geschillenbeslechtingsprocedure. De regulerende
stantie zorgt er tevens voor dat, waar van toepassing en wanneer de toegang wordt geweigerd, de transmissie- of distributiesysteembeheerder relevante
formatie verstrekt over de voor de versterking van het net vereiste maatregelen. Die
formatie wordt verstrekt
alle gevallen waarin toegang tot oplaadpunten werd geweigerd. Aan degene die om dergelijke
formatie verzoekt, kan een redelijke vergoeding
rekening worden gebracht die de aan de verstrekking van die
formatie verbonden kosten weerspiegelt.
formatie verstrekken die zij voor een efficiënte toegang tot het systeem nodig hebben; h) […], het verlenen en beheren van toegang van derden en het motiveren van besluiten tot een weigering van dergelijke toegang, onder toezicht van de regulerende
stanties, en bij de uitvoering van hun werkzaamheden uit hoofde van dit artikel
de eerste plaats de
tegratie van de markt vergemakkelijken; […]”. 10. De richtlijn 2019/944 bevat, met
gang vanaf de wijziging ervan bij de richtlijn (EU) 2024/1711 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juni 2024 tot wijziging van de Richtlijnen (EU) 2018/2001 en (EU) 2019/944
zake het verbeteren van de opzet van de elektriciteitsmarkt van de Unie (hierna: “de richtlijn 2024/1711”) een aantal specifieke bepalingen over flexibele aansluitingen
artikel 6bis, getiteld “Flexibele aansluitovereenkomsten”. Dit artikel bepaalt wat volgt: “1. De regulerende
stantie, of een andere bevoegde
stantie
dien een lidstaat hierin voorziet, ontwikkelt een kader waarbinnen transmissiesysteembeheerders en distributiesysteembeheerders de mogelijkheid kunnen bieden om flexibele aansluitovereenkomsten te sluiten
gebieden waar de netwerkcapaciteit voor nieuwe aansluitingen beperkt of niet beschikbaar is, zoals gepubliceerd overeenkomstig artikel 31, lid 3, en artikel 50, lid 4 bis, eerste alinea, van Verordening (EU) 2019/943. Dat kader moet waarborgen dat: a) als algemene regel geldt dat flexibele aansluitingen de versterkingen van het netwerk
de aangeduide gebieden niet vertragen; b) flexibele aansluitovereenkomsten op basis van vastgestelde criteria worden omgezet
vaste aansluitovereenkomsten zodra de ontwikkeling van het netwerk is voltooid, en c) voor gebieden waar de regulerende
stantie, of een andere bevoegde
stantie
dien een lidstaat hierin voorziet, van mening is dat netwerkontwikkeling niet de meest efficiënte oplossing is,
voorkomend geval flexibele aansluitovereenkomsten als permanente oplossing mogelijk zijn, ook voor energieopslag. 2. Het
lid 1 bedoelde kader kan ervoor zorgen dat flexibele aansluitovereenkomsten ten minste het volgende vermelden: a) de maximale vaste
jectie
en afname van het net van elektriciteit, alsmede de aanvullende flexibele
jectie- en afnamecapaciteit die gedurende het jaar per tijdblok kan worden aangesloten en gedifferentieerd; b) de nettarieven die van toepassing zijn op zowel de vaste als de flexibele
jectie- en afnamecapaciteit; c) de overeengekomen looptijd van de flexibele aansluitovereenkomst en de verwachte datum voor het toekennen van een aansluiting voor de gehele aangevraagde vaste capaciteit. De systeemgebruiker met een flexibele aansluiting op het net moet een stroombeheersingssysteem
stalleren dat door een erkende certificeringsinstantie is gecertificeerd.” Het begrip “flexibele-aansluitovereenkomst” wordt
artikel 2, 24quater), van de richtlijn 2019/944 gedefinieerd als volgt: “een reeks overeengekomen voorwaarden voor het aansluiten van elektriciteitscapaciteit op het net, waaronder voorwaarden om de
jectie van elektriciteit
en de afname van elektriciteit uit het transmissie- of het distributienet te beperken en te regelen”. Niet-vertrouwelijke versie 11/130 De richtlijn 2024/1711 die de richtlijn 2019/944 wijzigt, is
werking getreden op 16 juli 2024 en moet ter zake door de lidstaten naar nationaal recht worden omgezet uiterlijk op 17 januari 2025 (behoudens de uitzondering bepaald voor artikel 2, punten 2) en 5) van deze richtlijn) 11. Daarnaast bepaalt artikel 42 van de richtlijn 2019/944 (sinds de
itiële versie van de richtlijn) het volgende
zake besluitvormingsbevoegdheden
zake de aansluiting van nieuwe productieinstallaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem : “Artikel 42. Besluitvormingsbevoegdheden
zake de aansluiting van nieuwe productieinstallaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem 1.De transmissiesysteembeheerder stelt transparante en efficiënte procedures op voor de niet-discriminerende aansluiting van nieuwe productie-
stallaties en energieopslagfaciliteiten op het transmissiesysteem en publiceert deze. Die procedures zijn onder voorbehoud van goedkeuring door de regulerende
stanties. 2.De transmissiesysteembeheerder heeft niet het recht de aansluiting van een nieuwe productie-
stallatie of energieopslagfaciliteit te weigeren op grond van mogelijke toekomstige beperkingen van de beschikbare capaciteit op het net, bijvoorbeeld congestie
afgelegen delen van het transmissiesysteem. De transmissiesysteembeheerder verstrekt de nodige
formatie. De eerste alinea doet geen afbreuk aan de mogelijkheid voor transmissiesysteembeheerders om de gegarandeerde aansluitingscapaciteit te beperken of aansluitingen met operationele beperkingen aan te bieden, teneinde de economische efficiëntie van nieuwe productieinstallaties of energieopslagfaciliteiten te waarborgen, mits dergelijke beperkingen zijn goedgekeurd door de regulerende
stantie. De regulerende
stantie zorgt ervoor dat eventuele beperkingen
de gegarandeerde aansluitingscapaciteit of operationele beperkingen worden
gesteld op basis van transparante en niet- discriminerende procedures en geen onnodige belemmeringen voor de markttoegang met zich meebrengen.
dien de productie-
stallatie of energieopslagfaciliteit de kosten draagt voor het garanderen van onbeperkte aansluiting gelden er geen beperkingen. 3.Transmissiesysteembeheerders hebben niet het recht een nieuw aansluitpunt te weigeren op de grond dat het tot extra kosten zou leiden als gevolg van de noodzakelijke capaciteitsvergroting van systeemonderdelen
de directe omgeving van het aansluitpunt.”
stantie 1. Bij de uitvoering van de
deze richtlijn omschreven reguleringstaken neemt de regulerende
stantie,
nauw overleg met de andere betrokken nationale
stanties, waaronder de mededingingsautoriteiten, alsook
stanties, met
begrip van regulerende
stanties, van naburige lidstaten en,
voorkomend geval, naburige derde landen, en zonder dat wordt geraakt aan hun bevoegdheden, alle redelijke maatregelen om de volgende doelstellingen te bereiken binnen het kader van haar taken en bevoegdheden zoals vastgesteld
artikel 59: […] e) de toegang van nieuwe productiecapaciteit en energieopslagfaciliteiten tot het net vergemakkelijken, met name door de belemmeringen voor de toegang van nieuwkomers op de markt en van elektriciteit uit hernieuwbare bronnen weg te nemen;[…] » Niet-vertrouwelijke versie 12/130 1.2.1.3. Europese netcode vraagrespons
de maak 13. Ook de ACER Kaderrichtsnoeren van 20 december 2022 over vraagrespons4 zijn vermeldenswaard waarin sprake is van niet-vaste aansluitovereenkomsten.
paragraaf
strumenten waarover hij beschikt, zoals congestiebeheer, netinvesteringen, niet-vaste aansluitingsovereenkomsten of herziening van biedzones, waarbij hij de resulterende maatschappelijke welvaart optimaliseert.
de nieuwe regels worden de beginselen gespecificeerd voor het gebruik van producten voor congestiebeheer zoals enerzijds beschreven
paragraaf
zake vraagrespons
dat kader is
de maak
verband met de weigering van toegang tot het net door de netbeheerder: “Art. 15. § 1. De
aanmerking komende afnemers hebben een recht van toegang tot het transmissienet tegen de tarieven vastgesteld overeenkomstig artikel 12. De netbeheerder kan de toegang tot het net alleen weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. De netbeheerder kan eveneens de toegang tot het net weigeren wanneer deze toegang de behoorlijke uitvoering van een openbare dienstverplichting
het algemeen economisch belang ten zijne laste zou verhinderen en voor zover de ontwikkeling van de uitwisselingen niet wordt beïnvloed
een mate die strijdig is met de belangen van de Europese Gemeenschap. De belangen van de Europese Gemeenschap omvatten, onder meer, de mededinging met betrekking tot de
aanmerking komende afnemers overeenkomstig Richtlijn 2009/72/EG en artikel 106 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie. De weigering moet naar behoren met redenen worden omkleed en gerechtvaardigd, waarbij
het bijzonder de met toepassing van artikel 21 genomen openbare dienstverplichtingen
acht moeten worden genomen, op basis van objectieve, technisch en economisch onderbouwde criteria.
geval van tegenstrijdigheid met de voorschriften die worden voorzien door het technisch reglement of de gedragscode kan de netbeheerder de toegang afhankelijk maken van de voorwaarde van naleving van deze voorschriften. 4 “Framework Guideline on Demand Response”, ACER, 20 December 2022, https://acer.europa.eu/sites/default/files/documents/Official_documents/Acts_of_the_Agency/Framework_Guidelines/Fra mework%20Guidelines/FG_DemandResponse.pdf 5 “The new rules shall provide that when facing congestion, the [system operator] shall always choose the most economically efficient option or combination of options of the different tools at its hands, such as congestion management, grid
vestments, non-firm connection agreements or bidding zone review, optimising the resulting social welfare. The new rules shall specify principles for the use of congestion management products as described
paragraph
België of
andere lidstaten van de Europese Unie, met het oog op de bevoorrading
elektriciteit van hun eigen vestigingen of dochterondernemingen: gevestigd
België of
andere lidstaten van de Europese Unie of met het oog op de levering van elektriciteit aan
aanmerking komende afnemers; […]”
zake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende
frastructuur,
clusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, en tot goedkeuring
dat kader van het voorstel van Elia van aansluitingsprocedures op het transmissienet
het kader van artikel 11, § 3, van de elektriciteitswet
formeerden de diensten van de CREG de diensten van de Algemene Directie Energie van hun werkzaamheden betreffende de gedragscode, waaronder de voorbereiding van de huidige wijziging. 18. De huidige wijziging dient voor de ontwikkeling van een alomvattend
houdelijk regulatoir kader van toepassing op flexibele aansluiting, waarop de CREG sedert enige tijd aanstuurt bij Elia.
2023-2024 vonden
formele overlegvergaderingen plaats met medewerkers van Elia teneinde hen aan te sturen om het voorstel voor te bereiden dat Elia aan de CREG moet richten betreffende de voorwaarden voor aansluiting op en toegang tot het transmissienet met toepassing van artikel 11, §2, van de elektriciteitswet.
haar beslissing (B)658E/84 over de doelstellingen die Elia
2024 moet behalen
het kader van de stimulans ter bevordering van het systeemevenwicht, definieert de CREG een stimulans ter ondersteuning van het uitwerken van dit regulatoir kader
samenspraak met de netgebruikers en andere stakeholders9.
dit kader heeft Elia
2024 meerdere workshops georganiseerd met de stakeholder en met deelname van de CREG en heeft Elia een openbare 7 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2409NL.pdf Advies (A)2501 van 18 januari 2023 over het ontwerp van koninklijk besluit houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit (https://www.creg.be/nl/publicaties/advies-a2501). 9 Beslissing (B)658E/84 van 12 oktober 2023 over de doelstellingen die nv Elia Transmission Belgium
2024 moet behalen
het kader van de stimulans ter bevordering van het systeemevenwicht zoals bedoeld
artikel 27 van de tariefmethodologie (https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b658e/84). 8 Niet-vertrouwelijke versie 14/130 raadpleging georganiseerd van 31 mei tot 5 juli 2024 betreffende haar ontwerpnota met betrekking tot de evolutie van het kader voor aansluiting met flexibele toegang op federaal niveau (hierna: “de ontwerpnota van Elia van 31 mei 2024”)10. 19. Binnen de werkgroep “Belgian Grid” van de Users’ Group van Elia werden de marktpartijen geïnformeerd over de besprekingen
de workshops over flexibele aansluitingen alsook betrokken
verdere besprekingen over door Elia voorstelde wijzigingen aan de procedures voor aanvraag van aansluitingsstudies (oriëntatie- en detailstudies) en de bepalingen met betrekking tot de reservering en toewijzing van aansluitingscapaciteit. Ook over dit onderwerp vonden
2024
formele overlegvergaderingen plaats tussen medewerkers van de CREG en van Elia. 20. Op 18 januari 2024 heeft de CREG aan Elia per brief gevraagd om een voorstel van gedragscode met de procedures en criteria voor het toekennen van een aansluiting met flexibele toegang, waaronder deze die hem toelaten te besluiten tot een gebrek aan capaciteit op het transmissienet, bedoeld
artikel 15, §1, van de elektriciteitswet, aan de CREG voor te leggen met toepassing van artikel 11, §2, eerste lid, 1°, en artikel 23, §2, derde lid, van de elektriciteitswet tegen uiterlijk 15 mei 2024, onder andere rekening houdende met de geplande lancering van de tender voor de Prinses Elisabeth Zone
het vierde kwartaal van
mei 2024 een kwalitatief voorstel voor wijziging van de gedragscode te kunnen
dienen, heeft de CREG, na uitwisselingen tussen de directiecomités van de CREG en Elia, per e-mail van 28 februari 2024
gestemd met de vraag van Elia om uiterlijk 20 september 2024 het voorstel te kunnen
dienen met het oog op een finale beslissing ten laatste
het eerste kwartaal van
put voor de uitwerking van het voorstel van Elia zodat Elia een idee had van de richting die de CREG uit wil, wat de efficiëntie van de vaststelling van de criteria en procedures moet bevorderen. De CREG benadrukte echter dat deze visienota een evolutief document was aangezien de visie van de CREG kon evolueren
gevolge onder meer besprekingen met de transmissienetbeheerder en de netgebruikers en voortschrijdend
zicht. Deze nota moest bijgevolg worden begrepen en gehanteerd onder dit voorbehoud en deed geen afbreuk, noch aan de voorstelbevoegdheid van Elia, noch aan de beslissingsbevoegdheid van de CREG overeenkomstig de wet. 23. Op 20 september 2024 heeft Elia aan de CREG haar eerste voorstel voor wijziging van de gedragscode12
het Nederlands bezorgd met betrekking tot flexibele aansluitingen en aansluitingsprocedures13. Elia heeft
dit voorstel ook enkele geringe wijzigingen opgenomen om de coherentie te garanderen met de type-aansluitingsovereenkomst en de type-toegangsovereenkomst gezien besprekingen
het kader van de implementatie van “multiple BRP”. Omwille van uitwisselingen tijdens de
formele overlegmomenten tussen medewerkers van de CREG en Elia, gaf Elia
de brief van 20 september 2024 aan bereid te zijn de impact van afregeling van 10 Zie de consultatiewebpagina van Elia: https://www.elia.be/nl/publieke-consultaties/20240531_connection-with-flexibleaccess-design-note-on-the-evolution-of-the-framework 11 Visienota (Z)2779 van 28 maart 2024 over de criteria en procedures voor de weigering door Elia van een aansluiting met vaste toegang en de toekenning van een aansluiting met flexibele toegang tot het transmissienet, beschikbaar op de website van de CREG: https://www.creg.be/nl/publicaties/nota-z2779. 12
tabelvorm,
clusief een kolom met bijkomende
formatie ter verklaring van de wijzigingen. 13 Elia heeft dit voorstel gepubliceerd op de consultatiewebpagina van haar ontwerpnota van 31 mei 2024 (zie voetnoot 10). Niet-vertrouwelijke versie 15/130 flexibele aansluitingen op de BRP verder te bestuderen en met de marktpartijen te bespreken op de workshop van 10 oktober 2024, waarna Elia tegen 25 oktober 2024 een aangepast voorstel voor wijziging van de gedragscode zou kunnen
dienen bij de CREG. Elia meldde eveneens tegen eind september aan de CREG per e-mail de volgende documenten over te maken: het consultatierapport van de design nota over flexibele aansluitingen zoals gepubliceerd op 31 mei 2024 om de voorgestelde wijzigingen aan de Gedragscode verder te verantwoorden; het document over de methodologie die gebruikt wordt voor het realiseren van studies
het kader van aansluitingsaanvragen. 24. Op 28 oktober 2024 heeft Elia bij de CREG haar bijgewerkt voorstel voor wijziging van de gedragscode
het Nederlands
gediend (hierna: het “voorstel van Elia”), samen met een aangepast consultatierapport. Elia heeft de Franstalige versie bezorgd op 13 november 2024. Elia heeft ook deze bijgewerkte versie van het voorstel en consultatierapport gepubliceerd op de consultatiewebpagina van haar ontwerpnota van 31 mei 2024 (zie voetnoot 10). Enkel het bijgewerkte voorstel van Elia is toegevoegd
Bijlage 2 van deze beslissing aangezien enkel deze versie relevant is als bronmateriaal voor het ontwerp van gewijzigde gedragscode door de CREG. 2.
het kader van het vaststellen van de huidige wijzigingen van de gedragscode, om, met toepassing van artikel 11, § 2, van de elektriciteitswet en artikel 33, § 1, van zijn huishoudelijk reglement, een openbare raadpleging over de ontwerpbeslissing (B)2899 te organiseren op de website van de CREG van 5 december 2024 tot 16 januari 2025. Op 7 januari 2025 heeft de CREG, per nieuwsbrief de belanghebbenden op de hoogte gebracht de raadplegingsperiode te verlengen tot 29 januari 2025 . Het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode waarover de CREG de openbare raadpleging heeft gehouden, wordt hierna
deze beslissing aangeduid als het “ontwerp van wijzigingen van de gedragscode”.
deel 4 van deze beslissing. Daarin geeft de CREG voornamelijk een samenvatting van de ontvangen reacties die om een herziening van het ontwerp van wijzigingen van de CREG vragen. Voor de specifieke reactie van de CREG bij de reacties van de belanghebbende partij, verwijst de CREG naar de consultatierapporten
Bijlagen 4 tot 9 van deze beslissing. De CREG verwijst
deel 4 van deze beslissing enkel naar niet-vertrouwelijke consultatiereacties aangezien de vertrouwelijke consultatiereacties niet om een herziening van de wijzigingen van de gedragscode vroegen die niet
een andere, niet-vertrouwelijke consultatiereactie Niet-vertrouwelijke versie 16/130 werd gevraagd. Bijgevolg worden de vertrouwelijke consultatiereacties enkel behandeld
de vertrouwelijke Bijlagen 5 tot 9 en niet
deel 4 van deze beslissing.
die zin dat deze
eerste
stantie een opdeling realiseerde ten aanzien van het koninklijk besluit van 22 april 2019 houdende een technisch reglement voor het beheer van het transmissienet van elektriciteit en de toegang ertoe, met overname zoveel mogelijk van de bestaande bepalingen. Sindsdien heeft de CREG verschillende aspecten geïdentificeerd
de gedragscode die aanpassing of aanvulling vergen. 29.
eerste
stantie heeft de CREG met Elia een traject opgestart ter wijziging van de bepalingen
de gedragscode over: - de weigering van (vaste) aansluitingen en de toekenning van flexibele aansluitingen; - de aansluitingsprocedures, met
begrip van de capaciteitsreservatieregels. De bepalingen over deze onderwerpen zijn op meerdere punten vatbaar voor verbetering om het transparant en het niet-discriminatoir karakter ervan te waarborgen en om geschikt te kunnen
spelen op de noden van een snel evoluerende elektriciteitsmarkt. De wijzigingen
de gedragscode zullen ook aanpassingen vragen
andere gereguleerde documenten, zoals de type-aansluitingsovereenkomst en de Regels voor Coördinatie en Congestiebeheer op voorstel van de transmissienetbeheerder. 30. Het voorstel van Elia bevat wijzigingen aan de gedragscode met betrekking tot: a) flexibele aansluitingen (voornamelijk wijzigingen
artikel 61 van de gedragscode, maar ook
andere artikelen);
het eerste kwartaal van 2025. De bekommernissen van de marktpartijen over de standpunten van Elia zoals beschreven
de ontwerpnota van Elia van 31 mei 202414, vroegen om een snelle beslissing ter vaststelling van de bepalingen over flexibele aansluitingen, met name de bekommernissen geuit
het kader van de concurrerende
schrijvingsprocedure voor de eerste kavel van de Prinses Elisabeth Zone die verwacht werd
het vierde kwartaal van 202415 te worden uitgeschreven overeenkomstig artikel 6/3, §2, van de elektriciteitswet. Om zo snel mogelijk tegemoet te komen aan de vraag tot duidelijkheid van de 14 Zie voetnoot 10. De concurrerende
schrijvingsprocedure is opgestart op 25 november 2024 (zie https://offshore-tender-platformpez.my.site.com/s/?language=nl_NL). 15 Niet-vertrouwelijke versie 17/130 marktpartijen geïnteresseerd
de eerste kavel van de Prinses Elisabeth Zone, heeft de CREG beslist om
eerste
stantie de gedragscode enkel te wijzigen met betrekking tot bepalingen over flexibele aansluitingen.
deze beslissing behandelt de CREG daarom enkel het voorstel van Elia met betrekking tot flexibele aansluitingen en dus enkel het punt
het voorstel van Elia zullen worden behandeld. 32. Bijgevolg dienen de wijzigingen die de CREG thans beoogt, voornamelijk ter
tegratie
artikel 61 van de gedragscode van de procedures en criteria voor het toekennen van een aansluiting met flexibele toegang, waaronder deze die hem toelaten te besluiten tot een gebrek aan capaciteit op het transmissienet, bedoeld
artikel 15, §1, van de elektriciteitswet. Artikel 61 van de gedragscode bepaalt het volgende: “Art. 61. § 1. Wanneer het verzoek om een oriëntatiestudie als bedoeld
artikel 17, § 1, of de aansluitingsaanvraag als bedoeld
artikel 29, § 1, betrekking heeft op de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit moet de transmissienetbeheerder die flexibele toegang voorstelt voor de aansluiting van de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit
een oriëntatiestudie met toepassing van artikel 25, § 1, of
een studie met toepassing van artikel 46 , § 3, de aanvrager en de CREG eerst
een technisch rapport op de hoogte brengen van het voornemen. De transmissienetbeheerder rechtvaardigt zijn keuze aan de hand van objectieve en technisch deugdelijke criteria. Een kopie van het technisch rapport wordt ter
formatie aan de Algemene Directie Energie medegedeeld. De CREG keurt de door de transmissienetbeheerder verstrekte rechtvaardiging zo snel mogelijk goed, maar niet later dan twintig werkdagen na de kennisgeving uit hoofde van het eerste lid. Deze termijn kan eenmalig door de CREG worden verlengd, voor een duur die zij bepaalt, als de complexiteit van de aanvraag van de oriëntatie- of aansluitstudie dit vereist. De termijnen bedoeld
de artikelen 25 en 46, §§ 1 en 3, worden dienovereenkomstig verlengd. § 2. De mogelijkheid om flexibele toegang te verlenen voor de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslag-faciliteit ontslaat de transmissienetbeheerder niet van de ontwikkeling van zijn netwerk overeenkomstig het ontwikkelingsplan als bedoeld
artikel 13 van de wet. De flexibele toegang is beperkt
de tijd en eindigt op de datum van de
gebruikname van de nodige versterkingen van het netwerk voorzien door het ontwikkelingsplan bedoeld
het eerste lid. Op deze datum wordt het ter beschikking gesteld flexibel vermogen een permanent vermogen en wordt deze toegevoegd aan het reeds ter beschikking gesteld permanent vermogen. Deze flexibele toegang is niet beperkt
de tijd als het voornoemde ontwikkelingsplan niet de nodige versterkingen biedt. § 3. Het technisch rapport bedoeld
paragraaf 1, eerste lid, specificeert de voorwaarden voor het verlenen van flexibele toegang, waaronder: 1° het geplande moment voor het
dienst stellen van de noodzakelijke netwerkversterkingen voorzien
het voornoemde ontwikkelingsplan; 2° permanent vermogen op permanente wijze beschikbaar gesteld en het beschikbare flexibele vermogen; 3° een schatting van de gemiddelde duur en de totale duur per jaar gedurende dewelke het flexibele vermogen kan worden verminderd. Niet-vertrouwelijke versie 18/130 Als de noodzakelijke netwerkversterkingen waarin
het ontwikkelingsplan als bedoeld
artikel 13 van de wet is voorzien, niet plaatsvinden op het geplande tijdstip overeenkomstig § 3, 1°, kan de transmissienetbeheerder de CREG verzoeken om flexibele toegang voor een bepaalde periode uit te breiden, afhankelijk van voorwaarden
dat geval. § 4. De transmissienetbeheerder kan het beschikbare flexibele vermogen alleen verminderen als aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan: 1°
geval van congestie; 2° wanneer de veiligheid en betrouwbaarheid van het netwerk wordt bedreigd.”
de openbare raadpleging over het ontwerp van de CREG en de resulterende finale wijziging van de gedragscode. De CREG geeft deze ter verduidelijking weer
tabellen met:
de linkse kolom: het voorstel van Elia met
vetgedrukt de toevoegingen ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022 en geschrapte tekst om de verwijderingen aan te duiden ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022;
de rechtse kolom: het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode met eveneens
vetgedrukt de toevoegingen ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober 2022 en geschrapte tekst om de verwijderingen aan te duiden ten aanzien van de (eerste) gedragscode van 20 oktober
de openbare raadpleging.
dien de CREG,
gevolge de opmerkingen van marktpartijen, de betreffende bepaling
de gedragscode aanpast, wordt dit uiteengezet en de finale wijzigingen van de gedragscode worden weergegeven
een nieuwe tabel: Wijzigingen van de gedragscode […] 35. De CREG reageert op de ontvangen, algemene commentaren van marktpartijen
de consultatierapporten (zie Bijlage 4 tot 9). De nadruk
de beslissing zelf wordt gelegd op de specifieke Niet-vertrouwelijke versie 19/130 opmerkingen die hebben gevraagd om en/of geleid tot een specifieke herziening van het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode. 4.1. DEFINITIES 4.1.1. Ontwerp van wijzigingen van de gedragscode 36.
artikel 2 van de gedragscode worden een aantal definities toegevoegd onder het onderwerp “4) Aansluiting”. Het betreft definities voor “flexibele aansluiting”, “vaste aansluiting”, “flexibel aansluitingsvermogen” en “vast aansluitingsvermogen”. De definities voorgesteld door Elia worden samengevoegd met de definities opgesteld door de CREG. Waar nodig ondergingen de definities voorgesteld door Elia aanpassingen. Zo heeft de CREG de aparte definitie voor “flexibele aansluitovereenkomst” voorgesteld door Elia niet behouden, maar geïntegreerd
de definitie van “flexibele aansluiting”. De term “flexibele aansluitovereenkomst” kwam immers ook niet voor
het voorstel van Elia. De CREG heeft evenmin de definitie voor “Richtlijn 2019/944” behouden wegens niet noodzakelijk en niet voorkomend
de tekst van de gedragscode. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art.
terne markt voor elektriciteit (herschikking) 4) Aansluiting: xx° flexibele aansluiting: de aansluiting zoals voorzien
een flexibele aansluitovereenkomst,
deze Gedragscode ook aansluiting met flexibele toegang genoemd; Art.
het aansluitingscontract, om de elektriciteitsinjectie
en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet te beperken en te regelen; Xx flexibele aansluitovereenkomst: de / overeengekomen voorwaarden voor het aansluiten van elektriciteitscapaciteit op het net bevattende de voorwaarden om de
jectie
en de afname van elektriciteit uit het transmissienet te beperken en te regelen zoals bedoeld
de Richtlijn 2019/944, zoals die worden opgenomen
het aansluitingscontract. X2° “vaste aansluiting”: de aansluiting waarbij de elektriciteitsinjectie
en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet niet kan worden beperkt onder de
het aansluitingscontract vastgelegde capaciteit, volgens voorwaarden overeengekomen
het aansluitingscontract; Niet-vertrouwelijke versie 20/130 X3° “flexibele aansluitingsvermogen”: het (deel van het) aansluitingsvermogen met een flexibele aansluiting; X4° “vaste aansluitingsvermogen”: het (deel van het) aansluitingsvermogen met een vaste aansluiting; 4.1.
vet gedrukt): X1° “flexibele aansluiting” (ook “aansluiting met flexibele toegang” genoemd): de aansluiting het aansluiten van elektriciteitscapaciteit op het transmissienet onder voorwaarden, overeengekomen
het aansluitingscontract, om de elektriciteitsinjectie
en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet te beperken en te regelen; X4° “vaste aansluitingsvermogen”: onverminderd de bepalingen voorzien
artikel 61sexies, § 4, het (deel van het) aansluitingsvermogen met een vaste aansluiting; 38. De CREG gaat niet akkoord met de voorgestelde wijziging van de ontworpen definitie van “flexibele aansluiting”. Elia stelt deze wijziging voor om het verschil te benadrukken tussen, enerzijds, de uitrusting die nodig is om de
stallatie van de netgebruikers te verbinden met het net (overeenkomstig definitie 21°
de gedragscode) en, anderzijds, de actie van het aansluiten van een netgebruiker, hoewel dit verschil evenmin werd gemaakt
het voorstel van Elia van 28 oktober 2024. De CREG is van mening dat de definitie 21°
de gedragscode niet zozeer dient om het onderscheid te maken tussen “de aansluiting” (zijnde uitrusting of het geheel van aansluitingsinstallaties) en de actie van een netgebruiker “aan te sluiten” en dat dit onderscheid doorheen de gedragscode niet dermate strikt wordt toegepast. Bovendien geeft de actie “het aansluiten” ook de
druk dat eenmaal aangesloten de term “flexibele aansluiting” niet meer van toepassing zou zijn, want niet correct is. Het aansluitingscontract blijft immers geldig gedurende de hele levensduur van de aansluiting en dient niet enkel om de aansluiting fysiek te realiseren.
de voorgaande paragraaf acht de CREG het nuttig te benadrukken dat, overeenkomstig de definities, op een gegeven moment een vaste aansluiting enkel een vaste aansluitingsvermogen heeft terwijl een flexibele aansluiting hetzij enkel een flexibele aansluitingsvermogen heeft hetzij zowel een vaste aansluitingsvermogen als een flexibele aansluitingsvermogen. 4.1.3. Finale wijziging van de gedragscode 41. Zoals uiteengezet
het delen 4.1.1 en 4.1.2 van deze beslissing, voegt de CREG de volgende definities voor “flexibele aansluiting”, “vaste aansluiting”, “flexibele aansluitingsvermogen” en “vaste aansluitingsvermogen” toe
artikel 2 van de gedragscode onder het onderwerp “4) Aansluiting”. Deze definities krijgen de nummers 21°bis tot en met 21°quinquies. Niet-vertrouwelijke versie 21/130 42. De CREG voert eveneens enkele redactionele correctie door
de Franstalige versie. Wijzigingen van de gedragscode Art.
het aansluitingscontract, om de elektriciteitsinjectie
en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet te beperken en te regelen; 21°ter “vaste aansluiting”: de aansluiting waarbij de elektriciteitsinjectie
en/of de elektriciteitsafname van het transmissienet niet kan worden beperkt onder de
het aansluitingscontract vastgelegde capaciteit, volgens voorwaarden overeengekomen
het aansluitingscontract; 21°quater “flexibele aansluitingsvermogen”: het (deel van het) aansluitingsvermogen met een flexibele aansluiting; 21°quinquies “vaste aansluitingsvermogen”: onverminderd de bepalingen voorzien
artikel 61sexies, § 4, het (deel van het) aansluitingsvermogen met een vaste aansluiting; 4.
artikel 22 met een toevoeging van een document over de methodologie van toepassing op de netwerkstudie die Elia uitvoert
het kader van een aangevraagde oriëntatie- of detailstudie voor een aansluiting, alsook een bepaling over de publicatie van dit document op de website van Elia. De CREG behoudt, mits herformulering, dit voorstel
artikel 22, §1bis, van het ontwerp van wijzigingen van de gedragscode. Hoewel de methodologie niet ter goedkeuring wordt voorgelegd aan de CREG, hecht de CREG veel belang bij de duidelijkheid, volledigheid en transparantie van de beschreven methodologie. Daarom voegt de CREG uitdrukkelijk toe dat de transmissienetbeheerder de aanvrager van een aansluitingsstudie
kennis moet stellen van de toepasselijke methodologie voor de uitvoering van de netwerkstudie. De CREG begrijpt dat de methodologie op basis van ervaring onderhevig is aan verandering en voegt de vereiste tot transparantie van wijzigingen aan de methodologie toe via
kennis stelling van de CREG alsook van de marktoperatoren via de permanente dialoog. Ter verduidelijking, de netwerkstudie vormt een gedeelte van een oriëntatiestudie of detailstudie. Zoals uiteengezet door Elia
de methodologie die tot nu toe werd gedeeld
het kader van goedkeuringsaanvragen voor flexibele aansluitingen16, is het doel van een netwerkstudie om aan “de aanvrager een reeks aansluitingsvarianten op het elektriciteitsnetwerk voor te stellen die de aansluiting van het gevraagde vermogen op de gevraagde geografische locatie mogelijk maken, met
achtneming van de technische criteria die Elia
staat stellen zijn opdracht als netbeheerder te vervullen.” De netwerkstudie bevat bijgevolg “een niet-bindende kostenraming gemaakt van alle
vesteringen die
het transmissienetwerk moeten worden gedaan om het onderwerp van de aanvraag te kunnen 16 Zie bijvoorbeeld Bijlage 4 van beslissing (B)2799 over de flexibele aansluiting van Prinses Elisabeth 1: https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2799 Niet-vertrouwelijke versie 22/130 aansluiten. Dit gaat vergezeld van een geraamd tijdschema voor de voltooiing van alle vereiste netwerkaanpassingen.”
geval van een flexibele aansluiting bevat de netwerkstudie de
formatie uit het technisch rapport bezorgd aan de CREG, zijnde de
schattingen van de afregelrisico’s omwille van congestierisico’s op het net. Desgevallend bevat de netwerkstudie eveneens
formatie over “mogelijks dynamische stabiliteitsproblemen” en “Power Quality problemen”. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art. 22. § 1ter. De objectieve en technisch deugdelijke criteria die de principes van Art. 22§§1 en 1bis toepassen, waaronder deze die toelaten te besluiten tot een gebrek aan capaciteit op het transmissienet, bedoeld
artikel 15, §1 van de wet, alsook de wijzigingen ervan, zijn verder uitgewerkt
een methodologie gepubliceerd op de website van de transmissienetbeheerder. Art. 22. § 1bis. De transmissienetbeheerder publiceert op zijn website de methodologie voor de uitvoering van netwerkstudies
het kader van gevraagde aansluitingen. De transmissienetbeheerder stelt de aanvrager van een aansluitingsstudie
kennis van de methodologie voor de uitvoering van de netwerkstudie. Ten laatste één maand voordat wijzigingen van de methodologie
werking treden, stelt de transmissienetbeheerder, met de nodige motivering, de CREG
kennis van wijzigingen van de methodologie. De CREG bezorgt haar opmerkingen bij de wijzigingen aan de transmissienetbeheerder. De transmissienetbeheerder stelt voorafgaand aan de
werkingtreding van wijzigingen van de methodologie de marktoperatoren
kennis via de permanente dialoog georganiseerd overeenkomstig artikel
rekening te nemen. Engie stelt eveneens voor om expliciet
de gedragscode op te nemen dat Elia met de opmerkingen rekening moet houden en zelfs aanpassingen aan de methodologie ter goedkeuring aan de CREG moet voorleggen. Ook Febeliec vraagt op zijn minst een evaluatie door de CREG van de methodologie van Elia (al dan niet gekoppeld aan een formele goedkeuringsprocedure). 46. De CREG begrijpt de vraag naar grondigere motivatie door Elia over de methodologie of wijzigingen daaraan en bijgevolg de vraag voor toevoeging van een formele raadpleging, alsook naar striktere controle door de CREG. Niet-vertrouwelijke versie 23/130 We wijzen erop dat als de CREG
haar analyse van de methodologie van Elia oordeelt dat deze niet
lijn is met het wettelijk kader, en bijvoorbeeld niet conform is aan bepalingen
de gedragscode, de CREG Elia hierover hoe dan ook kan en zal aanspreken. Volgend uit de verplichting van Elia om het wettelijk kader na te leven, met name, de gedragscode toe te passen, verwacht de CREG dat Elia de methodologie op basis van deze feedback zal aanpassen. Bijgevolg acht de CREG het niet nodig om een bepaling
de gedragscode toe te voegen die dit bevestigt. De CREG gaat akkoord dat Elia ook terdege zou moeten rekening houden met de opmerkingen ontvangen van de markt. Zelfs
dien Elia de methodologie niet wijzigt, zou Elia op zijn minst aan de markt moeten motiveren waarom bepaalde opmerkingen niet
acht worden genomen
de methodologie. Daarom voegt de CREG
artikel 22, §1bis, toe dat Elia naar behoren moet rekening houden met de opmerkingen die de CREG en de marktoperatoren bezorgen op de voorgestelde wijzigingen aan de methodologie, alvorens deze
werking te laten treden, en dat Elia deze motivatie moet bekendmaken vóór of gelijktijdig met de
werkingtreding van de gewijzigde methodologie. De CREG is echter van mening dat op korte termijn dit proces niet te strak dient te worden gereguleerd: wijzigingen van de methodologie op basis van ervaren problemen kunnen immers een dringende
werkingtreding vereisen waardoor een formeel raadplegingsproces de wijziging onnodig zou kunnen vertragen. De CREG opteert om
eerste
stantie de ervaring af te wachten met de verhoogde transparantie en verduidelijking door Elia over de methodologie.
dien de CREG observeert dat Elia een gebrek aan transparantie, duidelijkheid en volledigheid, of discriminatie vertoont
haar gehanteerde methodologie of de communicatie daaromtrent, zal de CREG het voorstel van Elia van bepalingen over de methodologie
de gedragscode opnieuw evalueren en,
dien daartoe geoordeeld wordt, een nieuwe ontwerp voor wijziging van de gedragscode ter raadpleging voorleggen aan Elia en de marktpartijen. 47. BOP, BSTOR, Engie, FEBEG en Febeliec hebben verder ook opmerkingen gedeeld over de toevoeging van basisprincipes of richtlijnen voor de methodologie
artikel 22, §1 of §1bis, van de gedragscode, alsook
houdelijke opmerkingen over de methodologie zelf. De CREG verwelkomt de opmerkingen van de marktspelers, maar kan deze
de huidige beslissing niet behandelen. De
houdelijke opmerkingen op de methodologie van Elia voor de uitvoering van netstudies betreffen een ander document dan de gedragscode. De CREG spreekt zich
deze beslissing niet uit over de
houd van de methodologie. De opname van basisprincipes voor de methodologie vraagt verdere reflectie alsook een openbare raadpleging van een nieuw ontwerp voor wijziging van de gedragscode. De CREG zal deze vraag dan ook meenemen als
put voor de volgende wijziging van de gedragscode (zoals reeds uiteengezet
deel 3 van deze beslissing). 48. Ook Elia vraagt om een wijziging van artikel 22, §1, van de gedragscode. Dit betreft eveneens een wijziging die verdere reflectie vraagt en een openbare raadpleging van een nieuw ontwerp voor wijziging van de gedragscode. De CREG had de behandeling van deze wijziging reeds voorzien voor volgende wijziging van de gedragscode (zoals reeds uiteengezet
deel 3 van deze beslissing). De CREG acht deze wijziging evenmin dringend aangezien de lijst van punten
artikel 22, §1, van de gedragscode wordt vooraf gegaan door “onder meer” en dus niet exhaustief is. 4.2.
deel 4.2.2 van deze beslissing, past de CREG haar ontwerp van wijzigingen van de gedragscode aan en wordt paragraaf §1bis toegevoegd aan artikel 22 van de gedragscode als volgt. 50. De CREG voert eveneens enkele redactionele correctie door
de Franstalige versie. Niet-vertrouwelijke versie 24/130 Wijzigingen van de gedragscode Art. 22. § 1bis. De transmissienetbeheerder publiceert op zijn website de methodologie voor de uitvoering van netwerkstudies
het kader van gevraagde aansluitingen. De transmissienetbeheerder stelt de aanvrager van een aansluitingsstudie
kennis van de methodologie voor de uitvoering van de netwerkstudie. Ten laatste één maand voordat wijzigingen van de methodologie
werking treden, stelt de transmissienetbeheerder, met de nodige motivering, de CREG alsook de marktoperatoren, via de permanente dialoog georganiseerd overeenkomstig artikel 237,
kennis van wijzigingen van de methodologie. Elk ontwerp van wijziging van de methodologie, bedoeld
het eerste lid, is het voorwerp van een transparante en gedocumenteerde dialoog, georganiseerd overeenkomstig artikel 237, waarbij de transmissienetbeheerder de beoogde wijzigingen afdoende motiveert. Het ontwerp van wijziging wordt ook voor commentaar naar de CREG gestuurd. De transmissienetbeheerder houdt terdege rekening met de opmerkingen van de CREG en de marktspelers en motiveert desgevallend waarom hij geen rekening heeft gehouden met deze opmerkingen. Hij brengt de CREG en de marktspelers hiervan op een transparante manier op de hoogte, ten laatste op het moment dat de wijziging van de methodologie
werking treedt. 4.3. WIJZIGING VAN ARTIKEL 26 MET BETREKKING TOT DE TECHNISCHE GEGEVENS
EEN ORIËNTATIESTUDIE 4.3.
de oriëntatiestudie hebben ten minste betrekking op de volgende elementen: […] 6°
voorkomend geval, een
dicatieve beschrijving van de flexibele aansluitingsregeling die voor een toegangsregeling die aangewezen zou zijn op de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit, volgens dient
overeenstemming dient te zijn met de modaliteiten voorzien
artikel 61; Art. 26. De technische gegevens
de oriëntatiestudie hebben ten minste betrekking op de volgende elementen: […] 6°
voorkomend geval, een
dicatieve beschrijving van de flexibele aansluitingsregeling toegangsregeling die aangewezen zou zijn op de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit, volgens overeenkomstig de modaliteiten voorzien
hoofdstuk 2.2.4; Niet-vertrouwelijke versie wijzigingen van de 25/130 4.3.
de oriëntatiestudie hebben ten minste betrekking op de volgende elementen: […] 6°
voorkomend geval, een
dicatieve beschrijving van de flexibele aansluitingsregeling toegangsregeling die aangewezen zou zijn op de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit, volgens overeenkomstig de modaliteiten voorzien
hoofdstuk 2.2.4; 4.4. WIJZIGING VAN ARTIKELEN 22, 25 EN 46 MET BETREKKING TOT DE WEIGERING VAN (VASTE) AANSLUITING
HET KADER VAN EEN ORIËNTATIESTUDIE EN DETAILSTUDIE 54. Het voorstel van Elia bevat enkele wijzigingen met betrekking tot bepalingen over de weigering van aansluiting
het algemeen of van vaste aansluiting specifiek,
artikelen 22, 25 en 46 van de gedragscode. De CREG verkiest om alle bepalingen omtrent de weigering van (vaste) aansluiting te groeperen
artikel 61 van de gedragscode. Daarom stelt de CREG voor om de bepalingen van de artikelen 22 en 46, die betrekking hebben op de weigering van aansluitingsaanvragen,
te trekken. De CREG verwijst naar wat zij hierover uiteenzet
deel 4.7.1 van deze beslissing. 4.4.
deze beslissing niet langer relevant. Bijgevolg voert de CREG de onderstaande redactionele correcties uit. Wijzigingen van de gedragscode Art. 25. Zo spoedig mogelijk, maar ten laatste binnen de veertig werkdagen volgend op de
diening van de aanvraag voor een oriëntatiestudie, en onder voorbehoud van de verlenging van deze termijn Niet-vertrouwelijke versie 26/130 als gevolg van de eventuele toepassing van de artikelen 21 en, 23 en 61 bezorgt de transmissienetbeheerder aan de aanvrager het resultaat van zijn oriëntatiestudie. Deze bevat de technische gegevens beschreven
artikel
voorkomend geval kan deze capaciteit worden beperkt door een regeling van flexibele aansluiting toegang zoals bedoeld
artikel
DE TYPEAANSLUITINGSOVEREENKOMST 4.6.
artikel 60 enkel redactionele wijzigingen ter verduidelijking van de terminologie
punt 11° van §1 en
punt 9° van §
artikel 60, §1, punt 11°, preciezer op te lijsten welke voorwaarden voor flexibele aansluitingen dienen te worden opgenomen
de type-aansluitingsovereenkomst. De CREG voegt daarom de specifieke parameters toe, met verwijzing naar artikel 61 waar deze verder worden uitgewerkt, zodat de door de transmissienetbeheerder
geschatte afregelrisico’s omwille van structurele congestierisico’s, zoals gecommuniceerd
de opgeleverde aansluitingsstudie horende bij de capaciteitsreservering, bindend worden gemaakt
het aansluitingscontract. Het voorstel van Elia voegt deze elementen toe
artikel 61, §6, van de gedragscode, maar de CREG is van mening dat de verduidelijking beter past
artikel
artikel 60, §1, punten 11bis°, 11ter° en 11quater° toe. Punt 11bis° geeft aan dat de modaliteiten voor de berekening van de effectief afgeregelde energie
de type-aansluitingsovereenkomst dienen te worden opgenomen. Het voorstel van Elia stelt
artikel 61, §7, punt 6°, dat “de regels voor de berekening van de afregeling
termen van energie, uitgedrukt
MWu, die overeenkomt met een vermindering van het beschikbare vermogen […] door de netbeheerder op zijn website [worden] gepubliceerd”. Het is echter geen reden waarom de regels over de baseline, zoals
andere type-overeenkomsten zoals deze voor balanceringsdiensten, niet zouden worden opgenomen
de type-aansluitingsovereenkomst. Punt 11ter° legt de link met de vereisten
artikel 6bis van de richtlijn 2019/944 en stelt dat het type stroombeheersingssysteem gebruikt door de transmissienetbeheerder dient te worden verduidelijkt
de type-aansluitingsovereenkomst. Het voorstel van Elia stelt
artikel 61, §8, eveneens dat de modaliteiten van het signaal worden beschreven
de type-aansluitingsovereenkomst. Punt 11quater° voegt toe dat de type-aansluitingsovereenkomst bepalingen moet bevatten over de financiële stromen tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker
geval van vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen, met verwijzing naar artikel 61sexies waar de principes hieromtrent verder worden uitgewerkt. Dit is
lijn met het voorstel van Elia
artikel 61, §7, punt 3°, althans voor wat betreft de vergoeding
dien “de vermindering van het beschikbare vermogen niet voldoet aan alle voorwaarden van 2° van deze paragraaf.” 60. De CREG vraagt aan Elia om de bovenstaande elementen op te nemen
het volgende voorstel voor wijziging van de type-aansluitingsovereenkomst. Niet-vertrouwelijke versie 27/130 Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art.
voorkomend geval, de modaliteiten van een aansluiting met flexibele toegang tot het transmissienet naar gelang de modaliteiten voorzien
artikel 61; Art.
voorkomend geval, de modaliteiten van een flexibele aansluiting op toegang tot het transmissienet naar gelang de modaliteiten voorzien
overeenkomstig artikel 61, zijnde de opname van tenminste de volgende parameters
het aansluitingscontract tussen de transmissienetgebruiker en de transmissienetbeheerder: - de tijdelijke periode overeenkomstig artikel 61quinquies; - overeenkomstig artikel 61quater, per afgebakende fase het vaste aansluitingsvermogen en het flexibele aansluitingsvermogen, de verwachte afregeling per jaar
termen van tijd en
termen van energie alsook desgevallend het (
het aansluitingscontract worden, op basis van de waarden van het technisch rapport of, wanneer uitgevoerd zoals beschreven
artikel 51, van de herevaluatie, volgende gegevens opgenomen: • de waarden per kalenderjaar van vast vermogen en flexibel vermogen, voor
jectie en/of voor afname; • de waarden per kalenderjaar van de afregeling
termen van energie, voor
jectie en/of voor afname; • de voorziene tijdelijke periode, zoals bepaald
paragraaf 7, 4°. Art.
termen van energie, uitgedrukt
MWu, die overeenkomt met een vermindering van het beschikbare vermogen worden door de netbeheerder op zijn website gepubliceerd. Art.
realtime aan de netgebruiker wordt doorgestuurd.] De modaliteiten worden beschreven
het typeaansluitingsovereenkomst. Art.
termen van energie door de transmissienetbeheerder vergoed. De vergoeding dekt de aantoonbare en redelijke kosten die rechtstreeks het gevolg zijn van de vermindering van het beschikbare vermogen, volgens de principes gehanteerd
artikel 131. De activeringsprijs wordt berekend aan de hand van de activeringsprijsformule. ] De modaliteiten om de formule te bepalen worden Niet-vertrouwelijke versie wijzigingen van de 11ter° de modaliteiten van het stroombeheersingssysteem dat de transmissienetbeheerder gebruikt om een vermindering van het beschikbare, flexibele aansluitingsvermogen op te leggen; 11quater° de modaliteiten van de financiële stromen tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker
geval van vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen; 28/130 beschreven
het typeaansluitingsovereenkomst. De formule voor een gegeven (kandidaat-)netgebruiker wordt overgenomen
een bijlage aan het aansluitingscontract. Art.
jectie- en/of het afnamepunt te wijzigen of te onderbreken evenals de tolerantiemarge die toepasselijk is op de nieuwe referentiewaarde en op de termijn om die te bereiken;
voorkomend geval, de modaliteiten betreffende het verzoek tot verlaging van het maximaal vermogen dat kan worden geproduceerd
het kader van een aansluiting met flexibele toegang op het transmissienet; 4.6.
jectie- en/of het afnamepunt te wijzigen of te onderbreken evenals de tolerantiemarge die toepasselijk is op de nieuwe referentiewaarde en op de termijn om die te bereiken;
voorkomend geval, de modaliteiten betreffende het verzoek tot verlaging van het maximaal vermogen dat kan worden geproduceerd
het kader van een flexibele aansluiting toegang op het transmissienet; Behandeling van de ontvangen opmerkingen
termen van tijd” te schrappen. Verder wijst Elia erop dat de netversterkingsprojecten enkel relevant zijn voor het overgaan van een flexibele naar een vaste aansluiting en voor gevallen waar een fase of het einde van de tijdelijke periode wordt uitgesteld omwille van het niet verkrijgen van de nodige vergunningen overeenkomstig het ontwerp van artikel 61quinquies, §4, van de gedragscode. Elia erkent dat een bijkomende oplijsting
de gedragscode van gegevens die ter
formatie worden vermeld wel mogelijk is, maar stelt voor om deze eerder
de type-aansluitingsovereenkomst te vermelden. Elia stelt een mogelijke herformulering van artikel 60, §1, punt 11°, voor waarin echter ook wijzigingen zijn opgenomen die Elia niet motiveert. De CREG merkt op dat Elia geen verwijzing naar “afgebakende fase” opneemt maar de waarden per kalenderjaar wil opnemen
het aansluitingscontract; verduidelijking toevoegt dat vast aansluitingsvermogen, flexibel aansluitingsvermogen en afregeling
termen van energie voor zowel afname als
jectie kunnen worden opgenomen
het contract. BSTOR vraagt om ook de maximale duurtijd van de tijdelijke periode op te nemen
het aansluitingscontract. BSTOR vraagt waarom het ontwerp van de CREG de waarden per afgebakende fase
het aansluitingscontract laat opnemen en niet per jaar zodat ook binnen eenzelfde fase er variaties per jaar mogelijk zijn. Niet-vertrouwelijke versie 29/130 63. Met betrekking tot de opname van “verwachte afregeling per jaar
termen van tijd” verkiest de CREG om deze te behouden als verplichte parameter op te nemen
het aansluitingscontract. De parameter heeft wel degelijk belang, zoals voor toepassing van drempels om ongeacht verwachte congestierisico’s toch een vaste aansluiting toe te kennen, en bijgevolg is deze parameter
deze zin wel bindend, zelfs als deze momenteel op basis van de ontworpen bepalingen geen verdere impact zou hebben. 64. Met betrekking tot de vermelding van de voorziene netversterkingsprojecten, verkiest de CREG om deze te behouden aangezien deze voor elke fase alsook voor het einde van de tijdelijke periode relevant kunnen zijn
geval van problemen met vergunningen. Bovendien is het mogelijk dat een aansluiting, bijvoorbeeld, flexibel is
een eerste fase, vast
een tweede fase en terug flexibel
een derde fase. De conversie van een flexibele naar vaste aansluiting dient ook
dergelijke gevallen te kunnen worden opgevolgd. 65. De CREG acht het wel nuttig om te verduidelijken dat parameters voor zowel afname als
jectie kunnen worden opgenomen, zoals voorgesteld door Elia. 66. Gezien het voorstel van Elia en de vraag van BSTOR, heeft de CREG geen bezwaar om de verwijzing naar de “afgebakende fase” te schrappen voor het vaste aansluitingsvermogen, het flexibele aansluitingsvermogen en de verwachte afregeling per jaar
termen van tijd en
termen van energie. Hoewel momenteel deze parameters
de technische rapporten van Elia, volgens de door Elia bepaalde methodologie, wel degelijk dezelfde zijn voor elk jaar binnen eenzelfde fase, wil de CREG eventuele, toekomstige evoluties voor verfijning van de parameters binnen een fase niet blokkeren. 67. Gezien de vraag van BSTOR over de verduidelijking van de maximale duurtijd van de tijdelijke periode, stelt de CREG voor om de verlenging te formaliseren door de motivatie van Elia
bijlage toe te voegen bij het aansluitingscontract. De CREG past het ontwerp van artikel 61quinquies, § 4,
die zin aan. 68. Wat betreft artikel 60, §1, punt 11°bis, over de modaliteiten voor de berekening van de effectief afgeregelde energie (zijnde, de baseline methodologie), heeft de CREG een opmerkingen ontvangen van Elia. Elia vraagt om deze modaliteiten tijdelijk nog niet op te nemen
de typeaansluitingsovereenkomst wegens onvoldoende uitgewerkt en gezien de tijd die nodig zal zijn om, gegeven de complexiteit, tot een goed uitgewerkte baselinemethodologie te komen. Een goedkeuringsprocedure via de type-aansluitingsovereenkomst zou op korte termijn blokkerend kunnen worden om
overleg met de marktspelers een baselinemethodologie uit te werken en verbeteringen aan te brengen. 69. De CREG begrijpt dat de modaliteiten voor de berekening van de effectief afgeregelde energie momenteel onvoldoende matuur zijn om reeds op te nemen
de type-aansluitingsovereenkomst, maar wijst Elia erop dat de CREG een overgangsbepaling voorziet die Elia 12 maanden de tijd geeft om een eerstvolgende voorstel voor wijziging van type-aansluitingsovereenkomst
te dienen. De CREG acht het belangrijk te verduidelijken dat deze modaliteiten dienen te worden opgenomen
een goedgekeurde type-aansluitingsovereenkomst. Bovendien benadrukken de nieuwe
zichten over de situaties die wel of niet een aanpassing van de BRP perimeter en de betaling van gegenereerde opbrengsten aan Elia rechtvaardigen, het belang van de volumebepaling voor deze afhandelingen
naleving van het (aansluitings- en/of BRP-)contract. De CREG verwijst hiervoor naar deel 4.7.5. van de beslissing. De methodologie van Elia voor bepaling van de volumes en dus de baselinemethodologie vormen samen met de bepaling ter uitvoering van de BRP perimeter en de betaling van gegenereerde opbrengsten een pakket dat ter goedkeuring dient te worden voorgelegd. De CREG behoudt bijgevolg artikel 60, §1, punt 11°bis. Bovendien acht de CREG het nuttig om, volgend uit het bovenstaande, te verduidelijken
artikel 60, §1, punt 11°bis, dat Elia de berekening van de Niet-vertrouwelijke versie 30/130 beschouwde energie dient te bepalen voor de volgende doeleinden. Het volume dat voor deze doeleinden wordt bepaald kan mogelijks verschillend zijn. “a) de aanpassing van de perimeter van de balanceringsverantwoordelijke, bedoeld
artikel 61sexies; b) de financiële stromen, bedoeld
punt 11°quater; c) het gebruik van het energieplafond, bedoeld
artikel 61quinquies, §8.”
derdaad zowel het (vaste en flexibele) aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting en niet enkel het flexibele aansluitingsvermogen.
deel 4.6.2 van deze beslissing, past de CREG haar ontwerp van wijzigingen van de gedragscode aan en wordt artikel 60, §§ 1 en 2, van de gedragscode aangepast als volgt.
voorkomend geval, de modaliteiten van eende flexibele aansluiting op toegang tot het transmissienet naar gelang de modaliteiten voorzien
, zijnde de opname van tenminste de volgende parameters
het aansluitingscontract tussen de transmissienetgebruiker en de transmissienetbeheerder: - de tijdelijke periode overeenkomstig artikel 61quinquies; - per kalenderjaar het vaste aansluitingsvermogen en het flexibele aansluitingsvermogen, voor
jectie en/of voor afname, overeenkomstig artikel 61quater; - per kalenderjaar, voor
jectie en/of voor afname, de verwachte afregeling per jaar
termen van tijd en
termen van energie, overeenkomstig artikel 61quater ; - per afgebakende fase , desgevallend, het (
rekening wordt genomen voor: a) de aanpassing van de perimeter van de balanceringsverantwoordelijke, bedoeld
artikel 61sexies; Niet-vertrouwelijke versie 31/130 b) de financiële stromen, bedoeld
punt 11°quater; c) het gebruik van het energieplafond, bedoeld
artikel 61quinquies, §8; 11°ter de modaliteiten van het stroombeheersingssysteem dat de transmissienetbeheerder gebruikt om een vermindering van het beschikbare, flexibele aansluitingsvermogen op te leggen; 11°quater de modaliteiten van de financiële stromen tussen de transmissienetbeheerder en de transmissienetgebruiker
geval van vermindering van het beschikbare aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting; Art.
jectie- en/of het afnamepunt te wijzigen of te onderbreken evenals de tolerantiemarge die toepasselijk is op de nieuwe referentiewaarde en op de termijn om die te bereiken;
voorkomend geval, de modaliteiten betreffende het verzoek tot verlaging van het maximaal vermogen dat kan worden geproduceerd
het kader van een flexibele aansluiting toegang op het transmissienet; 4.
deel 4 bevat het artikel 61 van de gedragscode het kader voor flexibele aansluitingen. Dit is bijgevolg het artikel dat onderhevig is aan de meest
grijpende veranderingen om aan het doel van deze beslissing tegemoet te komen. Het huidige artikel 61 van de gedragscode is opgebouwd als volgt: §1 betreft de procedure voor
diening van een goedkeuringsaanvraag door de transmissienetbeheerder en de afhandeling ervan door de CREG; §2 legt de relatie met de verplichting van de transmissienetbeheerder om het netwerk te ontwikkelen en de mate waarin flexibele aansluitingen al dan niet beperkt zijn
de tijd; §3 betreft de
houd van het technisch rapport als onderdeel van de goedkeuringsaanvraag; §4 verduidelijkt
welke omstandigheden de transmissienetbeheerder gebruik kan maken van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen. 76. Het voorstel van Elia geeft de volgende structuur aan artikel 61 van de gedragscode: §1 betreft de procedure voor
diening van een goedkeuringsaanvraag door de transmissienetbeheerder bij de CREG; §2 bevat de
houd van de niet-vertrouwelijke versie van het technisch rapport als onderdeel van de goedkeuringsaanvraag; §3 betreft de afhandeling door de CREG van de goedkeuringsaanvraag van de transmissienetbeheerder; via §4 wordt de procedure
ook toepasselijk gemaakt
het kader van herevaluaties
artikel 51 van het voorstel van Elia; §5 legt de relatie met de verplichting van de transmissienetbeheerder om het netwerk te ontwikkelen en de mate waarin flexibele aansluitingen al dan niet beperkt zijn
de tijd; - §6 betreft de elementen die
het aansluitingscontract dienen te worden opgenomen; Niet-vertrouwelijke versie 32/130 §7,
punten 1° tot en met 3°, betreft de financiële modaliteiten
termen van vergoeding en impact op de BRP ten gevolge van een vermindering van het beschikbare vermogen; §7,
punt 4° , betreft de bepaling van de tijdelijke periode; - §7,
punten 5° tot en met 8°, betreft de bepaling van de cap en de berekening van de afregeling, beide
termen van energie; §8 verduidelijkt
welke omstandigheden de transmissienetbeheerder gebruik kan maken van het beschikbare vermogen alsook de operationele modaliteiten van een afregeling
termen van het type stroombeheersingssysteem en prioriteitsregels
het gebruik van beschikbare remediërende acties; §9 vermeldt de maandelijkse rapportering aan de transmissienetgebruiker en aan de CREG van elke vermindering van beschikbare vermogen alsook de publicatie hiervan op de website van de transmissienetbeheerder. 77. De CREG zet
haar ontwerp van wijzigingen van de gedragscode de volgende structuur uiteen voor de bepaling van het kader voor flexibele aansluitingen: Artikel 61 betreft het onderzoek van de transmissienetbeheerder, na ontvangst van een verzoek voor een oriëntatiestudie of aansluitingsaanvraag (detailstudie) over de haalbaarheid van de gevraagde aansluiting, onder andere rekening houdende met de beschikbare capaciteit van het net. Een nieuw artikel 61bis betreft de kennisgeving aan de aanvrager en de CREG door de transmissienetbeheerder
geval de gevraagde aansluiting kennelijk onredelijk wordt bevonden
het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet en een flexibele aansluiting niet kan worden voorgesteld. Een nieuw artikel 61ter betreft de regels met betrekking tot de mogelijkheid voor de transmissienetbeheerder voor weigering van een (vaste) aansluiting en de regels voor toekenning van een flexibele aansluiting,
clusief: •
de beperking van de beschikbare netcapaciteit als rechtvaardiging voor de toekenning van een flexibele aansluiting, die echter niet geldt wanneer de aanvrager van de aansluiting zich ertoe verbindt om de kosten te dragen voor de vaste aansluiting. Paragraaf 1 wijst er ook op dat het ontbreken van een reservevoeding niet wordt beschouwd als toekomstige beperking van de beschikbare capaciteit van het net; •
de drempel om
geval een beperking van de beschikbare netcapaciteit op weinig momenten toch een vaste aansluiting toe te kennen; •
de minimumdrempel voor een flexibel aansluitingsvermogen; •
de verwijzing naar de methodologie van Elia voor wat betreft de drempelwaarde(n) om een netelement als beperkend te beschouwen; •
de relatie met de verplichting van de transmissienetbeheerder om het netwerk te ontwikkelen. Een nieuwe artikel 61quater betreft de kennisgeving
geval van toekenning van een flexibele aansluiting,
clusief : Niet-vertrouwelijke versie 33/130 •
de kennisgeving via een technisch rapport aan de CREG en aan de Algemene Directie Energie, alsook via een niet-vertrouwelijke versie van het technisch rapport aan de aanvrager; •
de minimale
houd van het technisch rapport. Een nieuwe artikel 61quinquies betreft: •
de parameters uit de detailstudie die bindend worden
het aansluitingscontract; •
de omzetting van een flexibele aansluiting
een vaste aansluiting; •
en 4 de bepaling van de “tijdelijke periode”; • en
Een nieuwe artikel 61sexies betreft de operationele modaliteiten voor de vermindering van het beschikbare flexibele aansluitingsvermogen
reële tijd,
clusief: •
de relatie met congestierisico’s op gemonitorde netelementen; •
de principes die gelden bij afregeling
de tijdelijke periode en zolang het energieplafond niet is bereikt (zoals de impact op de BRP, de financiële stromen en de prioriteitsregels
het gebruik van beschikbare remediërende acties); •
de principes die gelden bij afregeling als het energieplafond wel is bereikt of na de tijdelijke periode; •
de mogelijkheid voor de transmissienetbeheerder om
uitzonderlijke omstandigheden ook voor andere netbedreigingen dan congestierisico het beschikbare aansluitingsvermogen van een flexibele aansluiting te kunnen verminderen
reële tijd; •
de ex-ante notificatie aan de transmissienetgebruiker door de transmissienetbeheerder wanneer deze een risico op vermindering van beschikbare aansluitingsvermogen detecteert. Een nieuw artikel 61septies creëert de mogelijkheid voor een voorstel onder proefvoorwaarden met afwijking van de modaliteiten voor flexibele aansluiting. Een nieuwe artikel 61octies betreft de impact van flexibele aansluiting op de levering van ondersteunende diensten, met name balanceringsdiensten. Een nieuwe artikel 61novies heeft met betrekking tot publicatierapporteringsverplichtingen van de transmissienetbeheerder over flexibele aansluiting. en De hierna gehanteerde titels volgen de structuur voor wijziging van artikel 61 zoals uiteengezet door de CREG
deze beslissing. Niet-vertrouwelijke versie 34/130 4.7.
de oorspronkelijke versie van de gedragscode worden de gevallen van een (regelrechte) weigering van aansluiting en een weigering van een vaste aansluiting met voorstel tot aansluiting met flexibele toegang op een versnipperde en niet noodzakelijk coherente manier behandeld. De weigeringen van aansluiting worden behandeld
de artikelen 22, § 3, en 46, § 3,
het kader van respectievelijk de oriëntatiestudie of de aansluitingsaanvraag; ze maken het voorwerp uit van een beslissing van de netbeheerder, waartegen beroep kan worden aangetekend bij de CREG. De aansluitingen met flexibele toegang worden daarentegen behandeld
artikel 61 van de gedragscode; ze maken het voorwerp uit van een voorstel van de transmissienetbeheerder en moeten worden goedgekeurd door de CREG. 79.
haar voorstel wijzigt Elia deze regeling niet fundamenteel, noch de respectievelijke rollen en verantwoordelijkheden van de CREG en de netbeheerder. Echter : de regelrechte weigering van aansluiting wordt enkel behandeld
het kader van de oriëntatiestudie (art. 22, § 3 en 25, lid 2), aangezien Elia ervan uitgaat dat het onredelijke karakter van de aansluiting moet blijken zodra de oriëntatiestudie wordt uitgevoerd; Elia somt een aantal omstandigheden op waarin een (vaste) aansluiting niet kan worden geweigerd (art. 22, § 3, lid 2); wat het voorstel van flexibele aansluiting betreft, stelt Elia voor (op basis van ontwerpbeslissing (B)2667 van de CREG van 9 november 2023) dat de CREG,
plaats van een systematisch goedkeuringsmechanisme, hetzij op eigen
itiatief aan de transmissienetbeheerder kan vragen om haar voorstel te wijzigen, hetzij op basis van een klacht van de kandidaat-netgebruiker kan beslissen dat de netbeheerder het voorstel moet wijzigen, waarbij het aan de netbeheerder is om deze beslissing te weerleggen of om een aangepast technisch rapport voor te leggen (Art. 61, § 3). 80. Wat betreft de structuur van de gedragscode elektriciteit is de CREG
de eerste plaats van mening dat het de voorkeur verdient om de hypothesen van (regelrechte) weigering van aansluiting en weigering van vaste aansluiting samen te brengen met een voorstel van flexibele aansluiting. Beide scenario's worden voortaan voorzien
hoofdstuk 2.2.4. van de gedragscode. De CREG stelt dus voor om de bepalingen van de artikelen 22 en 46 die betrekking hebben op de weigering van aansluiting te schrappen en een artikel 61bis
te voegen dat uitsluitend deze hypothese behandelt. Voorstel van Elia Ontwerp van gedragscode Art. 22. § 3.
dien de transmissienetbeheerder meent dat de gevraagde aansluiting aanvraag voor een oriëntatiestudie kennelijk onredelijk is
het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet, stelt hij de aanvrager, met de nodige motivering,
kennis van de weigering tot aansluiting en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, na afloop van het onderzoek van Art. 22. § 3.
dien de transmissienetbeheerder meent dat de aanvraag voor een oriëntatiestudie kennelijk onredelijk is
het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet, stelt hij de aanvrager, met de nodige motivering,
kennis van de weigering tot aansluiting en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, na afloop van het onderzoek van de aanvraag voor een Niet-vertrouwelijke versie wijzigingen van de 35/130 de aanvraag voor een oriëntatiestudie uitgevoerd met toepassing van artikel 25 tot en met 28. § 4.
dien blijkt dat de gevraagde aansluiting aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, of dat de aanvraag mogelijks zou leiden tot een techno-economisch niet verantwoordde aansluiting onderzoekt de transmissienetbeheerder of het relevant is om aan de aanvrager van een oriëntatiestudie een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen. De modaliteiten voor flexibele aansluitingen van elektriciteitsproductie-eenheden, verbruiksinstallaties of energieopslagfaciliteiten zijn, volgens de modaliteiten voorzien
artikel
dien de transmissienetbeheerder echter tijdens het uitvoeren van de oriëntatiestudie oordeelt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet en dat geen flexibele aansluiting kan worden verleend, deelt de transmissienetbeheerder de aanvrager en de CREG zijn beslissing mee om de aansluitingsaanvraag, en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, te weigeren. Hij geeft hierin aan dat deze het voorwerp van beroep bij de CREG kan uitmaken alsmede de modaliteiten teneinde dit uit te oefenen. oriëntatiestudie uitgevoerd met toepassing van artikel 25 tot en met 28. Art. 46. § 2. Heeft de aansluitingsaanvraag betrekking op de aansluiting van een elektriciteitsproductie-eenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit, en
dien blijkt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard, om redenen van gebrek aan capaciteit overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, kan de transmissienetbeheerder aan de aanvrager voorstellen om hem een flexibele toegang te verlenen voor de aansluiting van de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit volgens de modaliteiten voorzien
artikel 61.
dien blijkt dat de gevraagde aansluiting niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, of dat de aanvraag mogelijks zou leiden tot een technoeconomisch niet verantwoordde aansluiting Art.
dien blijkt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard, om redenen van gebrek aan capaciteit overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, kan de transmissienetbeheerder aan de aanvrager voorstellen om hem een flexibele toegang te verlenen voor de aansluiting van de betrokken elektriciteitsproductie-eenheid, verbruiksinstallatie of energieopslagfaciliteit volgens de modaliteiten voorzien
artikel 61. Niet-vertrouwelijke versie § 4.
dien blijkt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet, onderzoekt de transmissienetbeheerder of het relevant is om aan de aanvrager van een oriëntatiestudie een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen, volgens de modaliteiten voorzien
artikel 61. / 36/130 onderzoekt de transmissienetbeheerder of het relevant is om aan de aanvrager van een detailstudie een aansluiting met flexibele toegang voor te stellen. De modaliteiten voor flexibele aansluiting van elektriciteitsproductie-eenheden, verbruiksinstallaties of energieopslagfaciliteiten zijn voorzien
artikel
dien de transmissienetbeheerder echter na de voltooiing van de detailstudie oordeelt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet en dat geen flexibele toegang kan worden verleend, deelt de transmissienetbeheerder de aanvrager en de CREG zijn beslissing mee om de aansluitingsaanvraag, en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, te weigeren. Hij geeft hierin aan dat deze het voorwerp van beroep bij de CREG kan uitmaken alsmede de modaliteiten teneinde dit uit te oefenen. Art. 46. § 3. […]
dien de transmissienetbeheerder echter na de voltooiing van de detailstudie oordeelt dat de aansluitingsaanvraag niet kan worden aanvaard overeenkomstig artikel 15, § 1, derde lid, van de wet en dat geen flexibele toegang kan worden verleend, deelt de transmissienetbeheerder de aanvrager en de CREG zijn beslissing mee om de aansluitingsaanvraag, en bijgevolg de toegang tot het transmissienet, te weigeren. Hij geeft hierin aan dat deze het voorwerp van beroep bij de CREG kan uitmaken alsmede de modaliteiten teneinde dit uit te oefenen. Hoofdstuk 2.2.4. Aansluiting met flexibele Hoofdstuk 2.2.4. Weigering van (vaste) toegang aansluiting en toekenning van flexibele aAansluiting met flexibele toegang [cfr. voorgestelde wijzigingen voor artikelen 22, Art. 61. Voor elk verzoek om een 25 en 46 hierboven] oriëntatiestudie als bedoeld
artikel 17, § 1, of de aansluitingsaanvraag als bedoeld
artikel 29, § 1, onderzoekt de transmissienetbeheerder of de gevraagde aansluiting van een elektriciteitsproductieeenheid, een verbruiksinstallatie of een energieopslagfaciliteit kan worden verwezenlijkt, desgevallend met een beperking van de
jectie en/of afname van elektriciteit, rekening houdende met de beschikbare capaciteit van het net. [cfr. voorgestelde wijzigingen voor artikelen 22, Art. 61bis. Als de transmissienetbeheerder 25 en 46 hierboven] tijdens de uitvoering van de oriëntatiestudie of van het onderzoek van de aansluitingsaanvraag meent dat, op basis van de methodologie bedoeld
artikel 22, § 1bis, de gevraagde aansluiting kennelijk onredelijk is
het licht van de veiligheid, de betrouwbaarheid en de efficiëntie van het transmissienet en een flexibele aansluiting niet kan worden voorgesteld, stelt hij de aanvrager en de CREG, mits gemotiveerde beslissing,
kennis van de Niet-vertrouwelijke versie 37/130 weigering tot aansluiting en bijgevolg de toegang tot het transmissienet. Deze kennisgeving bevat ook de aanduiding van de beroepsprocedures tegen deze beslissing alsook hun modaliteiten. 4.7.1.2. Behandeling van de ontvangen opmerkingen 81. Elia is van mening dat het ontwerp van de CREG voor wijziging van de titel van hoofdstuk 2.2.4 de
houd van de bepalingen
het hoofdstuk niet correct weergeeft en stelt voor om de titel aan te passen naar “Hoofdstuk 2.2.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.