← België

Beslissing over de vraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden voor de Balanceringsverantwoordelijke of

(B)2991 10 april 2025 Beslissing over de vraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden voor de Balanceringsverantwoordelijke of “de T&Cs BRP” genomen met toepassing van de artikel 5.4, c) van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11–www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE .............................................................................................................................. 2 INLEIDING ........................................................................................................................................... 4 AFKORTINGSLIJST ............................................................................................................................... 6

  1. WETTELIJK KADER....................................................................................................................... 8 1.
  2. Europees recht ................................................................................................................... 8 1.1.
  3. Verordening (EU) 2019/943 ....................................................................................... 8 1.1.
  4. EBGL ........................................................................................................................... 9 1.
  5. Belgisch recht ................................................................................................................... 15 1.2.
  6. Gedragscode elektriciteit ......................................................................................... 15 ANTECEDENTEN ....................................................................................................................... 17 2.
  7. Algemeen ......................................................................................................................... 17 2.
  8. Overleg door Elia met DSB’s ............................................................................................. 20 2.
  9. Openbare raadpleging...................................................................................................... 21 2.3.
  10. Algemeen ................................................................................................................. 21 2.3.
  11. Bespreking raadplegingsverslag ............................................................................... 22 ANALYSE EN BEOORDELING VAN DE VOORGESTELDE WIJZIGINGEN ...................................... 29 3.
  12. Algemene voorafgaande opmerkingen ............................................................................ 29 3.
  13. Bespreking ........................................................................................................................ 29 3.2.
  14. Implementatieplan ................................................................................................... 29 3.2.
  15. Verwachte effect op de doelstellingen van de Verordening ................................... 31 3.2.
  16. Artikel 1 – Definities ................................................................................................. 31 3.2.
  17. Artikel 5 Facturatie- en betalingsvoorwaarden........................................................ 34 3.2.
  18. Artikel 15 De evenwichtsperimeter van BRP ........................................................... 35 3.2.
  19. Artikel 18 Betalingswaarborg ................................................................................... 35 3.2.
  20. Artikel 20 Toewijzing aan de Evenwichtsperimeter ................................................. 35 3.2.
  21. Artikel 21 Onevenwicht per kwartier van BRP ......................................................... 36 3.2.
  22. Artikel 22 Gegevensuitwisseling .............................................................................. 36 3.2.
  23. Artikel 24 Dagelijks Evenwichtsprogramma ............................................................. 37 3.2.
  24. Artikel 25 Procedure voor de indiening van Dagelijks Evenwichtsprogramma’s..... 40 3.2.
  25. Artikel 27 Volledige of gedeeltelijke weigering van Dagelijkse Evenwichtsprogramma’s .......................................................................................................... 40 3.2.
  26. Artikel 29 Tarieven en facturatie.............................................................................. 40 3.2.
  27. Artikel 30 Regels voor de berekening van de onevenwichtsprijs ............................ 40 Niet-vertrouwelijk 2/44 3.2.
  28. Bijlage 7 Verliezen in geval dat een BRPdp verschillend van BRPap wordt toegewezen op een Leveringspunt ............................................................................................................... 41 3.
  29. Aanvullende opmerkingen ............................................................................................... 41 CONCLUSIE ............................................................................................................................... 42 BIJLAGE 1 .......................................................................................................................................... 43 BIJLAGE 2 .......................................................................................................................................... 43 BIJLAGE 3 .......................................................................................................................................... 43 BIJLAGE 4 .......................................................................................................................................... 43 BIJLAGE 5 .......................................................................................................................................... 43 BIJLAGE 6 .......................................................................................................................................... 44 BIJLAGE 7 .......................................................................................................................................... 44 BIJLAGE 8 .......................................................................................................................................... 44 BIJLAGE 9 .......................................................................................................................................... 44 Niet-vertrouwelijk 3/44 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS onderzoekt met toepassing van artikel 5.4(c), van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering, het voorstel van de netbeheerder, Elia Transmission Belgium SA tot wijziging van de voorwaarden voor de evenwichtsverantwoordelijke, dat bij de CREG werd ingediend per elektronische brief van 28 februari 2025 . De elektronische brief van 28 februari 2025 bevat: - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Clean (bijlage 1 van deze beslissing); - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Track Changes (bijlage 2 van deze beslissing); - Een verklarende nota in het Engels (bijlage 3 van deze beslissing); - Het raadplegingsverslag in het Engels, inclusief de individueel ontvangen antwoorden van de marktspelers (bijlage 4 van deze beslissing); - Een brief van de Federale Overheidsdienst Financiën over de BTW-behandeling van de balanceringsdiensten van het elektriciteitsnet (Bijlage 5 van deze beslissing); - Een presentatie over de toepassing van de technische maatregel en de impact ervan op gereguleerde documenten (bijlage 6 van deze beslissing); - Een brief van de VREG, gericht aan Elia, met de vraag voor indiening van het voorstel van wijziging van T&C BRP en van andere regelgevende documenten (bijlage 7 van deze beslissing). Met dit voorstel tot wijziging van de voorwaarden voor de evenwichtsverantwoordelijke beoogt Elia gevolg te geven aan het wijzigingsverzoek van 14 november 2024 van de CREG (bijlage 8 van deze beslissing) waarin gevraagd wordt om de onbalanspositie van de evenwichtsverantwoordelijke aan te passen wanneer Elia veranderingen vraagt in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik van elektriciteitsproductie-eenheden, verbruikseenheden en opslageenheden met als doel de door haar vastgestelde frequentieherstelregelfout (“FRCE”) in de Belgische LFC Zone te verminderen. Elia heeft krachtens artikel 152 van de SOGL het wettelijk recht om zulke veranderingen te vragen voor alle eenheden of installaties in de Belgische LFC Zone, en dit ongeacht het spanningsniveau. Daarnaast stelt Elia additionele wijzigingen voor met als doel: - de toekomstige evolutie van de day-ahead marktkoppeling (SDAC) en intraday marktkoppeling (SIDC) te anticiperen; - een eventuele toekomstige toelating in het toegangscontract om meerdere BRPs per toegangspunt aan te duiden te anticiperen; - tegemoet te komen aan een verzoek van de BTW-administratie om het systeem van creditnota’s te vervangen door een systeem van self-billing; - de externe inconsistenties aan te passen ten gevolge van opmerkingen van marktdeelnemers. Niet-vertrouwelijk 4/44 Onderhavige beslissing bestaat uit vier delen. Het eerste deel schetst het wettelijk kader. Het tweede deel duidt de antecedenten en de openbare raadpleging. In het derde deel analyseert de CREG het door Elia op 28 februari 2025 ingediend voorstel. Het laatste deel bevat de eigenlijke beslissing. Onderhavige beslissing werd door het directiecomité van de CREG goedgekeurd tijdens de vergadering van 10 april
  30. Niet-vertrouwelijk 5/44 AFKORTINGSLIJST CREG: Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas EBGL: Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering Elia: Elia Transmission Belgium SA Voorstel tot wijziging T&Cs BRP: Voorstel tot wijziging van de voorwaarden voor de evenwichtsverantwoordelijke ingediend door Elia bij de CREG op 28 februari 2025 Verordening (EU) 2019/943: Verordening (EU) 2019/943 van het Europees parlement en de raad van 5 juni 2019 betreffende de interne markt voor elektriciteit E&R NC: Verordening (EU) 2017/2196 van de Commissie van 24 november 2017 tot vaststelling van een netcode voor de noodtoestand en het herstel van het elektriciteitsnet TSB: Transmissiesysteembeheerder BRP: Balanceringsverantwoordelijke BSP: Aanbieder van balanceringsdiensten SOGL: Verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen ACER besluit 18/2020: Besluit van 15 juli 2020 van ACER betreffende “Methodology for the harmonisation of the main features of imbalance settlement in accordance with Article 52

(2)of Commission Regulation (EU) 2017/2195 of 23 November 2017 establishing a guideline on electricity balancing.” ACER besluit 01/2020: Besluit van 24 januari 2020 betreffende “Methodology for pricing balancing energy and cross-zonal capacity used for the exchange of balancing energy or operating the imbalance netting process in accordance with Article 30
(1)of Commission Regulation (EU) 2017/2195 of 23 November 2017 establishing a guideline on electricity balancing” ACER besluit 04/2018 Besluit van 24 april 2018 betreffende “ All transmission system operators’ proposal for intraday cross-zonal gate opening and intraday cross-zonal gate closure times” Elektriciteitswet: De wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt Gedragscode elektriciteit: Gedragscode vastgesteld door de CREG op 20 oktober 2022 tot vaststelling van de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en van de methoden voor het Niet-vertrouwelijk 6/44 berekenen of vastleggen van de voorwaarden inzake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer T&C BRP: Voorwaarden voor de evenwichtsverantwoordelijke T&Cs BSP mFRR: Voorwaarden voor de aanbieders van balanceringsdiensten voor Frequentieherstelreserves met manuele activering MIP : « Marginal Incremental Price » of « Prix Marginal des activations à la hausse » MDP : « Marginale Decremental Price » of de « Prix Marginal des activations à la baisse » FRCE: Frequentieherstelregelfout, bedoeld in artikel 3
(43)van de SOGL Niet-vertrouwelijk 7/44
  1. WETTELIJK KADER 1.
  2. EUROPEES RECHT 1.1.
  3. Verordening (EU) 2019/943
  4. In de Overweging
(12)wordt gemeld dat: “De artikelen 18, 30 en 32 van Verordening (EU) 2017/2195 voorzien erin dat de prijsstellingsmethode voor zowel standaardproducten als specifieke producten voor balanceringsenergie de marktdeelnemers prikkelen om hun eigen systeembalans in hun onbalansprijszone te behouden of te helpen herstellen, waarbij zij systeemonbalansen en kosten voor de samenleving beperken. Deze prijsstelling moet streven naar het economisch efficiëntste gebruik van vraagrespons en andere balanceringsmiddelen, binnen de grenzen van de operationele veiligheid.” 2. Artikel 2
(16)definieert de onbalansprijs als: “de prijs, die positief, nul of negatief kan zijn, in elke periode voor onbalansverrekening voor een onbalans in elke richting;” 3. Artikel 3 bepaalt dat: “De lidstaten, de regulerende instanties, de transmissiesysteembeheerders, de distributiesysteembeheerders, de marktbeheerders en de gedelegeerde beheerders waarborgen dat de elektriciteitsmarkten in overeenstemming met de volgende beginselen worden beheerd:
  1. a)prijsvorming vindt plaats op basis van vraag en aanbod;
  2. b)de marktvoorschriften moedigen de vrije prijsvorming aan en vermijden acties waardoor prijsvorming op basis van vraag en aanbod wordt tegengegaan;
  3. c)de marktvoorschriften vergemakkelijken de ontwikkeling van meer flexibele productie, duurzame koolstofarme productie en meer flexibele vraag; […]
  4. g)de marktvoorschriften zorgen voor passende investeringsprikkels voor productie, in het bijzonder langetermijninvesteringen voor een koolstofvrij en duurzaam elektriciteitssysteem, energieopslag, energie-efficiëntie, en zorgen voor vraagrespons, waardoor aan de behoeften van de markt tegemoet wordt gekomen, en faciliteren eerlijke mededinging, waardoor de voorzieningszekerheid wordt gewaarborgd;
  5. h)belemmeringen voor grensoverschrijdende elektriciteitsstromen tussen biedzones of lidstaten en grensoverschrijdende transacties op elektriciteitsmarkten en aanverwante dienstenmarkten worden geleidelijk weggenomen; […]
  6. m)de marktvoorschriften maken efficiënte dispatching van middelen voor elektriciteitsproductie, energieopslag en vraagrespons mogelijk; […].” 4. Tot slot, artikel 10.1 van de Verordening (EU) 2019/943 bepaalt dat: “Er mag geen maximale noch minimale limiet voor de groothandels-elektriciteitsprijs worden vastgelegd. Deze bepaling is onder meer van toepassing op het bieden en clearen in alle tijdsbestekken en omvat prijzen voor balanceringsenergie en onbalans, onverminderd de technische prijsbeperkingen die kunnen worden toegepast in het balanceringstijdsbestek en in de day-ahead- en intradaytijdsbestekken overeenkomstig lid 2.” Niet-vertrouwelijk 8/44 1.1.2. EBGL 1.1.2.1. Algemene bepalingen 5. Artikel 3.1, van de EBGL beschrijft de doelstellingen die met toepassing van de EBGL nagestreefd worden. De doelstellingen zijn: “
  7. a)effectieve mededinging, non-discriminatie balanceringsmarkten bevorderen; en transparantie op de
  8. b)de efficiëntie van balancering en van de Europese en nationale balanceringsmarkten verbeteren;
  9. c)de balanceringsmarkten integreren en de mogelijkheden voor de uit wisseling van balanceringsdiensten bevorderen, en tegelijk bijdragen tot de operationele veiligheid;
  10. d)bijdragen tot de efficiënte langetermijnexploitatie en -ontwikkeling van het elektriciteitstransmissiesysteem en de elektriciteitssector in de Unie, en tegelijk de efficiënte en consistente werking van day-aheadmarkten, intradaymarkten en balanceringsmarkten vergemakkelijken;
  11. e)ervoor zorgen dat de inkoop van balanceringsdiensten eerlijk, objectief, transparant en marktgebaseerd is, dat geen ongeoorloofde belemmeringen voor nieuwe marktdeelnemers worden gecreëerd, dat de liquiditeit van balanceringsmarkten wordt bevorderd en dat on geoorloofde verstoringen op de interne markt voor elektriciteit worden voorkomen;
  12. f)de deelname van vraagrespons vergemakkelijken, met inbegrip van aggregatiefaciliteiten en energieopslag, en er tegelijk voor zorgen dat zij concurreren met andere balanceringsdiensten op een gelijk speel veld en, voor zover nodig, onafhankelijk optreden als ze één verbruikersinstallatie bedienen;
  13. g)de deelname van hernieuwbare energiebronnen vergemakkelijken en bijdragen tot de verwezenlijking van de doelstelling van de Europese Unie betreffende de doorbraak van hernieuwbare energiebronnen. “ Met het ingediende voorstel tot wijziging van de T&C BRP wenst Elia de actieve deelname bedoeld in artikel 3.1,
  14. f)van de EBGL te ondersteunen, gegeven dat de T&C BRP toelaat om meerdere BRPs aan te duiden achter een Toegangspunt, wat toelaat om de flexibiliteit van de vraag te valoriseren door verschillende BRPs. Verder geeft Elia met het ingediende voorstel tot wijziging van de T&C BRP een invulling aan de doelstelling van artikel 3.1, g), van de EBGL door de deelname van hernieuwbare energiebronnen te faciliteren en te ondersteunen. Het voorstel zou moeten toelaten om significante volumes van intermitterende, hernieuwbare energie te verspreiden in de perimeters van meerdere BRPs toegewezen achter hetzelfde Toegangspunt. 6. Artikel 3.2., van de EBGL vervolgt dat bij de toepassing van de EBGL de lidstaten, relevante regulerende instanties en systeembeheerders ervoor zorgen dat zij: “
  15. a)de beginselen van evenredigheid en niet-discriminatie toepassen;
  16. b)de transparantie waarborgen;
  17. c)het beginsel toepassen van optimalisering tussen de hoogste totale efficiëntie en laagste totale kosten voor alle betrokken partijen;
  18. d)erop toezien dat TSB's zo veel mogelijk gebruikmaken van markt gebaseerde mechanismen om de veiligheid en stabiliteit van het net werk te garanderen; Niet-vertrouwelijk 9/44
  19. e)erop toezien dat de ontwikkeling van de forward-, de day-ahead- en intradaymarkten niet in het gedrang komt;
  20. f)de aan de relevante TSB toegewezen verantwoordelijkheid respecteren om de systeemveiligheid te waarborgen, inclusief als vereist door de nationale wetgeving;
  21. g)de relevante DSB's raadplegen en rekening houden met de potentiële effecten op hun systemen;
  22. h)rekening houden met de overeengekomen Europese normen en technische specificaties.” 7. Artikel 4.1 van de EBGL bepaalt dat: De TSB’s ontwikkelen de bij deze verordening vereiste voorwaarden of methodologieën en dienen die ter goedkeuring in bij het Agentschap overeenkomstig artikel 5, lid 2, dan wel bij de relevante regulerende instanties overeenkomstig artikel 5, lid 3, binnen de bij deze verordening vastgestelde respectievelijke termijnen. In uitzonderlijke omstandigheden, met name in gevallen waarin een termijn niet kan worden gehaald als gevolg van omstandigheden buiten de verantwoordelijkheid van de TSB’s, kunnen de termijnen voor voorwaarden of methodologieën worden verlengd door het Agentschap in procedures overeenkomstig artikel 5, lid 2, gezamenlijk door alle relevante regulerende instanties in procedures overeenkomstig artikel 5, lid 3, en door de relevante regulerende instantie in procedures overeenkomstig artikel 5, lid 4. 8. Met toepassing van artikel 5.1, van de EBGL heeft de CREG de bevoegdheid om, na raadpleging van de TSB, het ingediende voorstel te herzien om ervoor te zorgen dat deze in overeenstemming zijn met het doel van deze verordening en bijdragen tot marktintegratie, nondiscriminatie, effectieve mededinging en de goede werking van de markt 9. Overeenkomstig artikel 5.4.c), van de EBGL moeten de voorstellen voor de voorwaarden voor balancering, zoals bepaald in artikel 18, van de EBGL ter goedkeuring voorgelegd worden aan de regulerende instantie van de lidstaat, in casu de CREG. 10. Artikel 5.5, van de EBGL vermeldt verder dat: “Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor de implementatie ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van deze verordening. De implementatietermijn mag niet langer zijn dan twaalf maanden na de goedkeuring door de relevante regulerende instanties, behalve als alle regulerende instanties overeenkomen om de implementatietermijn te verlengen of als andere termijnen worden voorgeschreven in deze verordening.” 11. Tot slot, biedt artikel 6.1 van de EBGL aan de CREG de bevoegdheid om een wijzigingsverzoek te richten tot de TSB over de ingediende voorwaarden of methodologieën teneinde deze te kunnen goedkeuren. De TSB dient binnen de twee maanden een voorstel voor gewijzigde voorwaarden of methodologieën in binnen twee maanden na ontvangst van het wijzigingsverzoek. De CREG neemt een beslissing over de gewijzigde voorwaarden of methodologieën binnen twee maanden na de indiening ervan. 1.1.2.2. Voorwaarden van balancering 12. Artikel 18.2, van de EBGL vervolgt dat de bedoelde voorwaarden ook regels voorziet voor de opschorting en herneming van marktactiviteiten overeenkomstig artikel 36, van de E&R NC en voor verrekening in geval van marktopschorting overeenkomstig artikel 39, van de E&R NC, zodra deze zijn goedgekeurd overeenkomstig artikel 4 van de E&R NC. Niet-vertrouwelijk 10/44 Op 18 juli 2023 heeft Elia hierover bij de CREG een voorstel ingediend voor goedkeuring. Het betreft een aangepast voorstel van Elia naar aanleiding van beslissing (B)1941 van de CREG van 19 september 2019. Bij beslissing (B)2635 van 9 november 2023 heeft de CREG het voorstel van Elia van 18 juli 2023 goedgekeurd, waarvan de inwerkingtreding gebeurt op datum van de inwerkingtreding van de tarieven voor de tariefperiode 2024-2027 (waaronder het uniek hersteltarief), d.w.z. op 1 januari 2024. 13. Artikel 18.3, van de EBGL bepaalt dat elke TSB bij de opstelling van voorstellen voor voorwaarden voor BRP's als volgt te werk gaat: “
  23. a)hij pleegt overleg met de TSB's en distributiesysteembeheerders die gevolgen kunnen ondervinden van die voorwaarden;
  24. b)hij neemt het kader voor de oprichting van Europese platforms voor de uitwisseling van balanceringsenergie en voor onbalansnetting, overeenkomstig de artikelen 19, 20, 21 en 22, van de EBGL in acht;
  25. c)hij betrekt andere distributiesysteembeheerders en andere belanghebbenden bij de opstelling van het voorstel en houdt rekening met hun standpunten, onverminderd de openbare raadpleging overeenkomstig artikel 10, van de EBGL.” 14. Overeenkomstig artikel 18.6, van de EBGL bevatten de voorwaarden voor BRP's het volgende: “
  26. a)de definitie van balanceringsverantwoordelijkheid voor elke connectie, op zodanige wijze dat hiaten of overlappingen in de balanceringsverantwoordelijkheid van de verschillende marktpartijen die diensten verlenen aan die connectie worden vermeden;
  27. b)de eisen waaraan moet worden voldaan om BRP te worden;
  28. c)de eis dat alle BRP's financieel aansprakelijk zijn voor hun onbalansen, en dat de onbalansen worden verrekend met de connecterende TSB;
  29. d)de eisen inzake de gegevens en informatie die aan de connecterende TSB moeten worden verstrekt voor het berekenen van de onbalansen;
  30. e)de regels die BRP's moeten volgen om hun programma's te wijzigen vóór en na de gatesluitingstijd van de intradaymarkt overeenkomstig leden 3 en 4 van artikel 17;
  31. f)de regels voor de verrekening van BRP's, overeenkomstig hoofdstuk 4 van titel V;
  32. g)de afbakening van een onbalanszone overeenkomstig artikel 54, lid 2, en een onbalansprijszone;
  33. h)een maximumperiode voor de voltooiing van de verrekening van onbalansen met BRP's voor elke periode voor onbalansverrekening overeenkomstig artikel 54;
  34. i)de gevolgen van de niet-naleving van de voorwaarden die van toepassing zijn op BRP's;
  35. j)een verplichting voor BRP's om alle wijzigingen van de positie in te dienen bij de connecterende TSB;
  36. k)de verrekeningsregels overeenkomstig de artikelen 52, 53, 54 en 55;
  37. l)voor zover deze bestaan, de bepalingen voor de uitsluiting van onbalansen van de onbalansverrekening als deze verband houden met de invoering van rampingbeperkingen om deterministische frequentieafwijkingen te beperken overeenkomstig artikel 137, lid 4, van Verordening (EU) 2017/1485. ” Niet-vertrouwelijk 11/44 15. Overeenkomstig art 18.7, van de EBGL mag elke connecterende TSB volgende punten opnemen in het voorstel voor de voorwaarden voor BSP's of in de voorwaarden voor BRP's: “
  38. a)de eis dat BSP's informatie verstrekken over ongebruikte opwekkingscapaciteit en andere balanceringshulpbronnen van BSP's, na de gate-sluitingstijd van de dayaheadmarkt en de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt;
  39. b)voor zover gerechtvaardigd, de eis dat BSP's de ongebruikte productiecapaciteit of andere balanceringshulpbronnen aanbieden via balanceringsenergiebiedingen of biedingen voor het geïntegreerde programmeringsproces op de balanceringsmarkten na de gate-sluitingstijd van de day-aheadmarkt, zonder afbreuk te doen aan de mogelijkheid voor BSP's om hun balanceringsenergiebiedingen te wijzigen vóór de BE-GCT of de ISP-GCT wegens handel op de intradaymarkt;
  40. c)voor zover gerechtvaardigd, de eis dat BSP's de ongebruikte productiecapaciteit of andere balanceringshulpbronnen aanbieden via balanceringsenergiebiedingen of biedingen voor het geïntegreerde programmeringsproces op de balanceringsmarkten na de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt;
  41. d)specifieke eisen met betrekking tot de positie van BRP's na het day-aheadtijdsbestek om te garanderen dat de som van hun interne en externe commerciële handelsprogramma's gelijk is aan de som van de fysieke opwekkings- en verbruiksplannen, daarbij rekening houdende met de compensatie van elektriciteitsverlies, voor zover relevant;
  42. e)een vrijstelling van de verplichting om informatie bekend te maken over de prijzen in balanceringsenergiebiedingen of balanceringscapaciteitsbiedingen omdat de TSB vreest dat dit tot marktmisbruik kan leiden, zoals bepaald in artikel 12, lid 4;
  43. f)een vrijstelling voor specifieke producten, zoals bepaald in artikel 26, lid 3, onder b), om de prijs van balanceringsenergiebiedingen vooraf vast te leggen in een overeenkomst voor balanceringscapaciteit overeenkomstig artikel 16, lid 6;
  44. g)een aanvraag voor het gebruik van dubbele prijsstelling voor alle onbalansen op basis van de voorwaarden die zijn vastgesteld overeenkomstig artikel 52, lid 2, onder d), punt i), gebaseerd op de methodologie voor de toepassing van dubbele prijsstelling overeenkomstig artikel 52, lid 2, onder d), punt ii).” 16. Aangezien Elia geen centraal dispatching model toepast, vindt artikel 18.8, van de EBGL geen toepassing. 17. Tot slot, meldt artikel 18.9, van de EBGL dat elke TSB erop toe ziet dat alle partijen de in de balanceringsvoorwaarden uiteengezette eisen nakomen binnen zijn programmeringszone(s). 1.1.2.3. Rol van de BRP’s 18. Artikel 17.2 van de EBGL bepaalt dat elke BRP financieel verantwoordelijk is voor de onbalansen die moeten worden verrekend met de connecterende TSB. In het voorstel tot wijziging van de T&C BRP wenst Elia een correctie toe te passen op de Evenwichtsperimeter van de BRP in geval Elia Technische Maatregelen activeert in context van Incompressibiliteit. De verwachting van Elia is dat deze correctie zou moeten bijdragen tot de efficiënte werking van het elektriciteitssysteem op lange termijn, zoals beschreven in artikel 3
(1)d van EBGL, door het stimuleren van de ontwikkeling van marktgebaseerde flexibiliteit om om te gaan met situaties van Incompressibiliteit. Niet-vertrouwelijk 12/44 1.1.2.4. Doelstellingen van de verrekeningsbeginselen 19. In artikel 44, van de EBGL worden de doelstellingen van de verrekeningsbeginselen beschreven als volgt: “Door middel van de verrekeningsprocessen:
  1. a)worden passende economische signalen gegeven die een weerspiegeling vormen van de onbalans;
  2. b)wordt ervoor gezorgd dat onbalansen worden verrekend tegen een prijs die een weergave vormt van de realtime-energiewaarde;
  3. c)worden prikkels gegeven aan BRP's om in balans te zijn dan wel het evenwicht van het systeem te behouden of te helpen herstellen;
  4. d)wordt de harmonisering van mechanismen voor de verrekening van onbalansen vergemakkelijkt;
  5. e)worden prikkels gegeven aan de TSB's om hun verplichtingen na te komen overeenkomstig de artikelen 127, 153, 157 en 160 van Verordening (EU) 2017/1485;
  6. f)wordt vermeden dat verstorende prikkels worden gegeven aan BRP's, BSP's en TSB's;
  7. g)wordt de concurrentie onder marktdeelnemers ondersteund;
  8. h)worden prikkels gegeven aan BSP's om balanceringsdiensten aan de connecterende TSB aan te bieden en te leveren;
  9. i)wordt de financiële neutraliteit van alle TSB's gegarandeerd. 2. Elke relevante regulerende instantie overeenkomstig artikel 37 van Richtlijn 2009/72/EG ziet erop toe dat alle TSB's onder haar bevoegdheid geen economische winsten of verliezen maken door de financiële resultaten van het verrekeningsproces overeenkomstig de hoofdstukken 2, 3 en 4 van deze titel gedurende de door de relevante regulerende instantie gedefinieerde reguleringsperiode, en zien erop toe dat alle positieve of negatieve financiële resultaten ten gevolge van de in de hoofdstukken 2, 3 en 4 van deze titel bedoelde verrekening worden doorgegeven aan de netgebruikers overeenkomstig de toepasselijke nationale regels. 3. Elke TSB kan een voorstel opstellen voor een aanvullend verrekeningsmechanisme, dat los staat van de verrekening van onbalansen, om de inkoopkosten van balanceringscapaciteit overeenkomstig hoofdstuk 5 van deze titel, de administratieve kosten en andere kosten in verband met balancering te verrekenen. Het aanvullende verrekeningsmechanisme is van toepassing op BRP's. Dit moet bij voorkeur gebeuren door een functie voor prijsstelling van tekorten in te stellen. Als TSB's voor een ander mechanisme kiezen, moeten zij dit rechtvaardigen in het voorstel. Dit voorstel moet ter goedkeuring worden voorgelegd aan de relevante regulerende instantie. 4. Elke injectie in of afname uit een programmeringszone van een TSB wordt verrekend overeenkomstig hoofdstuk 3 of 4 van titel V.” 1.1.2.5. Onbalansberekening en onbalansprijs 20. Voor de onbalansberekening en de onbalansprijs zijn de artikelen 54 en 55, van de EBGL van toepassing, die respectievelijk bepalen: 1. Elke TSB berekent in zijn programmeringszone(s), voor zover passend, de eindpositie, het toegewezen volume, de onbalansaanpassing en de onbalans:
  10. a)voor elke BRP;
  11. b)voor elke onbalansverrekeningsperiode;
  12. c)in elke onbalanszone. Niet-vertrouwelijk 13/44 2. De onbalanszone is gelijk aan de programmeringszone, behalve in het geval van een centraal dispatchingmodel; in dat geval kan de onbalanszone een deel zijn van de programmeringszone. 3. Zolang het voorstel overeenkomstig artikel 52, lid 2, niet ten uitvoer wordt gelegd, berekent elke TSB de eindpositie van een BRP via één van de volgende benaderingen:
  13. a)de BRP heeft één eindpositie die gelijk is aan de som van zijn externe commerciële handelsprogramma's en interne commerciële handelsprogramma's;
  14. b)de BRP heeft twee eindposities: de eerste is gelijk aan de som van zijn externe commerciële handelsprogramma's en interne commerciële handelsprogramma's voor productie en de tweede is gelijk aan de som van zijn externe commerciële handelsprogramma's en interne commerciële handelsprogramma's voor verbruik;
  15. c)in een centraal dispatchingmodel kan een BRP per onbalanszone meerdere eindposities hebben die gelijk zijn aan opwekkingsprogramma's van productieinstallaties of verbruiksprogramma's van verbruikersinstallaties. 4. Elke TSB stelt de regels vast voor:
  16. a)het berekenen van de eindpositie;
  17. b)het vaststellen van het toegewezen volume;
  18. c)het vaststellen van de onbalansaanpassing overeenkomstig artikel 49;
  19. d)het berekenen van de onbalans;
  20. e)het eisen van de herberekening van de onbalans door een BRP. 5. Het toegewezen volume wordt niet berekend voor een BRP die geen injecties of afnames bestrijkt. 6. In een onbalans wordt de omvang en richting van de verrekening tussen de BRP en de TSB aangegeven; een onbalans kan een van de volgende hebben:
  21. a)een negatief teken, dat wijst op een tekort van een BRP;
  22. b)een positief teken, dat wijst op een overschot van een BRP. En 1.Elke TSB stelt de regels vast voor het berekenen van de onbalans prijs, die positief, nul of negatief kan zijn, zoals bepaald in tabel 2: Tabel 2 Betaling voor onbalans Onbalansprij s is positief Onbalansprij s is negatief Positieve onbalans Betaling door TSB aan BRP Betaling door BRP aan TSB Negatiev e onbalans Betaling door BRP aan TSB Betaling door TSB aan BRP 2. De overeenkomstig lid 1 opgestelde regels bevatten een definitie van de waarde van de vermeden activering van balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves of vervangingsreserves. 3. Elke TSB stelt de onbalansprijs vast voor:
  23. a)elke onbalansverrekeningsperiode;
  24. b)zijn onbalansprijszones;
  25. c)elke onbalansrichting. Niet-vertrouwelijk 14/44 4. De onbalansprijs voor negatieve onbalansen mag niet lager zijn dan een van de volgende:
  26. a)de gewogen gemiddelde prijs voor positieve geactiveerde balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves en vervangingsreserves;
  27. b)de waarde van de vermeden activering van balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves of vervangingsreserves, in het geval tijdens de onbalansverrekeningsperiode geen activering van balanceringsenergie heeft plaatsgevonden. 5. De onbalansprijs voor positieve onbalansen mag niet hoger zijn dan een van de volgende:
  28. a)de gewogen gemiddelde prijs voor negatieve geactiveerde balance ringsenergie uit frequentieherstelreserves en vervangingsreserves;
  29. b)de waarde van de vermeden activering van balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves of vervangingsreserves, in het geval tijdens de onbalansverrekeningsperiode geen activering van balanceringsenergie heeft plaatsgevonden. 6. In het geval zowel de positieve als de negatieve balanceringsenergie uit frequentieherstelreserves of vervangingsreserves is geactiveerd tijdens dezelfde onbalansverrekeningsperiode, wordt de onbalansverrekeningsprijs voor positieve onbalansen en negatieve onbalansen bepaald op basis van minstens één van de beginselen van leden 4 en 5. 1.2. BELGISCH RECHT 1.2.1. Gedragscode elektriciteit 21. Bij wet van 21 juli 2021 werd aan artikel 11 van de elektriciteitswet een paragraaf 2 toegevoegd, die de CREG bevoegd verklaart om, bij middel van een beslissing, een gedragscode voor het beheer van het transmissienet voor elektriciteit vast te stellen. De gedragscode elektriciteit stelt de voorwaarden vast voor: - De aansluiting op en toegang tot het transmissienet, op voorstel van de transmissienetbeheerder Elia; - De verstrekking van ondersteunende diensten; - De toegang tot grensoverschrijdende infrastructuren, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. 22. Artikel 119, § 4, van de gedragscode elektriciteit bepaalt dat de type-overeenkomst van BRP ten minste de volgende elementen bevat: “1° de voorwaarden voor BRP’s met toepassing van de artikelen 5.5, 18.1, en 18.6 van de Europese richtsnoeren EBGL; 2° desgevallend, de toepassing van art. 18.7,
  30. d)en g), van de Europese richtsnoeren EBGL; 3° de modaliteiten voor de invordering door of voor de transmissienetbeheerder van eventuele onbetaalde bedragen van de balanceringsverantwoordelijke; Niet-vertrouwelijk 15/44 4° de betalingsmodaliteiten, bepalingen en de termijnen betreffende facturen aan de balanceringsverantwoordelijke; 5° de bepalingen betreffende de vertrouwelijkheid, onder meer van de commerciële gevoelige informatie; 6° de regeling van geschillenbeslechting, met inbegrip van, in voorkomend geval, de bepalingen inzake bemiddeling en arbitrage; 7° de identiteit en de gegevens van de partijen, alsook deze van hun respectievelijke vertegenwoordigers; 8° de bepalingen inzake opschorting, opzegging en beëindiging van het contract van balanceringsverantwoordelijke; 9° de verwijzing naar de modaliteiten voor de balanceringsverantwoordelijke in de typetoegangsovereenkomst voor de eenzijdige opzegging van zijn aanwijzing als balanceringsverantwoordelijke bedoeld in artikel 102.” Verder is het afsluiten van een overeenkomst van BRP afhankelijk van het voorleggen van een financiële garantie (artikel 119, § 2, van de gedragscode elektriciteit) en treedt de overeenkomst van BRP in werking uiterlijk 10 werkdagen na ontvangst door Elia van de ondertekende overeenkomst door de BRP, met bewijs van financiële garantie (artikel 119, §3, van de gedragscode elektriciteit). Niet-vertrouwelijk 16/44 2. ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN 23. Op 18 juni 2018 heeft de CREG van Elia een goedkeuringsaanvraag ontvangen van het voorstel voor T&Cs BRP. Op 28 maart 2019 heeft de CREG bij beslissing Elia verzocht haar voorstel te wijzigen. Op 14 mei 2019 heeft de CREG een gewijzigd voorstel ontvangen, dat de CREG op 27 mei 2019 bij beslissing (B)1913/2 heeft goedgekeurd1. De CREG formuleert niettemin een aantal vragen die Elia in acht moet nemen voor een volgend voorstel van T&Cs BRP. 24. Op 3 december 2019 heeft de CREG een voorstel tot wijziging van T&Cs BRP van Elia ontvangen in het kader van de integratie van de procedure voor het beheer van storm op zee. De CREG heeft dit voorstel goedgekeurd bij beslissing (B)2013 op 20 december 20192. 25. De CREG heeft op 18 december 2020 een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten van Elia ontvangen, samen met een tweede voorstel betreffende het contract van aanbieder van flexibiliteitsdiensten Day Ahead/ Intraday (FSP DA/ID). Beide voorstellen behandelen de uitbreiding van de energieoverdracht op de Day-Ahead- en Intradaymarkten. Het contract FSP DA/ID beschrijft de rechten en verplichtingen van Elia en de aanbieder van flexibiliteitsdiensten die hun flexibiliteit op de Day-Ahead- en/of Intradaymarkten wil valoriseren. Dit voorstel werd door de CREG goedgekeurd op 29 april 20213. Het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten, heeft als doel om in de T&Cs BRP de uitbreiding van de ‘Regels van de Energieoverdracht in de voormelde markten’ te integreren. De CREG heeft dit voorstel in een eerste fase goedgekeurd, met uitzondering van artikel 9.1 van het BRP-contract. Op 7 mei 2021 werd door Elia een gewijzigd voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten ingediend. De CREG heeft op 17 februari 2021 bij beslissing (B)2204/1 het gewijzigd voorstel goedgekeurd4. Op 7 mei 2021 werd door Elia een gewijzigd voorstel betreffende artikel 9.1 van het BRP-contract ingediend dat door de CREG bij beslissing(B)2204/2 werd goedgekeurd op 20 mei 20215. 26. Op 17 september 2021 heeft Elia een voorstel tot wijziging van T&C BRP ingediend, in het kader van de progressieve relaxatie van de day-ahead evenwichtsverplichting die momenteel van toepassing is op BRPs. De CREG heeft dit voorstel op 21 oktober 2021 goedgekeurd bij beslissing (B)22876. 27. Met haar beslissing (B)658E/77 heeft de CREG het geactualiseerd tariefvoorstel van Elia goedgekeurd dat de parameter ‘alfa-component’ van het tarief ter compensatie van het onevenwicht, wijzigt. 1 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1913/2 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2013 3 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2222NL.pdf 4 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2204/1 5 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2204-2NL.pdf 6 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2287NL.pdf 2 Niet-vertrouwelijk 17/44 In punt 3.7 van deze beslissing vermeldt de CREG dat op termijn elke bijkomende component die aan het tarief ter compensatie van het onevenwicht wordt toegevoegd, op grond van Europese regelgeving, niet in een tariefvoorstel maar in de T&Cs BRP moet worden opgenomen. 28. Ingevolge deze beslissing heeft de CREG op 7 april 2022 aan Elia een schrijven gericht waarin gevraagd wordt om met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP bij de CREG in te dienen voor goedkeuring na openbare raadpleging. Met dit verzoek tot wijziging van de T&Cs BRP beoogt de CREG dat de standaardcomponenten voor de berekening van de onbalansprijs en de eventuele additionele componenten, zoals bedoeld in artikel 9 van bijlage 1 van de ACER besluit 18/2020 van 15 juli 2020, opgenomen worden in de T&Cs BRP. 29. Met haar beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 keurt de CREG het voorstel van Elia tot wijziging van de balanceringsregels voor de compensatie van de kwartieronevenwichten goed. Met deze beslissing worden onder meer de artikelen 16 en 17 van de balanceringsregels gewijzigd die verband houden met de standaardcomponenten voor de berekening van de onbalansprijs, zoals bedoeld in artikel 9
(1)tot 9
(5)van bijlage 1 van de ACER besluit 18/2020 van 15 juli
  1. De reden die Elia opgeeft voor het behoud van de berekening van de onbalansprijs in de balanceringsregels en deze berekening niet verplaatst naar de T&Cs BRP, is omdat in het goedgekeurd tariefvoorstel voor de periode 2020-2023 betreffende de onbalansprijsberekening, verwezen wordt naar de balanceringsregels. Bijgevolg kan, aldus Elia, de verplaatsing naar de T&Cs BRP pas plaatsvinden na de tariefperiode 2020-
  2. In deze beslissing herhaalt de CREG haar vraag om niettemin aan het wijzigingsverzoek gevolg te geven en wordt aan Elia een nieuwe termijn verleend, zijnde 7 oktober
  3. Op 3 augustus 2022 diende Elia met toepassing van artikel 28 van de elektriciteitswet tegen de beslissing (B)2433 een klacht in met het oog op een nieuw onderzoek. Op 3 oktober 2022 heeft de CREG zich uitgesproken over de klacht bij beslissing (B)
  4. De klacht werd ontvankelijk maar niet gegrond verklaard.
  5. Op 2 november 2022 heeft Elia bij het Marktenhof een verzoekschrift tot annulering van de beslissing (B)2450 ingediend.
  6. Op 9 maart 2023 heeft de CREG bij beslissing (B)2497 de T&Cs BRP, in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening, herzien en dit met toepassing van de artikelen 4.7 en 6.3 van de EBGL. Op datum van 24 maart 2023 diende Elia met toepassing van artikel 28 van de elektriciteitswet tegen deze beslissing een klacht in met het oog op een nieuw onderzoek.
  7. Het Marktenhof heeft bij arrest van 3 mei 2023 de datum van 7 oktober 2023, opgenomen in de beslissing (B)2450, geannuleerd. Het Marktenhof komt tot het besluit dat de datum van 7 oktober 2022, vastgesteld in de beslissing (B)2433, geen redelijke termijn is die Elia toelaat om, met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL, een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP, na openbare raadpleging, bij de CREG in te dienen, gelet op de termijn die de CREG zelf heeft benut om, met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL, de T&Cs BRP te herzien bij beslissing (B)
  8. Ingevolge dit arrest heeft de CREG bij beslissing (B)2554 van 17 mei 2023 de beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 gedeeltelijk ingetrokken, meer bepaald, de vraag aan Elia om een voorstel tot wijziging van de T&C BRP bij de CREG in te dienen tegen ten laatste 7 oktober 2022, dat rekening houdt met de paragrafen 71 en 74 van de beslissing (B)
  9. Daarnaast heeft de CREG de beslissing (B)2497 van 9 maart 2023 waarin de CREG de T&Cs BRP herziet in zijn geheel ingetrokken. In diezelfde beslissing (B)2554 wordt aan Elia opnieuw de vraag gesteld om bij de CREG een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in te dienen tegen 18 september 2023 waarin de Niet-vertrouwelijk 18/44 standaardcomponenten voor de berekening van de onbalansprijs, inclusief eventuele additionele componenten, zoals bedoeld in artikel 9.6 van bijlage 1 van de ACER Besluit 18/2020 van 15 juli 2020, worden opgenomen.
  10. Bij beslissing (B)2688 van 30 november 2023 heeft de CREG het voorstel van Elia tot wijziging van artikel 30.2 van de T&Cs BRP, ingediend op 18 september 2023 en 3 oktober 2023 goedgekeurd. Met betrekking tot sommige bepalingen van het ingediend voorstel, meer bepaald de artikelen 2, 29, 30.1, 30.3, 30.4, 30.5, 30.6 en 30.7, heeft de CREG tot Elia een wijzigingsverzoek gericht.
  11. Op datum van 30 januari 2024 heeft Elia een gewijzigd voorstel van T&C BRP bij de CREG. Met dit voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP beoogt Elia gevolg te geven aan het wijzigingsverzoek van 30 november 2023 van de CREG. Bij beslissing (B)2764 van 28 maart 2024 heeft de CREG dit gewijzigd voorstel goedgekeurd. Aan Elia wordt gevraagd om in het eerstkomend voorstel rekening te houden met de opmerkingen geformuleerd in de paragrafen: - 67: De CREG stelt ook vast dat artikel 3 van het gewijzigd voorstel van de T&C BRP zich beperkt tot een beschrijving van slechts één enkele doelstelling, om hieruit dan te besluiten dat aan de doelstellingen van de EBGL is voldaan. De CREG verwijst naar de paragrafen 147 tot en met 158 van beslissing (B)2688 van 30 november 2023 waar de CREG aangeeft dat de alfa-component een negatief effect heeft op meerdere doelstellingen van de EBGL. Elia wordt bijgevolg uitgenodigd om, in geval van behoud, versoepeling of verstrenging van de alfacomponent, een volledige beschrijving op te nemen in artikel 3 wat betreft het verwachte effect van de alfa-component voor iedere doelstelling van de EBGL. - 73: De CREG stelt vast, op basis van pagina 20 e.v. van de verklarende nota, dat er gevolg gegeven wordt aan het verzoek van de CREG verwoord in paragraaf 159, eerste alinea, van de beslissing (B)2688 van 30 november 2023, met name onder welke additionele component de alfa-component gerangschikt moet worden overeenkomstig het ACER besluit 18/
  12. Elia verduidelijkt dat met de alfa-component prikkels gegeven worden aan BRPs om belangrijke en voortdurende kwartuurlijkse onevenwichten te vermijden. De alfa-component, zo redeneert Elia verder, vermijdt of vermindert aldus de te contracteren balanceringscapaciteit. Als gevolg, stelt Elia dat de alfa-component aanzien kan worden als een additionele component dat valt onder artikel 9
(6)(
  1. b)van het ACER besluit 18/2020, namelijk “een prikkelcomponent om aan nationale grensvoorwaarden te voldoen. Het evaluatieplan is vandaag lopende en dit tot één jaar na aansluiting aan beide Europese platformen voor de uitwisseling van balanceringsenergie. Verder verwijst de CREG naar paragraaf 84 van deze beslissing.” 37. Op datum van 28 februari 2025 heeft Elia een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP bij de CREG ingediend voor goedkeuring (bijlage 1 tot en met bijlage 7 van deze beslissing). Het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP bestaat uit: - Deel 1: de overwegingen, het voorwerp en toepassingsgebied, de implementatietermijn, een beschrijving van het verwachtte effect op de doelstellingen van de EBGL en het gebruik van de taal; - Deel 2: het BRP-contract, opgedeeld in 15 secties (algemene en specifieke voorwaarden), met 7 bijlagen. 38. Met dit voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP beoogt Elia gevolg te geven aan de vraag van de CREG betreffende de overdracht van de bepalingen met betrekking tot de onbalansprijs naar de T&Cs BRP. Niet-vertrouwelijk 19/44 Over het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP werd een openbare raadpleging door Elia georganiseerd van 11 december 2024 tot en met 24 januari . Aan de brief van 28 februari 2025 is in bijlage gevoegd: - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Clean (bijlage 1 van deze beslissing); - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Track Changes (bijlage 2 van deze beslissing); - Een verklarende nota in het Engels (bijlage 3 van deze beslissing); - Het raadplegingsverslag in het Engels, inclusief de individueel ontvangen antwoorden van de marktspelers (bijlage 4 van deze beslissing); - Een brief van de Federale Overheidsdienst Financiën over de BTW-behandeling van de balanceringsdiensten van het elektriciteitsnet (Bijlage 5 van deze beslissing); - Een presentatie over de toepassing van de technische maatregel en de impact ervan op gereguleerde documenten (bijlage 6 van deze beslissing); - Een brief van de VREG, gericht aan Elia, met de vraag voor indiening van het voorstel van wijziging van T&C BRP en van andere regelgevende documenten (bijlage 7 van deze beslissing). 2.2. OVERLEG DOOR ELIA MET DSB’S 39. Overeenkomstig artikel 3.2,
  2. g)van de EBGL moet de TSB de relevante DSB's raadplegen en desnoods rekening houden met de potentiële effecten op hun systemen. 40. Overeenkomstig artikel 18.3, a), van de EBGL pleegt elke TSB bij de opstelling van voorstellen voor voorwaarden voor BRP's overleg met de TSB's en DSB's die gevolgen kunnen ondervinden van die voorwaarden. 41. Ongeacht de organisatie van een openbare raadpleging heeft Elia, in overeenstemming met artikel 18.3 van de EBGL, dit voorstel tot wijziging van de T&C BRP besproken met de DSB’s en andere belanghebbenden. De verschillende wijzigingen aan de T&C BRP werden met marktpartijen besproken tijdens de WG Energy Solutions van 26 november 20247 en de WG Energy Solutions van 16 december 20248. Tijdens de WG Energy Solutions van 6 februari 20259 werden de resultaten van de openbare raadpleging door Elia toegelicht aan de marktpartijen. Daarnaast heeft Elia, in het bijzonder over de BRP-perimetercorrectie in geval de toepassing van de technische maatregel, het voorstel tot wijziging van de T&C BRP toegelicht aan de DSB’s binnen de daartoe aangewezen werkgroep van Synergrid, alsook via uitwisselingen per mail. De presentatie aan Synergrid is toegevoegd in bijlage 6 van deze beslissing 42. Tot slot, stelt de CREG vast dat naast voormeld overleg dat heeft plaats gehad, Fluvius ook heeft gereageerd naar aanleiding van de openbare raadpleging. Elia
(2024). Presentatie en verslag WG Energy Solutions 26 november 2024. Website Elia: 20241126 meeting Elia
(2024). Presentatie en verslag WG Energy Solutions 16 december 2024. Website Elia: 20241216 meeting 9 Elia
(2025). Presentatie en verslag WG Energy Solutions 6 februari 2025. Website Elia: 20250206 meeting 7 8 Niet-vertrouwelijk 20/44 43. De CREG besluit hieruit dat bij de opmaak van het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, ingediend bij de CREG op 28 februari 2025 , Elia heeft voldaan aan haar verplichting voorzien in artikel 18.3,
  1. c)van de EBGL. 2.3. OPENBARE RAADPLEGING 2.3.1. Algemeen 44. Overeenkomstig artikel 10 van de EBGL is Elia verplicht een openbare raadpleging te organiseren over het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP. Elia heeft een openbare raadpleging georganiseerd van 11 december 2024 tot en met 24 januari 2025. De Franse en Nederlandse versies van de T&C BRP en een aanvullende nota (in het Engels) zijn tegelijkertijd beschikbaar gesteld aan de markt. Met dit voorstel tot wijziging van de T&C BRP wil Elia gevolg geven aan het wijzigingsverzoek van 14 november 2024 van de CREG (Bijlage 8), waarin ze vraagt om alle wijzigingen in de productie of het verbruik van werkzaam vermogen van elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikseenheden binnen de controlezone van Elia, met als doel om belasting-frequentieregeling uit te voeren of de frequentieherstelregelfout (“FRCE”) te beperken, gepaard moeten gaan met een BRPonbalanscorrectie. Ook wenst Elia tegelijkertijd andere wijzigingen door te voeren: - de toekomstige evolutie van de day-ahead marktkoppeling (SDAC) en intraday marktkoppeling (SIDC) te anticiperen; - een eventuele toekomstige toelating in het toegangscontract om meerdere BRPs per toegangspunt aan te duiden te anticiperen; - tegemoet te komen aan een verzoek van de BTW-administratie om het systeem van creditnota’s te vervangen door een systeem van self-billing; de externe inconsistenties aan te passen ten gevolge van opmerkingen van marktdeelnemers. 45. Gelijktijdig met de openbare raadpleging over het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP heeft Elia ook geraadpleegd over: - De LFC BOA die, ten gevolge van een wijzigingsverzoek van 17 oktober 2024 van de CREG, ook gewijzigd moet worden om de procedure te verduidelijken wanneer Elia veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik van elektriciteitsproductie-eenheden, verbruikseenheden en opslageenheden mag vragen, met als doel de frequentieherstelregelfout (“FRCE”) in de Belgische LFC Zone te verminderen, en - De samenwerkingsovereenkomst elektriciteit, die ook gewijzigd moet worden in het kader van incompressibiliteit, zijnde de procedure waarbinnen Elia veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik van elektriciteitsproductieeenheden, verbruikseenheden en opslageenheden mag vragen. 46. Elia heeft op het voorstel tot wijziging van de T&C BRP 3 niet-vertrouwelijke reacties ontvangen van:
  2. a)Fluvius
  3. b)FEBEG Niet-vertrouwelijk 21/44
  4. c)FEBELIEC 47. De originele antwoorden zijn opgenomen in het raadplegingsverslag (bijlage 4 van huidige beslissing) en zijn ter beschikking gesteld op de website van Elia. In het raadplegingsverslag zijn de ontvangen reacties samengevoegd en geeft Elia antwoord waarom zij, de tijdens de raadpleging geuite standpunten, al dan niet in overweging heeft kunnen nemen. 48. Rekening houdende met wat voorafgaat, beslist het directiecomité van de CREG, op grond van artikel 23, § 1, van zijn huishoudelijk reglement om, met toepassing van artikel 40, 2°, van zijn huishoudelijk reglement, geen openbare raadpleging te organiseren, gelet op de openbare raadpleging van Elia georganiseerd van 11 december 2024 tot en met 24 januari . Deze raadpleging wordt door Elia als een effectieve openbare raadpleging beschouwd aangezien deze raadpleging op de website van Elia plaatsvond, gemakkelijk toegankelijk was voor de marktpartijen vanuit de startpagina van deze website en voldoende gedocumenteerd was. Bovendien werd er door Elia een mailing gestuurd naar alle op hun website geregistreerde personen. De duur van de raadpleging bedroeg 44 kalenderdagen. Rekening houdend met de aard van de voorgestelde wijzigingen is de CREG van oordeel dat de duur van de raadpleging voldoende lang was. 2.3.2. 49. Bespreking raadplegingsverslag De voornaamste reacties van bovenvermelde marktspelers zijn: 2.3.2.1. Fluvius: 50. Fluvius antwoordt dat opslageenheden opgenomen moeten worden als een aanstuurbaar middel binnen de technische maatregel, naast de reeds opgenomen productie-eenheden. Elia antwoordt dat ze, na verder overleg met Fluvius, de perimeter van de technische maatregel uitbreidt naar opslageenheden die ten tijde van incompressibiliteit aan het injecteren zijn. Met andere woorden, Elia zal het werkzaam vermogen van batterijen die injecteren afregelen binnen de technische maatregel. De CREG gaat akkoord met de opname van opslageenheden binnen de technische maatregel op vraag van Fluvius. De CREG verwijst naar paragraaf 87 van deze beslissing. 51. Fluvius antwoordt dat zij zelf een baseline-methodologie heeft ontwikkeld dat anders werkt dan de voorgestelde baseline door Elia. Fluvius stelt voor om de baseline-methodologie aan te leveren aan Elia. Elia antwoordt dat eenzelfde methode van onbalansaanpassing toegepast moet worden in heel België. Elia staat niettemin open om verder de methode van onbalansaanpassing te bespreken en een eventueel betere methode te implementeren. De CREG merkt op dat Fluvius een opmerking maakt over de berekening van het toegewezen volume aan BRPs, en niet over de berekening van de onbalansaanpassing. De CREG verwijst naar artikel 54
(4)van de EBGL, dat de TSB als entiteit aanwijst voor de bepaling van de regels voor de onbalansberekening in haar geheel, inclusief de bepaling van het aan de BRP toegewezen volume. Artikel 3.1,
  1. a)van de EBGL legt een gelijk speelveld en de niet-discriminatie op tussen BRPs. Dit wil niet noodzakelijk zeggen dat de TSB niet open moet staan voor voorstellen van accuratere en robuustere baseline-methoden. Wel betekent het voorgaande dat de Niet-vertrouwelijk 22/44 onbalansaanpassingsmethode, zoals Elia ook aangeeft in haar antwoord, uniform moet zijn voor alle BRPs in de Belgische onbalanszone. Het gebruik van een andere onbalansaanpassingsmethode dat enkel in het Vlaamse Gewest toegepast wordt en niet in de andere Gewesten, zoals impliciet voorgesteld door Fluvius, leidt tot een inbreuk op dit basisprincipe van gelijk speelveld en nietdiscriminatie. De CREG aanvaardt daarom het antwoord van Elia. 52. Bijkomend, verwijst de CREG naar paragraaf 58 van deze beslissing. De CREG ziet de technische maatregel als last resort remediërende maatregel om de frequentieafwijking alsnog te beheren na uitputting van de balanceringsmarkten. De technische maatregel wordt overbodig vanaf het moment dat alle beschikbare productie-eenheden, opslageenheden en vraagfaciliteiten aangesloten op het Belgische elektriciteitssysteem deelnemen aan de balanceringsmarkten. De doelstelling dat TSBs de deelname van hernieuwbare energiebronnen aan de balanceringsmarkten moeten vergemakkelijken (artikel 3.1,
  2. g)EBGL), vindt toepassing sinds 23 november 2017. Daarnaast legt artikel 3.
  3. e)van de Elektriciteitsverordening deze doelstelling eveneens op sinds 2019 aan alle andere netbeheerders, door te specifiëren dat eindafnemers en kleine bedrijven in staat gesteld moeten worden om aan de groothandelsmarkt deel te nemen door middel van de aggregatie. Aangezien balanceringsmiddelen aangesloten op het distributiesysteem onvoldoende of niet aangemoedigd worden via marktregels10 om deel te nemen aan de groothandelsmarkten van elektriciteit, beschouwt de CREG de implementatie van de technische maatregel als een noodzakelijke remediërende maatregel in het kader van frequentieafwijkingsbeheer totdat deze marktdeelname een feit wordt. De CREG vraagt dan ook aan Elia om in het kader van Synergrid, waar ook de DSBs aanwezig zijn, prioritair werk te maken van de toegangsverschaffing tot en de aanmoediging van een werkelijke deelname aan de balanceringsmarkten, van distributiegeconnecteerde middelen. Netbeheerders moeten zich zo snel als mogelijk in orde stellen met deze verplichting die opgelegd wordt door artikel 3(
  4. e)van de Elektriciteitsverordening en dat rechtstreeks toepassing vindt in de Belgische rechtsorde. 53. Fluvius stelt voor om de informatie die Elia zal gebruiken om de onbalansaanpassing uit te voeren, en dus de informatie die DSBs moeten communiceren aan Elia, in algemene termen op te nemen in de T&C BRP. Fluvius is immers van mening dat de samenwerkingsovereenkomst de oplijsting moet bevatten van welke gegevens gebruikt zullen worden voor de uitvoering van de onbalansaanpassing. Elia antwoordt dat, krachtens de EBGL, de TSB verantwoordelijk is voor de uitvoering van berekeningen die nodig zijn in het kader van de onbalansverrekening. Elia verwacht als gevolg dat Fluvius de gemeten gegevens van de geactiveerde punten aan haar communiceert. De CREG verwijst vooreerst naar artikel 15 van de EBGL, dat aan elke DSB een algemene verplichting oplegt om tijdig alle nodige informatie aan de connecterende TSB mede te delen zodat de TSB de onbalansen kan verrekenen, overeenkomstig de in artikel 18 van de EBGL vastgestelde voorwaarden voor balancering. Inderdaad, zo bepaalt artikel 18
(6)
  1. f)en
  2. k)van de EBGL dat de T&C BRP de verrekeningsregels gedetailleerd moet bevatten. Rekening houdende hiermee, aanvaardt de CREG dan ook het antwoord van Elia dat alle types van meetgegevens die zij van de DSBs moet ontvangen om de verrekeningsregels zelf te kunnen uitvoeren, opgenomen moeten worden in de T&C BRP. Voorgaande betekent dus dat overeenkomstig artikel 15.2, van de EBGL de inhoud van de informatie die uitgewisseld moet worden tussen de TSB en de DSBs, opgenomen moet worden in de T&C BRP terwijl de beschrijving van de praktische modaliteiten om aan deze verplichting te 10 De CREG verwijst naar paragraaf 58 van deze beslissing. Niet-vertrouwelijk 23/44 voldoen, naast de opname van een link naar de T&C BRP, samenwerkingsovereenkomst dat afgesloten wordt tussen de TSB en DSBs. thuishoort in de Daarenboven is de integrale opname van de onbalansverrekeningsmethode in één enkel document, namelijk de T&C BRP, van belang teneinde de BRP toe te laten kennis te nemen van de verrekeningsregels waar hij financiële gevolgen van ondervindt. 2.3.2.2. FEBELIEC: 54. Febeliec steunt de introductie van meerdere BRPs per toegangspunt en ziet het als een essentieel onderdeel om leveringscontracten beter af te stemmen op de fysieke realiteit van industriële sites. 55. CREG neemt nota van het antwoord van Febeliec. 56. Febeliec uit ook een aantal bezorgdheden over de onbalansaanpassingmethode bij een eventuele toekomstige toepassing van de technische maatregel op verbruikseenheden ingevolge incompressibiliteit. 57. Elia antwoordt dat de technische maatregel voorlopig enkel de afregeling van injectie als doel heeft. Als gevolg stelt Elia voor om, in afwachting van een discussie met belanghebbenden over een baselinemethode dat toegepast zal worden op verbruikseenheden, de toepassing van de technische maatregel te beperken tot opslageenheden (voor zover ze injecteren) en productieeenheden. 58. De CREG wijst erop dat de technische maatregel een last resort remediërende maatregel is en verwijst naar paragraaf 52 van deze beslissing. De technische maatregel is, omwille van haar last resort karakter, slechts toepasbaar bij uiterst uitzonderlijke frequentieafwijkingen. Ter herinnering, Elia regelt de frequentie van het transmissiesysteem naar 50 Hz door frequentieherstelregelfout (FRCEs) naar 0 MW te herleiden binnen haar de LFC Zone van België. De technische maatregel zal enkel toegepast worden wanneer langdurige en significante frequentieherstelfouten (FRCEs) voorkomen die niet naar 0 MW herleid kunnen worden nadat Elia vooreerst meerdere acties ondernomen heeft. Eerst dient Elia alle balanceringsenergie die aangeboden wordt door BSPs te activeren. Ten gevolge van deze actie zullen BRPs reageren op de onbalansprijs en zo de FRCE doen verminderen. Indien het voorgaande onvoldoende zou zijn, dient Elia vervolgens alle andere aan Elia aangeboden energievolumes (die echter technisch niet voldoen aan de kwaliteitsvereisten om de balanceringsdienst te leveren) te activeren. Indien dit nog steeds onvoldoende zou zijn om de FRCE naar 0 MW te herleiden, dient Elia acties uit te voeren in coördinatie met naburige TSBs. Pas indien al het voorgaande nog steeds onvoldoende blijkt, mag Elia de technische maatregel activeren. Hierna heeft Elia geen maatregel meer ter beschikking, in het kader van de LFC BOA, om de frequentieafwijking te beheren. Het is dus ontegensprekelijk duidelijk dat deze technische maatregel in de feiten een last resort remediërende maatregel is om te vermijden dat het systeembeschermingsplan in werking moet treden, Elia de noodtoestand moet uitroepen en het Belgisch elektriciteitssysteem in black-out gaat (inclusief de geconnecteerde transmissienetten van buitenlandse TSBs). Immers, van zodra de frequentie van het transmissiesysteem 50.2 Hz heeft bereikt, is het, op basis van informatie waarover de CREG beschikt, hoogstwaarschijnlijk dat zonnepaneelinstallaties in de ons omringende Niet-vertrouwelijk 24/44 buurlanden automatisch afgeschakeld worden11. Een systemische, automatische afschakeling van grote hoeveelheden12 aan productiecapaciteit bij het bereiken van een frequentie van 50,2 Hz leidt ongetwijfeld tot een black-out. 59. Volledigheidshalve laat de CREG ook nog gelden dat incompressibiliteit13, veroorzaakt door een grote toename van hernieuwbare energiebronnen in het Belgische distributienet, een omstandigheid is dat reeds lang gekend is waarop geanticipeerd had kunnen worden. In 2019 identificeerde ENTSO-E reeds het risico op incompressibiliteit in de LFC Zone van Elia14. In 2024 trekt de CREG aan de alarmbel en wordt incompressibiliteit als risico geïdentificeerd en geobserveerd15. Het stimuleren van investeringen in steeds toenemende productiecapaciteit in hernieuwbare energie is een gewestelijke beleidskeuze16. Incompressibiliteit wordt dus niet veroorzaakt door een tekort aan balanceringsmiddelen in het elektriciteitssysteem: de hernieuwbare energiebronnen die aangesloten zijn op het distributienet en die de oorzaak zijn van incompressibiliteit voldoen immers aan de technische minimumvereisten om deel te kunnen nemen aan de balanceringsmarkten, net zoals hernieuwbare energiebronnen die aangesloten zijn op het transmissienet van Elia en die nu al balanceringsdiensten leveren. De technische maatregel is dus niet nodig om permanent het hoofd te kunnen bieden aan een frequentieafwijking naar 50.2Hz. De technische maatregel is volgens de CREG een last resort maatregel die nodig is omdat ofwel de balanceringsmarkten niet toegankelijk zijn voor alle beschikbare balanceringsmiddelen in het elektriciteitssysteem ofwel de netgebruikers hun balanceringsmiddelen niet aanbieden aan Elia via de balanceringsmarkten (al dan niet via aggregatie). In beide gevallen zijn deze balanceringsmiddelen niet beschikbaar voor de TSB om de FRCE naar 0 MW te herleiden17. 11 De CREG verwijst ook naar het technisch voorschrift C10/11, zoals goedgekeurd door de gewestelijke regulatoren in België, in sectie 6 (Technische basisvereisten van de elektriciteitsproductie-installatie) toelaat dat een elektriciteitsproductie-eenheid reeds mag loskoppelen van het distributienet vanaf de overfrequentie 51,5 Hz bereikt 12 Het totaal opgesteld vermogen van zonnepaneelcapaciteit in Vlaanderen alleen bedroeg 6,24 GW op eind 2023. Het beheren, door de TSB, van een quasi-gelijktijdige loskoppeling van deze capaciteit omwille van overfrequentie staat gelijk met het beheren van een quasi-gelijktijdige uitval van 6 grote nucleaire centrales in België. 13 De CREG definieert incompressibiliteit als een onvoorziene situatie van zulke significante volumes van overproductie (onderproductie) van elektriciteit in reële tijd, dan wat verwacht kon worden op de intraday gatesluitingstijd, waardoor de aan de TSB expliciet aangeboden volumes van beschikbare neerwaarse (opwaartse) balanceringsmiddelen ontoereikend zijn om de positieve (negatieve) FRCE effectief naar 0 MW te herleiden, met oog op het herstellen van de frequentie van het transmissiesysteem naar 50 Hz. 14 Op pagina 40: “An additional 800 MW offshore wind park capacity will be installed before next summer. Together with other RES installation on the grid (wind onshore or solar), this incompressible summer trend might get worse until the implementation of the nuclear phase-out in Belgium” [online: https://eepublicdownloads.entsoe.eu/cleandocuments/sdc-documents/seasonal/Winter%20Outlook%202019-2020_Report(for%20publication).pdf] 15 Zie studie (F)2866 van 10 oktober 2024 van de CREG: https://www.creg.be/nl/publicaties/studie-f2866 16 Als wijze van voorbeeld: in deel OD 3.2 van de beleidsnota "Energie en Klimaat 2024-2029" van het Vlaams Gewest expliciteert een verhoging van de ambities voor 2030 inzake hernieuwbare energieproductie tot 10 GW voor zon, onder meer door extra steunmaatregelen en door een verplichting voor grote elektriciteitsafnemers om zonnepanelen te installeren. [online: https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/70827] 17 Een effectieve deelname is enkel mogelijk indien de netgebruiker haar balanceringsmiddelen kan vermarkten via eender welke derde partij. Hiervoor is een uitbreiding van de toepassing van de Regels van Energieoverdracht, dat reeds voor transmissienetgebruikers sinds juni 2018 van kracht is, naar het distributiesysteem nodig. De “roadmap flexibiliteit”, zoals onlangs gezamenlijk ontwikkeld door Belgische netbeheerders, voorziet dat deze uitbreiding slechts in 2026 gefinaliseerd zal zijn. Rekening houdend met de tijd die de markt nodig heeft om zich verder te ontwikkelen, zal de impact van de uitbreiding pas vanaf 2027 zichtbaar zijn [online: https://www.synergrid.be/images/downloads/PDG/Overkoepelend/SYNERGRID%20-%20PDG%20%20%2026%2011%202024%20camera%20ready.pdf]. Niet-vertrouwelijk 25/44 60. Gelet op de significante stijging van installaties aan zonne-energie in de Gewesten en omringende landen ijvert de CREG ervoor dat dat absoluut vermeden wordt dat de Belgische LFC Zone zich regelmatig in dergelijke situaties bevindt, waardoor structureel gebruik gemaakt zou worden van de technische maatregel. De enige manier om dit te vermijden, is dat distributiegeconnecteerde middelen deelnemen aan de balanceringsmarkt. De CREG nodigt alle netbeheerders uit om deze deelname volop aan te moedigen en hiervan werk te maken. 61. De CREG verwijst naar paragraaf 52 van deze beslissing. Van zodra de wettelijke verplichting in de feiten geïmplementeerd zal zijn, wordt het belang van de technische maatregel laag tot onbestaande. De praktische uitwerking van de vereiste in artikel 3(
  3. e)van de Elektriciteitsverordening noodzaakt de samenwerking van alle Belgische netbeheerders. Dat er pas in januari 2025 een eerste openbare raadpleging georganiseerd wordt door netbeheerders over de toepassing van energieoverdracht18 voor productie-eenheden, opslageenheden en verbruiksfaciliteiten die aangesloten zijn op het distributiesysteem, acht de CREG als betreurenswaardig. Een van de meest kritieke processen voor het waarborgen van de operationele veiligheid van het transmissiesysteem, met een hoge mate van betrouwbaarheid en kwaliteit, is de frequentieregeling19. Een effectieve frequentieregeling is alleen mogelijk als de TSB's en de reserveconnecterende DSB's als één entiteit samenwerken ten behoeve van het beheer van de geïnterconnecteerde transmissiesystemen. De te trage vooruitgang van implementatie van artikel 3(
  4. e)van de Elektriciteitsverordening door netbeheerders brengt ook de veilige uitbating van het transmissiesysteem in gevaar. 62. De CREG is daarom van oordeel dat de toepassing en implementatie van de technische maatregel niet verbeterd moet worden, maar daarentegen op termijn overbodig moet worden door een effectieve deelname aan de balanceringsmarkten prioritair te implementeren. Terugkomend naar de opmerking van Febeliec zoals uiteengezet in paragraaf 56 van deze beslissing, dienen vraagfaciliteiten hun balanceringsmiddelen te valoriseren ofwel door deel te nemen aan de balanceringsmarkten, ofwel door ze ter beschikking te stellen aan de BRPs. Een afregeling van vraagfaciliteiten die technisch niet in staat zijn om te voldoen aan de vereisten van de door de TSB beschikbaar gestelde producten en diensten, vallen volgens de CREG niet onder een technische maatregel, maar onder een maatregel in het systeembeschermingsplan. Een effectieve deelname vereist onder meer de uitbreiding van de toepassing van de Regels van Energieoverdracht naar het distributienet, de verwijdering van technische voorschriften en marktvoorschriften met betrekking tot balancering tot hetgeen wat minimaal nodig is om een kwaliteitsvolle balanceringsdienstverlening te verzekeren, en mogelijks ook de ontwikkeling van nieuwe producten. Ook hebben marktdeelnemers in het verleden de strikte communicatievereisten20 gelaakt. De CREG vraagt daarom aan Elia, in samenwerking met alle netbeheerders in België om bovenstaande ontwerpelementen prioritair en urgent te implementeren. Dienaangaande verzoekt de CREG dat Elia tegen 30 september 2025 haar een gedetailleerd stappenplan meedeelt waarin voorgaande oplossingen zijn opgenomen met een duidelijk vooruitzicht en tijdslijn van de concrete realisatie ervan. 18 Deze raadpleging werd op de website van Synergrid aangekondigd [online: https://www.synergrid.be/nl/documentencentrum/openbare-raadpleging/ontwerpnota-toe] 19 Dit wordt ook bevestigd door Overweging
(12)van de SOGL 20 Bijvoorbeeld: een centrale gateway in plaats van een lokale gateway toelaten, het toelaten van andere meetinstrumenten dan deze die door netbeheerders worden geïnstalleerd, het versoepelen van de communicatie in reële tijd door BSPs, het versoepelen van de SCADA tot SCADE communicatielijnen, het vereenvoudigen en uniformiseren van de verschillende hulpmiddelen die geïmplementeerd moeten worden door BSPs (voor de activatieprocessen, verrekeningsprocessen, biedprocessen, etc), enzovoort. Niet-vertrouwelijk 26/44 De CREG herhaalt dat oplossingen zoals het aanmoedigen van impliciete BRP-reacties en het verder uitwerken van remediërende maatregelen, de aangeboden volumes bij de TSB niet verhogen en bovendien het probleem van incompressibiliteit niet verhelpen. De aanmoediging van een expliciete deelname aan alle groothandelsmarkten voor elektriciteit is trouwens één van de doelstellingen van de EBGL en van de Elektriciteitsverordening..
  1. Febeliec steunt de wijzigingen aangaande de externe inconsistenties, maar wijst erop dat goed gedrag gestimuleerd moet worden bij individuele, minder performante BRPs, dan voor alle BRPs. Febeliec wenst dat het principe van voorzichtigheid toegepast wordt bij een verhoging van de reductiefactor voor externe inconsistenties. Elia bevestigt dat de verlaging van de reductiefactor voor externe inconsistenties mogelijk moet zijn, en heeft ten gevolge van de opmerking van Febeliec de tekst gewijzigd.
  2. De CREG verwijst naar haar opmerkingen in deel 3.2.10 van deze beslissing. 2.3.2.
  3. FEBEG
  4. Febeg wenst dat Elia de nominaties vereenvoudigt in geval dat bijlage 3ter van het toegangscontract ondertekend wordt. Momenteel moet de BRP, verantwoordelijk voor de nettoinjectie, de injectie nomineren aan Elia. Ook moet deze BRP de netto afname nomineren alhoewel zij niet de verantwoordelijke is voor de afname. Als gevolg moet informatie uitgewisseld worden tussen BRPs, wat een extra inspanning vraagt van de BRPs. Febeg vraagt daarom aan Elia om te onderzoeken, in overleg met belanghebbenden, hoe elke BRP haar eigen deel kan nomineren. Elia engageert zich om de opmerking te analyseren en deze analyse te delen met Febeg.
  5. CREG vraagt aan Elia om deze analyse ook te bespreken met de CREG en alle belanghebbenden in de daartoe voorziene werkgroepen, en niet enkel met de Febeg-leden. A priori maakt Febeg volgens de CREG een terechte opmerking. De CREG vraagt daarom dat de gevraagde analyse uitgevoerd wordt door Elia, besproken wordt met alle belanghebbenden, inclusief de CREG, en dat de resultaten van deze bespreking formeel ingediend worden bij de CREG met oog op een eventuele indiening bij de CREG van een eerstkomend voorstel tot wijziging van het toegangscontract.
  6. Febeg antwoordt dat de baselinemethodes die van toepassing zijn voor zonneproductie verbeterd moeten worden en stelt zelf een methode voor. Febeg vraagt zich daarenboven af hoe de onbalansaanpassing bij toepassing van de technische maatregel gebeurt in geval er meerdere BRPs verantwoordelijk zijn voor de opvolging van het toegangspunt. Febeg vraagt daarom aan Elia om de onbalansaanpassingsmethode in geval van meerdere BRPs te verduidelijken. Ook vraagt Febeg om elke andere reactie dan deze gevraagd door de technische maatregel, niet te corrigeren. Elia herhaalt haar antwoord op een gelijkaardige opmerking van Fluvius, zoals ook reeds uiteengezet in paragraaf 51 van deze beslissing. Elia bevestigt dat wanneer er meerdere BRPs actief zijn op eenzelfde toegangspunt, op beide BRPs een onbalansaanpassing moet gebeuren. Elia heeft, als gevolg van de opmerking van Febeg, een verduidelijking toegepast in de T&C BRP. Elia merkt tot slot op dat het onmogelijk is om een onderscheid te maken tussen de verschillende activaties die binnen hetzelfde kwartier gebeuren en legt de verantwoordelijkheid bij BRPs om voldoende snel te ageren.
  7. In verband met de onbalansaanpassingmethode verwijst de CREG naar paragraaf 58 van deze beslissing. Naast het antwoord van Elia wenst de CREG te benadrukken dat de technische maatregel een last resort remediërende maatregel is om te vermijden dat het elektriciteitssysteem zich in een noodtoestand bevindt of in black-out gaat. Gegeven dat marktpartijen, in hun rol van BSP of BRP, Niet-vertrouwelijk 27/44 voldoende tijd zullen hebben om het transmissiesysteem te helpen in evenwicht te brengen, zoals uiteengezet in paragraaf 58 van deze beslissing, hecht de CREG meer belang aan het veilig, betrouwbaar en efficiënt beheer van het transmissienet dan aan een accurate en robuuste onbalansaanpassing bij de uitvoer van remediërende maatregelen door de TSB in tijden van een gespannen systeemtoestand die veroorzaakt wordt door een gebrek aan acties van BRPs. De CREG vraagt wel aan Elia om de voorgestelde baselinemethodes door Fluvius en Febeg te analyseren, en indien positief bevonden te integreren in de baselinemethodes die toegepast kunnen worden wanneer balanceringsdiensten geleverd worden. Op deze manier vermindert de TSB belemmeringen die een deelname aan de balanceringsmarkten kunnen ontmoedigen, wat het probleem van incompressibiliteit vermindert.
  8. Febeg laakt ook het gebrek aan informatie zodat haar leden hun taken effectief zouden kunnen uitvoeren. Febeg stelt voor om waarschuwingen te publiceren, het gebruik van de technische maatregel in reële tijd te melden, en de activatie van de maatregel te melden. Elia antwoordt dat ze de UMMs die ze zal uitsturen in tijden van activatie van de technische maatregel, zal herwerken, en dat ze dit tijdig zal communiceren aan alle belanghebbenden.
  9. De CREG begrijpt de vraag dat men zo goed als mogelijk geïnformeerd wenst te zijn wanneer remediërende maatregelen toegepast worden door een systeembeheerder binnen de perimeter van de BRP. Niettemin herhaalt de CREG dat de technische maatregel een last resort remediërende maatregel is (cfr. paragraaf 68 van deze beslissing).
  10. Febeg reageert, met betrekking tot self-billing, dat de inwerkingtreding ervan eerder 1 april 2025 moet zijn en niet 1 mei
  11. Evenwel bevestigt Febeg dat er geen grote implementaties nodig zijn langs de zijde van de BRP om de self-billing mogelijk te maken, waardoor ze 1 mei 2025 ook een aanvaardbare datum acht. Febeg vraagt niettemin aan Elia om de gedetailleerde planning en de praktische modaliteiten tijdig aan alle BRPs te communiceren. Elia antwoordt dat de overgang naar self-billing zeker niet zal gebeuren vóór 1 mei 2025, maar moet gebeuren vóór 1 juli 2025, zoals opgelegd door de federale overheidsdienst financiën. Elia engageert zich om alle informatie over de toepassing van self-billing te communiceren aan belanghebbenden zodat de overgang vlot gebeurt voor alle geïmpacteerde partijen.
  12. CREG neemt nota van het antwoord van Elia.
  13. Febeg steunt het voorstel van Elia betreffende de externe inconsistenties, maar doet toch enkele voorstellen ter verbetering van het voorstel van Elia. Zo stelt Febeg dat de waarschuwing, zowel voor day-ahead als intraday inconsistenties, een combinatie moet zijn van een API-status en een email (en geen eenvoudige melding in het nominatieplatform). Febeg wenst ook twee waarschuwingen te ontvangen om interacties tussen de betrokken BRPs toe te laten: één om 2 uur voor de deadline voor nominaties en één om 30 minuten voor deze deadline. Elia engageert zich om de voorstellen van Febeg te integreren in de gebruikte hulpmiddelen.
  14. CREG neemt akte van dit engagement van Elia en vraagt aan Elia en aan Febeg om de CREG op de hoogte te houden van de vooruitgang van dit engagement. Ook vraagt de CREG aan Elia om de tegemoetkoming aan de opmerking van Febeg aan de CREG schriftelijk te bevestigen eens dat alle hulpmiddelen geïmplementeerd zijn en gebruikt kunnen worden door BRPs.
  15. Febeg wenst daarenboven dat een individuele risicofactor voor externe inconsistenties, per BRP, geïmplementeerd wordt. Daarenboven merkt Febeg op dat het probleem van dubbele penaliteit opnieuw aanwezig is wanneer de risicofactor verhoogt. Elia verduidelijkt dat ze enkel de risicofactor zal verhogen wanneer de kwaliteit van nominaties vermindert bij alle BRPs. In geval de nominatiekwaliteit vermindert bij een individuele BRP riskeert Niet-vertrouwelijk 28/44 de BRP een schorsing. Ook zal Elia de verhoging van de risicofactor voorafgaand overleggen met de CREG.
  16. De CREG verwijst naar deel 3.2.10 van deze beslissing.
  17. Febeg vraagt zich ook af waarom artikelen 30.2 en 30.4 van de T&C BRP niet verwijderd werden aangezien deze niet meer relevant zijn ten gevolge van de deelname van Elia aan het Europese aFRR-platform. Elia gaat akkoord met Febeg en merkt daarbij op dat de verouderde artikelen 30.3 en 30.7.1 van de T&C BRP ook verwijderd kan worden.
  18. CREG neemt nota van het antwoord van Elia.
  19. Febeg vraagt ook om de consistentie tussen de Engelstalige, Franstalige en Nederlandstalige versie te garanderen. Elia bevestigt dat ze de nodige wijzigingen zal doorvoeren om inconsistenties te verwijderen.
  20. CREG neemt nota van het engagement van Elia.
  21. ANALYSE EN BEOORDELING VOORGESTELDE WIJZIGINGEN 3.
  22. ALGEMENE VOORAFGAANDE OPMERKINGEN VAN DE
  23. Het onderzoek van de wijzigingen zal gebeuren in dezelfde volgorde als de volgorde van de wijzigingen voorgesteld door Elia in haar voorstel tot wijziging van de T&C BRP.
  24. Het behoort tot de verantwoordelijkheid van Elia dat de goedgekeurde Nederlandse en Franse versie van de T&C BRP met elkaar overeenstemmen. 3.
  25. BESPREKING 3.2.
  26. Implementatieplan
  27. In artikel 2 ‘Implementatieplan’ verduidelijkt Elia de implementatietermijnen van de voorgestelde wijzigingen. Beknopt gesteld, treden deze wijzigingen in werking: - betreffende self-billing in artikel 5 van de T&C BRP vanaf een nog nader te bepalen datum door Elia, maar niet vóór 1 mei 2024; Met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia21, herziet de CREG artikel 2
(1)van het voorstel van T&C BRP door een uiterste deadline op te nemen. Deze uiterste deadline wordt afgestemd met de uiterste datum van toepassing, zoals opgenomen in de brief van de FOD 21 Overleg heeft plaatsgevonden op 26 maart en 27 maart 2025, met schriftelijke uitwisselingen op 20 maart, 25 maart en 31 maart 2025 Niet-vertrouwelijk 29/44 Financiën (bijlage 5 van deze beslissing), namelijk 1 juni 2025. De CREG acht het noodzakelijk dat het implementatieplan uiterste deadlines bevat, zodat voldaan wordt aan de transparantiedoelstelling van artikel 3
(2)(b) van de EBGL en zodat de CREG toezicht kan houden op de naleving van de maximale uitvoeringstermijn zoals opgelegd door artikel 5
(5)van de EBGL. - betreffende het wijzigingsverzoek van de CREG van 14 november 2024, vanaf goedkeuring van de T&C BRP en goedkeuring van de LFC BOA; Met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia, herziet de CREG artikel 2
(2)van het voorstel in die zin dat de woorden ‘in context van Incompressibiliteit’ worden geschrapt om redenen dat de technische maatregel een maatregel is dat toegepast wordt telkens wanneer de frequentieafwijking niet hersteld kan worden na uitputting van alle FRR-middelen. De herziening is nodig om te voldoen aan het wijzigingsverzoek van 14 november 2024 van de CREG, dat als volgt geformuleerd werd (nadruk van de CREG): “Gezien het voorgaande is de CREG van oordeel dat alle wijzigingen in de productie of het verbruik van werkzaam vermogen van elektriciteitsproductieeenheden en verbruikseenheden binnen de controlezone van Elia, met als doel om belastingfrequentieregeling uit te voeren of de frequentieherstelregelfout (“FRCE”) te beperken, gepaard moeten gaan met een BRP-onbalanscorrectie”. De CREG verwijst verder naar paragraaf 87 van deze beslissing. - betreffende de externe inconsistenties, vanaf een nog nader te bepalen datum door Elia. Met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia, herziet de CREG artikel 2
(3)van het voorstel in die zin dat de inwerkingtreding plaats vindt op 27 juni 2025. Met deze uiterste deadline houdt de CREG toezicht op de naleving van de maximale uitvoeringstermijn zoals opgelegd door artikel 5
(5)van de EBGL. - betreffende de toekomstige evolutie van de day-ahead marktkoppeling (SDAC) en intraday marktkoppeling (SIDC), vanaf deze evolutie een feit is en minstens twee weken na goedkeuring van de T&C BRP; - betreffende de eventuele toekomstige toelating in het toegangscontract om meerdere BRPs per toegangspunt aan te duiden, vanaf goedkeuring van de T&C BRP, goedkeuring van het toegangscontract dat deze mogelijkheid toelaat, en inwerkingtreding van de gedragscode die meerdere BRPs achter toegangspunten toelaat. 84. De CREG stelt vast dat Elia de bepalingen omtrent het opstellen van een evaluatieplan voor de regels ter berekening van de onbalansprijs in haar voorstel tot wijziging van de T&C BRP heeft verwijderd, alsook het stappenplan om progressief de day-ahead evenwichtsverplichting te versoepelen. De CREG is niet gekant tegen de verwijdering van het stappenplan om progressief de day-ahead evenwichtsverplichting te versoepelen. Dit stappenplan werd goedgekeurd door de CREG op 21 oktober 2021 en is sinds eind 2022 uitgevoerd. De belanghebbenden hebben zich ook niet afwijzend uitgesproken tegen deze verwijdering. Echter werd met de verwijdering van dit versoepelingsplan ook alle modaliteiten die van toepassing zijn na deze versoepeling, namelijk de mogelijkheid voor Elia en de CREG om een nieuwe waarde voor het ‘Maximaal Toegestane Relatieve Day-ahead Onevenwicht’ voor te stellen, en toe te passen, indien dit nodig zou blijken voor de betrouwbaarheid, de veiligheid en de efficiëntie van het net. Als gevolg herziet de CREG, met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia, artikel 24 van de T&C BRP zodat deze modaliteiten van toepassing blijven. Tegelijk vraagt de CREG aan Elia om deze modaliteiten te evalueren, met marktdeelnemers te bespreken, en, indien nodig, te laten evolueren. De CREG is echter wel gekant tegen de verwijdering van het evaluatieplan voor de regels ter berekening van de onbalansprijs, aangezien dit evaluatieplan nog niet gefinaliseerd werd door Elia. Niet-vertrouwelijk 30/44 Het evaluatieplan is met andere worden nog steeds actueel waardoor een verwijdering ervan uit de T&C BRP niet gerechtvaardigd kan worden, tenzij ook gelijktijdig de alfa-component, cap&floor en dead band uit de onbalansprijs verwijderd zou worden zoals uiteengezet in haar beslissing (B)2764 van 28 maart 2024. Dit is echter niet het geval, en het resultaat van het evaluatieplan werd nog niet meegedeeld aan de CREG. Aangezien het proces waarbinnen het evaluatieplan opgemaakt dient te worden nog steeds van toepassing is, keurt de CREG het voorstel betreffende de verwijdering van het evaluatieplan voor de regels ter berekening van de onbalansprijs af. Concreet houdt dit in dat het evaluatieplan, zoals goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)2764 van 28 maart 2024 en zoals besproken in de paragrafen 50 tot en met 64 van deze beslissing behouden blijft en dus, terug opgenomen wordt in de herziene T&C BRP alvorens deze te publiceren. 3.2.2. Verwachte effect op de doelstellingen van de Verordening 85. De CREG heeft geen opmerkingen bij de voorgestelde wijzigingen van artikel 3. Echter, rekening houdende met hetgeen uiteengezet wordt in paragraaf 87 van deze beslissing en met toepassing van artikel 5.1, van de EBGL, en na overleg met Elia, herziet de CREG artikel 3 (
  1. d)en (
  2. e)van de T&C BRP in die zin dat in (
  3. d)de woorden ‘in context van Incompressibiliteit’ worden geschrapt en in (
  4. e)de noodzaak van de remediërende maatregel gespecifieerd wordt, zijnde enkel toepassing vindt in het kader van frequentieafwijkingsbeheer. 3.2.3. Artikel 1 – Definities 86. In de T&Cs BRP worden een aantal definities en afkortingen van termen toegevoegd. Daarnaast worden een aantal definities gewijzigd om deze te verduidelijken. 87. De CREG heeft hierop volgende opmerkingen: - Elia voegt de term “de Afname van Actief Vermogen op een Leveringspunt” toe in de definitie van “Afname”. De CREG stelt vast dat het deel “de Afname van Actief Vermogen” herhaald wordt. De definitie van “Afname” lezend wordt het deel “de Afname van Actief Vermogen” dubbel geschreven. De CREG is echter van mening dat de toevoeging beperkt kan worden tot “op een Leveringspunt”. Met toepassing van artikel 5.1, van de EBGL, en na overleg met Elia, herziet de CREG door de herhaling van “de Afname van Actief Vermogen” te verwijderen. Met deze herziening wordt een minimale tekstuele kwaliteit van de T&C BRP verzekerd, wat de transparantie ten goede komt, zoals nagestreefd in artikel 3.2(
  5. b)van de EBGL; Daarnaast vraagt de CREG zich af of met de toevoeging van "Afname van Actief Vermogen op een Leveringspunt” iets anders bedoeld wordt dan wat reeds bedoeld wordt met “afname van Actief vermogen op een Afnamepunt”, wat als afzonderlijk element opgelijst wordt in de definitie van “Afname”. De definitie van “Afnamepunt” in het gewijzigde T&C BRP-voorstel bevat immers “een Leveringspunt achter een Toegangspunt”, waardoor de expliciete oplijsting van “Leveringspunt” in de definitie van “Afname” reeds gedekt wordt door de definitie van “Afname”. Daarbij lijkt het de CREG niet juist om de afname van alle Leveringspunten te laten vallen onder de definitie van “Afname”. De afname van actief vermogen van Leveringspunten die een balanceringsdienst leveren bijvoorbeeld, moet immers toegewezen worden aan een BRP die verschillend kan zijn dan de BRP die het contract ondertekent. De CREG vraagt aan Elia om deze opmerking te evalueren in een bredere herziening van de T&C BRP met als doel de definities en de modaliteiten te Niet-vertrouwelijk 31/44 verduidelijken en te aligneren met de Europese terminologie en concepten, en de toepassingsmodaliteiten te verduidelijken. - Elia voegt de term “BRP-factuur” toe. De CREG stelt vast dat de definitie verwijst naar “door de BRP verleende diensten, althans vanuit fiscaal oogpunt”. Conform Unierecht wordt de dienstverlening aan Elia door BSPs uitgevoerd, terwijl BRPs financieel verantwoordelijk zijn voor de onbalansen die zij veroorzaken. BRPs leveren dus geen diensten aan Elia noch levert Elia een dienst aan BRPs, krachtens de EBGL. De CREG acht het daarom verwarrend minstens foutief, te spreken van dienstlevering tussen BRPs en TSB. Om enige inconsistentie tussen het voorstel tot wijziging van de T&C BRP met het Unierecht (EBGL) te vermijden, herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1, van de EBGL, na overleg met Elia, de definitie van BRP-factuur door de verwijzing naar dienstverlening tussen BRPs en Elia te verwijderen. De CREG voert deze herziening ook door op andere plaatsen van het voorstel tot wijziging van T&C BRP met hetzelfde doel indachtig; - De definitie “CDS-Toegangspunt” (of “Toegangspunt van het CDS”) herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL, en na overleg met Elia door de verwijzing naar artikel 2 §1 46° van de Gedragscode te verbeteren in artikel 2 §1 47°. Met deze herziening wordt een minimale tekstuele kwaliteit van de T&C BRP verzekerd, wat de transparantie ten goede komt, zoals nagestreefd in artikel 3.2(
  6. b)van de EBGL; - Elia voegt de term “Elia-factuur” toe. De CREG verwijst naar haar opmerking bij de definitie van “BRP-factuur”.; - Elia voegt de definitie van ‘Geactiveerd Punt’ toe en definieert dit als “een elektriciteitsproductie-eenheid of energieopslageenheid, aangesloten op het Elia-Net of het Publieke Distributienet, die wordt gecurtailed door het gebruik van Technische Maatregelen.”. De CREG merkt op dat een activering van een eenheid in het kader van de technische maatregel niet gelijk is aan ‘curtailment’. De term ‘curtailment’ wordt in Unierecht gebruikt om een beperking van reeds toegewezen grensoverschrijdende transmissiecapaciteit aan te duiden. De beperking van transmissiecapaciteit is geen actie dat door Elia ondernomen kan worden binnen het kader van de remediërende maatregelen die voorgesteld kunnen worden in de LFC BOA. De CREG herziet daarom met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL, en na overleg met Elia de T&C BRP met als doel het gebruik van de term ‘curtailment’, en daarmee gerelateerde termen (zoals onder meer ‘gecurtailed’), overal in het voorstel te verwijderen of te vervangen door een andere term; Ook stelt de CREG vast dat de definitie van ‘Geactiveerd Punt’ geen melding maakt van verbruikseenheden. Verbruikseenheden worden echter wel vermeld in de definitie van ‘Technische Maatregelen’. Hieruit leidt de CREG af dat Elia situaties voorziet waarbij de technische maatregelen, zoals opgenomen in artikel 7.3 van de LFC BOA, geen aanleiding zullen geven tot een correctie van het toegewezen volume aan BRPs. Dezelfde opmerking is van toepassing als degene die uiteengezet wordt bij de definitie van ‘Incompressibiliteit’. Omwille hiervan herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL, en na overleg met Elia de definitie van ‘Geactiveerd Punt’, door vraagfaciliteiten toe te voegen. Deze herziening is nodig om te verzekeren dat BRPs financieel verantwoordelijk blijven voor de onbalans die zij veroorzaakt hebben, krachtens artikel 5
(1)van de Elektriciteitsverordening. Niet-vertrouwelijk 32/44 - Elia voegt de term “Incompressibiliteit” toe22 en definieert de term als “een situatie waarbij er sprake is van een overschot aan energie-injectie op zowel het Elia-Net als het Publieke Distributienet”. Deze definitie van incompressibiliteit is zowel onjuist als onduidelijk. Ten eerste, wordt de term ‘overschot’ niet gedefinieerd. Ten tweede, veronderstellend dat deze term ‘positief onevenwicht in de LFC Zone’ (of ‘overfrequentie’?) betekent, wordt dit onevenwicht niet per net gemeten, maar enkel op het transmissienet. De CREG verwijst naar haar begrip van ‘incompressibiliteit’ in voetnoot 13 van deze beslissing. Daarbij leidt de opname van ’incompressibiliteit’ als enige situatie wanneer het toegewezen volume aan de BRP gecorrigeerd kan worden tot een onnodige beperkte toepassing van de correctie van toegewezen volumes ten opzichte van alle mogelijke situaties die de activatie van technische maatregelen zouden kunnen vereisen. Bijvoorbeeld, de technische maatregel kan ook toegepast worden wanneer er energietekorten zijn (of ‘onderfrequentie’) of wanneer de overfrequentie ontstaat omwille van andere redenen dan ‘incompressibiliteit’. Door de toevoeging van de definitie van ‘Incompressibiliteit’ wordt als gevolg een arbitrair criterium toegevoegd wanneer de toegewezen volumes wel dan niet gecorrigeerd zullen worden. Nochtans moeten alle toegewezen volumes bij de toepassing van een technische maatregel gecorrigeerd worden om te voldoen aan artikel 5
(1)van de Elektriciteitsverordening, dat stelt dat BRPs financieel verantwoordelijk moeten zijn voor de onbalansen die zij veroorzaken in het elektriciteitssysteem. Anders gesteld, de toepassing van de technische maatregel als remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer en de correctie van het toegewezen volume zijn ondeelbaar. De CREG is daarom van oordeel dat de beperking zoals voorgesteld door Elia, de toepassing van technische maatregelen moet beperken en als gevolg opgenomen moet worden bij de beschrijving van de technische maatregelen in de LFC BOA. Om te vermijden dat de door de CREG gevraagde onbalanscorrectie slechts voor een beperkt aantal technische maatregelen van toepassing zou zijn, keurt de CREG de definitie ‘Incompressibiliteit’ af met toepassing van artikel 5
(1)van de EBGL. Concreet betekent dit dat de definitie van ‘Incompressibiliteit’ en het gebruik van deze term verwijderd wordt doorheen het volledige voorstel van de T&C BRP; - Elia voegt “De Injectie van Actief Vermogen op een Leveringspunt” toe in de definitie van “Injectie”. De CREG verwijst naar de eerder geformuleerde opmerking met betrekking tot de definitie van “Afname”. De CREG formuleert een analoge vraag als deze die ze geformuleerd heeft bij de definitie van “Afname” en voert ook hier een gelijkaardige herziening uit. - Elia voegt een definitie van ‘Technische Maatregelen’ toe: De CREG stelt vast dat opslageenheden niet expliciet opgenomen zijn binnen de definitie van ‘Technische Maatregel’ terwijl de definitie van ‘Geactiveerd Punt’ wel opslageenheden bevat. Om de consistentie te behouden tussen beide definities en om te verduidelijken dat het verbruik of de productie van opslageenheden ook onder de technische maatregelen vallen, herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia de definitie van ‘Technische Maatregel’ door 22 De CREG merkt op dat in de Franstalige versie van het voorstel tot wijziging van T&C BRP van 28 februari 2025 de term ‘Incompressibilité’ niet werd toegevoegd. Niet-vertrouwelijk 33/44 opslageenheden expliciet op te nemen in de definitie. Hiermee komt de CREG ook tegemoet aan een opmerking van Fluvius (cfr. paragraaf 50 van deze beslissing); - Als algemene opmerking vraagt de CREG aan Elia om naar aanleiding van een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BRP de definities, en de T&C BRP in het algemeen, te herschrijven zodat in de T&C BRP een abstractie gemaakt wordt van het spanningsniveau van afnames, leveringspunten, toegangspunten, injecties, afnames, meetuitrusting, etc. Artikel 18
(6)(a) EBGL vereist namelijk dat de T&C BRP de balanceringsverantwoordelijkheid voor elke connectie23 moet definiëren, waardoor de T&C BRP van toepassing moet zijn, ongeacht het spanningsniveau, op elke aansluiting van de activa; 3.2.
  1. Artikel 5 Facturatie- en betalingsvoorwaarden
  2. Elia wijzigt artikel 5 met de invoering van self-billing. De CREG is niet gekant tegen deze wijziging. De CREG verwijst naar haar opmerkingen, in paragraaf 87 van deze beslissing, met betrekking tot de definities van ‘Elia-factuur’ en ‘BRP-factuur’. Diezelfde opmerking dringt ook herzieningen op aan artikel 5 van het voorstel tot wijziging van de T&C BRP:
  3. De CREG merkt daarenboven nog het volgende op:
  4. De derde paragraaf van artikel 5.1 stelt dat “Elia […] in geval een BRP in een Onevenwicht verkeert binnen zijn perimeter, de BRP [zal] helpen in het herstel van het evenwicht.”. In tegenstelling tot deze paragraaf zal Elia in de werkelijkheid niet de individuele BRP-onbalansen herstellen, maar de geaggregeerde bijdrage van alle BRP-onbalansen binnen de Belgische LFC Zone aan de frequentieafwijking in het Europees-gekoppeld transmissiesysteem, conform Titel 3 van Deel IV van de SOGL. De CREG herziet met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia het voorstel tot wijziging van T&C BRP door de hierboven hernomen paragraaf in de T&C BRP te verwijderen. Op die manier wordt het voorstel tot wijziging van T&C BRP in lijn gebracht met Unierecht.
  5. De eerste paragraaf van artikel 5.2 bepaalt de betalingstermijn na ontvangst van de facturen. Aangezien Elia ook een factuur ontvangt via het proces van self-billing, moet de betalingstermijn die geldt voor Elia ook aanwezig zijn in het contract, zodat geen verschillende regels van toepassing zijn op Elia en op BRPs. De herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia de eerste paragraaf door te specifiëren dat de ontvangst van de factuur door Elia verondersteld te hebben plaatsgehad gelijktijdig met de verzendingsdatum van de factuur. Elia is immers dezelfde partij die de factuur opstelt als diegene die de factuur ontvangt. Er hoeft met andere woorden geen termijn voorzien te worden tussen de verzending en de ontvangst van de factuur. Deze herziening streeft het doel in artikel 3
(2)(a) van de EBGL na. 23 Een “connection point” wordt in EU-Verordening 2016/631 gedefinieerd als “het punt waarop de elektriciteitsproductie-eenheid, de verbruikersinstallatie, het distributiesysteem of het HVDC-systeem is aangesloten op een transmissiesysteem, een offshore netwerk, een distributiesysteem, inclusief gesloten distributiesystemen, of een HVDC-systeem, als vastgelegd in de aansluitovereenkomst” Niet-vertrouwelijk 34/44 3.2.
  1. Artikel 15 De evenwichtsperimeter van BRP
  2. Elia wijzigt het artikel door individuele leveringspunten toe te voegen aan de evenwichtsperimeter van de BRP. De CREG is niet gekant tegen deze wijziging. De CREG vraagt zich af waarom de toegangspunten nog steeds in hun geheel toegewezen worden aan de evenwichtsperimeter van een BRP. Immers, indien achterliggende leveringspunten toegewezen worden aan de evenwichtsperimeter van een andere BRP, dient een carve-out voorzien te worden op het niveau van het toegangspunt. De CREG vraagt daarom aan Elia om, bij een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BRP, het belang van een onderscheid tussen sectie ‘Evenwichtsperimeter’ en sectie ‘Toewjzing aan Evenwichtsperimeter’ te verduidelijken. 3.2.
  3. Artikel 18 Betalingswaarborg
  4. Elia wijzigt dit artikel door de verwijzing naar creditnota’s te verwijderen en door het bedrag van de vereiste waarborg te berekenen op basis van de afnames aan afnamepunten die toegewezen worden aan de evenwichtsperimeter van de BRP. Elia expliciteert dat afnames die werd toegewezen aan één of meerdere BRPs verschillend van [BRP] niet hieronder vallen. De CREG is niet gekant tegen deze wijziging.
  5. Elia wijzigt ook het minimumbedrag van de garantie, dat hoger moet zijn dan het maximum van de maandelijkse nettobedragen te betalen door de BRP. De CREG gaat akkoord met deze wijziging. Een BRP is immers financieel verantwoordelijk voor de onbalansen die hij veroorzaakt. Indien een BRP inkomsten geniet door deze onbalansen, dienen deze inkomsten in vermindering gebracht te worden bij het berekenen van het minimumbedrag van de garantie. Niettemin versterkt deze wijziging een discriminatie tussen marktrollen. Immers, een BRP die haar balanceringsmiddelen impliciet inzet geniet door deze wijziging van een vermindering van het minimumbedrag van de garantie, en dit omdat de toegewezen onbalans van BRP verminderd wordt door een impliciete inzet van middelen. Een BSP daarentegen die haar balanceringsmiddelen op dezelfde manier expliciet aanbiedt aan Elia geniet niet van dezelfde vermindering van het minimumbedrag van de garantie. Deze discriminatie tussen BSP en BRP wordt niet aanvaard door de CREG. Daarenboven leidt het verschillende resultaat van de berekening van de garantie tussen BSPs en BRPs tot verstorende prikkels tussen BSPs en BRPs, waardoor BSPs niet aangemoedigd worden om balanceringsdiensten aan te bieden aan de TSB. Met andere woorden, het niet mee in rekening brengen van de door de BSP aangeboden balanceringsenergievolumes leidt tot een inbreuk op de bepalingen in artikel 3
(2)(a), artikel 44
(1)(f) en artikel 44
(1)(
  1. h)van de EBGL. De CREG richt daarom een wijzigingsverzoek aan Elia met als doel dat de berekening van het minimumbedrag van de garantie die de BRP dient te voorzien, ook rekening houdt met de positieve en negatieve aangeboden FRR-balanceringsvolumes die BSPs met diezelfde BRP als balanceringsverantwoordelijke, per onbalansverrekeningsperiode, aan Elia ter beschikking hebben gesteld. Het doel hiervan is om discriminatie tussen marktdeelnemers die middelen impliciet en expliciet inzetten te verwijderen. De CREG verzoekt Elia om aan dit wijzigingsverzoek tegemoet te komen tegen een eerstvolgende indiening van een gewijzigd voorstel van T&C BRP, dat niet later mag plaatsvinden dan 30 augustus 2026. 3.2.7. Artikel 20 Toewijzing aan de Evenwichtsperimeter 95. Elia wijzigt de artikelen 20.1 en 20.4 van het voorstel van T&C BRP door te specifiëren dat leveringspunten die achter een toegangspunt liggen kunnen toegewezen worden aan verschillende Niet-vertrouwelijk 35/44 BRPs. Ook verwijdert Elia de modaliteiten met betrekking tot de strategische reserves wegens verouderd. De CREG heeft geen opmerkingen hierbij. 96. Elia voegt een nieuw artikel 20.9 in het voorstel van T&C BRP toe betreffende de correctie van de evenwichtsperimeter in het kader van de activatie van technische maatregelen. 97. De CREG verwijst naar haar opmerkingen, in paragraaf 87 van deze beslissing, met betrekking tot de definitie van ‘Incompressibiliteit’ en de definitie van ‘Geactiveerd Punt’. Dezelfde opmerkingen gelden ook hier en bijgevolg herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia artikel 20.9 van de T&C BRP. Specifiek voor artikel 20.9.2 van het voorstel van T&C BRP herziet de CREG ook de titel om te verduidelijken dat artikel 20.9.2 toepassing vindt wanneer de opvolging van de afname of de injectie op een Toegangspunt toevertrouwd wordt aan meerdere BRPs, krachtens artikel 107 van de Gedragscode Elektriciteit, en niet wanneer er meerdere BRPs achter het toegangspunt aangeduid werden (in het kader van de wijziging van multiple BRP). Met deze herziening breidt de CREG het bedoelde toepassingsgebied van dit deel niet uit ten opzichte van hetgeen door Elia werd voorgesteld, maar verwijdert de CREG wel een ambiguïteit in de T&C BRP, wat de transparantie ten goede komt, zoals ook nagestreefd in artikel 3.2(
  2. b)van de EBGL. 98. Ook stelt de CREG vast dat de toewijzing aan de Evenwichtsperimeter ontbreekt in geval van twee BRPs actief zijn op een Toegangspunt waarbij elk van beide BRPs belast zijn met de opvolging van een percentage van de Injectie, zoals voorzien in bijlage 5 van het Toegangscontract. De CREG herziet daarom, met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia, het voorstel tot wijziging van de T&C BRP door de correctie van toegewezen volumes voor deze situatie op te nemen. Deze herziening vervult de vereiste van transparantie, zoals nagestreefd in artikel 3.2.
  3. b)van de EBGL en vervult ook de vereiste dat elke BRP financieel verantwoordelijk is voor de onbalansen die zij veroorzaken in het elektriciteitssysteem, krachtens artikel 5
(1)van de Elektriciteitsverordening. 3.2.
  1. Artikel 21 Onevenwicht per kwartier van BRP
  2. Elia wijzigt dit artikel door op te nemen dat injecties van leveringspunten achter een toegangspunt die niet onder de evenwichtsverplichting van de BRP vallen, belast met de opvolging van het toegangspunt, afgetrokken moeten worden van de injectie van het toegangspunt. Een analoge wijziging voor de afname wordt eveneens door Elia voorgesteld.
  3. De CREG heeft geen opmerkingen op deze wijzigingen. 3.2.
  4. Artikel 22 Gegevensuitwisseling
  5. Elia wijzigt dit artikel door de gegevensuitwisseling in geval één of meerdere BRPs actief zijn op leveringspunten achter het toegangspunt.
  6. De CREG heeft geen opmerkingen met betrekking tot de voorgestelde wijzigingen.
  7. In de voorlaatste alinea, stelt Elia dat: “Elia is niet verantwoordelijk voor de geldigheid van de niet-gevalideerde meetgegevens, noch voor meetgegevens, meegedeeld door derden, en zal in geen enkel geval aansprakelijkheid aanvaarden met betrekking tot mogelijke schade veroorzaakt door niet-gevalideerde meetgegevens.” De CREG stelt evenwel de vraag wie ‘onder derden’ verstaan moet worden, aangezien de T&C BRP een contract is dat afgesloten wordt tussen Elia en de BRP. Als onder ‘derden’ de DSBs verstaan Niet-vertrouwelijk 36/44 moet worden van wie de BRP niet-gevalideerde meetgegevens, of meetgegevens ontvangt, kan evenmin de BRP hiervoor verantwoordelijk worden geacht indien deze niet correct zouden zijn. De CREG stelt ook de vraag welke andere niet-gevalideerde meetgegevens, of meetgegevens nog zouden moeten worden meegedeeld door de BRP aan de TSB buiten die gegevens die de DSB reeds rechtstreeks verstrekt aan de TSB? Immers, artikel 15 van EBGL legt enkel een communicatieverplichting van gegevens op van de DSB aan de TSB.
  8. Voorgaande geldt ook voor de laatste paragraaf, dat zegt: “De meetgegevens met betrekking tot injectie- en/of afnamepunten aangesloten op een Publiek Distributienet worden rechtstreeks aan [BRP] aangeleverd door de betreffende distributienetbeheerder, overeenkomstig het (de) toepasselijke technische reglement(en) voor de distributie van elektriciteit. De meetgegevens met betrekking tot de CDS-Toegangspunten aangesloten op een CDS worden aan [BRP] aangeleverd door de Beheerder van het betreffende CDS, met toepassing van de regels beschreven in het Toegangscontract.” De CREG stelt de vraag in welke mate deze paragraaf in lijn ligt met artikel 15 van de EBGL die een rechtstreekse communicatieverplichting oplegt tussen de DSB naar de TSB. Bijkomend laat de CREG gelden dat de T&C BRP een geharmoniseerd regelgevend kader moet bevatten binnen de Belgische onbalanszone. Krachtens de artikelen 18.6 f) en 15
(2)van de EBGL, zijn de T&C BRP het enige regelgevend document dat de termijn oplegt wanneer DSBs de informatie aan de TSB moet aanleveren zodat de TSB de onbalansen tijdig kan verrekenen. Afwijkingen hierop omwille van toepasselijke technische reglement(
  1. en)voor de distributie van elektriciteit zijn voor de CREG niet aanvaardbaar. 3.2.10. Artikel 24 Dagelijks Evenwichtsprogramma 105. Elia wijzigt dit artikel om compatibel te zijn met de gevallen wanneer een of meerdere BRPs actief zijn op leveringspunten achter het toegangspunt. De CREG heeft geen opmerkingen met betrekking tot de voorgestelde wijzigingen. 106. Elia stelt voor om een correctie van een day-ahead externe inconsistentie toe te laten tot het einde van de intraday nominatiedeadline. Indien een BRP de day-ahead externe inconsistentie corrigeert, wordt een factuur voor day-ahead externe inconsistentie aangerekend rekening houdend met een RFEI-factor. Indien de BRP de day-ahead externe inconsistentie niet corrigeert, wordt een factuur voor day-ahead externe inconsistentie aangerekend, zonder RFEI-factor. Tot slot, wordt ook een factuur voor intraday externe inconsistenties toegepast, zonder RFEI-factor. 107. De CREG is van mening dat de factuur voor externe inconsistenties een prikkelend karakter moet hebben. De prikkel moet BRPs aanmoedigen om correcte handelsprogramma’s in te dienen bij Elia tegen de uiterste deadline wanneer Elia deze handelsprogramma’s gebruikt voor de uitvoer van haar wettelijke taken. Op basis van de informatie gekend door de CREG, worden deze handelsprogramma’s niet meer door Elia in day-ahead gebruikt om wettelijke taken uit te voeren. De day-ahead evenwichtsverplichting is zodanig versoepeld dat deze in de praktijk geen rol meer speelt. De CREG vraagt zich daarom af waarom er nog steeds een factuur voor day-ahead externe inconsistentie aangerekend wordt indien de BRP haar handelsprogramma tijdig corrigeert. De BRP vertoont namelijk het verwachte goed gedrag, zonder noodzaak om een de financiële prikkel van een factuur werkelijk toe te passen. Als gevolg is de toepassing van de factuur voor day-ahead externe inconsistentie in geval van tijdige correctie, eerder een penaliteit dan een prikkel. Daarom kan de CREG enkel een factuur met RFEI-factor gelijk aan 0 aanvaarden, omdat dit in de praktijk Niet-vertrouwelijk 37/44 niet tot een onnodige prikkel voor de BRP leidt. Het laat aan Elia ook toe om de RFEI-factor aan te passen, indien Elia het prikkelend karakter toch zou kunnen aantonen. 108. De CREG stelt vast dat het voorstel tot wijziging van T&C BRP eerder een complexiteit toevoegt dan een complexiteit vermindert. Elia stelt namelijk voor om een extra proces te voorzien om de day-ahead externe inconsistenties op te lossen, dan om dit corrigerende proces te stroomlijnen met de communicatie van de intraday handelsprogramma’s. Gegeven dat Elia slechts nood heeft aan een correct handelsprogramma, gecommuniceerd door elke BRP, op het einde van de grensoverschrijdende intradaymarkt, had Elia ook een gestroomlijnd kader kunnen voorstellen, waarbij BRPs hun handelsprogramma’s tot het intraday tijdsbestek kunnen actualiseren en dit ongeacht of de oorzaak van de actualisatie een correctie dan een transactie is. De complexiteit in het voorstel tot wijziging van de T&C BRP van Elia leidt daarenboven tot aparte prikkels voor de correcte indiening van day-ahead handelsprogramma’s enerzijds en voor de correcte indiening van intraday handelsprogramma’s anderzijds. Deze opsplitsing van evaluatie van handelsprogramma’s binnen hetzelfde tijdsbestek (namelijk na intraday), met aparte prikkels, is arbitrair. Elia gebruikt namelijk de geaggregeerde handelsprogramma’s na het intraday tijdsbestek – die dus de som van alle handel in elke markt bevat, gaande van lange termijn, tot day-ahead en intraday handel – om haar wettelijke taken uit te voeren. De impact op de uitvoer van deze taken door Elia, en dus ook de mate van prikkel, zou gebaseerd moeten zijn op de positie van de BRP na het intraday tijdsbestek. De voorgestelde wijzigingen factureren echter de BRP mogelijks twee keer: één keer voor een verkeerd day-ahead handelsprogramma en één keer voor een verkeerd intraday handelsprogramma, en dit ook wanneer beide inconsistenties elkaar compenseren in het handelsprogramma dat door Elia gebruikt wordt voor de onbalansverrekening. Deze dubbele prikkel wordt ook in vraag gesteld door Febeg, verwijzend naar haar opmerking zoals uiteengezet in paragraaf 75 van deze beslissing. De CREG is echter van mening dat er slechts één keer een prikkel toegepast moet worden, op basis van de handelsprogramma’s die door BRPs ingediend werden tegen de intraday nominatiedeadline. 109. Het bovenstaande zou dan ook leiden tot een correctere prikkel voor BRPs, met name een prikkel die berekend wordt op basis van de resterende inconsistentie tussen de handelsprogramma’s die door beide BRPs tijdens het intradaybestek ingediend werden bij Elia, en waarop Elia zich baseert om haar wettelijke taken uit te voeren. De prikkel zoals hierboven beschreven is gelijk aan wat voorzien wordt in de tariefmethodologie als tarief voor externe inconsistentie, dat stelt dat “ de gelijkheid tussen het tarief voor externe inconsistentie en het tarief dat van toepassing is op onevenwichten leidt tot neutraliteit tussen een onevenwicht en een inconsistentie, wat het mogelijk maakt om een strategie van "internalisering van inconsistenties" te vermijden, waarbij een evenwichtsverantwoordelijke zich vrijwillig in onevenwicht zou houden om elke inconsistentie in zijn programma's te vermijden ”. 110. De opmerkingen zoals geformuleerd in paragrafen 108 tot en met 109 van deze beslissing hebben echter ook een impact op marktdeelnemers. Enerzijds zou de stroomlijning van processen, door het eerder het interne handelsprogramma tussen twee BRPs na het intraday tijdsbestek te evalueren dan de day-ahead en intraday interne handelsprogramma’s apart te gaan evalueren na het intraday tijdsbestek, BRPs moeten faciliteren. De CREG verwijst ook naar de vraag van Febeg om de facturatie van externe inconsistenties verder te verfijnen bij een eerstvolgend voorstel tot wijziging van de T&C BRP. De CREG vraagt aldus aan Elia om de opmerkingen in paragrafen 108 en 109, en die geformuleerd door Febeg in haar antwoord op de openbare raadpleging, te analyseren en te bespreken met marktdeelnemers, en een evolutie van de modaliteiten omtrent externe inconsistenties uit te werken tegen een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BRP en deze niet later dan 30 augustus 2026 bij de CREG in te dienen ter goedkeuring. 111. Elia wijzigt ook artikelen 24.3.5 en 24.3.6 om het nieuwe kader van externe inconsistenties toe te laten. Niet-vertrouwelijk 38/44 112. Deze wijzigingen bevatten enkele typfouten en een foutieve nummering bij opsommingen. De CREG herziet met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia deze slordigheden. Met deze herziening verzekert de CREG een minimale tekstuele kwaliteit in de T&C BRP, wat de transparantie ten goede komt, zoals ook nagestreefd in artikel 3.2(
  2. b)van de EBGL. 113. Daarnaast stelt de CREG vast dat Elia de berekening van het bedrag van een day-ahead inconsistentie wijzigt door deze te vermenigvuldigen met een reductiefactor voor externe inconsistenties (hierna: “RFEI”). Deze RFEI kan gewijzigd worden, na een studie van Elia op eigen initiatief of op vraag van de CREG, en na goedkeuring van deze wijziging door de CREG. De CREG stelt vast dat de initiële waarde van de RFEI niet aanwezig is in de T&C BRP. De CREG herziet met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia dit artikel door de initiële RFEI-waarde gelijk aan nul
(0)te expliciteren. Deze herziening biedt de nodige transparantie aan belanghebbenden, zoals ook vereist in artikel 3
(2)(b) van de EBGL. De publicatie van de RFEI-waarde op de website van Elia of de opname van de initiële waarde in verklarende nota (bijlage 3 van deze beslissing) zijn niet onderhevig aan hetzelfde regulatoir toezicht dan de opname van deze initiële waarde in de T&C BRP. Ook stelt de CREG vast dat er geen verwijzing naar een website beschikbaar is om de actuele RFEI te communiceren aan BRPs. Om transparantie voor belanghebbenden te verhogen, krachtens artikel 3
(2)(b) van de EBGL, herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na overleg met Elia de T&C BRP. De CREG vraagt ook aan Elia om de verwijzing naar de webpagina toe te voegen in de daartoe voorzien voetnoot, alvorens de goedgekeurde en herziene T&C BRP te publiceren.
  1. De studie waarvan sprake in paragraaf 113 van deze beslissing heeft als doel om een rechtvaardiging te bieden om de RFEI te wijzigen. De CREG geeft in deze paragraaf drie algemene principes mee waaraan deze rechtvaardiging dient te voldoen. Daarnaast is de CREG van mening dat rekening gehouden moet worden met de opmerking in paragraaf 110 van deze beslissing:
  2. Elia moet aantonen dat een betere kwaliteit van ingediend dagelijks evenwichtsprogramma nodig is om de aan haar wettelijk toegewezen taken effectiever en efficiënter te kunnen uitoefenen. Krachtens de EBGL dient de BRP namelijk ernaar te streven om in reële tijd in evenwicht te zijn of het systeem te helpen in evenwicht te zijn. Deze inspanningenverbintenis wordt door de BRP uitgevoerd tot aan de gatesluitingstijd van de grensoverschrijdende intradaymarkt, krachtens overweging 12 van de EBGL. Gegeven het bovenstaande, moet Elia kunnen aantonen dat een betere kwaliteit dan wat geobserveerd werd, van in day-ahead ingediende dagelijks evenwichtsprogramma, nodig is (in plaats van een intraday ingediend evenwichtsprogramma) en hoe Elia deze in day-ahead ingediende dagelijkse evenwichtsprogramma’s gebruikt.
  3. Elia moet ook kunnen aantonen dat de verhoging van de RFEI-waarde leidt tot een betere kwaliteit van day-ahead dagelijkse evenwichtsprogramma’s. Hiervoor moet Elia ten eerste kunnen aantonen dat de BRPs de oorzaak zijn van de geobserveerde slechtere kwaliteit van dagelijks evenwichtsprogramma. Binnen dit kader zal Elia enerzijds moeten kunnen aantonen welke oorzaken hiervan zijn, na contactname met de betrokken BRPs, en zal Elia anderzijds ook moeten kunnen aantonen dat zij de BRPs praktisch zo veel mogelijk heeft ondersteund bij het indienen van kwaliteitsvolle day-ahead dagelijkse evenwichtsprogramma’s. Deze ondersteuning neemt de vorm aan van tijdige en gerichte waarschuwingen aan de BRP, het evalueren van de huidige processen met oog op het vergemakkelijken van indiening van evenwichtsprogramma’s voor alle BRPs, etc. Ten tweede, moet Elia ook kunnen aantonen dat de verhoging van RFEI-waarde de BRPs er werkelijk toe aanzetten om de kwaliteit van dagelijkse evenwichtsprogramma’s te verbeteren, dan slechts financiële stromen te genereren tussen de BRP en Elia. Met andere woorden, Elia moet kunnen Niet-vertrouwelijk 39/44 aantonen welke extra inspanningen BRPs zullen moeten doen als reactie op de financiële prikkel om de kwaliteit van dagelijkse evenwichtsprogramma’s te verbeteren;
  4. Elia zal moeten aantonen dat de degradatie van kwaliteit van dagelijkse evenwichtsprogramma systemisch is, i.e. dat alle BRPs zulke degradatie vertonen. Indien dit niet het geval is, gaat de CREG akkoord met de reactie van Febeliec, namelijk dat er een in

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.