(B)2992 10 april 2025 Beslissing over de aanvraag tot goedkeuring van het voorstel van de NV Elia Transmission Belgium tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia genomen in overeenstemming met artikel 6.3.e) iii) van de verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3
- WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 4 1.
- EUROPEES RECHT .................................................................................................................... 4
- ANTECEDENTEN............................................................................................................................... 8
- RAADPLEGING ............................................................................................................................... 12
- 3.
- Algemeen............................................................................................................................... 12 3.
- Inhoudelijke bespreking van het raadplegingsverslag .......................................................... 13 3.2.
- Febeg ............................................................................................................................. 13 3.2.
- Febeliec.......................................................................................................................... 17 3.2.
- ABOUSCO ....................................................................................................................... 18 3.2.
- Fluvius ............................................................................................................................ 19 ANALYSE EN BEOORDELING VAN DE VOORGESTELDE WIJZIGINGEN ........................................... 20 4.
- Analyse van het voorstel ....................................................................................................... 20 4.1.
- Algemene voorafgaande opmerkingen ......................................................................... 20 4.1.
- Artikel 1: Tijdsschema voor de implementatie.............................................................. 20 4.1.
- Artikel 7: Maatregelen om de FRCE te verminderen door veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik van elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikseenheden te eisen overeenkomstig artikel 152
(16)van de SOGL ................................. 20 4.2. 5. Aanvullende opmerkingen .................................................................................................... 27 BESLISSING..................................................................................................................................... 28 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 29 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 29 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 29 BIJLAGE 4 ............................................................................................................................................... 29 BIJLAGE 5 ............................................................................................................................................... 30 BIJLAGE 6 ............................................................................................................................................... 30 Niet vertrouwelijk 2/30 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna de “CREG”) onderzoekt hierna met toepassing van artikel 6.3.
- e)van de verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen (hierna: SOGL) de aanvraag van de NV ELIA TRANSMISSION BELGIUM (hierna: “Elia”) tot goedkeuring van het voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden die zijn opgenomen in de operationele overeenkomsten voor LFC-blokken (hierna: LFC BOA). Per brief van 7 april 2025 wordt het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, opgesteld in het Nederlands, het Frans en het Engels, in een zowel cleane versie als een versie met track changes (bijlage 3 van deze beslissing) per mail bij de CREG ingediend voor goedkeuring. Aan deze brief zijn gehecht: - het raadplegingsverslag in het Engels, samen met de individuele antwoorden (bijlage 1 van deze beslissing); een verklarende nota van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia in het Engels (bijlage 2 van deze beslissing); Een presentatie over de toepassing van de technische maatregel en de impact ervan op gereguleerde documenten (bijlage 4 van deze beslissing). De indiening van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA gaat gepaard met een indiening, door Elia, van een voorstel tot wijziging in van de voorwaarden voor balanceringsverantwoordelijken (hierna: T&C BRP) op 28 februari 2025. Tegelijk met het voorstel tot wijziging van de T&C BRP diende Elia eveneens een voorstel tot wijziging van de samenwerkingsovereenkomst met DSBs bij de CREG in. Dit voorstel wordt in een aparte beslissing beoordeeld. De onderhavige beslissing is in vijf delen opgesplitst. Het eerste deel is gewijd aan het wettelijke kader. Het tweede deel gaat over de antecedenten van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA. Het derde deel behandelt de openbare raadpleging. De CREG ontleedt in het vierde deel de inhoud van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA. Het vijfde deel bevat de eigenlijke beslissing. Onderhavige beslissing werd door het directiecomité van de CREG goedgekeurd tijdens de vergadering van 10 april 2025. Niet vertrouwelijk 3/30 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEES RECHT 1. Artikel 6.1, van de SOGL-verordening bepaalt dat: “Elke regulerende instantie of, naargelang van het geval, het Agentschap keurt de in overeenkomstig de leden 2, en 3 door de TSB’s ontwikkelde voorwaarden of methodologieën goed. De door de lidstaat aangewezen entiteit keurt de voorwaarden of methodologieën goed die door de TSB’s overeenkomstig lid 4 worden ontwikkeld. De aangewezen entiteit is de reguleringsinstantie tenzij anders bepaald door de lidstaat. Alvorens de voorwaarden of methodologieën goed te keuren, herzien de reguleringsinstantie, het Agentschap of de aangewezen entiteit de voorstellen indien nodig, na raadpleging van de respectieve TSB’s, om ervoor te zorgen dat deze in overeenstemming zijn met het doel van deze verordening en bijdragen tot marktintegratie, non-discriminatie, effectieve mededinging en de goede werking van de markt.” 2. Artikel 6.3, van de SOGL-verordening bepaalt dat: “De voorstellen voor de volgende voorwaarden of methodologieën, alsmede wijzigingen daarvan, waarover een lidstaat advies kan uitbrengen aan de betrokken reguleringsinstantie, worden ter goedkeuring voorgelegd aan alle reguleringsinstanties van de betrokken regio:
- e)methodologieën en voorwaarden vervat in de operationele overeenkomst van een LFCblok overeenkomstig artikel 119 met betrekking tot: iii) maatregelen waarmee de FRCE wordt teruggedrongen door middel van aanpassingen in de productie of het verbruik van werkzaam vermogen van elektriciteitsproductie-eenheden en verbrui kersinstallaties overeenkomstig artikel 152, lid 16; “ 3. Artikel 19.2 van de SOGL Verordening bepaalt dat : “Elke TSB houdt binnen zijn regelzone toezicht op de volgende transmissiesysteemparameters op basis van realtimeafstandmetingen of berekende waarden uit zijn observatiezone, rekening houdend met de structurele en realtimegegevens overeenkomstig artikel 42:
- c)frequentie en frequentieherstelregelfout van zijn LFC-zone;” Artikel 19.3 van de SOGL vervolgt dat: “Om de systeemtoestand te kunnen vaststellen, verricht elke TSB ten minste iedere 15 minuten een analyse van uitvalsituaties en controleert hij daarbij de overeenkomstig lid 2 vastgestelde transmissiesysteemparameters ten opzichte van het overeenkomstig artikel 25 vastgestelde operationele veiligheidsgrenzen en de overeenkomstig artikel 18 vastgestelde systeemtoestandscriteria. Daarnaast houdt elke TSB ook toezicht op het niveau van beschikbare reserves ten opzichte van de reservecapaciteit. Bij het analyseren van uitvalsituaties houdt elke TSB rekening met het effect van remediërende maatregelen en de maatregelen uit het systeembeschermingsplan.” 4. Artikel 21 van de SOGL bepaalt dat: “1. Elke TSB hanteert de onderstaande beginselen bij het uitvoeren en coördineren van remediërende maatregelen overeenkomstig artikel 23:
- a)voor overschrijdingen van de operationele veiligheid die niet op gecoördineerde wijze beheerd hoeven te worden, dient een TSB remediërende maatregelen uit de in artikel 22 genoemde categorieën te ontwerpen, op te stellen en uit te voeren teneinde het systeem in Niet vertrouwelijk 4/30 de normale toestand terug te brengen en verspreiding van de alarm- of noodtoestand buiten zijn regelzone te voorkomen;
- b)voor overschrijdingen van de operationele veiligheid die op gecoördineerde wijze beheerd moeten worden, dient een TSB remediërende maatregelen te ontwerpen, op te stellen en uit te voeren in samen hang met de maatregelen van de andere betrokken TSB's, overeenkomstig de methodologie voor het op gecoördineerde wijze voor bereiden van remediërende maatregelen overeenkomstig artikel 76, lid 1, onder b), en rekening houdend met de aanbeveling van een regionale veiligheidscoördinator overeenkomstig artikel 78, lid 4. 2. Bij de selectie van passende remediërende maatregelen dient elke TSB de volgende criteria te hanteren:
- a)de meest doeltreffende en economisch efficiënte remediërende maatregelen uitvoeren;
- b)remediërende maatregelen zo dicht mogelijk bij realtime uitvoeren, rekening houdend met de verwachte tijd die nodig is voor uitvoering en de urgentie van de situatie in het systeembeheer die zij willen verhelpen;
- c)de risico's van niet-succesvolle toepassing van de beschikbare remediërende maatregelen in beschouwing nemen, alsmede de gevolgen daarvan voor de operationele veiligheid zoals:
- i)de risico's van storing of kortsluiting als gevolg van wijzigingen in de topologie;
- ii)werkzaam de risico's van niet-beschikbaarheid als gevolg van wijzigingen in vermogen of blindvermogen elektriciteitsproductie-eenheden of verbruikersinstallaties, en op iii) de risico's van slechte werking als gevolg van het gedrag van apparatuur;
- d)voorrang geven aan remediërende maatregelen waarmee, zonder enige overschrijding van de operationele veiligheidsgrenzen, de grootste zoneoverschrijdende capaciteit beschikbaar komt voor capaciteitstoewijzing.” 5. Verder bepaalt artikel 22 van de SOGL de categorieën van remediërende maatregel. Deze zijn: 1. Elke TSB gebruikt de volgende categorieën van remediërende maatregelen:
- a)de duur van de geplande niet-beschikbaarheid of wederingebruikname van elementen van het transmissiesysteem aanpassen teneinde de operationele beschikbaarheid van die elementen te bereiken;
- b)de elektriciteitsstromen actief beïnvloeden door middel van:
- i)omschakeling van de vermogenstransformatoren;
- ii)omschakeling van de faseverschuivende transformatoren; iii) wijziging van de topologie;
- c)spanning en blindvermogen beheren door middel van:
- i)omschakeling van de vermogenstransformatoren;
- ii)schakeling van de condensatoren en reactoren; iii) schakeling van de op vermogenselektronica gebaseerde apparaten voor spannings- en blindvermogensbeheer;
- iv)transmissiegekoppelde DSB's en significante netgebruikers instrueren om de automatische spannings- en blindvermogensregeling van transformatoren te blokkeren, of om op hun eigen installaties de in de punten
- i)tot en met iii) genoemde remediërende Niet vertrouwelijk 5/30 maatregelen te treffen indien de afname van de spanning de operationele veiligheid in gevaar brengt of in een transmis siesysteem tot een spanningsineenstorting dreigt te leiden;
- v)verzoeken om verandering van het gegenereerde blindvermogen of de spanningsrichtwaarde van de transmissiegekoppelde synchrone elektriciteitsproductieeenheden;
- vi)verzoeken om verandering van het gegenereerde blindvermogen van de omvormers van transmissiegekoppelde niet-synchrone elektriciteitsproductie-eenheden;
- d)day-ahead en intraday zoneoverschrijdende capaciteiten herberekenen overeenkomstig Verordening (EU) 2015/1222;
- e)transmissie- of distributiegekoppelde systeemgebruikers redispatchen binnen de regelzone van de TSB, tussen twee of meer TSB's;
- f)compensatiehandel tussen twee of meer biedzones;
- g)werkzaamvermogensstromen aanpassen via HVDC-systemen;
- h)frequentieafwijkingsbeheerprocedures activeren;
- i)de reeds toegewezen zoneoverschrijdende capaciteit beperken over eenkomstig artikel 16, lid 2, van Verordening (EG) nr. 714/2009; in een noodsituatie waarin het gebruik van die capaciteit de operationele veiligheid in gevaar brengt en redispatching of compensatie handel niet mogelijk is, stemmen alle TSB's bij een bepaalde interconnector in met een dergelijke aanpassing, en
- j)voor zover van toepassing de handmatig beheerde belastingsafschakeling in normale of alarmtoestand erbij betrekken. 2. Wanneer dit noodzakelijk is en gerechtvaardigd om de operationele veiligheid te handhaven, is het elke TSB toegestaan remediërende maatregelen op te stellen en uit te voeren. De TSB meldt en verantwoordt dergelijke gevallen na invoering van de aanvullende remediërende maatregelen ten minste eenmaal per jaar bij de desbetreffende reguleringsinstantie en, indien van toepassing, de lidstaat. De desbetreffende rapporten en verantwoordingen worden eveneens gepubliceerd. De Europese Commissie dan wel het Agentschap kunnen de desbetreffende reguleringsinstantie verzoeken aanvullende informatie te verstrek ken over de uitvoering van aanvullende remediërende maatregelen wan neer die van invloed zijn op een aangrenzend transmissiesysteem.” 6. Tot slot meldt artikel 23, van de SOGL Verordening dat: “1. Elke TSB dient op basis van de onderstaande elementen remediërende maatregelen op te stellen en uit te voeren in overeenstemming met de criteria in artikel 21, lid 2, teneinde verslechtering van de systeem toestand te voorkomen:
- a)toezicht op en vaststelling van de systeemtoestanden overeenkomstig artikel 19;
- b)analyse van uitvalsituaties in het realtimebeheer overeenkomstig artikel 34, en
- c)analyse van uitvalsituaties in de operationele planning overeenkomstig artikel 72. 2. Bij het opstellen en uitvoeren van een remediërende maatregel, met inbegrip van redispatching of compensatiehandel overeenkomstig artikel 25 en artikel 35 van Verordening (EU) 2015/1222, of een procedure uit het systeembeschermingsplan van een TSB die gevolgen heeft voor andere TSB's, beoordeelt de desbetreffende TSB in samenspraak met de betrokken TSB's de gevolgen van die remediërende maatregel of procedure binnen en buiten zijn eigen regelzone, overeenkomstig artikel 75, lid 1, artikel 76, lid 1, onder b), en artikel 78, leden 1, 2 en 4, en stelt hij de betrokken TSB's in kennis van zijn bevindingen. 3. Bij het opstellen en uitvoeren van remediërende maatregelen die gevolgen hebben voor de transmissiegekoppelde SNG's en DSB's dient elke TSB wiens transmissiesysteem zich in de normale of alarmtoestand bevindt, de gevolgen van die remediërende maatregelen te Niet vertrouwelijk 6/30 beoordelen in onderlinge afstemming met de betrokken SNG's en DSB's en remediërende maatregelen te selecteren die bijdragen tot de handhaving van de normale toestand en een veilige exploitatie voor alle betrokken partijen. Elke betrokken SNG en DSB voorziet de TSB van alle voor deze afstemming noodzakelijke informatie. 4. Bij het opstellen en uitvoeren van remediërende maatregelen dient elke TSB wiens transmissiesysteem zich niet in de normale of alarmtoestand bevindt, die remediërende maatregelen voor zover mogelijk af te stemmen met de beïnvloede transmissiegekoppelde SNG's en DSB's teneinde de operationele veiligheid en de integriteit van het transmissiesysteem te handhaven. Wanneer een TSB een remediërende maatregel uitvoert, dient elke transmissiegekoppelde significante netgebruiker en DSB die daarvan gevolgen ondervindt, de instructies van de TSB op te volgen. 5. Wanneer beperkingen slechts gevolgen hebben voor de plaatselijke toestand binnen de regelzone van de TSB en de overschrijding van de operationele veiligheid niet op gecoördineerde wijze beheerd hoeft te worden, kan de TSB die verantwoordelijk is voor het beheer van die overschrijding besluiten geen remediërende maatregelen uit te voeren waaraan kosten zijn verbonden zodra deze worden opgeheven.” 7. De bepalingen inzake de operationele overeenkomsten voor LFC-blokken, afgekondigd in artikel 119 van de SOGL-verordening, luiden als volgt: “1. Binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding van deze verordening ontwikkelen alle TSB's van elk LFC-blok gezamenlijk gemeenschappelijke voorstellen voor:
- g)operationele procedures in geval van uitgeputte FRR en RR overeenkomstig artikel 152, lid 8;
- r)maatregelen om de FRCE te verminderen door veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik van elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikseenheden te verlangen overeenkomstig artikel 152, lid 16. 2. Alle TSB's van elk LFC-blok dienen de in artikel 6, lid 3, onder e), vermelde methodologieën en voorwaarden in voor goedkeuring door alle reguleringsinstanties van het desbetreffende LFC-blok. Binnen één maand na de goedkeuring van deze methodologieën en voorwaarden sluiten alle TSB's van elk LFC-blok een operationele overeenkomst van het LFC-blok, die binnen drie maanden na de goedkeuring van de methodologieën en voorwaarden in werking treedt.” 8. Overeenkomstig artikel 6.6 van de SOGL-verordening moeten alle voorstellen en methodologieën, waaronder het voorstel voor het LFC-blok, een tijdschema voor de tenuitvoerlegging ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van de SOGLverordening (geformuleerd in artikel 4) omvatten, of zoals bepaald in artikel 6.6 van de SOGLverordening: “6. Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor de tenuitvoerlegging ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van deze verordening. Voorstellen betreffende voorwaarden of methodologieën die ter goedkeuring aan verschillende of aan alle reguleringsinstanties moeten worden voorgelegd, worden bij het Agentschap ingediend op hetzelfde tijdstip als dat van indiening bij de reguleringsinstanties. Op verzoek van de bevoegde regulerende instanties brengt het Agentschap binnen een termijn van drie maanden advies uit over de voorstellen voor voorwaarden of methodologieën.” 9. Met toepassing van artikel 7.4 van de SOGL-verordening kunnen de TSB's die verantwoordelijk zijn voor het opstellen van een voorstel voor voorwaarden of methodologieën, of de reguleringsinstanties of aangewezen entiteiten die verantwoordelijk zijn voor de vaststelling daarvan overeenkomstig artikel 6, leden 2, 3 en 4 verzoeken die voorwaarden of methodologieën te wijzigen. Voorstellen tot wijziging van de voorwaarden of methodologieën worden overeenkomstig de Niet vertrouwelijk 7/30 procedure van artikel 11, van de SOGL-verordening, indien van toepassing, ter raadpleging voorgelegd en worden goedgekeurd overeenkomstig de in de artikelen 5 en 6, van de SOGL-verordening uiteengezette procedure. 2. ANTECEDENTEN 10. Op 25 augustus 2017 werd de SOGL-verordening gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie. Ze werd vervolgens van kracht op 14 september 2017. Deze verordening beoogt gedetailleerde en geharmoniseerde regels vast te leggen met betrekking tot het beheer van het elektriciteitstransmissienet. Deze harmonisering moet gebeuren op Europese en regionale schaal. 11. Binnen twaalf maanden na de inwerkingtreding, op 14 september 2018, werken alle TSB's van elk LFC-blok gezamenlijk de methodologieën en de voorwaarden uit die deel uitmaken van de LFC BOA voor de regelzone van Elia. Binnen één maand na de goedkeuring van deze methodologieën en voorwaarden sluiten alle TSB's van elk LFC-blok een operationele overeenkomst van het LFC-blok die binnen drie maanden na de goedkeuring van de methodologieën en voorwaarden in werking treedt. 12. Een belasting-frequentieregelblok (LFC-blok) wordt gedefinieerd als een deel van een synchrone zone of een complete synchrone zone die fysiek is afgebakend door middel van meetpunten bij interconnectoren naar andere LFC-blokken, bestaande uit één of meer LFC-zones, beheerd door één of meer TSB's, die de verplichtingen van belasting-frequentieregeling vervullen (artikel 3.18 van de SOGL-verordening). 13. Onder operationele overeenkomst van een LFC-blok (LFC BOA) verstaat men een meerpartijenovereenkomst tussen alle TSB's op een LFC-blok indien dat LFC-blok wordt beheerd door meerdere TSB's, en een operationele methodologie van een LFC-blok die eenzijdig door de desbetreffende TSB wordt toegepast indien het LFC-blok door slechts één TSB wordt beheerd (artikel 3.136 van de SOGL-verordening). 14. De structuur van de LFC-blokken werd vastgesteld in een gemeenschappelijk voorstel dat werd ontwikkeld door alle TSB's van de synchrone zone 'continentaal Europa', en dit in overeenstemming met de vereisten bedoeld in artikel 141.2 van de SOGL-verordening. 15. Bij beslissing van 12 september 2018 heeft de CREG het gemeenschappelijke voorstel van Elia en alle TSB's van de synchrone zone continentaal Europa inzake de bepaling van de LFC-blokken goedgekeurd1. In deze beslissing keurt de CREG de structuur van de LFC-blokken, de LFC-zones en de monitoringzones voor de synchrone zone continentaal Europa goed. Voor België komt het voorstel overeen met de huidige situatie. België vormt één LFC-blok en bestaat uit één LFC-zone en één monitoringzone. 16. Op 14 september 2018 kreeg de CREG een brief van Elia tot goedkeuring van het voorstel van LFC BOA. Op 14 maart 2019 besliste de CREG dat Elia dit voorstel diende te wijzigen. Op 14 mei 2019 ontving de CREG van Elia per brief het aangepast voorstel het LFC BOA. Het gewijzigd voorstel geeft gevolg aan de opmerking uiteengezet in de beslissing van de CREG van 14 maart 2019, reden waarom de CREG bij beslissing (B)1912/2 op 27 mei 20192 besliste het gewijzigde voorstel goed 1 2 Beslissing (B)1825 van 12 september 2018. Beslissing (B)1912/2 van 27 mei 2019. Niet vertrouwelijk 8/30 te keuren. Ze vraagt Elia wel om met aantal opmerkingen rekening naar aanleiding van een volgend voorstel tot wijziging van LFC BOA, namelijk: “Voor datum van inwerkingtreding en alvorens de goedgekeurde LFCBOA te publiceren haar website, wordt Elia verzocht gevolg te geven aan de opmerkingen geformuleerd onder titel 3.3.3 van deze beslissing en per brief aan de CREG mede te delen dat zij hieraan gevolg heeft gegeven. Elia dient eveneens gevolg te geven aan de opmerkingen vermeld in de paragrafen 61, 62, 89, 94, 143, 144, 145 en 146 van deze beslissing evenals aan de paragrafen 86, 88, 89 en 142.” 17. Op 20 november 2019 heeft de CREG per post van Elia een voorstel tot wijziging van LFC BOA ter goedkeuring ontvangen. Dit voorstel tracht een antwoord de bieden op de opmerking in paragrafen 143 tot en met en 146 van beslissing (B)1912/2. Op 6 december 20193 heeft de CREG bij beslissing (B)2025 het voorstel tot wijziging van LFC BOA goedgekeurd. Daarnaast formuleert de CREG wel enkele opmerkingen met de vraag aan Elia om hier gevolg aan te geven. Deze opmerkingen betreffen: (
- i)de beschrijving van de procedure bij uitputting van FRR, de escalatieprocedure en de maatregelen bij risico van storm (ook onderwerp van paragrafen 61, 62 en 86 van beslissing (B)1912/2), (
- ii)het dynamischer maken van de methode ter bepaling van de ratio van automatische en handmatige FRR (ook onderwerp van paragraaf 94 van beslissing (B)1912/2), (iii) het dynamischer maken van de methode ter bepaling van de vermindering van de FRRreservecapaciteit als gevolg van de delen van FRR. 18. Het voorstel tot wijziging van LFC BOA van 30 september 2021, goedgekeurd door de CREG via beslissing (B)2344 op 10 februari 2022 komt enkel tegemoet aan opmerking (i), bedoeld in paragraaf 17 van deze beslissing. De opmerkingen (
- ii)en (iii) werden in dit voorstel niet behandeld. Voor de CREG is het dynamisch maken van de aFRR-noden (i.e. opmerking (
- ii)van paragraaf 17 van deze beslissing) noodzakelijk om te voldoen aan artikel 157.1
- c)van de SOGL. Hiervoor had de CREG een discretionaire stimulansen 4 aan Elia in 2020 opgelegd. De implementatie van deze stimulans werd door de CREG op dat moment niet aanvaard omdat het resultaat van de discretionaire stimulans geen rekening hield met de te halen frequentiekwaliteitsvereisten krachtens artikel 157
(2)(b) en artikel 128 van de SOGL. De invulling van opmerking (iii) van paragraaf 17 van huidige beslissing is noodzakelijk om een optimale terbeschikkingstelling van de berekende reserves te bekomen, krachtens artikel 32
(1)van de EBGL. Op 23 juni 2022 dient Elia een voorstel tot wijziging van LFC BOA in bij de CREG voor goedkeuring, dat een gevolg is van een wijzigingsverzoek van de CREG gericht aan Elia op 7 april 2022.Met dit voorstel verbetert Elia de methode ter bepaling van de reservecapaciteit in de vorm van FRR door rekening te houden met onbalansnetting als alternatief middel dan gecontracteerde aFRR balanceringscapaciteit om LFC Block onbalansen te compenseren. Bij beslissing (B)2435 keurt de CREG op 14 juli 2022 het voorstel tot wijziging van LFC BOA goed, en dit ondanks het feit dat het voorstel nog steeds onvoldoende tegemoetkomt aan de opmerkingen van de CREG. De CREG stelt in deze beslissing dat geen invulling is gegeven aan de opmerkingen van de CREG zoals geformuleerd in haar beslissing (B)2025 van 6 december
- Het dynamischer maken van zowel de methode ter bepaling van de ratio van automatische en manuele FRR, als van de methode ter bepaling van de vermindering van de FRR-reservecapaciteit als gevolg van de delen van FRR, hebben een impact op de bepaling van de reservecapaciteit in de vorm van FRR en de optimale 3 4 Beslissing (B)2025 van 6 december
- Beslissing (B)658E/63 van 21 november 2019 Niet vertrouwelijk 9/30 terbeschikkingstelling ervan. Beiden zijn vereisten in artikel 157.2 c) van de SOGL enerzijds en in artikel 32.1 van de EBGL anderzijds.
- Op 19 april 2023 dient Elia bij de CREG een voorstel tot wijziging LFC BOA in voor goedkeuring dat deels tegemoetkomt aan het verzoek van de CREG bedoeld in paragraaf 18 van huidige beslissing teneinde de methode ter bepaling van de ratio van automatische en handmatige FRR, dynamischer te maken door het te baseren op de FRCE-kwaliteit. Met haar beslissing (B)2538 van 19 juli 2023 aanvaardt de CREG het voorstel met dien verstande dat de CREG het resultaat van de methode zal monitoren. Het blijft voor de CREG noodzakelijk dat de vereiste aFRR-reserves bepaald moeten worden aan de hand van objectieve, technische en minimaal noodzakelijke systeemvereisten, zodat geen onnodige kosten toegerekend worden aan de eindconsument. De CREG formuleerde een voorbehoud om deze beslissing te herzien op basis van voorstel van Elia tot wijziging van de LFC BOA, of een verzoek van de CREG om zo’n voorstel in te dienen.
- Daarnaast heeft de CREG vastgesteld dat het voorstel van 19 april 2023 geen rekening houdt met de kost voor de aanleg van FRR-reserves bij de probabilistische methode met feedback loop. Nochtans vereist artikel 32
(1)van de EBGL dat de kosten die verband houden met de terbeschikkingstelling van reservecapaciteit tot een minimum beperkt worden. In paragraaf 41 van beslissing (B)2538 vraagt de CREG aldus aan Elia om de methode voor de aanleg van aFRR-reserves tijdig te herzien, namelijk alvorens de kost voor de aanleg van aFRR-reserves gelijk is aan of lager is dan de kost voor de aanleg van mFRR-reserves in één of meerdere CCTU-markttijdseenheden . Tot slot zet de CREG in paragrafen 33 tot en met 37 van beslissing (B)2538 uiteen waarom de bepaling van reservecapaciteit in de vorm van FRR ook rekening moet houden met onbalansnetting. 21. Op 2 oktober 2023 dient Elia een voorstel tot wijziging van LFC BOA, opgesteld in het Nederlands, het Frans en het Engels (bijlage 1 van deze beslissing), per mail bij de CREG in voor goedkeuring. Aan deze brief zijn gehecht: - een verklarende nota van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia in het Engels (bijlage 2 van deze beslissing). het raadplegingsverslag in het Engels, samen met de individuele antwoorden (bijlage 3 van deze beslissing). Via dit voorstel tot wijziging van de LFC BOA wenst Elia, als onderdeel van de escalatieprocedure, een biedverplichting in te voeren tijdens de eerste veiling van mFRR-balanceringscapaciteit in geval van krappe marktomstandigheden in België. Deze biedverplichting zou nodig zijn om het risico op liquiditeitstekorten in de markt voor mFRR-balanceringcapaciteit, die zich kunnen voordoen tijdens krappe marktomstandigheden in België, af te dekken. Volgens Elia is het immers mogelijk, en zelfs waarschijnlijk, dat marktspelers hun capaciteit in deze situatie niet zouden aanbieden in de mFRRbalanceringscapaciteit om de capaciteit te kunnen aanbieden in de energiemarkt. Elia stelt dat het voorgestelde mechanisme verder bouwt op het proces dat reeds, na overleg met het Kabinet en de CREG, werd voorgesteld voor de winter 2022-2023 maar omdat er onvoldoende tijd was voor een aanpassing van de LFC BOA, dit door de federale regering zou worden ingevoerd via een Koninklijk Besluit. De invoering via Koninklijk Besluit werd afgewezen door de Raad van State in haar Advies 72.972/3 van 1 februari 2023. In haar Advies bevestigt de Raad van State dat een aanpassing via het bestaand regulatoir kader beter aangewezen is voor de invoering van een biedverplichting in geval van krappe marktomstandigheden in plaats van de invoering ervan via Koninklijk Besluit. Met voldoende tijd voor het goedkeuringsproces voor de winter 2023-2024 en daaropvolgende winters stelt Elia bijgevolg, opnieuw na overleg met CREG en het Kabinet, een invoering van het mechanisme voor ditmaal via een gewijzigd voorstel van LFC BOA. Niet vertrouwelijk 10/30 Daarnaast maakt Elia van de gelegenheid gebruik om de aanpassing van de volledige activeringstijd van aFRR naar 5 minuten voor te bereiden en een fallback procedure in te voeren in geval van technische problemen met de nieuwe dynamische aFRR dimensioneringsmethodologie van Elia. 22. Op 7 april 2025 diende Elia een voorstel tot wijziging van LFC BOA in met als doel om de toepassing van een last resort remediërende maatregel te formaliseren, dat de FRCE terug moet dringen alvorens het systeembeschermingsplan geactiveerd moet worden of alvorens het transmissiesysteem in een black-out toestand terechtkomt omwille van een te hoge frequentieafwijking. Bij overfrequenties wordt het systeembeschermingsplan geactiveerd vanaf 50,2 Hz, en dit terwijl de technische voorschriften van de productie-eenheden in België toelaten zich los te koppelen van het elektriciteitsnet vanaf 50,15 Hz5. Op basis van informatie die de CREG van Elia heeft verkregen, melden buitenlandse TSBs dat bij hen de loskoppeling automatisch gebeurt vanaf de frequentie 50,2 Hz bereikt. Het is onwaarschijnlijk dat een systemische, automatische afschakeling van grote hoeveelheden6 aan productiecapaciteit efficiënt beheerd kan worden door TSBs. Als gevolg is de kans op een black-out bij het bereiken van een frequentie van 50,2 Hz, reëel. Dit leidt tot de conclusie dat het mogelijks reeds te laat is om een veilige uitbating van het transmissiesysteem te verzekeren vanaf het moment de TSB gemachtigd wordt om maatregelen in het systeembeschermingsplan toe te passen. Om een veilige uitbating van het transmissiesysteem te verzekeren, stelt Elia maatregelen voor waarmee de FRCE teruggedrongen kan worden door middel van aanpassingen in de productie of het verbruik van werkzaam vermogen van elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikersinstallaties, overeenkomstig artikel 152 van de SOGL. 5 De CREG verwijst naar het technisch voorschrift C10/11, zoals goedgekeurd door de gewestelijke regulatoren in België, in sectie 6 (Technische basisvereisten van de elektriciteitsproductie-installatie) toelaat dat een elektriciteitsproductie-eenheid reeds mag loskoppelen van het distributienet vanaf de overfrequentie 51,5 Hz bereikt 6 Het totaal opgesteld vermogen van zonnepaneelcapaciteit in Vlaanderen alleen bedroeg 6,24 GW op eind 2023. Het beheren, door de TSB, van een quasi-gelijktijdige loskoppeling van deze capaciteit omwille van overfrequentie staat gelijk met het beheren van een quasi-gelijktijdige uitval van 6 grote nucleaire centrales in België. Niet vertrouwelijk 11/30 3. RAADPLEGING 3.1. ALGEMEEN 23. Artikel 11.1, van de SOGL-verordening verplicht Elia formeel een openbare raadpleging te organiseren over het voorstel tot wijziging van het LFC BOA. Elia heeft een openbare raadpleging georganiseerd van 19 december 2024 tot en met 30 januari 2025. 24. Gelijktijdig heeft Elia ook een openbare raadpleging georganiseerd over de T&C BRP en over de samenwerkingsovereenkomst, zodat belanghebbenden alle informatie ter beschikking hadden om de maatregelen, waarmee de FRCE teruggedrongen kan worden door middel van aanpassingen in de productie of het verbruik van werkzaam vermogen van elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikersinstallaties die aangesloten zijn op het distributienet (hierna: ‘technische maatregel’), te beoordelen. 25. Elia heeft op het voorstel tot wijziging van de LFC BOA vier niet-vertrouwelijke reacties ontvangen: - FEBEG FEBELIEC ABOUSCO Fluvius De originele antwoorden zijn opgenomen in het raadplegingsverslag en zijn ter beschikking gesteld op de website van Elia. Het raadplegingsverslag werd gevoegd bij het dossier dat Elia op 7 april 2025 bij de CREG heeft ingediend. Daarin zijn de ontvangen reacties samengevoegd en worden de redenen vermeld waarom de tijdens de raadpleging de geuite standpunten al dan niet in overweging zijn genomen door Elia. De reacties betreffen verschillende onderwerpen die hierna worden toegelicht indien de CREG het niet eens zou zijn met hetzij de reactie van de marktpartij(
- en)en/of hetzij het antwoord van Elia op de reactie van de marktpartij(
- en)en/of het antwoord van Elia op de reactie van de marktpartij(
- en)als ontoereikend zou worden bevonden door de CREG. De bespreking wordt behandeld in deel 3.2 van huidige beslissing. 26. Rekening houdend met wat voorafgaat, beslist het directiecomité van de CREG, op grond van artikel 23, § 1, van zijn huishoudelijk reglement om, met toepassing van artikel 40, 2°, van zijn huishoudelijk reglement, geen raadpleging te organiseren, gelet op de openbare raadpleging van Elia georganiseerd van 19 december 2024 tot en met 30 januari 2025. Deze raadpleging wordt door de CREG als een effectieve openbare raadpleging beschouwd aangezien deze raadpleging op de website van Elia plaatsvond, gemakkelijk toegankelijk was vanuit de startpagina van deze website en voldoende gedocumenteerd was. Bovendien werd er door Elia een mailing gestuurd naar alle op hun website geregistreerde personen. De duur van de raadpleging bedroeg 6 weken. Rekening houdend met de aard van de voorgestelde wijzigingen is de CREG van oordeel dat de duur van de raadpleging voldoende lang was. Niet vertrouwelijk 12/30 3.2. INHOUDELIJKE BESPREKING VAN HET RAADPLEGINGSVERSLAG 3.2.1. Febeg 27. Febeg acht dat alle processen omtrent het gebruik van de technische maatregel onder de verantwoordelijkheden en taken van Elia vallen. De CREG neemt nota van dit standpunt van Febeg en gaat hiermee ook akkoord. 28. Febeg acht dat Elia, als onderdeel van de technische maatregel, ook voldoende waarschuwingen en meldingen moet communiceren met de BRPs, net zoals de resultaten van de berekening van de geactiveerde volumes gecommuniceerd moet worden aan de marktpartijen. Ook is Febeg van mening dat Elia de verantwoordelijkheid draagt om het contractuele en operationele kader aan te passen, zodat dit kader voor de activatie van de technische maatregel gelijkaardig is aan het kader van de activatie van balanceringsenergie. Elia bevestigt dat ze de nodige waarschuwingen zal geven via haar Inside Information Platform. De CREG neemt nota van dit engagement van Elia maar is van oordeel dat de toepassing en implementatie van de technische maatregel niet verbeterd moet worden, maar daarentegen overbodig moet worden door een effectieve deelname aan de balanceringsmarkten prioritair te implementeren. . De technische maatregel is een last resort remediërende maatregel, binnen de procedure om de frequentieafwijking alsnog te beheren na uitputting van de balanceringsmarkten. De doelstelling dat TSBs de deelname van hernieuwbare energiebronnen aan de balanceringsmarkten moeten vergemakkelijken (artikel 3.1,
- g)EBGL), vindt toepassing sinds 23 november 2017. Daarnaast legt artikel 3.
- e)van de Elektriciteitsverordening deze doelstelling eveneens op sinds 2019 aan alle andere netbeheerders, door te specifiëren dat eindafnemers en kleine bedrijven in staat gesteld moeten worden om aan de groothandelsmarkt deel te nemen door middel van de aggregatie. Aangezien balanceringsmiddelen aangesloten op het distributiesysteem onvoldoende of niet aangemoedigd worden via marktregels7 om deel te nemen aan de groothandelsmarkten van elektriciteit, beschouwt de CREG de implementatie van de technische maatregel als een noodzakelijke remediërende maatregel in het kader van frequentieafwijkingsbeheer totdat deze marktdeelname een feit wordt. De CREG vraagt dan ook aan Elia om in het kader van Synergrid, waar ook de DSBs aanwezig zijn, prioritair te maken van de toegangsverschaffing tot en de aanmoediging van een werkelijke deelname aan de balanceringsmarkten, van distributiegeconnecteerde middelen. Netbeheerders moeten zich zo snel als mogelijk in orde stellen met deze verplichting die opgelegd wordt door artikel 3€ van de Elektriciteitsverordening en dat rechtstreeks toepassing vindt in de Belgische rechtsorde. 29. Febeg stelt dat marktgebaseerde oplossingen de voorkeur genieten boven nietmarktgebaseerde oplossingen en betreurt dat Elia niet overweegt om additionele volumes van neerwaartse FRR-balanceringscapaciteit aan te kopen. Elia gaat akkoord met Febeg, maar stelt dat de aankoop van additionele volumes van neerwaartse FRRbalanceringscapaciteit niet zal leiden tot een hoger beschikbaar volume van negatieve FRRbalanceringsenergie in reële tijd. Elia verwijst onder meer naar de biedverplichting, die reeds alle BSPs verplicht om hun beschikbare FRR-balanceringsenergie in reële tijd aan te bieden aan de TSB. Elia engageert zich evenwel om de opmerking van Febeg te bestuderen in 2025. 30. De CREG stelt zich de vraag of een aankoop van neerwaartse FRR-balanceringscapaciteit wel zou leiden tot de laagste kosten voor de uitbating van het elektriciteitssysteem? 7 De CREG verwijst naar paragraaf 56 van deze beslissing. Niet vertrouwelijk 13/30 31. De CREG laat immers gelden dat incompressibiliteit8, veroorzaakt door een grote toename van hernieuwbare energiebronnen in het Belgische distributienet, een omstandigheid die reeds lang gekend is en waarop geanticipeerd had kunnen worden. Inderdaad, reeds in 2019 identificeerde ENTSO-E het risico op incompressibiliteit in de LFC Zone van Elia9. In 2024 trekt de CREG eveneens aan de alarmbel en wordt incompressibiliteit als risico geïdentificeerd en geobserveerd10. Het stimuleren van investeringen in steeds toenemende productiecapaciteit in hernieuwbare energie is een gewestelijke beleidskeuze11. Echter dit heeft zijn implicaties op transmissieniveau. Incompressibiliteit wordt immers niet veroorzaakt door een tekort aan balanceringsmiddelen in het elektriciteitssysteem. Zo kunnen hernieuwbare energiebronnen, die aangesloten zijn op het distributienet en die de oorzaak zijn van incompressibiliteit, perfect deelnemen aan de balanceringsmarkten daar zij voldoen aan de technische minimumvereisten om te kunnen deelnemen, net zoals hernieuwbare energiebronnen die aangesloten zijn op het transmissienet en die nu al balanceringsdiensten leveren. De technische maatregel is bijgevolg voor de CREG geen remediërende maatregel die nodig zal zijn om permanent het hoofd te kunnen bieden aan een frequentieafwijking naar 50.2Hz. De technische maatregel is volgens de CREG een last resort remediërende maatregel zolang ofwel de balanceringsmarkten niet toegankelijk worden gemaakt voor alle beschikbare balanceringsmiddelen in het elektriciteitssysteem ofwel de netgebruikers hun balanceringsmiddelen niet aanbieden aan Elia via de balanceringsmarkten (al dan niet via aggregatie). In beide gevallen zijn deze balanceringsmiddelen niet beschikbaar voor de TSB om de FRCE naar 0 MW te herleiden12, terwijl in de realiteit dit perfect realiseerbaar is. 32. Gelet op de significante stijging van installaties aan zonne-energie in de Gewesten en omringende landen ijvert de CREG er dan ook voor dat absoluut vermeden wordt dat de Belgische LFC Zone zich regelmatig in dergelijke situaties bevindt, waardoor structureel gebruik gemaakt zou worden van deze technische maatregel. De enige manier om dit te vermijden, is dat distributiegeconnecteerde middelen zo spoedig als mogelijk deelnemen aan de balanceringsmarkt. Dit is een verantwoordelijkheid die de netbeheerders op zich moeten nemen. De CREG nodigt daarom alle netbeheerders uit om deze deelname volop aan te moedigen en hiervan werk te maken. Wanneer deze distributiegeconnecteerde middelen deelnemen aan de balanceringsmarkten, is er geen nood 8 De CREG definieert incompressibiliteit als een onvoorziene situatie van zulke significante volumes van overproductie (onderproductie) van elektriciteit in reële tijd, dan wat verwacht kon worden op de intraday gatesluitingstijd, waardoor de aan de TSB expliciet aangeboden volumes van beschikbare neerwaartse (opwaartse) balanceringsmiddelen ontoereikend zijn om de positieve (negatieve) FRCE effectief naar 0 MW te herleiden, met oog op het herstellen van de frequentie van het transmissiesysteem naar 50 Hz. 9 Op pagina 40: “An additional 800 MW offshore wind park capacity will be installed before next summer. Together with other RES installation on the grid (wind onshore or solar), this incompressible summer trend might get worse until the implementation of the nuclear phase-out in Belgium” [online: https://eepublicdownloads.entsoe.eu/clean-documents/sdcdocuments/seasonal/Winter%20Outlook%202019-2020_Report(for%20publication).pdf] 10 Zie studie (F)2866 van 10 oktober 2024 van de CREG: https://www.creg.be/nl/publicaties/studie-f2866 11 Als wijze van voorbeeld: in deel OD 3.2 van de beleidsnota "Energie en Klimaat 2024-2029" van het Vlaams Gewest expliciteert een verhoging van de ambities voor 2030 inzake hernieuwbare energieproductie tot 10 GW voor zon, onder meer door extra steunmaatregelen en door een verplichting voor grote elektriciteitsafnemers om zonnepanelen te installeren. [online: https://publicaties.vlaanderen.be/view-file/70827] 12 Een effectieve deelname is enkel mogelijk indien de netgebruiker haar balanceringsmiddelen kan vermarkten via eender welke derde partij. Hiervoor is een uitbreiding van de toepassing van de Regels van Energieoverdracht, dat reeds voor transmissienetgebruikers sinds juni 2018 van kracht is, naar het distributiesysteem nodig. De “roadmap flexibiliteit”, zoals onlangs gezamenlijk ontwikkeld door Belgische netbeheerders, voorziet dat deze uitbreiding slechts in 2026 gefinaliseerd zal zijn. Rekening houdend met de tijd die de markt nodig heeft om zich verder te ontwikkelen, zal de impact van de uitbreiding pas vanaf 2027 zichtbaar zijn [online: https://www.synergrid.be/images/downloads/PDG/Overkoepelend/SYNERGRID%20%20PDG%20-%20%2026%2011%202024%20camera%20ready.pdf]. Niet vertrouwelijk 14/30 meer om nog extra balanceringscapaciteit aan te kopen aangezien deze energie de facto beschikbaar is in geval van overfrequentie. 33. Gegeven hetgeen uiteengezet in paragrafen 31 en 32 van deze beslissing, acht de CREG het daarom niet nuttig om een mogelijke aankoop van negatieve FRR-balanceringscapaciteit te overwegen. De nodige negatieve balanceringsenergie is in tijden van incompressibiliteit namelijk altijd ter beschikking in de vorm van niet-gecontracteerde balanceringsenergie, maar neemt momenteel niet deel aan de balanceringsenergiemarkten. Een eventuele aankoop van negatieve FRRbalanceringscapaciteit zal daarom, naar mening van de CREG, enkel overwogen worden indien de middelen die aangesloten zijn op distributienetniveau effectief deelnemen aan de groothandelsmarkten. Enkel op deze manier wordt een economisch-efficiënte inzet van alle middelen in het elektriciteitssysteem nagestreefd, zoals vereist in artikel 3(
- m)van de Elektriciteitsverordening. Enkel op deze manier wordt ook tegemoet gekomen aan de opmerking van Febeg, namelijk dat er zo veel mogelijk gebruik gemaakt moet worden van marktgebaseerde oplossingen dan nietmarktgebaseerde oplossingen. 34. Febeg meldt dat Elia de technische flexibiliteit kan activeren voor twee verschillende doelen: ‘balancering’ en ‘redispatching’. Alhoewel Febeg duidelijk een vergoeding steunt in het kader van ‘redispatching’ (of congestiebeheer), is Febeg aan de andere kant van mening dat de vergoeding in het kader van ‘incompressibiliteit’ niet te hoog mag zijn om te vermijden dat netgebruikers ontmoedigd worden om in te gaan op marktproducten of -aanbiedingen van BRPs. Anderzijds is Febeg ook van mening dat vergoedingen een stimulans moeten zijn voor netbeheerders om marktgebaseerde oplossingen te gebruiken. Febeg stelt zich niettemin de vraag of het gewestelijk regelgevend kader van ‘redispatching’ voldoende basis biedt om diezelfde vergoeding toe te passen bij de inzet ervan voor ‘balancering’ redenen. Elia antwoordt dat de technische maatregel, zoals opgenomen in de LFC BOA, niet aanzien kan worden als technische flexibiliteit, zoals opgenomen in het Vlaams Energiedecreet. Elia verduidelijkt dat een gebruik van gezamenlijke processen niet betekent dat hetzelfde wettelijk kader van toepassing is. 35. De CREG gaat akkoord met het antwoord van Elia en verduidelijkt verder dat de TSB, krachtens meerdere paragrafen in artikel 152 van de SOGL aan alle productie-eenheden en vraagfaciliteiten in de Belgische LFC Zone veranderingen in het verbruik en de productie van werkzaam vermogen mag eisen. Elia mag, ook krachtens artikel 152 van de SOGL, deze veranderingen eisen wanneer
(1)de FRRmiddelen uitgeput zijn (paragraaf 8 van artikel 152 SOGL),
(2)het transmissiesysteem zich in een alarmtoestand bevindt als gevolg van ontoereikende reserves werkzaam vermogen (paragraaf 11 van artikel 152 SOGL),
(3)de frequentieherstelregelfout (hierna: “FRCE”) te hoog wordt (paragrafen 12 en 13 van artikel 152 SOGL) en
(4)de veranderingen het algemeen doel om de FRCE te beperken, dienen (paragraaf 16 van artikel 152 SOGL). Ieder van deze maatregelen moeten in de LFC BOA beschreven worden, krachtens artikel 119
(1)r) van de SOGL, wat ook de bedoeling is van het door Elia ingediende voorstel tot wijziging van de LFC BOA van 7 april 2025, krachtens artikel 6
(3)e) iii) van de SOGL. Vanaf deze wijzigingen goedgekeurd worden door de CREG, mag Elia de maatregelen toepassen. 36. Ter verduidelijking, en omdat Febeg verwijst naar het kader van redispatching, laat de CREG gelden dat de maatregelen zoals uiteengezet in vorige paragraaf van deze beslissing als doel hebben om (de bijdrage van de Belgische LFC Zone aan) de frequentieafwijking zoals gemeten op het transmissiesysteem te beheren. Hieruit kunnen twee zaken afgeleid worden. Ten eerste worden de maatregelen die de TSB krachtens artikel 152 van de SOGL kan inzetten, gecatalogeerd onder remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheersprocedures13 (cfr. artikel 22
(1)(h) van de 13 Artikel 152 van de SOGL is getiteld “Aan systeemfrequentie gerelateerde systeemtoestanden” (eigen nadruk van de CREG). Artikel 152 maakt ook deel uit van Titel 4 van Deel IV van de SOGL. Beide hebben het beheer van de belastingfrequentieregeling als doel, en niet het veranderen van de stromen om congesties te voorkomen, op te lossen of te verlichten. Niet vertrouwelijk 15/30 SOGL), en niet maatregelen voor redispatching (cfr. artikel 22
(1)(e) van de SOGL). Ten tweede zijn de maatregelen bedoeld om het federale transmissienet in België te beheren, en bij uitbreiding het Europese transmissiesysteem. Aangezien frequentie(afwijkings)beheer één van de meest kritieke processen is voor het waarborgen van de operationele veiligheid van het transmissiesysteem, dient ook het federale regulatoire kader de modaliteiten bij de toepassing van de daarbij horende remediërende maatregelen te specifiëren.. 37. Dat netbeheerders samenwerken om bestaande procedures te hergebruiken voor meerdere doeleinden wordt toegejuicht door de CREG, onder meer omdat dit:
(1)duplicatie van procedures vermijdt,
(2)een procedurele eenvoud nastreeft en
(3)verschillende activeringsdoelen geïntegreerd worden waardoor marktpartijen hun liquiditeit niet op voorhand moeten opsplitsen per activeringsdoel en als gevolg een optimale inzet van beschikbare middelen nagestreefd zou kunnen worden gegeven alle activeringsdoelen.
- Met betrekking tot de feedback van Febeg omtrent de vergoedingen, verwijst de CREG naar paragrafen 69 tot en met 74 van deze beslissing. De CREG laat daarenboven gelden dat Elia tegemoet komt aan de opmerking van Febeg dat de transmissienetbeheerder een stimulans moet hebben om prioritair marktgebaseerde middelen toe te passen door de remediërende maatregelen slechts in te zetten wanneer alle marktgebaseerde oplossingen uitgeput zijn. Ook laat de CREG gelden dat ze de feedback van Febeg, namelijk dat een minimale vergoeding voorzien moet worden omdat de remediërende maatregel een dienstverlening aan Elia inhoudt, niet kan volgen. Kort gesteld heeft de marktdeelnemer de opportuniteit gehad om een dienst te leveren aan de TSB, via deelname aan de balanceringsmarkten. Het is net omdat de marktdeelnemer geen gebruik maakt van producten die bestemd zijn voor dienstverlening aan de TSB, dat de TSB remediërende maatregelen moet activeren. Als er al van een dienstverlening gesproken kan worden, is het dus de TSB die de dienst aan zichzelf levert en dit omdat de marktdeelnemer naliet zijn diensten aan te bieden aan de TSB via de balanceringsmarkten.
- Febeg stelt in haar reactie ook meerdere vragen aan Elia, met als doel beter te begrijpen wanneer en hoe de technische maatregel toegepast zal worden. Onder meer vraagt Febeg waarom het voorstel geen verplichting bevat om de remediërende maatregel toe te passen wanneer aan de voorwaarden voldaan wordt. Febeg stelt duidelijk voorop dat de technische maatregel slechts toegepast kan worden na uitputting van alle andere maatregelen. Elia bevestigt dat de technische maatregel pas toegepast wordt nadat alle exceptionele balanceringsmaatregelen toegepast werden. Elia is van mening dat dit last resort karakter van de technische maatregel duidelijk naar voren komt in het voorstel tot wijziging van de LFC BOA. Elia bevestigt daarenboven dat er geen verplichting is om de remediërende maatregelen toe te passen, dit om de dispatcher bij Elia voldoende ruimte te laten om zich ervan te verzekeren dat er geen andere oplossing meer is dan de activatie van deze remediërende maatregelen. De CREG verwijst naar haar bespreking in paragaaf 57 van deze beslissing, en gaat over het algemeen akkoord met Febeg om de technische maatregel als last resort remediërende maatregel te beschouwen.
- Febeg benadrukt het belang om het geactiveerde volume bij de toepassing van de technische maatregel accuraat te bepalen. Febeg stelt een betere berekening van de baseline voor. Elia begrijpt de opmerking van Febeg maar formuleert en voorbehoud over de accuraatheid en robuustheid van de voorgestelde berekening van de baseline. De CREG verwijst naar haar opmerkingen in paragraaf 28 van deze beslissing, waarin wordt uiteengezet dat Elia haar inspanningen in hoofdzaak moet richten op de verbetering van de werking van de balanceringsmarkten en niet zozeer in de verbetering van de technische maatregel, die een last resort Niet vertrouwelijk 16/30 remediërende maatregel is en waarvan de bestaansreden juist het gevolg is van de niet-deelname van beschikbare balanceringsmiddelen, gelegen in de Belgische LFC Zone, aan de groothandelsmarkten. 3.2.
- Febeliec
- Febeliec expliciteert dat individuele BRPs verantwoordelijk zijn voor hun eigen onbalansen. Elia is, volgens Febeliec, enkel verantwoordelijk voor residuele onbalansen. Indien alle BRPs in evenwicht zouden zijn, zou er geen onbalans in de LFC Zone van Elia zijn. Elia heeft niet gereageerd op deze opmerking. De CREG wenst daarentegen wel te reageren op de opmerking van Febeliec. De CREG acht het nodig om te specifiëren dat een inspanningenverbintenis geldt voor alle BRPs: BRPs moeten in reële tijd ernaar streven om in evenwicht te zijn of om het systeem te helpen in evenwicht te zijn, krachtens artikel 17
(1)van de EBGL. Een inspanningenverbintenis houdt in dat, indien de BRP belemmerd wordt in de uitvoer van deze verbintenis, de BRP niet verantwoordelijk gesteld kan worden voor de veroorzaking van de onbalans. Wel is de BRP altijd financieel verantwoordelijk voor de onbalans die ze heeft veroorzaakt, krachtens artikel 5
(1)van de Elektriciteitsverordening. Gegeven het voorgaande is het ook noodzakelijk om te specifiëren dat BRPs een marktrol uitoefenen: ze moeten namelijk streven om in evenwicht te zijn of om het systeem te helpen in evenwicht te zijn door te ageren op de groothandelsmarkten voor elektriciteit. Overweging 12 van de EBGL stelt duidelijk dat de BRP verantwoordelijk is tot de gate-sluitingstijd van de grensoverschrijdende intradaymarkt. Na deze sluitingstijd is Elia verantwoordelijk voor frequentiebeheer. Het oplossen van de residuele onbalansen, te begrijpen als alle onbalans die ontstaan na de gatesluitingstijd van de Europees-gekoppelde intraday markt is de verantwoordelijkheid van Elia. De CREG zou dus akkoord kunnen gaan met de resultaatsverbintenis zoals geopperd door Febeliec in haar antwoord op de openbare raadpleging indien
(1)de grensoverschrijdende intradaymarkt georganiseerd wordt tot in reële tijd en
(2)de BRP in quasi-reële tijd accurate en robuuste informatie ontvangt over de afnames en injecties van alle aansluitingen die zich bevinden in de Belgische LFC Zone en waarover zij als BRP een balanceringsverantwoordelijkheid heeft, krachtens artikel 18.6(a) van de EBGL. Aan beide criteria is momenteel in de praktijk niet voldaan, naar weten van de CREG. De BRP baseert zich op informatie over de FRCE en de geactiveerde balanceringsenergie, zoals gepubliceerd door Elia zonder accurate en robuuste kennis te hebben over de onbalans in haar eigen portefeuille. De CREG vraagt daarom aan netbeheerders om de digitale meter in de LFC Zone van België zo snel als mogelijk uit te rollen, zodat BRPs, na goedkeuring van de eindconsumenten, een betere visibiliteit kan hebben over haar onbalans in reële tijd.
- Febeliec herhaalt meerdere opmerkingen die ze in eerdere raadplegingen over vroegere wijzigingen van de LFC BOA heeft geformuleerd. Elia neemt akte van deze opmerkingen. De CREG vraagt aan Elia om in het vervolg de opmerkingen van Febeliec duidelijk te beantwoorden, zelfs al vallen ze buiten het onderwerp van de huidige wijzigingen. Het kan niet zijn dat Elia constructieve input van belanghebbenden naast zich neerlegt totdat Elia een voorstel tot wijziging van de voor de belanghebbende relevante artikelen in de LFC BOA uitwerkt. De CREG verwijst naar haar opmerkingen die geformuleerd zijn in deel 4.2 van deze beslissing.
- Febeliec vraagt zich af hoe de vergoeding van de technische maatregel toegepast wordt bij de activatie van vraagfaciliteiten. Meer algemeen stelt Febeliec dat de berekening van de vergoeding onduidelijk is. Febeliec neemt ook het standpunt in dat flexibiliteit niet altijd vergoed moet worden door Elia. Febeliec houdt voor dat incompressibiliteit mogelijks veroorzaakt wordt door Niet vertrouwelijk 17/30 marktdeelnemers die zelf onvoldoende maatregelen genomen hebben om zo’n situatie te vermijden. Febeliec vindt het bijgevolg onaanvaardbaar te vergoeden wanneer de vergoeding een gevolg is omdat marktdeelnemers zelf niet de nodige maatregelen hebben ondernomen, maar gewoon wachten op een activatie van de technische maatregel door de TSB dat hen dan beloond. Febeliec stelt dat dit niet enkel de netwerkkosten en tarieven verhoogt, en niet bijdraagt tot de veiligheid van het net. Elia antwoordt dat ze geen intentie heeft om aanpassingen van het verbruik van werkzaam vermogen van vraagfaciliteiten te vereisen in het kader van de technische maatregel. Elia engageert zich om de verwijzing naar vraagfaciliteiten te verwijderen.
- De CREG verwijst naar haar uiteenzetting in paragraaf 31 van deze beslissing. Ook vraagfaciliteiten dienen in de eerste plaats deel te nemen aan de balanceringsmarkten, indien ze de technische minimumvereisten van de dienst kunnen vervullen. Het is de verantwoordelijkheid van netbeheerders om een effectieve deelname van vraagfaciliteiten te vergemakkelijken, krachtens 3
(1)(f) van de EBGL. Verwijzend naar paragraaf 28 van deze beslissing, is de CREG van mening dat Elia haar inspanningen in hoofdzaak moet richten op de verbetering van de werking van de balanceringsmarkten en niet zozeer in de verbetering van de technische maatregel, dat een last resort remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer is en waarvan de bestaansreden juist het gevolg is van de niet-deelname van beschikbare balanceringsmiddelen, gelegen in de Belgische LFC Zone, aan de groothandelsmarkten. 3.2.
- ABOUSCO
- Abousco vraagt om een document voor niet-ingewijden in de materie op te stellen, zodat ook de actoren die niet technisch onderbouwd zijn in de materie waardevolle opmerkingen kunnen geven. Elia neemt akte van de opmerking en verwijst naar de verklarende nota.
- De CREG vraagt aan Elia om Abousco te contacteren met de vraag of de verklarende nota aan hun behoeften voldoet, en Abousco ook direct te betrekken bij de uitoefening van de discretionaire stimulans ‘Kennisbeheer en Disseminatie’, zoals goedgekeurd in beslissing (B)658E/89 van 17 oktober
- Abousco vraagt om een evaluatie uit te voeren met betrekking tot de economische impact van de technische maatregel, op leveranciers, eindconsumenten, en uitbaters. Elia antwoordt dat de wijzigingen bedoeld zijn om de stabiliteit van het transmissienet te waarborgen.
- Verwijzend naar haar uiteenzetting in paragrafen 28 en 31, is de CREG van oordeel dat zowel leveranciers, uitbaters, en eindconsumenten hun beschikbare middelen moeten kunnen vermarkten via de balanceringsmarkten. Indien deze entiteiten geen economische impact willen ondervinden ten gevolge van instructie door de TSB om de productie of het verbruik van actief vermogen te wijzigen via de technische maatregel, dat een last resort remediërende maatregel is, dan hebben deze entiteiten de mogelijkheid om hun middelen ook werkelijk aan te bieden aan de TSB. Het aanbieden van middelen aan de TSB verkleint de nood om de technische maatregel te moeten toepassen, of verwijdert ze zelfs. Daarbij is het conform Unierecht uitgesloten dat Elia de remediërende maatregel niet zou kunnen toepassen. Immers, verwijzend naar paragraaf 22 van deze beslissing, is het de wettelijke taak van een TSB om de (bijdrage van haar LFC Zone aan) de frequentieafwijking in het transmissiesysteem van Continentaal Europa te verminderen, wanneer dit nodig zou blijken voor een veilige, betrouwbare en efficiënte uitbating van het transmissienet. Niet vertrouwelijk 18/30 3.2.
- Fluvius
- Fluvius stelt vast dat de eventuele vergoeding van de remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer geen vergoeding voor de onbalansimpact voorziet, wat aanvaardbaar is voor Fluvius. Elia bedankt Fluvius voor deze reactie.
- De CREG verwijst naar paragrafen 70 en verder van deze beslissing voor de evaluatie van de vergoedingsmodaliteiten horende bij een toepassing van de remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer. Met betrekking tot de reactie van Fluvius, merkt de CREG op dat de onbalansprijs bij een overfrequentie en bij toepassing van de technische maatregel zeer negatief zal zijn. De TSB zal namelijk alle balanceringsenergiebiedingen geactiveerd hebben. De minimale prijs die BSPs kunnen inbieden is -15.000 euro/MWh.
- Fluvius is van mening dat de technische maatregel in haar geheel in de tijd beperkt moet worden, dan enkel de compensatie aan de DSBs zoals voorgesteld door Elia. Fluvius verwacht niettemin dat de technische maatregel als noodmaatregel ook zal blijven bestaan na
- Fluvius verwacht weliswaar dat, als de DSB een compensatie moet betalen vanwege een activatie op verzoek van Elia, deze volledig wordt terugbetaald door Elia. Elia antwoordt dat de TSB, krachtens de SOGL, altijd de technische maatregel zal moeten kunnen activeren ongeacht of deze wel of niet vergoed wordt. Elia antwoordt ook dat de vergoeding voor DSBs deel uitmaakte van het wijzigingsverzoek van de CREG (bijlage 5 van deze beslissing). De CREG verwijst naar paragraaf 35 van deze beslissing, dat het wettelijk kader in Unierecht uiteenzet. De technische maatregel, zoals opgenomen in de LFC BOA, is één van de remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer, krachtens artikel 22
(1)- h)van de SOGL. De TSB heeft het recht, krachtens artikelen 6.3
- e)iii) en artikel 152 van de SOGL, om remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer op te nemen in de LFC BOA en dit voorstel ter goedkeuring aan de CREG voor te leggen. Tot slot, legt artikel 23
(4)van de SOGL aan DSBs de verplichting op om, wanneer een TSB een remediërende maatregel uitvoert, zoals onder meer één van de remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer, deze instructie van de TSB op te volgen. Het Unierecht voorziet geen verplichting om remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer te vergoeden. Als gevolg kan de CREG de feedback van Fluvius niet ondersteunen, namelijk dat indien er geen vergoeding voor de activatie van een remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer voorzien wordt, ook de activatie van de remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer zelf onmogelijk gemaakt wordt. Verwijzend naar paragraaf 36 van deze beslissing, is de CREG ook van oordeel dat eventuele vergoedingsmodaliteiten die verband houden met de activatie van technische maatregel als remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer, opgenomen moeten worden in de LFC BOA teneinde een niet-discriminerende behandeling van alle eenheden en faciliteiten in Belgische LFC Zone te waarborgen.
- Verwijzend naar paragraaf 28 van deze beslissing, is de CREG van mening dat het faciliteren van de deelname aan de groothandelsmarkten van middelen die aangesloten zijn op het distributienet, binnen de invloedsfeer ligt van Fluvius zelf. Met andere woorden, Fluvius kan zelf mee bijdragen aan het doel om de praktische toepassing van de technische maatregel in de tijd te beperken door overleg met Elia te plegen zodat de regels voor de organisatie van energieoverdracht, krachtens artikel 19bis §2 van de Elektriciteitswet, zo snel als mogelijk van toepassing kunnen worden op het gehele distributienet, zodat alle balanceringsmiddelen in de Belgische LFC Zone deel kunnen nemen aan de balanceringsmarkten. Niet vertrouwelijk 19/30
- ANALYSE EN BEOORDELING VOORGESTELDE WIJZIGINGEN 4.
- ANALYSE VAN HET VOORSTEL 4.1.
- Algemene voorafgaande opmerkingen VAN DE
- Het onderzoek zal gebeuren in dezelfde volgorde als de volgorde gevolgd door Elia in haar voorstel tot wijziging van de LFC BOA.
- Enkel de voorgestelde wijzigingen waarmee de CREG het niet eens is, alsook de opmerkingen van de marktspelers en /of de antwoorden hierop en/of het gevolg hieraan gegeven door Elia waarmee de CREG het niet eens is, worden besproken in dit deel van de beslissing. 4.1.
- Artikel 1: Tijdsschema voor de implementatie
- Elia stelt voor om de voorgestelde wijzigingen in werking te laten treden na goedkeuring ervan door de CREG.
- De CREG heeft geen opmerkingen bij de door Elia voorgestelde wijzigingen. 4.1.
- Artikel 7: Maatregelen om de FRCE te verminderen door veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik van elektriciteitsproductieeenheden en verbruikseenheden te eisen overeenkomstig artikel 152
(16)van de SOGL 57. Elia verduidelijkt in artikel 7 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA wanneer ze welke remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer zal activeren, om de FRCE te verminderen door veranderingen in de productie en in het verbruik van werkzaam vermogen van elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikseenheden te eisen. Elia maakt een onderscheid tussen de veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik dat ze eist van de aan de TSB aangeboden elektriciteitsproductie-eenheden en verbruikseenheden (cfr. artikel 7.2 van het voorstel van LFC BOA), en de veranderingen in de productie van werkzaam vermogen of in het verbruik die ze eist van de beschikbare, maar niet aan de TSB aangeboden productie-eenheden en verbruikseenheden in de LFC Zone (cfr. artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA). Elia stelt voor om de middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel van LFC BOA pas na volledige uitputting van alle andere middelen zoals opgenomen in artikel 7.2 van het voorstel van LFC BOA, te activeren. Elia specifieert dat de middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, beperkt zijn tot opslageenheden en productie-eenheden. Elia behoudt de twee criteria die reeds aanwezig waren in de vorige goedgekeurde LFC BOA, namelijk het criterium zoals ook opgenomen in artikel 152
(12)SOGL en het criterium zoals ook opgenomen in artikel 152
(13)van de SOGL. Elia verduidelijk echter dat de middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA enkel gebruikt mogen worden wanneer het criterium van artikel 152
(13)van de SOGL overschreden wordt en nadat alle middelen zoals opgenomen in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA gebruikt werden. Met andere woorden, de middelen Niet vertrouwelijk 20/30 zoals opgenomen in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA worden altijd geactiveerd vooraleer de middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA. Het is dus de activatie van middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA die behoren tot de last resort remediërende maatregel. 58. De CREG aanvaardt het door Elia gemaakte onderscheid tussen beide types van middelen, zoals bedoeld in artikel 7.2 en 7.3 van het voorstel van LFC BOA. Door dit onderscheid te maken tussen beide types van middelen kan de TSB het techno-economisch optimum blijven nastreven zolang ze middelen die (expliciet) aan de TSB aangeboden worden (cfr. de middelen zoals opgenomen in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA), activeert. Aan de TSB aangeboden middelen bevatten namelijk expliciet de kost van activatie van het middel en het volume dat geactiveerd zal worden wanneer de TSB dit vraagt. Het nastreven van een techno-economisch optimum vervult het objectief zoals opgenomen in artikel 4.2(
- c)van de SOGL. De CREG merkt weliswaar op dat er mogelijks goedkopere middelen beschikbaar zijn in de LFC Zone die niet expliciet aangeboden worden aan de TSB, waardoor het nagestreefde techno-economisch optimum bij de inzet van de maatregelen in artikel 7 van het voorstel van LFC BOA niet noodzakelijk leidt tot de laagste kosten voor het systeem. Maar de CREG voegt hieraan toe dat niet van de TSB verwacht kan worden dat zij de kost en het beschikbaar volume van elk middel in haar LFC Zone kent. Daarenboven stelt artikel 4.2(
- d)van de SOGL voorop dat de TSB zo veel als mogelijk gebruik moet maken van marktgebaseerde mechanismen om de veiligheid en de stabiliteit van het transmissienet te verzekeren. De CREG stelt vast dat de maatregel in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA gebruik maken van marktgebaseerde mechanismes door ofwel de verandering van werkzaam vermogen via biedingen (i.e. ingeboden prijzen en volumes) te selecteren. De CREG is daarom van oordeel dat het onderscheid van wel en niet aangeboden middelen, aan de TSB, zoals voorgesteld door de TSB in artikelen 7.2 en 7.3 van het voorstel van LFC BOA, in lijn ligt met de doelstellingen van de SOGL. 59. Ook stelt de CREG vast dat er geen onderscheid gemaakt wordt op vlak van spanningsniveau tussen de middelen die behoren tot eenzelfde maatregel, en dit zowel voor de maatregelen in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA als voor de maatregel in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA. Op deze manier wordt niet-discriminatie tussen middelen gelegen in de Belgische LFC Zone gegarandeerd: enkel van belang is of de kosten en volumes gekend zijn bij de TSB om een techno-economisch optimum na te streven. Echter stelt de CREG wel vast dat Elia een onderscheid maakt tussen eenheden die onderworpen zijn aan de Algemene Voorwaarden voor Scheduling Agents en eenheden die het beschikbare actieve vermogen op vrijwillige basis aanbieden. De CREG verwijst naar paragraaf 62 van deze beslissing. 60. Tot slot, stelt de CREG vast dat de middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel van LFC BOA, enkel geactiveerd kunnen worden na gebruik van alle maatregelen zoals opgenomen in artikel 7.2. De voorgestelde volgorde van activatie van middelen verhindert dat de middelen voorzien in artikel 7.3 van het voorstel van LFC BOA als alternatief gebruikt kunnen worden voor middelen opgenomen in artikel 7.2 van het voorstel van LFC BOA. Om deze strikte volgorde van activatie transparant te maken doorheen de tekst, herziet de CREG echter, met toepassing van artikel 6.1 van de SOGL Verordening en na overleg met Elia14, artikel 7.1.b van het voorstel van LFC BOA door de nadruk te leggen op het volledig gebruik van middelen opgenomen in artikel 7.2. Hiermee verzekert de CREG dat de doelstelling in artikel 4.2.(
- d)van de SOGL gerespecteerd blijft. 61. De CREG stelt vast dat vraagfaciliteiten geen deel uitmaken van de remediërende maatregel zoals uiteengezet in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA. De CREG is niet gekant tegen het ontbreken van vraagfaciliteiten. Immers, bij overfrequenties zal het verminderen van verbruik van 14 Overleg met Elia heeft plaatsgevonden op 4 maart, 12 maart, 26 maart, 9 april Niet vertrouwelijk 21/30 vraagfaciliteiten geen oplossing bieden: de vermindering van verbruik zal, ceteris paribus, de frequentie net doen stijgen. In geval van onderfrequenties zal het verminderen van verbruik van vraagfaciliteiten wel een oplossing bieden, maar uit overleg met Elia wordt het voorkomen van deze situatie tijdens de zomerperiode als quasi-onbestaande geacht, althans op korte termijn. Daarbij zijn vraagfaciliteiten niet altijd coördineerbaar, i.e. het kan onmogelijk zijn om de afname te wijzigen. De CREG gaat dus akkoord met het voorstel van Elia, om vraagfaciliteiten buiten beschouwing van remediërende maatregelen te houden. 62. Elia stelt in artikel 7.4 van het voorstel van LFC BOA ook voor om het techno-economisch optimum na te streven. Elia stelt voor om voor de middelen opgesomd in artikel 7.2(
- c)van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, voor de middelen opgesomd in artikel 7.2(
- d)van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, en voor de middelen opgesomd in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, individueel een techno-economisch optimum na te streven. 63. Met betrekking tot de opsplitsing van het nastreven van een techno-economisch optimum tussen de middelen in artikel 7.2(
- c)en 7.2(
- d)van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, is de CREG van oordeel dat deze opsplitsing geen garantie biedt dat remediërende maatregelen aan laagste kosten ingezet worden. Het is immers mogelijk dat een eenheid die vrijwillig het T&C SA-contract ondertekend heeft (artikel 7.2(
- d)van het voorstel tot wijziging van LFC BOA) goedkoper is dan een eenheid die verplicht is een T&C SA-contract te ondertekenen, zoals bedoeld in artikel 7.2(
- c)van het voorstel tot wijziging van LFC BOA. In dit geval zal de goedkopere eenheid pas ingezet worden na inzet van alle (duurdere) eenheden die vallen onder artikel 7.2(
- c)van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA. Het voorstel van Elia vervult met andere woorden niet het doel van efficiënte exploitatie van het elektriciteitstransmissiesysteem in artikel 4.1.
- h)van de SOGL en past niet het beginsel toe van optimalisering tussen de hoogste totale efficiëntie en laagste totale kosten voor alle betrokken partijen, In artikel 4.2.
- c)van de SOGL. Daarom herziet de CREG met toepassing van artikel 6.1 van de SOGL Verordening en na overleg met Elia artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA door de eenheden die vallen onder artikel 7.2(
- c)van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, en de eenheden die vallen onder artikel 7.2(
- d)van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, onder eenzelfde categorie te plaatsen, zodat de inzet van al deze eenheden samen geoptimaliseerd kan worden. 64. Met betrekking tot de techno-economische optimalisatie van middelen die opgenomen zijn in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, stelt de CREG zich de vraag hoe een technoeconomisch optimum nagestreefd kan worden wanneer de beschikbare volumes en kosten van de eenheden niet aangeboden werden aan Elia15. Uit het voorstel van artikel 7.4 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, lijkt Elia deze techno-economische optimalisatie te vertalen naar een prioritaire aanpassing van actief vermogen bij hernieuwbare energiebronnen. Het aanpassen van actief vermogen bij hernieuwbare energiebronnen verzekert echter niet noodzakelijk dat de remediërende maatregel aan laagste kosten ingezet wordt. Na overleg door de CREG met Elia, bevestigde Elia dat zij geen kennis heeft van de kosten en beschikbare volumes op het moment dat ze de maatregel in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA zou toepassen. Echter zou Elia wel het beginsel kunnen toepassen tussen de totale efficiëntie en de laagste totale kosten voor alle betrokken partijen, indien ze bijvoorbeeld moet kiezen tussen de stillegging van een productie-eenheid die gelijktijdig aFRR-balanceringsenergiebiedingen levert (en de aFRR-dienst als gevolg van de stillegging niet meer kan leveren gedurende de komende uren) en de stillegging van een andere productie-eenheid die geen aFRR-balanceringsenergiebiedingen levert. Mede verwijzend naar paragraaf 67 van deze beslissing, is de CREG van oordeel dat een vorm van optimalisering tussen de hoogste totale efficiëntie en laagste totale kosten door Elia uitgevoerd kan worden, krachtens artikel 4.2.
- c)van de SOGL, zonder een techno-economische optimalisatie op basis 15 Indien de beschikbare volumes en kosten van een eenheid aangeboden werd, zouden de desbetreffende eenheid vallen onder de eenheden zoals bedoeld in artikel 7.2(
- d)van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA. Niet vertrouwelijk 22/30 van technische en economische karakteristieken van de productie- of opslageenheid uit te voeren. De CREG begreep ook uit het overleg met Elia dat Elia en DSBs een verdeelsleutel (‘allocation key’) zouden toepassen, op basis waarvan de eis van aanpassing van werkzaam vermogen in de Belgische LFC Zone proportioneel verdeeld wordt over Belgische netbeheerders. De toepassing van deze verdeelsleutel moet echter transparant en duidelijk beschreven worden in de LFC BOA, als onderdeel van de remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer. Artikel 23
(4)van de SOGL stelt immers expliciet dat de TSB een instructie aan de DSB die daar gevolgen van ondervindt moet geven wanneer de TSB een remediërende maatregel uitvoert. Aangezien deze instructie het resultaat is na toepassing van de verdeelsleutel, maakt de verdeelsleutel deel uit van de remediërende maatregel. Tot slot, maakt de toevoeging van zulke selectiemethode deel uit van het wijzigingsverzoek van 14 oktober 2024 van de CREG. Als gevolg van hetgeen hierboven werd uiteengezet, herziet de CREG met toepassing van artikel 6.1 van de SOGL Verordening en na overleg met Elia, artikel 7.4 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, door de pro-rata selectiemethode horend bij de uitvoer van artikel 7.3 van de LFC BOA te beschrijven in een nieuw artikel 7.5 van de LFC BOA en door de techno-economische activatie te vervangen door et nastreven van een optimalisatie tussen hoogste totale efficiëntie en de laagste totale kosten. Met deze herziening brengt de CREG het voorstel van wijziging van LFC BOA in lijn met hetgeen vereist wordt krachtens artikel 119
(1)- r)en artikel 152 van de SOGL. De CREG vraagt echter aan Elia om de toekomstgerichtheid van de verdeelsleutel te evalueren. De verdeelsleutel is gebaseerd op de geïnstalleerde capaciteit van de fotovoltaïsche installaties, zonder rekening te houden met de werkelijke deelname van deze installaties aan de balanceringsenergiemarkten. Naarmate een groter aandeel van fotovoltaïsche installaties echter deelnemen aan de balanceringsmarkt, verslechtert de accuraatheid van de verdeelsleutel. De CREG vraagt aldus aan Elia om de accuraatheid van de verdeelsleutel elk jaar te evalueren. 65. Elia stelt in artikel 7.5 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA voor om het volume dat geactiveerd kan worden via de middelen zoals opgenomen in artikelen 7.2 en 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, te beperken tot hetgeen nodig is om de FRCE weer onder de criteria zoals opgenomen in artikel 7.1 van het voorstel van LFC BOA te brengen. 66. Vooreerst gebruikt Elia de term ‘flexibiliteit’ om aanpassingen van de productie of het verbruik van werkzaam vermogen binnen het kader van een remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer aan te duiden. De term ‘flexibiliteit’ is niet gedefinieerd. De CREG verkiest een consistent gebruik van terminologie, in lijn met terminologie zoals gebruikt in Unierecht, en dit om enerzijds duidelijkheid te verschaffen over de inhoud van het voorstel en anderzijds de CREG toe te laten effectief toezicht uit te oefenen. De CREG herziet daarom, met toepassing van artikel 6.1 van de SOGL Verordening en na overleg met Elia, de term ‘flexibiliteit’ naar ‘aanpassing van de productie of het verbruik van werkzaam vermogen’. Met deze herziening verzekert de CREG consistentie met artikel 152 van de SOGL en verduidelijk de CREG artikel 7.5 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, wat de transparantie verhoogt zoals nagestreefd door artikel 4.2.
- b)van de SOGL. 67. De CREG vindt het daarenboven absoluut noodzakelijk dat de activatie van middelen, zoals opgenomen in artikelen 7.2 en 7.3 van het voorstel van LFC BOA, geen verstorende impact mag hebben op de balanceringsenergiemarkt. Artikel 7.1 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA biedt garanties dat de middelen in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA niet ingezet zullen worden vooraleer alle balanceringsenergiebiedingen volledig geactiveerd werden binnen het kader van het frequentieherstelproces. Ook garandeert artikel 7.1 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA dat artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA niet ingezet zullen worden alvorens volledig gebruik werd gemaakt van de middelen voorzien in artikel 7.2 van het voorstel van LFC BOA. Echter, stelt de CREG vast dat de nodige garanties ontbreken bij de bepaling van de volumes die geactiveerd zullen worden door toepassing van artikelen 7.2 en 7.3 van het voorstel van LFC BOA. Om deze vereiste, zoals opgenomen in artikel 4.2.
- d)van de SOGL, te verduidelijken, herziet de CREG met toepassing van Niet vertrouwelijk 23/30 artikel 6.1 van de SOGL Verordening en na overleg met Elia artikel 7.5 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, door te stellen dat de TSB een vervanging van geactiveerde FRR met de activatie van maatregelen zoals beschreven in artikel 7.2 en 7.3 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, moet vermijden. De CREG begrijpt echter dat Elia zich, bij de bepaling van de te activeren volumes krachtens artikelen 7.2 en 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA, baseert op verwachte evoluties van de FRCE. Een eventuele impact op de handel op de groothandelsmarkten ten gevolge van een onverwachte snelle en sterke vermindering van de FRCE kan daarom nooit volledig uitgesloten worden. Het is echter wel de verantwoordelijkheid van Elia om, in voorkomend geval, een verstoring van de handel op de groothandelsmarkten voor de uitwisseling van balanceringsenergie zo veel mogelijk te beperken, en om aan te tonen dat de verstoring van de handel noodzakelijk was om haar wettelijke taken uit te voeren. 68. Elia stelt in artikel 7.6 van het voorstel van LFC BOA de vergoedingsmodaliteiten voor. Elia stelt voor om de kosten en opportuniteitskosten van de geactiveerde middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel van LFC BOA, te vergoeden. 69. Vooreerst brengt de CREG de context en het wettelijk kader ter herinnering. De CREG verwijst hiervoor naar haar uiteenzetting in paragraaf 22 van deze beslissing enerzijds en naar haar uiteenzetting in paragrafen 35 en 36 van deze beslissing anderzijds. Uit deze uiteenzettingen komt naar voren dat de maatregelen in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA ten eerste een remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer is, ten tweede nodig is omdat niet alle beschikbare balanceringsmiddelen die aanwezig zijn in de Belgische LFC Zone hun balanceringsenergie ter beschikking stellen aan de TSB, en ten derde een last resort remediërende maatregel is om een black-outtoestand te vermijden. 70. Er is geen wettelijke verplichting om de activatie van remediërende maatregelen voor frequentieafwijkingsbeheer te vergoeden. Dit betekent dat een eventuele vergoeding de objectieven die opgelegd worden binnen het kader van de belasting-frequentieregeling, moet nastreven. Deze objectieven zijn onder meer
(1)niet-discriminatie (artikel 4.2.a) van de SOGL),
(2)zo veel mogelijk gebruikmaken van marktwerking om de veiligheid en de stabiliteit van het netwerk te garanderen (artikel 4.2.d) van de SOGL en artikel 3.2.d) van de EBGL), en
(3)de optimalisering tussen de hoogste totale efficiëntie en laagste totale kosten voor alle betrokken partijen (artikel 4.2.
- c)van de SOGL en artikel 3.2.
- c)van de EBGL). 71. Een eventuele vergoeding moet aldus de nodige stimulansen geven aan marktdeelnemers om hun beschikbare middelen in de Belgische LFC zone werkelijk aan te bieden aan de TSB, en dit bij voorkeur via de balanceringsmarkten. Indien middelen technisch gezien de balanceringsdienst kunnen leveren, moeten deze middelen dus zo veel als mogelijk geprikkeld worden om aan de balanceringsmarkten deel te nemen. Omwille van deze reden worden de balanceringsmiddelen die technisch de balanceringsdienst kunnen leveren én die aangeboden worden aan de TSB via de balanceringsmarkten, marktconform vergoed voor de dienstlevering. Balanceringsmiddelen die technisch gezien de balanceringsdienst kunnen leveren maar die niet aangeboden worden aan de TSB via de balanceringsmarkten, mogen om dezelfde reden geen vergoeding genereren bij hun activatie via de remediërende maatregelen. Immers, doordat de marktdeelnemer deze beschikbare balanceringsmiddelen niet aanbiedt via de balanceringsmarkten, belemmert de marktdeelnemer het nastreven van de doelstelling dat TSBs zo veel mogelijk gebruik moeten maken van marktgebaseerde mechanismen. In de praktijk dwingt de biedverplichting, zoals opgenomen artikel II.3.6 van de T&C BSP mFRR, de eenheden of faciliteiten die technisch de balanceringsdienst kunnen leveren, om deel te nemen aan Niet vertrouwelijk 24/30 de FRR-balanceringsmarkt16, zodat er geen zulke middelen meer beschikbaar zijn om geactiveerd te worden via de remediërende maatregelen. 72. Indien de activering van middelen via de balanceringsmarkten ontoereikend zijn om de FRCE van de Belgische LFC Zone te verminderen, worden middelen die technisch gezien de balanceringsdienst niet kunnen leveren maar die wel aangeboden worden aan de TSB via andere systeemdiensten, ingezet. Deze inzet gebeurt via artikelen 7.2(
- c)en 7.2(
- d)van het voorstel tot wijziging van LFC BOA. Deze middelen worden ook techno-economisch-optimaal inzet door de TSB. Enerzijds leveren deze middelen de balanceringsdienst niet, waardoor een gelijke vergoeding voor deze middelen als voor de middelen die de balanceringsdienst wel leveren, ongerechtvaardigd is. Echter worden de middelen zoals voorzien in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA wel aangeboden aan de TSB, waardoor de TSB via een techno-economisch-optimale activatie wel de laagste totale kosten en hoogste totale efficiëntie kan nastreven. Als gevolg kan gemotiveerd worden om de marktdeelnemer die deze middelen volgens de modaliteiten van de systeemdienst waarvoor ze aan de TSB aangeboden werden, te vergoeden. Tegelijk blijven de rechten, plichten en verantwoordelijkheden die horen bij de levering van de systeemdienst, krachtens dezelfde modaliteiten, van toepassing. Concreet, kan gemotiveerd worden om de middelen zoals voorzien in artikel 7.2 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA te vergoeden krachtens de vergoeding voorzien in de T&C SA. Concreet betekent dit een kostengebaseerde vergoeding, krachtens artikel II.3.10 van de specifieke voorwaarden van de T&C SA. De CREG merkt evenwel op dat een kostengebaseerde vergoeding de prikkel bij de marktdeelnemer zal verminderen, om eventueel beschikbare balanceringsvolumes aan te bieden bij de TSB, via de balanceringsmarkten. Als gevolg is de CREG van oordeel dat een vergoeding enkel gerechtvaardigd is wanneer de technische karakteristieken van de eenheid of faciliteit niet voldoende zijn om de balanceringsdienst te leveren. 73. Indien het nog steeds ontoereikend is om de bijdrage van de Belgische LFC Zone aan de frequentie-afwijking op het Continentaal Europese transmissiesysteem te verminderen, worden alle overige middelen, die niet aangeboden werden aan de TSB maar wel beschikbaar zijn in de Belgische LFC Zone, geactiveerd, en dit via artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA. Aangezien er op deze middelen geen modaliteiten van toepassing zijn, zijn er ook geen verplichtingen of verantwoordelijkheden van toepassing op de activatie van deze middelen. Dit betekent tegelijkertijd dat er ook niet gemotiveerd kan worden dat er rechten (zoals vergoedingen) van toepassing zijn. Integendeel, een minimale kostengebaseerde vergoeding zal de prikkel bij de marktdeelnemer wegnemen om op vrijwillige basis zijn beschikbaar volume bij de TSB aan te bieden via het T&C SAcontract. De marktdeelnemer zal namelijk dezelfde vergoeding ontvangen als marktdeelnemers die hun beschikbaar volume wel aangeboden hebben, zonder dezelfde plichten of verantwoordelijkheden te moeten vervullen. De CREG ziet geen redenen om het bovenstaande principe uiteengezet in paragrafen 71 tot en met 73 van deze beslissing, te wijzigen. Dit principe is namelijk reeds aanwezig in de laatst goedgekeurde versie van de LFC BOA. De CREG heeft geen kennis genomen van overtuigende redenen die een afwijking van dit principe rechtvaardigen, ten gevolge de deelname van uitbreiding van de remediërende maatregel naar productie-eenheden en opslageenheden die aangesloten zijn op het distributiesysteem. Integendeel, de CREG ziet redenen om het bovenstaande, reeds goedgekeurde, vergoedingskader te behouden, en het toezicht op de uitvoer ervan te versterken. 16 Aangezien de aFRR-balanceringsdienst striktere technische vereisten oplegt aan balanceringsmiddelen, worden nietaangeboden aFRR-balanceringsmiddelen via de genoemde biedverplichting ook verplicht om deel te nemen aan de mFRRbalanceringsmarkt Niet vertrouwelijk 25/30 Ten eerste geeft het vergoeden van een last resort remediërende maatregel, zoals voorzien in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, verkeerde prikkels aan marktdeelnemers, en bij uitbreiding aan netgebruikers. Bij een gelijkwaardige vergoeding als de middelen zoals voorzien in artikel 7.2 van de LFC BOA, wordt een prikkel ontnomen om middelen aan te bieden aan de TSB. Het verschil tussen de inkomsten bij deelname aan een systeemdienst en bij niet-deelname verkleint of verdwijnt, terwijl de verantwoordelijkheden en plichten horend bij een deelname aan de systeemdienst gelijk blijven. Om diezelfde reden wordt ook de prikkel om deel te nemen aan de balanceringmarkten vermindert, terwijl net de deelname aan de balanceringsmarkten aangemoedigd moet worden (cfr. paragrafen 31 en 70 van deze beslissing). Ten tweede, intervenieert een vergoeding in de activatie van middelen door de BRPs, om, via hun leverancierscontracten, netgebruikers aan te moedigen hun balanceringsmiddelen, ter beschikking te stellen aan de BRPs. BRPs kunnen zulke contracten voorstellen om hun rol krachtens artikel 17
(1)van de EBGL, beter uit te oefenen. Zoals ook uiteengezet door Febeg in haar antwoord op de openbare raadpleging (cfr. paragraaf 34 van deze beslissing) kan een te hoge gereguleerde vergoeding in het kader van artikel 7.3 van het voorstel van LFC BOA netgebruikers ontmoedigen om zulke contracten aan te gaan met de BRPs. De CREG merkt daarbij op dat, in geval van een gereguleerde vergoeding toegewezen zou worden, BRPs op hun beurt ook rekening zullen houden met deze vergoeding bij de bepaling van de kost die ze zullen aanrekenen aan netgebruikers, voor hun onbalansrisico, indien netgebruikers hun balanceringsmiddelen niet ter beschikking stellen aan de BRP. Als gevolg is het ook niet onredelijk te veronderstellen dat een eventuele vergoeding uiteindelijk via de modaliteiten van het leverancierscontract ontvangen wordt door BRPs, wat in strijd is met het principe dat BRPs financieel verantwoordelijk moeten zijn voor de onbalansen die zij veroorzaken in het systeem, krachtens artikel 5
(1)van de Elektriciteitsverordening. 74. Als conclusie van de uiteenzetting in paragrafen 70 tot en met 73 van deze beslissing, is de CREG van oordeel dat het bestaand federaal regelgevend kader reeds de juiste prikkels geeft aan netgebruikers en aan marktdeelnemers om balanceringsmiddelen aan te bieden aan de TSB. Deze (expliciete) deelname leidt tot een veilige, betrouwbare en efficiënte uitbating van het federale transmissienet. Een vergoeding van middelen die ingezet worden als last resort remediërende maatregel, zoals voorzien in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, belemmert met andere woorden het nastreven van de doelstellingen zoals opgenomen in onder meer artikelen 3(d), 3(
- e)en 3(
- m)van de Elektriciteitsverordening, en artikel 4.1(
- h)van de SOGL Verordening. Omwille van deze redenen herziet de CREG met toepassing van artikel 6.1 van de SOGL Verordening na overleg met Elia artikel 7.6 van het voorstel van LFC BOA door de door Elia voorgestelde wijziging inzake vergoeding ongedaan te maken. Tegelijkertijd verduidelijkt de CREG hetgeen uiteengezet werd in paragrafen 71 tot en met 73 van deze beslissing. 75. De CREG is van oordeel dat het momenteel niet noodzakelijk is om expliciet toe te voegen dat aanpassingen van de productie of het verbruik van werkzaam vermogen dat ook beschikbaar gesteld konden worden aan de TSB in de vorm van FRR-balanceringsenergiebiedingen, geen vergoedingen zullen ontvangen van de TSB wanneer deze productie-eenheden, opslageenheden en/of vraagfaciliteiten via een remediërende maatregel voor frequentieafwijkingsbeheer geactiveerd worden. De reden hiervoor is de aanwezigheid van een biedverplichting, zoals uiteengezet in paragraaf 71 van deze beslissing, waardoor deze volumes reeds aangeboden en geactiveerd moeten zijn. Middelen die technisch gezien de balanceringsdienst kunnen leveren maar slechts aangeboden worden aan de TSB via andere systeemdiensten, verergeren immers door hun niet-deelname aan de balanceringsmarkten de nood aan remediërende maatregelen, en verhinderen de TSB om de veiligheid en de stabiliteit van het transmissiesysteem te waarborgen door gebruik te maken van marktwerking, krachtens artikel 4.2.
- d)van de SOGL. De CREG is echter van oordeel dat het vergoedingskader van de remediërende maatregelen op zichzelf moet staan en toekomstgericht moet zijn. De CREG verzoekt daarom aan Elia om de LFC BOA te wijzigen door opname van het hierboven uiteengezet Niet vertrouwelijk 26/30 vergoedingskader tegen een eerstkomend voorstel tot wijziging van de LFC BOA, dat niet later mag plaatsvinden dan 28 februari 2026. 76. Tot slot voegt Elia rapporteringsvereisten toe in artikelen 7.7 en 7.8 van het voorstel van LFC BOA. 77. De CREG aanvaardt de toevoeging van rapporteringsvereisten, maar stelt vast dat niet volledig voldaan werd aan de inhoud van het wijzigingsverzoek van 14 oktober 2024 van de CREG. Daarom voegt de CREG zelf toe dat Elia ook het totaal gevraagde volume en het gevraagde volume na toepassing van de verdeelsleutel per distributienet moet rapporteren en dit met toepassing van artikel 6.1 van de SOGL Verordening na overleg met Elia. Ook voegt de CREG toe dat de lijst van alle middelen zoals opgenomen in artikel 7.3 van het voorstel tot wijziging van LFC BOA meegedeeld moet worden, inclusief het gemeten vermogen in het kwartier alvorens de activatie plaatsvond. Tot slot, voegt de CREG toe dat desgevallend een motivering voor de afwijking tussen het gevraagde en geactiveerde volume gegeven moet worden. Deze laatste gegevens moeten, indien van toepassing, door DSBs aan Elia gecommuniceerd worden. 4.2. AANVULLENDE OPMERKINGEN 78. In beslissing (B)2538 van 19 juli 2023 heeft de CREG de volgende opmerkingen geformuleerd waarmee Elia rekening dient te houden bij de eerstvolgende indiening van een goedkeuringsaanvraag tot wijziging van de T&C BRP: a. In paragraaf 41 vraagt de CREG aan Elia om de methode voor de aanleg van aFRRbalanceringscapaciteit tijdig te herzien, zodat de methode rekening houdt met het verschil in kosten voor de aanleg van aFRR-balanceringscapaciteit en mFRRbalanceringscapaciteit, en de waarde dat frequentieregeling met aFRR-reserves genereert voor het elektriciteitssysteem; b. In paragrafen 33 tot en met 37 vraagt de CREG om rekening te houden met onbalansnetting bij de bepaling van de reservecapaciteit in de vorm van FRR. 79. In beslissing (B)2435 van 14 juli 2022 heeft de CREG de opmerking geformuleerd dat de ratio van automatische en manuele FRR net als het delen van FRR dynamisch gemaakt moet worden. Niet vertrouwelijk 27/30 5. BESLISSING Met toepassing van artikel 6.3.
- e)iii) van verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen keurt de CREG het voorstel tot wijziging van de LFC BOA van 7 april 2025, na herziening, goed. Met toepassing van artikel 6.1 van de Verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen herziet de CREG het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, ingediend bij de CREG op 7 april 2025 conform de paragrafen 60, 63, 64, 66, 67, 74, en 77 deze beslissing (bijlage 6 van deze beslissing). De CREG heeft in het kader van deze herziening overleg gepleegd met Elia. Ook vraagt de CREG aan Elia om tegemoet te komen aan de opmerkingen zoals geformuleerd in paragraaf 28, 42, 46, 64 en 67 van deze beslissing. Tot slot, richt de CREG met toepassing van artikel 7.4 van de Verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen een wijzigingsverzoek tot Elia om het vergoedingskader te verduidelijken en toekomstgericht te maken, zoals uiteengezet in paragraaf 75 van deze beslissing. Deze beslissing treedt in werking op de datum van goedkeuring. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet vertrouwelijk Ilse TANT Directeur Koen LOCQUET Voorzitter van het Directiecomité 28/30 BIJLAGE 1 Raadplegingsverslag en ontvangen antwoorden op de raadpleging Engelse versie – 7 april 2025 BIJLAGE 2 Verklarende nota over de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia Engelstalige versie – 7 april 2025 BIJLAGE 3 a. Voorstel tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia, track changes Franstalige, Nederlandstalige en Engelstalige versie – 7 april 2025 b. Voorstel tot wijziging van de operationele overeenkomst voor LFC-blok Elia, clean Franstalige, Nederlandstalige en Engelstalige versie – 7 april 2025 BIJLAGE 4 [VERTROUWELIJK] Presentatie over de toepassing van de technische maatregel en de impact ervan op gereguleerde documenten Engelstalige versie – 7 april 2025 Niet vertrouwelijk 29/30 BIJLAGE 5 Wijzigingsverzoek van de LFC BOA van de CREG, van 17 oktober 2024 Nederlandstalig–17 oktober 2024 BIJLAGE 6 Herziening van het voorstel tot wijziging van de LFC BOA, door de CREG Nederlandstalig, Franstalig en Engelstalig– 10 april 2025 Niet vertrouwelijk 30/30