(B)3029 17 juli 2025 over de aanvraag tot benoeming van mevrouw Valérie Vandegaart als nalevingsfunctionaris van de N.V. Balansys en de goedkeuring van de voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van het mandaat van de nalevingsfunctionaris genomen met toepassing van artikel 15/2ter, § 1, van de wet van 12 april 1965, betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen Niet-vertrouwelijk CREG - Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 - www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 3
- WETTELIJK KADER ........................................................................................................................... 4 1.
- Richtlijn (EU) 2024/1788 ........................................................................................................ 4 1.
- Gaswet zoals gewijzigd op 8 juli 2015 .................................................................................... 4 1.
- Beoordelingscriteria ............................................................................................................... 8
- ANTECEDENTEN ............................................................................................................................ 10
- RAADPLEGING............................................................................................................................... 11
- BEOORDELING .............................................................................................................................. 12
- 4.
- Voorafgaand......................................................................................................................... 12 4.
- Onafhankelijkheid ................................................................................................................ 13 4.
- Beroepsbekwaamheid van de nalevingsfunctionaris .......................................................... 15 4.
- Voorwaarden mandaat van de nalevingsfunctionaris ......................................................... 15 CONCLUSIE .................................................................................................................................... 16 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 17 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 17 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 17 BIJLAGE 4 ............................................................................................................................................... 17 Niet-vertrouwelijk 2/17 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (CREG) onderzoekt hierna, op grond van artikel 15/2ter, § 1, van de wet van 12 april 1965, betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen (hierna: gaswet), de aanvraag tot benoeming van mevrouw Valérie Vandegaart als nalevingsfunctionaris van de NV Balansys (hierna Balansys) alsmede de voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van het mandaat van de nalevingsfunctionaris. Voornoemde aanvraag tot benoeming van nalevingsfunctionaris werd door Balansys per brief op 8 mei 2025 bij de CREG per elektronisch bericht ingediend, samen met vier bijlagen, te weten: - [VERTROUWELIJK] (bijlage 1 van huidige beslissing); - het Curriculum Vitae van mevrouw Valérie Vandegaart (bijlage 2 van huidige beslissing); - een verklaring van naleving van de onafhankelijkheidsvoorwaarden ondertekend door mevrouw Valérie Vandegaart op 6 mei 2025 (bijlage 3 van huidige beslissing); - een verklaring inzake de gereguleerde documenten van Balansys ondertekend door mevrouw Valérie Vandegaart op 6 mei 2025 (bijlage 4 van huidige beslissing). De onderstaande beslissing is opgedeeld in vijf delen. Het eerste deel gaat over het wettelijke kader. In het tweede deel worden de antecedenten uiteengezet. In het derde deel wordt de raadpleging besproken. In het vierde deel onderzoekt de CREG of de aanvraag tot herbenoeming van mevrouw Valérie Vandegaart als nalevingsfunctionaris de voorschriften van de gaswet naleeft. Daarnaast onderzoekt de CREG ook de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van het mandaat van de nalevingsfunctionaris. Het vijfde deel, tenslotte, bevat de conclusie. De beslissing werd goedgekeurd door het Directiecomité van de CREG op zijn vergadering van 17 juli
- Niet-vertrouwelijk 3/17
- WETTELIJK KADER 1.
- RICHTLIJN (EU) 2024/1788
- Artikel 7.3 van de Richtlijn (EU) 2024/1788 van het Europees parlement en de raad van 13 juni 2024 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markten voor hernieuwbaar gas, aardgas en waterstof, tot wijziging van Richtlijn (EU) 2023/1791 en tot intrekking van Richtlijn 2009/73/EG (hierna: Richtlijn (EU) 2024/1788) bepaalt: Ingeval verticaal geïntegreerde transmissiesysteembeheerders deelnemen aan een gemeenschappelijke onderneming die is opgericht ter uitvoering van zulke samenwerking, ontwerpt en implementeert de gemeenschappelijke onderneming een nalevingsprogramma met de maatregelen die moeten worden genomen om discriminerend en concurrentieverstorend gedrag uit te sluiten. Dit programma bevat de specifieke verplichtingen van de werknemers ter verwezenlijking van de doelstelling van uitsluiting van discriminerend en concurrentieverstorend gedrag. Het wordt door ACER goedgekeurd. De naleving van het programma wordt op onafhankelijke wijze gemonitord door de nalevingsfunctionarissen van de verticaal geïntegreerde transmissie-systeembeheerders.
- Sinds 1 oktober 2015 is de verordening (EU) Nr. 312/2014 van de Commissie van 26 maart 2014 tot vaststelling van een netcode inzake gasbalancering van transmissienetten (hierna: NC BAL) van toepassing. Artikel 4.4 van de NC BAL stelt: “In een balanceringszone waar meerdere transmissiesysteembeheerders actief zijn, is deze verordening van toepassing op alle transmissiesysteembeheerders binnen die balanceringszone. Wanneer de verantwoordelijkheid voor het in balans houden van hun transmissienetten aan een entiteit is overgedragen, is deze verordening van toepassing op die entiteit voor zover bepaald in de toepasselijke nationale regelgeving.” 1.
- GASWET ZOALS GEWIJZIGD OP 8 JULI 2015
- Op basis van artikel 7, meer in het bijzonder artikel 7.4, van de gasrichtlijn 2009/73 (EG)1 werd de gaswet op 8 juli 20152 aangepast.
- Met deze gaswetswijziging wordt door de wetgever aan Fluxys Belgium de mogelijkheid geboden een gemeenschappelijke balanceringsonderneming op te richten waar andere TSB’s aandeelhouder van mogen zijn (gecertificeerd of ontheven van certificering) enerzijds, en aan wie het beheer van het commercieel evenwicht van het aardgasvervoersnet mag worden overgedragen anderzijds (artikel 15/2bis van de gaswet).
- De artikelen 9 en 10 van de gasrichtlijn 2009/73 (EG), betreffende de certificering vinden geen toepassing op de gemeenschappelijke balanceringsonderneming
- Evenmin, vindt artikel 1, laatste lid, van de Verordening (EG) nr. 715/20094 toepassing
- Op heden luidt deze voormelde bepaling: De lidstaten kunnen een overeenkomstig Richtlijn (EU) 2024/1788 opgerichte entiteit of instantie instellen voor de uitoefening van een of meer normaliter aan de transmissiesysteembeheerder of de 1 Richtlijn 2009/73/EG van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor aardgas en tot intrekking van Richtlijn 2003/55/EG 2 Belgisch Staatsblad van 16 juli 2015 3 Raad van State, advies 57.224/3 van 7 april 2015 4 Verordening (EG) nr. 715/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 13 juli 2009 betreffende de voorwaarden voor de toegang tot aardgastransmissienetten en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 1775/2005 5 Wetsontwerp tot wijziging van de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen, 2 juni 2015, Memorie van Toelichting, algemene toelichting, pagina 5 (Parl. St. Doc 54, 1127/001) Niet-vertrouwelijk 4/17 waterstoftransmissienetbeheerder toegewezen functies; de eisen van deze verordening zijn daarop van toepassing. Deze entiteit of instantie wordt overeenkomstig artikel 14 van deze verordening gecertificeerd en op grond van artikel 71 van Richtlijn (EU) 2024/1788 aangewezen
- Niettegenstaande artikel 15/2bis van de gaswet spreekt over ‘overdragen’ heeft de Belgische wetgever gekozen voor een specifiek regelgevend kader, zoals voorzien in artikel 7.3, van de Richtlijn (EU) 2024/1788 waardoor de certificering van de gemeenschappelijke balanceringsonderneming geen vereiste is. Concreet houdt dit dan ook in dat de verantwoordelijkheid van het commercieel evenwicht van het aardgasvervoersnet bij de TSB rust en niet bij de gemeenschappelijke balanceringsonderneming. Dit specifiek regelgevend kader bestaat uit: - De aanduiding van een nalevingsfunctionaris door de gemeenschappelijke balanceringsonderneming, na goedkeuring door de CREG waarbij deze nalevingsfunctionaris strikte voorwaarden van onafhankelijkheid en beroepsbekwaamheid moet naleven. Daarnaast moet de CREG ook de voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van het mandaat van de nalevingsfunctionaris goedkeuren. - Na advies van de CREG en goedkeuring door ACER moet de gemeenschappelijke balanceringsonderneming beschikken over een verbintenissenprogramma dat in overeenstemming is met artikel 7.3 van de Richtlijn (EU) 2024/1788, en waarvan de toepassing ervan door de nalevingsfunctionaris wordt gecontroleerd. - Op de gemeenschappelijke balanceringsonderneming zijn van toepassing de artikelen 8/3, § 1/1, derde tot vijfde lid, 8/4 en 8/5, van de gaswet: o Artikel 8/3, § 1/1, derde tot vijfde lid, van de gaswet bepaalt: “Het is eenzelfde […] persoon niet toegelaten om lid te zijn van de raad van toezicht, de raad van bestuur of de organen die wettelijk de onderneming vertegenwoordigen en tegelijkertijd van een onderneming die werkzaam is in de productie of levering van aardgas en van de aardgasvervoersnetbeheerder. De statuten van de vennootschap en de aandeelhoudersovereenkomsten mogen geen bijzondere rechten toekennen aan producenten, houders van een leveringsvergunning of tussenpersonen of de met die ondernemingen verbonden ondernemingen. De commissie gaat na of de eventuele overeenkomst die tussen de aandeelhouders van de beheerder werd gesloten de, in artikel 8/5 bepaalde, minimumcriteria inzake onafhankelijkheid, en de in overeenstemming met artikel 15/5undecies, § 1, tweede lid, 3° en 5°, bepaalde maatregelen inzake vertrouwelijkheid en non-discriminatie in acht neemt.” o Artikel 8/4, van de gaswet bepaalt: “Indien de beheerder van het aardgasvervoersnet tot een verticaal geïntegreerde onderneming behoort, moet hij onafhankelijk zijn, tenminste wat zijn rechtsvorm, zijn organisatie en zijn beslissingsproces betreft, van andere activiteiten die niet gebonden zijn aan de vervoersactiviteit.” 6 Verordening (EU) 2024/1789 van het Europees parlement en de raad van 13 juni 2024 inzake de interne markten voor hernieuwbaar gas, aardgas en waterstof, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1227/2011, (EU) 2017/1938, (EU) 2019/942 en (EU) 2022/869 en Besluit (EU) 2017/684, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 715/2009 Niet-vertrouwelijk 5/17 o Tot slot, artikel 8/5, van de gaswet bepaalt: ”Teneinde de onafhankelijkheid van de in artikel 8/4 bedoelde beheerder van het aardgasvervoersnet te waarborgen, gelden de volgende minimumcriteria : 1° De personen die verantwoordelijk zijn voor het beheer mogen geen deel uitmaken van de structuren van de geïntegreerde aardgasonderneming die rechtstreeks of onrechtstreeks belast zijn met het dagelijks beheer van de productie-, de distributie- en de leveringsactiviteiten van aardgas. 2° Er worden passende maatregelen genomen om er voor te zorgen dat rekening wordt gehouden met de professionele belangen van de in 1 bedoelde personen, op zodanige wijze dat gewaarborgd is dat zij in alle onafhankelijkheid kunnen functioneren. 3° De beheerder van het aardgasvervoersnet beschikt over effectieve bevoegdheden om, onafhankelijk van zijn aandeelhouders, besluiten te nemen met betrekking tot de activa die nodig zijn voor de exploitatie, het onderhoud en de ontwikkeling van het vervoersnet. 4° De beheerder van het aardgasvervoersnet mag van zijn moedermaatschappij geen instructies ontvangen betreffende het dagelijks beheer, noch wat betreft de individuele beslissingen met betrekking tot de bouw of de modernisering van de aardgasvervoersleidingen die de grenzen van het jaarlijkse globale budget of van gelijk welk gelijkaardig document dat deze heeft goedgekeurd, niet overschrijden.”
- Het verbintenissenprogramma werd in overeenstemming met artikel 7, van gasrichtlijn 2009/73 (EG), na advies van de CREG van 17 juli 20177 door Balansys op 18 januari 2018 aan ACER meegedeeld voor goedkeuring. Over haar ontwerpbeslissing heeft ACER op 7 juni 2019 een publieke raadpleging georganiseerd
- In het openbaar raadplegingsdocument maakt ACER een onderscheid tussen enerzijds het overdragen van een TSB-taak aan een derde entiteit en anderzijds het delegeren van een TSB-taak aan een derde entiteit. In geval van overdracht van een TSB-taak aan een derde entiteit stelt ACER dat in dat geval de derde entiteit een TSB wordt en dus gecertificeerd moet worden. Wordt de TSB-taak daarentegen door een TSB gedelegeerd aan een derde entiteit volstaat de toepassing van artikel 7.4, van de gasrichtlijn 2009/73 (EG) indien minstens één van de aandeelhouders van de derde entiteit een verticaal geïntegreerd bedrijf is. Certificering is in dat geval niet vereist omdat de TSB, die de TSB-taak delegeert, verantwoordelijk blijft voor de gedelegeerde TSB-taak.
- Overeenkomstig artikel 39.8 van de Richtlijn (EU)2024/1788 mag een TSB die eigenaar is van het transmissiesysteem en voldoet aan de vereisten van hoofdstuk IX en gecertificeerd is overeenkomstig artikel 71, op zijn eigen initiatief en onder zijn toezicht, bepaalde taken delegeren aan andere TSB’s die in het kader van het model van de ontvlechting van eigendom, de onafhankelijke systeembeheerder of de onafhankelijke transmissiebeheerder zijn gecertificeerd, op voorwaarde dat de delegatie van taken de effectieve en onafhankelijke besluitvormingsbevoegdheden van de delegerende TSB niet in het gedrang brengt. Daarnaast voorziet artikel 39.7 van de Richtlijn (EU)2024/1788 dat de lidstaten kunnen bepalen dat één of meer van de in lid 1 van dit artikel vermelde taken worden toegewezen aan een andere TSB dan die welke eigenaar is van het transmissiesysteem waarop de desbetreffende verantwoordelijkheden van toepassing zijn. De TSB waaraan de taken zijn toegewezen, wordt gecertificeerd in het kader van 7 8 Eindadvies (A)1618 van 17 juli 2017 over het nalevingsprogramme van de N.V. Balansys https://acer.europa.eu/Official_documents/Public_consultations/Pages/PC_2019_G_04.aspx Niet-vertrouwelijk 6/17 het model van de ontvlechting van de eigendom, de onafhankelijke systeembeheerder of de onafhankelijke transmissiebeheerder, en voldoet aan de in artikel 60 vastgelegde vereisten, maar wordt niet vereist het onder zijn verantwoordelijkheid vallende transmissiesysteem te bezitten. Het grote verschil tussen delegeren en toewijzing, waarbij overdragen in feite neerkomt op overdracht, is dat bij delegatie dit op eigen initiatief van de TSB gebeurt en dat de delegerende TSB verantwoordelijk blijft voor de gedelegeerde taken, terwijl in geval van toewijzing de lidstaat dit recht moet omzetten in de nationale wetgeving. De entiteit aan wie de taak wordt toegewezen wordt gecertificeerd en draagt bijgevolg de volledige verantwoordelijkheid over de aan hem toegewezen TSB-taak. De CREG stelt vast dat artikel 15/2bis van de gaswet en volgende niet volledig in lijn is met de huidige Richtlijn (EU)2024/
- Naar aanleiding van de omzetting van het Gas&Decarbonisation Package zal een juiste omzetting moeten plaatsvinden.
- De gaswet van 8 juli 2015 voorziet naast een nalevingsfunctionaris en een verbintenissenprogramma ook dat de CREG het balanceringscontract, de balanceringscode en de balanceringstarieven van de gemeenschappelijke balanceringsonderneming goedkeurt.
- Aangaande de aanduiding van de nalevingsfunctionaris bepaalt de gaswet in artikel 15/2ter, § 1, van hoofdstuk IV, afdeling III: "De gemeenschappelijke onderneming als bedoeld in artikel 15/2bis benoemt, na goedkeuring van de Commissie, een natuurlijke of rechtspersoon, "nalevingsfunctionaris" genoemd. De Commissie kan de goedkeuring, als bedoeld in het eerste lid, weigeren vanwege een gebrek aan onafhankelijkheid of aan beroepsbekwaamheid. Indien een aandeelhouder van de gemeenschappelijke onderneming een beheerder van een aardgasvervoersnet in een andere lidstaat is, die deel uitmaakt van een verticaal geïntegreerd bedrijf, mag de nalevingsfunctionaris in het jaar voor zijn benoeming door de gemeenschappelijke onderneming, direct noch indirect, een professionele activiteit of verantwoordelijkheid uitgeoefend hebben, geen belang of zakelijke betrekkingen gehad hebben met een vestiging van het verticaal geïntegreerd bedrijf dat functies van productie of levering verricht of een onderdeel daarvan en/of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen, andere dan de beheerder van een aardgasvervoersnet. Dit verbod geldt ook na beëindiging van de benoeming gedurende ten minste achttien maanden. De voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van zijn mandaat, van de nalevingsfunctionaris worden voor goedkeuring voorgelegd aan de Commissie. Deze voorwaarden waarborgen de onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris, onder meer door hem te voorzien van alle middelen die nodig zijn om zijn taken te vervullen. Het mandaat van de nalevingsfunctionaris kan drie jaar niet overschrijden en mag hernieuwd worden. Tijdens de volledige duur van zijn mandaat mag de nalevingsfunctionaris - direct noch indirect een professionele positie, verantwoordelijkheid of belang hebben in de aandeelhouders van de gemeenschappelijke onderneming of in de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen. De Commissie geeft instructie aan de gemeenschappelijke onderneming om de nalevingsfunctionaris in geval van gebrek aan onafhankelijkheid of beroepsbekwaamheid te ontheffen van zijn functie. §
- De nalevingsfunctionaris woont alle relevante vergaderingen van de gemeenschappelijke onderneming bij, in het bijzonder wanneer het balanceringsmodel wordt behandeld, specifiek betreffende de tarieven, het balanceringscontract, de transparantie, de balancering, aankoop en Niet-vertrouwelijk 7/17 verkoop van energie die nodig is voor het netevenwicht van de balanceringszone waarvoor de gemeenschappelijke onderneming verantwoordelijk is. De nalevingsfunctionaris heeft zonder voorafgaande aankondiging toegang tot alle relevante gegevens, tot de kantoren van de gemeenschappelijke onderneming en tot alle informatie die voor de uitvoering van zijn taken noodzakelijk is. §
- De nalevingsfunctionaris wordt belast met de volgende taken : 1° toezien op de tenuitvoerlegging van het nalevingsprogramma door de gemeenschappelijke onderneming; 2° opstellen van een verslag over de commerciële en financiële betrekkingen tussen de gemeenschappelijke onderneming en het verticaal geïntegreerde bedrijf of een onderdeel ervan en/of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen, anders dan de vervoersnetbeheerder. Zo nodig formuleert de nalevingsfunctionaris aanbevelingen over het nalevingsprogramma en somt de maatregelen op die zijn genomen in uitvoering van het nalevingsprogramma. Dit verslag wordt uiterlijk op 1 maart van elk jaar aan de Commissie meegedeeld; 3° de Commissie onverwijld in kennis stellen van elke inbreuk bij de uitvoering van het nalevingsprogramma".
- Met toepassing van artikel 14.2 van de statuten van Balansys is het de nalevingsfunctionaris die het nalevingsprogramma opstelt, in overeenstemming met wat in de gaswet is voorzien.
- De nalevingsfunctionaris woont ook alle relevante vergaderingen van de gemeenschappelijke balanceringsonderneming bij, in het bijzonder wanneer het balanceringsmodel wordt behandeld, en meer specifiek betreffende de tarieven, het balanceringscontract, de transparantie, de balancering en voor de aankoop en verkoop van energie die nodig is voor het netevenwicht van de balanceringszone waarvoor de gemeenschappelijke balanceringsonderneming verantwoordelijk is. 1.
- BEOORDELINGSCRITERIA
- De CREG stelt vast dat het regulatoir kader inzake de nalevingsfunctionaris en het nalevingsprogramma zoals beschreven in artikel 15/2ter, en volgende van de gaswet grote gelijkenissen vertoont met artikel 21 van de gasrichtlijn 2009/73 (EG). Artikel 21 van de gasrichtlijn 2009/73 (EG) is vandaag opgenomen in artikel 67 van de Richtlijn (EU)2024/
- In beide voorafgaande bepalingen wordt, in het kader van een ITO-certificering, aan de TSB’s opgelegd om een nalevingsprogramma op te stellen en uit te voeren waarin maatregelen zijn opgenomen die waarborgen dat discriminerend gedrag uitgesloten is, en dat er adequaat toezicht wordt gehouden op de naleving van dat programma. Het nalevingsprogramma bevat de specifieke verplichtingen van de werknemers ter verwezenlijking van die doelstellingen. Het moet door de regulerende instantie worden goedgekeurd. Onverminderd de bevoegdheden van de regulerende instantie wordt de naleving van het programma gemonitord door een onafhankelijke nalevingsfunctionaris.
- Daarnaast is voorzien dat de regulerende instantie de goedkeuring van een nalevingsfunctionaris alleen mag weigeren vanwege een gebrek aan onafhankelijkheid of een beroepsbekwaamheid. De nalevingsfunctionaris kan een natuurlijke of een rechtspersoon zijn. Artikel 65, leden 2 tot en met 8, van de Richtlijn (EU)2024/1788 zijn van toepassing op de Niet-vertrouwelijk 8/17 nalevingsfunctionaris. Dit artikel beschrijft de voorwaarden van onafhankelijkheid waaraan een nalevingsfunctionaris moet voldoen. Deze zijn: “
- De identiteit en de voorwaarden voor de duur en de beëindiging van de ambtstermijn van de personen die door het controleorgaan zijn aangewezen voor benoeming of herbenoeming voor de algemene directie of als lid van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder, en de redenen voor het voorgestelde besluit tot beëindiging van een ambtstermijn, worden aan de regulerende instantie meegedeeld. Deze voorwaarden en de in lid 1 bedoelde besluiten zijn pas bindend als de regulerende instantie binnen drie weken na de kennisgeving geen bezwaar heeft aangetekend. De regulerende instantie mag bezwaar aantekenen tegen de in lid 1 bedoelde besluiten: a) als er twijfel bestaat ten aanzien van de professionele onafhankelijkheid van een benoemd persoon die verantwoordelijk is voor het management of een lid van de bestuursorganen, of b) in geval van een voortijdige beëindiging van de ambtstermijn, indien er twijfel is aan de terechtheid ervan.
- In de drie jaar voor de benoeming van de personen die verantwoordelijk zijn voor het management of de leden van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder op wie dit lid van toepassing is, hebben zij direct en indirect geen professionele positie of verantwoordelijkheid of belang in of zakelijke betrekkingen met het verticaal geïntegreerde bedrijf of een onderdeel ervan of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen, anders dan de transmissiesysteembeheerder.
- De personen die verantwoordelijk zijn voor het management of de leden van de bestuursorganen en de werknemers van de transmissiesysteembeheerder hebben direct noch indirect een andere professionele positie of verantwoordelijkheid of belang in of zakelijke betrekkingen met een ander onderdeel van het verticaal geïntegreerde bedrijf of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.
- De personen die verantwoordelijk zijn voor het management of de leden van de bestuursorganen en de werknemers van de transmissiesysteembeheerder hebben direct noch indirect een belang bij of een ander financieel voordeel van een onderdeel van het verticaal geïntegreerde bedrijf, anders dan de transmissiesysteembeheerder. Hun bezoldiging hangt niet af van andere activiteiten of resultaten van het verticaal geïntegreerde bedrijf dan die van de transmissiesysteembeheerder.
- Bij de regulerende instantie kunnen personen die verantwoordelijk zijn voor het management of leden van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder daadwerkelijk in beroep gaan tegen een voortijdige beëindiging van hun ambtstermijn.
- Na de beëindiging van hun ambtstermijn binnen de transmissiesysteembeheerder hebben de personen die verantwoordelijk zijn voor het management ervan of de leden van de bestuursorganen ervan gedurende ten minste vier jaar geen professionele positie of verantwoordelijkheid of belang in of zakelijke betrekkingen met een onderdeel van het verticaal geïntegreerde bedrijf anders dan de transmissiesysteembeheerder, of bij de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.
- Lid 3 is van toepassing op de meerderheid van de personen die verantwoordelijk zijn voor het management of de leden van de bestuursorganen van de transmissiesysteembeheerder.”
- Verder worden de voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden van de nalevingsfunctionaris, met inbegrip van de duur van zijn of haar mandaat, goedgekeurd door de regulerende instantie. Deze voorwaarden waarborgen de onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris, onder meer door hem te voorzien van alle middelen die nodig zijn om zijn of haar taken te vervullen. Tijdens zijn of haar mandaat mag de nalevingsfunctionaris — al dan niet rechtstreeks — geen professionele positie, verantwoordelijkheid of belang hebben in het verticaal geïntegreerd bedrijf of in een deel ervan of ten aanzien van de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen.
- Uit de opinies van de Europese Commissie die de ontwerpbeslissingen van certificering beoordelen, leidt de CREG af dat de nalevingsfunctionaris volgens de Europese Commissie aan dezelfde voorwaarden van onafhankelijkheid moet beantwoorden als deze die vereist zijn voor het Niet-vertrouwelijk 9/17 personeel en de leden van de bestuursorganen van de TSB
- Dit is nu uitdrukkelijk voorzien in artikel 67 van de Richtlijn (EU)2024/178 (paragraaf 14 van deze beslissing). Evenmin mag de nalevingsfunctionaris financiële belangen hebben in de verticaal geïntegreerde onderneming.
- De CREG zal hierna met toepassing van deze twee beoordelingscriteria
(1)de onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris zowel ten aanzien van de gemeenschappelijke balanceringsonderneming en diens aandeelhouders als ten aanzien van de stakeholders van de energiesector onderzoeken;
(2)de beroepsbekwaamheid van de nalevingsfunctionaris onderzoeken. Daarnaast zal de CREG ook controleren of de voorwaarden opgenomen in de overeenkomst afgesloten tussen de nalevingsfunctionaris en Balansys, de nalevingsfunctionaris in staat stelt zijn opdracht onafhankelijk te kunnen uitvoeren. Verder zal de CREG ook onderzoeken in welke mate de voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van het mandaat de onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris waarborgen en of onder meer alle middelen ter beschikking worden gesteld die nodig zijn om zijn taken te kunnen vervullen.
- ANTECEDENTEN
- Fluxys Belgium en Creos Luxembourg S.A. (hierna: Creos), de Luxemburgse TSB, hebben het beheer van hun commercieel netevenwicht gedelegeerd aan een gemeenschappelijke balanceringsonderneming, genaamd Balansys, waarvan beiden elk voor 50% aandeelhouder van zijn.
- Overeenkomstig de beslissing van de CREG van 27 september 2012 werd Fluxys Belgium overeenkomstig het model van “Full Ownership Unbundling” gecertificeerd. Met toepassing van artikel 49.6, van de gasrichtlijn 2009/73 (EG) is de Luxemburgse TSB ontheven van artikel 9, of van certificering. Creos is bijgevolg een niet gecertificeerde verticaal geïntegreerde TSB.
- Balansys werd bij notariële acte als een Luxemburgse vennootschap opgericht op 7 mei
- Bij beslissing (B)160719-CDC-150910 van 17 september 2016 werd mevrouw Valérie Vandegaart als nalevingsfunctionaris van Balansys benoemd voor een periode van drie jaar. Het mandaat van nalevingsfunctionaris is vatbaar voor hernieuwing (artikel 15/2ter, § 1, tweede lid, van de gaswet). Daarnaast heeft de CREG in dezelfde beslissing de voorwaarden betreffende het mandaat of de arbeidsvoorwaarden, met inbegrip van de duur van het mandaat van de nalevingsfunctionaris goedgekeurd.
- Bij beslissing (B)1988 van 7 november 201911 werd mevrouw Valérie Vandegaart als nalevingsfunctionaris van Balansys benoemd voor een nieuwe periode van drie jaar.
- Bij beslissing (B)2402 van 24 november 202212 werd mevrouw Valérie Vandegaart als nalevingsfunctionaris van Balansys benoemd voor een nieuwe periode van drie jaar. 9 Commission Opinion of 25.11.2011 pursuant to Article 3
(1)of Regulation (EC) No 714/2009 and Article 10
(6)of Directive 2009/72/EC - France - Certification of RTE; Commission Opinion of 25.11.2011 pursuant to Article 3
(1)of Regulation (EC) No 715/2009 and Article 10
(6)of Directive 2009/73/EC - France - Certification of GRTgaz 10 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b160719-cdc-1509 11 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1988 12 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2402 Niet-vertrouwelijk 10/17
- Op 8 mei 2025 wordt bij de CREG per elektronisch bericht een nieuwe aanvraag voor hernieuwing van het mandaat van de nalevingsfunctionaris van mevrouw Valérie Vandegaart door Balansys ingediend voor goedkeuring, samen met vier bijlagen, te weten: - het Curriculum Vitae van mevrouw Valérie Vandegaart; - [VERTROUWELIJK]; - een verklaring van naleving van de onafhankelijkheidsvoorwaarden ondertekend door mevrouw Valérie Vandegaart op 6 mei 2025; - een verklaring inzake de gereguleerde documenten van Balansys ondertekend door mevrouw Valérie Vandegaart op 6 mei
- Op 22 mei 2025 heeft het directiecomité van de CREG een ontwerpbeslissing betreffende de hernieuwing van het mandaat van de nalevingsfunctionaris van mevrouw Valérie Vandegaart goedgekeurd en deze ontwerpbeslissing onderworpen aan een openbare raadpleging.
- RAADPLEGING
- Overeenkomstig artikel 33, § 1, van het huishoudelijk reglement van het directiecomité moet de CREG alvorens het een beslissing neemt, een openbare raadpleging organiseren, en dit onverminderd de uitzonderingen bedoeld in afdeling 3 van hoofdstuk 4 van het huishoudelijk reglement van het directiecomité. Een openbare raadpleging gebeurt door het lanceren van de raadpleging op de website van de CREG. Onderhavige ontwerpbeslissing valt niet onder de uitzonderingen bedoeld in afdeling 3 van hoofdstuk 4 van het huishoudelijk reglement van het directiecomité.
- Artikel 47, § 1, van het huishoudelijk reglement van het directiecomité stelt dat in het kader van elke publicatie het directiecomité erop toeziet dat geen vertrouwelijke informatie wordt verspreid. Om deze redenen wordt aan mevrouw Valérie Vandegaart en aan Balansys gevraagd of huidige beslissing vertrouwelijke informatie bevat, en zo ja, worden zij uitgenodigd in een schriftelijke verklaring nauwkeurig en ondubbelzinnig aan te geven welke informatie zij als vertrouwelijke informatie beschouwen. Tevens dienen zij in deze verklaring de redenen voor de vertrouwelijkheid alsook het mogelijke nadeel of de mogelijke schade die zij menen te kunnen lijden indien toch tot publicatie van de vertrouwelijke informatie zou worden overgegaan, op te geven. Indien mevrouw Valérie Vandegaart en/of Balansys een geldige reden meent te hebben om zijn naam niet onthuld te zien, motiveert hij dit eveneens in deze verklaring.
- Artikel 37, van het huishoudelijk reglement van het directiecomité bepaalt verder dat de raadplegingsperiode tussen de drie en zes weken bedraagt, tenzij specifieke omstandigheden de vaststelling van een kortere raadplegingsperiode rechtvaardigen. De CREG acht een raadplegingsperiode van drie weken als ruimschoots voldoende.
- De ontwerpbeslissing van 22 mei 2025 werd voorgelegd aan een openbare raadpleging lopende van 13 juni 2025 tot 4 juli 2025, georganiseerd op de website van de CREG. De CREG heeft één niet-vertrouwelijke reactie ontvangen vanwege Febeliec, stellende dat behoudens mogelijke bedenkingen bij de [VERTROUWELIJKE] delen van de ontwerpbeslissing, Febeliec geen verdere opmerkingen heeft. Niet-vertrouwelijk 11/17
- BEOORDELING 4.
- VOORAFGAAND
- De missie van Balansys is om op te treden als een balancingoperator voor het geografisch gebied BeLux, zijnde de geïntegreerde H-gasmarkt van Luxemburg en van België. Deze integratie betekent dat de commerciële balancingactiviteiten van Fluxys Belgium en Creos gedelegeerd zijn aan de gemeenschappelijke balanceringsonderneming, genaamd Balansys.
- De taken van Balansys kunnen als volgt kort worden samengevat: - Balansys ontvangt de individuele balancingpositie van de shippers actief op de respectievelijke netwerken van Creos en Fluxys Belgium. Balansys voegt deze posities samen tot een enkele individuele positie voor de shipper in de geïntegreerde zone en deelt het resultaat hiervan mee aan de betrokken shipper. Daarnaast bepaalt Balansys op basis van alle individuele posities ook een totale positie voor de volledige geïntegreerde markt. Deze positie wordt eveneens meegedeeld aan de shippers. Dit geldt voor de geïntegreerde H-gasmarktzone Luxemburg-België. - Zolang de balancingspositie van de markt binnen de vooraf vastgelegde drempelwaarden voor de markt (MT+ en MT-genoemd) schommelt, komt Balansys niet tussen tijdens de dag. Indien de markt balancingspositie de bovenste (of onderste) markt limietwaarde overschrijdt, komt Balansys wel tussenbeide met een verkoop- (of aankoop-)transactie op de aardgasmarkt (commodity) voor de hoeveelheid van het marktoverschot (of tekort). De overschotten, respectievelijk tekorten worden per shipper verrekend in contanten. Op het einde van iedere gasdag wordt het verschil tussen de totale hoeveelheden die in de geïntegreerde markt zijn binnengekomen en de totale hoeveelheden die door de eindklanten van de netgebruikers werden verbruikt of die de markt naar een aangrenzend marktgebied hebben verlaten, op nul gesteld. De verrekening gebeurt in contanten en is van toepassing op iedere shipper, zowel voor degenen die een overschot had, als voor degenen die een tekort had. - Balansys factureert aan en int van de shippers de balanceringskosten.
- Om deze taken naar behoren te kunnen uitvoeren, dient overeenkomstig de gaswet Balansys een balanceringscontract, een balanceringscode, een balanceringsprogramma, naast de balanceringstarieven te laten goedkeuren door de CREG en door de Luxemburgse regulator ILR. Inhoudelijk moeten deze gereguleerde documenten overeenkomstig de gaswet ook beantwoorden aan de NC BAL
- Uit publiek beschikbare informatie stelt de CREG vast dat Creos een verticaal geïntegreerde TSB is dat deel uitmaakt van de Encevo group.
- De aandeelhouders van Creos Luxembourg zijn: Encevo S.A. 75,43%; City of Luxembourg 20,00%; State of the Grand Duchy of Luxembourg 2,28%; Fédération du Génie Technique 0,10%; 41 Luxembourgish municipal authorities 2,08% en Creos Luxembourg S.A. (own shares) 0,10% 13 Verordening (EU) nr. 312/2014 van de Commissie van 26 maart 2014 tot vaststelling van een netcode inzake gasbalancering van transmissienetten. Niet-vertrouwelijk 12/17
- Voor de groepsstructuur van Encevo kan verwezen worden naar volgende link: https://www.encevo.eu/en/who-we-are/?title=structure. De aandeelhouders van Encevo zijn: State of the Grand Duchy of Luxembourg 28%; China Southern Power Grid International 24,92%; City of Luxembourg 15,61%; Société Nationale de Crédit et d’Investissement 14,20%; Banque et Caisse d’Epargne de l’Etat 12% en Post Luxembourg 5,27%.
- Encevo, als belangrijkste aandeelhouder van Creos, is een holding, gebaseerd op drie pijlers, vertegenwoordigd in drie verschillende entiteiten en hun respectieve dochterondernemingen:
(1)energievoorziening en productie van hernieuwbare energie via Enovos,
(2)netbeheer via Creos en
(3)energiegerelateerde diensten (gedistribueerde productie, energie-efficiëntie, ecologische mobiliteit ...) via Teseos Luxembourg. Enovos is de belangrijkste energieleverancier van Luxemburg en is ook actief in Duitsland, Frankrijk en België. De missie van Enovos bestaat uit twee hoofdpijlers: aan de ene kant levert Enovos elektriciteit, aardgas en hernieuwbare energie aan een breed scala van klanten, waaronder industriële klanten, kmo's en particuliere huishoudens. Anderzijds, is Enovos ook actief in de ontwikkeling van duurzame energieprojecten.
- De raad van bestuur van Balansys is vandaag samengesteld uit14: - Mevrouw Ilse Geudens, werknemer bij Fluxys Belgium, - De heer Rafaël Van Elst, werknemer bij Fluxys Belgium, - De heer José Ghekière, naast lid van de raad van bestuur van Balansys, eveneens managing director van Balansys en werknemer bij Fluxys Belgium, - De heer Carlo Bartocci, lid van het managementteam Creos, - De heer Marc Meyer, hoofd van Asset Service department bij Creos. 4.
- ONAFHANKELIJKHEID
- De onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris wordt door de wetgever onder andere bepaald op basis van de vaststelling dat de nalevingsfunctionaris in het jaar voor zijn benoeming noch direct, noch indirect een professionele activiteit of verantwoordelijkheid heeft uitgeoefend, geen belang of zakelijke betrekkingen heeft gehad met een vestiging van het verticaal geïntegreerd bedrijf dat functies van productie of levering verricht of een onderdeel daarvan en/of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen, andere dan de beheerder van een aardgasvervoersnet.
- De onafhankelijkheid van een nalevingsfunctionaris betekent ook dat hij gedurende de volledige duur van het mandaat geen financiële belangen mag bezitten van Balansys, noch in bedrijven die een functie van levering of productie van aardgas verrichten en die rechtstreeks of onrechtstreeks aangehouden worden door de aandeelhouders van Balansys. 14 https://www.balansys.eu/gouvernance/ Niet-vertrouwelijk 13/17
- In haar verklaring van 6 mei 2025 (Bijlage 3 van huidige beslissing) heeft mevrouw Valérie Vandegaart gemeld dat zij: - De onafhankelijkheidsvereisten zoals bedoeld in artikel 15/2ter, § 1, van de gaswet en van het door ACER goedgekeurd nalevingsprogramma van Balansys respecteert; - In het jaar voorafgaand aan haar benoeming en dit zelfs sinds 8 juli 2016 tot op heden direct noch indirect, een professionele activiteit of verantwoordelijkheid heeft uitgeoefend, geen belang of zakelijke betrekkingen heeft gehad met een verticaal geïntegreerd bedrijf dat de functies van productie en/of levering verricht of een onderdeel daarvan en/of met de aandeelhouders die er zeggenschap over uitoefenen, andere dan de beheerder van het aardgasvervoersnet; - Zich ertoe engageert om gedurende de ganse periode van haar komend mandaat geen financiële intresten (obligaties, aandelen en andere financiële titels) te zullen bezitten van Balansys, noch van ondernemingen actief zijn in levering en productie van aardgas, noch rechtstreeks of onrechtstreeks van de aandeelhouders van Balansys.
- Ander criterium waaraan de onafhankelijkheid van de nalevingsfunctionaris dient getoetst te worden, is dat de nalevingsfunctionaris van Balansys zijn bevoegdheden en taken onpartijdig moet kunnen uitoefenen ten aanzien van Balansys en diens aandeelhouders. Dit betekent dat de nalevingsfunctionaris op een neutrale en onafhankelijke wijze zijn taken moet kunnen uitvoeren en op basis van objectieve criteria zijn beslissingen moet kunnen nemen. De CREG heeft op basis van de jaarlijkse verslagen die mevrouw Vandegaart in haar hoedanigheid van nalevingsfunctionaris van Balansys neerlegt bij de CREG, kunnen vaststellen dat zij haar mandaat op een onafhankelijke wijze tot op heden heeft kunnen waarnemen.
- Met bijlage 4 van huidige beslissing verklaart mevrouw Valérie Vandegaart dat zij: - Kennis heeft genomen van alle regulatoire documenten van Balansys die door de CREG worden goedgekeurd; - Sinds haar initiële benoeming op 8 juli 2016 geen tegenstrijdigheden heeft kunnen vaststellen in wat in de regulatoire documenten is opgenomen en de praktische toepassing ervan, noch inbreuken op het nalevingsprogramma, zoals werd goedgekeurd door Acer op 16 oktober
- Evenmin werd het nalavingsprogramma sindsdien gewijzigd. Het nalevingsprogramma en de goedgekeurde regulatoire documenten zijn eveneens beschikbaar op de website van Balansys. Met deze verklaring toont mevrouw Valérie Vandegaart aan dat zij haar mandaat met de vereiste onafhankelijkheid kan uitoefenen. De jaarlijkse rapportering aan de CREG bevestigen dit ook. De CREG stelt ook vast dat aan de voorwaarden van artikel 65, leden 2 tot en met 8, van de Richtlijn (EU)2024/1788 die van toepassing zijn op de nalevingsfunctionaris is voldaan. De CREG heeft geen verdere opmerkingen. Niet-vertrouwelijk 14/17 4.
- BEROEPSBEKWAAMHEID VAN DE NALEVINGSFUNCTIONARIS
- Inzake beroepsbekwaamheid leest de CREG in het Curriculum Vitae van mevrouw Valérie Vandegaart (Bijlage 2 van huidige beslissing)15: Valérie Vandegaart, afgestudeerd aan de UCL, werd in 1998 lid van de Brusselse balie waar ze haar professionele carrière begon. Ze legde zich meteen toe op publiek en administratief recht, waaronder milieurecht en stedenbouwkundig recht. Van 2003 tot 2013 werkte ze als bedrijfsjurist in de energiesector, eerst voor de beheerder van het Belgische transmissienet voor elektriciteit en daarna voor een van de grootste Belgische producenten en leveranciers van energie. Valérie heeft specifieke en operationele ervaring in energierecht, in het bijzonder met betrekking tot gereguleerde activiteiten, marktmechanismen en hernieuwbare energie. Sinds juni 2016 is ze Compliance Officer van Balansys, een gemeenschappelijke onderneming die werd opgericht door Creos Luxembourg (50 %) en Fluxys Belgium (50 %). Balansys staat in voor de balancering van de geïntegreerde markten voor H-gas in Luxemburg en België en de markten voor L-gas in België. Dankzij haar uitgebreide kennis van de operationele realiteit waarmee beheerders van gereguleerde markten te maken hebben, biedt Valérie advies dat theoretische uitmuntendheid combineert met praktische relevantie, in het bijzonder op het vlak van energie- en milieurecht. De CREG stelt ook vast dat aan de voorwaarden van artikel 65, leden 2 tot en met 8, van de Richtlijn (EU)2024/1788 die van toepassing zijn op de nalevingsfunctionaris is voldaan. De CREG heeft geen verdere opmerkingen. 4.
- VOORWAARDEN MANDAAT VAN DE NALEVINGSFUNCTIONARIS
- [VERTROUWELIJK] (bijlage 1 van huidige beslissing). De CREG heeft hierop geen opmerkingen. [VERTROUWELIJK]
- Aangaande de tweede alinea van artikel 12 van de overeenkomst (dat ongewijzigd is gebleven), herhaalt de CREG haar opmerking gemaakt in haar beslissing van 22 juni 2016, zijnde paragraaf 59, dat in geval beroep gedaan wordt op een derde persoon (natuurlijk of rechtspersoon), deze derde persoon het mandaat van nalevingsfunctionaris pas kan opnemen nadat de CREG hierover haar goedkeuring heeft gegeven overeenkomstig artikel 15/2ter, § 1, van de gaswet. 15 Vrije vertaling naar het Nederlands. Niet-vertrouwelijk 15/17
- CONCLUSIE Met toepassing van artikel 15/2ter, § 1, eerste lid van de wet van 12 april 1965, betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen en gezien de analyse in deel 4 van deze beslissing, beslist de CREG de aanvraag van de NV Balansys tot benoeming van mevrouw Valérie Vandegaart als nalevingsfunctionaris van de NV Balansys voor een nieuwe periode van drie jaar goed te keuren. Met toepassing van artikel 15/2ter, § 1, tweede lid van de wet van 12 april 1965, betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen, keurt de CREG de voorwaarden betreffende het mandaat, met inbegrip van de duur van zijn mandaat, voor een nieuwe periode van drie jaar goed. Beide goedkeuringen treden in werking op de datum van huidige beslissing. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Ilse TANT Directeur Niet-vertrouwelijk Koen LOCQUET Voorzitter van het Directiecomité 16/17 BIJLAGE 1 [VERTROUWELIJK] BIJLAGE 2 Curriculum Vitae mevrouw Valérie Vandegaart – Frans BIJLAGE 3 Verklaring mevrouw Valérie Vandegaart betreffende de onafhankelijkheid – Frans – 6 mei 2025 BIJLAGE 4 Verklaring mevrouw Valérie Vandegaart betreffende de regulatoire documenten van Balansys – Frans – 6 mei 2025 BIJLAGE 5 Reactie Febeliec – Nederlands - mail van 4 juli 2025 Niet-vertrouwelijk 17/17