← België

Beslissing over het voorstel van Elia Transmission Belgium N.V. tot wijziging van de modaliteiten en voorwaarden voor de aanbieders van balanceringsdi

(B)3035 21 oktober 2025 Beslissing over het voorstel van Elia Transmission Belgium N.V. tot wijziging van de modaliteiten en voorwaarden voor de aanbieders van balanceringsdiensten of “BSP” (Balancing Service Provider) voor mFRR genomen met toepassing van de artikelen 5

(4)c) van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering en met toepassing van artikel 3 van de gedragscode elektriciteit, laatst vastgesteld door de CREG bij beslissing (B)2984 van 9 oktober 2025 Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 4 1 Wettelijk kader ................................................................................................................................ 6 1.1 Europees recht ....................................................................................................................... 6 1.2 Belgisch recht ......................................................................................................................... 8 2 Antecedenten ................................................................................................................................ 10 3 Openbare raadpleging ................................................................................................................... 11 4 3.1 Algemeen ............................................................................................................................. 11 3.2 Bespreking van de openbare raadpleging van 28 mei 2025 tot en met 30 juni 2025 ......... 12 3.2.1 Algemene opmerkingen ................................................................................................ 12 3.2.2 Settlement- en factuurprocessen .................................................................................. 14 3.2.3 Deelname van laagspanningsleveringspunten via headmeters .................................... 15 3.2.4 Uitrol van aFRR/mFRR-combinaties .............................................................................. 16 3.2.5 Verkorting van het tijdsvenster voor een prekwalificatietest ....................................... 16 3.2.6 Biedingsverplichting ...................................................................................................... 17 3.2.7 Voorwaarden voor Leveringspunten ............................................................................. 17 3.2.8 Prekwalificatie ............................................................................................................... 18 onderzoek van het voorstel tot wijziging van de T&C BSP MFRR ................................................. 19 4.1 Artikel 2 – Implementatieplan ............................................................................................. 19 4.2 Artikel II.1 – Definities .......................................................................................................... 19 4.3 Artikel II.3 – Voorwaarden voor Leveringspunten ............................................................... 21 4.4 Artikel II.4 – Voorwaarden voor de toepassing van de Energieoverdracht ......................... 23 4.5 Artikel II.5 – Combineerbaarheidsvoorwaarden.................................................................. 23 4.6 Artikel II.7 – Prekwalificatietest ........................................................................................... 23 4.7 Artikel II.9 – Overdracht van verplichtingen ........................................................................ 24 4.8 Artikel II.10 – Indiening van mFRR-energiebieidngen.......................................................... 24 4.9 Artikel II.13 – Beschikbaarheidscontrole ............................................................................. 24 4.10 Artikel II.17 – Facturering en betaling.................................................................................. 24 4.11 Artikel II.19 – Contactpersonen ........................................................................................... 26 4.12 Bijlage 1 – Procedure voor de aanvaarding van een BSP..................................................... 27 4.13 Bijlage 2 – Procedure voor de aanvaarding van een leveringspunt..................................... 27 4.14 Bijlage 3 – Meetvereisten .................................................................................................... 27 4.15 Bijlage 4 – Lijst van leveringspunten .................................................................................... 27 4.16 Bijlage 5 – Communicatie-eisen ........................................................................................... 27 4.17 Bijlage 6 – Prekwalificatietest .............................................................................................. 27 Niet-vertrouwelijk 2/33 5 4.18 Bijlage 7 – Capaciteitsveilingen ............................................................................................ 28 4.19 Bijlage 8 – Overdracht van verplichtingen ........................................................................... 28 4.20 Bijlage 9 – Indiening van mFRR-Energiebieding................................................................... 28 4.21 Bijlage 10 – Activering .......................................................................................................... 28 4.22 Bijlage 11 – Beschikbaarheidstest........................................................................................ 28 4.23 Bijlage 12 – Activeringscontrole........................................................................................... 28 4.24 Bijlage 14 – Prikkels.............................................................................................................. 29 4.25 Bijlage 15- Imputatiestructuur ............................................................................................. 29 4.26 Bijlage 16 – Contactgegevens .............................................................................................. 29 Beslissing ....................................................................................................................................... 30 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 32 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 32 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 32 BIJLAGE 4 ............................................................................................................................................... 32 BIJLAGE 5 ............................................................................................................................................... 32 BIJLAGE 6 ............................................................................................................................................... 33 Niet-vertrouwelijk 3/33 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS (hierna de “CREG”) onderzoekt, met toepassing van de artikelen 5
(4)c), van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering (hierna: “EBGL”), de vraag van de netbeheerder, Elia Transmission Belgium (hierna: “Elia”) tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van voorwaarden voor de aanbieder van balanceringsdiensten voor Frequentieherstelreserves met manuele activering (hierna: “T&C BSP mFRR”), ingediend bij de CREG per brief van 17 juli 2025. Aan de brief van 17 juli 2025 zijn volgende bijlagen gevoegd: - Een voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR in het Nederlands, in het Frans en in het Engels, en dit zowel met als zonder track changes ten opzichte van de actuele goedgekeurde versie (Bijlage 1a en 1b van deze beslissing); - Een verklarende nota in het Engels (bijlage 2 van huidige beslissing) - Het raadplegingsverslag in het Engels, met inbegrip van alle ontvangen antwoorden (Bijlage 3 van deze beslissing). Dit voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR bevat volgende wijzigingen die verband houden met: - de verrekening- en factuurprocessen; - de deelname van laagspanningsleveringspunten via headmeters; - de uitrol van aFRR/mFRR-combinaties; - de digitale update van de contactgegevens van de BSP; - de verkorting van het tijdsvenster voor een prekwalificatietest; - de toepasselijkheid van de biedingsverplichting; - de regels voor het definiëren van leveringspunten DPsu gekoppeld aan een Technical Facility; - het afstemmen van de bewoordingen tussen de verschillende BSP-contracten. Op 25 september 2025 heeft Elia de impact van de voorgestelde wijzigingen T&C BSP aFRR, mFRR en FCR op de doelstellingen van de EBGL meegedeeld aan de CREG (Bijlage 4 van huidige beslissing). Op 29 september 2025 heeft Elia aan de CREG aanvullende wijzigingsvoorstellen doorgegeven voor bijlage 15 van de T&C BSP mFRR, waarin de toewijzingscodes worden beschreven die bij het factureringsproces worden gebruikt. Deze aanvullende wijzigingen vloeien voort uit de voorgestelde wijzigingen van artikel II.17 betreffende het factureringsproces (Bijlage 5 bij deze beslissing). Op respectievelijk 10 oktober 2025 en 16 oktober 2025 heeft de CREG het voorstel tot wijziging van de T&C BSP aFRR en het erratum aan de beslissing van 10 oktober 2025 goedgekeurd bij beslissing (B)3034. Niet-vertrouwelijk 4/33 Op 2 oktober 2025 heeft Elia een presentatie gegeven in de WG Energy Solutions tijdens dewelke o.m. het implementatieplan met Go-live data voor de Settlement en factuurprocessen besproken werd met de marktspelers (Bijlage 6 van deze beslissing). Onderhavige beslissing bestaat uit vijf hoofdstukken. Het eerste hoofdstuk schetst het wettelijk kader. Het tweede hoofdstuk verduidelijkt de antecedenten. Het derde hoofdstuk behandelt de openbare raadpleging. In het vierde hoofdstuk wordt het voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR onderzocht. Het laatste hoofdstuk heeft de eigenlijke beslissing als voorwerp. Deze beslissing werd door het Directiecomité van de CREG genomen op 21 oktober 2025. Niet-vertrouwelijk 5/33 1 WETTELIJK KADER 1.1 EUROPEES RECHT 1. Overeenkomstig artikel 5.4, c), van de EBGL moeten de voorstellen voor de voorwaarden voor balancering, zoals bepaald in artikel 18 ter goedkeuring voorgelegd worden aan de regulerende instantie van de lidstaat, in casu de CREG. De lidstaten kunnen een advies indienen bij de CREG over het voorstel. 2. Artikel 5.5, van de EBGL vermeldt verder dat: “Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor de implementatie ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van deze verordening. De implementatietermijn mag niet langer zijn dan twaalf maanden na de goedkeuring door de relevante regulerende instanties, behalve als alle regulerende instanties overeenkomen om de implementatietermijn te verlengen of als andere termijnen worden voorgeschreven in deze verordening.” 3. Artikel 18.2, van de EBGL vervolgt dat de bedoelde voorwaarden ook de regels voor de opschorting en herneming van marktactiviteiten overeenkomstig artikel 36, van de verordening (EU) 2017/2196 van de Commissie van 24 november 2017 tot vaststelling van een netcode voor de noodtoestand en het herstel van het elektriciteitsnet (hierna: “E&R NC”) omvatten, alsook de regels voor verrekening in geval van marktopschorting overeenkomstig artikel 39, van de E&R NC, zodra deze zijn goedgekeurd overeenkomstig artikel 4 van de E&R NC. Op 18 december 2018 heeft Elia bij de CREG een voorstel ingediend bij de CREG voor goedkeuring. Het DC van de CREG heeft op datum van 19 september 2019 hierover een beslissing getroffen en het voorstel van Elia niet goedgekeurd. 4. Artikel 18.3, van de EBGL bepaalt verder dat elke transmissiesysteembeheerder (hierna: “TSB”) bij de opstelling van voorstellen voor voorwaarden voor BSP's als volgt te werk gaat: “
  1. a)hij pleegt overleg met de TSB's en DSB's die gevolgen kunnen ondervinden van die voorwaarden;
  2. b)hij neemt het kader voor de oprichting van Europese platforms voor de uitwisseling van balanceringsenergie en voor onbalansnetting, overeenkomstig de artikelen 19, 20, 21 en 22, van de EBGL in acht;
  3. c)hij betrekt andere distributiesysteembeheerders (hierna: “DSB's”) en andere belanghebbenden bij de opstelling van het voorstel en houdt rekening met hun standpunten, onverminderd de openbare raadpleging overeenkomstig artikel 10, van de EBGL.” 5. Overeenkomstig artikel 18.4, van de EBGL bevatten de voorwaarden voor BSP's het volgende: “
  4. a)bevatten redelijke balanceringsdiensten; en gerechtvaardigde eisen voor het aanbieden van
  5. b)maken het mogelijk verbruikersinstallaties, energieopslaginstallaties en elektriciteitsopwekkingsinstallaties te aggregeren in een programmeringszone om balanceringsdiensten aan te bieden onder de in lid 5, onder c), vermelde voorwaarden;
  6. c)stellen eigenaars van verbruikersinstallaties, derde partijen, eigenaars van installaties voor de opwekking van conventionele en hernieuwbare energie en eigenaars van energieopslaginstallaties in staat om BSP's te worden; Niet-vertrouwelijk 6/33
  7. d)schrijven voor dat elke balanceringsenergiebieding van een BSP wordt toegewezen aan één of meer BRP's om de berekening van een onbalans overeenkomstig artikel 49 mogelijk te maken.” 6. Overeenkomstig art 18.5, bevatten de voorwaarden BSP’s ook nog het volgende: “
  8. a)de regels voor het kwalificatieproces dat moet worden doorlopen om een BSP te worden overeenkomstig artikel 16;
  9. b)de regels, eisen en termijnen voor de inkoop en overdracht van balanceringscapaciteit overeenkomstig de artikelen 32, 33 en 34;
  10. c)de regels en voorwaarden om verbruikersinstallaties, energieopslaginstallaties en elektriciteitsopwekkingsinstallaties in een programmeringszone samen te voegen teneinde een BSP te worden;
  11. d)de eisen betreffende de gegevens en informatie die aan de connecterende TSB en, voor zover relevant, aan de reserveconnecterende DSB moeten worden verstrekt tijdens het prekwalificatieproces en de werking van de balanceringsmarkt;
  12. e)de regels en voorwaarden voor de toewijzing van elke balanceringsenergiebieding van een BSP aan één of meer BRP's overeenkomstig lid 4, onder d);
  13. f)de eisen betreffende de gegevens en informatie die aan de connecterende TSB en, voor zover relevant, aan de reserveconnecterende DSB moeten worden verstrekt om de verlening van balanceringsdiensten overeenkomstig artikel 154, leden 1 en 8, artikel 158, lid 1, onder e), artikel 158, lid 4, onder b), artikel 161, lid 1, onder f), en artikel 161, lid 4, onder b), van Verordening (EU) 2017/1485 te evalueren;
  14. g)de definitie van een locatie voor elk standaardproduct en elk specifiek product, rekening houdend met lid 5, onder c);
  15. h)de regels voor het bepalen van het volume aan balanceringsenergie dat moet worden verrekend met de BSP, overeenkomstig artikel 45;
  16. i)de regels voor de verrekening van BSP's, overeenkomstig hoofdstukken 2 en 5 van titel V;
  17. j)een maximumperiode voor de voltooiing van de verrekening van balanceringsenergie met een BSP, overeenkomstig artikel 45, voor elke periode voor onbalansverrekening;
  18. k)de gevolgen van de niet-naleving van de voorwaarden die van toepassing zijn op BSP's.” 7. Overeenkomstig art 18.7, van de EBGL mag elke connecterende TSB volgende punten opnemen in het voorstel voor de voorwaarden voor BSP's of in de voorwaarden voor BRP's: “
  19. a)de eis dat BSP's informatie verstrekken over ongebruikte opwekkingscapaciteit en andere balanceringshulpbronnen van BSP's, na de gate-sluitingstijd van de day-aheadmarkt en de gate-sluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt;
  20. b)voor zover gerechtvaardigd, de eis dat BSP's de ongebruikte productiecapaciteit of andere balanceringshulpbronnen aanbieden via balanceringsenergiebiedingen of biedingen voor het geïntegreerde programmeringsproces op de balanceringsmarkten na de gatesluitingstijd van de day-aheadmarkt, zonder afbreuk te doen aan de mogelijkheid voor BSP's om hun balanceringsenergiebiedingen te wijzigen vóór de BE-GCT of de ISP-GCT wegens handel op de intradaymarkt;
  21. c)voor zover gerechtvaardigd, de eis dat BSP's de ongebruikte productiecapaciteit of andere balanceringshulpbronnen aanbieden via balanceringsenergiebiedingen of biedingen voor het geïntegreerde programmeringsproces op de balanceringsmarkten na de gatesluitingstijd van de zoneoverschrijdende intradaymarkt; Niet-vertrouwelijk 7/33
  22. d)specifieke eisen met betrekking tot de positie van BRP's na het day-aheadtijdsbestek om te garanderen dat de som van hun interne en externe commerciële handelsprogramma's gelijk is aan de som van de fysieke opwekkings- en verbruiksplannen, daarbij rekening houdende met de compensatie van elektriciteitsverlies, voor zover relevant;
  23. e)een vrijstelling van de verplichting om informatie bekend te maken over de prijzen in balanceringsenergiebiedingen of balanceringscapaciteitsbiedingen omdat de TSB vreest dat dit tot marktmisbruik kan leiden, zoals bepaald in artikel 12, lid 4;
  24. f)een vrijstelling voor specifieke producten, zoals bepaald in artikel 26, lid 3, onder b), om de prijs van balanceringsenergiebiedingen vooraf vast te leggen in een overeenkomst voor balanceringscapaciteit overeenkomstig artikel 16, lid 6;
  25. g)een aanvraag voor het gebruik van dubbele prijsstelling voor alle onbalansen op basis van de voorwaarden die zijn vastgesteld overeenkomstig artikel 52, lid 2, onder d), punt i), gebaseerd op de methodologie voor de toepassing van dubbele prijsstelling overeenkomstig artikel 52, lid 2, onder d), punt ii).” 8. Aangezien Elia geen centraal dispatchingmodel toepast, vindt artikel 18.8, van de EBGL geen toepassing. 9. Tot slot, artikel 18.9, van de EBGL meldt dat elke TSB erop toe ziet dat alle partijen de in de balanceringsvoorwaarden uiteengezette eisen nakomen binnen zijn programmeringszone(s). 10. Met toepassing van artikel 5.1, van de EBGL heeft de CREG de bevoegdheid om alvorens de voorwaarden of methodologieën goed te keuren, het ingediende voorstel te herzien, na raadpleging van Elia, om ervoor te zorgen dat het voorstel in overeenstemming is met het doel van de EBGL en bijdraagt tot marktintegratie, non-discriminatie, effectieve mededinging en de goede werking van de markt. 11. Met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL heeft de TSB die verantwoordelijk is voor het opstellen van een voorstel voor voorwaarden of methodologieën, of de regulerende instanties die verantwoordelijk zijn voor de vaststelling daarvan overeenkomstig artikel 5, leden 2, 3 en 4, het recht om te verzoeken de voorwaarden of methodologieën te wijzigen. De voorstellen voor wijzigingen van de voorwaarden of methodologieën worden overeenkomstig de procedure van artikel 10 ter raadpleging voorgelegd en worden goedgekeurd overeenkomstig de in de artikelen 4 en 5 uiteengezette procedure. 1.2 12. BELGISCH RECHT Voor huidige beslissing zijn volgende bepalingen van de gedragscode elektriciteit van belang: “Art. 3. § 1. Worden aan de goedkeuring van de CREG onderworpen, volgens de procedure van paragraaf 2 en onverminderd de Europese netcodes en richtsnoeren, de ontwerpen van type-overeenkomsten, evenals de wijzigingen ervan, voor: …
  26. d)het verstrekken van ondersteunende diensten aan de transmissienetbeheerder; Art. 4. § 1. De transmissienetbeheerder bepaalt, op transparante en niet-discriminerende wijze, in de type-overeenkomsten bedoeld in artikel 3, § 1, de wederzijdse rechten en verplichtingen van toepassing op de transmissienetbeheerder en de medecontractant betreffende het voorwerp van de betrokken type-overeenkomst. De type-overeenkomsten beantwoorden ten minste aan de volgende structuur: Niet-vertrouwelijk 8/33 1° het voorwerp van de overeenkomst; 2° de algemene voorwaarden van toepassing op de transmissienetbeheerder en de medecontractant; 3° de specifieke voorwaarden van toepassing op de transmissienetbeheerder en de medecontractant; 4° de bijlagen. … § 5. De algemene voorwaarden van toepassing op de transmissienetbeheerder en de medecontractant bedoeld in paragraaf 1, 2°, bevatten ten minste: 1° de bepalingen inzake de behandeling van vertrouwelijke informatie, 2° de bepalingen inzake de wederzijdse aansprakelijkheid, 3° de bepalingen inzake het toepasselijk recht en de behandeling van geschillen, 4° de bepalingen inzake de inwerkingtreding en duur van het contract. Art. 180. De transmissienetbeheerder pleegt overleg met de lokale transmissienetbeheerders en de publieke distributienetbeheerders om een typesamenwerkingsovereenkomst op te stellen die onder meer de rechten, verplichtingen, verantwoordelijkheden, evenals de procedures en praktische modaliteiten bepaalt betreffende: … 12° de bepalingen en de uitwisselingsmodaliteiten van metingen en meteropnames. De transmissienetbeheerder pleegt met de lokale transmissienetbeheerders en de publieke distributienetbeheerders overleg om de gegevens betreffende uitgewisselde energie per kwartuur van iedere balanceringsverantwoordelijke, en in voorkomend geval van die laatste lokale transmissienetbeheerders en de publieke distributienetbeheerders en van elke aanbieder van balanceringsdiensten, te ontvangen om onder meer het onevenwicht van iedere balanceringsverantwoordelijke in de regelzone af te rekenen overeenkomstig het tarief bepaald overeenkomstig artikel 12 van de wet en de tarifaire methodologie en, in voorkomend geval, de afrekeningen mogelijk te maken met betrekking tot de energieoverdracht, rekening houdend met de regels die de CREG hiervoor heeft bepaald; …” 13. Zijn daarnaast ook van belang de artikelen 210 tot en met 220, van Titel 8.2, Boek 8 – Ondersteunende diensten, gedragscode elektriciteit. 14. Tot slot bepaalt artikel 242, gedragscode elektriciteit: “Art. 242. Tot de datum van inwerkingtreding van de eerstvolgende wijziging van de betrokken type-overeenkomst(
  27. en)voor balanceringsdiensten waarin al dan niet eisen worden bepaald met toepassing van artikel 18.7,
  28. b)of c), van de Europese richtsnoeren EBGL, dient het beschikbare opwaartse of neerwaartse actieve vermogen te worden aangeboden door een aanbieder van balanceringsdiensten, aangesteld overeenkomstig artikel 218, onder de vorm van aanbiedingen van balanceringsenergie aan de transmissienetbeheerder voor: 1° elke elektriciteitsproductie-eenheid waarvan het maximaal vermogen groter is dan of gelijk is aan 25 MW; 2° elke energieopslagfaciliteit, van het type C of D maximumcapaciteitsdrempelwaarden in het technisch reglement.” Niet-vertrouwelijk overeenkomstig de 9/33 2 ANTECEDENTEN 15. De T&C BSP mFRR bestaan uit twee delen, te weten: - Deel 1: het doel, de reikwijdte en het uitvoeringsplan; Deel 2: het BSP-contract mFRR, u opgedeeld in algemene en specifieke voorwaarden, met 16 bijlagen 16. Op 18 juni 2018 heeft Elia bij de CREG voor de eerste maal drie voorstellen van T&C BSP aFRR, mFRR en FCR ingediend voor goedkeuring. Bij beslissing (B)2000/2 van 20 december 2019 heeft de CREG met toepassing van de artikelen 6.1 en 6.3 van de EBGL, het gewijzigd voorstel van T&C BSP mFRR goedgekeurd. 17. Bij beslissing (B) 2405 van 2 juni 2022 heeft de CREG het voorstel tot wijziging van de BSP mFRR goedgekeurd. Deze goedkeuring houdt een afwijking in van de termijn voor het gebruik van het Europese mFRR-balanceringsenergieplatform om redenen van moeilijkheden die Elia en de marktdeelnemers ondervonden bij de tenuitvoerlegging van de ontwikkeling van technische oplossingen, noodzakelijk om effectief gebruik te kunnen maken van het Europese mFRR-platform. Met dit voorstel wordt een maximale duur van de afwijking goedgekeurd, namelijk twee jaar. 18. Bij beslissing (B)2527 van 30 maart 2023 werd het voorstel van Elia tot wijziging van de algemene voorwaarden van de type-overeenkomsten voor de programmaverantwoordelijkheid op het transmissienet (OPA), de verantwoordelijkheid voor de niet-beschikbaarheidsplanning op het transmissienet (SA), de balanceringsdiensten FCR, de balanceringsdiensten mFRR en de hersteldiensten (RSP) goedgekeurd. 19. Op 29 februari 2024 keurt de CREG een voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR goed bij beslissing (B)2755. Het goedgekeurd voorstel betreft wijzigingen aan de T&C BSP mFRR in het kader van het MARI-project en wijzigingen aan de regels voor de compensatie van kwartieronevenwichten in het kader van de projecten MARI en PICASSO en de transfer naar de voorwaarden voor evenwichtsverantwoordelijken van de bepalingen met betrekking tot het onevenwichtstarief. 20. Op 17 juli 2025 heeft Elia een voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR ingediend bij de CREG voor goedkeuring. Dit voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR bevat volgende wijzigingen met betrekking tot: - het afwikkelings- en facturatieprocessen; de deelname van laagspanningsleveringspunten via headmeters; de uitrol van aFRR/mFRR-combinaties; de digitale update van de contactgegevens van de BSP; de verkorting van het tijdsvenster voor een prekwalificatietest; de toepasselijkheid van de biedingsverplichting; de regels voor het definiëren van leveringspunten DPsu gekoppeld aan een Technical Facility; het afstemmen van de bewoordingen tussen de verschillende BSP-contracten. 21. Op 25 september 2025 heeft Elia de impact van de voorgestelde wijzigingen T&C BSP aFRR, mFRR en FCR op de doelstellingen van de EBGL meegedeeld aan de CREG (Bijlage 4 van huidige beslissing). Op 29 september 2025 heeft Elia aan de CREG aanvullende wijzigingsvoorstellen doorgegeven voor bijlage 15 van de T&C BSP mFRR, waarin de toewijzingscodes worden beschreven die bij het Niet-vertrouwelijk 10/33 factureringsproces worden gebruikt. Deze aanvullende wijzigingen vloeien voort uit de voorgestelde wijzigingen van artikel II.17 betreffende het factureringsproces (Bijlage 5 bij deze beslissing). 3 OPENBARE RAADPLEGING 3.1 ALGEMEEN 22. Elia heeft een openbare raadpleging georganiseerd van 28 mei 2025 tot en met 30 juni 2025 betreffende het voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR. 23. 24. Elia heeft vier niet-vertrouwelijke reacties ontvangen, te weten van : i. Centrica (in het Engels); ii. FEBEG (in het Engels); iii. Febeliec (in het Engels); iv. Fluvius (in het Engels). Daarnaast heeft Elia geen vertrouwelijke reactie ontvangen op de openbare raadpleging. 25. De opmerkingen van de marktpartijen en de antwoorden van Elia hierop betreffende het voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR zijn in het consultatieverslag opgenomen. Daarnaast heeft Elia de reacties van de marktpartijen geanalyseerd en indien zij hiermee akkoord ging, verwerkt in het voorstel tot wijziging van T&C BSP mFRR. De individuele antwoorden die Elia tijdens deze openbare raadpleging ontving en het consultatierapport van 17 juli 2025 wordt aan het aanvraagdossier tot goedkeuring van het voorstel van Elia toegevoegd. 26. De CREG zal hieronder enkel de reacties van de marktpartijen en van het antwoord van Elia bespreken wanneer de CREG hierop opmerkingen heeft en/of het hiermee niet eens is. 27. Met toepassing van artikel 40, eerste lid, 2°, van zijn huishoudelijk reglement zal het directiecomité van de CREG met het oog op het nemen van een beslissing, geen openbare raadpleging organiseren wanneer de netbeheerder reeds een effectieve openbare raadpleging organiseerde over het voorwerp van de beslissing van het directiecomité. In dat geval zorgt het directiecomité ervoor dat het geheel van documenten en informatie betreffende de raadpleging, de antwoorden alsmede een verslag waarin geantwoord wordt op de ontvangen opmerkingen, aan hem worden overgemaakt. Met toepassing van artikel 40, derde lid, van het huishoudelijk reglement van het directiecomité van de CREG wordt onder een “effectieve openbare raadpleging” begrepen een raadpleging op de website van de organisator ervan, waarbij alle partijen die geregistreerd zijn op deze website onverwijld per nieuwsbrief of e-mailbericht geïnformeerd worden van het lanceren van de raadpleging, die gemakkelijk toegankelijk is vanuit de startpagina van deze website, die voldoende gedocumenteerd is en die een redelijke antwoordtermijn laat. De voornoemde door Elia georganiseerde openbare raadpleging over het voorstel van Elia vonden plaats op de website van Elia, alle partijen geregistreerd op deze website werden ingelicht van de lancering van de raadplegingen, deze waren gemakkelijk toegankelijk via de gebruikelijke webpagina Niet-vertrouwelijk 11/33 “Publieke consultaties” en voorzagen een redelijke antwoordtermijn van een maand. De antwoorden op de raadpleging en het consultatierapport van 17 juli 2025 werd door Elia aan de CREG bezorgd (bijlage 3). De openbare raadpleging van 28 mei 2025 tot en met 30 juni 2025 duurde 33 kalenderdagen. Om deze redenen beschouwt het directiecomité van de CREG de door Elia uitgevoerde openbare raadpleging als effectief en op grond van artikel 23, § 1, van zijn huishoudelijk reglement beslist de CREG om, in het kader van de huidige beslissing en met toepassing van artikel 40, eerste lid, 2°, van zijn huishoudelijk reglement, zelf geen (nieuwe) openbare raadpleging te organiseren voorafgaand aan de huidige beslissing. 3.2 BESPREKING VAN DE OPENBARE RAADPLEGING VAN 28 MEI 2025 TOT EN MET 30 JUNI 2025 3.2.1 Algemene opmerkingen 28. Centrica vraagt een gedetailleerde implementatieplanning met duidelijke tijdstippen wanneer de voorgestelde wijzigingen toegepast zullen worden. Daarenboven acht Centrica het noodzakelijk dat de nodige technische documentatie tijdig gepubliceerd wordt. Elia verwijst naar de indicatieve planningen die ze gecommuniceerd heeft in het kader van de relevante werkgroepen. Evenwel Elia erkent ook dat deze indicatieve planning geen concrete data van implementatie bevatten. Elia stelt dat ze naar best vermogen zich zal inspannen om de nodige technische documentatie beschikbaar te stellen aan de BSPs. 29. De CREG steunt de vraag van Centrica, en vraagt aan Elia om een finale, gedetailleerde implementatieplanning te communiceren aan alle belanghebbenden, in de schoot van de Werkgroep Balancing Design & Solutions, dat rekening houdt met de tijd die marktdeelnemers nodig hebben om zich voor te bereiden op de voorgestelde wijzigingen (paragraaf 64 van de huidige beslissing). De CREG vraagt, met uitzondering voor wat wordt uiteengezet in paragraaf 30 van deze beslissing, aan Elia om de implementatiedata opgenomen in de gedetailleerde implementatieplanning mede te delen aan de CREG, zodat de CREG haar controle kan uitvoeren overeenkomstig artikel 5.5, van de EBGL. 30. De CREG stelt vast dat na indiening van huidig voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR Elia een indicatieve planning met go-live data over de implementatie van de Settlement- en factuurprocessen heeft besproken met de marktdeelnemers tijdens de Working Group Balancing Design & Solutions van 2 oktober 2025 (Bijlage 6 van deze beslissing). Marktdeelnemers hebben hierop geen bezwaren of bezorgdheden geuit. Rekening houdende hiermee stelt de CREG ook vast dat de golive data voor de implementatie van de Settlement- en factuurprocessen voldoende duidelijk zijn voor de marktdeelnemers en stelt de CREG daarnaast ook vast dat de go-live data binnen de maximale termijn van implementatie voorzien in artikel 5.5 van de EBGL, vallen. 31. Febeg stelt dat een gelijk speelveld ontbreekt, tussen de mFRR leveringspunten die aangesloten zijn op verschillende spanningsniveaus en tussen expliciete niet-gecontracteerde biedingen en impliciete reacties. Febeg haalt als voorbeeld het prikkelmechanisme aan, die, ondanks een engagement van Elia, niet verder besproken wordt met marktdeelnemers. Elia erkent dat het spanningsniveau geen drijfveer is om een onderscheid te maken in de regels die van toepassing zijn op leveringspunten die mFRR leveren. Echter verduidelijkt Elia dat er wel een onderscheid gemaakt kan worden als dit gemotiveerd wordt op basis van (of Niet-vertrouwelijk 12/33 op risico van) systeemveiligheid of indien het gaat om leveringspunten die aangesloten zijn op distributienetniveau. Elia bevestigt dat de discussies opnieuw verdergezet moeten worden zoals voorgesteld in de Working Group Balancing Design & Solutions van 10 juni 2025. De CREG gaat akkoord dat systeemveiligheid mogelijks een onderscheid in de toepassing van regels zou kunnen motiveren. Echter, dit vereist dat een metriek betreffende systeemveiligheid als differentiërend criterium expliciet opgenomen wordt in de regels, dan eenvoudigweg te verwijzen naar het spanningsniveau. De CREG vraagt aan Elia om, samen met Febeg, te identificeren welke regels aanleiding geven tot een verschillende behandeling van leveringspunten aangesloten op een verschillend spanningsniveau, daarnaast ook te identificeren of dit verschil gerechtvaardigd is omwille van systeemveiligheid. Rekening houdende met het resultaat hiervan, vraagt de CREG aan Elia om in een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR ofwel de relevante regel te verwijderen ofwel de rechtvaardiging aan de CREG mee te delen en op basis daarvan in het eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR een voorstel uit te werken dat het criterium van systeemveiligheid gebruikt en niet het spanningsniveau van aansluiting voor de verschillende behandeling van leveringspunten. 32. Fluvius vraagt een wijziging van de definitie van “Pool”, aangezien er geen lijst van Leveringspunten opgenomen is in het FSP-DSO contract, dat een regulatoir contract is dat door de gewestelijke regulatoren, meer specifiek de VNR wordt goedgekeurd. Elia antwoordt dat ze begrijpt dat het FSP-DSO contract slechts de bepalingen bevat om leveringspunten, aangesloten op het distributienet toe te voegen aan de pool van de BSP, en niet de leveringspunten zelf. Echter stelt Elia dat er geen wijzigingen nodig zijn. De CREG ondersteunt de vraag van Fluvius om de verwijzing naar het FSP-DSO contract te herzien. Echter, de CREG is het niet eens met Fluvius om in de T&C BSP mFRR te verwijzen naar de definitie “Pool” in het FSP-DSO-contract. Ten eerste keurt de CREG dit contract niet goed. Ten tweede dienen, overeenkomstig artikel 18.4.
  29. a)van de EBGL, de T&C BSP mFRR alle redelijke en gerechtvaardigde eisen te bevatten voor het aanbieden van balanceringsdiensten. De CREG is van mening dat een definitie “Pool” opgenomen moet worden in het T&C BSP mFRR contract. 33. Fluvius stelt voor om dezelfde definitie te gebruiken als deze die reeds aanwezig is in het FSPDSO contract. Deze definitie luidt als volgt: “geheel van de Dienstverleningspunten voor flexibiliteit die de FSP mag activeren in het kader van de Flexibiliteitsdiensten. Voor elk Dienstverleningspunt van flexibiliteit dat deel uitmaakt van de Pool, bevat deze alle administratieve en technische informatie met het oog op een correcte uitvoering van de onderhavige overeenkomst (o.a. EAN, adres, plaats van het meetpunt, betrokken Flexibiliteitsdiensten, beperkingen, de flexibiliteitsmiddelen, meet- en telmodaliteiten, …).”. De CREG stelt vast dat deze definitie voorwaarden bevat waaraan de leveringspunten moeten voldoen alvorens ze deel kunnen nemen aan de mFRR-dienst. Dit is strijdig met de EBGL. Daarnaast stelt de CREG vast dat de lijst van voorwaarden niet-exhaustief is. Tot slot, is de CREG van mening dat de definitie moet verwijzen naar de voorwaarden die gelden om leveringspunten te mogen activeren. Gegeven het bovenstaande herziet de CREG, met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL na raadpleging van Elia dat heeft plaats gehad op 19 september 2025 de definitie van ‘Pool’ in haar geheel en dit als volgt: “het geheel van Leveringspunten van een BSP, die voldoen aan de voorwaarden voor Leveringspunten zoals opgenomen in het BSP Contract mFRR". De herziening van de definitie “Pool” brengt op die manier de T&C BSP mFRR in overeenstemming met het doel van de EBGL en draagt bij tot marktintegratie, non-discriminatie, effectieve mededinging en de goede werking van de markt. Niet-vertrouwelijk 13/33 34. Daarnaast is de CREG er zich van bewust dat Elia toegang dient te hebben tot alle informatie betreffende de leveringspunten die deel uitmaken van een Pool van een BSP. Daarom vinden de artikelen II.3.14 tot en met II.3.19 van de T&C BSP mFRR ook toepassing op leveringspunten die aangesloten zijn op het publiek distributienet en moet een gepast communicatieplatform voor de communicatie uitwisseling tussen BSP en Elia van alle relevante gegevens met betrekking tot leveringspunten uitgewerkt worden. Aldus beschikt Elia over alle relevante informatie betreffende de leveringspunten inclusief deze die zijn aangesloten op een publiek distributienet, om te verzekeren dat Elia haar wettelijke taken van onder andere de verrekening, controle, en prekwalificatie van de balanceringsdienst die geleverd wordt door leveringspunten, effectief kan uitvoeren. De CREG vraagt bijgevolg aan Elia om voorgaande principes van toepassing op leveringspunten, aangesloten op de publieke distributienetten op te nemen in de T&C BSP mFRR tegen een eerstvolgende voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR. 35. Fluvius meldt ook dat de aanmelding van leveringspunten aangesloten op het publiek distributienet ontbreekt. Elia antwoordt dat de aanmelding niet beschreven staat in de T&C BSP mFRR. De CREG is het eens met de opmerking van Fluvius, en vraagt aan Elia om tegen een eerstvolgend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR de aanmeldingsprocedure en -vereisten voor leveringspunten aangesloten op het publiek distributienet, op te nemen in de T&C BSP mFRR conform Titel 6 van Deel IV van de SOGL. De CREG verwijst hierbij ook naar haar opmerking in paragraaf 33 van deze beslissing. 3.2.2 Settlement- en factuurprocessen 36. Centrica en Febeg verwelkomen het self-billing proces zoals voorgesteld door Elia, met als doel de financiële processen die horen bij de mFRR-dienstverlening te versnellen. Centrica benadrukt echter het belang om voldoende tijd te voorzien zodat BSPs in staat gesteld worden om het nieuwe systeem te kunnen implementeren. Elia geeft aan dat BSPs reeds op de hoogte zijn gebracht van de voorgestelde veranderingen tijdens verschillende workshops, en begeleid zijn bij de voorbereiding van de tests die gepland staan voor september 2025, met het oog op het gebruik van het nieuwe systeem vanaf november 2025. Elia bevestigt opnieuw haar bereidheid om de BSP gedurende deze hele overgang te ondersteunen. De CREG ondersteunt de vraag van Centrica, maar verwijst in deze ook naar paragraaf 30 van de huidige beslissing. 37. Febeg wenst dat Elia de kennisgeving aan de CREG versoepelt in geval van een eventueel meningsverschil met een BSP dat na 60 dagen onderhandelen nog niet is opgelost. Febeg stelt voor dat artikel II.17.6 voorziet in de mogelijkheid, en niet in de verplichting, voor Elia om de CREG te informeren, indien Elia van oordeel is dat de onderhandelingen onredelijke lang duren. Elia heeft dit voorstel van Febeg aanvaard en heeft het voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR na openbare raadpleging dienovereenkomstig aangepast. De CREG gaat niet akkoord met de wijziging die Elia voorstelt na raadpleging ten gevolge van de opmerking van Febeg. De opmerking van Febeg voorkomt geen verzending van facturen, hetgeen door Febeg als reden van haar reactie werd opgeworpen. Het voorstel van Elia dat voorgelegd werd aan de openbare raadpleging maakt daarbij ook geen wederzijds overeenstemming tussen BSP en Elia onmogelijk. Het voorstel voorgelegd aan openbare raadpleging stelt duidelijk dat, ondanks de Niet-vertrouwelijk 14/33 rapportering aan de CREG, Elia en de BSP nog steeds hun onderhandelingen zullen verderzetten gedurende 30 kalenderdagen en dat nadien een geschillenbeslechtingsprocedure nog steeds mogelijk is. Het voorstel voorgelegd aan de openbare raadpleging bevat daarenboven ook geen enkele voorwaarde waaraan Elia of de BSP gebonden zouden zijn ten gevolge van deze melding aan de CREG. De opmerking van Febeg verhindert bovendien een transparante informatiedoorstroming naar de CREG, wat problematisch is op vlak van de uitvoering van de toezichtstaken door de CREG, zoals onder meer het garanderen van een gelijke behandeling tussen BSPs. De CREG kan bijgevolg de wijzigingen die Elia ten opzichte van het geraadpleegde voorstel heeft aangebracht, als antwoord op de bovenstaande reactie van Febeg, niet goedkeuren. De CREG vraagt aldus aan Elia om, alvorens de publicatie van de goedgekeurde wijzigingen van de T&C BSP mFRR, de oorspronkelijke tekst die ter raadpleging werd voorgelegd terug op te nemen in de T&C BSP mFRR. Verder verwijst de CREG ook naar paragraaf 71 stap 3b van deze beslissing. 38. Yuso stelt dat de beperking in de tijd van de discussies tussen Elia en de BSP in het nadeel zou zijn van de BSP. Elia antwoordt met een engagement om altijd te streven naar een collaboratieve oplossing. De CREG is van oordeel dat 60 kalenderdagen in geval van betwisting van de verslagen, aan beide partijen voldoende tijd biedt om tot een overeenstemming te komen. Na de 60 kalenderdagen, genieten BSP en Elia nog eens over 30 kalenderdagen met nadien de mogelijkheid het geschil voor te leggen aan de geschillenbeslechtigingsprocedure. Daarnaast zal de CREG ook toezicht uitoefenen vanwege de meldingsplicht waartoe Elia zich engageert. De CREG verwijst verder naar paragraaf 37 van deze beslissing. 3.2.3 Deelname van laagspanningsleveringspunten via headmeters 39. Febeg heeft geen commentaar op de deelname van laagspanningsleveringspunten aan het mFRR-mechanisme, maar is van mening dat, gezien de inherente complexiteit van deelname aan expliciete flexibiliteitsmechanismen, vooral de deelname van deze leveringspunten via impliciete mechanismen moet worden nagestreefd. Elia geeft aan dat de evolutie van de deelname van laagspanningsleveringspunten aan expliciete en impliciete markten nauwlettend zal worden gevolgd om een adequate prioritisering te garanderen De CREG neemt nota van het antwoord van Elia en vraagt haar om regelmatig verslag uit te brengen over de resultaten van haar monitoring binnen de Working Group Balancing Design & Solutions. 40. Febeliec staat zeer positief tegenover de wijzigingen die de deelname van laagspanningsleveringspunten aan het mFRR-mechanisme vergemakkelijken, maar is ook van mening dat er nog tal van belemmeringen moeten worden weggenomen om een echte deelname van deze leveringspunten mogelijk te maken. Febeliec vraagt Elia ook om de situatie voortdurend op te volgen en om na te gaan of bepaalde veronderstellingen, zoals bijvoorbeeld dat alle leveringspunten die deel uitmaken van een laagspanningsleveringspuntgroep (DPG) deelnemen aan de levering van de mFRRdienst, niet kunnen worden gewijzigd als blijkt dat dit de werking van de markt ten goede komt. Elia bevestigt haar bereidheid om de evolutiebehoeften van de mFRR-diensten nauwlettend op te volgen om de deelname van de marktdeelnemers, ook op laagspanning, te vergroten. De CREG neemt nota van het antwoord van Elia en vraagt haar om de resultaten van haar opvolging regelmatig mee te delen aan de Working Group Balancing Design & Solutions. Niet-vertrouwelijk 15/33 3.2.4 Uitrol van aFRR/mFRR-combinaties 41. Centrica staat zeer gunstig tegenover de verbetering met betrekking tot de combinatie van aFRR- en mFRR-diensten, maar benadrukt de noodzaak van transparantie bij de toewijzing van fouten. Centrica is ook ingenomen met de uitbreiding van deze combinatie van diensten naar DPpg's. 42. Febeg is ook voorstander van de uitbreiding naar DPpg's, maar nodigt Elia uit om breder na te denken over het verschil tussen DPsu's en DPpg's in termen van rechten en plichten, maar ook in termen van IT-specificaties. Febeg is van mening dat dit kunstmatige onderscheid moet worden opgeheven, wat de concurrentie zou verbeteren en de processen zou vereenvoudigen. Elia neemt nota van de opmerking van Febeg, maar wijst erop dat BSP's, indien mogelijk, al leveringspunten kunnen gebruiken (bijvoorbeeld bij een algemene activeringscontrole), maar dat het onderscheid voor energieaanbiedingen hen de mogelijkheid biedt om te voorkomen dat aanzienlijke hoeveelheden energie niet beschikbaar zou zijn vanwege de locatie van bepaalde DPpg's in congestiegebieden. De CREG verwijst naar paragraaf 80 van de beslissing (B)3034 van 10 oktober 2025. 43. Febeliec is voorstander van de wijzigingen met betrekking tot de combinatie van aFRR- en mFRRdiensten met gebruikmaking van hetzelfde leveringspunt, maar herhaalt haar verzoek om meerdere FSP's toe te staan om dezelfde of meerdere flexibiliteitsdiensten (eventueel gecombineerd) te leveren vanuit hetzelfde leveringspunt. Febeliec is van mening dat een dergelijke maatregel de werking van de markt zou verbeteren. Elia staat open voor elk voorstel dat de liquiditeit van de balanceringsmarkten zou vergroten, maar het voorstel van Febeliec zou een gedetailleerde analyse vereisen, zowel wat betreft de potentiële impact als de haalbaarheid. Er zou moeten worden gezorgd voor een eerlijke verdeling van de winst of de penaliteit in verband met de activering. Elia stelt voor om deze suggestie te onderzoeken tijdens bilaterale besprekingen. De CREG neemt nota van het antwoord van Elia en vraagt haar om de resultaten van deze bilaterale besprekingen aan de CREG mee te delen. 3.2.5 Verkorting van het tijdsvenster voor een prekwalificatietest 44. Centrica, Febeg en Febeliec staan positief tegenover het voorstel van Elia om het tijdsvenster voor mFRR-prekwalificatietests te verkorten. De CREG neemt nota van de positieve reacties van de marktdeelnemers. Niet-vertrouwelijk 16/33 3.2.6 Biedingsverplichting 45. Febeg betreurt dat de biedverplichting alleen van toepassing is op bepaalde type-eenheden, namelijk eenheden met een maximaal vermogen van meer dan 25 MW, en beschouwt dit als een vorm van discriminatie. Yuso vraagt Elia naar de mogelijkheid voor BESS om hun beschikbare capaciteit te gebruiken voor het balanceren van het portfolio van hun BRP om bij te dragen aan het algemene evenwicht van het systeem. Elia neemt nota van de opmerking van Febeg en wijst op het belang van de biedingsverplichtingen voor het behoud van het evenwicht in het net. Elia herinnert Yuso eraan dat de verplichting tot het indienen van biedingen met betrekking tot het beschikbare vermogen op de gatesluitingstijd van de mFRR-energiemarkt tot gevolg heeft dat er geen vermogen kan worden gereserveerd voor latere acties na de gatesluitingstijd, zoals realtime portfoliobalancering, impliciete bijdragen aan het systeemevenwicht en/of transacties op de intradaymarkt. Elia wijst er echter ook op dat artikel II.10.14 van de mFRR BSP T&C een BSP toelaat om, na de Gate Closure Time van de mFRR-balansenergiemarkten, en uiterlijk 5 minuten voor de start van het betreffende kwartier, het niet-gecontracteerde volume dat op de mFRR-energiemarkt wordt aangeboden, te verminderen, op voorwaarde dat de BSP de vaste intentie heeft om een of meer DP's te gebruiken voor zelfbalancering of voor transacties op de intradaymarkt. De CREG aanvaardt het antwoord van Elia op de feedback van Yuso. De CREG merkt in deze context op dat de volledige expliciete deelname van alle beschikbare balanceringsmiddelen aan de balanceringsmarkt tot de laagste systeemkosten leidt. 3.2.7 Voorwaarden voor Leveringspunten 46. Febeg uit haar bezorgdheid over de impact van de door Elia voorgestelde wijzigingen aan de voorwaarden voor de leveringspunten (Artikel II.3.2). Febeg interpreteert de wijziging met betrekking tot PPM namelijk als een oplegging van de DPsu-status aan alle PPMs, ongeacht hun maximale vermogen (“Een DPsu-leveringspunt wordt gedefinieerd door PPM”) en maakt zich zorgen over de gevolgen voor reeds aangesloten PPMs die geen DPsu zijn. Febeg is van mening dat een wijziging van de T&C aFRR- of mFRR geen invloed zou mogen hebben op het feit of een PPM al dan niet een DPsu is. Elia antwoordt dat de voorgestelde wijziging niet bedoeld is om de definitie van een DPsu te wijzigen, maar om het bestaande kader te verduidelijken door de definities van leveringspunten zoals toegepast in de OPA-voorwaarden en SA-voorwaarden op elkaar af te stemmen. Elia bevestigt dat de voorgestelde wijzigingen geen invloed zouden moeten hebben op het feit of een PPM al dan niet een DPsu is. De CREG is van mening dat de reactie van Febeg een misverstand betreft. Immers, uit het antwoord van Elia blijkt dat het geenszins de bedoeling is om de BSP te verplichten een DPsu te bepalen voor alle sPGMs. De CREG heeft niettegenstaande begrip voor de opmerking van Febeg, aangezien de voorgestelde wijziging inderdaad geïnterpreteerd zou kunnen worden zoals Febeg het leest . De CREG verwijst verder naar haar bespreking van het gewijzigd artikel II.3 in deel 4.3 van deze beslissing. Niet-vertrouwelijk 17/33 3.2.8 Prekwalificatie 47. Febeliec benadrukt dat het huidige prekwalificatieproces, dat zij als te conservatief beschouwt, een toegangsbarrière vormt voor industriële processen, aangezien deze processen verliezen veroorzaken die inherent zijn aan de activiteit van deze actoren en die moeten worden gedekt door deelname aan flexibiliteitsdiensten. Febeliec blijft voorstander van prekwalificatietests met betrekking tot communicatiemiddelen en protocollen, in combinatie met een kwalificatie op basis van de levering van diensten, met sancties in geval van niet-conformiteit. Elia is van mening dat deze opmerking buiten het kader van het huidige wijzigingsvoorstel valt, maar neemt niettemin nota van de opmerking. Elia geeft aan open te staan voor een analyse van de mogelijkheden voor prekwalificatie “in-the-market” en werkt aan de wijziging van de prekwalificatieprocedures in het kader van de “balancing”-roadmap van 2026. De CREG neemt nota van het antwoord van Elia. Niet-vertrouwelijk 18/33 4 ONDERZOEK VAN HET VOORSTEL TOT WIJZIGING VAN DE T&C BSP MFRR 4.1 ARTIKEL 2 – IMPLEMENTATIEPLAN 48. Elia stelt voor om de voorgestelde wijzigingen op verschillende momenten in werking te laten treden om redenen dat de voorgestelde wijzigingen van de T&C BSP mFRR uit verschillende pakketten bestaan, met name:
  30. a)De wijzigingen van de T&C BSP mFRR met betrekking tot het afwikkelings- en facturatieproces voor capaciteits- en activatievergoeding, die in het turkoois gemarkeerd zijn, treden in werking na goedkeuring door de CREG;
  31. b)De wijzigingen van de T&C BSP mFRR met betrekking tot het afwikkelings- en facturatieproces voor controles en prikkels, die groen gemarkeerd zijn, treden in werking ten vroegste één maand na goedkeuring door de CREG, maar niet vóór april 2026;
  32. c)De wijzigingen van de T&C BSP mFRR met betrekking tot de deelname van laagspanningsleveringspunten via headmeters, die geel gemarkeerd zijn, zullen ten vroegste één maand na goedkeuring door de CREG in werking treden. De exacte datum zal ook worden vastgelegd rekening houdend met de voltooiing van de ontwikkeling van de noodzakelijke ITsystemen zodat Elia en de DNB's de mFRR-balanceringsdienst kunnen implementeren voor laagspanningsleveringspunten via Headmeters. De geschatte voltooiingsdatum voor deze ontwikkelingen is het eerste kwartaal van 2026.
  33. d)De wijzigingen van de T&C BSP mFRR met betrekking tot de uitrol van aFRR/mFRRcombinaties in activatie op Leveringspunten DPPG, die grijs gemarkeerd zijn, zullen ten vroegste één maand na goedkeuring door de CREG in werking treden. De exacte datum zal worden vastgelegd door Elia rekening houdend met de voltooiing van de ontwikkeling van de noodzakelijke IT-systemen zodat Elia de mFRR-balanceringsdienst kan implementeren voor aFRR/mFRRcombinaties in activatie op Leveringspunten DPPG. De geschatte voltooiingsdatum voor deze ontwikkelingen is midden 2026.
  34. e)Alle andere wijzigingen van de T&C BSP mFRR zullen op hetzelfde moment als onder
  35. a)in werking treden. 49. Niettegenstaande het bovenstaande, stelt de CREG vast dat concrete go-live data ontbreken. Ook ontbreken de uiterste data tegen wanneer de go-live gerealiseerd moet zijn. Dit maakt het onmogelijk voor de CREG om de implementatietermijn bedoeld in artikel 5
(5)van de EBGL te verifiëren. De CREG vraagt bijgevolg aan Elia om een gedetailleerde implementatieplanning waarin de concrete, desnoods uiterste go-live data zijn opgenomen, mede te delen aan de CREG, zodat de CREG haar controle kan uitvoeren overeenkomstig artikel 5.5, van de EBGL. 4.2 ARTIKEL II.1 – DEFINITIES
  1. De CREG stelt vast dat de relevante terminologie die gebruikt wordt in Europese regelgeving ontbreekt (bijvoorbeeld, reserveleverende eenheid of groep). Niet-vertrouwelijk 19/33 De CREG stelt ook vast dat nationale terminologie behouden blijft (bijvoorbeeld DPsu- of DPpgleveringspunt, Technical Unit of Technical Facility, of mFRR-Energiebieding). De CREG is van mening dat de T&C BSP mFRR zo veel mogelijk gebruik moet maken van bestaande terminologie en definities die hun basis terugvinden in Europese wetgeving, tenzij een afwijking gerechtvaardigd wordt. De CREG herhaalt haar vraag aan Elia om bij de eerstvolgende wijziging van de T&C BSP mFRR, het gebruik van Europese terminologie te verkiezen boven het gebruik van nationale terminologie. Met andere woorden, de terminologie in EU-wetgeving, die ook als basis dient om de plichten, rechten, en voorwaarden van Europese regelgeving te beschrijven, dienen in een eerstvolgend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR duidelijk gedefinieerd te zijn in de T&C BSP mFRR, op risico van afkeuring.
  2. Elia definieert de termen “BSP-kredietnota”, “BSP-factuur” en “Elia-factuur”. De CREG heeft geen inhoudelijke opmerkingen op deze definities. Echter vraagt de CREG aan Elia om, alvorens de publicatie van de Franstalige versie van de T&C BSP mFRR te het gebruik van de termen “BSP-facture”, “Elia-facture”, en “BSP-note de crédit” te verbeteren en aan te passen naar “Facture BSP”, “Facture Elia” en “Note de crédit BSP”, alvorens de goedgekeurde wijzigen van de T&C BSP mFRR gepubliceerd worden.
  3. Elia voegt de termen “Power Park Module” (hierna: “PPM”) en “Synchronous Power Generating Module” (hierna: “sPGM”) toe en verwijst naar dezelfde termen als gedefinieerd in de netcode ‘Requirements for Generators’
  4. Echter beperkt Elia de definitie van “Power Park Module” tot één type primaire energiebron, terwijl deze beperking niet aanwezig is in artikel 2
(17)van de NC Requirements for Generators (hierna: “RfG”). De CREG stelt ook vast dat nationale terminologie behouden blijft (bijvoorbeeld DPsu- of DPpgleveringspunt, Technical Unit of Technical Facility, of mFRR-Energiebieding). Gegeven het bovenstaande herziet de CREG, met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL na raadpleging van Elia dat heeft plaats gehad op 19 september 2025 de definitie van ‘Power Park Module’ als volgt: “Zoals gedefinieerd in artikel 2
(17)van Verordening 2016/631 van 14 april 2016 (de RfG, Verordening);” De herziening van de definitie “Power Park Module” brengt op die manier de T&C BSP mFRR in overeenstemming met het doel van de EBGL en draagt bij tot marktintegratie, non-discriminatie, effectieve mededinging en de goede werking van de markt. Verder voegt de CREG in het kader van herziening de nieuwe definitie van “PPMp” toe, opgevat als “een PPM die beperkt is tot één primaire energiebron.” Ten slotte vervangt de CREG de term “PPM” door “PPMp” (of equivalent) overal in de T&C BSP mFRR waar deze wordt vermeld, met name in het eerste opsommingsteken van artikel II.3.7 van de T&C BSP mFRR.
  1. In de Franstalige en de Engelstalige versies van het voorstel tot wijziging, wijzigt Elia de definitie van “Federaal Technisch Reglement” om de datum van het relevante Koninklijk Besluit aan te passen (29 november 2024 in plaats van 22 april 2019) en om de termen “en de toegang ertoe” te verwijderen, maar niet in de Nederlandstalige versie van het voorstel. De CREG vraagt aldus alvorens de goedgekeurde wijzigingen van de T&C BSP mFRR gepubliceerd worden op de website van Elia dat Elia deze wijzigingen ook in de Nederlandstalige versie van de T&C BSP mFRR doorvoert. Deze aanpassing beschouwt de CREG als een materiële verbetering. Niet-vertrouwelijk 20/33
  2. Elia voegt de term “Belasting-frequentieregelblok, of ‘LFC Block’” toe en verwijst naar dezelfde term als gedefinieerd in artikel 3
(18)van de SOGL. De CREG aanvaardt deze wijziging.
  1. Elia voegt de term “mFRR Groep van Laagspannings-Leveringspunten", “mFRR supplied”, “Submeter”, en “Energieoverdracht, of ‘ToE’” toe. De CREG aanvaardt deze wijzigingen.
  2. Tot slot, voegt Elia de term “Pool” toe. Verwijzend naar paragraaf 33 van de huidige beslissing, herziet de CREG de definitie van ‘Pool’ in haar geheel en dit als volgt: “het geheel van Leveringspunten van een BSP, die voldoen aan de voorwaarden voor Leveringspunten zoals opgenomen in het BSP Contract mFRR". Deze herziening brengt de T&C BSP mFRR op die manier in overeenstemming met het doel van de EBGL waarvan de definitie PPMp een onderdeel is van de definitie PPM. 4.3 ARTIKEL II.3 – VOORWAARDEN VOOR LEVERINGSPUNTEN
  3. Elia voegt in artikel II.3.2 van de T&C BSP mFRR regels toe voor de toewijzing van Leveringspunten aan Technical Facilities die op het Elia-net of op een CDS zijn aangesloten. Zo stelt Elia voor dat voor elke Technical Unit van de sPGM een Leveringspunt moet worden bepaald. Ook stelt Elia voor dat één Leveringspunt per power park module (PPM) moet worden vastgelegd, maar laat de mogelijkheid toe om meerdere Leveringspunten per PPM vast te leggen in geval meerdere BRPs aangeduid worden achter het toegangspunt én indien zulke toewijzing in onderling overleg is overeengekomen tussen Elia en de BSP. Dezelfde structuur van Leveringspunten in het BSP-contract moet dus gebruikt worden als de structuur van Leveringspunten in het BRP-contract.
  4. Elia licht tijdens de vergadering van 19 september 2025 toe dat deze toevoeging een verduidelijking is van een bestaande praktijk en dat dezelfde tabel ook wordt gebruikt in het T&C SA contract, goedgekeurd door de CREG, om te verduidelijken hoe een DPsu-leveringspunt bepaald moet worden. De CREG stelt hetzelfde vast als Elia.
  5. De CREG is er echter niet van overtuigd dat er coherentie tussen de verschillende T&Cs verzekerd moet worden door regels die gerechtvaardigd worden binnen het ene contract, te dupliceren naar het andere contract. Dit zorgt voor verwarring, aangezien de contracten van toepassing zijn tussen Elia en de verschillende marktrollen (BRP-BSP-SA-OPA) waardoor de reden om de regels toe te passen mogelijks niet gemotiveerd wordt door het regulatoir kader dat dit contract omkadert. Zo hebben de T&C BSP als doel om de marktgebaseerde dienstverlening binnen de gehele LFC Zone en binnen Continentaal Europa te faciliteren. Daarentegen beogen de T&C SA als doel het lokaal congestiebeheer, i.e. op niveau van een aansluitingspunt in het net, te beheren. Beide T&Cs hebben dus een duidelijk verschillend objectief. Conform de EBGL kunnen leveringspunten, in de context van de T&C BSP mFRR, bestaan uit productieeenheden, vraagfaciliteiten en opslageenheden, al dan niet aangesloten aan hetzelfde aansluitingspunt. In contrast hiermee zijn leveringspunten, in de context van de T&C SA, beperkt tot significante netgebruikers, conform de SOGL. Bovenstaande wilt niet zeggen dat de CREG gekant is tegen het verzekeren van coherentie tussen contracten. Evenwel is de CREG van mening dat bepaalde voorwaarden die gerechtvaardigd kunnen worden binnen de context, het objectief en de regulatoire omkadering van het T&C SA-contract, zich best bevinden in dit T&C SA-contract. Door dezelfde regel expliciet op te nemen in het T&C BSP mFRR contract, dient deze regel geëvalueerd te worden als mogelijks extra belemmering voor de deelname aan de groothandelsmarkten, waardoor deze ook grondig gemotiveerd moet worden als absoluut noodzakelijk ten opzichte van mogelijke alternatieven waarbij bijvoorbeeld Elia zelf de noodzakelijke coherentie garandeert. Niet-vertrouwelijk 21/33
  6. De CREG verwijst ook naar haar opmerking in paragraaf 50 van deze beslissing, waarin de CREG vraagt aan Elia om geen onderscheid meer te maken tussen DPsu- en DPpg-leveringspunten in het kader van de deelname aan de balanceringsmarkten, aangezien alle leveringspunten gelijk behandeld moeten worden. De toevoeging van de voorgestelde tabel voldoet niet aan deze vraag.
  7. Omwille van bovenstaande redenen, keurt de CREG de voorgestelde wijziging in artikel II.3.2 af.
  8. Elia wijzigt ook artikel II.3.7, door de term ‘elektriciteitsproductie-eenheid’ te vervangen door ‘sPGM of PPM’. Het doel van deze wijziging is om het toepassingsgebied van de biedverplichting te verduidelijken. Vooreerst herhaalt1 de CREG dat de deelname aan de balanceringsmarkten aantrekkelijker gemaakt moet worden dan eerder beroep te doen op een biedverplichting. Indien BSPs hun middelen liever niet inzetten of liever impliciet inzetten buiten de balanceringsmarkt om, dan betekent dit onmiskenbaar dat de voorwaarden om deel te nemen aan de balanceringsmarkt en/of de risico’s hierbij horend onaantrekkelijk zijn voor BSPs. Elia heeft een voorstelbevoegdheid over deze beide aspecten van de balanceringsmarkt. De CREG herhaalt dus opnieuw haar vraag aan Elia om prioritair werk te maken de deelname aan de balanceringsmarkten aantrekkelijker te maken alvorens extra verplichtingen op te leggen aan BSPs. De CREG keurt de voorgestelde wijziging in artikel II.3.7 wel goed, aangezien de voorgestelde wijziging geen inhoudelijke wijziging betreft, maar een vervanging van de term ‘elektriciteitsproductie-eenheid’ door naar de definitie in artikel 2
(5)van Verordening (EU) 2016/631 van de Commissie van 14 april 2016 tot vaststelling van een netcode betreffende eisen voor de aansluiting van elektriciteitsproducenten op het net (hierna: “RfG Verordening”) te verwijzen. Daarenboven, gegeven hetgeen uiteengezet in paragraaf 52 van deze beslissing, beperkt Elia het toepassingsgebied van de biedverplichting tot enkel PPMs met één type primaire energiebron. De CREG is niet gekant tegen deze beperking. 63. Voetnoot 6 verduidelijkt dat Elia zich op de maximumcapaciteit van Technical Facilities aangesloten op het Elia-net, zoals opgenomen in het aansluitingscontract, zal baseren om de toepassing van de biedverplichting te evalueren. De CREG stelt evenwel vast dat de voetnoot 6 beperkt is tot Technical Facilities die aangesloten zijn op het federale transmissienet, het lokaal vervoersnet of op een CDS. Technical Facilities kunnen weliswaar ook aangesloten zijn op het publiek distributienet om deel te nemen aan de balanceringsmarkt. Niettegenstaande er op heden misschien nog geen Technical Facilities met een capaciteit van 25 MW of meer, aangesloten op het publiek distributienet, deelnemen aan de balanceringsmarkt, mogen de T&C BSP mFRR geen schijn van discriminatie op vlak van spanningsniveau bevatten. Als gevolg moet voetnoot 6 spanningsneutraal geformuleerd worden. Om deze reden herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL en na raadpleging van Elia voetnoot 6 als volgt: “Voor Technical Facilities die op het Elia-net of op een CDS zijn aangesloten, is de gebruikte maximumcapaciteit in het Aansluitingscontract vermeld. Voor Technical Facilities aangesloten op een publiek distributienet, wordt de gebruikte maximumcapaciteit gecommuniceerd aan de transmissienetbeheerder Elia tijdens het mFRR-prekwalificatieproces krachtens artikel 159
(3)van de SOGL-.” 1 Zie onder meer paragraaf 50 van beslissing (B)2755 van 29 februari 2024 en paragraaf 36 van beslissing (B)2748 van 22 februari 2024 Niet-vertrouwelijk 22/33 Met deze herziening wordt de discriminatie in voetnoot 6 weggewerkt om in overeenstemming te zijn met de doelstellingen van de EBGL, meer bepaald het non-discriminatie principe. De praktische modaliteiten van de informatie-uitwisseling dient opgenomen te worden in de relevante samenwerkingsovereenkomst dat afgesloten wordt tussen Elia en de distributienetbeheerders.
  1. Tot slot stelt de CREG vast dat op verscheidene plaatsen in het T&C BSP mFRR-contract nog een verwijzing naar externe documenten (zoals onder meer het FSP-DSO contract) gebeurt. De CREG verwijst naar haar opmerking in paragraaf 39 van beslissing (B)2817 van 12 juli 2024, waarin ze stelt dat, luidens artikel 18 van de EBGL, externe documenten geen vereisten mogen bevatten die binnen de perimeter van de T&C BSP mFRR vallen. Als dit wel zo zou zijn, laat de CREG gelden dat deze vereisten in deze externe documenten niet van toepassing zijn zolang ze niet ter goedkeuring zijn voorgelegd aan de CREG. De CREG vraagt aan Elia om in het eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR de verwijzingen naar externe documenten te beperken, en die te verwijderen wanneer ze vereisten bevatten die binnen de perimeter van de T&C BSP mFRR vallen. Dit principe heeft Elia al toegepast in de T&C BSP aFRR, meer bepaald in artikel II.3.
  2. Met deze verwijdering uit de T&C BSP aFRR heeft Elia de inconsistentie met artikel 159
(3)van de SOGL, dat stelt dat de vereiste informatie van potentiële FRR-leverende eenheden of groepen bij de reserveconnecterende transmissiesysteembeheerder ingediend moet worden, teniet gedaan. Door te verwijzen naar het FSP-DSO-contract werd namelijk de indruk gewekt dat dit contract gelegenheden zou regelen die Unierecht aan de transmissienetbeheerder toevertrouwd heeft, wat uiteraard niet het geval is. De CREG vraagt aan Elia om voor de T&C BSP mFRR dezelfde oefening te doen tegen een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR. 4.4
  1. ARTIKEL II.4 – VOORWAARDEN VOOR DE TOEPASSING VAN DE ENERGIEOVERDRACHT Elia voegt in artikel II.4 een verwijzing toe naar de nieuw voorgestelde bijlage 2D. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.5 ARTIKEL II.5 – COMBINEERBAARHEIDSVOORWAARDEN
  2. Elia schrapt het verbod dat een leveringspunt DPpg, dat in een mFRR-energieaanbod is opgenomen, ook in een mFRR-energieaanbod voor hetzelfde kwartier mag worden opgenomen De CREG heeft geen opmerkingen over de voorgestelde wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed 4.6 ARTIKEL II.7 – PREKWALIFICATIETEST
  3. Elia voegt een voorwaarde toe voor de deelname van een groep laagspanningsleveringspunten aan een prekwalificatietest, zijnde: het totale vermogen van de groep moet groter zijn dan 0,1 MW in de zin van de prekwalificatietest. Niet-vertrouwelijk 23/33 De CREG heeft geen opmerkingen over de voorgestelde wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.7 ARTIKEL II.9 – OVERDRACHT VAN VERPLICHTINGEN
  4. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.8 ARTIKEL II.10 – INDIENING VAN MFRR-ENERGIEBIEIDNGEN
  5. Elia voegt een voorwaarde toe voor de deelname van een groep laagspanningsleveringspunten aan een Supporting mFRR Providing Group zijnde: het totale vermogen van de groep moet groter zijn dan 0,1 MW, zowel opwaarts als neerwaarts. De CREG heeft geen opmerkingen over de aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.9
  6. ARTIKEL II.13 – BESCHIKBAARHEIDSCONTROLE Elia wijzigt de periode wanneer ze de beschikbaarheid controleert van M+2 naar M+
  7. De CREG aanvaardt deze wijziging, maar vraagt zich af waarom het nog steeds een maand duurt om de beschikbaarheidstest te controleren. Deze (lange) duurtijd tussen plaatsvinden van de beschikbaarheidstest en de controle ervan, leidt mogelijks tot een periode waarin de BSP een beschikbaarheidstest heeft gefaald maar nog steeds een vergoeding kan ontvangen voor de nietbeschikbare balanceringscapaciteit, althans volgens de beschikbaarheidstest. De beschikbaarheidstest dient om de werkelijk beschikbare balanceringscapaciteit te verifiëren en, op basis van het resultaat van de beschikbaarheidstest, de geprekwalificeerde balanceringscapaciteit te actualiseren, of de BSP in staat te stellen om de nodige acties te ondernemen zodat de beschikbaarheid van balanceringscapaciteit verbeterd wordt. De CREG vraagt aan Elia om, tegen een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR, te analyseren hoe de duurtijd tussen uitvoer en controle van de beschikbaarheidstest verminderd kan worden met als einddoel deze te reduceren tot één dag. 4.10 ARTIKEL II.17 – FACTURERING EN BETALING
  8. Elia stelt voor om via artikel II.17 een sneller factureringsproces in te voeren. Vooreerst wenst de CREG op te merken dat artikel I.5 ‘Facturering en betaling’ ongewijzigd is gebleven. Het algemeen principe opgenomen in artikel I.5.2 luidt als volgt: de betwisting van bedragen van facturen moet gebeuren binnen de 30 kalenderdagen na het einde van de maand waarin de factuur werd ontvangen. Vanaf dan geldt een termijn van 30 werkdagen om een akkoord te bereiken. Lukt dit niet dan geldt artikel I.13, zijnde geschillenbeslechting. Artikel II.17.2 stelt dat artikel I.5 toepassing vindt tenzij artikel II.17 anders bepaalt. Het factureringsproces voorzien in artikel II.17 kan als volgt worden samengevat: Niet-vertrouwelijk 24/33 Stap 1: uiterlijk op het einde van de kalendermaand M worden 7 documenten opgeladen op het gezamenlijk validatieplatform. Daarnaast verwittigt Elia de BSP telkens wanneer een verslag opgeladen wordt op het validatieplatform. De CREG is van oordeel dat artikel II.17.3 nauwkeuriger kan door ‘einde van de kalendermaand M’ te vervangen door ‘de laatste werkdag van de kalendermaand M’. Daarnaast stelt de CREG de vraag waarom Elia telkens naar de BSP een verwittiging moet versturen wanneer een document op het validatieplatform wordt opgeladen. Er wordt niet gepreciseerd wanneer deze verwittiging zal gebeuren. Bovendien moet de software van zo’n validatieplatform in staat zijn om automatisch een bericht te versturen naar de BSP. Tot slot, geldt overeenkomstig artikel II.17.4 een betwistingstermijn van 25 kalenderdagen die start de dag nadat de documenten zijn opgeladen en niet de dag na verwittiging door Elia aan de BSP. Tijdens een overleg met Elia, werd bevestigd dat de notificatie aan de BSP automatisch gebeurt door het validatieplatform op het moment dat Elia een verslag ter beschikking stelt. Daarom vraagt de CREG aan Elia om in een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR de laatste zin van artikel II.17.3 van de T&C BSP mFRR in die zin te wijzigen. Stap 2: de BSP beschikt over 25 kalenderdagen, te rekenen de dag na oplading van het document om dit document te betwisten. De betwisting moet gepaard gaan met een schriftelijke motivatie. De CREG is van oordeel dat de artikelen II.17.4 en II.17.5 herleid kunnen worden tot één enkel artikel. Bovendien is het onduidelijk in welke vorm de betwisting moet gebeuren. Daarnaast stelt de CREG de vraag of het validatieplatform de mogelijkheid biedt aan de BSP om hetzij goed te keuren, hetzij te verwerpen met opgave van reden van betwisting. Dit zou verder verduidelijkt moeten worden in een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR. Stap 3a: Bij goedkeuring of bij stilzwijgen door de BSP van de documenten opgeladen op het validatieplatform verstuurt Elia de corresponderende factuur (BSP- of Elia-factuur) of een BSPkredietnota naar de BSP overeenkomstig artikel I.5 en dit binnen de 10 dagen, te rekenen de dag na goedkeuring of te rekenen na 25 kalenderdagen bij niet-betwisting en niet uitdrukkelijke goedkeuring van het document dat als basis dient voor de opmaak van de factuur/kredietnota. De CREG verzoekt Elia om het begrip ’10 dagen’ in artikel II.17.7 te verduidelijken in hetzij kalenderdagen, hetzij werkdagen in een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR. De factuur ontvangen door de BSP biedt aan de BSP nog steeds de mogelijkheid om deze te betwisten overeenkomstig artikel I.5.1 (15 werkdagen) of hiertegen een bezwaar te uiten overeenkomstig artikel I.5.
  9. De betaling van de factuur moet gebeuren binnen de 15 kalenderdagen, te rekenen de dag na de laatste dag van de kalendermaand waarin de factuur werd ontvangen, conform artikel II.17.
  10. De betalingstermijn bedoeld in artikel I.5.2 zou dus geen toepassing vinden, alhoewel dit niet duidelijk in de tekst te lezen valt. Stap 3b: Bij betwisting van de documenten opgeladen op het validatieplatform door de BSP beschikken Elia en de BSP over 60 kalenderdagen om tot een overeenkomst te komen. Wordt geen overeenkomst bereikt binnen de 60 kalenderdagen dan zal Elia de corresponderende factuur of kredietnota versturen naar de BSP en dit binnen de 10 dagen na het verstrijken van de 60 kalenderdagen. In dat geval vindt artikel I.5.2 geen toepassing. M.a.w. er zou in principe niet betaald moeten worden, noch een bezwaar aangetekend te worden tegen de ontvangen factuur/kredietnota. Elia deelt echter aan de CREG mee dat de verstuurde facturen niettemin betaald moeten worden (zie stap 4 hieronder). De CREG kan over het niet bereiken van een overeenstemming ingelicht worden en partijen zetten hun onderhandelingen verder gedurende 30 kalenderdagen, met het oog op het bereiken van een Niet-vertrouwelijk 25/33 minnelijke schikking. Slagen partijen daarin niet dan kan toepassing gemaakt worden van de geschillenbeslechtingsprocedure overeenkomstig artikel I.
  11. De CREG laat gelden dat zij niet als arbiter kan tussenbeide komen om tot een oplossing te komen. Inzake het inlichten van de CREG over betwistingen verwijst de CREG in eerste instantie naar hetgeen reeds is uiteengezet is in paragraaf 37 van deze beslissing. Verder acht de CREG het ook nodig dat Elia op regelmatige basis, bijvoorbeeld trimestrieel de CREG een overzicht meedeelt over alle betwistingen, ook deze die binnen de 60 kalanderdagen zijn opgelost. Immers, de CREG stelt zich vragen bij de woordkeuze ‘met het oog op een minnelijke schikking’. Dit betekent dat partijen op zoek gaan naar een compromis en langs beide zijden al dan niet toegevingen gedaan worden. Met dit overzicht wenst de CREG inzicht te verwerven over de wijze waarop de minnelijke schikking getroffen wordt. De CREG zal naar aanleiding van de kennisgeving van huidige beslissing aan Elia, de praktische uitwerking van het overzicht verder met haar bespreken. Stap 4: In artikel II.17.10 leest de CREG dat facturen/kredietnota’s opgesteld met toepassing van artikel II.17.7 en II.17.8 betaald worden binnen de 15 kalenderdagen en dit in afwijking van artikel I.5.
  12. De CREG verneemt van Elia dat artikel II.17.10 in principe de betalingstermijn voorzien in artikel I.5.2 vervangt en dit voor alle facturen in het kader van deze BSP-overeenkomst in zijn geheel vervangt. De betalingstermijn van alle facturen bedraagt dus geen 30 kalenderdagen zoals bedoeld in artikel I.5.2 maar slechts 15 kalenderdagen. Verder blijkt dat de facturen sowieso betaald moeten worden ook deze die verstuurd worden na het niet bereiken van een akkoord na 60 kalenderdagen. De vraag is wat betaald moet worden aan gezien artikel I.5.2 de verplichting oplegt om enkel het niet-betwiste deel van de factuur te betalen. Uit wat voorafgaat, brengt het verder bestaan en ongewijzigd gebleven artikel I.5.2 verwarring en dient bijgevolg artikel I.5.
  13. ofwel geïntegreerd te worden in II.17, dan wel aangepast te worden en dit in een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR.
  14. Met betrekking tot het verslag van de beschikbaarheidstests, bedoeld in artikel II.17.3, vierde bullet punt, begrijpt de CREG, op basis van informele gesprekken met Elia, dat de berekening van de voorwaarden voor het slagen van de beschikbaarheidstest, zoals beschreven in artikel II.13.10 van de T&C BSP mFRR, expliciet opgenomen zullen worden in het verslag van de prikkels conform artikelen II.16.2 en II.16.3 van de T&C BSP mFRR. Gegeven het voorgaande, dat zich inschrijft in een volledig transparante informatieverschaffing aan de BSP, aanvaardt de CREG de voorgestelde wijzigingen. 4.11 ARTIKEL II.19 – CONTACTPERSONEN
  15. Elia stelt voor om de contactgegevens actueel te houden via het digitale klantenplatform van Elia of door het ingevulde model in Bijlage 16 uit te wisselen, en dit tijdens de geldigheidsduur van het BSP Contract mFRR. Het is voor de CREG onduidelijk of met de voorgestelde wijziging de contactgegevens die meegedeeld worden aan het digitaal klantenplatform al dan niet verschillend kunnen zijn van de contactgegevens opgesomd in het model van Bijlage
  16. De CREG beschouwt Bijlage 16 als een exhaustieve lijst van contactgegevens en vraagt aan Elia om dit ook te verduidelijken door artikel II.19.1 van de T&C BSP mFRR als volgt aan te passen alvorens de publicatie van de T&C BSP mFRR: “Overeenkomstig Art. I.9 van de Algemene Voorwaarden houden beide Partijen tijdens de geldigheidsduur van het BSP Contract mFRR de contactgegevens zoals opgenomen in Bijlage 16, actueel via het digitale klantenplatform van Elia of door het ingevulde model in Bijlage 16 uit te wisselen via mail.”. De CREG verwijst verder naar paragraaf 95 van deze beslissing. Niet-vertrouwelijk 26/33 4.12 BIJLAGE 1 – PROCEDURE VOOR DE AANVAARDING VAN EEN BSP
  17. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.13 BIJLAGE 2 – PROCEDURE VOOR DE AANVAARDING VAN EEN LEVERINGSPUNT
  18. Bijlage 2.H betreft een model voor een CDSO-verklaring. Dit model heeft onder meer als doel om een tijdelijke toestemming te verkrijgen van de deelname van een Leveringspunt in het gesloten distributienetwerk, van de CDSO. Door deze verklaring te ondertekenen, stemt de CDSO daarenboven ook toe om een overeenkomst met Elia af te sluiten en om Elia te informeren van een risico van volledige of gedeeltelijke belastingoverdracht. De CREG verwijst hier naar paragraaf 74 haar Beslissing (B)3034 van 10 oktober 2025 inzake de aanvraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de T&C BSP aFRR, waarin hetzelfde model voor CDSO-verklaring toegevoegd is (in Bijlage 2.G). De CREG verzoekt aldus Elia om bijlage 2H zo spoedig als mogelijk aan te passen zodat de bijlage in lijn gebracht wordt met artikel 182 van de SOGL. Deze vraag tot wijziging van de T&C BSP mFRR moet per voorstel door Elia bij de CREG worden ingediend voor goedkeuring tegen ten laatste 31 december
  19. 4.14 BIJLAGE 3 – MEETVEREISTEN
  20. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.15 BIJLAGE 4 – LIJST VAN LEVERINGSPUNTEN
  21. Elia voegt lijstmodellen toe voor de groepen laagspanningsleveringspunten.
  22. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.16 BIJLAGE 5 – COMMUNICATIE-EISEN
  23. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.17
  24. BIJLAGE 6 – PREKWALIFICATIETEST Elia voegt een verwijzing toe voor de groepen laagspanningsleveringspunten.
  25. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. Niet-vertrouwelijk 27/33 4.18 BIJLAGE 7 – CAPACITEITSVEILINGEN
  26. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.19 BIJLAGE 8 – OVERDRACHT VAN VERPLICHTINGEN
  27. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.20 BIJLAGE 9 – INDIENING VAN MFRR-ENERGIEBIEDING
  28. Elia past Bijlage 9 aan om de Groepen van Laagspannings-Leveringspunten in rekening te brengen.
  29. In Bijlage 9.D schrapt Elia het verbod voor een Leveringspunt DPpg, dat is opgenomen in een mFRR-Energieaanbod, om ook te worden opgenomen in een mFRR-Energieaanbod of in een Supporting mFRR Providing Group.
  30. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.21 BIJLAGE 10 – ACTIVERING
  31. Elia past Bijlage 10 aan om de Groepen van Laagspannings-Leveringspunten in rekening te brengen.
  32. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.22 BIJLAGE 11 – BESCHIKBAARHEIDSTEST
  33. Elia past Bijlage 11 aan om de Groepen van Laagspannings-Leveringspunten in rekening te brengen.
  34. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.23 BIJLAGE 12 – ACTIVERINGSCONTROLE
  35. Elia past de formules van Bijlage 12.E aan om rekening te houden met de mogelijkheid om een combinatie van aFRR- en mFRR-diensten te leveren.
  36. De CREG heeft geen opmerkingen op de door Elia aangebrachte wijzigingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. En outre, en référence au paragraphe 138 de la décision de la CREG (B)2755 du 29 février 2024, relatif aux incitants définis à l’Annexe 14 des T&C BSP mFRR, et étant donné les résultats de l’analyse réalisée Niet-vertrouwelijk 28/33 par Elia sur l’impact de ces incitants, qui ont été présentés à la CREG le 30 septembre 2025, la CREG confirme sa validation de ces incitants. 4.24 BIJLAGE 14 – PRIKKELS
  37. In het vorige voorstel tot wijziging van de BSP mFRR-voorwaarden, dat op 20 oktober 2023 bij de CREG werd ingediend, stelde Elia voor om de definities van de stimulansen in bijlage 14 te herzien. In haar beslissing (B)2755 van 29 februari 2024, paragraaf 138, heeft de CREG deze wijzigingen tijdelijk aanvaard en Elia gevraagd om de impact ervan gedurende 12 maanden op te volgen en te evalueren. Elia heeft de resultaten van haar analyses op 30 september 2025 aan de CREG voorgelegd. Uit de gepresenteerde resultaten blijkt dat de huidige stimulansen over het algemeen hun rol als stimulans voor de verbetering van de kwaliteit van de mFRR-dienst vervullen, terwijl ze voor de BSP's beperkte gemiddelde kosten met zich meebrengen. De analyse toont echter enkele belangrijke afwijkingen van het gemiddelde aan, in termen van niet-geleverde volumes en dus van de relatieve kosten van de stimulansen. Gezien de voorafgaande discussies over het evenwicht dat moet worden nagestreefd tussen de stimulans om een kwalitatief hoogwaardige mFRR-ondersteuning te leveren en het verminderen van de belemmeringen voor toegang tot de mFRR-markt, zou de CREG graag meer informatie ontvangen over bepaalde specifieke gevallen, die leerzaam zouden kunnen zijn. Bovendien vraagt de CREG zich af welk gewicht elk van de componenten van de stimulansen heeft in de uiteindelijke kosten voor de BSP's en wat de impact is van de stimulansen op de ingediende offertes (volumes en prijzen). De CREG verlengt dus haar goedkeuring van deze wijzigingen tot het volgende voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR. De CREG vraagt Elia om haar in tussentijd aanvullende informatie te verstrekken over a) de oorzaken van de aanzienlijke afwijkingen ten opzichte van de gemiddelde resultaten op het vlak van dienstkwaliteit, b) het gewicht van de verschillende componenten van de stimulansen, en c) de mogelijke impact van de invoering van de stimulansen op de volumes en prijzen van de mFRRaanbiedingen. 4.25 BIJLAGE 15- IMPUTATIESTRUCTUUR
  38. Elia wijzigt de imputatiestructuur om ze in lijn te brengen met de voorgestelde wijzigingen in artikel II.18 van de T&C BSP mFRR. De CREG heeft hierover geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijziging goed. 4.26 BIJLAGE 16 – CONTACTGEGEVENS
  39. Elia stelt voor om de contactgegevens voor de BSP op te vragen per taak of verantwoordelijkheid die de BSP heeft in het kader van de mFRR-balanceringsdienstlevering. Elia stelt voor om alle wijzigingen te communiceren aan Elia via het klantenportaal. Om consistentie te verzekeren met artikel II.19, herziet de CREG de laatste paragraaf van Bijlage 16 als volgt: “De hierboven vermelde lijst met contactpersonen die vereist zijn gedurende de geldigheidsduur van het BSP-contract mFRR kan aan wijzigingen onderhevig zijn. Deze wijzigingen zullen, na bespreking in de Working Group Balancing Design & Solutions en na goedkeuring ervan door de CREG, worden meegedeeld aan de BSP via het digitale klantenportaal van ELIA.”. Met deze herziening gestoeld op Niet-vertrouwelijk 29/33 artikel 5.1 van de EBGL brengt de CREG de T&C BSP mFRR in overeenstemming met de transparantiedoelstellingen van de EBGL. 5 BESLISSING Met toepassing van artikel 5
(4)c), van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering en met toepassing van artikel 3 van de gedragscode elektriciteit, laatst vastgesteld door de CREG bij beslissing (B)2984 van 9 oktober 2025, keurt de CREG het voorstel van Elia Transmission Belgium N.V. voor de voorwaarden van het BSP-contract voor mFRR ingediend bij de CREG op 17 juli 2025, goed, met uitzondering van: - Paragraaf 3761: meer bepaald de wijziging doorgevoerd door Elia op vraag van Febeg na openbare raadpleging in artikel II.17.6; - Paragraaf 61: meer bepaald het volledige artikel II.3.2. Met toepassing van artikel 5.1 van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering, herziet de CREG, na overleg met Elia, de volgende voorwaarden: - Paragrafen33 en 56: meer bepaald de definitie ‘Pool’ die luidt als volgt: “het geheel van Leveringspunten van een BSP, die voldoen aan de voorwaarden voor Leveringspunten zoals opgenomen in het BSP Contract mFRR". - Paragraaf 52: meer bepaald o de definitie van ‘Power Park Module’ die luidt als volgt: “Zoals gedefinieerd in artikel 2
(17)van Verordening 2016/631 van 14 april 2016 (de RfG, Verordening); o de invoeging van een nieuwe definitie “PPMp” die luidt als volgt « een PPM beperkt tot één type primaire energiebron »; o de vervanging van de term “PPM” door “PPMp” (of equivalent) overal waar deze vermeld wordt in de T&C BSP mFRR, met name in het eerste opsommingsteken van artikel II.3.7 van de T&C BSP mFRR. - Paragraaf 63: meer bepaald voetnoot 6 en dit als volgt: “Voor Technical facilities die op het Elia-net of op een CDS zijn aangesloten, is de gebruikte maximumcapaciteit in het Aansluitingscontract vermeld. Voor Technical Facilities aangesloten op een publiek distributienet, is de gebruikte maximumcapaciteit in het relevante contract tussen de Netgebruiker en de reserveconnecterende DSO vermeld, en wordt deze gecommuniceerd door de reserveconnecterende DSO aan de transmissienetbeheerder Elia.” - Paragraaf 95: meer bepaald de laatste paragraaf van Bijlage 17 en dit als volgt: “De hierboven vermelde lijst met contactpersonen die vereist zijn gedurende de geldigheidsduur van het BSP-contract aFRR kan aan wijzigingen onderhevig zijn. Deze wijzigingen zullen, na bespreking in de Working Group Balancing Design & Solutions en na goedkeuring ervan door de CREG, worden meegedeeld aan de BSP via het digitale klantenportaal van ELIA.”. Niet-vertrouwelijk 30/33 Alvorens over te gaan tot publicatie van de goedgekeurde en herziene wijzigingen, wordt Elia gevraagd om gevolg te geven aan de opmerkingen vastgesteld in: - Paragraaf 37: meer bepaald de tekst zoals voorgelegd voor openbare raadpleging opnieuw op te nemen in het tweede opsommingsteken van artikel II.17.6, of: “Elia brengt de CREG op de hoogte van de situatie, met inbegrip van de contactgegevens van de BSP, een samenvatting van de context (met inbegrip van de vorige stappen en tijdstippen) en het betwiste bedrag, en een samenvatting van de reden waarom er na deze termijn geen akkoord kon worden bereikt; en”; - Paragraaf 51: meer bepaald in de Franstalige versie van de T&C BSP mFRR de termen “BSP-facture”, “Elia-facture”, en “BSP-note de crédit” te verbeteren en aan te passen naar “Facture BSP”, “Facture Elia” en “Note de crédit BSP”; - Paragraaf 53: meer bepaald in de Nederlandstalige versie in de definitie van “Federaal Technisch Reglement” de datum van het relevante Koninklijk Besluit aan te passen (29 november 2024 in plaats van 22 april 2019) en de termen “en de toegang ertoe” te verwijderen; - Paragraaf 73: meer bepaald artikel II.19.1 van de T&C BSP mFRR te verduidelijken als volgt: “Overeenkomstig Art. I.9 van de Algemene Voorwaarden houden beide Partijen tijdens de geldigheidsduur van het BSP Contract mFRR de contactgegevens zoals opgenomen in Bijlage 16, actueel via het digitale klantenplatform van Elia of door het ingevulde model in Bijlage 16 uit te wisselen via mail.” De CREG vraagt aan Elia alvorens de goedgekeurde en gepubliceerde wijzigingen van de T&C BSP mFRR in werking kunnen treden, het implementatieplan bedoeld in de paragrafen 29 en 49 van deze beslissing, na bespreking ervan in de Working Group Balancing Design & Solutions, aan de CREG mede te delen opdat de CREG met toepassing van artikel 5.5 de uitvoeringstermijn ervan kan verifiëren. Tot slot, vraagt de CREG aan Elia om in het eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR rekening te houden met de opmerkingen geformuleerd in de paragrafen 31, 34, 35, 50, 64, 70, 71 (zie stap 2, stap 3a en laatste alinea). Betreffende de gevraagde wijzigingen bedoeld in de paragraaf 75 van huidige beslissing dient het voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR ten laatste bij de CREG te worden ingediend op 31 december 2026.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet-vertrouwelijk Ilse TANT Directeur Koen LOCQUET Voorzitter van het Directiecomité 31/33 BIJLAGE 1 1a Voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR, in het Nederlands, in het Frans en in het Engels, met track changes – 17 juli 2025 1b - Voorstel tot wijziging van de T&C BSP mFRR, in het Nederlands, in het Frans en in het Engels, zonder track changes – 17 juli 2025 BIJLAGE 2 Verklarende nota in het Engels – 17 juli 2025 BIJLAGE 3 Raadplegingsverslag met inbegrip van alle individuele opmerkingen, in het Engels – 17 juli 2025 BIJLAGE 4 Beschrijving van de impact van de voorgestelde wijzigingen op de doelstellingen van de EBGL in het Nederlands, Frans en het Engels – versie van 25 september 2025 BIJLAGE 5 Door Elia voorgestelde wijzigingen van artikel II.17 betreffende het factureringsproces Niet-vertrouwelijk 32/33 BIJLAGE 6 Slide 14 van de presentatie van Elia tijdens de WG Energy Solutions van 2 oktober 2025 Niet-vertrouwelijk 33/33

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.