← België

Beslissing over de vraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden voor de Balanceringsverantwoordelijke of

Beslissing (B)3143 5 februari 2026 Beslissing over de vraag tot goedkeuring van een voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden voor de Balanceringsverantwoordelijke of “de T&Cs BRP” genomen met toepassing van artikel 5.4, c) van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering Niet-vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11–www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE .............................................................................................................................. 2 INLEIDING ........................................................................................................................................... 4 AFKORTINGSLIJST ............................................................................................................................... 5

  1. WETTELIJK KADER....................................................................................................................... 7 1.
  2. Europees recht ................................................................................................................... 7 1.1.
  3. 1.
  4. EBGL ........................................................................................................................... 7 Belgisch recht ..................................................................................................................... 8 1.2.
  5. Gedragscode elektriciteit ........................................................................................... 8 1.2.
  6. Koninklijk besluit van 8 juli 2025 tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 1, 8 en 44 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde wat gestructureerde elektronische facturen betreft ................................................................................................... 9
  7. ANTECEDENTEN ....................................................................................................................... 10 2.
  8. Algemeen ......................................................................................................................... 10 2.
  9. Overleg door Elia met DSB’s ............................................................................................. 13 2.
  10. Openbare raadpleging...................................................................................................... 14 2.3.
  11. Algemeen ................................................................................................................. 14 2.3.
  12. Bespreking raadplegingsverslag ............................................................................... 14 ANALYSE EN BEOORDELING VAN DE VOORGESTELDE WIJZIGINGEN ...................................... 16 3.
  13. Algemene voorafgaande opmerkingen ............................................................................ 16 3.
  14. Bespreking ........................................................................................................................ 16 3.2.
  15. Implementatieplan ................................................................................................... 16 3.2.
  16. Verwachte effect op de doelstellingen van de Verordening ................................... 17 3.2.
  17. Artikel 1 – Definities ................................................................................................. 17 3.2.
  18. Artikel 5 Facturatie- en betalingsvoorwaarden........................................................ 18 3.2.
  19. Artikel 10 Diverse bepalingen .................................................................................. 18 3.2.
  20. Artikel 18 Betalingswaarborg ................................................................................... 18 3.2.
  21. Artikel 20 Toewijzing aan de Evenwichtsperimeter ................................................. 21 3.2.
  22. Artikel 21 Onevenwicht per kwartier van BRP ......................................................... 22 3.2.
  23. Artikel 22 Gegevensuitwisseling .............................................................................. 22 3.2.
  24. Artikel 24 Dagelijks Evenwichtsprogramma ............................................................. 23 3.2.
  25. Artikel 25 Procedure voor de indiening van Dagelijks Evenwichtsprogramma’s..... 23 3.2.
  26. Artikel 26 Systeem met betrekking tot de Indiening van Dagelijkse Evenwichtsprogramma’s .......................................................................................................... 23 3.2.
  27. Artikel 27 Volledige of gedeeltelijke weigering van Dagelijkse Evenwichtsprogramma’s .......................................................................................................... 23 Niet-vertrouwelijk 2/33 3.2.
  28. Artikel 29 Tarieven en facturatie.............................................................................. 23 3.2.
  29. Artikel 30 Regels voor de berekening van de onevenwichtsprijs ............................ 24 3.2.
  30. Bijlage 2 Contactinformatie...................................................................................... 24 3.2.
  31. Bijlage 3: Pooling-overeenkomst.............................................................................. 25 3.2.
  32. Bijlage 4: Voorzieningen betreffende evenwichts-verantwoordelijke verbonden aan een offshore interconnector (brpo.i.) ...................................................................................... 25 3.2.
  33. Bijlage 5: Notificatie aan de BRP in het kader van een activatie van leveringspunten DPpg in de evenwichtsperimeter van de BRP .......................................................................... 25 3.2.
  34. 3.
  35. Bijlage 6: Tijdens een storm op zee te volgen procedure ........................................ 25 Aanvullende opmerkingen ............................................................................................... 25 3.3.
  36. Opmerkingen uit voorgaande beslissingen .............................................................. 25 3.3.
  37. Standpunt van de CREG in het kader van flexibele aansluitovereenkomsten ......... 26 CONCLUSIE ............................................................................................................................... 32 BIJLAGE 1 .......................................................................................................................................... 33 BIJLAGE 2 .......................................................................................................................................... 33 BIJLAGE 3 .......................................................................................................................................... 33 BIJLAGE 4 .......................................................................................................................................... 33 BIJLAGE 5 .......................................................................................................................................... 33 Niet-vertrouwelijk 3/33 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS onderzoekt met toepassing van artikel 5.4(c), van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering, het voorstel van de netbeheerder, Elia Transmission Belgium SA tot wijziging van de voorwaarden voor de evenwichtsverantwoordelijke, dat bij de CREG werd ingediend per elektronische brief van 4 december
  38. Deze elektronische brief van 4 december 2025 bevat een onvolledige lijst van bijlagen. Op 9 december 2025 werden op vraag van de CREG de ontbrekende bijlagen overgemaakt aan de CREG. Deze bijlagen zijn: - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Clean (bijlage 1 van deze beslissing); - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Track Changes (bijlage 2 van deze beslissing); - Een verklarende nota in het Engels (bijlage 3 van deze beslissing); - Het raadplegingsverslag in het Engels, inclusief de individueel ontvangen antwoorden van de marktspelers (bijlage 4 van deze beslissing); - Een toelichting over de coördinatie met distributienetbeheerders (hierna: DSBs) die gevolgen kunnen ondervinden van die voorwaarden (bijlage 5 van deze beslissing). De voorgestelde wijzigingen hebben als doel: - Een snellere vereffening van onbalansfacturen te organiseren, inclusief een gerelateerde aanpassing aan de financiële garantie in functie van deze snellere vereffening; - Het facturatieproces aan te passen, in navolging van het Koninklijk Besluit van 8 juli 2025 dat vereist dat vanaf 1 januari 2026 alle gestructureerde elektronische facturen verzonden en ontvangen zullen worden via het Peppol netwerk; - Het digitaal updaten van contactgegevens voor de BRP in het kader van verdere ontwikkelingen aan het EPIC digitaal klantenportaal van Elia. Op vraag van de CREG heeft Elia op 9 januari 2026 aan de CREG bevestigd dat het voorgelegde voorstel tot wijziging van de T&C BRP werd besproken met de DNBs en dat de systeembeheerders presentaties hebben uitgewisseld en besproken op 8 september
  39. Onderhavige beslissing bestaat uit vier delen. Het eerste deel schetst het wettelijk kader. Het tweede deel duidt de antecedenten en de openbare raadpleging. In het derde deel analyseert de CREG het door Elia op 28 februari 2025 ingediend voorstel. Het laatste deel bevat de eigenlijke beslissing. Onderhavige beslissing werd door het directiecomité van de CREG goedgekeurd tijdens de vergadering van 5 februari
  40. Niet-vertrouwelijk 4/33 AFKORTINGSLIJST CREG: Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas EBGL: Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering Elia: Elia Transmission Belgium SA Voorstel tot wijziging T&Cs BRP: Voorstel tot wijziging van de voorwaarden voor de evenwichtsverantwoordelijke ingediend door Elia bij de CREG op 28 februari 2025 Verordening (EU) 2019/943: Verordening (EU) 2019/943 van het Europees parlement en de raad van 5 juni 2019 betreffende de interne markt voor elektriciteit E&R NC: Verordening (EU) 2017/2196 van de Commissie van 24 november 2017 tot vaststelling van een netcode voor de noodtoestand en het herstel van het elektriciteitsnet TSB: Transmissiesysteembeheerder BRP: Balanceringsverantwoordelijke BSP: Aanbieder van balanceringsdiensten SOGL: Verordening (EU) 2017/1485 van de Commissie van 2 augustus 2017 tot vaststelling van richtsnoeren betreffende het beheer van elektriciteitstransmissiesystemen ACER besluit 18/2020: Besluit van 15 juli 2020 van ACER betreffende “Methodology for the harmonisation of the main features of imbalance settlement in accordance with Article 52

(2)of Commission Regulation (EU) 2017/2195 of 23 November 2017 establishing a guideline on electricity balancing.” ACER besluit 01/2020: Besluit van 24 januari 2020 betreffende “Methodology for pricing balancing energy and cross-zonal capacity used for the exchange of balancing energy or operating the imbalance netting process in accordance with Article 30
(1)of Commission Regulation (EU) 2017/2195 of 23 November 2017 establishing a guideline on electricity balancing” ACER besluit 04/2018 Besluit van 24 april 2018 betreffende “ All transmission system operators’ proposal for intraday cross-zonal gate opening and intraday cross-zonal gate closure times” Elektriciteitswet: De wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt Gedragscode elektriciteit: Gedragscode vastgesteld door de CREG op 20 oktober 2022 tot vaststelling van de voorwaarden voor de aansluiting op en de toegang tot het transmissienet en van de methoden voor het Niet-vertrouwelijk 5/33 berekenen of vastleggen van de voorwaarden inzake de verstrekking van ondersteunende diensten en de toegang tot de grensoverschrijdende infrastructuur, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer T&C BRP: Voorwaarden voor de evenwichtsverantwoordelijke T&Cs BSP mFRR: Voorwaarden voor de aanbieders van balanceringsdiensten voor Frequentieherstelreserves met manuele activering MIP : « Marginal Incremental Price » of « Prix Marginal des activations à la hausse » MDP : « Marginale Decremental Price » of de « Prix Marginal des activations à la baisse » FRCE: Frequentieherstelregelfout, bedoeld in artikel 3
(43)van de SOGL Niet-vertrouwelijk 6/33 1. WETTELIJK KADER 1.1. EUROPEES RECHT 1.1.1. EBGL 1. Artikel 3.2., van de EBGL stelt dat bij de toepassing van de EBGL de lidstaten, relevante regulerende instanties en systeembeheerders ervoor zorgen dat zij: “
  1. a)de beginselen van evenredigheid en niet-discriminatie toepassen;
  2. b)de transparantie waarborgen;
  3. c)het beginsel toepassen van optimalisering tussen de hoogste totale efficiëntie en laagste totale kosten voor alle betrokken partijen;
  4. d)erop toezien dat TSB's zo veel mogelijk gebruikmaken van markt gebaseerde mechanismen om de veiligheid en stabiliteit van het net werk te garanderen;
  5. e)erop toezien dat de ontwikkeling van de forward-, de day-ahead- en intradaymarkten niet in het gedrang komt;
  6. f)de aan de relevante TSB toegewezen verantwoordelijkheid respecteren om de systeemveiligheid te waarborgen, inclusief als vereist door de nationale wetgeving;
  7. g)de relevante DSB's raadplegen en rekening houden met de potentiële effecten op hun systemen;
  8. h)rekening houden met de overeengekomen Europese normen en technische specificaties.” 2. Artikel 4.1 van de EBGL bepaalt dat: “De TSB’s ontwikkelen de bij deze verordening vereiste voorwaarden of methodologieën en dienen die ter goedkeuring in bij het Agentschap overeenkomstig artikel 5, lid 2, dan wel bij de relevante regulerende instanties overeenkomstig artikel 5, lid 3, binnen de bij deze verordening vastgestelde respectievelijke termijnen. In uitzonderlijke omstandigheden, met name in gevallen waarin een termijn niet kan worden gehaald als gevolg van omstandigheden buiten de verantwoordelijkheid van de TSB’s, kunnen de termijnen voor voorwaarden of methodologieën worden verlengd door het Agentschap in procedures overeenkomstig artikel 5, lid 2, gezamenlijk door alle relevante regulerende instanties in procedures overeenkomstig artikel 5, lid 3, en door de relevante regulerende instantie in procedures overeenkomstig artikel 5, lid 4. “ 3. Met toepassing van artikel 5.1, van de EBGL heeft de CREG de bevoegdheid om, na raadpleging van de TSB, het ingediende voorstel te herzien om ervoor te zorgen dat deze in overeenstemming zijn met het doel van deze verordening en bijdragen tot marktintegratie, nondiscriminatie, effectieve mededinging en de goede werking van de markt 4. Overeenkomstig artikel 5.4.c), van de EBGL moeten de voorstellen voor de voorwaarden voor balancering, zoals bepaald in artikel 18, van de EBGL ter goedkeuring voorgelegd worden aan de regulerende instantie van de lidstaat, in casu de CREG. 5. Artikel 5.5, van de EBGL vermeldt verder dat: “Het voorstel voor de voorwaarden of methodologieën omvat een voorgesteld tijdschema voor de implementatie ervan en een beschrijving van het verwachte effect ervan op de doelstellingen van deze verordening. De implementatietermijn mag niet langer zijn dan Niet-vertrouwelijk 7/33 twaalf maanden na de goedkeuring door de relevante regulerende instanties, behalve als alle regulerende instanties overeenkomen om de implementatietermijn te verlengen of als andere termijnen worden voorgeschreven in deze verordening.” Tot slot, biedt artikel 6.1 van de EBGL aan de CREG de bevoegdheid om een wijzigingsverzoek te richten tot de TSB over de ingediende voorwaarden of methodologieën teneinde deze te kunnen goedkeuren. De TSB dient binnen de twee maanden een voorstel voor gewijzigde voorwaarden of methodologieën in binnen twee maanden na ontvangst van het wijzigingsverzoek. De CREG neemt een beslissing over de gewijzigde voorwaarden of methodologieën binnen twee maanden na de indiening ervan. 1.2. BELGISCH RECHT 1.2.1. Gedragscode elektriciteit 6. De gedragscode elektriciteit vastgesteld door de CREG en laatst gewijzigd bij beslissing (B)2984 van 9 oktober 2025 stelt de voorwaarden vast voor: 7. - De aansluiting op en toegang tot het transmissienet, op voorstel van de transmissienetbeheerder Elia; - De verstrekking van ondersteunende diensten; - De toegang tot grensoverschrijdende infrastructuren, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. Artikel 119 van de gedragscode bepaalt: § 2. De inwerkingtreding van een contract van balanceringsverantwoordelijke is afhankelijk van het voorleggen van een financiële garantie. § 3. Het contract van balanceringsverantwoordelijke treedt in werking uiterlijk tien werkdagen na ontvangst door de transmissienetbeheerder van het origineel ontwerp van contract ondertekend door de aanvrager van het statuut van balanceringsverantwoordelijke met het bewijs van de financiële garantie. § 4. de type-overeenkomst van BRP ten minste de volgende elementen bevat: “1° de voorwaarden voor BRP’s met toepassing van de artikelen 5.5, 18.1, en 18.6 van de Europese richtsnoeren EBGL; 2° desgevallend, de toepassing van art. 18.7,
  9. d)en g), van de Europese richtsnoeren EBGL; 3° de modaliteiten voor de invordering door of voor de transmissienetbeheerder van eventuele onbetaalde bedragen van de balanceringsverantwoordelijke; 4° de betalingsmodaliteiten, bepalingen en de termijnen betreffende facturen aan de balanceringsverantwoordelijke; 5° de bepalingen betreffende de vertrouwelijkheid, onder meer van de commerciële gevoelige informatie; 6° de regeling van geschillenbeslechting, met inbegrip van, in voorkomend geval, de bepalingen inzake bemiddeling en arbitrage; Niet-vertrouwelijk 8/33 7° de identiteit en de gegevens van de partijen, alsook deze van hun respectievelijke vertegenwoordigers; 8° de bepalingen inzake opschorting, opzegging en beëindiging van het contract van balanceringsverantwoordelijke; 9° de verwijzing naar de modaliteiten voor de balanceringsverantwoordelijke in de typetoegangsovereenkomst voor de eenzijdige opzegging van zijn aanwijzing als balanceringsverantwoordelijke bedoeld in artikel 102.” 1.2.2. Koninklijk besluit van 8 juli 2025 tot wijziging van de koninklijke besluiten nrs. 1, 8 en 44 met betrekking tot de belasting over de toegevoegde waarde wat gestructureerde elektronische facturen betreft1 8. Het Koninklijk besluit van 8 juli 2025 vereist dat vanaf 1 januari 2026 alle gestructureerde elektronische facturen verzonden en ontvangen zullen worden via het peppol-netwerk. Vanaf 1 januari 2026 worden Belgisch BTW-plichtige ondernemingen verplicht om elkaar e-facturen te sturen via het Peppol-netwerk wanneer voldaan is aan drie basisvoorwaarden: - De leverancier is een in België gevestigde en voor btw-doeleinden geregistreerde btwplichtige; - Hij levert goederen of verricht een dienstprestatie die aan btw is onderworpen en in België plaatsvinden. Hij is niet vrijgesteld op grond van artikel 44 W.B.T.W.; - De klant is zelf ook btw-plichtige die zijn Belgisch btw-nummer moet opgeven aan de leverancier. 1 https://www.stradalex.com/nl/sl_src_publ_leg_be_moniteur/toc/leg_be_moniteur_nl_14072025_1/doc/bs202500516 9 Niet-vertrouwelijk 9/33 2. ANTECEDENTEN 2.1. ALGEMEEN 9. Op 18 juni 2018 heeft de CREG van Elia een goedkeuringsaanvraag ontvangen van het voorstel voor T&Cs BRP. Op 28 maart 2019 heeft de CREG bij beslissing Elia verzocht haar voorstel te wijzigen. Op 14 mei 2019 heeft de CREG een gewijzigd voorstel ontvangen, dat de CREG op 27 mei 2019 bij beslissing (B)1913/2 heeft goedgekeurd2. De CREG formuleert niettemin een aantal vragen die Elia in acht moet nemen voor een volgend voorstel van T&Cs BRP. 10. Op 3 december 2019 heeft de CREG een voorstel tot wijziging van T&Cs BRP van Elia ontvangen in het kader van de integratie van de procedure voor het beheer van storm op zee. De CREG heeft dit voorstel goedgekeurd bij beslissing (B)2013 op 20 december 20193. 11. De CREG heeft op 18 december 2020 een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten van Elia ontvangen, samen met een tweede voorstel betreffende het contract van aanbieder van flexibiliteitsdiensten Day Ahead/ Intraday (FSP DA/ID). Beide voorstellen behandelen de uitbreiding van de energieoverdracht op de Day-Ahead- en Intradaymarkten. Het contract FSP DA/ID beschrijft de rechten en verplichtingen van Elia en de aanbieder van flexibiliteitsdiensten die hun flexibiliteit op de Day-Ahead- en/of Intradaymarkten wil valoriseren. Dit voorstel werd door de CREG goedgekeurd op 29 april 20214. Het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten, heeft als doel om in de T&Cs BRP de uitbreiding van de ‘Regels van de Energieoverdracht in de voormelde markten’ te integreren. De CREG heeft dit voorstel in een eerste fase goedgekeurd, met uitzondering van artikel 9.1 van het BRP-contract. Op 7 mei 2021 werd door Elia een gewijzigd voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in het kader van de implementatie van energieoverdracht voor de day-ahead en intraday markten ingediend. De CREG heeft op 17 februari 2021 bij beslissing (B)2204/1 het gewijzigd voorstel goedgekeurd5. Op 7 mei 2021 werd door Elia een gewijzigd voorstel betreffende artikel 9.1 van het BRP-contract ingediend dat door de CREG bij beslissing(B)2204/2 werd goedgekeurd op 20 mei 20216. 12. Op 17 september 2021 heeft Elia een voorstel tot wijziging van T&C BRP ingediend, in het kader van de progressieve relaxatie van de day-ahead evenwichtsverplichting die momenteel van toepassing is op BRPs. De CREG heeft dit voorstel op 21 oktober 2021 goedgekeurd bij beslissing (B)22877. 13. Met haar beslissing (B)658E/77 heeft de CREG het geactualiseerd tariefvoorstel van Elia goedgekeurd dat de parameter ‘alfa-component’ van het tarief ter compensatie van het onevenwicht, wijzigt. 2 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b1913/2 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2013 4 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2222NL.pdf 5 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2204/1 6 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2204-2NL.pdf 7 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2287NL.pdf 3 Niet-vertrouwelijk 10/33 In punt 3.7 van deze beslissing vermeldt de CREG dat op termijn elke bijkomende component die aan het tarief ter compensatie van het onevenwicht wordt toegevoegd, op grond van Europese regelgeving, niet in een tariefvoorstel maar in de T&Cs BRP moet worden opgenomen. 14. Ingevolge deze beslissing heeft de CREG op 7 april 2022 aan Elia een schrijven gericht waarin gevraagd wordt om met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP bij de CREG in te dienen voor goedkeuring na openbare raadpleging. Met dit verzoek tot wijziging van de T&Cs BRP beoogt de CREG dat de standaardcomponenten voor de berekening van de onbalansprijs en de eventuele additionele componenten, zoals bedoeld in artikel 9 van bijlage 1 van de ACER besluit 18/2020 van 15 juli 2020, opgenomen worden in de T&Cs BRP. 15. Met haar beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 keurt de CREG het voorstel van Elia tot wijziging van de balanceringsregels voor de compensatie van de kwartieronevenwichten goed. Met deze beslissing worden onder meer de artikelen 16 en 17 van de balanceringsregels gewijzigd die verband houden met de standaardcomponenten voor de berekening van de onbalansprijs, zoals bedoeld in artikel 9
(1)tot 9
(5)van bijlage 1 van de ACER besluit 18/2020 van 15 juli
  1. De reden die Elia opgeeft voor het behoud van de berekening van de onbalansprijs in de balanceringsregels en deze berekening niet verplaatst naar de T&Cs BRP, is omdat in het goedgekeurd tariefvoorstel voor de periode 2020-2023 betreffende de onbalansprijsberekening, verwezen wordt naar de balanceringsregels. Bijgevolg kan, aldus Elia, de verplaatsing naar de T&Cs BRP pas plaatsvinden na de tariefperiode 2020-
  2. In deze beslissing herhaalt de CREG haar vraag om niettemin aan het wijzigingsverzoek gevolg te geven en wordt aan Elia een nieuwe termijn verleend, zijnde 7 oktober
  3. Op 3 augustus 2022 diende Elia met toepassing van artikel 28 van de elektriciteitswet tegen de beslissing (B)2433 een klacht in met het oog op een nieuw onderzoek. Op 3 oktober 2022 heeft de CREG zich uitgesproken over de klacht bij beslissing (B)
  4. De klacht werd ontvankelijk maar niet gegrond verklaard.
  5. Op 2 november 2022 heeft Elia bij het Marktenhof een verzoekschrift tot annulering van de beslissing (B)2450 ingediend.
  6. Op 9 maart 2023 heeft de CREG bij beslissing (B)2497 de T&Cs BRP, in het kader van de integratie van de onbalansprijsberekening, herzien en dit met toepassing van de artikelen 4.7 en 6.3 van de EBGL. Op datum van 24 maart 2023 diende Elia met toepassing van artikel 28 van de elektriciteitswet tegen deze beslissing een klacht in met het oog op een nieuw onderzoek.
  7. Het Marktenhof heeft bij arrest van 3 mei 2023 de datum van 7 oktober 2023, opgenomen in de beslissing (B)2450, geannuleerd. Het Marktenhof komt tot het besluit dat de datum van 7 oktober 2022, vastgesteld in de beslissing (B)2433, geen redelijke termijn is die Elia toelaat om, met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL, een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP, na openbare raadpleging, bij de CREG in te dienen, gelet op de termijn die de CREG zelf heeft benut om, met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL, de T&Cs BRP te herzien bij beslissing (B)
  8. Ingevolge dit arrest heeft de CREG bij beslissing (B)2554 van 17 mei 2023 de beslissing (B)2433 van 19 juli 2022 gedeeltelijk ingetrokken, meer bepaald, de vraag aan Elia om een voorstel tot wijziging van de T&C BRP bij de CREG in te dienen tegen ten laatste 7 oktober 2022, dat rekening houdt met de paragrafen 71 en 74 van de beslissing (B)
  9. Daarnaast heeft de CREG de beslissing (B)2497 van 9 maart 2023 waarin de CREG de T&Cs BRP herziet in zijn geheel ingetrokken. In diezelfde beslissing (B)2554 wordt aan Elia opnieuw de vraag gesteld om bij de CREG een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP in te dienen tegen 18 september 2023 waarin de Niet-vertrouwelijk 11/33 standaardcomponenten voor de berekening van de onbalansprijs, inclusief eventuele additionele componenten, zoals bedoeld in artikel 9.6 van bijlage 1 van de ACER Besluit 18/2020 van 15 juli 2020, worden opgenomen.
  10. Bij beslissing (B)2688 van 30 november 2023 heeft de CREG het voorstel van Elia tot wijziging van artikel 30.2 van de T&Cs BRP, ingediend op 18 september 2023 en 3 oktober 2023 goedgekeurd. Met betrekking tot sommige bepalingen van het ingediend voorstel, meer bepaald de artikelen 2, 29, 30.1, 30.3, 30.4, 30.5, 30.6 en 30.7, heeft de CREG tot Elia een wijzigingsverzoek gericht.
  11. Op datum van 30 januari 2024 heeft Elia een gewijzigd voorstel van T&C BRP bij de CREG. Met dit voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP beoogt Elia gevolg te geven aan het wijzigingsverzoek van 30 november 2023 van de CREG. Bij beslissing (B)2764 van 28 maart 2024 heeft de CREG dit gewijzigd voorstel goedgekeurd. Aan Elia wordt gevraagd om in het eerstkomend voorstel rekening te houden met de opmerkingen geformuleerd in de paragrafen: - 67: De CREG stelt ook vast dat artikel 3 van het gewijzigd voorstel van de T&C BRP zich beperkt tot een beschrijving van slechts één enkele doelstelling, om hieruit dan te besluiten dat aan de doelstellingen van de EBGL is voldaan. De CREG verwijst naar de paragrafen 147 tot en met 158 van beslissing (B)2688 van 30 november 2023 waar de CREG aangeeft dat de alfa-component een negatief effect heeft op meerdere doelstellingen van de EBGL. Elia wordt bijgevolg uitgenodigd om, in geval van behoud, versoepeling of verstrenging van de alfacomponent, een volledige beschrijving op te nemen in artikel 3 wat betreft het verwachte effect van de alfa-component voor iedere doelstelling van de EBGL. - 73: De CREG stelt vast, op basis van pagina 20 e.v. van de verklarende nota, dat er gevolg gegeven wordt aan het verzoek van de CREG verwoord in paragraaf 159, eerste alinea, van de beslissing (B)2688 van 30 november 2023, met name onder welke additionele component de alfa-component gerangschikt moet worden overeenkomstig het ACER besluit 18/
  12. Elia verduidelijkt dat met de alfa-component prikkels gegeven worden aan BRPs om belangrijke en voortdurende kwartuurlijkse onevenwichten te vermijden. De alfa-component, zo redeneert Elia verder, vermijdt of vermindert aldus de te contracteren balanceringscapaciteit. Als gevolg, stelt Elia dat de alfa-component aanzien kan worden als een additionele component dat valt onder artikel 9
(6)(
  1. b)van het ACER besluit 18/2020, namelijk “een prikkelcomponent om aan nationale grensvoorwaarden te voldoen. Het evaluatieplan is vandaag lopende en dit tot één jaar na aansluiting aan beide Europese platformen voor de uitwisseling van balanceringsenergie. 23. Op datum van 28 februari 2025 heeft Elia een voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP bij de CREG ingediend voor goedkeuring om gevolg te geven aan de vraag van de CREG betreffende de overdracht van de bepalingen met betrekking tot de onbalansprijs naar de T&Cs BRP. Bij beslissing (B)2991 van 10 april 2025 heeft de CREG, na herziening van het voorstel met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL, het voorstel van Elia goedgekeurd, met uitzondering van het voorstel door Elia om het evaluatieplan te verwijderen en met inbegrip van de verwijdering van de definitie van ‘incompressibiliteit’. Daarnaast werd aan Elia ook een wijzigingsverzoek gericht met toepassing van artikel 6.3 van de EBGL om de garantieberekening aan te passen. 24. Op datum van 4 december 2025 heeft Elia per elektronische brief van 4 december 2025 een voorstel tot wijziging van de T&C BRP bij de CREG ingediend voor goedkeuring. Bij dit voorstel waren niet alle bijlagen gevoegd. Op 9 december 2025 werden, op vraag van de CREG, de ontbrekende bijlagen overgemaakt aan de CREG. Deze bijlagen zijn: - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Clean (bijlage 1 van deze beslissing); Niet-vertrouwelijk 12/33 - Het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, in het Engels, Frans en Nederlands, Track Changes (bijlage 2 van deze beslissing); - Een verklarende nota in het Engels (bijlage 3 van deze beslissing); - Het raadplegingsverslag in het Engels, inclusief de individueel ontvangen antwoorden van de marktspelers (bijlage 4 van deze beslissing); - Een toelichting over de coördinatie met distributienetbeheerders (hierna: DSBs) die gevolgen kunnen ondervinden van die voorwaarden (bijlage 5 van deze beslissing). De voorgestelde wijzigingen hebben als doel: - Een snellere vereffening van onbalansfacturen te organiseren, inclusief een gerelateerde aanpassing aan de financiële garantie in functie van deze snellere vereffening; - Het facturatieproces aan te passen, in navolging van het Koninklijk Besluit van 8 juli 2025 dat vereist dat vanaf 1 januari 2026 alle gestructureerde elektronische facturen verzonden en ontvangen zullen worden via het Peppol netwerk; - Het digitaal updaten van contactgegevens voor de BRP in het kader van verdere ontwikkelingen aan het EPIC digitaal klantenportaal van Elia. 2.2. OVERLEG DOOR ELIA MET DSB’S 25. Overeenkomstig artikel 3.2,
  2. g)van de EBGL moet de TSB de relevante DSB's raadplegen en desnoods rekening houden met de potentiële effecten op hun systemen. 26. Overeenkomstig artikel 18.3, a), van de EBGL pleegt elke TSB bij de opstelling van voorstellen voor voorwaarden voor BRP's overleg met de TSB's en DSB’s wanneer de DSBs gevolgen kunnen ondervinden van die voorwaarden. 27. Naast de organisatie van een openbare raadpleging, heeft Elia dit voorstel tot wijziging van de T&C BRP ook besproken: - In de WG Energy Solutions op verschillende tijdstippen, te weten op: o 2 oktober 2025 met marktpartijen het voorstel voor openbare raadpleging8; o 13 november 20259 na openbare raadpleging de resultaten hiervan met de marktpartijen. 28. In de werkgroep Synergrid met de DNBs over de voorgestelde wijzigingen ter implementatie van een snellere vereffening van de onbalansfacturen, naast uitwisselingen per mail. De toelichting van deze besprekingen met DSBs is terug te vinden in bijlage 5 van deze beslissing. Per mailbericht van 19 januari 2026 heeft Elia bevestigd dat het voorgelegde voorstel tot wijziging van de T&C BRP grondig besproken werd met de DNBs en dat de systeembeheerders presentaties hebben uitgewisseld met elkaar die besproken werden op 8 september 2025.De CREG besluit hieruit dat bij de opmaak van het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, ingediend bij de CREG op 4 december 2025, Elia heeft voldaan aan haar verplichting voorzien in artikel 18.3,
  3. c)van de EBGL. 8 9 Elia
(2025). Presentatie en verslag WG Energy Solutions 2 oktober 2025 [online: Website Elia] Elia
(2025). Presentatie en verslag WG Energy Solutions 13 november 2025 [online: Website Elia] Niet-vertrouwelijk 13/33 2.3. OPENBARE RAADPLEGING 2.3.1. Algemeen 29. Overeenkomstig artikel 10 van de EBGL is Elia verplicht een openbare raadpleging te organiseren over het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP. Elia heeft een openbare raadpleging georganiseerd van 3 september 2025 tot en met 3 oktober 2025. De Franse en Nederlandse versies van de T&C BRP en een aanvullende nota (in het Engels) zijn tegelijkertijd beschikbaar gesteld aan de markt. 30. Elia heeft op het voorstel tot wijziging van de T&C BRP 2 niet-vertrouwelijke reacties ontvangen van:
  1. a)FEBEG
  2. b)FEBELIEC 31. De originele antwoorden zijn opgenomen in het raadplegingsverslag (bijlage 4 van huidige beslissing) en zijn ter beschikking gesteld op de website van Elia. In het raadplegingsverslag zijn de ontvangen reacties samengevoegd en geeft Elia antwoord waarom zij, de tijdens de raadpleging geuite standpunten, al dan niet in overweging heeft kunnen nemen. 32. Rekening houdende met wat voorafgaat, beslist het directiecomité van de CREG, op grond van artikel 23, § 1, van zijn huishoudelijk reglement om, met toepassing van artikel 40, 2°, van zijn huishoudelijk reglement, geen openbare raadpleging te organiseren over deze beslissing, gelet op de openbare raadpleging georganiseerd door Elia georganiseerd van 3 september 2025 tot en met 3 oktober 2025. Deze raadpleging wordt door de CREG als een effectieve openbare raadpleging beschouwd aangezien deze raadpleging op de website van Elia plaatsvond, gemakkelijk toegankelijk was voor de marktpartijen vanuit de startpagina van deze website en voldoende gedocumenteerd was. Bovendien werd er door Elia een mailing gestuurd naar alle op hun website geregistreerde personen. De duur van de raadpleging bedroeg 30 kalenderdagen. Rekening houdend met de aard van de voorgestelde wijzigingen is de CREG van oordeel dat de duur van de raadpleging voldoende lang was. 2.3.2. 33. Bespreking raadplegingsverslag De voornaamste reacties van bovenvermelde marktspelers zijn: 2.3.2.1. Correctie van de positie van een BRP, in het kader van een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst 34. Febeliec is niet gekant tegen de invoering van het concept van “gemoduleerd volume” met in het kader van flexibele aansluitovereenkomsten. Echter, Febeliec stelt dat het kader van flexibele aansluitovereenkomsten dat vandaag bestaat nog veel problemen kent, en dat deze reactie van Febeliec niet aanzien kan worden als een ondersteuning van dit kader. 35. Febeg steunt de invoering van de correctie van de positie van een BRP in geval een netgebruiker, voor wiens injectie of afname de BRP verantwoordelijk is, beperkt wordt in haar injectie of afname ten gevolge van de activatie van een flexibele aansluitovereenkomst. Niet-vertrouwelijk 14/33 36. Zowel Febeliec als Febeg uitten hun voorbehoud omtrent het huidig kader van flexibele aansluitovereenkomsten. Beide respondenten duiden op de moeilijkheid om feedback te geven zolang dit kader onvolledig is. 37. Als gevolg van deze opmerking van zowel Febeliec als Febeg, heeft Elia besloten om de wijziging omtrent de correctie van de positie van een BRP in het kader van een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst, te verwijderen uit haar voorstel zoals ingediend na openbare raadpleging. 38. De CREG verwijst naar deel 3.3.2 van deze beslissing. 2.3.2.2. Vereffening van onbalansfacturen 39. Febeliec wenst dat nauw toezicht gehouden wordt, zodat de versoepeling van het proces van vereffening van de BRP nog steeds voldoende financiële zekerheid garandeert voor de eindgebruiker. 40. Elia merkt op dat de voorgestelde wijziging diepgaand onderzocht werd zodat de financiële zekerheid gegarandeerd blijft voor de eindgebruiker. Elia merkt daarbij op dat de eventuele vermindering van bankwaarborgen mogelijk gemaakt wordt door de kortere termijn om facturen te betalen, waardoor Elia minder blootgesteld wordt aan onzekerheden met betrekking tot vereffeningen van onbalansfacturen. Tot slot, engageert Elia zich om de impact van de voorgestelde wijziging te monitoren en aan te passen, indien nodig. 41. Febeg betreurt dat er geen mogelijkheid voorzien is om de BRP te laten kiezen tussen het huidige vereffeningsysteem en het voorgestelde vereffeningsysteem. Febeg stelt dat voor sommige BRPs de kortere termijn voor betaling van de factuur leidt tot een toename aan administratieve last, hogere financiële waarborgen, en het verhogen van de kredietlimieten. Febeg wenst daarom het behoud van de termijn van 30 kalenderdagen voor de betaling van de basisfactuur, zodat er voldoende tijd rest om de factuur te betwisten, indien nodig. Indien dit niet kan, dan moet minstens de periode om de factuur te betwisten op 30 kalenderdagen blijven. 42. Elia brengt het argument naar voren dat, indien de keuze gelaten wordt aan de BRPs om hun eigen vereffeningsysteem te kiezen, BRPs in hun eigen belang zouden kiezen. Aldus kan redelijkerwijs verwacht worden dat BRPs financiële risico’s richting Elia zullen duwen en dus ook naar de maatschappij. Ook voert Elia aan dat de betalingstermijn van 14 kalenderdagen gelijk is aan de betalingstermijn in Duitsland en meer dan de betalingstermijn dat in Nederland 2 werkdagen bedraagt. 43. Elia erkent wel de gevolgen die Febeg opsomt. Met betrekking tot de impact op de kredietlimieten, stelt Elia voor om BRPs aan hun financiële waarborgen te laten voldoen door een combinatie van meerdere bankgaranties en/of cash-stortingen uit te voeren. Elia heeft hiertoe, als reactie op het antwoord van Febeg, deze wijziging in artikel 18.1 uitgevoerd na openbare raadpleging . Deze wijziging zou de nood om kredietlimiteten te verhogen, en dus ook de bijhorende kosten, moeten beperken. Hiermee komt Elia tegemoet aan een andere opmerking van Febeg die zij tijdens de openbare raadpleging heeft geformuleerd, namelijk om dit systeem dat al van toepassing is in het CRM, ook toe te passen voor de onbalansverrekening. 44. De CREG neemt akte van de reactie van Febeg en van het antwoord van Elia, en verwijst voor haar bespreking naar paragraaf 55 en verder van deze beslissing. 45. Febeg vraagt dat, in geval de bankgarantie verlaagd kan worden en indien de BRP hierom vraagt, Elia via een formele brief aan de bank de gedeeltelijke vrijgave van de bankgarantie Niet-vertrouwelijk 15/33 bevestigt. Dit is volgens Febeg nodig aangezien de bank enkel zulke vrijgave aanvaardt op verzoek van de begunstigde. 46. Elia gaat akkoord met deze vraag van Febeg, en heeft hiervoor artikel 18.4.5 na openbare raadpleging aangepast. 3. ANALYSE EN BEOORDELING VOORGESTELDE WIJZIGINGEN 3.1. ALGEMENE VOORAFGAANDE OPMERKINGEN VAN DE 47. Het onderzoek van de wijzigingen zal gebeuren in dezelfde volgorde als de volgorde van de wijzigingen voorgesteld door Elia in haar voorstel tot wijziging van de T&C BRP. 48. Het behoort tot de verantwoordelijkheid van Elia dat de goedgekeurde Nederlandse en Franse versie van de T&C BRP met elkaar overeenstemmen. 3.2. BESPREKING 3.2.1. Implementatieplan 49. In artikel 2 ‘Implementatieplan’ verduidelijkt Elia de implementatietermijnen van de voorgestelde wijzigingen. Beknopt gesteld, treden deze wijzigingen in werking: - Betreffende de berekening van de financiële waarborgen in artikel 18.4, van de T&C BRP vanaf de inwerkingtreding van de T&C BRP; De CREG merkt op dat de formulering in artikel 18.4 van de T&C BRP een zelf-verwijzing bevat door te stellen dat het artikel in werking treedt op moment de goedgekeurde wijzigingen van de T&C BRP in werking treden. De CREG is van oordeel dat dit de formulering een materiële fout is en als volgt gelezen moet worden: de inwerkintreding van het artikel kan immers pas gebeuren vanaf de goedkeuring door de CREG van de T&C BRP. - Betreffende de snellere onbalansverrekening op basis van provisionele allocaties, voorzien in artikel 22 en 29.4, van de T&C BRP, de eerste dag van de tweede maand die volgt op de maand waarbinnen de T&C BRP goedgekeurd werd; - Betreffende de elektronische facturatie via Peppol, worden de wijzigingen van toepassing na goedkeuring van de T&C BRP door de CREG, en niet vóór 1 januari 2026; - Betreffende de actualisatie van contactgegevens, worden de wijzigingen van toepassing na goedkeuring door de CREG van de T&C BRP. De CREG stelt vast dat Elia de inwerkingtreding van de elektronische facturatie via Peppol afhankelijk maakt van een goedkeuring door de CREG. De CREG merkt echter op dat de inwerkingtreding van de elektronische facturatie via Peppol buiten de bevoegdheid valt van de regulerende autoriteit, maar opgelegd wordt krachtens het Koninklijk besluit van 8 juli 2025 (zie deel 1.2.2 van deze beslissing). De toepassing van deze wijziging is bijgevolg niet onderhevig aan de goedkeuring van de CREG . Daarom herziet de CREG met toepassing van artikel 5.1 van de EBGL het Niet-vertrouwelijk 16/33 implementatieplan betreffende de elektronische facturatie via Peppol, als volgt: “
(2)De wijzigingen gerelateerd aan Peppol zullen van toepassing zijn na goedkeuring van deze T&C BRP door de competente regulatoren, en dit niet voor vanaf 01/01/2026” 3.2.
  1. Verwachte effect op de doelstellingen van de Verordening
  2. De CREG heeft geen opmerkingen bij de voorgestelde wijzigingen van artikel 3 en keurt deze bijgevolg goed. 3.2.
  3. Artikel 1 – Definities
  4. In het voorstel van de T&C BRP worden een aantal definities en afkortingen van termen toegevoegd. Daarnaast worden een aantal definities gewijzigd om deze accurater te maken.
  5. De CREG heeft hierop volgende opmerkingen: - Elia voegt de term “Digitaal Platform” toe. De CREG wenst het bestuur van het Digitaal Platform te verduidelijken in deze beslissing. De T&C BRP zijn onduidelijk over wie de verantwoordelijkheid voor de uitbating en het beheer van dit platform neemt en welke entiteit dit platform beheert. De CREG houdt het standpunt aan dat elke verantwoordelijkheid en elke taak die beschreven wordt in de T&C BRP toegewezen is aan de federale transmissiesysteembeheerder tenzij expliciet anders vermeld en goedgekeurd door de CREG. Daarenboven wordt elk hulpmiddel dat ter beschikking gesteld wordt aan de BRP en elke vorm van ondersteuning dat geleverd wordt aan de BRP, en die beschreven wordt in de T&C BRP, gratis aan de BRP ter beschikking gesteld of geleverd, tenzij expliciet anders vermeld en goedgekeurd door de CREG. Als gevolg van deze opmerking vraagt de CREG om in een eerstkomend voorstel tot wijziging van T&C BRP te verduidelijken dat dit Digitaal Platform uitgebaat wordt door Elia en gratis ter beschikking gesteld wordt aan BRPs. - Elia voegt de term “Finale Provisionele Allocaties” toe. De CREG verwijst naar paragrafen 64 tot en met 68 van deze beslissing. - Elia voegt de term “Provisionele Factuur” toe. De CREG verwijst naar paragrafen 64 tot en met 68 van deze beslissing. Als algemene opmerking vraagt de CREG ook aan Elia om naar aanleiding van een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BRP de definities, en de T&C BRP in het algemeen, te herschrijven zodat in de T&C BRP een abstractie gemaakt wordt van het spanningsniveau van afnames, leveringspunten, toegangspunten, injecties, afnames, meetuitrusting, etc. Artikel 18
(6)(a) EBGL vereist namelijk dat de T&C BRP de balanceringsverantwoordelijkheid voor elke connectie10 moet definiëren, waardoor de T&C BRP van toepassing moet zijn, ongeacht het spanningsniveau, op elke aansluiting van de activa; 10 Een “connection point” wordt in EU-Verordening 2016/631 gedefinieerd als “het punt waarop de elektriciteitsproductie-eenheid, de verbruikersinstallatie, het distributiesysteem of het HVDC-systeem is aangesloten op een transmissiesysteem, een offshore netwerk, een distributiesysteem, inclusief gesloten distributiesystemen, of een HVDC-systeem, als vastgelegd in de aansluitovereenkomst” Niet-vertrouwelijk 17/33 3.2.
  1. Artikel 5 Facturatie- en betalingsvoorwaarden
  2. Elia wijzigt artikel 5 met de invoering van de snellere vereffening van onbalansfacturen en het gewijzigd facturatieproces via Peppol.
  3. De wijzigingen aangebracht in artikel 5.1 van de T&C BRP hebben betrekking tot de invoering van elektronische facturatie via Peppol. De toepassing van Peppol is een wettelijke verplichting opgelegd aan iedere btw-plichtige (paragraaf 8 van deze beslissing).
  4. De wijzigingen aangebracht in artikel 5.2 van de T&C BRP hebben betrekking tot de snellere vereffening van onbalansfacturen. De betalingstermijn van elke factuur (provisionele facturen, basisfacturen en regularisatiefacturen) wordt verkort, van 30 (kalender)dagen naar 14 (kalender)dagen. Ook verwijdert Elia, bij een laattijdige betaling van de factuur, de gedoogperiode van drie dagen alvorens interesten aan te rekenen.
  5. De CREG is van mening dat het doel van Elia aangemoedigd moet worden, maar stelt vast dat de uitwerking om dit doel te bereiken onvoldoende is. Het doel van een snellere vereffening van onbalansfacturen vermindert de financiële risico’s voor de maatschappij doordat het bedrag van openstaande facturen met BRPs vermindert en dus de financiële impact van een eventuele wanbetaling, afneemt. Echter stelt de CREG vast dat de voorgestelde wijzigingen tegelijk de (administratieve) lasten bij BRPs verhogen omdat enerzijds de ontvangst van het aantal facturen wordt verhoogd door het opsturen van provisoire facturen, en anderzijds de betwistingstermijn wordt verlaagd naar 14 (kalender)dagen. Ook al begrijpt de CREG het argument van Elia dat deze betwistingstermijn in lijn ligt met wat geldt in de buurlanden, toch acht de CREG het nodig om de toegenomen administratieve last bij BRPs opnieuw te verwijderen. Daarvoor moeten twee noodzakelijke verbeteringen worden uitgevoerd. Ten eerste, moet de datakwaliteit voor de opmaak van de facturen verbeteren, zodat de provisoire facturen voldoende robuust zijn om als finale factuur te kunnen dienen. Ten tweede, moeten de BRPs zo snel als mogelijk de gegevens, waarop de facturen zich baseren, ontvangen zodat de BRPs in een vroeg stadium de correctheid van de facturen kunnen controleren. De CREG bespreekt deze opmerking verder in paragrafen 64 tot en met 68 van deze beslissing. 3.2.
  6. Artikel 10 Diverse bepalingen
  7. Elia wijzigt artikel 10.2 door te verduidelijken dat de contactgegevens voor de verschillende rollen, zoals opgelijst in Bijlage 2, voortaan geactualiseerd moeten worden via het digitaal platform in plaats van via een actualisatie van Bijlage
  8. De CREG is niet gekant tegen deze wijziging en keurt deze goed. 3.2.
  9. Artikel 18 Betalingswaarborg
  10. De CREG heeft geen opmerkingen over de voorgestelde wijzigingen in artikel 18.1 van de T&C BRP dat toelaat dat de bankwaarborg een combinatie mag zijn van meerdere bankwaarborgen en/of de betaling van een geldsom en keurt deze bijgevolg goed.
  11. De CREG stelt een spellingsfout vast in artikel 18.3, laatste alinea van de T&C BRP, Franse versie. ‘Garanie’ moet ‘garantie’ zijn. De CREG vraagt aan Elia om deze spellingsfout te corrigeren alvorens over te gaan tot de publicatie van de goedgekeurde T&C BRP. Niet-vertrouwelijk 18/33
  12. Elia wijzigt artikel 18.4 van de T&C BRP door het bedrag van de financiële garantie te bepalen als het maximum van enerzijds de financiële garantie zoals berekend op basis van de positie van de BRP (artikel 18.4.1 van het voorstel), en anderzijds de financiële garantie zoals berekend op basis van de provisionele facturen en basisfacturen van de BRP (artikel 18.4.2 van het voorstel).
  13. De eerste berekening wordt beschreven in artikel 18.4.1 van het voorstel en betreft de financiële garantiewaarde berekend op basis van de positie van de BRP dat gelijk is aan de gemiddelde onbalansprijs van afgelopen maand, vermenigvuldigd met de gemiddelde onbalanspositie van de BRP gedurende de afgelopen maand, vermenigvuldigd met een factor twaalf. De tweede berekening wordt beschreven in artikel 18.4.2 van het voorstel en betreft de financiële garantiewaarde berekend op basis van de provisionele facturen en basisfacturen van de BRP, dat gelijk is aan het gewogen gemiddelde van de facturen van de voorgaande drie maanden: de basisfactuur van drie maanden geleden wordt gewogen met een factor 33%, de basisfactuur van twee maanden geleden wordt gewogen met een factor 66%, en de provisionele factuur van afgelopen maand wordt gewogen met een factor 90%. Elia voorziet ook regels in geval de provisionele factuur van afgelopen maand nog niet beschikbaar is, alsook in geval de BRP nog geen voorgaande facturen ontvangen heeft van Elia (artikel 18.4.4 van het voorstel). Tot slot, voorziet artikel 18.4.5 van het voorstel dat de BRP zijn waarborg meteen moet aanpassen wanneer het vereiste bedrag van de waarborg 130% het huidig bedrag van de waarborg overschrijdt. Dit dient ook te gebeuren indien het vereiste bedrag 500 kEUR hoger ligt dan het huidige bedrag van de waarborg, maar niet indien het vereiste bedrag minder dan 15kEUR hoger ligt dan het vereiste bedrag van de waarborg. Nadat Elia de BRP hiervan op de hoogte heeft gebracht, beschikt de BRP over 30 kalenderdagen om hieraan te voldoen. Ook laat Elia de vermindering van de bankgarantie toe wanneer het vereiste bedrag 30% lager ligt dan het huidige bedrag. Dit mag ook gebeuren indien het vereiste bedrag 500 kEUR lager ligt dan het huidige bedrag, maar niet indien het vereiste bedrag minder dan 15 kEUR lager ligt dan het huidige bedrag. Elia zal de BRP hiervan op de hoogte brengen en, indien de BRP hierom vraagt, zal Elia de BRP een document bezorgen waarin Elia zich akkoord verklaart met de verlaging van de bankgarantie. Dit document wordt door Elia binnen de 5 werkdagen aan de BRP bezorgd.
  14. De CREG stelt vast dat de titel van artikel 18.4.1, onvolledig is en vraagt aan Elia om alvorens over te gaan tot de publicatie van de goedgekeurde T&C BRP, deze titel aan te vullen als volgt: “Financiële garantiewaarde op basis van de positie van de BRP”.
  15. De CREG verwijst naar haar opmerkingen in paragraaf 94 van haar beslissing (B)2991 van 10 april
  16. In deze paragraaf identificeerde de CREG reeds een discriminerende behandeling tussen BSPs en BRPs bij de berekening van de bankwaarborg. Immers, marktdeelnemers die hun onevenwichten compenseren via expliciete balancering zien hun bankwaarborg stijgen ten opzichte van marktdeelnemers die hun evenwichten compenseren via impliciete balancering. Nochtans zou een marktdeelnemer die zijn flexibele balanceringsmiddelen aanbiedt aan de transmissiesysteembeheerder geen negatieve impact hiervan mogen ondervinden. De voorgestelde wijziging dat ter goedkeuring voorligt, biedt geen antwoord op deze opmerking.
  17. Bijkomend voegt de CREG hieraan toe wat volgt. Uit de onderstaande tabel, die de tijdlijn van controleprocessen en facturatieprocessen met betrekking tot gebeurtenissen in maand M vergelijkt per marktrol (BSP en BRP), moet worden vastgesteld dat er een sterk verschil bestaat tussen enerzijds de behandeling van financiële stromen die Elia ontvangt (vanwege de BRPs) en anderzijds de financiële stromen die Elia moet uitgeven (aan de BSPs). Dit verschil biedt een Niet-vertrouwelijk 19/33 voordeel aan de transmissienetbeheerder zijnde dat zij sneller inkomsten ontvangt dan uitgaven moet doen. Voor de marktdeelnemer daarentegen, die zowel de rol van BSP en van BRP uitoefent, betekent dit een nadeel aangezien hij op een vroeger tijdstip uitgaven moet doen (in de rol van BRP) dan het tijdstip waarop hij inkomsten ontvangt (in de rol van BSP). Dit verschil leidt aldus ook tot een discriminerende behandeling tussen BSP en BRP, waarbij het opnieuw de BSP is die een negatieve impact hiervan ondervindt. BSP BRP Ontvangst gevalideerde Einde van de maand M+1 informatie Werkdag 10-16 van maand M+1 25 kalenderdagen Betwistingstermijn gevalideerde informatie na ontvangst ervan 14 dagen Ontvangst provisionele / factuur Werkdag 10-16 van maand M+1 Ontvangst basisfactuur Betalingstermijn ontvangst factuur Tussen
(1)35 kalenderdagen na Einde van de maand M+1 het einde van de maand M+1 en
(2)85 kalenderdagen na het einde van de maand M+1 na 15 dagen 14 dagen Tabel: opgemaakt door de CREG op basis van het voorstel tot wijziging van de T&C BRP 66. Deze discriminatie van BSPs ten opzichte van BRPs kan niet aanvaard worden door de CREG. Het leidt daarenboven ook tot verstorende prikkels tussen BSPs en BRPs, waardoor BSPs niet aangemoedigd worden om balanceringsdiensten aan te bieden aan de transmissienetbeheerder. Met andere woorden, het niet mee in rekening brengen van de door de BSP aangeboden balanceringsenergievolumes leidt tot een inbreuk op de bepalingen in artikel 3
(2)(a), artikel 44
(1)(f) en artikel 44
(1)(h) van de EBGL.
  1. De CREG heeft in haar beslissing (B)2991 van 10 april 2025 hiervoor reeds een wijzigingsverzoek gericht aan Elia om rekening te houden met de positieve en negatieve aangeboden FRR-balanceringsenergievolumes van de BSPs. Volgend op de opmerking beschreven in paragraaf 65 van deze beslissing, acht de CREG het absoluut noodzakelijk om dit wijzigingsverzoek nogmaals te herhalen en om de noodzaak van een verkorting van de duurtijd van de controleprocessen en facturatieprocessen van de BSP te benadrukken. Concreet betekent dit voor de CREG dat Elia de controleprocessen en facturatieprocessen van de BSP moet gelijkstellen met deze aan de BRP. Dit betekent dat van Elia wordt verwacht dat zij alles in het werk stelt om de gegevens met betrekking tot de balanceringsdiensten tijdig te ontvangen van alle belanghebbenden (bijvoorbeeld van de DNBs), zodat de BSP zijn basisfactuur eveneens als de BRP ontvangt op het einde van maand M+
  2. Bovendien moet de BSP zijn gevalideerde gegevens zo snel als mogelijk ontvangen, opdat hij ten volle zijn 25 kalanderdagen voor het betwisten van de meegedeelde gevalideerde gegevens kan benutten. De CREG zal deze opmerking verder met Elia bespreken in het kader van de uitwerking van het wijzigingsverzoek zoals geformuleerd aan Elia op 10 april
  3. Niet-vertrouwelijk 20/33
  4. Uit wat voorafgaat betekent dit dan ook dat de CREG slechts voorwaardelijk haar goedkeuring verleent betreffende alle wijzigingen die betrekking hebben op de berekening van de financiële waarborgen (artikel 18.4 van het voorstel) en met betrekking tot de snellere onbalansverrekening (artikel 5, 22 en 29.4, van het voorstel). Deze voorwaardelijke goedkeuring is gestoeld op het wijzigingsverzoek waarnaar verwezen wordt in voorgaande paragraaf.
  5. Voor de volledigheid laat de CREG gelden dat gestreefd moet worden naar een dagelijkse uitwisseling van informatie aan BRPs. De duurtijd van de controleprocessen is momenteel te lang ten gevolge van de lage datakwaliteit van ontvangen gegevens. De CREG vraagt daarom aan Elia om samen met de DNBs werkt te maken om de kwaliteitscontroles pro-actief uit te voeren in plaats van beroep te doen op reactieve regularisatieprocessen of manuele interventies, en hiervoor de nodige wijzigingen aan te brengen aan hun interne hulpmiddelen en, indien nodig, de samenwerkingsovereenkomst. Deze vraag van de CREG is gelijk aan een aanbeveling die IBM tijdens haar jaarlijkse audit over de uitvoering van de Regels voor Energieoverdracht11 heeft geformuleerd. 3.2.
  6. Artikel 20 Toewijzing aan de Evenwichtsperimeter
  7. Voor de FCR-activatie van een Leveringspunt DPSU wijzigt Elia artikel 20.8.1 van de T&C BRP in die zin dat een BRP-perimeter correctie wordt uitgevoerd in geval van een activatie van een balanceringsdienst, een dienst congestiebeheer, of het gevraagde volume in het kader van de DA/ID Energieoverdracht, met een Leveringspunt DPSU. De zinsnede ‘met uitzondering van een activatie FCR’ wordt geschrapt. Dit betekent dat in geval van de activatie van een Leveringspunt DPSU de uitzondering niet meer geldt bij het corrigeren van de BRP-perimeter. De CREG stelt vast dat in de Franse versie van de T&C BRP (zowel clean als in Track Changes) nog de zin: En cas d’activation de puissance de FCR à partir d’un Point de livraison DPSU, aucune correction de Périmètre d’équilibre n’est effectuée aanwezig is, terwijl in de Nederlandse versie van de T&C BRP deze zin in artikel 20.8.1 van de T&C BRP ontbreekt. De CREG vraagt aan Elia om dit in overeenstemming te brengen alvorens de goedgekeurde wijzigingen op de website van Elia gepubliceerd worden. In geval van een activatie van Leveringspunten DPPG door een FSP wordt BRP-perimeter wel gecorrigeerd volgens de principes vastgelegd in artikel 20.8.2 van de T&C BRP.
  8. De CREG is van mening dat de wijzigingen in artikel 20.8 van het voorstel tot verwarring leidt, hetgeen de contractuele inhoud, betreffende de correctie van de positie van een BRP, minder robuust maakt. Daarbij hebben de wijzigingen die in dit artikel opgenomen zijn geen betrekking op de doelen zoals beschreven in de inleiding van deze beslissing. Bovendien kunnen de wijzigingen in dit artikel ook doen uitschijnen dat de al dan niet correctie van de positie van de BRP bij activaties van FCR buiten de perimeter van de T&C BRP vallen, en dus nergens meer beschreven worden, terwijl dit absoluut niet het geval kan zijn. De T&C BRP moet een volledig overzicht bieden van alle situaties, inclusief deze die geen correctie van de perimeter teweeg brengen, en deze al dan niet correctie expliciet vermelden.
  9. De CREG acht het omwille van bovenstaande redenen raadzamer om in artikel 20.8 van de T&C BRP duidelijk te blijven vermelden dat de positie van de BRP niet gecorrigeerd wordt bij activaties van FCR. De opname in de T&C BRP van de regels omtrent de correctie van de positie van 11 Zie Deel 8 (Aanbevelingen’ van het auditrapport over Energieoverdracht 2025 - https://www.elia.be//media/project/elia/elia-site/electricity-market-and-system---document-library/transfer-of-energy/2025/toe-auditreport-2024_v04_external.pdf [online] Niet-vertrouwelijk 21/33 een BRP bij activatie van FCR een verplichting krachtens artikel 54
(4)(c) en artikel 18
(6)(
  1. k)van de EBGL. 73. Als gevolg van bovenstaande, aanvaardt de CREG de voorgestelde wijzigingen in de Nederlandse versie van artikel 20.8 van het voorstel tot wijziging van de T&C BRP, inclusief de titel van dit artikel, niet. De CREG vraagt dat een verduidelijking in artikel 20.8.1 opgenomen wordt, zijnde de positie van een BRP niet gecorrigeerd wordt bij activatie van FCR, zoals dit ook is opgenomen in de Franstalige versie van de T&C BRP. De CREG vraagt aan Elia om aan deze opmerking tegemoet te komen en dus de Nederlandse versie in overeenstemming te brengen met de Franse versie van T&C BRP alvorens over te gaan tot de publicatie van de T&C BRP. 3.2.8. Artikel 21 Onevenwicht per kwartier van BRP 74. De CREG heeft geen opmerkingen betreffende de voorgestelde wijzigingen in artikel 21 van de T&C BRP en keurt deze goed. 3.2.9. Artikel 22 Gegevensuitwisseling 75. Elia wijzigt artikel 22 van de T&C BRP door de gegevensuitwisseling voor het opstellen van de provisionele factuur en de basisfactuur, te verduidelijken. Zo stelt Elia voor om tussen de 11de en 16de werkdag van maand M+1, (waarbij de exacte datum afhankelijk is van de kwaliteit van de gegevens die Elia ontvangt vanwege DNBs), de gegevens van de maand M, die door Elia worden gebruikt voor de verrekeningsprocessen met de BRP, ter beschikking te stellen aan de BRP. Ook verduidelijkt Elia dat de provisoire gegevens die Elia ontvangt van DNBs, en die voorlopig door Elia nog niet gebruikt worden in de verrekeningsprocessen, ten laatste één kalendermaand na ontvangst ervan door Elia, aan de BRP ter beschikking worden gesteld. 76. Vooreerst verwijst de CREG naar paragrafen 67 tot en met 69 van deze beslissing. 77. De CREG stelt ook vast dat de Franse versie van de T&C BRP niet overeenstemt met de Nederlandse versie. In de tweede alinea wordt in de Franse versie geschreven: “Elia mettra à la disposition de [BRP] le volume du déséquilibre servant au règlement financier après la fin de chaque mois calendrier, après que Elia a reçu, de la part » terwijl in de Nederlandse versie geschreven staat : « Na het einde van elke kalendermaand, nadat Elia: ». De CREG nodigt Elia uit om, alvorens de goedgekeurde wijzigen gepubliceerd worden op de website van Elia, de Nederlandse versie in overeenstemming te brengen met de Franse versie. 78. De CREG stelt verder vast dat het eerste opsommingsteken de term “Finale Distributie Allocaties” gebruikt. De CREG heeft hierop twee opmerkingen. Ten eerste, is de CREG van mening dat een koppelteken geplaatst moet worden tussen “Distributie” en “Allocatie”, zodat de exacte term zoals gedefinieerd in artikel 1 van de T&C BRP gebruikt wordt. De CREG vraagt aan Elia om deze verbetering door te voeren alvorens over te gaan tot de publicatie van de T&C BRP. Ten tweede, wordt de term “Finale Distributie-Allocatie” niet gedefinieerd in artikel 1 van de T&C BRP. Begrijpend dat dit de aan de BRP toegewezen volumes zijn die gebruik worden in het kader van de onbalansverrekening om de uiteindelijke positie van die BRP te bepalen, stelt de CREG voor om de term “Finale” te vervangen door “uiteindelijke”, waardoor de gebruikte terminologie overeenkomt met hetgeen gebruikt wordt in Europese wetgeving. De CREG vraagt ook hier aan Elia om deze verbetering door te voeren alvorens over te gaan tot de publicatie van de T&C BRP op de website van Elia. 79. Ook merkt de CREG op dat er geen deadline opgenomen wordt in de T&C BRP tegen wanneer Elia de relevante gegevens moet ontvangen van DSBs. Rekening houdend met het feit dat deze Niet-vertrouwelijk 22/33 deadline mee bepaalt wanneer Elia de facturen kan opstellen en verzenden aan BRPs, en rekening houdend met de opmerkingen in paragrafen 64 en 90 van deze beslissing, acht de CREG het nodig om deze deadline op te nemen in de T&C BRP, alvorens over te gaan tot de publicatie van de T&C BRP op de website van Elia. 80. De CREG heeft verder geen overige opmerkingen en keurt bijgevolg deze wijzigingen goed. 3.2.10. Artikel 24 Dagelijks Evenwichtsprogramma 81. Elia wijzigt artikel 24.4 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 82. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen in artikel 24 van de T&C BRP goed. 3.2.11. Artikel 25 Procedure voor de indiening van Dagelijks Evenwichtsprogramma’s 83. Elia wijzigt artikel 25.4 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 84. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen in artikel 25 van de T&C BRP goed. 3.2.12. Artikel 26 Systeem met betrekking tot de Indiening van Dagelijkse Evenwichtsprogramma’s 85. Elia wijzigt artikel 26.1 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 86. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen in artikel 26 van de T&C BRP goed. 3.2.13. Artikel 27 Volledige Evenwichtsprogramma’s of gedeeltelijke weigering van Dagelijkse 87. Elia wijzigt artikelen 27.1.2 en 27.2.2 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 88. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen in artikel 27 van de T&C BRP goed. 3.2.14. 89. Artikel 29 Tarieven en facturatie Elia wijzigt artikel 29.4 van de T&C BRP met als doel om het facturatieproces aan te passen. Elia stelt voor om binnen een termijn van 6 dagen na ontvangst van alle nodige gegevens vanwege DSBs, een provisionele verrekening van de onevenwichten van een BRP in maand M vast te stellen. Het resultaat hiervan resulteert in een provisionele factuur, die tussen de 11de en 16de werkdag van de maand M+1 wordt verstuurd naar de BRP, en dit afhankelijk van de kwaliteit van de ontvangen gegevens vanwege de DSBs. Niet-vertrouwelijk 23/33 Indien op de 16de werkdag van maand M+1 het nog steeds onmogelijk zou zijn voor Elia om een provisionele factuur op te stellen, wordt geen provisionele factuur opgesteld, ook wanneer het bedrag van de provisionele factuur lager zou liggen dan 50 kEUR. Het bedrag dat gefactureerd wordt via de provisionele factuur, wordt vervolgens afgetrokken van de uiteindelijke afrekening van onbalansen van de BRP, ten laatste één maand na de ontvangst van de gevalideerde gegevens vanwege DSBs. Het resulterende bedrag wordt dan via een basisfactuur afgerekend. Tot slot, is er nog steeds een regularisatie van de uiteindelijke afrekening van onbalansen van de BRP mogelijk tot 6 maanden na maand M. 90. De CREG stelt vast dat er niet echt sprake is van een snellere afwikkeling van onbalansfacturen. Het gewijzigd facturatieproces is enkel bedoeld om voorschotten te vragen aan de BRPs, in de vorm van provisionele facturen, die later nog geregulariseerd worden via de basisfactuur, wanneer de gevalideerde gegevens betreffende de distributie-allocaties gekend zijn. De CREG stelt vast dat het knelpunt vooral lijkt te liggen bij de validatie van de nodige gegevens vanwege de DSBs om facturen te kunnen opstellen en dat nu verholpen wordt via het versturen van voorschotfacturen. De CREG verwijst naar paragrafen 650 tot en met 69 van deze beslissing. 91. Voor het overige vraagt de CREG aan Elia om, alvorens over te gaan tot de publicatie van de goedgekeurde wijzigingen van de T&C BRP, de enkele spellingsfouten in de Nederlandstalige versie van dit artikel van de T&C BRP te corrigeren. Zo bevat de eerste alinea onder titel “
  2. b)basisfactuur” de spelfout ‘distributienetbeheerdes’ in plaats van ‘distributienetbeheerders’ en bevat de alinea hierna de spelfout ‘beschouwed’ in plaats van ‘beschouwd’. 3.2.15. Artikel 30 Regels voor de berekening van de onevenwichtsprijs 92. De CREG heeft geen opmerkingen op de voorgestelde wijzigingen en keurt deze bijgevolg goed. 3.2.16. Bijlage 2 Contactinformatie 93. Elia wijzigt bijlage 2 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 94. De CREG merkt op dat deze bijlage enorm werd afgezwakt. De door Elia gevraagde contactgegevens worden niet expliciet meer vermeld. Zo verduidelijkt het huidige BRP-contract dat, voor elke rol informatie gegeven moet worden over de gewenste taal, de functie van de contactpersoon, de aanspreking van de contactpersoon, de voor- en familienaam van de contactpersoon, en het adres, telefoonnummer en email waarop de contactpersoon bereikt kan worden. De CREG is niet noodzakelijk gekant tegen de verwijdering van wat onder ‘contactgegevens’ begrepen moet worden, maar wijst Elia erop dat de minimaal nodige informatie opgevraagd moet worden om haar gereguleerde activiteiten te kunnen uitoefenen, en dat de GDPR-wetgeving nageleefd wordt. De CREG vraagt aan de BRPs om hierop aandachtig te zijn. 95. De CREG heeft verder geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen van Bijlage 2 van de T&C BRP goed. Niet-vertrouwelijk 24/33 3.2.17. Bijlage 3 Pooling-overeenkomst 96. Elia wijzigt bijlage 3 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 97. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen van Bijlage 3 van de T&C BRP goed. 3.2.18. Bijlage 4 Voorzieningen betreffende evenwichts-verantwoordelijke verbonden aan een offshore interconnector (brpo.i.) 98. De CREG heeft geen opmerkingen over de voorgestelde wijzigingen en keurt bijgevolg alle voorgestelde wijzigingen van Bijlage 4 van de T&C BRP goed. 3.2.19. Bijlage 5 Notificatie aan de BRP in het kader van een activatie van leveringspunten DPpg in de evenwichtsperimeter van de BRP 99. Elia wijzigt bijlage 5 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 100. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen van Bijlage 5 van de T&C BRP goed. 3.2.20. Bijlage 6 Tijdens een storm op zee te volgen procedure 101. Elia wijzigt bijlage 6.1 van de T&C BRP om dit artikel consistent te maken met de overige wijzigingen omtrent de actualisering van contactgegevens via het digitaal platform. 102. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt alle voorgestelde wijzigingen van Bijlage 6 van de T&C BRP goed. 3.3. AANVULLENDE OPMERKINGEN 3.3.1. Opmerkingen uit voorgaande beslissingen 103. In beslissing (B)2764 van 28 maart 2024 heeft de CREG de volgende opmerkingen geformuleerd waarmee Elia rekening dient te houden bij de eerstvolgende indiening van een goedkeuringsaanvraag tot wijziging van de T&C BRP: a. In paragraaf 67 van deze beslissing vereist de CREG dat, indien de alfa-component behouden, versoepeld of verstrengd wordt ten gevolge van de resultaten van het evaluatieplan, Elia een volledige beschrijving in artikel 3 van de T&C BRP moet opnemen wat betreft het verwachte effect van de alfa-component voor iedere doelstelling van de EBGL; b. In paragraaf 73 van deze beslissing vraagt de CREG om de nationale grensvoorwaarden te duiden, en alzo het prikkelend karakter van de alfa-component te bewijzen. 104. In beslissing (B)2688 van 30 november 2024 heeft de CREG de volgende vragen gericht aan Elia: Niet-vertrouwelijk 25/33 c. In paragraaf 76 van deze beslissing vraagt de CREG om de definities en terminologie te aligneren met Europese regelgeving en duplicaties van inhoud verwijderen indien deze zich in andere regelgevende documenten moet bevinden. De CREG stelt vast dat Elia reeds gedeeltelijk tegemoetkomt aan deze vraag en dat Elia zich geëngageerd heeft tot een werkplanning dat ertoe moet leiden dat tegen het einde van het jaar 2025 volledig aan deze opmerking voldaan zal zijn. 105. In beslissing (B)2991 van 10 april 2025 heeft de CREG de volgende vragen gericht aan Elia: d. In paragraaf 68 van deze beslissing vraagt de CREG aan Elia om de voorgestelde baselinemethoden te vereenvoudigen in geval bijlage 3ter van het toegangscontract ondertekend wordt, en dit door elke BRP; e. In paragraaf 87 van deze beslissing vraagt de CREG aan Elia om de balanceringsverantwoordelijkheid voor elke connectie te definiëren, ongeacht het spanningsniveau waar deze connectie zich bevindt; f. In paragraaf 92 van deze beslissing vraagt de CREG aan Elia om het belang van een onderscheid tussen ‘evenwichtsperimeter’ en ‘toewijzing aan de evenwichtsperimeter’ te verduidelijken, gegeven dat de evenwichtsperimeter tot op het niveau van meetpunt gedefinieerd en toegewezen kan worden; g. In paragraaf 103 van deze beslissing vraagt de CREG aan Elia wie ‘onder derden’ verstaan moet worden, en welke andere niet-gevalideerde meetgegevens meegedeeld moeten worden aan de TSB; h. In paragraaf 110 van deze beslissing vraagt de CREG waarom er nog steeds een factuur voor day-ahead externe inconsistentie aangerekend zou kunnen worden indien de BRP haar handelsprogramma tijdig, in intraday, corrigeert; 3.3.2. Standpunt van de CREG in het kader van flexibele aansluitovereenkomsten 106. Elia heeft, in navolging van reacties van belanghebbenden tijdens de openbare raadpleging van 3 september 2025 tot en met 3 oktober 2025, de correctie van de perimeter van de BRP, in wiens portefeuille een flexibele aansluitovereenkomst wordt geactiveerd, verwijderd. In haar beslissing (B)2899 van 10 april 2025 heeft de CREG aan Elia gevraagd om binnen het jaar, i.e. tegen ten laatste 10 april 2026, een nieuw voorstel van T&C BRP in te dienen bij de CREG dat rekening houdt met hetgeen uiteengezet wordt in paragrafen 206, 208, 226 en 325 van beslissing (B)2899. Alhoewel deze deadline nog niet overschreden is, stelt de CREG vast dat er nog slechts drie maanden beschikbaar zijn om zulk voorstel uit te werken, hierover een openbare raadpleging te organiseren, en ter goedkeuring voor te leggen aan de CREG. 107. De CREG acht het dan ook nodig om deze vraag opnieuw te herhalen als wijzigingsverzoek, krachtens artikel 6
(3)van de EBGL. Het is echter voor de CREG ook noodzakelijk om de oorspronkelijke vraag uit te breiden. Deze uitbreiding motiveert de CREG aan de hand van de volgende paragrafen. Niet-vertrouwelijk 26/33 3.3.2.1. Partijen die betrokken zijn bij een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst, en hun interacties in geval van een activatie van zulke overeenkomst 108. Een flexibele aansluitovereenkomst krachtens artikel 6bis van de Elektriciteitsrichtlijn12 is een overeenkomst tussen een systeembeheerder en een netgebruiker die zich wenst aan te sluiten aan een elektriciteitsnet dat een te beperkte beschikbare netwerkcapaciteit heeft om deze nieuwe aansluiting mogelijk te maken. Zulk contract moet onder andere de maximale vaste injectie in en afname van het net van elektriciteit, alsmede de aanvullende flexibele injectie- en afnamecapaciteit die gedurende het jaar per tijdblok kan worden aangesloten en gedifferentieerd, bevatten. Men spreekt van een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst wanneer de systeembeheerder, omwille van een verzadigd netwerk, de injectie- of afnamecapaciteit van de netgebruiker beperkt. Ondanks het feit dat in België de flexibele aansluitovereenkomst afgesloten wordt tussen netgebruiker en een netbeheerder, heeft een activatie van deze flexibele aansluitovereenkomst door de netbeheerder gevolgen voor meerdere marktpartijen die geen contractspartij zijn van een flexibele aansluitovereenkomst, namelijk enerzijds de marktdeelnemer die diensten levert aan de netgebruiker, waaronder balanceringsverantwoordelijke die belast is met de opvolging van de injectie of afname van deze netgebruiker, zijnde de BRP alsook voor de federale transmissiesysteembeheerder. 109. Hierna volgt een overzicht van deze gevolgen voor elk van de bovengenoemde marktpartijen. Voor de volledigheid is er ook een impact op de aanbieders van balanceringsdiensten die flexibele balanceringsmiddelen van de netgebruiker vermarkt via de balanceringsmarkten, maar deze impact wordt niet verder besproken in de uiteenzetting die hierna volgt. 110. De netgebruiker zal mogelijks in reële tijd niet kunnen injecteren of afnemen wat hij zou willen injecteren of afnemen. Dit is het geval wanneer de resterende injectie- of afnamecapaciteit, na activatie van de flexibele aansluitovereenkomst, lager ligt dan hetgeen de netgebruiker zou willen injecteren of afnemen. Er wordt opgemerkt dat deze beperking zich kan realiseren in een vermindering van de werkelijke injectie (of afname) in reële tijd, maar ook in een vermindering van de nog beschikbare capaciteit om meer te injecteren (of meer af te nemen), indien de (balanceringsprijs) signalen in reële tijd zulke extra injectie of afname zouden aanmoedigen. Voor de duidelijkheid beperkt een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst niet altijd de vrijheid van de netgebruiker om hetgeen hij wenst te injecteren of om af te nemen. 111. Wanneer een systeembeheerder de flexibele aansluitovereenkomst activeert, doet hij dat voor de veilige uitbating van zijn net waarvoor hij verantwoordelijk is. Door de maximale injectieof afnamecapaciteit van de aangesloten injectie- of afnamecapaciteit via een activatie van de flexibele aansluitovereenkomst te beperken, verwijdert de netbeheerder elk risico op een mogelijke overbelasting van de beperkende netwerkelementen ten gevolge van een te veel aan injectie of afname. Het is belangrijk hierbij op te merken dat de BRP en de transmissiesysteembeheerder hiervan de gevolgen ondervinden en dit indien (
  1. i)deze lager ligt dan hetgeen de netgebruiker zou willen injecteren of afnamen en deze dus de werkelijke injectie en afname beïnvloeden, en indien (
  2. ii)de flexibele aansluitovereenkomst door de relevante systeembeheerder geactiveerd wordt op een moment wanneer er geen of te weinig (groothandelsmarkt)opportuniteiten voor de BRP zijn of wanneer er te weinig tijd is voor de BRP om deze opportuniteiten te grijpen, met als doel deze beïnvloeding van de werkelijke injectie of afname via groothandelsmarkten te verhandelen. 12 Richtlijn (EU) 2019/944 van het Europees Parlement en de Raad van 5 juni 2019 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markt voor elektriciteit en tot wijziging van Richtlijn 2012/27/EU, laatst gewijzigd op 12 oktober 2025. Niet-vertrouwelijk 27/33 Als de werkelijke injectie (of afname) onverwacht lager is dan de verwachte injectie (of afname), wordt ook een verschil tussen de verwachte injectie (of afname) zichtbaar in de portefeuille van de BRP. Dit verschil creëert een onbalans in de positie van de BRP. Het is nuttig om nu reeds op te merken dat deze onbalans niet veroorzaakt wordt door de BRP zelf, maar door de systeembeheerder die de flexibele aansluitovereenkomst activeert. Aangezien de BRP niet in staat is om deze onbalans te vermarkten via de groothandelsmarkten voor elektriciteit, wegens de reële tijd waarop dit effect in de portefeuille van de BRP zichtbaar wordt, leidt deze onbalans tot een systeemonbalans in de Belgische belasting-frequentieregelzone (hierna: “LFC-zone”). Dit heeft voor gevolg dat de transmissiesysteembeheerder moet reageren om elke systeemonbalans te neutraliseren door activatie van balanceringsenergie. De activatie van een flexibele aansluitovereenkomst heeft in dit geval dus een dubbele impact op de transmissiesysteembeheerder . Ten eerste zal de transmissiesysteembeheerder een ander volume aan balanceringsenergie moeten activeren. Daarnaast wordt ook de prijs waaraan de transmissiesysteembeheerder deze balanceringsenergie moet aankopen, beïnvloed, aangezien de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst een impact heeft op systeemonbalansen (en dus op de vraagzijde van de balanceringsmarkten). Dit heeft ook voor gevolg dat om zich in te dekken, de transmissiesysteembeheerder in de toekomst mogelijks meer balanceringscapaciteit zal moeten aankopen, omwille van de impact van de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst op de systeemonbalans (en dus ook op het te dekken onbalansrisico waaraan de transmissiesysteembeheerder wordt blootgesteld). Al deze gevolgen hebben een rechtstreekse impact op de federale transmissienettarieven. Ten tweede zal de transmissiesysteembeheerder de systeemonbalansen minder efficiënt kunnen neutraliseren, omwille van de toegenomen onzekerheid inzake de voorspellingen van systeemonbalansen in de LFC zone. 112. Omwille van wat hierboven beschreven wordt, heeft de CREG in paragraaf 201 van de beslissing (B)2899 van 10 april 2025 aan Elia gevraagd om zo snel als mogelijk de activatie van flexibele aansluitovereenkomsten in reële tijd te vervangen met een activatie in day-ahead of intraday. Indien een flexibele aansluitovereenkomst bijvoorbeeld ten laatste één uur voor de sluiting van de grensoverschrijdende handel op de EU-gekoppelde intradaymarkt, geactiveerd wordt, en indien deze activatie tegen dit tijdstip ook duidelijk bevestigd wordt aan de BRP, heeft deze een redelijke tijd om zich te herpositioneren op de EU-gekoppelde intradaymarkt. Als gevolg kunnen bovenvermelde negatieve gevolgen van de activatie van flexibele aansluitovereenkomsten, vermeden worden. 113. Tot slot, is het ook van belang op te merken dat elke activatie van een flexibele aansluitovereenkomst in België een impact kan hebben op de BRP en op de transmissiesysteembeheerder. De bovenstaande impact geldt dus voor zowel flexibele aansluitovereenkomsten afgesloten door de transmissiesysteembeheerder als door de beheerders van het plaatselijk vervoersnet en de distributienetbeheerders. 3.3.2.2. Vermijden van verstorende prikkels voor elke partij 114. De activatie van een flexibele aansluitovereenkomst mag niet leiden tot verstorend gedrag van belanghebbenden. Onder verstorend gedrag verstaat de CREG een gedrag dat leidt, of kan leiden, tot een negatieve impact op het prijsbeleid, waaronder de federale transmissiesysteemtarieven en de prijsvorming/werking van de groothandelsmarkten, of het beheer van het federale transmissiesysteem Niet-vertrouwelijk 28/33 115. Zo is de CREG van oordeel dat een netgebruiker geen baten mag genereren voor de injectie of de afname die beperkt wordt ten gevolge van de activatie van een flexibele aansluitovereenkomst. Deze injectie of afname wordt immers niet werkelijk geïnjecteerd of afgenomen in het elektriciteitssysteem. Anders gesteld: de netgebruiker ontvangt baten voor een actie (injectie of afname) die hij in werkelijkheid niet uitvoert. Indien de netgebruiker structureel de baten verwerft voor deze niet-geleverde injectie of afname (maar niet beperkt tot) ten gevolge van een verkoop van deze niet-geleverde injectie of afname, wordt de netgebruiker aangemoedigd om zo veel mogelijk injectie of afname te verkopen en dit ongeacht de netwerkcapaciteit die beschikbaar is om de injectie of afname werkelijk te leveren. Deze verstorende prikkels, waarbij de netgebruiker baten ontvangt zonder de daarbij horende verantwoordelijkheid te moeten opnemen, dient verwijderd te worden. De bovengenoemde prikkel versterkt namelijk de ongewenste impact op de BRP en op de transmissiesysteembeheerder, zoals uiteengezet in paragrafen 114 en 112 van deze beslissing. Deze prikkel moet worden verwijderd door de netgebruiker te verplichten om de baten die geassocieerd zijn met deze niet-geleverde injectie of afname, terug af te staan13. Op deze manier ontvangt de netgebruiker geen ongerechtvaardigde baten ten gevolge van de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst. 116. Zo kan de BRP ook niet verantwoordelijk worden gesteld voor de onbalansen die hijzelf niet veroorzaakt heeft. Onbalansen ten gevolge van de activatie van flexibele aansluitovereenkomsten worden veroorzaakt door de netbeheerder die de flexibele aansluitovereenkomst activeert. Dit neemt niet weg dat een BRP, indien hij tijdig op de hoogte gesteld wordt van de activaties van flexibele aansluitovereenkomsten in zijn portefeuille, hij op deze verandering moet anticiperen door te ageren op de groothandelsmarkten voor elektriciteit en zo te proberen om zich in reële tijd in evenwicht te brengen. Echter is dit niet mogelijk wanneer de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst laattijdig geactiveerd wordt, en dus ook laattijdig bevestigd wordt aan de BRP, waardoor aan de BRP de mogelijkheid ontnomen wordt om het gecreëerde onevenwicht te verhandelen via de liquide, EUgekoppelde intradaymarkt. In dit geval is het onredelijk om de BRP financieel verantwoordelijk te stellen voor de door de systeembeheerder gecreëerde onbalans in zijn portefeuille. Indien de BRP wel financieel verantwoordelijk gesteld zou worden voor deze onbalansen, ontvangt de marktdeelnemer een prikkel om balanceringsmiddelen niet ten dienste te stellen aan het elektriciteitssysteem, maar om deze balanceringsmiddelen te gebruiken voor het in evenwicht brengen van zijn eigen portefeuille. Deze prikkel gaat in tegen de doelstelling van efficiënte balancering krachtens artikel 3
(1)(a) en 3
(1)(b) van de EBGL, zijnde het aanmoedigen van deelname aan de balanceringsmarkten, en het aanmoedigen van effectieve concurrentie in deze balanceringsmarkten. Aldus moet deze prikkel verwijderd worden door de positie van de BRP te corrigeren met de onbalans die gecreëerd werd ten gevolge van een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst, en dit alvorens de inwerkingtreding van een kader van flexibele aansluitovereenkomsten in België.
  1. Tot slot, bestaat de totaalkost van de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst uit een kost gelinkt met de activatie zelf en een kost gelinkt met het verzekeren van consistentie van de handelsprogramma’s (cfr. hetgeen uiteengezet in paragraaf 111 van deze beslissing). Een deel van de operationele kost van de activatie van flexibele aansluitovereenkomsten door de relevante systeembeheerder wordt gelegd bij de transmissiesysteembeheerder wanneer 13 Verwijzend naar paragraaf 111 van deze beslissing, ontvangt de TSB deze baten zodat een deel van de extra kosten die de TSB moet spenderen om de onbalans ten gevolge van een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst te neutraliseren, gedekt wordt. Niet-vertrouwelijk 29/33 balanceringsenergie gebruikt moet worden om consistentie van handelsprogramma’s te verzekeren. Bij uitbreiding wordt ook een deel van de kost bij de BRPs gelegd aangezien de prijs voor balanceringsenergie gewijzigd wordt door deze additionele vraag naar balanceringsenergie. De CREG is niet gekant tegen het gebruik van balanceringsenergie om de consistentie van handelsprogramma’s te verzekeren, op voorwaarde dat deze oplossing tot de laagste totale systeemkosten leidt, en dus ook tot de laagste kosten leidt voor de Belgische eindconsument. Echter is de CREG wel van oordeel dat de kosten die gemaakt worden ten gevolge van deze ondersteuning, ook correct mee in rekening gebracht moet worden bij de evaluatie van de kosten voor de activatie van een flexibele aansluitovereenkomst door de netbeheerder die deze flexibele aansluitovereenkomst activeert. Een correcte verrekening van deze kosten tussen de transmissiesysteembeheerder en de netbeheerder die de flexibele aansluitovereenkomst activeert verwijdert eventuele prikkels die deze kostenoptimale inzet van beschikbare middelen zouden kunnen verstoren.
  2. Het voorgaande neemt niet weg dat er ook duidelijkheid verschaft moet worden over de verantwoordelijkheden, rechten en plichten, zowel die van de transmissiesysteembeheerder als die van de netbeheerders die flexibele aansluitovereenkomsten kunnen activeren, in het geval investeringen nodig zijn vanwege de transmissiesysteembeheerder, om flexibele aansluitovereenkomst tussen een andere netbeheerder en haar netgebruikers om te zetten naar vaste aansluitovereenkomsten, en vice versa. Echter valt dit kader buiten de operationele context zoals geschetst in paragraaf 117 van deze beslissing. 3.3.2.
  3. Opties waarbinnen netbeheerders flexibele aansluitovereenkomsten kunnen sluiten
  4. Gegeven het bovenstaande, ziet de CREG momenteel twee opties waarbinnen systeembeheerders flexibele aansluitovereenkomsten kunnen sluiten met hun netgebruikers zonder ongewenste effecten te creëren op het federale niveau.
  5. De eerste optie is een flexibele aansluitovereenkomst waarbij de activatie ervan door de relevante systeembeheerder wordt beslist voldoende vóór het einde van de grensoverschrijdende intradaymarkt zodat dit aan de netgebruiker en de BRP tijdig gecommuniceerd kan worden door de relevante systeembeheerder. In dit geval heeft de BRP nog voldoende tijd om haar gewijzigde positie te verhandelen via de intradaymarkt en is de BRP ook contractueel in staat om deze actie accuraat te verrekenen met de netgebruiker. Aangezien de BRP zelf de consistentie van haar handelsprogramma kan blijven verzekeren, blijft ze financieel verantwoordelijk voor eventuele onbalansen die zij creëert in het systeem. Als gevolg moet de transmissiesysteembeheerder ofwel geen balanceringsenergie activeren, of kan de transmissiesysteembeheerder de balanceringskosten in het geval wel balanceringsenergie geactiveerd moet worden, verrekenen met de BRP. Met andere woorden, de prikkels die uiteengezet worden in paragrafen 114 tot en met 118 van deze beslissing, zijn afwezig.
  6. De tweede optie is een flexibele aansluitovereenkomst waarbij de activatie ervan door de relevante systeembeheerder wordt beslist onvoldoende vóór het einde van de grensoverschrijdende intradaymarkt waardoor dit dus ook onvoldoende tijdig aan de netgebruiker en de BRP kan worden gecommuniceerd door de relevante netbeheerder. In dit geval heeft de BRP onvoldoende tijd om haar gewijzigde positie te verhandelen via de intradaymarkt. Aldus kan de BRP niet financieel verantwoordelijk gesteld worden voor de onbalansen die de netbeheerder die de flexibeleaansluitingsovereenkomst activeert, veroorzaakt in het systeem. De prikkels die uiteengezet worden in paragrafen 114 tot en met 118 van deze beslissing, zijn aanwezig, en moeten opnieuw verwijderd worden. Deze verwijdering gebeurt door de combinatie van de volgende maatregelen: Niet-vertrouwelijk 30/33 - de netgebruiker moet de baten die geassocieerd zijn met deze niet-geleverde injectie of afname, terug afstaan, zoals uiteengezet in paragraaf 115 van deze beslissing; - de positie van de BRP moet gecorrigeerd worden met de onbalans die gecreëerd werd ten gevolge van een activatie van de flexibele aansluitovereenkomst, zoals uiteengezet in paragraaf 116 van deze beslissing; - De netbeheerder die de flexibele aansluitovereenkomst activeert dient rekening te houden met de balanceringskosten die rechtstreeks of onrechtstreeks verbonden zijn aan deze activatie bij zijn evaluatie van kostenoptimaal congestiebeheer , zoals uiteengezet in paragraaf 117 van deze beslissing.
  7. Aldus vraagt de CREG aan Elia, in zowel haar rol als federale transmissienetbeheerder als in haar rol als beheerder van het plaatselijk vervoersnet, om de eerste maatregel toe te passen op alle netgebruikers die een flexibele aansluitovereenkomst met Elia afsluiten, waarvan de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst door de relevante netbeheerder onvoldoende vóór het einde van de grensoverschrijdende intradaymarkt definitief wordt beslist en dus onvoldoende tijdig op voorhand aan de netgebruiker en de BRP kan worden gecommuniceerd. Ook vraagt de CREG aan Elia, om in haar rol als federale transmissiesysteembeheerder overleg te plegen met BRPs, met als doel samen het geschikte moment te bepalen vanaf wanneer er voldoende tijdig gecommuniceerd moet worden vóór het einde van de grensoverschrijdende intradaymarkt om de eventuele onbalansen ten gevolge van de activatie van flexibele aansluitovereenkomsten, te verhandelen. Dit moment moet relatief bepaald worden ten opzichte van de gatesluitingstijd van de EU-gekoppelde intradaymarkt. Tot slot, vraagt de CREG aan Elia, om in haar rol als federale transmissiesysteembeheerder de samenwerkingsovereenkomst tussen TSB en DSBs te wijzigen zodat alle relevante informatie omtrent de activatie van flexibele aansluitovereenkomsten door de DSB inclusief het tijdstip waarop de activatie van een flexibele aansluitovereenkomst definitief beslist wordt en aan de netgebruiker en de BRP gecommuniceerd wordt, aan de TSB gecommuniceerd wordt. Verwijzend naar paragraaf 117 van deze beslissing, vraagt de CREG aan Elia om als transmissiesysteembeheerder deze informatie verder aan de CREG te communiceren, zodat de CREG toezicht kan houden op de impact van de activatie van flexibele aansluitovereenkomsten door eender elke netbeheerder in België op de efficiëntie van balancering. Deze informatieverschaffing moet minstens bevatten: het tijdstip wanneer de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst start en eindigt, de evolutie van de setpoint tijdens deze periode, de evolutie van de baseline tijdens deze periode, de evolutie van het gemoduleerde vermogen, de relevante netbeheerder die de flexibele aansluitovereenkomst activeert, en de relevante netgebruiker of de relevante activa. Deze informatie wordt maandelijks aan de CREG meegedeeld, en dit vanaf het moment dat een flexibele aansluitovereenkomst in België toepassing vindt. 3.3.2.
  8. Wijzigingsverzoek van de CREG
  9. Rekening houdend met paragrafen 120 121 en 122 van deze beslissing, verzoekt de CREG, krachtens artikel 6
(3)van de EBGL, aan Elia om de correctie van de positie van de BRP inzake de onbalans die gecreëerd wordt ten gevolge van een activatie van een flexibele aansluitovereenkomst in België, op te nemen in een voorstel tot wijziging van de T&C BRP en dit wanneer de activatie van de flexibele aansluitovereenkomst door een netbeheerder onvoldoende vóór het einde van de grensoverschrijdende intradaymarkt definitief wordt beslist en aan de netgebruiker en de BRP gecommuniceerd wordt. Voor de duidelijkheid laat de CREG gelden dat deze correctie van de BRPperimeter voor elke activatie van een flexibele aansluitingsovereenkomst van toepassing is, en dit Niet-vertrouwelijk 31/33 ongeacht het spanningsniveau van aansluiting van de netgebruiker die een flexibele aansluitovereenkomst afgesloten heeft met zijn netbeheerder. Aangezien dit wijzigingsverzoek ook verband houdt met een degelijke informatie-uitwisselingen tussen de TSB en de andere netbeheerders van het Belgisch elektriciteitsnet, dient Elia aan dit wijzigingsverzoek pas tegemoet te komen tegen ten laatste 30 november
  1. CONCLUSIE Met toepassing van artikel 5.4, c), van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering, keurt de CREG het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP, ingediend door Elia Transmission Belgium SA bij de CREG op 4 december 2025 na herziening goed, behalve de wijzigingen in artikel 20.8 van de T&C BRP zoals uiteengezet in paragraaf 73 van deze beslissing, en met dien verstande dat alle wijzigingen die betrekking hebben op de berekening van de financiële waarborgen (artikel 18.4 van het voorstel) en met betrekking tot de snellere onbalansverrekening (artikel 5, 22 en 29.4, van het voorstel) deze wijzigingen een voorwaardelijke goedkeuring genieten om redenen uiteengezet in paragraaf 68 van deze beslissing. Met toepassing van artikel 5.1, van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering, herziet de CREG het voorstel tot wijziging van de T&Cs BRP, ingediend door Elia Transmission Belgium SA bij de CREG op 4 december 2025conform de paragraaf 49 van deze beslissing. Alvorens over te gaan tot de publicatie van de goedgekeurde en voorwaardelijk goedgekeurde wijzigingen van de T&Cs BRP, ingediend door Elia Transmission Belgium SA bij de CREG op4 december 2025, vraagt de CREG aan Elia om de materiële fouten vastgesteld in de paragrafen 60, 63, 70, 77, 78, 79 en 91 van deze beslissing te verbeteren. Met toepassing van artikel 6.3 van de Verordening (EU) 2017/2195 van de Commissie van 23 november 2017 tot vaststelling van de richtsnoeren voor elektriciteitsbalancering richt de CREG tot Elia een wijzigingsverzoek tot Elia om in een eerstkomend voorstel tot wijziging van de T&C BRP gevolg te geven aan de opmerkingen uiteengezet in de paragrafen 52, 107 en 123, voorstel dat ten laatste bij de CREG moet worden ingediend op 30 november
  2. Deze beslissing treedt in werking op de datum van goedkeuring.  Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet-vertrouwelijk Ilse TANT Directeur Koen LOCQUET Voorzitter van het Directiecomité 32/33 BIJLAGE 1 Voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden van de Balanceringsverantwoordelijke of “T&Cs BRP”, clean Nederlandstalige, Franstalige en Engelstalige versie – ingediend door Elia bij de CREG op 4 december 2025 BIJLAGE 2 Voorstel tot wijziging van de methodologieën en voorwaarden van de Balanceringsverantwoordelijke of “T&Cs BRP”, track changes Nederlandstalige, Franstalige en Engelstalige versie – ingediend door Elia bij de CREG op 4 december 2025 BIJLAGE 3 Verklarende nota betreffende het voorstel tot wijziging van de T&C BRP Engelstalig –4 december 2025 BIJLAGE 4 Raadplegingsverslag, inclusief de individuele antwoorden van de marktspelers Engelstalig – 4 december 2025 BIJLAGE 5 Toelichting over de coördinatie met DSB’s Engelstalig – 4 december 2025 Niet-vertrouwelijk 33/33

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.