Beslissing (B)3212 28 mei 2026 Beslissing over het voorstel van Interconnector Limited tot wijziging van het Toegangscontract Interconnector (IAA), het Toegangsreglement (IAC) en het Toegangsprogramma Interconnector (IAAS). genomen met toepassing van de artikelen 40, 42 en 44 van de Gedragscode aardgas Niet Vertrouwelijk CREG – Nijverheidsstraat 26-38, 1040 Brussel, België T +32 2 289 76 11 – www.creg.be INHOUDSOPGAVE INHOUDSOPGAVE.................................................................................................................................... 2 INLEIDING ................................................................................................................................................ 4 LEXICON ................................................................................................................................................... 6 1. 2. 3. WETTELIJK KADER ............................................................................................................................ 8 1.1. Brexit ....................................................................................................................................... 8 1.2. Richtlijn (EU)2024/1788 ........................................................................................................ 11 1.3. Verordening (EU)2024/1789 ................................................................................................. 11 1.4. Netwerkcodes........................................................................................................................ 12 1.5. Belgisch recht ........................................................................................................................ 13 1.5.1. De Gaswet ..................................................................................................................... 13 1.5.2. De Gedragscode aardgas ............................................................................................... 16 1.6. Goedkeuren van het Transportcontract................................................................................ 17 1.7. Recht van toegang tot de vervoersnetten ............................................................................ 18 1.8. De goedkeuringscriteria van het transportcontract.............................................................. 19 OPENBARE RAADPLEGING ............................................................................................................. 23 2.1. Algemeen............................................................................................................................... 23 2.2. Marktconsultatie ................................................................................................................... 24 2.3. Inwerkingtreding van het Transportcontract ........................................................................ 25 ANTECEDENTEN............................................................................................................................. 25 3.1. 4. Algemeen............................................................................................................................... 25 BEOORDELING ............................................................................................................................... 28 4.1. Algemeen............................................................................................................................... 28 4.2. Onderzoek van het toegangscontract Interconnector (IAA) ................................................. 28 4.2.1. Bijlage A : Algemene voorwaarden ............................................................................... 29 4.2.2. Bijlage B: Definities & interpretaties ............................................................................. 32 4.2.3. Bijlage C: Algemene voorwaarden voor het gebruik van gas voor eigen behoeften .... 32 4.3. Onderzoek van het toegangsreglement Interconnector (IAC) .............................................. 33 4.3.1. Deel A : Inleiding ............................................................................................................ 33 4.3.2. Deel B : Interconnectie-diensten ................................................................................... 33 4.3.3. Deel C: Nominaties en matchingprocedures ................................................................. 34 4.3.4. Deel F: Vergoeding ........................................................................................................ 34 4.3.5. Deel H: Kwaliteitsvereisten en operationele voorwaarden .......................................... 35 4.3.6. Deel I: Onderbreking, beperkingen, voorwaardelijkheden en onderhoud ................... 35 4.4. Onderzoek van het toegangsrogramma Interconnector (IAAS) ............................................ 37 BESLISSING ............................................................................................................................................ 38 Niet Vertrouwelijk 2/40 BIJLAGE 1 ............................................................................................................................................... 39 BIJLAGE 2 ............................................................................................................................................... 39 BIJLAGE 3 ............................................................................................................................................... 39 BIJLAGE 4 ............................................................................................................................................... 40 BIJLAGE 5 ............................................................................................................................................... 40 Niet Vertrouwelijk 3/40 INLEIDING De COMMISSIE VOOR DE REGULERING VAN DE ELEKTRICITEIT EN HET GAS onderzoekt hierna, op grond van de artikelen 40, 42 en 44, van de Gedragscode aardgas het door Interconnector Limited ingediend voorstel tot wijziging van het toegangscontract Interconnector (IAA), het toegangsreglement (IAC) en het toegangsprogramma Interconnector (IAAS). De aanvraag werd door Interconnector Limited (hierna: “INT”) per brief van 30 maart 2026 bij de CREG ingediend. Volgende bijlagen zijn voor huidige beslissing van belang: - Bijlage 1 van huidige beslissing: documenten voorgelegd tijdens de openbare raadpleging: o 1.1 De brief van 13 februari 2026 gericht aan alle stakeholders betreffende de openbare raadpleging over de wijzigingen aan het toegangscontract Interconnector (IAA) en het toegangsreglement (IAC), in het Engels, (bijlage A1 van de brief van 30 maart 2026); o 1.2 Het ter openbare raadpleging voorgelegde toegangscontract Interconnector (IAA) en het toegangsreglement (IAC), beiden in track changes, in het Engels (bijlagen A2 en A3 van de brief van 30 maart 2026); o 1.3 Twee individuele antwoorden van marktspelers (bijlagen A5 en A6 van de brief van 30 maart 2026); o 1.4 Raadplegingsrapport van 30 maart 2026, in het Engels. De CREG verwijst naar de website van INT voor het raadplegen van deze documenten: https://www.fluxys.com/en/natural-gas-and-biomethane/empowering-you/customerinteractions/consultations-in-the-uk/2026---annual-review-of-the-interconnector-access-rules-andcharging-methodology - Bijlage 2 van huidige beslissing: - 2.1 Voorstel tot wijziging van het toegangscontract Interconnector (IAA), het toegangsreglement (IAC), met en zonder track changes, na openbare raadpleging, in het Engels (respectievelijk de bijlagen A7, A8 en A11 en A12 van de brief van 30 maart 2026); o 2.2 Voorstel tot wijziging van het Toegangsprogramma Interconnector (IAAS), met en zonder track changes, in het Engels (bijlagen A10 en A14 van de brief van 30 maart 2026). - Bijlage 3 van huidige beslissing: o 3.1 Voorstel tot wijziging van het toegangscontract Interconnector (IAA), met en zonder track changes, na openbare raadpleging, in het Nederlands (bijlagen A15 en A19 van de brief van 30 maart 2026); o 3.2 Voorstel tot wijziging van het toegangsreglement (IAC), met en zonder track changes, na openbare raadpleging, in het Nederlands (bijlagen A16 en A20 van de brief van 30 maart 2026); o 3.3 Voorstel tot wijziging van het toegangsprogramma Interconnector (IAAS), met en zonder track changes, in het Nederlands (bijlagen A18 en A22 van de brief van 30 maart 2026); Kort samengevat stelt INT de volgende drie wijzigingen van het IAA voor: - Op basis van een vraag van sommige interconnector-gebruikers heeft INT voor interconnectorgebruikers de mogelijkheid ingevoerd om hun maandelijkse tarieven vervroegd te betalen. Dankzij deze dienst kan een interconnector-gebruiker zijn financiële waarborg en dus ook de Niet Vertrouwelijk 4/40 kosten die ermee gepaard gaan, verlagen. Deze dienst is optioneel, de huidige betalingsvoorwaarden blijven dus de standaard betaalmethode. - INT stelt voor de verhandeling van Own Use Gas te vergemakkelijken door de verhandeling van aardgas tussen de interconnector-gebruikers en INT aan de entry en exit van de interconnector toe te laten zonder de nieuwe capaciteit te moeten reserveren. - INT heeft een bepaling met betrekking tot digitale veiligheid (Digital Security Clause) ingevoerd om de naleving van wettelijke en regulatoire verplichtingen te garanderen. Deze bepaling eist van de interconnector-gebruikers dat ze een voldoende hoog niveau van IT-veiligheid garanderen en INT op de hoogte brengen van incidenten. Met betrekking tot het IAC stelt INT eveneens drie grote wijzigingen voor: - Op basis van de feedback van de markt stelt INT voor om de vereiste dat enkel de diensten voor jaarcapaciteit gebruikt mogen worden in het kader van een profielherzieningsdienst te schrappen, om zo profielherziening op kortere termijn mogelijk te maken. - INT corrigeert de hernominatieroosters om correct rekening te kunnen houden met de omzetting tussen de Midden-Europese Tijd (CET) en de tijd van het Verenigd Koninkrijk (UKT). - INT wenst verduidelijkingen aan te brengen om aan te geven in welke gevallen beperkingen van de regels van het IAC nodig zouden zijn indien de in het IAC vastgelegde noodmaatregelen geactiveerd zouden worden. Gelijktijdig met de brief van 30 maart 2026 worden door Interconnector Limited bij de CREG de regulatoire documenten ingediend ter goedkeuring van de wijzigingen betreffende de tariefmethodologie. De goedkeuring hiervan maakt het voorwerp uit van een afzonderlijke beslissing. Naast het lexicon bestaat huidige beslissing uit vijf delen, meer bepaald de inleiding, het wettelijk kader, de antecedenten, de beoordeling van de ingediende documenten en het besluit. Deze beslissing werd genomen door het Directiecomité van de CREG op zijn vergadering van 28 mei 2026. Niet Vertrouwelijk 5/40 LEXICON ‘CREG’: de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas, met name het federale autonome organisme dat werd opgericht door artikel 23 van de wet van 29 april 1999 betreffende de organisatie van de elektriciteitsmarkt; ‘Ofgem’: de Britse nationale regulerende autoriteit (Office of Gas and Electricity Markets). ‘INT’: de vennootschap naar Engels recht Interconnector Limited die werd gecertificeerd door de CREG op 11 juli 2013; ‘Gaswet': de wet van 12 april 1965 betreffende het vervoer van gasachtige producten en andere door middel van leidingen, laatst gewijzigd door de wet van 30 oktober 2022; ‘Gedragscode aardgas’: de gedragscode zoals vastgesteld door de CREG bij beslissing (B)2411 van 31 augustus 2022; ‘Richtlijn 2024/1788’: Richtlijn (EU) 2024/1788 van het Europees parlement en de raad van 13 juni 2024 betreffende gemeenschappelijke regels voor de interne markten voor hernieuwbaar gas, aardgas en waterstof, tot wijziging van Richtlijn (EU) 2023/1791 en tot intrekking van Richtlijn 2009/73/EG (herschikking). 'Verordening 2024/1789': Verordening (EU) 2024/1789 van het Europees parlement en de raad van 13 juni 2024 inzake de interne markten voor hernieuwbaar gas, aardgas en waterstof, tot wijziging van de Verordeningen (EU) nr. 1227/2011, (EU) 2017/1938, (EU) 2019/942 en (EU) 2022/869 en Besluit (EU) 2017/684, en tot intrekking van Verordening (EG) nr. 715/2009 (herschikking). ‘CMP’: Besluit (EU) 2015/715 van de Commissie van 30 april 2015 tot wijziging van bijlage I bij Verordening (EG) nr. 715/2009 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de voorwaarden voor de toegang tot aardgastransmissienetten. ‘NC BAL’: Verordening (EU) 312/2014 van de Commissie van 26 maart 2014 tot vaststelling van een netcode inzake gasbalancering van transmissienetten. ‘NC INT’: Verordening (EU) 2015/703 van de Commissie van 30 april 2015 tot vaststelling van een netcode interoperabiliteit en gegevensuitwisseling. ‘NC CAM’: Verordening (EU) 2017/459 van de Commissie van 16 maart 2017 tot vaststelling van een netcode betreffende capaciteitstoewijzingsmechanismen in gastransmissiesystemen en tot intrekking van Verordening (EU) nr. 984/2013. ‘NC TAR’: Verordening (EU) 2017/460 van de Commissie van 16 maart 2017 tot vaststelling van een netcode betreffende geharmoniseerde transmissietariefstructuren voor gas. ‘OUG’: Own Use Gas ‘Transportcontract’: bestaat uit een toegangscontract Interconnector (IAA), een toegangsreglement (IAC) en een toegangsprogramma Interconnector (IAAS); ‘IAA’: de toegangscontract Interconnector (IAA). ‘IAC’: het toegangsreglement (IAC). ‘IAAS’: het toegangsprogramma Interconnector (IAAS) dat een samenvatting is van de toegangscontract Interconnector (IAA) en het toegangsreglement (IAC). Niet Vertrouwelijk 6/40 ‘SUA’: De Systeemgebruikersovereenkomst. ‘TSO’: Transmissiesysteembeheerder ‘ISIS’: Interconnector Shippers Information System ‘STA’: Standaard Transport Overeenkomst Niet Vertrouwelijk 7/40 1. WETTELIJK KADER 1.1. BREXIT 1. Ingevolge de Brexit werd tussen de Europese Unie en het Verenigd Koningrijk een handels- en samenwerkingsovereenkomst1 afgesloten dat preferentiële regelingen bevat op gebieden als de handel in goederen en diensten, digitale handel, intellectuele eigendom, overheidsopdrachten, luchtvaart en wegvervoer, energie, visserij, coördinatie van de sociale zekerheid, rechtshandhaving en justitiële samenwerking in strafzaken, thematische samenwerking en deelname aan EU-programma’s. Zij berust op bepalingen die zorgen voor een gelijk speelveld voor eerlijke concurrentie en eerbiediging van de grondrechten. De handels- en samenwerkingsovereenkomst is op 30 december 2020 ondertekend, werd met ingang van 1 januari 2021 voorlopig toegepast en is op 1 mei 2021 in werking getreden. 2. Onder TITEL VIII – ENERGIE van voornoemd handels- en samenwerkingsovereenkomst zijn volgende definities opgenomen: - "gasinterconnector": een transmissieleiding die de grens tussen de Partijen overschrijdt of overspant; - "interconnectiepunt": met betrekking tot gas, een fysiek of virtueel punt dat entry-exitsystemen van de Unie en het Verenigd Koninkrijk met elkaar verbindt of een entry-exitsysteem met een interconnector verbindt, mits voor die punten boekingsprocedures voor netwerkgebruikers gelden; - "standaardcapaciteitsproduct": in verband met gas, een bepaalde hoeveelheid transportcapaciteit gedurende een bepaalde periode, op een specifiek interconnectiepunt; 3. Zijn verder ook van belang voor huidige beslissing: - Art. 300.1: Voor de toepassing van deze titel wordt onder verwijzingen naar "nietdiscriminerend" en "non-discriminatie" verstaan: de behandeling als meest begunstigde natie als gedefinieerd in de artikelen 130 en 138 en de nationale behandeling als gedefinieerd in de artikelen 129 en 137, alsook de behandeling onder voorwaarden die niet minder gunstig zijn dan die welke aan andere soortgelijke entiteiten worden toegekend onder soortgelijke omstandigheden. - Art. 306 - Toegang van derden tot transmissie- en distributienetwerken: 1) Elke Partij zorgt voor de invoering van een systeem voor toegang van derden tot haar transmissie- en distributienetwerken, gebaseerd op bekendgemaakte tarieven die op objectieve en niet-discriminerende wijze worden toegepast. 2) Onverminderd artikel 302 waarborgt elke Partij dat transmissieen distributiesysteembeheerders op haar grondgebied toegang verlenen tot hun transmissie- of distributiesystemen aan entiteiten op de markt van die Partij, binnen een redelijke termijn vanaf de datum waarop daartoe een verzoek werd ingediend. … De transmissie- of 1 https://ec.europa.eu/info/strategy/relations-non-eu-countries/relations-united-kingdom/eu-uk-trade-and-cooperationagreement_nl Niet Vertrouwelijk 8/40 distributiesysteembeheerder kan de toegang weigeren wanneer hij niet over de nodige capaciteit beschikt. Een dergelijke weigering wordt naar behoren met redenen omkleed. 3) Onverminderd legitieme doelstellingen van overheidsbeleid waarborgt elke Partij dat de tarieven die transmissie- en distributiesysteembeheerders op de markt van die Partij aan entiteiten aanrekenen voor de toegang tot, de aansluiting op of het gebruik van netwerken en, indien van toepassing, tarieven voor gerelateerde versterkingen van netten een weerspiegeling zijn van de kosten en transparant zijn. Elke Partij zorgt voor de bekendmaking van de voorwaarden, tarieven en alle andere informatie die nodig kan zijn om het recht op toegang tot en gebruik van de transmissie- en distributiesystemen doeltreffend uit te oefenen. 4) Elke Partij waarborgt dat de in de leden 1 en 3 bedoelde tarieven en heffingen op nietdiscriminerende wijze worden toegepast ten aanzien van entiteiten op haar markt. - Art. 307 - Systeembeheer en ontvlechting van transmissienetwerkbeheerders: 1) Elke Partij waarborgt dat transmissiesysteembeheerders hun taken op transparante en niet-discriminerende wijze uitvoeren. 2) Elke Partij past regelingen toe voor transmissiesysteembeheerders die doeltreffend zijn voor het wegnemen van belangenconflicten ten gevolge van het feit dat eenzelfde persoon zeggenschap uitoefent over een transmissiesysteembeheerder en over een producent of leverancier. - Art. 308 - Doelstellingen van overheidsbeleid voor toegang van derden en ontvlechting van eigendom: 1) Indien noodzakelijk ter verwezenlijking van een legitieme doelstelling van overheidsbeleid kan een Partij op basis van objectieve criteria besluiten de artikelen 306 en 307 niet toe te passen op: 2) 1) •
- a)opkomende of geïsoleerde markten of systemen; •
- b)infrastructuur die voldoet aan de voorwaarden van bijlage 28. Indien noodzakelijk ter verwezenlijking van een legitieme doelstelling van overheidsbeleid, kan een Partij op basis van objectieve criteria besluiten de artikelen 303 en 304 niet toe te passen op: •
- a)kleine of geïsoleerde elektriciteitsmarkten of -systemen; •
- b)kleine, opkomende of geïsoleerde aardgasmarkten of -systemen. - Art. 309 - Bestaande ontheffingen voor interconnectoren: Elke Partij waarborgt dat ontheffingen die in hun respectieve rechtsgebieden zijn toegekend aan interconnecties tussen de Unie en het Verenigd Koninkrijk uit hoofde van artikel 36 van Richtlijn 2009/73/EG van het Europees Parlement en de Raad, waarvan de bepalingen ook geldig blijven na de overgangsperiode, van toepassing blijven in overeenstemming met het recht van hun respectieve rechtsgebieden en de toepasselijke voorwaarden. - Art. 310 - Onafhankelijke regelgevingsinstantie: Elke Partij zorgt voor de aanwijzing en instandhouding van een of meer operationeel onafhankelijke regelgevingsinstanties voor elektriciteit en gas met de volgende bevoegdheden en taken: Niet Vertrouwelijk 9/40 2) •
- a)het vaststellen of goedkeuren van tarieven, heffingen en voorwaarden voor toegang tot de in artikel 306 bedoelde netwerken of de daaraan ten grondslag liggende methodologieën; •
- b)het waarborgen van de naleving van de in de artikelen 307 en 308 bedoelde regelingen; •
- c)het uitvaardigen van bindende besluiten met betrekking tot minstens de punten
- a)en b); •
- d)het opleggen van doeltreffende rechtsmiddelen. Bij het uitvoeren van hun taken en uitoefenen van hun bevoegdheden handelen de onafhankelijke regelgevingsinstanties op onafhankelijke en transparante wijze. - 1) Art. 313 - Efficiënt gebruik van gasinterconnectoren: Om te zorgen voor efficiënt gebruik van gasinterconnectoren en om belemmeringen voor de handel tussen de Unie en het Verenigd Koninkrijk te beperken, waarborgt elke Partij dat: -
- a)het maximale capaciteitsniveau van gasinterconnectoren ter beschikking wordt gesteld, met inachtneming van het beginsel van niet-discriminatie en rekening houdend met: •
- i)de noodzaak om te zorgen voor een beveiligde werking van het systeem; en •
- ii)een zo efficiënt mogelijk gebruik van de systemen; -
- b)mechanismen voor capaciteitstoewijzing en procedures voor congestiebeheer voor gasinterconnectoren marktgebaseerd, transparant en niet-discriminerend zijn, en dat de toewijzing van capaciteit op interconnectiepunten in het algemeen geschiedt via veilingen. 2) Elke Partij neemt de nodige maatregelen om te waarborgen dat: •
- a)transmissiesysteembeheerders inspanningen leveren om gezamenlijk standaardcapaciteitsproducten aan te bieden die bestaan uit overeenkomstige entry- en exitcapaciteit aan beide zijden van een interconnectiepunt; •
- b)transmissiesysteembeheerders de procedures voor het gebruik van gasinterconnectoren tussen de betrokken transmissiesysteembeheerders van de Unie en van het Verenigd Koninkrijk coördineren. 3) De in lid 2, punt b), bedoelde coördinatie omvat noch impliceert deelname door transmissiesysteembeheerders van het Verenigd Koninkrijk aan procedures van de Unie inzake het gebruik van gasinterconnectoren. Niet Vertrouwelijk 10/40 1.2. RICHTLIJN (EU)2024/1788 4. De Richtlijn (EU)2024/1788 werd op 13 juni 2024 door het Europees Parlement en de Raad aangenomen en in het EU-Publicatieblad gepubliceerd op 15 juli 2024. 5. Artikel 2.39. van de Richtlijn (EU)2024/1788 definieert een interconnector als een transmissieleiding die een grens tussen lidstaten overschrijdt of overspant met de bedoeling de nationale transmissiesystemen van die lidstaten aan elkaar te koppelen, of een transmissieleiding tussen een lidstaat en een derde land tot aan het grondgebied van de lidstaten of tot aan de territoriale wateren van die lidstaat; 6. Met toepassing van artikel 78.7, van Richtlijn (EU)2024/1788 zijn de regulerende instanties bevoegd om ten minste de methoden voor het berekenen of tot stand komen van de volgende voorwaarden vast te stellen of voldoende ruim vóór hun inwerkingtreding goed te keuren: “
- e)de toegang tot grensoverschrijdende infrastructuren, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer.”. 7. De in artikel 78.7 van de Richtlijn (EU)2024/1788 vermelde methoden of de voorwaarden worden gepubliceerd (artikel 78.8, Richtlijn (EU)2024/1788) . 8. Artikel 78.10, van de Richtlijn (EU)2024/1788 stelt ten slotte dat: “De regulerende instanties monitoren het congestiebeheer van de nationale transmissienetten en …, inclusief interconnectoren en … en de uitvoering van de regels inzake congestiebeheer. Hiertoe leggen de transmissiesysteembeheerders, waterstoftransmissienetbeheerders of marktdeelnemers hun congestiebeheersprocedures, inclusief de toewijzing van capaciteit, aan de regulerende instanties ter goedkeuring voor. De regulerende instanties mogen verzoeken om wijzigingen in deze procedures..” 1.3. VERORDENING (EU)2024/1789 9. De Verordening (EU)2024/1789 stelt niet-discriminerende regels vast betreffende de toegangsvoorwaarden voor aardgastransmissiesystemen, waaronder interconnectoren, teneinde een goede werking van de interne markt voor gas te waarborgen en te voorzien in mechanismen om de regels inzake netwerktoegang voor grensoverschrijdende uitwisseling van aardgas te harmoniseren. Dit omvat onder meer de vaststelling van geharmoniseerde beginselen inzake de instelling van derde toegangsdiensten, de vaststelling van geharmoniseerde beginselen inzake capaciteitsallocatie en congestiebeheer, de bepaling van transparantievereisten, balanceringsregels, alsmede de bevordering van capaciteitsverhandeling. 10. Overeenkomstig artikel 31 lid 2 van de Verordening (EU)2024/1789 bevorderen de TSO’s het treffen van operationele regelingen om een optimaal beheer van het netwerk te garanderen en bevorderen tevens de ontwikkeling van energiebeurzen, de gecoördineerde toewijzing van grensoverschrijdende capaciteit via non-discriminerende marktgeoriënteerde oplossingen met voldoende aandacht voor de specifieke verdiensten van impliciete veilingen voor korte termijn toewijzingen en de integratie van balanceringsmechanismen. 11. In het bijzonder bepaalt artikel 6.1 van de Verordening (EU)2024/1789 inzake derde toegangsdiensten dat TSO’s : “(
- a)bieden op niet-discriminerende basis capaciteit en diensten aan alle netgebruikers aan; Niet Vertrouwelijk 11/40
- b)bieden zowel vaste als afschakelbare capaciteit aan; de prijs van afschakelbare capaciteit is een afspiegeling van de waarschijnlijkheid van afschakeling;
- c)bieden de netgebruikers zowel lange- als kortetermijncapaciteit aan. Wanneer, in verband met de eerste alinea, punt a), een transmissiesysteembeheerder dezelfde dienst aan meerdere afnemers aanbiedt, geschiedt dit onder gelijkwaardige contractuele voorwaarden, met gebruikmaking van geharmoniseerde transportcontracten of een door de regulerende instantie volgens de procedure van artikel 78 of 79 van Richtlijn (EU) 2024/1788 goedgekeurde gemeenschappelijke netcode.” 12. Inzake kredietgaranties bepaalt artikel 6.5 van de Verordening (EU)2024/1789 dat: “Zo nodig kunnen derdentoegangsdiensten afhankelijk worden gesteld van passende garanties van netgebruikers wat hun kredietwaardigheid betreft. Zulke garanties mogen als dusdanig geen oneerlijke marktbelemmering vormen en zijn niet-discriminerend, transparant en evenredig..” 13. Verder worden in de artikelen 10, 33 en 35, van de Verordening (EU)2024/1789 algemene beginselen uiteengezet inzake respectievelijk mechanismen voor capaciteitsallocatie en procedures bij congestiebeheer bij TSO’s, de transparantievereisten voor TSO’s en het bijhouden van gegevens door systeembeheerders. 14. Deze beginselen, voortvloeiende uit voornoemde verordening en welke een rechtstreekse toepassing genieten in de lidstaten van de Europese Unie, hebben voorrang op de bepalingen van de nationale wetgeving voor zover deze bepalingen van de nationale wetgeving hiermee strijdig zouden zijn. 15. De regulerende instanties van de lidstaten van de Europese Unie zorgen er ook voor dat de richtsnoeren van bijlage 1, van de Verordening (EU)2024/1789 in acht worden genomen. 1.4. NETWERKCODES 16. Tot slot, vloeit uit het derde energiepakket ook voort dat, om tot een betere samenwerking en coördinatie te komen tussen TSO's, het vereist is om netwerkcodes in te voeren voor het verlenen van een daadwerkelijke en transparante toegang tot de transmissienetwerken over de grenzen heen. 17. In dit kader zijn volgende netwerkcodes reeds van kracht geworden:
- a)NC BAL trad in werking op 1 oktober 2015. In overweging 8 staat vermeld: "Deze verordening wordt ten uitvoer gelegd met inachtneming van de specifieke aard van interconnectoren."
- b)De CMP regels traden in werking op 20 mei 2015.
- c)De NC INT trad in werking op 21 mei 2015.
- d)NC CAM trad in werking op 6 april 2017. 18. Artikel 2.1. van de NC CAM bepaalt dat deze verordening van toepassing is op interconnectiepunten, alsook op entrypunten van en exitpunten naar derde landen, naargelang van het besluit van de desbetreffende nationale regulerende instantie. Deze verordening is niet van toepassing op exitpunten naar eindafnemers en distributienetten, entrypunten vanuit LNG-terminals Niet Vertrouwelijk 12/40 („LNG” is „liquefied natural gas” oftewel „vloeibaar aardgas”) en LNG-productiefaciliteiten, en entrypunten vanuit of exitpunten naar opslaginstallaties.. 19. De CREG beslist dat de NC CAM op het entrypunt van en exitpunt gelegen op het Belgisch grondgebied voor de aardgastromen van en naar het Verenigd Koningrijk van toepassing is. Met ingang van 5 augustus 2026 legt artikel 70, paragraaf 2, punt
- d)van Verordening (EU) 2024/1789 de toepassing van de netcodes op alle interconnectiepunten in de Unie en de entrypunten van en exitpunten naar derde landen op. 20. Met toepassing van artikel 2.5, NC CAM kunnen nationale regulerende instanties besluiten om de artikelen 8 tot en met 37 niet toe te passen wanneer impliciete capaciteitstoewijzingsmethoden worden gebruikt. 21. In overeenstemming met artikel 3.6, NC CAM houdt de impliciete capaciteitstoewijzingsmethode een toewijzingsmethode in waarbij, eventueel door een veiling, gelijktijdig transmissiecapaciteit als een dienovereenkomstige hoeveelheid gas wordt toegewezen. 1.5. BELGISCH RECHT 1.5.1. De Gaswet 22. Bij wet van 18 mei 20212 werd in artikel 1, van de gaswet de definitie 60° gewijzigd als volgt: "interconnector": een vervoersleiding die een grens tussen lidstaten overschrijdt of overspant met de bedoeling de nationale vervoersnetten van die lidstaten aan elkaar te koppelen, of een vervoersleiding tussen een lidstaat en een derde land tot aan het grondgebied van de lidstaten of tot aan de territoriale wateren van die lidstaat; 23. Bij wet van 25 december 2016 houdende diverse bepalingen inzake energie3 werd in artikel 1, van de gaswet 60°bis ingevoegd, luidende: "beheerder van een interconnector": een natuurlijke of rechtspersoon die het beheer van een interconnector verzorgt en aangewezen is overeenkomstig artikel 8/1bis." 24. In diezelfde wet wordt in artikel 15/5undecies een paragraaf 3 ingevoegd, luidend als volgt: " § 3. De beheerder van een interconnector is gehouden de volgende verplichtingen te respecteren: 1° hij ontwikkelt, exploiteert en onderhoudt de interconnector en houdt toezicht op de veiligheid, de betrouwbaarheid en de doeltreffendheid van de interconnector, en dit in economisch aanvaardbare omstandigheden, met respect voor het milieu en de energieefficiëntie; 2° op de beheerder van een interconnector zijn van toepassing de netwerkcodes en de Europese richtlijnen, vastgesteld op basis van de Verordening (EG) nr. 715/2009, rekening houdende met de specifieke aard van de interconnector; 2 3 Gepubliceerd in het B.S. op 27 mei 2021 Gepubliceerd in het B.S. op 29 december 2016 Niet Vertrouwelijk 13/40 3° alle netgebruikers hebben toegang tot de interconnector en de vervoersdiensten op korte en op lange termijn en dit op een niet-discriminerende en transparante wijze, met gebruikmaking van een transportcontract; 4° de voorwaarden voor toegang tot de interconnector en de vervoersdiensten, inclusief de procedures voor toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, moeten bevorderlijk zijn voor een efficiënte grensoverschrijdende handel in gas en voor de concurrentie. Zij streven naar convergentie met de voorwaarden voor toegang tot de vervoersdiensten, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer, van de aansluitende vervoersnetten. Ruim voor de inwerkingtreding stelt de beheerder van een interconnector een transportcontract op dat op een gedetailleerde wijze bovenvermelde verplichtingen uiteenzet. Het transportcontract bestaat uit een toegangscontract, een toegangsreglement en een toegangsprogramma. Na raadpleging van de markt wordt het transportcontract door de beheerder van een interconnector bij de commissie ingediend voor goedkeuring. De commissie is bevoegd om zo nodig van de beheerder van een interconnector te verlangen dat hij de voorwaarden van het transportcontract wijzigt om ervoor te zorgen dat deze evenredig zijn en op niet-discriminerende wijze worden toegepast. Iedere wijziging van het transportcontract, op initiatief van de beheerder van een interconnector of op vraag van de commissie, kan pas in werking treden na raadpleging van de markt en mits goedkeuring door de commissie." 25. Bij wet van 21 juli 2021 werd onder meer artikel 15/5undecies, § 1, van de gaswet gewijzigd als volgt: “Na raadpleging van de netgebruikers en van de netbeheerder, stelt de commissie een gedragscode vast met betrekking tot het beheer van het aardgasvervoersnet en in het bijzonder met betrekking tot: 1° de voorwaarden voor de aansluiting op het vervoersnet en voor de toegang ertoe, alsook voor de toegang tot de opslaginstallatie voor aardgas en tot de LNG-installatie; 2° de voorwaarden inzake de verstrekking van balanceringsdiensten; 3° de voorwaarden inzake de toegang tot grensoverschrijdende infrastructuren, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. De gedragscode bepaalt : 1° de procedures en regels inzake de indiening en de behandeling van de aanvraag van aansluiting en van toegang tot het net; 2° de gegevens die de gebruikers van het aardgasvervoersnet, de opslaginstallatie voor aardgas en de LNG-installatie aan de beheerder van het aardgasvervoersnet, aan de beheerder van de opslaginstallatie voor aardgas en aan de beheerder van de LNG-installatie moeten verstrekken; 3° de voorzorgsmaatregelen die de beheerder van het aardgasvervoersnet, de beheerder van de opslaginstallatie voor aardgas en de beheerder van de LNG-installatie dienen te nemen om de vertrouwelijkheid van de commerciële gegevens met betrekking tot de gebruikers van het aardgasvervoersnet, de opslaginstallatie voor aardgas of de LNGinstallatie te beschermen; Niet Vertrouwelijk 14/40 4° de termijnen waarbinnen de beheerder van het aardgasvervoersnet, de beheerder van de opslaginstallatie voor aardgas en de beheerder van de LNG-installatie moeten antwoorden op de aanvragen om toe te treden en aan te sluiten op]2 tot hun net en hun installatie; 5° de maatregelen om elke discriminatie tussen gebruikers of categorieën gebruikers van het aardgasvervoersnet, de opslaginstallatie voor aardgas of de LNG-installatie te vermijden; 7° de basisbeginselen met betrekking tot de rechten en verplichtingen van, enerzijds, de beheerder van het aardgasvervoersnet, de beheerder van de opslaginstallatie voor aardgas en de beheerder van de LNG-installatie, en, anderzijds, de gebruikers voor de toegang tot en de aansluiting op het aardgasvervoersnet, de opslaginstallatie voor aardgas of de LNGinstallatie; 8° de basisbeginselen met betrekking tot facturering die verband houdt met aansluiting op en toegang tot het vervoersnet; 9° de basisbeginselen met betrekking tot de rechten en verplichtingen van, enerzijds, de beheerder van het aardgasvervoersnet, de beheerder van de opslaginstallatie voor aardgas en de beheerder van de LNG-installatie en, anderzijds, de gebruikers van het desbetreffende aardgasvervoersnet, van de opslaginstallatie voor aardgas of van de LNG-installatie inzake het gebruik ervan en meer bepaald, inzake onderhandelingen over de toegang tot vervoer, over het congestiebeheer en over de publicatie van informatie; 10° maatregelen die in het verbintenissenprogramma moeten worden opgenomen om te waarborgen dat ieder discriminerend gedrag is uitgesloten en om te voorzien in een adequaat toezicht op de naleving ervan. Het programma bevat de specifieke verplichtingen van de werknemers ter verwezenlijking van die doelstelling. De persoon of instantie die verantwoordelijk is voor het toezicht op het verbintenissenprogramma dient bij de Commissie jaarlijks een verslag in waarin de genomen maatregelen worden uiteengezet. Dit verslag wordt gepubliceerd; 11° de vereisten inzake onafhankelijkheid van het personeel van de beheerders ten opzichte van de producenten, distributeurs, leveranciers en tussenpersonen. 12° de regels en de organisatie van de secundaire markt waarvan sprake in artikel 15/1, § 1, 9°bis; 13° de basisprincipes betreffende de organisatie van de toegang tot de hubs. De toekenning en het behoud van elke vervoers- of leveringsvergunning zijn onderworpen aan het naleven van de gedragscode.” 26. Met toepassing van de artikelen 15/5undecies, § 3 en 15/14, § 2, 2e lid, 6°bis van de gaswet is de CREG bevoegd om het transportcontract van INT goed te keuren. Niet Vertrouwelijk 15/40 1.5.2. De Gedragscode aardgas 27. Met toepassing van artikel 15/5undecies, § 1, van de gaswet, heeft de CREG bij beslissing (B)2411 van 31 augustus 2022 een Gedragscode aardgas vastgesteld4, die in werking is getreden op datum van publicatie op de website van de CREG, met name 20 september 2022. 28. Op 23 november 2022 werd een bericht door de CREG gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad betreffende de Gedragscode aardgas5. Met toepassing van de artikelen 40, 42 en 44 keurt de CREG het transportcontract van INT goed. 29. Artikel 69, van de Gedragscode aardgas bepaalt: “§ 1. Het standaard aardgasvervoerscontract respectievelijk het toegangscontract Interconnector bevat naast algemene bepalingen en definities, onder meer bepalingen inzake: 1° het voorwerp; 2° de voorwaarden waaraan de vervoersrespectievelijk interconnectie-diensten geleverd worden; 3° de rechten en plichten verbonden aan de geleverde vervoers- respectievelijk interconnectie-diensten; 4° de facturatie en betalingsmodaliteiten; 5° de financiële garanties en andere waarborgen; 6° de aansprakelijkheid van partijen; 7° de verplichtingen van partijen inzake aardgaskwaliteit; 8° de rechten en verplichtingen inzake het operationele beheer en het onderhoud van de installaties; 9° overmacht, noodsituaties en incidentenbeheer; 10° verhandelbaarheid en overdracht van vervoers- respectievelijk interconnectie-diensten; 11° de duur en opzeg van het standaard aardgasvervoerscontract respectievelijk het toegangscontract Interconnector; 12° de duur, de opschorting, de opzeg en de beëindiging van de toegewezen vervoersrespectievelijk interconnectie-diensten; 13° de kennisgevingen tussen partijen; 14° de informatie-uitwisseling en -verplichtingen en de vertrouwelijkheid tussen partijen; 15° de geschillenregeling; 16° het toepasselijke recht. § 2. Behalve wanneer uitdrukkelijk voorzien in de gaswet en/of andere toepasselijke wet- en regelgeving, zoals het Engels recht en/of ‘common law’, mag het standaard 4 5 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2411 https://www.ejustice.just.fgov.be/doc/rech_n.htm Niet Vertrouwelijk 16/40 aardgasvervoerscontract respectievelijk het toegangscontract Interconnector geen uitdrukkelijk ontbindende bedingen bevatten ten voordele van deze beheerders, die aan deze beheerders het recht verleent over te gaan tot een onmiddellijke beëindiging van het standaard aardgasvervoerscontract respectievelijk het toegangscontract Interconnector zonder rechterlijke tussenkomst.” Verder bepaalt artikel 70, van de Gedragscode aardgas: Het toegangsreglement voor aardgasvervoer en het toegangsreglement Interconnector bevat naast algemene bepalingen en definities onder meer operationele regels en procedures inzake: 1° het type dienstenformulier van toepassing op het aardgasvervoersnet ; 2° het toegepast vervoersmodel; 3° de wijze van onderschrijving en toewijzing van vervoers- of interconnectie-diensten; 4° nominatie, hernominatie en toewijzing; 5° reducties en onderbrekingen; 6° aardgasspecificaties; 7° metingen en testen; 8° congestiebeheer en incidentbeheer; 9° onderhoud van installaties; 10° toegang tot het elektronisch gegevensplatform.” Tot slot bepaalt artikel 71, van de Gedragscode aardgas dat: “Het dienstenprogramma voor aardgasvervoer of het toegangsprogramma Interconnector beschrijft uitvoerig het vervoersmodel van toepassing op het aardgasvervoersnet of de interconnector.” 1.6. GOEDKEUREN VAN HET TRANSPORTCONTRACT 30. Nergens wordt in de gaswet of in de Gedragscode aardgas uitdrukkelijk bepaald hoe de CREG het transportcontract dient goed te keuren. 31. De goedkeuring houdt een verklaring in van een administratieve overheid dat de akte, onderworpen aan deze goedkeuring, haar effecten kan wegdragen, vermits wordt vastgesteld dat deze akte geen enkele rechtsregel schendt en niet indruist tegen het algemeen belang. 32. Wanneer door een wetgevende bepaling aan een administratieve overheid de bevoegdheid wordt toevertrouwd om een akte goed te keuren, dan beschikt deze overheid niet enkel over de mogelijkheid om dit te doen, maar is zij daartoe verplicht, zo niet maakt deze administratieve overheid zich schuldig aan rechtsweigering. 33. Hieruit volgt dat zolang de akte onderworpen is aan een goedkeuring van een administratieve overheid, geen goedkeuring geniet van de administratieve overheid, deze akte ook geen rechtsgevolgen kent en niet ten uitvoer kan worden gebracht, laat staan tegenstelbaar is ten aanzien van derden. Hieruit mag evenwel niet besloten worden dat van zodra de akte door de administratieve overheid goedgekeurd wordt, de goedkeuringsbeslissing integraal deel zou uitmaken van de Niet Vertrouwelijk 17/40 goedgekeurde akte. Beide akten blijven onderscheiden en fusioneren niet met elkaar of, anders gezegd, versmelten niet. 34. Overeenkomstig de artikelen 40, 42 en 44, van de Gedragscode aardgas, worden het goedgekeurde transportcontract onverwijld bekend gemaakt, samen met de datum waarop de CREG in haar beslissing stelt dat deze in werking treden. 1.7. RECHT VAN TOEGANG TOT DE VERVOERSNETTEN 35. De CREG is de mening toegedaan dat het recht van toegang tot de interconnector, bedoeld in de artikelen 15/5undecies, § 3, van de gaswet van openbare orde is. 36. Het recht van toegang tot de interconnector is immers één van de noodzakelijke basispijlers van de liberalisering van de aardgasmarkt6. Opdat er concurrentie op de aardgasmarkt zou komen en de eindafnemers daadwerkelijk hun leverancier van aardgas zouden kunnen kiezen, is het essentieel dat de interconnector-gebruikers gegarandeerd toegang tot de interconnector hebben en dat zij van dit recht kunnen genieten op een niet-discriminatoire wijze. 37. Toegang weigeren is dan ook in zeer uitzonderlijke omstandigheden toegelaten (artikel 15/17, van de gaswet). 38. Uit artikel 15/5undecies, § 1, van de gaswet blijkt dat de daadwerkelijke garantie van het recht van toegang tot de interconnector, als grensoverschrijdende infrastructuur, onlosmakelijk gekoppeld is aan een Gedragscode aardgas en de regulering van de vervoersnettarieven bedoeld in de artikelen 15/5bis-duodecies, van de gaswet. De Gedragscode aardgas en de regulering van de vervoersnettarieven beogen het recht van toegang tot de interconnector in de feiten te realiseren. 39. Overeenkomstig artikel 15/5undecies, van de gaswet regelt de Gedragscode aardgas de voorwaarden inzake de toegang tot grensoverschrijdende infrastructuren, inclusief de procedures voor de toewijzing van capaciteit en congestiebeheer. Met de Gedragscode aardgas beoogt de regulator te voorkomen dat er enige discriminatie zou kunnen ontstaan tussen netgebruikers op basis van allerhande technische, niet-pertinente redenen die door de netgebruikers zelf moeilijk of zelfs onmogelijk weerlegbaar zijn wegens hun gebrek aan de nodige gespecialiseerde kennis inzake het beheer van een interconnector, alsook het juiste evenwicht te vinden tussen de netgebruikers enerzijds en de beheerder anderzijds. De belangen van de netgebruikers en de beheerder zijn immers niet altijd gelijklopend. Doordat de Gedragscode aardgas de verplichtingen van de beheerder en de netgebruikers verduidelijkt, is het derhalve de technische vertaling van het recht van toegang tot de interconnector en derhalve eveneens van openbare orde. 40. De complexiteit van het beheer van een interconnector heeft ook een weerslag op de tarifering van de dienstverlening die de beheerder aanbiedt. Het is voor een interconnector-gebruiker onmogelijk uit te maken of de prijzen die de beheerder autonoom zou bepalen, effectief correcte prijzen zijn. Zonder regulering van de vervoersnettarieven kan evenmin het recht van toegang tot de interconnector daadwerkelijk worden verzekerd. Het hoeft geen betoog dat discriminatoire of te hoge vervoersnettarieven het recht van toegang tot de interconnector de facto kunnen uithollen. De regulering van de vervoersnettarieven is dan ook van openbare orde. 6 Zie ook considerans 7 van de tweede gasrichtlijn waarin ook uitdrukkelijk gesteld wordt dat het voor een goed werkende concurrentie is vereist dat de toegang tot het netwerk niet-discriminerend en transparant is en tegen redelijke prijzen kan geschieden en considerans 4 van de derde gasrichtlijn waarin gesteld wordt dat er nog steeds geen sprake is van een nietdiscriminerende nettoegang. Niet Vertrouwelijk 18/40 41. Voorgaand principe vindt ook zijn weerslag in de Europese netwerkcodes die van toepassing zijn op grensoverschrijdende aangelegenheden inzake transmissie van aardgas en aangelegenheden betreffende de marktintegratie. 42. Het recht van toegang wordt vertaald via het transportcontract die bestaat uit enerzijds toegangscontract voor de toegang tot de interconnector en anderzijds de daarmee verbonden operationele regels, waarvan de gedetailleerde beschrijving ervan is opgenomen in een toegangsreglement. Deze documenten, die essentieel zijn voor een efficiënte en transparante marktwerking, regelen het recht van toegang tot de interconnector en zijn, omwille van het feit dat het recht van toegang van openbare orde is, ook van openbare orde. De goedkeuring van het transportcontract door de CREG wijzigt de aard van het transportcontract niet. Integendeel, het belang van het transportcontract wordt immers bevestigd door het feit dat een interconnector-gebruiker slechts toegang kan verkrijgen tot de interconnector van de beheerder indien hij zich heeft laten registreren als netgebruiker, hetgeen de ondertekening van het transportcontract impliceert. 43. Het transportcontract mag dan wel van contractuele aard zijn, niettemin dienen deze contracten om ervoor te zorgen dat alle interconnector-gebruikers gelijk behandeld worden en aan dezelfde voorwaarden toegang krijgen tot de interconnector en gebruik kunnen maken van de vervoersdiensten. 44. Het toegangsreglement bevat in detail de operationele regels voor toegang, de toewijzing van de diensten, congestiebeheer, secundaire markt en incidentenbeheer, welke op voorstel van de beheerder en na overleg met de interconnector-gebruikers door de CREG goedgekeurd worden. Ook deze goedkeuring doet geen afbreuk aan het reglementaire karakter van het toegangsreglement. 45. Het dienstenprogramma is een beschrijving van het vervoersmodel en de vervoersdiensten die de beheerder aanbiedt met een overzicht van wat deze diensten precies behelzen. Dit sluit nauw aan bij de transparantie-eisen van artikel 35, Verordening (EU)2024/1789. 1.8. DE GOEDKEURINGSCRITERIA VAN HET TRANSPORTCONTRACT 46. Gelet op het wettelijk kader uiteengezet in 1.5.1 en 1.5.2 van huidige beslissing, moet vastgesteld worden dat de Gedragscode aardgas niet bepaalt aan welke criteria de CREG het transportcontract met het oog op het nemen van haar beslissingen moet toetsen. 47. Het komt derhalve aan de CREG toe een concrete invulling te geven aan deze beoordelingsbevoegdheid. Uit het geheel van Europese en nationale wettelijke bepalingen die de energiemarkt beheersen, blijkt dat de verschillende actoren (de lidstaten, de regulatoren, de netbeheerder, …) allen moeten ageren om volgend fundamenteel doel te bereiken: bijdragen aan de totstandkoming van een geïntegreerde interne aardgasmarkt, die terzelfdertijd concurrentieel, flexibel, efficiënt, betrouwbaar en zeker is, duurzaam vanuit milieuoogpunt en die rekening houdt met de belangen van de consument. 48. Het nastreven van dit fundamenteel doel vertaalt zich in de verplichting (onder meer) voor lidstaten, regulatoren en netbeheerders om bij hun handelingen rekening te houden met: - de zekerheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van het vervoersnet, de opheffing van alle belemmeringen van de markt en obstakels voor toegang tot het vervoersnet voor nieuwkomers, - de kwaliteit van de openbare dienst, - de bescherming van de consument, Niet Vertrouwelijk 19/40 - de energie-efficiëntie en de milieuaspecten. Daarbij moeten de markactoren onder meer: - de principes van proportionaliteit en niet-discriminatie toepassen, - de transparantie verzekeren, waken over de naleving van de technische, juridische beperkingen alsook deze inzake betrouwbaarheid van de interconnector. 49. De CREG moet derhalve nagaan of de ontwerpen van het transportcontract: - de toegang tot de interconnector niet belemmeren; - de veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van de interconnector niet in gevaar brengen ; - conform het algemeen belang zijn. 50. Hierbij dient rekening te worden gehouden met de ongelijkwaardige positie van de contractspartijen. Desnoods kan de CREG redelijke maatregelen nemen om ervoor te zorgen dat de INT de verplichtingen naleeft die op haar rusten krachtens de voor de gasmarkt toepasselijke wetgevende en reglementaire bepalingen. Dit houdt onder meer in de bevoegdheid om voorwaarden op te leggen. Immers, in zoverre de goedkeuringsbevoegdheid van de CREG kadert binnen haar taak van toezicht op de toepassing van de energiewetgeving, kan de CREG haar taak als toezichthouder ook uitoefenen via haar goedkeuringsbevoegdheid en, bijgevolg, aan haar beslissing desgevallend de nodige voorwaarden aan verbinden om de naleving van de energiewetgeving te garanderen. Geen belemmering van de toegang tot de interconnector 51. De vrije toegang tot de interconnector is essentieel voor de vrijmaking van de aardgasmarkt. Het recht van toegang tot de interconnector is dan ook een basisprincipe dat ruim dient te worden geïnterpreteerd. Elke uitzondering op of beperking van dit recht moet derhalve uitdrukkelijk voorzien zijn bij wet en beperkend geïnterpreteerd worden. 52. Het recht van toegang tot de interconnector bemoeilijken, beperken of belemmeren door het opleggen van onbillijke contractvoorwaarden, is voor de CREG niet aanvaardbaar. Veiligheid, betrouwbaarheid en efficiëntie van de interconnector 53. Eén van de taken van INT bestaat erin te zorgen voor een zeker, betrouwbaar en efficiënt beheer van de interconnector. 54. Bijzondere aandacht moet worden verleend aan de aspecten van energie-efficiëntie, de integratie van hernieuwbare energiebronnen en de milieuoverwegingen aangezien deze aangelegenheden een aanzienlijk belang hebben verworven in de Europese en nationale wetgeving de laatste jaren. Conformiteit met het algemeen belang 55. INT dient het beheer waar te nemen in het algemeen belang, ten voordele van alle netgebruikers. Niet Vertrouwelijk 20/40 56. Het algemeen belang is een ruim begrip. Voor de toepassing van dit begrip verwijst de CREG naar alle rechtsregels die van openbare orde zijn, waaronder in ieder geval de sectorspecifieke wetgeving, het mededingingsrecht en de taalwetgeving. A. De sectorspecifieke wetgeving: 57. De sectorspecifieke wetgeving die de CREG begrijpt onder het begrip “algemeen belang” omvat alle regels van openbare orde. Het betreft bijgevolg het recht van toegang en de regulering van de vervoerstarieven (zie hierboven). 58. Onverminderd het openbare orde karakter van de regulering van de tarieven en de Gedragscode aardgas, dient er ook op gewezen te worden dat het tot de algemene taak van de CREG behoort om toezicht en controle uit te oefenen op de toepassing van de wetten en reglementen die de sectorspecifieke regelgeving inzake aardgas betreffen (artikel 15/14, §2, van de gaswet). Deze controletaak kent als sanctie die de CREG eventueel kan opleggen, het opleggen van administratieve geldboetes nadat de CREG een overtreding van de sectorspecifieke rechtsregels heeft vastgesteld (artikel 20/2, van de gaswet). Dankzij de goedkeuringsbevoegdheid van de CREG voorzien in de Gedragscode aardgas hoeft de CREG niet onmiddellijk artikel 20/2 van de gaswet in werking te stellen, maar kan zij, indien dit nodig blijkt, eerst de onwettige voorwaarden van de contracten weren en de beheerder uitnodigen de nodige aanpassingen te doen en/of desnoods voorwaarden opleggen in haar goedkeuringsbeslissing (paragraaf 50 van huidige beslissing). 59. Wanneer in verband met punt
- c)van artikel 6.1 van de Verordening (EU)2024/1789 INT dezelfde dienst aan meerdere interconnector-gebruikers aanbiedt, geschiedt dit onder gelijkwaardige contractuele voorwaarden, met gebruikmaking van geharmoniseerde transportcontracten of een goedgekeurde gemeenschappelijke netcode. 60. Transportcontracten met niet-standaardaanvangsdata of van een kortere duur dan een standaard-transportcontract van een jaar, resulteren niet in willekeurig hogere of lagere tarieven die niet de marktwaarde van de dienst weerspiegelen overeenkomstig de in artikel 17, lid 1, van de Verordening (EU)2024/1789 vermelde principes. 61. Tot slot, en zo nodig, kunnen derdentoegangsdiensten afhankelijk worden gesteld van passende garanties van de interconnector-gebruikers wat hun kredietwaardigheid betreft. Zulke garanties mogen geen oneerlijke marktbelemmering vormen en moeten niet-discriminerend, transparant en evenredig zijn. 62. Deze toegangsregels vinden rechtstreeks toepassing op het Belgisch intern recht en reguleren de toegang tot de interconnector, waardoor deze regels ook van openbare orde zijn. 63. Hetzelfde geldt voor de beginselen inzake mechanismen voor capaciteitsallocatie en procedures voor congestiebeheer voorzien in artikel 10, van de Verordening (EU)2024/1789, alsmede de transparantievereisten voorzien in artikel 33, van de Verordening (EU)2024/1789 en de verhandeling van capaciteitsrechten bedoeld in artikel 12, van de Verordening (EU)2024/1789. Niet Vertrouwelijk 21/40 B. Het mededingingsrecht: 64. In het kader van de liberalisering van de gasmarkt houdt het nastreven van het algemeen belang onder meer het creëren van een effectieve vrije mededinging en het waken over het goed functioneren van de markt in (dit in het uiteindelijke belang van de particuliere consument en van de diverse concurrenten op de markt). Daarbij dient erover gewaakt te worden dat een onderneming die een economische machtspositie bekleedt, geen inbreuk maakt op het algemeen belang door het opleggen van onbillijke voorwaarden aan zijn medecontractanten die de normale werking van de mededinging verhinderen of beperken. 65. Het creëren van en waken over een effectieve vrije mededinging in het algemeen belang, strekt verder dan enkel het verzekeren van de vrije toegang tot de interconnector. De vrije toegang tot de interconnector is weliswaar een essentiële maar op zich geen voldoende voorwaarde voor het verzekeren van een daadwerkelijke mededinging op de gasmarkt. Er dient dan ook over gewaakt te worden dat geen enkele van de algemene voorwaarden die de TSO voorstelt, de normale werking van de mededinging zou verhinderen of beperken. 66. Voorts moet erop gewezen worden dat het tot stand brengen van een dergelijke effectieve mededinging niet beperkt is tot de markt voor de levering van aardgas aan klanten, maar alle markten van de gassector betreft (zoals bijvoorbeeld ook de markt voor de trading van aardgas). Er kan dan ook evenmin toegelaten worden dat de TSO onredelijke, onbillijke, onevenwichtige of disproportionele algemene voorwaarden zou toepassen die de normale werking van de mededinging op een verbonden of naburige markt zou verhinderen of beperken. 67. Artikel 102 van het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie (VWEU) verbiedt ondernemingen immers om misbruik te maken van hun machtspositie op de betrokken markt of op een wezenlijk deel ervan. 68. Het Hof van Justitie van de Europese Unie is van oordeel dat een onderneming die een monopolie heeft, kan worden beschouwd als zijnde een onderneming met een dominante positie7. 69. Het bestaan van een machtspositie is niet als dusdanig verboden. Het verbod is enkel gerechtvaardigd als de marktmacht die uit deze positie voortvloeit, de mededinging op significante en duurzame wijze aantast. Het misbruik van machtspositie kan verschillende courante vormen aannemen zoals het opleggen van onbillijke contractuele voorwaarden en de discriminatie tussen handelspartners door het toepassen van ongelijke voorwaarden voor gelijkwaardige prestaties. 70. Het opnemen van clausules in het transportcontract die onbillijk zijn, namelijk clausules die de medecontractant van INT niet zou hebben aanvaard onder normale mededingingsvoorwaarden, zijn ongeoorloofd en kunnen niet worden aanvaard. E. Wet op het taalgebruik: 71. De wetten op het gebruik van de talen in bestuurszaken zijn van toepassing op het transportcontract. 7 HvJEG., 23 april 1991, Zaak nr. C-41/90, Klaus Höfner en Fritz Eser c/ Macrotron GmbH, Rec., 1991, p. I-01979. Niet Vertrouwelijk 22/40 2. OPENBARE RAADPLEGING 2.1. ALGEMEEN 72. Van 13 februari 2026 tot 15 maart 2026 heeft INT een openbare raadpleging georganiseerd over de wijzigingen die INT voorstelt aan haar transportcontract (IAA en IAC ) (versie 11). In dezelfde periode organiseerde INT ook een openbare raadpleging over wijzigingen aan haar tariferingsmethode ("Charging Methodology" of "CM"), d.w.z. de methodologie die INT toepast voor het aanrekenen van zijn interconnectie-diensten onder het transportcontract. 73. De consultatiedocumenten werden gepubliceerd op de website van Fluxys Belgium8 www.interconnector.com, waar ze door alle geïnteresseerde marktpartijen konden worden geraadpleegd. De documenten werden in het Engels opgesteld. Op vandaag stelt de CREG vast dat niet alle documenten van bijlage 1 van huidige beslissing ter beschikking zijn gesteld op de website van INT. Het raadplegingsrapport ontbreekt. INT wordt gevraagd alle documenten die verband houden met de openbare raadpleging (bijlage 1 van huidige beslissing) te publiceren op haar website alvorens de goedgekeurde wijzigingen van het transportcontract in werking kunnen treden. 74. Er werden 2 schriftelijke reacties op de openbare raadpleging ontvangen, te weten vanwege Febeg en SEFE Marketing & Trading Limited. Geen enkele marktpartij heeft de vertrouwelijkheid van haar reactie ingeroepen. 75. In haar raadplegingsverslag benadrukt INT dat ze de kans heeft gehad meermaals met de interconnector-gebruikers van gedachten te wisselen over de aan het IAA en het IAS aangebrachte wijzigingen. Ze verwijst met name naar twee vergaderingen met de gebruikers (op 18/11/2025 en 10/03/2026) en naar haar deelname aan de E-World Trade Fair. Het lage responspercentage van de openbare raadpleging voor wat de 53 actieve interconnector-gebruikers betreft, zou erop kunnen wijzen dat de interconnector-gebruikers globaal gezien positief of neutraal staan tegenover deze wijzigingen. 76. INT heeft bij haar aanvraag van 30 maart 2026 tot goedkeuring van het voorstel tot wijziging van het transportcontract (versie 11), een raadplegingsrapport opgesteld waarin een samenvatting van opmerkingen, vragen en reacties van de marktpartijen is opgenomen. 77. Rekening houdend met wat voorafgaat, is de CREG van oordeel dat met toepassing van artikel 40, 2° van het huishoudelijk reglement van de CREG, zij geen openbare raadpleging moet organiseren over huidige beslissing omdat over het voorstel tot wijziging van het transportcontract, versie 11, een voorafgaande openbare raadpleging werd georganiseerd door INT die de CREG als effectief beschouwd en dit gedurende een voldoende lange periode zodat de markt voldoende tijd heeft gehad om op de voorstellen te reageren. 8 https://www.fluxys.com/nl/natural-gas-and-biomethane/empowering-you/customer-interactions/consultations-in-theuk/2023---annual-review-of-int-access-terms-and-charging-methodology Niet Vertrouwelijk 23/40 2.2. MARKTCONSULTATIE 78. Van 13 februari tot en met 15 maart 2026 heeft INT over de door haar voorgestelde wijzigingen van het transportcontract, versie 11, een openbare raadpleging georganiseerd. 79. INT brengt drie grote wijzigingen in het IAA aan: - Op basis van een verzoek van sommige interconnector-gebruikers heeft INT voor interconnector-gebruikers de mogelijkheid ingevoerd om hun maandelijkse tarieven vervroegd te betalen. Dankzij deze dienst kan een interconnector-gebruiker zijn financiële waarborg en dus ook de kosten die ermee gepaard gaan verlagen. Deze dienst is optioneel, de huidige betalingsvoorwaarden blijven dus de standaard betaalmethode. - INT stelt voor de uitwisseling van Own Use Gas te vergemakkelijken door de uitwisseling van aardgas tussen de interconnector-gebruikers en INT aan de ingang en uitgang van de interconnector toe te laten zonder nieuwe capaciteit te moeten reserveren. - INT heeft een bepaling met betrekking tot digitale veiligheid (Digital Security Clause) ingevoerd om de naleving van wettelijke en regulatoire verplichtingen te garanderen. Deze bepaling eist van de interconnector-gebruikers dat ze een voldoende hoog niveau van IT-veiligheid garanderen en INT op de hoogte brengen van incidenten. Met betrekking tot het IAC stelt INT eveneens drie grote wijzigingen voor: - Op basis van de feedback van de markt stelt INT voor om de vereiste dat enkel jaarcapaciteitsproducten gebruikt mochten worden in het kader van een profielherzieningsdienst, te schrappen, om zo profielherziening op kortere termijn mogelijk te maken. - INT corrigeert de hernominatieroosters om correct rekening te kunnen houden met de omzetting tussen de Midden-Europese Tijd (CET) en de tijd van het Verenigd Koninkrijk (UKT). - INT wenst verduidelijkingen aan te brengen om aan te geven in welke gevallen beperkingen van de regels van het IAC nodig zouden zijn indien de noodmaatregelen van INT geactiveerd zouden worden. De voorgestelde wijzigingen van het transportcontract, versie 11, omvatten ook tal van verschillende kleinere wijzigingen om ervoor te zorgen dat de toegangsregels consistent blijven met de Gedragscode aardgas, en om tegemoet te komen aan de opmerkingen gemaakt door de CREG in haar beslissing (B)2738 van 24 april 2024 en zijn addendum van 16 januari 2025 voor de implementatie van de versie 10 van de IAA en IAC. 80. SEFE Marketing & Trading Limited geeft in haar antwoord op de openbare raadpleging aan dat ze de wijzigingsvoorstellen van INT steunt, met name de wijziging van de duur van de profielherziening. SEFE Marketing & Trading Limited is het enkel oneens met de wijzigingen in de tariefmethodologie, die behandeld wordt in een afzonderlijke beslissing (cf. beslissing (B) 1442/16 van 28 mei 2026). FEBEG neemt in haar antwoord op de openbare raadpleging nota van de wijzigingen door INT zonder enige bijzondere opmerking te formuleren. Niet Vertrouwelijk 24/40 2.3. INWERKINGTREDING VAN HET TRANSPORTCONTRACT 81. De goedgekeurde wijzigingen van het transportcontract kunnen ten vroegste in werking treden nadat zowel de CREG als Ofgem hun goedkeuring hebben verleend over de voorgesteld wijzigingen. Voor de datum van inwerkingtreding verwijst de CREG naar deel 5 van onderhavige beslissing. 82. Met toepassing van de artikelen 40, 42 en 44, van de Gedragscode aardgas is INT verplicht om het goedgekeurd gewijzigd transportcontract te publiceren op haar website. De CREG verwijst naar paragraaf 73 van huidige beslissing. 3. ANTECEDENTEN 3.1. ALGEMEEN 83. Bij beslissing van 9 oktober 2015 (B)151009-CDC 14659 heeft de CREG de IAA, het IAC en de SUA, ingediend door INT bij de CREG per drager op 13 juli 2015 en op 14 en 21 augustus 2015, goedgekeurd met uitzondering van de ‘ratingtest’ vermeld in artikel 2 alsook artikel 2.11 van bijlage 2 van de IAA. De goedkeuring van de IAA is in werking getreden op 1 november 2015, datum waarop NC CAM in werking is getreden. De CREG heeft INT uitgenodigd om met toepassing van artikel 41.10 van de gasrichtlijn, en dit naar aanleiding van de eerstkomende aanpassing, wijziging en/of aanvulling van de IAA, de IAC en de SUA doch ten laatste drie maanden voor 1 oktober 2018 en na raadpleging, een aangepast voorstel in te dienen bij de CREG dat rekening houdt met de opmerkingen geformuleerd in deel III en IV van haar beslissing 1465. 84. Op 1 februari 2017 heeft de CREG beslissing (B) 170201-CDC-160810 het door INT ingediende voorstel van wijzigingen aan het IAC en de regels van de Profielherzieningsdienst 2017 en van de Vereenvoudigde Conversiedienst 2017 niet goedgekeurd. 85. Bij beslissing (B)1729 van 1 maart 201811 heeft de CREG het door INT ingediende voorstel van wijzigingen aan de IAA, het IAC, de Systeemgebruikersovereenkomst en het Toegangsprogramma goedgekeurd. Aan INT werd meegedeeld om rekening te houden met wat volgt: - dat de goedkeuring van de artikelen 7.4 tot 7.8 en 8.11 tot 8.15 van de IAA voorlopig is om redenen uiteengezet in de paragrafen 85, 87, 91, 93 en 186 van de beslissing (B)1729; De opmerkingen in de beslissing (B)1729 houden verband met kwaliteit van aardgas en de aansprakelijkheid. De CREG verwijst in dit verband naar paragrafen 79, 80 en 81 van haar beslissing (B)1908 van 28 februari 201912. 9 http://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B1465NL.pdf https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B1608NL.pdf 11 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B1729NL.pdf 12 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B1908NL.pdf 10 Niet Vertrouwelijk 25/40 De opmerkingen geformuleerd in de paragrafen 87, 88 van de beslissing (B)1729 houden verband met kwaliteit van aardgas en de aansprakelijkheid. De CREG verwijst in dit verband naar paragrafen 79, 80 en 81 van haar beslissing (B)1908 van 28 februari 201913. 86. Met haar beslissing (B)1908 van 28 februari 201914 heeft de CREG de gewijzigde Toegangsovereenkomst met INT (IAA), het gewijzigd Toegangsreglement met INT (IAC) en het document genaamd ‘de diensten voor het Vervoer van Aardgas verricht door INT tussen GB en België’ dat het Toegangsprogramma is, ingediend bij de CREG per brief van 17 december 2018, goedgekeurd. De belangrijkste aanpassingen hadden betrekking op de verhoging van de maximale hoeveelheid aan de markt aangeboden capaciteit via IAM van 50% naar 75% in beide stroomrichtingen en de update van de vereisten voor kredietondersteuning voor de bevrachters die niet voldoen aan de ratingvereisten. 87. Met haar beslissing (B)1982 van 12 september 201915 heeft de CREG het gewijzigd Toegangscontract van INT (IAA), het gewijzigd Toegangsreglement met INT (IAC) en het document genaamd ‘de diensten voor het Vervoer van Aardgas verricht door INT tussen GB en België’ dat het Toegangsprogramma is, ingediend bij de CREG per brief van 17 juli 2019 goedgekeurd. De voornaamste wijziging van het IAA is een aanpassing die het mogelijk maakt dat alle capaciteitsproducten in geval van overmacht in aanmerking komen voor een reductie van de te betalen capaciteitsvergoeding. De voornaamste wijzigingen van het IAC zijn: verlenging van de capaciteitstoewijzingsperiode voor het aanbod van capaciteitsproducten via het impliciet allocatie mechanisme (IAM), mogelijkheid om het IAM te gebruiken, niet enkel in combinatie met aankoop van aardgas maar ook gecombineerd met verkoop van aardgas, het aanbod van een Voorwaardelijk Vaste Capaciteitsproduct en wijzigingen die het mogelijk maken om van het huidige gebruikte INT Affréteur Information System over te stappen naar het GSmart aardgas Management Systeem in combinatie met een elektronisch dataplatform EDP. 88. Met haar beslissing (B)2325 van 10 maart 202216 heeft de CREG het gewijzigd Toegangscontract van INT (IAA), het gewijzigd Toegangsreglement met INT (IAC) en het document genaamd ‘de diensten voor het Vervoer van Aardgas verricht door INT tussen GB en België’ dat het Toegangsprogramma is, ingediend bij de CREG per brief van 21 december 2021, goedgekeurd. De voornaamste wijzigingen hadden betrekking op het verhogen van de hoeveelheid capaciteit die via het impliciet allocatie mechanisme kan worden aangeboden van 75 % naar 90 %, het verkleinen van het publicatievenster voor capaciteit aangeboden via Prisma naar 3 dagen, het aanbieden van een gedifferentieerde bijkomende koolstof neutrale dienst, het publiceren van een ontwerpplanning voor het lange termijn onderhoud en dit voor de aanvang van het kalenderjaar en de bepalingen inzake kredietondersteuning. 89. Op 22 december 2023 legde Interconnector Limited (INT) aan de CREG en Ofgem de wijzigingen voor die zij heeft aangebracht aan haar Interconnector toegangscontract (IAA), haar Interconnector toegangsreglement (IAC) en haar Interconnector toegangsprogramma (IAAS) (versie 10). 13 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B1908NL.pdf https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B1908NL.pdf 15 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B1982NL.pdf 16 https://www.creg.be/sites/default/files/assets/Publications/Decisions/B2325NL.pdf 14 Niet Vertrouwelijk 26/40 90. De belangrijkste wijzigingen, die na openbare raadpleging aan de CREG zijn voorgelegd, betreffen : ▪ Herziening van artikel 7 van bijlage A van het IAA met betrekking tot gaskwaliteit ; ▪ Verduidelijking van de behandeling van afschakelbare capaciteit in geval van overmacht; ▪ Toevoeging van Bijlage C, die het concept van “Own Use Gas” (OUG) in het toegangscontract (IAA) introduceert; ▪ Toevoeging van een herprofileringsdienst; ▪ Verhoging van het aantal geplande dagen voor onderhoud. 91. Bij beslissing (B)273817 heeft de CREG de wijzigingen aan het IAA, IAC, en IAAS goedgekeurd, met uitzondering van onder meer artikel 7 van het Interconnector toegangscontract (IAA) inclusief de hiermee verband houdende voorgestelde wijzigingen aan deel H van het toegangsreglement (IAC). Teneinde de voorgestelde en goedgekeurde wijzigingen in werking te laten treden en na overleg met de Britse regulator OFGEM, heeft Interconnector Limited haar voorstel aangepast aan de beslissing (B)2738, met dien verstande dat wat betreft gaskwaliteit het voorgestelde en afgekeurde artikel 7 vervangen wordt door de versie die het laatst door beide regulatoren is goedgekeurd, te weten artikel 7, (versie 8) zoals goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)2325 van 10 maart 2022. Deze aanpassingen doorgevoerd door Interconnector Limited maken het voorwerp uit van het addendum aan de beslissing (B)2738. 92. De CREG heeft van Interconnector Limited de bij beslissing (B)2738 gevraagde verklarende nota ontvangen. Deze zal, naast de opmerkingen geformuleerd in de beslissing (B)2738, het voorwerp uitmaken van de opmaak van een nieuw voorstel tot wijziging van het transportcontract, in te dienen voor goedkeuring door Interconnector Limited na raadpleging van de markt. 93. Op 16 januari 2025 heeft de CREG een addendum bij beslissing (B) 2738 van 24 april 2024 gepubliceerd, waarin de CREG controleert in welke mate Interconnector Limited beslissing (B)2738 heeft nageleefd zodat de goedgekeurde wijzigingen van het vervoerscontract, versie 10, gepubliceerd kunnen worden op de website van Interconnector Limited en in werking kunnen treden. De CREG merkt op dat de wijzigingen van de artikels 3, 5 en 8 van het IAA correct rekening houden met de opmerkingen geformuleerd in beslissing (B) 2738. De CREG merkt eveneens op dat artikel 7 van het IAA en deel H van het IAC in hun geheel zijn aangepast en inhoudelijk teruggrijpen naar de laatste door beide regulatoren (CREG-OFGEM) goedgekeurde versie, zijnde versie 8, door de CREG goedgekeurd bij beslissing (B)2325 van 10 maart 202218. 94. In het addendum bij beslissing (B) 2738 vermeldt de CREG eveneens dat ze de gevraagde verklarende nota ontvangen heeft en dat de nog openstaande issues en de overige opmerkingen gemaakt in beslissing (B)2738 het voorwerp zullen uitmaken van verder overleg tussen Interconnector Limited, CREG en Ofgem. Er vonden meerdere gesprekken plaats over de nog openstaande issues. Op 5 februari 2026 werd een vergadering gehouden, tijdens dewelke de CREG ingestemd heeft met de wijze waarop de resterende commentaren werden aangepakt (cf. bijlage 4 van deze beslissing). 17 18 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2738 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2325 Niet Vertrouwelijk 27/40 4. BEOORDELING 4.1. ALGEMEEN 95. De CREG merkt op dat zij enkel Nederlandstalige en Engelse versies van het voorstel tot wijziging van het transportcontract heeft ontvangen. De CREG keurt enkel de Nederlandstalige versie goed en gebruikt de Engelse versie enkel ter informatie voor haar onderzoek van het transportcontract. 96. Hierna wordt nagegaan of de nieuwe en/of gewijzigde bepalingen en voorwaarden uiteengezet in het transportcontract dat INT aan haar interconnector-gebruikers oplegt, redelijk, billijk, evenwichtig en proportioneel zijn, en dus overeenstemmen met de wetgeving en het algemeen belang. 97. Het ontbreken van opmerkingen over de door INT ingediende documenten of het aanvaardbaar achten ervan, doet geenszins afbreuk aan een toekomstig (gemotiveerd) gebruik van de bevoegdheid van de CREG om INT uit te nodigen een voorstel tot wijziging bij haar in te dienen, zelfs indien het punt reeds zou zijn goedgekeurd. 98. Tenzij anders vermeld, is de hiernavolgende analyse opgebouwd in overeenstemming met de opeenvolgende delen, bijlagen, hoofdstukken en titels zoals door INT weerhouden in de ingediende versie 11. 99. Indien het geval zich voordoet dat verschillende elementen van de documenten betrekking hebben op een overkoepelend onderwerp, dan behoudt de CREG zich het recht voor deze elementen gezamenlijk te bespreken, in plaats van punt per punt. Waar nodig houdt de CREG rekening met het bijzonder karakter van de voorgestelde wijzigingen en geeft zij puntsgewijze commentaar. 100. Als voorafgaande opmerking acht de CREG het noodzakelijk te herhalen dat overeenkomstig artikel 15/5undecies, § 3, van de gaswet het transportcontract bestaat uit: 4.2. • een ‘toegangscontract’, dat in de Gedragscode aardgas benoemd wordt als toegangscontract Interconnector19 en door INT als IAA; • een ‘toegangsreglement’ dat door INT benoemd wordt als IAC; en • een ‘toegangsprogramma’, dat in de Gedragscode aardgas benoemd wordt als toegangsprogramma Interconnector20en door INT als IAAS. ONDERZOEK VAN HET TOEGANGSCONTRACT INTERCONNECTOR (IAA) 101. Het toegangscontract Interconnector (IAA) bestaat uit vier luiken, nl.: het corpus (7 artikelen), bijlage A - Algemene voorwaarden (18 artikelen), bijlage B - Definities en Interpretatie en bijlage C – Algemene voorwaarden voor het eigen gebruik van gas of "Own Use Gas" (7 artikelen). 19 20 Artikel 2, 29°, Gedragscode aardgas. Artikel 44, Gedragscode aardgas. Niet Vertrouwelijk 28/40 4.2.1. Bijlage A : Algemene voorwaarden Artikel 4 : Kredietvoorwaarden 102. Artikel 4.3 (
- a)preciseert aan welke voorwaarden een vennootschap of een entiteit moet voldoen om een aanvaardbare kredietondersteuning te kunnen verlenen. 103. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 104. In artikel 4.5 van de algemene voorwaarden wordt in punt
- b)gepreciseerd dat voor de vaststelling van het kredietondersteuningsbedrag dit gelijk is aan de Blootstelling van de Interconnector-gebruiker met aftrek van eventuele aanbetalingen die Interconnector volgens artikel 5.3 houdt. Met deze aanbetalingen bedoeld in artikel 5.3 van de algemene voorwaarden wordt bedoeld de mogelijkheid voor een Interconnector-gebruiker op voorhand betalingen voor de diensten uit te voeren. Terecht worden deze voorafbetalingen in mindering gebracht van de Blootstelling. 105. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 106. In artikel 4.8 (
- a)van de algemene voorwaarden wordt het begrip ‘een verschuldigd bedrag’ verduidelijkt en vervangen door ‘de Maandelijkse vergoeding. Daarnaast wordt artikel 4.8 (
- b)van de algemene voorwaarden wordt geschrapt. In dezelfde zin als de voorgestelde wijziging in artikel 4.8 (
- a)van de algemene voorwaarden wordt ook artikel 4.8 (
- g)van de algemene voorwaarden, voorheen (h), verduidelijkt. 107. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 108. Artikel 4.9. (
- b)van de algemene voorwaarden wordt verduidelijkt door de toevoeging van ‘betalingsverplichtingen’ en ‘voor de Maandelijkse vergoedingen’. 109. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 110. Dezelfde voorgestelde verduidelijkingen gebeuren in artikel 4.14 van de algemene voorwaarden. 111. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. Artikel 5 : Facturering en betaling 112. Artikel 5.3 van de algemene voorwaarden biedt de mogelijkheid aan een Interconnectorgebruiker voorafbetalingen te doen op zijn geraamde Maandelijkse vergoedingen, hetgeen ‘Aanbetalingen’ genoemd wordt. 113. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 114. Artikel 5.4 van de algemene voorwaarden bepaalt hoe deze aanbetalingen verricht moeten worden en artikel 5.4 van de algemene voorwaarden bepaalt wat er gebeurt wanneer de aanbetaling niet langer meer de Blootstelling van de Interconnector-gebruiker dekt. 115. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 116. In artikel 5.7 van de algemene voorwaarden wordt in het eerste lid de kruisverwijzing geactualiseerd en in
- b)wordt het bedrag verduidelijkt door de toevoeging van ‘van de Maandelijkse vergoeding’. 117. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. Niet Vertrouwelijk 29/40 Artikel 7 : Kwaliteit 118. In haar beslissing (B)2738 van 24 april 202421 heeft de CREG de voorgestelde wijzigingen van artikel 7 van het IAA en deel H van het IAC niet goedgekeurd. In het addendum bij beslissing (B) 273822 van 16 januari 2025 heeft de CREG vastgesteld dat artikel 7 in zijn geheel is aangepast en inhoudelijk teruggrijpt naar de laatste door beide regulatoren (CREG-OFGEM) goedgekeurde versie, zijnde versie 8, door de CREG goedgekeurd bij beslissing (B)2325 van 10 maart 202223. 119. Teneinde een antwoord te bieden op de terugkerende problematiek van de gedeelde verantwoordelijkheid met betrekking tot de gaskwaliteit, zoals de CREG al sinds 2019 systematisch aanhaalt in haar beslissingen betreffende het IAA en het IAC, en om te garanderen dat op passende wijze rekening gehouden wordt met de fysieke realiteit van het systeem, zijn de CREG en INT overeengekomen een actieplan te implementeren. 120. De eerste pijler van het actieplan heeft tot doel op Europees niveau een wijziging te promoten van Verordening (EU) 2015/703 van de Commissie van 30 april 2015 tot vaststelling van een netcode interoperabiliteit en gegevensuitwisseling (hierna "NC INT" genoemd)24. 121. De CREG heeft met dit doel deze problematiek op de agenda van de "Interoperability Task Force" van de ACER Gas Working Group geplaatst. Daarnaast heeft de CREG meerdere presentaties over dit onderwerp gegeven aan de verschillende actoren van de sector (cf. bijlage 5 van deze beslissing). In deze context heeft ACER van 20 april 2026 tot 20 mei 2026 een openbare raadpleging georganiseerd om de eventuele behoeften aan herziening van de NC INT te identificeren. Deze raadpleging heeft betrekking op drie grote thema's, waarvan er een de gedeelde verantwoordelijkheid en de potentiële financiële gevolgen die eraan verbonden zijn, is. 122. INT heeft van haar kant deze problematiek op het niveau van ENTSOG gebracht. Zo wijdt ENTSOG in zijn vijfde monitoringverslag over de implementatie van de NC INT25 een specifiek hoofdstuk aan de gedeelde verantwoordelijkheid voor wat de gaskwaliteit betreft. Op verzoek van de CREG heeft INT er trouwens zijn feedback gedeeld over de restricties op grensoverschrijdende gasstromen ten gevolge van de problematiek van de aardgaskwaliteit tussen het Verenigd Koninkrijk en België. 123. Afhankelijk van de resultaten van de openbare raadpleging van ACER zullen de CREG en INT bekijken of het noodzakelijk is het actieplan vermeld in paragraaf 119 te herevalueren en desgevallend met betrekking hiertoe samen te blijven werken om een duurzame oplossing te vinden. 124. Onverminderd de commentaren geformuleerd in haar vroegere beslissingen over artikel 7 van bijlage A van het IAA en in afwachting van een oplossing die voor alle partijen geschikt is, keurt de CREG artikel 7 van bijlage A van het IAA goed, dat de laatste versie overneemt die door de beide regulatoren werd goedgekeurd, zijnde versie 8, goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)2325 van 10 maart 202226. Artikel 9 : Opschorting en beëindiging 125. In artikel 9.1 van de algemene voorwaarden worden een paar taalkundige correcties voorgesteld en wordt het begrip ‘verschuldigd bedrag’ vervangen door ‘de Maandelijkse vergoeding’. 21 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2738 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2738 23 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2325 24 https://www.entsog.eu/interoperability-and-data-exchange-nc 25 https://www.entsog.eu/sites/default/files/2026-03/ENTSOG_NC_INT_DER_5th_IMR_260319.pdf 26 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2325 22 Niet Vertrouwelijk 30/40 De kruisverwijzing in punt
- b)wordt verduidelijkt en in
- c)wordt gepreciseerd over welke inbreuk het expliciet gaat, zijnde een inbreuk door de Interconnector-gebruiker op Deel H van het IAC. 126. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 127. In artikel 9.1,
- b)van de algemene voorwaarden wordt de termijn verduidelijkt binnen de welke de Interconnector-gebruiker opnieuw gebruik kan maken van zijn diensten na beëindiging van de opschorting. Deze termijn bedraagt niet meer dan 5 kalenderdagen. 128. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 129. In artikel 9.1 betreffende de beëindiging van het Toegangscontract door Interconnector een nieuw punt
- c)toegevoegd, luidend als volgt: De Interconnector-gebruiker een inbreuk pleegt op zijn verplichtingen volgens Deel H van het Toegangsreglement van Interconnector 130. De CREG aanvaardt voorlopig de voorgestelde wijziging maar behoud haar het recht voor om hierop terug te komen gelet op het feit dat het gaat om opschorting en beëindiging om redenen van gaskwaliteit. 131. Artikel 9.3,
- b)van de algemene voorwaarden wordt op dezelfde manier aangepast als artikel 9.1
- b)van de algemene voorwaarden (paragraaf 126 van deze beslissing). 132. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 133. Artikel 9.5
- c)van de algemene voorwaarden wordt op dezelfde manier aangepast als artikel 9.1, c). 134. De CREG aanvaardt voorlopig de voorgestelde wijziging maar behoud haar het recht voor om hierop terug te komen gelet op het feit dat het gaat om opschorting en beëindiging om redenen van gaskwaliteit. Artikel 13: Compliance 135. In artikel 13.9 van de algemene voorwaarden wordt toegevoegd dat de Interconnectorgebruiker een aangewezen e-mailadres moet opgeven voor Noodarrangementen van Interconnector. 136. De CREG heeft geen opmerkingen en aanvaardt de voorgestelde wijzigingen. Artikel 15: Behandeling van vorderingen en geschillen 137. Er wordt een nieuw artikel 15.7 toegevoegd aan de algemene voorwaarden van het IAA dat luidt als volgt: Voor alle duidelijkheid, alle regulatoire geschillen die onder artikel 15/18 van de Belgische gaswet van 12 april 1965 vallen, vallen onder de bevoegdheid van de geschillenkamer die deze wet heeft ingevoerd. Dergelijke geschillen zullen niet worden beschouwd als contractuele geschillen onder deze Overeenkomst, onverminderd de rechten en rechtsmiddelen van de Partijen overeenkomstig de artikelen 15 en 16. 138. De CREG heeft geen opmerkingen en aanvaardt de voorgestelde wijzigingen. Niet Vertrouwelijk 31/40 Artikel 18: Digitale veiligheid 139. Er wordt een nieuw artikel 18 ingevoegd in de algemene voorwaarden van het IAA dat verband houdt met de digitale veiligheid. 140. De CREG heeft geen opmerkingen en keurt bijgevolg de voorgestelde wijzigingen goed. 4.2.2. Bijlage B: Definities & interpretaties 141. INT a consulté le marché sur la demande formulée par la CREG au paragraphe 180 de sa décision (B)2738 du 24 avril 2024. La CREG était favorable à ce que chaque terme soit, en sus de la référence à l’un ou l’autre article, défini de manière exhaustive dans l’Annexe B afin d’éviter de devoir chercher les définitions à travers les différents documents. Les acteurs du marché n’ayant pas formulé d’avis sur le sujet, INT conclut que le format actuel répond aux besoins des acteurs du marché. 142. Bijlage B werd op een aantal plaatsen aangepast. 143. De CREG stelt vast dat een aantal nieuwe definities zijn opgenomen: Activa, Cyberbeveiligingsincident, Cyberbeveiligingsvereisten, Aangewezen e-mailadres, Pre-Payment, Aanbetaling, Licentie van de Interconnector-Gebruiker, Virus en Kwetsbaarheid 144. Tijdens de openbare raadpleging hebben marktpartijen over deze wijzigingen in de definitielijst geen opmerkingen geformuleerd. 145. Onverminderd eventuele opmerkingen betreffende de artikels van het IAC en het IAA waarnaar deze definities verwijzen, keurt de CREG de wijzigingen van de definitielijst goed. 4.2.3. Bijlage C: Algemene voorwaarden voor het gebruik van gas voor eigen behoeften 146. Bijlage C heeft betrekking op het gebruik van aardgas (Own Used Gas, OUG) door INT in het kader van haar vervoersoperaties en -infrastructuur. Artikel 4: Leverings- en afnameverplichtingen 147. Artikel 4 beschrijft de verplichtingen met betrekking tot de levering en afname van OUG. Het legt de regels met betrekking tot de reservatie van capaciteit, de nominatie en de toewijzing van OUG vast. 148. Versie 10 van bijlage C van het IAA bepaalde enkel dat INT de noodzakelijke entry- of exitcapaciteit die gelijkwaardig was aan de dagelijkse hoeveelheid OUG moest overdragen aan de interconnector-gebruikers. INT heeft in artikel 4.1 (
- b)van bijlage C van versie 11 van het IAA de mogelijkheid toegevoegd om rechtstreeks OUG te leveren of in ontvangst te nemen, d.w.z. zonder overdracht van capaciteit, op de connectiepunten van Bacton of Zeebrugge. Deze wijziging laat de interconnector-gebruikers toe deel te nemen aan de OUG-dienst zonder bijkomende capaciteit te moeten reserveren. Ze werd toegevoegd om het operationeel proces te vergemakkelijken voor elk van de partijen, zijnde INT en de interconnector-gebruikers. 149. Tijdens de openbare raadpleging over artikel 4 van bijlage C van het toegangscontract (IAA) werden door de marktspelers geen opmerkingen geformuleerd. 150. De CREG formuleert geen opmerkingen bij artikel 4 van bijlage C van het toegangscontract (IAA) en keurt het derhalve goed. Niet Vertrouwelijk 32/40 Bijlage C-1: Verzoek om biedingen (voorbeeld) – OUG - behoefte 151. Deze bijlage was een voorbeeld van een verzoek om biedingen. 152. INT heeft bijlage C-1 geschrapt omdat deze verouderd was. Bijlage C-2: OUG Transactiebevestiging (voorbeeld) 153. Deze bijlage was een voorbeeld van een transactiebevestiging van OUG. 154. INT heeft bijlage C-2 geschrapt omdat deze verouderd was. 4.3. ONDERZOEK VAN HET TOEGANGSREGLEMENT INTERCONNECTOR (IAC) 4.3.1. Deel A : Inleiding 155. Het toegangsreglement (IAC) stelt de regels vast van toepassing op Interconnector-gebruikers welke interconnectie-diensten wensen aan te kopen en te gebruiken. 156. De inleiding van het IAC geeft een kort overzicht van de daaropvolgende delen B tot en met J. 157. Deel A werd niet gewijzigd. 4.3.2. Deel B : Interconnectie-diensten 158. Deel B van het toegangsreglement (IAC) bevat de bepalingen van toepassing op de interconnectie-diensten aangeboden door INT. Dit deel van het toegangsreglement (IAC) beschrijft achtereenvolgend de interconnectie-diensten, de kenmerken van de capaciteit, de wijze van verkrijging en vrijgave van capaciteit, de wijze waarop de aanvraag voor interconnectie-diensten moet worden ingediend, de allocactie en registratie van de capaciteit, afstand van capaciteit, capaciteitsoverdracht, capaciteitstoewijzing en capaciteitsconversie. 159. Artikel 9 van deel B van het IAC legt de regels vast die de capaciteitsomschakelingsdienst omkaderen. INT heeft de voorwaarde geschrapt vermeld in artikel 9.2(
- d)van deel B van het IAC volgens dewelke de omschakelingsdienst niet toegepast kan worden op capaciteitsdiensten die minder dan 1 dag duren, behalve indien elders vermeld door INT. 160. Naar aanleiding van de wijziging geïdentificeerd in de vorige paragraaf heeft INT artikel 9.4(
- e)van deel B van het IAC gewijzigd, dat voortaan vermeldt dat INT kan weigeren een omschakelingsdienst te leveren als de capaciteitsdienst minder bedraagt dan 1 dag en INT geen omschakelingsdiensten aanbiedt voor intradaycapaciteiten zoals gedefinieerd in de tarievenlijst van INT. 161. De CREG is van mening dat deze wijziging positief lijkt te zijn voor de interconnector-gebruikers die zo eveneens een omschakelingsdienst genieten voor capaciteiten van minder dan een dag. Deze wijziging is niet in strijd met artikel 21 van de NC CAM, dat enkel voorziet in de verplichting om een omschakelingsdienst te leveren voor jaarlijkse, driemaandelijkse of maandelijkse capaciteitsproducten. 162. Artikel 10.2 van deel B van het IAC definieert de elementen die in de aanvraag voor de profielherzieningsdienst moeten worden meegedeeld. INT heeft de voorwaarde geschrapt vermeld in Niet Vertrouwelijk 33/40 artikel 10.2 (
- e)van deel B van het IAC volgens dewelke de duur van de capaciteitsdienst die de interconnector-gebruiker wenst te herprofileren niet minder dan een jaar mag bedragen. 163. Tijdens de openbare raadpleging over de wijzigingen aan artikel 9 van deel B van het IAC werden door de marktdeelnemers geen opmerkingen geformuleerd. SEFE heeft de wijziging aan artikel 10.2(
- e)van deel B van het IAC gunstig onthaald. 164. De CREG keurt de wijzigingen in deel B van het IAC goed. 4.3.3. Deel C: Nominaties en matchingprocedures 165. Dit deel van het toegangsreglement (IAC) bevat bepalingen die de wijze regelen waarop een interconnector-gebruiker gebruik kan maken van zijn entrycapaciteit door hoeveelheden aardgas te nomineren voor levering op een connectiepunt en van zijn exitcapaciteit door hoeveelheden aardgas te nomineren voor herlevering op een connectiepunt. 166. Naast (her)nominatieregels bevat dit deel van het toegangsreglement (IAC) tevens de regels betreffende nominatiematching en nominatiebevestiging. Het is de interconnector-gebruiker niet toegelaten om meer te nomineren dan zijn geregistreerde capaciteit tenzij hij een nominatie indient uit hoofde van het allocatiemechanisme bij overnominatie, een mechanisme waarmee INT onderbreekbare capaciteit ter beschikking stelt als binnen-de-dag capaciteit. 167. In dit deel van de toegangsreglement (IAC) worden tevens de regels van toepassing inzake terugkoop en gedwongen terugkoop vastgelegd. 168. Artikel 1.4 van deel C van het IAC betreft de regels met betrekking tot de hernominaties. INT heeft de maximumuren waaraan de hernominaties moeten worden onderworpen, gewijzigd om ze af te stemmen op de door Fluxys Belgium nv toegepaste uren. 169. Artikel 4 van deel C van het IAC behandelt verschillende variapunten in verband met informatie en nominaties. INT heeft een artikel 4.1.8 toegevoegd dat verwijst naar de noodmaatregelen gedefinieerd in artikel 2.2. van deel J van het IAC. Indien de noodmaatregelen geactiveerd worden, vermeldt INT dat de noodzakelijke beperkingen van de regels gedefinieerd in deel C van het IAC toegepast zouden kunnen worden. 170. Tijdens de openbare raadpleging over bijlage C werden door de marktspelers geen opmerkingen geformuleerd. 171. Mits de noodzakelijke beperkingen toegevoegd in artikel 4.1.8 van deel C van het IAC objectief, transparant, niet-discriminerend zijn en in verhouding staan tot de noodsituatie en naar behoren gemotiveerd worden, keurt de CREG de wijzigingen goed die zijn opgenomen in deel C van het toegangsreglement (IAC). 4.3.4. Deel F: Vergoeding 172. Dit deel van het toegangsreglement (IAC) stelt de vergoedingen vast die door de interconnectorgebruiker aan INT verschuldigd zijn evenals de betalingen en kortingen die INT aan een interconnectorgebruiker kan toekennen. 173. Verder zijn in dit deel bepalingen opgenomen over de vergoedingsverklaring van INT, de maandelijkse administratievergoeding, de maandelijkse vergoedingen, de capaciteitsvergoedingen, de Niet Vertrouwelijk 34/40 betalingen voor geheralloceerde capaciteit, de terugkoopbetalingen, de balanceringsvergoeding, de grondstofvergoeding en de rekening voor netto-overboekingsinkomsten . 174. Ten gevolge van de wijziging van artikel 9.4(
- e)van deel B van het IAC, geanalyseerd in paragraaf 160 van deze studie, heeft INT een punt (
- e)toegevoegd aan artikel 4.2 van deel F van het IAC, dat een tarief invoert voor de intraday omschakelingsdienst. 175. Ten gevolge van de wijziging van artikel 5.3 van het IAA, geanalyseerd in paragraaf 112 van deze studie, heeft INT een punt (
- q)toegevoegd aan artikel 4.2 van deel F van het IAC, dat de vrijwillige voorafbetaling door de interconnector-gebruiker invoert. 176. Tijdens de openbare raadpleging over bijlage F werden door de marktspelers geen opmerkingen geformuleerd. 177. De CREG keurt de wijzigingen opgenomen in Deel F van het Toegangsreglement (IAC) goed. 4.3.5. Deel H: Kwaliteitsvereisten en operationele voorwaarden 178. Deel H van het toegangsreglement (IAC) bevat de bepalingen inzake de kwaliteitsvereisten en operationele voorwaarden met betrekking tot de entryvoorwaarden en de wijzigingen aan de NTS- of FTS-specificaties. 179. In haar beslissing (B)2738 van 24 april 202427 heeft de CREG de voorgestelde wijzigingen van artikel 7 van het IAA en deel H van het IAC niet goedgekeurd. In het addendum bij beslissing (B) 273828 van 16 januari 2025 heeft de CREG vastgesteld dat artikel 7 in zijn geheel is aangepast en inhoudelijk teruggrijpt naar de laatste door beide regulatoren (CREG-OFGEM) goedgekeurde versie, zijnde versie 8, door de CREG goedgekeurd bij beslissing (B)2325 van 10 maart 202229. 180. De CREG verwijst naar paragrafen 118 tot 123 van deze beslissing, die betrekking hebben op artikel 7 van bijlage A van het IAA, waarin de CREG de terugkerende problematiek uiteenzet, evenals de door de CREG en INT ondernomen acties om een voor alle partijen geschikte oplossing te vinden. 181. Onverminderd de commentaren geformuleerd in haar vroegere beslissingen over bijlage H van het IAC en in afwachting van een oplossing die voor alle partijen geschikt is, keurt de CREG deel H van het IAC goed, dat de laatste versie overneemt die door de beide regulatoren werd goedgekeurd, zijnde versie 8, goedgekeurd door de CREG bij beslissing (B)2325 van 10 maart 2022.30 4.3.6. Deel I: Onderbreking, beperkingen, voorwaardelijkheden en onderhoud 182. Dit deel van het toegangsreglement (IAC) bevat de bepalingen inzake onderbrekingen, systeembeperkingen, AT-systeembeperkingen, voorwaardelijkheden samen met de regels van toepassing inzake onderhoud van de vervoersinstallatie van INT. 183. De wijze waarop onderbreekbare capaciteit zal worden onderbroken of gereduceerd, zoals is vastgelegd onder punt 1, is in overeenstemming met de artikelen 33 tot en met 36 van NC CAM. Voor wat betreft de beperkingen wordt een onderscheid gemaakt tussen de beperkingen die het gevolg zijn 27 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2738 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2738 29 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2325 30 https://www.creg.be/nl/publicaties/beslissing-b2325 28 Niet Vertrouwelijk 35/40 van beperkingen op het vervoersysteem INT en deze die het gevolg zijn van beperkingen op de naburige vervoersystemen. 184. Verder bevat dit deel de bepalingen met betrekking tot het aanbod van voorwaardelijke vaste capaciteitsproducten en tot slot tevens de bepalingen inzake onderhoud waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen gepland lange termijn onderhoud en gepland korte termijn onderhoud niet opgenomen in het gepland lange termijn onderhoud. 185. INT heeft een artikel 1.7 toegevoegd dat verwijst naar de noodmaatregelen gedefinieerd in artikel 2.2 van deel J van het IAC. Indien de noodmaatregelen geactiveerd worden, vermeldt INT dat de noodzakelijke beperkingen van de regels gedefinieerd in artikel 1.3 van deel I van het IAC toegepast zouden kunnen worden. 186. Tijdens de openbare raadpleging over bijlage C werden door de marktspelers geen opmerkingen geformuleerd. 187. Mits de noodzakelijke beperkingen toegevoegd in artikel 1.7 van deel I van het IAC objectief, transparant, niet-discriminerend zijn en in verhouding staan tot de noodsituatie en naar behoren gemotiveerd worden, keurt de CREG de wijzigingen goed die zijn opgenomen in deel I van het toegangsreglement (IAC). Niet Vertrouwelijk 36/40 4.4. ONDERZOEK VAN HET TOEGANGSROGRAMMA INTERCONNECTOR (IAAS) 188. Het document “Aardgasvervoersdiensten verleend door Interconnector tussen het Verenigd Koninkrijk en België”, dat het Toegangsprogramma Interconnector is, wordt op een aantal plaatsen aangepast rekening houdend met de wijzigingen die werden aangebracht in de toegangscontract Interconnector (IAA) en het toegangsreglement (IAC) zoals besproken in punt 4.2 en 4.3 van deze beslissing. 189. De CREG stelt vast dat het transportprogramma niet voorgelegd werd ter openbare raadpleging zoals vastgelegd in de bepalingen van artikel 44 van de CoC. 190. In overeenstemming met haar mededeling van 3 november 202531 heeft INT haar technische transportcapaciteiten van het VK naar België gewijzigd in punt 2.2. 191. Paragraaf 3.2.1 (
- b)betreffende de financiële voorwaarden werd gewijzigd om afgestemd te zijn op de wijzigingen beschreven in paragraaf 102 van deze beslissing. 192. Paragraaf 3.4.7 werd gewijzigd om in de lijn te liggen van de intraday omschakelingsdienst geanalyseerd in paragraaf 160 van deze beslissing. 193. Paragrafen 7.3.7 en 7.3.13 werden gewijzigd om rekening te houden met de intraday omschakelingsdienst en de vrijwillige voorafbetaling door de interconnector-gebruiker zoals beschreven in paragrafen 174 en 175 van deze beslissing. 194. Bijlage 1 werd toegevoegd. Hierin worden de tijdsschema's beschreven die van toepassing zijn indien INT de diensten aan een interconnector-gebruiker die de in het IAA vereiste financiële waarborgen niet langer nakomt of zijn facturen niet betaalt, wenst op te schorten of te beëindigen. Het tijdsschema met betrekking tot de niet-naleving van de financiële waarborgen wordt afgestemd op artikels 4.8 en 9.5 (
- c)van het IAA. Het tijdsschema met betrekking tot de niet-betaling van de facturen wordt afgestemd op artikels 5.2 (b), 9.1 (a), 5.5 en 9.5 (
- a)van het IAA. 195. Mits alle in het transportprogramma aangebrachte wijzigingen gedekt zijn door en in de lijn liggen van de wijzigingen aangebracht aan de andere documenten die ter openbare raadpleging worden voorgelegd, keurt de CREG het transportprogramma goed. De CREG benadrukt echter dat INT in de toekomst de procedure beschreven in artikel 40 van de CoC moet naleven en het transportprogramma dus moet opnemen in de andere documenten die ter openbare raadpleging worden voorgelegd, ook al komen de wijzigingen in het vervoersprogramma overeen met de wijzigingen die zijn aangebracht in de andere documenten die ter openbare raadpleging zijn voorgelegd. 31 https://www.fluxys.com/-/media/project/fluxys/public/corporate/fluxyscom/documents/iuk/market-announcement--close-of-open-season-and-review-of-int-be-to-uk-capacity-offering.pdf Niet Vertrouwelijk 37/40 BESLISSING Met toepassing van de artikelen 40, 42 en 44, van de Gedragscode aardgas, keurt de CREG het gewijzigd voorstel van het transportcontract versie 11, ingediend bij de CREG op 30 maart 2026 goed. De CREG verwijst in verband met de goedkeuring ook naar de paragrafen 0 en 134 van deze beslissing. Het behoort tot de verantwoordelijkheid van Interconnector Limited dat de Engelstalige versie van het transportcontract volledig in overeenstemming is met de Nederlandstalige versie, waarvan de wijzigingen met toepassing van huidige beslissing zijn goedgekeurd. Interconnector Limited wordt uitgenodigd om het goedgekeurde transportcontract in de Nederlandse versie en alle documenten die hiermee verband houden, inclusief het raadplegingsverslag zoal vermeld in paragraaf 73, te publiceren op haar website. De CREG vestigt eveneens de aandacht van Interconnector Limited op het feit dat het transportprogramma in de toekomst ter openbare raadpleging voorgelegd zal moeten worden, zoals beschreven in paragraaf 195 van deze beslissing. De goedgekeurde wijzigingen treden in werking op datum van huidige beslissing. Voor de Commissie voor de Regulering van de Elektriciteit en het Gas: Laurent JACQUET Directeur Niet Vertrouwelijk Ilse TANT Directeur i.o. Koen LOCQUET Voorzitter van het Directiecomité 38/40 BIJLAGE 1 1.1 De brief van 13 februari 2026 gericht aan alle stakeholders betreffende de openbare raadpleging over de wijzigingen aan het toegangscontract Interconnector (IAA) en het toegangsreglement (IAC), in het Engels, (bijlage A1 van de brief van 30 maart 2026); 1.2 Het ter openbare raadpleging voorgelegde toegangscontract Interconnector (IAA) en het toegangsreglement (IAC), beiden in track changes, in het Engels (bijlagen A2 en A3 van de brief van 30 maart 2026); 1.3 Twee individuele antwoorden van marktspelers (bijlagen A5 en A6 van de brief van 30 maart 2026); 1.4 Raadplegingsrapport van 30 maart 2026, in het Engels. BIJLAGE 2 2.1 Voorstel tot wijziging van het toegangscontract Interconnector (IAA), het toegangsreglement (IAC), met en zonder track changes, na openbare raadpleging, in het Engels (respectievelijk de bijlagen A7, A8 en A11 en A12 van de brief van 30 maart 2026); 2.2 Voorstel tot wijziging van het Toegangsprogramma Interconnector (IAAS), met en zonder track changes, in het Engels (bijlagen A10 en A14 van de brief van 30 maart 2026). BIJLAGE 3 3.1 Voorstel tot wijziging van het toegangscontract Interconnector (IAA), met en zonder track changes, na openbare raadpleging, in het Nederlands (bijlagen A15 en A19 van de brief van 30 maart 2026); 3.2 Voorstel tot wijziging van het toegangsreglement (IAC), met en zonder track changes, na openbare raadpleging, in het Nederlands (bijlagen A16 en A20 van de brief van 30 maart 2026); Niet Vertrouwelijk 39/40 3.3 Voorstel tot wijziging van het toegangsprogramma Interconnector (IAAS), met en zonder track changes, in het Nederlands (bijlagen A18 en A22 van de brief van 30 maart 2026); BIJLAGE 4 Analyse van de opmerkingen geformuleerd in beslissing (B) 2738 en de antwoorden van INT BIJLAGE 5 Presentatie van de CREG met de titel “De gedeelde verantwoordelijkheid in een geïnterconnecteerd gassysteem verbeteren” Niet Vertrouwelijk 40/40