1/49 Geschillenkamer Beslissing ten gronde 37/2020 van 14 juli 2020 Deze beslissing werd vernietigd door het arrest 2020/ AR/1111 van het Marktenhof dd. 30 juni 2021 Dossiernr.: DOS-2019-03780 Voorwerp: X c/ Google (verwijdering van links/recht op vergetelheid) De Geschillenkamer van de Gegevensbeschermingsautoriteit, samengesteld uit de heer Hielke Hijmans, voorzitter, en de heren Yves Poullet en Christophe Boeraeve, leden; Gelet op de Verordening (EU) 2016/679 van het Europees Parlement en de Raad van 27 april 2016 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens en tot intrekking van Richtlijn 95/46/EG (algemene verordening gegevensbescherming), hierna AVG; Gelet op de wet van 3 december 2017 tot oprichting van de Gegevensbeschermingsautoriteit , hierna WOG; Gelet op het reglement van interne orde, zoals goedgekeurd door de Kamer van Volksvertegenwoordigers op 20 december 2018 en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 15 januari 2019; Gelet op de stukken van het dossier; heeft de volgende beslissing genomen inzake: - de klager "X", vertegenwoordigd door mr. Carine DOUTRELEPONT; - de verwerkingsverantwoordelijke: Google Belgium NV, Etterbeeksesteenweg 180, 1040 Brussel, vertegenwoordigd door dhr. Louis-Dorsan JOLLY en dhr. Gerrit VANDENDRIESSCHE. Beslissing ten gronde37/2020 - 2/49
(1998)van de Parlementaire Vergadering van de Raad van Europa over het recht op eerbiediging van het privéleven bevat een mogelijke definitie van "publieke personen". Zij stelt dat "openbare personen degenen zijn die openbare functies vervullen 55 Supra, nr. 93. 56 Vrije vertaling van punt 48 van de Engelse tekst van de "guidelines". Beslissing ten gronde37/2020 - 28/49 en/of openbare middelen gebruiken en, meer in het algemeen, al diegenen die een rol spelen in het openbare leven, of het nu gaat om politieke, economische, artistieke, sociale, sportieve of andere personen". Sommige informatie over openbare personen heeft een louter privékarakter en zou normaal gesproken niet opgenomen mogen worden in de zoekresultaten, bijvoorbeeld informatie over hun gezondheid of familieleden. Als de personen die een verzoek indienen echter publieke personen zijn en de informatie in kwestie niet louter privé-informatie is, zullen er in de regel voldoende redenen zijn om de verwijdering van links uit zoekresultaten die op hen betrekking hebben, te weigeren. De rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens (hierna "EHRM" ) is bijzonder relevant voor het beoordelen van de belangenafweging" (cursief toegevoegd door de Geschillenkamer). 101. In deze context brengen zowel de klager als Google elementen naar voren die aantonen dat de klager een rol heeft gespeeld en speelt in het openbare leven in België. 102. Om te beginnen moet worden benadrukt dat noch de richtsnoeren van de Groep 29, noch de guidelines van de EDPB vereisen dat de betrokkene een politieke persoonlijkheid is om een rol te kunnen spelen in het openbare leven. 103. In zijn klacht merkt de klager op dat hij een leidinggevend kaderlid is van de Onderneming Z en dat "hij als [leidinggevend kaderlid] van [Onderneming Z] onmiskenbaar een aanzienlijke mate van mediaaandacht heeft". De klager benadrukt echter direct na deze verklaring dat de betrokken feiten niet kunnen bijdragen aan een democratisch maatschappelijk debat en dat het publiek geen rechtmatig belang heeft of meer heeft bij toegang tot deze informatie. Hij wijst er ook op dat hij geen politieke persoonlijkheid was, wat echter, zoals gezegd, niet doorslaggevend is voor de analyse van zijn rol in het openbare leven. 104. Onderneming Z is actief in België en de klager is al enkele jaren leidinggevend kaderlid van onderneming W, een onderneming die nauw verbonden is met onderneming Z. 105. Google somt in zijn conclusies bovendien een aantal functies op die de klager in het verleden heeft vervuld en die, eveneens naar het oordeel van de Geschillenkamer, illustreren dat hij in het verleden ook een rol heeft gespeeld in het openbare leven. 106. Naast de reeds genoemde huidige verantwoordelijkheden van klager omvatten de taken over een periode van ongeveer twintig jaar: een functie als lid van het politieke kabinet van een minister van Beslissing ten gronde37/2020 - 29/49 partij Y; regeringscommissaris in entiteit A; lid van entiteit B; mandataris binnen de overheidsdienst; regeringscommissaris in entiteit D; een functie met een zeer hoge verantwoordelijkheid in organisatie E; en een functie met een hoge verantwoordelijkheid in overheidsinstantie F. 107. Met andere woorden, de klager vervult openbare functies en heeft deze vervuld en/of vervult functies waarbij hij openbare middelen heeft gebruikt en gebruikt, werd en wordt blootgesteld aan mediaaandacht en heeft gehandeld en handelt in een publieke context als een publieke persoon en, meer in het bijzonder, als een hoge ambtenaar of een mandataris van een overheidsdienst. 108. Concluderend, op basis van de uiteengezette elementen 57 is de Geschillenkamer van mening dat de klager een rol heeft gespeeld en speelt in het openbare leven. 6.2. Wat betreft het "partij Y-label" 109. In zijn klacht en conclusies legt de klager aan Google ten laste dat het links opneemt naar gevoelige gegevens over hem. In zijn bewoordingen: "In het onderhavige geval tonen de indexen van Google [de klager] als een persoon met [partij Y-] label. De politieke standpunten [van de klager] vormen gevoelige gegevens in de zin van artikel 9 van de AVG. Deze gegevens genieten een versterkte juridische bescherming. De verwerking van dergelijke gegevens door Google is aldus verboden, aangezien zij niet kan steunen op één van de toepasselijke uitzonderingen (namelijk artikel 9, lid 2 van de AVG en artikel 8 §1 van de wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens)". 110. De klager benadrukt voorts dat het feit dat hij wordt voorgesteld als een persoon "met partij Y-label" onjuiste informatie is die de verwijdering van links rechtvaardigt, en dat met name de gevolgtrekkingen van Google over de relatie van de klager met partij Y overhaast zijn en gebaseerd zijn op foutieve informatie (dit punt wordt hieronder besproken 58). 111. In zijn syntheseconclusies merkt Google op dat het in deze context, namelijk die van de klager en zijn rol in het openbare leven in België, "voor het publiek duidelijk is dat politieke labeling geenszins verwijst naar werkelijke of veronderstelde politieke opvattingen [van de verzoeker], maar alleen naar de politieke partij waarmee hij professioneel nauw verbonden is en die zijn kandidatuur voor het 57 Supra, nr. 99-106. 58 Infra, nr. 116-122. Beslissing ten gronde37/2020 - 30/49 verkrijgen van openbare mandaten heeft gesteund" 59. In zijn conclusies wil Google in feite de professionele banden tussen de verzoeker en partij Y aantonen. In het bijzonder om te rechtvaardigen dat de behandeling van politieke labeling belangrijk is om te komen tot een debat van algemeen belang dat relevant is vanwege de manier waarop de benoeming van (hoge) ambtenaren en de toekenning van publieke mandaten in België werkt, citeert Google professor David Renders die stelt dat de werving van hogere ambtenaren gepolitiseerd is. In dezelfde geest heeft de tweede paragraaf van het persartikel van minder dan tien jaar geleden van www.lecho.be een portret geschetst van de klager en zijn benoeming in verband gebracht met een functie met hoge verantwoordelijkheden bij overheidsinstantie F (Bijlage B.14 in het Google-dossier). 112. De "politieke labeling" van een openbaar mandataris/hoge ambtenaar en artikel 9 van de AVG. In de specifieke context van het onderhavige geval is de Geschillenkamer van oordeel dat de verwijzing naar een politieke "labeling" van een openbaar mandataris of een hoge ambtenaar op zich niet automatisch een politieke "mening" aan het licht brengt: de labeling vestigt in beginsel enkel de aandacht op het feit dat de betrokkene professioneel wordt gesteund 60 in zijn openbare leven 61 en meer bepaald, in het kader van zijn loopbaan als mandataris bij een overheidsdienst en hoge ambtenaar. Niets belet een politieke partij om de kandidatuur van een persoon voor een hoge functie professioneel te ondersteunen op basis van persoonlijke kwaliteiten, zonder rekening te houden met zijn of haar politieke opvattingen. De klager wijst er overigens op dat hij geen lid is van partij Y. 113. Er zal met andere woorden per link moeten worden beoordeeld of de link in kwestie, naast de vermelding van de politieke labeling, ook de politieke opvatting van de klager onthult. 114. Het is trouwens in die zin dat artikel 9, lid 1, van de AVG is opgesteld, dat bepaalt dat "de verwerking van persoonsgegevens waaruit de [...] politieke opvattingen blijken , [...]" verboden is (cursief toegevoegd door de Geschillenkamer). Dus zelfs in de veronderstelling dat de eerste verwerkingen van de bronnen waarnaar links geplaatst zijn (de genoemde kranten, die onder de journalistieke vrijheid vallen62) een politieke opvatting onthullen, quod non, is het moeilijk vol te houden dat de verwerking door Google een politieke opvatting onthult: met het opnemen van links wordt een dergelijke doelstelling niet nagestreefd, het leidt in het onderhavige geval slechts naar namen van personen. 59 Syntheseconclusie, p. 22, punt 29. 60 Supra, nr. 106. 61 Supra, nr. 101-108. 62 Infra, nr. 123 e.v. Beslissing ten gronde37/2020 - 31/49 115. In dezelfde geest, ten slotte, maar explicieter, stelt artikel 6 van het gemoderniseerde Verdrag nr. 108 van de Raad van Europa tot bescherming van personen met betrekking tot de geautomatiseerde verwerking van persoonsgegevens63: "Article 6 – Bijzondere categorieën van gegevens 1. De verwerking: […] - van persoonsgegevens voor informatie die zij onthullen over ras of etnische afkomst, politieke opvattingen, vakbondslidmaatschap, religieuze of andere geloofsovertuigingen, gezondheid of seksleven; is alleen toegestaan op voorwaarde dat de wet voorziet in passende waarborgen ter aanvulling van die van dit verdrag. 2. Deze waarborgen moeten van dien aard zijn dat zij de risico's voorkomen die de verwerking van gevoelige gegevens met zich mee kan brengen voor de belangen, rechten en fundamentele vrijheden van de betrokkene, en met name het risico van discriminatie" 64. 116. Wat betreft de onjuistheid van de "partij Y-labeling". Bepalen of een openbare mandataris wordt gesteund door een bepaalde politieke partij in een context waarin benoemingen gepolitiseerd zijn65 is in feite een complexe kwestie waarvoor (al dan niet journalistiek) onderzoek en een zekere evaluatie nodig kan zijn, aangezien het uiteindelijk ook om een meningsuiting ten aanzien van de betrokkene gaat. Het is in dit geval niet onbelangrijk dat de betwiste links 2, 3, 4 en 5 betrekking hebben op artikelen uit de Belgische pers, dat de betwiste link 6 betrekking heeft op een site voor het voorlichten van het publiek (msn.com) en dat de betwiste link 1 ten slotte betrekking heeft op een Belgische website die gespecialiseerd is in de problematiek van de cumulatie van mandaten en de transparantie op dit gebied in België (www.cumuleo.be). 117. Het is niet de taak van de Geschillenkamer om het debat tussen de betrokkene en de dienstverlener van de zoekmachine over de juistheid van dergelijke informatie à fond te onderzoeken. Dit is overigens evenmin de taak van de auteurs van deze informatie, die de kern vormt van een thema dat ontegenzeggelijk van algemeen belang is en een publiek debat op gang brengt. In dit kader moet in wezen gezorgd worden voor transparantie bij de benoeming en uitoefening van de mandaten binnen een openbaar ambt in België, transparantie die de kern vormt van de democratie en in de loop van 63 Protocol tot wijziging (CETS nr. 223) van het Verdrag tot bescherming van personen met betrekking tot de geautomatiseerde verwerking van persoonsgegevens (ETS nr. 108), op 18 mei 2018 goedgekeurd door het Comité van Ministers van de Raad van Europa tijdens zijn 128e ministeriële zitting. 64 Onderstreept door de Geschillenkamer. 65 Supra, nr. 111. Beslissing ten gronde37/2020 - 32/49 de tijd geanalyseerd zal moeten worden. Artikel 17, lid 3, onder a), van de AVG vereist overigens niet dat een dergelijk debat à fond wordt onderzocht. 118. In het onderhavige geval noemt Google ter rechtvaardiging van het bestaan van een politieke labeling de volgende vijf elementen: ten eerste was de klager ongeveer 20 jaar geleden lid van een politiek kabinet van een minister van partij Y. Ten tweede wordt in een artikel waarvoor de verwijdering van links wordt gevraagd, beweerd dat er sprake is van een schending van de cumulatieregels die in de statuten van partij Y zijn opgenomen en wordt er een uittreksel overgenomen waarin een politieke vertegenwoordiger P zo'n 15 jaar geleden een brief aan de klager heeft gericht om de cumulatieregels binnen de partij toe te lichten. Ten derde heeft de verzoeker minder dan 5 jaar geleden als spreker deelgenomen aan een congres van partij Y. Ten vierde heeft hij nog een lezing gegeven aan partij Y, volgens een Twitter-post van enkele jaren geleden van een afgevaardigde van partij Y in het Brusselse parlement. Ten vijfde en ten slotte blijkt hij te hebben gewerkt in het studiecentrum van partij Y, zoals blijkt uit de woorden van een hoge ambtenaar (die destijds in functie was) in een artikel 66 waarin de klager wordt geportretteerd. In dit artikel wordt aan de klager bovendien ook het "partij Y-label" toebedeeld. 119. De klager weerlegt het standpunt van Google. Zo is het volgens hem onjuist dat hij wordt voorgesteld als een persoon met 'partij Y-label' en moeten de desbetreffende links derhalve verwijderd worden. Hij stelt met name dat: hij nooit lid is geweest van partij Y, dat de aanname van het feit dat de band tussen de verzoeker en partij Y aangetoond wordt in link nr. 3 (link naar de brief van een politieke mandataris P) een overhaaste gevolgtrekking is die steunt op foutieve elementen, dat de verzoeker zich niet schuldig gemaakt heeft aan enige cumulatie die de op hem toepasselijke regels zou schenden en dat de brief van politieke mandataris P (die overigens privé-correspondentie vormt die in strijd blijkt met artikel 22 van de Grondwet, artikel 8, § 2 van de EVRM en artikel 314 van het Strafwetboek) niets zegt over de vraag of de klager (wat niet het geval
- is)al dan niet lid is van partij Y (in de brief aan de klager staat namelijk het volgende: " […] als je lid bent van de partij Y, […]"). 120. Tijdens de hoorzitting merkt de klager onder meer op dat de functie van lid van een politiek kabinet van een minister van partij Y die zo'n twintig jaar geleden werd uitgeoefend oud is en dat ondertussen de verhoudingen ook kunnen veranderen. Hij merkt op dat zelfs als hij in zijn privéleven regelmatig contact heeft met onder andere leden van deze (en andere) politieke familie(s); dit hem niet tot lid van de partij Y maakt. Het gaat om een gevaarlijke gedachtekronkel die schade berokkent aan de manier waarop hij door het publiek en zijn administratie wordt waargenomen. 66 Artikel van l’Echo op www.lecho.be. Beslissing ten gronde37/2020 - 33/49 121. Aan de ene kant baseert Google zich echter niet alleen op deze elementen, zoals wordt geïllustreerd door de betwiste links en de voornoemde door Google aangevoerde elementen 67. Aan de andere kant, en nog fundamenteler, betwist de klager niet dat hij in zijn openbare leven, en meer in het bijzonder in het kader van zijn loopbaan als openbaar mandataris en hoge functionaris 68, professioneel werd gesteund door partij Y. 122. In het licht van deze elementen69 is de Geschillenkamer van mening dat de kritiek van de klager over de onnauwkeurigheid van de 'partij Y-labeling' die hem in de betwiste links wordt toebedeeld, de toepassing van artikel 17, lid 3, onder a), van de AVG niet kan uitsluiten. 6.3 De betwiste links 123. Wat de betwiste links betreft, dient te worden verwezen naar stuk 1 van de conclusies van de klager, waaruit de onderstaande feitelijke elementen zijn afgeleid, tenzij anders vermeld. De betwiste links worden ook meer in detail uitgelegd in de syntheseconclusie van Google en de bijbehorende stukken. 124. Zoekresultaat nr. 1. Deze link verwijst naar de site cumuleo.be, en heeft betrekking op de mandaten, functies en beroepen uitgeoefend door de klager die wordt geciteerd als persoon "met partij Y-label". 125. Gelet op de rol van de klager in het openbare leven 70, op het feit dat politieke labeling informatie vormt die verband houdt met de transparantie bij de benoeming en uitoefening van een openbare mandaten (thema dat de kern vormt in het democratische debat en dat in de loop van de tijd geanalyseerd zal moeten worden), op de wet van 2 mei 1995 betreffende de verplichting om een lijst van mandaten, ambten en beroepen, alsmede een vermogensaangifte in te dienen (en met name op artikel 2, lid 2), aangezien in de huidige context de vermelding van zijn partij Y-label geen enkele van zijn politieke opvattingen71 onthult, en aangezien het gaat om links van content waarvan de juistheid niet wordt betwist (behalve evenwel de door de klager geuite kritiek met betrekking tot de 'partij Ylabeling'72), is de Geschillenkamer van oordeel dat zoekresultaat nr. 1 noodzakelijk is voor de uitoefening van het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie en dat Google dit zoekresultaat, overeenkomstig artikel 17, lid 3,
- a)van de AVG, derhalve terecht heeft behouden. 67 Infra, nr. 123 e.v. en supra, nr. 105 en 118. 68 Supra, nr.106. 69 Supra, nr. 116-122. 70 Supra, n° 99-108. 71 Supra, nr. 112-115. 72 Supra, nr. 116-122. Beslissing ten gronde37/2020 - 34/49 126. Zoekresultaat nr. 2. Deze link verwijst naar een artikel in de krant Le Soir (www.lesoir.be). 127. Wat betreft de link naar een artikel in een Belgisch persorgaan, waarvan de juistheid van de inhoud met betrekking tot het beroepsleven van de klager niet wordt betwist (behalve evenwel de door de klager geuite kritiek met betrekking tot de 'partij Y-labeling'73), gelet op de rol van de klager in het openbare leven74, op het feit dat politieke labeling informatie vormt die verband houdt met de transparantie bij de benoeming en uitoefening van een openbare mandaten (thema dat de kern vormt in het democratische debat en dat in de loop van de tijd geanalyseerd zal moeten worden), en aangezien in de huidige context de vermelding van zijn partij Y-label geen enkele van zijn politieke opvattingen75 onthult, is de Geschillenkamer van oordeel dat link nr. 2 noodzakelijk is voor de uitoefening van het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie en dat Google dit zoekresultaat, overeenkomstig artikel 17, lid 3,
- a)van de AVG, derhalve terecht heeft behouden. 128. Zoekresultaat nr. 3. Deze link verwijst naar een artikel op de informatiesite RTL Info(www.rtl.be). 129. Wat betreft de link naar een artikel in een Belgisch persorgaan, waarvan de juistheid van de inhoud met betrekking tot het beroepsleven van de klager niet wordt betwist (behalve evenwel de door de klager geuite kritiek met betrekking tot de 'partij Y-labeling'76), gelet op de rol van de klager in het openbare leven77, op het feit dat politieke labeling informatie vormt die verband houdt met de transparantie bij de benoeming en uitoefening van een openbare mandaten (thema dat de kern vormt in het democratische debat en dat in de loop van de tijd geanalyseerd dient te worden), en aangezien in de huidige context de vermelding van zijn partij Y-label geen enkele van zijn politieke opvattingen 78 onthult, is de Geschillenkamer van oordeel dat link nr. 3 noodzakelijk is voor de uitoefening van het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie en dat Google dit zoekresultaat, overeenkomstig artikel 17, lid 3,
- a)van de AVG, derhalve terecht heeft behouden. 130. Hoewel zoekresultaat nr. 3 inderdaad betrekking heeft op informatie die meer dan 10 jaar oud is en dus niet meer heel recent is, blijft deze informatie toch relevant aangezien de klager toen en ook nu nog een professionele rol speelde en speelt in het openbare leven. 131. Zoekresultaat nr. 4. Deze link verwijst naar een artikel op de website van de krant La Libre Belgique(www.rtl.be). 73 Supra, nr. 116-122. 74 Supra, nr. 99-108. 75 Supra, nr.109-115. 76 Supra, nr. 116-122. 77 Supra, nr. 99-108. 78 Supra, nr.109-115. Beslissing ten gronde37/2020 - 35/49 132. Wat betreft de link naar een artikel in een Belgisch persorgaan, waarvan de juistheid van de inhoud met betrekking tot het beroepsleven van de klager niet wordt betwist (behalve evenwel de door de klager geuite kritiek met betrekking tot de 'partij Y-labeling'79), gelet op de rol van de klager in het openbare leven80, op het feit dat politieke labeling informatie vormt die verband houdt met de transparantie bij de benoeming en uitoefening van een openbare mandaten (thema dat de kern vormt in het democratische debat en dat in de loop van de tijd geanalyseerd dient te worden), en aangezien in de huidige context de vermelding van zijn partij Y-label geen enkele van zijn politieke opvattingen 81 onthult, is de Geschillenkamer van oordeel dat zoekresultaat nr. 4 noodzakelijk is voor de uitoefening van het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie en dat Google dit zoekresultaat, overeenkomstig artikel 17, lid 3,
- a)van de AVG, derhalve terecht heeft behouden. 133. Zoekresultaat nr. 5. Deze link verwijst naar een artikel op de website van de krant La Libre Belgique(www.rtl.be). 134. Wat betreft de link naar een artikel in een Belgisch persorgaan, waarvan de juistheid van de inhoud met betrekking tot het beroepsleven van de klager niet wordt betwist (behalve evenwel de door de klager geuite kritiek met betrekking tot de 'partij Y-labeling'82), gelet op de rol van de klager in het openbare leven83, op het feit dat politieke labeling informatie vormt die verband houdt met de transparantie bij de benoeming en uitoefening van een openbare mandaten (thema dat de kern vormt in het democratische debat en dat in de loop van de tijd geanalyseerd zal moeten worden), en aangezien in de huidige context de vermelding van zijn partij Y-label geen enkele van zijn politieke opvattingen84 onthult, is de Geschillenkamer van oordeel dat zoekresultaat nr. 5 noodzakelijk is voor de uitoefening van het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie en dat Google dit zoekresultaat, overeenkomstig artikel 17, lid 3,
- a)van de AVG, derhalve terecht heeft behouden. 135. Net als bij zoekresultaat nr. 3 geldt dat hoewel zoekresultaat 5 inderdaad betrekking op informatie die meer dan 10 jaar oud is en dus niet meer heel recent is, deze informatie relevant blijft aangezien de klager toen en ook nu nog een professionele rol speelde en speelt in het openbare leven. 136. Zoekresultaat nr. 6. Deze link verwijst naar een artikel op de informatiesite (www.rtl.be). 137. Google voert aan dat de link nr. 6 naar een pagina leidt die niet meer bestaat. De klager is echter terecht van mening dat het opnemen van de link door Google als zodanig litigieus is. 79 Supra, nr. 116-122. 80 Supra, nr. 99-108. 81 Supra, nr.109-115. 82 Supra, nr. 116-122. 83 Supra, nr. 99-108. 84 Supra, nr. 109-115. Beslissing ten gronde37/2020 - 36/49 138. Google antwoordt in zijn syntheseconclusie dat er noch in de eerste tien resultatenpagina's van de zoekmachine, noch in de pagina's daarna, nog links verschijnen naar url 6. Zij heeft tijdens de hoorzitting bevestigd dat er geen links naar url 6 meer opgenomen worden en de klager heeft dit niet betwist. Het verzoek van de klager om verwijdering van zoekresultaten is derhalve niet langer relevant ten aanzien van zoekresultaat nr. 6. 139. Zoekresultaat nr. 7. Deze link verwijst naar een bericht van de GERFA op de website www.gerfa.be. De GERFA is de studie- en hervormingsgroep voor het administratief ambt. Google legt in zijn syntheseconclusies uit dat de GERFA werd opgericht als reactie op de massale politisering van de overheidsdiensten in België en om de bewustwording en reflectie ten aanzien van de verbetering van het beheer van deze diensten aan te wakkeren, en dat GERFA in 1990 een erkende vakbondsorganisatie is geworden en nu ongeveer 1500 leden telt. 140. Google voert ook hier aan dat zoekresultaat nr. 7 naar een pagina leidt die niet meer bestaat. De klager is echter terecht van mening dat het opnemen van het zoekresultaat door Google als zodanig litigieus is. 141. Google antwoordt in zijn syntheseconclusies dat er noch in de eerste tien resultatenpagina's van de zoekmachine, noch in de pagina's daarna, nog links verschijnen naar url 7. Het heeft tijdens de hoorzitting bevestigd dat er geen links naar url 7 meer opgenomen worden en de klager heeft dit niet betwist. Het verzoek van de klager is derhalve niet langer relevant ten aanzien van zoekresultaat nr. 7. 142. Zoekresultaat nr. 8. Deze link verwijst naar een artikel op de website www.7sur7.be. 143. Wat betreft de link naar een artikel in een Belgisch persorgaan, waarvan de juistheid van de inhoud met betrekking tot het beroepsleven van de klager niet wordt betwist (behalve evenwel de door de klager geuite kritiek met betrekking tot de 'partij Y-labeling' waarnaar hierboven verwezen wordt 85), gelet op de rol van de klager in het openbare leven86, op het feit dat politieke labeling informatie vormt die verband houdt met de transparantie bij de benoeming en uitoefening van een openbare mandaten (thema dat de kern vormt in het democratische debat en dat in de loop van de tijd geanalyseerd zal moeten worden), en aangezien in de huidige context de vermelding van zijn partij Y-label geen enkele van zijn politieke opvattingen87 onthult, is de Geschillenkamer van oordeel dat link nr. 8 noodzakelijk 85 Supra, nr. 116-122. 86 Supra, nr. 99-108. 87 Supra, nr.109-115. Beslissing ten gronde37/2020 - 37/49 is voor de uitoefening van het recht op vrijheid van meningsuiting en informatie en dat Google dit zoekresultaat, overeenkomstig artikel 17, lid 3,
- a)van de AVG, derhalve terecht heeft behouden. 144. Net als bij zoekresultaat nr. 3 en 5 geldt dat hoewel zoekresultaat 5 inderdaad betrekking heeft op informatie die meer dan 10 jaar oud, deze informatie relevant blijft aangezien de klager toen en ook nu nog een professionele rol speelde en speelt in het openbare leven. 145. In het licht van de bovenstaande overwegingen concludeert de Geschillenkamer dat Google terecht heeft besloten om het verzoek van de klager om verwijdering van zoekresultaten niet in te willigen, aangezien dit verzoek gericht is op het verwijderen van links naar informatie die verband houdt met politieke labeling. De Geschillenkamer seponeert de klacht met betrekking tot de verzoeken om verwijdering van zoekresultaten nr. 1 tot 8. 6.4 Wat betreft de vermeende pesterijen 146. De zoekresultaten 9 tot 12 verwijzen allemaal naar artikelen op Belgische perssites (respectievelijk www.lalibre.be, www.dhnet.be, www.7sur7.be, www.sudinfo.be), die allemaal ongeveer tien jaar oud zijn en gewag maken van een tegen de klager ingediende klacht wegens pesterijen binnen de overheidsdienst. 147. Het bestaan van deze klacht wordt niet betwist. 148. In het door de klager op 31 mei 2019 bij Google ingediende aanvraagformulier voor verwijdering van links schrijft de klager echter onder meer het volgende: "Deze indexen verwijzen naar informatie die suggereert dat tegen [de klager] een klacht wegens pesterijen werd ingediend. Deze klacht werd in 2010 ongegrond verklaard. Het niet actuele karakter van deze informatie rechtvaardigt het verzoek om verwijdering van zoekresultaten, geformuleerd op basis van artikel 17 van de AVG". 149. Als stuk 7 van zijn dossier voegt de klager toe wat de eerste pagina (van de 22) blijkt te zijn van een "Advies in het kader van een met redenen omklede klacht, Wet van 11 juni 2002, gewijzigd door de Wet van 10 januari 2007, Vertrouwelijk", geformuleerd door "ARISTA, externe dienst voor preventie en bescherming", alsook de 20ste bladzijde waarvan sommige elementen zijn weggelaten, en de volgende tekstfragmenten nog bestaan: "[...] Op basis van deze definitie, de elementen waarover we beschikken en de punten die hierboven zijn besproken, kunnen we deze situatie niet herkennen als pesterijen . 9. Beslissing ten gronde37/2020 - 38/49 Conclusies [...] Er zijn geen aanwijzingen dat er sprake is van misbruik of pesterijen dor de betrokken persoon". 150. Ten eerste wijst de klager er in dit verband op dat het document (waarvan Google de authenticiteit en integriteit niet betwist) gedateerd is op 2 december 2010 en dat de klacht tegen de klager ongegrond werd verklaard. Uit de documenten in het dossier blijkt niet dat de klacht in kwestie het voorwerp is geweest van andere eventuele procedures of dat er later andere klachten van dezelfde aard tegen de klager ingediend zouden zijn. De informatie waarnaar een link is opgenomen, is dus niet langer actueel en relevant. 151. Ten tweede moet worden opgemerkt dat de genoemde artikelen zo'n tien jaar oud zijn en gewag maken van feiten die ongeveer tien jaar oud zijn. Afgezien van het feit dat de grond van deze feiten niet bewezen werd, zijn deze artikelen dus oud. 152. Ten derde kan, in deze context, het zoekresultaat dat verwijst naar het feit dat tegen de klager een klacht wegens pesterijen werd ingediend schadelijke gevolgen hebben, zowel in zijn beroeps- als zijn privéleven. 153. Hoewel de betwiste zoekresultaten destijds hebben kunnen bijdragen aan een openbaar debat over een zaak van algemeen belang, is de Geschillenkamer van oordeel dat deze links om de bovengenoemde redenen thans achterhaald en niet meer actueel zijn, en derhalve niet als noodzakelijk kunnen worden beschouwd voor de uitoefening van het recht op vrijheid van informatie overeenkomstig artikel 17, lid 3, onder a), van de AVG. 154. In het onderhavige geval mag Google op grond van artikel 6, lid 1, onder f), van de AVG een dergelijk zoekresultaat niet handhaven, aangezien de rechten en belangen van de klager om de genoemde redenen prevaleren. Google dienst deze zoekresultaten derhalve te verwijderen. 155. In het licht van deze overwegingen stelt de Geschillenkamer een inbreuk vast op de artikelen 17, lid 1, a, en 6, lid 1, f, van de AVG en gelast zij Google Belgium NV om de verwerking in overeenstemming te brengen en daartoe alle doeltreffende technische maatregelen te treffen om de zoekresultaten nr. 9 tot 12 niet langer op te nemen. 156. Het is derhalve niet nodig de aanvullende elementen te beoordelen die door de klager zijn aangevoerd met betrekking tot de andere betwiste content in zoekresultaat nr. 10, die betrekking heeft op een jaarlijks budget dat zou zijn toegewezen door een bestuur van de overheidsdienst. Beslissing ten gronde37/2020 - 39/49 7. Inbreuken op de AVG 157. Bij het indienen van zijn aanvraagformulier voor verwijdering van zoekresultaten bij Google, op 31 mei 2019, onder "Reden voor verwijdering", heeft de klager, via zijn advocaat, aangegeven dat de klacht wegens pesterijen in 2010 ongegrond was verklaard en dat de informatie die in de zoekresultaten wordt opgenomen, dus niet meer actueel is88. In dit stadium van de procedure werd dit feit - de aangedragen bewijsstukken (zoals het eerder genoemde advies 89) buiten beschouwing gelaten - dus bij de indiening van het formulier voor verwijdering van zoekresultaten onder de aandacht van Google gebracht, en dan nog wel door een advocaat. 158. Op datzelfde ogenblik heeft Google er kennis van moeten nemen dat de content waarnaar de zoekresultaten verwijzen, ongeveer tien jaar oud is en betrekking heeft op feiten die al meer dan tien jaar oud zijn. 159. De Geschillenkamer is dan ook van oordeel dat Google na ontvangst van het door de klager ingediende formulier met het verzoek om verwijdering van zoekresultaten, daadwerkelijk kennis heeft gekregen van het gedateerde karakter van de klacht wegens pesterijen, van het feit dat deze informatie niet actueel is en, ten slotte, dat de klacht, aangezien zij betrekking heeft op pesterijen, schade zou kunnen berokkenen aan de klager. Google was dus vanaf dat ogenblik daadwerkelijk op de hoogte van ernstige redenen om een verwijdering van zoekresultaten te eisen op basis van artikel 17, lid 1, onder a), van de AVG, redenen waarom de Geschillenkamer overigens geoordeeld heeft dat de links nr. 9 tot 12 verwijderd dienden te worden90. 160. Op 18 juni 2019 nam "het Google-team" echter genoegen met het volgende te antwoorden aan de klager: " […] Na onderzoek van het evenwicht tussen de belangen en de rechten die verbonden zijn aan de content in kwestie, met inbegrip van factoren zoals uw rol in het openbaar leven, heeft Google besloten deze content niet te blokkeren. Voorlopig hebben we besloten om geen actie te ondernemen met betrekking tot deze URL's. 88 Supra, n° 148. 89 Supra, nr. 149. 90 Supra, nr. 150-153. Beslissing ten gronde37/2020 - 40/49 Wij raden u aan uw verzoek om verwijdering rechtstreeks te sturen naar de webmaster die de betreffende site beheert. Deze persoon is in staat de relevante content van het Web te verwijderen of te voorkomen dat deze in zoekmachines verschijnt. Om te weten hoe u contact kunt opnemen met de webmaster [...]. Als de verouderde inhoud van een site in de resultaten van Google blijft verschijnen, kunt u ons vragen de betreffende pagina bij te werken of te verwijderen. Gebruik hiervoor de tool [...]. Als u het niet eens bent met onze beslissing, heeft u het recht om uw probleem voor te leggen aan de gegevensbeschermingsautoriteit in uw land […]". 161. Niet-naleving van de artikel 17, lid 1, onder a), en artikel 6, lid 1, onder f), van de AVG. Door op 18 juni 2019 te weigeren de links nr. 9 tot 12 te verwijderen, hoewel Google LLC deze onmiddellijk had moeten verwijderen omdat het daadwerkelijk op de hoogte was van ernstige redenen die rechtvaardigen dat deze zoekresultaten niet behouden konden worden op grond van artikel 17, lid 3.
- a)van de AVG91, met dien verstande dat Google LLC de zoekresultaten ook tijdelijk had kunnen verwijderen om de aangevoerde ernstige redenen in feite en meer in detail bij de klager en zijn raadsman te controleren, is Google LLC de verplichtingen van artikel 17, lid 1, onder a), van de AVG niet nagekomen. 162. Dezelfde feiten vormen ook een inbreuk op artikel 6, lid 1, onder f), van de AVG, aangezien in de omstandigheden van het geval en om de reeds aangevoerde redenen92 de belangen van de klager die een bescherming van persoonsgegevens vereisen, prevaleren boven het gerechtvaardigde belang van Google om links op te nemen naar de via het internet beschikbare content. 163. De Geschillenkamer is van oordeel dat deze niet-naleving door Google een ernstig karakter heeft. Hoewel de geschonden bepalingen normen bevatten die voor interpretatie vatbaar zijn en het recht op gegevensbescherming geen absoluut recht is, is het verwijderen van links een duidelijke verplichting van een zoekmachine in het licht van het Google Spain-arrest. Zoals het Hof van Justitie heeft opgemerkt, is de mogelijke ernst van de inbreuk serieus en prevaleren de rechten van een betrokkene in beginsel boven het belang van het publiek om de desbetreffende informatie te vinden wanneer een zoekopdracht uitgevoerd wordt op de naam van die persoon. 93 91 Supra, nr. 157-159. 92 Supra, n° 150-153. 93 HvJ EU, 13 mei 2014, C-131/12, Google Spain SL en Google Inc. tegen Agencia Española de Protección de Datos (AEPD) en Mario Costeja González, punten 81 en 97. Beslissing ten gronde37/2020 - 41/49 164. Google, dat in het onderhavige geval perfect op de hoogte was van alle feitelijke elementen, heeft na het verzoek van de klager niet zorgvuldig gehandeld door te weigeren de links naar de betreffende content te verwijderen, terwijl de klager aan Google het bewijs had geleverd van het achterhaalde karakter van deze content. In dit verband is de Geschillenkamer van oordeel dat deze elementen vergelijkbaar zijn met de elementen waarop in de Google Spain-zaak werd gewezen, met name de elementen met betrekking tot het ontoereikende karakter en de verstreken tijd. De inwilliging van het verzoek van de klager vraagt bijgevolg geen ingewikkelde juridische beoordeling. De Geschillenkamer voegt hieraan toe dat er in deze omstandigheden geen sprake is van een onevenredige inbreuk op de vrijheid van meningsuiting en informatie, in tegenstelling tot wat Google Belgium NV beweert. 165. Inbreuk op artikel 12, 1. en 4 van de AVG Tot slot, wat betreft de analyse van de afweging van de onderhavige rechten en belangen die uitgevoerd moet worden op grond van artikel 17, lid 3, onder
- a)van de AVG en van de rechtspraak van het Hof van Justitie dienaangaande94, heeft Google door genoegen te nemen met het antwoord aan de klager dat "na onderzoek van het evenwicht tussen de belangen en de rechten die verbonden zijn aan de content in kwestie, met inbegrip van factoren zoals uw rol in het openbaar leven, Google [heeft] besloten deze content niet te blokkeren" tekort gekomen aan de verplichtingen van artikel 12, leden 1 en 4, van de AVG. De klager zag zich namelijk geconfronteerd met een gebrekkige reden voor het weigeren van zijn verzoek, waardoor hij de motivatie van Google niet volledig kon kennen en begrijpen. Google heeft trouwens de deur voor iedere verdere discussie gesloten en de klager uitgenodigd om, indien hij het niet eens was met de beslissing van Google, zijn probleem rechtstreeks voor te leggen aan de gegevensbeschermingsautoriteit in zijn land. Concluderend kan worden gesteld dat het antwoord van Google over de reden voor de weigering tot verwijdering van links niet voldoende transparant en begrijpelijk was, in strijd met artikel 12, lid 1, en artikel 4 van de AVG. 8. Corrigerende en afschrikkende maatregelen. 166. Om te beginnen beveelt de Geschillenkamer Google Belgium, krachtens artikel 100, lid 1, 8° en 9° van de WOG, om de verwerking in overeenstemming te brengen en daartoe alle doeltreffende technische maatregelen te doen nemen om de zoekresultaten nummers 9 tot 12 niet langer op te nemen, voor alle andere websites van de zoekmachine in al hun taalversies, maar uitsluitend voor gebruikers die deze raadplegen vanuit de Europese Economische Ruimte, en dit uiterlijk zeven dagen na kennisgeving van deze beslissing, en om aan de Geschillenkamer binnen dezelfde termijn per email op het adres litigationchamber@apd-gbabe mee te delen dat het bovengenoemde bevel werd uitgevoerd. 94 Supra, nr. 92-96. Beslissing ten gronde37/2020 - 42/49 167. Naast het bevel om de zoekresultaten nr. 9 tot en 12 te verwijderen is de Geschillenkamer van oordeel dat voor de twee hierboven vermelde inbreuken als aanvulling, ter afschrikking, administratieve geldboeten moeten worden opgelegd. 168. De Geschillenkamer benadrukt dat het opleggen van een administratieve geldboete niet alleen bedoeld is om een einde te maken aan een gepleegde inbreuk, maar vooral om een doeltreffende toepassing van de regels van de AVG te waarborgen. Zoals in overweging 148 is aangegeven, verlangt de AVG dat bij ernstige inbreuken sancties, waaronder administratieve geldboeten, worden opgelegd als aanvulling op of in de plaats van passende maatregelen. De Geschillenkamer handelt aldus op grond van artikel 58, lid 2, onder i), van de AVG. De administratieve geldboete heeft dus niet als hoofddoel een einde te maken aan de inbreuken. Dit doel kan worden bereikt door verschillende corrigerende maatregelen, waaronder dwangbevelen, die worden genoemd in artikel 100, § 1, 8° en 9° van de WOG en die zijn opgenomen in de AVG. Met betrekking tot een sanctie in de vorm van een administratieve geldboete houdt de Geschillenkamer rekening met de aard en de ernst van de overtreding om de oplegging van deze sanctie en de draagwijdte ervan te onderzoeken. 169. Benadrukt moet worden dat deze beslissing niet de eerste administratieve geldboete is die aan Google wordt opgelegd voor een inbreuk in het kader van een verwijdering van zoekresultaten. Zo heeft de Zweedse toezichthouder op 11 maart 2020 aan Google een boete van 75 miljoen SEK (ongeveer 7 miljoen euro) opgelegd wegens verschillende inbreuken op zijn verplichting tot het verwijderen van zoekresultaten.95 170. Op 4 juni 2020 werd een formulier voor het opleggen van een administratieve geldboete naar Google Belgium NV gestuurd om deze argumenten voor het opleggen van administratieve geldboeten mee te delen96 171. In antwoord op dit formulier voert Google Belgium NV verschillende argumenten aan. Google Belgium stelt dat het helemaal geen sancties opgelegd moet krijgen, omdat dit "totaal ongepast, gevaarlijk contraproductief en zelfs onwettig" zou zijn97. In ondergeschikte orde stelt Google Belgium NV dat "de beoogde sancties in strijd zouden zijn met het evenredigheidsbeginsel van de repressieve normen. Bovendien zou de publicatie op naam van een sanctie tegen Google Belgium NV contraproductief zijn"98. Nog meer in ondergeschikte orde is Google Belgium NV van oordeel dat de vaststelling van het 95 EDPB « The Swedish Data Protection Authority imposes administrative fine on Google”, 11 maart 2020, beschikbaar op www.edpb.europa.eu. 96 Supra, nr.10. 97 Antwoord van Google Belgium NV op het boeteformulier, 24 juni 2020, p. 2. 98 Ibidem Beslissing ten gronde37/2020 - 43/49 bedrag niet naar behoren gerechtvaardigd is omdat "de Geschillenkamer bepaalde onjuiste criteria heeft gehanteerd [...] en, daarentegen, geen rekening heeft gehouden met de verzachtende omstandigheden"99. Het bedrag van de boete wordt door Google Belgium NV ook als problematisch beschouwd omdat Google Belgium NV niet in staat is de schaal, de formule en de berekeningswijze die voor de vaststelling ervan worden gebruikt, te controleren. 172. In antwoord op deze argumenten specificeert de Geschillenkamer dat zij zich baseert op artikel 83 van de AVG om tot de conclusie te komen dat een administratieve geldboete gerechtvaardigd is en om het bedrag ervan te berekenen. De Geschillenkamer motiveert haar beslissing op basis van de onderstaande bevindingen. 173. Zoals in het boeteformulier werd aangegeven, met betrekking tot de bepaling van de omzet van Google Belgium NV, die een criterium is voor de berekening van de boete, baseert de Geschillenkamer zich op het advies van het Europees Comité voor gegevensbescherming, dat als volgt luidt: " Om geldboeten op te leggen die doeltreffend, evenredig en afschrikkend zijn, gebruikt de toezichthoudende autoriteit de definitie van het begrip onderneming zoals vastgesteld door het Hof van Justitie van de Europese Unie voor de toepassing van de artikelen 101 en 102 VWEU, namelijk dat het begrip onderneming wordt begrepen als een economische eenheid die door de moedermaatschappij en alle betrokken dochterondernemingen kan worden gevormd. Overeenkomstig het EU-recht en de jurisprudentie moet een onderneming worden gezien als een economische eenheid die commerciële/economische activiteiten uitoefent, ongeacht de rechtsvorm ervan (overweging 150). 100 174. De Geschillenkamer baseert zich daarom op de omzet van het conglomeraat Alphabet, veronderstelde moedermaatschappij van Google Belgium NV, waarvan het bedrag voor de laatste drie jaar als volgt is: . 99 - Alphabet omzet 2019: $161,857 mds. - Alphabet omzet 2018: $136,819B mds. - Alphabet omzet 2017: $110,855 mds. 101 Ibidem 100 "Richtsnoeren voor de toepassing en vaststelling van administratieve geldboeten in de zin van Verordening (EU)2016/679", goedgekeurd op 3 oktober 2017, blz. 6, beschikbaar op www.edpb.europa.eu. 101 Beschikbaar op: https://www.macrotrends.net/stocks/charts/GOOG/alphabet/revenue. Beslissing ten gronde37/2020 - 44/49 175. Wat de niet-naleving van de artikelen 17.1.
- a)en 6.1. f), van de AVG betreft, beslist Geschillenkamer, gelet op artikel 83. 2 van de AVG, een administratieve geldboete van 500.000 EUR op te leggen, rekening houdend met de volgende elementen: (
- i)ten minste van 19 juni 2019 tot 6 mei 2020, d.w.z. de datum van de hoorzitting in deze zaak, d.w.z. gedurende een periode van tien maanden, en dit overigens, ondanks de mededeling, tijdens de procedure door de klager in het kader van de uitwisseling van de conclusies, van een advies van ARISTA inzake buitenvervolgingstelling met betrekking tot de klacht wegens pesterijen102, heeft Google de zoekresultaten nr. 9 tot 12 behouden, ook al beschikte het over ernstige elementen om de verwijdering van zoekresultaten vanaf 19 juni 2019 te rechtvaardigen. Het behoud van zoekresultaten 9 tot 12 heeft geleid (en kan nog steeds leiden) tot aanzienlijke schade aan de reputatie van klager, aangezien hij gedurende meer dan tien maanden bijzonder negatieve informatie over hem in de zoekmachine vond, hoewel hij had verzocht om verwijdering en het bewijs had geleverd van de onnauwkeurigheid van de informatie. De Geschillenkamer is van oordeel dat de beslissing rechtstreeks relevant is voor de klager en dat zij onrechtstreeks relevant is voor alle internetgebruikers die over de klager informatie hebben kunnen zoeken in de zoekmachine. Gedurende deze periode werden de betwiste zoekresultaten door Google behouden zonder rechtsgrond krachtens artikel 6, lid 1, van de AVG, hetgeen een ernstige inbreuk vormt op de AVG. De inbreuk op artikel 17, lid 1, onder a), vormt ook een schending van een wezenlijk beginsel van de AVG en is op zijn minst een grove nalatigheid (artikel 83, lid 2, onder a), van de AVG); (
- ii)de bovengenoemde elementen vormen een ernstige inbreuk op de AVG en een nalatigheid van Google Belgium NV (artikel 83, lid 2, onder b), van de AVG). Google Belgium kan zich in dit verband ni