te nemen werkpost, evenals van het resultaat van de aan het uit te voeren werk verbonden risico-evaluatie, bedoeld in artikel 28bis, § 3, a) van het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming. § 2.
bedoelde informatie wordt verstrekt voor elke in te nemen werkpost en voor elke uitzendkracht via de overeenkomst tussen gebruiker en uitzendbureau, bedoeld in artikel 17 van de voornoemde wet van 24 juli 1987Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/07/1987 pub. 13/02/2007 numac 2007000038 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers. - Duitse vertaling sluiten.
bedoelde informatie wordt daarenboven verstrekt via een werkpostfiche voor de uitzendkracht die tewerkgesteld wordt op een werkpost in de zin van artikel 124, § 1, 1°, 2°, 3° en 6° van het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming. § 3.
bedoelde werkpostfiche moet met name de volgende elementen inzake de werkpost bevatten: 1° een beknopte en precieze beschrijving van de te verrichten werkzaamheden;2° de opgave van de werkzaamheden of arbeidsomstandigheden die een specifiek blootstellingsrisico of -verbod inhouden;3° de vermelding van de verplichtingen waaraan de uitzendkracht is onderworpen op grond van de risico's verbonden aan de werkpost, met name betreffende :
de § 3 bedoelde informatie. Het comité voor Preventie en Bescherming op het werk wordt om advies gevraagd aangaande
Art. 3.§ 1. Het uitzendbureau brengt
artikel 2 bedoelde informatie ter kennis van de uitzendkracht. § 2. Indien een onderzoek bij indienstneming nodig is, overhandigt het uitzendbureau aan de uitzendkracht een formulier tot aanvraag van een geneeskundig onderzoek bij indienstneming ten behoeve van de arbeidsgeneeskundige dienst van het uitzendbureau.
artikel 2 bedoelde informatie wordt bij de aanvraag gevoegd en aan het in artikel 7 bedoelde medisch dossier van de uitzendkracht toegevoegd. § 3. Bij elke tewerkstelling van de uitzendkracht bij een gebruiker vergewist het uitzendbureau zich van de geldigheid van de arbeidsgeschiktheid. Als de geldigheidsduur is verstreken, wordt
De geldigheid van de arbeidsgeschiktheid en de geldigheidsduur worden vastgesteld aan de hand van de kaart van medisch onderzoek bedoeld in artikel 146bis, § 1 van het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming. § 4. Bij elk onderzoek bij indienstneming en bij het nazicht van de geldigheid van de arbeidsgeschiktheid moet de arbeidsgeneeskundige dienst van het uitzendbureau in het bezit zijn van de nodige informatie, inzonderheid door het centraal medisch dossier te raadplegen, zodat de arbeidsgeneesheer van deze dienst een duidelijk overzicht heeft van de risico's waaraan de uitzendkracht al is blootgesteld. Art. 4.Het uitzendbureau staat in voor de naleving van de reglementaire bepalingen betreffende
entingen. Het uitzendbureau staat in voor de naleving van de bepalingen betreffende de moederschapsbescherming, met uitzondering van de maatregelen die de gebruiker moet nemen in toepassing van artikel 42, § 1 van de arbeids wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten. Art. 5.§
te nemen werkpost. §
genomen werkpost zijn vermeld. Het hoofd van de dienst voor veiligheid, gezondheid en verfraaiing van de werkplaatsen en de arbeidsgeneesheer worden door de gebruiker in kennis gesteld van de tewerkstelling van uitzendkrachten, voor zover zij die informatie nodig hebben om zich op adequate wijze van hun beschermings- en preventieactiviteiten ten behoeve van alle werknemers te kunnen kwijten. § 5. De gebruiker betrekt het hoofd van de dienst voor veiligheid, gezondheid en verfraaing van de werkplaatsen en de arbeidsgeneesheer bij
Art. 6.De gebruiker gaat na of de uitzendkrachten medisch geschikt zijn bevonden om
te nemen werkpost te bekleden. Te dien einde bezorgt het uitzendbureau aan de arbeidsgeneesheer van de gebruiker de kaarten van medisch onderzoek bedoeld bij artikel 146bis van het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming. De gebruiker vergewist zich ervan dat zijn arbeidsgeneesheer de volgende taken verricht: 1° toezicht op de hygiëne van de arbeidsomstandigheden;2° onderzoek van de werkpost die de uitzendkracht bezet of zal bezetten;3° advies over een eventuele aanpassing van die werkpost;4° uitvoering van de geneeskundige onderzoeken na een spontane raadpleging. Art. 7.Voor iedere uitzendkracht wordt een centraal beheerd, medisch dossier opgesteld, dat overeenkomstig de bepalingen van artikel 146quinquies tot 146decies van het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming de gegevens en conclusies bevat met betrekking tot de geneeskundige onderzoeken waaraan die werknemer onderworpen werd, alsook
formatie bedoeld in de artikelen 2, 3, § 4, en
werkingtreding van dit koninklijk besluit, worden onderworpen aan een evaluatie door het Paritair Comité voor de Uitzendarbeid. Art. 10.Voor de toepassing van artikel 9, § 2 wordt rekening gehouden met het effectieve aantal uitzendkrachten dat is tewerkgesteld in het jaar voorafgaand aan dat waarvoor de bijdrage moet worden vastgesteld. Het effectieve aantal uitzendkrachten wordt vastgesteld door middel van een jaargemiddelde dat verkregen wordt door het totale aantal aan de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid aangegeven dagen te delen door het aantal werkdagen, met afronding naar boven. Art. 11.Het is verboden uitzendkrachten tewerk te stellen voor het verrichten van de volgende werkzaamheden : 1° afbraak en verwijdering van asbest;2° de werkzaamheden bedoeld in het koninklijk besluit van 14 januari 1992 houdende reglementering van begassingen;3° verwijdering van giftige afvalstoffen zoals bedoeld bij de wet van 22 juli 1974 op de giftige afval. Art. 12.Zijn belast met het toezicht op de naleving van de bepalingen van dit besluit: 1° de geneesheren-arbeidsinspecteurs en de adjunct-inspecteurs arbeidshygiëne van de Medische Arbeidsinspectie van de Administratie van de Arbeidshygiëne en -geneeskunde;2°
genieurs, industrieel ingenieurs, technisch ingenieurs en technisch controleurs van de Technische Inspectie van de Administratie van de Arbeidsveiligheid. Art. 13.De bepalingen van artikel 1 tot 11 van dit besluit vormen hoofdstuk IV van titel VIII van de Codex over het Welzijn op het Werk met de volgende opschriften: 1° « Titel VIII.-: Bijzondere werknemerscategorieën en werksituaties. »; 2° « Hoofdstuk IV.-: Uitzendarbeid. » Art. 14.Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid is belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 19 februari 1997. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET Voor de raadpleging van de voetnoot, zie beeld
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.