← België

Verordening tot uitvoering van artikel 80, 5° van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördin

wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994 Het Beheerscomité van de Dienst voor uitkeringen van het Rijksinstituut voor ziekt

het eerste lid bedoelde loon geacht 1/26 van het maandloon te zijn. Voor de niet forfaitair per maand betaalde werknemer wiens wekelijkse arbeidsregeling over vijf dagen is gespreid,

het eerste lid bedoelde loon vermenigvuldigd met 5/6. Voor de niet forfaitair per maand betaalde werknemer, met een niet constante dagelijkse of wekelijkse arbeidsduur, of die afwisselend in ploegen werkt, is het in het eerste lid bedoelde loon gelijk aan de verhouding tussen het normale loon van de arbeidscyclus en het aantal werkdagen van die cyclus. Art. 24.§ 1.

  1. a)Voor de per taak beloonde houthakker wordt het gederfde loon verkregen door het loon dat is verschuldigd voor de prestaties geleverd tijdens het kwartaal vóór dat waarin de arbeidsongeschiktheid is aangevangen, te delen door het aantal arbeidsdagen van dat kwartaal.
  2. b)Indien de gerechtigde bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid niet als houthakker tewerkgesteld is geweest tijdens het kalenderkwartaal ervoor, dan wordt het gederfde loon verkregen door het loon, verschuldigd over het kwartaal waarin de arbeidsongeschiktheid is aangevangen, te delen door het aantal arbeidsdagen in dat kwartaal. § 2. In het aantal arbeidsdagen dat is bedoeld in § 1, zijn niet begrepen de dagen waarover werkloosheidsuitkeringen zijn verleend, de dagen waarover arbeidsongeschiktheidsuitkeringen zijn betaald en de dagen jaarlijkse vakantie. Deeltijdse werknemer Art. 25.Voor de deeltijdse werknemer is het gederfde loon gelijk aan het normale loon van de arbeidscyclus, zoals deze is vastgesteld in de schriftelijk arbeidsovereenkomst of in het arbeidsreglement, gedeeld door het aantal werkdagen van die cyclus. Voor de forfaitair per maand betaalde deeltijdse werknemer

het eerste lid bedoelde loon geacht 1/26 van het maandloon te zijn. Tijdelijke leerkracht Art. 26.Voor de tijdelijke leerkracht is het gederfde loon 1/312 van het jaarloon op basis waarvan hij zou zijn betaald op de eerste dag van zijn arbeidsongeschiktheid. Arbeider bij tussenpozen en seizoenarbeider Art. 27.§ 1. Voor de uitzendkracht en de seizoenarbeider die voldoen aan de bij artikel 23, eerste lid, bepaalde voorwaarden, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering berekend op het in artikel 23 bepaalde loon, aangepast als volgt : - het bedrag van het loon wordt vermenigvuldigd met een breuk met als teller de som van het aantal dagen dat de gerechtigde tewerkgesteld is geweest tijdens de vier inhoudingstijdvakken vóór het kalenderkwartaal waarin hij arbeidsongeschikt is geworden en het aantal gelijkgestelde dagen, en met als noemer 312. - indien de gerechtigde bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid sedert minder dan het in het vorige lid bedoelde tijdvak uitzendkracht of seizoenarbeider is, wordt in de noemer enkel rekening gehouden met de werkdagen van het tijdvak dat ingaat de dag waarop hij die hoedanigheid heeft verkregen, en eindigt de dag vóór de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid, en wel naar rato van zesentwintig dagen voor elke volledige maand en van het aantal werkdagen voor de onvolledige maanden. Voor het vaststellen van de noemer worden de wettelijke feestdagen op dezelfde grond in aanmerking genomen als de werkdagen. § 2. Met tewerkgestelde dagen als bedoeld in § 1 worden gelijkgesteld, de dagen van gewone activiteit waarop de gerechtigde zou hebben gearbeid indien hij niet in de onmogelijkheid had verkeerd om die activiteit uit te oefenen wegens :

  1. a)arbeidsongeschiktheid als bepaald in artikel 100 van de gecoördineerde wet;
  2. b)zwangerschapsrust als bedoeld in artikel 32, eerste lid, 4° van de gecoördineerde wet;
  3. c)gecontroleerde onvrijwillige werkloosheid als bedoeld in artikel 246 van het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 19/12/2008 numac 2008001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 10/12/2007 numac 2007000977 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester van het jaar 2007 sluiten;nochtans moet iedere halve dag werkloosheid die is opgegeven op het bewijs van een vrijwillig deeltijdse werknemer, wiens maandloon minder bedraagt dan het refertemaandloon van de werkloosheid, als een volledige dag worden beschouwd;
  4. d)andere situaties die krachtens artikel 203, vierde lid, van het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 19/12/2008 numac 2008001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 10/12/2007 numac 2007000977 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester van het jaar 2007 sluiten worden gelijkgesteld met arbeid;
  5. e)voortgezette verzekering als bedoeld in de artikelen 247 tot 251 van het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 19/12/2008 numac 2008001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 10/12/2007 numac 2007000977 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester van het jaar 2007 sluiten;
  6. f)tijdvak van moederschapsbescherming, bedoeld in de artikelen 114 en 114bis van de gecoördineerde wet. Art. 28.Voor de gerechtigde die is tewerkgesteld krachtens een arbeidsovereenkomst voor uitvoering van tijdelijke arbeid, wordt het gederfde loon berekend zoals bepaald in de artikelen 23, 25 of 27, naargelang hij respectievelijk voltijds, deeltijds of als uitzendkracht is tewerkgesteld. Art. 29.Voor de huisarbeider wordt het gederfde loon berekend zoals bepaald in artikel 5 van bovenbedoeld koninklijk besluit van 18 april 1974. Wanneer de periode van vier weken vóór de eerste dag van de arbeidsongeschiktheid evenwel één of meer vakantiedagen bevat, dient de periode van vier weken onmiddellijk voor die vakantiedag of -dagen als refertetijdvak in aanmerking te worden genomen. Ontbreken van loon Art. 30.§ 1. Voor de gecontroleerde volledige werkloze gerechtigde wiens werkloosheidsuitkering op basis van het tijdens een tewerkstelling verdiende loon werd berekend of zou zijn berekend zo er geen toepassing was geweest van artikel 115, van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten houdende de werkloosheidsreglementering, hierna het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten genoemd, is het gederfde loon gelijk aan het gemiddeld dagloon dat op de eerste dag van de arbeidsongeschiktheid zou worden in aanmerking genomen voor het vaststellen van het bedrag van de werkloosheidsuitkering. Voor de gerechtigde bedoeld in artikel 127, § 1, 1°, en § 2 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten, wordt het overeenkomstig het vorige lid vastgestelde gederfde loon verhoogd met een bedrag dat overeenstemt met de in vorengenoemd artikel 127, § 1, 1° bedoelde anciënniteitstoeslag, aangepast aan het indexcijfer op de aanvangsdatum van de arbeidsongeschiktheid en gedeeld door 0,6. § 2. Voor de gerechtigde die bij de aanvang van de arbeidsongeschiktheid niet aan de in de artikelen 23 tot 30, § 1 gestelde voorwaarden voldoet, is het gederfde loon gelijk aan het minimumloon dat voor een bediende van categorie I is vastgesteld door het aanvullend nationaal paritair comité voor bedienden, rekening houdend met de leeftijd van de gerechtigde op de aanvangsdatum van de arbeidsongeschiktheid. Overeenkomstig artikel 96, tweede lid van de gecoördineerde wet, wordt dat loon eveneens in aanmerking genomen om het bedrag te berekenen van de invaliditeitsuitkering van de leerling die bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid gebonden was door een leerovereenkomst als bedoeld in de wet van 19 juli 1983Relevante gevonden documenten type wet prom. 19/07/1983 pub. 07/09/2011 numac 2011000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op het leerlingwezen voor beroepen uitgeoefend door werknemers in loondienst. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten op het leerlingwezen voor beroepen uitgeoefend door arbeiders in loondienst. § 3.
  7. a)Voor de gerechtigde die bij toepassing van artikel 103 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten uitkeringen geniet over halve dagen,

§ 1

of § 2 bedoelde gederfde loon vermenigvuldigd met een breuk met als teller het aantal halve werkloosheidsuitkeringen toegekend tijdens de vier weken vóór de aanvang van de arbeidsongeschiktheid, en met als noemer 48; indien de gerechtigde bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid sedert minder dan vier weken deze hoedanigheid heeft, dient men in de teller rekening te houden met het aantal halve werkloosheidsuitkeringen die, indien de gerechtigde niet arbeidsongeschikt was geworden, zouden zijn toegekend over het tijdvak dat ingaat de dag waarop hij deze hoedanigheid heeft verkregen en dat vier weken later een einde neemt. b) Voor de gerechtigde die aan het einde van zijn laatste tijdvak van tewerkstelling de hoedanigheid had van seizoenarbeider of uitzendkracht,

§ 1

of § 2 bedoelde gederfde loon aangepast overeenkomstig hetgeen in artikel 27 is bepaald.c) Voor de gerechtigde die bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid niet aan de in de artikelen 23 tot 27 gestelde voorwaarden voldoet om een andere reden dan werkloosheid, en die aan het einde van zijn laatste tijdvak van tewerkstelling deeltijds was tewerkgesteld,

§ 2

bedoelde gederfde loon vermenigvuldigd met een breuk met als teller het gemiddeld aantal arbeidsuren per week, zoals vastgesteld in de schriftelijke arbeidsovereenkomst of in het arbeidsreglement, en met als noemer het gemiddeld wekelijks aantal arbeidsuren van een werknemer die in dezelfde onderneming of bij ontstentenis in dezelfde bedrijfstak in een gelijkaardige functie voltijds tewerkgesteld is. Art. 31.Voor de in artikel 30 bedoelde gerechtigden, wier arbeidsongeschiktheid aanvangt uiterlijk de veertiende dag na het einde van een toestand als bedoeld in de artikelen 23 tot 27 en 34, wordt het gederfde loon berekend alsof de arbeidsongeschiktheid was aangevangen bij het einde van die toestand. De in het vorige lid bepaalde termijn wordt geschorst gedurende het tijdvak van de krachtens de voormelde toestanden genomen jaarlijkse vakantie, voorzover dat onmiddellijk volgt op het einde van de tewerkstelling of van de periode waarover de gerechtigde een vergoeding wegens verbreking van de arbeidsovereenkomst geniet, alsmede gedurende het tijdvak tijdens hetwelk de gerechtigde onder de wapens is geroepen of is wederopgeroepen. Art. 32.Wanneer de gerechtigde bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid sedert meer dan veertien dagen niet meer onder de regeling van de Belgische verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen staat, is het loon dat als basis dient voor de berekening van de invaliditeitsuitkering die krachtens een internationaal verdrag of een internationale verordening inzake sociale zekerheid, geheel of gedeeltelijk ten laste van die regeling komt, het in artikel 30, § 2 bedoelde loon. Het in het vorige lid bedoelde loon wordt aangepast overeenkomstig hetgeen is bepaald in artikel 30, § 3,

  1. b)of c), voor de gerechtigde die aan het einde van zijn laatste tijdvak van tewerkstelling, voorzover dit gesitueerd is na 1 juli 1982, de hoedanigheid had van seizoenarbeider of uitzendkracht of deeltijds was tewerkgesteld. Bijzondere situaties Art. 33.§ 1. Wanneer de gerechtigde zich bevindt in de situatie bedoeld in artikel 32, eerste lid, 4° van de gecoördineerde wet en bij de aanvang van haar rust de bij één van de artikelen 23 tot 27 gestelde voorwaarden vervulde, wordt het gederfde loon berekend alsof de arbeidsongeschiktheid was aangevangen op de eerste dag van de arbeidsonderbreking. § 2. Als een tijdvak van arbeidsongeschiktheid onmiddellijk volgt op een tijdvak van moederschapsbescherming als bedoeld in artikel 114 of 114bis van de gecoördineerde wet, moet als gederfd loon voor het berekenen van de arbeidsongeschiktheidsuitkering het gederfde loon in aanmerking genomen worden dat met toepassing van artikel 45 is bepaald op de eerste dag van het tijdvak van moederschapsbescherming. De bepalingen van artikel 42, § 1, tweede lid, die niet in aanmerking werden genomen voor de berekening van de moederschapsuitkering tijdens een tijdvak van moederschapsbescherming als bedoeld in artikel 114 van de gecoördineerde wet zijn nochtans van toepassing voor de berekening van de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen in het geval bedoeld in deze paragraaf. Art. 34.§ 1. Onverminderd de bepalingen van artikel 103 van de gecoördineerde wet wordt voor de gerechtigde die bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid een vergoeding wegens verbreking van een arbeidsovereenkomst geniet, het gederfde loon berekend alsof de arbeidsongeschiktheid was aangevangen op de dag van het ontslag. § 2. Voor de gerechtigde die bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid een vergoeding wegens verbreking van de arbeidsovereenkomst geniet en tevens hetzij verbonden is door een arbeids- of een leerovereenkomst hetzij onder gelijkaardige voorwaarden arbeidt, wordt de uitkering wegens arbeidsongeschiktheid berekend op grond van het in één van de artikelen 23 tot 27 bedoelde loon met betrekking tot die laatste tewerkstelling. Bij het verstrijken van het tijdvak dat is gedekt door de vergoeding wegens verbreking van de arbeidsovereenkomst mag dat loon evenwel niet kleiner zijn dan het in § 1 bedoelde loon. Art. 35.Voor de gerechtigde die bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid deeltijds is tewerkgesteld en tevens een onderbrekingsuitkering geniet in toepassing van artikel 102 of 102bis van de herstel wet van 22 januari 1985Relevante gevonden documenten type wet prom. 22/01/1985 pub. 12/08/2013 numac 2013000511 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Herstelwet houdende sociale bepalingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten houdende sociale bepalingen, wordt de uitkering wegens arbeidsongeschiktheid berekend overeenkomstig artikel 25. Bij het verstrijken van het tijdvak waarvoor de gerechtigde deze onderbrekingsuitkering ontvangt, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering evenwel berekend op grond van het gederfde loon dat in aanmerking zou worden genomen zo de gerechtigde zijn prestaties in de voltijdse arbeidsregeling niet had verminderd. Het vorige lid is nochtans slechts van toepassing inzoverre de periode van vermindering van de arbeidsprestaties die werd overeengekomen het tijdvak waarvoor de gerechtigde de onderbrekingsuitkeringen geniet, niet overtreft. Art. 36.Voor de gerechtigde die bij het optreden van zijn arbeidsongeschiktheid halftijds werkt en werkloosheidsuitkeringen geniet in het kader van het koninklijk besluit van 30 juli 1994 betreffende het halftijds brugpensioen, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering berekend alsof de arbeidsongeschiktheid was opgetreden de dag vóór de halvering van de arbeidsprestaties. Gedurende de periode echter waarin de voornoemde gerechtigde zijn recht op werkloosheidsuitkeringen behoudt krachtens artikel 10, derde lid van het voormelde koninklijk besluit van 30 juli 1994 zonder dat hij het gewaarborgd loon geniet als bedoeld in artikel 52, § 1 of § 2 van de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering berekend overeenkomstig artikel 25. Art. 37.Wanneer de gerechtigde bij de aanvang van zijn arbeidsongeschiktheid een wachtvergoeding geniet die wordt toegekend wegens sluiting van de onderneming of een vergoeding wegens collectief ontslag zoals bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst van 8 mei 1973 betreffende het collectieve ontslag, wordt het gederfde loon berekend alsof de arbeidsongeschiktheid was aangevangen op de dag van het ontslag. Art. 38.Wanneer de gerechtigde naast een hoofdactiviteit één of meer nevenactiviteiten heeft, is het gederfde loon gelijk aan de som van de gederfde lonen berekend op grond van de artikelen 23 tot 27. Art. 39.Voor de gerechtigde die in toepassing van de artikelen 48 en 50 van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten, werkloosheidsuitkeringen geniet en tevens een nevenactiviteit heeft, is het gederfde loon gelijk aan de som van het gederfde loon berekend op grond van artikel 30 en het gederfde loon berekend op grond van één van de artikelen 23 tot 27. Voor de dagen arbeidsongeschiktheid waarover gewaarborgd loon wordt betaald, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering enkel berekend op grond van artikel 30. Art. 40.Voor de minder-valide werknemer die het genot van de werkloosheidsuitkeringen behoudt gedurende een tewerkstelling in een beschermde werkplaats, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering berekend op grond van artikel 30. Is het in de artikelen 23 of 25 bedoelde loon hoger dan het hiervoren bedoelde loon, dan dient evenwel dat loon in aanmerking te worden genomen. Art. 41.Voor de gecontroleerde volledige werkloze gerechtigde die een beroepsopleiding volgt in een erkend of door de gewestelijke dienst voor arbeidsbemiddeling en beroepsopleiding opgericht centrum, in een technische onderwijsinrichting of in een onderneming, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering berekend met toepassing van artikel 30. Art. 42.§ 1. Voor de deeltijds werknemer met behoud van rechten die aanspraak heeft op een inkomensgarantieuitkering overeenkomstig de bepalingen van artikel 131bis van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten, is het gederfde loon gelijk aan de som van, enerzijds, het product van de vermenigvuldiging van het in artikel 30 bedoelde gederfde loon met een breuk met als teller het brutobedrag van de tijdens de refertemaand toegekende inkomensgarantieuitkering en als noemer het bedrag van de referteuitkering, vastgesteld overeenkomstig de artikelen 75bis, eerste en derde lid en 75quater van het ministerieel besluit van 26 november 1991 houdende de toepassingsregelen van de werkloosheidsreglementering en, anderzijds, het gederfde loon bedoeld in artikel 25 of, als het om een tijdelijke leerkracht gaat, in artikel 26. Ingeval het in het eerste lid bedoelde loon minder is dan het loon waarop de gerechtigde aanspraak zou kunnen maken krachtens artikel 30, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering evenwel berekend op basis van laatst bedoeld loon. Deze bepaling is alleen van toepassing in de loop van een tijdvak van arbeidsongeschiktheid tijdens hetwelk het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering niet beperkt wordt in toepassing van artikel 211 van het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 19/12/2008 numac 2008001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 10/12/2007 numac 2007000977 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester van het jaar 2007 sluiten. Voor de periode bedoeld in artikel 103, § 1, 1°, 2° of 3° van de gecoördineerde wet, wordt het gederfde loon vastgesteld overeenkomstig het eerste lid, waarbij echter geen rekening gehouden wordt met het gederfde loon dat in artikel 25 of 26 is bedoeld. Voor de toepassing van dit artikel moet onder refertemaand worden verstaan de kalendermaand, bedoeld in artikel 131bis, § 2, van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten, onmiddellijk vóór die waarin de arbeidsongeschiktheid een aanvang heeft genomen. Wanneer het niet mogelijk is om aan de hand van de in het vorige lid bedoelde referteperiode de verminderingscoëfficiënt te bepalen die moet worden toegepast op het gederfde loon bedoeld in artikel 30, dient er rekening te worden gehouden met een andere referteperiode, die loopt vanaf de eerste dag van de kalendermaand waarin de arbeidsongeschiktheid een aanvang heeft genomen tot daags voor het begin van de arbeidsongeschiktheid. In dat geval is de noemer van de breuk gelijk aan het bedrag van de daguitkering vermenigvuldigd met het aantal werkdagen in die tweede periode en stemt de teller overeen met het brutobedrag van de inkomensgarantieuitkering toegekend voor dezelfde periode. Indien de gerechtigde pas vanaf een latere datum onder vorenbedoelde voorwaarden deeltijds tewerkgesteld is geweest, loopt de referteperiode evenwel pas vanaf die datum. § 2. Heeft de deeltijds werknemer met behoud van rechten geen inkomensgarantieuitkering, als bedoeld in artikel 131bis van het koninklijk besluit van 25 november 1991Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 04/11/2021 numac 2021033562 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VIII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 05/11/2018 numac 2018014576 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel I type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 06/11/2020 numac 2020015855 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel V type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 14/12/2020 numac 2020043849 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel VI type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 25/01/2022 numac 2021022765 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie. - Deel IX type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 01/10/2021 numac 2021033177 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheids-reglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel VII type koninklijk besluit prom. 25/11/1991 pub. 24/05/2019 numac 2019012364 bron federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg Koninklijk besluit houdende de werkloosheidsreglementering. - Officieuze coördinatie in het Duits van de federale versie - Deel II sluiten, aangevraagd of heeft hij geen recht op voormelde uitkering, dan is het gederfde loon gelijk aan het gederfde loon bedoeld in artikel 25 of, als het om een tijdelijke leerkracht gaat, in artikel 26. Bij het verstrijken van het tijdvak van beperking van het bedrag van de arbeidsongeschiktheidsuitkering, bedoeld in artikel 211 van het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 19/12/2008 numac 2008001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 10/12/2007 numac 2007000977 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester van het jaar 2007 sluiten, mag het bedoelde loon echter niet lager zijn dan het loon waarop de gerechtigde aanspraak zou kunnen maken krachtens artikel 30. Art. 43.Voor de gerechtigde die, na een tijdvak van primaire arbeidsongeschiktheid van méér dan zes maanden of na een tijdvak van invaliditeit, binnen twaalf maanden volgend op het einde van dat tijdvak, opnieuw arbeidsongeschikt wordt buiten de termijn gesteld in artikel 87, tweede lid of artikel 93, tweede lid van de gecoördineerde wet, mag het gederfde loon niet lager zijn dan het gederfde loon op grond waarvan de uitkering zou zijn berekend indien voornoemd tijdvak ononderbroken had voortgeduurd. Art. 44.Het in deze afdeling bedoelde loon wordt vastgesteld aan de hand van de gegevens van het inlichtingsblad. Wanneer sommige gegevens hierop ontbreken, wint de verzekeringsinstelling ze in met alle mogelijke rechtsmiddelen. Zolang de verzekeringsinstelling niet over de gegevens beschikt die nodig zijn om het bedrag van het gederfde loon vast te stellen, wordt de arbeidsongeschiktheidsuitkering berekend op grond van het in artikel 30, § 2, bedoelde gederfde loon. Evenwel wordt voor de gerechtigde die laatst als deeltijds werknemer was tewerkgesteld slechts de helft van dat loon in aanmerking genomen. HOOFDSTUK II. - BEPALINGEN VAN TOEPASSING OP DE MOEDERSCHAPSVERZEKERING Afdeling I. - In aanmerking te nemen gederfd loon voor de berekening van de moederschapsuitkering bedoeld in de artikelen 114 en 114bis van de gecoördineerde wet Art. 45.§ 1. Het gederfde loon dat in aanmerking genomen moet worden voor het berekenen van de moederschapsuitkering, bedoeld in artikel 113, eerste lid van de gecoördineerde wet, wordt vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van de artikelen 23 tot 44. De bepalingen van artikel 42, § 1, tweede lid zijn echter niet van toepassing voor het berekenen van de moederschapsuitkering tijdens het tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114 van de gecoördineerde wet. § 2. Voor de gerechtigde die, bij de aanvang van de periode van moederschapsbescherming, bedoeld in de artikelen 114 en 114bis van de gecoördineerde wet, gebonden is door een leerovereenkomst, bedoeld in de wet van 19 juli 1983Relevante gevonden documenten type wet prom. 19/07/1983 pub. 07/09/2011 numac 2011000526 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet op het leerlingwezen voor beroepen uitgeoefend door werknemers in loondienst. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten op het leerlingenwezen voor beroepen uitgeoefend door arbeiders in loondienst, wordt het gederfde loon berekend overeenkomstig artikel 30, § 2, eerste lid. § 3. Voor de werkneemster die, in toepassing van artikel 39, vierde lid van de arbeids wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten, de verlenging van de arbeidsonderbreking uitgesteld heeft tot het ogenblik waarop het pasgeboren kind naar huis komt, is het gederfde loon dat in aanmerking moet worden genomen, het loon dat op de begindatum van het voormeld tijdvak van moederschapsbescherming, overeenkomstig de bepalingen van de §§ 1 en 2 vastgesteld werd. § 4. Als een tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114 of 114bis van de gecoördineerde wet onmiddellijk volgt op een tijdvak van arbeidsongeschiktheid, moet als gederfd loon voor het berekenen van de moederschapsuitkering het gederfde loon in aanmerking genomen worden dat overeenkomstig de artikelen 23 tot 44 is bepaald op de eerste dag van de arbeidsongeschiktheid. De bepalingen van artikel 42, § 1, tweede lid zijn echter niet van toepassing voor de berekening van de moederschapsuitkering tijdens het tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114 van de gecoördineerde wet. Art. 46.De werkdagen en de dagen die daarmee gelijkgesteld worden voor de toepassing van artikel 113, eerste lid van de gecoördineerde wet worden vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van artikel 22. Afdeling II. - Data van betaling van de moederschapsuitkering Art. 47.De moederschapsuitkering wordt uitbetaald op de data, die in artikel 20, § 1, zijn bepaald voor het uitbetalen van de primaire ongeschiktheidsuitkering. Evenwel wordt de moederschapsuitkering uitbetaald op de data, bepaald in artikel 20, § 2 als die wordt toegekend aan een gerechtigde, bedoeld in artikel 93 van de gecoördineerde wet. Afdeling III. - Te vervullen formaliteiten voor het bekomen van de moederschapsuitkering tijdens een tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114 van de gecoördineerde wet Art. 48.§ 1. Zodra de verzekeringsinstelling kennis heeft van de aanvang van het tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114 van de gecoördineerde wet, bezorgt ze aan de gerechtigde de in artikel 10, § 1 bedoelde bescheiden. De gerechtigde stuurt aan zijn verzekeringsinstelling zo spoedig mogelijk het inlichtingsblad en de verklaring betreffende de in het kader van de sector uitkeringen van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gestelde voorwaarden van verzekering terug, nadat ze naar behoren zijn ingevuld, en ondertekend door haar werkgever, door haarzelf en, in voorkomend geval, door de Rijksdienst voor arbeidsvoorziening, de Kas voor werkloosheidsuitkeringen of de uitbetalingsinstelling van de vergoedingen inzake arbeidsongevallen of beroepsziekten. § 2. De verzekeringsinstelling vraagt evenwel slechts dan de gegevens waarmee ze kan nagaan of voldaan is aan de voorwaarden voor het toekennen van de moederschapsuitkering, als deze gegevens haar nog niet zijn bezorgd. Het bewijs dat voor de toepassing van artikel 116 van de gecoördineerde wet vereist is, kan worden geleverd met de verzekerbaarheidsgegevens die electronisch aan de verzekeringsinstelling worden overgemaakt, of met de inlichtingen die gegeven zijn door middel van het inlichtingsblad of de verklaring betreffende de in het kader van de sector uitkeringen van de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gestelde verzekeringsvoorwaarden. Dit bewijs kan in voorkomend geval ook geleverd worden met andere, naar behoren voor echt verklaarde documenten die de werkgever bij het inlichtingsblad gevoegd heeft. Art. 49.§ 1. De gerechtigde bezorgt aan haar verzekeringsinstelling zo vroeg mogelijk het door het gemeentebestuur uitgereikte geboortebewijs of, bij ontstentenis hiervan, een geneeskundige verklaring die de bevalling bevestigt, of een uittreksel uit de geboorteakte. De gerechtigde bezorgt aan haar verzekeringsinstelling binnen acht dagen na het einde van het tijdvak van moederschapsbescherming, eveneens een bewijs, overeenkomstig het model in bijlage VIII, dat ingevuld, gedateerd en ondertekend is door haar werkgever of door de diensten van de instelling die de werkloosheidsuitkeringen uitbetaalt, en waarop de datum vermeld is waarop de betrokkene de arbeid hervat heeft of zich op de werklozencontrole aangemeld heeft. § 2. De werkneemster die krachtens artikel 39, vierde lid van de arbeids wet van 16 maart 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 16/03/1971 pub. 28/10/1998 numac 1998000346 bron ministerie van binnenlandse zaken Arbeidswet - Duitse vertaling sluiten de verlenging van de arbeidsonderbreking uitgesteld heeft tot het ogenblik waarop het pasgeboren kind naar huis komt, bezorgt aan haar verzekeringsinstelling een verklaring waarin de werkgever bevestigt dat de voorwaarden van voornoemde bepaling vervuld zijn en waarin hij vermeldt vanaf welke datum de werkneemster de arbeid onderbreekt. Binnen acht dagen na afloop van het tijdvak van moederschapsbescherming bezorgt de gerechtigde aan haar verzekeringsinstelling eveneens een naar behoren ingevuld, gedateerd en ondertekend bewijs, overeenkomstig het model in bijlage VIII. Afdeling IV. - Te vervullen formaliteiten voor het bekomen van de moederschapsuitkering tijdens een tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114bis van de gecoördineerde wet Art. 50.Om aanspraak te kunnen maken op de moederschapsuitkering tijdens een tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114bis van de gecoördineerde wet, moet de gerechtigde aan haar verzekeringsinstelling een verklaring voorleggen van haar werkgever, waarin de precieze maatregel inzake moederschapsbescherming wordt opgegeven die ten haren opzichte werd genomen, evenals de wettelijke bepaling waarop de voormelde maatregel is gesteund. Art. 51.De bepalingen van de artikelen 48 en 49, § 1, tweede lid, zijn eveneens van toepassing voor de gerechtigde die aanspraak wenst te maken op de moederschapsuitkering tijdens het tijdvak van moederschapsbescherming bedoeld in artikel 114bis van de gecoördineerde wet. Art. 52.De bepalingen van hoofdstuk III zijn voor de daarin bedoelde gevallen eveneens van toepassing op de betaling van de moederschapsuitkering. HOOFDSTUK III. - BETALING VAN DE UITKERINGEN AAN DE GEESTESZIEKEN Art. 53.Wanneer de gehuwde gerechtigde onbekwaam verklaard is of in de onmogelijkheid verkeert zijn wil te kennen te geven, verzoekt de verzekeringsinstelling de echtgenoot eventueel aan de vrederechter machtiging te vragen om de uitkeringen te ontvangen overeenkomstig artikel 220 van het Burgerlijk Wetboek. Alsdan is het vonnis van de Vrederechter door de verzekeringsinstelling uitvoerbaar op betekening van de griffie waarin is vermeld dat de verzekeringsinstelling-schuldenaar moet betalen of de betaling moet stopzetten. Art. 54.De aan de geesteszieke gerechtigden verschuldigde arbeidsongeschiktheidsuitkeringen worden betaald onder de volgende voorwaarden : 1° wanneer de geesteszieke noch in een psychiatrische dienst, noch in een gezin ter verpleging is opgenomen :
  2. a)aan de voogd, wanneer de geesteszieke onbekwaam is verklaard;
  3. b)aan de in toepassing van artikel 1246 van het Gerechtelijk Wetboek aangestelde voorlopige bewindvoerder wanneer de onbekwaamverklaring van de geesteszieke is gevorderd;
  4. c)aan de gerechtigde zelf, aan zijn lasthebber of aan zijn zaakwaarnemer wanneer het gaat om een gerechtigde die meerderjarig of een ontvoogde minderjarige is;
  5. d)aan de persoon die het ouderlijk gezag uitoefent wanneer de gerechtigde een minderjarige is die uitsluitend onder het ouderlijk gezag staat of wanneer het een minderjarige of een meerderjarige betreft, die, in toepassing van artikel 487bis van het Burgerlijk Wetboek, wegens ernstige geestelijke achterlijkheid in staat van verlengde minderjarigheid is verklaard;
  6. e)aan de voogd wanneer het een minderjarige betreft die hetzij uitsluitend onder voogdij, hetzij tegelijkertijd onder het ouderlijk gezag en onder voogdij staat, of wanneer het een minderjarige of een meerderjarige betreft die in toepassing van artikel 487bis van het Burgerlijk Wetboek, wegens ernstige geestelijke achterlijkheid in staat van verlengde minderjarigheid is verklaard.2° wanneer de geesteszieke in een psychiatrische dienst of in een gezin ter verpleging is opgenomen, worden de uitkeringen in opvolgende orde betaald :
  7. a)aan één van de onder 1°
  8. a)of
  9. b)bedoelde personen;
  10. b)aan de voorlopige bewindvoerder die door de vrederechter is aangesteld in toepassing van artikel 488bis, c), § 1, van het Burgerlijk Wetboek. Art. 55.De uitkeringen wegens arbeidsongeschiktheid verschuldigd aan de gerechtigden die geïnterneerd zijn bij toepassing van de artikelen 7 of 21 van de wet van 1 juli 1964 tot bescherming van de maatschappij tegen abnormalen en gewoontemisdadigers moeten onder de volgende voorwaarden worden betaald : 1° wanneer de geïnterneerde geplaatst is in een inrichting tot bescherming van de maatschappij :
  11. a)aan de voogd, wanneer betrokkene onbekwaam is verklaard;
  12. b)aan de voorlopige bewindvoerder aangesteld bij toepassing van artikel 1246 van het Gerechtelijk Wetboek, wanneer de onbekwaamverklaring van de geïnterneerde is gevorderd;
  13. c)aan de voorlopige bewindvoerder aangesteld door de Commissie tot bescherming van de maatschappij of aangesteld door de vrederechter bij toepassing van artikel 29 van de voormelde wet van 1 juli 1964;
  14. d)bij ontstentenis van enige aanstelling : - aan de gerechtigde zelf, aan zijn lasthebber, of, in de laatste plaats, aan zijn zaakwaarnemer, ongeacht of dit de directeur van de inrichting dan wel een ander persoon is, wanneer de gerechtigde een ontvoogde minderjarige of een meerderjarige is; - aan de persoon die het ouderlijk gezag uitoefent, wanneer het een minderjarige betreft die uitsluitend onder het ouderlijk gezag staat; - aan de voogd wanneer het een minderjarige betreft die hetzij uitsluitend onder voogdij, hetzij tegelijkertijd onder het ouderlijk gezag en onder voogdij staat; 2° wanneer de geïnterneerde in een psychiatrische dienst opgenomen is, worden de uitkeringen betaald overeenkomstig de bepalingen van artikel 54. Art. 56.De arbeidsongeschiktheidsuitkeringen verschuldigd aan de gerechtigden die in een gevangenis zijn opgesloten worden betaald : - aan de gerechtigde zelf, aan zijn lasthebber, of, in de laatste plaats, aan zijn zaakwaarnemer, ongeacht of dit de directeur van de inrichting dan wel een ander persoon is, wanneer de gerechtigde een ontvoogde minderjarige of een meerderjarige is; - aan de persoon die het ouderlijk gezag uitoefent, wanneer het een minderjarige betreft die uitsluitend onder het ouderlijk gezag staat; - aan de voogd wanneer het een minderjarige betreft die hetzij uitsluitend onder voogdij, hetzij tegelijkertijd onder het ouderlijk gezag en onder voogdij staat. Art. 57.Alvorens de arbeidsongeschiktheidsuitkeringen aan de in artikel 54 bedoelde gerechtigden te betalen, doen de verzekeringsinstellingen bij de directeur van de instelling waarin de geesteszieke is opgenomen, of in geval van verpleging in een gezin, bij de vrederechter, navraag naar naam en adres van de persoon die gemachtigd is om deugdelijk kwijting te geven voor de verschuldigde prestaties. Voor nadere waarborgen raadplegen ze, in voorkomend geval, de griffie van de rechtbank van eerste aanleg. HOOFDSTUK IV. - INWERKINGTREDING Art. 58.Deze verordening treedt in werking de eerste dag van de maand na die waarin zij bekendgemaakt is in het Belgisch Staatsblad en is van toepassing op de arbeidsongeschiktheden die een aanvang nemen ten vroegste op de datum van inwerkingtreding van deze verordening. De bepalingen van het koninklijk besluit van 31 december 1963 houdende verordening op de uitkeringen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen blijven van toepassing op arbeidsongeschiktheden die een aanvang hebben genomen vóór de datum van inwerkingtreding van deze verordening. Art. 59.Het koninklijk besluit van 31 december 1963 houdende verordening op de uitkeringen inzake verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen wordt opgeheven. » De Administrateur-generaal, J. DE COCK. De Voorzitter, W. BEIRNAERT. Bijlagen Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.