17 FEBRUARI 1998. Koninklijk besluit betreffende het commissariaat-generaal, de raad van bestuur en de raad van overleg van de gerechtelijke politie bij de parketten ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 7 april 1919 tot instelling van rechterlijke officieren en agenten bij de parketten, inzonderheid op artikel 6; Gelet op de wet van 4 maart 1997 tot instelling van het college van procureurs-generaal en tot instelling van het ambt van nationaal magistraat; Gelet op het koninklijk besluit van 6 mei 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 06/05/1997 pub. 06/08/1997 numac 1997011213 bron ministerie van economische zaken Koninklijk besluit tot wijziging van de wet van 9 juli 1975 betreffende de controle der verzekeringsondernemingen type koninklijk besluit prom. 06/05/1997 pub. 18/06/1997 numac 1997022295 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 31 mei 1989 houdende nadere omschrijving van de fusie van ziekenhuizen en van de bijzondere normen waaraan deze moet voldoen type koninklijk besluit prom. 06/05/1997 pub. 14/08/1997 numac 1997022394 bron ministerie van tewerkstelling en arbeid en ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de beslissing van 25 september 1996 van het Paritair Comité voor de textielnijverheid uit het administratief arrondissement Verviers betreffende de vaststelling van de vakantiedata voor het jaar 1997 type koninklijk besluit prom. 06/05/1997 pub. 18/06/1997 numac 1997022294 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 30 januari 1989 houdende vaststelling van aanvullende normen voor de erkenning van ziekenhuizen en ziekenhuisdiensten alsmede tot nadere omschrijving van de ziekenhuisgroeperingen en van de bijzondere normen waaraan deze moeten voldoen type koninklijk besluit prom. 06/05/1997 pub. 15/07/1997 numac 1997022398 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit betreffende de jaarrekeningen van de verzekeringsondernemingen gemachtigd bij toepassing van de arbeidsongevallenwet van 10 april 1971 type koninklijk besluit prom. 06/05/1997 pub. 22/08/1997 numac 1997022435 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot regeling van het gebruik van het identificatienummer van het Rijksregister van de natuurlijke personen door bepaalde personeelsleden van de Directie Geneeskundepraktijk van het Ministerie van Sociale Zaken, Volksgezondheid en Leefmilieu sluiten betreffende de specifieke taken van de leden van het college van procureurs-generaal; Gelet op het koninklijk besluit van 19 december 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/12/1997 pub. 31/12/1997 numac 1997010076 bron ministerie van justitie Koninklijk besluit houdende de administratieve rechtspositie en de bezoldigingsregeling van de personeelsleden van de gerechtelijke politie bij de parketten sluiten houdende de administratieve rechtspositie en de bezoldigingsregeling van de personeelsleden van de gerechtelijke politie bij de parketten; Gelet op het advies van de raad van overleg van de gerechtelijke politie bij de parketten, gegeven op 17 december 1997; Gelet op het protocol nr. 165 van 13 januari 1998 van Sectorcomité III Justitie; Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 29 augustus 1997; Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wetten van 9 augustus 1980, 16 juni 1989 en 4 juli 1989; Gelet op de dringende noodzakelijkheid; Overwegende dat het voor de goede werking van het commissariaat-generaal van de gerechtelijke politie bij de parketten en bijgevolg voor de goede werking van de gehele gerechtelijke politie dringend noodzakelijk is binnen het commissariaat-generaal duidelijke organisatiedelen en functies uit te tekenen; Overwegende dat de regering op 6 december 1996 beslist heeft om op 1 januari 1998 de centrale dienst voor de bestrijding van de georganiseerde economische en financiële delinquentie, voor een adequate vervulling van zijn opdrachten, over te hevelen van de algemene politiesteundienst naar de gerechtelijke politie bij de parketten; Overwegende dat de regering op diezelfde datum beslist heeft om, ter versterking van het doeltreffend bestrijden van de corruptie, met ingang van 1 januari 1998 binnen de gerechtelijke politie een centrale dienst voor de bestrijding van de corruptie op te richten en deze in eerste instantie van personele middelen te voorzien door het overplaatsen van het gespecialiseerd personeel van het korps van enquêteurs vanuit het Hoog Comité van Toezicht; Overwegende dat het voor de goede integratie van de voormelde centrale diensten in de gerechtelijke politie aangewezen is deze bij het commissariaat-generaal onder te brengen; Overwegende dat het dringend noodzakelijk is de graden van het personeel van het commissariaat-generaal en van sommige leden van de raad van bestuur en van de raad van overleg van de gerechtelijke politie in overeenstemming te brengen met de bepalingen betreffende de nieuwe graden en de loopbaan van de gerechtelijke officieren en agenten van het koninklijk besluit van 19 december 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 19/12/1997 pub. 31/12/1997 numac 1997010076 bron ministerie van justitie Koninklijk besluit houdende de administratieve rechtspositie en de bezoldigingsregeling van de personeelsleden van de gerechtelijke politie bij de parketten sluiten houdende de administratieve rechtspositie en de bezoldigingsregeling van de personeelsleden van de gerechtelijke politie bij de parketten dat in werking is getreden op 1 januari 1998; Overwegende dat het bijgevolg dringend noodzakelijk is de nieuwe organisatie van het commissariaat-generaal van de gerechtelijke politie bij de parketten op 1 januari 1998 vast te leggen; Op de voordracht van Onze Minister van Justitie, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : TITEL I. - Het commissariaat-generaal van de gerechtelijke politie bij de parketten HOOFDSTUK I. - Organisatie van het commissariaat-generaal Artikel 1.§ 1. Het commissariaat-generaal van de gerechtelijke politie bij de parketten, hierna "het commissariaat-generaal" genoemd, is het centraal orgaan van de gerechtelijke politie bij de parketten en omvat : 1° de afdeling "administratieve en logistieke ondersteuning";2° de afdeling "technische ondersteuning";3° de afdeling "operationele ondersteuning en opsporing"; § 2. De afdeling "administratieve en logistieke ondersteuning" omvat alle niet-operationele administratieve en logistieke diensten. § 3. De afdeling "technische ondersteuning" omvat alle niet operationele technische diensten, met inbegrip van een informaticadienst en de dienst telecommunicatie. § 4. De afdeling "operationele ondersteuning en opsporing" omvat : 1° de bijzondere brigade belast met de repressie van de zware criminaliteit met inbegrip van een sectie voor operationele en bijzondere interventies en een sectie voor de toepassing van bijzondere opsporingstechnieken;2° de centrale dienst voor de bestrijding van de georganiseerde economische en financiële delinquentie;3° de centrale dienst voor de bestrijding van de corruptie;4° de centrale operationele documentatie ten behoeve van de arrondissementsbrigades, de bijzondere brigade en de centrale diensten. Art. 2.De commissaris-generaal van de gerechtelijke politie, hierna "de commissaris-generaal" genoemd, zorgt voor de algemene leiding over het commissariaat-generaal. De commissaris-generaal wordt bijgestaan door drie afdelingshoofden bekleed met de graad van adjunct-commissaris-generaal van de gerechtelijke politie. Zij worden hierna "adjunct-commissaris-generaal" genoemd. Onverminderd de bevoegdheden van de procureurs-generaal staat het commissariaat-generaal onder het gezag van de minister van Justitie door tussenkomst van de commissaris-generaal. Het college van procureurs-generaal kan een magistraat van het openbaar ministerie aanwijzen die belast wordt met de uitoefening van het gezag van de procureurs-generaal over het commissariaat-generaal. De commissaris-generaal geeft aan het college van procureurs-generaal en aan de minister van Justitie rekenschap van de werking van het commissariaat-generaal. Hij stelt een jaarlijks verslag op betreffende de werking van de gerechtelijke politie. Art. 3.De uitoefening, in naam van het college van procureurs-generaal, van het gezag en het toezicht over de afdeling "operationele ondersteuning en opsporing" geschiedt door één of meerdere magistraten van het openbaar ministerie. Deze magistraat of magistraten worden aangewezen door de minister van Justitie op voordracht van het college. Op voordracht van de commissaris-generaal en na advies van het college van procureurs-generaal wijst de minister van Justitie de afdelingshoofden aan. Op voordracht van de commissaris-generaal en na advies van het college van procureurs-generaal, wijst de minister van Justitie onder de gerechtelijke officieren van het commissariaat-generaal de bevelvoerders van de bijzondere brigade en van de centrale diensten aan. HOOFDSTUK II. - Algemene opdrachten van het commissariaat-generaal Art. 4.Het commissariaat-generaal is belast met : 1° de organisatie van het werk in de brigades alsook met de uitwerking en de eenvormige toepassing van de richtlijnen met betrekking tot de methoden inzake beheer, opsporing en interventie;2° de hiërarchische controle op de werking van de gerechtelijke politie;3° het ter versterking zenden van gerechtelijke agenten en officieren naar de brigades, overeenkomstig de door Ons vastgestelde modaliteiten;4° de voorbereiding en het beheer van het budget toegekend aan de gerechtelijke politie;5° de studie en de voorbereiding van aankopen betreffende de gerechtelijke politie;6° het beheer van de bewapening, de uitrusting en het materieel van de brigades en van het commissariaat-generaal;7° de organisatie en de verspreiding van politiële en operationele informatie;8° de organisatie van de documentatie van de gerechtelijke politie;9° de opleiding van het personeel van de gerechtelijke politie binnen de School voor Criminologie en Criminalistiek, overeenkomstig de door Ons vastgestelde modaliteiten;10° de organisatie van de stage, van de wervings- en bevorderingsexamens en van de opleidingssteun;11° de deelname van de gerechtelijke politie aan de vergaderingen op nationaal en internationaal niveau en haar vertegenwoordiging, alsook met de coördinatie hiervan op de andere niveaus;12° de organisatie van de betrekkingen met de directie en de afdelingen van de Algemene Politiesteundienst, de Commandant van de rijkswacht, de korpsen van gemeentepolitie en het Ministerie van Binnenlandse Zaken, Algemene Directie van de Algemene Rijkspolitie. De opdrachten bedoeld onder 4°, 5° en 10° worden uitgevoerd in samenwerking met het Ministerie van Justitie. Het commissariaat-generaal is tevens belast met alle taken die het van de procureurs-generaal krijgt opgedragen. Art. 5.Voor de uitoefening van de bevoegdheden van het commissariaat-generaal ten aanzien van de gerechtelijke politie, handelt de commissaris-generaal door middel van algemene onderrichtingen gericht tot de gerechtelijke officieren die het bevel voeren over een brigade of een dienst. Behalve in geval van dringende noodzakelijkheid, raadpleegt hij vooraf de raad van bestuur van de gerechtelijke politie. De commissaris-generaal zendt de ontwerpen van algemene onderrichtingen aan de voorzitter van de raad van overleg van de gerechtelijke politie. Ze zijn uitvoerbaar na het verstrijken van een termijn van één maand die volgt op deze toezending, behalve wanneer de voorzitter van mening is dat zij van aard zijn het strafrechtelijk beleid in gevaar te brengen. In dat geval maakt hij de zaak aanhangig bij de raad van overleg van de gerechtelijke politie, die zich uitspreekt binnen vijftien dagen vanaf de dag van de ontvangst van de ontwerpen door de voorzitter. Art. 6.Voor het geheel van de gerechtelijke politie onderhoudt de commissaris-generaal dienstbetrekkingen met de minister van Justitie, in het bijzonder in aangelegenheden die tot de bevoegdheid van het departement behoren. HOOFDSTUK III. - Opdrachten van de afdelingen Art. 7.De afdeling "administratieve en logistieke ondersteuning" heeft als opdracht aan de brigades de middelen ter beschikking te stellen en hun de steun te verlenen nodig bij de uitvoering van hun wettelijke opdrachten. Art. 8.De afdeling "technische ondersteuning" heeft als opdracht aan de brigades de nodige technische bijstand te verlenen bij de uitvoering van hun wettelijke opdrachten. Art. 9.De afdeling "operationele ondersteuning en opsporing" heeft als opdracht : § 1. door tussenkomst van de bijzondere brigade belast met de repressie van de zware criminaliteit : 1° aan de arrondissementsbrigades bijstand te verlenen inzake het onderzoek naar misdaden en wanbedrijven die door hun omvang of hun weerslag nationale of internationale proporties aannemen of kunnen aannemen;2° operationele bijstand te verlenen inzake bijzondere interventies en de toepassing van bijzondere opsporingstechnieken. § 2. door tussenkomst van de centrale dienst voor de bestrijding van de georganiseerde economische en financiële delinquentie : 1° de ernstige en complexe economische, financiële, sociale of fiscale misdaden en wanbedrijven in verband met georganiseerde misdaad op te sporen of de opsporing ervan te ondersteunen, in het bijzonder :
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.