← België

Ministerieel besluit houdende vaststelling, voor het dienstjaar 1999, van de specifieke voorwaarden en regelen die gelden voor de vaststelling van de

30 DECEMBER 1998. - Ministerieel besluit houdende vaststelling, voor het dienstjaar 1999, van de specifieke voorwaarden en regelen die gelden voor de vaststelling van de prijs per verpleegdag, het bud

Art. 10

.Onverminderd artikel 48, §§ 6, 8, 14, 16, 21, 22 en 23 van het ministerieel besluit van 2 augustus 1986, wordt het

van financiële middelen op de waarde op 31 december 1998 vastgesteld. Rubriek 4. - Onderdeel B5 van het budget Art. 11.Om Onderdeel B5 van het budget van financiële middelen vast te stellen worden weerhouden het dienstjaar 1996 voor de toepassing van het artikel 49, § 1

  1. a)en
  2. d)van het ministerieel besluit van 2 augustus 1986 en het dienstjaar 1995 voor de toepassing van het artikel 49, § 1,
  3. e)van het zelfde ministerieel besluit. Rubriek 5. - Onderdeel B6 van het budget Art. 12.Onderdeel B6 van het budget van financiële middelen wordt vastgesteld op zijn waarde per 31 december 1998. Rubriek 6. - Gemeenschappelijke bepalingen voor Deel B met uitzondering van Onderdeel B6 Art. 13.Het in punt 5 van de bijlage 4 bij het ministerieel besluit van 2 augustus 1986 bedoelde percentage wordt op 0 % vastgesteld. Art. 14.Deel B van het budget van financiële middelen met uitzondering van Onderdeel B6, wordt op 1 januari 1999 met 0,78 % vermeerderd om de lasten van de loonschaalverhogingen te dekken. Onderafdeling 2. - Ziekenhuizen en diensten erkend onder kenletter Sp Rubriek 1. - Onderdelen B1 en B2 van het budget Art. 15.Onderdelen B1 en B2 van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen en diensten erkend onder kenletter Sp worden vastgesteld op de bedragen die overeenstemmen met de waarde op 31 december 1998. Art. 16.§ 1. De bepaling van artikel 6 van dit besluit is eveneens van toepassing op de ziekenhuizen en diensten erkend onder kenletter Sp. § 2. Het Onderdeel B2 van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen en diensten erkend onder kenletter Sp wordt per 1 januari 1999 verhoogd met een bedrag gelijk aan 0,5 bijkomende VTE-personeelsleden per 30 erkende Sp-bedden, vermenigvuldigd met F 1 350 000, om de bijkomende mobiele equipe van personeelsleden, niet verbonden aan een architecturale, structurele of functionele eenheid te financieren. Om het voordeel van deze bepaling te behouden, moeten de betrokken ziekenhuizen de volgende gegevens overmaken aan de Bestuurafdeling der Verzorgingsinstellingen, Boekhouding en Beheer van de ziekenhuizen voor 1 maart 1999 : - het bewijs dat het door voorvermelde bepalingen gefinancierd personeel wel degelijk geëngageerd is. Rubriek 2. -

Art. 17

.Onverminderd artikel 48, §§ 8 en 23 van het ministerieel besluit van 2 augustus 1986, wordt het

van financiële middelen van de ziekenhuizen en diensten erkend onder kenletter Sp op de waarde op 31 december 1998 vastgesteld. Rubriek

  1. - Onderdeel B5 van het budget Art. 18.Onderdeel B5 van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen en diensten erkend onder kenletter Sp, wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 49, § 2 van het ministerieel besluit van 2 augustus
  2. Rubriek
  3. - Onderdeel B6 van het budget Art. 19.Onderdeel B6 van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen en diensten erkend onder kenletter Sp wordt vastgesteld op zijn waarde per 31 december
  4. Rubriek
  5. - Gemeenschappelijke bepalingen voor Deel B met uitzondering van Onderdeel B
  6. Art. 20.De bepaling van artikel 14 van dit besluit is eveneens van toepassing op de ziekenhuizen en de diensten, erkend onder kenletter Sp. Onderafdeling
  7. - Psychiatrische Ziekenhuizen Rubriek
  8. - Onderdeel B1 van het budget Art. 21.Onderdeel B1 van het budget van financiële middelen van de psychiatrische ziekenhuizen wordt vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het artikel 72, § 1 van het ministerieel besluit van 2 augustus
  9. Art. 22.De bepaling van artikel 6 van dit besluit is eveneens van toepassing op de psychiatrische ziekenhuizen. Rubriek
  10. - Onderdeel B2 van het budget Art. 23.Onderdeel B2 van van het budget van financiële middelen van de psychiatrische ziekenhuizen wordt vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het artikel 72, § 1 van het ministerieel besluit van 2 augustus
  11. Art. 24.§
  12. Het Onderdeel B2 van het budget van financiële middelen van de psychiatrische ziekenhuizen wordt per 1 januari verhoogd : - met een bedrag gelijk aan 0,5 bijkomende VTE-personeelsleden per 30 erkende T-bedden, vermenigvuldigd met F 1 350 000, om de bijkomende mobiele equipe van personeelsleden, niet verbonden aan een architecturale, structurele of functionele eenheid te financieren; - met een bedrag gelijk aan 1 VTE middenkader per 150 erkende bedden, vermenigvuldigd met F 1 700
  13. - met een forfaitair bedrag van F 200 000 om de bijkomende kosten te dekken voortkomend uit de aanstelling van een tweede hoofdverpleegkundige per 60 erkende T-bedden. § 2 Om het voordeel van deze bepaling te behouden, moeten de betrokken ziekenhuizen de volgende gegevens overmaken aan de Bestuurafdeling der Verzorgingsinstellingen, Boekhouding en Beheer van de ziekenhuizen voor 1 maart 1999 : - het bewijs dat het door voorvermelde bepaling gefinancierd personeel wel degelijk geëngageerd is. - het bewijs dat de aanstelling bedoeld in het 3de streepje van § 1 uitgevoerd werd. Rubriek
  14. -

Art. 25

.Onverminderd artikel 48, §§ 8, 21 en 23 van het ministerieel besluit van 2 augustus 1986, wordt het

van financiële middelen op de waarde op 31 december 1998 vastgesteld. Rubriek

  1. - Onderdeel B5 van het budget Art. 26.Onderdeel B5 van het budget van financiële middelen van de psychiatrische ziekenhuizen wordt vastgesteld overeenkomstig artikel 49, § 3 van het ministerieel besluit van 2 augustus
  2. Rubriek
  3. - Onderdeel B6 van het budget Art. 27.Onderdeel B6 van het budget van financiële middelen wordt vastgesteld op zijn waarde per 31 december
  4. Rubriek
  5. - Gemeenschappelijke bepalingen voor Deel B met uitzondering van Onderdeel B6 Art. 28.De bepaling van artikel 14 van dit besluit is eveneens van toepassing op de psychiatrische ziekenhuizen. HOOFDSTUK III. - Vaststelling van het quotum van verpleegdagen Art. 29.Het quotum van verpleegdagen wordt voor de algemene ziekenhuizen vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het artikel 53 van het ministerieel besluit van 2 augustus
  6. Art. 30.Voor de psychiatrische ziekenhuizen wordt het quotum van verpleegdagen vastgesteld overeenkomstig de bepalingen van het artikel 54 van het ministerieel besluit van 2 augustus
  7. Art. 31.Dit besluit treedt in werking op 1 januari
  8. Brussel, 30 december
  9. Mevr. M. DE GALAN

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.