27 JANUARI 1998. Besluit van de Vlaamse regering tot invoering van een frequentiekorting op het loodsgeldvoor loodsverrichtingen in de loodswateren De Vlaamse regering, Gelet op het decreet van 19 april 1995 betreffende de organisatie en de werking van de loodsdienst van het Vlaamse Gewest en betreffende het brevet van havenloods, inzonderheid op artikel 12; Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 15 december 1997; Gelet op de dringende noodzakelijkheid, gemotiveerd door de omstandigheid dat de invoering van de frequentiekorting een belangrijk onderdeel vormt van de concurrentiestrijd tussen de Vlaamse en de Nederlandse havens. Met onderhavig voorstel ter uitbreiding van de reeds van toepassing zijnde frequentiekorting op het loodsgeld voor loodsverrichtingen in de loodswateren, komt de korting op hetzelfde niveau als de Nederlandse. Uit praktische en commerciële overwegingen dient deze frequentiekorting vanaf 1 januari 1998 van toepassing te worden; Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 23 december 1997, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 2°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Op voorstel van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening; Na beraadslaging, Besluit : Artikel 1.In dit besluit wordt verstaan onder : 1° frequentiekorting : een korting op het loodstarief bepaald door de lengte van het vaartuig en het nummer van de aanloop binnen een kalenderjaar;2° loodstarief : toepasselijk Z- en A-tarief zoals vastgelegd in de reglementering tot vaststelling van de tarieven van het loodsgeld;3° lengte van het vaartuig : lengte over alles;4° aanloop : het in- en uitvaren van een Vlaamse haven door een vaartuig dat gebruik heeft gemaakt van hetzij het gewone loodsen, hetzij loodsen op afstand of dat een vrijstelling geniet;5° zeevaartdienst : een dienst waarin een of meer vaartuigen ingezet worden door dezelfde exploitant;6° lijnvaartdienst : een dienst waarin een of meer vaartuigen ingezet worden door een exploitant of meerdere exploitanten die gezamenlijk een gemeenschappelijke internationale lijndienst van vaartuigen uitbaten die de vaartuigen in die lijndienst regelmatig volgens een vast en internationaal bekend gesteld vaarschema inzetten waarbij dezelfde daarbij vooraf vastgestelde Vlaamse haven wordt aangelopen;7° exploitant : de eigenaar, rompbevrachter, tijdsbevrachter of reisbevrachter die een zeevaartdienst of een lijnvaartdienst uitbaat;8° zustervaartuigen : vaartuigen van hetzelfde type die door eenzelfde exploitant ingezet worden in een erkende zeevaartdienst of vaartuigen van hetzelfde type die door een of meerdere exploitanten ingezet worden in dezelfde erkende lijnvaartdienst;9° afdelingshoofd : het afdelingshoofd van het loodswezen of zijn afgevaardigde. Art. 2.De frequentiekorting is van toepassing op het loodstarief volgens de tabel die als bijlage bij dit besluit is opgenomen en volgens de hierna omschreven regels. In het geval van een erkende zeevaartdienst worden de aanlopen van het vaartuig of van de zustervaartuigen van deze dienst samengeteld per lengteklasse, waarna de hiermee overeenstemmende frequentiekorting wordt toegekend. In het geval van een erkende lijnvaartdienst worden de aanlopen van het vaartuig of van de zustervaartuigen van deze dienst samengeteld, waarna de frequentiekorting wordt toegekend overeenkomstig de lengte van het vaartuig. Het aantal aanlopen wordt afzonderlijk per haven berekend. Een vaartuig kan tegelijkertijd slechts van één erkende zeevaartdienst of lijnvaartdienst deel uitmaken. Art. 3.§ 1. De exploitant of zijn gevolmachtigde moet schriftelijk de erkenning van een zeevaartdienst aanvragen aan het afdelingshoofd; hij voegt daar de nodige gegevens en bewijsstukken bij, zoals beschreven in § 3. De erkenning van een zeevaartdienst wordt verleend door het afdelingshoofd als voldaan is aan de vereisten vermeld in § 3. 1°, 2°, 3° en 4°. § 2. De enige exploitant of zijn gevolmachtigde of de gemeenschappelijke exploitanten of hun gevolmachtigden moeten gezamenlijk schriftelijk de erkenning van een lijnvaartdienst aanvragen aan het afdelingshoofd; zij voegen daar de nodige gegevens en bewijsstukken bij, zoals beschreven in § 3. De erkenning van een lijnvaartdienst wordt verleend door het afdelingshoofd als voldaan is aan de vereisten vermeld in § 3. 1°, 2°, 3°, 4° en 5°. § 3. De aanvraag tot erkenning van een zeevaartdienst of een lijnvaartdienst moet de volgende gegevens bevatten : 1° de naam van de zeevaartdienst of lijnvaartdienst;2° de naam, het adres, de telefoon-, telex- en telefaxnummers van de exploitant die de zeevaartdienst organiseert of van elke exploitant die de lijnvaartdienst mee organiseert;3° de documenten die aantonen dat de exploitant hetzij eigenaar, hetzij rompbevrachter, hetzij tijdsbevrachter of reisbevrachter is van het (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.