, verwijst de politieambtenaar de minderjarige die het slachtoffer is van mishandeling binnen het gezin of van seksueel misbruik binnen het gezin, rechtstreeks naar een « vertrouwenscentrum kindermishandeling » (zie lijst bijlage 4).Voor de Franse Gemeenschap en zonder afbreuk te doen aan §
, verwijst de politieambtenaar de minderjarige die het slachtoffer is van mishandeling of van seksueel misbruik, rechtstreeks door naar een « service d'aide à la jeunesse » of naar een « équipe SOS Enfants » (zie lijst bijlage 4). Dit aanbod tot verwijzing van de minderjarige die het slachtoffer is van mishandeling, wordt vermeld in het proces-verbaal dat opgesteld wordt bij de vaststelling of de verklaring. De beslissing wordt niet vermeld in het proces-verbaal. 2. Persoon die een residentiële opvang nodig heeft Zonder afbreuk te doen aan §
, stelt de politieambtenaar het slachtoffer dat een onmiddellijk residentiële opvang nodig heeft bij voorkeur rechtstreeks in contact met een opvangcentrum (zie bijlage 1). Voor de Franse Gemeenschap in het bijzonder zijn de onthaalcentra voor de verwijzing van vrouwen die het slachtoffer zijn van fysisch of seksueel geweld, de « refuges pour femmes battues ». Dit aanbod van verwijzing naar een residentieel onthaalcentrum wordt vermeld in het proces-verbaal dat opgesteld wordt bij de vaststelling of de verklaring. De beslissing van het slachtoffer wordt niet vermeld. In dit verwijzingsaanbod dient erop gelet te worden dat de belangen van het slachtoffer in acht genomen worden. In bepaalde omstandigheden zullen de naam en de gegevens van het onthaalcentrum geheim moeten blijven. Die gegevens worden dan niet vermeld in het proces-verbaal. IV. De overlegstructuren Binnen elk gerechtelijk arrondissement werd een arrondissementele raad voor het slachtofferbeleid opgericht met als doel het slachtofferbeleid te ondersteunen. Er worden eveneens « welzijnsteams slachtofferzorg » voorzien binnen elk gerechtelijk arrondissement. Deze teams hebben onder meer als taak de arrondissementele raad te adviseren en te informeren. De politiediensten moeten deelnemen aan de werking van deze structuren en hun medewerking verlenen. Ik zal de bijkomende richtlijnen over de deelname aan de werking van deze overlegstructuren op een later tijdstip meedelen aan de politiediensten. V. Besluit Artikel 46 van de Wet van 5 augustus 1992Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/08/1992 pub. 21/10/1999 numac 1999015203 bron ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking Wet houdende instemming met het Protocol houdende wijziging van artikel 81 van het Verdrag tot instelling van de Benelux Economische Unie van 3 februari 1958, opgemaakt te Brussel op 16 februari 1990 sluiten op het politieambt bepaalt de wettelijke plicht van de politiediensten inzake slachtofferbejegening. Deze taak bestaat uit een correcte opvang van het slachtoffer, een praktische bijstand, het verschaffen van informatie, een exacte opstelling van het proces-verbaal, de verwijzing van het slachtoffer naar de gespecialiseerde diensten en een eventuele hercontactname van het slachtoffer. Dit artikel 46 is van toepassing op alle politieambtenaren, alsook op het burgerpersoneel tewerkgesteld binnen het politiekorps. De aanwezigheid van een dienst politiële slachtofferbejegening in het politiekorps ontslaat geen enkele politieambtenaar van zijn wettelijke plicht bijstand te bieden aan slachtoffers. De dienst politiële slachtofferbejegening is in de eerste plaats belast met de sensibilisering en de voortgezette opleiding van de leden van het politiekorps inzake politiële slachtofferbejegening. Aangezien de psychosociale hulp aan de slachtoffers geen deel uitmaakt van de taken van de politie, is het noodzakelijk dat de politiediensten de slachtoffers verwijzen naar de gespecialiseerde diensten. Het verwijsmodel dat in deze omzendbrief voorgesteld wordt, bepaalt het algemeen kader van deze verwijzing. Dit moet het voor de slachtoffers mogelijk maken een betere en snellere hulp te verkrijgen om de gevolgen van het misdrijf te boven te komen. Met name naar aanleiding van de samenwerkingsakkoorden inzake slachtofferbejegening, beschikt het ministerie van Binnenlandse Zaken binnen de Algemene Rijkspolitie over een permanent contactpunt voor vragen betreffende slachtofferbejegening. Deze cel « politiële slachtofferbejegening » is thans de aangewezen gesprekspartner voor korpschefs, verantwoordelijke officieren en diensten voor politiële slachtofferbejegening. Algemene Rijkspolitie Koningsstraat 56, 1000 Brussel Tel. : 02 / 500 21 11 Fax. : 02 / 500 24 66 Mag ik u verzoeken deze omzendbrief en zijn bijlagen te verdelen bij de overheden van de bestuurlijke politie binnen uw ambtsgebied. Met de meeste hoogachting, De Minister van Binnenlandse Zaken, L. Van den Bossche. _______ Nota's
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.