zonderheid op artikel 1, derde lid, vervangen bij de wet van 22 februari 1998; Gelet op het koninklijk besluit van 10 augustus 1998Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 10/08/1998 pub. 02/09/1998 numac 1998022556 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot oprichting van de Commissies voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening sluiten tot oprichting van de Commissies voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening; Gelet op het Advies van de
specteur van Financiën van 29 maart 1999; Gelet op het besluit van de Ministerraad van 1 april 1999 over het verzoek om advies door de Raad van State binnen een termijn van een maand; Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 8 juni 1999, met toepassing van artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, belast met Volksgezondheid, en van Onze Minister van Pensioenen, Veiligheid, Maatschappelijke
tegratie en Leefmilieu, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.
artikel 4 van het koninklijk besluit van 10 augustus 1998Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 10/08/1998 pub. 02/09/1998 numac 1998022556 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Koninklijk besluit tot oprichting van de Commissies voor Dringende Geneeskundige Hulpverlening sluiten tot oprichting van de Commissies voor de Dringende Geneeskundige Hulpverlening worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° er wordt een 6°bis
gevoegd, luidend als volgt : « 6°bis het bewerkstelligen en het formaliseren van het protocol bedoeld
artikel 7, vierde lid, 1° en 2°, van het voornoemde koninklijk besluit van 2 april 1965, tussen het eenvorming oproepstelsel, alle ziekenhuizen met een spoedgevallendienst en alle wachtdiensten, werkzaam
het ambtsgebied van de Commissie, met vermelding van de specifieke noodzakelijke diagnostische en therapeutische middelen en de hierbij horende ziekenhuizen van bestemming, evenals van de specifieke pathologieën waarvoor het bijhouden van het medisch dossier het ziekenhuis van bestemming kan bepalen, alsook van de mogelijke toepassing van artikel 7, zesde lid, van hetzelfde besluit;»; 2° het artikel wordt aangevuld met een tweede lid, luidend als volgt : « Met het oog op het afsluiten van de protocollen, bedoeld
6° en 6°bis, van het eerste lid, wordt eveneens een vertegenwoordiger van elk ziekenhuis met een spoedgevallendienst, bedoeld
artikel 3, § 1, 3°, lid van een Commissie met aangrenzend amtsgebied uitgenodigd, voor zover bedoelde ziekenhuizen beantwoorden aan de notie « dichtsbijgelegen ziekenhuis met een spoedgevallendienst » ten aanzien van enige plaats
het werkingsgebied van de Commissie en voor zover bedoelde ziekenhuizen tot deze deelname verzoeken.». Art. 2.
artikel 5, § 3, van hetzelfde besluit, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
het eerste lid worden de woorden « bedoeld
artikel 4, 5°, en 6° », vervangen door de woorden « bedoeld
artikel 4, eerste lid, 5° en 6° »;2°
het tweede lid worden de woorden « bedoeld
artikel 4, 5°, of 6° » vervangen door de woorden « bedoeld
artikel 4, eerste lid, 5° of 6° »;3°
het vierde lid worden de woorden « bedoeld
artikel 4, 5°, c) » vervangen door de woorden « bedoeld
artikel 4, eerste lid, 5°, c) »;4° § 3 wordt aangevuld met het volgende lid : « De opdrachten van de Commissie, bedoeld
artikel 4, eerste lid, 6°bis, worden vervuld door een werkgroep, voorgezeten door de voorzitter van de Commissie en samengesteld uit de leden bedoeld
artikel 3, § 1, 1°, 3°, en 6°, die ieder hun ziekenhuis of dienst vertegenwoordigen.». Art. 3.Artikel 6, § 1, 3°, wordt aangevuld met de woorden « bedoeld
artikel 3, § 1, 1° ». Art. 4.
artikel 7 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
, worden de woorden « artikel 4, 8° » vervangen door de woorden « artikel 4, eerste lid, 8° »;2°
, 2°, worden de woorden « artikel 4, 7° » vervangen door de woorden « artikel 4, eerste lid, 7° »;3°
, 3°, worden de woorden « artikel 4, 5° », vervangen door de woorden « artikel 4, eerste lid, 5° »;4° § 2, wordt aangevuld met een 4°, luidend als volgt : « 4° het protocol, zoals bedoeld
artikel 4, eerste lid, 6°bis, te bekrachtigen.». Art. 5.
artikel 9, eerste lid, van hetzelfde besluit, worden de woorden « bedoeld
artikel 3, § 1, 2°, tot 7° » vervangen door de woorden « bedoeld
artikel 3, § 1, 1° tot 7° ». Art. 6.Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, belast met Volksgezondheid, en Onze Minister van Pensioenen, Veiligheid, Maatschappelijke
tegratie en Leefmilieu zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 8 juli 1999. ALBERT Van Koningswege : De Vice-Eerste Minister en Minister van Binnenlandse Zaken, belast met Volksgezondheid, L. VAN DEN BOSSCHE De Minister van Pensioenen, Veiligheid, Maatschappelijke
tegratie en Leefmilieu, J. PEETERS
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.