29 NOVEMBER 2001. - Koninklijk besluit waarbij aan de Vrije Universiteit Brussel mededeling van informatiegegevens uit het Rijksregister van de natuurlijke personen wordt verleend in het kader van de geconcerteerde onderzoeksactie naar de eindeloopbaanproblematiek bij de inwoners van het Vlaamse Gewest VERSLAG AAN DE KONING Sire, Het ontwerp van koninklijk besluit dat wij de eer hebben Uwe Majesteit ter ondertekening voor te leggen, strekt ertoe mededeling van informatiegegevens uit het Rijksregister aan de Vrije Universiteit Brussel (V.U.B.) te verlenen in het kader van een onderzoek naar de eindeloopbaanproblematiek. De rechtsgrond van het ontwerp van besluit wordt gevormd door artikel 5, tweede lid, b), van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen. De vakgroep Sociologie van de V.U.B. (TOR) belast zich met dit onderzoek, dat verricht wordt voor rekening van het Ministerie van Sociale Zaken in het kader van een geconcerteerde onderzoeksactie naar de eindeloopbaanproblematiek. In het kader van dit onderzoek wordt een representatieve steekproef uitgevoerd om over de geschetste problematiek gefundeerde uitspraken te kunnen doen. De survey die op basis van deze steekproef zal worden uitgevoerd moet toelaten uitspraken te doen over de perspectieven die mensen tussen 45 en 65 jaar hebben op het verdere verloop van hun (professionele) levensloop en hoe zij in de toekomst hun tijd wensen te besteden. Er zal ook gepeild worden naar de factoren die een invloed hebben op de bereidheid om al dan niet nog te willen werken en de manier waarop deze mensen omgaan met werkdruk. Het onderzoek spitst zich voornamelijk toe op de verwachtingen met betrekking tot het loopbaaneinde, en de economische, sociale en culturele factoren die deze verwachtingen beïnvloeden. De werkwijze die bij het onderzoek gebruikt zal worden kan omschreven worden als volgt : de selectie gebeurt in twee fasen. In een eerste fase worden op basis van het bevolkingscijfer een nader te bepalen aantal gemeenten van het Vlaams Gewest op toevallige wijze geselecteerd. Binnen de bevolking van deze gemeenten wordt dan de eigenlijke steekproeftrekking uitgevoerd met een selectie-algoritme dat gebaseerd is op de principes van de systematische trekking met aselect begin. Deze werkwijze heeft als doel het aantal gemeenten waarin veldwerk zal moeten worden verricht, in de mate van het mogelijke te beperken. Op die wijze zullen vier steekproeven van telkens 1 200 personen, in totaal van 4 800 personen, worden getrokken. De eerste groep van 1 200 personen wordt dan gebruikt voor het oorspronkelijke veldwerk; uit de overige groepen wordt geput voor substitutie bij non-respons. In concreto dient de VUB-vakgroep Sociologie te beschikken over de gegevens van vier maal 1 200 inwoners van het Vlaamse Gewest, allen van Belgische nationaliteit, tussen 45 en 65 jaar oud (namelijk inwoners tussen 44 en 64 jaar oud in 2001), die in twee fasen toevallig worden geselecteerd. De steekproef beperkt zich in een eerste fase tot inwoners van het Vlaamse Gewest. Zodra de nodige budgettaire middelen beschikbaar zullen zijn, zal eenzelfde onderzoek worden verricht in de andere Gewesten. Om de steekproef op een wetenschappelijk verantwoorde wijze te kunnen samenstellen vraagt de vakgroep Sociologie van de V.U.B. de mededeling van de informatiegegevens opgesomd in artikel 3, eerste lid, 1°, 2°, 3°, 4° en 5° van de organieke wet van 8 augustus 1983 op het Rijksregister. De mededeling van die informatiegegevens is verantwoord omwille van de volgende redenen : - de kennis van het informatiegegeven vermeld onder 1° (naam en voornamen) en 5° (hoofdverblijfplaats) is uiteraard noodzakelijk opdat de personen die deel uitmaken van de steekproef ondervraagd zouden kunnen worden; - de kennis van het informatiegegeven vermeld onder 2° (geboortedatum) en 3° (geslacht) is noodzakelijk om de steekproef te kunnen samenstellen uit een representatief staal van de bevolking; - de kennis van het informatiegegeven vermeld onder 4° (nationaliteit) is eveneens noodzakelijk aangezien alleen personen van Belgische nationaliteit ondervraagd zullen worden. Overeenkomstig artikel 6, eerste lid, 3°, van het koninklijk besluit van 3 april 1995 tot vaststelling van de voorwaarden waaraan de instellingen bedoeld in artikel 5, tweede lid, b), van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen moeten voldoen om mededeling te verkrijgen van informatiegegevens die in dit register opgenomen zijn, preciseert artikel 4, eerste lid, van het ontworpen besluit, dat wat het bewaren van de informatiegegevens uit het Rijksregister betreft, deze gedurende één jaar vanaf de steekproeftrekking zullen worden bewaard en hierna zullen worden vernietigd. De Regering heeft nagegaan of de nodige voorzorgen genomen werden om de bescherming van het privé-leven van de personen waarop de informatiegegevens die verkregen werden door mededeling uit het Rijksregister betrekking hebben, te waarborgen : 1° het blijkt dat de aanvraag om mededeling van informatiegegevens op alle punten voldoet aan de voorwaarden gesteld door het voormelde koninklijk besluit van 3 april 1995 : - de Vrije Universiteit Brussel beschikt over rechtspersoonlijkheid (artikel 1, eerste lid, 1°); - de vakgroep Sociologie van de V.U.B. beschikt over het nodige personeel en over de nodige technische middelen (artikel 1, eerste lid, 2°). Met de van het Ministerie van Sociale Zaken ontvangen middelen, heeft de onderzoekseenheid zowel wetenschappelijk bevoegd personeel aangetrokken, als zich de nodige technische middelen aangeschaft. De onderzoekseenheid is niet alleen volledig geïnformatiseerd, maar kan ook een beroep doen op de krachtige main-frames van het rekencentrum van de Vrije Universiteit Brussel, en heeft de beschikking over de nodige software om de surveygegevens te analyseren. Meer bepaald zal daarbij gebruik worden gemaakt van de SPSS-software. Bovendien heeft de onderzoekseenheid reeds een ruime ervaring en expertise opgebouwd inzake het uitvoeren van surveys; - artikel 1, eerste lid, 3°, van het voornoemd koninklijk besluit van 3 april 1995 bepaalt dat de betrokken personeelsleden zich dienen te houden aan de beroepsethiek, meer bepaald wat het vertrouwelijke karakter van de door het Rijksregister meegedeelde informatie betreft. Slechts twee personen van de Vakgroep Sociologie zullen toegang hebben tot deze informatie, namelijk de voorzitter en een wetenschappelijk medewerkster. Deze personen hebben een verklaring ondertekend waarin zij zich ertoe verbinden het vertrouwelijke karakter van de informatiegegevens van het Rijksregister te bewaren. Indien de interviews niet worden afgenomen door de onderzoekers zelf, dienen de personen die daarmede belast worden eveneens een verklaring te ondertekenen waarbij zij zich ertoe verbinden het beroepsgeheim alsmede de vertrouwelijkheid van de informatiegegevens, die zij ontvangen of ingezameld hebben, te bewaren; - de vakgroep sociologie van de V.U.B. zal zelf, zonder onderaanneming, alle activiteiten uitvoeren (artikel 1, eerste lid, 4°); - de betrokken onderzoekseenheid heeft de verbintenis aangegaan zich te onderwerpen aan de controle die zowel door de Minister van Binnenlandse Zaken als door de Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer zal worden georganiseerd (artikel 1, eerste lid, 5°); - twee aparte bestanden zullen worden gehouden, te weten één met de informatiegegevens verkregen uit het Rijksregister en een ander met de specifieke onderzoeksgegevens. Deze bestanden zullen strikt gescheiden worden. Alleen de wetenschappelijke medewerkers van het Centrum voor Sociologie die de bovenvermelde verklaring ondertekend hebben zullen beschikken over de sleutel om ze met elkaar in verband te brengen. Na de uitvoering van de survey zal deze sleutel vernietigd worden, zodat het onmogelijk zal zijn een verband te leggen tussen het anonieme nummer en de identiteit van de respondent (artikel 1, eerste lid, 6°); - de onderzoekseenheid verplicht er zich toe om de resultaten van het onderzoek slechts te publiceren of te verstrekken aan derden in de vorm van anonieme en niet-identificeerbare informatie (artikel 1, eerste lid, 7°). In wetenschappelijke publicaties zullen enkel geaggregeerde gegevens worden opgenomen. In het databestand staat enkel een anoniem respondentennummer. Op het ogenblik dat dit databestand ter beschikking zal worden gesteld, zal de sleutel die toegang geeft tot het respondentenbestand reeds vernietigd zijn. 2° de aanhef van het ontworpen besluit verwijst uitdrukkelijk naar de volgende wettelijke en reglementaire bepalingen : - de artikelen 4, § 1, 2°, 5a), en 70 van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, vervangen door de wet van 11 december 1998; - de artikelen 2, 14 en 70 van het koninklijk besluit van 13 februari 2001Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 13/02/2001 pub. 13/03/2001 numac 2001009176 bron ministerie van justitie Koninklijk besluit ter uitvoering van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens sluiten ter uitvoering van de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens. Elk van deze bepalingen strekt ertoe de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen waarop de verzamelde informatiegegevens betrekking hebben te waarborgen. De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer bracht haar advies uit op 12 juli 2001. Het besluit houdt rekening met de in dit advies geformuleerde opmerkingen. Wij hebben de eer te zijn, Sire, van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaars, De Minister van Binnenlandse Zaken, A. DUQUESNE De Minister van Justitie, M. VERWILGHEN De Minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, Ch. PICQUE Advies nr. 21/2001 van 12 juli 2001. - Ontwerp van koninklijk besluit waarbij aan de Vrije Universiteit Brussel mededeling van informatiegegevens uit het Rijksregister van de natuurlijke personen wordt verleend in het kader van de geconcerteerde onderzoeksactie naar de eindeloopbaanproblematiek bij de inwoners van het Vlaamse Gewest De Commissie voor de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, Gelet op de wet van 8 december 1992 tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten opzichte van de verwerking van persoonsgegevens, inzonderheid het artikel 29; Gelet op de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen, inzonderheid artikel 5, tweede lid, b; Gelet op de adviesaanvraag vanwege de Minister van Binnenlandse Zaken d.d. 31 mei 2001; Gelet op het verslag van de heer Erik Van Hove; Brengt op 12 juli 2001 het volgend advies uit : I. VOORWERP VAN DE ADVIESAANVRAAG Het aan de Commissie voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit betreft een aanvraag van het Centrum voor Sociologie van de Vrije Universiteit Brussel om, in het kader van een onderzoek naar de eindeloopbaanproblematiek bij de inwoners van het Vlaamse Gewest verricht in opdracht van de Minister van Sociale Zaken, de mededeling te ontvangen van bepaalde gegevens van het Rijksregister onder de vorm van een aselecte steekproef van de volwassen bevolking van het Vlaamse Gewest op basis waarvan een survey zal uitgevoerd worden. Aan ongeveer 1 200 respondenten uit het Vlaamse landsgedeelte zal een vragenlijst voorgelegd worden teneinde gegevens te verzamelen met betrekking tot hun verwachtingen aangaande het verdere verloop van hun loopbaan en toekomstige tijdsbesteding. Concreet zal als volgt te werk gegaan worden : er zullen vier steekproeven getrokken worden van telkens 1 200 personen, d.w.z. in het totaal 4 800 personen. De eerste groep van 1 200 personen zal worden gebruikt voor het oorspronkelijke veldwerk : bij gebrek aan antwoord van de eerste groep zal ter vervanging beroep gedaan worden op de volgende. Het ontwerp van koninklijk besluit dat aan de Commissie voor advies wordt voorgelegd werd opgesteld bij toepassing van het koninklijk besluit van 3 april 1995 tot vaststelling van de voorwaarden waaraan de instellingen bedoeld in artikel 5, tweede lid, b, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen moeten voldoen om mededeling te verkrijgen van informatiegegevens die in dit register zijn opgenomen. Dit laatste besluit heeft specifiek betrekking op de uitvoering van wetenschappelijke navorsings- en onderzoekswerkzaamheden. II. WETTELIJK EN REGLEMENTAIR KADER. A) Wet van 8 augustus 1983 Bij toepassing van art. 5, tweede lid, b, van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een Rijksregister van de natuurlijke personen kan de Koning, na advies van de Commissie, bij in Ministerraad overlegd besluit aan instellingen van Belgisch recht die opdrachten van algemeen belang vervullen en die Hij nominatief aanwijst, de mededeling verlenen van de nodige informatiegegevens vermeld in artikel 3, eerste lid, 1° tot 9°, en tweede lid, uitsluitend voor de uitvoering van wetenschappelijke, navorsings- en onderzoekswerkzaamheden, binnen de perken van de informatiegegevens die hen ter beschikking moeten worden gesteld uitsluitend voor de uitvoering van die werkzaamheden. De instellingen mogen slechts over de bedoelde informatiegegevens beschikken gedurende de tijd nodig voor de uitvoering van die werken en enkel tot dat doel; de Koning bepaalt de andere voorwaarden waaraan deze instellingen moeten voldoen om mededeling van deze informatiegegevens te bekomen. De VUB is een instelling van Belgisch recht die opdrachten van algemeen belang vervult. B) Koninklijk besluit van 3 april 1995 In uitvoering van deze laatste bepaling werd het koninklijk besluit van 3 april 1995 uitgevaardigd. Het stelt de volgende voorwaarden vast :
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.