← België

Koninklijk besluit tot wijziging van sommige koninklijke besluiten inzake het sociaal statuut van de zelfstandigen wat betreft de spilindexen

Obsah (4)Art. 4Art. 6Art. 9Art. 13

13 JULI 2001. - Koninklijk besluit tot wijziging van sommige koninklijke besluiten inzake het sociaal statuut van de zelfstandigen wat betreft de spilindexen ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen di

Art. 4

.In artikel 55, tweede lid, van hetzelfde besluit worden de woorden « 142,75 » vervangen door de woorden « 103,14 (basis 1996 = 100) ». Afdeling 2. - Aanpassing van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid ten voordele van de zelfstandigen Art. 5.In de bepalingen van het koninklijk besluit van 20 juli 1971 houdende instelling van een verzekering tegen arbeidsongeschiktheid ten voordele van de zelfstandigen, die hieronder worden aangeduid, worden de in frank uitgedrukte bedragen die in de tweede kolom van de volgende tabel worden vermeld, vervangen door de in euro uitgedrukte bedragen van de derde kolom van dezelfde tabel. Voor de raadpleging van de tabel,

Art. 6

.Artikel 12ter van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling : « Art.12ter. De invaliditeitsuitkering toegekend aan de gerechtigde die personen ten laste heeft in toepassing van de bepalingen van artikel 225, § 1, 1° tot 5°, van het koninklijk besluit van 3 juli 1996Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 10/12/2007 numac 2007000977 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli

  1. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen van het eerste semester van het jaar 2007 type koninklijk besluit prom. 03/07/1996 pub. 19/12/2008 numac 2008001031 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Koninklijk besluit tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli
  2. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, en die eveneens voldoet aan de voorwaarden bedoeld in artikel 225, § 1, 6°, van hetzelfde besluit, wordt verhoogd met een forfaitaire tegemoetkoming voor hulp van derden waarvan het dagbedrag 56,34 frank bedraagt. » Art. 7.In artikel 13 van hetzelfde besluit worden het tweede en het derde lid vervangen door de volgende leden : « De in de artikelen 9, 9bis, 10 en 12ter bedoelde bedragen zijn gekoppeld aan de spilindex 103,14 (basis 1996 = 100). Het in artikel 12bis bedoelde bedrag is eveneens gebonden aan de spilindex 103,
  3. Het bedrag van de moederschapsuitkering dat aan de gerechtigde wordt toegekend is het bedrag zoals het is aangepast op de datum van de bevalling. » Afdeling
  4. - Aanpassing van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen Art. 8.In de bepalingen van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen, die hieronder worden aangeduid, worden de in frank uitgedrukte bedragen die in de tweede kolom van de volgende tabel worden vermeld, vervangen door de in euro uitgedrukte bedragen van de derde kolom van dezelfde tabel. Voor de raadpleging van de tabel,

Art. 9

.Artikel 23, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling : « De in deze afdeling opgenomen bedragen stemmen overeen met de spilindex 103,14 (basis 1996 = 100). De eurogedeelten worden afgerond naar de hogere cent wanneer de derde decimaal gelijk is aan of hoger is dan vijf, en naar de lagere cent wanneer de derde decimaal lager is dan vijf. » Art. 10.Artikel 38, tweede lid, van hetzelfde besluit wordt vervangen door de volgende bepaling : « In elk bedrag dat maandelijks moet worden uitbetaald aan de bijslagtrekkenden worden de eurogedeelten afgerond naar de hogere cent wanneer de derde decimaal gelijk is aan of hoger is dan vijf, en naar de lagere cent wanneer de derde decimaal lager is dan vijf. » Afdeling

  1. - Aanpassing van het koninklijk besluit van 27 april 1976 tot aanvulling van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen. Art. 11.Artikel 2, § 1, eerste lid, 2° van het koninklijk besluit van 27 april 1976 tot aanvulling van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 2° het aan de leerjongen of aan het leermeisje toegekende brutoloon, de sociale uitkering die hij of zij geniet, of beide samen, niet meer bedragen dan 394,15 EUR per maand. Dit bedrag wordt gekoppeld aan het spilindexcijfer 103,14 (basis 1996 = 100). Het verhoogt of vermindert met 7,44 EUR telkens wanneer de bedragen van de kinderbijslag worden gewijzigd ingevolge een stijging of een daling van dit indexcijfer. » Afdeling
  2. - Aanpassing van het koninklijk besluit van 28 augustus 1991 tot uitvoering van de artikelen 20, §§ 2 en 3, 26 en 35 van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen, en van artikel 23 van het koninklijk besluit van 21 februari 1991 tot wijziging van sommige bepalingen betreffende de regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen. Art. 12.In de bepaling van het koninklijk besluit van 28 augustus 1991 tot uitvoering van de artikelen 20, §§ 2 en 3, 26 en 35 van het koninklijk besluit van 8 april 1976 houdende regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen, en van artikel 23 van het koninklijk besluit van 21 februari 1991 tot wijziging van sommige bepalingen betreffende de regeling van de gezinsbijslag ten voordele van de zelfstandigen, die hieronder wordt aangeduid, worden de in frank uitgedrukte bedragen die in de tweede kolom van de volgende tabel worden vermeld, vervangen door de in euro uitgedrukte bedragen van de derde kolom van dezelfde tabel. Voor de raadpleging van de tabel,

Art. 13

.In artikel 14 van hetzelfde besluit worden de woorden « 142,75 (1971 = 100) » vervangen door de woorden « 103,14 (basis 1996 = 100) ». HOOFDSTUK

  1. - Slotbepalingen Art. 14.Dit besluit treedt in werking op 1 januari
  2. Art. 15.Onze Minister van Sociale Zaken en Pensioenen en Onze Minister belast met Middenstand zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 13 juli
  3. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Sociale Zaken en Pensioenen, F. VANDENBROUCKE De Minister belast met Middenstand, R. DAEMS

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.