24 MEI 2002. - Decreet betreffende water bestemd voor menselijke aanwending (1) Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen
§ 2
, 1°, bedoelde openbare dienstverplichtingen;3° specifieke maatregelen of programma's opleggen aan de waterleverancier met betrekking tot de uitvoering van de in §
§ 2
, 1°, bedoelde openbare dienstverplichtingen;4° nadere regels bepalen met betrekking tot de vergoeding voor de waterleveranciers voor de uitvoering van opgelegde taken die niet tot de kerntaken van de waterleverancier behoren. Afdeling
- - Reguleringsinstantie Onderafdeling. - Oprichting Art. 9.§
- Binnen het jaar na de inwerkingtreding van dit decreet wordt een instelling van openbaar nut met rechtspersoonlijkheid opgericht. Deze instelling draagt als naam "reguleringsinstantie". §
- De Vlaamse regering bepaalt de vestigingsplaats van de zetel. Onderafdeling
- - Bestuur en werking Art. 10.§
- De reguleringsinstantie wordt geleid door een dagelijks bestuur bestaande uit een voorzitter en drie beheerders. Zij worden aangesteld door de Vlaamse regering. §
- De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels voor de aanwerving en de aanstelling van de leden van het dagelijks bestuur van de reguleringsinstantie, inclusief de duur van het mandaat. De leden van het dagelijks bestuur mogen geen andere functies vervullen die de onafhankelijkheid en de objectiviteit waarmee ze hun mandaat uitoefenen, kunnen belemmeren. De Vlaamse regering bepaalt de onverenigbaarheden met het mandaat van de leden van het dagelijks bestuur en de regels die van toepassing zijn op belangenconflicten. §
- De voorzitter zit de vergaderingen van het dagelijks bestuur voor dat besluiten neemt bij meerderheid. De voorzitter heeft een doorslaggevende stem bij staking van stemmen. Eventuele minderheidsstandpunten van de leden van het dagelijks bestuur kunnen aan de voorstellen, evaluaties en adviezen worden toegevoegd. §
- De voorzitter vertegenwoordigt de reguleringsinstantie in rechte. Art. 11.§
- De Vlaamse regering bepaalt het administratief en geldelijk statuut van het personeel en stelt de personeelsformatie van de reguleringsinstantie vast. §
- Het dagelijks bestuur kan eveneens personen op contractuele basis aanwerven om : 1° in uitzonderlijke en tijdelijke personeelsbehoeften te voorzien. Het betreft ofwel in de tijd beperkte acties ofwel een buitengewone toename van het werk; 2° de ambtenaren te vervangen die hun betrekking niet of slechts deeltijds bekleden, onverminderd de mogelijkheid om een statutair personeelslid door een ander statutair personeelslid te vervangen;3° bijkomende of specifieke opdrachten te vervullen na voorafgaand akkoord van de Vlaamse regering. §
- De leden van het dagelijks bestuur en de personeelsleden van de reguleringsinstantie zijn gebonden door het beroepsgeheim. Zij mogen de vertrouwelijke gegevens die hen ter kennis zijn gekomen op grond van hun functie bij de reguleringsinstantie aan niemand bekendmaken, behalve wanneer zij worden opgeroepen om in rechte te getuigen en onverminderd de uitwisseling van informatie met de bevoegde instanties van de andere gewesten en lidstaten van de Europese Unie, die uitdrukkelijk bepaald of toegestaan zijn door verordeningen of richtlijnen, vastgesteld door de instellingen van de Europese Unie. Onderafdeling
- - Doel en opdrachten Art. 12.§
- De reguleringsinstantie heeft als opdracht te inventariseren, te evalueren, te adviseren en te rapporteren over alle aangelegenheden met betrekking tot water bestemd voor menselijke aanwending. §
- De reguleringsinstantie geeft, binnen de haar overeenkomstig § 1 toegewezen opdracht, advies over en legt voorstellen voor aan de Vlaamse regering met betrekking tot : 1° passende en doelmatige mechanismen voor de harmonisering, transparantie, functiescheiding en regulering met betrekking tot de productie, de invoer, de doorvoer, de levering, de tarieven en het gebruik van water bestemd voor menselijke aanwending, geleverd door exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk;2° de uitwerking en uitvoering van de in artikel 8 bedoelde openbare dienstverplichtingen;3° de investeringsplanningen in de waterdistributienetwerken, in de productie en in de invoer en doorvoer van water bestemd voor menselijke aanwending door de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk;4° het in artikel 16, § 1, bedoelde algemeen waterverkoopreglement;5° de kostenstructuur, de boekhouding en de daaraan gekoppelde maatstafconcurrentie van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk;6° de invoering van een normstelsel voor duurzaam watergebruik. §
- De reguleringsinstantie vergelijkt door middel van onder meer de kostenstructuur, de boekhouding en de daaraan gekoppelde maatstafconcurrentie, zoals vastgesteld in § 7, eerste lid, de prestaties en de efficiëntie van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk. §
- De reguleringsinstantie voert op eigen initiatief of op verzoek van de Vlaamse regering studies uit in verband met de opdrachten zoals bedoeld in §
§ 2. § 5.
De reguleringsinstantie inventariseert, evalueert en rapporteert jaarlijks vanaf het jaar na haar oprichting aan de Vlaamse regering over onder meer : 1° de toepassing van de in artikel 8 bedoelde openbare dienstverplichtingen;2° het in artikel 16, § 1, bedoelde algemeen waterverkoopreglement;3° de in § 2, 5°, en § 3 bedoelde maatstafconcurrentie van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk. §
- De reguleringsinstantie voert alle andere taken uit die haar door decreten, besluiten, reglementen en beslissingen van de Vlaamse regering betreffende de organisatie van de levering van het water bestemd voor menselijke aanwending worden toevertrouwd. §
- De Vlaamse regering stelt nadere regels vast met betrekking tot de kostenstructuur, de boekhouding en de daaraan gekoppelde maatstafconcurrentie van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk. De Vlaamse regering kan de opdrachten van de reguleringsinstantie nader omschrijven. Art. 13.§
- De diensten van de Vlaamse regering, de administratieve overheden van het Vlaamse Gewest die onderworpen zijn aan het bestuurlijk toezicht van het Vlaamse Gewest, en de publiekrechtelijke en privaatrechtelijke instellingen en personen die belast zijn met taken van openbaar nut, zijn ertoe gehouden de gevraagde gegevens en inlichtingen met betrekking tot de in artikel 12 beschreven opdrachten aan de reguleringsinstantie te verschaffen in de vorm die, na consultatie, door de reguleringsinstantie wordt vastgesteld. Alle gegevens, verworven in het kader van opdrachten uitgaande van overheidsinstellingen, moeten gratis ter beschikking worden gesteld. Voor de overige gegevens kan, indien dat zo overeengekomen wordt, een vergoeding worden betaald. §
- De waterleverancier moet de gevraagde gegevens en inlichtingen met betrekking tot de in artikel 12 beschreven opdrachten gratis aan de reguleringsinstantie verschaffen. De vorm en het tijdstip van die gegevensoverdracht worden, na consultatie van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk, door de reguleringsinstantie vastgesteld. Onderafdeling
- - Financiële middelen Art. 14.De reguleringsinstantie beschikt over een dotatie die jaarlijks wordt ingeschreven op de begroting van de Vlaamse Gemeenschap. De Vlaamse regering kan nadere regels bepalen met betrekking tot de financiële middelen ten behoeve van de reguleringsinstantie. Onderafdeling
- - Toezicht Art. 15.§
- De reguleringsinstantie staat onder toezicht van de Vlaamse regering. Het toezicht wordt uitgeoefend door een regeringscommissaris die wordt benoemd en ontslagen door de Vlaamse regering. Het Vlaamse Gewest draagt de kosten, verbonden aan de uitoefening van zijn ambt. De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels met betrekking tot dit toezicht. §
- De regeringscommissaris kan op elk ogenblik inzage nemen van alle documenten en geschriften van de reguleringsinstantie. Hij kan van de voorzitter, de beheerders en de personeelsleden alle inlichtingen en ophelderingen vorderen, en alle verificaties verrichten, die hij nodig acht voor de uitvoering van zijn mandaat. §
- Ieder jaar stelt de regeringscommissaris een evaluatieverslag op ten behoeve van de Vlaamse regering over de activiteiten van de reguleringsinstantie. Dit evaluatieverslag wordt voor 30 juni bezorgd aan de Vlaamse regering. §
- De reguleringsinstantie brengt jaarlijks voor 30 mei van het volgende jaar verslag uit aan de Vlaamse regering over haar werkzaamheden. Dit verslag wordt jaarlijks, samen met het evaluatieverslag van de regeringscommissaris, voor 30 juli meegedeeld aan het Vlaams Parlement, de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen en de Milieu- en Natuurraad van Vlaanderen. Afdeling
- - Waterverkoopreglement Art. 16.§
- De Vlaamse regering kan nadere regels bepalen met betrekking tot de inhoud, het vaststellen en het wijzigen van het algemeen en bijzonder waterverkoopreglement tussen de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk en de abonnee. Binnen 18 maanden na de inwerkingtreding van het decreet, stelt de Vlaamse regering, na consultatie van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk, het algemeen waterverkoopreglement vast. Het algemeen waterverkoopreglement bevat ten minste de volgende bepalingen : 1° het bepaalde in artikel 7, § 1 tot en met § 3, met betrekking tot de controle door de waterleverancier, de bevoegde diensten van de Vlaamse regering of door de Vlaamse regering erkende organen van het water aan de kranen die gewoonlijk worden aangewend voor water bestemd voor menselijke consumptie, van het huishoudelijk leidingnet en van de watermeter en met betrekking tot dein artikel 7, § 2, eerste lid, bedoelde inventarisatietaken;2° het bepaalde in artikel 6, § 2, met betrekking tot de verantwoordelijkheid van de waterleverancier, de eigenaar en de abonnee;3° de herstelmaatregelen die overeenkomstig artikel 4, § 3, door de Vlaamse regering worden bepaald en de herstelmaatregelen die betrekking hebben op de overschrijding van de parameterwaarden die te wijten is aan het huishoudelijk leidingnet of het onderhoud daarvan. De Vlaamse regering kan voormelde lijst aanvullen. §
- Het door de Vlaamse regering goedgekeurde algemeen waterverkoopreglement kan door de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk worden aangevuld met een bijzonder waterverkoopreglement, voorzover dat niet strijdig is met het algemeen waterverkoopreglement en met de bepalingen van dit decreet en zijn uitvoeringsbesluiten. De Vlaamse regering kan nadere regels vaststellen met betrekking tot het opstellen en de goedkeuring van het bijzonder waterverkoopreglement. §
- De Vlaamse regering stelt nadere regels vast met betrekking tot de communicatie van het algemeen en bijzonder waterverkoopreglement aan de abonnee. HOOFDSTUK VI. - Toezicht, dwang- en veiligheidsmaatregelen Art. 17.§
- Onverminderd de bevoegdheden van de officieren van gerechtelijke politie, houden de door de Vlaamse regering aangewezen ambtenaren toezicht op de toepassing van dit decreet, met uitzondering van artikelen 9, 10, 11, §
§ 2, 12, 13, § 1, 14 en 15, en hun uitvoeringsbesluiten.
§
- De in § 1 bedoelde toezichthoudende ambtenaren kunnen bij de uitoefening van hun ambt : 1° elk onderzoek instellen, elke controle uitoefenen en alle inlichtingen inwinnen die nodig zijn voor de uitoefening van het toezicht;2° alle personen ondervragen over feiten die voor de uitoefening van het toezicht relevant zijn;3° de bijstand van de federale politie vorderen. De toezichthoudende ambtenaren dienen zich steeds te legitimeren. Binnen de bevoegdheden die hun overeenkomstig § 1 zijn toegewezen, kunnen de toezichthoudende ambtenaren mondelinge of schriftelijke raadgevingen, aanmaningen en bevelen geven. Ze kunnen ook de termijn vastleggen waarbinnen de voorschriften moeten worden nagekomen. Wanneer de toezichthoudende ambtenaren mondelinge raadgevingen, aanmaningen of bevelen hebben gegeven, dan dienen die binnen vijf werkdagen, bij ter post aangetekende brief, te worden bevestigd door de Vlaamse regering. §
- De toezichthoudende ambtenaren hebben voor de uitoefening van hun ambt, te allen tijde, zonder voorafgaande verwittiging, toegang tot de inrichtingen. §
- Zij stellen de inbreuken op dit decreet en zijn uitvoeringsbesluiten vast door middel van processen-verbaal die bewijswaarde hebben tot het tegendeel bewezen is en die onmiddellijk worden bezorgd aan de procureur des Konings. Een afschrift van het proces-verbaal wordt bij ter post aangetekende brief ter kennis gebracht van de overtreder binnen vijf werkdagen na de vaststelling van de overtreding. §
- Wanneer de toezichthoudende ambtenaren vaststellen dat de waterleverancier water bestemd voor menselijke consumptie levert dat niet voldoet aan de overeenkomstig artikel 4, § 1, en zijn uitvoeringsbesluiten vastgestelde kwaliteitseisen of dat de waterleverancier de overeenkomstig artikel 4, § 3, en zijn uitvoeringsbesluiten vastgestelde herstelmaatregelen en beperkingen van het gebruik niet neemt, kunnen de toezichthoudende ambtenaren, wanneer de waterleverancier weigert gevolg te geven aan de in § 2, derde lid, bedoelde raadgevingen, aanmaningen en bevelen : 1° mondeling en ter plaatse de stopzetting bevelen van de levering van water bestemd voor menselijke consumptie binnen de termijn die zij bepalen of;2° de nodige maatregelen ambtshalve uitvoeren of doen uitvoeren;de uitvoering van deze maatregelen geschiedt op kosten en risico van de in gebreke blijvende persoon. Wanneer de toezichthoudende ambtenaren vaststellen dat de eigenaar of de abonnee de overeenkomstig artikel 6, § 2, tweede en derde lid, en zijn uitvoeringsbesluiten vastgestelde herstelmaatregelen aan het huishoudelijk leidingnet niet uitvoert, kunnen de toezichthoudende ambtenaren, indien de eigenaar of de abonnee weigert gevolg te geven aan de overeenkomstig § 2, derde lid, gegeven raadgevingen, aanmaningen en bevelen : 1° de onderbreking bevelen van de levering van water bestemd voor menselijke consumptie binnen de termijn die zij bepalen of;2° de nodige maatregelen ambtshalve uitvoeren of doen uitvoeren;de uitvoering van deze maatregelen geschiedt op kosten en risico van de in gebreke blijvende persoon. Naast de in het eerste en tweede lid bedoelde gevallen, kunnen de toezichthoudende ambtenaren in geval van gevaar voor de volksgezondheid de stopzetting of de onderbreking bevelen van de levering van water bestemd voor menselijke consumptie. Indien binnen de gestelde termijn geen gevolg gegeven wordt aan de bevelen tot stopzetting of onderbreking, kunnen de toezichthoudende ambtenaren de nodige maatregelen ambtshalve uitvoeren of doen uitvoeren. De uitvoering van deze maatregelen geschiedt op kosten en risico van de in gebreke blijvende persoon. §
- De bevelen tot stopzetting of onderbreking van de levering zoals bedoeld in § 5, worden binnen vijf werkdagen, bij ter post aangetekende brief, ter kennis gebracht van de overtreder en van de waterleverancier. Een afschrift van het bevel tot stopzetting of onderbreking van de levering wordt onverwijld gezonden aan de Vlaamse regering. §
- De waterleverancier, de eigenaar, de abonnee en de verbruiker kunnen beroep indienen bij de Vlaamse regering tegen de in § 2, derde lid, bedoelde raadgevingen, aanmaningen en bevelen en de in § 5 bedoelde bevelen tot stopzetting of onderbreking van de levering. Het beroep schorst de beslissingen niet. Binnen een termijn van twee weken wordt over het beroep uitspraak gedaan. De Vlaamse regering regelt de modaliteiten en de termijnen van het beroep. HOOFDSTUK VII. - Strafbepalingen Art. 18.De volgende personen worden gestraft met een gevangenisstraf van een maand tot een jaar en met een geldboete van 100 euro tot 15.000 euro of met een van deze straffen alleen : 1° de waterleverancier die water bestemd voor menselijke consumptie levert dat niet voldoet aan de kwaliteitseisen, met name bij niet-naleving van artikel 4, § 1, en zijn uitvoeringsbesluiten;2° de waterleverancier die de vastgestelde herstelmaatregelen of beperkingen van het gebruik niet neemt, met name bij niet-naleving van artikel 4, § 3, en zijn uitvoeringsbesluiten;3° de eigenaar of de abonnee die de herstelmaatregelen aan het huishoudelijk leidingnet niet uitvoert of die de informatieverplichting daaromtrent niet naleeft, met name bij niet-naleving van artikel 6, § 2, tweede en derde lid, en zijn uitvoeringsbesluiten. Art. 19.De volgende personen worden gestraft met een gevangenisstraf van vijftien dagen tot drie maanden en met een geldboete van 100 euro tot 2.000 euro of met een van deze straffen alleen : 1° degene die niet toestemt in of zich verzet tegen de bezoeken, de controles, de inspecties, het toezicht of de monsternemingen, verricht door de overeenkomstig artikel 17, § 1, door de Vlaamse regering aangewezen toezichthoudende ambtenaren die gemachtigd zijn om overtredingen van dit decreet en zijn uitvoeringsbesluiten op te sporen en vast te stellen;2° de exploitant van een openbaar waterdistributienetwerk of de titularis van de aansluiting of zijn afgevaardigde die de verplichtingen met betrekking tot de levering van een gratis hoeveelheid water bestemd voor menselijke consumptie niet naleeft, met name bij niet-naleving van artikel 5, § 3, en zijn uitvoeringsbesluiten;3° de exploitant van een openbaar waterdistributienetwerk die de verplichtingen met betrekking tot de aansluiting op het openbaar waterdistributienetwerk niet naleeft, met name bij niet-naleving van artikel 5, § 1, en zijn uitvoeringsbesluiten;4° de waterleverancier die de overeenkomstig artikel 8 en zijn uitvoeringsbesluiten opgelegde openbare dienstverplichtingen niet naleeft;5° de exploitant van een openbaar waterdistributienetwerk die de overeenkomstig artikel 16 en zijn uitvoeringsbesluiten opgelegde verplichtingen met betrekking tot het waterverkoopreglement niet naleeft. Art. 20.De leden van het dagelijks bestuur en de personeelsleden van de reguleringsinstantie die de overeenkomstig artikel 11, § 3, opgelegde verplichtingen met betrekking tot het beroepsgeheim niet naleven, worden gestraft met de straffen, bepaald door artikel 458 van het Strafwetboek. Art. 21.In geval van herhaling binnen twee jaar na de jongste veroordeling, mogen de in artikelen 18 en 19 vermelde straffen worden verdubbeld. HOOFDSTUK VIII. - Administratieve geldboetes Art. 22.§
- Voor iedere inbreuk op : 1° de overeenkomstig artikel 7, §
§ 4
, en zijn uitvoeringsbesluiten opgelegde controleverplichtingen, wordt een administratieve geldboete opgelegd van 750 euro;2° de overeenkomstig artikel 4, § 4, eerste lid, 2° en 3°, en tweede lid, en zijn uitvoeringsbesluiten opgelegde verplichtingen om de bevoegde diensten van de Vlaamse regering in te lichten en informatie te leveren, wordt een administratieve geldboete opgelegd van 750 euro;3° de overeenkomstig artikel 4, § 4, eerste lid, 1°, en zijn uitvoeringsbesluiten opgelegde verplichtingen om de verbruikers in te lichten of van informatie te voorzien, wordt een administratieve geldboete opgelegd van 375 euro;4° de overeenkomstig artikel 13, § 2, en zijn uitvoeringsbesluiten opgelegde verplichtingen om de reguleringsinstantie van informatie te voorzien, wordt een administratieve geldboete opgelegd van 375 euro;5° de overeenkomstig artikel 5, § 2, en zijn uitvoeringsbesluiten opgelegde verplichtingen om een watermeter te plaatsen, wordt een administratieve geldboete opgelegd van 125 euro per niet geplaatste watermeter. §
- De administratieve geldboete wordt opgelegd door de door de Vlaamse regering aangewezen ambtenaren. §
- De overtreder wordt van het voornemen om een administratieve geldboete op te leggen in kennis gesteld bij ter post aangetekende brief met bericht van ontvangst. Deze kennisgeving vermeldt het bedrag van de administratieve geldboete en ook de dag, de plaats en het uur waarop een hoorzitting wordt gehouden waar de overtreder zal worden gehoord. §
- Na de hoorzitting nemen de door de Vlaamse regering aangewezen ambtenaren, andere dan die bedoeld in § 2, de zaak onmiddellijk in beraad. De beslissing wordt met redenen omkleed. De ambtenaren delen de beslissing mee aan de overtreder binnen tien dagen na de hoorzitting, bij ter post aangetekende brief met bericht van ontvangst. §
- De Vlaamse regering bepaalt de nadere regels met betrekking tot de in § 3, tweede lid, bedoelde hoorzitting en met betrekking tot de betaling van de administratieve geldboete. Indien de overtreder in gebreke blijft bij het betalen van de administratieve geldboete, wordt de geldboete bij dwangbevel ingevorderd. De Vlaamse regering wijst de ambtenaren aan die gelast zijn dwangbevelen te geven en uitvoerbaar te verklaren. Die dwangbevelen worden betekend bij deurwaardersexploot met bevel tot betaling. §
- De vordering tot voldoening van de administratieve geldboete verjaart na verloop van vijf jaar, te rekenen vanaf de dag waarop ze is ontstaan. De verjaring wordt gestuit op de wijze en onder de voorwaarden, bepaald in artikel 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek. HOOFDSTUK IX. - Slotbepalingen Art. 23.Voor het Vlaamse Gewest wordt de wet van 14 augustus 1933 betreffende de bescherming van drinkwaters opgeheven, met uitzondering van artikel 1bis , § 3 en § 4, die worden opgeheven op het ogenblik van de inwerkingtreding van het besluit van de Vlaamse regering, genomen ter uitvoering van artikel 5, § 3, van dit decreet. Art. 24.Dit decreet treedt in werking op de dag van de publicatie ervan in het Belgisch Staatsblad . Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Brussel, 24 mei
- De minister-president van de Vlaamse regering, P. DEWAEL De Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw, V. DUA _______ Nota
(1)Zitting 2001-
- Stukken. - Ontwerp van decreet, 1045 - Nr. 1 + Errata. - Amendementen, 1045 - Nr.
- - Verslag, 1045 - Nr.
- Amendementen, 1045 - Nr.
- -Tekst aangenomen door de plenaire vergadering, 1045 - Nr.
- Handelingen. - Bespreking en aanneming : vergaderingen van 8 mei 2002.