Art. 7.De kandidaat is geslaagd voor de bekwaamheidstest wanneer hij ten minste 50 % van de punten behaalt op elk gedeelte afzonderlijk en ten minste 60 % van de punten op de twee gedeelten samen. Afdeling II. - De bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 1D Onderafdeling I. -
.De kandidaat voor bevordering tot de weddenschaal 1D moet het bewijs leveren van : 1° zijn geschiktheid voor het beheer van de menselijke middelen en het leiden van een afdeling;2° zijn bekwaamheid om de gepaste operationele middelen aan te wenden en te superviseren. Art. 9.De bekwaamheidstest bestaat uit het opstellen van een verhandeling over een onderwerp dat op de in artikel 8 bedoelde geschiktheid en bekwaamheid betrekking heeft alsook uit een mondelinge verdediging van deze verhandeling. Onderafdeling II. - Schriftelijk gedeelte Art. 10.De onderstafchef inlichtingen en veiligheid legt een lijst van verhandelingsonderwerpen vast en bepaalt de criteria waaraan de verhandeling moet voldoen, onverminderd de bepalingen bedoeld in het tweede lid. De verhandeling bestaat uit 50 in "courier 12pt" getypte pagina's van formaat A4 (bijlagen, bibliografische index en inhoudsopgave niet inbegrepen). De lijst van verhandelingsonderwerpen wordt bijgewerkt voor elke test. Art. 11.De lijst van de verhandelingsontwerpen wordt aan de betekening bedoeld in artikel 3 toegevoegd. De ambtenaar vermeldt het onderwerp dat hij heeft gekozen in zijn aanvraag tot deelname bedoeld in artikel 4. De uitnodiging tot het afgeven van de verhandeling bedoeld in artikel 5, tweede lid, bevat onder meer de criteria waaraan de verhandeling moet voldoen, alsook de datum, het uur en de plaats waar de verhandeling zes maanden later moet worden ingediend. Onderafdeling III. - Mondeling gedeelte Art. 12.De kandidaten die voor het schriftelijk gedeelte geslaagd zijn, worden opgeroepen voor het mondeling gedeelte in de volgorde bepaald door loting. Art. 13.De duur van het mondeling gedeelte bedraagt dertig minuten. Deze tijd wordt verdeeld in twee periodes : 1° de eerste vijftien minuten worden besteed aan de strikte verdediging van de verhandeling : de kandidaat maakt een synthese van het werk en rechtvaardigt de gekozen opties;2° de andere vijftien minuten bestaan uit een uitwisseling van vragen en antwoorden tussen de kandidaat en de leden van de examencommissie. Afdeling III. - Bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 2D Onderafdeling I. -
.De kandidaat voor bevordering tot de weddenschaal 2D moet het bewijs leveren van : 1° zijn geschiktheid om, in coördinatie met de hem toegewezen medewerkers, de verantwoordelijkheid van een complexe operationele opdracht in verband met een problematiek van de dienst op zich te nemen;2° zijn meesterschap op het vlak van kennis en « modus operandi » die geregeld gebruikt worden in zijn werkkring. Art. 15.De bekwaamheidstest bestaat uit de schriftelijke analyse van een situatie voorgesteld in een dossier of in een film in verband met activiteiten verbonden met een opdracht van de dienst, alsook uit een mondelinge verdediging. Onderafdeling II. - Schriftelijk gedeelte Art. 16.Het schriftelijk gedeelte van de bekwaamheidstest heeft tot doel na te gaan of de kandidaat bekwaam is, als leider van een opdracht, de operationele en wettelijke componenten van deze opdracht te analyseren en de weerhouden oplossingen te verantwoorden. Hiertoe wordt aan de kandidaat een dossier overhandigd of een film vertoond over een situatie in verband met de activiteiten verbonden met een opdracht van de dienst. Uitgaande van de in het dossier of de film beschreven basiselementen, ontwikkelt en stelt de kandidaat een schema op met het volgende oogmerk : het op zich nemen van de verantwoordelijkheid van de uitvoering van een opdracht binnen de grenzen van een kader vastgelegd door de hiërarchie en het verrichten van de onderzoeken in coördinatie met de beambten die hem worden toegewezen. Art. 17.De duur van de test bedraagt drie uur. De kandidaat mag de examenzaal ten vroegste één uur na het begin van de zitting verlaten. Art. 18.De kandidaten mogen, op straffe van uitsluiting, niet met elkaar praten, noch boeken, geschriften of aantekeningen bezigen waarvan het gebruik niet zou zijn toegelaten door de examencommissie. Onderafdeling III. - Mondeling gedeelte Art. 19.De kandidaten die voor het schriftelijk gedeelte geslaagd zijn, worden door de voorzitter van de examencommissie opgeroepen voor het mondeling gedeelte in de volgorde door loting bepaald. Art. 20.Het mondeling gedeelte heeft tot doel de bekwaamheid na te gaan als leidinggevende bij een opdracht die aan de dienst is toevertrouwd. Zijn duur bedraagt dertig minuten Deze tijd wordt verdeeld in twee periodes : 1° de eerste vijftien minuten worden besteed aan de strikte verdediging van het schema bedoeld in artikel 16, derde lid : de kandidaat maakt een synthese van het werk en rechtvaardigt de gekozen opties;2° de andere vijftien minuten bestaan uit een uitwisseling van vragen en antwoorden tussen de kandidaat en de leden van de examencommissie. HOOFDSTUK IV. - De examencommissie Art. 21.§ 1. De examencommissie van de bekwaamheidstest bestaat uit een Nederlandstalige en een Franstalige afdeling en wordt voorgezeten door de directeur-generaal human resources of zijn afgevaardigde naargelang van het taalstelsel van de deelnemers aan de test. Zij bestaat uit, behalve haar voorzitter : 1° de onderstafchef inlichtingen en veiligheid of zijn afgevaardigde;2° de hoofdcommissaris of de adjunct-hoofdcommissaris naargelang van het taalstelsel van de deelnemers aan de test;3° een ambtenaar van niveau 1 van het Selectiebureau van de Federale Overheid;4° voor de bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 1D, één of verschillende deskundigen van hetzelfde taalstelsel als de deelnemer aan de proef, die ten minste de graad van afdelingscommissaris-analist of van afdelingscommissaris bekleden;5° voor de bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 2D, één of verschillende deskundigen, die ten minste de graad van commissaris bekleden. De deskundigen bedoeld in het tweede lid, 4° en 5°, worden aangewezen door de onderstafchef inlichtingen en veiligheid. § 2. Het secretariaat van de examencommissie wordt toevertrouwd aan de chef van de divisie personeel van de algemene directie human resources, die zich kan laten bijstaan door een ambtenaar van niveau 1 die hij aanwijst. Hij is niet stemgerechtigd. Art. 22.De voorzitter van de examencommissie ziet toe op de inachtneming van de procedureregels vastgelegd door dit besluit en het goede verloop van de proeven. Art. 23.De examencommissie stelt zijn reglement van inwendige orde vast. HOOFDSTUK V. - De deliberatie Onderafdeling I. -
.De examencommissie kan slechts op geldige wijze delibereren in aanwezigheid van de voorzitter en van de meerderheid van de leden. Art. 25.Elke lid van de examencommissie vult individueel de beoordelingsroosters van elke kandidaat in. Art. 26.De beslissingen worden bij meerderheid van stemmen genomen. De deskundigen bedoeld in artikel 21 zijn stemgerechtigd voor de hen betreffende vakken. Ingeval van gelijkheid van stemmen is deze van de voorzitter doorslaggevend. Onderafdeling II. - Schriftelijk gedeelte Art. 27.Rekening houdend met de bijzondere bevoegdheden van haar leden wijst de voorzitter van de examencommissie twee leden van de examencommissie aan die het schriftelijk gedeelte van de bekwaamheidstest beoordelen. De uitslagen van iedere kandidaat worden op individuele beoordelingsroosters vermeld : 1° hetzij het beoordelingsrooster vermeld als bijlage A voor de bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 1D;2° hetzij het beoordelingsrooster vermeld als bijlage B voor de bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 2D. De beoordelingsroosters van het schriftelijk gedeelte worden overhandigd aan de voorzitter van de examencommissie. Art. 28.Na afloop van het schriftelijk gedeelte van de bekwaamheidstest delibereert de examencommissie op basis van de beoordelingsroosters bedoeld in artikel 27, tweede lid, 1° of 2°. De leden die het schriftelijk gedeelte hebben verbeterd, wonen de deliberatie bij. Art. 29.De voorzitter van de examencommissie deelt de uitslag mee aan de kandidaten bij een ter post aangetekende brief. Onderafdeling III. - Mondeling gedeelte Art. 30.De uitslagen van iedere kandidaat worden op individuele beoordelingsroosters vermeld : 1° hetzij het beoordelingsrooster vermeld als bijlage C voor het mondeling gedeelte van de bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 1D;2° hetzij het beoordelingsrooster vermeld als bijlage D voor het mondeling gedeelte van de bekwaamheidstest voor bevordering tot de weddenschaal 2D. Art. 31.Na afloop van het mondeling gedeelte van de bekwaamheidstest beraadslaagt de examencommissie op basis van de beoordelingsroosters bedoeld in artikel 30, 1° of 2°. Art. 32.De voorzitter van de examencommissie deelt, bij een ter post aangetekende brief, aan de kandidaten mee : 1° de uitslag van het mondeling gedeelte;2° het eindresultaat. HOOFDSTUK VI. - Overgangsbepalingen Art. 33.§
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.