← België

Koninklijk besluit tot regeling van de hangende boekhoudkundige verrichtingen en tot afschaffing en afsluiting van de ontbinding van het Wegenfonds en

Obsah (4)Art. 2Art. 7§ 2§ 4

11 SEPTEMBER 2003. - Koninklijk besluit tot regeling van de hangende boekhoudkundige verrichtingen en tot afschaffing en afsluiting van de ontbinding van het Wegenfonds en vaststelling van de modalite

Art. 2

.De in het vorige artikel vermelde bedragen van 1.106.096,82 EUR (44.619.835 BEF) (Vlaams Gewest) en 244.762,51 EUR (9.873.695 BEF) (Waals Gewest) worden in mindering gebracht van de toegewezen middelen aan respectievelijk het Vlaams en het Waals Gewest. Deze inhouding gebeurt op de toegewezen middelen die gestort worden de eerste werkdag van de tweede maand volgend op de bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad . Art. 3.Het in artikel 1 vermeld bedrag van 1.350.859,32 EUR (54.493.530 BEF) zal opnieuw ter beschikking gesteld worden van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest door toevoeging aan de toegewezen middelen die overgemaakt worden op de eerste werkdag van de tweede maand volgend op de bekendmaking van dit besluit in het Belgisch Staatsblad . Art. 4.De jaarrekeningen over de periode van 1 januari tot 15 september 1993, de uitvoeringsrekening van de begroting en de rekening van de wijzigingen van het patrimonium, opgesteld op 28 september 1993 door het Wegenfonds in vereffening, worden goedgekeurd. Art. 5.Rekening houdend met de globale situatie aangetoond op de balans per 31 december 1990, en definitief vastgelegd bij de afsluiting van de rekeningen van 1993, worden de activa en de passiva van het Wegenfonds verdeeld als volgt : Voor de raadpleging van de tabel,

Deze verdeling houdt geen rekening met het materieel noch met de wegen en autosnelwegen overgedragen zonder becijferde inventaris bij de koninklijke besluiten van 28 november 1991 en 6 december 1991. Art. 6.De liquidatiebalans van het Wegenfonds in vereffening wordt vastgesteld als volgt : Voor de raadpleging van de tabel,

Art. 7.§ 1.

Rubriek VI, C op het actief van de liquidatiebalans van het Wegenfonds, Prefinancieringen, betekent dat het Wegenfonds in vereffening na 31 december 1990 verder uitgaven heeft geprefinancierd voor rekening van de Gewesten. Deze prefinanciering wordt opgesplitst volgens de hiernavolgende tabel, waaraan de rubriek VII, B Andere vorderingen werd toegevoegd : Voor de raadpleging van de tabel,

§ 2

. Rubriek IX, C, 1, Leveranciers op het passief van de liquidatiebalans van het Wegenfonds betekent dat het Wegenfonds in vereffening een schuld tegenover de Gewesten heeft ten belope van : - Waals Gewest : 276.023.042 BEF; - Brussels Hoofdstedelijk Gewest : 45.034.989 BEF; - Vlaams Gewest : 427.640.104 BEF § 3. De door het Wegenfonds ten voordele van de Gewesten geprefinancierde bedragen, zoals hernomen in § 1, en de schuld van het Wegenfonds tegenover de Gewesten, hernomen in § 2, worden gecompenseerd. Het resultaat van deze vergelijking is een schuld van het Wegenfonds tegenover de Gewesten van 8.681.292,44 EUR (350.202.469 BEF). Deze wordt verdeeld als volgt : Voor de raadpleging van de tabel,

§ 4

De schulden van het Wegenfonds tegenover de Gewesten, vastgesteld in § 3 hierboven, worden aangezuiverd bij middel van het tegoed op de rekening bij de Bank van de Post nr. 000-1356397-46, geopend op naam van het Wegenfonds in vereffening. De stortingen zullen pas uitgevoerd worden nadat de drie Gewesten uitdrukkelijk hun akkoord zullen verleend hebben aan de ganse inhoud van dit koninklijk besluit, na de publicatie ervan in het Belgisch Staatsblad en na het verstrijken van elke beroepstermijn. Art. 8.Het beheer van de rekening nr. 000-1356397-46 bij de Bank van de Post zal worden overgedragen aan de personen die uitdrukkelijk zullen worden aangeduid door de Minister die de vereffening van het Wegenfonds onder zijn bevoegdheid heeft op het moment dat de voorwaarden vermeld in artikel 7, § 4, hierboven volledig vervuld zullen zijn. § 2 De betalingsopdrachten ten laste van deze rekening kunnen enkel uitgevoerd worden als ze ondertekend zijn door twee van de hierboven bedoelde personen. § 3 Het saldo dat op de rekening overblijft na betaling van de schulden aan de Gewesten in uitvoering van artikel 7, § 4, zal aan de Schatkist gestort worden ter vermindering van het door de federale overheid opgelopen verlies. Art. 9.Het Wegenfonds wordt afgeschaft als gevolg van de afsluiting van de ontbindingsprocedure. Deze afsluiting gebeurt de facto door de stortingen bepaald in art. 7, § 4 en 8, § 3. Art. 10.Dit besluit treedt in werking op datum van zijn publicatie in het Belgisch Staatsblad . Art. 11.Onze Eerste Minister, Onze Minister van Begroting, Onze Minister van Financiën en Onze Minister van Mobiliteit zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Athene, 11 september 2003. ALBERT Van Koningswege : De Eerste Minister, G. VERHOFSTADT De Minister van Begroting, J. VANDE LANOTTE De Minister van Financiën, D. REYNDERS De Minister van Mobiliteit, B. ANCIAUX

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.