het decreet, is de entiteit binnen het ministerie bevoegd voor archieven, documentatiecentra en bewaarbibliotheken. TITEL II. - De privaatrechtelijke culturele archiefwerking HOOFDSTUK I. - Archief- en documentatiecentra op basis van maatschappelijk-filosofische stromingen Art. 2.§
, moet minstens in tien exemplaren per aangetekende brief naar de administratie verstuurd worden of tegen ontvangstmelding aan de administratie bezorgd worden. Het archief- en documentatiecentrum bezorgt de administratie tevens een elektronische versie van het beleidsplan. §
artikel 6, 5°, en artikel 19 van het decreet. § 2. Het jaarplan,
, wordt afgeleid uit het in artikel 2, § 1, bedoelde beleidsplan en bevat : 1° de algemene en specifieke doelstellingen van het archief- en documentatiecentrum in kwestie voor het eerstvolgende jaar;2° de wijze waarop die doelstellingen bij de uitoefening van de functies, vermeld in artikel 6, 3°, van het decreet, worden gerealiseerd;3° een activiteitenprogramma voor het eerstvolgende jaar, met vermelding van de prioriteiten. § 3. De begroting,
, is een door de algemene vergadering goedgekeurde sluitende begroting en bevat een raming van alle inkomsten en uitgaven, waarbij duidelijk de andere aangevraagde en/of verwachte subsidies worden aangegeven. § 4. Het werkingsverslag,
, bevat : 1° een gedetailleerd overzicht van de gerealiseerde activiteiten, waardoor de werking van het archief- en documentatiecentrum in kwestie beoordeeld kan worden, aan de hand van de functies, bepaald in artikel 6, § 3, van het decreet;2° de verslagen van de algemene vergadering van het archief- en documentatiecentrum in kwestie met betrekking tot de goedkeuring van rekeningen en begroting;3° een overzicht van het beheer. § 5. Het financieel verslag,
, is minstens ondertekend door de voorzitter en de secretaris en bevat : 1° de balans;2° de resultatenrekening met een specificatie van alle vermelde kosten- en opbrengstenrekeningen en een toelichting per post;3° het verificatieverslag van de bedrijfsrevisor; 4° het overzicht van de R.S.Z.-kosten; 5° de afrekening van de uitgaven voor de geregulariseerde DAC'ers,
artikel 8, § 2, van het decreet;6° de afrekening van de uitgaven voor de medewerkers,
artikel 5, § 4 en § 5, van dit besluit. § 6. Het jaarplan en de begroting,
, moeten minstens in tien exemplaren en uiterlijk op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarover verslag wordt uitgebracht, per aangetekende brief naar de administratie worden verstuurd of tegen ontvangstmelding aan de administratie worden bezorgd. Voor het eerste jaar van een nieuwe beleidsperiode moeten het jaarplan en de begroting ingediend worden uiterlijk op 1 december van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de nieuwe beleidsperiode een aanvang neemt. Als datum geldt de poststempel of het afgiftebewijs. Het archief- en documentatiecentrum bezorgt de administratie tevens een elektronische versie van het jaarplan en de begroting. § 7. Het werkingsverslag en het financieel verslag,
, moet minstens in tien exemplaren en uiterlijk op 1 april van het jaar dat volgt op het jaar waarover verslag wordt uitgebracht, per aangetekende brief naar de administratie worden verstuurd of tegen ontvangstmelding aan de administratie worden bezorgd. Als datum geldt de poststempel of het afgiftebewijs. Het archief- en documentatiecentrum bezorgt de administratie tevens een elektronische versie van het werkingsverslag en het financieel verslag. §
, kan, gelet op het Vlaamse Intersectorale Akkoord 2000-2005, uitsluitend personeel worden gesubsidieerd. Dat moet duidelijk blijken uit het financieel verslag,
artikel 4, §
, schrijft de Vlaamse regering een krediet in om eventuele gevolgen van de uitvoering van het Vlaamse Intersectorale Akkoord 2000-2005 met betrekking tot de concrete personeelsformatie op te vangen. In die context wordt voor het Liberaal Archief de volgende personeelsuitbreiding vastgesteld : in 2003 : 3 aanvullende VTE's; in 2004 : 2 aanvullende VTE's; in 2005 : 1 aanvullende VTE. § 5. Het archief- en documentatiecentrum dat op het krediet,
Dat bedrag is berekend op de gemiddelde kosten van alle DAC's die worden geregulariseerd. Op basis van die berekening wordt het bedrag vastgesteld op 30.790 euro per VTE. § 6. Met het krediet,
Dat moet duidelijk blijken uit het financieel verslag,
artikel 4, §
artikel 7, § 2, en minstens de documenten bevat, zoals
artikel 7, § 4; 2° de administratie beheert het aanvraagdossier.Ze treft de nodige voorbereidingen en legt het dossier voor aan de adviescommissie, met inbegrip van alle documenten, vermeld in artikel 7, § 4; 3° de administratie onderzoekt de helderheid, transparantie en realiteitswaarde van de financiële ramingen in de aanvraag en brengt hierover een gemotiveerd advies uit;4° de adviescommissie geeft een kwaliteits- en inhoudelijke beoordeling van het ingediende dossier op basis van de kwalitatieve vereisten en de relevante beoordelingscriteria, bepaald in artikel 10, § 2, van het decreet, uiterlijk op 1 mei van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode.De administratie zorgt ervoor dat de commissieleden beschikken over alle nuttige informatie; 5° rekening houdend met het inhoudelijk advies en het kwaliteitsadvies van de adviescommissie stelt de administratie een voorontwerp van beslissing op over alle aspecten van het aanvraagdossier, met inbegrip van de financiële en beheersmatige aspecten;6° het voorontwerp van beslissing gaat samen met het inhoudelijk en kwaliteitsadvies uiterlijk op 15 mei van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode naar de aanvrager;7° een mogelijk verhaal wordt bij de administratie ingediend uiterlijk op 1 juni van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode;8° de adviescommissie behandelt uiterlijk op 1 juli van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode de verhaalschriften met betrekking tot de kwaliteits- en inhoudelijke aspecten;9° de administratie behandelt uiterlijk op 1 juli van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode de verhaalschriften met betrekking tot de financiële en beheersmatige aspecten en het geheel van voorontwerp van beslissing;10° indien er twee of meer goedgekeurde aanvragen zijn binnen eenzelfde thema, zal de adviescommissie, op basis van de goedgekeurde aanvragen uiterlijk op 1 juli van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode een gemotiveerde rangorde opstellen, zoals
artikel 10, § 5, van het decreet, op basis van de beoordelingscriteria, bepaald in artikel 10, § 2, van het decreet;11° de administratie bereidt het ontwerp van beslissing voor en bezorgt uiterlijk op 1 september van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode het volledige dossier aan de minister;12° de minister neemt uiterlijk op 1 oktober van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode een beslissing over de aanvraag en bepaalt de grootte van de subsidie-enveloppe;13° de administratie stuurt uiterlijk op 15 oktober van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode aan de aanvrager een brief met de kennisgeving van de beslissing van de minister. §
artikel 19 van het decreet. § 2. Het jaarplan,
, wordt afgeleid uit het in artikel 7, § 4, 2°, bedoelde beleidsplan en bevat : 1° de algemene en specifieke doelstellingen van het archief- en documentatiecentrum in kwestie voor het eerstvolgende jaar;2° de wijze waarop die worden gerealiseerd;3° een activiteitenprogramma voor het eerstvolgende jaar, met aanduiding van de prioriteiten. § 3. De begroting,
, is een door de algemene vergadering goedgekeurde sluitende begroting en bevat een raming van alle inkomsten en uitgaven, waarbij duidelijk de andere aangevraagde en/of verwachte subsidies worden aangegeven. § 4. Het werkingsverslag,
, bevat : 1° een gedetailleerd overzicht van de gerealiseerde activiteiten in het voorbije jaar om het jaarplan uit te voeren;2° de verslagen van de algemene vergadering van het archief- en documentatiecentrum in kwestie met betrekking tot de goedkeuring van rekeningen en begroting;3° een overzicht van het beheer. § 5. Het financieel verslag,
, is ondertekend door het bevoegde gezag en bevat : 1° de balans;2° de resultatenrekening met een specificatie van alle vermelde kosten- en opbrengstenrekeningen en een toelichting per post;3° het verificatieverslag van de bedrijfsrevisor. § 6. Het jaarplan en de begroting,
, moeten minstens in tien exemplaren en uiterlijk op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarover verslag wordt uitgebracht, per aangetekende brief naar de administratie verstuurd worden of tegen ontvangstmelding aan de administratie bezorgd worden. Voor het eerste jaar van een nieuwe beleidsperiode moeten het jaarplan en de begroting ingediend worden uiterlijk op 1 december van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin de nieuwe beleidsperiode een aanvang neemt. Als datum geldt de poststempel of het afgiftebewijs. Het archief- en documentatiecentrum in kwestie bezorgt de administratie tevens een elektronische versie van het jaarplan en de begroting. § 7. Het werkingsverslag en het financieel verslag,
, moeten minstens in tien exemplaren en uiterlijk op 1 april van het jaar dat volgt op het jaar waarover verslag wordt uitgebracht, per aangetekende brief naar de administratie verstuurd worden of tegen ontvangstmelding aan de administratie bezorgd worden. Als datum geldt de poststempel of het afgiftebewijs. Het archief- en documentatiecentrum in kwestie bezorgt de administratie tevens een elektronische versie van het werkingsverslag en het financieel verslag. § 8. De administratie mag op ieder ogenblik aan het erkende archief- en documentatiecentrum in kwestie aanvullende informatie en documenten vragen en de stukken ter plaatse onderzoeken. HOOFDSTUK III. - Projecten voor privaatrechtelijke archieven Art. 10.§ 1. Een aanvraag tot subsidiëring van een project, zoals
artikel 11 van het decreet moet minstens in tien exemplaren per aangetekende brief naar de administratie verstuurd worden of tegen ontvangstmelding aan de administratie bezorgd worden. Tevens wordt aan de administratie een elektronische versie van de aanvraag in kwestie bezorgd. § 2. Voor projecten die starten in de eerste jaarhelft moet de aanvraag tot subsidiëring uiterlijk op 1 november van het jaar dat voorafgaat aan het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt, worden ingediend. Voor projecten die starten in de tweede jaarhelft moet de aanvraag tot subsidiëring uiterlijk op 1 maart van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt, worden ingediend. Als datum geldt de poststempel of het afgiftebewijs. § 3. De aanvraag tot subsidiëring van een project moet alle nodige en nuttige informatie en documenten bevatten waardoor de culturele, professionele en maatschappelijke kwaliteit van het ingediende project en de werking en het beheer van de instelling dat de subsidiëring van het project in kwestie aanvraagt, beoordeeld kunnen worden aan de hand van de relevante beoordelingscriteria, respectievelijk bepaald in artikel 12, § 1, en artikel 13 van het decreet. § 4. De aanvraag tot subsidiëring van een project bevat minstens de volgende stukken : 1° de formele aanvraag tot subsidie : een brief, ondertekend door het bevoegde gezag;2° het door de administratie verstrekte aanvraagformulier met :
artikel 10, § 2, en minstens de documenten bevat, zoals
artikel 10, § 4; 2° de administratie beheert het aanvraagdossier.Ze treft de nodige voorbereidingen, controleert de vormelijke aspecten en legt het dossier voor aan de adviescommissie, met inbegrip van alle documenten, vermeld in artikel 10, § 4; 3° de administratie onderzoekt de helderheid, transparantie en realiteitswaarde van de financiële ramingen in de aanvraag en brengt hierover een gemotiveerd advies uit;4° de adviescommissie geeft een kwaliteits- en inhoudelijke beoordeling van het ingediende dossier op basis van de kwalitatieve vereisten en de relevante beoordelingscriteria, bepaald in respectievelijk artikel 12, § 1, en artikel 13 van het decreet, uiterlijk op 1 januari van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt.De administratie zorgt ervoor dat de commissieleden beschikken over alle nuttige informatie; 5° rekening houdend met het inhoudelijke kwaliteitsadvies van de adviescommissie stelt de administratie een ontwerp van beslissing op over alle aspecten van het aanvraagdossier, met inbegrip van de financiële en beheersmatige aspecten, en bezorgt uiterlijk op 1 februari van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt, het volledige dossier aan de minister;6° de minister neemt uiterlijk op 1 maart van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt een beslissing over een aanvraag tot subsidie van een project en bepaalt de grootte van de subsidie-enveloppe;7° de administratie stuurt uiterlijk op 15 maart van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt aan de aanvrager een brief met de kennisgeving van de beslissing van de minister. § 2. De procedure voor de beoordeling van projecten die starten in de tweede jaarhelft loopt als volgt : 1° de administratie brengt voor 15 maart van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt, het aanvragende archief- en documentatiecentrum op de hoogte van het feit dat de aanvraag al dan niet ontvankelijk is.Een aanvraag is alleen ontvankelijk als ze tijdig ingediend werd, zoals
artikel 10, § 2, en minstens de documenten bevat, zoals
artikel 10, § 4; 2° de administratie beheert het aanvraagdossier.Ze treft de nodige voorbereidingen, controleert de vormelijke aspecten en legt het dossier voor aan de adviescommissie, met inbegrip van alle documenten, vermeld in artikel 10, § 4; 3° de administratie onderzoekt de helderheid, transparantie en realiteitswaarde van de financiële ramingen in de aanvraag en brengt hierover een gemotiveerd advies uit;4° de adviescommissie geeft een kwaliteits- en inhoudelijke beoordeling van het ingediende dossier op basis van de kwalitatieve vereisten en de relevante beoordelingscriteria, bepaald in respectievelijk artikel 12, § 1, en artikel 13 van het decreet, uiterlijk op 1 mei van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt.De administratie zorgt ervoor dat de commissieleden beschikken over alle nuttige informatie; 5° rekening houdend met het inhoudelijke kwaliteitsadvies van de adviescommissie stelt de administratie een ontwerp van beslissing op over alle aspecten van het aanvraagdossier, met inbegrip van de financiële en beheersmatige aspecten voor en bezorgt uiterlijk op 1 juni van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt, het volledige dossier aan de minister;6° de minister neemt uiterlijk op 1 juli van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt een beslissing over een aanvraag tot subsidie van een project en bepaalt de grootte van de subsidie-enveloppe;7° de administratie stuurt uiterlijk op 1 september van het jaar waarin het project in kwestie een aanvang neemt aan de aanvrager een brief met de kennisgeving van de beslissing van de minister. § 3. De adviescommissie en de administratie kunnen alle initiatieven nemen die ze nodig achten om de relevante beoordelingscriteria op adequate wijze te toetsen. Ze kunnen aanvullende documenten en gegevens opvragen en een bezoek ter plaatse brengen. Art. 12.§ 1. Om de realisatie van een gesubsidieerd project als
artikel 10, te kunnen toetsen aan de toepasselijke formele en kwalitatieve vereisten en aan de relevante beoordelingscriteria,
artikel 12, §1, en 13 van het decreet, en om te controleren of de projectsubsidie aangewend werd voor de doeleinden waarvoor ze werd verleend, moeten de volgende documenten in twee exemplaren per aangetekende brief naar de administratie worden verstuurd of tegen ontvangstbewijs aan de administratie worden bezorgd : 1° een gedetailleerd verslag van de realisatie en van de resultaten van het project;2° de financiële bewijsstukken;3° de resultatenrekening met betrekking tot de realisering van het project met een specificatie van alle vermelde kosten- en opbrengstenrekeningen en een toelichting per post. §
, blijkt dat de subsidie bij afrekening van het project geheel of gedeeltelijk bijdroeg tot een batig saldo, zal het gedeelte van de subsidie boven het sluitend saldo niet worden uitbetaald of worden teruggevorderd als dat al reeds geheel of gedeeltelijk was uitbetaald. TITEL III. - Algemene bepalingen met betrekking tot de uitkering van de subsidies, de evaluatie van de werking, het beleidsplan en de adviescommissie HOOFDSTUK I. - Structurele subsidiëring Art. 13.§ 1. De administratie onderzoekt jaarlijks de verantwoording van de subsidie van de archief- en documentatiecentra zoals
hoofdstuk I en II van titel III van het decreet, op basis van de in artikel 4, § 1, bedoelde documenten. §
artikel 5, § 1 en § 4, als blijkt dat die subsidiëring niet uitsluitend werd gebruikt voor de betaling van personeel. §
hoofdstuk I en II van titel III van het decreet, door een bezoek ter plaatse, uiterlijk voor het einde van het tweede jaar van de beleidsperiode, op basis van het goedgekeurde beleidsplan, en door de controle van de in artikel 4, § 1, en artikel 9, § 1, bedoelde documenten. § 2. Bij het verrichten van de evaluatie, bepaald in § 1, zal de administratie bij de beoordeling van de realisatie van het beleidsplan van het archief- en documentatiecentrum in kwestie alleszins de volgende elementen in aanmerking nemen : 1° de overeenstemming van de werking van het archief- en documentatiecentrum in kwestie met de inhoudelijke opdrachten, vervat in de decreetbepalingen :
, zijn : 1° het niet uitkeren van een gedeelte van de financieringsenveloppe die toegekend werd aan het archief in kwestie;2° het definitief stopzetten van de subsidiëring van het archief- en documentatiecentrum in kwestie. §
hoofdstuk I van titel III van het decreet, uit van het subsidiebedrag dat het op het ogenblik van de opmaak van het beleidsplan op jaarbasis van de administratie ontvangt en het archief- en documentatiecentra,
hoofdstuk II van titel III van het decreet, gaat uit van het subsidiebedrag dat wordt gevraagd. §
artikel 7, § 2, en minstens de documenten bevat,
artikel 7, § 4; 2° de administratie beheert het aanvraagdossier.Ze treft de nodige voorbereidingen en legt het dossier voor aan de adviescommissie, met inbegrip van alle documenten, vermeld in artikel 7, § 4; 3° de administratie onderzoekt de helderheid, transparantie en realiteitswaarde van de financiële ramingen in de aanvraag en brengt hierover een gemotiveerd advies uit;4° de adviescommissie geeft een kwaliteits- en inhoudelijke beoordeling van het ingediende dossier op basis van de kwalitatieve vereisten en de relevante beoordelingscriteria, bepaald in artikel 10, § 2, van het decreet, uiterlijk op 1 juni 2003.De administratie zorgt ervoor dat de commissieleden beschikken over alle nuttige informatie; 5° rekening houdend met het inhoudelijk advies en het kwaliteitsadvies van de adviescommissie stelt de administratie een voorontwerp van beslissing op over alle aspecten van het aanvraagdossier, met inbegrip van de financiële en beheersmatige aspecten;6° het voorontwerp van beslissing gaat samen met het inhoudelijke en kwaliteitsadvies uiterlijk op 15 juni 2003 naar de aanvrager;7° een mogelijk verhaal wordt bij de administratie ingediend uiterlijk op 1 juli 2003;8° de adviescommissie behandelt uiterlijk op 15 september 2003 de verhaalschriften met betrekking tot de kwaliteits- en inhoudelijke aspecten;9° de administratie behandelt uiterlijk op 15 september 2003 van het jaar dat voorafgaat aan een nieuwe beleidsperiode de verhaalschriften met betrekking tot de financiële en beheersmatige aspecten en het voorontwerp van beslissing;10° als er twee of meer goedgekeurde aanvragen binnen eenzelfde thema zijn, zal de adviescommissie op basis van de goedgekeurde aanvragen uiterlijk op 15 september 2003 een gemotiveerde rangorde opstellen, zoals
artikel 10, § 5, van het decreet, op basis van de beoordelingscriteria, bepaald in artikel 10, § 2, van het decreet;11° de administratie bereidt het ontwerp van beslissing voor en bezorgt uiterlijk op 1 oktober 2003 het volledige dossier aan de minister;12° de minister neemt uiterlijk op 1 november 2003 een beslissing over de aanvraag en bepaalt de grootte van de subsidie-enveloppe;13° de administratie stuurt uiterlijk op 15 november 2003 aan de aanvrager een brief met de kennisgeving van de beslissing van de minister. Art. 25.In afwijking van artikel 10, § 2, moeten aanvragen voor projecten die een aanvang nemen in 2003, uiterlijk op 1 april 2003 worden ingediend. Art. 26.§ 1. In afwijking van artikel 11, § 1 en § 2, verloopt de procedure voor de beoordeling van projecten die starten in 2003 als volgt : 1° de administratie brengt uiterlijk op 15 april 2003 het aanvragende archief- en documentatiecentrum op de hoogte van het feit dat de aanvraag al dan niet ontvankelijk is.Een aanvraag is alleen ontvankelijk als ze tijdig ingediend werd, zoals
artikel 25, en minstens de documenten bevat,
artikel 10, § 4; 2° de administratie beheert het aanvraagdossier.Ze treft de nodige voorbereidingen, controleert de vormelijke aspecten en legt het dossier voor aan de adviescommissie, met inbegrip van alle documenten, vermeld in artikel 10, § 4; 3° de administratie onderzoekt de helderheid, transparantie en realiteitswaarde van de financiële ramingen in de aanvraag en brengt hierover een gemotiveerd advies uit;4° de adviescommissie geeft een kwaliteits- en inhoudelijke beoordeling van het ingediende dossier op basis van de kwalitatieve vereisten en de relevante beoordelingscriteria, bepaald in respectievelijk artikel 12, § 1, en artikel 13 van het decreet, uiterlijk op 1 juni 2003.De administratie zorgt ervoor dat de commissieleden beschikken over alle nuttige informatie; 5° rekening houdend met het inhoudelijke kwaliteitsadvies van de adviescommissie stelt de administratie een ontwerp van beslissing op over alle aspecten van het aanvraagdossier, met inbegrip van de financiële en beheersmatige aspecten, en bezorgt uiterlijk op 15 juni 2003 het volledige dossier aan de minister;6° de minister neemt uiterlijk op 1 september 2003 een beslissing over een aanvraag tot subsidie van een project en bepaalt de grootte van de subsidie-enveloppe;7° de administratie stuurt uiterlijk op 15 september 2003 aan de aanvrager een brief met de kennisgeving van de beslissing van de minister. Art. 27.§ 1. In afwachting van de aanwijzing van de archief- en documentatiecentra die zullen worden gesubsidieerd op basis van een cultureel thema zoals
artikel 10 van het decreet, ontvangen in 2003 de archief- en documentatiecentra die in 2002 een subsidie voor hun werking hebben gekregen op basis van een cultureel thema, minstens een gelijk subsidiebedrag. § 2. De minister bepaalt uiterlijk op 1 februari 2003 de grootte van de subsidie-enveloppe voor de archief- en documentatiecentra,
De administratie stuurt uiterlijk op 15 februari 2003 aan de archief- en documentatiecentra,
§ 4. In afwijking van artikel 6, § 3, ontvangen de op basis van een cultureel thema gesubsidieerde archief- en documentatiecentra,
artikel 10 van het decreet, de bedoelde subsidie vanaf
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.