artikel 5, § 1, I en II, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen, met uitzondering van organisaties die activiteiten uitoefenen op het domein van het medisch verantwoord sporten en centra voor leerlingenbegeleiding; 2o zorg : zorg-, dienst- of hulpverlening, verstrekt door een voorziening; 3o gebruiker : een natuurlijke persoon of een rechtspersoon die, al dan niet vrijwillig, een beroep doet op een voorziening; 4o sector : een domein als
1o of een onderdeel ervan. HOOFDSTUK II. - Missie Art. 3.§
, voldoet aan de vereisten van doeltreffendheid, doelmatigheid, continuïteit, maatschappelijke aanvaardbaarheid en gebruikersgerichtheid. Bij het verstrekken van die zorg zijn respect voor de menselijke waardigheid en diversiteit, de bejegening, de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en het zelfbeschikkingsrecht, de klachtenbemiddeling en -behandeling, de informatie aan en de inspraak van de gebruiker en iedere belanghebbende uit zijn leefomgeving gewaarborgd. § 3. Voorzieningen en gebruikers hebben elk een aandeel in de verantwoordelijkheid voor de kwaliteit van de zorg, onverminderd de verantwoordelijkheid van de overheid. HOOFDSTUK III. - Intern kwaliteitsbeleid Art. 4.Elke voorziening doet aan kwaliteitszorg, gericht op verantwoorde zorg als
artikel 3. Kwaliteitszorg is dat deel van de managementfunctie dat bepalend is voor het vaststellen en uitvoeren van het kwaliteitsbeleid,
artikel 5, § 1. Voor het uitvoeren van het kwaliteitsbeleid zijn een kwaliteitsmanagementsysteem als
artikel 5, § 2, en een zelfevaluatie als
artikel 5, § 3, nodig. Art. 5.§
1o, aanwendt om kwaliteitsdoelstellingen te formuleren; 3o welk stappenplan met tijdspad ze opstelt om de doelstellingen,
2o, te bereiken; 4o hoe en met welke frequentie ze evalueert of de doelstellingen bereikt zijn; 5o welke stappen ze onderneemt indien een doelstelling niet bereikt is. §
artikel 5, §
, alsook de lijst van aspecten van zorg, de wijze van verzamelen, registreren en ter beschikking stellen van gegevens en het minimum aantal in de zelfevaluatie op te nemen aspecten van zorg,
Daarbij wordt er rekening gehouden met de aard en de grootte van de voorzieningen. HOOFDSTUK IV. - Toezicht en evaluatie Art. 7.§ 1. De Vlaamse regering organiseert het toezicht op de naleving van de bepalingen van dit decreet en van de besluiten die krachtens dit decreet zijn genomen. Een voorziening stelt aan de Vlaamse regering alle gegevens ter beschikking die voor het toezicht noodzakelijk zijn. Ze staat de gemachtigden van de Vlaamse regering toe ter plaatse de kwaliteit van de zorg en de kwaliteitszorg te evalueren en alle stappen te ondernemen die daarvoor nodig zijn. Met het oog op het toezicht en de evaluatie,
het eerste en het tweede lid, kan de Vlaamse regering per sector bepalen welke gegevens de voorzieningen dienen te verzamelen en te registreren en op welke wijze ze die gegevens verzamelen, registreren en ter beschikking stellen, onverminderd de toepassing van de wetgeving tot bescherming van de persoonlijke levenssfeer ten aanzien van de verwerking van persoonsgegevens. § 2. De evaluatie,
, tweede lid, is een beoordeling die op basis van stukken en op een objectiverende wijze bepaalt in welke mate de voorziening de kwaliteit van de zorg waarborgt ten aanzien van geëxpliciteerde vereisten. Elke evaluatie resulteert in een evaluatierapport. Dat evaluatierapport moet op actieve wijze aan de inrichtende macht, de medewerkers en de gebruikers van de voorziening bekendgemaakt worden. Art. 8.De Vlaamse regering informeert eenmaal per legislatuur het Vlaams Parlement door middel van een verslag over de kwaliteit van de zorg die door de voorzieningen wordt verstrekt. Dat verslag bevat een samenvatting van de evaluatierapporten,
artikel 7, § 2, en een globale evaluatie van de kwaliteitszorg van de voorzieningen. HOOFDSTUK V. - Sancties Art. 9.Onverminderd de toepassing van de erkenningsnormen, kan een erkenning enkel worden behouden of verlengd, als de voorziening voldoet aan de bepalingen van dit decreet en van de besluiten die krachtens dit decreet zijn genomen. De Vlaamse regering kan per sector bepalen dat, indien een voorziening niet aan de in het eerste lid bedoelde bepalingen voldoet, de erkenning niettemin kan worden behouden of verlengd voor een door haar te bepalen maximumtermijn, op voorwaarde dat de voorziening zich ertoe verbindt om binnen die termijn aan de bepalingen te voldoen. Voor het bepalen van de maximumtermijn kan de Vlaamse regering rekening houden met de aard van de voorziening. Art. 10.§
artikel 9, tweede lid, en artikel 10, § 1, derde lid, 1o en 2o, aan de bepalingen van dit decreet en van de besluiten die krachtens dit decreet zijn genomen. HOOFDSTUK VI. - Opheffings- en overgangsbepalingen Art. 12.§
artikel 5, § 1, II, van de bijzondere wet van 8 augustus 1980Relevante gevonden documenten type wet prom. 08/08/1980 pub. 11/12/2007 numac 2007000980 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet tot hervorming der instellingen. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten tot hervorming der instellingen, en die niet voldoet aan de bepalingen van dit decreet en de besluiten die krachtens dit decreet zijn genomen, behouden blijven of verlengd worden zolang de termijn,
artikel 7, § 2, van het decreet van 29 april 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 29/04/1997 pub. 11/06/1997 numac 1997035637 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet inzake de kwaliteitszorg in de welzijnsvoorzieningen sluiten inzake de kwaliteitszorg in de welzijnsvoorzieningen, niet is verstreken. Tot zolang kunnen ten aanzien van die voorzieningen artikelen 10 en 11 niet worden toegepast. HOOFDSTUK VII. - Slotbepaling Art. 14.De Vlaamse regering bepaalt per sector de datum waarop dit decreet in werking treedt. Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Brussel, 17 oktober 2003. De minister-president van de Vlaamse regering, B. SOMERS De Vlaamse minister van Welzijn, Gezondheid en Gelijke Kansen, A. BYTTEBIER _______ Nota Zitting 2002-2003 Stukken. - Ontwerp van decreet : 1719, nr. 1. - Amendementen : 1719, nrs. 2 en 3. - Verslag : 1719, nr. 4. - Tekst aangenomen door de plenaire vergadering : 1719, nr. 5. Zitting 2003-2004 Handelingen. - Bespreking en aanneming : vergadering van 8 oktober 2003.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.