← België

Ministerieel besluit tot inrichting van de in dubbele boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle

1 OKTOBER

  1. - Ministerieel besluit tot inrichting van de in dubbele boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle De Minister van Justitie, Gelet op het koninklijk besluit van 28 september 2004Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 28/09/2004 pub. 03/11/2004 numac 2004009726 bron federale overheidsdienst justitie Koninklijk besluit houdende organisatie van het administratief en financieel beheer van de Regie van de gevangenisarbeid als staatsdienst met afzonderlijk beheer sluiten houdende organisatie van het administratief en financieel beheer van de Regie van de gevangenisarbeid als staatsdienst met afzonderlijk beheer, inzonderheid op artikel 23; Gelet op de adviezen van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 19 augustus 2002 en 22 augustus 2002; Gelet op het akkoord van Onze Minister van Begroting, gegeven op 28 maart 2003, Besluit : HOOFDSTUK I. - Definities Artikel 1.Voor de toepassing van dit besluit moet worden verstaan onder : 1° Regie : de in artikel 141 van de programmawet van 30 december 2001Relevante gevonden documenten type programmawet prom. 30/12/2001 pub. 31/12/2001 numac 2001003669 bron ministerie van financien Programmawet sluiten bedoelde Regie van de gevangenisarbeid;2° lokale afdeling van de Regie : de strafinrichting waar de Regie activiteiten heeft;3° Centrale dienst van de Regie : de dienst van het hoofdbestuur van de Regie. HOOFDSTUK II. - Boekhouding Art. 2.De Regie voert een boekhouding die al haar verrichtingen, bezittingen, tegoeden, schulden, verplichtingen en engagementen van welke aard omvat. De boekhouding wordt gevoerd met inachtneming van de gebruikelijke regels van het dubbel boekhouden. Art. 3.De originele verantwoordingstukken worden minimaal éénmaal per maand overgemaakt aan het Centrale dienst van de Regie ter controle. Een kopij wordt bewaard in de lokale afdeling van de Regie. De verantwoordingstukken en de boeken worden gedurende tien jaar bewaard, te rekenen van de eerste januari van het jaar dat op afsluiting volgt. Art. 4.Het boekjaar vangt aan op 1 januari en eindigt op 31 december. HOOFDSTUK III. - Het rekeningenstelsel Art. 5.§
  2. Het rekeningenstelsel van de Regie moet worden ingericht overeenkomstig van het rekeningenstelsel, opgenomen in de bijlage 1 van dit besluit. §
  3. Mochten de in de bijlage 1 opgenomen rekeningen het niet mogelijk maken alle verrichtingen te boeken, dan zullen de rekeningen worden overgenomen die voorkomen in het algemeen rekeningenstelsel voor de ondernemingen gevoegd bij het koninklijk besluit van 12 september 1983 tot bepaling van de minimumindeling van een algemeen rekeningstelsel. HOOFDSTUK IV. - De jaarrekening Art. 6.De jaarrekening omvat de balans, de resultaten-rekening en de toelichting. De balans wordt opgesteld overeenkomstig het schema opgenomen in de bijlage 2 van dit besluit. De resultatenrekening wordt opgesteld overeenkomstig het schema opgenomen in de bijlage 3 van dit besluit. Art. 7.De jaarrekening wordt opgemaakt vóór 1 april volgend op het betreffende jaar. Art. 8.De jaarrekening worden dertig jaar bewaard. Art. 9.HOOFDSTUK V. - Waarderingsregels Art. 10.De Regie van de gevangenisarbeid bepaalt de regels die gelden voor de waardering van de inventaris voor de vorming en de aanpassing van afschrijvingen, waardeverminderingen en voorzieningen voor risico's en kosten, evenals voor de herwaarderingen. Art. 11.Elk bestanddeel van het vermogen wordt afzonderlijk gewaardeerd. De waardeverminderingen, de voorzieningen voor risico's en kosten en de afschrijvingen moeten stelselmatig worden gevormd. De herwaardering van vaste activa is niet toegelaten. Art. 12.De waardeverminderingen, de voorzieningen voor risico's en kosten en de afschrijvingen moeten stelselmatig worden gevormd. Ze mogen niet afhangen van het resultaat van het boekjaar. Art. 13.Er moet rekening gehouden worden met de kosten en opbrengsten die betrekking hebben op het boekjaar, ongeacht de dag waarop deze kosten of opbrengsten betaald of geïnd worden. Wanneer de opbrengsten of kosten in belangrijke mate worden beïnvloed door opbrengsten of kosten die aan een ander boekjaar moeten worden toegerekend, dient hiervan melding te worden gemaakt in de toelichting. Art. 14.Voorzieningen moeten worden gevormd met het oog op de kosten van grote herstellings- of onderhoudswerken. Art. 15.Waardeverminderingen moeten worden toegepast wanneer de voorzieningen op het einde van het boekjaar hoger zijn dan wat vereist is volgens een actuele beoordeling van de risico's en kosten waarvoor ze werden aangelegd. Art. 16.De vaste activa worden gewaardeerd tegen aanschaffingswaarden en worden jaarlijks ten laste genomen door middel van afschrijvingen door toepassing van volgende percentages : Gebouwen en terreinen 3 % Installaties, machines en uitrusting 10 % Kantoormaterieel en meubilair 10 % Gereedschap 20 % Rollend materieel 20 % Informaticamaterieel 33 % Telefoniematerieel 33 % De afschrijving is lineair. Als het percentage respectievelijk 3 % of 33 % bedraagt zal het eerste jaar respectievelijk 4 % en 34 % afgeschreven worden. Art. 17.De vaste activa die door hun specifiek gebruik een vermoedelijke gebruiksduur hebben die lager is dan de bovenvermelde percentages, worden voor hun vermoedelijke gebruiksduur afgeschreven. Art. 18.De afschrijving neemt een aanvang het einde van het jaar waarin het werd aangekocht. Een detail van de afschrijvingen zal bij de toelichting worden gevoegd. Art. 19.De grondstoffen, hulpstoffen, handelsgoederen worden gewaardeerd tegen aanschaffingswaarde of tegen de marktwaarde op balansdatum indien die lager zou zijn. De goederen in bewerking en de afgewerkte producten worden gewaardeerd tegen vervaardigingsprijs. Vorderingen worden in de balans opgenomen voor hun nominale waarde. Er worden waardeverminderingen toegepast wanneer er onzekerheid bestaat over de betaling op de vervaldag van het geheel of een gedeelte van de vordering. HOOFDSTUK V. - De controle Art. 20.De Centrale dienst van de Regie controleert of de lokale afdelingen van de Regie de bepalingen van dit besluit naleven. De Centrale dienst van de Regie heeft op ieder ogenblik toegang tot alle gegevens met betrekking tot de verrichtingen, werking en situatie van elke lokale afdeling van de Regie, die nodig zijn voor het uitvoeren van een controle. Art. 21.Het ministerieel besluit nr. 5075 van 18 december 1931 wordt opgeheven. Art. 22.Dit besluit treedt in werking op 1 januari
  4. Brussel, 1 oktober
  5. Mevr. L. ONKELINX Bijlage 1 bij het ministerieel besluit van 1 oktober 2004 tot inrichting van de boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle MINIMUM REKENINGENSTELSEL Klasse
  6. - Eigen vermogen, voorzieningen voor risico's, kosten en schulden op meer dan een jaar
  7. Kapitaal 11.Herwaarderingsmeerwaarden
  8. Reserves 14.Overgedragen winst of Overgedragen verlies (-)
  9. Kapitaalsubsidies 16.Voorzieningen en uitgestelde belastingen
  10. Schulden op meer dan een jaar Klasse 2.- Oprichtingskosten, vaste active en vorderingen op meer dan een jaar
  11. Terreinen en gebouwen 23.Installaties, machines en uitrusting
  12. Meubilair en rollend materieel 25.Vaste activa in leasing of op grond van een soortgelijk recht
  13. Financiële vaste activa Klasse 3.- Voorraden en bestellingen in uitvoering
  14. Grondstoffen - productie 31.Hulpstoffen - installatie
  15. Goederen in bewerking 33.Gereed produkt
  16. Handelsgoederen Klasse 4.- Vorderingen en schulden op ten hoogste een jaar
  17. Handelsvorderingen 41.Overige vorderingen
  18. Handelsschulden 45.Schulden met betrekking tot belastingen, bezoldigingen en sociale lasten
  19. Schulden uit de bestemming van het resultaat 48.Diverse schulden
  20. Overlopende rekeningen Klasse 5.- Geldbeleggingen en liquide middelen
  21. Postcheque- en girodienst 57.Kas - speciën
  22. Interne overboekingen Klasse 6.- Kosten
  23. Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen 61.Diensten en diverse goederen
  24. Vergoedingen 63.Afschrijvingen, waardeverminderingen en voorzieningen voor risico's en kosten
  25. Andere bedrijfskosten 65.Financiële kosten
  26. Te storten winst aan de Schatkist 69.Resultaatverwerking Klasse
  27. - Opbrengsten
  28. Omzet 71.Wijzigingen in de voorraden en in de bestellingen in uitvoering
  29. Andere bedrijfsopbrengsten 75.Financiële opbrengsten
  30. Uitzonderlijke opbrengsten 79.Resultaatverwerking Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 1 oktober 2004 tot inrichting van de boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle. De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX Bijlage 2 bij het ministerieel besluit van 1 oktober 2004 tot inrichting van de boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle BALANS ACTIVA VASTE ACTIVA I. Oprichtingskosten II. Immateriële vaste activa III. Materiële vaste activa A. Terreinen en gebouwen B. Installaties, machines en uitrusting C. Meubilair en rollend materieel D. Leasing en soortgelijke rechten E. Overige materiële vaste activa F. Activa in aanbouw en vooruitbetalingen IV. Financiële vaste activa A. Verbonden ondernemingen
  31. Deelnemingen 2.Vorderingen B. Ondernemingen waarmee deelnemingsverh. bestaat
  32. Deelnemingen 2.Vorderingen C. Andere financiële vaste activa
  33. Aandelen 2.Vorderingen en borgtochten in contanten VLOTTENDE ACTIVA V. Vorderingen op meer dan één jaar A. Handelsvorderingen B. Overige vorderingen VI. Voorraden en bestellingen in uitvoering A. Voorraden
  34. Grond- en hulpstoffen 2.Goederen in bewerking
  35. Gereed product 4.Handelsgoederen
  36. Onroerende goederen bestemd voor verkoop 6.Vooruitbetalingen B. Bestellingen in uitvoering VII. Vorderingen op ten hoogste één jaar A. Handelsvorderingen B. Overige vorderingen VIII. Geldbeleggingen A. Eigen aandelen B. Overige beleggingen IX. Liquide middelen X. Overlopende rekeningen TOTAAL DER ACTIVA PASSIVA EIGEN VERMOGEN I. Kapitaal A. Geplaatst kapitaal B. Niet-opgevraagd kapitaal II. Uitgiftepremies III. Herwaarderingsmeerwaarden IV. Reserves A. Wettelijke reserve B. Onbeschikbare reserves
  37. Voor eigen aandelen 2.Andere C. Belastingvrije reserves D. Beschikbare reserves V. Overgedragen winst/Overgedragen verlies (-) VI. Kapitaalsubsidies VOORZIENINGEN EN UITGESTELDE BELASTINGEN VII. A. Voorzieningen voor risico's en kosten
  38. Pensioenen en soortgelijke verplichtingen 2.Belastingen
  39. Grote herstellings- en onderhoudswerken 4.Overige risico's en kosten B. Uitgestelde belastingen SCHULDEN VIII. Schulden op meer dan één jaar A. Financiële schulden
  40. Achtergestelde leningen 2.Niet-achtergestelde obligatieleningen
  41. Leasingschulden en soortelijke schulden 4.Kredietinstellingen
  42. Overige leningen B.Handelsschulden
  43. Leveranciers 2.Te betalen wissels C. Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen D. Overige schulden IX. Schulden op ten hoogste één jaar A. Schulden op meer dan één jaar die binnen het jaar vervallen B. Financiële schulden
  44. Kredietinstellingen 2.Overige leningen C. Handelsschulden
  45. Leveranciers 2.Te betalen wissels D. Ontvangen vooruitbetalingen op bestellingen E. Schulden m.b.t. belastingen, bezoldigingen en sociale lasten
  46. Belastingen 2.Bezoldigingen en sociale lasten F. Overige schulden X. Overlopende rekeningen TOTAAL DER PASSIVA Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 1 oktober 2004 tot inrichting van de boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle. De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX Bijlage 3 bij het ministerieel besluit van 1 oktober 2004tot inrichting van de boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle RESULTATENREKENING I. Bedrijfsopbrengsten en bedrijfskosten A.B. Bruto-marge (+) (-) C. Bezoldigingen, sociale lasten pensioenen (-) D. Afschrijvingen en waardeverminderingen op oprichtingskosten, op immateriële en materiële vaste activa (-) E. Waardeverminderingen op voorraden, bestellingen in uitvoering en handelsvorderingen (-)(+) F. Voorzieningen voor risico's en kosten (-)(+) G. Andere bedrijfskosten (-) H. Als herstructureringskosten geactiveerde bedrijfskosten (+) Bedrijfswinst (Bedrijfverlies) II. Financiële opbrengsten (+) Financiële kosten (-) Winst (Verlies) uit de gewone bedrijfsuitoefening, voor belasting III. Uitzonderkijke opbrengsten (+) Uitzonderlijke kosten (-) Winst (Verlies) van het boekjaar voor belasting IV. Belastingen op het resultaat (-)(+) Winst (Verlies) van het boekjaar V. Overboeking naar de belastingvrije reserves (-) Onttrekking aan de belastingvrije reserve (+) Te bestemmen winst (Te verwerken verlies) van het boekjaar RESULTAATVERWERKING A. Te bestemmen winst (Te verwerken verlies)
  47. Te bestemmen winst (Te verwerken verlies) van het boekjaar 2.Overgedragen winst (Overgedragen verlies) van het vorige boekjaar B. Onttrekking aan het eigen vermogen C. Toevoeging aan het eigen vermogen
  48. aan het kapitaal en aan de uitgiftepremies 2.aan de wettelijke reserve
  49. aan de overige reserves D.Over te dragen resultaat
  50. Over te dragen winst (-) 2.Over te dragen verlies (+) E. Tussenkomst van de vennoten (of van de eigenaar) in het verlies (-) F. Uit te keren winst (-)
  51. Vergoeding van het kapitaal 2.Beheerders of zaakvoeders
  52. Andere rechthebbenden Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 1 oktober 2004 tot inrichting van de boekhouding van de Regie van de gevangenisarbeid en haar controle. De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.