deling van geslachte volwassen runderen en varkens De Waalse Regering, Gelet op de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in landbouw-, tuinbouw- en zeevisserijproducten, inzonderheid op artikel 3, gewijzigd bij de wetten van 29 december 1990 en 5 februari 1999 en bij het koninklijk besluit van 22 februari 2001; Gelet op het koninklijk besluit van 21 januari 1992 houdende vaststelling van het indelingsschema voor geslachte volwassen runderen, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 28 juni 2001; Gelet op het koninklijk besluit van 29 april 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 29/04/1999 pub. 19/06/1999 numac 1999016151 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit betreffende het klasseren van geslachte varkens sluiten betreffende het klasseren van geslachte varkens; Gelet op het ministerieel besluit van 22 januari 1992 tot vaststelling van de toepassingsmodaliteiten voor
deling van geslachte volwassen runderen, gewijzigd bij de ministeriële besluiten van 26 september 1997, 22 november 1999 en 29 juni 2001; Gelet op het ministerieel besluit van 3 mei 1999Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 03/05/1999 pub. 19/06/1999 numac 1999016173 bron ministerie van middenstand en landbouw Ministerieel besluit betreffende het klasseren van geslachte varkens sluiten betreffende het klasseren van geslachte varkens; Gelet op verordening (EEG) nr. 1208/81 van de Raad van 28 april 1981 tot vaststelling van het communautaire indelingsschema voor geslachte volwassen runderen, gewijzigd bij verordening (EEG) nr 1026/91 van 22 april 1991; Gelet op verordening (EEG) nr. 3220/84 van de Raad van 13 november 1984 tot vaststelling van het communautaire indelingsschema voor geslachte varkens, gewijzigd bij verordening (EEG) nr 3530/86 van de Raad van 17 november 1986; Gelet op verordening (EEG) nr. 1186/90 van de Raad van 7 mei 1990 tot uitbreiding van de werkingssfeer van het communautaire indelingsschema voor geslachte volwassen runderen; Gelet op verordening (EG) nr. 1254/1999 van de Raad van 17 mei 1999 houdende een gemeenschappelijke ordening der markten in de sector rundvlees; Gelet op verordening (EEG) nr. 2930/81 van de Commissie van 12 oktober 1981 houdende vaststelling van aanvullende bepalingen voor de toepassing van het communautaire indelingsschema voor geslachte volwassen runderen, gewijzigd bij verordening (EEG) nr. 2237/91 van 26 juli 1991; 563/82 van de Commissie van 10 maart 1982 houdende uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 1208/81 voor de notering der marktprijzen voor volwassen runderen op basis van het communautaire indelingsschema voor geslachte runderen, laatst gewijzigd bij verordening (EEG) nr. 2181/01 van 9 november 2001; Gelet op verordening (EEG) nr. 2967/85 van de Commissie van 24 oktober 1985 houdende nadere bepalingen voor de toepassing van het communautaire indelingsschema voor geslachte varkens, gewijzigd bij verordening (EEG) nr. 3127/94 van de Commissie van 20 december 1994; Gelet op verordening (EG) nr. 295/96 van de Commissie van 16 februari 1996 tot vaststelling van nadere bepalingen ter uitvoering van verordening (EEG) nr. 1892/87 van de Raad betreffende de notering van de marktprijzen van volwassen runderen op basis van het communautaire indelingsschema voor geslachte dieren; Gelet op verordening (EEG) nr. 344/91 van de Commissie van 13 februari 1991 tot vaststelling van uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 1186/90, laatst gewijzigd bij verordening (EEG) nr. 1215/03 van 8 juli 2003; Gelet op beschikking nr. 97/107/EG van 16 januari 1997 tot toelating van methoden voor
deling van geslachte varkens in België, gewijzigd bij beslissing nr. 97/734/EG van 15 oktober 1997; Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, gewijzigd bij de wetten van 4 juli 1989 en 4 augustus 1996; Gelet op het overleg tussen de gewestelijke Regeringen en de federale Overheid, overeenkomstig artikel 6, § 3bis, punt 5, van de bijzondere wet van 8 augustus 1890, voor de maatregelen die een impact hebben op het landbouwbeleid, d.d. 27 oktober 2002 en 3 november 2003; Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 6 november 2003Relevante gevonden documenten type besluit van de waalse regering prom. 06/11/2003 pub. 18/03/2004 numac 2004200737 bron ministerie van het waalse gewest Besluit van de Waalse Regering houdende vaststelling van het schema en de toepassingsmodaliteiten voor
deling van geslachte volwassen runderen en varkens sluiten houdende vaststelling van het schema en de toepassingsmodaliteiten voor
deling van geslachte volwassen runderen en varkens; Gelet op de beraadslaging van de Regering van 6 november 2003 over het verzoek om adviesverlening door de Raad van State binnen hoogstens een maand; Gelet op het advies nr 36.1404/4 van de Raad van State gegeven op 23 december 2003, overeenkomstig artikel 84, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Gelet op het advies van
spectie van Financiën, gegeven op 30 oktober 2003; Gelet op het akkoord van de Begroting, gegeven op 6 november 2003; Op de voordracht van de Minister van Landbouw en Landelijke aangelegenheden; Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK I. - Algemeen Artikel 1er.Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder : 1° de Minister : de Minister die de Landbouw onder zijn bevoegdheid heeft;2° de Dienst : de Directie productkwaliteit van het Directoraat-generaal Landbouw van het Ministerie van het Waalse Gewest;3° de leverancier : de natuurlijke of rechtspersoon die zorgt voor de slachthandelingen;4° de producent : hetzij de verantwoordelijke van de laatste kudde waarin het rund werd gehouden, in de zin van artikel 1, 4°, 5°, 7°, van het koninklijk besluit van 8 augustus 1997Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 08/08/1997 pub. 19/09/1997 numac 1997016229 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit betreffende de identificatie, de registratie en de toepassingsmodaliteiten voor de epidemiologische bewaking van de runderen sluiten betreffende de identificatie, de registratie en de toepassingsmodaliteiten voor de epidemiologische bewaking van de runderen, hetzij de verantwoordelijke van de laatste kudde waarin het varken werd gehouden, in de zin van artikel 1, 2°, 4°, 6°, van het koninklijk besluit van 15 februari 1995 betreffende de identificatie van varkens; 5° de controle-instelling : elke instelling die door de Minister erkend is om de handelingen m.b.t. het aanbieden en het indelen van karkassen te controleren. Art. 2.Dit besluit bepaalt de toepassingsmodaliteiten voor verordening (EEG) nr. 1208/81 van de Raad van 28 april 1981 tot vaststelling van het communautaire indelingsschema voor geslachte volwassen runderen en voor verordening (EEG) nr. 3220/84 van de Raad van 13 november 1984 tot vaststelling van het communautaire indelingsschema voor geslachte varkens. HOOFDSTUK II. - Indeling, merking en aanbieding van karkassen van volwassen runderen Art. 3.§ 1. Alle slachthuizen die op jaarbasis gemiddeld minder dan 75 volwassen runderen per week slachten zijn vrijgesteld van de verplichting om de karkassen van die runderen in te delen en te identificeren. § 2.
bedoelde slachthuizen mogen echter de karkassen indelen op voorwaarde dat zij de communautaire bepalingen en die van dit besluit naleven en hiervan de Dienst vooraf schriftelijk op de hoogte brengen. Art. 4.§ 1. Overeenkomstig artikel 3, § 2, lid 2 en 3, van verordening (EEG) nr. 1208/81, wordt
bijlage I bij die verordening met de letter S aangewezen bevleesdsheidsklasse gebruikt. §
deling per subklassen opleggen. Art. 5.De slachthuizen die krachtens artikel 3 van dit besluit niet tot
deling van de karkassen overgaan, mogen daarop geen tekens aanbrengen die kunnen worden verward met de merktekens van de categorieën en klassen van artikel 3 van verordening (EEG) nr. 1208/81. Art. 6.§ 1. Voor
deling, de merking en de weging moet het karkas worden aangeboden in de vorm bedoeld in artikel 2 van verordening (EEG) nr. 1208/81 maar met de staart, het middenrif en het longhaasje. §
deling uit te voeren volgens het geraamde aandeel mager vlees. § 2.
bedoelde slachthuizen mogen echter de karkassen indelen volgens het geraamde aandeel mager vlees op voorwaarde dat zij de communautaire bepalingen en die van dit besluit naleven en hiervan de Dienst vooraf schriftelijk op de hoogte brengen. § 3. De slachthuizen die de karkassen indelen volgens het geraamde aandeel mager vlees, mogen een indeling uitvoeren volgens de bevleesdheid op voorwaarde dat zij de bepalingen van dit besluit naleven en hiervan de Dienst vooraf schriftelijk op de hoogte brengen. Art. 8.Voor
deling volgens het geraamd aandeel mager vlees mag enkel gebruik gemaakt worden van door de EU-Commissie voor België goedgekeurde indelingsmethoden. Die methoden worden beschreven in bijlage 1. Art. 9.Overeenkomstig artikel 3, § 3, van verordening (EEG) nr. 3220/84, wordt de afzonderlijke klasse met 60 % en meer mager vlees die aangeduid wordt met de letter S, ingevoerd. Art. 10.Voor
deling volgens de bevleesdheid mak enkel gebruik worden gemaakt van de door de Minister goedgekeurde methoden. Die methoden worden beschreven in bijlage 2. Art. 11.§ 1. Om nieuwe methoden voor
deling volgens het geraamd aandeel mager vlees, volgens de bevleesdheid of wijzigingen aan reeds erkende methoden te laten goedkeuren, dient betrokkene een dossier voor te leggen aan de Minister met de volgende gegevens : 1° een technische beschrijving van
delingsmethode met in voorkomend geval een beschrijving van de punten waarvoor
artikel 8 of 10 bedoelde methode gewijzigd werd;2° een beschrijving van de locatie(s) waar de proeven kunnen worden uitgevoerd;3° de testperiode. §
deling volgens het geraamd aandeel mager vlees en aanpassingen van reeds erkende indelingsmethoden;2° nieuwe methoden voor
deling volgens de bevleesdheid en aanpassingen aan reeds erkende methoden overeenkomstig de procedure bepaald in bijlage 4 van dit besluit. §
deling volgens de bevleesdheid plaatsvindt, wordt de type-index van het karkas aangebracht op het zwoerd van de rug, de flank, de achterschenkel of de ham. De type-index wordt gescheiden van de vermelding voor het geraamd aandeel mager vlees door een liggend streepje. Art. 16.De slachthuizen die krachtens artikel 7 van dit besluit niet tot
deling van de karkassen overgaan, mogen daarop geen tekens aanbrengen die kunnen worden verward met
delingstekens betreffende het geraamde aandeel mager vlees of de bevleesdheid. HOOFDSTUK IV. - Opleiding, evaluatie en erkenning van classificeerders Art. 17.
deling wordt verricht door classificeerders die erkend zijn door de Dienst. Deze werken onder de verantwoordelijkheid van de uitbater van het slachthuis. Art. 18.§ 1.
deling en de merking van de karkassen worden enkel verricht door natuurlijke personen die houder zijn van een erkenning afgegeven door de Dienst na afloop van een vorming en een evaluatie. §
bedoelde erkenningsaanvraag moet aan de Dienst worden gericht door de uitbater van het slachthuis. §
deling correct en volledig naleven;2° hij moet zich onderwerpen aan de controle door de Controle-instelling en de Dienst en moet hun onderrichtingen opvolgen. § 9. De erkenning kan tijdelijk of definitief worden ingetrokken wanneer
Indien het om kleine tekortkomingen gaat kan het behoud van de erkenning worden onderworpen aan de voorwaarde tot het volgen van een bijkomende opleiding. HOOFDSTUK V. - Registratie, mededeling en beheer van de resultaten van
deling Art. 19.§ 1. De weegbanden moeten het resultaat van
deling vermelden en het slachthuis moet alle noodzakelijke maatregelen treffen om te zorgen voor een optimale traceerbaarheid van de gegevens m.b.t. de identificatie, het wegen en het indelen van de karkassen. Bovendien moet het erkenningsnummer van de classificeerder die de karkassen heeft ingedeeld worden aangegeven. § 2.
bepaalde gegevens moeten ten minste worden bewaard tot het einde van het jaar dat volgt op het lopende jaar, hetzij via de archivering van de weegbanden, hetzij in elektronisch formaat. Art. 20.§ 1. Het slachthuis moet het resultaat van
deling meedelen aan de leverancier binnen acht dagen na het slachten. §
deling die moet worden meegedeeld in de vorm bedoeld in artikel 1, § 2, van verordening (EEG) nr. 1186/90, moet het slachthuis ten minste de volgende gegevens meedelen aan de leveranciers : 1° het identificatienummer van het dier;2° de slachtdatum;3° het warme karkasgewicht; § 4. Wat varkens betreft, is het slachthuis verplicht aan de leverancier van de op basis van geslacht gewicht verkochte varkens ten minste volgende gegevens mede te delen : 1° de slachtdatum; 2° het warme karkasgewicht bepaald op 0.2 kg nauwkeurig; 3° het geraamd aandeel mager vlees;4° het type-getal, indien
deling volgens de bevleesdheid wordt uitgevoerd. § 5. De Minister kan maatregelen vastleggen die ertoe leiden dat de leveranciers de resultaten van
deling alsook alle andere informatie over de geslachte runderen en de desbetreffende prijzen, voorleggen aan de daartoe aangestelde ambtenaren. Art. 21.§ 1. Het slachthuis moet het resultaat van
deling meedelen aan de producent binnen veertien dagen na het slachten. §
Art. 22.Het slachthuis moet, in de voorgeschreven vorm en uiterlijk de 10e van elke maand, de resultaten van
deling van de vorige maand meedelen aan de controle-instelling en aan de Dienst op zijn aanvraag. Het meegedeelde gewicht van de karkassen is het warme gewicht. HOOFDSTUK VI. - Controle en autocontrole Art. 23.§ 1. De Minister kan een controle-instelling erkennen met het oog op de uitvoering van de controle op
deling van de karkassen, overeenkomstig de bepalingen van dit besluit en van het toezicht op de door de slachthuizen ingestelde autocontrole overeenkomstig artikel
deling in slachthuizen;
formatie in een databank, voorzien van een effectieve verbinding met de officiële databanken voor de identificatie van runderen en varkens; f)
stelling van een versterkt controlesysteem t.a.v. slachthuizen die hun verbintenissen niet nakomen; 4° de controle- en indelingsresultaten overmaken aan de Dienst volgens de voorgeschreven vorm en modaliteiten;5° zich onderwerpen aan
structies van de Minister en aan de controle van de Dienst. § 3. De controle-instelling legt het toe te passen tarief voor de controle op
deling van karkassen en voor de autocontrole, alsook het toe te passen tarief voor de mededeling van de resultaten zoals bedoeld in artikel 21, § 3, ter goedkeuring voor aan de Minister. Art. 24.Indien de controle-instelling een interprofessionele instelling is, moet zij bovendien, om de erkenning te krijgen en te bewaren : 1° tenminste bestaan uit vertegenwoordigers van de beroepsverenigingen van producenten en slachthuizen;2° opgericht zijn in de vorm van een vereniging zonder winstoogmerk; 3° beheerd worden d.m.v. een door de Minister goedgekeurd financieringsplan. Art. 25.§
deling correct en volledig naleven;3° hij moet zich onderwerpen aan de controle door de Dienst en moet zijn onderrichtingen opvolgen. § 6. De erkenning kan tijdelijk of definitief worden ingetrokken wanneer
Indien het om kleine tekortkomingen gaat kan het behoud van de erkenning worden onderworpen aan de voorwaarde tot het volgen van een bijkomende opleiding. Art. 26.§ 1. Elk slachthuis dat overgaat tot
deling van de karkassen, moet een autocontrolesysteem instellen, toepassen en behouden dat
deling, het behouden van de resultaten en de mededeling ervan dekt, overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk V. § 2. Het autocontrolesysteem moet ten minste betrekking hebben op de volgende elementen : 1° de voldoende beschikbaarheid van erkende toezichthouders;2° de objectieve informatiegegevens die ter beschikking van de toezichthouder zijn gesteld met het oog op de bepaling van
artikel 3, § 1, van verordening (EEG) 1208/81 bedoelde categorie en in voorkomend geval, van
artikel 4, § 2, bedoelde subcategorie;3° de aard van de gegevens die vermeld zijn op de etiketten, alsook de procedure voor
voer van die gegevens;4° de overeenstemming tussen het dier en de gegevens voor de identificatie en
deling van het karkas;5° de goede werking van het apparaat;6° het behouden van
dividuele resultaten betreffende het wegen en het indelen van elk geslacht dier;7° de mededeling van de resultaten;8° de overbrenging van de resultaten van
deling aan de leverancier : aard van de meegedeelde gegevens, frequentie en wijze van mededeling;9° de mededeling van de resultaten van
deling aan de leverancier : aard van de meegedeelde gegevens, frequentie en wijze van mededeling en, in voorkomend geval, de overeenkomst aangegaan met de controle-instelling voor de uitvoering van die opdracht;10° de maandelijkse mededeling van de resultaten van
deling aan de Dienst en aan de controle-instelling : aard van de meegedeelde gegevens, frequentie en wijze van mededeling. § 3. Het geheel van
gevoerde procedures om te voldoen aan de bepalingen van §§ 1 en 2, worden beschreven in een document, "autocontroleprocedure" genaamd, dat de voorafgaande goedkeuring van de Dienst behoeft. Elke wijziging van het goedgekeurde document behoeft ook de voorafgaande goedkeuring van de Dienst. Om dat document op te stellen, mag het slachthuis gebruik maken van een door de controle-instelling opgemaakte en door de Dienst goedgekeurde gids. HOOFDSTUK VII. - Slotbepalingen Art. 27.De Minister bepaalt de toepassingsmodaliteiten die noodzakelijk zijn voor de goede uitvoering van dit besluit. Hij kan bovendien wijzigingen aanbrengen in de bijlagen bij dit besluit om die aan te passen aan de Europese vereisten en aan de technische ontwikkelingen. Art. 28.Het is de slachthuizen die de karkassen moeten indelen, verboden karkassen of voeten van runderen in de handel te brengen, aan te bieden, tentoon of te koop te stellen, voor de verkoop te vervoeren, te verkopen, te leveren of af te staan, uit te voeren, indien zij niet werden onderworpen aan de overeenkomstig dit besluit voorgeschreven indeling. Art. 29.De personen die, bij het uitoefenen van hun functie, tussenkomen bij het inzamelen, registreren en bewaren van de gegevens, moeten de nodige voorzorgen nemen om er voor te zorgen dat al de door de slachthuizen verstrekte individuele gegevens vertrouwelijk blijven. Art. 30.Het slachthuis, de classificeerder en de erkende controle-instelling zijn verplicht aan de door Dienst aangewezen personen de nodige bijstand te verlenen bij de uitoefening van hun controletaken. Deze bijstand bestaat er met name in dat zij hen vrije toegang verlenen tot alle installaties van het slachthuis en de controle-instelling en hun de documenten en gegevens met betrekking tot
deling voorleggen. Art. 31.De overtredingen van de bepalingen van dit besluit worden opgespoord, vastgelegd en gestraft overeenkomstig de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in landbouw-, tuinbouw- en zeevisserijproducten. De bepalingen van het koninklijk besluit van 15 mei 2001Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 15/05/2001 pub. 26/07/2001 numac 2001016193 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit betreffende de administratieve geldboeten, bedoeld bij artikel 8 van de wet van 28 maart 1975 betreffende de handel in landbouw-, tuinbouw- en zeevisserijproducten sluiten betreffende de administratieve geldboeten, bedoeld in artikel 8 van genoemde wet, zijn ook van toepassing. Voor de toepassing van dit besluit, is de aangewezen bevoegde ambtenaar de directeur-generaal van het Directoraat-generaal Landbouw van het Ministerie van het Waalse Gewest en, bij verhindering, zijn plaatsvervanger. Art. 32.Opgeheven worden : 1° het koninklijk besluit van 21 januari 1992 houdende vaststelling van het indelingsschema voor geslachte volwassen runderen;2° het koninklijk besluit van 29 april 1999Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 29/04/1999 pub. 19/06/1999 numac 1999016151 bron ministerie van middenstand en landbouw Koninklijk besluit betreffende het klasseren van geslachte varkens sluiten betreffende het klasseren van geslachte varkens;3° het ministerieel besluit van 22 januari 1992 tot vaststelling van de toepassingsmodaliteiten voor
deling van geslachte volwassen runderen;4° het ministerieel besluit van 3 mei 1999Relevante gevonden documenten type ministerieel besluit prom. 03/05/1999 pub. 19/06/1999 numac 1999016173 bron ministerie van middenstand en landbouw Ministerieel besluit betreffende het klasseren van geslachte varkens sluiten betreffende het klasseren van geslachte varkens;5° het besluit van de Waalse Regering van 6 november 2003Relevante gevonden documenten type besluit van de waalse regering prom. 06/11/2003 pub. 18/03/2004 numac 2004200737 bron ministerie van het waalse gewest Besluit van de Waalse Regering houdende vaststelling van het schema en de toepassingsmodaliteiten voor
deling van geslachte volwassen runderen en varkens sluiten houdende vaststelling van het schema en de toepassingsmodaliteiten voor
deling van geslachte volwassen runderen en varkens. Art. 33.De Minister van Landbouw is belast met de uitvoering van dit besluit. Namen, 1 april
deling van geslachte volwassen runderen en varkens. Namen, 1 april
deling van geslachte volwassen runderen en varkens. Namen, 1 april 2004. De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, J. HAPPART Bijlage 2.A - PIC 2000 - Klassering van varkenskarkassen door beeldanalyse 1° Beschrijving van het klasseringstoestel. Het systeem bestaat uit de volgende elementen :
deling van geslachte volwassen runderen en varkens. Namen, 1 april 2004. De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, J. HAPPART Bijlage 2 B - VCS 2000 - klassering van varkenskarkassen door beeldanalyse 1° Beschrijving van het klasseringstoestel. Het systeem bestaat uit de volgende elementen :
deling van geslachte volwassen runderen en varkens. Namen, 1 april 2004. De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, J. HAPPART Bijlage 3. Testen van methoden voor de klassering volgens de conformatie 1° De methode voor de klassering van karkassen volgens de conformatie moet getoetst worden op een monster met grote spreiding in conformatie bestaande uit ten minste 500 geslachte dieren waarvan het aandeel mager vlees is vastgesteld met een erkende methode voor de klassering volgens het geraamde aandeel mager vlees, en de conformatie met de erkende referentiemethode voor de klassering volgens de conformatie. Het testen van de methoden bestaat uit het controleren van de juistheid van een aantal karkasmaten, en het opstellen van een regressievergelijking met het typegetal berekend volgens een erkende methode als referentie. De door de methode te meten karkasmaten zijn :
stallatie voorstelt, worden volgende punten vermeld voor wat de beeldanalysesystemen betreft :
deling van geslachte volwassen runderen en varkens. Namen, 1 april 2004. De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Landbouw en Landelijke Aangelegenheden, J. HAPPART
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.