1 MEI 2006. - Koninklijk besluit tot goedkeuring van de wijziging van de statuten van het « Kinderbijslagfonds UCM » ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, inzonderheid op artikel 26, derde lid; Gelet op de beslissing van de buitengewone algemene vergadering van het « Kinderbijslagfonds UCM » van 12 december 2005; Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel 1.De wijziging van de statuten van het « Kinderbijslagfonds UCM » aangenomen bij beslissing van zijn buitengewone algemene vergadering van 12 december 2005, wordt goedgekeurd. Art. 2.Onze Minister die de Sociale Zaken onder zijn bevoegdheid heeft is belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 1 mei 2006. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Sociale Zaken, R. DEMOTTE Bijlage Kinderbijslagfonds UCM Statuten Voorwoord De Compensatiekas voor Kinderbijslag van UCM (Union des Classes Moyennes) is een vereniging zonder winstoogmerk, opgericht op 17 juli 1930 op initiatief van UCM (l'Union des Classes moyennes de la province de Namur) en enkele plaatselijke werkgevers en erkend onder het nr. 41 bij koninklijk besluit van 27 october 1931, (Belgisch Staatsblad van 6 november 1931). De statuten werden een eerste maal gewijzigd (verscheidene aanpassingen in het kader van de evolutie van de wetgeving) bij beslissing van de algemene vergadering van 12 augustus 1965, bekrachtigd bij koninklijk besluit van 2 augustus 1966 en een tweede maal door de algemene vergadering van 20 juli 1995 voor de wijziging van de benaming naar « Caisse d'allocations familiales UCM » of « Caisse wallonne d'allocations familiales », of nog « Kinderbijslagfonds UCM (bekrachtigd bij koninklijk besluit van 4 juni 1996). HOOFDSTUK I. - Benaming, zetel, voorwerp, doel Artikel 1.De vereniging zonder winstoogmerk werd opgericht in de vorm van een vereniging op basis van de wet van 27 juni 1921Relevante gevonden documenten type wet prom. 27/06/1921 pub. 19/08/2013 numac 2013000498 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk, de internationale verenigingen zonder winstoogmerk en de stichtingen. - Duitse vertaling van wijzigingsbepalingen sluiten betreffende de verenigingen zonder winstoogmerk en de instellingen van openbaar nut, zoals herhaaldelijk gewijzigd (hierna genoemd de "VZW-wet"). De vereniging draagt de benaming « Caisse d'allocations familiales UCM ». Zij kan eveneens de benaming « Caisse wallonne d'allocations familiales » dragen, al dan niet in combinatie met de eerste benaming. De Nederlandstalige benaming is « Kinderbijslagfonds UCM ». Deze benaming dient te worden vermeld in alle akten, facturen, aankondigingen, publicaties, brieven, bestellingen en andere documenten die uitgaan van de vereniging, onmiddellijk voorafgegaan van of gevolgd door de bewoordingen "vereniging zonder winstoogmerk" of afgekort "vzw", met een precieze vermelding van de zetel. Art. 2.De zetel van de vereniging is gevestigd in het gerechtelijk arrondissement Namen, chaussée de Marche 637, te 5100 Namur (Wierde). Hij kan worden overgebracht naar een andere plaats met inachtneming van de procedure tot wijziging van de statuten. Tot de oprichting van administratieve zetels en bijkantoren kan worden besloten door de algemene vergadering op voorstel van de raad van bestuur. Art. 3.De vereniging heeft tot doel de toekenning van kinderbijslag overeenkomstig de wetgeving betreffende kinderbijslagen voor loonarbeiders. Art. 4.De vereniging is opgericht voor een onbepaalde duur. HOOFDSTUK II. - De leden Art. 5.Iedere werkgever, natuurlijke personen of rechtspersonen, die onderworpen is aan de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders kan lid worden van de vereniging. Het lidmaatschap kan niet worden geweigerd aan een werkgever die zich ertoe verbindt alle bepalingen van de statuten en reglementen te eerbiedigen, op voorwaarde dat hij niet door een ander kinderbijslagfonds werd uitgesloten wegens tekortkoming aan zijn verplichtingen. Art. 6.Het verzoek tot lidmaatschap impliceert de aanvaarding zonder voorbehoud van de statuten en de reglementen van de vereniging, alsook van de wettelijke bepalingen inzake kinderbijslag voor loonarbeiders. Art. 7.Het aantal leden is onbeperkt. Het kan evenwel niet lager zijn dan de minima bepaald door of krachtens de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag van loonarbeiders en artikel 2 van de VZW-wet. Art. 8.De hoedanigheid van lid van de vereniging verdwijnt zodra er geen onderwerping meer is aan de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders. Zij verdwijnt eveneens ingeval van ontslag of uitsluiting. 1° Ontslag De werkgever die aangesloten is bij het fonds kan zijn ontslag geven conform de bepalingen en termijnen die worden vastgesteld door de bepalingen van de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders.2. Uitsluiting De raad van bestuur kan de leden uitsluiten die : - verzuimen hun bijdragen te betalen zoals die bepaald zijn in de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders; - aan het fonds niet de nodige inlichtingen verstrekken op de afgesproken datum; - vrijwillig onjuiste inlichtingen verstrekken; - de statuten niet respecteren of een zware fout begaan ten aanzien van het fonds. De raad van bestuur nodigt het lid eerst uit om gehoord te worden. De uitsluiting wordt aan het lid ter kennis gebracht bij aangetekend schrijven. De uitsluiting ressorteert haar gevolgen op het einde van het kwartaal waarin de kennisgeving werd gedaan. Het ontslagnemend of uitgesloten lid blijft in ieder geval gehouden om de diverse verplichtingen opgelegd door de wet, de statuten en de reglementen te respecteren tot op de datum waarop het ontslag of de uitsluiting hun effect ressorteren. Art. 9.De gewezen leden, ontslagnemende of uitgesloten leden en hun rechtsopvolgers blijven de bijdragen verschuldigd die betrekking hebben op de periode die de datum voorafgaat waarop zij de hoedanigheid van lid verliezen, onverminderd de eventuele boeten, verhogingen en verwijlintresten. Zij kunnen geen enkel deel van het maatschappelijk vermogen of enige terugbetaling van betaalde bedragen vorderen. Art. 10.De raad van bestuur houdt op de zetel van het fonds een ledenregister bij. Naast het ondernemingsnummer vermeldt dit register de naam, voornaam en woonplaats van de leden of, wanneer het een rechtspersoon betreft, de maatschappelijke benaming, de juridische vorm en het adres van de maatschappelijke zetel. Bovendien worden door de raad van bestuur alle beslissingen tot toelating, ontslag of uitsluiting van de leden in dat register ingeschreven binnen de 30 dagen vanaf de datum waarop deze toelating, ontslag of uitsluiting van kracht wordt. Een kopie van dit register, afgesloten op 31/12, wordt neergelegd ter griffie van de rechtbank van koophandel vóór het verstrijken van het eerste kwartaal van elk jaar. HOOFDSTUK III. - Bestuur Art. 11.Het bestuur wordt toevertrouwd aan een raad van bestuur die is samengesteld uit ten minste zeven leden en ten hoogste dertig leden, met dien verstande dat het aantal bestuurders steeds lager moet zijn dan het aantal leden van de vereniging. De bestuurders worden benoemd en, in voorkomend geval, ontslagen door de algemene vergadering. Zij kunnen, op voordracht van de raad van bestuur, worden gekozen buiten de vereniging tot maximum één derde van het aantal bestuurders. Art. 12.De leden van de raad van bestuur worden benoemd om hun mandaat uit te oefenen voor een duur van zes jaar. De uittredende bestuurders zijn herverkiesbaar. Het mandaat van een bestuurder neemt een einde : - op het einde van de termijn van zes jaar; - door het ontslag, dat schriftelijk dient te worden meegedeeld aan de voorzitter van de raad van bestuur; - door de uitsluiting, uitgesproken met een meerderheid van de stemmen van de leden die aanwezig of vertegenwoordigd zijn op de algemene vergadering; - door het overlijden; - ingevolge een geval van overmacht dat een bestuurder belet zijn mandaat uit te oefenen. Art. 13.De raad van bestuur kiest in haar midden een voorzitter, maximum 3 ondervoorzitters en een gedelegeerd bestuurder. Ingeval van afwezigheid van de voorzitter wordt de raad van bestuur voorgezeten door de oudste der ondervoorzitters. Bij gebrek aan de ondervoorzitter, wordt de raad voorgezeten door de gedelegeerd bestuurd. Art. 14.De raad van bestuur vergadert op uitnodiging van de voorzitter of van de ondervoorzitter telkens het belang van de vereniging het vereist. De raad van bestuur dient eveneens te worden samengeroepen telkens als één derde van de bestuurders of een vijfde van de leden daarom verzoekt. De beslissingen worden genomen met een gewone meerderheid van stemmen, waarbij de onthoudingen en de nietige stemmen niet in aanmerking worden genomen. Ingeval van staking van stemmen is de stem van de voorzitter van de vergadering doorslaggevend. De verhinderde bestuurders kunnen voorafgaandelijk een schriftelijke volmacht gegeven aan een andere bestuurder. Een bestuurder kan evenwel niet meer dan twee andere bestuurders vertegenwoordigen. Van de vergadering worden notulen opgemaakt. De notulen worden na goedkeuring ondertekend door de voorzitter van de vergadering en bewaard in een notulenregister. Art. 15.De raad van bestuur beschikt over alle bevoegdheden die vereist zijn voor het bestuur van de vereniging. Alles wat niet expliciet door de statuten of door wet is voorbehouden aan de algemene vergadering, behoort in principe tot de bevoegdheid van de raad van bestuur. De bevoegdheden van de raad omvatten de goedkeuring van de bijzondere reglementen voorzien in artikel 24 van de samengeordende wetten betreffende de kinderbijslag voor loonarbeiders, met uitzondering van deze betreffende de sancties ten aanzien van de leden, voor de opstelling waarvan een mandaat van de algemene vergadering noodzakelijk is. De bestuurder aan wie het dagelijks bestuur is toevertrouwd, draagt de titel van "gedelegeerd bestuurder". De raad van bestuur kan eveneens alle bijzondere bevoegdheden toekennen aan de lasthebbers van zijn keuze, die al dan niet bestuurders zijn. Hij bepaalt of deze personen individueel, gezamenlijk of collegiaal handelen. Art. 16.De raad van bestuur wijst in zijn schoot binnen de maand volgend op de goedkeuring van de statuten een directiecomité aan dat belast is met de voorbereiding van de vergaderingen van de raad van bestuur. Het directiecomité wordt samengesteld door de voorzitter, de gedelegeerd bestuurder, de directeur en 2 tot 4 bestuurders. De raad beslist over de benoeming en de herroeping van leden van het directiecomité. De gedelegeerd bestuurder brengt verslag uit bij het directiecomité en bij de raad van bestuur. Art. 17.De bevoegdheden van het dagelijks bestuur omvatten alle gebruikelijke handelingen die nodig zijn voor de uitvoering van de opdrachten die door de wet en de reglementen aan de vereniging worden toevertrouwd, in overeenstemming met de richtlijnen van de algemene vergadering, alsook alle akten die normalerwijze vereist zijn voor de uitvoering van de beslissingen die genomen worden door de algemene vergadering en de raad van bestuur of voor de goede werking van de diensten, en met name : 1. Het opmaken en ondertekenen van de betalingsorders en, in het algemeen, het onderhandelen en uitvoeren van alle financiële verrichtingen, het ontvangen van alle gestorte bedragen, daarvan kwijting verlenen en het nemen van alle nuttige maatregelen ingeval van plaatsing van gelden binnen de toegelaten perken.2. Aan de bevoegde overheden alle berichten of inlichtingen verzenden die door de wetgeving worden vereist.3. Alle gerechtelijke en buitengerechtelijke handelingen verrichten met het oog op de verdediging van de belangen van de vereniging en de ontvangst of de invordering van bedragen die verschuldigd zijn aan de vereniging, en met name : a.optreden voor de rechtbanken namens de vereniging als eiseres en als verweerder; b. met de schuldenaars van de vereniging alle akkoorden afsluiten met het oog op de uitvoering van de vonnissen die te haren gunste werden uitgesproken;c. met alle middelen van recht de te haren gunste uitgesproken vonnissen uitvoeren, verschijnen in de procedureakten ter aanvaarding of ter betwisting en het verlenen van handlichting van uitvoeringsmaatregelen;d. aangifte doen van de schuldvorderingen van de vereniging ingeval van faillissement van een van haar schuldenaars.4. De vonnissen uitvoeren die een veroordeling van de vereniging inhouden.Kan echter in geen enkele geval en op geen enkele wijze deel uitmaken van het dagelijks bestuur : het onderzoek van de opmerkingen die door de Rijksdienst voor Kinderbijslag voor Werknemers worden overgemaakt aan de vereniging met betrekking tot het administratief en financieel beheer, alsook het antwoord op deze opmerkingen. In dringende gevallen en ten bewarende titel alle maatregelen nemen met het oog op de goede werking en de vrijwaring van de rechten en belangen van de vereniging. Art. 18.De bestuurders zijn maar aansprakelijk binnen de perken van de uitvoering van hun mandaat. Zij gaan in het kader van hun bestuur geen enkele persoonlijke verbintenis aan betreffende alle verbintenissen van de vereniging. Art. 19.Een commissaris die door de algemene vergadering om de drie jaar wordt aangesteld uit de leden van het Instituut van Bedrijfsrevisoren, in de mate het door de wet wordt opgelegd, wordt belast met de controle van de rekeningen die worden opgesteld door de raad van bestuur. De algemene vergadering bepaalt zijn emolumenten. De commissaris kan op de zetel van de vereniging kennis nemen van de boeken, zonder deze te verplaatsen, evenals van de briefwisseling, de notulen en, in het algemeen, van alle schriftelijke documenten van de vereniging. Hij brengt over zijn opdracht verslag uit aan de algemene vergadering. HOOFDSTUK IV. - Algemene vergadering Art. 20.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.