richting van de parlementaire overlegcommissie bedoeld
artikel 82 van de Grondwet en tot wijziging van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. - Officieuze coördinatie
het Duits sluiten betreffende de voorkoming van verontreiniging van de zee door schepen met betrekking tot aangelegenheden als bedoeld
artikel 78 van de Grondwet
artikel 78 van de Grondwet. Art. 2.Het opschrift van de wet van 6 april 1995Relevante gevonden documenten type wet prom. 06/04/1995 pub. 29/05/2012 numac 2012000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende
richting van de parlementaire overlegcommissie bedoeld
artikel 82 van de Grondwet en tot wijziging van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. - Officieuze coördinatie
het Duits sluiten betreffende de voorkoming van verontreiniging van de zee door schepen wordt vervangen als volgt : « Wet betreffende de voorkoming van verontreiniging door schepen ». Art. 3.
artikel 1 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° de bepaling onder 1° wordt aangevuld met de woorden « en alle stoffen onderworpen aan controle krachtens het Verdrag »;2°
de bepaling onder 2° wordt het woord « uitstoten, »
gevoegd tussen het woord « pompen, » en het woord « storten ». Art. 4.Artikel 2, eerste lid, van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Deze wet is, tenzij het uitdrukkelijk anders is bepaald, van toepassing op schepen ongeacht de vlag die ze gerechtigd zijn te voeren. » Art. 5.Artikel 5 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 5.Onder voorbehoud van de bepalingen van het derde lid is het een schip dat de Belgische vlag voert verboden een schadelijke stof
zee of op zee
de atmosfeer te lozen, behoudens
de gevallen en op de wijze bij of krachtens het Verdrag of deze wet bepaald. De krachtens deze wet te geven regelen kunnen
zonderheid verschillen naargelang zij verschillende categorieën van schepen, te bevaren zeegebieden, te maken reizen of te vervoeren schadelijke stoffen betreffen. Het eerste lid is overeenkomstig het
ternationaal recht eveneens van toepassing op schepen die een vreemde vlag voeren. Bijlage I, voorschrift 11, onder b), en bijlage II, voorschrift 6, onder b), van het Verdrag zijn niet van toepassing op lozingen : 1° op de binnenwateren van een andere lidstaat van de Europese Unie,
clusief de havens, voor zover het Marpol-regime van toepassing is;2° op de territoriale zee van België of die van een andere lidstaat van de Europese Unie.» Art. 6.Artikel 6, eerste lid, van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « De Koning stelt de eisen vast waaraan de bouw, de
richting, de uitrusting en de werking van een schip dat de Belgische vlag voert dienen te voldoen ter voorkoming of beperking van verontreiniging door schepen. » Art. 7.
artikel 11, derde lid, van dezelfde wet worden de woorden « een maritieme zone waarin België jurisdictie kan uitoefenen overeenkomstig het
ternationaal recht » vervangen door de woorden « de Belgische territoriale zee of de Belgische exclusieve economische zone ». Art. 8.
artikel 14, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden « die de Belgische vlag voeren »
gevoegd tussen het woord « schepen » en het woord « , bedrijven ». Art. 9.
artikel 15, eerste lid, van dezelfde wet worden de woorden « van een schip dat de Belgische vlag voert »
gevoegd tussen het woord « kapitein » en de woorden « is verplicht ». Art. 10.
artikel 16 van dezelfde wet worden de woorden « een andere maritieme zone bevindt waarover België jurisdictie kan uitoefenen, overeenkomstig het
ternationaal recht » vervangen door de woorden « de Belgische exclusieve economische zone bevindt ». Art. 11.
artikel 17bis van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1 wordt vervangen als volgt : « § 1.
dien op grond van onregelmatigheden of van
formatie het vermoeden bestaat, dat een schip dat een vreemde vlag voert en dat vrijwillig
een Belgische haven of bij een Belgische offshoreterminal ligt schadelijke stoffen heeft geloosd of loost
de territoriale zee, de exclusieve economische zone of de volle zee, kunnen de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe aangesteld zijn en de met de politie te water belaste federale politieambtenaren een passende
spectie uitvoeren, rekening houdend met de toepasselijke richtlijnen van de
ternationale Maritieme Organisatie. Deze bevoegdheid wordt tevens uitgebreid tot overtredingen van het Verdrag begaan
de maritieme zone waarover een andere kuststaat jurisdictie bezit, op uitsluitend verzoek van deze laatste of van de vlaggenstaat. Voor zover de
het eerste lid bedoelde
spectie feiten aan het licht brengt die kunnen wijzen op een
breuk
de zin van artikel 5, worden de bevoegde Belgische autoriteiten en die van de vlaggenstaat en andere betrokken staten gewaarschuwd. »; 2° er wordt een § 1bis
gevoegd, luidende : « § 1bis.
dien het van de lozing verdachte schip geen Belgische haven aandoet, zijn onderstaande bepalingen van toepassing : a)
dien de volgende aanloophaven van het schip een haven
een andere lidstaat van de Europese unie is, wordt met die lidstaat nauw samengewerkt bij de
artikel 17bis, § 1 bedoelde
spectie, en wordt er samen met die lidstaat over passende maatregelen ten aanzien van die lozing beslist;b)
dien de volgende aanloophaven van het schip een haven is
een staat die geen lid is van de Europese Unie, worden de bevoegde autoriteiten van de staat van de volgende aanloophaven van het schip
gelicht over de vermoedelijke lozing, en verzocht om passende maatregelen ten aanzien van die lozing te nemen.»; 3°
, worden de woorden «
de Belgische territoriale zee of
een andere maritieme zone waarover België jurisdictie kan uitoefenen, overeenkomstig het
ternationaal recht » vervangen door de woorden «
de Belgische territoriale zee of
de Belgische exclusieve economische zone »;4°
, 1° vervallen de woorden « kan een rechtsvervolging worden
gesteld en »;5°
, 4° vervallen de woorden « en kan een rechtsvervolging worden
gesteld »;6° § 4, wordt aangevuld als volgt : « 6° De autoriteiten van de vlaggenstaat worden van ieder geval op de hoogte gebracht.» Art. 12.
dezelfde wet wordt een artikel 17ter
gevoegd, luidende : « Art. 17ter.De overheid die ervan
kennis wordt gesteld dat een
breuk
de zin van artikel 5 is gepleegd of dreigt te worden gepleegd en dat hierdoor acute schade is veroorzaakt of kan worden veroorzaakt, brengt de andere lidstaten van de Europese Unie die aan deze schade zouden kunnen worden blootgesteld, alsmede de Commissie, daarvan onmiddellijk op de hoogte. De overheid die ervan
kennis wordt gesteld dat een delict
de zin van artikel 5 is gepleegd of dreigt te worden gepleegd dat mogelijkerwijs onder de rechtsmacht van een ander lidstaat van de Europese Unie valt, brengt deze lidstaat daarvan onmiddellijk op de hoogte. » Art. 13.
artikel 18 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° het eerste lid wordt vervangen als volgt : « De vlaggenstaat en alle andere betrokken staten worden via hun diplomatieke vertegenwoordigers onverwijld op de hoogte gebracht van de maatregelen die overeenkomstig deze wet zijn genomen en van de mogelijke maatregelen die het gevolg kunnen zijn van strafrechtelijke vervolgingen.»; 2° het tweede lid wordt opgeheven;3°
het vroegere derde lid, dat het tweede lid is geworden, worden de woorden « 17bis, § 4, 4°, » vervangen door de woorden « 34, eerste lid b), » Art.14.
artikel 24, eerste lid, van dezelfde wet, worden de woorden « of uitrusting van een schip » vervangen door de woorden « , uitrusting of werking van een schip ». Art. 15.
artikel 25, tweede lid, van dezelfde wet, wordt de tweede zin vervangen als volgt : « Binnen de vijftien dagen na de vaststelling van de
breuk wordt er aan de kapitein, de schipper of de eigenaar van het schip een afschrift van betekend of,
dien het buitenlanders betreft, aan hun vertegenwoordigers
België of aan de diplomatieke vertegenwoordiging van de Staat waarvan zij onderdaan zijn. » Art. 16.
artikel 26 van dezelfde wet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
het eerste lid worden de woorden « , eerste lid, »
gevoegd tussen de woorden « artikel 25 » en de woorden « , bedoelde afschrift »;2°
het tweede lid worden de woorden « , eerste lid, »
gevoegd tussen de woorden « artikel 25 » en de woorden « , bij de Minister ». Art. 17.
artikel 28, eerste lid, van dezelfde wet, worden de woorden « een andere maritieme zone waarin België jurisdictie kan uitoefenen overeenkomstig het
ternationaal recht » vervangen door de woorden « de Belgische exclusieve economische zone ». Art. 18.
artikel 29 van dezelfde wet, wordt het woord « frank » telkens vervangen door het woord « EUR ». Art. 19.
dezelfde wet wordt
de plaats van artikel 29bis, dat artikel 29ter wordt, een nieuw artikel 29bis
gevoegd, luidende : « Art. 29bis.§ 1.
de volgende gevallen worden de
artikel 29 bedoelde personen bovendien gestraft met een gevangenisstraf van één maand tot vijf jaar. 1° het delict heeft over een uitgestrekt gebied grote schade veroorzaakt aan de kwaliteit van water of aan dier- en plantensoorten of delen daarvan;2° het delict is gepleegd
het kader van een criminele organisatie gedefinieerd door artikel 324bis van het Strafwetboek.
geval van herhaling binnen de termijn van drie jaar die op een veroordeling volgt, kan de hierboven voorziene gevangenisstraf op het dubbel van het maximum worden gebracht. De straf is opsluiting van vijf jaar tot tien jaar wanneer de
breuk de dood van een persoon heeft veroorzaakt. § 2. Dit artikel is van toepassing onverminderd het
ternationaal recht, met name artikel 230 van het Verdrag van de Verenigde Naties
zake het recht van de zee van 1982. » Art. 20.
artikel 30 van dezelfde wet, wordt het woord « 29bis » vervangen door het woord « 29ter ». Art. 21.
artikel 32 van dezelfde wet worden de volgende wijzingen aangebracht : 1°
de bepalingen onder het eerste lid, 1° vervallen de woorden « de waterschouten en de »;2°
het eerste lid worden de bepalingen onder 2° worden vervangen als volgt : « 2° de met de scheepvaartcontrole belaste ambtenaren die daartoe zijn aangesteld;»; 3° het tweede lid wordt aangevuld als volgt : « 4° de daartoe aangestelde ambtenaren van het directoraat-generaal Leefmilieu van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.»; 4°
het derde lid worden de woorden « De
het tweede lid, 2°, bedoelde ambtenaren » vervangen door de woorden « De
het tweede lid, 2° en 4°, bedoelde ambtenaren ». Art. 22.Artikel 33 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 33.Onverminderd de toepassing van de bepalingen van Boek I van het Strafwetboek, met
begrip van hoofdstuk VII en de artikelen 41bis en 85, kan de geïdentificeerde natuurlijke persoon,
afwijking van artikel 5, tweede lid van het Strafwetboek, steeds samen met de verantwoordelijke rechtspersoon worden veroordeeld wegens
breuken op deze wet en haar uitvoeringsbesluiten. » Art. 23.Artikel 34 van dezelfde wet wordt vervangen als volgt : « Art. 34.Een persoon die bepalingen van deze wet of van de uitvoeringsbesluiten overtreedt kan
België worden vervolgd, voor zover het
ternationaal recht het toelaat,
dien de overtreding :
de Belgische exclusieve economische zone;
dien het delict volgens het strafrecht van de plaats van het delict een strafbaar feit uitmaakt, of
dien die plaats niet onder enige rechtsmacht valt;
een Belgische haven of offshoreterminal bevindt.g) is gepleegd op volle zee en het schip zich vrijwillig
een Belgische haven of offshoreterminal bevindt.h) is gepleegd
de maritieme zone waarover een andere kuststaat jurisdictie bezit, op uitsluitend verzoek van deze laatste of van de vlaggenstaat.» Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Gegeven te Brussel, 19 december 2006. ALBERT Van Koningswege : De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX De Minister van Mobiliteit, R. LANDUYT Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. L. ONKELINX _______ Nota's
plenaire vergadering en overgezonden aan de Senaat.
tegraal verslag : 23 november 2006. Senaat. Stukken. - Nr. 1 : Ontwerp niet geëvoceerd door de Senaat.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.