artikel 5.16.3.3, § 5, en in artikel 6.8.0 van titel II van het Vlarem. Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder : 1° de minister : de Vlaamse minister, bevoegd voor het Leefmilieu;2° de afdeling : de afdeling bevoegd voor erkenningen;3° titel II van het Vlarem : het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne;4° attest van bekwaamheid in de koeltechniek : attest uitgereikt door een gecertificeerd examencentrum nadat de aanvrager zijn bekwaamheid in de koeltechniek heeft aangetoond;5° geldig attest van bekwaamheid in de koeltechniek : een attest van bekwaamheid in de koeltechniek dat niet ouder is dan vijf jaar, gerekend vanaf de datum van de uitreiking ervan;6° gecertificeerd koeltechnisch bedrijf : een bedrijf dat beschikt over een koelinstallatiebeheersysteem dat is gekeurd overeenkomstig de bepalingen van artikel 4 en dat over een keuringscertificaat beschikt dat niet ouder is dan 24 maanden, gerekend vanaf de datum van de keuring;7° gecertificeerd examencentrum : examencentrum dat beschikt over een examensysteem dat is gekeurd overeenkomstig de bepalingen van artikel 10 en dat over een keuringscertificaat beschikt dat niet ouder is dan 24 maanden, gerekend vanaf de datum van de keuring;8° keuringsinstelling : een instelling als
artikel 13 of artikel 14; 9° ozonafbrekende stoffen : de ozonafbrekende stoffen,
artikel 1.1.2 van titel II van het Vlarem; 10° gefluoreerde broeikasgassen : de gefluoreerde broeikasgassen,
artikel 1.1.2 van titel II van het Vlarem; 11° werkzaamheden aan koelinstallaties : werkzaamheden aan koelinstallaties waarbij er een mogelijk risico op emissies van ozonafbrekende stoffen of gefluoreerde broeikasgassen bestaat.Hiermee worden onder meer bedoeld : het vullen van de koelinstallatie met koelmiddel, het in bedrijf stellen van de koelinstallatie, het aftappen en bijvullen van koelmiddel aan de koelinstallatie, herstellingen aan het koelmiddelcircuit, het verhelpen van lekkage, de buitenwerkingstelling van een koelinstallatie; 12° koelinstallatiebeheersysteem van het type I : een koelinstallatiebeheersysteem dat is opgezet om werkzaamheden aan koelinstallaties uit te voeren;13° koelinstallatiebeheersysteem van het type II : een koelinstallatiebeheersysteem dat is opgezet om uitsluitend werkzaamheden aan koelinstallaties uit te voeren die worden uitgebaat door het koeltechnisch bedrijf. Art. 3.De minister kan de bepalingen wijzigen die opgenomen zijn in de bijlagen bij dit besluit. HOOFDSTUK II. - Bepalingen betreffende gecertificeerde koeltechnische bedrijven Afdeling I. - Procedure van keuring van het koelinstallatiebeheersysteem Art. 4.§ 1. Een koelinstallatiebeheersysteem mag alleen worden gekeurd door een keuringsinstelling. § 2. De aanvraag tot keuring die is gericht aan de keuringsinstelling moet minstens de volgende gegevens bevatten : 1° naam van het bedrijf;2° vestigingsadres;3° naam van de directeur van het bedrijf;4° telefoon- en faxnummer;5° e-mailadres;6° postadres;7° BTW-nummer van het bedrijf;8° ondernemingsnummer;9° vermelding van de sectoren waarin het bedrijf actief is (industriële en commerciële koeling, luchtconditioneringsinstallaties voor gebouwen, andere installaties);10° opgave van koeltechnische werkzaamheden die door de aanvrager worden verricht.Hierbij moeten één of meer van de volgende opties worden opgegeven :
bijlage I bij dit besluit. § 5. Bij de keuring van het koelinstallatiebeheersysteem moet worden nagegaan of aan de verplichtingen,
artikel 5 is voldaan. Als uit de keuring blijkt dat het koelinstallatiebeheersysteem conform de verplichtingen is opgezet, dan wordt een keuringscertificaat uitgereikt. Op het keuringscertificaat wordt de datum van de keuring vermeld alsook de voorziene datum van de volgende keuring. Een koelinstallatiebeheersysteem moet iedere vierentwintig maanden worden gekeurd. § 6. Als uit de keuring blijkt dat verplichtingen,
artikel 5, niet zijn nagekomen of niet naar behoren zijn uitgevoerd, vermeldt de keuringsinstelling op het keuringscertificaat dat de vastgestelde non-conformiteiten in een keuringsrapport worden opgenomen. Bij een volgende keuring zal worden nagegaan of die tekortkomingen zijn weggewerkt. §
bijlage III. § 4. Bij werkzaamheden aan een koelinstallatie moet het gecertificeerde koeltechnische bedrijf de volgende zaken noteren : 1° als lekdichtheidscontroles als
artikel 5.16.3.3, § 7, van titel II van het Vlarem worden uitgevoerd : een beschrijving en de resultaten van de uitgevoerde controles; 2° als koelmiddel werd verbruikt of bijgevuld aan een koelinstallatie : het type, de hoeveelheid en de reden van bijvulling (nieuwbouw, uitbreiding, retrofit of lekkage), het tijdstip, de naam van de klant en de locatie van de koelinstallatie;3° als koelmiddel werd afgetapt van een koelinstallatie : het type, de hoeveelheid, het tijdstip, de gegevens van de klant en de locatie van de koelinstallatie. Als uit de koelmiddelregistratie blijkt dat uit een koelinstallatie een relatief lekverlies optreedt waarbij overeenkomstig artikel 5.16.3.3, § 6, van titel II van het Vlarem maatregelen moeten worden getroffen, dan moet het gecertificeerde koeltechniscche bedrijf actie ondernemen. Dit impliceert dat tenminste de eigenaar van de installatie schriftelijk op de hoogte gebracht moet worden van de vastgestelde lekkage en dat een een voorstel van te nemen maatregelen geformuleerd moet worden. Het gecertificeerde koeltechnische bedrijf moet minstens één afschrift van de registraties aan de eigenaar of beheerder van de koelinstallatie bezorgen en, indien mogelijk, in het installatiegebonden logboek of register noteren. Het gecertificeerde koeltechnische bedrijf moet de in deze paragraaf bedoelde gegevens gecentraliseerd bijhouden (met vermelding van de plaats en de datum van uitgevoerde werkzaamheden). § 5. Het gecertificeerde koeltechnische bedrijf moet bovendien de volgende zaken gecentraliseerd bijhouden : 1° de hoeveelheid koelmiddel die werd bijgevuld in elke koelinstallatie op basis van de registraties,
;2° de hoeveeheid koelmiddel die werd afgetapt van elke koelinstallatie op basis van de registraties,
;3° de hoeveelheid koelmiddel die werd aangekocht, met vermelding van de datum van aankoop en de naam van de leverancier;4° de hoeveelheid koelmiddel die werd afgevoerd, met vermelding van de datum van afvoer en de naam van de ophaler van de koelmiddelen. §
, uitreiken en het examen,
Art. 9.§ 1. Een persoon die al een attest of diploma inzake koeltechniek bezit dat in een ander gewest of een andere EU-lidstaat is uitgereikt en die het attest van bekwaamheid in de koeltechniek wil behalen, moet enkel slagen voor het onderdeel met betrekking tot de kennis van de Vlaamse regelgeving en Nederlandstalige terminologie inzake koeltechniek. Als noodzakelijke en voldoende voorwaarde daarvoor geldt dat de afdeling de inhoud van het examen dat heeft geleid tot het diploma of attest,
, heeft onderzocht en de inhoud van dat examen minstens evenwaardig heeft bevonden aan de inhoud van het examen tot vaststelling van de technische bekwaamheid in de koeltechniek. Als de inhoud evenwaardig wordt bevonden, dan deelt de afdeling dat binnen twee maanden na de start van het onderzoek mee aan het gecertificeerd examencentrum. §
artikel 11 en artikel 12, is voldaan. Als uit de keuring blijkt dat het examenbeheersysteem conform die verplichtingen is opgezet, dan wordt een keuringscertificaat uitgereikt. Op het keuringscertificaat wordt de datum van de keuring vermeld alsook de voorziene datum van de volgende keuring. Een examensysteem moet iedere vierentwintig maanden worden gekeurd door een keuringsinstelling. §
artikel 12, te organiseren; §
Art. 12.§ 1. Een gecertificeerd examencentrum kan de volgende examens organiseren : 1° het examen tot vaststelling van de bekwaamheid in de koeltechniek. Dat gebeurt volgens de bepalingen
artikel 8; 2° het actualisatie-examen. § 2. Het gecertificeerde examencentrum bepaalt de inhoud van het examen,
artikel 8, § 2, aan de hand van de onderwerpen,
bijlage I. § 3. Als een persoon die in een ander gewest of een andere EU-lidstaat een diploma of attest inzake koeltechniek heeft behaald, een aanvraag tot deelname aan het examen,
artikel 8, § 2, c), indient om het attest van bekwaamheid in de koeltechniek te verkrijgen, dan moet het gecertificeerd examencentrum nagaan of het in een ander gewest of andere EU-lidstaat behaalde attest of diploma al dan niet voldoet aan de voorwaarden
artikel
dit besluit, keurt en hiervoor is geaccrediteerd door het Belgische Accreditatiesysteem, overeenkomstig de wet van 20 juli 1990Relevante gevonden documenten type wet prom. 20/07/1990 pub. 10/06/2010 numac 2010000325 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet tot instelling van een flexibele pensioenleeftijd voor werknemers en tot aanpassing van de werknemerspensioenen aan de evolutie van het algemeen welzijn. - Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom. 20/07/1990 pub. 02/12/2010 numac 2010000669 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de voorlopige hechtenis Officieuze coördinatie in het Duits type wet prom. 20/07/1990 pub. 26/05/2011 numac 2011000307 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet ter bevordering van de evenwichtige aanwezigheid van mannen en vrouwen in organen met adviserende bevoegdheid. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de accreditatie van certificatie- en keuringsinstellingen alsmede van beproevingslaboratoria. Art. 14.§ 1. In afwijking van artikel 13 kunnen instellingen die de koelinstallatiebeheersystemen en/of examensystemen,
dit besluit, keuren door de afdeling worden erkend als keuringsinstelling. §
artikel 13 heeft ingediend. Art. 15.§ 1. De aanvraag tot erkenning als keuringsinstelling, als
artikel 14, wordt door de instelling met een aangetekende zending ingediend bij de afdeling. De aanvraag moet minstens de volgende gegevens bevatten : 1° officiële benaming van de keuringsinstelling;2° vestigingsadres;3° voor- en achternaam van de directeur van de keuringsinstelling;4° telefoon- en faxnummer;5° e-mailadres;6° postadres. §
In geval van erkenning bezorgt de afdeling het erkenningsbewijs met een aangetekende zending aan de instelling. In geval van niet-erkenning deelt ze de gemotiveerde reden hiervan met een aangetekende brief mee. Art. 16.De keuringsinstelling is ertoe verplicht om op basis van een klacht van ambtenaren van de afdeling een onderzoek in te stellen. Art. 17.De keuringsinstelling bezorgt maandelijks aan de afdeling een overzicht van de gekeurde koelinstallatiebeheersystemen. Die rapportage bevat per koelinstallatiebeheersysteem dat is gekeurd een fiche met de volgende gegevens : 1° de gegevens van het koeltechnische bedrijf (naam, coördinaten vestigingsadres);2° datum van de uitgevoerde keuring;3° vermelding van het type koelinstallatiebeheersysteem dat werd gekeurd;4° het resultaat van de keuring;5° indien van toepassing, vermelding van vastgestelde tekortkomingen en de melding of in het verleden vastgestelde tekortkomingen zijn weggewerkt;6° een lijst van bevoegde koeltechnici. In geval van keuring van een examenbeheersysteem moet een fiche worden opgemaakt die de volgende gegevens bevat : 1° de gegevens van het gekeurde examencentrum (naam, coördinaten vestigingsadres);2° datum van de uitgevoerde keuring;3° het resultaat van de keuring;4° indien van toepassing, vermelding van vastgestelde tekortkomingen, melding of in het verleden vastgestelde tekortkomingen zijn weggewerkt. HOOFDSTUK VI. - Toezicht Art. 18.De ambtenaren van de afdeling worden aangewezen om toezicht uit te oefenen op de naleving van de bepalingen van dit besluit. Andere ambtenaren dan de ambtenaren,
het eerste lid, kunnen in het kader van hun werkzaamheden steeds de nodige informatie bekomen bij de afdeling. Overtredingen van de bepalingen van dit besluit worden bestraft overeenkomstig de bepalingen in de wet van 28 december 1964Relevante gevonden documenten type wet prom. 28/12/1964 pub. 18/06/2010 numac 2010000336 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de bestrijding van de luchtverontreiniging sluiten betreffende de bestrijding van de luchtverontreiniging. HOOFDSTUK VII. - Wijzigingen in titel II van het Vlarem Art. 19.In artikel 1.1.2 van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, het laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 juli 2005 wordt onder "KOELINSTALLATIES" een tekst ingevoegd, die luidt als volgt : « - bevoegd koeltechnicus : een technicus die is aangewezen om werkzaamheden aan koelinstallaties op een verantwoorde manier uit te voeren, ofwel rechtstreeks door de exploitant, ofwel door het koeltechnisch bedrijf dat onderhoudswerkzaamheden aan de koelinstallatie uitvoert. Voor werkzaamheden aan koelinstallaties als
artikel 5.16.3.3, § 5, en in artikel 6.8.0, waarbij er een mogelijk risico op emissies van koelmiddelen bestaat en voor het uitvoeren van lekdichtheidscontroles als
artikel 5.16.3.3, § 7, geldt vanaf 1 januari 2009 als aanvullende voorwaarde dat de persoon werkt in een koeltechnisch bedrijf dat is gecertificeerd overeenkomstig de bepalingen,
het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2006 inzake de certificering van koeltechnische bedrijven. Die aanvullende voorwaarde geldt niet voor werkzaamheden aan een melkkoeltank, uitgevoerd door een erkend melkkoeltanktechnicus; - erkend melkkoeltanktechnicus : een persoon die in het bezit is van een geldig legitimatiebewijs, uitgereikt door het Instituut voor Landbouw en Visserijonderzoek, Eenheid Technologie en Voeding - Agrotechniek; - melkkoeltank : installatie voor het koelen en koud bewaren van onverpakte verse rauwe melk op de boerderij; - airconditioningsysteem : een combinatie van alle bestanddelen die nodig zijn voor een vorm van luchtbehandeling waarbij de temperatuur wordt geregeld of kan worden verlaagd, eventueel samen met een regeling van de ventilatie, luchtvochtigheid en luchtzuiverheid. » Art. 20.In artikel 5.16.3.3., § 3, van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 14 maart 2003 wordt een punt 4° toegevoegd dat luidt als volgt : « 4° Airconditioningsystemen met een nominaal koelvermogen van meer dan 12 kW worden regelmatig gekeurd door een bevoegde deskundige. Die keuring omvat een beoordeling van het rendement van de airconditioning en van de dimensionering ervan, rekening houdend met de koelingsbehoefte van het gebouw. De minister kan verder bepalen uit welke elementen de keuring bestaat en met welke frequentie de keuring ten- minste moet worden uitgevoerd. De keuring wordt uitgevoerd door een bevoegde deskundige die hiervoor de nodige kwalificaties bezit. » HOOFDSTUK VIII. - Wijzigings- en slotbepalingen Art. 21.§
artikel 11, § 3, niet te beschikken over een attest van bekwaamheid in de koeltechniek. Zij moeten wel minstens drie jaar aantoonbare ervaring op het gebied van koeltechniek bezitten. Art. 23.Dit besluit treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand die volgt op de maand waarin het in het Belgisch Staatsblad is bekendgemaakt. Art. 24.De Vlaamse minister, bevoegd voor het Leefmilieu en het Waterbeleid, is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 8 december
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.