hoofdstuk II van het besluit van de Vlaamse Regering van 24 juli 1991 betreffende de inschrijving bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap, in aanmerking komen voor bijstand tot sociale integratie. » Art. 2.In artikel 4 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 18 juli 2003 en gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 14 oktober 2005 en 17 november 2006, wordt het getal « 1400 » vervangen door het getal « 1600 ». Art. 3.In artikel 6, eerste lid, van hetzelfde besluit worden de woorden « Fonds voor de Sociale Integratie van » vervangen door de woorden « Agentschap voor ». Art. 4.In artikel 8bis, tweede lid, 1°, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 17 november 2006Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 17/11/2006 pub. 10/01/2007 numac 2006037012 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 15 december 2000 houdende vaststelling van de voorwaarden van toekenning van een persoonlijkassistentiebudget aan personen met een handicap en tot instelling van een spoedprocedure voor toekenning van een PAB voor snel degeneratieve aandoeningen type besluit van de vlaamse regering prom. 17/11/2006 pub. 10/01/2007 numac 2006037015 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de goedkeuring en subsidiëring van geïntegreerde woonprojecten voor personen met een handicap sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° punt a) wordt vervangen door wat volgt : « a) ALS (amyotrofe lateraalsclerose) »;2° punt b) wordt vervangen door wat volgt : « b) PLS (primaire lateraalsclerose) »;3° punt c) wordt vervangen door wat volgt : « c) PMA (progressieve musculaire atrofie) ». Art. 5.In artikel 10, § 4, van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 18 juni 2003 en 17 november 2006, wordt het vijfde lid opgeheven. Art. 6.In hetzelfde besluit wordt hoofdstuk VI, dat bestaat uit artikel 14 tot en met 16, vervangen door wat volgt : « Hoofdstuk VI. Het zorgconsulentschap Art. 14.De budgethouder kan een beroep doen op de begeleiding van een zorgconsulent. Art. 15.Het zorgconsulentschap kan opgenomen worden door een thuisbegeleidingsdienst of door een budgethoudersvereniging als
artikel 17, die door het agentschap als zorgconsulent is erkend. Om erkend te worden moeten de thuisbegeleidingsdiensten en budgethoudersverenigingen aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° een gemotiveerde aanvraag indienen;2° een opleiding over het PAB gevolgd hebben. In afwijking van artikel 2, § 2, 3°, en artikel 12, 2°, kan de budgethouder met het oog op de organisatie van de begeleiding van een zorgconsulent een overeenkomst sluiten met een van de diensten of verenigingen,
het eerste lid. Art. 16.De zorgconsulent wordt voor het zorgconsulentschap vergoed door de budgethouder. Het zorgconsulentschap wordt ingerekend bij de inschaling van het PAB overeenkomstig de bepalingen van artikel 8, § 1. Aan iedere budgethouder die met ingang van 1 september 2007 start met het PAB-budget verleent het agentschap boven op het hem toegekende PAB-budget een aanvullende subsidie van 150 euro voor het voeren van een verkennend gesprek over zorgconsulentschap met een zorgconsulent. Het subsidiebedrag,
het tweede lid, wordt betaald aan de zorgconsulent en wordt vanaf 1 januari 2008 jaarlijks aangepast overeenkomstig artikel 18, § 2. » Art. 7.In hetzelfde besluit wordt hoofdstuk VII, dat bestaat uit de artikel 17 tot en met 18, vervangen door wat volgt : « Hoofdstuk VII. - Budgethoudersverenigingen Art. 17.§ 1. Binnen de kredieten die hiervoor op zijn begroting zijn ingeschreven, kan het agentschap budgethoudersverenigingen erkennen. § 2. Om erkend te worden en erkend te blijven moet de budgethoudersvereniging aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° de vereniging moet georganiseerd zijn als een vereniging zonder winstoogmerk;2° minstens twee derde van de leden en twee derde van de bestuurders zijn budgethouders.De bestuurders mogen niet verbonden zijn, via een tewerkstelling of een functie als bestuurder, met een commerciële partner waarmee de budgethoudersvereniging een samenwerkingsverband heeft afgesloten; 3° de vereniging gaat de verbintenis aan om :
, worden vanaf 1 januari 2008 jaarlijks aangepast, rekening houdend met het indexcijfer der consumptieprijzen,
hoofdstuk II van het koninklijk besluit van 24 december 1993 ter uitvoering van de wet van 6 januari 1999 tot vrijwaring van 's lands concurrentievermogen, hierna G-index te noemen, volgens de formule : (basisbedrag x G-index december 20..)/G-index december 2006 § 3. De subsidies worden uitbetaald voor 1 februari van het kalenderjaar waarop ze betrekking hebben. Het bedrag van de subsidies,
, 2°, wordt vastgesteld op basis van de ledenlijst, die op dat ogenblik gekend is. Als nieuwe budgethouders zich aansluiten in de loop van het kalenderjaar, zal het agentschap per kwartaal voor de nieuw aangesloten leden de subsidies,
§ 4. Als erkende budgethoudersverenigingen fuseren kunnen zij de forfaitaire subsidie,
Art. 18bis.§ 1. Iedere budgethouder ontvangt van het agentschap een bedrag van 50 euro boven op het hem toegekende persoonlijke-assistentiebudget. Als de budgethouder lid wordt van een erkende budgethoudersvereniging, moet hij het bedrag van 50 euro,
het eerste lid, betalen aan de budgethoudersvereniging waarvan hij lid wordt. Als de budgethouder geen lid wordt van een budgethoudersvereniging kan hij het bedrag van 50 euro,
het eerste lid, besteden aan vergoedbare assistentie overeenkomstig artikel 10. § 2. Het subsidiebedrag,
» Art. 8.Artikel 19 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de besluiten van de Vlaamse Regering van 19 juli 2002 en 26 maart 2004, wordt vervangen door wat volgt : « Art. 19.De personeelsleden van het bevoegde agentschap controleren ter plaatse, zonder evenwel afbreuk te doen aan de onschendbaarheid van de woning, of op stukken de bepalingen van dit besluit worden nageleefd. De personen met een handicap aan wie een PAB werd toegekend, verlenen hun medewerking aan de uitoefening van het toezicht. Ze bezorgen aan de ambtenaren die voor het uitoefenen van het toezicht zijn aangewezen, de stukken die met de persoonlijke assistentie verband houden, als die daarom verzoeken. » Art. 9.Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2007, met uitzondering van artikel 2, dat in werking treedt op 1 september 2007. Art. 10.De Vlaamse minister, bevoegd voor de bijstand aan personen, is belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 19 juli 2007. De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin, S. VANACKERE
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.