(1), en een betrouwbare analysemethode (zoals IRMS) niet de exogene herkomst van de stof heeft aangetoond, kan de relevante Anti-Doping Organisatie nader onderzoek (laten) verrichten door eerdere testresultaten opnieuw te bekijken of nieuwe testen uit te voeren. Wanneer een dergelijk nader onderzoek noodzakelijk is, zal het laboratorium dit melden als atypisch en niet als belastend. Als het laboratorium rapporteert, gebaseerd op een betrouwbare analysemethode (zoals IRMS) dat de verboden stof van exogene herkomst is, is geen nader onderzoek nodig en is sprake de aanwezigheid van deze verboden stof in het monster. Wanneer een aanvullende betrouwbare analysemethode (zoals IRMS) niet is toegepast en er niet minimaal drie eerdere testresultaten beschikbaar zijn, dient de relevante Anti-Doping Organisatie de sporter ten minste drie keer onaangekondigd te controleren in een periode van drie maanden ten einde een longitudinaal profiel van de sporter vast te stellen. Als het longitudinale profiel van de sporter zoals vastgesteld uit de testen fysiologisch niet normaal is, zal het resultaat als een belastend analyseresultaat gemeld worden. In extreem zeldzame gevallen kan endogeen boldenon worden aangetroffen in zeer lage nanogram per milliliter (ng/
- ml)waarden in de urine. Wanneer een dergelijke zeer lage concentratie van boldenon wordt aangetroffen door een laboratorium en een betrouwbare analysemethode (zoals IRMS) heeft niet aangetoond dat de verboden stof van exogene herkomst is, kan nader onderzoek worden verricht door (een) nieuwe test(
- en)uit te voeren. Voor 19-norandrosteron geldt dat een belastend analyseresultaat, gerapporteerd door een laboratorium, wordt beschouwd als wetenschappelijk en valide bewijs voor de exogene herkomst van de verboden stof. In een dergelijk geval is nader onderzoek niet noodzakelijk. Wanneer een sporter weigert aan de onderzoeken mee te werken, is sprake van een overtreding van het dopingreglement. 2. Andere anabole middelen zoals, Clenbuterol, selectieve androgeen-receptormodulatoren (SARMs), tibolon, zeranol, zilpaterol. Met betrekking tot de gehele sectie S1 geldt : * "Exogeen" refereert aan een stof die van nature niet door het lichaam kan worden aangemaakt. ** "Endogeen" refereert aan een stof die van nature door het lichaam kan worden aangemaakt. S2. HORMONEN EN VERWANTE STOFFEN De volgende stoffen en hun releasing factors, zijn verboden : 1. Erytropoëtine (EPO, epoëtine) 2.Groeihormoon (GH, somatropine), Insuline-achtige Groeifactoren (zoals IGF1), Mechano Groeifactoren (MGFs) 3. Gonadotrope hormonen (zoals LH, HCG-humaan choriongonadotrofine), alleen voor mannen verboden 4.Insulines 5. Corticotrope hormonen (ACTH, tetracosactide) en andere stoffen met een vergelijkbare chemische structuur of vergelijkbare biologische werking, Er is sprake van een verboden stof in het monster wanneer de concentratie van de verboden stof, of haar metabolieten en/of relevante ratio's, in het monster van de sporter de waarden die normaal gevonden wordt bij mensen zodanig overschrijdt dat het niet consistent is met een normale endogene productie, tenzij een sporter kan aantonen dat de concentratie het gevolg is van een fysiologische of pathologische oorzaak. Wanneer het laboratorium, gebruikmakend van een betrouwbare analysemethode, rapporteert dat de verboden stof van exogene herkomst is, wordt het monster geacht een verboden stof te bevatten en zal een belastend analyseresultaat worden gerapporteerd. S3. B'TA-2 AGONISTEN Alle bèta-2 agonisten en hun D-en L-isomeren zijn verboden. Als uitzondering hierop vereist het gebruik van formoterol, salbutamol, salmeterol en terbutaline, toegediend per inhalatie, een dispensatie via de verkorte dispensatieprocedure. Ongeacht de aanwezigheid van een dispensatie, wordt een concentratie salbutamol (vrij salbutamol plus het glucuronideconjugaat) groter dan 1000 ng/ml als een belastend analyseresultaat beschouwd, tenzij een sporter kan bewijzen dat dit resultaat het gevolg was van het therapeutische gebruik van geïnhaleerde salbutamol. S4. HORMOON-ANTAGONISTEN EN MODULATOREN De volgende klassen zijn verboden : 1. aromatase-remmers, zoals anastrozol, letrozol, aminoglutethimide, exemestaan, formestaan, testolacton.2. selectieve oestrogeen-receptormodulatoren (SERMs), zoals raloxifeen, tamoxifen, toremifeen.3. andere anti-oestrogene stoffen zoals clomifeen, cyclofenil, fulvestrant.4. middelen die de myostatine-functie(
- s)beïnvloeden zoals myostatineremmers. S5. DIURETICA EN ANDERE MASKERENDE MIDDELEN Maskerende middelen zijn verboden. Daaronder vallen : Diuretica*, epitestosteron, probenecide, alfa-reductase remmers (zoals dutasteride, finasteride) en middelen die het plasmavolume vergroten (zoals albumine, dextran, hydroxy-ethylzetmeel (HES)) en andere stoffen met een vergelijkbare biologische werking. Tot de diuretica behoren : Acetazolamide, amiloride, bumetanide, canrenoïnezuur, chloortalidon, etacrynezuur, furosemide, indapamide, metolazon, spironolacton, thiaziden (zoals bendroflumethiazide, chloorthiazide, hydrochloorthiazide), triamtereen en andere stoffen met een vergelijkbare chemische structuur of vergelijkbare biologische werking (behalve drosperinon, dat niet verboden is). * Een dispensatie is niet geldig, wanneer de urine van de sporter, naast een diureticum tevens (een) verboden stof(fen) op of onder de grenswaarde bevat. VERBODEN METHODEN M1. VERBETERING VAN HET ZUURSTOFTRANSPORT De volgende methoden zijn verboden : 1. Bloeddoping, waaronder het gebruik van autoloog, homoloog of heteroloog bloed of rode bloedcelproducten van welke oorsprong dan ook.2. Het gebruik van middelen die de opname, het transport of de afgifte van zuurstof verbeteren zoals perfluorchemicaliën, efaproxiral (RSR-13) en gemodificeerde hemoglobineproducten (bijvoorbeeld bloedvervangingsmiddelen op basis van hemoglobine en hemoglobine in microcapsules). M2. CHEMISCHE EN FYSIEKE MANIPULATIE 1. Frauderen of poging tot frauderen ten einde de integriteit en validiteit van de monsters die afgenomen worden bij een dopingcontrole te veranderen, is verboden.Hieronder vallen onder andere catheterisatie en verwisseling van of frauderen met de urine. 2. Intraveneuze infusies zijn verboden.In een acute medische situatie waarbij deze methode moet worden toegepast, is het aanvragen van een dispensatie achteraf noodzakelijk. M3. GENETISCHE DOPING Het niet-therapeutische gebruik van cellen, genen, genetische bouwstenen, of het veranderen van de genetische expressie, waardoor de sportprestatie verbeterd kan worden, is verboden. II. STOFFEN EN METHODEN VERBODEN BINNEN WEDSTRIJDVERBAND In aanvulling op de categorieën S1-S5 en M1-M3 zijn de volgende categorieën binnen wedstrijdverband verboden : VERBODEN STOFFEN S6. STIMULANTIA Alle stimulantia (waaronder ook hun D-en L-isomeren wanneer van toepassing) zijn verboden, behalve imidazolinederivaten voor plaatselijk gebruik, en die stimulantia die zijn opgenomen in het "WADA Monitoring Program 2008"* Onder de stimulantia vallen : Adrafinil, adrenaline (epinefrine) ** amfepramon, amfetamine, amfetaminil, amifenazol, benzfetamine, benzylpiperazine, bromantan, cathine***, clobenzorex, cocaïne, cropropamide, crotetamide, cyclazodon, dimetamfetamine (dimethylamfetamine), efedrine****, etamivan, etilamfetamine, etilefrine, famprofazon, fenbutrazaat, fencamfamine, fencamine, fendimetrazine, fenetylline, fenfluramine, fenmetrazine, fenpromethamine, fenproporex, fentermine, 4fenylpiracetam (carfedon), furfenorex, heptaminol, hydroxyamfetamine (parahydroxyamfetamine), isomethepteen, levmetamfetamine, meclofenoxaat, mefenorex, mefentermine, mesocarb, metamfetamine(D-), p-methylamfetamine, methyleendioxyamfetamine, methyleendioxymetamfetamine, methylefedrine****, methylfenidaat, modafinil, nicethamide, norfenefrine, norfenfluramine, octopamine, ortetamine, oxilofrine, pemoline, pentetrazol, prolintan, propylhexedrine, selegiline, sibutramine, strychnine, tuaminoheptaan en andere stoffen met een vergelijkbare chemische structuur of vergelijkbare biologische werking. Een stimulantium dat niet met name genoemd wordt als voorbeeld in deze sectie, wordt alleen dan als "specifieke stof" beschouwd, wanneer de sporter kan aantonen dat de stof in het bijzonder vatbaar is voor het onbedoeld overtreden van de anti-doping regels vanwege de algemene aanwezigheid in medicinale producten of dat het minder voor de hand ligt dat een stof met succes als dopingmiddel zal worden gebruikt _______ Nota's * Stoffen die zijn opgenomen in het "WADA Monitoring Program 2008" (bupropion, coffeïne, fenylefrine, fenylpropanolamine, pipradol, pseudo-efedrine en synefrine (oxedrine)) worden niet als verboden beschouwd. ** Adrenaline, in combinatie met lokale anaesthetica of voor lokaal gebruik (bijvoorbeeld nasaal of oogheelkundig) is niet verboden. *** Cathine is verboden bij een concentratie in de urine hoger dan 5 microgram per milliliter. **** Zowel efedrine als methylefedrine zijn verboden bij een concentratie in de urine hogerdan 10 microgram per milliliter. S7. NARCOTICA De volgende narcotica zijn verboden : Buprenorfine, dextromoramide, diamorfine (heroïne), fentanyl en zijn derivaten, hydromorfon, methadon, morfine, oxycodon, oxymorfon, pentazocine en pethidine. S8. CANNABINODEN Cannabinoïden (hasj, marihuana, etc.) zijn verboden. S9. GLUCOCORTICOSTERODEN Alle glucocorticosteroïden zijn verboden wanneer oraal, rectaal, intraveneus of intramusculair toegediend. Voor het gebruik van glucocorticosteroïden op deze wijzen is een dispensatie noodzakelijk via de reguliere dispensatieprocedure. Voor het gebruik via andere toedieningswijzen (intra-articulaire, peri-articulaire, peritendineuse, epidurale, intracutane injecties en inhalatie) is een dispensatie noodzakelijk via de verkorte dispensatieprocedure, behalve voor gebruik via de hieronder genoemde toedieningswijzen. Lokale toepassingen zijn, wanneer gebruikt voor dermatologische (waaronder iontoforese en fonoforese), oculaire, auriculaire, nasale, buccale, gingivale en peri-anale aandoeningen, niet verboden en er is ook geen dispensatie voor nodig. III. STOFFEN VERBODEN IN BEPAALDE SPORTEN P1. ALCOHOL Alcohol (ethanol) is alleen binnen wedstrijdverband verboden in de onderstaande sporten. Detectie zal worden uitgevoerd door adem-en/of bloedanalyse. De voor de sport geldende grenswaarde (bloedwaarde) staat tussen haakjes. Autosport (0,10 g/
- l)Bowls (0,10 g/
- l)(alleen voor aangepast sporten) Handboogschieten (0,10 g/
- l)Karate (0,10 g/
- l)Luchtvaart (0,20 g/
- l)Moderne vijfkamp (0,10 g/
- l)(alleen bij schietonderdelen) Motorsport (0,10 g/
- l)Powerboaten (0,30 g/
- l)P2. B'TABLOKKERS (ss-RECEPTORBLOKKERENDE STOFFEN) Tenzij anders is aangegeven, zijn bètablokkers alleen verboden binnen wedstrijdverband in de volgende sporten : Autosport Biljart Bobslee Bowls (alleen voor aangepast sporten) Bridge Curling Gymnastiek Handboogschieten (ook buiten wedstrijdverband verboden) Jeu de boules Kegelen Luchtvaart Moderne vijfkamp (alleen bij schietonderdelen) Motorsport Powerboaten Schieten (ook buiten wedstrijdverband verboden) Skiën (bij schansspringen, snowboard (half pipe & big air) en free style (aerials & half pipe)) Worstelen Zeilen (alleen voor stuurlieden in het matchracen) Tot de bètablokkers behoren onder andere : acebutolol, alprenolol, atenolol, betaxolol, bisoprolol, bunolol, carteolol, carvedilol, celiprolol, esmolol, labetalol, levobunolol, metipranolol, metoprolol, nadolol, oxprenolol, pindolol, propranolol, sotalol en timolol. IV. SPECIFIEKE STOFFEN* « Specifieke stoffen"* worden hieronder genoemd : o Alle geïnhaleerde bèta-2 agonisten behalve salbutamol (vrij salbutamol plus het glucuronideconjugaat) groter dan 1 000 ng/ml en Clenbuterol (dat onder S1.2 Andere anabole middelen staat); o Alfa-reductase remmers, probenecide; o Cathine, cropropamide, crotetamide, efedrine, etamivan, famprofazon, fenpromethamine, heptaminol, isomethepteen, levmetamfetamine, meclofenoxaat, p-methylamfetamine, methylefedrine, nicethamide, norfenefrine, octopamine, ortetamine, oxilofrine, propylhexedrine, selegiline, sibutramine; tuaminoheptaan en elk ander stimulantium dat niet met name genoemd wordt onder sectie S6 maar waarvan een sporter kan vaststellen dat het voldoet aan de voorwaarden zoals genoemd in sectie S6. o Cannabinoïden; o Alle glucocorticosteroïden; o Alcohol; o Alle bètablokkers. « De dopinglijst kan specifieke stoffen vermelden die gemakkelijk kunnen leiden tot het onbedoeld overtreden van anti-dopingregels doordat ze veel worden gebruikt in medicijnen of waarvan het minder waarschijnlijk is dat ze met succes worden gebruikt als doping. » Een dopingovertreding betreffende een dergelijke stof kan leiden tot een verlaagde sanctie zoals gesteld in de Code op voorwaarde dat : "... een sporter kan aantonen dat het gebruik van een dergelijke specifiek genoemde stof niet is geschied met het oogmerk de sportprestaties te verbeteren..." Gezien om als bijlage V te worden gevoegd bij het besluit van de Regering van 10 juli 2008 houdende uitvoering, in het kader van de dopingbestrijding, van het decreet van 30 januari 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/01/2006 pub. 12/04/2006 numac 2006033028 bron ministerie van de duitstalige gemeenschap Decreet ter voorkoming van de gezondheidsschaden bij sportbeoefening sluiten ter voorkoming van de gezondheidsschaden bij sportbeoefening. Eupen, 10 juli 2008. Voor de Regering van de Duitstalige Gemeenschap : De Minister-President, Minister van Lokale Besturen, K.-H. LAMBERTZ De vice-minister-President, Minister van Vorming en Werkgelegenheid, Sociale Aangelegenheden en Toerisme, B. GENTGES De Minister van Cultuur en Media, Monumentenzorg, Jeugd en Sport, Mevr. I. WEYKMANS