← België

Decreet betreffende de steun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie in Wallonië

3 JULI 2008. - Decreet betreffende de steun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie in Wallonië (1) Het Waals Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK I. -

Art. 35

.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die zij uitvoert in verband met een steunaanvraag die ingediend wordt door een kleine onderneming of een middelgrote onderneming met het oog op de indiening van één of meerdere brevetaanvragen, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor het verkijgen en de validering van dat brevet of die brevetten. Het feit dat het onderzoek waaruit de resultaten voortvloeien waarop de brevetaanvraag (-aanvragen) betrekking heeft (hebben) geheel, gedeeltelijk dan wel helemaal niet voor steun in aanmerking is gekomen van het Waalse Gewest of een andere entiteit, vormt geen voorwaarde voor de toekenning van de subsidie. Art. 36.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° alle voorheen gemaakte kosten voor de toekenning van de rechten bij de eerste rechtbank, met inbegrip van de kosten voor de uitwerking, de indiening en de opvolging van de aanvraag, en de kosten voor de verlenging van de aanvraag vóór de toekenning van de rechten;2° de kosten voor de vertaling en andere in verband met het verkrijgen of de validering van de rechten bij andere rechtbanken;3° de kosten voor de verdediging van de geldigheid van de rechten in het kader van de officiële opvolging van de aanvraag of de aanvragen en eventuele vorderingen in verzet, zelfs als die kosten gemaakt zijn na de toekenning van de rechten. Art. 37.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan volgende cijfers bedragen : 1° 70 voor een kleine onderneming als het onderzoek waaruit de resultaten voortvloeien in verband met de brevetaanvraag (-aanvragen) hoofdzakelijk valt onder industrieel onderzoek;2° 60 voor een middelgrote onderneming als het onderzoek waaruit de resultaten voortvloeien in verband met de brevetaanvraag (-aanvragen) hoofdzakelijk valt onder industrieel onderzoek;3° 45 voor een kleine onderneming als het onderzoek waaruit de resultaten voortvloeien in verband met de brevetaanvraag (-aanvragen) hoofdzakelijk valt onder experimentele ontwikkeling;4° 35 voor een middelgrote onderneming als het onderzoek waaruit de resultaten voortvloeien in verband met de brevetaanvraag (-aanvragen) hoofdzakelijk valt onder experimentele ontwikkeling. Art. 38.Het feit dat de subsidie wordt toegekend heeft niet tot gevolg dat het Waalse Gewest rechten verkrijgt op het uitgereikte brevet of de uitgereikte brevetten. Art. 39.De Regering kan beslissen tot de uitbreiding van de subsidies beoogd bij deze afdeling naar andere wijzen van bescherming van de industriële eigendom, met inachtneming van de artikelen 36 en

  1. Afdeling
  2. - Subsidies aan innoverende starters Art. 40.De Regering kan een subsidie toekennen aan een onderneming die een innoverende starter is op de datum van toekenning van die subsidie, in het kader van een oproep tot de kandidaten op grond van de rangschikking van de kandidaten voorgesteld door de jury van de oproep. Art. 41.In de oproep tot de kandidaten worden onder meer vermeld : 1° het doel van de oproep die betrekking heeft op het industrieel onderzoek of de experimentele ontwikkeling van de kandidaten;2° de nadere regels over de wijze waarop de externe en onafhankelijke deskundigen waarvan sprake in artikel 9, 1°, of de externe accountants waarvan sprake in artikel 9, 2°, handelen om na te gaan of de kandidaten weldegelijk voldoen aan de definitie van innoverende starter;3° de criteria aan de hand waarvan de jury de kandidaten beoordeelt en rangschikt waarbij bij voorrang rekening wordt gehouden met het valorisering- en groeipotentieel van de activiteiten en met de capaciteiten die de onderneming in dat opzicht bezit;4° de subsidie-intensiteit en de periode waarin de subsidie de toelaatbare uitgaven dekt. Art. 42.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 100 bedragen. Art. 43.De subsidie kan allerlei uitgaven dekken. Zij bedraagt maximum 500.000 euro. Art. 44.Een innoverende starter kan één enkele keer in aanmerking komen voor een subsidie beoogd bij deze afdeling. Art. 45.Tijdens de drie jaar volgend op de datum van toekenning van een subsidie beoogd bij deze afdeling aan een innoverende starter, kan de Regering hem enkel het volgende toekennen : 1° andere steunvormen beoogd bij dit decreet;2° steun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie niet beoogd bij dit decreet, maar ofwel goedgekeurd door de Europese Unie ofwel vrijgesteld krachtens een Europese verordening;3° steun voor risicokapitaal. Afdeling
  3. - Subsidies voor procesinnovaties in de dienstverlening Art. 46.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die ze uitvoert in verband met een project voor een procesinnovatie in de dienstverlening dat ingediend wordt door een kleine onderneming of een middelgrote onderneming, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor de uitvoering van dat project als aan de drie volgende voorwaarden tegelijk wordt voldaan : 1° de projectkosten worden berekend, het project houdt een duidelijk risico in en staat onder de leiding van een gekende en gekwalificeerde projectleider;2° het project beoogt de definiëring van een norm, een model, een methodologie of een begrip uit de economie die systematisch herhaald, indien mogelijk gehomologeerd of gebrevetteerd kunnen worden;3° de procesinnovatie is een vernieuwing of een gevoelige verbetering in vergelijking met de stand van techniek in de betrokken sector in de Europese Unie, waarbij het vernieuwend karakter met name aangetoond kan worden door een nauwkeurige omschrijving van de innovatie, vergeleken met de verstgevorderde processen gebruikt door andere ondernemingen van dezelfde sector. Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die zij uitvoert in verband met een project voor een procesinnovatie in de dienstverlening ingediend door een niet-autonome onderneming van beperkte omvang, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor de uitvoering van dat project als de drie voorwaarden waarvan sprake in lid 1 tegelijk vervuld zijn en als het project daarnaast uitgevoerd wordt in samenwerking met ofwel een kleine onderneming of een middelgrote onderneming die minstens 30 % van de toelaatbare uitgaven draagt ofwel meerdere kleine ondernemingen of middelgrote ondernemingen die samen minstens 30 % van de toelaatbare uitgaven dragen. Art. 47.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeelsuitgaven met betrekking tot de onderzoekers, technici en ander steunverlenend personeel voor zover ze ingezet worden voor de uitvoering van het project;2° de kosten voor de instrumenten en het materieel, voor zover en zolang ze gebruikt worden voor de uitvoering van het project;als die instrumenten en dat materieel niet tijdens hun hele levensduur gebruikt worden voor de uitvoering van het project, komen enkel de overeenkomstig de goede boekhoudpraktijken berekende afschrijvingskosten die overeenstemmen met de duur van het project in aanmerking; 3° de kosten van het contractueel onderzoek, de technische kennis en de brevetten die aangekocht worden of onder een licentie staan van bronnen buiten de marktprijs, indien de verrichting plaatsvindt in normale concurrentieomstandigheden en er geen enkel element van samenspanning bestaat, tevens de kosten voor de diensten van adviseurs en gelijksoortige diensten die uitsluitend ingezet worden voor de uitvoering van het project;4° de bijkomende algemene kosten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;5° de andere bedrijfskosten, meer bepaald de kosten voor gelijksoortig materieel, gelijksoortige leveringen en producten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project. Art. 48.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan volgende cijfers bedragen : 1° 35 voor een kleine onderneming;2° 25 voor een middelgrote onderneming;3° 15 voor een niet-autonome onderneming van beperkte omvang. Art. 49.Het feit dat de subsidie wordt toegekend heeft niet tot gevolg dat het Waalse Gewest zakelijke rechten verkrijgt op de resultaten van het project. Afdeling
  4. - Subsidies voor organisatie-innovaties in de dienstverlening Art. 50.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die ze uitvoert in verband met een project voor een organisatie-innovatie in de dienstverlening ingediend door een kleine onderneming of door een middelgrote onderneming, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor de uitvoering van dat project als aan de vier volgende voorwaarden tegelijk wordt voldaan : 1° de projectkosten worden berekend, het project houdt een duidelijk risico in en staat onder de leiding van een gekende en gekwalificeerde projectleider;2° het project slaat op een innovatie voor het gebruik en de exploitatie van informatie- en communicatietechnologieën met het oog op de wijziging van de organisatie;3° het project beoogt de definiëring van een norm, een model, een methodologie of een begrip uit de economie die systematisch herhaald, indien mogelijk gehomologeerd of gebrevetteerd kunnen worden;4° de organisatie-innovatie is een vernieuwing of een gevoelige verbetering in vergelijking met de stand van techniek in de betrokken sector in de Europese Unie, waarbij het vernieuwend karakter met name aangetoond kan worden door een nauwkeurige omschrijving van de innovatie, vergeleken met de verstgevorderde technieken gebruikt door andere ondernemingen van dezelfde sector. Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die zij uitvoert in verband met een project voor een organisatie-innovatie in de dienstverlening ingediend door een niet-autonome onderneming van beperkte omvang, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor de uitvoering van dat project als de vier voorwaarden waarvan sprake in lid 1 tegelijk vervuld zijn en als het project daarnaast uitgevoerd wordt in samenwerking met ofwel een kleine onderneming of een middelgrote onderneming die minstens 30 % van de toelaatbare uitgaven draagt ofwel meerdere kleine ondernemingen of middelgrote ondernemingen die samen minstens 30 % van de toelaatbare uitgaven dragen. Art. 51.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeelsuitgaven met betrekking tot de onderzoekers, technici en ander steunverlenend personeel voor zover ze ingezet worden voor de uitvoering van het project;2° de kosten voor de informatica-instrumenten en het informaticamaterieel, voor zover en zolang ze gebruikt worden voor de uitvoering van het project;als die instrumenten en dat materieel niet tijdens hun hele levensduur gebruikt worden voor de uitvoering van het project, komen enkel de overeenkomstig de goede boekhoudpraktijken berekende afschrijvingskosten die overeenstemmen met de duur van het project in aanmerking; 3° de kosten van het contractueel onderzoek, de technische kennis en de brevetten die aangekocht worden of onder een licentie staan van bronnen buiten de marktprijs, indien de verrichting plaatsvindt in normale concurrentieomstandigheden en er geen enkel element van samenspanning bestaat, tevens de kosten voor de diensten van adviseurs en gelijksoortige diensten die uitsluitend ingezet worden voor de uitvoering van het project;4° de bijkomende algemene kosten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;5° de andere bedrijfskosten, meer bepaald de kosten voor gelijksoortig materiaal, gelijksoortige leveringen en producten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project. Art. 52.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan volgende cijfers bedragen : 1° 35 voor een kleine onderneming;2° 25 voor een middelgrote onderneming;3° 15 voor een niet-autonome onderneming van beperkte omvang. Art. 53.Het feit dat de subsidie wordt toegekend heeft niet tot gevolg dat het Waalse Gewest zakelijke rechten verkrijgt op de resultaten van het project. Afdeling
  5. - Subsidies voor advies- en steunverlening voor innovatie Art. 54.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die zij uitvoert in verband met een steunaanvraag die ingediend wordt door een kleine onderneming of een middelgrote onderneming om op advies- en steunverlening voor innovatie een beroep te doen, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor die dienstverlening. Art. 55.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn de kosten die de externe dienstverlener(s) maakt (maken) om zijn diensten uit te voeren. Die dienstverlening kan bestaan uit : 1° adviezen voor het beheer van de technologische innovatie, adviezen over het gebruik van de normen, de technologische bijstand, de technologietransfer, de opleiding inzake of adviezen voor de aankoop, de bescherming en de uitwisseling van intellectuele eigendomsrechten en voor de octrooilicentieovereenkomsten;2° raadplegingen van gegevensbanken, raadplegingen van technische bibliotheken, marktonderzoeken, het gebruik van laboratoria, kwaliteitslabelling, testen en certificaties. De toelaatbare uitgaven worden beperkt tot de kosten die overeenstemmen met de marktprijzen of, als de dienstverlener een entiteit zonder winstgevend doel is, met de prijs die de kosten van die dienstverlener weerspiegelt, vermeerderd met een redelijke marge. Art. 56.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 75 bedragen. Art. 57.Over een periode van 36 maanden kan eenzelfde kleine onderneming of middelgrote onderneming subsidies beoogd bij deze afdeling krijgen voor een totaalbedrag van maximum 200.000 euro. Afdeling
  6. - Subsidies voor de tijdelijke indienstneming van personeel Art. 58.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die ze uitvoert in verband met een tegemoetkomingsaanvraag ingediend door een kleine onderneming of een middelgrote onderneming om een hooggekwalificeerd persoon in dienst te nemen inzake onderzoek en innovatie, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor die indienstneming als aan de vier volgende voorwaarden tegelijk wordt voldaan : 1° de persoon is gedetacheerd door een grote onderneming, een publieke onderzoeksinstelling, een universitaire afdeling, een afdeling van een hogeschool of een onderzoekscentrum nadat zij er minstens 24 maanden heeft gewerkt;2° de kleine onderneming of de middelgrote onderneming stelt die persoon niet in de plaats van andere loontrekkenden;3° de kleine onderneming of de middelgrote onderneming stelt die persoon in het bedrijf tewerk in een nieuwe functie voor onderzoek en innovatie tijdens maximum 36 maanden;4° als die aanstelling afloopt, heeft de persoon het recht om terug te keren naar de entiteit die hem/haar gedetacheerd heeft. Art. 59.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de uitgaven voor de aanwerving van de persoon;2° de personeelsuitgaven voor die persoon tijdens de duur van zijn/haar indienstneming door de kleine onderneming of de middelgrote onderneming;3° de reiskosten van die persoon tijdens dezelfde periode. Art. 60.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 50 bedragen. HOOFDSTUK IV. - Subsidies aan de openbare onderzoeksinstellingen, de universitaire afdelingen en de afdelingen van een hogeschool Afdeling
  7. - Subsidies voor industrieel onderzoek Art. 61.Voor de uitvoering van een industrieel onderzoeksproject ingediend door één of meerdere publieke onderzoeksinstellingen, universitaire afdelingen of afdelingen van een hogeschool, kan de Regering haar of hen een subsidie toekennen : 1° ofwel in het kader van een themaprogramma van het Waalse Gewest waarvoor er een oproep tot indiening van projecten is uitgeschreven, op grond van de rangschikking van de projecten voorgesteld door de jury van het programma afgaand op de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieucriteria bepaald in de oproep;2° ofwel op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling van het project als dat project wegens zijn aard, omvang, organisatie of dringend karakter onmogelijk kan worden ingediend als antwoord op een oproep tot indiening van projecten;in dat geval kan de Regering alleen of met de bijstand van externe deskundigen de beoordeling uitvoeren. Als één of meerdere erkende onderzoekscentra samenwerken aan de uitvoering van het project, kan de Regering aan het centrum (de centra) een subsidie toekennen als bedoeld in de artikelen 79 tot
  8. Die subsidie valt niet onder de regeling van de artikelen 62 tot
  9. Art. 62.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeelsuitgaven met betrekking tot de onderzoekers, technici en ander steunverlenend personeel voor zover ze ingezet worden voor de uitvoering van het project;2° de kosten voor de instrumenten het materieel gebruikt voor de uitvoering van het project;3° de kosten van het contractueel onderzoek, de technische kennis en de brevetten die aangekocht worden of onder een licentie staan van bronnen buiten de marktprijs, indien de verrichting plaatsvindt in normale concurrentieomstandigheden en er geen enkel element van samenspanning bestaat, tevens de kosten voor de diensten van adviseurs en gelijksoortige diensten die uitsluitend ingezet worden voor de uitvoering van het project;4° de bijkomende algemene kosten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;5° de andere bedrijfskosten, meer bepaald de kosten voor gelijksoortig materieel, gelijksoortige leveringen en producten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project. Art. 63.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 100 bedragen. Art. 64.Het feit dat de subsidie wordt toegekend heeft niet tot gevolg dat het Waalse Gewest zakelijke rechten verkrijgt op de resultaten van het project. Art. 65.De Regering kan wijzigingen vastleggen in de wet-, decreet- of regelgevende instrumenten die gelden voor elke soort steun voor onderzoek, ontwikkeling of innovatie die niet beoogd worden bij dit decreet, ten behoeve van publieke onderzoeksinstellingen, universitaire afdelingen of afdelingen van een hogeschool, voor zover die wijzigingen er niet toe strekken dat de toekenning van de steun het Waalse Gewest zakelijke rechten doet verkrijgen op de resultaten van het gesteunde project. Afdeling
  10. - Subsidies

Art. 66

.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die ze uitvoert met betrekking tot een tegemoetkomingsaanvraag ingediend door één of meerdere universitaire afdelingen of afdelingen van een hogeschool voor de indiening van één of meerdere brevetaanvragen, kan de Regering haar (hen) een subsidie toekennen voor de verkrijging en de validering van dat brevet (die brevetten). De Regering kan aan één of meerdere universitaire afdelingen of afdelingen van een hogeschool een globale subsidie toekennen die dienovereenkomstig moet dienen voor de verkrijging en de validering van haar (hun) toekomstige indieningen van brevetaanvragen. De globale subsidie geldt enkel voor de brevetten waarvan de aanvraag positief beoordeeld is door de Regering vanuit wetenschappelijk, economisch, financieel en leefmilieu-oogpunt. Art. 67.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° alle voorheen gemaakte kosten voor de toekenning van de rechten bij de eerste rechtbank, met inbegrip van de kosten voor de uitwerking, de indiening en de opvolging van de aanvraag, en de kosten voor de verlenging van de aanvraag vóór de toekenning van de rechten;2° de kosten voor de vertaling en andere in verband met het verkrijgen of de validering van de rechten bij andere rechtbanken;3° de kosten voor de verdediging van de geldigheid van de rechten in het kader van de officiële opvolging van de aanvraag of de aanvragen en eventuele vorderingen in verzet, zelfs als die kosten gemaakt zijn na de toekenning van de rechten. Die uitgaven zijn toelaatbaar ongeacht of het onderzoek waaruit de resultaten voortvloeien waarop de brevetaanvraag (-aanvragen) betrekking heeft (hebben) geheel, gedeeltelijk dan wel helemaal niet voor steun in aanmerking is gekomen van het Waalse Gewest of een andere entiteit. Art. 68.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 100 bedragen. Art. 69.De toekenning van de subsidie heeft niet tot gevolg dat er rechten op dat uitgereikte brevet (die uitgereikte brevetten) verleend worden aan het Waalse Gewest. Art. 70.De Regering kan beslissen tot de uitbreiding van de subsidies beoogd bij deze afdeling naar andere wijzen van bescherming van de industriële eigendom. Afdeling

  1. - Subsidies voor de tijdelijke indienstneming van personeel Art. 71.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die ze uitvoert in verband met een project voor de indienstneming van een persoon, ingediend door een universitaire afdeling of een afdeling van een hogeschool, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor die indienstneming als één van beide volgende voorwaarden vervuld is : 1° de persoon is een onderzoeker die door de universitaire afdeling of de afdeling van een hogeschool wordt ingezet in een nieuwe industrieel-onderzoeksfunctie en die door haar periodiek op stages gestuurd wordt die te maken hebben met die functie in ondernemingen met een hoog wetenschappelijk en technisch deskundigheidsniveau;2° de persoon heeft een ruime ervaring inzake de intellectuele eigendom en de valorisering van onderzoeksresultaten en de universitaire afdeling of de afdeling van een hogeschool zet die persoon in voor taken in verband met de industriële en zakelijke bescherming en valorisering van onderzoeksresultaten. De subsidie waarvan sprake in lid 1 mag niet meer dan 60 maanden indienstneming betreffen. Art. 72.Bij indienstneming van een onderzoeker als bedoeld in artikel 71, lid 1, 1°, zijn de toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen : 1° de personeels- en werkingsuitgaven eigen aan de indienstgenomen onderzoeker;2° de kosten van zijn opdrachten, opleidingen, specifieke documentatie en stages;3° de bijkomende kosten die ze draagt voor diens inzet bij industriële onderzoeksprojecten. Bij indienstneming van een persoon als bedoeld in artikel 71, lid 1, 2°, zijn de toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen : 1° de personeels- en werkingsuitgaven eigen aan de indienstgenomen persoon;2° de kosten van zijn/haar opdrachten, opleidingen, specifieke documentatie en stages. Art. 73.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 100 bedragen. HOOFDSTUK V. - Subsidies voor de erkende onderzoekscentra Afdeling
  2. - Erkenning van de onderzoekscentra Art. 74.De Regering bepaalt de erkenningsvoorwaarden die gelden voor elk onderzoekscentrum. Die voorwaarden hebben met name betrekking op : 1° de kenmerken van het door het onderzoekscentrum gevoerde onderzoek voor industriedoeleinden;2° diens activiteiten op het gebied van technologische voorlichting, technologische bewaking, technologietransfers en technologische adviezen;3° de acties die het onderneemt om over activiteiten te informeren;4° diens vestigingseenheid(-eenheden);5° de organisatie van zijn activiteiten in functie van de behoeften en de typologie van de ondernemingen tot wie het centrum zich richt;6° zijn situatie inzake normen voor het kwaliteits- en leefmilieumanagement;7° zijn zelffinancieringscapaciteit;8° zijn boekhouding;9° de aanwezigheid van vertegenwoordigers van de industrie in zijn beheers- en beslissingsorganen. Art. 75.De Regering erkent het onderzoekscentrum dat een erkenningsaanvraag indient en dat beschouwd wordt als elke van de erkenningsvoorwaarden, bepaald krachtens artikel 74, vervullend. Als één enkele vestigingseenheid of slechts bepaalde vestigingseenheden van het onderzoekscentrum aan elke van die voorwaarden voldoet, kan de Regering de erkenning beperken tot die vestigingseenheid(-eenheden). Art. 76.Er wordt een erkenningscommissie opgericht waarvan de leden vertegenwoordigers zijn van de Regering, externe deskundigen en vertegenwoordigers van de "Conseil économique et social de la Région Wallonne" (Sociaal-Economische Raad van het Waalse Gewest). Alle leden worden voor een bepaalde duur benoemd. De erkenningscommissie strekt ertoe, telkens als er een onderzoekscentrum een erkenningsaanvraag indient, een gemotiveerd voorstel uit te werken waarin zij aangeeft of het centrum al dan niet aan elke erkenningsvoorwaarde voldoet en waarin zij kan opperen dat de erkenning beperkt wordt tot één of meerdere vestigingseenheden. Over elk gemotiveerd voorstel wordt gedelibereerd en gestemd tijdens een vergadering van de erkenningscommissie. Art. 77.De Regering bepaalt : 1° de samenstelling van de erkenningscommissie, de nadere regels voor de aanwijzing van de leden en de duur van hun mandaat;2° de nadere regels voor de werking van de erkenningscommissie, met name voor de beraadslagingen en besluiten;3° de procedure voor de erkenning van het onderzoekscentrum dat ze aanvraagt;4° duur en beoordeling van de erkenning;5° de procedure van beroep tegen de beslissingen tot weigering of intrekking van een erkenning. Zij kan elke bijkomende opdracht aan de erkenningscommissie bepalen voor zover die opdracht onder de steun, de positionering of de beoordeling van de onderzoekscentra valt of ressorteert onder de samenwerkingsverbanden die die centra moeten aangaan. Afdeling
  3. - Subsidies voor industrieel onderzoek en experimentele ontwikkeling Art. 78.Voor de uitvoering van een industrieel onderzoeks- of een experimenteel ontwikkelingsproject ingediend door één of meerdere publieke onderzoekscentra, kan de Regering het centrum (de centra) een subsidie toekennen : 1° ofwel in het kader van een themaprogramma van het Waalse Gewest waarvoor er een oproep tot indiening van projecten is uitgeschreven, op grond van de rangschikking van de projecten voorgesteld door de jury van het programma afgaand op de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieucriteria bepaald in de oproep;2° ofwel op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling van het project als dat project wegens zijn aard, omvang, organisatie of dringend karakter onmogelijk kan worden ingediend als antwoord op een oproep tot indiening van projecten;in dat geval kan de Regering alleen of met de bijstand van externe deskundigen de beoordeling uitvoeren. Als één of meerdere erkende onderzoeksinstellingen, universitaire afdelingen of afdelingen van een hogeschool samenwerken aan de uitvoering van het project, kan de Regering haar (hen) een subsidie toekennen als bedoeld in de artikelen 62 tot
  4. Die subsidie valt niet onder de regeling van de artikelen 79 tot
  5. Art. 79.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeelsuitgaven met betrekking tot de onderzoekers, technici en ander steunverlenend personeel voor zover ze ingezet worden voor de uitvoering van het project;2° de kosten voor de instrumenten en het materieel gebruikt voor de uitvoering van het project;3° de kosten van het contractueel onderzoek, de technische kennis en de brevetten die aangekocht worden of onder een licentie staan van bronnen buiten de marktprijs, indien de verrichting plaatsvindt in normale concurrentieomstandigheden en er geen enkel element van samenspanning bestaat, tevens de kosten voor de diensten van adviseurs en gelijksoortige diensten die uitsluitend ingezet worden voor de uitvoering van het project;4° de bijkomende algemene kosten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;5° de andere bedrijfskosten, meer bepaald de kosten voor gelijksoortig materiaal, gelijksoortige leveringen en producten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project. Art. 80.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 75 bedragen. Art. 81.Het feit dat de subsidie wordt toegekend heeft niet tot gevolg dat het Waalse Gewest zakelijke rechten verkrijgt op de resultaten van het project. Afdeling
  6. - Subsidies

Art. 82

.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die zij uitvoert in verband met een steunaanvraag die ingediend wordt door één of meerdere onderzoekscentra, kan de Regering een subsidie toekennen voor het verkijgen en de validering van dat brevet of die brevetten. De Regering kan aan één of meerdere erkende onderzoekscentra een globale subsidie toekennen die dienovereenkomstig moet dienen voor de verkrijging en de validering van zijn (hun) toekomstige indieningen van brevetaanvragen. De globale subsidie geldt enkel voor de brevetten waarvan de aanvraag positief beoordeeld is door de Regering vanuit wetenschappelijk, economisch, financieel en leefmilieu-oogpunt. Art. 83.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° alle voorheen gemaakte kosten voor de toekenning van de rechten bij de eerste rechtbank, met inbegrip van de kosten voor de uitwerking, de indiening en de opvolging van de aanvraag, en de kosten voor de verlenging van de aanvraag vóór de toekenning van de rechten;2° de kosten voor de vertaling en andere in verband met het verkrijgen of de validering van de rechten bij andere rechtbanken;3° de kosten voor de verdediging van de geldigheid van de rechten in het kader van de officiële opvolging van de aanvraag of de aanvragen en eventuele vorderingen in verzet, zelfs als die kosten gemaakt zijn na de toekenning van de rechten. Die uitgaven zijn toelaatbaar ongeacht of het onderzoek waaruit de resultaten voortvloeien waarop de brevetaanvraag (-aanvragen) betrekking heeft (hebben) geheel, gedeeltelijk dan wel helemaal niet voor steun in aanmerking is gekomen van het Waalse Gewest of een andere entiteit. Art. 84.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 75 bedragen. Art. 85.De toekenning van de subsidie heeft niet tot gevolg dat het Waalse Gewest rechten op dat uitgereikte brevet (die uitgereikte brevetten) verleend worden. Art. 86.De Regering kan beslissen tot de uitbreiding van de subsidies beoogd bij deze afdeling naar andere wijzen van bescherming van de industriële eigendom. Afdeling

  1. - Subsidies voor technologische voorlichting en technologische bewaking Art. 87.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die zij uitvoert in verband met een technologisch bewakings- of voorlichtingsproject ingediend door één of meerdere erkende onderzoekscentra, kan de Regering haar een subsidie toekennen voor de uitvoering van dat project. Art. 88.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeelsuitgaven met betrekking tot de onderzoekers, technici en ander steunverlenend personeel voor zover ze ingezet worden voor de uitvoering van het project;2° de kosten voor de instrumenten en het materieel gebruikt voor de uitvoering van het project;3° de bijkomende algemene kosten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;4° de andere bedrijfskosten, meer bepaald de kosten voor gelijksoortig materiaal, gelijksoortige leveringen en producten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project. Art. 89.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 75 bedragen. Art. 90.Het feit dat de subsidie wordt toegekend heeft niet tot gevolg dat het Waalse Gewest zakelijke rechten verkrijgt op de resultaten van het project. Afdeling
  2. - Subsidies voor de tijdelijke indienstneming van personeel Art. 91.Op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling die ze uitvoert in verband met een steunaanvraag ingediend door een erkend onderzoekscentrum om een onderzoeker in dienst te nemen die ingezet wordt in een nieuwe functie inzake industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling en die periodiek op stages gestuurd wordt in verband met die functie in universitaire afdelingen of afdelingen van een hogeschool in het buitenland, kan de Regering een subsidie toekennen met betrekking tot die indienstneming. Die subsidie mag niet meer dan 60 maanden indienstneming dekken. Art. 92.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeels- en werkingsuitgaven eigen aan de indienstgenomen onderzoeker;2° de kosten van zijn opdrachten, opleidingen, specifieke documentatie en stages;3° de bijkomende kosten die het draagt voor diens inzet bij industriële onderzoeks- of experimentele ontwikkelingsprojecten. Art. 93.De subsidie-intensiteit, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 75 bedragen. HOOFDSTUK VI. - Samenwerkingsverbanden voor technologische innovatie Art. 94.Voor de uitvoering van een industrieel onderzoeksproject, een experimenteel ontwikkelingsproject of een industrieel onderzoeks- en experimenteel ontwikkelingsproject, ingediend in het kader van een samenwerkingsverband voor technologische innovatie, kan de Regering steun verlenen : 1° ofwel in het kader van een oproep tot de indiening van projecten, op grond van de klassering van de projecten voorgesteld door de jury van de oproep afgaand op de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieucriteria waarvan sprake in de oproep;2° ofwel in het kader van een specifieke oproep tot het indienen van projecten, waarvan de nadere regels door de Regering worden bepaald;3° op grond van de wetenschappelijke, technische, economische, financiële en leefmilieubeoordeling van het project die de Regering alleen of bijgestaan door externe deskundigen kan doorvoeren. Art. 95.Voor éénzelfde project kent de Regering deze afzonderlijke steunvormen toe voor zover ze als doel hebben : 1° ofwel een globale subsidie voor de publieke onderzoeksinstellingen, de universitaire afdelingen en de afdelingen van een hogeschool die meewerken aan de uitvoering van het project, ofwel een subsidie aan de entiteit of aan elke entiteit van één van die soorten die meewerken aan de uitvoering van het project;2° ofwel een globale subsidie voor de erkende onderzoekscentra die meewerken aan de uitvoering van het project, ofwel een subsidie aan het erkende onderzoekscentrum of aan elk erkend onderzoekscentrum dat meewerkt aan de uitvoering van het project;3° ofwel een globale subsidie aan de ondernemingen die meewerken aan de uitvoering van het project via industrieel onderzoek, ofwel een subsidie aan de onderneming of aan elke onderneming die meewerkt aan de uitvoering van het project via industrieel onderzoek;4° ofwel globale steun aan de ondernemingen die meewerken aan de uitvoering van het project via experimentele ontwikkeling, ofwel steun aan de onderneming of aan elke onderneming die meewerkt aan de uitvoering van het project via experimentele ontwikkeling. In het eerste geval waarvan sprake in lid 1, 4°, kan de globale steun bestaan uit ofwel een subsidie, ofwel een terugbetaalbaar voorschot naar gelang de ondernemingen de éne of andere steunvorm hebben aangevraagd. In het tweede geval waarvan sprake in lid 1, 4°, kan elke steunvorm bestaan uit ofwel een subsidie, ofwel een terugvorderbaar voorschot, al naar gelang de beoogde onderneming ofwel de ene of andere steunvorm heeft aangevraagd, tenzij de Regering de ondernemingen die meewerken aan de uitvoering van het project via experimentele ontwikkeling verplicht om allemaal dezelfde soort steun aan te vragen, waarbij hen de keuze gelaten wordt tussen subsidie en terugvorderbaar voorschot. Art. 96.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeelsuitgaven met betrekking tot de onderzoekers, technici en ander steunverlenend personeel voor zover ze ingezet worden voor de uitvoering van het project;2° de kosten voor de instrumenten en het materieel, voor zover en zolang ze gebruikt worden voor de uitvoering van het project;als die instrumenten en dat materiaal niet tijdens hun hele levensduur gebruikt worden voor de uitvoering van het project, komen enkel de overeenkomstig de goede boekhoudpraktijken berekende afschrijvingskosten die overeenstemmen met de duur van het project in aanmerking; 3° de kosten van het contractueel onderzoek, de technische kennis en de brevetten die aangekocht worden of onder een licentie staan van bronnen buiten de marktprijs, indien de verrichting plaatsvindt in normale concurrentieomstandigheden en er geen enkel element van samenspanning bestaat, tevens de kosten voor de diensten van adviseurs en gelijksoortige diensten die uitsluitend ingezet worden voor de uitvoering van het project;4° de bijkomende algemene kosten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;5° de andere bedrijfskosten, meer bepaald de kosten voor gelijksoortig materiaal, gelijksoortige leveringen en producten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project. Art. 97.De intensiteit van de subsidies aan de publieke onderzoeksinstellingen, de universitaire afdelingen en de afdelingen van een hogeschool, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 100 bedragen. Die intensiteit is maximaal als het project in aanmerking komt voor een oproep als bedoeld in artikel 94, 2°. Art. 98.De intensiteit van de subsidies aan de erkende onderzoekscentra, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan 75 bedragen. Die intensiteit is maximaal als het project in aanmerking komt voor een oproep als bedoeld in artikel 94, 2°. Art. 99.De intensiteit van de subsidies aan de ondernemingen voor hun industrieel onderzoek, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan volgende cijfers bedragen : 1° 80 voor een kleine onderneming;2° 75 voor een middelgrote onderneming;3° 65 voor een grote onderneming. Die intensiteit is maximaal als het project in aanmerking komt voor een oproep als bedoeld in artikel 94, 2°. Art. 100.De intensiteit van de subsidies aan de ondernemingen voor hun experimentele ontwikkeling, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan volgende cijfers bedragen : 1° 60 voor een kleine onderneming;2° 50 voor een middelgrote onderneming;3° 40 voor een grote onderneming. Die intensiteit is maximaal als het project in aanmerking komt voor een oproep als bedoeld in artikel 94, 2°. Art. 101.De intensiteit van de terugvorderbare voorschotten aan de ondernemingen voor hun experimentele ontwikkeling, uitgedrukt in percenten van de toelaatbare uitgaven vóór belastingen of andere heffingen, kan volgende cijfers bedragen : 1° 75 voor een kleine onderneming;2° 65 voor een middelgrote onderneming;3° 55 voor een grote onderneming. Die intensiteit is maximaal als het project in aanmerking komt voor een oproep als bedoeld in artikel 94, 2°. Art. 102.De onderneming of elke onderneming waaraan een terugbetaalbaar voorschot wordt toegekend, kan ervan afzien de resultaten van het project te benutten tijdens de uitvoering ervan of tijdens de zes maanden volgend op het einde van die uitvoering. De onderneming wordt er geheel van vrijgesteld het voorschot terug te betalen als aan beide volgende voorwaarden is voldaan : 1° in een schrijven aan de Regering legt ze uit waarom ze van haar project afziet, waarbij de mislukking uiteengezet wordt ten opzichte van de technische en zakelijke doelen waarvan sprake in de projectgebonden contractbepalingen tussen haar verbinden en het Waalse Gewest;2° ze draagt de zakelijke rechten op de resultaten van het project over aan het Waalse Gewest of aan elke entiteit die door laatstgenoemde wordt aangewezen. Als beide voorwaarden bedoeld in lid 2 niet vervuld worden, betaalt de onderneming het totaalbedrag dat ze als voorschot kreeg renteloos terug aan het Waalse Gewest. Art. 103.Als de onderneming de resultaten van het project benut, verricht ze periodieke terugbetalingen aan het Waalse Gewest. Het terug te betalen totaalbedrag staat in verhouding tot de mate waarin het project slaagt in vergelijking met wat als succesvol is omschreven, met name inzake commerciële doelstellingen, in de projectgebonden contractbepalingen tussen het Waalse Gewest en de onderneming. Hoe dan ook worden terugbetalingen verhoogd met een intrest waarvan de rentevoet gelijk is aan de door de Europese Commissie vastgestelde referentierentevoet. Indien het project minder goed slaagt dan wat als succesvol is omschreven, bestaat het terug te betalen totaalbedrag, intrest niet meegerekend, uit een aandeel van het totaalbedrag dat als voorschot werd ontvangen. Dat aandeel staat in verhouding tot de mate waarin afgeweken wordt van de commerciële doelstellingen die overeenstemmen met wat als succesvol is omschreven. Indien het project precies overeenstemt met wat als succesvol is omschreven, bestaat het terug te betalen totaalbedrag, intrest niet meegerekend, uit het totaalbedrag dat als voorschot werd ontvangen. Indien het project dat wat als succesvol is omschreven, overtreft, bestaat het terug te betalen totaalbedrag, intrest niet meegerekend, uit het totaalbedrag dat als voorschot werd ontvangen, vermeerderd met een aandeel in de winst dat in verhouding staat tot de mate waarin is afgeweken van de commerciële doelstellingen die overeenstemmen met wat als succesvol is omschreven. Art. 104.Tijdens de benutting van de resultaten van het project wordt de onderneming ervan vrijgesteld het voorschot verder terug te betalen als aan beide volgende voorwaarden is voldaan : 1° zij ziet af van die benutting en licht er de Regering over in met een schrijven waarin ze haar beslissing met objectieve redenen omkleedt;2° ze draagt de zakelijke rechten op de resultaten van het project over aan het Waalse Gewest of aan elke entiteit die door laatstgenoemde wordt aangewezen. Het Waalse Gewest behoudt alle voorheen verrichte terugbetalingen en de onderneming blijft alle bedragen verschuldigd die zij terug moet betalen tijdens het kalenderjaar waarin ze van haar project afziet. De vrijstelling waarvan sprake in lid 1 heeft gevolg vanaf het daarop volgende kalenderjaar. Art. 105.De nadere regels voor de terugbetalingen in de denkbeeldige situaties waarvan sprake in de artikelen 102, 103 en 104 worden vermeld in de projectgebonden contractbepalingen tussen het Waalse Gewest en de onderneming(en), met inachtneming van de beginselen die de Regering terzake heeft vastgelegd krachtens artikel
  3. Art. 106.Het feit dat de steun beoogd bij dit hoofdstuk wordt toegekend heeft, behoudens de gevallen van overdracht van rechten waarvan sprake in de artikelen 102 en 104, niet tot gevolg dat het Waalse Gewest zakelijke rechten verkrijgt op de resultaten van het project. HOOFDSTUK VII. - Subsidies voor internationale samenwerkingsverbanden Art. 107.De Regering kan de nadere regels vastleggen voor een soort subsidie met betrekking tot de voorbereiding, de indiening en de onderhandeling van een onderzoeks-, ontwikkelings- of innovatieproject waarbij één of meerdere in Wallonië gevestigde en één of meerdere in andere staten gevestigde entiteiten betrokken zijn en dat ze zouden indienen bij een internationale of supranationale instelling of organisatie met het oog op een financiering of een erkenning. Die soort subsidie kan worden toegekend aan de kleine ondernemingen, aan de middelgrote ondernemingen, aan de publieke onderzoeksinstellingen, aan de universitaire afdelingen, aan de afdelingen van een hogeschool, aan de erkende onderzoekscentra en aan de samenwerkingsverbanden voor technologische innovatie. Art. 108.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie van de soort als bedoeld in artikel 107 vallen kunnen beperkt worden en mogen geenszins hoger uitvallen dan : 1° de bezoldiging van het personeel van de entiteit die het secretariaat verzorgt met betrekking tot de voorbereiding en de onderhandeling van het project, of de bezoldiging van het externe personeel dat datzelfde secretariaat verzorgt;2° de andere secretariaatskosten;3° de kosten voor vertalingen verricht ter uitvoering van een dienstverleningscontract;4° de kosten voor juridische prestaties verricht ter uitvoering van een dienstverleningscontract;5° de reis- en dienstreiskosten. De toelaatbare uitgaven die vallen onder de subsidie mogen geen enkele uitgave inhouden met betrekking tot de uitvoering van het project. Art. 109.De Regering kan de nadere regels vastleggen voor een soort subsidie die een aanvulling is op supranationale of internationale steun met betrekking tot de uitvoering van een onderzoeks-, ontwikkelings- of innovatieproject. Die soort subsidie kan worden toegekend aan de kleine ondernemingen, aan de middelgrote ondernemingen, aan de publieke onderzoeksinstellingen, aan de universitaire afdelingen, aan de afdelingen van een hogeschool, aan de erkende onderzoekscentra en aan de samenwerkingsverbanden voor technologische innovatie. Ze dekt hoogstens dezelfde toelaatbare uitgaven als de supranationale of internationale steun. HOOFDSTUK VIII. - Subsidies voor de popularisering van de wetenschap, het onderzoek en de innovatie Art. 110.De Regering kan nadere regels vastleggen voor een soort subsidie die toegekend kan worden aan elke rechtspersoon met betrekking tot projecten die ertoe strekken de wetenschap, het onderzoek en de innovatie te populariseren voor doelgroepen, en 1° informatie over elke wetenschappelijk en technisch kennisgebied te verspreiden die vatbaar en kwaliteitsvol is;2° of jongeren aan te trekken tot wetenschappelijke en technische studies en loopbanen. De subsidie van die soort kan toegekend worden : 1° ofwel in het kader van een oproep tot de indiening van projecten, op grond van de klassering van de projecten voorgesteld door de jury van de oproep afgaand op de wetenschappelijke, pedagogische, financiële en leefmilieucriteria waarvan sprake in de oproep;2° op grond van de wetenschappelijke, technische, pedagogische, financiële en leefmilieubeoordeling van het project die de Regering alleen of bijgestaan door externe deskundigen kan doorvoeren. Art. 111.De toelaatbare uitgaven die onder de subsidie vallen zijn : 1° de personeelsuitgaven met betrekking tot de leden van de rechtspersoon die onder een arbeidsovereenkomst of een interim uitvoeren voor zover ze ingezet worden voor de uitvoering van het project;2° de kosten voor de instrument en het materieel gebruikt voor de uitvoering van het project;3° de kosten van de dienstverlening inzake deskundigheid en gelijksoortige die uitsluitend ingezet worden voor de uitvoering van het project;4° de bijkomende algemene kosten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;5° de andere bedrijfskosten, meer bepaald de kosten voor gelijksoortig materiaal, gelijksoortige leveringen en producten die rechtstreeks toe te schrijven zijn aan de uitvoering van het project;6° de kosten voor de publiciteit van het project. HOOFDSTUK IX. - Samenvoeging van steun en uitsluitingen Art. 112.Geen enkele toelaatbare uitgave beoogd bij dit decreet kan gedekt worden door meer dan één steunvorm beoogd bij dit decreet. Art. 113.Behoudens de toelaatbare uitgaven die onder een bij de artikelen 110 en 111 beoogde subsidie vallen : kan geen enkele toelaatbare uitgaven beoogd bij dit decreet gedekt worden door meer dan één steunvorm beoogd bij dit decreet en door een andere steunvorm van het Waalse Gewest dan die beoogd bij dit decreet; 2° kan geen enkele toelaatbare uitgave beoogd bij dit decreet tegelijk gedekt worden door een steunvorm beoogd bij dit decreet en door een andere steunvorm van enige andere Belgische overheid. Art. 114.De samenvoeging van steunvormen voortvloeiende uit Belgische wet- of regelgevende bepalingen, overeenkomsten tussen Belgische deelgebieden of internationale of supranationale akkoorden wordt niet beoogd bij artikel
  4. In dit geval worden alle steunvormen overwogen voor de naleving van de maximumintensiteit beoogd bij dit decreet onverminderd specifieke regels inzake intensiteit voortvloeiend uit internationale of supranationale akkoorden. Art. 115.Elke toelaatbare uitgave beoogd bij dit decreet kan gedekt worden door een steunvorm beoogd bij dit decreet en door één of meerdere andere vormen van steun toegekend door een buitenlandse overheid, een internationaal of een supranationaal lichaam. In dat geval worden alle steunvormen overwogen voor de naleving van de maximumintensiteit beoogd bij dit decreet onverminderd specifieke regels inzake intensiteit voortvloeiend uit internationale of supranationale akkoorden. Art. 116.Geen enkele vorm van steun beoogd bij dit decreet kan toegekend worden aan een onderneming in moeilijkheden in de zin van richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun aan ondernemingen in moeilijkheden. HOOFDSTUK X. - Strategisch beheer, procedure en beoordeling Art. 117.De Regering legt periodiek de strategische doelen en de prioritaire hoofdlijnen vast aan de hand waarvan de steun beoogd bij dit decreet toegekend wordt. Art. 118.Elke jury beoogd bij dit decreet bevat meer bepaald als leden vertegenwoordigers van de Regering en externe deskundigen. Over elke rangschikking opgemaakt door een jury beoogd bij dit decreet wordt gedelibereerd en gestemd tijdens een vergadering van die jury. Art. 119.Voor elke soort steun beoogd bij dit decreet bepaalt de Regering : 1° de nadere regels voor de indiening van de steunaanvragen;2° de criteria op grond waarvan de steunaanvragen worden beoordeeld;3° de minimuminformatie die het Waalse Gewest verspreidt wat betreft de gezamenlijke criteria op grond waarvan de steunaanvragen worden beoordeeld;4° de nadere regels voor de organisatie van de oproepen tot de indiening van projecten beoogd bij dit decreet;5° de beginselen voor de aanwijzing van de leden van de jury's beoogd bij dit decreet;6° de nadere regels voor de werking van die jury's, met name voor de beraadslagingen en stemmingen;7° de beginselen voor de definiëring van wat als succesvol is omschreven in de zin van de artikelen 28 en 103;8° de beginselen voor de definiëring van het "duidelijk risico" in de zin van de artikelen 46 en 50;9° de nadere regels aan de hand waarvan de entiteit(en) die een steunaanvraag ingediend heeft (hebben) de rechtzetting van de resultaten van haar (hun) beoordeling kan (kunnen) aanvragen;10° de nadere regels voor de relaties tussen het Waalse Gewest en de steungerechtigde(n). Art. 120.De Regering bepaalt de nadere regels voor de beoordeling van het aanmoedigingseffect : 1° van iedere steun van meer dan 7.500.000 euro als bedoeld in de artikelen 15 tot 34, aangevraagd door een kleine onderneming of een middelgrote onderneming; 2° van iedere steun waarvan sprake in de artikelen 15 tot 34, aangevraagd door een grote onderneming;3° iedere steun waarvan sprake in de artikelen 46 tot
  5. Art. 121.De Regering kan de nadere regels vastleggen voor het samenbrengen van soorten steun waarvan sprake in de afdelingen 3, 4, 6, 7, 8 of 9 van hoofdstuk III in een soort steun met onderdelen. Die nadere regels mogen niet afwijken van de bepalingen van dit decreet in verband met elke soort aldus samengebrachte vormen van steun. Art. 122.Elke steunaanvraag met betrekking tot industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling die niet ingediend wordt in het kader van een oproep tot het indienen van projecten wordt beoordeeld door een college dat één of meerdere externe deskundigen kan bevatten. De Regering kan hetvolgende bepalen : 1° de ondergrens van het steunbedrag waaronder lid 1 niet geldt;2° de toepassing van lid 1 op andere soorten steun beoogd bij dit decreet. Art. 123.Voor elke soort steun beoogd bij dit decreet bepaalt de Regering : 1° de indicatoren aan de hand waarvan de resultaten van de toekenning van de steun beoogd bij dit decreet hoe dan ook beoordeeld worden, met name wat betreft de invulling van de strategische doelen en de prioritaire hoofdlijnen bepaald door de Regering;2° de nadere regels voor de inzameling, de analyse en de verspreiding van de statistieken en de andere gegevens die de grondslag vormen van die indicatoren, met name in samenwerking met "Institut wallon de l'Evaluation, de la Prospective et de la Statistique" (Waals Instituut voor Evaluatie, Prospectie en Statistiek). Art. 124.Om de vijf jaar laat de Regering door een entiteit buiten het Waalse Gewest en de entiteiten die voor steun beoogd bij dit decreet in aanmerking kunnen komen, een beoordeling verrichten van het ter uitvoering van dit decreet uitgevoerde beleid. De resultaten van die beoordeling worden aan het Waalse Parlement medegedeeld. HOOFDSTUK IX. - Het "Fonds de la recherche, du développement et de l'innovation" (Fonds voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie) Art. 125.Er wordt in de Waalse gewestbegroting een fonds opgericht, "Fonds de la recherche, du développement et de l'innovation" genoemd. Art. 126.Het "Fonds de la recherche, du développement et de l'innovation" wordt gefinancierd : 1° met de terugbetalingen van de terugvorderbare voorschotten beoogd bij dit decreet, behoudens de terugvorderbare voorschotten toegekend ten laste van de begrotingskredieten voor energiebeleid;2° met alle andere sommen die aan het Waalse Gewest gestort worden krachtens dit decreet of diens uitvoeringsbesluiten;3° met de sommen die aan het Waalse Gewest worden gestort krachtens gerechtelijke uitspraken in verband met de steun beoogd bij dit decreet. Art. 127.Op het "Fonds de la recherche, du développement et de l'innovation" kunnen aangerekend worden : 1° iedere steunvorm beoogd bij dit decreet;2° iedere actie van het Waalse Gewest die op significante wijze bijdraagt tot steun voor onderzoek, ontwikkeling en innovatie in Wallonië. HOOFDSTUK XII. - Geheimhouding Art. 128.Elk document of elke informatie die een entiteit aan de Regering mededeelt om in aanmerking te komen voor steun beoogd bij dit decreet is geheim in de zin van artikel 6, § 2, 2°, van het decreet van 30 maart 1995 betreffende de openbaarheid van bestuur voor zover de entiteit aangeeft dat het document of de informatie dat kenmerk vertoont. Art. 129.Elk document of elke informatie die een entiteit aan de Regering mededeelt krachtens haar verplichtingen van een gerechtigde die in aanmerking komt voor steun beoogd bij dit decreet is geheim in de zin van artikel 6, § 2, 2°, van het decreet van 30 maart 1995 betreffende de openbaarheid van bestuur voor zover de entiteit aangeeft dat het document of de informatie dat kenmerk vertoont. HOOFDSTUK XIII. - Slotbepalingen Art. 130.Het decreet van 5 juli 1990 betreffende de bijstand en de tussenkomsten van het Waalse Gewest voor het onderzoek en de technologieën wordt opgeheven. Art. 131.In afwijking van artikel 130 wordt elke steunaanvraag ingediend vóór 1 januari 2008 en vallend onder het decreet van 5 juli 1990 betreffende de bijstand en de tussenkomsten van het Waalse Gewest voor het onderzoek en de technologieën bij laatstgenoemd decreet geregeld. Art. 132.In afwijking van artikel 130 wordt elk onderzoekscentrum, erkend krachtens het decreet van 5 juli 1990 betreffende de bijstand en de tussenkomsten van het Waalse Gewest voor het onderzoek en de technologieën, beschouwd als onderzoekscentrum erkend in de zin van dit decreet tot aan de datum van de beslissing om het niet te erkennen, getroffen krachtens dit decreet. De Regering bepaalt de datum waarop lid 1 ophoudt van toepassing te zijn. Art. 133.De datum van inwerkingtreding van dit decreet wordt door de Regering vastgelegd. Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Namen, 3 juli
  6. De Minister-President, R. DEMOTTE De Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling, A. ANTOINE De Minister van Begroting, Financiën en Uitrusting, M. DAERDEN De Minister van Binnenlandse Aangelegenheden en Ambtenarenzaken, Ph. COURARD De Minister van Economie, Tewerkstelling, Buitenlandse Handel en Patrimonium, J.-C. MARCOURT De Minister van Onderzoek, Nieuwe Technologieën en Internationale Betrekkingen, Mevr. M.-D. SIMONET De Minister van Vorming, M. M. TARABELLA De Minister van Gezondheid, Sociale Actie en Gelijke Kansen, D. DONFUT De Minister van Landbouw, Landelijke Aangelegenheden, Leefmilieu en Toerisme, B. LUTGEN _______ Nota

(1)Zitting 2007-2008 : Stukken van het Waalse Parlement 799 (2007-2008), nrs.1, 1bis tot
  1. Volledig verslag, openbare vergadering van 25 juni
  2. Bespreking - Stemmingen.

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.