richtingen voor gespecialiseerd onderwijs;4° « alternerende leerlingen » : leerlingen die alternerend secundair onderwijs volgen zoals bepaald bij het decreet van 19 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2001 pub. 23/08/2001 numac 2001029325 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het alternerend secundair onderwijs sluiten betreffende het alternerend secundair onderwijs;5° « leerlingen
volledige of gedeeltelijke permanente
tegratie » : leerlingen zoals bepaald
de artikelen 131, 132, § 1, 133, § 1 en 146, § 1, van het decreet van 3 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 03/03/2004 pub. 03/06/2004 numac 2004029137 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs sluiten houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs;6° « werkgebied » : geheel van de schoolinrichtingen waartoe de opdrachten van het centrum gericht zijn en geheel van de leerlingen die daar schoollopen, met
begrip van de leerlingen die een volledige permanente
tegratiemaatregel genieten;7° « schoolinrichting » :
richting die het onderwijs organiseert bedoeld
artikel 1 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren;8° «
richtende macht » : ofwel de publiekrechtelijke rechtspersoon ofwel de natuurlijke persoon(nen) of de privaatrechtelijke rechtspersoon, die verantwoordelijk is (zijn) voor de organisatie van het centrum;9° « basisformatie van het technisch personeel » : formatie van het technisch personeel van een centrum georganiseerd of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, zoals bepaald
artikel 3 en
artikel 4 van de wet van 1 april 1960 betreffende de psycho-medisch-sociale centra;10° « sociaal-economische
dex van een schoolinrichting » : sociaal-economische
dex gebaseerd op de sociaal-economische
dex van elke statistische sector zoals bepaald overeenkomstig artikel 4, §§ 1 en 2 van het decreet van 30 juni 1998Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/06/1998 pub. 22/08/1998 numac 1998029332 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven,
zonderheid door de
voering van maatregelen voor positieve discriminatie sluiten dat erop gericht is alle leerlingen gelijke kansen op sociale emancipatie te geven,
zonderheid door de
voering van maatregelen voor positieve discriminatie. Art. 3.Het gebruik van mannelijke benamingen voor de verschillende ambten
dit decreet is gemeenslachtig en dit voor de leesbaarheid van de tekst onverminderd de bepalingen van het decreet van 21 juni 1993 betreffende de vervrouwelijking van de namen van beroep. HOOFDSTUK
dicatoren : 1° het aantal begeleide leerlingen die altenerend onderwijs volgen;2° de sociaal-economische
dex van het centrum. De Regering kan
dicatoren toevoegen die deze gedifferentieerde versterking baseren op de beschikbare begrotingsmiddelen. De
dicatoren die toegevoegd kunnen worden, zijn de volgende : - het aantal leerlingen dat de eerste gedifferentieerde graad volgt; - het aantal leerlingen dat het 3e jaar Differentiatie en Oriëntatie volgt; - de nieuwkomende leerlingen. Art. 5.De formatie van het technisch personeel waarop de gedifferentieerde versterking wordt toegepast, wordt « aanvullende formatie » genoemd. Afdeling 2. - Aanvullende formatie van het technisch personeel van de psycho-medisch-sociale centra Art. 6.De leden van het technisch personeel die de aanvullende formatie vormen, worden onderworpen aan de statutaire regels die van kracht zijn voor de leden van het technisch personeel van de psycho-medisch-sociale centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap, voor de leden van het gesubsidieerd technisch personeel van de officieel gesubsidieerde psycho-medisch-sociale centra en voor de leden van het technisch gesubsidieerd personeel van de vrije gesubsidieerde psycho-medisch-sociale centra. Art. 7.De aanvullende formatie wordt geregeld door de subsidieregels bepaald
de hoofdstukken II en III van het koninklijk besluit van 13 augustus 1962 tot regeling van de psycho-medisch-sociale centra. Afdeling
artikel 8 wordt als volgt vastgesteld :
wordt vastgesteld voor een duur van één jaar die
gaat op 1 september en eindigt op daaropvolgende 31 augustus op basis van het aantal leerlingen
geschreven op 15 januari van het vorige schooljaar. De leerling die de hoedanigheid van regelmatige leerling heeft zoals bepaald
artikel 6, § 2 van het decreet van 3 juli 1991 tot regeling van het alternerend secundair onderwijs wordt beschouwd als
geschreven. Art. 10.§ 1. Het centrum dat
staat voor de begeleiding van minder dan 75 alternerende leerlingen kan een partnerschapsovereenkomst opstellen met een ander centrum dat eveneens de begeleiding van alternerende leerlingen voert teneinde de minimale norm van 75 leerlingen te bereiken door de schoolpopulaties te globaliseren. § 2. Het lid van het technisch personeel waarvan de opdracht voortvloeit uit de aanvullende personeelsformatie toegekend overeenkomstig artikel 9, § 1, wordt aangesteld voor het centrum dat het grootste aantal alternerende leerlingen bedraagt. Het wordt onderworpen aan de statutaire bepalingen die van toepassing zijn op de leden van het technisch personeel van het centrum waar het aangesteld wordt. De overeenkomst bepaalt de verdeling van de opdracht uitgeoefend door het lid van het technisch personeel onder de betrokken leden. Deze wordt bepaald naar verhouding van het aantal begeleide leerlingen
elk centrum. §
artikel 9, § 1, a), wordt toegekend aan een psychopedagogisch adviseur of,
gedeeltelijke opdrachten, halftijds, aan een psychopedagogische adviseur en aan een maatschappelijke hulpverlener of een paramedische hulpverlener of aan een psychopedagogische hulpverlener,
functie van de behoeften van de dienst en van de projecten van het centrum.
dien de volledige opdracht die toegekend is om de psycho-medisch-sociale begeleiding te voeren
het alternerend secundair onderwijs
2008-2009 aan een sociale hulpverlener of aan een paramedische hulpverlener of aan een psychopedagogische hulpverlener toevertrouwd wordt, kan de voltijdse opdracht
de aanvullende personeelsformatie bedoeld
artikel 9, § 1, a),
afwijking toegekend worden aan een sociale hulpverlener of aan een paramedische hulpverlener of aan een psychopedagogische hulpverlener,
functie van de behoeften van de dienst en van het project van het centrum. § 2. De halftijdse opdrachten van de aanvullende personeelsformatie bedoeld
artikel 9, § 1, b), c), d), e) worden toegekend aan een maatschappelijke hulpverlener of een paramedische hulpverlener of aan een psychopedagogische hulpverlener
functie van de behoeften van de dienst en van het project van het centrum. § 3. De keuze van het vereiste ambt wordt voor 1 mei die aan de uitoefening voorafgaat, aan de Regering door de directeur van het centrum via de hiërarchische weg overgezonden, voor de psycho-medisch-sociale centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap, en door de
richtende macht, voor de centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, en dit na raadpleging van het basisoverlegcomité, voor de centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap, van de plaatselijke paritaire commissie, voor de officiële centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap en door de ondernemingsraad of bij gebrek de syndicale afvaardiging, voor de vrije centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap. De keuze van het vereiste ambt wordt vastgesteld voor een duur van drie begrotingsjaren. Bij wijze van overgangsmaatregel zal de keuze van het ambt betrekking hebben op de periode gaande van 1 september 2009 tot en met 31 augustus 2010 op basis van de leerlingen geteld op 15 januari 2009. Afdeling 4. - Aanvullende personeelsformatie gemotiveerd door de rangschikking van de centra
functie van hun sociaal-economische
dex Art. 12.De sociaal-economische
dex van elk centrum is gelijk aan de verhouding tussen enerzijds de som van de producten, voor elke bediende schoolinrichting, van zijn sociaal-economische
dex vermenigvuldigd met het aantal leerlingen en, anderzijds van het aantal leerlingen die onder het centrum ressorteren. Art. 13.De sociaal-economische
dex van een centrum wordt berekend door het Bestuur, dat om de drie jaar een rangschikking opstelt van de centra op basis van hun sociaal-economische
dex. Art. 14.De aanvullende personeelsformatie gemotiveerd door de sociaal-economische
dex van de centra omvat minstens dertig voltijdse opdrachten van psychopedagogische adviseurs en dertig voltijdse opdrachten van sociale hulpverleners of psychopedagogische hulpverleners. Art. 15.Een aanvullende opdracht van psychopedagogische adviseur wordt door de Regering
de rangschikking van het klassement bedoeld
artikel 13 toegekend aan de 30 centra waarvan de sociaal-economische
dex het laagst is. Art. 16.De dertig centra bedoeld
vorig lid worden gerangschikt
omgekeerde volgorde van de bediende schoolbevolking. Twee aanvullende opdrachten van maatschappelijke hulpverleners worden aan de eerste tien gerangschikten toegekend en een aanvullende opdracht van sociale hulpverlener wordt toegekend aan de volgende tien. Voor de centra die twee aanvullende opdrachten toegekend krijgen krachtens dit artikel kan een van de twee betrekkingen van maatschappelijke hulpverlener vervangen worden door een betrekking van psychopedagogische hulpverlener. De keuze van het vereiste ambt wordt voor 1 mei die aan de uitoefening voorafgaat, aan de Regering door de directeur van het centrum via de hiërarchische weg overgezonden, voor de psycho-medisch-sociale centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap, en door de
richtende macht, voor de centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, en dit na raadpleging van het basisoverlegcomité, voor de centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap, van de plaatselijke paritaire commissie, voor de officiële centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap, en door de ondernemingsraad of bij gebrek de syndicale afvaardiging, voor de vrije centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap. De keuze van het vereiste ambt wordt vastgesteld voor een duur van drie begrotingsjaren. Bij wijze van overgangsmaatregel zal de keuze van het ambt betrekking hebben op de periode gaande van 1 januari 2009 tot 31 augustus 2010 op basis van de leerlingen geteld op 15 januari 2008. Art. 17.De Regering kan de aanvullende personeelsformatie vermeerderen voor zover de begrotingsmiddelen het toelaten.
dat geval kan zij het aantal centra die de vermeerdering genieten, verhogen. De centra worden aangesteld
de orde van rangschikking zoals bepaald
artikel
de wet van 1 april 1960 betreffende de psycho-medisch-sociale centra, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit nr. 467 van 1 oktober 1986 en de decreten van 15 november 2001, 31 januari 2002 en 3 maart 2004 worden de woorden « de Staat » vervangen door de woorden « de Franse Gemeenschap ». Art. 20.
artikel 2 van dezelfde wet zoals vervangen bij het koninklijk besluit nr. 467 van 1 oktober 1986 worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1, 1° en 2° worden als volgt aangevuld : « De vermenigvuldigingscoëfficiënt drie wordt eveneens gebruikt voor de berekening van het aantal leerlingen
volledige of gedeeltelijke permanente
tegratie zowel binnen de bevolking van het gewoon psycho-medisch-sociaal centrum als
het psycho-medisch-sociaal centrum belast met de begeleiding van die leerlingen. Zodra hij een dubbele optelling geniet,
tegreert de leerling
dividueel de activiteiten van de twee betrokken centra. »; 2°
, 5°, worden de woorden « op 1 oktober van het voorgaand schooljaar » vervangen door « op 15 januari van het voorafgaande schooljaar »;3° § 1 wordt aangevuld met een punt 6°, luidend als volgt : « 6° De Regering bepaalt de nadere regels voor de mededeling van de personeelsformaties aan de directies van de centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap en aan de
richtende machten van de centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap »;4° § 3 wordt opgeheven;5°
: a) wordt
het 1e lid het woord « 7 000 » vervangen door het woord « 10 000 »;b) wordt het 2e lid opgeheven;6°
Art. 21.
artikel 3 van dezelfde wet, zoals vervangen bij het koninklijk besluit nr. 467 van 1 oktober 1986 en gewijzigd bij de decreten van 15 november 2001 en 31 januari 2002 worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
:
: a) worden
het 2e lid de woorden « van het vijfde technisch personeelslid » vervangen door de woorden « van de 5e voltijdse opdracht »;b) worden
het 3e, 4e en 5e lid de woorden « personeelsleden » vervangen door de woorden « voltijdse opdrachten »;c) worden het 6e, 7e en 8e lid vervangen door de volgende bepaling : « De aanvraag voor het verkrijgen van een afwijking bij toepassing van het 4e of het 5e lid wordt
gediend door de directeur van het centrum, via de hiërarchische weg, voor de psycho-medisch-sociale centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap, en door de
richtende macht, voor de centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap.De Regering spreekt zich uit over de aanvraag om afwijking binnen de drie maanden volgend op de datum van het
dienen van de aanvraag bedoeld
het 6e lid. Bij gebrek aan antwoord binnen de vastgestelde termijnen wordt de aanvraag beschouwd als goedgekeurd. De afwijking heeft uitwerking met
gang van de eerste dag volgend op de dag waarop die afwijking werd toegekend. » 3° § 6 wordt opgeheven. Art. 22.
artikel 4 van dezelfde wet, zoals
gevoegd bij het koninklijk besluit nr. 467 van 1 oktober 1986 en gewijzigd bij de decreten van 15 november 2001 en 31 januari 2002, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
:
: a) worden
het 2e lid de woorden « het vijfde technisch personeelslid » vervangen door de woorden « van de 5e voltijdse opdracht »;b) worden
het 3e, 4e en 5e lid het woord « personeelsleden » vervangen door de woorden « voltijdse opdrachten »;c) worden het 6e, 7e en 8e lid vervangen door de volgende bepaling : « De aanvraag voor het verkrijgen van een afwijking bij toepassing van het 4e of het 5e lid wordt
gediend door de directeur van het centrum, via de hiërarchische weg, voor de psycho-medisch-sociale centra georganiseerd door de Franse Gemeenschap, en door de
richtende macht, voor de centra gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap. De Regering spreekt zich uit over de aanvraag om afwijking binnen de drie maanden volgend op de datum van het
dienen van de aanvraag bedoeld
het 6e lid. Bij gebrek aan antwoord binnen de vastgestelde termijnen wordt de aanvraag beschouwd als goedgekeurd. De afwijking heeft uitwerking met
gang van de eerste dag volgend op de dag waarop die afwijking werd toegekend. » Art. 23.Artikel 9, § 1, van dezelfde wet, zoals
gevoegd bij het koninklijk besluit nr. 467 van 1 oktober 1986, wordt vervangen door de volgende bepaling : « § 1. Met
achtneming van de voorwaarden gesteld krachtens deze wet kan de Regering nieuwe centra oprichten die door de Franse Gemeenschap georganiseerd worden. Zij bepaalt er het werkgebied van. » Art. 24.De artikelen 10 en 11 van dezelfde wet, zoals
gevoegd bij het decreet van 31 januari 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 31/01/2002 pub. 14/03/2002 numac 2002029130 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de leden van het gesubsidieerd technisch personeel van de gesubsidieerde vrije psycho-medisch-sociale centra type decreet prom. 31/01/2002 pub. 21/03/2002 numac 2002029131 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van het statuut van de leden van het gesubsidieerd technisch personeel van de gesubsidieerde officiële psycho-medisch-sociale centra type decreet prom. 31/01/2002 pub. 26/03/2002 numac 2002029141 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot wijziging van sommige bepalingen houdende het administratief en geldelijk statuut van de leden van het technisch personeel van de psycho-medisch-sociale centra van de Franse Gemeenschap alsook van de personeelsleden van de
spectiedienst belast met het toezicht op deze psycho-medisch-sociale centra sluiten, worden opgeheven. Art. 25.§ 1.
het koninklijk besluit van 13 augustus 1962 tot regeling van de psycho-medisch-sociale centra, zoals vervangen bij het koninklijk besluit van 24 augustus 1981 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 2 september 1985, worden de woorden « de Staat » vervangen door de woorden « de Franse Gemeenschap ». § 2.
het koninklijk besluit van 13 augustus 1962 tot regeling van de psycho-medisch-sociale centra, zoals vervangen bij het koninklijk besluit van 24 augustus 1981 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 2 september 1985, worden de woorden « Ministeries van Onderwijs en Cultuur » vervangen door de woorden « de Franse Gemeenschap ». Art. 26.
artikel 2 van het koninklijk besluit van 13 augustus 1962 tot regeling van de psycho-medisch-sociale centra, zoals vervangen bij het koninklijk besluit van 24 augustus 1981 en gewijzigd bij het koninklijk besluit van 2 september 1985, wordt 7° als volgt gewijzigd : « werkgebied » : geheel van de schoolinrichtingen zoals bepaald
artikel 1 van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 23/09/1997 numac 1997029337 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat de prioritaire taken bepaalt van het basisonderwijs en van het secundair onderwijs en de structuren organiseert die het mogelijk maken ze uit te voeren sluiten, waartoe de opdrachten van het centrum gericht zijn en het geheel van de leerlingen die er les volgen, met
begrip van de leerlingen die een maatregel voor volledige of gedeeltelijke permanente
tegratie genieten; Hetzelfde artikel wordt aangevuld met een punt 10°, luidend als volgt : « 10° leerlingen
volledige of gedeeltelijke permanente
tegratie : leerlingen zoals bepaald
de artikelen 131, 132, § 1, 133, § 1 en 146, § 1, van het decreet van 3 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 03/03/2004 pub. 03/06/2004 numac 2004029137 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs sluiten houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs. » en met een punt 11° luidend als volgt : « alternerende leerlingen » : leerlingen die het alternerend secundair onderwijs volgen zoals bepaald bij het decreet van 19 juli 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/07/2001 pub. 23/08/2001 numac 2001029325 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende het alternerend secundair onderwijs sluiten betreffende het alternerend secundair onderwijs. Art. 27.Artikel 3, § 1, van hetzelfde koninklijk besluit, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit van 2 september 1985 en het decreet van 12 juli 2006, worden de woorden « en van het onderwijs met beperkt leerplan opgericht teneinde deeltijds aan de schoolplicht te voldoen » geschrapt. Hetzelfde artikel 3, § 1, wordt aangevuld als volgt : « 4. De centra hebben eveneens voor opdracht begeleidingstaken te vervullen ten gunste van de leerlingen
volledige of gedeeltelijke permanente
tegratie zoals bedoeld
artikel 2, 10° ». Art. 28.Artikel 11, § 6 van hetzelfde koninklijk besluit wordt aangevuld met het volgend lid : « De alternerende opvoedings- en opleidingscentra moeten minstens een lokaal ter beschikking stellen van het technisch personeel voor de uitvoering van de geprogrammeerde activiteiten. » Art. 29.
artikel 52, b, van hetzelfde koninklijk besluit, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit van 2 september 1985 en het decreet van 12 juli 2006, worden de woorden « per aanvullend technisch personeelslid dat
de toelageregeling is opgenomen » vervangen door de woorden « per voltijdse equivalent van het aanvullend technisch personeel dat voor subsidies
aanmerking komt ». Art. 30.Artikel 52 van hetzelfde koninklijk besluit, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit van 2 september 1985 en het decreet van 12 juli 2006 wordt aangevuld met het volgend punt : « e)
geval van partnerschap afgesloten bij toepassing van artikel 10 van het decreet van 19 februari 2009 tot organisatie van de gedifferentieerde versterking van de technische personeelsformatie van de psycho-medisch-sociale centra, wordt het forfaitair bedrag per voltijdse equivalent verdeeld onder de centra die de overeenkomst hebben ondertekend
verhouding tot de opdracht uitgevoerd
elk centrum en zoals bepaald
de overeenkomst. » Art. 31.De artikelen 56 en 59 van hetzelfde koninklijk besluit, zoals gewijzigd bij het koninklijk besluit van 2 september 1985 en het decreet van 12 juli 2006 worden opgeheven. Art. 32.
artikel 3 van het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 30 januari 2003 tot vaststelling van de normen betreffende het aantal betrekkingen van paramedisch medewerker en van het bestuurspersoneel van de psycho-medisch-sociale centra van de Franse Gemeenschap belast met de gezondheidspromotie op school
de schoolinrichtingen van de Franse Gemeenschap, worden de woorden « vanaf 1 oktober van het voorafgaande jaar » vervangen door de woorden « vanaf 15 januari van het voorafgaande jaar ». Art. 33.Artikel 3 van het decreet van 14 juli 2006Relevante gevonden documenten type decreet prom. 14/07/2006 pub. 05/09/2006 numac 2006202818 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de opdrachten, programma's en activiteitenverslag van de psycho-medisch-sociale centra sluiten betreffende de opdrachten, programma's en activiteitenverslag van de psycho-medisch-sociale centra wordt aangevuld met het volgend lid : « Zij oefenen eveneens hun opdracht uit ten gunste van de leerlingen die de volledige en gedeeltelijke permanente
tegratie genieten zoals bepaald
de artikelen 131, 132, § 1, 133, § 1, 146, 1°, van het decreet van 3 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 03/03/2004 pub. 03/06/2004 numac 2004029137 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs sluiten houdende organisatie van het gespecialiseerd onderwijs. » Art. 34.Artikel 36, 2e lid, b) van hetzelfde decreet wordt aangevuld met de woorden « en bepaalt eveneens de concrete acties verricht door de aanvullende personeelsformatie ». Art. 35.Artikel 42 van hetzelfde decreet wordt opgeheven. HOOFDSTUK 4. -
werkingtreding Art. 36.Dit decreet treedt
werking op 1 januari 2009 met uitzondering van de artikelen 8, 9, 10 en 11 tot vaststelling van de aanvullende personeelsformatie gemotiveerd door de leerlingen die alternerend secundair onderwijs volgen, die
werking treden op 1 september 2009. Kondigen dit decreet af, bevelen dat het
het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Brussel, 19 februari 2009. De Minister-President, R. DEMOTTE De Vice-Presidente en Minister van Hoger Onderwijs, Wetenschappelijk Onderzoek en
ternationale Betrekkingen, Mevr. M.-D. SIMONET De Vice-President en Minister van Begroting, Financiën, Ambtenarenzaken en Sport, M. DAERDEN De Minister van Leerplichtonderwijs, C. DUPONT De Minister van Cultuur en Audiovisuele Sector, Mevr. F. LAANAN De Minister van Kinderwelzijn, Hulpverlening aan de Jeugd en Gezondheid, Mevr. C. FONCK De Minister van Jeugd en Onderwijs voor Sociale Promotie, M. TARABELLA Nota
tegraal verslag. - Bespreking en aanneming. Vergadering van 17 februari 2009.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.