het besluit van de Vlaamse Regering van 15 juni 2001Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 15/06/2001 pub. 05/09/2001 numac 2001036000 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering met betrekking tot de distributienetbeheerders voor elektriciteit type besluit van de vlaamse regering prom. 15/06/2001 pub. 05/09/2001 numac 2001035999 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering met betrekking tot de leveringsvergunningen voor elektriciteit sluiten met betrekking tot de distributienetbeheerders voor elektriciteit of het besluit van de Vlaamse Regering van 11 oktober 2002 houdende de organisatie van de aardgasmarkt, provincies, polders, wateringen en ruilverkavelingscomités;4° CIW : Coördinatiecommissie Integraal Waterbeleid, opgericht bij artikel 25 van het decreet van 18 juli 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 18/07/2003 pub. 14/11/2003 numac 2003201696 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het integraal waterbeleid sluiten betreffende het integraal waterbeleid;5° het decreet : het decreet van 27 juni 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 27/06/2003 pub. 12/09/2003 numac 2003035990 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2003 sluiten houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2003;6° DuLo-Waterplan : plan voor een deelbekken waarin een brongerichte aanpak met betrekking tot het remediëren en voorkomen van wateroverlast in functie van de bestemming van het gebied, waterverontreiniging, aantasting van het natuurlijk milieu van het watersysteem verdroging en erosie beschreven wordt, zoals bepaald in de samenwerkingsovereenkomst Milieu als opstap naar duurzame ontwikkeling 2002-2004 tussen het Vlaams Gewest en de gemeenten, goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 19 december 2001. 7° kleinschalige investeringswerken : investeringswerken voor een minimumbedrag van euro 100.000 aan subsidiabele kosten en een maximumbedrag van euro 1.000.000 aan subsidiabele kosten; 8° NTMB : natuurtechnische milieubouw;9° de minister : de Vlaamse minister, bevoegd voor de ruimtelijke ordening;10° project : kleinschalige investeringswerken uitgevoerd door een bestuur of door de Vlaamse Landmaatschappij, of door de Vlaamse Landmaatschappij in samenwerking met een bestuur, voor zover er voor die kleinschalige investeringswerken geen overheidssubsidies van een andere instelling dan het Rubiconfonds worden ontvangen;11° projectsubsidie : de subsidie die voortvloeit uit het project;12° Rubiconfonds : de Vlaamse openbare instelling, opgericht bij het decreet van 27 juni 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 27/06/2003 pub. 12/09/2003 numac 2003035990 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2003 sluiten;13° de subsidiabele kosten : de totale projectkosten die voor een subsidie in het kader van dit besluit in aanmerking komen, voor zover die kosten door het bestuur gegund werden na 1 april van het begrotingsjaar waarin de aanvraag werd ingediend of, in het geval van grondverwerving, voor zover de aankoopakte maximaal drie jaar voor 1 april van het begrotingsjaar waarin de aanvraag werd ingediend verleden werd.De kosten voor voorbereidend studiewerk komen niet in aanmerking voor subsidie; 14° toegekende subsidie : het bedrag van de projectsubsidie dat maximaal kan worden uitbetaald als voldaan is aan alle voorwaarden van dit besluit en van de subsidiebeslissing;15° vitale openbare nutsvoorzieningen : distributie-installaties voor gas, elektriciteit, telecommunicatie, politie, brandweer en medische faciliteiten;16° Vlaamse Landmaatschappij : het publiekrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigde agentschap,
het decreet van 21 december 1988 houdende oprichting van de Vlaamse Landmaatschappij;17° Waterschap : het samenwerkingsverband,
artikelen 30 en 31 van het decreet van 18 juli 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 18/07/2003 pub. 14/11/2003 numac 2003201696 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het integraal waterbeleid sluiten betreffende het integraal waterbeleid. HOOFDSTUK II. - Aanvraag Art. 2.§ 1. De minister doet, binnen de begrotingskredieten voor het begrotingsjaar 2009, uiterlijk op 1 januari 2009 een oproep tot het indienen van aanvragen tot subsidiëring voor de projecten,
artikel 1, 10° dit besluit. Het bestuur zoals
artikel 1 kan tussen 3 februari 2009 en 25 maart 2009, een aanvraag tot subsidiëring indienen voor de projecten,
artikel 1, 10° van dit besluit. § 2. De projecten hebben betrekking op de kleinschalige investeringswerken als
artikel 30, 1° en 2° van het decreet van 27 juni 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 27/06/2003 pub. 12/09/2003 numac 2003035990 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2003 sluiten houdende bepalingen tot begeleiding van de aanpassing van de begroting 2003, voor zover zij betrekking hebben op : 1° grondverwerving die noodzakelijk is om de infrastructuurwerken te kunnen uitvoeren;2° infrastructuurwerken;3° werkzaamheden tot aanleg of aanpassing van de rechtstreekse toegang tot de infrastructuurwerken,
punt 2°;4° de bijbehorende werkzaamheden van natuurtechnische milieubouw bij infrastructuurwerken,
punt 2°. §
, die ze als relevant beschouwt voor de beoordeling van de aanvraag, maar die niet spontaan door de aanvrager werden ingediend, zelf opvragen binnen een periode van 14 kalenderdagen vanaf de ontvangst van de aanvraag. De aanvrager voldoet daaraan binnen een periode van 30 kalenderdagen vanaf de ontvangst van de aanvraag van de CIW voor bijkomende aanvullende informatie. Naast de gegevens,
, kan de CIW bovendien alle aanvullende inlichtingen vragen die zij nodig acht om de aanvraag te beoordelen. De CIW kan de aanvragers vragen om de aanvraag toe te lichten. Art. 3.§
het eerste lid, komen in aanmerking indien zij aan minstens één van de onderstaande voorwaarden voldoen : 1° het project is opgenomen in het Bekkenvoortgangsrapport als uit te voeren actie;2° het betrokken Waterschap heeft een gunstig advies gegeven over het project. Afdeling II. - Toekenningscriteria Art. 5.De aanvragen worden beoordeeld op basis van drie gelijkwaardige toekenningscriteria. De beoordeling maakt het mogelijk de aanvragen te rangschikken naar volgorde van in aanmerking komend voor subsidie. Een aanvraag wordt hoger gewaardeerd naarmate het project positiever bijdraagt aan de toekenningscriteria,
artikelen 6, 7 en 8. Art. 6.Het eerste toekenningscriterium is de mate waarin het project aansluit op de doelstellingen,
artikel 5, eerste lid, 4°, 5°, 6°, a) tot en met d), 9° en 10°, van het decreet van 18 juli 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 18/07/2003 pub. 14/11/2003 numac 2003201696 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het integraal waterbeleid sluiten betreffende het integraal waterbeleid : Projecten die negatief scoren op een of meerdere van de doelstellingen van het integraal waterbeleid,
het eerste lid, zelfs als de score op een of meer van de andere doelstellingen,
het eerste lid, positief is, krijgen voor dit toekenningscriterium een relatief lagere score dan projecten die neutraal of positief scoren op alle doelstellingen,
het eerste lid. Art. 7.§ 1. Het tweede toekenningscriterium is de noodzaak, snelle uitvoerbaarheid en kostenefficiëntie van het project. De noodzaak van een project wordt afgewogen op basis van het terugdringen van de risico's op overstromingen die de veiligheid aantasten van de vergunde of vergund geachte woningen, bedrijfsgebouwen en vitale nutsvoorzieningen, gelegen buiten overstromingsgebieden. De beveiligingsgraad wordt bepaald aan de hand van het aantal vergunde of vergund geachte woningen, bedrijfsgebouwen en vitale openbare nutsvoorzieningen dat beschermd wordt en aan de hand van de beperking van de economische schade door uitvoering van het project. De aanvrager moet dat aantonen aan de hand van twee kaarten waarin enerzijds het overstromingsrisico in de toestand zonder uitvoering van het project en anderzijds het overstromingsrisico in de toestand na uitvoering van het project worden weergegeven. Bij de afweging van projecten wordt niet alleen het absoluut aantal vergunde of vergund geachte woningen, bedrijfsgebouwen en vitale openbare nutsvoorzieningen, gelegen buiten de natuurlijke overstromingsgebieden, dat gevrijwaard wordt van overstroming bekeken, ook de kostenefficiëntie van het project wordt in rekening gebracht. Voor de uitvoerbaarheid van het project wordt nagegaan of in alle redelijkheid kan worden aangenomen dat het project binnen de termijn,
artikel 12, § 2, van het besluit kan worden uitgevoerd. § 2. Bij de aanvragen waarvan de subsidiabele kosten voor 50 % of meer bestaan uit riolerings- of bestratingskosten, wordt de beoordeling voor het toekenningscriterium,
Art. 8.Het derde toekenningscriterium is de mate waarin maatregelen van NTMB in het project worden geïntegreerd. De beoordeling gebeurt op basis van de volgende criteria : 1° de integrale aanpak : dat is de combinatie van meerdere ecologische maatregelen om in één project verschillende watergerelateerde knelpunten samen op te lossen, bij voorkeur in overleg met de verschillende betrokken sectoren;2° de correcte toepassing van methoden, beschreven in het 'Vademecum Natuurtechniek : inrichting en beheer van waterlopen' van het vroegere departement Leefmilieu en Infrastructuur (Brussel, 1994) en het 'Vademecum Natuurtechniek : inrichting en beheer van wegen' van het vroegere departement Leefmilieu en Infrastructuur (Brussel, 1996).In die vademecums Natuurtechniek wordt voor de hieronder vermelde subcriteria een prioritering voorgesteld, waarbij rekening gehouden moet worden met de lokale omstandigheden. Die prioritering wordt ook gehanteerd bij de beoordeling van :
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.