leidende bepaling, definities en doelstelling Artikel 1.Dit decreet regelt een gemeenschapsaangelegenheid. Art. 2.
dit decreet wordt verstaan onder : 1° aso : algemeen secundair onderwijs;2° beroep : een samenhangend geheel van taken met bijbehorende competenties waarover een maatschappelijke consensus bestaat, en waarbij abstractie wordt gemaakt van organisatie- of bedrijfsspecifieke kenmerken;3° beroepscompetentieprofiel : een afgerond geheel van competenties die een beroepsbeoefenaar
een bepaalde arbeidscontext hanteert om (de) te verwachten resultaten op de werkvloer te realiseren;4° beroepskwalificatie : een afgerond en
geschaald geheel van competenties waarmee een beroep kan worden uitgeoefend;5° bso : beroepssecundair onderwijs;6° competentie : de bekwaamheid om kennis, vaardigheden en attitudes
het handelen geïntegreerd aan te wenden voor maatschappelijke activiteiten.
het hoger onderwijs worden competenties domeinspecifieke leerresultaten genoemd; 7° competentieprofiel : een afgerond geheel van competenties die een persoon
een bepaalde maatschappelijke context hanteert om (de) te verwachten resultaten
die maatschappelijke rol te realiseren en waarvoor geen beroepscompetentieprofiel bestaat of ontwikkeld zal worden;8° erkende kwalificatie : een onderwijs- of een beroepskwalificatie waarvan de Vlaamse Regering beslist dat ze aan
houdelijke en vormelijke kwaliteitseisen voldoet en waarvoor een bewijs kan worden uitgereikt;9°
stellingen hoger onderwijs : de
stellingen hoger onderwijs zoals vermeld
de artikelen 7 en 8 van het decreet van 4 april 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 04/04/2003 pub. 14/08/2003 numac 2003035868 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs
Vlaanderen type decreet prom. 04/04/2003 pub. 09/05/2003 numac 2003035412 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 december 1997 betreffende de rustpensioenen toegekend aan de vastbenoemde en tot de stage toegelaten personeelsleden van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en betreffende de overlevingspensioenen toegekend aan de rechtverkrijgenden van die personeelsleden sluiten betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs
Vlaanderen;10° kso : kunstsecundair onderwijs;11° kwalificatie : een afgerond en
geschaald geheel van competenties;12° kwalificatiebewijs : een door de Vlaamse Gemeenschap erkend bewijs dat een
dividu een erkende kwalificatie heeft behaald.Het bewijs geeft aan om welke kwalificatie(s) het gaat en bevat een verwijzing naar een niveau van het Vlaamse kwalificatieraamwerk; 13° kwalificatieraamwerk : het door dit decreet vastgelegd
strument voor het systematisch beschrijven en
schalen van kwalificaties, opgebouwd uit niveaus en niveaudescriptoren;14° kwalificatiestructuur : de systematische ordening van erkende kwalificaties op basis van een algemeen geldend kwalificatieraamwerk;15° niveaudescriptor : een generieke omschrijving van de karakteristieken van de competenties die eigen zijn aan de kwalificaties op dat niveau;16° NVAO : de Nederlands-Vlaamse Accreditatie-organisatie;17° onderwijskwalificatie : een afgerond en
geschaald geheel van competenties die noodzakelijk zijn om maatschappelijk te functioneren en te participeren, waarmee verdere studies
het secundair of
het hoger onderwijs kunnen worden aangevat of waarmee beroepsactiviteiten kunnen worden uitgeoefend;18° sector : een groep professionele activiteiten
gedeeld naar belangrijkste dienst, product, technologie, naar belangrijkste economische functie of naar bedrijfstak of vrijwilligersactiviteiten;19° SERV : de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen;20° tso : technisch secundair onderwijs;21° VKS : Vlaamse kwalificatiestructuur;22° VLHORA : de Vlaamse Hogescholenraad;23° VLIR : de Vlaamse
teruniversitaire Raad;24° Vlor : de Vlaamse Onderwijsraad. Art. 3.De kwalificatiestructuur is een systematische ordening van erkende kwalificaties op basis van een algemeen geldend raamwerk. Deze ordening beoogt kwalificaties en hun onderlinge verhoudingen transparant te maken zodat onderwijs, opleidingsverstrekkers alsook andere maatschappelijke actoren eenduidig over kwalificaties en de daarin vervatte competenties kunnen communiceren. HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied en gebruik Art. 4.Dit decreet is van toepassing op erkende en geregistreerde kwalificaties. De kwalificatiestructuur vormt het kader om opleidingen tot stand te brengen die leiden naar erkende kwalificaties en om kwalificatiebewijzen te vergelijken. De kwalificatiestructuur kan ook als referentiekader worden gebruikt om : - assessments voor erkenning van verworven competenties uit te werken en de procedures onderling af te stemmen; - studieloopbanen en loopbanen te oriënteren en/of te begeleiden. De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering staat
voor de organisatie van het toezicht op de kwaliteit van de onderwijs-, opleidings- en vormingstrajecten en van de trajecten
zake erkenning van verworven competenties die beide leiden naar erkende kwalificaties. HOOFDSTUK III. - Algemene kenmerken van het kwalificatieraamwerk Afdeling I. - Niveaubeschrijvingen Art. 5.Het kwalificatieraamwerk onderscheidt acht niveaus, die oplopen van niveau één naar niveau acht. Elk niveau
het raamwerk wordt beschreven aan de hand van een niveaudescriptor. Een niveaudescriptor geeft een generieke omschrijving van de karakteristieken van de competenties die eigen zijn aan de kwalificaties op dat niveau en bestaat uit vijf descriptorelementen : kennis, vaardigheden, context, autonomie en verantwoordelijkheid. Ze bepalen het niveau van de kwalificatie. De niveaudescriptoren worden gebruikt om zowel onderwijs- als beroepskwalificaties te beschrijven en
te schalen. Art. 6.§ 1. De descriptorelementen van elke niveaudescriptor krijgen de volgende
vulling : VKS- niveau Niveaudescriptorelementen Kennis Vaardigheden Context Autonomie Verantwoordelijkheid VKS 1 - materialen, beknopte, eenduidige
formatie, eenvoudige, concrete basisbegrippen en -regels uit een deel van een specifiek domein herkennen - één of meer van de volgende vaardigheden aanwenden : - cognitieve :
formatie uit het geheugen oproepen, herinneren en toepassen - motorische : automatismen gebruiken en praktische handelingen nabootsen - repetitieve en herkenbare handelingen uitvoeren
routinetaken - handelen
een stabiele, vertrouwde, enkelvoudige en goed gestructureerde context, waarin de tijdsdruk van gering belang is - handelen met niet-delicate objecten - onder rechtstreekse leiding functioneren - blijk geven van persoonlijke doeltreffendheid VKS 2 -
formatie, concrete begrippen en standaardprocedures uit een specifiek domein begrijpen - één of meer van de volgende vaardigheden aanwenden : - cognitieve :
formatie analyseren door elementen te onderscheiden en verbanden te leggen - motorische : - zintuiglijke ervaringen
motorische handelingen omzetten - aangeleerde praktisch-technische handelingen uitvoeren - een geselecteerd aantal standaardprocedures bij het uitvoeren van taken toepassen; voorgeschreven strategieën aanwenden voor het oplossen van een beperkt aantal herkenbare concrete problemen - handelen
een beperkt aantal vergelijkbare, enkelvoudige, vertrouwde contexten - handelen met delicate, passieve objecten - onder begeleiding functioneren met beperkte autonomie - beperkte uitvoerende verantwoordelijkheid opnemen voor eigen werk VKS 3 - een aantal abstracte begrippen, wetten, formules en methodes uit een specifiek domein begrijpen; hoofd- en bijzaken
formatie onderscheiden - één of meer van de volgende vaardigheden aanwenden : -- cognitieve : -
formatie analyseren via deductie en
ductie -
formatie synthetiseren -- motorische : - constructies maken op basis van een plan - handelingen verrichten die tactisch en strategisch
zicht vereisen - artistiek-creatieve vaardigheden toepassen - standaardprocedures en methodes kiezen, combineren en gebruiken bij het uitvoeren van taken en bij het oplossen van een verscheidenheid van welomschreven concrete problemen - handelen
vergelijkbare contexten waarin een aantal factoren veranderen - handelen met delicate, actieve objecten - binnen een afgebakend takenpakket functioneren met enige autonomie - beperkte organisatorische verantwoordelijkheid opnemen voor eigen werk VKS 4 - concrete en abstracte gegevens (
formatie en begrippen) uit een specifiek domein
terpreteren - reflectieve cognitieve en productieve motorische vaardigheden toepassen - gegevens evalueren en
tegreren en strategieën ontwikkelen voor het uitvoeren van diverse taken en voor het oplossen van diverse, concrete, niet-vertrouwde (maar weliswaar domeinspecifieke) problemen - handelen
een combinatie van wisselende contexten - autonoom functioneren met enig
itiatief - volledige verantwoordelijkheid voor eigen werk opnemen; het eigen functioneren evalueren en bijsturen met het oog op het bereiken van collectieve resultaten VKS 5 - de
formatie uit een specifiek domein met concrete en abstracte gegevens uitbreiden of met ontbrekende gegevens aanvullen; begrippenkaders hanteren; zich bewust zijn van de reikwijdte van de domeinspecifieke kennis - geïntegreerde cognitieve en motorische vaardigheden toepassen - kennis transfereren en procedures flexibel en
ventief aanwenden voor het uitvoeren van taken en voor het strategisch oplossen van concrete en abstracte problemen - handelen
een reeks van nieuwe, complexe contexten - autonoom functioneren met
itiatief - verantwoordelijkheid opnemen voor het bereiken van persoonlijke resultaten en voor het stimuleren van collectieve resultaten VKS 6 - kennis en
zichten uit een specifiek domein kritisch evalueren en combineren - complexe gespecialiseerde vaardigheden toepassen, gelieerd aan onderzoeksuitkomsten - relevante gegevens verzamelen en
terpreteren en geselecteerde methodes en hulpmiddelen
novatief aanwenden om niet-vertrouwde complexe problemen op te lossen - handelen
complexe en gespecialiseerde contexten - functioneren met volledige autonomie en een ruime mate van
itiatief - medeverantwoordelijkheid opnemen voor het bepalen van collectieve resultaten VKS 7 - kennis en
zichten uit een specifiek domein of op het raakvlak tussen verschillende domeinen
tegreren en herformuleren - complexe nieuwe vaardigheden toepassen, gelieerd aan zelfstandig, gestandaardiseerd onderzoek - complexe, geavanceerde en/of
novatieve probleemoplossende technieken en methodes kritisch beoordelen en toepassen - handelen
onvoorspelbare, complexe en gespecialiseerde contexten - volledig autonoom functioneren met beslissingsrecht - eindverantwoordelijkheid opnemen voor het bepalen van collectieve resultaten VKS 8 - bestaande kennis uit een substantieel deel van een specifiek domein of op het raakvlak tussen verschillende domeinen uitbreiden en/of herdefiniëren - nieuwe kennis via origineel onderzoek of geavanceerde wetenschappelijke studie
terpreteren en creëren - projecten ontwerpen en uitvoeren die de bestaande procedurele kennis uitbreiden en herdefiniëren, gericht op het ontwikkelen van nieuwe vaardigheden, technieken, toepassingen, praktijken en/of materialen - handelen
bijzonder complexe contexten met brede,
noverende implicaties - met een hoge mate van kritische zin en sturend vermogen de verantwoordelijkheid opnemen voor de ontwikkeling van de professionele praktijk of van wetenschappelijk onderzoek § 2. De niveaudescriptoren van bachelor, van master en van doctor, vermeld
artikel 58, § 2, van het decreet van 4 april 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 04/04/2003 pub. 14/08/2003 numac 2003035868 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs
Vlaanderen type decreet prom. 04/04/2003 pub. 09/05/2003 numac 2003035412 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 december 1997 betreffende de rustpensioenen toegekend aan de vastbenoemde en tot de stage toegelaten personeelsleden van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en betreffende de overlevingspensioenen toegekend aan de rechtverkrijgenden van die personeelsleden sluiten betreffende de herstructurering
het hoger onderwijs, zijn equivalent aan de niveaudescriptoren van respectievelijk niveau zes, niveau zeven en niveau acht. Art. 7.De Vlaamse Regering bepaalt de procedure voor beschrijving en
schaling van beroepskwalificaties, na advies van de Vlor en de SERV. Dit besluit bevat ten minste de volgende elementen : a) - het model voor het beschrijven van de competentieprofielen en beroepscompetentieprofielen gebruik makend van de descriptorelementen; - de marginale toetsing van de competentieprofielen en beroepscompetentieprofielen aan het model; - de methodiek voor de niveaubepaling van beroepskwalificaties met name de niveautoekenning aan competenties, het toekennen van een relatief belang aan de competenties en de niveaubepaling van de beroepskwalificaties op basis van een besluitvormingsproces dat leidt tot een consensus; - de marginale toetsing van de werkzaamheden van de sectorspecifieke commissies ad hoc aan de
schalingsprocedure en aan het gebruik van de descriptorelementen; b) de wijze waarop de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering een voorstel tot
schaling formuleert bij ontstentenis van een consensus van de sectorspecifieke commissie ad hoc rekening houdend met de onder a) vermelde elementen. Afdeling II. - Soorten kwalificaties Art. 8.Beroepskwalificaties zijn afgeronde en
geschaalde gehelen van competenties waarmee een beroep kan worden uitgeoefend. Beroepskwalificaties situeren zich op elk van de acht niveaus van de kwalificatiestructuur. Art. 9.Onderwijskwalificaties zijn afgeronde en
geschaalde gehelen van competenties die noodzakelijk zijn om maatschappelijk te functioneren en te participeren, waarmee verdere studies
het secundair of
het hoger onderwijs kunnen worden aangevat of waarmee beroepsactiviteiten kunnen worden uitgeoefend. Onderwijskwalificaties situeren zich op elk van de acht niveaus van de kwalificatiestructuur. Onderwijskwalificaties worden enkel via onderwijs verworven en enkel door de Vlaamse overheid erkende
stellingen kunnen hiervoor een kwalificatiebewijs afleveren. HOOFDSTUK IV. - Erkenning van kwalificaties Afdeling I. - Procedure voor de erkenning van beroepskwalificaties Art. 10.De SERV legt beroepscompetentieprofielen of competentieprofielen, beschreven gebruik makend van de descriptorelementen, voor erkenning als beroepskwalificatie voor aan de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering. De Vlaamse Regering bepaalt na advies van alle betrokken strategische adviesraden, onder welke voorwaarden en voor welke sectoren kan worden afgeweken van het
dienen van de aanvraag tot erkenning van competentieprofielen via de SERV. De afwijking kan geen afbreuk doen aan de verplichting om voorafgaand aan de aanvraag tot erkenning sociaal, paritair overleg te organiseren. Vragen tot erkenning kunnen permanent worden
gediend bij de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering. Art. 11.De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering formuleert een erkenningsadvies met een voorstel tot
schaling aan de minister, bevoegd voor Vorming, en aan de voor de kwalificatie functioneel bevoegde minister. Voor een beroepskwalificatie gebaseerd op een beroepscompetentieprofiel wordt dat advies binnen de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering voorbereid door een sectorspecifieke commissie ad hoc. Die commissie is als volgt samengesteld : 1° vertegenwoordigers van de betrokken werkgevers- en werknemersorganisaties, die zijn aangewezen door de SERV;2° vertegenwoordigers van de onderwijsverstrekkers, die zijn aangewezen door de Vlor;3° vertegenwoordigers van de publieke opleidingsverstrekkers, aangewezen door de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding en door SYNTRA Vlaanderen;4° twee onafhankelijke
schalingsexperts, aangewezen door het de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering.
de ad-hoccommissie zit een gelijk aantal vertegenwoordigers van de werkgevers- en werknemersorganisaties enerzijds en van de onderwijs- en publieke opleidingenverstrekkers anderzijds. Voor een beroepskwalificatie gebaseerd op een competentieprofiel wordt dat advies binnen de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering voorbereid door een sectorspecifieke commissie ad hoc. Die commissie is als volgt samengesteld : 1° vertegenwoordigers van de betrokken sector(en) aangewezen door de SERV
dien het competentieprofiel via de SERV wordt
gediend.Bij toepassing van de afwijking als vermeld
artikel 10 van dit decreet, duiden de betrokken sectoren zelf hun vertegenwoordigers aan; 2° vertegenwoordigers van de onderwijsverstrekkers die zijn aangewezen door de Vlor;3° vertegenwoordigers van de publieke opleidingsverstrekkers, aangewezen door de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding en door SYNTRA Vlaanderen;4° twee onafhankelijke
schalingsexperts, die zijn aangewezen door de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering.
de ad-hoccommissie zit een gelijk aantal vertegenwoordigers van de sectoren enerzijds en van de onderwijs- en publieke opleidingenverstrekkers anderzijds. Art. 12.De Vlaamse Regering erkent de kwalificatie of vraagt om de
schaling bij te sturen. De vraag tot bijsturing wordt gemotiveerd. Aan de hand van de door de Vlaamse Regering
gebrachte argumenten wordt een nieuw advies van
schaling voorbereid door een daartoe samengestelde sectorspecifieke commissie ad hoc. Op basis van deze voorbereiding formuleert de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering een erkenningsadvies met een voorstel tot
schaling. Een beroepscompetentieprofiel, wordt erkend als beroepskwalificatie op gezamenlijk voorstel van de minister bevoegd voor Vorming, de minister bevoegd voor Werk en desgevallend de functioneel bevoegde minister. Een competentieprofiel, wordt erkend als beroepskwalificatie op gezamenlijk voorstel van de minister, bevoegd voor Vorming en desgevallend de functioneel bevoegde minister. Tussen de datum van de aanvraag tot erkenning en de beslissing van de Vlaamse Regering tot erkenning en tussen de datum van aanvraag tot erkenning en de vraag tot bijsturing mag telkens niet meer dan tien weken verlopen. Tussen de datum van de vraag tot bijsturing en de definitieve beslissing mag niet meer dan acht weken verlopen. Deze termijnen worden geschorst tijdens de herfst-, kerst, krokus- en paasvakantie en tijdens de periode van het zomerreces van de Vlaamse Regering
juli en augustus. Art. 13.De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering registreert de erkende beroepskwalificatie met de daarin vervatte competenties
een kwalificatiedatabank. Afdeling II. - Procedure voor de erkenning van onderwijskwalificaties van niveau één tot en met vijf Art. 14.Onderwijskwalificaties die zich situeren op de niveaus één tot en met vijf bestaan uit eindtermen, specifieke eindtermen of erkende beroepskwalificaties, en zijn als volgt samengesteld : 1° de onderwijskwalificatie op niveau één bestaat uit :
dit artikel ook de gelijkwaardig verklaarde vervangende eindtermen of specifieke eindtermen begrepen zoals bedoeld
artikel 9 van het decreet van 18 januari 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 18/01/2002 pub. 08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen
het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen
het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs en zoals bedoeld
artikel 15 van het decreet van 15 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 15/06/2007 pub. 31/08/2007 numac 2007036482 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het volwassenenonderwijs sluiten betreffende het volwassenenonderwijs. Onder beroepskwalificatie worden
dit artikel ook de competenties en basiscompetenties begrepen zoals bedoeld
artikel 7ter van het decreet van 18 januari 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 18/01/2002 pub. 08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen
het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen
het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs en zoals bedoeld
artikel 12 van het decreet van 15 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 15/06/2007 pub. 31/08/2007 numac 2007036482 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het volwassenenonderwijs sluiten betreffende het volwassenenonderwijs. Art. 15.Met het oog op een actueel en rationeel onderwijsaanbod bepaalt de Vlaamse Regering de criteria voor het uitwerken van de onderwijskwalificaties en voor de situering ervan
de opleidingenstructuur. De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering werkt voorstellen van onderwijskwalificaties uit op eigen
itiatief of op vraag van iedere belanghebbende en houdt hierbij rekening met de volgende criteria : - de maatschappelijke, economische of culturele behoefte; - de onderwijskundige en opvoedkundige context : aansluitend bij de doelgroep, bij het profiel van onderwijsvorm en graad, stimuleren van de leermotivatie; - de verwachte
stroom en uitstroom; - de beschikbare materiële en financiële middelen en expertise; - de mogelijkheid tot samenwerking met andere
stellingen of met arbeidsmarkt/bedrijfsleven,
dien vereist; - de continuïteit
de (studie)loopbaan :
passing
het bestaande studieaanbod, aansluiting op vervolgopleidingen en/of tewerkstellingsmogelijkheden. Ieder voorstel en iedere vraag, al dan niet omgezet
een voorstel, zal door de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering voor advies aan de Vlor worden voorgelegd. Voor de onderwijskwalificaties vermeld
artikel 14, 5°, a), werkt de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering haar voorstellen uit uiterlijk zestig dagen na de erkenning van de desbetreffende beroepskwalificatie(s). De Vlaamse Regering erkent de onderwijskwalificaties op gezamenlijk voorstel van de minister bevoegd voor Vorming en de minister bevoegd voor Onderwijs. De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering registreert de erkende onderwijskwalificaties met de daarin vervatte competenties
een kwalificatiedatabank. Afdeling III. - Procedure voor de erkenning van onderwijskwalificaties van niveau zes tot en met acht Art. 16.
stellingen
het hoger onderwijs beschrijven gezamenlijk de domeinspecifieke leerresultaten van de opleidingen
het hoger onderwijs als vermeld
artikel 5bis van het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/04/2004 pub. 12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen type decreet prom. 30/04/2004 pub. 26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid sluiten betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen. Art. 17.De gevalideerde beschrijvingen van de domeinspecifieke leerresultaten worden automatisch als kwalificatie erkend. De gevalideerde beschrijvingen van de opleidingen voor de graad van bachelor worden opgenomen als kwalificaties van niveau zes, die voor de graad van master worden opgenomen als kwalificaties van niveau zeven en die voor de graad van doctor worden opgenomen als kwalificaties van niveau acht. Art. 18.De NVAO bezorgt de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering de erkende kwalificaties met de daarin vervatte competenties voor registratie
een kwalificatiedatabank. HOOFDSTUK V. - Kwalificatiedatabank en leer- en ervaringsbewijzendatabank Art. 19.Met het oog op
formatieverstrekking aan
dividuen,
stellingen en overheden over het Vlaamse kwalificatiebeleid en met het oog op beleidsontwikkeling worden alle erkende kwalificaties
een kwalificatiedatabank geregistreerd bij de bevoegde dienst van de Vlaamse Regering.
deze databank worden alle erkende onderwijs- en beroepskwalificaties met de daarin vervatte competenties opgenomen alsook de wijze waarop deze kwalificaties kunnen verworven worden. De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering staat
voor het beheer van de databank en voor de gegevensuitwisseling. Art. 20.Met het oog op het verlenen van diensten of met het oog op beleidsontwikkeling worden alle door de Vlaamse Gemeenschap erkende of gelijkwaardig verklaarde leer- en ervaringsbewijzen samen met de bijhorende minimale identificatiegegevens van de houder van de leer- en ervaringsbewijzen
kwestie,
een leer- en ervaringsbewijzendatabank geregistreerd bij de bevoegde diensten van de Vlaamse Regering. Deze registratie gebeurt door de
stantie die de leer- en ervaringsbewijzen
kwestie heeft uitgereikt of door de
stantie die de gegevens
zake de leer- en ervaringsbewijzen
kwestie heeft
gezameld bij
stanties die leer- en ervaringsbewijzen uitreiken, of op basis van een geregistreerde verklaring op eer. Een leerbewijs is een bewijs dat wordt uitgereikt bij het succesvol beëindigen van een afgerond geheel van onderwijs-, vormings- of opleidingsactiviteiten nadat door middel van een toets werd nagegaan of de voorafbepaalde competenties verworven zijn. Een ervaringsbewijs is een bewijs zoals bedoeld
artikel 4 van het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/04/2004 pub. 12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen type decreet prom. 30/04/2004 pub. 26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid sluiten betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid. De bevoegde diensten van de Vlaamse Regering beheren de databank. Het ontsluiten van deze databank gebeurt door tussenkomst van de coördinatiecel Vlaams e-government die tussenbeide komt bij de mededeling van gegevens uit de leer- en ervaringsbewijzendatabank mits naleving van artikel 8 van het decreet van 18 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 18/07/2008 pub. 29/10/2008 numac 2008036273 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer sluiten betreffende het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer. HOOFDSTUK VI. - Wijzigingsbepalingen Art. 21.
artikel 24bis, § 1, punt 8°, van de wet van 29 mei 1959 tot wijziging van sommige bepalingen van de onderwijswetgeving worden de woorden « specifieke eindtermen, » vervangen door de woorden « erkende onderwijskwalificaties, ». Art. 22.Artikel 3 van het decreet van 18 januari 2002Relevante gevonden documenten type decreet prom. 18/01/2002 pub. 08/02/2002 numac 2001035155 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen
het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs sluiten betreffende de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen en de specifieke eindtermen
het voltijds gewoon en buitengewoon secundair onderwijs wordt vervangen door wat volgt : « Artikel 3 De eindtermen, de specifieke eindtermen, de ontwikkelingsdoelen voor het gewoon voltijds secundair onderwijs en de ontwikkelingsdoelen voor het buitengewoon secundair onderwijs worden vastgelegd door het Vlaams Parlement bij wijze van bekrachtiging van een besluit van de Vlaamse Regering, genomen op advies van de Vlor. Voor het onderwijs
een erkende godsdienst, een op godsdienst berustende zedenleer, de niet-confessionele zedenleer, de eigen cultuur en religie en de cultuurbeschouwing worden geen eindtermen of ontwikkelingsdoelen bepaald. De Vlaamse Regering legt het besluit ten laatste één maand na de goedkeuring ter bekrachtiging voor aan het Vlaams Parlement. De eindtermen, de specifieke eindtermen en de ontwikkelingsdoelen hebben uitwerking vanaf de datum die het decreet aangeeft. De eindtermen en specifieke eindtermen worden ontwikkeld gebruik makend van de descriptorelementen vermeld
artikel 6 van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur. ». Art. 23.
artikel 5, § 3, van hetzelfde decreet wordt het derde lid vervangen door wat volgt : «
de opleidingsvorm 4 van het buitengewoon secundair onderwijs gelden de eindtermen, de ontwikkelingsdoelen, de specifieke eindtermen en erkende beroepskwalificaties van het overeenstemmende niveau van het gewoon secundair onderwijs respectievelijk als eindtermen, ontwikkelingsdoelen, specifieke eindtermen en erkende beroepskwalificaties. Voor andere opleidingsvormen of types kan de klassenraad de eindtermen en/of ontwikkelingsdoelen en/of specifieke eindtermen en/of erkende beroepskwalificaties van het overeenstemmende niveau van het gewoon secundair onderwijs, van andere types van het buitengewoon secundair onderwijs, of van het gewoon of buitengewoon basisonderwijs overnemen als ontwikkelingsdoelen.
beide gevallen kan de klassenraad, rekening houdend met de kenmerken eigen aan de leerling, de gelijkwaardigheid beoordelen van prestaties
het betrokken type of de betrokken opleidingsvorm met de prestaties die door de eindtermen en/of ontwikkelingsdoelen en/of specifieke eindtermen en/of erkende beroepskwalificaties van het overeenstemmende niveau van het gewoon secundair onderwijs worden vereist. ». Art. 24.
hoofdstuk II van hetzelfde decreet wordt afdeling 3, bestaande uit artikelen 6 en 7, vervangen door wat volgt : « AFDELING 3. - Specifieke eindtermen en erkende beroepskwalificaties « Artikel 6 De specifieke eindtermen en de erkende beroepskwalificaties worden verworven door middel van het specifieke gedeelte van een opleiding. Het specifieke gedeelte van de opleiding wordt gedefinieerd als het gedeelte dat niet behoort tot de basisvorming of tot het complementaire gedeelte, zoals gedefinieerd
titel IV van het decreet van 31 juli 1990 betreffende het onderwijs II, zoals gewijzigd. « Artikel 7 Specifieke eindtermen zijn doelen met betrekking tot de vaardigheden, de specifieke kennis,
zichten en attitudes waarover een leerling van het voltijds secundair onderwijs beschikt om vervolgonderwijs aan te vatten. Specifieke eindtermen worden vastgelegd voor het tweede leerjaar van de derde graad van het aso, kso en tso en worden ontwikkeld uit de kenmerkende onderdelen van een bepaald wetenschapsdomein. « Artikel 7bis Erkende beroepskwalificaties waarover een leerling van het voltijds secundair onderwijs beschikt zijn afgeronde en
geschaalde gehelen van competenties om als beginnend beroepsbeoefenaar een beroep uit te oefenen. De competenties van de beginnend beroepsbeoefenaar zijn vervat
de beroepskwalificaties die erkend zijn volgens de procedure bepaald
het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur. « Artikel 7ter Voor die specifieke gedeelten van opleidingen die gericht zijn op beroepsuitoefening waarvoor geen erkende beroepskwalificatie bestaat, bepaalt de Vlaamse Regering de competenties, tot zolang er geen erkende beroepskwalificaties zijn. De Vlaamse Regering bepaalt deze competenties op basis van door sectoren of door overheidsinstanties erkende referentiekaders en gebruik makend van de descriptorelementen. ». Art. 25.
artikel 8 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1 wordt vervangen door wat volgt : « § 1.Met de
achtneming van het door of krachtens het decreet bepaalde minimumlessenrooster en met
achtneming van de ontwikkelingsdoelen en de erkende onderwijskwalificaties beschikt elke
richtende macht voor elk van haar
stellingen over de vrijheid de lessenroosters en de leerplannen vast te stellen en kiest zij vrij haar pedagogische methodes. »; 2°
wordt het derde lid vervangen door wat volgt : «
voorkomend geval kunnen bepaalde eindtermen, ontwikkelingsdoelen, specifieke eindtermen of erkende beroepskwalificaties van het gewoon secundair onderwijs, van andere types van het buitengewoon secundair onderwijs of van het gewoon of buitengewoon basisonderwijs door een beslissing van de klassenraad
een handelingsplan worden opgenomen. »; 3° aan § 3, eerste lid, wordt een derde gedachtestreep toegevoegd, die luidt als volgt : « - de erkende beroepskwalificaties of de
de plaats daarvan vastgelegde competenties.». Art. 26.
artikel 9, § 2, van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
het tweede lid, 5°, wordt de zinsnede « en/of als beginnend beroepsbeoefenaar te kunnen fungeren » geschrapt;2°
het vierde lid wordt de zin «
dien de afwijkingsaanvraag betrekking heeft op specifieke eindtermen waarvoor de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen profielen heeft
gediend, zal de Vlaamse Regering de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen vragen een lid aan te duiden om deel uit te maken van de
het vorige lid bedoelde commissie van deskundigen.» geschrapt. Art. 27.
artikel 3 van het decreet van 4 april 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 04/04/2003 pub. 14/08/2003 numac 2003035868 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs
Vlaanderen type decreet prom. 04/04/2003 pub. 09/05/2003 numac 2003035412 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 december 1997 betreffende de rustpensioenen toegekend aan de vastbenoemde en tot de stage toegelaten personeelsleden van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en betreffende de overlevingspensioenen toegekend aan de rechtverkrijgenden van die personeelsleden sluiten betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs wordt tussen het streepje «
stellingsbestuur » en het streepje « kwalificatie van een graad » een streepje toegevoegd, dat luidt als volgt : « - kwalificatie : een afgerond en
geschaald geheel van competenties of domeinspecifieke leerresultaten ». Art. 28.
artikel 11 van hetzelfde decreet worden na het woord « gegradueerde » de woorden « en specifieke lerarenopleidingen die leiden tot een diploma van leraar »
gevoegd. Art. 29.
artikel 58 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° aan de eerste zin van § 2 worden de woorden « de leerresultaten opgenomen
volgende niveaudescriptoren » toegevoegd;2° aan § 2 wordt een punt 1° toegevoegd, dat luidt als volgt : « 1°
de opleidingen leidend tot de graad van gegradueerde
het hoger beroepsonderwijs : a) het uitbreiden of met ontbrekende gegevens aanvullen van de
formatie uit een specifiek domein met concrete en abstracte gegevens;het hanteren van begrippenkaders en het zich bewust zijn van de reikwijdte van de domeinspecifieke kennis;
ventief aanwenden van procedures voor het uitvoeren van taken en voor het strategisch oplossen van concrete en abstracte problemen;d) het handelen
een reeks van nieuwe, complexe contexten;e) het autonoom functioneren met
itiatief;f) het opnemen van verantwoordelijkheid voor het bereiken van persoonlijke resultaten en voor het stimuleren van collectieve resultaten.»; 3° het bestaande punt 1°
wordt punt 2°;4° het bestaande punt 2°
wordt punt 3°;5° aan § 2 wordt een punt 4° toegevoegd, dat luidt als volgt : « 4°
de doctoraatsopleidingen en doctoraatsvoorbereidingen leidend tot de graad van doctor : a) het systematisch begrijpen van een vakgebied en het beheersen van de vaardigheden en methodieken van onderzoek
dat vakgebied;b) de bekwaamheid om met de geëigende
tegriteit van een onderzoeker een omvangrijk onderzoeksproces te ontwerpen, ontwikkelen, uit te voeren en aan te passen;c) het door origineel onderzoek leveren van een bijdrage aan verlegging van de grenzen van kennis door een omvangrijke hoeveelheid werk, waarvan een deel een nationaal of
ternationaal beoordeelde publicatie verdient;d) het
staat zijn tot kritische analyse, evaluatie en synthese van nieuwe en complexe ideeën;e) het kunnen communiceren met vakgenoten en de bredere wetenschappelijke gemeenschap nationaal en
ternationaal en de samenleving als geheel over het terrein waarop men deskundig is;f) een vernieuwende bijdrage leveren binnen de academische en professionele context, wat leidt tot technologische, sociale of culturele vooruitgang
een kennissamenleving.». Art. 30.Aan artikel 61, § 1, tweede lid, van hetzelfde decreet wordt een punt l) toegevoegd, dat luidt als volgt : « l) de door de
stellingen gezamenlijk beschreven domeinspecifieke leerresultaten als vermeld
artikel 5bis van het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/04/2004 pub. 12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen type decreet prom. 30/04/2004 pub. 26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid sluiten betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen. ». Art. 31.Aan artikel 62, § 3, van hetzelfde decreet wordt een punt 5° toegevoegd, dat luidt als volgt : « 5° de door de
stellingen gezamenlijk beschreven domeinspecifieke leerresultaten. ». Art. 32.
het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/04/2004 pub. 12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen type decreet prom. 30/04/2004 pub. 26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid sluiten betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen wordt een artikel 5bis
gevoegd, dat luidt als volgt : « Artikel 5bis De
stelling schrijft voor elke opleiding en voor elk opleidingsonderdeel leerresultaten uit. Op basis van de niveaudescriptoren zoals bepaald
artikel 58, § 2, van het decreet van 4 april 2003Relevante gevonden documenten type decreet prom. 04/04/2003 pub. 14/08/2003 numac 2003035868 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs
Vlaanderen type decreet prom. 04/04/2003 pub. 09/05/2003 numac 2003035412 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet houdende wijziging van het decreet van 17 december 1997 betreffende de rustpensioenen toegekend aan de vastbenoemde en tot de stage toegelaten personeelsleden van de Vlaamse Maatschappij voor Watervoorziening en betreffende de overlevingspensioenen toegekend aan de rechtverkrijgenden van die personeelsleden sluiten betreffende de herstructurering
het hoger onderwijs, schrijven de
stellingen onder coördinatie van de Vlaamse Hogescholenraad en de Vlaamse
teruniversitaire Raad daarenboven gezamenlijk de domein- specifieke leerresultaten uit. Zij waarborgen de toepassing van Vlaamse, federale en
ternationale regelgeving over beroepsuitoefening. Die beschrijving van de domeinspecifieke leerresultaten wordt gevalideerd door de Nederlands-Vlaamse accreditatieorganisatie. De Vlaamse Regering kan daarvoor nadere regels uitwerken. ». Art. 33.
artikel 2 van het decreet van 30 april 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 30/04/2004 pub. 12/10/2004 numac 2004036500 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap betreffende de flexibilisering van het hoger onderwijs
Vlaanderen en houdende dringende hogeronderwijsmaatregelen type decreet prom. 30/04/2004 pub. 26/11/2004 numac 2004036712 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid sluiten betreffende het verwerven van een titel van beroepsbekwaamheid worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° er wordt een punt 2°bis toegevoegd, dat luidt als volgt : « 2°bis competentieprofiel : een afgerond geheel van competenties die een persoon
een bepaalde maatschappelijke context hanteert om (de) te verwachten resultaten
die maatschappelijke rol te realiseren en waarvoor geen beroepscompetentieprofiel bestaat of ontwikkeld zal worden;»; 2° punt 5° wordt vervangen door wat volgt : « 5° beroepscompetentieprofiel : een afgerond geheel van competenties die een beroepsbeoefenaar
een bepaalde arbeidscontext hanteert om (de) te verwachte resultaten op de werkvloer te realiseren;»; 3° punt 12° wordt vervangen door wat volgt : « 12° erkende beroepskwalificatie : de beroepskwalificatie als vermeld
het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur; ». Art. 34.
artikel 4 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° aan § 1 wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt : «
de communicatie naar de burgers, kan als synoniem voor het begrip titel van beroepsbekwaamheid ook het begrip ervaringsbewijs gebruikt worden.»; 2° er wordt een § 1bis toegevoegd, die luidt als volgt : « § 1bis.De titel van beroepsbekwaamheid geldt eveneens als het bewijs dat de betrokken persoon een erkende beroepskwalificatie heeft behaald. »; 3°
wordt het tweede lid vervangen door wat volgt : « Diploma's en getuigschriften mede afgeleverd op grond van het voldoen aan de beroepscompetenties vastgelegd
een erkende beroepskwalificatie, worden te allen tijde geacht de ten aanzien van het betrokken beroep of deelberoep vastgelegde competenties te omvatten.». Art. 35.
artikel 6 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
punt 3° wordt het woord « beroepsprofielen » vervangen door de woorden « beroepscompetentieprofielen of competentieprofielen »;2°
de eerste zin van punt 4° worden de woorden « beroepscompetentieprofielen, bedoeld
3° » vervangen door de woorden « beroepscompetentieprofielen of competentieprofielen »;3°
de tweede zin van punt 4° wordt het woord « beroepsprofiel » vervangen door de woorden « beroepscompetentieprofiel of competentieprofiel ». Art. 36.
artikel 8 van hetzelfde decreet wordt een § 2 toegevoegd, die luidt als volgt : « § 2. De bevoegde dienst van de Vlaamse Regering staat
voor de organisatie van het toezicht op de kwaliteit van de trajecten tot het bekomen van een titel van beroepsbekwaamheid. ». Art. 37.
artikel 15bis van het decreet van 7 mei 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 07/05/2004 pub. 25/08/2004 numac 2004036333 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet
zake de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen sluiten
zake de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen worden § 1 en § 2 vervangen door wat volgt : « § 1. De Raad bepaalt beroepscompetentieprofielen of competentieprofielen hetzij op eigen
itiatief, hetzij op verzoek van de Vlaamse Regering, hetzij op verzoek van de sociale partners van een bedrijfstak of een samenhangend geheel van bedrijfstakken zoals door de Vlaamse Regering omschreven, hetzij op verzoek van een maatschappelijke sector zoals omschreven door de Vlaamse Regering. Een competentieprofiel kan alleen bepaald worden voor maatschappelijke rollen waarvoor geen beroepscompetentieprofiel bestaat of ontwikkeld zal worden. § 2. De SERV garandeert bij de ontwikkeling van beroepscompetentieprofielen en competentieprofielen een paritaire vertegenwoordiging van de actoren uit de betrokken bedrijfstak, bedrijfstakken of maatschappelijke sectoren, en waarborgt de toepassing van Vlaamse, federale en
ternationale regelgeving over beroepsuitoefening. ». Art. 38.
artikel 2 van het decreet van 15 juni 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 15/06/2007 pub. 31/08/2007 numac 2007036482 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het volwassenenonderwijs sluiten betreffende het volwassenenonderwijs worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
punt 32° worden tussen de woorden « specifieke eindtermen » en het woord « en » de woorden « , erkende beroepskwalificatie(s) »
gevoegd;2°
punt 39° wordt de zinsnede « of om als beginnende beroepsbeoefenaar te kunnen fungeren » geschrapt. Art. 39.
titel III van hetzelfde decreet wordt het opschrift van hoofdstuk IV vervangen door wat volgt : « hoofdstuk IV. - De eindtermen, specifieke eindtermen, erkende beroepskwalificaties en basiscompetenties ». Art. 40.
artikel 11 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
worden tussen de woorden « de specifieke eindtermen » en de woorden « als voor » de woorden « en erkende beroepskwalificaties »
gevoegd;2° er wordt een § 6 toegevoegd, die luidt als volgt : « § 6.De eindtermen en specifieke eindtermen worden ontwikkeld gebruik makend van de niveaudescriptoren uit artikel 6 van het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur. ». Art. 41.
artikel 12 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
worden tussen de woorden « specifieke eindtermen » en de woorden « zijn van » de woorden « en erkende beroepskwalificaties »
gevoegd;2° aan § 3, 1°, wordt de volgende zin toegevoegd : « De basiscompetenties die worden vastgelegd voor opleidingen die leiden naar een beroep nemen erkende beroepskwalificaties op herkenbare wijze op.»; 3°
, 2,° worden tussen de woorden « specifieke eindtermen » en het woord « bepaald » de woorden « of erkende beroepskwalificaties »
gevoegd;4° aan § 3 wordt een zin toegevoegd, die luidt als volgt : « De basiscompententies voor opleidingen die leiden naar een beroep waarvoor geen erkende beroepskwalificaties bestaan, worden bepaald op basis van door sectoren of door overheidsinstanties erkende referentiekaders en gebruik makend van de descriptorelementen en dit zolang er geen erkende beroepskwalificaties zijn.». Art. 42.
artikel 13 van hetzelfde decreet worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
worden tussen het woord « vaardigheden » en het woord « met » de woorden « en erkende beroepskwalificaties »
gevoegd;2°
worden tussen de woorden « specifieke eindtermen » en het woord « of » de woorden « , erkende beroepskwalificaties »
gevoegd. Art. 43.
artikel 14, § 2, eerste lid, van hetzelfde decreet wordt de zin «
de leerplannen worden de eindtermen, de specifieke eindtermen of de basiscompetenties op herkenbare wijze opgenomen » vervangen door de zin, «
de leerplannen worden de eindtermen, de specifieke eindtermen, de basiscompetenties of de erkende beroepskwalificaties op herkenbare wijze opgenomen ». Art. 44.
artikel 15, § 2, van hetzelfde decreet, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1°
het tweede lid, 5°, wordt de zinsnede « of als beginnende beroepsbeoefenaar te kunnen fungeren » geschrapt;2°
het derde lid wordt de zin «
dien de afwijkingsaanvraag betrekking heeft op specifieke eindtermen of basiscompetenties waarvoor de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen beroep- (competentie)profielen heeft gepubliceerd, zal de Vlaamse Regering de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen vragen een gemotiveerd advies uit te brengen.» geschrapt. Art. 45.
artikel 24, § 1, tweede lid, 4°, van hetzelfde decreet wordt tussen de woorden « specifieke eindtermen » en het woord « of » de woorden « , erkende beroepskwalificaties »
gevoegd. Art. 46.
artikel 45, 4°, van hetzelfde decreet wordt tussen de woorden « specifieke eindtermen » en het woord « en » de woorden « , erkende beroepskwalificaties »
gevoegd. Art. 47.
artikel 56, 8°, van hetzelfde decreet worden tussen de woorden « specifieke eindtermen, » en het woord « basiscompetenties » de woorden « erkende beroepskwalificaties, »
gevoegd. Art. 48.
artikel 30, § 1, van het decreet van 10 juli 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 10/07/2008 pub. 09/10/2008 numac 2008036144 bron vlaamse overheid Decreet houdende verlenging van sommige van de tijdelijke projecten die zijn vermeld
het besluit van de Vlaamse Regering van 23 juni 2006 betreffende de organisatie van tijdelijke projecten
het basis- en secundair onderwijs type decreet prom. 10/07/2008 pub. 03/10/2008 numac 2008203342 bron vlaamse overheid Decreet betreffende het stelsel van leren en werken
de Vlaamse Gemeenschap sluiten betreffende het stelstel van leren en werken
de Vlaamse Gemeenschap worden de woorden « beroepscompetentieprofielen zoals ontwikkeld door de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen » vervangen door de woorden « erkende beroepskwalificaties vermeld
het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur ». Art. 49.
artikel 32, § 1, van hetzelfde decreet worden de woorden « beroepscompetentieprofielen zoals ontwikkeld door de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen » vervangen door de woorden « erkende beroepskwalificaties vermeld
het decreet van 30 april 2009 betreffende de kwalificatiestructuur ». HOOFDSTUK VII. - Slotbepalingen Art. 50.De opleidingen die leiden tot een diploma secundair onderwijs en geen onderwijskwalificatie bevatten zoals omschreven
artikel 14, 4°, van dit decreet, worden tot en met het schooljaar 2012-2013 geacht tot een onderwijskwalificatie van niveau vier te leiden. Art. 51.Tot en met het academiejaar 2012-2013, worden de leerresultaten, opgenomen
de referentiekaders van de visitatierapporten van de opleidingen uit het hoger onderwijsregister, automatisch als kwalificatie erkend en geregistreerd
een kwalificatiedatabank. Art. 52.De artikelen 21, 25, 42, 43 en 47 treden
werking op een door de Vlaamse Regering nader te bepalen datum. Kondigen dit decreet af, bevelen dat het
het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Brussel, 30 april 2009. De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, F. VANDENBROUCKE _______ Nota
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.