artikel VI.9.17 van het decreet van 19 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/03/2004 pub. 10/06/2004 numac 2004035882 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de rechtspositieregeling van de student, de participatie in het hoger onderwijs, de integratie van bepaalde afdelingen van het hoger onderwijs voor sociale promotie in de hogescholen en de begeleiding van de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen sluiten betreffende de rechtspositieregeling van de studenten, de medezeggenschap in het hoger onderwijs, de integratie van bepaalde afdelingen van het hoger onderwijs voor sociale promotie in de hogescholen en de begeleiding van de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen; 7° publicatie SCIE of SSCI met impactfactor : een publicatie, verschenen in een tijdschrift, verwerkt voor de SCIE of SSCI, waarvan een impactfactor berekend kan worden, toegewezen aan een van de volgende publicatietypes 'Article, Letter, Note, Review';8° publicatie SCIE of SSCI zonder impactfactor : een publicatie, verschenen in een tijdschrift, verwerkt voor de SCIE of SSCI, waarvan geen impactfactor berekend kan worden, toegewezen aan een van de volgende publicatietypes 'Article, Letter, Note, Review';9° publicatie AHCI : een publicatie, verschenen in een tijdschrift, verwerkt voor de AHCI, toegewezen aan een van de volgende publicatietypes 'Article, Letter, Note, Review', exclusief de publicaties van SCIE of SSCI die al geteld worden;10° proceeding STP of SSHP : een proceeding verwerkt voor de ISI ProceedingsSM-index met onderdelen STP en SSHP, toegewezen aan een van de volgende publicatietypes 'Article, Letter, Note, Review en Proceedings paper', exclusief de publicaties van SCIE, SSCI of AHCI die al geteld worden;11° publicatie VABB-SHW : een publicatie, verwerkt voor het VABB-SHW, exclusief alle publicaties, verwerkt voor de SCIE, SSCI, AHCI, STP of SSHP.12° citatie : een verwijzing in een publicatie, verschenen in een tijdschrift, verwerkt voor de SCIE of de SSCI, toegewezen aan een van de volgende publicatietypes 'Article, Letter, Note, Review' naar een andere publicatie, verschenen in een tijdschrift, verwerkt voor de SCIE of de SSCI, toegewezen aan een van de volgende publicatietypes 'Article, Letter, Note, Review';13° impactfactor : de impactfactor van een tijdschrift, verwerkt voor de SCIE of de SSCI, zoals gepubliceerd in de Journal Citation Reports;14° discipline : een van de volgende dertien vakgebieden in de technische, natuur- en levenswetenschappen en drie deelgebieden in de sociale en humane wetenschappen : a) A - Agronomie en omgevingswetenschappen;b) Z - Biologie (op het organisme- en het supraorganismevlak);c) B - Biowetenschappen (algemene, cellulaire en subcellulaire biologie;genetica); d) R - Biomedisch onderzoek;e) I - Klinische en experimentele geneeskunde I (algemene en interne geneeskunde);f) M - Klinische en experimentele geneeskunde II (niet-interne vakken);g) N - Neuro- en gedragswetenschappen;h) C - Chemie;i) P - Fysica;j) G - Aard- en ruimtewetenschappen;k) E - Technische wetenschappen;l) H - Wiskunde;n) X - Multidisciplinaire tijdschriften;n) S - Sociale wetenschappen I;o) O - Sociale wetenschappen II;p) U - Arts & humanities.15° sociale en humane wetenschappen : de categorieën S, O en U zoals
14°.» Art. 2.Aan hetzelfde besluit wordt een hoofdstuk Iter toegevoegd, bestaande uit de artikelen 1ter tot en met 1sepdecies, dat luidt als volgt : "Hoofdstuk Iter Vlaams Academisch Bibliografisch Bestand - Sociale en Humane Wetenschappen (VABB-SHW) Afdeling I. - De dekkingsgraad en de inhoud van het VABB-SHW Art. 1ter.Voor het VABB-SHW worden de publicaties verwerkt die afkomstig zijn van onderzoekers, verbonden aan Vlaamse universiteiten en hogescholen, en die behoren tot de disciplines van de sociale en humane wetenschappen. Art. 1quater.Om opgenomen te worden in het VABB-SHW moet een publicatie aan de volgende criteria (ondergrens) voldoen : 1° publiek toegankelijk zijn;2° op een ondubbelzinnige manier identificeerbaar zijn via een ISBN- of ISSN-nummer;3° een bijdrage leveren aan de ontwikkeling van nieuwe inzichten of aan de toepassing ervan;4° voor verschijnen beoordeeld zijn in een aantoonbaar peer-reviewproces door wetenschappers die expert zijn in de betrokken (deel)discipline(s).Peer review moet uitgevoerd worden door een editorial board, door een vast leescomité, door externe referees of door een combinatie van die types. Afdeling II. - Het Gezaghebbend Panel Art. 1quinquies.§
het decreet van 13 juli 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 13/07/2007 pub. 06/08/2007 numac 2007036224 bron vlaamse overheid Decreet houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid sluiten houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid. §
In overleg met de associaties en het Gezaghebbend Panel legt het Steunpunt O&O-Indicatoren uiterlijk op 31 december 2008 de architectuur van het VABB-SHW vast, met inbegrip van de bibliografische gegevens van de publicaties die daarin worden opgenomen en de wijze waarop die moeten worden aangeleverd. § 3. Voor de eerste versie van het VABB-SHW bezorgt elke associatie uiterlijk op 1 september 2009 aan het Steunpunt O&O-Indicatoren de bibliografische gegevens van publicaties die in de periode 2000-2008 werden gepubliceerd met een affiliatie van een instelling die deel uitmaakt van de betrokken associatie en waarvan het associatiebestuur van oordeel is dat ze aan de volgende voorwaarden voldoen : 1° ze behoren tot een discipline van de sociale en humane wetenschappen;2° ze voldoen aan de criteria
artikel 1quater. Het associatiebestuur onderscheidt bij de aanlevering van de gegevens de volgende publicatietypes : 1° artikelen in tijdschriften;2° boeken als auteur;3° boeken als editor;4° artikelen of gedeelten in boeken;5° artikelen in proceedings die geen special issues van tijdschriften of edited boeken zijn; § 4. Het Steunpunt O&O-Indicatoren levert uiterlijk op 1 november 2009 aan het Gezaghebbend Panel de lijst van titels van alle tijdschriften waarin publicaties verschenen zijn die door de associaties werden bezorgd onder het publicatietype "artikelen in tijdschriften",
Het Steunpunt O&O-Indicatoren levert uiterlijk op 1 december 2009 aan het Gezaghebbend Panel de lijst van alle uitgevers van boeken die door de associaties werden bezorgd onder het publicatietype "boeken als auteur", "boeken als editor" of "artikelen of gedeelten in boeken",
Het Steunpunt O&O-Indicatoren levert uiterlijk op 1 december 2009 aan het Gezaghebbend Panel de bibliografische gegevens van publicaties die door de associaties werden bezorgd onder het publicatietype "artikelen in proceedings die geen special issues van tijdschriften of edited boeken zijn",
§ 5. Op basis van de lijsten van tijdschrifttitels en uitgevers,
, deelt het Gezaghebbend Panel uiterlijk op 1 oktober 2010 aan de Vlaamse minister bevoegd, voor het hoger onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid, aan de associaties en aan het Steunpunt O&O-Indicatoren de lijst mee van tijdschrifttitels en van de uitgevers waarvan artikelen of boeken worden opgenomen in het VABB-SHW. Zonder afbreuk te doen aan de criteria,
artikel 1quater kan het Gezaghebbend Panel verschillende kwaliteitslabels toekennen aan de tijdschrifttitels en de uitgevers. Op basis van de bibliografische gegevens,
, van publicaties die behoren tot het publicatietype,
, 5°, deelt het Gezaghebbend Panel uiterlijk op 1 oktober 2010 aan de Vlaamse minister, bevoegd voor het hoger onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid, aan de associaties en aan het Steunpunt O&O-Indicatoren mee welke publicaties worden opgenomen in het VABB-SHW onder het publicatietype,
§ 6. Het Steunpunt O&O-Indicatoren publiceert de lijst van de tijdschrifttitels en van de uitgevers,
§ 7. Het Steunpunt O&O-Indicatoren stelt de eerste versie van het VABB-SHW op, rekening houdend met de lijst van tijdschrifttitels en uitgevers en met de meegedeelde publicaties,
, die behoren tot het publicatietype,
Art. 1undecies.Uiterlijk op 1 december 2010 maakt het Steunpunt O&O-Indicatoren de eerste versie van het VABB-SHW via een webapplicatie minstens voor alle associaties en de Vlaamse overheid toegankelijk. Afdeling IV. - Uitbreiding en jaarlijkse actualisering van het VABB-SHW Art. 1duodecies.§ 1. De wetenschappelijke selectie van de publicaties voor de jaarlijkse actualisering van het VABB-SHW vanaf het begrotingsjaar t = 2011 verloopt volgens de procedure,
§ 2. In elk jaar (t-1) levert elke associatie voor 1 april aan het Steunpunt O&O-Indicatoren de bibliografische gegevens van publicaties die in het jaar (t-2) werden gepubliceerd met een affiliatie van een instelling die deel uitmaakt van de betrokken associatie en waarvan het associatiebestuur van oordeel is dat ze beantwoorden aan de volgende voorwaarden : 1° ze behoren tot een discipline van de sociale en humane wetenschappen;2° ze voldoen aan de criteria
artikel 1quater. Het associatiebestuur onderscheidt bij de aanlevering van de gegevens de volgende publicatietypes : 1° artikelen in tijdschriften;2° boeken als auteur;3° boeken als editor;4° artikelen of gedeelten in boeken;5° artikelen in proceedings die geen special issues van tijdschriften of edited boeken zijn; De publicaties die in het jaar (t-3) werden gepubliceerd en die niet werden aangeleverd in het jaar (t-2), kunnen nog aangeleverd worden in het jaar (t-1). § 3. Het Steunpunt O&O-Indicatoren levert uiterlijk op 1 juni van het jaar (t-1) aan het Gezaghebbend Panel de lijst van titels van alle tijdschriften waarin publicaties verschenen zijn die door de associaties werden bezorgd onder het publicatietype "artikelen in tijdschriften",
Het Steunpunt O&O-Indicatoren levert uiterlijk op 1 juni van het jaar (t-1) aan het Gezaghebbend Panel de lijst van alle uitgevers van boeken die door de associaties werden bezorgd onder het publicatietype "boeken als auteur", "boeken als editor" of "artikelen of gedeelten in boeken",
Het Steunpunt O&O-Indicatoren levert uiterlijk op 1 juni van het jaar (t-1) aan het Gezaghebbend Panel de bibliografische gegevens van publicaties die door de associaties werden bezorgd onder het publicatietype "artikelen in proceedings die geen special issues van tijdschriften of edited boeken zijn",
§ 4. Op basis van de lijsten van tijdschrifttitels en van uitgevers,
, deelt het Gezaghebbend Panel uiterlijk op 1 oktober van het jaar (t-1) aan de Vlaamse minister, bevoegd voor het hoger onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor hetwetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid, aan de associaties en aan het Steunpunt O&O-Indicatoren de geactualiseerde lijst mee van tijdschrifttitels en van de uitgevers waarvan resp. artikelen, boeken worden opgenomen in het VABB-SHW. Zonder afbreuk te doen aan de criteria,
artikel 1quater, kan het Gezaghebbend Panel verschillende kwaliteitslabels toekennen aan de tijdschrifttitels en de uitgevers. Op basis van de aangeleverde bibliografische gegevens,
, van publicaties die behoren tot het publicatietype,
, 5°, deelt het Gezaghebbend Panel uiterlijk op 1 oktober van het jaar (t-1) aan de Vlaamse minister, bevoegd voor het hoger onderwijs, en de Vlaamse minister bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid, aan de associaties en aan het Steunpunt O&O-Indicatoren mee welke publicaties worden opgenomen in het VABB-SHW onder het publicatietype,
§ 5. Het Steunpunt O&O-Indicatoren publiceert de lijst van tijdschrifttitels en van de uitgevers,
§ 6. Het Steunpunt O&O-Indicatoren stelt de actualisering van het VABB-SHW op, rekening houdend met de lijst van tijdschrifttitels en uitgevers,
, en met de publicaties,
, die behoren tot het publicatietype,
Art. 1terdecies.Uiterlijk op 31 december van het jaar (t-1) maakt het Steunpunt O&O-Indicatoren de actualisering van het VABB-SHW via een webapplicatie minstens voor alle associaties en de Vlaamse overheid toegankelijk. Art. 1quaterdecies.§ 1. Het Gezaghebbend Panel stelt een werkgroep samen die de uitbreiding van het VABB-SHW verder uitwerkt, waarbij het eindresultaat welomlijnde definities omvat van publicatietypes die niet behoren tot de publicatietypes,
artikel 1decies § 3, 1° tot en met 5°, maar wel geschikt zijn om deel uit te maken van het VABB-SHW-telschema en voldoen aan de criteria,
artikel 1quater. § 2. Tegen uiterlijk 30 juni 2010 en na toetsing van de technische haalbaarheid met het Steunpunt O&O-Indicatoren deelt het Gezaghebbend Panel aan de Vlaamse minister, bevoegd voor het hoger onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid, de lijst van publicatietypes,
§ 3. De publicatietypes,
, worden tegen uiterlijk 1 januari 2012, mee opgenomen in een tweede versie van het VABB-SHW. Het Gezaghebbend Panel formuleert hiertoe een voorstel van uitbreiding van het VABB-SHW-telschema tegen uiterlijk 31 december 2010. Afdeling V. - Regeling van materiële vergissingen Art. 1quindecies.Het Gezaghebbend Panel stelt een procedure vast voor de melding en de behandeling van verzoeken van de associaties tot rechtzetting van materiële vergissingen en onjuistheden die vastgesteld worden in de beslissingen,
artikel 1decies, § 5 en artikel 1duodecies, § 4. Die procedure maakt deel uit van het reglement van orde,
artikel 1sexies. Afdeling VI. - Kwaliteitszorg Art. 1sedecies.De Vlaamse Regering laat om de drie jaar en een eerste maal in de loop van 2012 de kwaliteit van het VABB-SHW doorlichten, waarbij ten minste de volgende elementen worden beoordeeld : 1° de al dan niet toewijzing van de publicaties aan een discipline van de sociale en humane wetenschappen;2° de mate waarin de publicaties die worden verwerkt in het VABB-SHW aan de criteria,
artikel 1quater, voldoen en de mate waarin de publicaties die werden afgewezen door het Gezaghebbend Panel, er niet aan voldoen. Art. 1sepdecies.§
het decreet van 13 juli 2007Relevante gevonden documenten type decreet prom. 13/07/2007 pub. 06/08/2007 numac 2007036224 bron vlaamse overheid Decreet houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid sluiten houdende bevordering van een meer evenwichtige participatie van vrouwen en mannen in advies- en bestuursorganen van de Vlaamse overheid. §
, binnen de perken van de begrotingskredieten jaarlijks geïndexeerd volgens de formule die bij decreet wordt vastgesteld voor de indexering van de werkingsuitkering van de universiteiten en hogescholen. » Art. 4.In artikel 3 van hetzelfde besluit, vervangen bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 januari 2003Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 24/01/2003 pub. 28/03/2003 numac 2003035294 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 8 september 2000 betreffende de financiering van de Bijzondere Onderzoeksfondsen aan de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap sluiten, en gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2006Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 08/02/2007 numac 2007035104 bron vlaamse overheid Besluit houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2000 betreffende de financiering van de Bijzondere Onderzoeksfondsen aan de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 02/03/2007 numac 2007035252 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de ondersteuning van de Industriële Onderzoeksfondsen in 2006 en 2007 sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° In § 1 worden na de woorden "begrotingsjaar 2003" de woorden "tot en met 2007" ingevoegd;2° er wordt een § 1bis ingevoegd, die luidt als volgt : " § 1bis.Vanaf het begrotingsjaar 2008 wordt de overheidsbijdrage aan de Bijzondere Onderzoeksfondsen onder de universiteiten verdeeld volgens een jaarlijks te becijferen procentuele verdeelsleutel die wordt afgerond op twee cijfers na de komma na afloop van de berekening. De met toepassing van die verdeelsleutel verkregen bedragen worden afgerond op het honderdtal. Vanaf het begrotingsjaar 2008 wordt een minimumdrempel toegepast voor de Universiteit Hasselt en de Katholieke Universiteit Brussel, als hun berekende procentuele aandeel lager ligt dan die minimumdrempel, als
artikel 3, § 11 en § 11bis. Als voor de Universiteit Hasselt of voor de Katholieke Universiteit Brussel de minimumdrempel toegepast moet worden, worden na voorafname voor de Universiteit Hasselt of de Katholieke Universiteit Brussel de berekende overheidsbijdragen aan de Bijzondere Onderzoeksfondsen voor de andere universiteiten overeenkomstig herschaald, zoals bepaald in § 11bis. »; 3° § 2, § 3 en § 4 worden vervangen door wat volgt : " § 2.De procentuele verdeelsleutel wordt berekend volgens twee onderdelen, waarvan het eerste onderdeel, hierna onderdeel A genoemd, in 2003 90 % van de resterende middelen omvat, in 2004 80 %, van 2005 tot en met 2007 70 %, in 2008 68,50 %, in 2009 67 %, en daarna afneemt met 1 % per jaar. In 2012 telt onderdeel A mee voor 64 %. Het aandeel voor het tweede onderdeel, hierna onderdeel B genoemd, stijgt van 10 % in 2003 naar 20 % in 2004 en bedraagt 30 % van 2005 tot en met 2007. In 2008 telt onderdeel B mee voor 31,50 %, in 2009 voor 33 % en neemt daarna toe met 1 % per jaar. In 2012 telt onderdeel B mee voor 36 %. gewicht per onderdeel 2007 2008 2009 2010 2011 2012 gA 0,700 0,685 0,670 0,660 0,650 0,640 gB 0,300 0,315 0,330 0,340 0,350 0,360 Het berekende aandeel van elke universiteit volgens de twee onderdelen A en B bedraagt : BERu = gA x Au + gB x Bu, waarbij : 1° BERu : het procentuele aandeel volgens de twee onderdelen A en B voor universiteit u;2° gA, gB : de gewichten,
de bovenstaande tabel, voor elk van de twee onderdelen;3° Au, Bu : de aandelen van universiteit u in de onderdelen A en B,
artikel 3, § 3, § 8 en § 8bis. § 3. Onderdeel A van de verdeelsleutel is het gewogen gemiddelde van de volgende vier elementen : 1° het procentuele aandeel van iedere universiteit, tot en met begrotingsjaar 2007 uitgezonderd de Katholieke Universiteit Brussel, in het aantal bachelor- en initiële masterdiploma's, inclusief tweedecyclusdiploma's, afgeleverd in een financierbare studierichting tijdens de vier afgesloten academiejaren,
.De diploma's krijgen een wegingsfactor die gelijk is aan het puntengewicht van hun studiegebied overeenkomstig artikel 23 van het decreet van 14 maart 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 14/03/2008 pub. 26/06/2008 numac 2008035636 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen type decreet prom. 14/03/2008 pub. 10/09/2008 numac 2008203169 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van het decreet van 4 april 2003 betreffende het sociaal-cultureel volwassenenwerk sluiten betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen; 2° het procentuele aandeel van iedere universiteit, tot en met begrotingsjaar 2007 uitgezonderd de Katholieke Universiteit Brussel, in het brutoaantal doctoraatsdiploma's en het aantal gewogen doctoraatsdiploma's (met toepassing van dezelfde wegingsfactor als de wegingsfactor,
1°), die tijdens de vier afgesloten academiejaren,
, werden afgeleverd.Op het brutoaantal doctoraatsdiploma's wordt een weging van 0,25 toegepast, op het gewogen aantal doctoraatsdiploma's wordt een weging van 0,75 toegepast. 3° een parameter die berekend wordt rekening houdend met het volgende : a) tot en met begrotingsjaar 2007 het procentuele aandeel van iedere universiteit, uitgezonderd de Katholieke Universiteit Brussel, in de jaarlijkse werkingsuitkeringen die overeenkomstig artikel 130 van hetzelfde decreet van 12 juni 1991 werden toegekend tijdens de vier kalenderjaren,
, die aan het begrotingsjaar voorafgaan.b) vanaf het begrotingsjaar 2008 tot en met het begrotingsjaar 2010 komt het derde element overeen met het procentuele aandeel van iedere universiteit in de jaarlijkse werkingsuitkeringen en het wetenschappelijk personeelsbestand van de Vlaamse universiteiten,
.In het begrotingsjaar 2008 wordt een weging van 0,75 toegepast op het procentuele aandeel van de jaarlijkse werkingsuitkeringen en een weging van 0,25 op het procentuele aandeel van het wetenschappelijk personeelsbestand. In het begrotingsjaar 2009 wordt op beide elementen een weging van 0,50 toegepast. In het begrotingsjaar 2010 wordt een weging van 0,25 toegepast op het procentuele aandeel van de jaarlijkse werkingsuitkeringen en een weging van 0,75 op het procentuele aandeel van het wetenschappelijk personeelsbestand.
artikel 64 van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap;2) het bijzonder academisch personeel;b) de som van de volgende personeelsleden, in voltijdse equivalenten begrepen en geteld op 1 februari van het betreffende referentiejaar : 1) het zelfstandig academisch personeel en het assisterende academisch personeel, als
artikel 64 van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap, tewerkgesteld in de sociale en humane wetenschappen;2) het bijzonder academisch personeel, tewerkgesteld in de sociale en humane wetenschappen. In afwijking van artikel 1, 15°, wordt onder humane en sociale wetenschappen verstaan : de disciplines Historische wetenschappen, Kunstwetenschappen (incl. Archeologie), Letteren (inclusief informatie-, documentatie-, bibliotheek- en archiefwetenschappen), Theologie, bijbel- en godsdienstwetenschappen, Wijsbegeerte (inclusief moraalwetenschappen), Rechtswetenschappen (inclusief notariaat), Criminologie, Economie en toegepaste economie, Psychologie, Pedagogische wetenschappen en didactiek, Politieke en sociale wetenschappen en Sociale gezondheidswetenschappen. Onder bijzonder academisch personeel wordt verstaan :
het eerste lid, wordt verstaan de indiensttreding bij de universiteit in een van de graden van het zelfstandig academisch personeel conform hoofdstuk IV, afdeling 3 van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap. Bij de bepaling van het aantal aanstellingen : 1° wordt geen rekening gehouden met dubbeltellingen, in de zin dat een persoon die bij de aanstelling aan een universiteit voldoet aan twee criteria,
het eerste lid, 4°, eenmaal wordt geteld;2° worden het Rijksuniversitair Centrum Antwerpen, de Universitaire Faculteit Sint-Ignatius Antwerpen en de Universitaire Instelling Antwerpen als één universiteit (Universiteit Antwerpen) beschouwd;3° worden alleen aanstellingen van ten minste 80 % aan de universiteit in rekening genomen, inclusief gemengde aanstellingen aan enerzijds de universiteit en anderzijds :
het vierde element van universiteit i;6° gA1, gA2, gA3, gA4 : de gewichten,
de bovenstaande tabel, voor elk van de vier elementen;7° de sommatie i loopt over de universiteiten, uitgezonderd de Katholieke Universiteit Brussel. Vanaf het begrotingsjaar 2008 wordt het aandeel van onderdeel A van elke universiteit berekend aan de hand van de volgende formule : Au = [ gA1 x BMDu / sigmai (BMDi) +gA2 x Du / sigmai (Di) + gA3 x WPu / deltai (WPi) + gA4 x Pu / sigmai (Pi) ] / gA, waarbij het volgende geldt : 1° Au : het procentuele aandeel van universiteit u in onderdeel A;2° BMDi : het totale aantal gewogen bachelordiploma's en initiële masterdiploma's van universiteit i;3° Di : het totaal aantal gewogen doctoraten van universiteit i;4° WPi : de werkingsuitkeringen en het aantal leden van het academisch personeel,
het derde element, van universiteit i;5° Pi : het aantal personeelsleden,
het vierde element, van universiteit i;6° gA1, gA2, gA3, gA4 : de gewichten,
de bovenstaande tabel, voor elk van de vier elementen;7° de sommatie i loopt over alle universiteiten. § 4. Voor de becijfering van de verdeelsleutel voor het begrotingsjaar t,
, worden in rekening gebracht : het aantal bachelor- en initiële masterdiploma's, inclusief tweedecyclusdiploma's, en het aantal diploma's van de graad van doctor in de academiejaren [(t-6)-(t-5)] tot en met [(t-3)-(t-2)]. Voor de becijfering van het derde element,
, 3°, voor het begrotingsjaar 2008 worden in rekening gebracht : het bedrag van de werkingsuitkering van de begrotingsjaren 2006, 2005 en 2004 en het wetenschappelijk personeelsbestand van
, 3°, in het begrotingsjaar 2011 worden in rekening gebracht : het wetenschappelijk personeelsbestand van de begrotingsjaren (t-4) tot en met (t-1). Om het aantal aanstellingen vast te stellen voor het vierde element,
, 4°, wordt een glijdend tijdsvenster genomen van het begrotingsjaar (t-5) tot en met (t-2), voorafgaand aan het begrotingsjaar t. »; 4° § 5 wordt opgeheven.5° § 6 wordt vervangen door wat volgt : "Als twee of meer Vlaamse associaties een reële bijdrage leveren aan de wetenschappelijke begeleiding en materiële ondersteuning van de voorbereiding van een proefschrift met het oog op het behalen van een diploma van doctor, kunnen de betrokken universiteiten een overeenkomst sluiten voor de fractionele aanrekening van het diploma met het oog op de bepaling van het procentuele aandeel,
, 2°, met dien verstande dat de som van de fracties altijd gelijk is aan een eenheid vooraleer toepassing wordt gemaakt van de wegingsfactor,
, 2°.»; 6° in § 8 worden na de woorden "verdeelsleutel wordt" de woorden "tot en met het begrotingsjaar 2007" toegevoegd;7° er worden een nieuwe § 8bis, § 8ter, § 8quater en § 8quinquies toegevoegd, die luiden als volgt : " § 8bis.Vanaf begrotingsjaar 2008 wordt onderdeel B van de verdeelsleutel berekend als het procentuele aandeel van elke universiteit in elk van de twee elementen,
artikel 4, § 8ter en § 8quater, die als criteria voor kwaliteit van het wetenschappelijk onderzoek worden beschouwd : publicaties en citaties. § 8ter. Bij het aantal publicaties wordt een onderscheid gemaakt tussen de volgende categorieën van publicaties :
a) tot en met d), te vermenigvuldigen met 100 % in de begrotingsjaren 2008 tot en met 2010, en met (100 % - gVABB) vanaf het begrotingsjaar 2011, waarbij gVABB het gewicht is van de publicaties,
e). Om dat aandeel te berekenen worden de publicaties,
d), meegeteld met een gewicht 0,50. Het gewicht gVABB wordt bepaald op 15 % vanaf het begrotingsjaar 2011. Vanaf het begrotingsjaar 2012 kan het gewicht gVABB jaarlijks door de Vlaamse Regering worden gewijzigd. Voor een wijziging van het gewicht vanaf het begrotingsjaar t moet het Gezaghebbend Panel uiterlijk op 1 juni van het jaar t-1 een voorstel formuleren aan de Vlaamse minister, bevoegd voor het hoger onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid. Voor de berekening van het procentuele aandeel van elke universiteit in de categorie
, tweede lid.4° De categorieën b),
§ 8quater. Voor de weging van onderdeel B wordt op de beide elementen,
is, een weging van 0,50 toegepast binnen onderdeel B, of de volgende gewichten ten opzichte van het totaal van de onderdelen A en B : gewicht per element van onderdeel B 2007 2008 2009 2010 2011 2012 gB1 0,150 0,1575 0,165 0,170 0,175 0,180 gB2 0,150 0,1575 0,165 0,170 0,175 0,180 Som = gB 0,300 0,3150 0,330 0,340 0,350 0,360 Het aandeel van onderdeel B van elke universiteit, wordt vanaf 2008 berekend aan de hand van de volgende formule : Bu = [ gB1 x [gPSSI x BSSIu + gPAH x BAHu + gPR x BPRu + gPSS x BSSu] + gB2 x Cu / sigmai (Ci) ] / gB, waarbij het volgende geldt : 1° Bu : het procentuele aandeel in onderdeel B van elke universiteit u;2° P : het totale aantal publicaties van alle universiteiten;met gewicht 0,5 voor de proceedings; met P = PSSI + PAH + 0,50 * PR + PSS; 3° Cu : het totale aantal citaties naar alle publicaties van universiteit u;4° PSSIu : het totale aantal publicaties SCIE of SSCI met impactfactor van universiteit u;met PSSI = sigmai (PSSIi); 5° PAHu : het totale aantal publicaties AHCI van universiteit u;met PAH = sigmai (PAHi); 6° PRu : het totale aantal proceedings STP of SSHP van universiteit u; met PR = sigmai (PRi); 7° PSSu : het totale aantal publicaties SCIE of SSCI zonder impactfactor van universiteit u;met PSS = sigmai (PSSi); 8° gPSSI : het gewicht van de parameter PSSI = PSSI / P;9° gPAH : het gewicht van de parameter PAH = PAH / P;10° gPR : het gewicht van de parameter PR = 0,50 * PR / P;11° gPSS : het gewicht van de parameter PSS = PSS / P;12° de sommatie i loopt over alle universiteiten;13° BSSIu, BAHu, BPRu, BSSu : de procentuele aandelen van de universiteit u voor de vier publicatieparameters in onderdeel B; BAHu = PAHu / PAH BPRu = PRu / PR BSSu = PSSu / PSS BSSIu = 0,50 x sigmad [(Pd / P) x (Iu,d / Id)] + 0,50 x sigmad [(Id / I) x (Iu,d / Id)], waarbij :
artikel 1, 1°, maar die niet zijn opgenomen in de door het Steunpunt O&O-Indicatoren aangemaakte gegevensbestanden. Het Steunpunt O&O-Indicatoren onderzoekt uitgaande van de oorspronkelijke datasets of : 1° de gemelde publicatie vergeten was bij een vorige validatie;2° de gemelde publicatie later toegevoegd werd door de producent van de bronbestanden bij de backlogaanpassingen. Alleen de publicaties,
punt 1°, worden in aanmerking genomen bij de hervalidatie. Er wordt ook telkens nagegaan door het Steunpunt O&O-Indicatoren op welk moment de producent een publicatie via de backlog heeft toegevoegd zodat steeds op objectieve gronden kan worden aangetoond wanneer de databaseproducent een publicatie buiten het gehanteerde tijdsvenster heeft toegevoegd. Het Steunpunt O&O-Indicatoren legt die gegevens ter validatie voor aan de stuurgroep, die door de Vlaamse Regering bij het steunpunt werd ingesteld. Als de stuurgroep geen consensus bereikt over de validatie, neemt de Vlaamse minister, bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid, een beslissing. De minister deelt de beslissingen mee aan de universiteiten en aan het Steunpunt O&O-Indicatoren. §
artikel VI.9.18, § 2, tweede lid, van het decreet van 19 maart 2004Relevante gevonden documenten type decreet prom. 19/03/2004 pub. 10/06/2004 numac 2004035882 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Decreet betreffende de rechtspositieregeling van de student, de participatie in het hoger onderwijs, de integratie van bepaalde afdelingen van het hoger onderwijs voor sociale promotie in de hogescholen en de begeleiding van de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen sluiten betreffende de rechtspositieregeling van de student, de medezeggenschap in het hoger onderwijs, de integratie van bepaalde afdelingen van het hoger onderwijs voor sociale promotie in de hogescholen en de begeleiding van de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen, bedraagt 0,05 en dit tot ten hoogste 0,70 in het geval van verhoging en tot het initiële gewicht van 0,50 in het geval van afbouw. » Art. 6.In hetzelfde besluit wordt een artikel 4bis ingevoegd, dat luidt als volgt : "Art. 4bis.In uitvoering van artikel 168 van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap legt de Vlaamse Regering jaarlijks de verdeelsleutel,
artikel 3, § 1, en het indexeringspercentage,
artikel 2, § 2, vast en maakt de overheidsbijdrage aan het Bijzondere Onderzoeksfonds bekend die elke universiteit ontvangt waarbij voor de begrotingsjaren 2008 en 2009 de opgenomen en geïndexeerde bedragen,
artikel 4, § 1, afzonderlijk worden vermeld. » Art. 7.Artikel 6 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse regering van 8 december 2006Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 08/02/2007 numac 2007035104 bron vlaamse overheid Besluit houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2000 betreffende de financiering van de Bijzondere Onderzoeksfondsen aan de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 02/03/2007 numac 2007035252 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de ondersteuning van de Industriële Onderzoeksfondsen in 2006 en 2007 sluiten, wordt vervangen door wat volgt : "Art. 6.§ 1 Vanaf het begrotingsjaar 2007 voegt het universiteitsbestuur, vanuit de aan de universiteit ter beschikking staande middelen, inclusief de gewone werkingsuitkeringen, een bedrag toe aan het Bijzonder Onderzoeksfonds, dat ten minste gelijk is aan het met toepassing van artikel 2, § 2, geïndexeerde bedrag van de eigen aanvullende bijdrage, die in 2006 werd toegekend. § 2. In het begrotingsjaar 2008 mag het universiteitsbestuur, overeenkomstig artikel 6, § 4, van het decreet van 14 maart 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 14/03/2008 pub. 26/06/2008 numac 2008035636 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen type decreet prom. 14/03/2008 pub. 10/09/2008 numac 2008203169 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van het decreet van 4 april 2003 betreffende het sociaal-cultureel volwassenenwerk sluiten betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen, een aanvullend bedrag van maximaal 29,50 % van de middelen van het Bijzonder Onderzoeksfonds transfereren naar de werkingsuitkering voor de dekking van de gewone uitgaven, op voorwaarde dat het bedrag bestemd wordt voor : 1° de loonkosten van de voltijdse leden van het zelfstandig academisch personeel die werden aangesteld of benoemd voor 1 januari 2007, en overeenkomstig een door het universiteitsbestuur bepaalde regeling in hoofdzaak een onderzoeksopdracht en daarnaast slechts een beperkte onderwijsopdracht ten belope van ten hoogste zestig lesuur per semester toegewezen krijgen;2° de loonkosten van de leden van het zelfstandig academisch personeel met een minimale aanstellingsomvang van 80 %, die overeenkomstig een door het universiteitsbestuur bepaalde regeling in hoofdzaak een onderzoeksopdracht en daarnaast slechts een beperkte onderwijsopdracht in de vorm van hoorcolleges of seminaries, van ten hoogste zestig lesuur per semester, gemiddeld over drie jaar, toegewezen krijgen;3° de loonkosten van leden van het zelfstandig academisch personeel aangesteld in de graad van docent in het tenure track stelsel,
artikel 64, tweede lid, van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap, ingevoegd bij het decreet van 4 juli 2008 betreffende het onderwijs XVIII;4° de gewone uitgaven, in het bijzonder de werking van de diensten voor onderzoekscoördinatie.Daarvoor mag maximaal 2 % van de middelen van het Bijzonder Onderzoeksfonds uitgetrokken worden. Vanaf het begrotingsjaar 2009 bepaalt de Vlaamse Regering jaarlijks het maximale percentage van de middelen van het Bijzonder Onderzoeksfonds dat mag worden getransfereerd met dien verstande dat het percentage nooit lager kan zijn dan het percentage van het vorige begrotingsjaar. §
het decreet van 14 maart 2008Relevante gevonden documenten type decreet prom. 14/03/2008 pub. 26/06/2008 numac 2008035636 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen type decreet prom. 14/03/2008 pub. 10/09/2008 numac 2008203169 bron vlaamse overheid Decreet houdende wijziging van het decreet van 4 april 2003 betreffende het sociaal-cultureel volwassenenwerk sluiten betreffende de financiering van de werking van de hogescholen en de universiteiten in Vlaanderen en in het besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2007Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 21/12/2007 pub. 17/04/2008 numac 2008035449 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de boekhouding, de jaarrekening, het rekeningenstelsel en de controle voor de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap sluiten betreffende de boekhouding, de jaarrekening, het rekeningenstelsel en de controle voor de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap. »; 2° in § 4 wordt de zin "Een belangrijk element bij de beoordeling is de kwaliteit van de geproduceerde doctoraatsproefschriften.» vervangen door de zin : "Een belangrijk punt van aandacht in de externe beoordeling is de wijze waarop de universiteiten de kwaliteit van de doctoraatsvoorbereiding bewaken en verbeteren. »; 3° er wordt een § 6 toegevoegd, die luidt als volgt : " § 6.Bij de evaluatie van het tenure track stelsel,
artikel 64, tweede lid, van het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap, wordt bijzondere aandacht besteed aan de ontwikkeling van de verhouding tussen het aantal docenten in het tenure track stelsel en het totale aantal docenten, aan de invloed van het tenure track stelsel op de blijvende verhoging van het aantal ZAP-vacatures, en aan de beoordelingswijze van de mandaathouders in het tenure track stelsel. » Art. 13.In artikel 13 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 24 januari 2003Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 24/01/2003 pub. 28/03/2003 numac 2003035294 bron ministerie van de vlaamse gemeenschap Besluit van de Vlaamse regering houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 8 september 2000 betreffende de financiering van de Bijzondere Onderzoeksfondsen aan de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap sluiten, worden de volgende wijzigingen aangebracht : 1° § 1 wordt vervangen door wat volgt : " § 1.De opbrengsten en de kosten van het Bijzonder Onderzoeksfonds worden elk jaar verwerkt in de algemene boekhouding en in de jaarrekening van de universiteiten volgens de voorschriften van het besluit van de Vlaamse Regering van 21 december 2007Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 21/12/2007 pub. 17/04/2008 numac 2008035449 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de boekhouding, de jaarrekening, het rekeningenstelsel en de controle voor de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap sluiten betreffende de boekhouding, de jaarrekening, het rekeningenstelsel en de controle voor de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap. »; 2° in § 2 worden de woorden "de percentages bedoeld in artikel 8, 2°, 3° en 6° en artikel 6, 3°" vervangen door de woorden "het percentage,
artikel 8, 6°". Art. 14.Aan artikel 14ter, § 6 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2006Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 08/02/2007 numac 2007035104 bron vlaamse overheid Besluit houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2000 betreffende de financiering van de Bijzondere Onderzoeksfondsen aan de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 02/03/2007 numac 2007035252 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de ondersteuning van de Industriële Onderzoeksfondsen in 2006 en 2007 sluiten, wordt een tweede lid toegevoegd, dat luidt als volgt : "De overheadkosten kunnen worden besteed aan de vergoeding van kosten (werkingskosten en loonkosten) die rechtstreeks verbonden zijn aan het beheer van de ten laste van de Methusalemmiddelen bekostigde onderzoeksprojecten, of aan de vergoeding van centrale beheerskosten en algemene exploitatiekosten van de universiteit. » Art. 15.In artikel 14novies, § 1, tweede lid, van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 8 december 2006Relevante gevonden documenten type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 08/02/2007 numac 2007035104 bron vlaamse overheid Besluit houdende wijziging van het besluit van de Vlaamse Regering van 8 september 2000 betreffende de financiering van de Bijzondere Onderzoeksfondsen aan de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap type besluit van de vlaamse regering prom. 08/12/2006 pub. 02/03/2007 numac 2007035252 bron vlaamse overheid Besluit van de Vlaamse Regering betreffende de ondersteuning van de Industriële Onderzoeksfondsen in 2006 en 2007 sluiten, worden de woorden "vanaf het vierde jaar" vervangen door de woorden "vanaf het derde jaar". Art. 16.In artikel 15 van hetzelfde besluit worden de woorden "artikel 6 § 3" vervangen door de woorden "artikel 6, § 2,". Art. 17.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2008. Art. 18.De Vlaamse minister, bevoegd voor het onderwijs, en de Vlaamse minister, bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek en het technologisch innovatiebeleid, zijn belast met de uitvoering van dit besluit. Brussel, 12 december 2008. De minister-president van de Vlaamse Regering, K. PEETERS De Vlaamse minister van Werk, Onderwijs en Vorming, F. VANDENBROUCKE De Vlaamse minister van Economie, Ondernemen, Wetenschap, Innovatie en Buitenlandse Handel, Mevr. P. CEYSENS
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.