17 MEI 2017. - Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap betreffende de steun voor de promotie van audiovisuele werken De Regering van de Franse Gemeenschap, Gelet op het decreet van 10 november 2011Relevante gevonden documenten type decreet prom. 10/11/2011 pub. 09/12/2011 numac 2011029587 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de ondersteuning van de filmsector en de audiovisuele creatie sluiten betreffende de ondersteuning van de filmsector en de audiovisuele creatie, zoals gewijzigd bij de decreten van 17 juli 2013 en 23 februari 2017, inzonderheid op de artikelen 4 en 28 tot 44; Gelet op het besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap van 29 maart 2012Relevante gevonden documenten type besluit van de regering van de franse gemeenschap prom. 29/03/2012 pub. 08/05/2012 numac 2012029201 bron ministerie van de franse gemeenschap Besluit van de Regering van de Franse Gemeenschap betreffende de steun voor promotie sluiten betreffende de steun voor promotie, gewijzigd op 19 september 2013, 8 juli 2015 en 27 januari 2016; Gelet op het advies van het Overlegcomité voor de filmsector en de audiovisuele sector, gegeven op 3 mei en 17 juni 2016; Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 3 maart 2017; Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 31 maart 2017; Gelet op de aanvraag om advies binnen een termijn van dertig dagen, gericht aan de Raad van State op 31 maart 2017, overeenkomstig artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende het gebrek aan mededeling van het advies binnen deze termijn; Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Gelet op de « gendertest » van 9 mei 2017 ontwikkeld overeenkomstig artikel 4, tweede lid, 1°, van het decreet van 7 januari 2016Relevante gevonden documenten type decreet prom. 07/01/2016 pub. 12/02/2016 numac 2016029074 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet houdende integratie van de genderdimensie in het geheel van de beleidslijnen van de Franse Gemeenschap sluiten houdende integratie van de genderdimensie in het geheel van de beleidslijnen van de Franse Gemeenschap; Op de voordracht van de Vice-presidente, Minister van Cultuur en Kind; Na beraadslaging, Besluit : HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen Artikel 1.Onder filmvertoning in de bioscoopzalen wordt verstaan de filmvertoning waarvoor een kasboek wordt opgemaakt, zoals bedoeld in artikel 5 van het ministerieel besluit van 6 februari 1979 betreffende de controle op de door de bioscoopondernemers geïnde ontvangsten. Onder filmvertoning in de erkende verspreidingsplaatsen wordt verstaan de filmvertoning in de culturele instellingen (culturele centra, bibliotheken, musea, ...) die gesubsidieerd worden door de Franse Gemeenschap en die deel uitmaken van de lijst opgenomen in bijlage 1. HOOFDSTUK II. - Steun voor de promotie van festivals Art. 2.Om in aanmerking te komen voor de steun bedoeld in dit hoofdstuk, met uitzondering van het voorschot bedoeld in artikel 3, tweede lid, moet het audiovisuele werk geselecteerd worden in een festival dat behoort tot de lijst opgenomen in bijlage 2. Art. 3.Indien het audiovisuele werk aan de culturele, artistieke en technische criteria beantwoordt die bepaald worden door de bijlagen 3 tot 5, volgens het type audiovisuele werk, bedraagt de steun voor de promotie 4.000 euro. Er kan een voorschot voor de steun voor promotie in festivals ten bedrage van 1.000 euro toegekend worden aan de producent van korte films en van een documentair document van creatie met een duur lager dan zestig minuten die een steun voor de productie heeft gekregen, zoals bedoeld in hoofdstuk IV van titel IV van het decreet van 10 november 2011Relevante gevonden documenten type decreet prom. 10/11/2011 pub. 09/12/2011 numac 2011029587 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet betreffende de ondersteuning van de filmsector en de audiovisuele creatie sluiten betreffende de ondersteuning van de filmsector en de audiovisuele creatie, hierna het decreet genoemd. Art. 4.De aanvraag om steun voor de promotie in festivals wordt uiterlijk vijf jaar na de eerste dag van de opnamen van het audiovisuele werk ingediend. HOOFDSTUK III. - Steun voor de organisatie van evenementen Art. 5.Om in aanmerking te komen voor de steun voor de organisatie van evenementen moet de aanvrager bewijzen dat zijn audiovisuele werk verspreid zal worden, tijdens een periode van zes maanden, binnen ten minste tien openbare vertoningen gebonden aan het evenement in ten minste vier bioscoopzalen en/of verschillende erkende vertoningsplaatsen die gevestigd zijn op het Franse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. Art. 6.Indien het audiovisuele werk aan de culturele, artistieke en technische criteria beantwoordt die bepaald zijn in de bijlagen 3 tot 5 volgens het type audiovisueel werk, bedraagt de steun voor de organisatie van evenementen in zalen 4.000 euro. Art. 7.De aanvraag om steun voor de organisatie van evenementen wordt ten vroegste twee maanden voor het eerste evenement en ten laatste de dag van dat eerste evenement ingediend. Elke aanvraag die meer dan vijf jaar na de eerste dag van het begin van de opnamen van het audiovisuele werk ingediend wordt, wordt onontvankelijk verklaard. HOOFDSTUK IV. - Steun voor de promotie voor de vertoning in zalen Afdeling 1. - Algemene bepalingen Art. 8.De aanvraag om steun voor de promotie voor de vertoning in zalen wordt ten vroegste twee maanden voor de vertoning van het audiovisuele werk ingediend in een verspreidingsplaats en ten laatste de dag van deze vertoning. Elke aanvraag die ingediend wordt meer dan vijf jaar na de eerste dag van het begin van de opnamen van het audiovisuele werk, wordt onontvankelijk verklaard. Afdeling 2. - Steun voor de promotie "zalen met een klassiek potentieel" Art. 9.Om in aanmerking te komen voor de promotie "zalen met een klassiek potentieel" moet de aanvrager bewijzen dat zijn audiovisuele werk verspreid zal worden, tijdens een opeenvolgende periode van zes maanden, op ten minste honderd betaalbare openbare vertoningen in de bioscoopzalen en/of in de erkende verspreidingsplaatsen die gevestigd zijn in België waarvan ten minste vijftig vertoningen in de bioscoopzalen en/of in de erkende verspreidingsplaatsen die gevestigd zijn op het Franse taalgebied. Ten hoogste twintig vertoningen in de bioscoopzalen en/of in de erkende verspreidingsplaatsen die gevestigd zijn op het Nederlandse taalgebied, kunnen berekend worden in de honderd vertoningen bedoeld in het eerst lid. Art. 10.§ 1. Indien de aanvraag om steun door een erkende producent ingediend wordt, bedraagt de steun voor de promotie "zalen met een klassiek potentieel" : 1° 20.000 euro voor het audiovisuele werk dat aan de culturele, artistieke en technische criteria beantwoordt, zoals bepaald in de bijlagen 3 tot 5; 2° 7.500 euro voor het audiovisuele werk dat een steun voor de productie genoten heeft, zoals bedoeld in hoofdstuk IV van titel IV van het decreet dat niet aan de culturele, artistieke en technische criteria beantwoordt, zoals bepaald in de bijlagen 3 tot 5; 3° 2.000 euro voor de korte film ingevoegd in een programma voor korte film dat aan de culturele, artistieke en technische criteria beantwoordt, zoals bepaald in de bijlagen 3 tot 5. Voor eenzelfde programma van korte films bedraagt de steun maximum 6.000 euro. De aanvraag om hulp, bedoeld in het eerste lid, die ingediend wordt door een erkende verdeler waarvan de maatschappelijke zetel op het Nederlandse taalgebied gevestigd wordt, kan aan de producent van het audiovisuele werk overgedragen worden. § 2. Indien de aanvraag om steun door de producent wordt ingediend, bedraagt de steun voor de promotie "zalen met een klassiek potentieel" 10.000 euro voor het audiovisuele werk dat aan de culturele, artistieke en technische criteria beantwoordt, zoals bepaald in de bijlagen 3 tot 5. Afdeling 3. - Steun voor de promotie "zalen met hoog potentieel" Art. 11.§ 1. Om in aanmerking te komen voor de steun voor de promotie zalen hoog potentieel moet de aanvrager bewijzen dat het audiovisuele werk verspreid zal worden, in de eerste week van exploitatie, op ten minste tweehonderd vertoningen in de bioscoopzalen gevestigd op het Franse taalgebied of in het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad. § 2. In de veronderstelling dat de voorwaarden bedoeld in § 1 niet nageleefd worden, zal de steun omgevormd kunnen worden, door de diensten van de Regering, in steun voor de promotie "zalen met een klassiek potentieel". Art. 12.De steun voor de promotie" zalen met een hoog potentieel" bedraagt 40.000 euro indien het audiovisuele werk aan de culturele, artistieke en technische criteria beantwoordt, zoals bepaald in de bijlagen 3 tot 5. HOOFDSTUK V. - Indexering en nadere regels voor de uitbetaling Art. 13.Vanaf 2018 worden de bedragen bepaald in de artikelen 3, 6, 10 en 12 jaarlijks geïndexeerd, in januari, op grond van het indexcijfer van de consumptieprijzen, zoals bepaald bij de wet van 2 augustus 1971Relevante gevonden documenten type wet prom. 02/08/1971 pub. 20/02/2009 numac 2009000070 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten houdende inrichting van een stelsel waarbij de wedden, lonen, pensioenen, toelagen en tegemoetkomingen ten laste van de openbare schatkist, sommige sociale uitkeringen, de bezoldigingsgrenzen waarmee rekening dient gehouden bij de berekening van sommige bijdragen van de sociale zekerheid der arbeiders, alsmede de verplichtingen op sociaal gebied opgelegd aan de zelfstandigen, aan het indexcijfer van de consumptieprijzen worden gekoppeld, volgens de volgende formule : Bedrag jaar N = Bedrag jaar N-1 x indexcijfer december jaar N-1 Indexcijfer december jaar N- 2 Art. 14.§ 1. De steun bedoeld in de hoofdstukken II tot IV wordt in twee schijven uitbetaald : 1° een eerste schijf van vijftig procent op overlegging van een aangifte van schuldvordering die door het Centrum voor de Film en de Audiovisuele Sector wordt goedgekeurd;2° een tweede schijf van vijftig procent op overlegging van een aangifte van schuldvordering die door het Centrum voor de Film en de Audiovisuele sector wordt goedgekeurd en de volgende elementen :
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.