vesteringsplan voorgesteld door de CVBA Sibelga, distributienetbeheerder voor elektriciteit, voor de periode 2008-2012 type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 29/01/2008 numac 2008031011 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de CVBA Sibelga, distributienetbeheerder voor gas, voor de periode 2008-2012 type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 29/01/2008 numac 2008031010 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de NV Elia System Operator, beheerder van het gewestelijk transmissienet voor elektriciteit, voor de periode 2008-2015 sluiten tot vaststelling van de eisen op het vlak van de energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen De Minister belast met energiebeleid, Gelet op de ordonnantie van 2 mei 2013 houdende het Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing, artikel 2.2.2, § 1; Gelet op het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2007Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 30/01/2008 numac 2008031012 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de CVBA Sibelga, distributienetbeheerder voor elektriciteit, voor de periode 2008-2012 type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 29/01/2008 numac 2008031011 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de CVBA Sibelga, distributienetbeheerder voor gas, voor de periode 2008-2012 type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 29/01/2008 numac 2008031010 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de NV Elia System Operator, beheerder van het gewestelijk transmissienet voor elektriciteit, voor de periode 2008-2015 sluiten tot vaststelling van de eisen op het vlak van de energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen, artikel 21bis, § 2, lid 6,
gevoegd door het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 januari 2017 tot vaststelling van alle richtlijnen en criteria die nodig zijn voor het berekenen van de energieprestatie van de EPB-eenheden en houdende wijziging van meerdere uitvoeringsbesluiten van de Ordonnantie van 2 mei 2013 houdende het Brussels Wetboek van Lucht, Klimaat en Energiebeheersing; Gezien de gendertest van de respectieve situatie van vrouwen en mannen, zoals bepaald
het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende de uitvoering van de ordonnantie van 29 maart 2012 houdende de
tegratie van de genderdimensie
de beleidslijnen, uitgevoerd op 14 juli 2017; Gelet op het advies van de Raad voor het Leefmilieu van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, gegeven op 19 september 2017; Gelet op de adviesaanvraag binnen 30 dagen die op 12 oktober 2017 bij de Raad van State is
gediend, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1° van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn; Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende de verordening n° 813/2013 van de Commissie van 2 augustus 2013 tot uitvoering van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad wat eisen
zake ecologisch ontwerp voor ruimteverwarmingstoestellen en combinatieverwarmingstoestellen betreft; Overwegende de verordening n° 814/2013 van de Commissie van 2 augustus 2013 tot uitvoering van Richtlijn 2009/125/EG van het Europees Parlement en de Raad wat eisen
zake ecologisch ontwerp voor waterverwarmingstoestellen en warmwatertanks betreft, Besluit : Artikel 1.
§ .1.2 van bijlage XII van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2007Relevante gevonden documenten type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 30/01/2008 numac 2008031012 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de CVBA Sibelga, distributienetbeheerder voor elektriciteit, voor de periode 2008-2012 type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 29/01/2008 numac 2008031011 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de CVBA Sibelga, distributienetbeheerder voor gas, voor de periode 2008-2012 type besluit van de brusselse hoofdstedelijke regering prom. 21/12/2007 pub. 29/01/2008 numac 2008031010 bron ministerie van het brussels hoofdstedelijk gewest Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering houdende goedkeuring van het
vesteringsplan voorgesteld door de NV Elia System Operator, beheerder van het gewestelijk transmissienet voor elektriciteit, voor de periode 2008-2015 sluiten tot vaststelling van de eisen op het vlak van de energieprestatie en het binnenklimaat van gebouwen worden de woorden « NBN EN 303-5 Heating boilers - Part 5: Heating boilers for solid fuels, manually and automatically stoked, nominal heat output of up to 500 kW - Terminology, requirements, testing and marking"
gevoegd tussen de verwijzing naar de norm NBN D 50-001 :1991 en de verwijzing naar de norm NBN EN 308 :1997. Art. 2.
§ .3.1 van bijlage XII van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden « SAEF seizoensenergiefactor van de hulpapparaten van een warmtepomp op gas ( SCOP seizoensgebonden prestatiecoëfficiënt van een elektrische warmtepomp (2° de woorden « t tijd, tijdstap s » worden vervangen door de woorden « t tijd, tijdstap s of h - ». Art. 3.
§ .3.2 van bijlage XII van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° de woorden « CCH carterverwarming ( 2° de woorden « dim dimensionering (7° de woorden « off uit » worden
gevoegd na de woorden « occ (periode van) bezetting »;8° de woorden « part deellast (perm permanent » worden
gevoegd na de woorden « p primair »; 9° de woorden « SB stand-by » worden
gevoegd na de woorden « s via de bodem (10° de woorden « source bron » worden
gevoegd na de woorden « soil aarde (11° de woorden « TO thermostat uit ( Art. 4.
§ .10.1, eerst lid van bijlage XII van hetzelfde besluit worden de woorden « en bij warmtepompen via de seizoensprestatiefactor (SPF). » vervangen door de woorden « dat wordt berekend op basis van een of meerdere karakteristieke(n) van het opwekkingstoestel ». Art. 5.§ .10.2 van bijlage XII van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat vermeld is
bijlage van dit besluit. Art. 6.§ 11.1.2.2.2, eerst lid van bijlage XII van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt: « Voor
stallaties voor sanitair warm water waarbij het rendement voor opwekking en opslag wordt berekend volgens § 10.3.3.4.1 en voor
stallaties voor ruimteverwarming waarbij het opwekkingsrendement wordt berekend volgens § 10.2.3.3, § 10.2.3.4.2 of § 10.2.3.4.3 is het elektrisch hulpenergieverbruik voor opwekking reeds
rekening gebracht waardoor bij gevolg deze toestellen niet hoeven meegeteld te worden
Eq. 315. » Art. 7.Leden 1 en 2 van § .7.2.1 van bijlage XIII van hetzelfde besluit worden vervangen door wat volgt : «
dien meerdere warmteopwekkingstoestellen een energiesector van warmte voorzien en deze toestellen niet allemaal hetzelfde opwekkingsrendement hebben volgens § 7.5 en/of niet allemaal van dezelfde energievector gebruik maken, dan wordt de bruto energiebehoefte voor verwarming op een conventionele manier verdeeld over de preferente en de niet-preferente warmteopwekkers zoals hieronder beschreven. Dit principe is ook geldig voor hybride warmtepompen (de combinatie van een elektrische warmtepomp en een ketel) of elektrische warmtepompen met een
gebouwde elektrische weerstandsverwarming, waarbij de warmtepomp en de elektrische weerstandsverwarming als parallel geschakelde toestellen worden beschouwd. Uitzondering:
dien het opwekkingsrendement van een elektrische warmtepomp met
gebouwde elektrische weerstandsverwarming wordt bepaald volgens § 10.2.3.3.2 van bijlage EPW, is de
vloed van de elektrische weerstand reeds begrepen
dit opwekkingsrendement en wordt het toestel toch beschouwd als een enkele opwekker. Dit formalisme wordt ook aangehouden
dien er maar één warmteopwekkingstoestel is, of
dien alle warmteopwekkingstoestellen volgens § 7.5 van de EPN bijlage hetzelfde rendement hebben (en van dezelfde energievector gebruik maken). Deze (groep van) warmteopwekker(s) vormt dan de preferente warmteopwekker en staat
voor 100% van de behoefte. De (niet-gedefinieerde) niet-preferente warmteopwekker krijgt 0% van de behoefte toegewezen. ». Art. 8.het laatste lid van § .8.5.2.2.1 van bijlage XIII van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : « Voor
stallaties voor sanitair warm water waarbij het rendement voor opwekking en opslag wordt berekend volgens § 10.3.3.4.1 van bijlage EPW en voor
stallaties voor ruimteverwarming waarbij het opwekkingsrendement wordt berekend volgens § 10.2.3.3, § 10.2.3.4.2 of § 10.2.3.4.3 van bijlage EPW is het elektrisch hulpenergieverbruik voor opwekking reeds
rekening gebracht waardoor bij gevolg deze toestellen niet hoeven meegeteld te worden
Eq. 338. » Art. 9.Laatst lid van § .8.5.2.4 van bijlage XIII van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt : « Voor
stallaties voor sanitair warm water waarbij het rendement voor opwekking en opslag wordt berekend volgens § 10.3.3.4.1 van bijlage EPW en voor
stallaties voor ruimteverwarming waarbij het opwekkingsrendement wordt berekend volgens § 10.2.3.3, § 10.2.3.4.2 of § 10.2.3.4.3 van bijlage EPW is het elektrisch hulpenergieverbruik voor opwekking reeds
rekening gebracht waardoor bij gevolg deze toestellen niet hoeven meegeteld te worden
Eq. 342. » Art. 10.§ .A.6 van bijlage A van bijlage XIII van hetzelfde besluit wordt vervangen door wat volgt : « Bepaal de minimale waterinhoud van een buffervat om 30 minuten warmteproductie van de gebouwgebonden WKK-
stallatie i op vol vermogen op te slaan, Vstor,30min,i, bij conventie, met: Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Art. 11.Dit besluit treedt
werking op 1 januari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.