19 OKTOBER 2017. - Decreet betreffende de voortzetting van de loopbaan na de leeftijd van het rustpensioen van het onderwijzend, wetenschappelijk, administratief en technisch personeel van de hogescholen, de hogere kunstscholen en de universiteiten Het Parlement van de Franse Gemeenschap heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : HOOFDSTUK I. - Wijziging van het koninklijk besluit van 31 oktober 1953 tot vaststelling van het statuut van de geaggregeerden, de repetitors en het wetenschappelijk personeel bij de Rijksuniversiteiten Artikel 1.In het koninklijk besluit van 31 oktober 1953 tot vaststelling van het statuut van de geaggregeerden, de repetitors en het wetenschappelijk personeel bij de Rijksuniversiteiten, wordt een hoofdstuk V ingevoegd, dat een artikel 79bis inhoudt, luidend als volgt : "Hoofdstuk V. Voortzetting van de loopbaan na de leeftijd van het rustpensioen. Art. 79bis.Het personeelslid dat dit aanvraagt, kan door de raad van bestuur ertoe worden gemachtigd zijn dienstactiviteit na de wettelijke leeftijd van het rustpensioen voort te zetten. De periode waarin de dienstactiviteit wordt voortgezet, wordt op hoogstens één jaar vastgesteld. Ze kan, volgens dezelfde nadere regels, worden hernieuwd voor één enkele nieuwe periode van hoogstens één jaar. De raad van bestuur stelt de procedure voor de toelating tot voortzetting van de dienstactiviteit vast.". Art. 2.In hetzelfde koninklijk besluit, wordt artikel 78, 2°, aangevuld met de woorden ", behoudens afwijking toegestaan bij artikel 79bis.". HOOFDSTUK II. - Wijziging van het koninklijk besluit van 30 oktober 1971 tot vaststelling van het statuut van het bestuurs- en toegevoegd personeel, hulppersoneel voor onderzoek, beheerspersoneel, de kinderverzorgsters, werkopzichters en tekenaars, het paramedisch en gespecialiseerd personeel van de universiteiten en de universitaire faculteit van de Franse Gemeenschap Art. 3.In het koninklijk besluit van 30 oktober 1971 tot vaststelling van het statuut van het bestuurs- en toegevoegd personeel, hulppersoneel voor onderzoek, beheerspersoneel, de kinderverzorgsters, werkopzichters en tekenaars, het paramedisch en gespecialiseerd personeel van de universiteiten en de universitaire faculteit van de Franse Gemeenschap, wordt een hoofdstuk IXnonies ingevoegd, dat een artikel 63bis inhoudt, luidend als volgt : "Hoofdstuk IXnonies. Voortzetting van de loopbaan na de leeftijd van het rustpensioen. Art. 63bis.Het personeelslid dat dit aanvraagt, kan door de raad van bestuur ertoe worden gemachtigd zijn dienstactiviteit na de wettelijke leeftijd van het rustpensioen voort te zetten. De periode waarin de dienstactiviteit wordt voortgezet, wordt op hoogstens één jaar vastgesteld. Ze kan, volgens dezelfde nadere regels, worden hernieuwd voor één enkele nieuwe periode van hoogstens één jaar. De raad van bestuur stelt de procedure voor de toelating tot voortzetting van de dienstactiviteit vast.". HOOFDSTUK III. - Wijziging van de wet van 24 december 1976 betreffende de budgettaire voorstellen 1976-1977 Art. 4.In de wet van 24 december 1976 betreffende de budgettaire voorstellen 1976-1977, wordt in artikel 76 een nieuw lid ingevoegd, luidend als volgt : "In afwijking van 3° van het eerste lid van dit artikel, kan de dienstactiviteit van de personeelsleden van het onderwijs, bedoeld in dat lid, die de wettelijke leeftijd van het rustpensioen hebben bereikt, op hun verzoek, en als de pedagogische beheersraad of de raad van bestuur dit toelaat, worden voortgezet. De periode waarin de dienstactiviteit wordt voortgezet, wordt op hoogstens één jaar vastgesteld. Ze kan, volgens dezelfde nadere regels, worden hernieuwd voor één enkele nieuwe periode van hoogstens één jaar. De pedagogische beheersraad of de raad van bestuur stelt de procedure voor de toelating tot voortzetting van de dienstactiviteit vast.". HOOFDSTUK IV. - Wijziging van de wet van 4 augustus 1986 tot regeling van de oppensioenstelling van de leden van het onderwijzend personeel van het universitair onderwijs en tot wijziging van andere bepalingen van de onderwijswetgeving Art. 5.In de wet van 4 augustus 1986 tot regeling van de oppensioenstelling van de leden van het onderwijzend personeel van het universitair onderwijs en tot wijziging van andere bepalingen van de onderwijswetgeving, wordt een artikel 2bis ingevoegd, luidend als volgt : "Art. 2bis.De dienstactiviteit van de in artikel 1 bedoelde personeelsleden kan, op hun verzoek, en als de raad van bestuur dit toelaat, worden voortgezet na het einde van het academiejaar gedurende hetwelk ze de wettelijke leeftijd van het rustpensioen bereiken. De periode waarin de dienstactiviteit wordt voortgezet, wordt op hoogstens één jaar vastgesteld. Ze kan, volgens dezelfde nadere regels, worden hernieuwd voor één enkele nieuwe periode van hoogstens één jaar. De raad van bestuur stelt de procedure voor de toelating tot voortzetting van de dienstactiviteit vast.". HOOFDSTUK V. - Wijziging van het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap Art. 6.In het decreet van 24 juli 1997Relevante gevonden documenten type decreet prom. 24/07/1997 pub. 06/11/1997 numac 1997029343 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap sluiten dat het statuut bepaalt van het bestuurs- en onderwijzend personeel en van het opvoedend hulppersoneel van de hogescholen ingericht of gesubsidieerd door de Franse Gemeenschap wordt in titel II een hoofdstuk VIIIbis ingevoegd, dat een artikel 100bis inhoudt, luidend als volgt : "Hoofdstuk VIIIbis. Voortzetting van de loopbaan na de leeftijd van het rustpensioen. Art. 100bis.Het personeelslid dat dit aanvraagt, kan ertoe worden gemachtigd zijn dienstactiviteit na de wettelijke leeftijd van het rustpensioen voort te zetten. Die voortzetting kan door de raad van bestuur worden toegelaten. De periode waarin de dienstactiviteit wordt voortgezet, wordt op hoogstens één jaar vastgesteld. Ze kan, volgens dezelfde nadere regels, worden hernieuwd voor één enkele nieuwe periode van hoogstens één jaar. Op advies van het overlegorgaan, stelt de raad van bestuur de procedure voor de toelating tot voortzetting van de dienstactiviteit vast.". Art. 7.In de artikelen 91, 7°, 95, 7°, en 99, 7°, worden de woorden ", behoudens afwijking bepaald in artikel 100bis" telkens toegevoegd na de woorden "indien ze de normale rustpensioenleeftijd bereikt hebben.". Art. 8.In hetzelfde decreet wordt in titel III een hoofdstuk XI ingevoegd, dat een artikel 194bis inhoudt, luidend als volgt : "Hoofdstuk XI. Voortzetting van de loopbaan na de leeftijd van het rustpensioen. Art. 194bis.Het personeelslid dat dit aanvraagt, kan ertoe worden gemachtigd zijn dienstactiviteit na de wettelijke leeftijd van het rustpensioen voort te zetten. Die voortzetting kan door de inrichtende macht worden toegelaten. De periode waarin de dienstactiviteit wordt voortgezet, wordt op hoogstens één jaar vastgesteld. Ze kan, volgens dezelfde nadere regels, worden hernieuwd voor één enkele nieuwe periode van hoogstens één jaar. Op advies van het overlegorgaan, stelt de inrichtende macht de procedure voor de toelating tot voortzetting van de dienstactiviteit vast.". Art. 9.In de artikelen 185, 7°, 189, 7°, en 193, 7°, worden de woorden ", behoudens afwijking bepaald in artikel 194 bis" telkens toegevoegd na de woorden "indien ze de normale rustpensioenleeftijd bereikt hebben.". Art. 10.In hetzelfde decreet wordt in titel IV een hoofdstuk VIII bis ingevoegd, dat een artikel 273bis inhoudt, luidend als volgt : "Hoofdstuk VIIIbis. Voortzetting van de loopbaan na de leeftijd van het rustpensioen. Art. 273bis.Het personeelslid dat dit aanvraagt, kan ertoe worden gemachtigd zijn dienstactiviteit na de wettelijke leeftijd van het rustpensioen voort te zetten. Die voortzetting kan door het beheersorgaan worden toegelaten. De periode waarin de dienstactiviteit wordt voortgezet, wordt op hoogstens één jaar vastgesteld. Ze kan, volgens dezelfde nadere regels, worden hernieuwd voor één enkele nieuwe periode van hoogstens één jaar. Op advies van het overlegorgaan, stelt het beheersorgaan de procedure voor de toelating tot voortzetting van de dienstactiviteit vast.". Art. 11.In de artikelen 264, 7°, 268, 7°, en 272, 7°, worden de woorden ", behoudens afwijking bepaald in artikel 273bis" telkens toegevoegd na de woorden "indien ze de normale rustpensioenleeftijd bereikt hebben.". HOOFDSTUK VI. - Wijziging van het decreet van 20 december 2001Relevante gevonden documenten type decreet prom. 20/12/2001 pub. 03/05/2002 numac 2002029138 bron ministerie van de franse gemeenschap Decreet tot vaststelling van de regels die specifiek zijn voor het hoger kunstonderwijs georganiseerd in de hogere kunstscholen
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.