23 FEBRUARI 2018. - Besluit van de Vlaamse Regering tot wijziging van het Energiebesluit van 19 november 2010, houdende een beperking van het op ondernemings- of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten voor elektro-intensieve ondernemingen DE VLAAMSE REGERING, Gelet op het Energie decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009035588 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 22 december 2006 houdende eisen en handhavingsmaatregelen op het vlak van de energieprestaties en het binnenklimaat van gebouwen en tot invoering van een energieprestatiecertificaat en tot wijziging van artikel 22 van het REG-decreet type decreet prom. 08/05/2009 pub. 07/07/2009 numac 2009035580 bron vlaamse overheid Decreet houdende algemene bepalingen betreffende het energiebeleid type decreet prom. 08/05/2009 pub. 26/06/2009 numac 2009202684 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 17 juli 2000 houdende de organisatie van de elektriciteitsmarkt type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009202546 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de diepe ondergrond type decreet prom. 08/05/2009 pub. 05/06/2009 numac 2009035499 bron vlaamse overheid Decreet houdende machtiging tot oprichting van het privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap NV Vlaamse Havens en houdende wijziging van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens sluiten, artikel 7.1.10, § 3/1, ingevoegd bij het decreet van 27 november 2015Relevante gevonden documenten type decreet prom. 27/11/2015 pub. 10/12/2015 numac 2015036535 bron vlaamse overheid Decreet houdende diverse bepalingen inzake energie type decreet prom. 27/11/2015 pub. 18/12/2015 numac 2015036551 bron vlaamse overheid Decreet betreffende lage-emissiezones sluiten en gewijzigd bij het decreet van 22 december 2017; Gelet op het decreet van 8 juli 2011Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/07/2011 pub. 05/08/2011 numac 2011035642 bron vlaamse overheid Decreet houdende regeling van de begroting, de boekhouding, de toekenning van subsidies en de controle op de aanwending ervan, en de controle door het Rekenhof sluiten houdende regeling van de begroting, de boekhouding, de toekenning van subsidies en de controle op de aanwending ervan, en de controle door het Rekenhof, artikel 57; Gelet op het decreet van 16 maart 2012Relevante gevonden documenten type decreet prom. 16/03/2012 pub. 27/04/2012 numac 2012202237 bron vlaamse overheid DECREET betreffende het economisch ondersteuningsbeleid sluiten betreffende het economisch ondersteuningsbeleid, artikel 38, derde lid, vervangen bij het decreet van 20 maart 2015; Gelet op het Energiebesluit van 19 november 2010; Gelet op het akkoord van de Vlaamse minister, bevoegd voor de begroting, gegeven op 13 december 2017; Gelet op advies nr. 62.797/3 van de Raad van State, gegeven op 8 februari 2018, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de verenigbaarheidscriteria die voor staatssteunmaatregelen ten behoeve van milieubescherming en energie gelden, zijn toegelicht in de mededeling van de Commissie `Richtsnoeren staatssteun ten behoeve van milieubescherming en energie 2014-2020', gepubliceerd in het Publicatieblad van 28 juni 2014; Overwegende dat de Vlaamse Regering op 4 april 2014 de energiebeleidsovereenkomsten voor de verankering van en voor blijvende energie-efficiëntie in de Vlaamse energie-intensieve industrie definitief goedkeurde voor de periode 2015-2022; Op voorstel van de Vlaamse minister van Begroting, Financiën en Energie; Na beraadslaging, Besluit : Artikel 1.In artikel 1.1.1, § 2 van het Energiebesluit van 19 november 2010, laatst gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 15 december 2017, wordt een punt 103° /1 ingevoegd, dat luidt als volgt: "103° /1 verificatiebureau: de onafhankelijke en neutrale organisatie opgericht bij artikel 4 van de Energiebeleidsovereenkomst voor de verankering van en voor blijvende energie-efficiëntie in de Vlaamse energie-intensieve industrie;". Art. 2.Aan titel VI van hetzelfde besluit, wordt een hoofdstuk VI toegevoegd, dat luidt als volgt: "Hoofdstuk VI. Beperking van het op ondernemings- of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten voor elektro-intensieve ondernemingen Afdeling I. - Algemene bepalingen Artikel 6.6.1. § 1. Als voldaan wordt aan de voorwaarden vermeld in dit hoofdstuk wordt het bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten dat door een elektro-intensieve onderneming op ondernemingsniveau of vestigingsniveau verschuldigd is, beperkt tot 4 % van de bruto toegevoegde waarde van de elektro-intensieve onderneming. Een onderneming komt hiervoor in aanmerking indien ze behoort tot een van de in deel 1 van bijlage IV/1 vermelde sectoren. § 2. Als voldaan wordt aan de voorwaarden vermeld in dit hoofdstuk wordt het bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten dat door een elektro-intensieve onderneming op ondernemingsniveau of vestigingsniveau verschuldigd is, beperkt tot 0,5 % van de bruto toegevoegde waarde van een elektro-intensieve onderneming die behoort tot een van de in bijlage IV/1 vermelde sectoren en bijkomend zij een elektriciteitsintensiteit heeft van ten minste 20 %. § 3. De beperkingen, vermeld in paragraaf 1 en paragraaf 2, gelden zonder onderscheid voor alle ondernemingen en vestigingseenheden die in aanmerking komen, op voorwaarde dat voldaan wordt aan de voorwaarden en de procedures, vermeld in artikel 6.6.2, en voor zover er aan één van de volgende voorwaarden is voldaan: 1° de onderneming of vestigingseenheid is toegetreden tot de Energiebeleidsovereenkomst voor de verankering van en voor blijvende energie-efficiëntie in de Vlaamse energie-intensieve industrie;2° de onderneming of de vestigingseenheid beschikt over een energieplan, als vermeld in titel VI, hoofdstuk V;3° de onderneming heeft ten op zicht van de situatie in het jaar voorafgaand aan de aanvraag geen afbreuk gedaan aan de in de onderneming of vestiging van toepassing zijnde maatregelen inzake energie-efficiëntie. In afwijking van het eerste lid wordt de beperking niet toegekend aan een onderneming die op de indieningsdatum van de steunaanvraag achterstallige schulden heeft bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid of die een procedure op basis van Europees of nationaal recht heeft lopen waarbij toegekende steun onrechtmatig werd verklaard door een beslissing van de Europese Commissie en via de rechtbank wordt teruggevorderd. § 4. Voor de berekening van de elektriciteitsintensiteit van de onderneming of vestigingseenheid wordt gebruikgemaakt van efficiëntiebenchmarks voor standaard elektriciteitsverbruik voor de industrie, als die beschikbaar zijn. De elektriciteitsintensiteit van een onderneming of vestigingseenheid wordt bepaald door de elektriciteitskosten van de onderneming of vestigingseenheid te delen door het rekenkundige gemiddelde over de drie meest recente jaren waarvoor gegevens van de bruto toegevoegde waarde van de onderneming of vestigingseenheid beschikbaar zijn. De elektriciteitskosten van een onderneming of vestigingseenheid worden bepaald door het elektriciteitsverbruik van de onderneming of vestigingseenheid te vermenigvuldigen met de aangenomen elektriciteitsprijs. Voor de berekening van het elektriciteitsverbruik van de onderneming of vestigingseenheid wordt gebruikgemaakt van efficiëntiebenchmarks inzake elektriciteitsverbruik voor de industrie, voor zover beschikbaar. Zijn deze niet beschikbaar, dan wordt gebruikgemaakt van het rekenkundige gemiddelde over de drie meest recente jaren waarvoor gegevens beschikbaar zijn. Onder de "aangenomen elektriciteitsprijs" wordt de gemiddelde detailhandelsprijs voor elektriciteit verstaan die in het Vlaamse Gewest wordt gehanteerd voor ondernemingen of vestigingseenheden met een vergelijkbaar niveau van elektriciteitsverbruik in het recentste jaar waarvoor gegevens beschikbaar zijn. De aangenomen elektriciteitsprijs omvat de volledige kosten van financiële steun voor elektriciteit uit hernieuwbare energiebronnen die, zonder de kortingen, aan de onderneming of vestigingseenheid zouden zijn doorberekend. Het Vlaams Energieagentschap maakt de officieel te hanteren "aangenomen elektriciteitsprijs" bekend op zijn website. § 5. Onder "bruto toegevoegde waarde voor de onderneming" wordt de bruto toegevoegde waarde tegen factorkosten verstaan. Dit is de bruto toegevoegde waarde tegen marktprijzen, minus indirecte belastingen plus subsidies. De toegevoegde waarde tegen factorkosten kan als volgt worden berekend: omzet plus geactiveerde productie, plus andere bedrijfsinkomsten, plus of minus veranderingen in voorraden, minus aankopen van goederen en diensten, die geen personeelskosten omvatten, minus andere heffingen op producten die aan de omzet zijn gekoppeld maar niet aftrekbaar zijn, minus productiegebonden rechten en heffingen. Als alternatief kan zij worden berekend als de som van het bruto exploitatieoverschot en de personeelskosten. Inkomsten en uitgaven die in de boekhouding van de onderneming als financieel of buitengewoon zijn ingedeeld, blijven voor de toegevoegde waarde buiten beschouwing. Het resultaat van de berekening van de toegevoegde waarde tegen factorkosten is een bruto-cijfer, aangezien met waarde-aanpassingen geen rekening wordt gehouden. § 6. Voor het bepalen van de hoogte van de bijdrage, vermeld in paragraaf 1 en 2, moet worden gebruikgemaakt van het rekenkundige gemiddelde over de drie meest recente jaren waarvoor gegevens over de bruto toegevoegde waarde beschikbaar zijn. In het geval van ondernemingen of vestigingseenheden die minder dan drie jaar bestaan gelden de volgende regels voor de berekening van de elektriciteitsverbruik, vermeld in paragraaf 4, en de bruto toegevoegde waarde, vermeld in paragraaf 1, 2, 4 en 5: 1° gedurende de loop van het eerste exploitatiejaar van een nieuw opgerichte inrichting kan geen aanvraag, als vermeld in artikel 6.6.2, § 1, worden ingediend; 2° voor het tweede exploitatiejaar dienen de gegevens van het eerste jaar worden gebruikt;3° voor het derde exploitatiejaar dient het rekenkundig gemiddelde van de gegevens voor het eerste jaar en het tweede jaar te worden gebruikt;4° vanaf het vierde exploitatiejaar dient het rekenkundig gemiddelde van gegevens voor de drie voorgaande jaren te worden gebruikt. Afdeling II. - De voorwaarden van en de procedure tot het verkrijgen van de beperking van het op ondernemingsniveau of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten voor elektro-intensieve ondernemingen Art. 6.6.2. § 1. Elektro-intensieve ondernemingen die voor de inleveringsronde die eindigt op 31 maart van het jaar N een beperking van het op ondernemingsniveau of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten, als vermeld in artikel 7.1.10, § 3/1 van het Energie decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009035588 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 22 december 2006 houdende eisen en handhavingsmaatregelen op het vlak van de energieprestaties en het binnenklimaat van gebouwen en tot invoering van een energieprestatiecertificaat en tot wijziging van artikel 22 van het REG-decreet type decreet prom. 08/05/2009 pub. 07/07/2009 numac 2009035580 bron vlaamse overheid Decreet houdende algemene bepalingen betreffende het energiebeleid type decreet prom. 08/05/2009 pub. 26/06/2009 numac 2009202684 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 17 juli 2000 houdende de organisatie van de elektriciteitsmarkt type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009202546 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de diepe ondergrond type decreet prom. 08/05/2009 pub. 05/06/2009 numac 2009035499 bron vlaamse overheid Decreet houdende machtiging tot oprichting van het privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap NV Vlaamse Havens en houdende wijziging van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens sluiten, willen verkrijgen, dienen daarvoor met een op de website van het Vlaams Energieagentschap ter beschikking gesteld elektronisch formulier een aanvraag in bij het Vlaams Energieagentschap uiterlijk op 15 juli van het jaar N-1. Het Vlaams Energieagentschap bezorgt een elektronische ontvangstmelding. De aanvraag bevat ten minste de volgende gegevens: 1° de naam en de grootte van de onderneming en de vestigingseenheden in kwestie; 2° de elektriciteitsintensiteit van de onderneming of vestigingseenheid, alsook een gedetailleerde toelichting over de wijze waarop die berekend werd conform artikel 6.6.1, § 4 en § 6; 3° de bruto toegevoegde waarde van de onderneming of vestigingseenheid van de laatste drie kalenderjaren of in het geval van ondernemingen of vestigingseenheden die minder dan drie jaar bestaan de bruto toegevoegde waarde van de onderneming of vestigingseenheid zoals vermeld in artikel 6.6.1, § 6, tweede lid, alsook een gedetailleerde toelichting over de wijze waarop die berekend werd conform artikel 6.6.1, § 5 en die werd geattesteerd door de bedrijfsrevisor; 4° de afnamepunten waarvoor de onderneming of vestigingseenheid als netgebruiker geregistreerd stond, de periode waarin zij als netgebruiker geregistreerd stond op die afnamepunten en de afnames op die afnamepunten tijdens de periode waarin de betrokken onderneming of vestigingseenheid geregistreerd stond als netgebruiker op het afnamepunt;5° een ondertekende verklaring op erewoord waarbij wordt verklaard dat de ingevulde gegevens worden geacht overeen te stemmen met de waarheid en met de voorwaarden van het decreet van 16 maart 2012Relevante gevonden documenten type decreet prom. 16/03/2012 pub. 27/04/2012 numac 2012202237 bron vlaamse overheid DECREET betreffende het economisch ondersteuningsbeleid sluiten betreffende het economisch ondersteuningsbeleid, en van deze afdeling, alsook van de uitvoeringsbesluiten ervan;6° de gedetailleerde gegevens over het door de federale overheid op ondernemingsniveau of vestigingsniveau vastgestelde en in het jaar N-2 verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie op federaal niveau ontstane kosten. 7° wanneer de onderneming of de vestigingseenheid geen lid is van de energiebeleidsovereenkomst, vermeld in artikel 6.6.1, § 3, 1° of niet beschikt over een energieplan: de maatregelen inzake energie-efficiëntie in N-2 genomen door de onderneming of vestiging. Het Vlaams Energieagentschap gaat na of het aanvraagdossier volledig is. Als het aanvraagdossier niet volledig is, brengt het Vlaams Energieagentschap de onderneming in kwestie daarvan met een aangetekende brief op de hoogte binnen een maand na ontvangst van het aanvraagdossier. Daarbij worden de redenen vermeld waarom het aanvraagdossier niet volledig werd bevonden en de termijn waarin de onderneming, op straffe van verval van de aanvraag, het dossier kan vervolledigen. Deze termijn bedraagt minimum vijftien kalenderdagen. Als in afwijking van het tweede lid, 6° de onderneming of vestigingseenheid geen gegevens over het door de federale overheid op ondernemingsniveau of vestigingsniveau vastgestelde en in het jaar N-2 verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie op federaal niveau ontstane kosten in haar aanvraag opneemt, dan doet zij onherroepelijk afstand van het recht op de verrekening ervan, vermeld in paragraaf 3, derde lid. De minister kan nadere regels bepalen betreffende de aanvraagprocedure voor het verkrijgen van een beperking van het op ondernemingsniveau of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten. § 2. Het Vlaams Energieagentschap verifieert de gegevens die in de aanvraag staan en doet daarvoor een beroep op het verificatiebureau, wat betreft de gegevens vermeld in § 1, tweede lid, 2° en de VREG, wat betreft de gegevens vermeld in § 1, tweede lid, 4°. De verificatie heeft betrekking op de betrouwbaarheid, geloofwaardigheid en nauwkeurigheid van de gegevens die zijn verstrekt over de onderneming of vestigingseenheid en resulteert in een verificatieadvies aan het Vlaams Energieagentschap. § 3. Als de aanvraag volledig is en het Vlaams Energieagentschap in voorkomend geval een positief advies heeft ontvangen van het verificatiebureau en/of de VREG, dan beoordeelt het Vlaams Energieagentschap of de onderneming of vestigingseenheid voldoet aan de voorwaarden, vermeld in deze afdeling, en stelt ze uiterlijk op 15 oktober van het jaar N-1 in euro de hoogte vast van de beperking van het op ondernemingsniveau of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten, vermeld in artikel 6.6.1. Op basis van de vaststelling van het Vlaams Energieagentschap, wordt het op ondernemingsniveau of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten vervolgens beperkt, conform artikel 7.1.10, § 3/1 van het Energie decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009035588 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 22 december 2006 houdende eisen en handhavingsmaatregelen op het vlak van de energieprestaties en het binnenklimaat van gebouwen en tot invoering van een energieprestatiecertificaat en tot wijziging van artikel 22 van het REG-decreet type decreet prom. 08/05/2009 pub. 07/07/2009 numac 2009035580 bron vlaamse overheid Decreet houdende algemene bepalingen betreffende het energiebeleid type decreet prom. 08/05/2009 pub. 26/06/2009 numac 2009202684 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 17 juli 2000 houdende de organisatie van de elektriciteitsmarkt type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009202546 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de diepe ondergrond type decreet prom. 08/05/2009 pub. 05/06/2009 numac 2009035499 bron vlaamse overheid Decreet houdende machtiging tot oprichting van het privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap NV Vlaamse Havens en houdende wijziging van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens sluiten. Van het bedrag, vermeld in het tweede lid, wordt voor aanvragen ingediend vanaf 2019 en voor zover de onderneming het vorige jaar een aanvraag, vermeld in paragraaf 1 indiende, en er op het federale niveau een gelijkaardige regeling bestaat, het door de federale overheid vastgestelde op ondernemingsniveau of vestigingsniveau in het vorige jaar door die onderneming of vestiging verschuldigde en betaalde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie op federaal niveau ontstane kosten, met een plafond van een bepaald percentage van het in het vorige jaar in totaal verschuldigde bedrag, vermeld in het eerste lid, afgetrokken. Het verschil wordt door het Vlaams Energieagentschap in mindering gebracht van het bedrag dat de onderneming of vestigingseenheid conform paragraaf 4 dat jaar in het Energiefonds moet storten. De minister kan nadere regels vastleggen voor de procedure voor de verrekening, vermeld in het derde lid, en legt het percentage van het plafond, vermeld in het derde lid, vast. Dit percentage ligt tussen 25% en 50%. § 4. Het Vlaams Energieagentschap brengt de onderneming in kwestie op de hoogte van de hoogte van de te storten bijdragen en de betalingsmodaliteiten. De beperking wordt voor jaar N pas geldig nadat de onderneming uiterlijk op 15 november van jaar N-1 de bijdrage, vermeld in paragraaf 3, in het Energiefonds heeft gestort. Na ontvangst van die bijdrage in het Energiefonds wordt de definitieve beslissing vervolgens betekend aan de aanvrager en aan de VREG. De VREG zorgt voor de correcte toepassing van deze beslissingen bij het bepalen van de hoogte van de quotumverplichtingen van de betrokken toegangshouders, vermeld in artikel 7.1.10 van het Energie decreet van 8 mei 2009Relevante gevonden documenten type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009035588 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 22 december 2006 houdende eisen en handhavingsmaatregelen op het vlak van de energieprestaties en het binnenklimaat van gebouwen en tot invoering van een energieprestatiecertificaat en tot wijziging van artikel 22 van het REG-decreet type decreet prom. 08/05/2009 pub. 07/07/2009 numac 2009035580 bron vlaamse overheid Decreet houdende algemene bepalingen betreffende het energiebeleid type decreet prom. 08/05/2009 pub. 26/06/2009 numac 2009202684 bron vlaamse overheid Decreet tot wijziging van het decreet van 17 juli 2000 houdende de organisatie van de elektriciteitsmarkt type decreet prom. 08/05/2009 pub. 28/08/2009 numac 2009035790 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de kwaliteit van onderwijs type decreet prom. 08/05/2009 pub. 06/07/2009 numac 2009202546 bron vlaamse overheid Decreet betreffende de diepe ondergrond type decreet prom. 08/05/2009 pub. 05/06/2009 numac 2009035499 bron vlaamse overheid Decreet houdende machtiging tot oprichting van het privaatrechtelijk vormgegeven extern verzelfstandigd agentschap NV Vlaamse Havens en houdende wijziging van het decreet van 2 maart 1999 houdende het beleid en het beheer van de zeehavens sluiten. § 5. Het Vlaams Energieagentschap evalueert jaarlijks het geaggregeerde netto-effect, zijnde de aangroei van de groenstroomcertificaten, ten gevolge van de in dit hoofdstuk vervatte regeling op de groenestroomcertificatenmarkt en legt deze evaluatie jaarlijks uiterlijk tegen 15 juli voor aan de minister. De minister kan indien nodig aan de Vlaamse Regering een voorstel tot inperking van de aangroei voorleggen. Art. 6.6.3. Als een onderneming of vestigingseenheid aangaande de inleveringsronde die eindigt op 31 maart van jaar N-1 gebruik maakte van de mogelijkheid om conform dit hoofdstuk het op ondernemings- of vestigingsniveau verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie ontstane kosten te beperken, en zij dient daarvoor in het jaar N geen aanvraag in, en voor zover er op het federale niveau een gelijkaardige regeling bestaat, dan kan ze aan het Vlaamse Gewest een bedrag terugvragen ter grootte van het door de federale overheid vastgestelde op ondernemingsniveau of vestigingsniveau in het jaar N-1 door die onderneming of vestiging verschuldigde en betaalde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie op federaal niveau ontstane kosten, met een plafond van een percentage van het in het jaar N-1 in totaal verschuldigde bedrag, vermeld in artikel 6.6.2, § 3, eerste lid. Dit is het percentage dat conform artikel 6.6.2, § 3, vierde lid door de minister voor het jaar N-1 werd vastgelegd. De onderneming of vestigingseenheid, vermeld in het eerste lid, dient daarvoor met een op de website van het Vlaams Energieagentschap ter beschikking gesteld elektronisch formulier een aanvraag in bij het Vlaams Energieagentschap uiterlijk op 15 juli van het jaar N. De aanvraag bevat ten minste de gedetailleerde gegevens over het door de federale overheid op ondernemingsniveau of vestigingsniveau vastgestelde en in het jaar N-1 verschuldigde en betaalde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie op federaal niveau ontstane kosten. Als in afwijking van het tweede lid de onderneming of vestigingseenheid de gegevens over het door de federale overheid op ondernemingsniveau of vestigingsniveau vastgestelde en in het jaar N-1 verschuldigde bedrag van de door financieringssteun voor hernieuwbare energie op federaal niveau ontstane kosten niet tijdig aanlevert, dan doet ze onherroepelijk afstand van het recht op teruggave. De minister kan nadere regels vastleggen voor de procedure voor de teruggave. Afdeling III. - Uitsluitingsgevallen Art. 6.6.4. Als het Vlaams Energieagentschap vaststelt dat met betrekking tot de gegevens, vermeld in artikel 6.6.2, § 1, tweede lid een onderneming in strijd met de ondertekende verklaring op erewoord, vermeld in artikel 6.6.2, § 1, tweede lid, 5°, wetens en willens onjuiste of onvolledige informatie heeft bezorgd, en die een correcte berekening van de elektriciteitsintensiteit van de onderneming in de weg staat, dan wordt de onderneming in de toekomst uitgesloten van verdere toepassing van dit hoofdstuk.". Art. 3.Aan titel XII, hoofdstuk III van hetzelfde besluit wordt een artikel 12.3.16 toegevoegd, dat luidt als volgt: "Art. 12.3.16. In afwijking van artikel 6.6.2, § 3, eerste lid en § 4, eerste lid zijn voor de aanvragen, vermeld in artikel 6.6.2, de volgende afwijkende voorwaarden van toepassing: 1° in afwijking van artikel 6.6.2, § 3 neemt het Vlaams Energieagentschap tegen 15 oktober van het jaar N-1 enkel een principebeslissing aangaande:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.